CConstaterende datSudwest Fryslan
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 3 - Bestemmingsplan Hindeloopen

Raadsvergadering 28 september 2023, gemeente Sudwest FryslanBij agendapunt: Bestimmingsplan Hylpen28.358 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 4

ontwerp

CONCEPT*

Bestemmingsplan Hindeloopen ontwerp

TOELICHTING Inhoudsopgave HOOFDSTUK 1 Inleiding

3

1.1 Aanleiding

3

1.2 Stukken bij het plan

3

1.3 Ligging van het plangebied

4

1.4 Huidig planologisch situatie

5

1.5 Leeswijzer

5

HOOFDSTUK 2 Planbeschrijving

6

2.1 Functionele structuur

6

2.2 Verkeersstructuur

7

2.3 Ontstaansgeschiedenis en stedenbouwkundige structuur

9

HOOFDSTUK 3 Beleidskader

16

3.1 Rijksbeleid

16

3.2 Provinciaal beleid

19

3.3 Gemeentelijk beleid

22

HOOFDSTUK 4 Omgevingsaspecten

32

4.1 Vormvrije mer-beoordeling

32

4.2 Milieuzonering

32

4.3 Bodem

33

4.4 Cultuurhistorie inclusief archeologie

33

4.5 Ecologie

43

4.6 Externe veiligheid

47

4.7 Geluid

51

4.8 Kabels en leidingen

51

4.9 Lichthinder

51

4.10 Luchtkwaliteit

52

4.11 Verkeer

53

4.12 Water

53

Bestemmingsplan Hindeloopen ontwerp

1

HOOFDSTUK 5 Juridische toelichting

55

5.1 Inleiding

55

5.2 Planregels

55

5.3 Procedure

58

5.4 Toelichting op de bestemmingen

59

HOOFDSTUK 6 Economische uitvoerbaarheid

67

6.1 Maatschappelijke uitvoerbaarheid

67

6.2 Economische uitvoerbaarheid

68

6.3 Grondexploitatie

68

Bestemmingsplan Hindeloopen ontwerp

2

HOOFDSTUK 1 Inleiding 1.1

Aanleiding

Bestemmingsplannen worden periodiek herzien. De aanleidingen hiervoor zijn de verouderde planvoorschriften (regels) van het huidige plan, veranderd gebruik van het terrein, gewijzigde wetgeving en nieuwe inzichten. Een herziening van een bestemmingsplan is een actualisatie van een bestemmingsplan binnen een wijk, dorp of stad. Het uitgangspunt hierbij is dat de opzet en het beleid ten aanzien van het plangebied grotendeels gehandhaafd blijft. Op onderdelen wordt de wenselijkheid van bepaalde ontwikkelingen opnieuw afgewogen. Daar waar mogelijk zijn afwijkingen uit bestemmingsplanvoorschriften van de oude bestemmingsplannen omgezet naar bij recht toegestane mogelijkheden. De gemeente Súdwest-Fryslân heeft besloten bij actualisatie zoveel mogelijk (vergelijkbare) dorpen en/of steden in de omgeving mee te nemen in één plan. Hindeloopen kent een dusdanige specifieke regeling in het kader van het beschermde stadsgezicht dat besloten is om geen andere steden en/of dorpen mee te nemen in dit actualisatieplan. Dit bestemmingsplan is een actualisatie van de in paragraaf 1.4 opgesomde ruimtelijke plannen.

1.2

Stukken bij het plan

Het bestemmingsplan Bestemmingsplan Hindeloopen bestaat uit de volgende stukken: •

Toelichting.

•

Regels.

•

Verbeelding.

•

Bijlagen bij de toelichting:

•

−

Bijlage 1: Beschermd stadsgezicht Hindeloopen.

−

Bijlage 2: Advies FUMO.

−

Bijlage 3: Wateradvies.

Bijlagen bij de regels: −

Bijlage 1: Lijst met beroepen en bedrijven aan huis.

−

Bijlage 2: Staat van bedrijfsactiviteiten.

−

Bijlage 3: Afwijkende verstoringsdiepte.

−

Bijlage 4: Lijst met karakteristieke panden en rijksmonumenten.

−

Bijlage 5: Persoonsgebonden overgangsrecht.

Op de verbeelding zijn de bestemmingen van de in het plan opgenomen gronden aangegeven. In de regels zijn voorschriften opgenomen die noodzakelijk zijn voor een juiste ontwikkeling en beheer van het plangebied. De toelichting hoort bij het plan. Hierin zijn de aan het plan ten grondslag liggende uitgangspunten en onderzoeken weergegeven.

Bestemmingsplan Hindeloopen ontwerp

3

1.3

Ligging van het plangebied

De voorliggende herziening geeft een juridisch-planologische regeling voor de kern van Hindeloopen met aansluitend ten zuiden van de kern het bedrijventerrein en de camping. Het plangebied wordt aan de westkant begrensd door het IJsselmeer, aan de noordoost kant begrensd door de Jachthaven Hindeloopen en aan de oostkant en zuidkant begrensd door het buitengebied. De ligging en begrenzing van het plangebied is weergegeven in respectievelijk figuur 1 en figuur 2. De stad Hindeloopen is één van de Friese elf steden. De stad bezit een cultuurhistorisch waardevolle kern die is aangewezen als Beschermd stadsgezicht.

Figuur 1: Ligging plangebied.

Figuur 2: Begrenzing plangebied.

Bestemmingsplan Hindeloopen ontwerp

4

1.4

Huidig planologisch situatie

Voor het plangebied gelden, tot het van rechtskracht worden van dit bestemmingsplan, de volgende plannen: −

Bestemmingsplan ‘Hindeloopen beschermd stadsgezicht’ (2005).

−

Bestemmingsplan ‘Bedrijventerrein Indijk Hindeloopen’ (2011).

−

Bestemmingsplan ‘Indyk Hindeloopen’ (1982).

−

Bestemmingsplan ‘Hindeloopen – Stadsweide’ (2008).

−

Beheersverordening buitengebied Nijefurd (2015).

−

Paraplubestemmingsplan parkeernormen SWF (2018).

De geldende bestemmingsregeling in deze bovengenoemde plannen is afgestemd op de ten tijde van de opstelling van die plannen aanwezige/gewenste functies en bebouwing. Globaal ging het daarbij om de volgende functies: −

Bedrijven

−

gemengd

−

horeca

−

maatschappelijke functies (school, kerk, musea)

−

natuur

−

sportvoorzieningen

−

verblijfsrecreatie

−

wonen

1.5

Leeswijzer

De plantoelichting geeft een toelichting op het bestemmingsplan, maar maakt geen juridisch onderdeel uit van het bestemmingsplan. De plantoelichting bevat achtereenvolgens de volgende hoofdstukken: Hoofdstuk 1

Inleiding

Hoofdstuk 2

Planbeschrijving

Hoofdstuk 3

Beleidskader

Hoofdstuk 4

Omgevingsaspecten

Hoofdstuk 5

Juridische vormgeving

Hoofdstuk 6

Uitvoerbaarheid

Bestemmingsplan Hindeloopen ontwerp

5

HOOFDSTUK 2 Planbeschrijving 2.1

Functionele structuur

De binnen het plangebied gelegen gronden en gebouwen hebben overwegend een woonfunctie, al dan niet in combinatie met een aan-huis-verbonden beroep of bedrijf. Daarnaast zijn echter ook andere functies aanwezig. Deze zijn hierna toegelicht. 2.1.1

Bedrijvigheid

Binnen het plangebied ligt het bedrijventerrein Indijk. Dit terrein ligt tussen de woonbebouwing aan de noordzijde en een camping aan de zuidzijde. Het plangebied heeft een aantal verschillende functies. Het noordwesten van het plangebied bestaat uit een grote parkeerplaats die wordt gebruikt voor de kustrecreatie van het IJsselmeer en de camping. Daarnaast bevinden zich aan de noordzijde verschillende bedrijven die georiënteerd zijn op de Suderseewei. In dit gebied zijn met name bedrijven aanwezig die aansluiten bij recreatie en scheepvaart. Daarnaast is er op het terrein een auto- en garagebedrijf, een bouwbedrijf en een bedrijfsverzamelgebouw gevestigd. 2.1.2

Recreatiebedrijven

Hindeloopen vervult een belangrijke functie op het gebied van recreatie en toerisme. De ‘oude’ stad vervult hierin een centrale functie. Dit vanwege de grote cultuurhistorische waarde. Bepalend voor de identiteit van Hindeloopen zijn nog steeds de klederdracht, schilderkunst, houtsnijwerk en interieurkunst. In het plangebied zijn dan ook verschillende winkels/expositieruimten aanwezig waar deze typerende zaken en de wijze waarop ze worden gemaakt, getoond worden. Verder bevinden zich in de stad enkele verblijfsrecreatieve functies, waaronder een aantal pensions/bed and breakfast. Aan de zuidkant van het plangebied is een camping gevestigd. 2.1.3

Voorzieningen

Hindeloopen beschikt qua maatschappelijke voorzieningen onder andere over een kerk, een basisschool, een peuterspeelzaal en een tweetal musea. Daarnaast beschikt Hindeloopen over meerdere detailhandelsvestigingen. Het overgrote deel van de winkels is georiënteerd op het toerisme. Veel winkels worden gecombineerd met een woonfunctie. Verder zijn in Hindeloopen sportvoorzieningen aanwezig in de vorm van sportvelden en een gymzaal. 2.1.4

Horeca

In Hindeloopen is sprake van een ruim aanbod in horecavestigingen. Deze liggen met name in het centrum van het stadje. Het gaat daarbij om horecavoorzieningen zoals een hotel, restaurants en cafés. 2.1.5

Gemengde functies

In het centrum is een menging van functies aanwezig. Daarbij is sprake van afwisselend woonfuncties, detailhandel, horeca, bedrijfjes of maatschappelijke voorzieningen. Deze functies bestaan van oudsher naast elkaar, dit is in de loop van de tijd zo ontstaan.

Bestemmingsplan Hindeloopen ontwerp

6

2.2 2.2.1

Verkeersstructuur Wegen

De inrichting van wegen vormt de basis voor een verkeersveilige, bereikbare en leefbare gemeente. Landelijk is afgesproken dat hiervoor het Duurzaam Veilig principe wordt toegepast. Hierin wordt onderscheid gemaakt in verkeersruimten en verblijfsgebieden. In de verkeersruimten krijgen vlotte autoverplaatsingen en bereikbaarheid prioriteit. In verblijfsgebieden is de kwaliteit van de openbare ruimte belangrijker. De doorstroming van het verkeer heeft een ondergeschikte rol ten opzichte van een aangenaam en veilig woon- en leefklimaat. Op basis van Duurzaam Veilig zijn er drie categorieën wegen: 1. Stroomwegen (verkeersruimte) vormen het landelijke- en regionale hoofdwegennet. Hier geldt een maximum snelheid van 120/130 of 100 km/u buiten de bebouwde kom en 70 km/u binnen de bebouwde kom. 2. Gebiedsontsluitingswegen (verkeersruimte) hebben een ontsluitende functie voor een groter gebied en regionale centra, en vormen een verbinding met de stroomwegen. Hier geldt een maximum snelheid van 80 km/u buiten de bebouwde kom en 50 km/u binnen de bebouwde kom. 3. Erftoegangswegen (verblijfsgebied) lopen direct van en naar de percelen, hoofdzakelijk bestemmingsverkeer, agrarisch verkeer, fietsers. Hier geldt een maximum snelheid van 60 km/u buiten de bebouwde kom en 30 km/u binnen de bebouwde kom.

Figuur 3: Wegencategorisering (Bron: Gemeentelijk Verkeers- en Vervoersplan (GVVP))

Bestemmingsplan Hindeloopen ontwerp

7

2.2.2

Vaarwegen

De Vaarwegenverordening van de Provincie Fryslân is van toepassing op de vaarwegen en waterstaatswerken welke in beheer en onderhoud zijn bij de provincie. In het kader van deze verordening is het verboden een werk te maken, op te richten of te hebben of de afmetingen van een bestaand werk te veranderen of in het algemeen enige handeling te verrichten waardoor in de plaatselijke toestand een wijziging wordt aangebracht. Het water ‘Yndyk’ is in beheer en onderhoud bij de provincie Fryslân. 2.2.3

Openbaar vervoer

De trein van Stavoren naar Leeuwarden vormt een belangrijke openbaar vervoerverbinding richting Groningen, het midden en westen van het land. Hindeloopen heeft een eigen station op ongeveer een halve kilometer aan de noord-oostkant van het stadje. Binnen onze gemeente is de provincie Fryslân opdrachtgever van het openbaar vervoer. Het huidige netwerk van openbaar vervoer is opgebouwd uit: •

trein

•

lijnbus hoge frequentie

•

lijnbus lage frequentie

•

belbus

•

buurtbus.

Figuur 4: Uitsnede GVVP: overzicht netwerk openbaar vervoer.

Bestemmingsplan Hindeloopen ontwerp

8

2.3 2.3.1

Ontstaansgeschiedenis en stedenbouwkundige structuur Historie

Hindeloopen is aan drie zijden omgeven door een zeedijk met aan de noordkant een haven. Alleen aan het zuidoostelijke zijde wordt de stad door land begrensd. De stad is ontstaan uit een kleine nederzetting in de nabijheid van de Fliestroom (nu de Yndijk) en ontwikkelde zich door het ontstaan van de Zuiderzee tot een zeestad met een rijke historie. De plaats waar Hindeloopen ligt, was al in de 8e eeuw bewoond en had veel te lijden van de Noormannen. Waarschijnlijk was Hindeloopen van oorsprong een eenvoudig boerendorp. Omstreeks 825 wordt in een oorkonde de naam "Hindolop" voor deze nederzetting gebruikt. In de 10e eeuw is in Engeland al de naam "Hintlop" bekend en in een "Croniicke" uit 1597 staat over de naam Hindeloopen: "Het creech dese voorschreven naem van etlicke wilde beesten, die men hinden noemde, die uut het Bosch van die Creijl aldaer hare ganck en de loop hadden." Mogelijk heeft het 9e eeuwse Hindeloopen, net als Stavoren, aanvankelijk ook nog wat westelijker gelegen, dan de huidige stad. De ontginning van de veengebieden, gevolgd door bodemdaling en het ontstaan van de Zuiderzee maakte een veiliger plaats noodzakelijk. Als gevolg van de opdringende zee is later waarschijnlijk een op zee gerichte situering ontstaan, waardoor mogelijkheden voor handel en scheepvaart ontstonden.

In de 13e eeuw werd aan Hindeloopen stadsrecht toegekend en in het jaar 1368 behoorde Hindeloopen tot het Hanzeverbond. De voorrechten die de stad ontving ten aanzien van de vaart op de Oostzee vormden eeuwenlang de hoofdbron van de welvaart. In de veertiende eeuw werd waarschijnlijk ook de eerste dijk met palissaden “rond” de stad aangelegd. De kerk en de markt kwamen binnen deze driezijdige dijk te liggen en werden zo goed verdedigbaar. In deze periode werd ook het water in het stadje gekanaliseerd en werden de eerste grachten gegraven. Dit gebeurde, in verband met het gebrek aan ruimte aan de voorzijde van de woningen, achter de woningen. Naast welvaart kende Hindeloopen ook veel rampspoed. Tal van branden, stormen en overstromingen teisterden de plaats, terwijl verwoestingen door oorlogsgeweld ook meer dan eens voorkwamen. De groei zette zich in deze periode echter door. Handel, scheepvaart en welvaart, namen toe. Hindeloopen en de rest van de zuidwesthoek deelden in die tijd ruimschoots mee in de wijdvermaarde roem van Stavoren. Toen Stavoren in de 17e eeuw zijn roem grotendeels had verloren, bereikte Hindeloopen economisch gezien haar hoogtepunt. Dit was een gevolg van de nauwe relaties die Hindeloopen onderhield met Amsterdam. Dit in tegenstelling tot Stavoren.

Ondanks de welvaart, die omstreeks het midden van de 18e eeuw het toppunt bereikte, maar daarna in snel tempo afnam, bleef de stad slechts gering van omvang. De ruimtelijke ontwikkeling van Hindeloopen voltrok zich in de hiervoor omschreven periode als volgt. In het begin van de 16e eeuw ontstond het eerste deel van de stad in het gebiedje aan de noordzijde van de Hervormde kerk. De oudste kern ligt aan de Buren, dicht bij de zeedijk gelegen. Aan de noordzijde aan de havenmond werd omstreeks 1522 het blokhuis, een militair verdedigingswerk, gebouwd in opdracht van Karel V met als doel om de stad, en van daar uit andere delen van Friesland, onder zijn controle te houden. circa 1580 werd het blokhuis ontmanteld en deels afgebroken, een deel werd opgenomen in de stadsmuren. Rond 1580 was het gebiedje tussen de dijken volgebouwd en vond de verdere uitbreiding van de stad in zuidelijke richting plaats.

Bestemmingsplan Hindeloopen ontwerp

9

De eerste uitbreiding was naar de Tuinen, waar voorheen moestuinen waren. In 1614 werd de Oude Weide aangelegd, in 1638 volgden de Nieuwe Weide en de Nieuwstad. Deze straten werden aangelegd op het gemeenschappelijke weidegebied, de Meenschar. Met het graven van de Wide Wyken, in de Weide en de Meanskerswyken hadden de nieuwe huizen een waterverbinding met Yndyk en Aesterfaart. De verkaveling van de opeenvolgende uitbreidingen vond steeds plaats volgens dezelfde, streng lineaire opzet als de Buren. Deze opzet kan als volgt worden gekarakteriseerd: straat, met een strakke gesloten gevelwand direct aan de straat, vrij diepe achtertuinen met daarin incidenteel een litshuis (het officiële woord is likj-hús) grenzend aan een gracht. De grachten in Hindeloopen deden over het algemeen alleen dienst voor het secundaire waterverkeer en als afvoer voor afval- en regenwater. De gehele 17e eeuw was voor Hindeloopen een tijd van grote bloei.

Figuur 5: kaart van Hindeloopen omstreeks 1575, Jacob van Deventer

In deze periode kreeg Hindeloopen ook haar huidige structuur en uitstraling die met name ook gekenmerkt wordt door enerzijds de bouwmaterialen uit de directe omgeving (rood/grijze tot geel genuanceerde baksteen, helder oranje/rode dakpannen en gele klinkertjes) en anderzijds de als ballast uit Scandinavië meegenomen zwerfkeitjes. Ten westen van de kerk was in de 17e eeuw nog vrij veel bebouwing met de Weverstraat en een doorlopende Kerkstraat, het oudste deel van Hindeloopen. Dat kwam niet alleen door de invloed van de zee. De terugloop van de economie in de 18e eeuw maakte dat er minder huizen nodig waren. Toen de dijk bij de kerk naar binnen moest worden gelegd, was dat geen probleem. Mogelijk waren veel huizen destijds al niet meer bewoond. Door de wijziging van de loop van de dijk en de daarmee verband houdende sloop van een deel van het woongebied kwam de kerk excentrisch te liggen. Later in de 18e eeuw ging als gevolg van storm- en watervloeden ook nog een deel van de Oude Weide en de bebouwing langs de haven verloren.

Bestemmingsplan Hindeloopen ontwerp

10

Figuur 6: Kaart van Hindeloopen omstreeks 1622, Atonis en Graviuss

Aan het eind van de 18e eeuw was het gedaan met de welvaart van Hindeloopen. Als gevolg van het verval kwamen in de periode tussen 1780 en 1850 veel woningen leeg te staan en werden er ca. 180 panden afgebroken, onder andere aan de Tuinen. Eén en ander kwam de kenmerkende, ruimtelijke structuur van Hindeloopen niet ten goede. In de 19e eeuw werden aan veel panden in Hindeloopen, vaak met minimale middelen, de nodige verbouwingen en verbeteringen gepleegd, waardoor veel oorspronkelijke gevels verdwenen. In de eerste helft van de 20e eeuw veranderde er in structureel opzicht weinig in Hindeloopen. In de jaren vijftig zijn ten zuiden van de kerk (o.a. Molenstraat) enkele rijen huizen tot stand gekomen, in de jaren zeventig gevolgd door nog enkele rijen (o.a. Spinhuisstraat, Kerkstraat en Nieuweweg). Deze woningen vallen qua situering en vormgeving wat uit de toon doordat er geen rekening gehouden is met de oude structuur van de kerk. Van de oude bebouwing rondom de kerk is alleen het oude raadshuis (nu Hidde Nijland museum) nog over. De eerste echte stadsuitbreiding van de 20e eeuw vond plaats in de jaren zestig aan de zuidwestelijke flank, achter de zeedijk: de Weidestraat en Stadsweide tot het water van de Greft. Dit betreft de wijk Stadsweide waar destijds 45 gezins- en senioren woningen in blokken en rijen (sociale huurwoningen) gerealiseerd werden.

Ten zuiden van dat water kwam in de jaren zeventig een volgend woongebied, de wijk Indijk. In de 2e helft van de jaren tachtig volgde opnieuw een bebouwingsstrook en ten slotte is in de tweede helft van de jaren negentig de wijk met waterpartijen en schiereilanden voltooid. Het merendeel van deze wijk bestaat uit vrijstaande woningen. De zuidelijke grens van het woongebied in de Suderseewei, de zuidelijke rondweg van Hindeloopen.

Bestemmingsplan Hindeloopen ontwerp

11

Figuur 7: Topotijdreis kaart 1982

Figuur 8:Topotijdreis kaart 2000

De laatste inbreiding vindt plaats in de wijk Stadsweide. Na enkele decennia vond men de sociale woningbouw van de wijk te verouderd en werd er besloten om de gehele wijk te vervangen. In 2011 werd een compleet nieuwe Stadsweidewijk opgeleverd. Aan de zuidkant van Hindeloopen ligt binnendijks (aan de Westerdijk) Camping Hindeloopen. In 1972 is deze camping gestart toen de koeien plaats maakten voor een camping. De (voormalige) agrarische boerderij is behouden gebleven en de camping is uitgegroeid tot een volledige recreatieve accommodatie met een oppervlakte van 1,7 hectare. Ten zuiden van de wijk Indijk is rond 1980 een nog een Bedrijventerrein Indijk gesitueerd. In 2011 is dit bedrijventerrein uitgebreid o.a. om de verplaatsing van een scheepswerf mogelijk te maken die midden in het woongebied van Hindeloopen lag.

Figuur 9: Hindeloopen anno 2020

Bestemmingsplan Hindeloopen ontwerp

12

2.3.2

Stedenbouwkundige structuur

Binnen de historisch waardevolle stadskern van Hindeloopen kan een aantal, meestal door water omgeven gebieden worden onderscheiden. In een groot deel van de kom van Hindeloopen is sprake van een typerende perceelindeling in de vorm van 15 à 20 meter langgerekte kavels met een breedte van 6 à 8 meter, die liggen tussen de straat en de gracht. De woningen op de kavels zijn daarbij met de voorgevels direct aan de straat gesitueerd. De woningen hebben dus geen voortuin, maar wel een lange smalle achtertuin met daarin soms enige bijgebouwen. Dit voor Hindeloopen vrij algemene beeld wordt aan de Tuinen niet meer aangetroffen. Hier is sprake van een meer willekeurige situering van de percelen, terwijl deze in de rest van het stadje in een strak lineair ritme gegroepeerd zijn. Een ander algemeen voorkomend en ruimtelijk structurerend element is het hoogteverschil, dat op bepaalde locaties zelfs meer dan een meter bedraagt. Beschermd stadsgezicht Het deel van Hindeloopen dat is aangewezen als beschermd stadsgezicht kan getypeerd worden als een samenstel van binnen een zeedijk gelegen gebiedjes die een sterke lineaire opbouw kennen, die omgeven zijn door water/grachten en waarbinnen de woningen in een strakke rooilijn direct aan en ter weerszijden van een straat gesitueerd zijn.

In de loop der eeuwen is door afbraak van woningen en verlegging van de zeedijk op een aantal punten aan deze sterk lineaire structuur “geknabbeld”. Desondanks is er cultuurhistorisch en stedenbouwkundig gezien nog steeds sprake van een zodanig waardevolle ruimtelijke structuur en is er daarbinnen ook nog steeds sprake van een zódanig aantal als monument aangewezen panden, dat de kom van Hindeloopen met het daaraan grenzende open gebied nog steeds het predicaat Beschermd stadsgezicht (aanwijzing 16 mei 1972) volledig waard is (zie Figuur 10).

Figuur 10: Begrenzing Beschermd gezicht Hindeloopen (Bron: website cultureelerfgoed.nl)

De bebouwing binnen het beschermde stadsgezicht is opgetrokken in 1 à 2 bouwlagen en voorzien van een kap. Kapvormen die daarbij zijn toegepast, zijn het (afgeknotte) schilddak, het mansardedak, het zadeldak en het tentdak, of samenstelsels daarvan. De nok is daarbij haaks op de weg of parallel aan de weg gesitueerd. De over het algemeen

Bestemmingsplan Hindeloopen ontwerp

13

in een gesloten gevelwand geplaatste woningen, zijn individueel herkenbaar en meestal voorzien van een verticale gevelgeleding. De kleurstelling van de omlijstingen van de gevels, dakgoten, kozijnen, e.d. is overwegend groen en wit. Naast de bebouwing, het water en de straten, vormen ook de tuinen bij de woningen, met daarin nog een enkel litshuis, een structurerend element van het Beschermd stadsgezicht. Een ander groenelement dat meebepalend is voor de waarde van het beschermde stadsgezicht, is het “open” voetbalveld aan de zuidzijde van de oude stad. De openheid van dit veld waarborgt vanaf de invalsweg van Hindeloopen het zicht op de fraaie “achterkant” van het stadje en laat daarnaast ook nog steeds duidelijk zien hoe stad en agrarisch gebied in elkaar overgingen. Vanuit cultuurhistorisch punt gezien is dit vrije aanzicht op Hindeloopen (zowel vanuit de stad en richting de stad) van groot belang. Dit punt wordt ook al onderschreven door de rijksdienst in de toelichting van het aanwijzingsbesluit van het beschermde gezicht van Hindeloopen. Woongebied Stadsweide Het woongebied Stadsweide dateert uit de zestiger jaren van de twintigste eeuw en is grotendeels geherstructureerd. Kenmerkend in de wijk zijn de smalle straatjes, steegjes, kades, vergezichten en een buurtpleintje. De bebouwing bestaat uit vrijstaande, tweeonder-één- kap en rijtjeswoningen.

De woningen laten een grote variatie in verschijningsvorm zien door verschil in beuk- en lengtematen en kapvormen. De bebouwingshoogte varieert van 1 tot 2 bouwlagen met kap. De wijk wordt grotendeels begrensd door vaarten en kanalen. Een deel van de woningen liggen dan ook aan het water. Openbare kades zorgen ervoor dat het water bereikbaar blijft voor iedereen. Woongebied Indijk Het woongebied Indijk is voornamelijk tot ontwikkeling gebracht in de periode 1990 – 2000. De in dit gebied gerealiseerde woningen zijn vrijstaand, twee-onder-één-kap en rijtjeswoningen. Qua ruimtebeslag en in absolute aantallen, voeren de vrijstaande woningen daarbij de boventoon. Het merendeel van de vrijstaande woningen bestaan uit één bouwlaag met een kap, incidenteel is sprake van (gedeeltelijk) twee bouwlagen. Enkele aan de Westerdijkvaart gelegen woningen hebben drie bouwlagen. De twee-onder-één-kap- en rijtjeswoningen bestaan allemaal uit één bouwlaag met een kap. Naast woningen komen in dit (midden)gedeelte van het plangebied ook een schoolgebouw met een gymnastieklokaal, een kinderopvang in de voormalige brandweergarage, een begraafplaats en enkele structurele groenelementen voor, die in het gebied zorgen voor de nodige lucht en ruimte. Deze groenelementen c.q.

groenvoorzieningen, het hoge percentage vrijstaande woningen en de grote hoeveelheid water in en rond het woongebied, maken dat het woongebied Indijk wordt ervaren als een aantrekkelijk woongebied. Rondweg De rondweg van Hindeloopen wordt gevormd door de Westerdijk, de Molenstraat, de Dijkstraat en de Oost. Vanaf deze weg zijn alle buurten bereikbaar, evenals de camping. Binnen deze weg zijn de straten en de waterwegen van west naar oost gericht. Het gedeelte rondweg aan de oostkant van Hindeloopen is aangelegd om het recreatieverkeer van en naar het strand en de campings ten zuiden van Hindeloopen én het algemene doorgaande verkeer, zoveel mogelijk uit de kom van Hindeloopen te houden.

Bestemmingsplan Hindeloopen ontwerp

14

Bedrijventerrein Indijk Ten zuiden van de Suderseewei is een bedrijventerrein Indijk gesitueerd. Op dit bedrijventerrein zijn met name functies gevestigd die aansluiten bij recreatie en scheepvaart. De bebouwing bestaat met name uit loodsen voorzien van geen of een flauwe kap. Ook zijn er enkele bedrijfswoningen aanwezig. Het bedrijventerrein wordt aan de zuidzijde afgeschermd met een groenstrook. Op de hoek Suderseewei/Westerdijk ligt een groot parkeerterrein. Deze wordt gebruikt door kustrecreanten en campinggasten. Bos Het bos ligt tussen het IJsselmeer, het bedrijventerrein Indijk en de camping Hindeloopen in. Aan de oostkant bevindt zich het IJsselmeer, aan de noordkant een parkeerterrein , aan de oostkant bevindt zich het bedrijventerrein Indijk en aan de zuidkant bevindt zich een camping. Het betreft een klein stuk bosgebied. Camping Aan de zuidkant van het plangebied is een camping gevestigd. Dit betreft een camping met zowel permanente mogelijkheden voor chalets/lodges als tijdelijke plaatsen voor tenten, caravans en campers. Aanwezige voorzieningen zijn onder andere een mini-markt, overdekte speeltuin, horeca en sanitaire gebouwen.

Bestemmingsplan Hindeloopen ontwerp

15

HOOFDSTUK 3 Beleidskader 3.1 3.1.1

Rijksbeleid Nationale Omgevingsvisie (NOVI)

Op 11 september 2020 is de Nationale Omgevingsvisie vastgesteld. De NOVI biedt een langetermijnperspectief op de ontwikkeling van de leefomgeving in Nederland tot 2050. Met de NOVI geeft het kabinet richting aan de grote opgaven die het aanzien van Nederland de komende dertig jaar ingrijpend zullen veranderen. De Nationale Omgevingsvisie (NOVI) geeft richting voor keuzes, inspireert, stelt kaders en zorgt voor een integrale aanpak van strategische opgaven in de fysieke leefomgeving. Vier prioriteiten staan daarbij centraal: 1. ruimte voor klimaatadaptatie en energietransitie; 2. een duurzaam en (circulair) economisch groeipotentieel; 3. sterke en gezonde steden en regio’s; 4. een toekomstbestendige ontwikkeling van het landelijk gebied. De NOVI stelt een integrale aanpak voor, waarbij samengewerkt wordt met andere overheden en maatschappelijke organisaties. De opgaven rond wonen, klimaat, energie, circulaire economie, verkeer en vervoer en landbouw zijn zo groot en ingewikkeld dat meer sturing vanuit het Rijk nodig is. Behoud van omgevingskwaliteit staat in de NOVI centraal. Dat wil zeggen dat alle ontwikkelingen met oog voor de natuur, gezondheid, milieu en duurzaamheid plaatsvinden. De NOVI maakt hierbij gebruik van drie afwegingsprincipes: 1. combinaties van functies gaan voor enkelvoudige functies; 2. kenmerken en identiteit van een gebied staan centraal; 3.

afwentelen wordt voorkomen. Het rijk heeft de volgende inhoudelijke keuzes vastgelegd in de NOVI: 1. een klimaatbestendige inrichting van Nederland. Daarvoor is nodig dat functies meer in evenwicht met natuurlijke systemen (bodem en water) worden ingepast; 2. de transitie van de energievoorziening, bij de inpassing van duurzame energie is er oog voor de omgevingskwaliteit; 3. de transitie naar een circulaire economie met behoud van concurrentiekracht en een aantrekkelijk vestigingsklimaat; 4. de ontwikkeling van het Stedelijk Netwerk Nederland; hiermee stuurt het rijk op de verstedelijking in samenhang met bereikbaarheid. Woningbouw wordt versneld met oog voor omgevingskwaliteit; 5. concentratie van de stedelijke ontwikkeling/logistieke functies en behoud van de openheid van het landschap; 6. herindeling van het landelijk gebied in evenwicht met natuur en landschap. Werken aan de omslag naar de kringlooplandbouw. Met het voorliggende bestemmingsplan worden geen rijksbelangen geraakt.

Bestemmingsplan Hindeloopen ontwerp

16

3.1.2

Ladder voor duurzame verstedelijking

In de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte is de "ladder voor duurzame verstedelijking" geïntroduceerd. Deze ladder is ingericht voor een zorgvuldige afweging en transparante besluitvorming bij alle ruimtelijke en infrastructurele besluiten, waardoor de ruimte in stedelijke gebieden optimaal benut wordt. De ladder voor duurzame verstedelijking is per 1 oktober 2012 verankerd in het Besluit ruimtelijke ordening (Bro). De ladder is voor dit bestemmingsplan niet relevant omdat het geen nieuwe stedelijke ontwikkelingen mogelijk maakt. 3.1.3

Besluit algemene regels ruimtelijke ordening

Ter bescherming van de nationale belangen is door het Rijk het "Besluit algemene regels ruimtelijke ordening" (Barro) opgesteld. De regels van het Barro moeten in acht worden genomen bij het opstellen van provinciale ruimtelijke verordeningen en bestemmingsplannen. In het Barro zijn regels opgenomen voor de volgende nationale belangen: 1. rijksvaarwegen 2. mainportontwikkeling Rotterdam 3. kustfundament 4. grote rivieren 5. Waddenzee en waddengebied 6. defensie 7. hoofdwegen en landelijke spoorwegen 8. elektriciteitsvoorziening 9. buisleidingen van nationaal belang voor vervoer van gevaarlijke stoffen 10. natuurnetwerk Nederland 11. primaire waterkeringen buiten het kustfundament 12. IJsselmeergebied (uitbreidingsruimte) 13. erfgoederen van uitzonderlijke universele waarde 14. ruimtereservering parallelle Kaagbaan. Voor het plangebied van dit bestemmingsplan zijn de Rijksbelangen ‘buisleidingen van nationaal belang voor vervoer van gevaarlijke stoffen’ en ‘IJsselmeergebied’ relevant. Voor buisleidingen is in het Barro de verplichting opgenomen om bij de opstelling van bestemmingsplannen om stroken waar buisleidingen liggen vrij te houden van bebouwing. Voor het IJsselmeergebied is in het Barro geregeld, dat een bestemmingsplan geen bestemmingen bevat die ten opzichte van het geldende bestemmingsplan nieuwe bebouwing of landaanwinning mogelijk maakt.

De drie in de nabijheid van Hindeloopen gelegen hoge druk aardgastransportleidingen zijn niet relevant voor het bestemmingsplan, omdat ze buiten het plangebied liggen. Ook worden in dit bestemmingsplan geen nieuwe ontwikkelingen mogelijk gemaakt die van invloed zijn op het IJsselmeergebied. Bij dit bestemmingsplan hoeft daarom geen rekening worden gehouden met de regels van het Barro.

Bestemmingsplan Hindeloopen ontwerp

17

3.1.4

Water

Europees en Rijksbeleid Kaderrichtlijn Water De Kaderrichtlijn Water (KRW) heeft als doel om de kwaliteit van de Europese wateren te verbeteren ("goede toestand") en die kwaliteit goed te houden. Het belangrijkste middel om dit doel te bereiken is het stroomgebiedbeheersplan (SGBP). In een dergelijk plan worden de waterkwaliteitsdoelen en de daarvoor benodigde maatregelen beschreven om deze goede toestand te bereiken. Nederland maakt deel uit van vier internationale stroomgebieden, waarbij de gemeente Súdwest-Fryslân in het stroomgebied van de Rijn Noord valt. In het stroomgebiedbeheerplan van de Rijndelta staan de doelen en bijbehorende maatregelen om een goede toestand van oppervlakte- en grondwater te bereiken. Waterwet De Waterwet (december 2009) stelt integraal waterbeheer op basis van de 'watersysteembenadering' centraal. Deze benadering gaat uit van het geheel van relaties binnen watersystemen. Denk hierbij aan de relaties tussen waterkwaliteit, -kwantiteit, oppervlakte- en grondwater, maar ook aan de samenhang tussen water, grondgebruik en watergebruikers. Hiernaast kenmerkt integraal waterbeheer zich ook door de samenhang met de omgeving. Dit komt tot uitdrukking in relaties met beleidsterreinen als natuur, milieu en ruimtelijke ordening. Met de Waterwet is de gemeente beter uitgerust om onder andere wateroverlast tegen te gaan.

Wet ruimtelijke ordening en de Watertoets De watertoets is per 1 november 2003 wettelijk verplicht (en vastgelegd in het Besluit ruimtelijke ordening). Ruimtelijke plannen van de initiatiefnemer worden overlegd met de waterbeheerder. In de waterparagraaf geeft de initiatiefnemer aan welke afwegingen in het plan ten aanzien van water zijn gemaakt. Het is een toelichting op het doorlopen proces en maakt de besluitvorming ten aanzien van water transparant. In geval van locatiekeuzes en bij herinrichting van bestaand bebouwd gebied geeft de initiatiefnemer expliciet aan welke rol de kosten en risico's van verdroging, verzilting, overstroming en overlast hebben gespeeld bij de besluitvorming. De waterparagraaf grijpt zichtbaar terug op de afsprakennotitie en het wateradvies van de waterbeheerder. Nationaal Waterplan 2016-2021 Onderdeel van de bovengenoemde Waterwet is het zes-jaarlijkse Nationaal Waterplan. Dit plan is de opvolger van de 4e Nota Waterhuishouding (2009) en heeft de status van structuurvisie binnen de Wet ruimtelijke ordening. In het plan zijn de hoofdlijnen van het nationale waterbeleid en de daartoe behorende aspecten van het nationale ruimtelijke beleid beschreven. Ook maken de (vier) stroomgebiedsbeheersplannen (SGBP's) onderdeel uit van het Nationaal Waterplan.

Zo ontstaat er een heldere koppeling tussen Europees beleid (onder andere de Kader Richtlijn Water) en Rijksbeleid.

Bestemmingsplan Hindeloopen ontwerp

18

Duurzaam waterbeheer is het devies van het Nationaal Waterplan. Gemeenten hebben hierin specifieke taken op het gebied van omgaan met afvalwater, hemelwater en grondwater. Waterbeleid 21e eeuw: anders omgaan met water Door de opgetreden wateroverlast heeft de regering de commissie Waterbeheer 21e eeuw in het leven geroepen. De commissie geeft advies over de problemen en hoe die in de toekomst te voorkómen zijn. Op 31 augustus 2000 bracht de commissie het advies Waterbeleid voor de 21e eeuw "Geef water de ruimte en de aandacht die het verdient" uit. De commissie concludeerde dat de manier waarop wij nu met water omgaan niet voldoende is voor de verwachte klimaatsveranderingen. De bevindingen van de commissie zijn verwoord in de hedendaagse wetgeving en beleidsnota's. In grote lijnen ligt de nadruk op de kwantiteitstrits vasthouden-bergen-afvoeren en de kwaliteitstrits schoonhoudenscheiden-schoonmaken. Nationaal Bestuursakkoord Water Met het Nationaal Bestuursakkoord Water (NBW) (2011) onderstrepen het Rijk, het Interprovinciaal Overleg, de Unie van Waterschappen en de Vereniging van Nederlandse Gemeenten de gezamenlijke opgave om het watersysteem op zo kort mogelijke termijn en tegen de laagste maatschappelijke kosten op orde te brengen en te houden. Samenwerken is de rode draad van het geactualiseerde Nationaal Bestuursakkoord.

Het NBW is een uitwerking van het waterbeleid 21e eeuw (WB21) en de Kader Richtlijn Water (KRW). De belangrijkste doelen en taken zijn: −

Het teveel (overlast) of tekort (onderlast) aan water aanpakken.

−

Verbetering van de waterkwaliteit.

3.2

Provinciaal beleid

Het provinciale beleid is uiteengezet in de Omgevingsvisie Fryslân 2020: 'De Romte Diele'. De belangrijkste uitgangspunten uit het provinciale beleid zijn nu nog vastgelegd in de Verordening Romte Fryslân. Hierin zijn voor de provinciale belangen regels opgenomen, waar in bestemmingsplannen rekening mee gehouden moet worden. Met de inwerkingtreding van de Omgevingswet wordt de Verordening Romte vervangen door de Omgevingsverordening. Het ontwerp van de Omgevingsverordening heeft al ter inzage gelegen. De vaststelling door Provinciale Staten zal in het tweede kwartaal van 2022 plaatsvinden. Tot de inwerkingtreding van de Omgevingswet blijft de Verordening Romte Fryslân het toetsingskader. 3.2.1

Omgevingsvisie ‘De Romte Diele’

De Omgevingsvisie is een van de nieuwe instrumenten uit de Omgevingswet. De visie omvat het provinciaal beleid voor de fysieke leefomgeving op een hoog abstractieniveau, voor de lange termijn en is op 23 september 2020 vastgesteld. Het is geen blauwdruk voor hoe Fryslân er over 20/30 jaar uit ziet. In de visie is aangegeven waar de provincie heen wil: de ambitie en doelen voor de toekomst. Hoe dit gestalte moet krijgen is niet precies aangegeven. Wel geeft de visie de richting aan waar de provincie met allerlei partijen naar toe wil werken. Samen met verschillende organisaties, inwoners en ondernemers in Fryslân geeft de provincie invulling aan deze visie. Dit gebeurt in programma’s, concrete projecten en initiatieven, en zo nodig ook in regels.

Bestemmingsplan Hindeloopen ontwerp

19

De visie vervangt het strategisch beleid uit het Streekplan, Milieubeleidsplan, Waterbeheerplan en het Verkeers- en Vervoersplan. Bovendien is de provinciale Natuurvisie, die bestaat sinds de Natuurbeschermingswet (2017) is vereist, hierin opgenomen. In de visie is aangegeven wat de provincie doet om de huidige basiskwaliteiten van de Friese leefomgeving op orde te houden. Daarnaast wil de provincie extra inzetten op vier urgente, integrale opgaven: •

Fryslân vitaal, leefbaar en bereikbaar houden;

•

Energietransitie met kracht voortzetten;

•

Fryslân klimaatadaptief inrichten;

•

Versterken biodiversiteit.

Schematisch ziet de opbouw van de omgevingsvisie er als volgt uit.

Figuur 11: Schematische weergave provinciale omgevingsvisie

3.2.2

Grutsk op 'e Romte

Het streekplan bevat een beschrijving van de kernkwaliteiten van cultuurhistorisch erfgoed en landschap. Daarin wordt ook een nadere uitwerking en waardering van deze kernkwaliteiten aangekondigd. Deze zijn verder uitgewerkt in de thematische structuurvisie Grutsk op ‘e Romte (2014). In dit bestemmingsplan is de geldende juridische regeling overgenomen en wordt de bestaande situatie vastgelegd. Nieuwe ontwikkelingen zijn niet mogelijk, tenzij hiervoor in een eerder stadium al een afweging heeft plaatsgevonden. Deze passen dan binnen de kernkwaliteiten zoals opgenomen in de visie Grutsk op ‘e Romte. Waar mogelijk en nodig worden de kernkwaliteiten in dit bestemmingsplan beschermd.

Bestemmingsplan Hindeloopen ontwerp

20

3.2.3

Verordening Romte 2014

Op 25 juni 2014 hebben Provinciale Staten de Verordening Romte Fryslân 2014 vastgesteld. De verordening is in werking getreden op 1 augustus 2014. De verordening uit 2011 is hiermee integraal herzien. Op 18 februari 2015 is de 1e partiële herziening van de verordening (Romte foar Sinne) en op 21 februari 2018 is de wijzigingsverordening “Verordening Romte Fryslân 2014’ vastgesteld. Deze wijzigingsverordening is op 28 maart 2018 in werking getreden. In de verordening zijn regels gesteld die ervoor moeten zorgen dat de provinciale ruimtelijke belangen doorwerken in de gemeentelijke ruimtelijke plannen. Als daaraan niet wordt voldaan, zal de provincie een zienswijze indienen en eventueel een aanwijzing geven als onvoldoende aan die zienswijze tegemoet wordt gekomen. Het streekplanbeleid is in het kader van de verordening voorzien van concrete beleidsregels. In de verordening is onder meer de grens tussen het buitengebied en het stedelijk gebied vastgelegd. In stedelijk gebied bestaat een grotere mate van beleidsvrijheid wat betreft de ruimtelijke ordening dan in het buitengebied. Het plangebied ligt voor een deel in bestaand stedelijk gebied en deels in het landelijk gebied. Hindeloopen is aangewezen als ‘overige kern’. Dit heeft gevolgen voor de ontwikkelingsmogelijkheden van het bedrijventerrein Indijk.

Bij overige keren is een bedrijf in de milieucategorieën vanaf 3.1 niet toegestaan. Bestaande bedrijven(terreinen) met een dergelijke categorie kunnen blijven bestaan, ten opzichte van nieuwe bedrijven is de provincie terughoudend. Dit betekent concreet dat alleen nieuwe bedrijven met een milieucategorie 1 of 2 zich kunnen vestigen op het bedrijventerrein Indijk. Het gaat hier om een conserverend plan waarin geen nieuwe ontwikkelingen mogelijk worden gemaakt. Het bestemmingsplan is in overeenstemming met de verordening. 3.2.4

Regionale bedrijventerreinenplan

De Verordening Romte gaat uit van de aanwezigheid van (regionale) bedrijventerreinenplannen. Dit bedrijventerreinenplan geeft invulling aan de eis (artikel 4.1.1) dat een ruimtelijk plan een nieuw bedrijfsterrein of uitbreiding van een bestaand bedrijfsterrein kan bevatten, indien dit qua oppervlakte en invulling van bedrijfstypen in overeenstemming is met een bedrijventerreinenplan dat de schriftelijke instemming van Gedeputeerde Staten heeft. Voor de regio Zuidwest Fryslân (4 gemeenten, waaronder SWF) is een bedrijventerreinenplan opgesteld. In het plan zijn alle nieuwe dan wel uit te breiden bedrijventerreinen met een oppervlakte van 1 hectare of meer opgenomen. Het betreft vooral terreinen bij stedelijke en regionale centra en bedrijfsconcentratiekernen, waar op grond van het Streekplan bedrijventerrein op voorraad mogelijk is. Voor terreinen kleiner dan 1 hectare, meestal gelegen bij de ‘overige kernen’ is aanvullend ruimte, maar dan via een afzonderlijke afweging en procedure. In de raming van de behoefte en bij de planning van nieuwe terreinen is in het bedrijventerreinenplan rekening gehouden met revitalisering, invulling van nog beschikbare ruimte op bestaande terreinen en met zorgvuldig ruimtegebruik.

Hiermee is invulling gegeven aan toepassing van de SER-ladder op regionaal niveau: de mogelijkheden om ruimtewinst te boeken op alle bestaande terreinen in de regio zijn verdisconteerd in het totale regionale programma. Daarmee is voor elk plan voor een

Bestemmingsplan Hindeloopen ontwerp

21

nieuw of uitbreiding van bestaand terrein voldaan aan die bepaling uit de Verordening Romte met betrekking tot zorgvuldig ruimtegebruik (artikel 2.3.1). Voor Hindeloopen is in het bedrijventerreinenplan 0,9 hectare opgenomen voor uitbreiding van het bedrijventerrein ‘Indijk’, geprogrammeerd in de periode 2016 tot en met 2020. Deze is nog niet ingevuld. Qua oppervlakte en invulling van bedrijfstypen is het plan voor ‘Indijk’ in overeenstemming met het bedrijventerreinenplan. 3.2.5 Vaarwegenverordening Fryslân 2014 In de Vaarwegenverordening Fryslân is onder andere het beheer geregeld van de provinciale vaarwegen en zijn regels opgenomen voor de veiligheid op het water. De Yndyk, die dwars door Hindeloopen loopt, betreft een provinciale vaarweg en is de Vaarwegenverordening Fryslân van toepassing. Er moet in principe rekening worden gehouden met een bebouwingsvrije zone van 5 meter aan weerszijden vanaf het water, tenzij een ontheffing is verkregen van de provincie om in het water of binnen deze zone te bouwen.

3.3 3.3.1

Gemeentelijk beleid Omgevingsvisie 1.0 ‘Oars tinke yn Súdwest’ (2021)

De gemeenteraad heeft op 29 april 2021 de Omgevingsvisie 1.0 ‘Oars tinke yn Súdwest’: samenwerken aan een gezonde leefomgeving’ vastgesteld. De Omgevingsvisie 1.0 voldoet aan de artikelen 4.9 en 4.10 van de Invoeringswet Omgevingswet. In de overgangswetgeving Omgevingswet, krijgt een structuurvisie op basis van de Wro automatisch de status van een Omgevingsvisie op basis van de Omgevingswet wanneer deze van kracht wordt. Deze visie is tot stand gekomen met de inwoners en ketenpartners van Súdwest-Fryslân. De Omgevingsvisie 1.0 schetst de hoofdlijnen van de ontwikkelingsrichting voor de woonwerk- en leefomgeving op de langere termijn. De Omgevingsvisie helpt om keuzes te maken bij ontwikkelingen die de fysieke leefomgeving beïnvloeden en nodigt uit tot ontwikkelingen. Met deze Omgevingsvisie kan de gemeente beoordelen of ontwikkelingen en projecten bij Súdwest-Fryslân passen. De Omgevingsvisie 1.0 bestaat uit vijf thema’s: 1. Gezonde vitale mensen in een gezonde en veilige omgeving; 2. Sterke kernwaarden: cultureel erfgoed, natuur, weids en waterrijk landschap; 3. Veerkrachtige en leefbare wijken, dorpen en steden; 4. Vitaal en aantrekkelijk landschap; 5. Duurzaam, energieneutraal en klimaatadaptief. In de Omgevingsvisie 1.0 is een koppeling gelegd met de 17 duurzame ontwikkeldoelen (Sustainable Development Goals) zoals die wereldwijd worden gehanteerd.

De gemeenteraad heeft in de Omgevingsvisie 1.0 de kaders op hoofdlijnen voor toekomstige ontwikkelingen vastgesteld. De maatregelen om de vastgestelde thema uit te kunnen werken worden beschreven in, samen met de ketenpartners, op te stellen omgevingsprogramma’s. Dit om de ambities uit de Omgevingsvisie 1.0 dichterbij te brengen. Het College van B&W stelt de omgevingsprogramma’s vast. Zoals in de thema-

Bestemmingsplan Hindeloopen ontwerp

22

onderdelen van de Omgevingsvisie vingsprogramma’s opgesteld: •

Gezond Wonen

•

Omgevingskwaliteit

•

Vitaal landschap

•

Klimaatmitigatie

•

Klimaatadaptatie

benoemd,

worden

de

volgende

omge-

In het plangebied worden geen ontwikkelingen voorzien, die niet al eerder afgewogen zijn. Het bestemmingsplan heeft een conserverend karakter en tast de bestaande omgevingswaarden niet aan. 3.3.2

Antennebeleid

De gemeenteraad heeft in haar vergadering van 18 oktober 2012 het “Antennebeleid gemeente Súdwest-Fryslân” vastgesteld. De noodzaak hiertoe ligt er in dat mobiele communicatie in Nederland de laatste jaren een ongekende groei doormaakt. Burgers en bedrijven hechten veel belang aan een ruime beschikbaarheid en goede toegankelijkheid van mobiele communicatie. Naast dit algemene belang is er ook een groot maatschappelijk belang voor goede mobiele communicatie, zoals de bereikbaarheid van de hulpdiensten. Door het toenemend gebruik van mobiele communicatie groeit de vraag naar plaatsingsmogelijkheden voor antenne-installaties. Om te komen tot een verantwoorde maatschappelijke, stedenbouwkundige en landschappelijke inpassing van antenneinstallaties is gemeentelijk antennebeleid opgesteld. Samengevat ziet het beleid er als volgt uit. De volgende gebieden komen als eerste in aanmerking voor plaatsing: −

bestaande masten

−

bedrijventerreinen

−

sportparken en hoogbouw

−

langs of nabij infrastructuur en dan bij voorkeur bij kunstwerken.

Ten aanzien van de omgeving gelden de volgende criteria: −

Aansluiting op bestaande masten en gebouwen. Door gebruikmaking van bestaande verticale kunstmatige elementen zoals hoge gebouwen en torens kan de inbreuk op de bestaande ruimtelijke kwaliteit tot een minimum beperkt worden.

−

Aansluiting op de visueel ruimtelijke kwaliteit van de omgeving.

−

Antenne-installaties mogen de architectuur en de specifieke architectonische kenmerken niet aantasten.

−

Afstemming van de maat, schaal en oriëntatie van de antenne-installatie op (die van de bestaande bebouwing in) de omgeving.

−

Rekening houden met de situering ten opzichte van cultuurhistorische waarden en objecten.

−

Inpassing van de antenne-installatie binnen het landschapstype.

−

Rekening houden met/aansluiten op bestaande landschappelijke patronen en op elementen in het landschap.

−

Aangeven van de mogelijkheden om (in de ruime omgeving) door toepassing van beplanting de visuele aantasting te verminderen.

Bestemmingsplan Hindeloopen ontwerp

23

In de regels van de verschillende bestemmingen hebben de bestaande antennemasten waar nodig een specifieke regeling gekregen. 3.3.3

Bomenbeleidsplan (2012)

Op 13 december 2012 heeft de gemeenteraad het bomenbeleidsplan vastgesteld, het beleidsplan is van kracht gegaan op 1 januari 2013 voor de gehele gemeente. In het beleidsplan is het kapbeleid van de gemeente vereenvoudigd, zonder dat dit te koste gaat van waardevolle boomstructuren, groenclusters en aangewezen bomen. De aanleiding voor een bomenbeleidsplan waren de verschillende kapregelgevingen van de voormalige fusiegemeenten en de wens om de kapregelgeving te dereguleren. Voor het kappen van bomen, zowel particulier als gemeentelijk bomen, moest voorheen een omgevingsvergunning worden aangevraagd. Door de kapregelgeving te dereguleren, hoeft men voortaan alleen een vergunning aan te vragen voor het kappen van waardevolle bomen, boomstructuren en groenclusters. Om het waardevol groen goed te kunnen weergeven, zijn er kaarten gemaakt voor enkele dorpen en steden waar de bomen een belangrijke bijdrage aan de leefomgeving vertegenwoordigen. Om individuele waardevolle bomen te kunnen beschermen is er door de gemeente een register beschermingswaardige bomen opgesteld. Dit register is een dynamische lijst waaraan bomen kunnen worden toegevoegd of verwijderd. Om een boom aan te melden voor het register zal deze moeten voldoen aan één of meer van de opgestelde beoordelingscriteria. De aanmelding kan worden gedaan door zowel particulieren als de gemeente.

De bomen op het bomenregister mogen niet worden gekapt tenzij er een algemeen maatschappelijk belang (overlast, onveiligheid, etc.) tegenop weegt. In het plangebied zijn geen bomen aanwezig die zijn opgenomen in het bomenregister (peildatum 16-05-2022). Het meest actuele bomenregister is raadpleegbaar via de gemeentelijke website. Voor de bomen hoeft in dit bestemmingsplan geen specifieke regeling opgenomen te worden, omdat het beleid hiervoor voldoende bescherming biedt. 3.3.4

Detailhandelsstructuurvisie

Een goed gemeentedekkend beleidskader voor detailhandel in de gemeente wordt door de raad en het college als noodzaak ervaren. De lastige economische omstandigheden en de vele snelle ontwikkelingen als internet, schaalvergroting en leegstand vragen om een duidelijke visie en uitvoering van de gemeente en andere partijen. Daarnaast is het gewenst dat nieuwe concrete plannen op integrale wijze en in samenhang kunnen worden beoordeeld. Daarom is de “Detailhandelsstructuurvisie Súdwest-Fryslân” vastgesteld. De detailhandelsstructuurvisie heeft zowel een aanjaagfunctie als wel dat een toetsingskader wordt geboden voor nieuwe ontwikkelingen. In 2019 heeft een evaluatie plaatsgevonden door een begeleidingsgroep van ondernemers en de gemeente. Hieruit kwam dat de visie op een aantal punten aan een herijking toe was. Dit heeft onder meer geleid tot een aanscherping van het supermarktenbeleid. Voor wat betreft Hindeloopen is in deze Detailhandelsstructuurvisie onder andere het volgende bepaald: ‘Samen met Stavoren is Hindeloopen zeer belangrijk in de toeristisch-recreatieve ambities van Súdwest-Fryslân en de provincie. Beide kernen vormen een eerste visitekaartje voor

Bestemmingsplan Hindeloopen ontwerp

24

onze gemeente. Het winkelaanbod is deze kernen is vooral gericht op de recreant. Daarbij hoort in ieder geval een voldoende dagelijks aanbod omdat watersporttoeristen weinig mobiel zijn en dus niet makkelijk elders hun boodschappen kunnen doen. Om als watersportplaats aantrekkelijk te zijn is verder een goed , op de recreant toegespitst aanbod in watersportkern noodzakelijk. Daarbij denken wij bijvoorbeeld aan een souvenirwinkel gericht op de lokale producten en specialiteiten (zoals Hindelooper aardewerk). Deze geven in combinatie met horecavoorzieningen sfeer en beleving.’ Om de toeristische kwaliteit en beleving zo goed als mogelijk uit te buiten is het belangrijk de op toeristen gerichte functies, waaronder detailhandel zoveel als mogelijk te bundelen rond de meest aantrekkelijke gebieden; dat zijn de havenkommen van Hindeloopen en Stavoren. De ruimtelijke kwaliteit en het voorzieningenaanbod kunnen elkaar hierdoor in een totaalbeleving optimaal versterken. De gemeente zal hier in planologische zin en bij het beoordelen van verzoeken zoveel mogelijk faciliterend optreden. 3.3.5

Agenda duurzame ontwikkeling

In juli 2018 is de ‘Agenda Duurzame Ontwikkeling’ vastgesteld door de gemeenteraad. De gemeente Súdwest-Fryslân staat net als andere overheden voor een grote opgave op het gebied van duurzame ontwikkeling. We werken toe naar een energie- en klimaatneutrale samenleving met een circulaire economie. De Agenda omvat een groot aantal uiteenlopende ambities die als kader dienen voor de komende jaren, variërend van alle woningen energieneutraal in 2030 tot 100% afvalvrije festivals. De agenda richt zich op 5 specifieke onderdelen: 1.

Anders Wonen

2.

Anders van A naar B

3.

Anders Produceren

4.

Anders Energie opwekken

5.

Zelf Anders

Figuur 12: Overzicht aanpak programma duurzame ontwikkeling

Bestemmingsplan Hindeloopen ontwerp

25

Voor de 5 genoemde onderdelen is een concrete agenda vastgesteld en zijn ambities geformuleerd. 3.3.6

Erfgoednota

Met het vaststellen van de 'Erfgoednota 2021-2026 Cultureel Erfgoed is geen keus' (april 2021) heeft de gemeente haar visie en missie op behoud en ontwikkeling van het erfgoed vastgesteld. De gemeente SWF zorgt samen met de mienskip dat cultureel erfgoed duurzaam behouden en ontsloten wordt en zichtbaar en beleefbaar is. Dit doen wij door erfgoed te waarderen en te beschermen, bewustwording en samenwerking te stimuleren en daardoor erfgoed te versterken en levend te houden. De mienskip heeft tijdens het ‘Rondje Súdwest’ in 2019 in het kader van de Omgevingsvisie 1.0 ‘Oars tinke yn Súdwest’ (2021) cultureel erfgoed benoemt als wezenlijk onderdeel van thema 2 van de 5 thema’s in de Omgevingsvisie 1.0: sterke kernwaarden: cultureel erfgoed, natuur, weids en waterrijk landschap. Ook het weidse en waterrijke landschap is eigenlijk erfgoed. Immers de meren, kanalen en sloten en weideen akkergronden zijn allemaal onder menselijke invloed ontstaan en verder vormgegeven, oftewel cultuurlandschap. In die zin geldt hetzelfde voor thema 4: vitaal en aantrekkelijk landschap. Ook in thema 3: veerkrachtige en leefbare wijken, dorpen en steden en thema 5: duurzaam, energieneutraal en klimaatadaptief heeft cultureel erfgoed een rol als wezenlijk onderdeel van de bijzondere woonkwaliteiten.

Een zorgvuldige afweging van de cultuurhistorische waarden om de omgevingskwaliteit te kunnen waarborgen en te versterken is dus essentieel. Het is een gemeentelijke wettelijke taak om te komen tot een zorgvuldige planbehandeling en besluitvorming voor wat betreft cultuurhistorie. Als gevolg van het beleid Modernisering Monumentenzorg is per 1 januari 2012 in het Besluit ruimtelijke ordening (artikel 3.6.1) bepaald dat gemeenten verplicht zijn cultuurhistorie mee te wegen bij het opstellen van het bestemmingsplan. Niet alleen de cultuurhistorische waarden in de grond (archeologie) maar ook boven de grond moeten meegenomen worden. Zo stelt de gemeente bij bestemmingsplannen cultuurhistorische analyses op en gaat de gemeente bij de bescherming van archeologische (verwachtings)waarden in bestemmingsplannen formeel uit van de gemeentelijke FAMKE (Friese Archeologische Monumentenkaart Extra), een uitsnede van de provinciale FAMKE. Voor de bekende en de te verwachten cultuurhistorische waarden gaat de gemeente uit van de Cultuur Historisch kaart van de provincie Fryslân (CHK) en de Landschapsbiografie Súdwesthoeke. Deze kaarten zijn daarmee onderlegger voor het in de Erfgoednota geformuleerde beleid. Niet alle op deze kaarten aangegeven waarden kunnen echter behouden blijven, hier komt een gemeentelijke afweging aan te pas.

In de toelichting van het bestemmingsplan moet beschreven worden hoe het bestemmingsplan met deze waarden omgaat. Op de plankaart kunnen cultuurhistorische waarden aangeduid worden met dubbelbestemmingen en/of aanduidingen. In de regels bij het bestemmingsplan moet worden omschreven welke voorschriften er aan die bestemming zijn gekoppeld. Met de komst van de Omgevingswet worden deze op een gegeven moment doorvertaald naar het omgevingsplan.

Bestemmingsplan Hindeloopen ontwerp

26

3.3.7 Horecabeleid De horeca is een belangrijk onderwerp binnen de gemeente Súdwest-Fryslân, op het gebied van recreatie en toerisme en op het gebied van veiligheid. Dit beleid schept randvoorwaarden voor een veilig en gevarieerd aanbod van horeca dat tegemoet komt aan de vraag vanuit de verschillende marktsegmenten: jongeren, ouderen, toeristen en winkelend publiek. Met het beleid wordt invulling gegeven aan de wettelijke bevoegdheden en worden randvoorwaarden gecreëerd voor de vergunningverlening, het toezicht en de handhaving. Daarom zijn in dit beleid beleidsregels en nadere regels opgenomen. De bestemmingsplannen zijn sturend in de vestigingsverzoeken voor de horeca. Er wordt op verzoek bekeken of hiervan afgeweken kan worden. Er zijn een aantal beleidsnota’s die richtlijnen geven en daarmee een toetsingskader zijn met betrekking tot vestiging van horeca, bijvoorbeeld Visie Toerisme en Recreatie. In eerste instantie zijn er bedrijven waarbij horeca ondergeschikt aanwezig is. Hier wordt per geval bekeken hoe dit geregeld wordt. Daarnaast is sprake van afhaalbedrijven. Dergelijke bedrijven kunnen zich vestigen op locaties met de bestemming detailhandel. In deze zaken wordt immers niet ter plekke genuttigd, maar haalt de klant slechts producten op.

Zodra in een afhaalbedrijf echter ook tafels en stoelen worden neergezet onder de noemer van ondergeschikte horeca ontstaat een zaak die zich nagenoeg niet van de reguliere horeca onderscheid. Dit geldt ook voor een verstrekker van snacks. Wanneer sprake is van een reguliere vorm van horeca, dan wordt dit als zodanig in het bestemmingsplan opgenomen. 3.3.8 Ontwikkelvisie 2011-2021 De “Ontwikkelvisie 2011–2021 gemeente Súdwest-Fryslân” is op 22 maart 2012 vastgesteld. In deze visie staan de gemeentelijke ambities betreffende sociale, ruimtelijke en economische ontwikkelingen beschreven. De visie vormt een belangrijke basis voor nieuw beleid en ruimtelijke plannen. De visie maakt duidelijk hoe de gemeente zich naar de toekomst toe wil positioneren, wat de belangrijkste speerpunten zijn en op welke aandachtsgebieden wordt ingezet. De ontwikkelvisie beslaat een periode van tien jaar. In de gemeente worden vijf landelijke clusters en één stedelijk cluster rondom Bolsward en Sneek onderscheiden. De ontwikkelvisie rust op zes pijlers waar een visie op is geformuleerd en waar een koers per landelijk of stedelijke cluster voor is uitgezet. De pijlers met bijbehorende visie betreffen: Verscheidenheid in kernen: Gebiedsgerichte aanpak via clusters, met oog voor samenhang. Aandacht voor unieke ruimtelijke structuur, sociaaleconomische kenmerken en toekomstvisies van de kernen.

Extra aandacht voor plattelandskernen en stadswijken waar de leefbaarheid onder druk staat. Weidsheid van het landschap: Zorgvuldig met weidsheid omgaan, maar ruimte bieden voor nieuwe ontwikkelingen naar aard/schaal. Er worden hoge eisen aan ruimtelijke kwaliteit gesteld. Economische verscheidenheid: Gebiedsgerichte aanpak om te zorgen dat de gemeente zich in totaliteit sterk ontwikkelt. Ruimtelijke keuzes maken ten aanzien van economische ontwikkeling. Extra aandacht voor sterke sectoren vanwege hun

Bestemmingsplan Hindeloopen ontwerp

27

groeipotentie en innovatief vermogen. Bijeenbrengen onderwijs en arbeidsmarkt, zodat vraag en aanbod beter aansluiten. Grote sociale verbondenheid: Iedereen kan (naar vermogen) meedoen. De huidige sociale infrastructuur wordt optimaal benut. Betere samenwerking en afstemming tussen partijen. Betere afstemming aanbod. Uitgangspunten zijn eigen verantwoordelijkheid, eigen kracht en zelfredzaamheid. Kwetsbare groepen actief opsporen. Grote rijkdom aan cultuur en erfgoed: Cultuur en cultureel erfgoed hebben verbindende werking op de samenleving en grote aantrekkingskracht op toeristen. Daarom wordt gezorgd voor een divers cultureel aanbod en voor bescherming, behoud en ontsluiting van cultureel erfgoed. Sterke aantrekkingskracht voor toeristen: Toerisme en recreatie als verbinding tussen stad/platteland, cultuur, natuur, sport, zorg, land- en tuinbouw. Verdiepen van bestaand aanbod, kwaliteitsverbetering en slim combineren van aanbod. Watertoerisme versterken door samenwerking met andere vaargebieden. In het plangebied worden geen ontwikkelingen voorzien, die niet al eerder afgewogen zijn. Het bestemmingsplan heeft een conserverend karakter, waarmee de Ontwikkelvisie niet van toepassing is. 3.3.9

Verkeersbeleid

3.3.9.1

Verkeer- en vervoerplan (2013)

De gemeente Súdwest-Fryslân vindt het belangrijk dat inwoners in een verkeersveilige en prettige woonomgeving wonen en dat iedereen zich veilig en vlot kan verplaatsen. In het op 16 mei 2013 door de gemeenteraad vastgestelde “Gemeentelijk Verkeer- en Vervoerplan” (GVVP) staat hoe de gemeente dit wil bereiken. Het GVVP beschrijft de gemeentelijke visie op het gebied van verkeer en vervoer met als belangrijkste uitgangspunt om de verkeersveiligheid in de gemeente te waarborgen en te verbeteren. Daarnaast worden goede bereikbaarheid en het vergroten van de leefbaarheid als doelen gesteld. Om de visie vorm te geven is een groot aantal maatregelen opgesteld. De maatregelen zijn divers; infrastructurele aanpassingen, nader onderzoek naar specifieke onderwerpen, veiliger maken van fietsroutes, verbetering van schoolomgevingen, maar ook verkeerseducatieprojecten op scholen en voorlichtingscampagnes. De uitvoering hiervan wordt zoveel mogelijk gedaan in combinatie onderhoudswerkzaamheden. Wanneer onderhoud gepland is aan een weg of een gebied wordt gekeken of de maatregelen uit het GVVP hierin meegenomen kunnen worden. Dit betekent dat in het GVVP niet concreet wordt aangegeven wanneer welke maatregelen worden uitgevoerd. Ieder jaar wordt daarom een uitvoeringsprogramma opgesteld die door de gemeenteraad wordt goedgekeurd.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13085217/1