CConstaterende datSudwest Fryslan
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage II - Reactienota

Raadsvergadering 30 september 2021, gemeente Sudwest FryslanBij agendapunt: Transysjefyzje waarmte12.747 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Wij vinden het belangrijk dat we onze aarde zo mogelijk een beetje beter achterlaten voor onze kinderen en kleinkinderen en we beseffen dat zuinig en zorgvuldig omgaan met grond- en brandstoffen een belangrijke rol speelt in een schonere wereld van morgen. Het is daarbij belangrijk om de juiste maatregelen op een goede manier en op het juiste moment uit te voeren. Zodat we daadwerkelijk de beoogde duurzame en zinvolle resultaten bereiken en het beste rendement uit onze gemeenschappelijke investeringen halen (o.a. tijd, geld, overlast, gemeenschapszin). We moeten geen onnodige en overhaaste stappen zetten waar we later spijt van krijgen. Bovendien moeten de lasten en de lusten op een eerlijke manier gedeeld worden tussen de burgers die het aangaat. In het proces van de totstandkoming van deze transitievisie zijn, behoudens een huurdersvertegenwoordiging, opmerkelijk genoeg geen burgers van SWF betrokken geweest. Alleen partijen die duidelijk een andere rol en belang hebben binnen de gehele transitie warmte binnen SWF hebben als klankbord gefungeerd. Het zijn notabene individuele woningeigenaren die de feítelijke uitvoering en realisering van de voorgestelde transitie warmte zullen moeten dragen en ook alle consequenties daarvan op hun conto krijgen. Dit alles zonder dat zij op enigerlei wijze gevraagd zijn naar hún visie hierover.

Behoudens een melding op de website van SWF is het de vraag hoe de doorsnee burger van SWF überhaupt kennis zou moeten hebben kunnen nemen van de transitievisie. Het lijkt ons redelijk en billijk als SWF haar burgers, waarvoor het gemeentelijk apparaat werkzaam is, en zeker de burgers van de A-en B-label wijken eerder en nauw hadden betrokken bij de totstandkoming van deze visie. Een publicatie in de Sneeker en een informatieve brief aan de A/Blabel-wijken is wel het minste wat je had kunnen doen. Hoe uw raad dit alles passend vindt binnen de credo's 'door en voor bewoners' en 'maak de bewoners deelnemer van de energietransitie' is ons een raadsel. Het Mienskips-denken moest kennelijk wijken voor deze ttransitievisie. Op p6 wordt verwezen naar de motie Koerhuis & Krol. Deze motie ziet er op dat iedere woningeigenaar zelf kan kiezen of hij/zij de woning van het aardgas wil halen. Daarmee is voorliggende transitievisie feitelijk onhaalbaar als één of een aantal woningeigenaren per woonwijk niet van het gas af willen. Dit illustreert nogmaals het belang om de woningeigenaren in de label-A en B-wijken in een veel eerder stadium te betrekken bij de transitievisie. Door de motie Koerhuis & Krol heeft de gemeente(raad) van SWF feitelijk geen beslissingsbevoegdheid om een woonwijk van het gas te laten gaan. Dit is des woningeigenaars.

Het is daarmee des te bevreemdend dat "van het gas af per woonwijk" wel de nadrukkelijke strekking van deze transitievisie is (zie P 11, de 3schillenbenadering). Een vaststelling van deze transitievisie "van het gas af in A/B-label woonwijken" door uw raad is daarmee een papieren illusie die in de praktijk geen beleidskracht genereert. 20

De kosten van de warmtetransitie geschetste woonlastenneutraliteit op P7 en de praktische haalbaarheid wordt naar onze mening veel te rooskleurig voorgespiegeld. De kosten van warmtedistributie en de daarmee samenhangende installatie-en herstelwerkzaamheden bij de aanleg van een laagtemperatuur (vloer) verwarmingssysteem en bijbehorende bouwkundige ingrepen en herstel van woninginrichting is bijzonder ingrijpend en kostbaar. Behoudens een kleine groep A-label-woningen die al over een laag-temperatuur-geschikte verwarmingssysteem beschikken betekent dit al gauw een investering variërend van ca. 20.000,- tot 65.000,- euro per woning (rijtjeswoning-vrijstaand, s behoudende kostenopgave uit praktijkervaring). Het betreft de minimale investeringen in de isolatieschil, warmtetechniek, constructie-en installatiewerkzaamheden en nadien herstel van de betreffende ruimten naar de oorspronkelijke nette staat. Daarbij blijkt in de praktijk dat bij menige woning laagtemperatuur verwarming niet mogelijk is zonder back-up van een hybride cv-gas-systeem voor de koude(re) perioden van het jaar. Los van irreële terugverdientijden is een dergelijke investering niet eenvoudig op te brengen door een woningeigenaar.

In de visie geschetste aspecten als: 'geringe kosten', 'beperkte overlast', 'relatief eenvoudig en deze woning zal er per saldo op vooruitgaan', zoals vermeld op P12 en in de infobox indicatie kosten op P13 is ronduit misleidend. Het doet geen recht aan de problematiek die de burger van SWF/woningeigenaren van label A en B woningen in de maag wordt gesplitst met deze voorgenomen warmtetransitie. De visie heeft opmerkelijk genoeg wél oog voor de financiële belangen van Liander en de proces-, rioleringen bestrating kosten van de gemeente. Tot slot: het zou heel goed en fijn zijn geweest als het college van B&W in haar voorbereidingen voor deze transitievisie warmte de aspecten/randvoorwaarden, zoals geschetst in de tabel op pagina 16, daadwerkelijke en oprecht tot zich had genomen en deze écht invulling had gegeven door de burgers van SWF prominent te betrekken in plaats van het laten opstellen van deze afstandelijke technocratische notitie die volstrekt haaks staat op alles wat in de randvoorwaarden op P16 vermeld staat. Concluderend: Met deze transitievisie warmte laat het bestuur van de gemeente SWF haar burgers en in het bijzonder burgers/woningeigenaren van label A-en B-woningen in de kou staan.

Dit enkel en alleen om formeel en procedureel te kunnen voldoen aan het aardgasvrij maken van een bepaald aantal woningen in onze mooie gemeente vóór 2030 en om maar haar bestuurlijke targets te kunnen halen. De opstellers van deze transitievisie willen graag tijd winnen voordat ze écht aan de slag gaan met de complexere materie (P12), dit doet men gemakshalve op onze kosten. Het échte leven van de burgers van SWF is echter niet te vatten in een eenvoudige papieren exercitie die om de hete brij heen draait, zij hebben te dealen met de concrete uitwerking van al deze plannenmakerij. Wij krijgen de overlast én een dikke rekening op ons bord geschoven zonder daarover geïnformeerd noch geraadpleegd te zijn. Als burger rekenen wij er op en verwachten wij van onze bestuurders en onze gekozen vertegenwoordigers, de gemeenteraad, dat deze voor haar SWF-burgers het goede doen en zich niet laten meeslepen in een "van het gas af waan" zonder oog te hebben voor de belangen van de burgers die daarin de sleutelrol vervullen. Door de zomervakantieperiode hebben wij pas onlangs kennis kunnen nemen van de ter inzagelegging van de transitievisie. Het is door de vakantietijd ook lastig om met onze medewijkbewoners te kunnen overleggen, velen zijn op vakantie. We hebben ook geen tijd gehad om met bewoners van andere A/B-label woonwijken te contacteren.

Deze zienswijze moet dan ook gezien worden als het opkomen voor de belangen van álle burgers/woningeigenaren van de wijk. De lendracht in IJlst én voor alle andere woningeigenaren van A-en B-label woningen in SWF die door deze transitievisie geraakt worden. Gezien bovenstaande, en het feit dat u in de kern geen beslissingsbevoegdheid heeft over de voorstellen in deze visie (motie Koerhuis & Krol), verzoeken wij uw raad om de Transitievisie warmte 21

Gemeente Súdwest-Fryslân (van 16.06.2021 nr.1892840) af te wijzen. Bovendien verzoeken wij uw raad om het college van B&W opdracht te geven om een nieuwe transitievisie warmte op te (laten) stellen in directe en nauwe samenwerking met de burgers van SWF die de visie-voorstellen in de praktijk van hun eigen woning moeten gaan realiseren.

Energiecoöperatie Top en Twel (ingekomen 28 juli 2021) Recent is de Transitievisie Warmte van de gemeente Súdwest-Fryslân verschenen en is deze aan Energiecoöperaties van SWF toegelicht (6 juli 2021). Vanuit de ECTT was een vertegenwoordiging aanwezig en op uw verzoek tot reactie willen we graag het volgende naar voren brengen. 1. We zien de noodzaak van verduurzaming en begrijpen de wens om in SWF ruim 8000 woningen "van het gas af te halen" voor 2030. Daarin is een quotum van 119 woningen voorTopenTwel benoemd. De ECTT zal zich ervoor inzetten om deze doelstellingen te helpen realiseren. 2. De keuze om woningen met een A/B-energielabel met voorrang aan te wijzen om verder gasloos door het leven te gaan lijkt ons met name ingegeven vanuit opportunistische argumenten om aan politieke doelstellingen te voldoen en niet zozeer ingegeven met welke keuzes de grootste klimaatimpact te halen valt. 3. We zouden er voor willen pleiten om in de uitvoering van de Transitievisie Warmte daadwerkelijk een vrije keus te laten bij bewoners, onafhankelijk van het energielabel van de woning. Gemotiveerde bewoners zouden ook in aanmerking moeten komen voor steunmaatregelen. U maakt er in uw Visie melding van dat dit mogelijk zou kunnen zijn maar we willen graag benadrukken dat dit het succes van de implementatie aanzienlijk zal verhogen. 4.

Voorts pleiten we er voor om maatwerk per woning mogelijk te maken. In de presentatie van de heer Arnold Burger van Energiecoöperatie Reahûs, werd een perspectief geschetst van een proces dat moet leiden tot geaccepteerde maatregelen en investeringen, gebaseerd op individuele situaties. Verplichtingen met collectieve technische voorzieningen en daarop 22

aangepaste timing kan ons inziens leiden tot teleurstelling en onbegrip en daarmee tot vertraging van de verduurzaming van de gemeente. 5. De in het rekenvoorbeeld genoemde bedragen voor het gasloos maken van een woning lijken ons veel te rooskleurig en zeker niet toepasbaar op alle woningen. In het kader van verwachtingsmanagement en realisme zouden de voorbeeldberekeningen nauwkeuriger en realistischer moeten worden uitgevoerd en beter moeten omschrijven vanuit welke startpositie en met welke precieze maatregelen een huis van het gas af kan. 6. Het is begrijpelijk dat de Transitievisie Warmte het over burgers heeft. Het zou ons inziens erg aan kracht winnen om ook de rol en verantwoordelijkheid van bedrijven en/of publieke organen die gebouwen beheren en verwarmen, uitdrukkelijk te benoemen. Het blijkt uit diverse publicaties dat de kosten voor de transitie onevenredig bij burgers en/of (klein) MKB worden neergelegd. We hopen met deze inbreng een constructieve bijdrage te leveren aan de Transitievisie Warmte. Tevens is ECTT gaarne bereid tot nadere (mondelinge) toelichting.

Bewoner Oosterom Sneek (ingekomen 28 juli 2021) Door deze brief dien ik mijn zienswijze in op de door u gepubliceerde Transitievisie Warmte Gemeente Súdwest-Fryslân (https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2021189284,html?utm_campaign=20210617&utm_soun^attenderingsmakelaar&utm_medium=email&ut m term^gemeente_s%C3%BAdwest-frvsl%C3%A2n&utm_content=over_uw_buurt). Tijdens het lezen van het document moest ik denken aan de anekdote die gaat over een uitspraak van Henry Ford ten tijde van de productie van de Model T Ford: "De klant kan de auto in elke kleur krijgen, zo lang het maar zwart is.". De transitievisie doet in feite hetzelfde, zeker voor de fase tot 2030: "De burger mag overal over meepraten zolang de uitkomst maar een collectieve warmtevoorziening is" De rest van de visie is eigenlijk een ketenredenatie om dat uitgangspunt tot werkelijkheid te maken. Daarbij worden alleen overwegingen toegepast die dat doel ondersteunen. Feiten die daar onwelgevallig aanzijn worden niet genoemd alsof ze niet zouden bestaan. Projecten die op die manier worden aangevlogen zijn eigenlijk nooit succesvol en dat zou jammer zijn voor een transitie die zulke belangrijke gevolgen zal hebben voor de inwoners van de gemeente. In de volgende paragrafen zal ik ingaan op wat mijns inziens het probleem vormt met de transitievisie zoals gepubliceerd.

De gekozen technologie Collectieve warmtenetten bestaan al lang in Nederland, maar zijn nog nooit een doorslaand succes geworden. Dit komt omdat collectieve warmtenetten een aantal heel belangrijke nadelen hebben: 1. De Infrastructuur is voor warmtenetten is ontzetten duur: a. In tegenstelling tot bij gas is voor een warmtenet ook een retourleiding nodig, dus dubbel het aantal leidingen. b. De energiedichtheid van warm water is veel lager dan van gas, dus de benodigde diameter van leidingen is veel groter dan bij gas of bij stroomkabels. c. Warmtenetleidingen hebben zeer veel isolatie nodig, zowel voor aanvoer als retour. d. De veiligheidseisen voor warmtenetleiding zijn (misschien contra-intuïtief) veel hoger dan voor gas of elektriciteit. Heet water vormt bij lekkage, zelfs al is het maar 50 graden, een veel groter gevaar in de buitenlucht dan gas of elektriciteit. Stilleggen en reparatie van een collectief warmtenet systeem is veel complexer dan bij gas en elektriciteit. De voorzieningen die daarvoor nodig zijn orde van grootte zwaarder dan bij gas en elektriciteit (en reparaties zullen veel langer duren).

23

e.

Het voorgaande punt geld ook voor het gedeelte binnenshuis tot aan het afname punt. In tegenstelling tot bij gas en elektriciteit is het afnamepunt voor warmte niet gestandaardiseerd in een meterkast vlak bij de voordeur. Vaak bevindt zich dit op zolder. Het afnamepunt daar veilig naartoe brengen zal meestal erg duur zijn en soms onmogelijk.

2.

Collectieve warmtenetten hebben een veel slechtere beschikbaarheid dan gas of elektriciteit. Er zijn meer dan voldoen items op TV geweest over nieuwe nul-op-de-meter wijken waar de bewoners na járen nog steeds met regelmaat dagen van warmte verstoken zijn. Er zijn ook voorbeelden van wijken waar de gemeenten alsnog gasleidingen hebben aangelegd. De impact van een storing is bij een collectieve warmtevoorziening ook veel groter dan bij een individuele; even douchen bij de buren tot het euvel verholpen is, is er ook niet bij.

3.

De bescherming in Nederland van consumenten van collectieve warmtevoorzieningen is ontzettend slecht. Kosten en marges van leveranciers zijn helemaal niet transparant. Er zijn nagenoeg geen prestatieverplichtingen (anders dan bij gas en elektriciteit). Opzeggen is vrijwel onmogelijk. De meeste consumenten van collectieve warmtevoorzieningen betalen uiteindelijk ruimschoots meer voor hun warmte dan bij gas. Warmtewet 2 heeft daar nagenoeg geen enkele verbetering in gebracht, in feite verkoop je als consumentje ziel aan de duivel als je je aansluit bij een collectieve warmtevoorziening onder het huidige wettelijke kader.

Ik vermoed dat de opstellers van de transitievisie, zeker vanuit technisch perspectief, wel aanvoelen dat collectieve warmtevoorzieningen behoorlijke beperkingen hebben. Vandaar ook de keuze voor wijken waar bijna alle woningen een A of een B label hebben als "eerste schil". Als het een goede vervanging was geweest voor gas, dan had het label niet uitgemaakt. Als inwoner van Sneek valt mij op dat de gekozen wijken daar voornamelijk uit wat grotere koopwoningen bestaan. Op zich zijn dat soort wijken een logische keuze voor een eerste schil; De bewoners zijn gemiddeld misschien wat kapitaalkrachtiger, er zijn door hen misschien ook al meer dan gemiddeld investeringen gedaan in milieubesparende matergelen, zoals zonnepanelen, of hoogrenderende verwarmingssystemen zoals vloerverwarming. De animo voor verdere stappen is waarschijnlijk best aanwezig. Maar juist voor de aanleg van een warmtenet zijn deze wijken geen goede optie; de percelen en huizen zijn groter, dus meer meters leiding zijn nodig om van de ene woning naar de andere te komen. De huizen liggen vaak wat verder van de weg en zijn vaak niet van een standaard type per straat, waardoor het aanleggen van afnamepunten veel duurder zal zijn dan in wijken met wat kleinere en gestandaardiseerde bouw.

Maar persoonlijk denk ik dat er ongeacht de wijk maar weinig mensen zijn die zich vrijwillig zullen aansluiten bij een collectieve warmtevoorziening, vanwege de grote risico's en de slechte rechtsbescherming die hier voor consumenten aan kleven. Vraag: U geeft aan in het document (pagina 6) dat woning eigenaren zelf kunnen aangeven of zij willen deelnemen aan een collectieve warmtevoorziening. U haalt daarbij in het daar aanwezige infoblox de motie van de leden Koerhuis en Krol over aan. Echter voor zover ik begrijp ging die motie specifiek over de aanpak in Utrecht die uitgevoerd werd onder de crisis en herstelwet. In de warmtewet 2.0 is een veel moeilijkere, zo niet praktisch onhaalbare, op-out mogelijkheid voor kleinverbruikers voorzien, in artikel 2.29, waarbij -kort gezegd - het gaat om een "ja-tenzij" model. De kleinverbruiker moet, als hij niet op het warmtenet wil worden aangesloten, zelf aantonen dat een andere duurzame warmteoptie voor hem gunstiger is. Daarbij kan de lat van de bewijslast gemakkelijk hoog genoeg worden gelegd om dit zo goed als onmogelijk te laten zijn voor een particulier.

Kunt de garantie geven dat deelname aan collectieve warmtevoorzieningen voorzien in uw transitievisie geheel op basis van vrijwilligheid zal zijn, dat er geen sprake zal zijn van een ja tenzij beleid en dat er geen bewijslast of iets dergelijks bij de bewoners van de aangewezen wijken zal komen te liggen? 24

Betere alternatieven Gezien de aard van de wijken die u heeft gekozen voor de eerste schil, die zoals eerder al opgemerkt op zich een logische keuze zijn, zou het veel verstandiger en haalbaarder zijn om te mikken op individuele of zeer kleinschalige particuliere initiatieven voor collectieve warmtevoorziening (bijvoorbeeld een groep van buren met aanpalende percelen die gezamenlijk een bodemwarmtewisselaar system installeren). De gemeente kan die particuliere initiatieven stimuleren door bijvoorbeeld een premie te bieden voor elke opgeheven gasaansluiting voor een bepaalde datum. Hiervoor zal het nodig zijn om het elektriciteitsnet te verzwaren in die wijken. Dit is een veel goedkopere operatie dan het aanleggen van een warmtenet (en zal waarschijnlijk sowieso moeten plaatsvinden in de toekomst, door het stijgende verbruik door elektrische auto's en terug levering door zonnepanelen). Bovendien is er daarbij een grote synergie mogelijk met andere projecten: straatverlichting verduurzamen, laadpalen plaatsen en bijvoorbeeld verglazing van de wijken.

Naast de veel lagere kosten van een dergelijke verzwaring van het elektriciteitsnet is er ook direct een positieve kant voor de bewoners; het is fijn als je bezoek vlak bij de auto kan opladen, als je geen problemen hebt met het terug leveren van zonnestroom en als je state of de art internet krijgt (waar anders in Sneek in ieder geval nog lang geen zicht op is) Hiervan zal een veel grotere stimulans van uitgaan voor woningeigenaren om te participeren in een warmtetransitie, dan gedwongen worden deel te nemen aan een project waarvan geen enkele upside ten opzichte van de bestaande situatie merkbaar zal zijn, warmte uit gas voelt immers net zo warm als uit een collectieve voorziening. Maar waarvan wel veel van de eerdergenoemde nadelen, en waarvoor ook nog eens je straat langdurig opengebroken zal zijn. Ik zou uw willen vragen om een stap terug te doen met uw transitievisie en eerst met de bewoners in de gekozen wijken in gesprek te gaan over het complete palet aan mogelijke kleuren in plaats van alleen het zwart aan te bieden; Ik vermoed dat er veel enthousiasme is om mee te denken en werken als de vrijheid van keuze en individualiteit worden gerespecteerd en dat er misschien wel verassende initiatieven uit voort zullen komen.

25

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10490174/1