CConstaterende datSúdwest-Fryslân
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 9 - Toelichting bestemmingsplan BGB-II

Raadsvergadering 28 september 2023, gemeente Súdwest-FryslânBij agendapunt: Bestimmingsplan ‘Buitengebied Súdwest-Fryslân II’35.056 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 5 van 5

1% letaliteitszone

Gasunie A-652 Gasunie A-546 Gasunie A-545

580 m 490 m 430 m

Over (beperkt) kwetsbare objecten? Ja, Scharnegoutum en Tirns Ja, Scharnegoutum en Tirns Ja, Scharnegoutum en Tirns

Voor de buisleidingen in en rond het plangebied gelden de volgende 100% letaliteitszones (aan weerzijden van de buisleiding): Leidingnaam 100%-let.contour Over (beperkt) kwetsbare objecten? Gasunie A-652 220 m Ja, Scharnegoutum Gasunie A-546 190 m Ja, Scharnegoutum Gasunie A-545 180 m Ja, Scharnegoutum Verantwoording groepsrisico Tirns en Scharnegoutum liggen beide (deels) binnen het invloedsgebied van hogedruk aardgastransportleidingen. Hierdoor moet het groepsrisico verantwoord worden. Hieronder volgen de conclusies van het rapport “Verantwoording groepsrisico”. In bijlage 4 is het volledige rapport terug te vinden. Conclusie (voorlopig) Met betrekking tot het groepsrisico is van belang dat geen nieuwe kwetsbare objecten (woningen) toegevoegd kunnen worden binnen de 100%-letaliteitszone. Nieuwe woonfuncties mogen alleen binnen de 1%-letaliteitszone worden toegestaan, mits de bereikbaarheid van hulpdiensten en voldoende vluchtmogelijkheden (vanaf de risicobron) goed geregeld worden. Dit bestemmingsplan maakt geen nieuwe ontwikkelingen mogelijk, dus ook geen kwetsbare objecten binnen de 1%- en 100%-letaliteitszone. Voor de bestaande woningen die wel binnen een 100%-letaliteitszone staan zijn voldoende vluchtmogelijkheden aanwezig. Speciale aandacht is daarbij nodig voor de zelfredzaamheid van de bewoners van die woningen.

Binnen dit plangebied is geen sprake van bebouwing specifiek voor verminderd zelfredzame personen binnen een 100%-letaliteitszone. Bovendien zijn er, bij een incident met een buisleiding, voldoende vluchtmogelijkheden vanuit dit gebied. 5.8 Geluid De Wet geluidhinder (Wgh) heeft als belangrijkste doel het bestrijden en voorkomen van geluidhinder. Op grond van de Wgh zijn verschillende soorten geluidhinder te onderscheiden die directe raakvlakken hebben met de ruimtelijke ordening. Op

Buitengebied Súdwest-Fryslân-II ontwerp

98

grond van de Wgh geldt rond wegen met een maximumsnelheid hoger dan 30 km/uur, spoorwegen en inrichtingen die “in belangrijke mate geluidhinder veroorzaken”, een geluidzone. Bij ontwikkeling van nieuwe geluidsgevoelige objecten binnen dergelijke geluidzones moet akoestisch onderzoek worden uitgevoerd om aan te tonen dat de ontwikkeling voldoet aan de voorkeursgrenswaarden die in de wet zijn vastgelegd. Indien niet aan de voorkeursgrenswaarde kan worden voldaan, kan het bevoegd gezag - in de meeste gevallen de gemeente - hogere grenswaarden vaststellen. Hiervoor geldt een bepaald maximum, de uiterste grenswaarde genoemd. Bij de vaststelling van hogere grenswaarden moet worden afgewogen of bronmaatregelen of maatregelen in de overdrachtssfeer kunnen worden getroffen. Voor dit bestemmingsplan zijn wegverkeerslawaai, spoorweglawaai en industrielawaai van belang. Op wet- en regelgeving en het onderzoek voor het plangebied is voor deze verschillende geluidsaspecten in navolgende nader ingegaan. Wegverkeerslawaai In de Wet geluidhinder (Wgh) is bepaald dat elke (spoor)weg in principe een zone heeft waar aandacht aan geluidhinder moet worden besteed. De Wgh maakt onderscheid tussen geluidsgevoelige gebouwen/functies en niet-geluidsgevoelige gebouwen. (Bedrijfs)woningen zijn geluidsgevoelige gebouwen.

Als geluidsgevoelige gebouwen binnen een zone bij een behorend bij een zoneplichtige (spoor)weg worden geprojecteerd bij een bestemmingsplanprocedure, moet met een akoestisch onderzoek worden aangetoond dat voldaan wordt aan de voorkeursgrenswaarde van 48 dB (voor wegen) of 55 dB (voor spoorwegen). Wegen waar deze zone in principe niet geldt, zijn: − Wegen die gelegen zijn binnen een als woonerf aangeduid gebied; − Wegen waarvoor een maximumsnelheid geldt van 30 km/uur. In en direct rond het plangebied zijn wegen aanwezig die een wettelijke geluidzone hebben. Voor de meeste wegen in de kernen geldt echter een 30km-zone, die dus geen zone hebben. Voor de overige wegen geldt dat sprake is en blijft van een feitelijk bestaande situatie die opnieuw vastgelegd wordt in dit bestemmingsplan. Nieuwe ontwikkelingen worden bovendien niet voorzien. De akoestische situatie verandert dus niet en een akoestisch onderzoek is daarom niet nodig. Industrielawaai Bij de bedrijven en bedrijventerreinen binnen het plangebied is geen sprake van een geluidzone als bedoeld in de Wgh. De dorpen liggen bovendien niet binnen een geluidzone van een gezoneerd terrein. Het aspect industrielawaai heeft dan ook geen invloed op dit bestemmingsplan. Spoorweglawaai In het Besluit Geluidhinder van 1 juli 2012 is het wettelijk kader van geluidhinder vanwege spoorwegen opgenomen.

Op grond van artikel 1.4a is de zonebreedte van de trajecten in Nederland vastgesteld. Deze zonebreedte is afhankelijk van het vastgestelde geluidproductieplafond (hierna GPP). GPP’s zijn berekende waarden op referentiepunten en stellen een heldere grens over de toelaatbare

Buitengebied Súdwest-Fryslân-II ontwerp

99

hoeveelheid geluid en voorkomen een onbelemmerde groei van het geluid door toenemend verkeer. Referentiepunten liggen om de 100 m langs het spoor, op 4 m boven lokaal maaiveld en op een vaste afstand van 50 m aan weerszijden. Voor spoorweglawaai wordt een waarde van 55 dB voor geluidsgevoelige bebouwing als hoogst toelaatbare geluidsbelasting van de gevel gehanteerd. De spoorlijn van Leeuwarden naar Sneek loopt ter hoogte van Scharnegoutum door een gedeelte van het plangebied. Dit gedeelte is, op basis van de referentiepunten van het spoor ter hoogte van het plangebied, gelegen in de geluidzone van de spoorlijn Sneek‐Leeuwarden (zonebreedte 100 m). Binnen deze zone worden geen nieuwe geluidsgevoelige bestemmingen toegestaan. Bij de vaststelling van dit bestemmingsplan worden geen nieuwe geluidsgevoelige gebouwen/functies mogelijk gemaakt. Dit betekent dat het aspect geluid geen belemmering is voor dit bestemmingsplan. 5.9

Kabels en leidingen

Zoals in paragraaf 4.7 (Externe veiligheid) aangegeven zijn in het plangebied hoofdgastransportleidingen aanwezig waarmee in dit bestemmingsplan rekening wordt gehouden. De manier waarop is in diezelfde paragraaf beschreven. Daarnaast is mogelijk sprake van rioolpers- en hoofdwaterleidingen in het plangebied. Wanneer van toepassing staat hierover het nodige beschreven in paragraaf 5.13. Tot slot kan sprake zijn van hoogspanningsverbindingen (onder- en bovengronds). Hiervan is echter in het plangebied van dit bestemmingsplan geen sprake. 5.10 Lichthinder In de provincie Fryslân is meer dan de helft van het grondgebied (56%) donker of erg donker. Op 87% van het grondgebied is de Melkweg nog te zien. De provincie Fryslân is één van de donkerste provincies. 15% van Fryslân is donkerder dan ieder ander gebied in Nederland, waar tot nu toe de hemelhelderheid gemeten is. Op het aspect lichthinder is geen wettelijk toetsingskader van toepassing. Ook is hiervoor geen gemeentelijk beleid. Uit het oogpunt van de bescherming van ecologische- en landschapswaarden is het wel wenselijk om lichthinder zoveel mogelijk te voorkomen of in ieder geval zo veel mogelijk te beperken. Dit geldt vooral voor gebieden waar het nog relatief donker wordt. Het gaat dan vooral om het buitengebied.

De gemeente Súdwest-Fryslân wil dan ook graag dat initiatiefnemers van ontwikkelingen aandacht besteden aan het aspect lichthinder, zodat dit tot een minimum beperkt kan worden. In het plangebied vinden geen nieuwe ontwikkelingen plaats. Een toename van lichthinder is dan ook niet aan de orde. Hierdoor is in het plan verder geen aandacht besteed aan het aspect lichthinder.

Buitengebied Súdwest-Fryslân-II ontwerp

100

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13086089/2