CConstaterende datSudwest Fryslan
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage II - VRF dekkingsplan 2

Raadsvergadering 3 februari 2022, gemeente Sudwest FryslanBij agendapunt: ‘Herziening Dekkingsplan Brandweerzorg’14.269 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

de politie. Dit wordt alleen gedaan op verzoek van de politie. Bij een duikinzet is de bezetting van een duikteam als volgt: 1 duikteamleider (dpl), 1 assistent duikploegleider, tevens chauffeur en 2 duikers (waarvan 1 duiker, 1 reserveduiker). De bemanning van een TS ondersteunt het duikteam. Een duikteam heeft voor de inzet de beschikking over een waterongevallenvoertuig en over een voor de duiktaak geschikt personeels- en materieelvaartuig.

HUIDIGE EN NIEUWE SITUATIE DEKKINGSPLAN 2.0 DEKKING WO Afgedekte Wegen (norm = 30 min.) Niet Afgedekte Weg (overchrijding)

Op basis van de opkomsttijden (paragraaf 2.3.2) is de dekking in de huidige situatie en in de nieuwe situatie Dekkingsplan 2.0 als volgt:

REGIOBREED Huidig

48

56,1%

D EKK I N G S P L A N 2. 0 – HE RZ I E NE VE RS I E

REGIOBREED Nieuwe situatie Dekkingsplan 2.0

56,1%

Motivering: • Brandweer Fryslân sluit aan bij de Visie Waterongevalbestrijding, die in 2012 door het Bestuur van de Veiligheidsregio Fryslân is vastgesteld: duiken is een taak waarvoor zeer specifieke opleidings- en oefeninspanningen noodzakelijk zijn en de duikteams zijn hier de afgelopen jaren op ingericht en afgestemd; • in het Dekkingsplan 2.0 beschikken de volgende 2 kazernes over een duikploeg: Leeuwarden Aldlânsdyk en Sneek. De duikteams zijn in de afgelopen jaren ingericht. Daarom is gekozen om voor het Dekkingsplan 2.0 geen wijzigingen door te voeren

S A M E N PA RA AT

49

4. KAZERNES DEKKINGSPLAN 2.0

4.1 INLEIDING In het project Dekkingsplan 2.0 is nadrukkelijk aandacht voor de toegevoegde waarde van een brandweerpost. Een post is meer dan het aantal uitrukken. Brandweer Fryslân is samen paraat. Deze paraatheid wordt onder andere verzorgd door in een netwerk van brandweerposten te opereren. Enerzijds als aanvulling op elkaar indien een voertuig niet of met minder mensen kan uitrukken, anderzijds als ondersteuning in de opschaling. In het uitgangspuntendocument is de bepaling van de toegevoegde waarde van een post beschreven in een bouwmethodiek. Elke post heeft toegevoegde waarde. De mate van de toegevoegde waarde van een post wordt bepaald door het onderstaande te bepalen: • dekkingsgraad als 1e basisbrandweereenheid in eigen verzorgingsgebied;

• dekkingsgraad als bijstand 2e eenheid of aanvullende eenheid in aanliggende verzorgingsgebieden; • bijdrage in het beperken van 18 minuten+-objecten; • bijdrage in de opkomsttijd bij markante objecten; • bijdrage als specialistische eenheid. 4.2 TOEGEVOEGDE WAARDE VAN EEN KAZERNE Om de toegevoegde waarde van een kazerne te bepalen is de bouwmethodiek vertaald in 6 stappen. Deze werken als een zogenaamd filter waar na elke stap de kazernes, die boven de gestelde grenswaarde van die stap staan, uit het overzicht vallen. Na stap 6 volgt een oplopend overzicht van de mate van toegevoegde waarde van de overgebleven kazernes. Stap 1 start met alle 65 kazernes van Brandweer Fryslân.

STAP

TITEL IN TABEL

OMSCHRIJVING

1

▲ obj te laat

Een post heeft een verzorgingsgebied. • normtijden gebaseerd op 1e TS; risicogebied 1: 10 min, De kolom laat zien wat de toename is van het risicogebied 2: 12 min en risicogebied 3: 15 min; aantal objecten in het eigen verzorgingsgebied • selectie op minste toename van objecten naar meeste die buiten de normtijd bereikt worden toename objecten; wanneer post A niet uitrukt en het verzorgings• grens op 1% van het totaal aan objecten in Fryslân; ­gebied overgenomen wordt door buurpost B. • totaal aantal objecten is 363.557, 1% = 3.636 objecten; • brandweerposten met meer dan een toename van 3.636 objecten komen niet voor in het overzicht.

2

3

50

D EKK I N G S P L A N 2. 0 – HE RZ I E NE VE RS I E

▲ obj te laat

▲ obj te laat

Een post heeft een aanliggend verzorgingsgebied waar de post de snelste eerstvolgende auto is. De kolom laat zien wat de toename is van het aantal objecten die buiten de normtijd voor de 1e TS bereikt worden wanneer post A niet uitrukt. Het aanliggende verzorgingsgebied wordt dan overgenomen door een andere buurpost C. Post C is als aanvulling op post B indien beide posten met onvolledige bezetting uitrukken, samen vormen ze 1 basisbrandweereenheid.

• normtijden gebaseerd op 1e TS; risicogebied 1: 10 min, risicogebied 2: 12 min en risicogebied 3: 15 min;

Een post heeft een aanliggend verzorgingsgebied waar de post de snelste eerstvolgende auto is. De kolom laat zien wat de toename is van het aantal objecten die buiten de normtijd voor de 2e TS bereikt worden wanneer post A niet uitrukt. Het aanliggende verzorgingsgebied wordt dan overgenomen door een andere buurpost C. Post C is als opschaling/ondersteuning voor post B bij een middelincident.

• normtijden gebaseerd op 2e TS; risicogebied 1: 15 min, risicogebied 2: 15 min en risicogebied 3: 18 min;

• grens op 1% van het totaal aan objecten in Fryslân; • totaal aantal objecten is 363.557, 1% = 3.636 objecten; • brandweerposten met meer dan een toename van 3.636 objecten komen niet voor in het overzicht.

• grens op 1% van het totaal aan objecten in Fryslân; • totaal aantal objecten is 363.557, 1% = 3.636 objecten; • brandweerposten met meer dan een toename van 3.636 objecten komen niet voor in het overzicht.

S A M E N PA RA AT

51

TITEL IN TABEL

OMSCHRIJVING

4

# obj als 2e TS

Een post heeft een aanliggend verzorgingsgebied waar de post de snelste eerstvolgende auto is. De kolom laat zien wat het aantal objecten is waar post A de snelste eerstvolgende auto is in het aanliggende gebied.

5

6

▲ obj 18min

+

▲ obj te laat

• grens op 2% van het totaal aan objecten in Fryslân; • totaal aantal objecten is 363.557, 2% = 7.272 objecten; • brandweerposten die meer dan 7.272 objecten bedienen in het aanliggend verzorgingsgebied komen niet voor in het overzicht.

Een post heeft een verzorgingsgebied. De kolom laat zien wat de toename is van het aantal 18 minuten+ objecten in het eigen verzorgingsgebied wanneer de eigen post niet uitrukt en het verzorgingsgebied overgenomen wordt door een buurpost B.

• grens op stijging van 300 18 minuten objecten (stijging minder dan 0,1% bij toename 300 18 minuten+ objecten);

Een post heeft een verzorgingsgebied. De kolom laat zien wat de toename is van het aantal markante objecten in het eigen verzorgingsgebied die buiten de normtijd bereikt worden wanneer post A niet uitrukt en het verzorgingsgebied overgenomen wordt door buurpost B.

• grens op stijging van 30 markante objecten buiten de normtijd 1e TS (stijging minder dan 0,01% bij toename 30 markante objecten buiten de normtijd);

In de tabel wordt het resultaat van de 6 stappen weergegeven. Van de 65 brandweerposten in Fryslân zijn er, na het doorlopen van de stappen, 22 posten overgebleven in het overzicht. Het overzicht laat oplopend de mate van toegevoegde waarde van een brandweerpost zien. Hoe hoger in het overzicht, hoe minder de toegevoegde waarde van de brandweerpost is. Echter, een scherpe lijn trekken tussen posten die weinig toegevoegde waarde hebben en posten die meer toegevoegde waarde hebben, is gecompliceerd. Een post heeft namelijk waarde als 1e TS en als 2e TS. Voorbeeld: Parrega (1) heeft als 1e TS in het eigen verzorgingsgebied minder waarde omdat de toename 282 objecten is als Parrega niet uitrukt. Echter, bij 6.415 objecten is Parrega de 2e TS in het aanliggende verzorgingsgebied. Andersom heeft Nieuwehorne (13) meer waarde als 1e TS in het eigen verzorgingsgebied omdat de toename 1.400 objecten is als Nieuwehorne niet uitrukt en minder waarde in het aanliggende verzorgingsgebied omdat Nieuwehorne de 2e TS is bij 725 objecten. Het overzicht laat bij uitstek zien dat Brandweer Fryslân een netwerkorganisatie is van brandweerposten die gezamenlijk staan voor een adequate brandweerzorg in Fryslân. Brandweer Fryslân is samen paraat, waarin alle 65 brandweerposten in Fryslân toegevoegde waarde hebben.

4.3 VERKENNEND ONDERZOEK NAAR BOUW EN INSPELEN OP RUIMTELIJKE ONTWIKKELINGEN Haalbaarheidsonderzoek heeft geleid tot de oprichting van een blusgroep in Oudega (Sm.) Na een intensief wervings- en scholingstraject zal de post vanaf 1-12023 zelfstandig kunnen opereren. Vanaf 1-1-2022 zal wordt de post in de alarmeringsvoorstellen

52

1 2 3 ▲ OBJ TE LAAT ▲ OBJ TE LAAT ▲ OBJ TE LAAT

STAP

D EKK I N G S P L A N 2. 0 – HE RZ I E NE VE RS I E

+

• brandweerposten met meer dan een toename van 300 18minuten+-objecten komen niet voor in het overzicht.

• brandweerposten met meer dan een toename van 30 markante objecten buiten norm 1e TS komen niet voor in het overzicht.

worden opgenomen en bij wijze van proef samen met buurposten naar incidenten uitrukken. Door oprichting van de blusgroep Oudega zal de dekking van het gebed rondom de Alde Feanen verbeterd worden en zal het aantal objecten dat niet binnen 18 minuten kan worden bereikt sterk worden verminderd 4.4 ZIEKENHUIZEN DRACHTEN EN HEERENVEEN In Drachten en Heerenveen bestaat het risicogebied 1 uit het ziekenhuis. Beide risicogebieden werden en worden ook in het Dekkingsplan 2.0 niet door de eerste basiseenheid binnen de norm bereikt. Ondanks dat de ziekenhuizen brandpreventief voldoen aan wetgeving is in het Dekkingsplan 2.0 onderzocht of de opkomst van de brandweer binnen de norm gerealiseerd kan worden. Dit kan bereikt worden door vanuit de huidige post sneller uit te rukken, een kazerne bij te bouwen of de kazerne te verplaatsen. Sneller uitrukken kan door dagbezetting in combinatie met kazernering in te zetten. Het toepassen van dit dienstmodel brengt een uitzetting van ± € 2 miljoen per post met zich mee. Deze kosten wegen niet op tegen de baten. Het bijbouwen van een kazerne brengt relatief hoge structurele kosten voor 1 object met zich mee én heeft een nadelig effect op nabijgelegen buurposten, die een belangrijke rol in het netwerk spelen.

Het meest is reëel is om bij vernieuwing van de kazerne te onderzoeken of er een optimale locatie is waarvandaan ook risicogebied 1 binnen de norm bereikt wordt. Vernieuwing van de kazerne speelt over enkele jaren in Drachten, echter niet binnen afzienbare tijd in Heerenveen.

1

Parrega

282

295

4 # OBJ 2ETS

6 5 ▲ OBJ 18MIN+ ▲ OBJ TE LAAT

3607

6415

40

2

2

Marsum

560

135

1206

4525

0

1

3

Sloten

628

723

1575

3403

0

2

4

Scherpenzeel

725

96

350

3887

148

4

5

Woudsend

969

27

188

592

0

4

6

Hallum

977

902

3041

5346

4

1

7

Ternaard

998

96

360

1388

179

2

8

Stavoren

1046

142

162

435

0

3

9

Oldeberkoop

1092

549

3321

5567

1

8

10

Bakhuizen

1129

121

775

2357

7

10

11

Langweer

1196

73

905

2056

2

4

12

Ferwert

1371

635

830

2376

58

6

13

Nieuwehorne

1400

82

207

725

50

3

14

Koudum

1463

284

1005

2132

3

5

15

West Terschelling

1597

63

544

2551

0

13

16

Jubbega

1600

262

2885

5774

82

2

17

Hollum

1710

34

175

2188

139

29

18

Witmarsum

1981

95

2002

6202

49

12

19

Wommels

2044

83

486

1992

70

8

20

Balk

2055

492

1325

2671

1

10

21

Workum

2447

185

370

1026

113

12

22

Kollum

3196

342

2836

3843

225

12

Zolang risicogebied 1 in Drachten en Heerenveen niet binnen de norm bereikt wordt, wordt met prioriteit ingezet op het leveren van een extra en een blijvende prestatie op andere vlakken dan de repressieve opkomsttijd. Het doel hiervan is om via extra preparatieve en preventieve inspanningen het niveau van brandveiligheid in deze gebieden positief te beïnvloeden. Voor de twee ziekenhuizen wordt repressief overleg ingezet. Dit is een methode waar Brandweer Fryslân de afgelopen jaren goede ervaringen mee heeft opgedaan. Binnen het repressief overleg gaat de brandweer in gesprek met het ziekenhuis om: • inzicht te krijgen in de risico’s en de scenario’s; • afstemming te vinden in de verwachtingen over en weer; • te leren van de aanwezige kennis en expertise over en weer; • hiaten in de planvorming en voorbereiding op een incident te signaleren.

complex en het terrein voor het repressief personeel. De oefeningen worden geëvalueerd en resulteren in verbeterpunten voor zowel de brandweer (repressief en planvorming) als het ziekenhuis. Het repressief overleg kan structureel worden uitgevoerd, zodat in een vervolgoverleg verdieping, ervaringen en nieuwe ontwikkelingen gedeeld kunnen worden. Desgevraagd kan aanvullend op het repressief overleg vanuit het taakveld Brandveilig Leven een bijdrage worden geleverd ten aanzien van het aspect bewustwording en kennisoverdracht. Tot slot geldt voor het ziekenhuis een aangepast inzetvoorstel. Er wordt direct voor middelbrand gealarmeerd. Dat betekent dat er 2 TS-en, een redvoertuig en een Officier van Dienst worden opgeroepen. Hierdoor is sneller een grotere slagkracht ter plaatste. Het optimaliseren van de operationele informatievoorziening, dat hoog op de agenda van Brandweer Fryslân staat, draagt ook bij aan een effectieve inzet.

Opvolgend wordt ingezet op oefenen op de locatie. De oefeningen zijn op basis van de scenario’s en worden toegesneden op zowel BHV- als brandweeraspecten en de raakvlakken hiertussen. Tevens kan er door middel van een rondleiding kennis worden opgedaan van het

S A M E N PA RA AT

53

5. ORGANISATIE DEKKINGSPLAN 2.0

5.1 INLEIDING Dit hoofdstuk gaat in op de organisatie van Brandweer Fryslân. Het geeft inzicht in welke dienstmodellen worden gebruikt, op welke ontwikkelingen wordt ingespeeld en op de wijze waarop backup wordt geregeld in het Dekkingsplan 2.0. Tot slot is er aandacht voor de unieke positie van de Waddeneilanden en voor de interregionale samenwerking. 5.2 VRIJE INSTROOM EN OVERIGE DIENSTMODELLEN De Brandweer in Nederland, en zo ook in Fryslân, is van oudsher een vrijwillige organisatie waarbij wordt uitgegaan van vrije instroom. Intrinsieke motivering en de inzet voor het maatschappelijk belang zijn hierbij belangrijke drijfveren. Vrije instroom houdt in dat vrijwilligers door de alarmcentrale worden gealarmeerd om vervolgens vanuit hun verblijfplaats op te komen naar de brandweerkazerne, waarna wordt uitgerukt naar het incident. Als de paraatheid daar om vraagt kan er gebruik worden gemaakt van één van de volgende dienstmodellen: 24-uursbezetting, dagbezetting, kazernering, ploegensysteem en/of consignatie. Het voorliggend Dekkingsplan 2.0 kent, naast vrije instroom en ploegensystemen, een 24-uursbezetting en dagbezetting in Leeuwarden. Daarnaast kan er incidenteel consignatie worden toegepast.

54

D EKK I N G S P L A N 2. 0 – HE RZ I E NE VE RS I E

5.2.1 24-UURSBEZETTING EN DAGDIENST De post Leeuwarden Aldânsdyk kenmerkt zich door een beroepsbezetting. Het betreft hier een 24-uursdienst en een repressieve dagdienst. Samen met de vrijwilligers van post Noord dragen zij gezamenlijk zorg voor continu voldoende operationele slagkracht. Het risicobeeld van de gemeente Leeuwarden met veel inwoners, een oude binnenstad, ziekenhuis, gevangenis, vliegbasis en een groot aantal inzetten en specialismen in combinatie met de vastgestelde opkomsttijden vragen om een snelle uitruktijd en beroepsbezetting. Dagdienstmedewerkers zijn op andere kazernes ook aanwezig, maar draaien daar vaak niet in een hard rooster mee in de uitruk. Zij rukken meestal uit samen met opgeroepen vrijwilligers. De medewerkers in de 24-uursdienst en repressieve dagdienst hebben ook een beheersmatige taak in de koude organisatie. Zij voeren werkzaamheden uit voor de functionele gebieden Materieelbeheer, Vakbekwaamheid, Risicobeheersing en Planvorming. Tijdens het bouwproces is onderzocht of omzetten naar vrije instroom, kazernering of 24uursdienst i.c.m. kazernering mogelijk is, zodat er efficiencyvoordeel kan worden behaald. Geconstateerd is: (zie volgende bladzijde)

S A M E N PA RA AT

55

I Vrije instroom (5 minuten uitruktijd)

III Combinatie van II Dagdienst + gekazerneerde vrijwilligers organisatievormen binnen een ploeg (90 seconden uitruktijd) -bijv. 8 pers: 6 pers 24-uurs + 2 pers dag/kazernering (90 seconden uitruktijd)

• daling dekkingsgraad met 50% in de 4 risicogebieden 1

• dekkingsgraad 100%

• daling dekkingsgraad met 75% in risicogebied 1 binnenstad

• impact organisatie laag: invul- • dekkingsgraad 100% len o.b.v. natuurlijk verloop en • s pecialistische taken THV, RV, is beheersbaar OGS en duiken geborgd • beheersmatig personeel nodig • d  ekkingsgraad 100% • kenniscentrum OVRT, THV, RV (roosters en werving) • veel personeel nodig

• specialistische taken THV, RV, • stijging opleidingskosten OGS en duiken grotendeels (verloop hoog bij kazernering) geborgd • voorwaarde is werkplekken op • kenniscentrum OVRT, THV, RV • ter compensatie 4 vrijwillige post Noord en OGS geborgd posten nodig • voorwaarde is voldoende koud • r  uimte voor innovatie • bezetting niet haalbaar i.v.m. werk beschikbaar (o.a. uitruk op maat) onvoldoende beschikbare • geen duikploeg mogelijk vrijwilligers (beperkt wervings• doorontwikkeling tot • organiseren specialistische gebied) leer­bedrijf taken vraagt meer opleiden • uitvoeren specialistische taken, • inverdieneffect koude • knelpunt aansluiting roosters in het bijzonder OGS en organisatie dagdienst en kazernering duiken, problematisch • aantrekkelijke bijbaan • verlies kenniscentrum (OVRT, • knelpunt aansluiting roosters THV, RV en OGS) dagdienst en kazernering • daling dekkingsgraad met 10% in risicogebied 2

en OGS • ruimte voor innovatie (o.a. uitruk op maat) • doorontwikkeling tot leer­bedrijf • inverdieneffect koude organisatie

Conclusie:

Conclusie:

Conclusie:

Conclusie:

niet haalbaar.

niet wenselijk, omdat deze organisatievorm net zo kostbaar en minder effectief is dan de huidige situatie.

deze organisatievorm heeft mogelijk efficiencyvoordelen en wordt in de toekomst nader onderzocht.

de huidige organisatievorm past bij de risico’s in het verzorgingsgebied en blijkt effectief en efficiënt te zijn.

5.2.2 CONSIGNATIE Consignatie betekent dat de voor de uitruk benodigde vrijwilligers vanaf hun verblijfplaats direct beschikbaar en inzetbaar zijn: zij hebben ‘dienst’ en ontvangen daarvoor een vergoeding. De daadwerkelijke opkomst van vrijwilligers is voldoende en gewaarborgd. Het consignatieprofiel kent verdergaande verplichtingen dan vrije instroom, omdat de vrijwilliger tijdens consignatie locatiegebonden is. Brandweer Fryslân heeft haar organisatie ingericht op basis van vrije instroom. Om de paraatheid te waarborgen, worden er meer vrijwilligers opgeroepen dan primair voor het betreffende voertuig/ taak nodig is. Op deze wijze komen er voldoende vrijwilligers op om te kunnen uitrukken. Concreet betekent dit voor een post een basisformatie van 16 vrijwilligers, namelijk 8 manschappen (4x 200%), 4 voertuigbedieners (1x 400%) en 4 bevelvoerders (1x 400%), om met een basiseenheid van 6 personen uit te kunnen rukken. Als een post een red- en/of hulpverleningsvoertuig heeft, wordt de basisformatie opgehoogd met 8 vrijwilligers (2 voertuigbedieners x 400%). Een flink aantal posten, dat op basis van vrije instroom is ingericht, werkt met een ploegensysteem. Enerzijds verhogen zij hiermee de paraatheid en anderzijds weet een vrijwilliger wanneer hij dienst heeft en daardoor

56

IV Huidige situatie 24-uursdienst Aldlânsdyk + post Noord dagdienst (90 seconden uitruktijd) + A/N/W vrije instroom (5 minuten uitruktijd)

D EKK I N G S P L A N 2. 0 – HE RZ I E NE VE RS I E

blijft de belasting redelijk en de motivatie hoog. Met de organisatievorm vrije instroom en het voldoende alarmeren van vrijwilligers is de paraatheid in Fryslân vooralsnog geborgd. Structurele consignatie is daarom niet noodzakelijk. Consignatie kan toegepast worden om tijdelijk een paraatheidsprobleem op te lossen. Bij het vullen van de postprofielen zijn de verschillende consignatieregelingen in Fryslân kaart gebracht. Hieruit blijkt dat 6 posten structureel een gehele ploeg of een functie, bijvoorbeeld bevelvoerder, duikploeg of chauffeur, consigneren. De ene post doet dat tijdens avond, nacht, weekend en de ander alleen in het weekend of in de zomermaanden. Deze verschillen en het structureel toepassen zijn niet wenselijk, omdat dit haaks staat op het uitgangspunt van vrije instroom en voor ongelijke situaties en beloning zorgt. Structurele consignatieregelingen worden de komende jaren dan ook afgebouwd. Dit wordt vanuit rechtmatigheid, in goed overleg gedaan. 5.3 BESCHIKBAARHEIDSSYSTEMEN EN SLIMMER ALARMEREN Op dit moment maakt ca. 80% van de posten van Brandweer Fryslân gebruik van een beschikbaarheidssysteem, zoals Brandweerrooster of WiiB. Door deze technische hulpmiddelen is het steeds beter

mogelijk om de beschikbaarheid van vrijwilligers snel inzichtelijk te krijgen en hierop te kunnen anticiperen. Hierdoor zijn bij onderbezetting snel aanvullende maatregelen mogelijk, zodat de opkomsttijd niet te veel verlengd wordt. Deze beschikbaarheidssystemen hebben geen koppeling met de meldkamer. Een kwalitatieve slag in paraatheid kan gemaakt worden wanneer er na alarmering direct inzicht is in de beschikbaarheid van vrijwilligers bij de meldkamer. Dit heet slimmer alarmeren. Met dit slimmer alarmeren kan meer op maat gealarmeerd worden. Landelijk vindt momenteel onderzoek plaats naar het vergroten van de mogelijkheden om slimmer te alarmen en de voorwaarden die ervoor zijn. Met de uitkomst van dit onderzoek wil Brandweer Fryslân een volgende kwalitatieve slag maken in de paraatheid. 5.4 LANDELIJK KADER UITRUK OP MAAT Het Besluit Veiligheidsregio’s stelt dat een basiseenheid bestaat uit een bezetting van 6 personen. Brandweer Fryslân hanteert dit uitgangspunt ook in het dekkingsplan. Toch blijkt in de praktijk dat het niet altijd mogelijk is om voldoende brandweervrijwilligers paraat te krijgen. In het project Uitruk op Maat zijn nadere regels en richtlijnen geformuleerd die het in geval van paraatheidsproblemen mogelijk maken om uit te rukken met minder dan 6 personen.

Brandweer Fryslân stelt daarbij dat de minimale bezetting van een tankautospuit bestaat uit 1 bevelvoerder, 1 chauffeur en 2 manschappen. 5.5 RESERVEVOERTUIGEN EN LOGISTIEKE ONDERSTEUNING Het Dekkingsplan 2.0 kent 8 reservevoertuigen (reserve TS-en) om de organisatie paraat te houden. Deze worden ingezet als een TS buiten dienst is door een storing of voor bijvoorbeeld onderhoud of een oefening niet aanwezig is. De reserve TS-en staan, als ze niet ingezet worden, bij voorkeur op de posten waar het cluster Materieelbeheer is gehuisvest. De reserve TS-en zijn niet in de KVT opgenomen en worden niet gealarmeerd. In het geval dat de TS van een post is gealarmeerd - en ook daadwerkelijk is ingezet - voor een middelincident of groter, kan onder de volgende voorwaarden de reserve TS voor restdekking worden ingemeld: 1. het voertuig is beschikbaar op de betreffende post; 2. er is - geverifieerd - voldoende bemensing (zowel aantal als functies: bevelvoerder, chauffeur en 4 manschappen) aanwezig; 3. alleen de bevelvoerder meldt het voertuig in bij de MkNN; 4. het reservevoertuig wordt na inmelden, opgenomen in de KVT en kan gealarmeerd worden; 5. het voertuig rukt pas uit wanneer deze daadwerkelijk door de MkNN wordt gealarmeerd, dus niet op eigen initiatief;

6. zodra de TS van de post weer terug is en voor uitruk gereed is gemaakt, wordt de reserve TS uitgemeld. Voor een tweetal specialistische taken zijn ook reservevoertuigen aangewezen. Het redvoertuig van Bolsward is het 1e reservevoertuig dat wordt verplaatst bij uitval van 1 van de 6 andere redvoertuigen. De HVkraan van Oosterwolde is het 1e reservevoertuig dat bij uitval tijdelijk naar 1 van de andere 4 posten gaat. In het Dekkingsplan 2.0 heeft iedere post een Personeel Materieel Wagen (PM). Deze PM wordt ingezet voor de logistieke ondersteuning van de repressieve organisatie en is geen eerstelijns voertuig. Tevens kan de PM gebruikt worden als vervoermiddel naar opleidingen, oefeningen en overleggen waarvoor in de huidige situatie vaak de TS gebruikt wordt. Door de PM in te zetten, blijft de TS paraat, wat in de netwerkorganisatie van belang is. 5.6 WADDENEILANDEN De repressieve organisatie op de Waddeneilanden wordt afgestemd op de risico’s en houdt rekening met het in beginsel noodzakelijk zelfvoorzienend optreden omdat opschaling, gezien de overtocht, vertraagd vorm krijgt. Ieder eiland is voorzien van een blusvoertuig, dat geschikt is voor duinen en strand. De overige voorzieningen (groot vermogen pomp en HVaanhangers) blijven in het Dekkingsplan 2.0 bestaan en worden in overleg met de post geactualiseerd.

5.7 INTERREGIONALE SAMENWERKING Veiligheidsregio Fryslân heeft als buurregio’s de Veiligheidsregio’s Noord-Holland Noord, Groningen, Drenthe, IJsselland en Flevoland. Over en weer gaan operationele voertuigen de Veiligheidsregiogrens over voor brandweerinzet. Met de Veiligheidsregio’s Groningen en Drenthe hebben we een gezamenlijke meldkamer waarin opschaling en bijstand voor de drie regio’s automatisch is geregeld. Bij het opstellen van het Dekkingsplan 2.0 is in beginsel uitgegaan van de Friese organisatie om niet afhankelijk te zijn van veranderingen in omliggende regio’s. Uiteraard is wel rekening gehouden met overlap vanuit de buurregio’s. Dit heeft niet geleid tot discussie over de waarde van eigen posten, mede omdat deze ook een netwerkfunctie hebben in de eigen organisatie.

S A M E N PA RA AT

57

6. RESULTAAT EN IMPLEMENTATIE DEKKINGSPLAN 2.0

6.1 INLEIDING In dit laatste hoofdstuk worden het resultaat en de conclusie van dit Dekkingsplan 2.0 op een rij gezet. Ook wordt ingegaan op het financiële resultaat en de implementatie van het dekkingsplan. 6.2 RESULTAAT Het Dekkingsplan 2.0 zorgt ervoor dat: • er een betere borging van de paraatheid is doordat Brandweer Fryslân o.a.: - inzicht heeft in het netwerk van brandweerposten; - vrije instroom blijft omarmen en beschikbaarheidssystemen inzet om dit te ondersteunen; - de specialismen heeft gespreid; en - de beschikking heeft over reservevoertuigen. • de brandweerzorg is afgestemd op de risico’s in Fryslân doordat er o.a.: - is gekozen voor een risicogerichte benadering; - opkomsttijden zijn vastgesteld aan de hand van risicogebieden voor Brand, Technische Hulpverlening, Ongeval Gevaarlijke Stoffen en Waterongevallen;

- spreiding van het materieel is over de veiligheids­ regio op basis van deze opkomsttijden; - een verkenning wordt uitgevoerd voor de bouw van een post in Oudega (Sm); - in risicogebieden 1 in Drachten en Heerenveen extra inspanningen worden gedaan op preventief en preparatief vlak om, anders dan via de repressieve opkomsttijd, het niveau van brandveiligheid in deze gebieden positief te beïnvloeden. - wordt ingezet op het up-to-date brengen van het materiaal passend bij de taak. • er een structurele efficiencywinst is behaald van € 350.000,- .

Hiermee is Brandweer Fryslân veiliger, effectiever en efficiënter.

58

D EKK I N G S P L A N 2. 0 – HE RZ I E NE VE RS I E

S A M E N PA RA AT

59

Onderstaande tabel geeft een overzicht van de spreiding van materieel per taak in de huidige situatie en na implementatie van het Dekkingsplan 2.0:

HUIDIGE SITUATIE TAAK

POSTEN

Tankautospuit

Alle posten hebben een tankautospuit. De volgende posten hebben 2 tankautospuiten: Burgum, Drachten, Dokkum, Franeker, Harlingen, Heerenveen, Joure, Leeuwarden Aldlânsdyk, Sneek en Wolvega.

WAT

ONDERDEEL

WANNEER GEREED

Reserve tankautospuiten

2 TS op een post geen onderdeel van de KVT en inzetten als reserve tankautospuit

1e kwartaal 2018

Stalling bij clustermaterieelbeheer/kantoorlocatie

1e kwartaal 2018

Verwerving brandweervaartuig

2e kwartaal 2018

Opleiden en oefenen met nieuwe brandweervaartuig

4e kwartaal 2018

Uitrukgereed nieuwe brandweervaartuig

4e kwartaal 2018

Afstoten personeels- materieelvaartuigen die niet bij OVRT/duikteam horen

4e kwartaal 2018

Opleiden en oefenen medewerkers waar WTS1000 wordt geplaatst

3e kwartaal 2018

Verplaatsen WTS1000 naar locaties Dekkingsplan 2.0

4e kwartaal 2018

Afstoten 1x WTS1000

4e kwartaal 2018

Hulpverleningsmateriaal Waddeneilanden actualiseren

4e kwartaal 2018

Afstoten hulpverleningsvoertuigen (HV) met uitzondering van Joure en Oosterwolde

4e kwartaal 2018

Verwerving en levering HV-kraan

1e kwartaal 2019

Opleiden en oefenen met nieuwe HV-kraan

1e kwartaal 2019

Uitruk gereed nieuwe HV-kraan

2e kwartaal 2019

Opleiden en oefenen gebruik SBH vrijwilligers post Grou

3e kwartaal 2018

Verplaatsen SBH naar post Grou

4e kwartaal 2018

Werven en opleiden nieuwe meetploegleden

1e kwartaal 2019

Verplaatsen meetploegen naar nieuwe locaties Dekkingsplan 2.0

2e kwartaal 2019

Afspraken maken afbouw structurele consignatie

4e kwartaal 2018

Voorbereiden organisatieaanpassing door afbouw consignatie

4e kwartaal 2018

Implementatie organisatieaanpassing door afbouw structurele consignatie

4e kwartaal 2019

Structurele consignatie afgebouwd

4e kwartaal 2020

Slimmer alarmeren

Implementatie slimmer alarmeren

4e kwartaal 2019

Uitruk op maat

Project: Samen paraat!

4e kwartaal 2019

Post Drachten

Onderzoek alternatieve locatie

4e kwartaal 2018

Post Oudega (Sm)

Haalbaarheidsonderzoek oprichten post Oudega (Sm)

4e kwartaal 2018

Bestuurlijke besluitvorming

2e kwartaal 2019

Plan van aanpak en uitvoering

4e kwartaal 2023

Brandweervaartuigen

Workum heeft een 2e voertuig speciaal voor inzetten in Hindeloopen. Bij vervanging van de 1e tankautospuit dient deze geschikt te zijn voor Hindeloopen, waarmee het 2e voertuig komt te vervallen. De nut en noodzaak van het 2e voertuig van Beetsterzwaag wordt betrokken bij het project natuurbrandbestrijding.

WTS1000

HV kraan

Redvoertuig

Bolsward, Dokkum, Drachten, Heerenveen, Harlingen, Leeuwarden Aldlânsdyk, Sneek

WTS1000 + HRU

Burgum, Grou (+HRU), Drachten, Harlingen, Joure, Sneek (+HRU)

Brandweervaartuigen

Balk, Burgum, Grou, Heeg, Koudum, Langweer, Lemmer, Sneek

Personeel/Materieelvaartuig

Akkrum, Drogeham, Jubbega, Kollum, Harlingen, Leeuwarden Aldlânsdyk, Wolvega,

Hulpverleningsvoertuig met kraan

Drachten, Franeker, Leeuwarden Aldlânsdyk

Hulpverleningsvoertuig

Buitenpost, Dokkum, Gorredijk, Heerenveen, Joure, Lemmer, Menaam, Oosterwolde, Sneek, Wolvega.

Meetploeg

Bolsward, Buitenpost, Dokkum, Drachten, Echten, Grou, Harlingen, Joure, Midsland, Nes, Oosterwolde, Schiermonnikoog, Tjalleberd, Vlieland

Meetploeg (WVD)

Gevaarlijke Stoffen Eenheid + ontsmetting

Leeuwarden Aldlânsdyk, Stiens

Consignatie

Schuimblussing

Heerenveen

Oppervlakteredding (OVRT)

Balk, Burgum, Grou, Heeg, Harlingen, Jubbega, Koudum, Langweer, Lemmer, Wolvega Leeuwarden Aldlânsdyk, Sneek (duikteam tevens OVRT)

Duikteam

Leeuwarden Aldlânsdyk, Sneek

NIEUWE SITUATIE DEKKINGSPLAN 2.0 TAAK

POSTEN

Tankautospuit

Alle posten hebben een tankautospuit

Redvoertuig

Bolsward, Dokkum, Drachten, Heerenveen, Harlingen, Leeuwarden Aldlânsdyk, Sneek

WTS1000

Bakhuizen, Burgum (+HRU), Gorredijk, Franeker, Joure (+HRU)

Brandweervaartuigen

Balk, Burgum, Echten, Grou, Heeg, Koudum, Langweer

Personeel/Materieelvaartuig

Jubbega, Harlingen, Leeuwarden Aldlânsdyk, Lemmer, Sneek, Wolvega,

Hulpverleningsvoertuig met kraan

Drachten, Franeker, Joure, Leeuwarden Aldlânsdyk, Oosterwolde

Hulpverleningsvoertuig

Geen posten met een hulpverleningsvoertuig

Meetploeg

Akkrum, Appelscha, Buitenpost, Lemmer, Midsland, Nes, Schiermonnikoog, St.Annaparochie, Vlieland, Witmarsum

Gevaarlijke stoffen eenheid + ontsmetting

Leeuwarden Aldlânsdyk, Stiens

Schuimblussing

Grou

Oppervlakte redding

Balk, Burgum, Grou, Heeg, Harlingen, Jubbega, Koudum, Langweer, Lemmer, Wolvega Leeuwarden Aldlânsdyk, Sneek (duikteam tevens OVRT)

Duikteam

Leeuwarden Aldlânsdyk, Sneek

6.3 IMPLEMENTATIE Het Dekkingsplan 2.0 laat zien dat Brandweer Fryslân samen paraat is door in een netwerk van brandweerposten te werken die elkaar aanvullen en ondersteunen. Deze netwerkorganisatie vraagt om

60

Het implementatieplan ziet op er hoofdlijnen als volgt uit:

D EKK I N G S P L A N 2. 0 – HE RZ I E NE VE RS I E

een goede onderlinge relatie en vertrouwen tussen buurposten. De veranderingen die gaan plaatsvinden door de implementatie van het Dekkingsplan 2.0 vragen om aandacht en inzet op het borgen en verstevigen van de onderlinge relatie tussen buurposten.

Schuimblushaakarmbak (SBH)

e

6.4 MOTIVERING AFWIJKEN NORMTIJDEN BVR In het Bvr zijn objectgerichte normtijden opgenomen voor de eerste brandweereenheid variërend van 5 tot 10 minuten. Op basis van artikel 3.2.1 van het Bvr heeft het bestuur van de veiligheidsregio de bevoegdheid gemotiveerd af te wijken van de gestelde normtijden uit het Bvr mits er geen opkomsttijden hoger dan 18 minuten worden vastgesteld. Bij het vaststellen van de rapportage Afhechten Dekkingsplan 1.0 op 16 november 2016 heeft het Bestuur aangegeven dezelfde motivering en maatregelen te hanteren bij het Dekkingsplan 2.0. In het Dekkingsplan 2.0 is het aantal eerste tankautospuiten en het aantal posten in de regio gelijk gebleven ten opzichte van Dekkingsplan 1.0. Daarmee is de motivering voor het afwijken van de normtijden de daaraan gekoppelde maatregelen consistent aan de rapportage Afhechting Dekkingsplan 1.0. Concreet betekent dit dat de afwijking ten opzichte van de opkomsttijden uit het Bvr acceptabel wordt geacht mits de uitvoering van de maatregelen op o.a. Brandveilig Leven, brandpreventief advies en toezicht, operationele

voorbereiding en oefeningen behouden blijft. De uitvoering van de vastgestelde maatregelen vindt inmiddels al met prioriteit plaats binnen de verantwoordelijke functionele gebieden van Brandweer Fryslân. 6.5 HERIJKING DEKKINGSPLAN 2.0 Het Dekkingsplan 2.0 is onderdeel van het beleidsplan en loopt synchroon met de beleidscyclus. Het Beleidsplan Veiligheid 2019-2022 is in voorbereiding en wordt in december 2018 vastgesteld. Het Dekkingsplan 2.0 wordt binnen deze beleidsperiode en naar verwachting in 2022 herijkt. De uitkomst van die herijking is input is voor het beleidsplan dat de periode 2023-2026 beslaat.

Dit rapport is een herziene versie van het Dekkingsplan 2.0 uit 2017. Een deel van de informatie op deze pagina is gedateerd en daarom aangepast. Om de leesbaarheid te behouden, zijn alleen de strikt noodzakelijke wijzigingen doorgevoerd. Bekijk op pagina 8: Wijzigingen Dekkingsplan 2.0 om welke aanpassingen dit gaat.

S A M E N PA RA AT

61

6.6 KAZERNE-, TAKEN- EN MATERIEELOVERZICHT DEKKINGSPLAN 2.0

AMELAND

SCHIERMONNIKOOG Schiermonnikoog

Nes TERSCHELLING

Hollum

Midsland

Ternaard West-Terschelling

Ferwert

Hallum

Anjum

Dokkum Damwâld

VLIELAND

Kollum

Stiens

Oost-Vlieland

Gytsjerk

Sint-Annaparochie Marsum

De Westereen Buitenpost

Leeuwarden post noord

Franeker Menaam

Burgum

Harlingen

Drogeham

Leeuwarden Aldlânsdyk

Mantgum

Surhuisterveen

Witmarsum Wommels Oudega (Sm.)

Drachten

Grou

Sneek

TS

Ureterp Haulerwijk Beesterzwaag

Makkum

Akkrum Bolsward Parrega

Tjalleberd

Gorredijk

IJlst Langweer

Oosterwolde

Jubbega Workum

Appelscha

Heeg

Joure

Woudsend

Oldeberkoop Heerenveen

Sint-Nicolaasga

Koudum

Sloten

Stavoren

Noordwolde

Balk Echten

Bakhuizen Lemmer

62

D EKK I N G S P L A N 2. 0 – HE RZ I E NE VE RS I E

Nieuwehorne

Wolvega Scherpenzeel

DEKKINGSPLAN 2.0

SAMEN WERKEN AAN TOEKOMSTBESTENDIGE BRANDWEERZORG

SAMEN PARAAT HERZIENE VERSIE

Voor meer informatie: www.brandweerFryslân.nl

D E KKIN G S P L A N 2. 0 S A ME N WE R KE N A A N T O E KO MS TB E S T E N D IG E B R A N D WE E R Z O R G

Fryslân

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10974254/1