CConstaterende datSudwest Fryslan
Koppel je AI →
Document · PDF

BIjlage 3 - Ontwerpbegroting 2027 en MJR 2028 – 2030 Marrekrite

Raadsvergadering 2 juli 2026, gemeente Sudwest FryslanBij agendapunt: Untwerpbegrutting 2027 en mearjierrenrûzing 2028-2030 Recreatieschap Marrekrite11.710 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

recreatieschap marrekrite

Ontwerpbegroting 2027 Meerjarenraming 2028-2030

Inhoud

1

Ontwerpbegroting 2027......................................................................................................................4 1.1

2

1.1.1

Deelnemersbijdragen........................................................................................................ 4

1.1.2

Vervangingsinvesteringen..................................................................................................5

1.1.3

Liquiditeit........................................................................................................................... 6

1.1.4

Begrotingsresultaat............................................................................................................7

1.2

Samenstelling bestuur en organisatie....................................................................................... 8

1.3

Leeswijzer.....................................................................................................................................8

Beleidsbegroting.................................................................................................................................. 9 2.1

Programmaplan.......................................................................................................................... 9

2.1.1

Beleidskader....................................................................................................................... 9

2.1.2

Programma's....................................................................................................................... 9

2.2

Programma Bedrijfsvoering...................................................................................................... 10

2.2.1

Wat willen we bereikenen wat gaan we doen?..............................................................10

2.2.2

Huisvesting....................................................................................................................... 10

2.2.3

Personeel......................................................................................................................... 10

2.2.4

Wat mag het kosten?....................................................................................................... 11

2.3

Programma Waterrecreatie...................................................................................................... 12

2.3.1

Wat willen we bereiken en wat willen we gaan doen?..................................................12

2.3.2

Wat gaat het kosten?....................................................................................................... 13

2.4

Programma Landrecreatie........................................................................................................ 14

2.4.1

Wat willen we bereiken en wat willen we gaan doen?..................................................14

2.4.2

Wat gaat het kosten?....................................................................................................... 15

2.5

Programma Baggeren............................................................................................................... 16

2.5.1

Wat willen we bereiken en wat willen we gaan doen?..................................................16

2.5.2

Wat gaat het kosten?....................................................................................................... 16

2.6

Programma Ontwikkelingen..................................................................................................... 17

2.6.1

Wat willen we bereiken en wat willen we gaan doen?..................................................17

2.6.2

Wat gaat het kosten?....................................................................................................... 17

2.7

3

Inleiding.......................................................................................................................................4

Programma Wimpels, donateurs en vrijwilligers.................................................................... 17

2.7.1

Wat willen we bereiken en wat willen we gaan doen?..................................................18

2.7.2

Wat gaat het kosten?....................................................................................................... 18

Paragrafen.......................................................................................................................................... 19 3.1.1

Lokale heffingen............................................................................................................... 19

3.1.2

Weerstandsvermogen en risicomanagement................................................................19

3.1.3

Financiering...................................................................................................................... 21

2

4

3.1.4

Onderhoud Kapitaalgoederen.........................................................................................21

3.1.5

Verbonden partijen......................................................................................................... 22

3.1.6

Bedrijfsvoering................................................................................................................. 23

3.1.7

Openbaarheid...................................................................................................................23

3.1.8

Grondbeleid...................................................................................................................... 24

Financiële begroting...........................................................................................................................25 4.1 4.1.1 4.2

5

Overzicht van baten en lasten..................................................................................................25 Toelichting op het overzicht van baten en lasten.......................................................... 26 Uiteenzetting financiële positie............................................................................................... 27

4.2.1

Geprognosticeerde balans.............................................................................................. 27

4.2.2

Stand en verloop van reserves/eigen vermogen........................................................... 27

4.2.3

Meerjarenraming 2027-2030..........................................................................................28

4.2.4

Ontwikkeling financiële positie....................................................................................... 29

Bijlagen..............................................................................................................................................30 5.1

Overzicht deelnemersbijdragen............................................................................................... 30

5.2

Overzicht incidentele baten en lasten..................................................................................... 31

5.3

Overzicht Algemene dekkingsmiddelen..................................................................................32

5.4

EMU-saldo................................................................................................................................. 33

5.5

Overzicht IV-3 taakvelden Gemeenschappelijke Regelingen.................................................34

3

1

Ontwerpbegroting 2027

1.1

Inleiding

Recreatieschap Marrekrite biedt hierbij haar Ontwerpbegroting 2027 & Meerjarenraming 2028-2030 aan. Deze begroting voldoet aan het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) en bestaat uit een beleidsbegroting en een financiële begroting. Het vaststellen van de begroting is een verantwoordelijkheid van het algemeen bestuur (AB). Uiterlijk 30 april ontvangen de deelnemers de ontwerpbegroting. Naar aanleiding hiervan kunnen zij hun zienswijzen kenbaar maken, wat aanleiding kan zijn tot wijzigingen in de begroting. De Ontwerpbegroting 2027 & Meerjarenraming 2028-2030 zal naar verwachting op 25 juni 2026 door het algemeen bestuur worden vastgesteld.

1.1.1

Deelnemersbijdragen

Indexeren en deelnemersbijdragen De (meerjaren)begroting is gebaseerd op de op 9 juli 2025 door het AB vastgestelde geactualiseerde verdeelsleutels ten behoeve van de deelnemersbijdragen 2027-2031 (met een standaard indexatie van 3^. jaarlijks). Om een sluitende meerjarenbegroting te kunnen presenteren, hebben we wederom alle onderdelen van de begroting uitgebreid tegen het licht gehouden en de budgetten getoetst aan de werkelijke en noodzakelijke ontwikkelingen, zoals de stijging van de salarislasten. Dergelijke posten zorgen voor druk op het meerjarensaldo, zodat we de begroting en het meerjarenperspectief binnen de huidige afspraken - structureel sluitend hebben gekregen vanaf het jaar 2030. Hierin zijn de CAO-loonstijgingen tot en met 1 januari 2026 meegenomen (einddatum CAO is 1 juli 2026). In 2027 hebben we ten aanzien van het Routebureau nog altijd te maken met een overgangssituatie. De formele wijziging van de gemeenschappelijke regeling, waarin onder meer wordt vastgelegd dat de deelnemers hebben besloten dat de taken van het Routebureau binnen de GR thuishoren, is nog op route. We verwachten deze wijziging eind 2026 te kunnen afronden, waarmee de taken van het Routebureau een vast onderdeel worden van de begroting van Marrekrite. Tot die tijd bekostigen de deelnemers het Routebureau incidenteel, als ware het onderdeel van de taken van Marrekrite.

De structureel benodigde middelen zullen worden verdeeld op basis van de geactualiseerde verdeelsleutels van de bijdrageregeling. We hebben gemeend dat het juist is om deze structurele effecten in de meerjarenraming zichtbaar te maken, hoewel de wijzigingsprocedure op het moment van presenteren van de voorliggende begroting nog loopt. Dit is naar ons idee een juiste werkwijze, aangezien de meerjarenbegroting puur ter informatie wordt verstuurd en geen vaststellingsbesluit vraagt. Alleen het begrotingsjaar 2027 wordt formeel door de deelnemers vastgesteld. Het meerjarenperspectief is altijd een voorlopig perspectief, onder voorbehoud van besluitvorming.

Baggerbudget In 2020 heeft het algemeen bestuur ons Plan van aanpak Baggeren vastgesteld. Daarbij hebben we aangegeven dat we toewerken naar een gedifferentieerde aanpak inzake het op diepte houden van onze ligplaatsen, teneinde het voor de deelnemers betaalbaar te houden. Aangezien de onderwaterwereld van het baggeren voor ons in belangrijke mate terra incognita is - en dat voorlopig ook nog blijft - hebben we met het bestuur afgesproken dat het baggerplan wordt geactualiseerd aan de hand van de kennis die al werkend wordt opgedaan. We doen jaarlijks metingen van waterdieptes en de veranderingen daarin in de tijd. Dat betekent dat onze prognoses, ook over benodigde budgetten, met het verstrijken van de jaren steeds nauwkeuriger worden.

4

Investering in maatschappelijk nut Conform het BBV worden alle investeringen per 2018 geactiveerd. In onze Financiële Verordening en de Nota Activeren, Waarderen & Afschrijven is afgesproken dat investeringen kleiner dan C 25.000 niet worden geactiveerd. Dit kan niet met terugwerkende kracht gebeuren voor de bestaande situatie, dus geldt dit alleen voor nieuwe investeringen. Doorschuif BTW De doorschuif-BTW verantwoorden wij als kosten en opbrengsten binnen de exploitatie. Marrekrite financiert deze doorschuif-BTW niet langer voor, wat leidt tot een betere liquiditeitspositie.

1.1.2 Vervangingsinvesteringen Marrekrite werkt nog altijd hard aan de duurzame vernieuwing van onze voorraad aan ligplaatsen. Dit enorme project loopt inmiddels ruim 10 jaar en is meerjarig in de investeringsplanning weggezet, tot en met 2034. Tegen die tijd hopen we onze volledige voorraad van ruim 32 km aan voorzieningen voor de komende decennia helemaal klaar te hebben. Door de doorlooptijd van het project op te rekken naar 2034, neemt de financieringsbehoefte de komende jaren af (ten opzichte van eerdere prognoses). Een iets aangepaste spreiding van werken over de komende jaren bleek goed mogelijk, aangezien alle nu nog te vervangen objecten in redelijke staat lijken te verkeren. Ons devies is altijd geweest dat we, de veiligheid van de gebruikers in acht nemend, de levensduur van onze voorzieningen zoveel mogelijk proberen te verlengen. Dat betekent dat het tempo van de vervanging omlaag zou kunnen, zodra alle slechte objecten vernieuwd waren. Dat punt is inmiddels bereikt. Wij bouwen onze steigers al vele jaren van gerecycled kunststof (KLP, Lankhorst Sneek). Dit materiaal is in meerdere opzichten duurzaam. De optie om tropisch hardhout te gebruiken, is al lang taboe. We kunnen veilig aannemen dat KLP als materiaal zeker 40 jaar meegaat.

Enig voorbehoud moet nog wel worden gemaakt ten aanzien van de constructie van de KLP-voorzieningen, maar op de dimensie materiaal hebben we onze slag in ieder geval al geslagen. We schatten nu dat, als de laatste oude (bestaande) voorzieningen in 2034 alle herbouwd zijn, de volgende vervangingen pas vanaf circa 2045 weer aan de orde zijn. Daarom verwachten we van 2035 tot 2045 ongeveer 10 jaar van relatieve rust met tevens een beperkte financieringsbehoefte. Behalve steigers, beheren we ook een groot aantal damwanden. Dit type voorzieningen bouwen we in een combinatie van beton en KLP. Voor damwanden houden we een levensduur van 50 jaar aan, opnieuw kijkend naar wat we over het materiaal en over de constructie weten. Met beton als materiaal is een levensduur van 50 jaar makkelijk haalbaar. Maar net als bij steigers is ook hier de vraag: hoe gaat het met de constructie? Hoe houdt de verankering zich bijvoorbeeld? Waarschijnlijk blijkt dat straks de zwakke schakel. Daarom voeren we de ankers al jaren extra zwaar uit.

Focus op duurzaam handelen Hoe langer de levensduur, hoe duurzamer. Marrekrite neemt haar verantwoordelijkheid op dit vlak middels concrete keuzes en maatregelen. Dat blijkt bijvoorbeeld uit onze keuze van materialen, zoals hierboven geschetst. Maar we kijken ook naar ons dagelijks gedrag en verbruik. Al onze schepen en voertuigen varen en rijden al jaren op HVO. Dat betekent dat we gestopt zijn met leasecontracten en dat we oude diesels (schepen Z auto's) juist aankopen om er vervolgens mee op HVO gaan varen en rijden. Dat leidt tot een enorme reductie van kwalijke emissies (tot wel 90^.). Deze route is vele malen duurzamer dan bijvoorbeeld elektrificeren, met name doordat je wat ooit al is gemaakt, langer gebruikt. Dat is altijd duurzamer dan nieuwbouw. "Niets doen" is vanuit een duurzame wereld gezien altijd de beste keus, maar als je dan toch besluit om "iets te maken", maak het dan voor de eeuwigheid. Dat is precies waarom we bij de bouw van damwanden kiezen voor beton. 5

Qua productie is beton zeker geen duurzame keuze, maar doordat het veel langer meegaat dan hout, voorkomen we vele herbouwcycli en dat bespaart veel energie en materiaal. Met de investeringen die voor de komende jaren in de planning staan, blijft Marrekrite zo duurzaam mogelijk investeren in haar recreatieve voorzieningen en daarmee ook in de (Friese) economie. Voor 2027 is de investeringsopgave zoals hieronder aangegeven. Investeringsbegroting 2027

Afschrijvingstermijn Damwanden

500.000

50

jaar

Steigers

250.000

40

jaar

-

10

jaar

60.000

40/50

jaar

Overig

50.000

nnb

jaar

Investeringskrediet 2027

860.000

Marboeien Uren

Kapitaaiiasten

2027

2028

2029

2030

MVA maatschappelijk

-291.600

-310.600

-323.600

-332.600

MVA economisch

-55.800

-44.800

-44.000

-33.500

Rente-omslag

-295.082

-306.439

-295.187

-283.954

TOTAAL

-642.482

-661.839

-662.787

-650.054

2027

2028

2029

2030

-1.144.000

-1.178.320

-1.213.670

-1.250.080

Personeelskosten Loonkosten incl WG

Overigens speelt voor de toekomst bij de vervangingsinvesteringen ook de revisie van de routenetwerken op land. Die is van andere omvang dan de vervangingsinvesteringen op het water. In 2018/2019 is het fietsknooppuntnetwerk volledig vernieuwd. Ook is in die periode in de resterende regio's het wandelknooppuntnetwerk gerealiseerd. De oudste bebording van het wandelnetwerk is echter in 2013 al geplaatst (regio Waddenwandelen). Gemiddeld gaat een bord circa 10 jaar mee, maar door het jaarlijks onderhoud - waarbij slechte bebording wordt vervangen - maar ook doordat we jaarlijks nieuwe trajecten toevoegen, staan er intussen ook veel nieuwere borden in het veld. Het is dus niet zo dat na 10 jaar het complete netwerk aan vervanging toe is. In 2026 maken we een start met een meerjarenvisie voor de knooppuntnetwerken. Hieruit zal blijken op welke termijn vervangingsinvesteringen nodig zijn en welke omvang die hebben.

1.1.3 Liquiditeit Met het investeringsniveau van de afgelopen jaren was het niet langer mogelijk om de investeringen met eigen vermogen te bekostigen. In 2022 hebben we via de gemeente Súdwest-Fryslân een langlopende lening aangetrokken (C 4,0 miljoen tegen 1,825^. rente). Op deze wijze hebben we onze liquiditeitsbehoefte op dat moment veiliggesteld. We hebben op 7 oktober 2025 een langlopende lening van C 4,0 miljoen afgesloten en zullen ook in 2027 nogmaals vreemd vermogen moeten aantrekken om het restant van onze vervangingsoperatie te financieren. Hier is in onze begroting rekening mee gehouden. Deze behoefte wordt versterkt door prijsstijgingen als gevolg van de voortdurende inflatie. We volgen de ontwikkelingen in de markt op de voet, zodat we het bestuur tijdig een voorstel kunnen doen voor het aantrekken van aanvullende leningen. Binnen ons investeringsbudget kijken we jaarlijks waar de prioriteit qua benodigde vervangingen het hoogst is. Die locaties pakken we als eerste aan. Deze praktische werkwijze voldoet al jaren goed.

6

Mocht de opgave toch groter blijken dan het budget toestaat dan kunnen we bepaalde ligplaatsen altijd nog tijdelijk afsluiten en de vervanging ervan uitstellen. Overigens is dit de afgelopen 10 jaar nog nooit nodig geweest, ook niet in de jaren dat we flinke achterstanden hadden.

1.1.4 Begrotingsresultaat TOTAAL MARREKRITE Baten Lasten Saldo (voor bestemming) Onttrekking uit reserves Toevoegingen aan reserves Saldo (na bestemming)

TOTAAL MARREKRITE Structurele baten Incidentele baten Saldo baten Structurele lasten Incidentele lasten Saldo lasten TOTAAL MARREKRITE Saldo structurele baten en lasten Saldo incidentele baten en lasten

JR2025

2026 2.850.954 -2.877.218

2027 3.190.030 -3.211.158

2028 3.227.234 -3.253.800

2029 3.238.806 -3.263.690

2030 3.297.431 -3.287.192

-26.264 50.000

-21.128

-26.566

-24.884

10.239

23.736

-21.128

-26.566

-24.884

10.239

2026 2.520.954 380.000 2.900.954

2027 3.190.030

2028 3.227.234

2029 3.238.806

2030 3.297.431

3.190.030

3.227.234

3.238.806

3.297.431

-2.497.218 -380.000 -2.877.218

-3.211.158

-3.253.800

-3.263.690

-3.287.192

-3.211.158

-3.253.800

-3.263.690

-3.287.192

23.736

-21.128

-26.566

-24.884

10.239

23.736

-21.128

-26.566

-24.884

10.239

7

1.2

Samenstelling bestuur en organisatie

Het algemeen bestuur (AB) bestaat op moment van opstellen van de voorliggende begroting (januari 2026) uit de volgende leden. Gezien het feit dat er in maart 2026 gemeenteraadsverkiezingen zijn, zal de samenstelling van het DB en AB in 2027 een andere zijn dan hieronder wordt gepresenteerd. Algemeen Bestuur

deelnemers

bestuursleden

Provincie Fryslân (voorzitter)

De heer Douwstra

Gemeente Achtkarspelen Gemeente Dantumadeel Gemeente De Fryske Marren Gemeente Harlingen

De heer Bruining De heer Kempenaar De heer Van Iddekinge De heer Schoute

Gemeente Heerenveen

Mevrouw Rinkes

Gemeente Leeuwarden Gemeente Noardeast-Fryslân

De heer Reitsma Mevrouw Prins

Gemeente Opsterland Gemeente Smallingerland Gemeente Súdwest-Fryslân Gemeente Tytsjerksteradiel

De heer Jonkman De heer Hoekstra De heer Rietman De heer Van der Velde

Gemeente Waadhoeke

Mevrouw Van der Meer

Gemeente Weststellingwerf

De heer Hoen

Het dagelijks bestuur (DB) bestaat op 1 januari 2026 uit de volgende leden: Dagelijks Bestuur

deelnemers

bestuursleden

Provincie Fryslân (voorzitter)

De heer Douwstra

Gemeente De Fryske Marren Gemeente Noardeast-Fryslân Gemeente Opsterland Gemeente Súdwest-Fryslân

De heer Van Iddekinge Mevrouw Prins De heer Jonkman De heer Rietman

Gemeente Leeuwarden

De heer Reitsma

1.3

Leeswijzer

De opbouw van de begroting wordt in belangrijke mate voorgeschreven in het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (BBV) en ziet er als volgt uit: ^

^ ^

In Hoofdstuk 2 treft u de beleidsbegroting aan, bestaande uit de plannen voor het jaar 2027, onderverdeeld naar de programma's Bedrijfsvoering, Waterrecreatie, Landrecreatie, Baggeren, Ontwikkelingen en tot slot het programma Wimpels, Donaties & Vrijwilligers. Hoofdstuk 3 bestaat uit de paragrafen waar we ingaan op de bedrijfsvoering, de financiering, het weerstandstandsvermogen en het onderhoud van onze kapitaalgoederen. In de Financiële Begroting (Hoofdstuk 4) schetsen wij een beeld van onze financiële positie en geven wij met onze meerjarige investeringsplanning een financiële doorkijk naar de jaren 2028 2030. Hier vindt u ook de verplicht voorgeschreven bijlagen uit het BBV.

8

2

Beleidsbegroting

2.1

Programmaplan

2.1.1 Beleidskader Recreatieschap Marrekrite onderhoudt en beheert ruim 32 kilometer aan vrije ligplaatsen in het Friese buitengebied, zorgt voor het afvoeren van recreatieafval en voor het onderhouden van het groen bij de ligplaatsen (maaien en snoeien). Ook het op diepte houden van ligplaatsen is een taak. Op het domein landrecreatie is Marrekrite vooral actief met het onderhoud aan de fiets- en de wandelknooppuntnetwerken, maar ook met de toeristische opstappunten (TOP's). Met ingang van 2025 is het Routebureau Fryslân eveneens bij Marrekrite belegd. Het routebureau richt zich op het beheren van de database met thematische routes, routeontwikkeling en het ontsluiten van deze routes, waarmee onze provincie beter beleefbaar wordt. Daarnaast is het routebureau een belangrijke schakel tussen met name de fiets- en wandelnetwerken, de provinciale en regionale marketingorganisaties en alle stakeholders die zich met routes bezighouden. Als uitvoeringsorganisatie verricht Marrekrite haar taken namens de deelnemers (provincie Fryslân en gemeenten) met het doel een uniforme, toeristisch-recreatieve basisinfrastructuur op water en land te beheren. Daartoe wordt, behalve met de deelnemende Friese gemeenten en de provincie nauw samengewerkt met partijen als Merk Fryslân, Wetterskip, It Fryske Gea (IFG), Staatsbosbeheer (SBB) en vele anderen.

Marrekrite doet haar werk in de eerste plaats voor de inwoners van Fryslân (recreatie), maar het is duidelijk dat ons werk ook voor onze gasten (toerisme) van groot belang is.

2.1.2 Programma's De begroting van Recreatieschap Marrekrite bestaat uit zes programma's: 1. 2. 3. 4. 5. 6.

Bedrijfsvoering Waterrecreatie Landrecreatie Baggeren Ontwikkelingen Wimpels, Donaties & Vrijwilligers

9

2.2

Programma Bedrijfsvoering

Het achterliggende doel van het programma 'Bedrijfsvoering' is een goed en efficiënt functionerende organisatie. Het gaat erom dat de primaire processen binnen de organisatie effectief verlopen en dat er goed wordt samengewerkt met, en namens, deelnemers en bestuur. Kosten die betrekking hebben op de bedrijfsvoering zijn onder andere: personeelskosten, kantoor- en secretariaatskosten en communicatie. Ook zaken waterschapslasten, ruilverkavelingsrente en de aanen verkoop van grond worden verantwoord onder dit programma. We rekenen de loon- en salariskosten van onze medewerkers toe aan de programma's en aan de investeringen waar deze betrekking op hebben. Dit doen we middels een integraal uurtarief. Dit tarief bevat ook de niet direct toe te rekenen loon- en salariskosten van de ondersteunende functies, de zogenaamde overhead. Ten behoeve van een juiste vervaardigingsprijs van onze producten en dienstverlening is het overheadpercentage per 2026 geactualiseerd en berekend op 37,74^..

2.2.1 Wat willen we bereiken en wat gaan we doen? Wij werken er als team dagelijks aan om de interne organisatie op orde te houden, zodat wij onze taken naar behoren kunnen uitvoeren en de deelnemers en het bestuur kunnen ondersteunen en hun belangen zo goed mogelijk kunnen behartigen. 2.2.2 Huisvesting Marrekrite is enkele jaren geleden naar het provinciale steunpunt in Uitwellingerga verhuisd. Deze locatie is bij uitstek geschikt voor onze organisatie omdat we hier de functies kantoor, werkplaats en haven bij elkaar konden brengen. Aangezien wij voor het gebruik van deze voorzieningen met de provincie een langlopende overeenkomst zijn overeengekomen, zijn op dit punt geen bijzondere zaken te verwachten. 2.2.3 Personeel Marrekrite werkt in 2027 met een formatie van 13,22 fte. Daarvan is 11,11 fte vaste formatie en 2,11 fte Routebureau. We hebben naar verwachting 15 personen in loondienst. Van de totale formatie van 13,22 fte rekenen we 4,99 fte tot de overhead. Het overheadpercentage bedraagt afgerond 38^.. Het overige personeel rekenen we toe aan de programma's Waterrecreatie en Landrecreatie. De gemiddelde parttime-factor bedraagt 87^.. We verwachten met de begroting 2027 min of meer alle voorkomende werkzaamheden met vast personeel te kunnen invullen.

Adviescommissies en werkgroepen In 2026 is het Wandelplatform Fryslân opgericht, met als doel om partijen uit zowel de mobiliteits-, recreatie- als sportsector bij elkaar te brengen om zich gezamenlijk in te zetten voor het versterken van lopen en wandelen in Fryslân. De ANWB levert de voorzitter en Marrekrite voert het secretariaat van het Wandelplatform. Het platform komt tweemaal per jaar bij elkaar.

10

2.2.4

Wat mag het kosten?

Bedrijfsvoering Baten Lasten Saldo (voor bestemming) Onttrekking uit reserves Toevoegingen aan reserves Saldo (na bestemming)

JR2025

2026 2.228.812 -873.943

2027 2.583.759 -1.031.665

2028 2.611.626 -1.030.426

2029 2.613.580 -996.790

2030 2.662.298 -993.646

1.354.869 50.000 1.404.869

1.552.094

1.581.199

1.616.790

1.668.652

1.552.094

1.581.199

1.616.790

1.668.652

11

2.3

Programma Waterrecreatie

Onder het programma Waterrecreatie vallen alle taken die betrekking hebben op het vernieuwen en het vervangen, alsmede het beheer en onderhoud, van de infrastructuur op en om het water. Onze taken variëren van (regie op) nieuwe investeringen en vervangingsinvesteringen, het uitvoeren van dagelijks onderhoud, recreatieafvalinzameling en groenbeheer, tot het op diepte houden van ligplaatsen.

2.3.1 Wat willen we bereiken en wat willen we gaan doen? Dagelijks Onderhoud De kosten die voortkomen uit kleinere reparaties, die wij in eigen beheer uitvoeren of uitbesteden aan derden, rekenen we tot de kosten op de post dagelijks onderhoud (DO). Door de grootschalige vervangingsinvesteringen van de afgelopen jaren en door ook de komende tijd duurzame steigers en damwanden te blijven bouwen, kunnen wij het dagelijks onderhoud uitvoeren met een relatief beperkt budget, alsmede een minimale bezetting qua personeel en materieel. Tegelijk is duidelijk dat zaken als branden en andere schades een flinke invloed hebben op het benodigde budget, terwijl deze kosten moeilijk te begroten zijn. Vervangingsin vesteringen Per 2018 activeren wij de investeringen in de vervanging van aanlegvoorzieningen (investeringen met maatschappelijk nut). De voortgang in de uitvoering van de investeringsopgave wordt verantwoord in de voortgangsrapportage (herfst) en in de jaarstukken (voorjaar).

Voor de volledigheid geven wij in het onderstaande een samenvatting van een aantal belangrijke beleidskeuzes van waaruit de jaarlijkse vervangingsopgave al vele jaren wordt gedestilleerd: a) Zoveel mogelijk werken vanuit kennis en data met betrekking tot het gebruik van voorzieningen (tellingen, provinciale monitoringscijfers, observaties) en trends in de watersport, zodat er een goed beeld ontstaat van de benodigde capaciteit. b) Ligplaatsen waar mogelijk aansluiten op fiets- en wandelstructuren. c) Nieuwe plekken realiseren en elders meters inleveren (waar dat verantwoord is), om zo te werken aan een optimalere spreiding over Fryslân, zonder te groeien. d) Zoveel mogelijk locaties behouden, maar wel afslanken op locaties met erg grote capaciteit. e) Het verkopen van percelen is voorzichtig bespreekbaar. Focus op recreatief (mede)gebruik. f) Duurzaam materiaalgebruik: hout vervangen door kunststof (KLP) en beton. g) Locaties damwanden in principe alle behouden. Vervangen door beton-kunststof exemplaren. h) Steigers waar mogelijk vervangen door damwanden (in overleg met terreinbeheerders en rekening houdend met natuurdoelen). Oud hardhout zoveel mogelijk hergebruiken.

Groenbeheer Al jaren kijken we met interesse naar wat zich in de SW afspeelt. Dat het werven van assistenten op onze maaiboten uit de SW steeds moeilijker wordt, is een structurele factor gebleken. Daarom huren we voor maaiwerkzaamheden steeds vaker personeel uit de reguliere markt in, tegen zo scherp mogelijke tarieven, maar vooral sturend op behoud van kwaliteit.

12

Recreatieafval Marrekrite wordt alom geprezen voor een unieke vorm van dienstverlening, namelijk het werk van onze milieuboot, de "vuilniswagen op het water". Met 120 containers op zo'n 60 plekken in de provincie, halen wij gedurende het seizoen gemiddeld 175 ton recreatieafval op. Dit is vanouds een intensieve klus, die veel vraagt van onze mensen en ons materieel. Maar de waardering vanuit de watersport is enorm. Fryslân is hiermee op en top gastvrij naar haar gasten en bewoners. De laatste jaren zijn er forse slagen gemaakt om dit werk efficiënter te laten verlopen. Na recente investeringen in een centrale laad- en losplaats, zijn in 2025-2026 stevige investeringen gedaan in de milieuboot zelf, waarmee het schip voor de komende jaren weer helemaal bij de tijd is. Wel zullen we, nu steeds meer containers aan vervanging toe zijn, moeten kijken naar de wijze van inzamelen. Momenteel gaat alle afval in één grote container en vindt na-scheiding bij Omrin plaats. Andere manieren van inzamelen hebben een direct gevolg voor de verwerking bij Omrin. Daar moet dus zorgvuldig met elkaar naar worden gekeken en over worden gesproken. Zodra deze zaken zich duidelijker aftekenen, zal er ook meer zicht komen op de financiële gevolgen.

2.3.2

Wat gaat het kosten?

Waterrecreatie Baten Lasten Saldo (voor bestemming) Onttrekking uit reserves Toevoegingen aan reserves Saldo (na bestemming)

JR2025

2026 17.142 -963.775

2027 26.270 -1.377.873

2028 27.058 -1.414.511

2029 27.870 -1.442.129

2030 28.706 -1.452.424

-946.633 -946.633

-1.351.603

-1.387.452

-1.414.259

-1.423.718

-1.351.603

-1.387.452

-1.414.259

-1.423.718

13

2.4

Programma Landrecreatie

Binnen het programma Landrecreatie gaat het om het beheer en onderhoud van de fiets- en wandelknooppuntnetwerken, overige routestructuren, toeristische overstappunten (TOP's), het initiëren en faciliteren van nieuwe ontwikkelingen ten aanzien van de infrastructuur voor de landrecreatie, alsmede het coördineren van nieuwe en bestaande netwerken in Fryslân.

2.4.1 Wat willen we bereiken en wat willen we gaan doen? Fiets- en wandelknooppuntnetwerken We voeren het onderhoud aan beide knooppuntnetwerken (fietsen en wandelen) elk jaar uit via één uitgebreide inspectie- en schoonmaakronde. Incidentele meldingen, waaronder schades, verhelpen we jaarrond. Tot eind 2027 hebben we hiervoor een onderhoudscontract met een aannemer. Daarna kan het contract nog tweemaal met 2 jaren worden verlengd. Ook voeren we jaarlijks trajectwijzigingen door, bijvoorbeeld vanwege infrastructurele werken, wensen van derden, kwaliteitsverbetering in verband met de aansluiting op ligplaatsen en TOP's, e.d. Waar mogelijk brengen we de kosten daarvan in rekening bij het project dat de aanleiding is voor de wijziging, dan wel, bij de opdrachtgever of bij betreffende gemeente. Is het niet mogelijk de kosten elders in rekening te brengen, dan is er in ons eigen budget (zeer) beperkt ruimte om een enkele noodzakelijke trajectwijziging door te kunnen voeren. De (onderhouds)kosten voor het beheer van, en onderhoud aan, de netwerken en TOP's vallen onder de algemene bijdrageregeling. Waar incidenteel grotere investeringen noodzakelijk zijn (met name trajectwijzigingen), maken we hierover vooraf extra afspraken met de deelnemers.

De bovenstaande aanpak is niet alleen efficiënt gebleken, mede hierdoor zijn wij als Fryslân in de kwaliteitsmonitor van het Landelijk Fietsplatform al jaren één van de beste fietsregio's. Deze positie willen we behouden. Zowel het fiets- als wandelnetwerk zijn in de periode 2018/2019 gereviseerd. De bebording van het fietsnetwerk is volledig vervangen en het wandelnetwerk is verder afgerond (provinciedekkend) en waar nodig is groot onderhoud gepleegd. Ook bij de netwerken zien we dat de dragers, door het gebruik van gerecycled kunststof, een lange levensduur hebben. Een groot deel staat al sinds de realisatie van de netwerken (waarvan de eerste reeds in 2003) in het veld. Bij de revisie is destijds dan ook geconcentreerd op de bebording zelf. Voor de bebording gaan we uit van een levensduur van ca. 10 jaar, maar ook hier zien we dat in de praktijk vaak een langere levensduur mogelijk is. Daarnaast worden borden, indien ze erg slecht zijn, ook al tijdens het dagelijks onderhoud vervangen. In 2026 wordt een start gemaakt met een meerjarenvisie voor de knooppuntnetwerken, waaruit zal blijken op welke termijn grootschalige vervangingsinvesteringen nodig zijn.

Toeristische overstappunten (TOP's) We zien al jaren dat het TOP-project veel tijd en inzet van onze mensen vraagt. Wij doen het werk voor de deelnemers feitelijk "gratis". Er staan namelijk geen extra middelen tegenover onze eigen ureninzet, ondanks het feit dat het om een (meerjarig) tijdelijk project gaat. De teller van het aantal gerealiseerde TOP's stond begin 2026 op 30 stuks. De verwachting is dat er begin 2027 35 TOP's in Fryslân staan. Afhankelijk van de tijdige medewerking van betrokken partijen (gemeentes, dorpsbelangen, regio-marketingorganisaties) verwachten wij dat alle beoogde TOP's eind 2028 geplaatst zijn. Als slot van het project dient er dan gekeken te worden naar een revisie van de eerste generatie TOP-zuilen uit 2017 (drie stuks). Voor de geplaatste TOP's voeren we ook het beheer en onderhoud uit. Die taak is voor ons logisch en pragmatisch in te vlechten in ons overige werkpakket. In het beheer van de TOP's worden jaarlijks twee inspectierondes uitgevoerd. Incidentele meldingen (schades) komen zelden voor en worden jaarrond verholpen. 14

De beheer- en onderhoudskosten van de gerealiseerde TOP's zijn onderdeel van de algemene bijdrageregeling. In de begroting 2027 gaan we uit van 35 TOP's. De komende jaren zullen naar verwachting, door de toename van het aantal TOP's, maar ook de levensduur van een TOP, de beheer- en onderhoudskosten stijgen. Deze maken echter maar een beperkt deel uit van de totale onderhoudskosten op land.

2.4.2

Wat gaat het kosten?

Landrecreatie Baten Lasten Saldo (voor bestemming) Onttrekking uit reserves Toevoegingen aan reserves Saldo (na bestemming)

JR2025

2026 -483.000 -483.000 -483.000

2027

2028

2029

2030

-290.120

-293.812

-300.914

-308.195

-290.120

-293.812

-300.914

-308.195

-290.120

-293.812

-300.914

-308.195

15

2.5

Programma Baggeren

Baggeren is een activiteit die van ons vraagt om permanent scherp te blijven. Het is een complexe wereld met een hoop regelgeving en serieuze kosten. Als gevolg van de complexiteit is er relatief snel sprake van vertraging, wat een projectmatige uitvoering vaak in de weg staat. De kunst is om ver vooruit te denken en goed te plannen. Sinds 2024 lukt het ons beter om onze jaarlijkse baggeropgave werkelijk uitgevoerd te krijgen. Ook hebben we veel beter grip op het verzamelen van data over dieptes, iets dat we inmiddels in eigen beheer doen. Dit betekent dat we de twee slagen, die we de deelnemers ten aanzien van de uitvoering van ons Baggerplan (2020) hadden toegezegd, ook in 2027 weer waar kunnen maken: 1) het jaarlijks verhelpen we ondieptes bij ligplaatsen, en 2) het jaarlijks verkrijgen van meer zicht op de mate van "verondieping". Zicht op de verondieping is de basis voor het bepalen van de lengte van de onderhoudscyclus en daarmee voor de vraag hoeveel middelen er de komende jaren nodig zijn om onze ligplaatsen bereikbaar te houden. Moeten we eens per 10 jaar op een bepaalde locatie baggeren of is eens per 15 of 20 jaar ook goed? Dit weten we pas al we een aantal jaren achter elkaar peilingen doen. Zolang we nog geen goed en betrouwbaar zicht hebben op de meerjarige baggerverplichtingen, behandelden we onze bestemmingsreserve Baggeren (BB) als ware het een voorziening.

In het Baggerplan uit 2020 is aangegeven, dat structureel aan de baggeropgave werken voor Marrekrite een uitdagend fenomeen is. We kennen de situatie onder water niet zo goed als die erboven. Dat betekent dat we werkenderwijs de komende jaren kennis zullen opdoen, waarmee onze meerjarige prognoses de komende tijd steeds betrouwbaarder zullen worden. Tot het moment dat we beter weten waar we structureel over praten, zijn de exploitatielasten voor de baggeropgave jaarlijks met een budget van C 200.000 in onze begroting verwerkt. De 80/20-regel leert dat het aanpakken van de juiste 20^., 80^. van de klachten voorkomt. De focus ligt daarom op het baggeren van de meest populaire ligplaatsen ("top 12"), maar ook op slimme combinaties bij de vervanging van voorzieningen, of op bijzondere kansen zoals "mee te liften" met anderen.

2.5.1

Wat willen we bereiken en wat willen we gaan doen?

"Het op diepte brengen/houden van ligplaatsen" is het bestedingsdoel voor de bijdragen van de deelnemers in het kader van het programma Baggeren. In de praktijk betekent dit grofweg het baggeren tot 4 meter vóór de aanlegplaats en over de hele lengte.

2.5.2

Wat gaat het kosten?

Baggeren Baten Lasten Saldo (voor bestemming) Onttrekking uit reserves Toevoegingen aan reserves Saldo (na bestemming)

JR2025

2026 -200.000 -200.000 -200.000

2027

2028

2029

2030

-200.000

-200.000

-200.000

-200.000

-200.000

-200.000

-200.000

-200.000

-200.000

-200.000

-200.000

-200.000

16

2.6

Programma Ontwikkelingen

Binnen het programma Ontwikkelingen kunnen nieuwe (incidentele) ontwikkelingen in gang worden gezet rondom voorzieningen van Marrekrite en/of de infrastructuur voor de water- en landrecreatie. Voorstellen voor projecten als deze worden, na goedkeuring van het bestuur, uit dit programma betaald. Op deze wijze kan Marrekrite haar ambitie op het vlak van innoveren en verduurzamen handen en voeten geven en bijdragen aan het aantrekkelijker maken van Fryslân als dé provincie voor water- en landrecreatie. Dit ligt in lijn met ons statutaire doel: het verbeteren van het leefklimaat van de inwoners (recreanten) en de bevordering van het toerisme. Zo is In 2025 het Routebureau gestart, als onderdeel van Marrekrite, nadat wij in 2024 de regie hadden gevoerd op de voorloper Dagrecreatieve Netwerken. De verwachting is dat het routebureau eind 2026 formeel als taak is opgenomen in de gemeenschappelijke regeling. Vanaf dat moment zullen de taken en de middelen, via een begrotingswijziging, vooreerst onder het programma Landrecreatie komen te vallen. Het Routebureau is hét aanspreekpunt voor alle routegebonden recreatie in Fryslân. Het richt zich op het bieden van een compleet en actueel aanbod aan thematische routes, waardoor onze provincie beter beleefbaar wordt. Daarnaast is het verbinden van de diverse betrokken partijen een speerpunt.

Het Routebureau is de spin een web waar vele partijen samenwerken. Na de eerste twee jaren ingezet te hebben op het actualiseren van het bestaande aanbod, denken we dat er in 2027 meer ruimte ontstaat voor nieuwe ontwikkelingen en projecten. Daarvoor wordt in nauw overleg met de stakeholders bepaald waar de grootste prioriteiten liggen. Op moment van schrijven van de voorliggende Begroting 2027 (januari 2026) is formele opname in de GR nog lopende, waardoor we de middelen voor de taken van het Routebureau in 2027 nog eenmaal onder dit programma opnemen. We hebben deze middelen eveneens geprojecteerd in het meerjarenperspectief, zodat het voor de deelnemers duidelijk is wat de geprognosticeerde, meerjarig benodigde, middelen zijn.

2.6.1 Wat willen we bereiken en wat willen we gaan doen? We hanteren jaarlijkse budgetten voor "ontwikkelingen/innovaties" op de domeinen water en land. Omdat het veelal gaat om het inspringen op zaken die zich relatief onverwacht voordoen, is het begroten hiervan lastig. We hebben sinds 2023 hiervoor (structurele) middelen opgenomen in de begroting. Het bestuur kan in voorkomende gevallen ook besluiten om voor zaken als deze geld in te zetten uit de Bestemmingsreserve Innovatie en Ontwikkeling Recreatie (BIOR). 2.6.2

Wat gaat het kosten?

Ontwikkelingen Baten Lasten

2026 330.000 -330.000

2027 285.000 -285.000

2028 293.550 -293.550

2029 302.357 -302.357

2030 311.427 -311.427

Saldo (voor bestemming)

-

-

-

-

-

-

Onttrekking uit reserves Toevoegingen aan reserves Saldo (na bestemming)

-

2.7

JR2025

-

-

-

Programma Wimpels, donateurs en vrijwilligers

Binnen dit programma komen alle inkomsten en uitgaven samen, die te maken hebben met de wimpelverkopen, de vrijwilligers en zaken rondom de donateurs die Marrekrite ondersteunen.

17

2.7.1

Wat willen we bereiken en wat willen we gaan doen?

Wimpels Watersporters dragen, door het vrijwillig kopen van de bekende Marrekrite-wimpel, in belangrijke mate bij aan het in stand houden van onze aanlegvoorzieningen. Sinds 2023 experimenteren we met een variant op de wimpel in de vorm van een sticker, het vignet. Het is nog te vroeg om conclusies te trekken over het succes hiervan. Op aanraden van onze vrijwilligers kiezen wij ervoor om voor het vignet dezelfde prijs aan te houden als voor de kleine wimpel. Dit om verdringing te voorkomen. Vrijwilligers Al jaren zien we het aantal vrijwilligers teruglopen, vooral als gevolg van gezondheid en leeftijd. Door ons meer te richten op online verkoop van wimpels, is het goed mogelijk om hierop in te spelen. Dat blijkt wel uit de wimpelverkoop, die nog altijd een stijgende lijn laat zien. In 2026 zijn we gestart met een pilot met de vrijwilligers voor cashloos betalen van de wimpels via QR-codes. We verwachten dat de pilot slaagt en dat de wimpelverkoop in 2027 volledig cashloos is. Qua inspecties zijn we inmiddels volledig onafhankelijk van de inzet van de vrijwilligers. Door keuzes te maken qua bouw, constructie en materiaalgebruik, hebben we steeds meer grip op het onderhoud van onze voorzieningen. Donateurs Marrekrite streeft ernaar dat zoveel mogelijk watersporters donateur worden. Dit maakt een deel van de wimpelverkoop voorspelbaar en dus beter stuurbaar.

Daarbij, donateurs betalen net iets meer dan mensen die de wimpel "gewoon" kopen. Ook geven zij vaak vrijwillige, extra bijdragen. Het potentieel aan nieuwe donateurs is groot. De meeste mensen zijn namelijk zeer trouw in het kopen van de wimpel. Velen zijn door hun trouwe herhaalaankoop in feite al een soort donateur, alleen nog niet in formele zin. Via een "echt" donateurschap borgen we de goede relatie. Dat het goed lukt om mensen te stimuleren om donateur te worden, blijkt wel uit het feit dat we er jaarlijks nog steeds veel nieuwe donateurs bij krijgen. Hoewel Marrekrite voor de wimpelverkoop in belangrijke mate vertrouwt op (watersport)winkels en watersportverenigingen, zullen we de komende jaren ongetwijfeld zien dat de online verkoop via eigen webshop blijft groeien. Dat is positief, het maakt ons minder afhankelijk van anderen. Wel wordt het langzaam drukker op ons secretariaat, de plek waar de wimpelverkoop wordt aangestuurd. 2.7.2

Wat gaat het kosten?

Wimpels, donateurs en vrijwilligers Baten Lasten Saldo (voor bestemming) Onttrekking uit reserves Toevoegingen aan reserves Saldo (na bestemming)

JR2025

2026 275.000 -26.500

2027 295.000 -26.500

2028 295.000 -21.500

2029 295.000 -21.500

2030 295.000 -21.500

248.500

268.500

273.500

273.500

273.500

248.500

268.500

273.500

273.500

273.500

18

3

Paragrafen

3.1.1 Lokale heffingen Hoewel een verplichte paragraaf op grond van het BBV, kent Recreatieschap Marrekrite geen Lokale Heffingen. 3.1.2 Weerstandsvermogen en risicomanagement Het weerstandsvermogen van Marrekrite zegt iets over de mate waarin de GR in staat is om financiële risico's op te vangen, zonder dat dit directe gevolgen heeft voor de bedrijfsvoering. Om te bepalen of het weerstandsvermogen van Marrekrite per 31 december 2027 toereikend is, bekijken we welke risico's we lopen en wat de mogelijke (financiële) impact van deze risico's is. JR2025 Begin Algemene Reserve (AR) Bestemmingsreserve Baggeren (BB) Bestemmingsreserve Innovatie en Ontwikkeling Recreatie (BIOR) SUBTOTAAL (MUTATIES) RESERVES RESULTAAT/Eigen vermogen

Resultaat

begroting 2026 Eind

Begin 3.332.216 300.000

-50.000

179.138

3.811.354

-50.000 23.736

begroting 2027 Eind 3.282.216 300.000

Begin 3.282.216 300.000

179.138

179.138

3.761.354

3.761.354

Resultaat 23.736

Eind 3.305.953 300.000 179.138

23.736

3.785.091

-21.128

Algemene Reserve De algemene reserve dient ter dekking van de onvoorziene uitgaven. Het grootste risico voor Marrekrite is dat we - als gevolg van ziekte, vertrek of uitval - extra of duurder personeel moeten aantrekken om de continuïteit van de bedrijfsvoering te kunnen blijven garanderen. In dergelijke gevallen moeten we teruggevallen op interim-personeel of op uitzendkrachten die, in directe kosten gerekend, duurder zijn dan eigen mensen. De kans dat dit risico zich voordoet is reëel. Het algemeen bestuur heeft op 28 november 2024 besloten dat we niet langer de personeelskosten als referentie voor het weerstandsvermogen aanhouden, maar de solvabiliteitsratio. We hanteren een ondergrens van 20^. solvabiliteit om ons weerstandsvermogen te berekenen. Dit doen we voor het eerst in deze begroting. De daarbij behorende ratio van het weerstandsvermogen geeft een reële indicatie over de hoogte van ons eigen vermogen in verhouding tot de risico's die we lopen. Marrekrite is een kapitaalintensieve GR: eind 2027 verwachten we voor ruim C 13 miljoen aan activa en dat neemt alleen maar verder toe. Dat is tussen de 4 en 5 keer onze totale jaarlijkse exploitatie. Per 2027 doen we geen vermogensuitkeringen meer aan de deelnemers. Op welke wijze vermogensuitkeringen en toevoegingen plaatsvinden, is in de nota Weerstandsvermogen bepaald.

Hier komen we in de paragraaf Weerstandsvermogen op terug. Eventuele materiële risico's in de vaste organisatiekosten schatten we als zeer beperkt in, omdat hier in belangrijke mate sprake is van flexibiliteit, dan wel van dekking via verplichte verzekeringen. Nu Marrekrite gevestigd is in het voormalige provinciale steunpunt in Uitwellingerga, is ook duidelijk dat er op het vlak van huisvesting voor ons nauwelijks risico's zijn. Er is sprake van een langlopend huurcontract en de zorg voor het pand ligt bij de provincie. De beschikbaarheid van voldoende werkplekken en vergaderruimtes in het pand is wel een punt van aandacht, zeker door de groei van onze organisatie. De provincie werkt aan een toekomstplan voor de provinciale steunpunten, waaronder Uitwellingerga. Welke kant dit opgaat, is lastig te zeggen. Bestemmingsreserves De bestemmingsreserve Baggeren bedraagt C 300.000. Deze reserve dient als "achtervang" achter de exploitatielasten van de onderhoudsopgave Baggeren, als ware het een voorziening.

19

De bestemmingsreserve Ontwikkeling (BIOR) bedraagt krap C 180.000 en is ingesteld om nieuwe (incidentele) ontwikkelingen op het gebied van waterrecreatie of landrecreatie mogelijk te maken, op het moment dat de aanwezige exploitatiemiddelen onvoldoende zijn. De bestemmingsreserve dient niet ter dekking van structurele exploitatielasten die uit deze initiatieven voort kunnen vloeien. Aanwezige stille reserves Naast bovenstaande reserves beschikt Marrekrite ook over meerdere water- en grondkavels. In het verre verleden zijn deze veelal "om niet" verkregen en niet op de balans gewaardeerd. Het BBV staat herwaardering van deze bezittingen niet toe. De omvang van de stille reserves op dergelijke kavels is op de balansdatum niet bepaald. Als gevolg van allerlei heroverwegingen kan het bestuur besluiten om kavels te verkopen aan boeren, natuurorganisaties of andere belangstellenden. Op dat moment dient er getaxeerd te worden. Financiële kengetallen Meerjarenbegroting

Meerjarenbegroting 2027-2030

Kengetallen

2027

2028

2029

2030

Netto schuldquote

2590Zo

288Z

303Z

310Z

Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen

2590Zo

288Z

303Z

310Z

Solvabiliteitsratio

260Zo

27Z

27Z

28Z

Structurele exploitatieruimte

-1Z

-1Z

-1Z

0Z

Grondexploitatie

nvt

nvt

nvt

nvt

Belastingcapaciteit

nvt

nvt

nvt

nvt

Netto schuldquote Een positieve schuldquote geeft aan dat per saldo sprake is van een tekort aan (liquide) middelen. Na vele decennia hebben we per 2022 afscheid van het regime om onze werkzaamheden uit eigen middelen te dekken, omdat Marrekrite bij een gelijkblijvend investeringsniveau geen andere optie heeft dan lang vreemd vermogen aan te trekken. De hiermee gemoeide rentelasten zijn ingepast in de begroting. We verwachten in 2027 ook nog een langlopende lening te moeten aantrekken. De verwachte rentelasten zijn ingeprijsd in de begroting. Solvabiliteitsratio Naarmate het solvabiliteitspercentage hoger is, is een onderneming (of gemeenschappelijke regeling) beter in staat om aan de verplichtingen op lange termijn te voldoen. De solvabiliteit van Marrekrite is, mede ook gelet op de beperkte organisatieomvang, goed te noemen en blijft ook naar de toekomst toe voldoende. Zoals reeds eerder is aangegeven, gebruiken we de solvabiliteitsratio als richtlijn voor het weerstandsvermogen. Het lijkt erop dat vanaf 2028 weer sprake is van een lichte stijging. Structurele exploitatieruimte De structurele exploitatieruimte geeft aan hoeveel vrije ruimte er structureel binnen de begroting aanwezig is. Een hoog percentage geeft aan dat de organisatie beschikt over een positief resultaat op haar structurele activiteiten.

We hebben in de komende vierjarige periode structurele exploitatieruimte in onze begroting. Op grond van onze huidige inzichten zet deze positieve ontwikkeling zich in de jaren daarna verder door richting 2^. van de begroting. Weerstandsvermogen Ons weerstandsvermogen per 2027 is gebaseerd op onze solvabiliteitspositie bij minimaal 20^. solvabiliteit. In 2027 bedraagt de daarbij behorende vermogenspositie C 2,80 miljoen om in de normering "voldoende" te komen (140^^ x ^00^.). Zoals u in onderstaande tabel kunt zien, zitten we daar op dit moment keurig boven. We vallen in de klasse voldoende. Dat stijgt in de meerjarenprognose tot 134^. in 2030.

20

In de nota Weerstandsvermogen hebben we afgesproken dat, als we met de ratio boven 140^. komen (blijvend in het meerjarenperspectief), we het surplus uitkeren aan de deelnemers. Komen we onder 100^. (blijvend in het meerjarenperspectief) dan zullen de deelnemers moeten bijpassen, tenzij we het op een andere manier kunnen oplossen. Weerstandsvermogen

Beschikbare weerstandscpaciteit Ratio van het weersta ndsvermogen

3.485

=

=

=

Benodigde weerstandscapaciteit

1257o

2.797

Norm Solvabiliteitspercen tage minimaal

200Zo

Gebaseerd op vermogen 2026

2.558.938

WSV-ratio

2026

132ū7o

Gebaseerd op vermogen 2027

2.797.018

WSV-ratio

2027

125ū7o

Gebaseerd op vermogen 2028

2.716.126

WSV-ratio

2028

128ū7o

Gebaseerd op vermogen 2029

2.634.146

WSV-ratio

2029

130ū7o

Gebaseerd op vermogen 2030

2.552.503

WSV-ratio

2030

1347o

3.1.3 Financiering Sinds we te maken hebben met (lang) vreemd vermogen nemen we in deze paragraaf de verplichte tabellen op ten behoeve van het bepalen van de renterisiconorm en de kasgeldlimiet. Marrekrite blijft ten aanzien van beide normen ruimschoots binnen de toepasselijke maxima. Berekening renterisiconorm JR2025

2026

2027

2028

2029

2030

2.877.218

3.211.158

3.253.800

3.263.690

3.287.192

575.444

642.232

650.760

652.738

657.438

Aflossingen

266.667

333.333

383.333

383.333

383.333

Renterisicobedrag

266.667

333.333

383.333

383.333

383.333

In 7 begroting

9,277 308.777

10,387

11,787 267.427

11,757 269.405

11,667 274.105

2028

2029

-

-

2030 -

Grondslag: omvang oorspronkelijke begroting

Renterisiconorm (207 van grondslag)

2007o

Renteherzieningen

Ruimte (+Ĵ l overschrijding (-)

308.898

Berekening kasgeldlimiet JR2025 Vlottende korte schuld Vlottende Middelen Netto vlotten de schuld Kasgeldlimiet Ruimte onder de kasgeldlimiet

2027 -

50.000 499.762

1.111.062

414.416

-47.617

-441.012

C=A-B

-449.762

-1.111.062

-414.416

47.617

441.012

D D-C

235.932 685.694

263.315 1.374.3 77

266.812 681.228

267.623 220.006

269.550 -171.462

2.877.218

3.211.158

3.253.800

3.263.690

3.287.192

235.932

263.315

266.812

267.623

269.550

Begrotingstotaal Kasgeldlimiet

2026

A B

8,2007o

In 2027 trekken we naar verwachting C 2,0 miljoen aan langlopende leningen aan. We hebben de periode bereikt waarin er in de bestaande infrastructuur beperkter hoeft te worden geïnvesteerd en we de jaarlijkse investeringen tot en met 2034 gaan afbouwen, aangezien het grootste deel van de ruim 32 km aan aanlegcapaciteit dan duurzaam is vervangen. Op zijn vroegst in 2045 verwachten we weer grotere vervangingsinvesteringen te moeten doen, op basis van de gebruikte afschrijvingstermijnen van 40 en 50 jaar. We sluiten echter niet uit dat de levensduur van onze voorzieningen op het water veel langer zal blijken te zijn.

3.1.4

Onderhoud Kapitaalgoederen

Aanlegvoorzieningen Wanneer al onze aanlegplaatsen in Fryslân aan elkaar zouden worden geplakt, blijkt dat we ruim 32km aan voorzieningen in beheer hebben, op de mooiste plekken in het buitengebied. Daarnaast hebben we sinds eind 2020 in totaal 100 MarBoeien op het water liggen. 21

Containers Onze circa 120 containers voor recreatie-afval blijven 's winters in het veld staan. Ze worden jaarlijks gecontroleerd en - indien nodig - gerepareerd. Zo bewaken we de kwaliteit en verlengen we de levensduur. De meeste containers zijn inmiddels afgeschreven. Als repareren niet langer mogelijk of rendabel is, schaffen we (zo goed als) nieuwe exemplaren aan. Werkschip (MK1) Onze eerste werkboot is halverwege 2013 aanschaft en wordt gedurende 15 jaar afgeschreven (tot 2028). Het schip heeft een ligplaats in de haven bij onze kantoorlocatie in Uitwellingerga. Het meeste onderhoud aan onze schepen en kleinere aanpassingen doen we zelf. Ingrijpender klussen worden op werven uitgevoerd, waarbij wij meestal zelf ook in uitvoerende zin betrokken blijven. Milieuboot (MK2) De milieuboot (containerboot) is eind 2013 aanschaft om het recreatie-afval met ingang van 2014 in eigen beheer te kunnen inzamelen. Vóór die tijd werd deze taak vanuit Boarnsterhim uitgevoerd. De verwerking van het afval is en blijft een taak van Omrin. De schipper doet het dagelijks onderhoud aan het schip zelf, waar nodig bijgestaan door onze andere buitendienst collega's. Duwponton De werkponton is 6 x 4 meter groot en kan worden ingezet om klein onderhoudswerk te doen. Borden netwerken en TOP's De informatiepanelen en borden van de knooppuntnetwerken blijven formeel in eigendom van de gemeenten.

Ook de vervangingskosten worden door de deelnemers betaald. In totaal is in Fryslân (exclusief gemeente Ooststellingwerf) ruim 2.800 km fietspad van knooppuntbebording voorzien (868 knooppunten). Op het gebied van wandelen gaat het om ruim 3.900 km aan paden dat is voorzien van 2.106 knooppunten. Daarnaast worden in samenwerking met de gemeenten door de hele provincie TOP's geplaatst. De TOP's functioneren als begin- en eindpunten voor routes en ommetjes die recreanten uitzetten in het betreffende gebied, maar dragen ook bij aan een betere spreiding van routerecreatie over de provincie. Zij staan op logische startpunten voor routegebonden recreatie of op plekken waar partijen dit willen stimuleren. Ook TOP's blijven formeel in eigendom van de gemeenten. Begin 2026 stonden er 30 TOP's in de provincie. Kantoorinventaris De kantoorinventaris is eerder volledig afgeschreven. Aanschaffingen kleiner dan C 25.000 komen rechtstreeks ten laste van de exploitatie. 3.1.5 Verbonden partijen Bij Marrekrite is geen sprake van Verbonden Partijen.

22

3.1.6 Bedrijfsvoering Hieronder wordt een overzicht gegeven van de verwachte formatie van Recreatieschap Marrekrite, met als peildatum 1 januari 2027. Daarin is de formatie van het Routebureau ad. 2,11 fte ook opgenomen. Personeel 2027

directeur

0,89

senior beleidsmedewerker teamleider beheer en onderhoud

0,78 0,89

officemanager

0,67

medewerker communicatie

0,89

projectleider landrecreatie

0,89

coordinator Routebureau

0,89

medewerker Routebureau

1,00

medewerker communicatie Routebureau technisch medewerker watersport medewerker milieuboot medewerker groenonderhoud vacatureruimte

0,11 0,78 0,89 4,00

TOTAAL

13,22

0,55

WNT-verantwoording Per 1 januari 2013 is de Wet Normering bezoldiging Topfunctionarissen publieke en semipublieke sector (WNT) ingegaan. Deze verantwoording is opgesteld op basis van de regelgeving rondom het algemene WNT-maximum. Daaruit blijkt dat de honorering van de directeur van Recreatieschap Marrekrite ruim binnen het bezoldigingsmaximum valt. Overhead Het overheadpercentage voor 2027 hebben we berekend op 38^. en is gebaseerd op 4,99 fte personeel dat overheadtaken uitvoert. De overhead rekenen we als een opslag op het integrale uurtarief, dat we als directe kosten in rekening brengen ten aanzien van de respectievelijke programma's. Kostendekkende tarieven De integrale uurtarieven van onze medewerkers zijn gebaseerd op 1.400 werkbare uren per jaar en zijn tenminste kostendekkend. Omdat deze tarieven naar personen te herleiden zijn, vormen deze geen onderdeel van deze begroting.

3.1.7 Openbaarheid De Wet Open Overheid (Woo) is ingegaan op 1 mei 2022 en legt aan bestuursorganen een aantal verplichtingen op. Een van deze verplichtingen betreft het geven van een impuls aan openbaarheid. De wet vereist dat in begroting en jaarrekening wordt aangegeven hoe rekening wordt gehouden met de bepalingen uit de Woo. In deze paragraaf beschrijven we de ontwikkelingen rond de Woo in 2027. We richten ons daarbij op de drie pijlers van de Woo: ^ Actieve openbaarmaking. • Passieve openbaarmaking. ^ Verbetering van de (digitale) informatiehuishouding.

23

Actieve openbaarmaking De Woo verplicht overheden ook hun informatiehuishouding op orde te hebben en te houden, en actief te publiceren. Per 1 november 2024 hebben overheden al de plicht tot actief publiceren van de informatiecategorieën van de eerste tranche. Marrekrite voldoet aan deze eisen. Voor verdere actieve publicaties volgt Marrekrite de implementatiedata zoals vastgesteld door de Rijksoverheid. Passieve openbaarmaking Naast het actief openbaar maken, kan iedereen altijd vragen om bepaalde informatie via een Wooverzoek openbaar te maken. Ook bij openbaarmaking op verzoek gaat de Woo ervan uit dat het belang van openbaarheid altijd geldt en dat alleen een bijzonder belang vóór openbaarmaking kan gaan en daarmee een uitzondering kan vormen. Concreet betekent dit dat een Woo-verzoek (of onderdelen daarvan) alleen kan (of kunnen) worden geweigerd wanneer een beschermd belang in het geding is. Indien Marrekrite een Woo-verzoek ontvangt en afhandelt, zullen de stukken eveneens op de website worden gepubliceerd. Informatiehuishouding op orde Een van de uitgangspunten van de Woo is dat de informatiehuishouding op orde is. Door digitalisering heeft Marrekrite hier de afgelopen jaren al stappen in gezet en ook de komende jaren zetten we hierop in.

3.1.8 Grondbeleid Recreatieschap Marrekrite heeft circa 170 percelen in eigendom. Op de meeste percelen zijn voorzieningen gerealiseerd, maar er zijn ook percelen waarop dat niet zo is. Er zijn locaties in of aan vaarwater (provincie, gemeenten, Wetterskip) of op eigendommen van natuurorganisaties. Grondbezit is voor Marrekrite geen doel op zich, maar een middel om ligplaatsen te faciliteren. Veel percelen hebben een beperkte (financiële) waarde, omdat deze geen nut hebben voor een andere bestemming. Veelal betreft het geïsoleerde snippers. Boeren hebben er vaak geen belang bij, omdat het niet zelden om buitendijks land gaat. Verkoop voor commercieel gebruik is door dergelijke factoren vaak niet goed mogelijk. Toch is het van belang om zorgvuldig naar deze materie te blijven kijken. Bij eigendom liggen de risico's en de onderhoudsplicht wel bij Marrekrite. Dat betekent dat we soms kosten moeten maken, zonder dat hier echte voordelen tegenover staan, terwijl we onze doelen ook behalen als het niet ons eigendom betreft. Verkoop kan daarom zeker wel interessant zijn, niet voor de opbrengst, maar om kosten te besparen. Daarom staan we hier, zij het met behoud van het recht van recreatief medegebruik, in principe positief tegenover. Het algemeen bestuur neemt over verkoop altijd het finale besluit.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/17021895/1