Bijlage I - Beheerplan wegen
Tekst van het document
O21.002122
O21.002122*
Beheerplan wegen 1 november 2021
Inhoudsopgave Inhoudsopgave ................................................................................................................................. 2 1.
Samenvatting ............................................................................................................................ 3
2. Inleiding .................................................................................................................................... 5 2.1 Algemeen .............................................................................................................................................. 5 2.2 Doel beheerplan ................................................................................................................................... 5 2.3 Jaarplan ................................................................................................................................................. 5 2.4 Kaders en uitgangspunten .................................................................................................................... 6 2.5 Bestuurlijk proces ................................................................................................................................. 7 2.6 Leeswijzer ............................................................................................................................................. 7 3. Areaal ................................................................................................................................................... 8 3.1 Omvang .................................................................................................................................................
8 3.1.1 Areaaluitbreiding .................................................................................................................. 8 3.1.2 Toekomstige ontwikkelingen................................................................................................ 9 3.2 Kwaliteit .............................................................................................................................................. 10 3.2.1 Beeldkwaliteit ..................................................................................................................... 10 3.2.2 Achterstanden .................................................................................................................... 10 3.2.3 Meldingen ........................................................................................................................... 10 4. Zo werken wij ..................................................................................................................................... 11 4.1 Overzicht activiteiten .......................................................................................................................... 11 4.2 Beschikbare FTE’s ...............................................................................................................................
14 4.3 Aandachtspunten bemensing ............................................................................................................. 14 5. Prioriteren .......................................................................................................................................... 15 5.1 Doorontwikkeling naar risico gestuurd werken.................................................................................. 15 5.2 Faseren uitvoering .............................................................................................................................. 15 5.3 Duurzaamheid en toekomstbestendig ............................................................................................... 16 6. Kosten/middelen ............................................................................................................................... 17 6.1 Sturen op levenscyclus ....................................................................................................................... 17 6.2 Planning en budget ............................................................................................................................. 17 6.3 Planning cyclisch onderhoud 2021-2030 ............................................................................................
18 6.4 Onderhoudsfonds Wegen ................................................................................................................... 18 6.5 Inhalen achterstanden wegen ............................................................................................................ 19 6.6 Beschikbare en benodigde middelen ................................................................................................. 20 6.6.1 Onderdeel wegen en wegmeubilair ................................................................................... 20 6.7 Planning en investeringen 2022-2023 ................................................................................................ 21 6.7.1 Investeringen ...................................................................................................................... 21 6.7.2 Onderhoud.......................................................................................................................... 21 7. Communicatie en participatie ........................................................................................................... 22 7.1 Informeren en betrekken ...................................................................................................................
22 7.2 Participatie .......................................................................................................................................... 22 Bijlage 1 Afwegingskader vergroenen leefomgeving .......................................................................... 23 Bijlage 2 Organisatiewaardenmatrix.................................................................................................... 24 Bijlage 3: Communicatierichtlijnen ........................................................................................................... 25
Pagina 2 van 30
O21.002122
1. Samenvatting Ruim 1600 km aan wegen wordt beheerd door de gemeente, dat is een weg van Sneek tot aan Barcelona. Van asfalt tot aan schelpenpaden en van verkeersbord tot aan anti parkeerpaaltjes op de stoep. Iedereen maakt dagelijks gebruik van de wegen, kinderen spelen op straat en bij elke verplaatsing die we doen maken we, zodra we de deur uitstappen, gebruik van de wegen. In dit beheerplan leest u hoe dat wordt gedaan om de controle te houden in omvang en kwaliteit van de wegen en het wegmeubilair. Simpel gezegd is er meer budget noodzakelijk, met name als gevolg van areaal uitbreiding en prijsstijgingen om het beheer en onderhoud uit te kunnen voeren. In dit beheerplan wordt een eerste aanzet gegeven hoe de aanwezige achterstanden kunnen worden weggewerkt. Na tien jaar SWF is het inzicht in omvang en kwaliteit compleet. Het was en is duidelijk dat er achterstanden zijn en deze achterstanden lopen op. Samen met dit beheersplan wordt getracht om de achterstanden in te lopen. In dit verhaal leest u ook welke financiële consequenties dit heeft. Belangrijkste punt is wel dat er structureel geld beschikbaar komt ook om het werk uit te voeren. Zo ontstaat er een constante situatie waar intern op kan worden ingespeeld met eigen bemensing en ook richting de markt is het duidelijk dat er een continue aanbod aan werk is.
Wat is het primaire doel? De vakgroep wegen heeft de taak om het bestaande in stand te houden. En op deze manier het dagelijks gebruik van de wegen veilig mogelijk te maken. Hoe beter het onderhoud op orde is hoe beter de werkzaamheden te plannen zijn en hoe minder er overlast is voor de gebruiker. Met het oplopen van de achterstanden wordt het planmatig werken voor de vakgroep steeds lastiger. Vanuit de vakgroep wegen en ook keten breed wordt al getracht om het areaal in combinatie met onderhoud te verminderen. Ondanks deze inzet om het areaal terug te brengen en alle ambities zoals klimaat adaptief en circulariteit wordt er steeds meer gebouwd en komt er juist extra verharding en wegmeubilair bij. Jaarlijks neemt het areaal dan ook toe met gemiddeld 2% of 120.000m2 De opzet van dit beheerplan is in lijn met de beheerplannen van de andere themagroepen zoals water en groen. In dit beheerplan leest u meer over alle uitdagingen waar we voor staan voor wegen Belangrijker is ook dat er een aanzet wordt gedaan hoe de achterstanden beheersbaar en zo efficiënt mogelijk kunnen worden weggewerkt de komende jaren. Dit beheerplan is dan ook de eerste aanzet en wordt de komende jaren dan ook aangevuld en aangepast. We stellen voor: Een egalisatievoorziening in te stellen voor onderhoudsmaatregelen vanaf 2022. Dit beheerplan is daar de basis voor.
In dit beheerplan wordt de egalisatievoorziening ook als onderhoudsfonds benoemd. Lees onderhoudsfonds als egalisatievoorziening; In het investeringsprogramma behorende bij de begroting uit te gaan van een jaarlijkse investering van in renovatie en nieuwe materialen vanaf 2022; Dekking voor de kapitaalslasten in de begroting in te regelen; In te stemmen met een ideaalcomplex zodat uiteindelijk een gesloten systeem ontstaat; De gevolgen van indexatie en areaaluitbreiding voor de instandhouding van kapitaalgoederen in de begroting in te regelen. Acties: Er is een traject uitgewerkt RAMSHEEP om te helpen bij het maken van keuzes voor de prioritering in onderhoud. Een concrete uitwerking volgt nog. Om vorm te kunnen geven aan de invulling van de diverse grote thema’s, zoals klimaatadaptatie, warmte- en energietransitie, circulaire economie, etc. heeft het CROW in 2021 een kennisproduct ontwikkeld om (decentrale) overheden te helpen om (organisatie)waarden op strategisch niveau naar de projecten op operationeel niveau te vertalen en meetbaar te maken met behulp van kernprestatie-indicatoren (kpi’s). Welke kpi’s de doelstelling concreet en meetbaar gemaakt kunnen worden1. We gaan dit instrument verder verkennen; Standaard bestekken doornemen en eventueel aanpassen op duurzaam handelen; 1
Zie https://www.crow.nl/over-crow/nieuws/2021/april/video-dit-helpt-jou-je-organisatiewaarden-te-bepal
Pagina 3 van 30
O21.002122
We willen de milieu impact in beeld brengen van materialen die vaak gebruikt worden in de openbare ruimte. Met een dergelijk hulpmiddelen kunnen bewuste keuzes over materiaalgebruik worden gemaakt; We onderzoeken hoe we total costs of ownership (TCO) kunnen implementeren bij vervanging in kunstwerken en betrekken hierbij ook de mogelijkheden om te rekenen met restwaarde.
Foto: Op de Kaepwei en West-Indië in Gaastmeer is een nieuwe tussenlaag en een nieuwe deklaag aangebracht zodat deze weg weer goed toegankelijk is voor de vele bezoekers die hier zomers langs komen.
2. Inleiding 2.1
Algemeen
De openbare ruimte is de ruimte die voor iedereen toegankelijk is en waar inwoners van SúdwestFryslân en talloze bezoekers/toeristen en bedrijven dagelijks gebruik van maken. De gemeente is verantwoordelijk voor beheer van de gemeentelijke eigendommen in de openbare ruimte: de zogenoemde kapitaalgoederen of assets. In de Nota openbare ruimte 2020-2025 is de aanpak voor alle groepen kapitaalgoederen op hoofdlijnen vastgelegd. Bij vaststelling van de Nota openbare ruimte 2020-2025 is gekozen voor scenario 2: verbeteren kwaliteit leefomgeving. Dit scenario gaat uit van het inhalen van achterstallig onderhoud in 10-15 jaar en het toekomstbestendig inregelen van de kapitaalgoederen. Onderstaande figuur is een samenvatting van de Nota.
Onze missie: Samen werken aan een leefomgeving waarin een ieder zich thuis voelt! Financieel Duurzaam en toekomstbestendig De basis op orde gedegen V/R
Differenti atie
Efficient
Risicogestuurd
2.2
Doel beheerplan
Energieneutraal
Klimaatrobuust
Circulair
Biodiversiteit
Exploitatie
opgave Fonds
De wegen in Súdwest-Fryslân faciliteren mobiliteit en bereikbaarheid. Voor alle gebruikers geldt dat ze er op moeten kunnen vertrouwen dat ze zich veilig kunnen verplaatsen. Door middel van beheer en onderhoud garanderen we de instandhouding en het functioneren, spelen we in op de ontwikkelingen, dragen zorg voor de optimale levensduur van gemeentelijke wegen en zorgen we voor vervanging aan het einde van de levensduur. Súdwest-Fryslân doet dit op basis van Asset management en de systematiek die het CROW hanteert2 Beheer en onderhoud van de openbare ruimte is een kerntaak van de gemeente. Het doel van dit beheerplan is om inzicht te geven in hoe wegen in gemeentelijk beheer in goede staat worden gehouden door het beheer en onderhoud en welke financiële middelen hiervoor nodig zijn. Primair voor de periode 2021-2025, maar ook met een doorkijk op de langere termijn voor de financiële verantwoording. Het beheerplan is gebaseerd op de beheerssystematiek van het CROW. Het beheerplan geeft inzicht in het beheerareaal, de beleidsuitgangspunten, de huidige en gewenste kwaliteit, onze werkwijze, het benodigde onderhoud en de kosten die daarmee gepaard gaan. Het plan is daarmee zowel een kader voor de beheerder om het beheer en onderhoud beleidsmatig en planmatig te kunnen uitvoeren, als een verantwoording richting de bestuurder van de te realiseren kwaliteit en de benodigde budgetten.
2.3
Jaarplan
Het beheerplan vormt de schakel tussen de Nota openbare ruimte 2020-2025 enerzijds en de realisatie van de noodzakelijke onderhoudsmaatregelen anderzijds. De gegenereerde onderhoudsbehoefte in het beheerplan wordt uiteindelijk verwerkt in een uitvoeringsplan per jaar. Tussentijds zal een actualisatie plaatsvinden om te zorgen dat de verandering in de onderhoudsbehoefte, door onder meer snellere of langzamere achteruitgang of andere ontwikkelingen wordt bijgesteld. 2
Voor meer informatie zie: https://iampro-portaal.nl/Import/Instrumenten/Whitepaper-Beheersystematiek-OpenbareRuimte.aspx
Pagina 5 van 30
O21.002122
NIVEAU
BETREFT
VASTSTELLING DOOR
Strategisch
Nota Openbare Ruimte
Raad
Tactisch
Beheerplan
Raad
Operationeel
Kwaliteitshandboek
College
Meerjarenplanning
PH
Jaarplan Onderhoud & investeringen Figuur 2.1: samenhang diverse plannen.
2.4
Kaders en uitgangspunten
Als wegbeheerder draagt Súdwest-Fryslân de verantwoordelijkheid dat de openbare wegen “in goede staat” verkeren en niet sneller degenereren dan op grond van de gemiddelde levensduur mag worden verwacht. In haar rol van wegbeheerder is Súdwest-Fryslân niet volledig vrij in het vaststellen van haar beleid. Het gemeentebestuur is, als eigenaar en beheerder van haar voorzieningen, verantwoordelijk voor de staat waarin de openbare voorzieningen zich bevinden. Het beheer van de wegen dient namelijk te worden uitgevoerd binnen de kaders van de wet- en regelgeving. De belangrijkste wetten en regelingen die van invloed zijn op het wegbeheer zijn:
Wetgeving en beleid Wegen Wegenwet Het is de wettelijke taak van de gemeente om haar wegen te onderhouden.
Wegenverkeerswet De gemeente is verplicht de verkeersveiligheid te verzekeren, de wegen berijdbaar te houden en de bereikbaarheid te waarborgen.
Gemeentelijk verkeers- en vervoersplan (GVVP) • • •
•
Burgerlijk wetboek De aansprakelijkheid bij schade of letsel wordt geregeld in het Burgerlijk wetboek.
Parkeervisie • •
Raadsbesluit 4 november 2018; Uitgangspunten: - Klantvriendelijke regulering; - Voldoende capaciteit; - Volledig digitaal; - Sluitende begroting.
Gladheidsbestrijding Jaarlijks uitvoeringsplan en evaluatie.
•
Raadsbesluit 16 mei 2013; Visie op verkeer en vervoer; Toetsingskader voor wensen en maatregelen stads, wijk- en dorpsbelang; GVVP is basis voor onderhoud wegen: - wegencategorisering is leidend voor inrichting; - De fiets wordt het alternatief; - Meer ruimte voor de voetganger; - Landbouwverkeer reguleren; - Aantrekkelijk en bereikbaar voor de recreant; - Duurzaamheid als uitgangspunt; Jaarlijks uitvoeringsprogramma.
Beleids- en beheerplan Wegen • •
Raadsbesluit 23 oktober 2014; Legt wijze van onderhoud en kwaliteitsniveau vast.
Nota openbare ruimte 2020-2025 • • •
Raadsbesluit 28 januari 2021; Kwaliteitsniveau Gemiddeld Basis; Focus op inhalen achterstallig onderhoud.
Handboek openbare ruimte (in voorbereiding) •
Kaders voor uitvoering.
2.5
Bestuurlijk proces
Vaststelling beheerplan Het beheerplan wordt er vaststelling voorgelegd aan zowel het college van B&W als de gemeenteraad. In het beheerplan komen diverse zaken aan de orde welke van belang zijn op de bestuurlijke keuzes. Belangrijk is om inzicht te geven waar we het geld aan besteden en ook wanneer en waarom. Bijstellen/evalueren beheerplan Het beheerplan is een levend document dat jaarlijks moet worden bijgesteld. Arealen kunnen wijzigen, financiële middelen kunnen worden bijgesteld, maar ook uitgangspunten van hoe we een en ander beheren. Tevens staan er actiepunten in dit beheerplan, waar we graag uitvoering aangeven. Afgesproken wordt om het beheerplan over 2 jaar te gaan evalueren. We zullen het college van B&W en de gemeenteraad hierover actief informeren.
Bijstellen/updaten van dit beheerplan gebeurt jaarlijks. Over 2 jaar zullen we het beheerplan evalueren. Het college en de gemeenteraad worden hierover actief geïnformeerd.
2.6
Leeswijzer
Deze inleiding geeft het doel van dit beheerplan weer en de kaders en uitgangspunten voor beheer. In hoofdstuk 3 wordt ingegaan op de omvang en kwaliteit van het areaal. Hoofdstuk 4 beschrijft de werkwijze en in hoofdstuk 5 komt de prioritering en fasering aan de orde. Hoofdstuk 6 bevat het financiële kader. Beheer en onderhoud heeft als doel dat inwoners en bezoekers veilig gebruik kunnen maken van de openbare ruimte. Daarom gaat hoofdstuk 7 over communicatie en participatie.
Foto: Op De Wymerts en Noardermar tussen Molkwerum en Warnsis een onderlaag en deklaag aangebracht. Het aanbrengen van asfalt voeren wij normaal nooit uit in de nacht maar omdat de NS in die nacht het spoor buiten dienst heeft gesteld i.v.m. onderhoud, kon het asfaltaanbrengen bij het spoor gecombineerd worden met de werkzaamheden van de NS. Vervolgens is langs beide kanten van het asfalt aangebracht. Hierna kan de weg er weer voor jaren tegenaan.
3.
Areaal
3.1
Omvang
In onderstaand schema is het gehele areaal opgenomen van de onderdelen wegen onderverdeeld in verharding en wegmeubilair. Dit is hetgeen dat in het beheersysteem (GBI) is opgenomen. Omschrijving
Omvang (m2)
Verharding -asfalt -beton -elementen -overig, half
3,4 miljoen 0,7 miljoen 4,2 miljoen 0,2 miljoen
Wegmeubilair -(verkeers)borden -paaltjes -fietsrekken -overig
14.000 16.000 2.250 1.250
TOTAAL
8,5 miljoen
TOTAAL
33.500
Omschrijving
Aantal (stuks)
3.1.1 Areaaluitbreiding Jaarlijks neemt de hoeveelheid verharding en wegmeubilair toe. Sinds de start van de gemeente is het doel geweest om de omvang van het areaal goed inzichtelijk te krijgen. Elke twee jaar wordt dan ook gekeken hoeveel areaal er daadwerkelijk is. Landelijk is het beeld dat areaal uitbreiding met name komt als gevolg van nieuwbouw en marginaal als gevolg van aanpassingen aan de bestaande infrastructuur. Hieronder kort even terugkijkend naar de afgelopen jaren en vervolgens wordt op basis van ervaringen een prognose gedaan Omvang Areaal: De afgelopen tien jaar is er alles aan gedaan om de omvang van het areaal goed inzichtelijk te krijgen; Ook is door de toevoeging van grondgebied, samenvoeging gemeentes het areaal toegenomen; Areaaluitbreiding door nieuwbouw zoals de aanleg van woningen en bedrijventerreinen en specifieke infrastructuur zoals fietspaden, voetpaden en wegen. Voor de zuivere vergelijking is alleen gekeken naar het verschil tussen de laatste weginspecties, van 2017 tot 2021. In deze periode is het areaal toegenomen met ruim 11%. De groei in areaal, wegen zal de komende jaren ook met name het gevolg zijn van nieuwbouw zoals woonwijken en bedrijventerrein. En door de algehele toename van de mobiliteit zal de bestaande infrastructuur ook aangepast, uitgebreid worden.
In dit plan gaan we uit van een gemiddelde, voorzichtige toename van 120.000 m 2 per jaar. Aan areaaluitbreiding gaan we bij het onderdeel wegen uit van een gemiddelde toename van 120.000 m2 per jaar á €1/m2.
Ten behoeve van het voorstel voor het verbeteren van de financiële systematiek en dit beheerplan is op basis van de cyclische planning uit het beheerssysteem berekend wat de komende jaren nodig is voor zowel onderhoud als investering in achterstallig onderhoud, vervanging en renovatie.
Pagina 8 van 30
O21.002122
3.1.2 Toekomstige ontwikkelingen De wereld veranderd continue. Wat daarvan de gevolgen zijn voor het beheer en onderhoud aan wegen is gewoon lastig te voorspellen. De bekende veranderingen die er aan zitten te komen zullen hieronder kort worden benoemd met kansen en bedreigingen. Andere inzichten: In de loop van de tijd veranderen inzichten en de regels waardoor er aanpassingen noodzakelijk zijn. Ook met de inrichting van de openbare ruimte is er sprake van trends vergelijkbaar met de mode. In combinatie met onderhoud wordt dan ook getracht aan te sluiten bij de huidige behoefte, denk aan voorzieningen voor elektrische voertuigen. Circulariteit: We zijn op weg naar een circulaire economie. Ook in de wegenbouw wordt gekeken hoe dit vorm moet krijgen. De branche is van nature vrij traditioneel en toch altijd al bezig met hergebruik en levensduur denken. Gelet op de eisen aan circulariteit wordt gezocht naar de juiste kwaliteit om ook het levensduur denken in stand te kunnen houden. Momenteel worden dan ook druk gezocht hoe er circulair kan worden gewerkt zonder dat dit ten koste gaat van de kwaliteit en de kosten. Dit is een mooie uitdaging voor de komende jaren. Op het gebied van wegmeubilair gaan deze ontwikkelingen momenteel erg snel ook mede gelet op de stijgende prijzen en beperkte beschikbaarheid van materialen. Kosten voor nieuwe ontwikkelingen zijn eerst vaak hoger.
Echter moeten er innovaties in de praktijk worden toegepast om ervaring op te doen. Kansrijke innovaties geven we dan ook een kans en accepteren de hogere kosten en onzekerheid. In de basis wordt er wel terughoudend omgegaan met dergelijke innovaties. Veranderend gebruik/belasting van de wegen Het autogebruik en autobezit neemt elk jaar toe. Dus de belasting van de wegen ook. Met name het steeds zwaarder wordende (landbouw)verkeer zorgt voor veel schade aan de wegen. En met de opkomst van de elektrische voertuigen worden de voertuigen ook alleen maar zwaarder. In algemene zin staat de levensduur van de wegen onder druk, een weg is momenteel vaak eerder aan onderhoud toe dan vooraf bedacht. En bij dit onderhoud is het dan ook verstandig om het werk robuuster uit te voeren. Er moet dus eerder en meer geïnvesteerd worden om het gebruik van de wegen te kunnen blijven garanderen Warmte- en energietransitie In 2021 wordt de transitievisie warmte voorgelegd aan de raad. In deze visie is het tijdpad vastgelegd voor een (stapsgewijze) aanpak richting aardgasvrij. In de zogenoemde wijkuitvoeringsplannen wordt de aanpak per gebied (wijk, buurt of dorp) omschreven. Vanuit het warmtespoor zal samen met bewoners gezocht worden naar koppelkansen met andere thema’s. Vanuit de integrale programmering wordt actief de samenwerking met de aanpak warmtetransitie gezocht.
Het uitgangspunt is altijd om kapitaalsvernietiging te voorkomen, werk met werk proberen te combineren en de overlast voor de (weg)gebruikers zoveel mogelijk te beperken. Afstemming blijft hier enorm belangrijk en soms is onderhoud toch ook gewoon (wettelijk) noodzakelijk. Prijsstijgingen, vakmensen. Momenteel stijgen de prijzen van grondstoffen en bouwmaterialen enorm snel. Ook is momenteel de vraag groter dan het aanbod wat ook zorgt voor een stijging van de prijzen. Gelet op de hoeveelheid werk verwachten onze aannemers tevens personele problemen. Om hier op in te spelen wordt getracht een continue stroom aan werk te creëren om ook aannemers werkzekerheid te bieden. Dit willen we bijvoorbeeld doen door de achterstanden verspreid over de komende tien jaar in te halen in plaats van in een keer mogelijk in combinatie met de inzet van eigen straatmakers. Klimaat adaptief: Het klimaat verandert en dat heeft gevolgen voor het beherend areaal van de gemeente; de wegen, vaarwegen, fietspaden en bijbehorende kunstwerken (tunnels, bewegende bruggen, duikers, etc.) en bermen. Het wordt zowel droger als natter wat gevolgen heeft voor de wegen. Een straat die onder water staat gaat harder achteruit en in een periode van droogte kan de fundering bezwijken. Er wordt dan ook gekeken welke maatregelen mogelijk zijn om de overlast te beperken.
3.2
Kwaliteit
3.2.1 Beeldkwaliteit De conditie van wegen wordt uitgedrukt in de beeldkwaliteit van CROW. Deze heeft alleen betrekking op de visuele (zichtbare) kwaliteit. In de Nota openbare ruimte 2020-2025 is vastgelegd dat we streven naar een kwaliteitsniveau dat functioneel gebruik van wegen borgt tegen de laagst maatschappelijke kosten. Dit komt overeen met CROW Beeldkwaliteit B. Van het totaal mag maximaal 5% beeldkwaliteitsniveau Laag (C) scoren. Huidige kwaliteitsniveau: Asfalt en beton is gemiddeld niveau basis, dus nagenoeg op niveau. Elementen is gemiddeld niveau basis tot laag, ver beneden niveau. Opmerking hierbij is dat dit op basis is van een visuele inspectie. Een visuele inspectie levert een goed vergelijk op met voorgaande jaren. Wel is er vaak nog nadere (technische) inspectie vereist. Visueel kan het asfalt er vaak nog wel goed uitzien als gevolg van een slijtlaag alleen is het asfalt technisch al op. Een verrot kozijn kun je best nog wel een keer schilderen dan lijkt het nog wat alleen het kozijn blijft verrot en moet vervangen worden. Dagelijks controleren de wegbeheerders de wegen om grip te houden op de kwaliteit van de wegen. Gelet op de enorme omvang van onze wegen is het onmogelijk alle wegen in de gaten te houden. Om de twee jaar wordt er een onafhankelijke weginspectie uitgevoerd omdat: Door het gebruik van de wegen gaat de kwaliteit (langzaam) achteruit.
Door geregeld te inspecteren, ontstaat er een goed inzicht in het verloop van de kwaliteit over de jaren. Weersinvloeden kunnen de kwaliteit van de weg aantasten. Door geregeld te inspecteren hou je grip op de situatie. En het is wettelijk verplicht om minimaal om de twee jaar een onafhankelijke inspectie uit te voeren. Op deze manier is er ook controle op de eigen organisatie.
3.2.2 Achterstanden Uit de laatste visuele inspectie 2021, kwam een gemiddelde achterstand naar voren van 19 miljoen euro, vergeleken met de vorige keer zijn de achterstanden opgelopen. Dit klopt ook met het beeld dat er jaarlijks feitelijk een tekort is op het onderhoudsbudget, met een tekort op het onderhoudsbudget lopen de achterstanden op. Er zijn niet genoeg financiële middelen om alles in een keer aan te pakken en dus moeten we prioriteiten stellen. Dat is in dit beheerplan verder toegelicht. We doen dit op basis van de Asset Management methode. Aanpak afgelopen tien jaar: Sinds de fusie is met name ingezet om de achterstanden op asfalt in te halen, dit is ook gelukt. Bij asfalt zit met name een groot risico op kapitaalsvernietiging als onderhoud wordt uitgesteld. Dit heeft geresulteerd in het afgesproken kwaliteitsniveau. Nadeel is wel dat de achterstanden met name zitten op het gebied van elementen. Hier is duidelijk zichtbaar dat er achterstanden zijn. Met achterstanden loop je ook een groter risico op ongevallen en aansprakelijkheid.
3.2.3 Meldingen De kwaliteit van onze wegen is ook van invloed op meldingen die we als gemeente ontvangen. Inwoners kunnen op een gemakkelijke manier een ‘Melding Openbare Ruimte’ of ‘Melding Overlast’ doen via de gemeentelijke website. In verband met de achterstanden in de wegen krijgen we veel meldingen met daarin soms ook de vraag om aanpassingen. De meeste meldingen worden door de specialist verwerkt en vraagt vaak veel tijd. Een melding afhandelen in het meldingssysteem kan al snel, zeker als de oplossing gemakkelijk is te realiseren. Echter kunnen veel meldingen ook niet worden opgelost, omdat de prioriteit bij andere objecten ligt en er simpelweg niet voldoende budget is om alles op te lossen. In gevallen dat veiligheid voor onze inwoners in het geding komt, gaan we over tot een snelle actie (spoedmeldingen). Onderstaand schema geeft het aantal meldingen weer van de afgelopen jaren. Een melding kost zomaar een kwartier tijd, maar in het ergste geval richting een uur. In de programmering wordt rekening gehouden met de nodige tijd voor het behandelen van meldingen.
Meldingen 3000 2000 1000 0 Straatmeubilair
Wegen 2018
2019
2020
Wanneer plegen we onderhoud? (minimale technische prestatie-eis, gerelateerd aan beheerkader) Groot onderhoud is gericht op het in goede staat brengen van de verharding, klein onderhoud op het in goede staat houden. Als klein onderhoud niet of te laat wordt uitgevoerd, dan is eerder groot onderhoud nodig. Het plaatselijk repareren van de verharding bij klein onderhoud heeft een preventief karakter. Gepland onderhoud berust op uitgevoerde weginspecties. De schades worden in kwalitatieve en kwantitatieve zin, dat wil zeggen naar ernst (licht, matig en ernstig) en omvang (hoeveelheid) beoordeeld op o.a. vlakheid (dwarsonvlakheid en oneffenheden). De gegevens van inspectie (inspectiecijfers) worden ingevoerd als input in het wegbeheersysteem gebaseerd op normen van kennisinstituut voor wegbeheer CROW . Met behulp van het beheerssysteem wordt er een kwalitatieve planning opgesteld. Waarna de maatregeltoets wordt uitgevoerd. Gelet op de achterstanden is er jaarlijks meer werk dan er budget is dus moeten er keuzes worden gemaakt. Bij deze keuzes wordt met name gekeken naar de locaties waar werk met werk kan worden gecombineerd, denk aan herinrichtingen zoals in Bolsward en rioleringswerkzaamheden. Tevens is gezocht naar een methode om keuzes te maken, RAMSHEEP. Bij het opstellen van dit hulpmiddel bleek dat elke weg wel een belang heeft in meer of mindere mate.
Conclusie is dan ook dat het uitstellen van onderhoud zeer beperkt mogelijk is gelet op het belang voor de bereikbaarheid en veiligheid voor alle weggebruikers. Uiteraard zijn de hoofdwegen beter in beeld dan een plattelandsweg naar een enkele boerderij. Echter is de weg naar een enkele boerderij ook weer belangrijk voor de voedselvoorziening. Uitstellen kan dus maar zeer beperkt en vraagt dan ook vaak weer extra klein calamiteiten onderhoud om de veiligheid te kunnen garanderen wat feitelijk weggegooid geld is. Ultieme doel is ook om onderhoud uit te voeren net voordat de weg bezwijkt.
4. 4.1
Zo werken wij Overzicht activiteiten
Om te zorgen dat verharding en andere zaken binnen het kapitaalgoed wegen goed functioneren, voeren we onderstaande activiteiten uit. De kleuren en thema’s sluiten aan bij de beheersystematiek openbare ruimte. Een aantal activiteiten staan onder druk en mag daarom gezien worden als streven in de komende jaren. We komen hier in paragraaf 4.3 op terug.
Activiteit Beleid en strategie Beleidsplan
Beheren en programmeren Beheerplan
Integrale planning
Meerjarenplanning (2-5 jaar)
Plannen en voorbereiden Uitvoeren onafhankelijke visuele inspectie Uitvoeren visuele inspecties Uitvoeren maatregeltoets
Verantwoordelijke
Frequentie
Bestuurlijk: vaststelling door college en raad Ambtelijk: adviseur
Elke 5 jaar Actualisatie via Nota Openbare Ruimte, evaluatie in 2024 en actualisatie in 2025.
Bestuurlijk: vaststelling door college en raad Ambtelijk: adviseur Bestuurlijk: afstemming met portefeuillehouder Ambtelijk: senior beheerder
Plan periode 5 jaar en om de twee jaar actualiseren
Bestuurlijk: afstemming met portefeuillehouder Ambtelijk: senior beheerder
Inspectiebedrijf
Alle wegen één keer per twee jaar
Specialist Specialist
Alle assets één keer per twee jaar. Jaarlijks geselecteerde wegen , op basis van inspecties. Maatwerk, indien nodig. Nader onderzoek als gevolg van de visuele inspectie Werkzaamheden die solistisch kunnen worden opgepakt jaarlijks opstellen en uiterlijk 1 september voorbereid zodat eventuele investeringen vertaald kunnen worden naar het investeringsprogramma van het daarop volgende jaar. Technisch voorbereiden van de werkzaamheden De voorbereide werkzaamheden afstemmen met direct belanghebbenden. Doel is belanghebbenden te informeren over de werkzaamheden. Het is duidelijk voor de belanghebbenden dat het onderhoud betreft en er geen grote aanpassingen mogelijk zijn.
Uitvoeren technische inspectie Specialist Jaarplan (soloplanning)
Senior beheerder
Voorbereiding Overleg mienskip
specialist Specialist/DWC
onderhouden Beheer/onderhoud van de assets Specialist (klein, groot en reconstructies) Aanvragen vergunningen Specialist en medewerker keten Omgeving Reinigen en rechtzetten assets
Ieder jaar vindt er een inventarisatie plaats van planning groot onderhoud en vervanging. Dit wordt besproken binnen het overlegteam integrale planning waar andere disciplines ook bij zijn aangesloten (groen/wegen/water/riolering). Het doel is om werkzaamheden vanuit alle kapitaalgoederen in beeld te brengen en deze waar het kan op elkaar af te stemmen. Ook worden de wensen op een integrale kaart aangegeven. Uitkomst is of werkzaamheden integraal worden opgepakt en er per vakgebied een financiële bijdrage volgt of dat werkzaamheden solistisch worden uitgevoerd. Jaarlijks bijstellen
Specialist
Dagelijks/maatwerk Indien nodig, bijvoorbeeld nacht werkzaamheden voorafgaand aan werk. In overleg met team Vergunningen. Maatwerk. Verkeer regelende bebording (wettelijk) en meubilair reinigen en rechtzetten gemiddeld 500 per jaar
Vervangen bebording, dragers en meubilair Onderhoud belijning en markering
Specialist
Maatwerk en gemiddeld 750 per jaar
Specialist
Maatwerk, gemiddeld 1000 km per jaar
Scheuren vullen, reparatie vakken en verjongingsmiddel Slijtlagen Afhandelen van meldingen
Specialist
Maatwerk, gemiddeld 100.000m2 per jaar
Specialist Specialist/senior beheerder/ adviseur
Verkeerskundige aanpassingen Uitvoeren toezicht op uitvoering werken Overdracht van realisatie naar beheer verwerken in GBI Monitoren en analyseren Conditie
Afstemming verkeer
Maatwerk, gemiddeld 60.000m2 per jaar Binnen 7 dagen melder informeren over de afhandeling. Ervaring leert dat er bijna geen spoedmeldingen zijn. Elke melding wordt wel beoordeeld en de afhandeling is meestal binnen vier weken afgehandeld Afhandeling van de melding kan variëren tussen een paar dagen (spoed) of jaren (geen spoed/geen prioriteit). Maatwerk
Specialist/ toezichthouder specialist
Doorlopend
Bestuurlijk: verslaglegging in paragraaf kapitaalgoederen Ambtelijk: Specialist/adviseur Specialist
door het uitvoeren van de inspectiestrategie (zie hierboven), monitoren we de conditie van de wegen en het bijbehorende meubilair.
Bestuurlijk: Via de berap wordt bestuur geïnformeerd over afwijkingen. In de paragraaf kapitaalgoederen leggen we in de begroting de plannen voor en in de jaarrekening doen we verslag hiervan. Ambtelijk: Specialist/adviseur Senior beheerder/ adviseur
we bewaken de financiële voortgang continue. Afwijkingen kunnen het hele jaar door worden gemeld in de berap. De begroting is jaarlijks evenals de jaarrekening
Evaluaeren en bijsturen Nota openbare ruimte
Beleidsadviseur
Beheerplan
Senior beheerder
Prioritering Financiele systematiek Data en informatie Data in GBI / verwerken gegevens Stremmingen
Allen Senior beheerder
Ealuatie in 2025 en bijsturing via actualisatie van de Nota in 2025 In 2023 evalueren en bijsturen via actualisatie van het beheerplan. Tweejaarlijks evalueren en bijsturen. Aansluiten bij beheerplan Aansluiten bij beheerplan
Specialist/ ondersteuner
doorlopend
Specialist / ondersteuner
Alle stremmingen als gevolg van werkzaamheden, kapitaalgoed breed worden gemeld aan zowel de
Meldingen rûnom
Financien
Doorlopend, alle uitgevoerde werkzaamheden moeten verwerkt worden in GBI
Het aantal meldingen over wegen en wegmeubilair wordt bijgehouden.
weggebruikers als de nood- en hulpdiensten en het openbaar vervoer Mens en organisatie Overlegstructuur: - Thema wegen - Keten Ontwikkelen (integrale planning) - Thema Verkeer - Andere overheidspartijen - Overige externe partijen
4.2
Manager en senior beheerder Senior beheerder
2-wekelijks
Senior beheerder Senior beheerder
maatwerk Maatwerk, bijvoorbeeld aangrenzende wegbeheerders, politie, brandweer Maatwerk, nutspartijen
Senior beheerder
Maandelijks
Beschikbare FTE’s
Vakgroep Wegen, onderdeel verharding en wegmeubilair Rol Specialist Asfalt Specialist Elementen Senior beheerder Adviseur wegen Manager Wegen
Ingevuld door 3 fte 4 fte 1 fte 0,5 fte 1 fte
overig vacature vacature
Ondersteunend: Werkvoorbereider toezichthouder Technisch medewerker
7 fte deels 1 fte deels 6 fte deels
vacature vacature vacature
4.3
Aandachtspunten bemensing
Uit hoofdstuk 6 blijkt dat nu jaarlijks circa € 9,5 miljoen nodig is om de onderdelen verhardingen en wegmeubilair goed te kunnen onderhouden. Hierin zijn ook de investeringen opgenomen. Een vuistregel is daarbij dat ongeveer 10 - 15% benodigd is voor voorbereiding en toezicht. Dat is althans de gewenste situatie. Veel van dit soort werkzaamheden wordt momenteel uitbesteed, omdat de bemensing aan de krappe kant is en het lastig is om reeds bestaande vacatures op te vullen. Voor het beheer en onderhoud is er feitelijk voldoende bemensing. Door de vacatures en ook aankomende vacatureruimte is er wel een personeelstekort. De krapte in bemensing blijkt jaarlijks ook uit de programmering. Voorafgaand aan elk jaar wordt de programmering opgesteld, met daarin een opsomming van alle verwachte werkzaamheden en projecten. Aan elk werk en project wordt een verantwoordelijke gehangen, met de verwachte tijdsbesteding. Hieruit is al meerdere jaren gebleken dat we uren te kort komen. Het management is hiervan op de hoogte. Spanningsveld zit vooral in de meer integrale projecten waar meer voorbereiding en afstemming vereist is. Zie ook het overzicht van activiteiten waarbij staat dat de integrale werken door anderen worden uitgevoerd. In de praktijk wordt dit (nog) te veel gedaan door de vakspecialisten en dit gaat ten koste van het reguliere werk.
Ook de inzet bij (nieuwe) projecten vraagt veel inzet wat ten koste gaat van het reguliere onderhoudswerk. De vele achterstanden brengt ook onzekerheid met zich mee. Denk hierbij aan plotselinge gebreken, vele meldingen en soms veel weerstand van inwoners. Uit de jaarlijkse programmering - en ook in de praktijk - blijkt al langere tijd dat de bemensing aan de krappe kant is. Om de achterstanden verder in te lopen zijn extra mensen in de uitvoering nodig. Dit aandachtspunt is bekend bij het management.
5. 5.1
Prioriteren Doorontwikkeling naar risico gestuurd werken
De werkwijze bij het beheer van de openbare ruimte is gebaseerd op assetmanagement; het vergroten van de maatschappelijke waarde van assets door optimaal beheer te realiseren op basis van afgewogen kosten, prestaties en risico’s over de gehele levenscyclus van assets (kapitaalgoederen). Dit geven we invulling met de zes organisatiewaarden die in de Nota openbare ruimte 2020-2025 zijn vastgelegd. Dit zijn: 1. Veiligheid: Veilig gebruik van de gemeentelijke infrastructuur en het voorkomen van ongevallen; 2. Kwaliteit leefomgeving: asfalt basis tot hoog en elementen basis. 3. Bereikbaarheid/beschikbaarheid: Zo veel mogelijk voorkomen dat er geen gebruik kan worden gemaakt van de weg. Wegen zijn enorm belangrijk voor de (economische) bereikbaarheid voor alle gebruikers. Denk alleen maar aan de bereikbaarheid voor de nood- en hulpdiensten 4. Financieel gedegen: We willen onze middelen optimaal inzetten; 5. Duurzaam: We beheren de openbare ruimte voor de toekomst en volgen de marktontwikkelingen voor een duurzame aanpak. Hierbij ligt de focus op energie, klimaatadaptatie, sluiten van kringlopen en behoud en vergroten van de biodiversiteit. Hoe minder areaal we hebben hoe minder er onderhouden moet worden 6. Imago: De staat van onderhoud van de openbare ruimte bepaalt mede de kwaliteit van de leefomgeving. De invulling van deze waarde is een gevolg van bovenstaande waarden.
De waarden vormen de basis voor de organisatiewaardenmatrix (zie bijlagen. Op basis van kans*effect kunnen we met behulp van de matrix een inschatting maken van de risico’s van vraagstukken. De lange termijn assetplanner is mede gebaseerd op de organisatiewaardenmatrix. Binnen het onderdeel wegen is er aan de voorkant getoetst op de volgende onderdelen: 1. Veiligheid: (veiligheid in het geding: ja of nee). Veiligheid heeft de hoogste prioriteit. Als het antwoord ja is, wordt direct actie ondernomen. 2. Bereikbaarheid/beschikbaarheid: (veel impact: 3, gemiddeld: 2, weinig impact: 1). Hiervoor is gekozen omdat voor bedrijven en inwoners bereikbaarheid van (economisch) belang is. 3. Reputatie: negatieve publiciteit moet voorkomen worden, eerder was de gemeente al in het nieuws met de dubieuze titel slechtste weg van Friesland. Differentiëren is dan ook erg lastig gelet op het gebruik van alle wegen. Acties Er is een traject uitgewerkt RAMSHEEP om te helpen bij het maken van keuzes voor de prioritering in onderhoud. Uitkomst is dat uitstellen amper mogelijk is gelet op ook de wettelijke verplichting voor onderhoud. Een concrete uitwerking volgt nog.
Indicatoren ontwikkelen om (organisatie)waarden op strategisch niveau naar de projecten op operationeel niveau te vertalen en meetbaar te maken ( zie ook: https://www.crow.nl/overcrow/nieuws/2021/april/video-dit-helpt-jou-je-organisatiewaarden-te-bepal). We prioriteren op basis van de organisatiewaardenmatrix, ofwel de risicomatrix die in 2021 is vastgesteld door de gemeenteraad. Voor wegen is veiligheid, beschikbaarheid en reputatie van belang.
5.2
Faseren uitvoering
Opstellen uitvoeringsprogramma (ism integrale planning) waarbij de combinatie met rioleringswerken voorrang heeft; Fasering: eerst inzetten op asfalt om kapitaalsvernietiging te voorkomen en nu volgt de omslag richting elementen; Voorkeur heeft om aan te sluiten op de wijkgerichte aanpak? Veel zal afhangen van de mogelijk van een integrale aanpak denk bijvoorbeeld aan de gevolgen van de energietransitie.
SWF heeft niet de financiële middelen beschikbaar om al het (achterstallige) onderhoud uit te voeren. Dit resulteert dat er vanwege de veiligheid meer klein onderhoud nodig is.
De praktijk leert dat er een aanzienlijke hoeveelheid aan klein onderhoud ligt, met de laatste inspectie zijn ruim 8.000 punten in kart gebracht, met name boomwortelschade. Dit kan tot gevaarlijke situaties leiden. Actie: gericht deze ruim 8.000 gevallen oppakken en de mogelijkheid bekijken of stenen kunnen worden vervangen door groen. Deze actie is gericht op het veilig stellen, groot onderhoud blijft noodzakelijk.
5.3
Duurzaamheid en toekomstbestendig
Uitgangspunt van de Nota openbare ruimte 2020-2025 is dat enerzijds een negatieve invloed op het milieu geminimaliseerd wordt door de openbare ruimte zodanig in te richten, te gebruiken en te onderhouden dat deze lang meegaat. Anderzijds passen we beheer en onderhoud aan op klimaatverandering (bijv. zout strooien om schade aan asfalt te voorkomen in de zomer). Vanuit de Global Goals, Omgevingswet en Programmabegroting ligt de komende jaren de focus in de openbare ruimte op een bijdrage aan: Een energie-neutrale gemeente in 2050; Klimaatrobuuste openbare ruimte in 2050; Sluiten van kringlopen om bij te dragen aan een circulaire economie in 2050; Behoud en herstel van de biodiversiteit. En denk ook aan gezondheid en welzijn waar de kapitaalgoederen aan bijdragen. Er wordt bijvoorbeeld veel gesport en gerecreëerd in de openbare ruimte (o.a. fietsen, lopen of suppen).
Global Goal
Hoe dragen we bij aan dit doel? Indien van toepassing gebruiken we energie efficiënte systemen Bij aanbesteding sturen op duurzaam ontwerp en beheer. Actie: standaard bestekken doornemen en eventueel aanpassen.
De energie-efficiënte vergroten
Aanpassen aan klimaatverandering en versterken biodiversiteit
We werken actief aan het voorkomen van schade door hitte bij asfaltwegen (zout strooien); het vergroenen van de omgeving door onder andere verharding te vervangen voor groen. De inrichting van het groen vraagt hierbij specifieke aandacht om problemen in de toekomst door bijv. wortelopdruk te voorkomen. Hier maken we een gezamenlijk plan voor gebaseerd op het afwegingskader grijs voor groen. Het in kaart brengen van de opgaven van wateroverlast in bebouwd gebied en het vaststellen van passende maatregelen. Hierbij zoeken we samenwerking met provincie en Wetterskip Fryslân. Bij aanbesteding sturen op duurzaam ontwerp en beheer. Uit het Omgevingsprogramma Klimaatadapatie volgt dat een toolbox klimaatadaptatie ontwikkeld wordt. Zodra deze gereed is, passen we de toolbox toe op wegen.
Sluiten van kringlopen
We werken actief aan het voorkomen van het gebruik van nieuwe grondstoffen door vrijkomende materialen her te gebruiken (bijv. klinkers); het uitvoeren van pilots zoals bijv. op de Snekerweg en Tryedyken tussen Bolsward en Nijland is als pilot een deklaag van SMA met 30% gerecycled asfalt toegepast. In de onderlagen is het al gebruikelijk om tot 85 % gerecycled asfalt toe te passen. Voor de deklagen SMA is dit in Nederland nog in een testfase. ontwerp en beheer dat gericht is op lange levensduur. Actie: in beeld brengen milieu impact van materialen die vaak gebruikt worden in de openbare ruimte. Met een dergelijk hulpmiddelen kunnen bewuste keuzes over materiaalgebruik worden gemaakt.
Kosten/middelen
6. 6.1
Sturen op levenscyclus
Dit beheerplan gaat (nagenoeg) alleen over beheer, onderhoud en investering in vervanging. Eén van de uitgangspunten van de Nota openbare ruimte 2020-2025 is om te sturen op de laagste kosten over de gehele levensduur. Immers het aanleggen van een asset (weg/brug) vraagt inzet en kost geld voor mankracht en investering, maar zeker gedurende de gebruiksperiode (soms 40 tot 80 jaar) gaat er veel geld om in het beheren en exploiteren van de asset in mankracht en beheer-/exploitatiekosten en kapitaalslasten. In onderstaande figuur zijn de fasen in de levenscyclus schematisch zichtbaar gemaakt en ook de verdeling in tijdsduur.
Uitgangspunt is om een weg zo lang mogelijk in stand te houden. Bij wegen hoeft er (bijna) nooit een complete weg te worden vervangen, vaak alleen een aantal lagen asfalt of een deel van de bestrating. Bij asfalt is het enorm van belang om voordat er schade ontstaat om onderhoud te plegen, voorkomt kapitaalsvernietiging. Bij elementen is er feitelijk geen sprake van kapitaalsvernietiging. Ideaal beeld is om onderhoud te plegen net voordat de weg gevaarlijk wordt, dit voorkomt calamiteiten onderhoud, schade, overlast, gevaarlijke situaties en meldingen. En een groot voordeel is dat het werk dan ook goed te plannen is, al met al de meest efficiënte situatie. Zoals in voorgaand hoofdstuk is aangegeven, is de methodiek van total costs of ownership volop in ontwikkeling. Bijvoorbeeld gebakken klinkers zijn duurder dan de betonnen variant. Echter gelet op de langere levensduur van de gebakken stenen zijn ze over de gehele levensduur berekend goedkoper. Goedkoop is vaak duurkoop.
6.2
Planning en budget
Prijsstijgingen In de praktijk merken we duidelijk al enige jaren het effect van stijgende marktprijzen. Met een hoogtepunt in 2021 waarbij prijzen van sommige materialen zelfs verdubbeld zijn. Door het hanteren van de nullijn in de jaren 2011-2018 is in feite de reële bestedingsmogelijkheid afgenomen. Het betekent minder uitvoering van werk en daardoor kwaliteitsverlaging en oplopende achterstanden. Voor de programmabegroting 2022 is een aanvraag ingediend om indexatie toe te passen om uitholling van het budget te voorkomen. In 2018 en 2019 was er bijvoorbeeld een laagwater toeslag voor grondstoffen zoals zand en grind aangezien de schepen als gevolg van het lage water in de rivieren met minder vracht moesten varen. We zien de enorme prijsstijgingen in 2021 als een groot risico bij het uitvoeren van de werken en inhalen van de achterstanden. Dit kan als effect hebben dat we achterstanden onvoldoende kunnen inhalen en dat deze zelfs verder oplopen.
Areaaluitbreiding Jaarlijks komen er objecten bij door bijvoorbeeld de aanleg van nieuwe woonwijken (zie hoofdstuk 3). Vanaf de start van aanleg of overname van areaal, is onderhoud nodig en daarmee annex ook budget voor materialen en mensen om het onderhoud uit te (laten) voeren. Voor de programmabegroting 2022 is een bedrag van € 50.000 toegevoegd voor onderhoud van areaaluitbreiding om uitholling van het budget te voorkomen. Uitgangspunt is een jaarlijkse toename met 120.000 m 2. Met een gemiddelde onderhoudsprijs van € 1 per vierkante meter betekent dit € 120.000 per jaar. Leverantie Naast prijsstijging worden sommige materialen ook later geleverd dan gepland. Hierdoor loopt uitvoering van werken ook vertraging op. Door het instellen van een egalisatievoorziening, in dit beheerplan onderhoudsfonds genoemd, kan hier flexibel op worden ingespeeld. Doel blijft wel altijd om jaarlijks een bepaalde continue stroom aan werkzaamheden uit te voeren. Dit is zowel van belang voor de interne organisatie als voor de aannemers. Arbeidsmarkt Voor het uitvoeren van werken is ook inzet van mensen nodig. Op dit moment is de technische arbeidsmarkt krap. Er is een zeker risico aanwezig dat uitvoering hierdoor vertraging oploopt. Deels willen we dit opvangen door zelf in te zetten op het calamiteiten en klein onderhoud. En de aannemers kunnen dan de grotere klussen blijven doen.
Door de achterstanden komen er ook veel klachten en meldingen binnen die ook veel tijd vragen. Met de eigen mensen wordt ingezet op de calamiteiten. Het doel is na het wegwerken van de ruim 8.000 calamiteiten dat er preventief kan worden gewerkt en het veilig is voor de gebruiker, bijkomend voordeel is dan ook dat er minder meldingen komen.
6.3
Planning cyclisch onderhoud 2021-2030
De lange termijn asset planner (LTAP) brengt de ontwikkeling van de kapitaalgoederen over een periode van 60 jaar in beeld. De gegevens van de wegen zijn opgenomen in het gegevensbeheersysteem. Hieruit wordt een kwalitatieve planning en begroting over 5 jaar gegenereerd. De korte termijn planning over de eerstkomende twee jaar is gebaseerd op de gegevens uit de onafhankelijke visuele inspectie en nader technisch onderzoek. Na twee jaar wordt dit geactualiseerd door een nieuw onafhankelijke visuele inspectie. De toetsing aan de lange termijn planning is nodig om te voorkomen dat na een aantal jaren pieken ontstaan. De kwalitatieve planning is een theoretisch model. In de praktijk wordt rekening gehouden met integrale projecten (combiprojecten riolering/water /groen), reconstructies/ herinrichtingswensen (plus geld nodig), meer straat of wijkgerichte aanpak, omvormingen van materiaal bv asfalt naar elementen en omvorming naar andere dimensionering als gevolg van weersinvloeden (hitte/ wateroverlast/ vorst / warmtenet / klimaatadaptatie/ etc. Vanuit deze perspectieven zijn de benodigde middelen voor groot en klein onderhoud en voor investering in vervanging en renovatie in beeld gebracht. Het gaat dan om uit de planning herleidbare renovatie van wegen/-onderdelen die een bedrag van € 250.000 te boven gaan. Deze vervangingsmaatregelen worden geactiveerd (kapitaalslasten).
Het komende decennium staat in het teken van inhalen achterstallig onderhoud. Oorzaak hiervan is (vooral) veroudering van het areaal en doordat er geen middelen beschikbaar waren voor vervanging en herinrichting. In de tabellen, verderop zijn beschikbare middelen en de benodigde middelen voor klein en groot onderhoud en kapitaalslasten voor de wegen voor de komende vijf jaar opgenomen. Elk jaar wordt een uitvoeringsprogramma voor het volgende jaar gemaakt op basis van de daadwerkelijke kwaliteit van het areaal. Dit uitvoeringsprogramma is input voor het begrotingsjaar.
6.4
Onderhoudsfonds Wegen
De raad is bevoegd in te stemmen met het instellen van een voorziening om budgetten te egaliseren. We benoemen dit als onderhoudsfonds want de voorziening is bedoeld voor onderhoudsmaatregelen.
Het BBV3 geeft het volgende aan: klein en groot onderhoud houdt of brengt een object in goede, oorspronkelijke staat en is dus niet van invloed op de vooraf bepaalde gebruiksduur (afschrijvingstermijn) van het object. Kosten van onderhoud mogen daarom niet worden geactiveerd. Aan het instellen van een onderhoudsfonds moet een actueel beheerplan ten grondslag liggen. Onder actueel wordt verstaan een plan dat niet ouder is dan vijf jaar. Hierbij dan ook de eerste aanzet. Het voorstel is om een onderhoudsfonds in te stellen voor onderhoudsmaatregelen, omdat een fonds niet gebonden is aan de jaarschijf. Onderhoud is evenmin gebonden aan de jaarschijf. Met een fonds ontstaat meer flexibiliteit. Dit sluit goed aan bij de uitgangspunten van de Nota openbare ruimte 20202025. Als aan het einde van een jaar onderhoudsgeld overblijft, komt dit terecht in het fonds. Het geld kan een jaar later via het college van B&W worden beschikbaar gesteld voor onderhoudswerk (indien nodig). Proces en dekking Uit het beheerssysteem volgt de prognose voor benodigde middelen voor onderhoud voor de komende 10 jaar. Dit wordt vastgelegd in het beheerplan (5 jaar). Op basis van een jaarlijks op te stellen uitvoeringsprogramma, wordt het benodigde budget voor het betreffende begrotingsjaar vrijgemaakt. Dekking van het fonds vindt plaats uit de huidige exploitatiebegroting.
6.5
Inhalen achterstanden wegen
De afgelopen jaren is met behulp van het ingroeimodel (opplussen onderhoudsbudgetten) de koers ingezet om achterstallig onderhoud bij wegen- en waterbouw in te halen. Voor het onderdeel wegen heeft deze uitgezette koers ertoe geleid dat asfaltwegen (voorlopig) aan het gemiddelde basisniveau voldoen. Echter bij de klinkerverharding, waterbouwkundige kunstwerken en de waterbodems (baggeren) zijn de achterstanden toegenomen. In haar rol als toezichthouder heeft de Provincie Fryslân (2019) haar zorgen hierover met ons gedeeld. Door het invoeren van een onderhoudsfonds en het inregelen van dekking voor grotere investeringen (voor vervanging en renovatie) kunnen we goede stappen zetten. Deze werkwijze past ook prima in de behoefte van de mienskip voor aanpassingen en herinrichtingen. Met de invoering van het onderhoudsfonds kunnen we het geld voor beheer & onderhoud flexibeler inzetten, waarmee we pieken beter kunnen opvangen. Daarnaast is het van belang dat grote investeringen (vervanging en renovaties van meer dan € 250.000,-) worden opgenomen in het investeringsprogramma (bijlage C Programmabegroting). Daarbij is dekking van de kapitaallasten van belang. Dit is ook opgenomen in de schema’s van paragraaf 6.6.
Door grote investeringen in het investeringsprogramma op te nemen en niet meer uit het onderhoudsfonds (voorheen onderhoudsbudgetten) te halen, ontstaat daar meer ruimte voor het normale onderhoud.
Foto: reparatie asfaltscheuren.
3
Besluit, Begroting en Verantwoording
6.6
Beschikbare en benodigde middelen
6.6.1 Onderdeel wegen en wegmeubilair Hieronder is een opsomming gemaakt van de beschikbare en benodigde financiële middelen voor de jaren 2021-2025. Dit is berekend aan de hand van ons beheersysteem GeoVisia (prijspeil 2020) en de kwaliteit ‘Gemiddeld Basis’ (zie ook paragraaf 3.2). We spreken van een investering als het een vervanging/renovatie betreft welke het object zijn levensduur verlengt (bron: Besluit, Begroting en Verantwoording, BBV). In de gemeentelijke financiële verordening is tevens opgenomen dat er een drempel geldt van € 250.000,-. Boven de drempel betekent een investering en daaronder spreken we van onderhoud.
Beschikbaar voor onderhoud structureel onderhoudsbudget (wegen) Wegmeubilair Uitbreiding areaal Indexatie Verkeerskundige bijdrage icm onderhoud VN verdrag toegankelijkheid
2021 € 7.400.000
2022 € 7.400.000
2023 € 7.400.000
2024 € 7.400.000
2025 € 7.400.000
€ 90.000
€ 90.000 € 50.000
€ 90.000 € 50.000
€ 90.000 € 50.000
€ 90.000 € 50.000
€ 200.000
€ 125.000
€ 80.000
€ 80.000
€ 80.000
€ 80.000
€ 80.000
Totaal beschikbaar voor onderhoud
€ 7.770.000
€ 7.745.000
€ 7.620.000
€ 7.620.000
€ 7.620.000
€ 7.400.000
€ 100.000 € 7.400.000
€ 100.000 € 7.400.000
€ 100.000 € 7.400.000
€ 100.000 € 7.400.000
€ 90.000
€ 90.000
€ 90.000
€ 90.000
€ 90.000
€ 80.000 € 250.000
€ 80.000 € 250.000
€ 80.000 € 250.000
€ 80.000 € 250.000
€ 80.000 € 250.000
€120.000 € 110.000
€ 120.000 € 110.000
€ 240.000 € 220.000
€ 360.000 € 330.000
€ 480.000 € 440.000
Totaal benodigd voor onderhoud Verschil (beschikbaar -/- benodigd)
€ 8.050.000 € -280.000
€ 8.150.000 € -405.000
€ 8.380.000 € -760.000
€ 8.610.000 € 990.000
€ 8.840.000 € -1.220.000
Beschikbaar voor Investeringen Investeringen 3 ton/Begroting 2022 Kapitaallasten
€ 1.200.000 € 75.000
€ 1.000.000 € 150.000
€ 1.000.000 € 225.000
€ 1.000.000 € 300.000
€ 1.000.000 € 375.000
€ 75.000
€ 150.000
€ 225.000
€ 300.000
€ 375.000
€ 920.000
€ 595.000
€ 240.000
€ 10.000
€ -220.000
Benodigd voor onderhoud Extra regiekosten Groot/klein onderhoud wegen (fonds) Groot/klein onderhoud weg meubilair (fonds) VN verdrag toegankelijkheid Verkeerskundige maatregelen icm onderhoud Areaaluitbreiding Prijscompensatie/indexatie (ca 1,5%)
TOTAAL Beschikbaar Verschil (beschikbaar -/- benodigd)
-
Onderhoudsbudget is eerder gesteld op € 1,- per m2. Op basis van dit bedrag is er een tekort van € 1 miljoen Veel onderhoud vraagt ook een aanpassing aan de huidige tijdsgeest. Een klein deel kon bekostigd worden uit verkeerskundige bijdragen, budget stopt dit jaar, nieuw is aangevraagd Bedragen beschikbaar voor onderhoud, geen eigen kosten.
Toelichting op bovenstaande posten Structureel onderhoudsbudget: betreft het jaarlijks beschikbare budget. Dit wordt vanaf 2022 het ‘Onderhoudsfonds Wegen’, zie paragraaf 6.4; Areaaluitbreiding: betreft een bedrag voor de verwachte areaaluitbreiding, voor toelichting zie paragraaf 3.1.1;
Beschikbare investeringen: o het bedrag van 2021 is opgesteld naar aanleiding van het beschikbaar stellen van € 300.000,voor investeringen. Via de raad is dit bedrag beschikbaar gesteld voor het investeren in diverse kapitaalgoederen (bruggen, oevers/kaden en wegen); o In de Programmabegroting 2022 is een investeringsbedrag van € 3 miljoen voorgesteld voor vervanging en renovaties binnen de categorieën Wegen en Water. Voor wegen is in dit overzicht gerekend met € 1 miljoen; Kapitaallasten: uit bovenstaande investeringen vloeien kapitaallasten. Het gaat hierbij om de afschrijving + rente en wordt bepaald o.b.v. de afschrijvingstermijn (gemiddeld 15 jaar). Deze kapitaallasten gaan het jaar na de investering lopen en stapelen op (zie paragraaf 6.6.3); Benodigde investeringen: om de achterstanden in te halen is per onderdeel € 1 miljoen aangevraagd voor investeringen. De daaruit voortvloeiende kapitaallasten zijn daarbij ook weer opgenomen; Regiekosten: voor beide onderdelen zijn de extra regiekosten opgenomen, die nodig zijn om het extra werk weg te kunnen zetten. De huidige bezetting is krap, maar om de achterstanden in te halen, is extra mankracht nodig (zie ook paragraaf 4.3.1); Groot en klein onderhoud (onderhoudsfonds): betreft het berekende benodigde budget dat nodig is om het onderhoud uit te kunnen voeren (excl. investeringen). Dat is berekend o.b.v.
de planning uit ons beheersysteem GeoVisia; Prijscompensatie/indexatie: de indexatie die nodig is om prijsstijgingen te kunnen opvangen, circa 1,5%. Dit percentage kan jaarlijks verschillen. Met het beschikbare geld voor investeringen worden de achterstanden de eerste jaren ingelopen. Dit zou dan ook zichtbaar moeten worden bij de inspecties van 2023 en 2025. Om oplopen van achterstanden ook na 2025 te voorkomen moet gekeken worden naar een vorm indexatie van prijsstijgingen en extra budget als gevolg van areaaluitbreiding. Voor de komende begrotingen zullen hiervoor dan ook voorstellen volgen.
6.7
Planning en investeringen 2022-2023
Voorafgaand aan elk jaar – het streven is september – worden de planningen gemaakt. Dit zijn zowel de integrale planningen (combiwerken/-projecten) als de soloplanningen. Bij de integrale planning gaat het veelal om grotere projecten, in combinatie met bijvoorbeeld riolering, wegen en groen. Bij de soloplanningen gaat het om werken van groot tot klein. Hierbij maken we ook het onderscheid tussen onderhoud en investeringen. 6.7.1 Investeringen Bij investeringen gaat het om grote vervangingen of renovaties die de levensduur van een object dermate verhogen. In onze gemeente is hierbij tevens een drempelbedrag van € 250.000,- opgenomen. Voor de komende jaren verwachten we zeker in de volgende gebieden te investeren: