CConstaterende datSudwest Fryslan
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage - Programmabegroting 2022 en meerjarenraming 2023-2025

Raadsvergadering 11 november 2021, gemeente Sudwest FryslanBij agendapunt: Programmabegrutting 2022 en mearjierrenrûzing 2023-202542.412 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 5

Prenataal huisbezoek door jeugdgezondheidszorg Vanaf 2022 worden middelen aan de algemene uitkering toegevoegd voor de uitvoering van het wetsvoorstel ‘Prenataal huisbezoek door de jeugdgezondheidszorg (PHB JGZ)’. Naar verwachting treedt het wetsvoorstel op 1 januari 2022 in werking. Met dit wetsvoorstel krijgen gemeenten de taak een prenataal huisbezoek aan te bieden aan zwangere vrouwen en/of hun gezinnen in een kwetsbare situatie in hun gemeente. De gemeente moet deze taak op grond van de wet opdragen aan dezelfde organisatie die voor de gemeente de JGZ uitvoert. Wij zullen dit bedrag dan ook door moeten betalen aan de Veiligheidsregio-GGD. Inburgering (IU) Aan de integratie-uitkering Inburgering wordt voor 2021 tot en met 2026 cumulatief € 16,5 miljoen toegevoegd ten behoeve van de begeleiding van de bredere groep asielmigranten binnen de ondertussen-groep. Dit volgt uit de bestuurlijke afspraken die het ministerie van SZW en de VNG in april 2020 hebben gemaakt om een impuls te geven aan de uitstroom van inburgeringsplichtigen onder het huidige stelsel. De inwerkingtreding van de nieuwe inburgeringswet is met een half jaar uitgesteld naar 1 januari 2022. Als gevolg van het uitstel wordt aan gemeenten een aanvullend bedrag van € 29,4 miljoen beschikking gesteld verspreid over 2021 tot en met 2026. Ten eerste wordt het budget voor de ondertussen-groep

Pagina 26 van 133

O21.001884

aangevuld vanwege de hogere huisvestingstaakstelling van statushouders in 2021. Daarnaast is in het bestuurlijk overleg tussen het ministerie van SZW en de VNG van 2 februari 2021 afgesproken dat het ministerie van SZW gemeenten in staat stelt om de nieuwe instroom vanaf 1 juli 2021 zo veel als mogelijk in de geest van de nieuwe wet op te pakken. Tot slot worden gemeenten ook gecompenseerd voor de extra implementatiekosten waar zij mee te maken hebben door het uitstel van de nieuwe wet. Armoedebestrijding kinderen (DU) Vanaf 2017 ontvangen gemeenten structureel € 85 miljoen voor de bestrijding van de gevolgen van armoede onder kinderen. Voor onze gemeente was dit bedrag € 400.000. Jaarlijks vindt in de meicirculaire actualisatie plaats van de verdeling op basis van CBS-gegevens over kinderen met een kans op armoede. De verdeling over de gemeenten voor 2022 en verder is gebaseerd op gegevens over het jaar 2018. We ontvangen door deze actualisatie van gegevens in 2022 € 422.000 in plaats van € 400.000. Participatie WSW (IU) Voor Participatie, onderdeel WSW, ontvangen we een extra bedrag. Dit bedrag is gebaseerd op de voorlopige aantallen van 2020 en is voor een deel compensatie voor loon- en prijsstijgingen. Zoals gebruikelijk geven we dit volledige bedrag een-op-een door aan Empatec, het sociaal werkbedrijf.

Participatie nieuwe doelpgroepen Voor Participatie, onderdeel WSW, ontvangen we een extra bedrag. Dit bedrag is gebaseerd op de voorlopige aantallen van 2020 en is voor een deel compensatie voor loon- en prijsstijgingen. Zoals gebruikelijk geven we dit volledige bedrag een-op-een door aan Empatec, het sociaal werkbedrijf. Voogdij/18+ (IU) Er zijn nieuwe gegevens (jaar 2020) over voogdij/18+ beschikbaar welke gebruikt zijn voor de verdeling van de bedragen voor 2022. Daarbij is het budget 2022 verdeeld op basis van het nieuwe woonplaatsbeginsel dat per 1 januari 2022 wordt ingevoerd. Met de invoering van het nieuwe woonplaatsbeginsel verschuift de verantwoordelijkheid voor de zorg landelijk van naar inschatting zo’n 20.000 kinderen naar een andere gemeente. 8. Beschikbaar voor jeugdzorg Het Rijk heeft voor 2022 een compensatiebedrag voor de hoge jeugdzorgkosten toegekend aan gemeenten. Ook in latere jaren mogen we een bedrag opnemen in de begroting. In het verleden hebben we vanuit de algemene middelen zelf het tekort in de jeugdzorg gedekt. Van de nu toegekende bedragen gebruiken we daarom een deel om weer terug te geven aan de algemene middelen (€ 3 miljoen in de jaren 2022, 2023 en 2024 en € 1,5 miljoen in 2025). Daarnaast gebruiken we een deel van de extra middelen voor ‘Goede gezondheid en welzijn’ (zie onder punt 20 verderop).

Een laatste deel blijft behouden voor de jeugdzorg. Dat deel hebben we hier opgenomen. Een uitgebreidere toelichting op het beschikbaar gestelde bedrag voor jeugdzorg is te vinden in paragraaf 2.2.4 van deze begroting (Overzichten), onder punt 5 van de mutaties.

Genomen besluiten en bestaande ombuigingen 9. Regeling Topsportfonds Súdwest-Fryslân Tijdens de raadsvergadering van 2 juli 2020 is een motie van VVD/CDA/D66/GL/CU aangenomen om te komen tot een regeling Topsportfonds. Om uitvoering te kunnen geven aan de betreffende motie hebben we voor de periode van 2022 tot en met 2025 jaarlijks een bedrag van € 25.000 opgenomen in de Programmabegroting 2022. Op basis van de regeling kunnen sporters per jaar twee keer een beroep doen op de regeling voor een bedrag van € 500 voor seizoensgebonden topsportactiviteiten en/of incidentele topsportactiviteit. Na 25 succesvolle aanvragen is het subsidieplafond van € 25.000 bereikt. 10. Exploitatie Zwembad Vitaloo te Bolsward Op 29 april 2021 heeft de raad ingestemd met het voorstel om zwembad Vitaloo in ieder geval open te houden tot en met 2025. De kosten voor exploitatie in de periode 2022 tot en met 2025 bedragen gemiddeld € 242.000 per jaar. Hierbij is dan al rekening gehouden met een jaarlijkse bijdrage vanuit Bolsward van € 35.000. De raad heeft op 29 april 2021 ingestemd met het voorstel om de

Pagina 27 van 133

O21.001884

exploitatiekosten van € 242.000 vooruitlopend op de begrotingsbehandeling, op te laten nemen in de programmabegroting 2022 en meerjarenraming 2023-2025. 11. Effect aanbesteding inkoop Wmo Op 1 juli 2020 heeft de gemeenteraad besloten om de inkoop van de Wmo-ondersteuning en Sociale Activering (Participatiewet) voor de volgende periode op een andere wijze te doen. Om de gestelde doelen te realiseren is gekozen voor gebiedsgerichte financiering per 1 januari 2022. Er heeft een Europese aanbesteding plaatsgevonden. Deze is voor de zomervakantie afgerond en heeft geleid tot het contracteren van nieuwe aanbieders. Gedurende de looptijd van de overeenkomst wordt gewerkt met een vast budget. Wanneer we dit budget vergelijken met onze begroting, dan zitten daar verschillen tussen. Over de periode tot en met 2025 (huidige meerjarenraming), zijn de totale kosten lager dan het totale budget. In de eerste jaren van de overeenkomst is het vaste budget echter hoger dan de beschikbare bedragen in de begroting. In latere jaren is het vaste budget lager dan de beschikbare bedragen in de begroting. Hierdoor is een aanpassing van de begrote budgetten nodig. In de Programmabegroting 2022 hebben we dit verwerkt. 12. Bijdrage Gem. Regelingen, Fryslân-West De raad heeft op 29 april 2021 kennis genomen van de herziene begroting van de Gemeenschappelijke Regeling Fryslân-West.

Deze herziene begroting toont voor ons een structureel hogere bijdrage van ca. € 500.000. Dit komt door de verhoging van de bijdrage van € 2.000 per SE naar € 3.000 per SE. Als deelnemende gemeente moeten we de begroting van de Gemeenschappelijke Regeling volgen. We hebben daarom een structurele verhoging van onze gemeentelijke bijdrage opgenomen in onze begroting vanaf 2022. 13. Temperen ombuigingen Sociaal Domein In de Programmabegroting 2020 hebben we forse ombuigingen opgenomen om te komen tot een gezonde meerjarenraming. De noodzaak tot het doorvoeren van ombuigingen was met name gelegen in het kunnen bekostigen van de hoge kosten van de jeugdzorg. Nu het Rijk compensatie heeft toegekend voor de kosten die gemeenten maken voor de jeugdzorg, is de aanleiding voor de ombuigingen voor een groot deel weggenomen. Dat rechtvaardigt het opnieuw beoordelen van de noodzaak van de opgenomen ombuigingen. De compensatiebedragen geven ons de financiële ruimte om eventueel een deel van de ombuigingen terug te draaien. Er is kritisch gekeken naar de mogelijkheden om de diverse ombuigingen te realiseren. Dit heeft geleid tot het voorstel om de volgende ombuigingen binnen het programma Sociaal te temperen: Bedragen x € 1.000

Taakstelling

Vervallen

2022 2023 ev

Gerealiseerd

2022 2023 ev

Nog te realiseren

2022 2023 ev

Lastig te realiseren

2022 2023 ev

2022 2023 ev

Programma 1 Sociaal P1-01 Vernieuwen sociaal domein

2.200

3.200

150

200

310

365

1.215

1.885

525

1. Instroom maatwerk lager

200

200

0

0

0

0

200

200

0

750 0

2. Prestatie afspraak GT’s

1.100

1.650

0

0

110

165

690

1.085

300

400

3. Inkoop en contracten

200

400

150

200

0

0

50

200

0

0

4. Verblijf jeugddomein inperken

200

300

0

0

0

0

100

150

100

150

5. Versoberen maatwerkvoorzieningen

50

50

0

0

0

0

50

50

0

0

6. Transformatie dagbesteding naar regulier werk

150

300

0

0

0

0

75

150

75

150

7. Bewindvoering

100

100

0

0

0

0

50

50

50

50

8. Peuterspeelzalenbeleid

200

200

0

0

200

200

0

0

0

0

P1-02 Uitkering binnen BUIG middelen

2.800

2.800

570

0

0

0

1.930

2.500

300

300

P1-03 Leerlingenvervoer

200

300

0

0

50

50

50

50

100

200

P1-04 Subsidie zwembad Bolsward

273

273

273

273

0

0

0

0

0

0

P1-05 ESF project

198

198

0

0

198

198

0

0

0

0

P1-06 Herstructurering voorliggend veld

133

133

0

0

133

133

0

0

0

0

P1-07 Temporiseren PO huisvesting

89

133

0

0

89

133

0

0

0

0

P1-08 Afschrijving sportaccommodaties

40

40

0

0

40

40

0

0

0

0

P1-09 WSV Empatec transitie

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

P1-10 Harmoniseren contracten en subsidies

150

150

0

0

0

0

100

100

50

50

P1-11 Sportaccommodaties privatiseren

68

68

0

0

0

0

0

0

68

68

P1-12 Vertraging doordecentralisatie VO

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

6.151

7.295

993

473

820

919

3.295

4.535

1.043

1.368

Subtotaal Sociaal

100%

Pagina 28 van 133

O21.001884

6%

13%

62%

19%

Toelichting Voor het programma Sociaal is een totale taakstelling begroot van € 7,3 miljoen (100%). Een bedrag van € 0,5 miljoen (6%) is inmiddels vervallen, zoals bijvoorbeeld de ombuiging zwembad Vitaloo. Gerealiseerd is inmiddels € 0,9 miljoen (13%) en ingeschat wordt dat € 4,5 miljoen (62%) nog te realiseren is. Daarmee komt het totale percentage van realisatie op 75%. Voor een bedrag van € 1,4 miljoen (19%) schatten we in dat de ombuigingen niet langer realistisch zijn. We stellen nu voor om deze ombuigingen te laten vervallen. Het betreft de volgende ombuigingen: P1-01 (punt 2): Prestatie afspraak GT's In het kader van deze ombuiging zijn de afgelopen jaren de inkooptrajecten Wmo en Participatie uitgevoerd. Daarmee is een groot deel van deze ombuiging gerealiseerd. Echter we zien ook dat onze inwoners met ondersteuningsvragen de gebiedsteams steeds beter weten te vinden. Dit vinden wij positief, maar dit vraagt wel meer inzet van onze gebiedsteams. Tevens krijgen wij steeds meer taken krijgen van het Rijk. Eén van de nieuwe taken is bijvoorbeeld de nieuwe wet van de schulddienstverlening. Dit vraagt meer inzet van de gebiedsteams bij onder andere de vroeg signalering en de huisuitzettingen. Op basis van het bovenstaande achten wij het niet reëel om de gehele ombuiging te realiseren.

P1-01 (punt 4): Verblijf jeugddomein inperken De afgelopen jaren zijn de hulpvragen m.b.t jeugd toegenomen en is de problematiek complexer geworden. Dit leidt er toe dat er meer jongeren een beroep doen op de duurdere zorg. Daarnaast zien we dat er nog een grijs gebied is tussen de Jeugdwet en de WLZ. Wij zijn van mening dat deze jongeren wel ondersteuning nodig hebben en zetten dit dan ook in. We kijken hierbij wel kritisch naar het doel en de resultaten. Op basis van de bovenstaande ontwikkelingen stellen wij voor om deze ombuiging te temperen. P1-01 (punt 6): Transformatie dagbesteding naar regulier werk In het kader van deze ombuiging hebben we de afgelopen jaren kritisch onderzocht op wat voor wijze wij deze ombuiging kunnen realiseren. We vinden deze transformatie wel belangrijk en hebben dit meegenomen bij het inkooptraject Wmo. Daarnaast hebben wij onderzocht wat de mogelijkheden zijn op het terrein van participatie. Op basis van onze analyse concluderen wij dat we deze ombuiging deels kunnen realiseren. P1-01 (punt 7): Bewindvoering De afgelopen jaren is er sprake van een toename van het aantal mensen dat een beroep doet op bewindvoering. Daarom zien we de kosten alleen maar toenemen. Op dit terrein zijn vele commerciële partijen actief. Wij zijn nog aan het onderzoeken of we dit zelf kunnen organiseren. Dit kost echter tijd en levert niet de gewenste ombuiging op.

P1-02: Uitkeringen binnen BUIG middelen Op dit moment hebben we nog een voordeel € 0,75 miljoen op de BUIG. We verwachten echter een daling van de landelijke beschikbaar gestelde bedragen vanuit het Rijk. Voor Súdwest-Fryslân schatten we die in op ruim een miljoen. We zouden dan uitkomen op een tekort van ca. € 300.000 ten opzichte van onze begroting. Voorstel is om de budgetten van de BUIG met dit bedrag op te hogen. Daarmee verlagen we dus de opgelegde ombuiging met € 300.000. P1-03: Leerlingenvervoer We zien dat er steeds meer leerlingen naar specialistische scholen buiten onze gemeente gaan, omdat er specialistisch onderwijs nodig is. Daarnaast is het bij deze doelgroep niet altijd mogelijk om combinaties te maken m.b.t. vervoer. Er moeten dan meerdere taxi’s rijden om de kinderen te vervoeren. Daarnaast stellen wij ook hoge eisen aan de vervoerders in het kader van duurzaamheid en kwaliteit. Dit vinden wij ook belangrijk, omdat het gaat om een kwetsbare doelgroep. We gaan wel starten met een nieuwe aanbesteding, maar deze contracten gaan nog niet per januari 2022 in. Op basis van het bovenstaande achten wij de ombuiging niet reëel. P1-10: Harmoniseren contracten en subsidies We hebben de afgelopen periode onderzocht op wat voor wijze we deze harmonisatie kunnen realiseren. Dit heeft er toe geleid dat een groot deel (2/3) van deze ombuiging al gerealiseerd is.

Dit is echter wel het maximale bedrag dat we kunnen realiseren.

Pagina 29 van 133

O21.001884

P1-11: Sportaccommodaties privatiseren Gesprekken met belanghebbenden over het privatiseren van accommodaties hebben tot nog toe niet geleid tot concrete afspraken. In geval van sluiting blijkt dat de besparingen niet opwegen tegen de extra kosten die moeten worden gemaakt voor wettelijk gymvervoer. Op basis van het bovenstaande achten wij de ombuiging niet reëel.

Nieuwe voorstellen 14. Uitstel doordecentralisatie VO t/m 2025 Met de schoolbesturen in het Voortgezet Onderwijs zijn we in gesprek over de toekomstige ontwikkelingen in de onderwijshuisvesting. In 2019 zijn de besprekingen over de doordecentralisatie van taken, verantwoordelijkheden en middelen onderwijshuisvesting naar het Voortgezet Onderwijs opgeschort omdat op dat moment geen overeenstemming kon worden bereikt over de randvoorwaarden van een dergelijke systeemwijziging. In de begroting van vorig jaar is al aangegeven dat een ontwikkelingen naar een doordecentralisatie vertraging heeft opgelopen. Toen gingen we al uit van een uitstel waardoor we in de periode tot en met 2024 geen lasten verwachtten. Inmiddels verwachten we ook in 2025 nog geen lasten. De in de begroting opgenomen € 500.000 kan daarom ook in 2025 vrij vallen. De gesprekken over toekomstige ontwikkelingen in de huisvesting van het voortgezet onderwijs krijgen op een andere manier een vervolg. 15. Spelen, sporten en bewegen in de openbare ruimte Sporten en bewegen is goed voor de gezondheid en heeft een preventieve werking als het gaat om de uitgaven voor zorg. Niet voor niets heeft onze gemeente het thema gezondheid als speerpunt in het kader van de nieuwe Omgevingswet benoemd.

Het sporten en bewegen in de openbare ruimte heeft een enorme vlucht genomen en talrijke voorzieningen werden al en worden nog gerealiseerd. Op dit moment kent onze gemeente, naast 300 sportaccommodaties, zo’n 120 sport- en beweegvoorzieningen in de openbare ruimte. Vrijwel wekelijks komen aanvragen voor nieuwe voorzieningen binnen. Het aantal voorzieningen neemt drastisch toe, maar het beschikbare budget is sedert 2011 niet meegegroeid en staat nog steeds op € 150.000 per jaar. Daar moeten alle speeltoestellen, speeltuinen en alle sport- en beweegvoorzieningen in de openbare ruimte van worden onderhouden zodat ze veilig bruikbaar blijven. Met kunst- en vliegwerk en behulp van IMF en het Kernenfonds is dit gelukt. Gezien het grote aantal aanvragen voor met name sporten en bewegen in de openbare ruimte, is de rek er nu echter uit. Omdat de voorzieningen veelal op gemeentegrond worden aangebracht, ontstaat een verantwoordelijkheid voor de gemeente voor beheer en onderhoud. Met het huidige budget kan die veiligheid niet meer worden gegarandeerd en kunnen ook geen nieuwe aanvragen worden gehonoreerd. Daarom wordt een extra structureel budget van € 25.000 voorgesteld. Met het realiseren van voorzieningen in de openbare ruimte, worden mensen uit alle leeftijdscategorieën laagdrempelig aangezet om (meer) te sporten en bewegen.

Nu al is de openbare ruimte de grootste sportaccommodatie van Nederland, want 42% van alle sportactiviteiten vindt in de openbare ruimte plaats. Extra stimulering vanuit de gemeente is daarom op z’n plaats. 16. Verlenging budget Versterken Artistiek Klimaat (LF2028) In 2018 was niet alleen Leeuwarden, maar heel Friesland Culturele Hoofdstad (LF2018). Na dit prachtige jaar is veel gedaan om de energie die LF2018 heeft veroorzaakt, vast te houden. In Súdwest-Fryslân is er in het jaar 2019 budget vrijgespeeld om die tomeloze energie ook in onze gemeente vast te houden. Dit budget hebben we benut om de regeling Versterken Artistiek Klimaat op te richten, van waaruit projecten die met de Legacy te maken hebben subsidie kunnen krijgen. Hieruit zijn al vele mooie projecten gefinancierd. Bij de start van de regeling bleek deze zelfs dusdanig populair, dat het subsidieplafond binnen een paar weken al was bereikt. Ook in coronatijd staat deze regeling niet stil. Er worden volop plannen gemaakt voor betere tijden ná corona; voor culturele producties waar onze inwoners ongetwijfeld enorm van gaan genieten en in een aantal gevallen zelfs aan mee gaan doen.

Pagina 30 van 133

O21.001884

Ook hebben we voor drie jaar de stichting Cultuurplein uit dit budget gefinancierd. Het Cultuurplein is een overkoepelende organisatie binnen onze gemeente, die is ontstaan in de brainstorms en werksessies rondom het nieuwe cultuurbeleid ‘Samen werken aan cultuur’ over de periode van 2017-2021. Het doel van deze stichting is om meer samenwerking binnen het culturele veld te stimuleren en als sparringpartner met de gemeente op te treden. Het budget is echter tijdelijk beschikbaar gesteld en loopt per 2021 af. Het niet verlengen van dit budget betekent een versobering van culturele projecten in onze gemeente. We stellen voor om dit budget vooreerst met een jaar te verlengen. Een verdere verlenging is aan de nieuwe bestuursperiode. 17. Het realiseren van 10 schoolorkesten in de gemeente Het is de bedoeling is om binnen vier jaar, verspreid over de gemeente, 10 schoolorkesten te realiseren. Elk kind moet onderdeel kunnen uitmaken van een schoolorkest. We gaan uit van één schoolorkest op één school of één schoolorkest in een samenwerking met meerdere scholen uit verschillende kernen. Het realiseren van schoolorkesten is een project dat rechtstreeks voortvloeit uit het Cultuurbeleid 2017-2021. Verder heeft de gemeente in 2018 het convenant Meer Muziek In de Klas ondertekend. Dit project is een hele concrete belichaming / invulling van dit convenant.

De totale kosten zijn begroot op € 35.585 waarbij scholen, Cultuur Kwartier Sneek en fondsen ook een deel voor hun rekening nemen. Via herprioritering binnen de budgetten amateurkunst kan een gedeelte van de structurele kosten worden opgevangen (t/m begroting 2023). We doen dit door het plafond van de regeling muziek en zang eenmalig, te verlagen. Voor het overige deel (€ 13.500) moet nog dekking worden gevonden en daarom wordt voorgesteld hiervoor per 2024 een aanvullend bedrag op te nemen in de begroting. De 10 orkesten, waar in 4 jaar opbouwend naartoe wordt gewerkt, zijn dan structureel geborgd. 18. Vergoeding MFC De Útherne te IJlst Tijdens de vergadering van 2 mei 2017 heeft het college besloten om MFC De Útherne onder te brengen bij de sportaccommodaties van de gemeente Súdwest-Fryslân. In diezelfde vergadering besloot het college om het salaris van de toenmalige beheerder in te zetten voor een nieuwe beheersvorm. Op 1 januari 2018 ging de gemeentelijke beheerder met pensioen en werd de exploitatie door een nieuwe uitbater overgenomen. Hierbij werden afspraken gemaakt over een gemeentelijke vergoeding voor beheer, schoonmaak en onderhoud. Voor de gemeentelijke beheerder was in de begroting structureel € 45.000 opgenomen. Deze loonsom moest omgezet worden naar een begrotingspost voor beheer/schoonmaak/onderhoud van MFC De Utherne.

In de berap van het eerste kwartaal 2018 is dit behandeld en geaccordeerd. De inzet was om De Útherne binnen vier jaar kostendekkend te beheren en te exploiteren. Om dit mogelijk te maken dragen we bij in de startup-kosten. Dit zouden we doen voor een periode van maximaal 4 jaar. Gebleken is echter dat zonder een gemeentelijke vergoeding de beheerder/pachter MFC de Utherne niet kostendekkend kan exploiteren en beheren. Door corona is het ook een lastige periode geweest om iets op te bouwen. We stellen voor om de gemeentelijke bijdrage vooreerst met een jaar te verlengen. 19. Inkomsten COA begroten Het asielzoekerscentrum in Sneek blijft tot 2026 op de huidige plek gevestigd. Het Centraal Orgaan opvang Asielzoekers (COA) huurt de grond van de gemeente. Deze huurinkomsten waren voor een deel nog niet begroot. Door dat wel te doen, kunnen we t/m 2026 een bedrag van € 107.000 in de begroting opnemen.

Pagina 31 van 133

O21.001884

20. Goede gezondheid en Welzijn De Global Goals zijn in februari 2021 op informatieve wijze besproken met de raad, waarbij de raad kennis heeft genomen van het belang van ‘goede gezondheid en welzijn’ en ‘armoedebestrijding’. Het gezondheidsbeleid draagt bij aan deze global goals. Gemeenten zijn verplicht iedere vier jaar hun ambities en prioriteiten vast te leggen in hun lokale nota gezondheidsbeleid. De nieuwe verplichte gezondheidsnota voor 2022-2026 wordt dit najaar vastgesteld. De 4 thema’s waar we lokaal beleid op moeten maken en uitvoeren zijn de volgende: 1. Gezondheid in de fysieke en sociale leefomgeving. De leefomgeving is van grote invloed op de gezondheid. In de omgevingsvisie staat het bevorderen en beschermen van gezondheid in de omgeving centraal. Súdwest-Fryslân werkt daarvoor aan een omgeving die iedereen uitnodigt om te gaan bewegen. Naast een goede sportinfrastructuur met duurzame sportaccommodaties, mogelijk gekoppeld aan ontmoetingsplaatsen, is sporten en bewegen in de openbare ruimte belangrijker geworden. Daarnaast dient een omgeving voldoende groen te zijn, plek te bieden voor ontmoeten, veiligheid en geborgenheid te bieden, schoon, opgeruimd en toegankelijk te zijn. 2. Druk op het dagelijkse leven bij jongeren.

Er zijn verschillende maatschappelijke ontwikkelingen en trends die impact hebben op de mentale gezondheid van jongeren en de vraag naar zorg en jeugdzorg doen toenemen. Toenemende prestatiedruk, sociale verwachtingen, groeiende kansenongelijkheid en de corona-crisis zijn in dit kader belangrijke uitdagingen. Jongeren ervaren hierdoor toenemende stress en hebben meer risico op mentale problemen, zoals depressieve klachten, angst, eenzaamheid en slaapproblemen. Investeren in preventie vanuit een integrale aanpak werkt. Het voorkomt problemen of leidt beginnende problematiek in goede banen zodat er voor minder jongeren zorg nodig is. Preventie betreft zowel het bevorderen van een positieve ontwikkeling van alle kinderen en jongeren (collectieve preventie) als het juiste aanbod bieden indien de ontwikkeling gevaar loopt of als er sprake is van psychosociale problematiek. 3. Gezondheidsverschillen verkleinen. We worden gemiddeld steeds ouder en ons leven telt steeds meer gezonde jaren. Alleen is die goede gezondheid niet gelijk verdeeld over de Nederlandse bevolking. Mensen met lagere inkomens en een lagere opleiding, leven gemiddeld 6 jaar korter en 15 jaar minder in goed ervaren gezondheid dan mensen met een hoger inkomen en hogere opleiding.

De gezondheidsproblemen staan vaak niet op zichzelf, maar maken onderdeel uit van bredere problematiek (denk aan schulden, armoede, werkloosheid etc.). Verschillen worden onder meer veroorzaakt door de omstandigheden waarin iemand opgroeit, woont, leeft en werkt. Die hebben grote invloed op de vitaliteit en gezondheid. Wanneer we werken aan een sterke sociale basis, zal de instroom in de gebiedsteams naar beneden gaan. In afstemming met de gebiedsteams gaan we kijken wat de meest voorkomende problemen zijn en hier (collectieve) aanpakken voor inzetten. We willen nadrukkelijk werken om Basisvoorwaarden integraal te versterken bij inwoners in kwetsbare situaties (denk aan aandacht wijken en gebieden zoals bijvoorbeeld de wijkaanpak Lemmerweg Oost). Hiermee zetten we extra in op het verminderen van gezondheidsachterstanden. De uitvoering zal met name belegd worden bij Stichting Sociaal Collectief. 4. Vitaal ouder worden, De groep ouderen stijgt snel in onze gemeente. We hebben te maken met een dubbele vergrijzing. Onze gemeente is momenteel 10% sterker vergrijsd dan landelijk en vergrijst tevens 7% sneller. In 2017 was 12% van onze inwoners 65plus in 2037 is het 25%. Dit betekent dat de totale zorgvraag de komende jaren (sterk) toe zal nemen.

Dit is een belangrijk argument om te investeren in “Gezond Oud Worden” Onze gemeente kent veel platteland met veel kleine kernen, waar het voorzieningsniveau meestal niet heel hoog is en mobiliteit een probleem kan zijn. Er zijn ook kansen: onze inwoners voelen zich langer gezond en ervaren veel autonomie. Dit biedt aanknopingspunten om de gezondheid en vitaliteit van (oudere) inwoners verder te versterken. Bovenstaande sluit ook aan bij de RIS III strategie, waar we als gemeente bij aan willen sluiten; “Van zorg naar positieve gezondheid” wordt daar als één van de grote opgaves gezien. Ook ons eigen programma Transformatie Sociaal Domein benoemt ‘Van curatief naar preventief” als belangrijke opgave.

Pagina 32 van 133

O21.001884

We willen een gemeente zijn waar kinderen gezond kunnen opgroeien, jongeren gezond kunnen leven en ouderen lang vitaal kunnen blijven. Beschermen en bevorderen van de gezondheid van alle inwoners is van groot belang. Hierbij staat het concept “positieve gezondheid” centraal. Dit is een bredere kijk op gezondheid; het gaat om veerkracht, meedoen in de maatschappij, betekenisvol leven en een gezonde omgeving om in te leven. Met gezondheid bedoelen we dus het gehele welzijn van onze inwoners en niet alleen ‘niet ziek zijn”. Een sterke sociale basis zien we als belangrijke pijler voor positieve gezondheid. Deze sterke sociale basis is ook van groot belang bij de vernieuwing van onze Wmo-ondersteuning. We willen graag met onze samenwerkingspartners zoals Stichting Sociaal Collectief, maatschappelijke organisaties, scholen en zorgpartijen uitvoering geven aan onze ambities voortvloeiend uit het Preventieakkoord en onze vernieuwende wijze van Wmo-ondersteuning. 21. Wet Inburgering 2022 Met ingang van 1 januari 2022 nemen de gemeenten de uitvoeringsverantwoordelijkheid voor de Wet Inburgering over van het DUO. Deze stelselwijziging gaat gepaard met een ingrijpende inhoudelijke aanpassing van die wet. De lokale voorbereidingen zijn in volle gang. Belangrijkste kwaliteitswinst van uitvoering door de gemeente is de dualiteit van een inburgeringstraject.

Nadrukkelijk worden gemeenten opgeroepen om parallel aan het taalonderwijs ook vorm te geven aan participatie vanaf dag 1 van het inburgeringstraject. Dat kan via vrijwilligerswerk, werkervaringsplaatsen en stages of betaald werk. Dat vraagt een budget voor programmakosten. Het Rijk voorziet daar voor een groot deel in maar niet voldoende, zo blijkt uit de Beleidsnotitie Veranderopgave Inburgering (actieve info week 27 van 2021). We verwachten voor de programmakosten een tekort per inburgeraar. Het is van belang dat wij dit tekort aanvullen om optimaal vorm te geven aan de dualiteit van het inburgeringstraject (taal èn participatie). We stellen voor om de noodzakelijke aanvullende middelen structureel op te nemen in de begroting. 22. Indexering Sociaal Domein, Wmo In de contracten Wmo staat dat we jaarlijks de tarieven vaststellen. We hanteren daarbij de prijsindexatie voor loonontwikkelingen (OVA). Voor de indexering van de Wmo-kosten gaan we voor 2022 uit van een indexatie met 1,72 procent. Dat betekent een structureel hogere last van € 310.000. 23. Indexering Sociaal Domein, Jeugd Ook voor de jeugdzorg passen we de prijsindexatie voor loonontwikkelingen (OVA) toe. Dit betekent een verwachte indexactie van 1,72 procent voor 2022, wat leidt tot een structureel hogere last van € 400.000. We stellen voor om de begroting hierop aan te passen.

Pagina 33 van 133

O21.001884

2.2.2

Programma 2: Ruimte

1. Hoofdtaakvelden

2. Wat willen we bereiken? In de Koersnota 2022 hebben we onze missie neergezet: Brede welvaart: Vitaal Wonen, werken en genieten in balans. We werken aan een nog hogere kwaliteit van leven. In deze brede welvaart benadering liggen voor ons als gemeente ook veel kansen en die willen we pakken. In die lijn zullen de SDG’s voor ons veel meer leidend principe moeten worden onder meer als het gaat om (ruimtelijke) afwegingen. Wat we doen moet ook echt impact hebben voor deze opgaven. Hierin liggen er binnen onze gemeente flinke uitdagingen. Zo staat de woningmarkt net als in heel Nederland ook bij ons zwaar onder druk. We willen versnellen en opschalen om in te kunnen spelen op de behoefte aan starterswoningen, de oplopende vraagdruk in de sociale huursector in Sneek en toenemende vraag naar woon-zorg concepten. We zitten in de herstelfase van de coronapandemie. De economie heeft klappen gekregen maar laat ook veel veerkracht zien. Wat ons betreft kijken we juist nu ook naar de kansen en het perspectief voor lange termijn. Zo willen we op basis van een stevige integrale visie werken aan een economie die nog duurzamer en innovatiever wordt en waarin vraag en aanbod op de arbeidsmarkt beter aansluiten. Het klimaat zien wij als majeure opgave waaraan we binnen de afspraken van het klimaatakkoord hard moeten blijven werken.

We willen in 2050 CO2-neutraal, klimaatbestendig, energieneutraal en circulair zijn waarmee we aansluiten bij nationale klimaatdoelstellingen. Daarin zijn nog veel stappen te zetten. In het landelijk gebied heeft het prachtige landschap van Súdwest-Fryslân grote kwaliteiten, maar er liggen ook forse opgaven met een toenemende urgentie (denk aan crisis rond stikstof, CO2, biodiversiteit, de landbouwtransitie naar een meer natuurinclusieve en circulaire landbouw of schoon water). We willen voorloper en experimenteergebied zijn voor de implementatie van nieuwe landschapsopgaves in Nederland.

Pagina 34 van 133

O21.001884

3. Wat gaan we daarvoor doen? Onder dit programma vallen de volgende speerpunten: Hoofdtaakveld: Werken 1.

Opstellen van een sociaal economisch actieplan Zoveel mogelijk van onze inwoners moeten kunnen werken. Een sterke economie is daarom cruciaal. De effecten van corona op de economie zijn zeer uiteenlopend en zullen in sommige sectoren nog lang merkbaar zijn. Herstel op korte termijn is zeker nodig maar we willen vooral ook niet de blik op de langere termijn verliezen. Immers de onderliggende uitdagingen die we in het Noorden hebben zijn er nog steeds en vragen om actie en focus. We gaan met en onze partners in bedrijfsleven, samenleving en onderwijs een nieuw sociaal economisch actieplan opstellen met de centrale vraag hoe we onze economie toekomstbestendiger en circulairder kunnen maken, aansluitend op de mondiale transities en randvoorwaarden zoals die onder meer in de RIS III strategie zijn benoemd. In de visie krijgt nadrukkelijk ook de vitaliteit van onze binnensteden een plek. Deze visie zal dan ook de basis zijn voor onze acties en inzet op economisch gebied in de bredere netwerken en in de gebiedsgerichte, integrale aanpak.

2.

Maken van nieuwe afspraken over bedrijventerreinen Bedrijven in onze gemeente moeten een goede plek hebben om te kunnen ondernemen. De Hemmen III wordt gerealiseerd, maar we zien dat in de rest van de gemeente weinig tot geen ruimte is voor de vestiging of verplaatsing van bedrijven. Ook in andere, kleinere kernen moet daarom ruimte worden geboden voor meer lokale vraag zoals in kernen als Bolsward en Makkum. We maken in het eerste kwartaal 2022 met de provincie en de gemeente Fryske Marren nieuwe (globale) afspraken voor de periode tot en met 2030 en zetten in op meer uitbreidingsmogelijkheden in diverse kernen.

3.

Werken aan een gastvrijer Súdwest-Fryslân > nieuw toeristisch beleid opstellen Mondiaal is toerisme een van de snelst groeiende sectoren. Ook Nederland profiteert van deze wereldwijde groei. Zeker voor de gemeente Súdwest-Fryslân als meest toeristische gemeente van Fryslân, is de belangrijkste opgave te sturen op een gebalanceerde groei van toerisme, waarbij de economie, samenleving en leefomgeving met elkaar in samenhang worden bekeken. Op deze manier draagt toerisme bij aan de brede welvaart in Súdwest-Fryslân waar het fijner wonen, werken en genieten is. Met de SDG’s als kompas. Om een toekomstbestendige gastvrijheidseconomie te blijven, gaan we de komende periode, vanuit een integrale aanpak, een visie voor de langere termijn ontwikkelen. Het position paper dat nu wordt opgesteld legt daar de basis voor en hierin bepalen we hoe dit in 2022 verder gaan uitwerken en borgen. Daarnaast blijven we ons focussen op het Friese actieplan vitale logiesaccommodaties. Dit werken we uit in het lokale uitvoeringsplan logiesaccommodaties. Met als doel: naar een gebalanceerde logiesmix die bijdraagt aan brede welvaart.

Hoofdtaakveld: Leefomgeving 4.

Klimaatagenda > uitvoeren agenda 2022 en opstellen agenda 2023 Wij stellen ook in 2022 een Klimaatagenda op. Deze agenda bestaat uit twee delen: klimaatmitigatie en klimaatadaptatie. In het eerste deel beschrijven we alle inspanningen die nodig zijn om te voldoen aan de verplichtingen uit het landelijke klimaatakkoord en in het tweede geven we aan hoe we met de gevolgen van de klimaatverandering willen omgaan. De klimaatopgave omvat twee pijlers waaraan we werken: Gebouwde omgeving (waaronder Transitievisie Warmte en de Wijkuitvoeringsplannen), met het streven om alle verblijfsgebouwen voor 2050 aardgasvrij te maken. Voor 2030 hebben we de opgave om 8.000 woningen te verduurzamen. We doen dit door een all inclusive aanpak per wijk of kern, in de vorm van wijkuitvoeringsplannen. Onze aanpak pilot aardgasvrij Heeg en

Pagina 35 van 133

O21.001884

Het Eiland Sneek kunnen als basis dienen voor verdere kennisontwikkeling en uitrol en als voorbeeld dienen voor andere projecten die vanuit de Mienskip worden geïnitieerd. De Transitievisie Warmte gaat in 2022 van visie naar project/programma. Lopende projecten zoals de Wijkuitvoeringsplannen zullen worden samen gebracht met de schillenbenadering vanuit de Transitievisie Warmte om zo een stevige basis te leggen voor toekomstige projecten. Elektriciteit (waaronder de RES 2.0) waarin we onderzoeken hoe we de elektriciteitsvraag en -aanbod voor de Gebouwde Omgeving, Mobiliteit en Industrie, bijvoorbeeld door opslag, kunnen garanderen. Voor 1 juli 2023 moet RES 2.0 door de regio worden ingediend bij het Rijk, met daarin projectlocaties van duurzame energiesystemen. Voor 2023 is 50% van de te realiseren RES-projecten planologisch vergund. We blijven de (energie)transitie en circulariteit krachtig, en in samenhang aanpakken. Voor de mate en het tempo waarin we de uitvoering gestalte kunnen geven zijn we wel nadrukkelijk afhankelijk van middelen vanuit het Rijk. De schaal en het belang van deze transitie vraagt om een duidelijk commitment vooraf van onze Rijksoverheid. Wij nemen nu in de vorm van een reservering een voorschot op de belofte dat er middelen vanuit Den Haag beschikbaar komen. Daarnaast benutten we de beschikbare middelen om uitvoering te geven aan de Klimaatagenda.

Op deze manier blijven we in 2022 onverminderd inzetten op de Klimaatagenda. 5.

Ontwikkelagenda: van ontwikkelagenda naar ontwikkelmachine In 2022 gaan we de Ontwikkelagenda toekomstbestendig maken en zetten we in op de realisatie van een Ontwikkelmachine met als belangrijke drager een Ontwikkelfonds. We zetten pro-actief in op projectontwikkeling en onderzoeken hoe we van de reserve Ontwikkelagenda een integraal in te zetten financieringsinstrument kunnen maken waarmee we projecten kunnen financieren en co-financieren. Inhoudelijk staan hierbij de grote maatschappelijke opgaven voor ons voorop. Daarnaast blijft het realiseren van een multiplier een belangrijke doelstelling. Besluitvorming hierover laten we over aan een nieuw college en een nieuwe Raad. Hoe we dit voor ons zien hebben we uitgewerkt in het hoofdstuk Bestuurlijke hoofdlijnen.

6.

Woningmarkt versnellen en opstellen Woon-zorgvisie Met bestaande en nieuwe plannen gaan we met onze partners inspelen op de huidige dynamiek in de woningmarkt en versnelling aanbrengen. Zo moeten we tegelijkertijd bouwen voor de vraag van nu en anticiperen op een mogelijke huishoudensafname buiten onze groeikernen. We gaan daarom met een breed palet aan stakeholders op zoek naar innovatieve woonoplossingen en maken prestatieafspraken met woon-zorg partijen. De komende jaren krijgen we te maken met de dubbele vergrijzing. Deze vergrijzing en het scheiden van wonen en zorg zorgen voor grote uitdagingen voor ons en voor onze partners. We gaan daarom samen met zorginstellingen en woningcorporaties in 2022 een Woonzorg visie opstellen. De visie moet een bijdrage leveren aan een inclusieve samenleving, waarin iedereen zoveel mogelijk kan meedoen. Dit moet uitmonden in afspraken met zorginstellingen en woningcorporaties om een zo volledig mogelijk aanbod van woon/zorg arrangementen te realiseren. Mocht dat niet lukken in de directe woonomgeving, dan is het wel mogelijk om deze zorg in de nabijheid te krijgen. Inwoners met een zorg en/of ondersteuningsvraagstuk hoeven dan niet over grote afstanden te verhuizen.

7.

Vitaal landschap: experimenteergemeente In 2022 krijgt het omgevingsprogramma Vitaal Landschap gestalte. Deze aanpak is gericht op herstel en versterking van de biosfeer in samenhang met de totale leefomgeving binnen een integrale gebiedsgerichte aanpak. We richten ons daarbij met name op het landelijk gebied (buiten de kernen) en focussen ons dus op vraagstukken die samenhangen met het versterken van de volhoudbaarheid van de fysieke leefomgeving. We zijn als SWF een experimenteergebied waar deze opgaves in samenhang en diversiteit worden aangejaagd en mogelijk gemaakt. Onder andere de landbouwtransitie naar een meer natuurinclusieve en circulaire landbouw is van groot belang en vraagt onder andere om passende verdienmodellen.

Pagina 36 van 133

O21.001884

Op Europees, nationaal en regionaal niveau worden inmiddels stevige budgetten georganiseerd om deze opgaves ook mogelijk te maken. Voor ons dus zaak om in het verlengde daarvan stevig in te zetten en de ontstane budgettaire mogelijkheden ook maximaal binnen SWF te laten landen. Binnen die aanpak vraagt het weidevogel vraagstuk specifieke aandacht. We brengen in het omgevingsprogramma diverse ontwikkelingen naar de praktijk: We positioneren ons als Súdwest-Fryslân vanuit Noord-Nederlands perspectief als voorloper op de implementatie van nieuwe landschapsopgaves in Nederland. We sluiten aan bij meerjarige ontwikkelingen die het landschapsdossier raken. (bijv. landbouwtransitie, water- en bodemopgaven, deltaplan biodiversiteit, aanvalsplan grutto, veenweideaanpak, Regio Deal Natuurinclusieve landbouw Noord-Nederland, bomenstrategie, stikstof). Samen met o.a. landschapspartners, richten we ons op vernieuwende innovaties (b.v. verdienmodellen) die transities, zoals binnen de landbouw, reëel en haalbaar maken. Binnen het programma werken we samen met andere bestuursorganen (zoals in de Veenweideaanpak) en jagen we strategische projecten aan die bijvoorbeeld gericht zijn op financiering van projecten die mede realistisch worden op basis van de ruime financiële middelen vanuit Europa, Rijk en provincie, zoals die in de komende jaren beschikbaar komen (o.a.

EU-budgetten, Regiodeals, klimaatgeld, agrarisch natuurbeheer, etc.). 8.

Implementatie Omgevingswet Met de Omgevingswet beoogt de Rijksoverheid de regels voor ruimtelijke ontwikkeling eenvoudiger te maken en deze samen te voegen. De implementatie is per 2018 georganiseerd in een programma. We hebben inmiddels belangrijke stappen gezet en we gaan daar in 2022 verder mee. Het gaat dan enerzijds over concrete transitietaken (wettelijke taken) zoals bijvoorbeeld het up-to-date houden van de omgevingsvisie 1.0 en digitaal stelsel omgevingswet maar ook over transformatietaken als integraal samenwerken, van buiten naar binnen kijken, flexibel gedrag en ambtelijke en bestuurlijke vernieuwing. Daarbij willen we in 2022 in de geest van deze wet ook nog eens kritisch kijken naar de mogelijkheden van deregulering en daarbij inzetten op minder regels en het verkorten van doorlooptijden. De mate en het tempo waarin we de volledige implementatie van de Omgevingswet gestalte kunnen geven is nadrukkelijk afhankelijk van middelen vanuit het Rijk. Uit eerste berekeningen blijkt dat de uitvoering van de omgevingswet voor gemeenten een forse extra middelen vraag zal betekenen. De schaal en het belang van deze transitie vraagt om een duidelijk commitment vooraf van onze Rijksoverheid. Wij willen dit in 2022 met andere gemeenten scherper krijgen en met het Rijk over extra gemeentelijke middelen in gesprek gaan.

Pagina 37 van 133

O21.001884

4. Richtinggevende beleidsdocumenten (vastgesteld door de raad) Hoofdtaakveld

Beleidsdocument

Besluitvorming gemeenteraad

Algemeen

Koersnota 2022 Nota openbare ruimte 2020-2025

8 juli 2021 28 januari 2021

Wonen

Woonbeleid 2019 Woonvisie 2017-2022 Aanpassing Nota grondbeleid 2015-2019 Nota grondbeleid 2015-2019 Agenda Duurzame Ontwikkeling – Anders Wonen

9 mei 2019 20 juli 2017 10 november 2016 12 november 2015 12 juli 2018

Werken

Herijking detailhandelsstructuurvisie SWF Economisch Actieprogramma Súdwest-Fryslân Agenda Duurzame Ontwikkeling – Anders Produceren

4 juli 2019 8 oktober 2013 12 juli 2018

Bereikbaarheid

Beleids- en beheerplan Wegen Evaluatie Gemeentelijk Verkeer- en vervoerplan (GVVP) Herziening Parkeervisie Beleids- en beheerplan Openbare Verlichting 2014-2018 Beleids- en beheerplan Waterbouwkundige kunstwerken Parkeernormennota SWF Agenda Duurzame Ontwikkeling – Anders van A naar B Verbreed Gemeentelijk Rioleringsplan 2018-2022

23 oktober 2014 4 april 2019 14 november 2018 10 oktober 2013 12 november 2015 12 november 2018 12 juli 2018 4 oktober 2018

Leefomgeving

Ontwikkelagenda 2018-2022 Startnotie Proces naar een Omgevingsvisie Ambitiedocument Het Friese IJsselmeerkustgebied Startdocument Regionale Energie Strategie (RES) Agenda Duurzame Ontwikkeling – Anders energie opwekken Gebiedsagenda SWF, DFM, Wetterskip Fryslân, Provinsje Fryslân Visie Ruimtelijke Kwaliteit Masterplan Waterstad plus Masterplan Waddenpark Afsluitdijk Masterplan Beeldkwaliteit Afsluitdijk Uitgangspuntennotitie Buitengebied Welstandsnota 2018 SWF Erfgoedvisie Beleid windenergie Beleidsplan beheer en onderhoud Gebouwen Beleidsplan Openbaar groen Súdwest-Fryslân Bomenbeleidsplan Súdwest-Fryslân Visie Toerisme en Recreatie (2012-2022) Beleidsnotitie afval “Netjes geregeld!” Kaderstelling zwerfafvalbeleid Ontwikkelvisie Súdwest-Fryslân

12 november 2018 13 december 2018 4 juli 2019 3 oktober 2019 12 juli 2018 3 juli 2014 6 juni 2013 6 juni 2013 3 juli 2014 31 maart 2016 3 oktober 2019 14 november 2018 21 juni 2012 31 maart 2016 2 juli 2015 10 oktober 2013 13 december 2012 16 mei 2013 14 november 2013 22 januari 2015 31 maart 2011

Naast bovenstaande beleidsdocumenten zijn er door de gemeenteraad diverse verordeningen vastgesteld. Voor een actueel overzicht van geldende verordeningen verwijzen we naar de website www.overheid.nl. Een link naar deze website is te vinden op onze eigen website, via de zoekterm “Verordeningen”.

Pagina 38 van 133

O21.001884

5. Wat mag het kosten? Saldo programma in meerjarenperspectief (bedragen x € 1.000) Wonen Werken Bereikbaarheid Leefomgeving Totaal saldo baten en lasten

Rekening 2020 -1.111 1.624 21.180 8.314 30.007

Begroot 2021 na Wijziging 546 4.076 22.389 9.071 36.082

Begroot 2022

Begroot 2023

Begroot 2024

Begroot 2025

425 1.624 20.981 7.865 30.894

420 1.378 21.051 7.759 30.609

536 1.394 21.387 7.712 31.030

685 1.300 21.790 7.897 31.672

Begroot 2022 per taakveld (bedragen x € 1.000) Wonen Wonen en bouwen Grondexploitatie (niet bedrijventerreinen)

Lasten

Baten

Saldo

3.962 3.841 121

3.538 3.538 0

425 304 121

Werken Bedrijvenloket en bedrijfsregelingen Economische ontwikkeling Economische promotie Milieubeheer

7.062 2.040 958 1.155 2.908

5.437 2.238 0 3.199 0

1.624 -198 958 -2.044 2.908

Bereikbaarheid Parkeerbelasting Parkeren Verkeer en vervoer Recreatieve havens Economische havens en waterwegen

24.167 178 1.304 18.986 1.044 2.654

3.187 2.077 0 205 890 15

20.981 -1.899 1.304 18.781 155 2.640

Leefomgeving Openbaar groen en (openlucht) recreatie Begraafplaatsen en crematoria Beheer overige gebouwen en gronden Ruimtelijke ordening Cultureel erfgoed Riolering Afval Totaal saldo baten en lasten

29.319 8.478 646 701 2.039 970 6.976 9.510 64.510

21.454 64 625 0 54 14 8.477 12.221 33.616

7.865 8.414 21 701 1.985 956 -1.501 -2.711 30.894

Pagina 39 van 133

O21.001884

6. Aanpassingen programma Ruimte In dit programma hebben we diverse aanpassingen verwerkt. Hieronder geven we ze weer in een overzicht. Daarna geven we een toelichting op de verschillende posten. De volgende aanpassingen komen aan bod:  Aanpassingen die al eerder in de Jaarrekening 2020 zijn toegelicht.  Aanpassingen als gevolg van Circulaires of Rijksbijdragen.  Aanpassingen als gevolg van eerder genomen besluiten.  Aanpassingen als gevolg van nieuwe voorstellen. Vanwege de leesbaarheid worden sommige aanpassingen in het programma toegelicht waar ze thematisch het beste passen, terwijl ze soms (ook) betrekking hebben op andere programma’s. Bijvoorbeeld de loonsomontwikkeling. Deze wordt in de tekst alleen toegelicht in Programma Bestuur, maar cijfermatig heeft dit ook betrekking op de programma’s Sociaal en Ruimte en op de Overzichten. Nadelen zijn steeds met een minteken (-) aangegeven en voordelen met een plusteken (+). De vetgedrukte subtotalen komen steeds terug in het totaaloverzicht van paragraaf 1.2. Aanpassingen programma Ruimte (bedragen x € 1.000)

2022

2023

2024

2025

1. Grof restafval

-70

-70

-70

-70

2. Transport/verwerken milieustraat

-60

-60

-60

-60

3. Tractie huisvuilauto's

-45

-45

-45

-45

-175

-175

-175

-175

-9

-9

-9

-9

-9

-9

-9

-9

-123

-123

-123

-123

-4

-9

-13

-17

-127

-132

-136

-140

7. Vitaal Landschap

-320

0

0

0

8. Opstellen Economische analyse en plan 2022-2026

-13

0

0

0

9. Deelname Friese Projectenmachine

-53

-58

-73

0

10. Vervolgsubsidie VVV Waterland van Friesland

-168

-168

-168

-168

11. Begroten van hogere ontvangst toeristenbelasting

150

150

150

150

12. Brûzjend Súdwest-Fryslân

-25

-25

-25

-25

Structureel Jaarrekening

Subtotaal Circulaires / Rijksbijdragen 4. Taakmutaties uit de Meicirculaire 2021 Subtotaal Genomen besluiten 5. Bijdrage Gem. Regelingen, Fumo 6. Bijdrage Gem. Regelingen, Marrekrite Subtotaal Nieuwe voorstellen

13. Uitvoering Klimaatagenda SWF 2021 (e.v.)

0

0

0

0

14. Onderhoud areaaluitbreiding kapitaalgoederen

-135

-135

-135

-135

15. Verkeerskundige aanpassingen in combinatie met onderhoud

-125

0

0

0

16. Impuls kernen en fietsverbindingen

-150

0

0

0

0

-178

-356

-534

17. Investeringen in vervanging en renovatie kapitaalgoederen

Pagina 40 van 133

O21.001884

18. Omgevingsprogramma Klimaatadaptatie 19. Implementatie Omgevingswet 20. Begroten dividend Omrin

-70

-70

0

0

0

0

0

0

175

175

175

175

Subtotaal

-734

-309

-432

-537

Subtotaal structureel

-1.045

-624

-752

-861

Incidenteel Nieuwe voorstellen 21. Verkoop strategische panden

0

0

-100

-250

22. Uitvoeren baggerwerk Overdracht Stedelijk Water (OSW)

-300

-300

-300

-300

23. Verplichting boscompensatie Súdwest-Fryslân

-125

0

0

0

Subtotaal

-425

-300

-400

-550

Subtotaal incidenteel

-425

-300

-400

-550

Toelichting Jaarrekening 1. t/m 3. Diverse structurele nadelen uit de Jaarrekening 2020 Dit betreffen structurele budgetoverschrijdingen die eerder zijn toegelicht in de Jaarrekening 2020. De gesignaleerde tekorten zijn in 2021 opnieuw beoordeeld. Dit heeft voor onderstaande posten niet geleid tot andere inzichten. Met onderstaande voorstellen corrigeren we de afwijkingen, waardoor we de budgetten in lijn brengen met de werkelijke verwachting. Het betreft geen beleidswijzigingen.

(bedragen in €) Omschrijving

Omvang gesignaleerd tekort

Ingeschatte benodigde aanvulling

Voorgestelde structurele budgetverhoging

Grof restafval

70.000

100%

70.000

Transport/verwerken milieustraat

60.000

100%

60.000

Tractie huisvuilauto's

45.000

100%

45.000

Subtotaal

175.000

Het bovenstaande betekent dat er meer kosten worden gemaakt rondom de afvalverwerking. Hier staat tegenover dat we ook een hogere opbrengst gaan begroten (dividend Omrin). Zie onder punt 20 verderop. Daardoor hoeven de hogere kosten niet doorberekend te worden in de afvalstoffenheffing.

Circulaires / Rijksbijdragen 4. Taakmutaties uit de Meicirculaire 2021 Op 31 mei is de Meicirculaire 2021 verschenen. Via de Notitie Meicirculaire 2021 is de raad geïnformeerd over de uitkomsten van deze circulaire (actieve informatie in week 25). De gevolgen voor de jaren 2022 tot en met 2025 nemen we op in deze begroting. Voor programma Ruimte is er één taakmutatie vanuit de Meicirculaire 2021: Handhaving energielabel C kantoren. In het Bouwbesluit is vastgelegd dat per 1 januari 2023 een kantoor energielabel C of beter moet hebben om nog als kantoor gebruikt te mogen worden. De gemeente is het bevoegde gezag en handhaaft de wetgeving. Via de algemene uitkering ontvangen wij structureel € 9.000 compensatie voor de handhavingslasten.

Pagina 41 van 133

O21.001884

Genomen besluiten 5. Bijdrage Gem. Regelingen, Fumo De raad heeft op 29 april 2021 kennis genomen van de ontwerpbegroting FUMO 2022. Op basis van de ontwerpbegroting neemt onze bijdrage in 2022 toe. Wij moeten dit volgen. Er ontstaat hierdoor een tekort in onze gemeentelijke raming van € 122.982. We hebben het budget in onze begroting structureel met dit bedrag verhoogd. 6. Bijdrage Gem. Regelingen, Marrekrite De raad heeft op 3 juni 2021 kennis genomen van de Financiële stukken van Recreatieschap Marrekrite. In de begroting voor 2022 van de Marrekrite worden de deelnemersbijdragen voor het eerst sinds 2014 weer geïndexeerd met 2%. Vanaf 2022 moeten we het bedrag in de gemeentebegroting met de minimale indexatie van 2% gaan verhogen, anders gaat de deelnemersbijdrage uit de pas lopen met onze begroting.

Nieuwe voorstellen 7. Vitaal Landschap In het ruimtelijk domein komen woningbouw, landbouw, energie, biodiversiteit en klimaatopgaves samen in complexe gestapelde opgaves. Dat vraagt heldere strategische keuzes in economisch en ruimtelijke zin. Denk daarbij aan de doorontwikkeling van de omgevingsvisie (naar 2.0). Daarnaast willen we verder de experimenteerfunctie op het gebied van natuurinclusieve landbouw uitbouwen. Súdwest-Fryslân is nu eenmaal een grote gemeente met een groot aantal agrarische ondernemers en bedrijven die daarvan afhankelijk zijn. Bovendien is ongeveer 85% van het grondgebied van Súdwest-Fryslân gerelateerd aan de landbouw. Dat betekent dat we dieper moeten kijken naar innovatiekansen in ons gebied (of met partners in ons gebied) en de mogelijkheden die innovaties ook te ondersteunen (denk aan EU middelen etc.). Ook vraagt die rol een sterke positie op provinciaal niveau (b.v. koppeling met agro-food opgave vanuit IPF en de ambities in de provinciale nota’s over landbouw en landschap die op dit moment worden gemaakt). Bovendien is de verwachting dat het nieuwe kabinet verder gaat op de ingeslagen route naar een natuurinclusieve landbouw. SúdwestFryslân zal hier als medeoverheid op moeten acteren. Daarnaast is de ambitie van de provincie om hiervoor Europees geld binnen te halen.

Dat vraagt om (ambtelijke) capaciteit maar ook cofinancieringsmiddelen om de landbouwsector te faciliteren in de omslag naar nieuwe vormen van landbouw in relatie met innovaties op het gebied van (bijvoorbeeld) biodiversiteit. Het gaat hier deels om autonome ontwikkelingen omdat die volgen uit politiek-bestuurlijke keuzes op nationaal en provinciaal niveau. Denk aan de ontwikkelingen in het veenweidegebied waarover ook bindende afspraken zijn gemaakt met andere gemeenten, onder andere in het aanstellen van een veenweide-regisseur namens de gemeenten. Bovendien is door het (inmiddels demissionaire) kabinet ingezet op natuurinclusieve landbouw. Dit zal de komende jaren verder worden geconcretiseerd. Maar het gaat ook om gevolgen die voortkomen uit keuzes die gemaakt zijn in het hoofdlijnenakkoord van dit college. Daarin is onder andere vastgelegd dat er met de sector gewerkt wordt aan de natuurinclusieve landbouw. Het Programma Vitaal Landschap is daar een rechtstreeks gevolg van. Tot slot is Vitaal Landschap één van de programmalijnen vanuit de Omgevingsvisie. Dat zal worden uitgewerkt in een Omgevingsprogramma waaruit de nodige gebiedsgericht opgaves zullen volgen. Met de voorgestelde beschikbaar te stellen middelen voor 2022 willen we ook een vervolg geven aan het insectennetwerk, om zodoende de biodiversiteit te stimuleren.

Daarnaast willen we inzetten op het verpachten van gemeentegronden aan agrariërs waarin natuur-inclusieve landbouw centraal staat. 8. Opstellen Economische analyse en plan 2022-2026 Corona heeft grote effecten op de economie en het bedrijfsleven. Daarom is het heel belangrijk om een visie te ontwikkelen die ons kan sturen op de middellange en langere termijn. Denk aan de Arbeidsmarktopgave in het Noorden en de opgave met betrekking tot Circulaire Economie. We willen hierop graag als gemeente en onze partners in bedrijfsleven, samenleving en onderwijs een nieuwe brede visie gaan opstellen met de centrale vraag hoe we onze economie (in samenhang met onze

Pagina 42 van 133

O21.001884

andere ambities en vraagstukken) toekomstbestendig kunnen maken en zo goed mogelijk kunnen aansluiten op de mondiale transities en randvoorwaarden zoals die onder meer in de RIS III strategie zijn benoemd. In een volgende begroting kan dan opgenomen worden welke financiële consequenties deze visie heeft op de verschillende opgaven. De laatste Economische Analyse voor onze gemeente is gemaakt in 2017-2018. Inmiddels zijn de omstandigheden veranderd en komt er een nieuwe bestuursperiode aan, wat vraagt om ontwikkeling van een update op de bestaande analyse. Zonder analyse en economisch plan kunnen we geen sturing geven aan benodigde sociaal-economische ontwikkeling in onze gemeente. In de reguliere begroting van Economische Zaken is hier geen ruimte voor. 9. Deelname Friese Projectenmachine In Fryslân maken we op dit moment onvoldoende gebruik van de kansen en mogelijkheden die Europa biedt. Er is vooral behoefte aan meer en betere projecten waarmee we met succes een beroep kunnen doen op Europese middelen om zo de brede welvaart in Fryslân te versterken. Maar de structuur in Fryslân is dun en versnipperd. Er zijn veel en vaak kleinere spelers die elkaar niet altijd weten te vinden. De oplossing voor dit probleem vraagt om samenwerking tussen Friese partners.

Daarom hebben de provincie, gemeenten, kennisinstellingen, bedrijfsleven, clusterorganisaties en het Innovatiepact Fryslân samen een instrument ontworpen dat de ontwikkeling van Europese projecten in Fryslân een forse impuls moet geven: de Friese Projectenmachine. De FPM moet met extra menskracht en middelen gaan werken aan meer en betere projecten voor Fryslân. Daar hoort een heel palet aan activiteiten bij, o.a. informatie, kennisdeling, vouchers voor het schrijven van projecten, deelnemen aan internationale netwerken en het aantrekken van capaciteit om projecten uit te voeren. De provincie heeft de Friese gemeenten gevraagd deel te nemen aan de FPM. Deelname is vrijwillig, maar niet vrijblijvend. Van alle partners wordt verwacht dat zij inzet van medewerkers beschikbaar stellen en bijdragen in de exploitatiekosten van de FPM. Hiervoor is een verdeelsleutel gehanteerd op basis van het inwoneraantal en wordt een ingroeimodel gehanteerd tot en met 2024. De FPM zal in 2025 haar volledige omvang bereiken. In 2024 zal de kostenverdeling tussen de provincie en gemeenten/kennisinstellingen 40%-60% zijn. In de jaren 2021-2023 geldt het ingroeimodel, waarbij de provincie – aflopend – meer betaalt dan 40% en de gemeenten/kennisinstellingen – oplopend – minder dan 60%.

Het verzoek komt voor de gemeente Súdwest-Fryslân neer op de volgende inzet in de periode 2021-2024: € 53.100 in 2022, € 57.900 in 2023 en € 72.900 in 2024. Deze middelen tot en met 2024 zitten nu in deze begroting. In 2024 zal een vervolgbesluit moeten vallen of deelname aan de FPM structureel wordt tegen een bijdrage van € 90.000. 10. Vervolgsubsidie VVV Waterland van Friesland VVV Waterland van Friesland verzorgt in gezamenlijke opdracht van de gemeenten Súdwest-Fryslân en de Fryske Marren de gastheerschap, informatievoorziening en marketing in de regio Zuidwest-Friesland. In 2017 heeft de raad geld beschikbaar voor een subsidie voor een periode van 4 jaar. Afgesproken is dat in 2021 zal worden besloten over het vervolg van de subsidie voor de langere termijn. Voorzetten huidige subsidie In beide gemeenten is bij de start van de organisatie in 2017 al uitgegaan van een subsidierelatie voor de langere termijn en beide gemeenten hebben hiervoor in de meerjarenbegroting al geld gereserveerd. De organisatie heeft zich in vier jaar tijd naar tevredenheid ontwikkeld en draagt bij aan een vitaal woon-, werk- en recreatieklimaat van onze regio. Een belangrijke mijlpaal was de oprichting van één regionale VVV organisatie per 1 januari 2019 door een fusie van de Stichting Regiomarketing Zuidwest-Friesland en twee VVV organisaties.

VVV Waterland van Friesland pakt haar rol als verbinder in de sector. Zij staat in contact met provinciale en landelijke stakeholders waaronder Merk Fryslân en de TAF (Toerisme Alliantie Fryslân). Zij heeft gezorgd voor een duidelijke profilering van de regio onder de naam Waterland van Friesland en steeds meer ondernemers haken aan. Onlangs werd het 750ste lid welkom geheten. Verhoging van de subsidie In vier jaar tijd heeft VVV Waterland van Friesland zich ontwikkeld tot een stevige organisatie in het toeristisch veld. Op verzoek van de beide gemeenten heeft zij haar visie op de toekomst vastgelegd in het Koersdocument: Richting 2025 met als ondertitel: Op koers naar een duurzame bestemming. Wij

Pagina 43 van 133

O21.001884

onderschrijven de ambities van VVV Waterland van Friesland uit dit Koersdocument. De ontwikkelingen in de sector vragen erom dat de organisatie kan doorgroeien en belangrijke kansen en acties uit dit koersdocument kan uitvoeren. In vier jaar hebben ook de ontwikkelingen in het toeristisch veld zich snel opgevolgd. De sector groeit en wordt steeds belangrijker. Landelijk en regionaal ligt de focus op een slimme groei van het toerisme met een betere spreiding van het toerisme in tijd en ruimte. Marketing maakt plaats voor management. Denk aan spreiding van toerisme over het land en de provincie en denk aan seizoensverlenging. Binnen de provincie is Zuidwest-Friesland, samen met de Waddeneilanden de belangrijkste toeristische regio met grote potenties. Ook de eigen inwoners worden een steeds belangrijkere doelgroep. Als gemeente moeten we de toeristische ontwikkelingen bijhouden, meebewegen en participeren. Onze eigen toeristische visie dateert uit 2013. Daarin was al aandacht voor seizoensverlenging. Dit jaar komen wij met een nieuw ambitiedocument. De ambities sluiten ook aan op de inzet op meer vitale logiesaccommodaties in onze gemeente. Beleid hiervoor is in ontwikkeling. Gezien de verschillen in omvang van beide gemeenten wordt voor de verhoging van de subsidie een verdeelsleutel voorgesteld die recht doet aan deze verschillen in de toeristische sector.

Voor de verhoging gaan we uit van een verdeelsleutel van 35% - 65%. Voor Súdwest-Fryslân betekent dit een subsidieverhoging van € 150.000 en voor De Fryske Marren van € 80.000. De huidige bestaande subsidie zien we als basisinfrastructuur voor de regio waarbij beide gemeenten evenveel bijdragen. Marketing 11 Fountains Voor de marketing van de 11 Fountains willen we net als vier andere gemeenten een extra bijdrage beschikbaar stellen van € 18.000. Met dit aanvullende bedrag verhogen we de subsidie aan Waterland van Fryslân. 11. Begroten van hogere ontvangst toeristenbelasting We ontvangen de laatste jaren meer toeristenbelasting dan we hebben begroot. Dit uit zich nu steeds in een voordeel in de jaarrekening. We stellen voor om deze hogere ontvangst op te nemen in de begroting. Dit betreft dus niet een verhoging van tarieven, maar het begroten van een hogere inkomst die er in werkelijkheid al is. Daarmee kunnen we de voorgestelde verhoging van de subsidie aan VVV Waterland van Friesland dekken (zie voorgaande punt). 12. Brûzjend Súdwest-Fryslân Met de aanpak Brûzjend Súdwest willen we betere verbindingen leggen tussen toerisme, cultuur, evenementensector, leefbaarheid, kernen en erfgoed. We hebben op veel afzonderlijke terreinen al stappen gezet, maar door die beter te verbinden kunnen we veel meer effect sorteren.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10661578/1