CConstaterende datSudwest Fryslan
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 2. - Ontwerpbegroting 2024 en MJR 2025-2027 Recreatieschap Marrekrite

Raadsvergadering 22 juni 2023, gemeente Sudwest FryslanBij agendapunt: Jierstikken 2022, Untwerpbegrutting 2024 en mearjierrenrûzing 2025-2027 Marrekrite11.809 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Ontwerpbegroting 2024 Meerjarenraming 2025-2027 (tbv zienswijze)

Inhoud

1

Begroting 2024................................................................................................................................ 4 1.1

2

1.1.1

Deelnemersbijdragen ...................................................................................................... 4

1.1.2

Vervangingsinvesteringen................................................................................................ 5

1.1.3

Liquiditeit ......................................................................................................................... 6

1.1.4

Begrotingsresultaat ......................................................................................................... 8

1.2

Samenstelling bestuur en organisatie ..................................................................................... 9

1.3

Leeswijzer ................................................................................................................................ 9

Beleidsbegroting ........................................................................................................................... 10 2.1

Programmaplan ..................................................................................................................... 10

2.1.1

Beleidskader .................................................................................................................. 10

2.1.2

Programma’s.................................................................................................................. 10

2.2

Programma Bedrijfsvoering ................................................................................................... 11

2.2.1

Wat willen we bereiken en wat gaan we doen? ............................................................ 11

2.2.2

Huisvesting .................................................................................................................... 11

2.2.3

Wat mag het kosten? ..................................................................................................... 11

2.3

Programma Waterrecreatie ................................................................................................... 12

2.3.1

Wat willen we bereiken en wat willen we gaan doen? ................................................. 12

2.3.2

Wat gaat het kosten? ..................................................................................................... 13

2.4

Programma Landrecreatie ..................................................................................................... 14

2.4.1

Wat willen we bereiken en wat willen we gaan doen? ................................................. 14

2.4.2

Wat gaat het kosten? ..................................................................................................... 14

2.5

Programma Baggeren ............................................................................................................ 15

2.5.1

Wat willen we bereiken en wat willen we gaan doen? ................................................. 15

2.5.2

Wat gaat het kosten? ..................................................................................................... 15

2.6

Programma Ontwikkelingen .................................................................................................. 16

2.6.1

Wat willen we bereiken en wat willen we gaan doen? ................................................. 16

2.6.2

Wat gaat het kosten? ..................................................................................................... 16

2.7

3

Inleiding ................................................................................................................................... 4

Programma Wimpels, donateurs en vrijwilligers................................................................... 17

2.7.1

Wat willen we bereiken en wat willen we gaan doen? ................................................. 17

2.7.2

Wat gaat het kosten? ..................................................................................................... 18

Paragrafen ..................................................................................................................................... 19 3.1.1

Lokale heffingen ............................................................................................................ 19

3.1.2

Weerstandsvermogen en risicomanagement................................................................ 19

3.1.3

Financiering ................................................................................................................... 22

3.1.4

Onderhoud Kapitaalgoederen ....................................................................................... 22

2

4

3.1.5

Verbonden partijen ....................................................................................................... 23

3.1.6

Bedrijfsvoering ............................................................................................................... 24

3.1.7

Grondbeleid ................................................................................................................... 24

Financiële begroting ..................................................................................................................... 25 4.1

Overzicht van baten en lasten ............................................................................................... 25

4.1.1 4.2

5

Toelichting op het overzicht van baten en lasten .......................................................... 26

Uiteenzetting financiële positie ............................................................................................. 27

4.2.1

Geprognosticeerde balans............................................................................................. 27

4.2.2

Stand en verloop van reserves/eigen vermogen ........................................................... 27

4.2.3

Meerjarenraming 2025-2027 ........................................................................................ 28

4.2.4

Ontwikkeling financiële positie ..................................................................................... 29

Bijlagen ......................................................................................................................................... 30 5.1

Overzicht deelnemersbijdragen ............................................................................................ 30

5.2

Overzicht incidentele baten en lasten ................................................................................... 32

5.3

Overzicht Algemene dekkingsmiddelen ................................................................................ 33

3

1

Begroting 2024

1.1

Inleiding

Recreatieschap Marrekrite biedt hierbij haar ontwerpbegroting 2024 & Meerjarenraming 2025-2027 aan. Deze begroting voldoet aan het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) en bestaat uit een beleidsbegroting en een financiële begroting. Het vaststellen van de begroting is een verantwoordelijkheid van het algemeen bestuur (AB). Uiterlijk 30 april dienen de deelnemers de ontwerpbegroting (financiële kaders) te ontvangen en/of uiterlijk 12 weken voor het aanbieden aan het algemeen bestuur. Naar aanleiding hiervan kunnen de raden en staten hun zienswijzen kenbaar maken. De Begroting 2024 & Meerjarenraming 2025-2027 wordt op 29 juni 2023 vastgesteld door het algemeen bestuur van Recreatieschap Marrekrite. 1.1.1

Deelnemersbijdragen

Indexeren en deelnemersbijdragen De (meerjaren)begroting is gebaseerd op de afspraken bij vaststelling van de nieuwe deelnemersbijdrage 2023-2027 (indexatie 2% jaarlijks). Om een sluitende meerjarenbegroting te kunnen presenteren hebben we alle onderdelen van de begroting uitgebreid tegen het licht gehouden en de budgetten getoetst aan de werkelijke en noodzakelijke ontwikkelingen: de stijging van de salarislasten en de gestegen kosten van de aanbesteding van de fiets- en wandelknooppunten zorgen voor een dermate grote druk op het meerjarensaldo dat we de begroting en het meerjarenperspectief –binnen de huidige afspraken- alleen sluitend kunnen krijgen met een extra verhoging van de deelnemersbijdrage van 6% in 2023 (die via separate besluitvorming aan u wordt voorgelegd als wijziging op de begroting 2023) en een extra jaarlijkse extra indexatie van de deelnemersbijdrage van 1% vanaf 2024, wat neerkomt op een structurele indexatie van 3% per jaar. Hierin zijn dan de CAO-loonstijgingen tot en met 1 januari 2023 meegenomen. Daarnaast rekenen we tot en met 2026 vooraf een deel van de loonkosten toe aan de investeringen. We hebben in 2022 en 2023 een flink verloop van personeel –gerelateerd aan onze omvang- wat de nodige uitdagingen met zich mee brengt in de bedrijfsvoering.

Daarmee zullen incidentele frictiekosten gemoeid zijn doordat we personeel tijdig moeten aantrekken om een goede werkoverdracht te bevorderen. We verwachten onze bezetting in 2024 weer goed op orde te hebben zodat we klaar zijn voor de toekomstige ontwikkelingen op het gebied van recreatie en toerisme. Baggerbudget In 2020 heeft het algemeen bestuur ons Plan van aanpak Baggeren vastgesteld. Daarbij hebben we aangegeven dat we toewerken naar een gedifferentieerde aanpak van het op diepte houden van onze ligplaatsen, mede om het voor de deelnemers ook betaalbaar te houden. Als eerste vertrekpunt hebben we aangegeven dat we verwachten met een bedrag van € 0,3 miljoen jaarlijks de opgave structureel te kunnen uitvoeren. Aangezien de onderwaterwereld van het baggeren voor ons in belangrijke mate “terra incognicta” is, hebben we met het bestuur afgesproken dat het baggerplan wordt geactualiseerd aan de hand van de kennis die al werkend wordt opgedaan door 0-metingen en data ten aanzien van aanslibben. Dat betekent dat onze prognoses met het verstrijken van de jaren steeds nauwkeuriger worden. De gevolgen van PFAS worden ook voor ons steeds zichtbaarder en zorgen voor een zorgwekkende kostenontwikkeling op het gebied van baggeren, met name als gevolg van verplicht transport naar andere stortlocaties.

Als deze trend zich blijft voortzetten voorzien we een aanmerkelijke stijging van de toekomstige baggerkosten. We zijn ons op dit moment op maatregelen aan het bezinnen om hier een passende oplossing voor te vinden. Voorlopig handhaven we de budgetten en de reserve op het huidige niveau van € 0,25 miljoen jaarlijks en zoeken we naar

4

mogelijkheden de onderhoudscyclus te verlengen om zo de meerkosten op te vangen. We houden u op de hoogte van de laatste ontwikkelingen. Investering in maatschappelijk nut Conform het BBV worden alle investeringen per 2018 geactiveerd. In onze Financiële Verordening en de Nota Activeren, Waarderen & Afschrijven is afgesproken dat investeringen kleiner dan € 25.000 niet worden geactiveerd. Dit kan niet met terugwerkende kracht, dus geldt dit alleen voor nieuwe investeringen. Doorschuif BTW De doorschuif-BTW verantwoorden wij als kosten en opbrengsten binnen de exploitatie. Marrekrite financiert deze doorschuif-BTW niet langer voor: dit zorgt voor een betere liquiditeitspositie.

1.1.2

Vervangingsinvesteringen

Marrekrite gaat onverminderd door met de door haar ingezette grote vervangingsopgave. Deze is meerjarig in de investeringsplanning weggezet en duurt zeker nog tot en met 2025. We hebben inmiddels inzichtelijk dat de hierop volgende grotere vervangingsopgave pas weer vanaf 2045 aan de orde is. Het gaat daarbij om de eerste generatie steigers die jaren terug in kunststof is vervangen. Die zijn dus als eerste weer aan de beurt om straks weer te worden vervangen. Overigens gaat het hierbij om schattingen van de vervangingsdata, want het een en ander is uiteraard mede afhankelijk van de staat van het gebruikte materiaal tegen die tijd. Wij bouwen onze steigers inmiddels al vele jaren van gerecycled kunststof (KLP, Lankhorst Sneek). Aangezien het om een relatief nieuw product gaat, is het nog lastig te zeggen wat er in de toekomst mee gaat gebeuren. We kunnen inmiddels wel veilig stellen dat het KLP op zich 40 jaar mee zal gaan, misschien is zelfs 60 jaar ook haalbaar. Echter, de vraag is wel hoe het geheel er na enkele decennia uitziet en wat de constructie in de loop van de tijd doet. Bij het hout dat vroeger werd gebruikt, lag dit anders. Houten steigers zijn meestal al verrot voordat de constructie ons parten gaat spelen. Het is daarom denkbaar dat de volgende grootschalige vervangingsopgave van steigers zich zelfs nog later zal voordoen dan per 2045. De tijd zal het leren.

Voor onze nieuwe damwanden, die we tegenwoordig bouwen in een combinatie van beton en KLP, houden we een levensduur van 50 jaar aan. Over de levensduur van beton is veel meer bekend. Met beton is 50 jaar makkelijk haalbaar. Maar ook hier geldt weer: hoe ziet het geheel er over tientallen jaren uit en wat doet de constructie? Daaronder moet ook de verankering worden gerekend. Dat wordt waarschijnlijk de zwakke schakel en juist daarom voeren we deze ankers bij vervanging extra zwaar uit. Desondanks blijft het de vraag hoe lang deze het houden. Daarom kiezen we voor de veilige weg met een prognose van 50 jaar. Marrekrite wil een frontspeler zijn als het gaat om duurzaamheid, niet in woorden, maar in concrete keuzes en maatregelen. Duurzaamheid is niet alleen een kwestie van in gesloten cirkels werken en de juiste materialen gebruiken, maar vooral ook de inspanning om de levensduur zo lang mogelijk op te rekken. In nieuwbouw schuilt namelijk altijd de grootste milieu-impact en daarom dient dat zeer doordacht te gebeuren. Juist dat laatste rechtvaardigt – al lijkt dat tegenstrijdig - het gebruik van beton. De productie van beton weinig milieuvriendelijk, maar doordat het minimaal driemaal langer meegaat dan hout, is helder dat beton de betere keuze is.

Dit nog los van het feit dat het gebruik van tropisch hardhout binnen Marrekrite überhaupt al jaren principieel niet meer aan de orde is. Dat was zelfs zo geweest als het de levenscyclus van beton had kunnen evenaren. Langere levenscycli maken dus dat niet alleen de milieukosten afnemen, ook de kosten voor de deelnemers dalen. Kortom, met de investeringen die voor de komende jaren in de planning staan, blijft Marrekrite duurzaam investeren in haar recreatieve voorzieningen en daarmee ook in de (Friese) economie.

5

De kapitaallasten die gemoeid zijn met deze vervangingsinvesteringen bekostigen we op dit moment volledig uit de deelnemersbijdragen. Gezien de enorme prijsstijgingen sinds 2021 handhaven wij het jaarlijkse investeringsplafond op het niveau van 2023. Dat is onvermijdelijk om dezelfde opgave qua vervangingen te kunnen blijven uitvoeren. We houden daarom een jaarlijkse vervangingsopgave van € 1,5 miljoen. We sluiten niet uit dat we de investeringen ook nog deels in 2026 zullen moeten uitvoeren om de totale (grote) vervangingsopgave te kunnen voltooien. Dit (ook) als gevolg van de prijsstijgingen. Investeringsbegroting 2024 Damwanden Steigers Marboeien Uren Overig Investeringskrediet 2024

900.000 600.000 50.000 50.000 1.600.000

Afschrijvingstermijn 50 jaar 40 jaar 10 jaar 40/50 jaar nnb jaar

Kapitaallasten MVA maatschappelijk MVA economisch Rente-omslag TOTAAL

JR2022 -128.764 -19.973 -44.384 -193.120

2023 -163.938 -26.230 -71.480 -261.648

2024 -196.937 -26.230 -68.930 -292.097

2025 -229.937 -26.230 -66.730 -322.897

2026 2027 -265.937 -265.518 -26.225 -29.245 -64.180 -61.747 -356.342 -356.510

Personeelskosten Loonkosten incl WG

2022 -652.404

2023 -685.000

2024 -699.000

2025 -713.000

2026 2027 -727.000 -741.000

1.1.3

Liquiditeit

Met het huidige investeringsniveau konden we vorig jaar al zien dat het niet langer houdbaar is voor Marrekrite om de investeringen met eigen vermogen te bekostigen. Konden we in 2021 nog volstaan met een kortlopende lening van € 1,0 miljoen, in 2022 heeft Marrekrite via de gemeente SúdwestFryslân een langlopende lening aangetrokken van € 4,0 miljoen tegen 1,825% rente. Op deze wijze hebben we onze liquiditeitsbehoefte voorlopig veilig gesteld. We zullen in 2023 kunnen volstaan met een kortlopende lening en deze situatie kunnen we in 2024 nog een tijdje volhouden. We zullen op enig moment in 2024 nogmaals een langlopende lening moeten aantrekken om het restant van onze vervangingsoperatie te financieren, mede als gevolg van de prijsstijgingen door de stijgende inflatie. Wat daarbij ook goed moet worden bedacht, is dat het besluit dat “in betere tijden” werd genomen tot afbouw van ons eigen vermogen, in de nieuwe financiële werkelijkheid zorgt voor extra druk op onze liquiditeit. We zullen de ontwikkelingen op korte voet moeten volgen zodat we het bestuur tijdig een voorstel kunnen doen voor het aantrekken van een tweede lening, inclusief de financiële consequenties daarvan. Zoals hierboven aangegeven zetten we in onze meerjarenbegroting voor 2024-2027 het jaarlijks investeringsbudget op € 1,6 miljoen.

Dit jaarbudget blijkt voor Marrekrite goed beheersbaar te zijn en maakt het tegelijk ook mogelijk om de vaart erin te houden qua vervangingen. Binnen dit budget kijken we jaarlijks eerst waar de prioriteit qua benodigde vervangingen het hoogst is. Die locaties pakken we als eerste aan. Deze praktische werkwijze voldoet al jaren uitstekend. Mocht de opgave groter blijken dan het budget toestaat, dan zouden we bepaalde voorzieningen tijdelijk af kunnen sluiten en de vervanging iets kunnen uitstellen. De afgelopen 10 jaar is dit overigens nooit nodig

6

geweest, ook niet in de jaren dat we flinke achterstanden hadden. Dat is een geruststellende gedachte. We hebben de zaak in alle gevallen goed in de hand.

7

1.1.4

Begrotingsresultaat

TOTAAL MARREKRITE Baten Lasten Saldo (voor mutaties reserves) Onttrekking uit reserves Saldo na mutaties reserves

JR 2022 2.244.630 -2.348.547

2023 2.248.271 -2.492.994

2024 2.303.056 -2.543.477

2025 2.374.149 -2.592.749

2026 2.135.623 -2.162.817

-103.917 350.000 -50.000 196.083

-244.723 250.000

-240.421 250.000

-218.601 250.000

-27.194 50.000

5.277

9.579

31.399

22.806

We lichten het geprognotiseerde begrotingsresultaat per programma toe in hoofdstuk 2.

8

1.2

Samenstelling bestuur en organisatie

Het algemeen bestuur (AB) bestaat, tussentijdse mutaties daargelaten, op 1 januari 2024 uit de volgende leden:

deelnemers

Algemeen Bestuur bestuursleden

Provincie Fryslân (voorzitter) Gemeente Achtkarspelen Gemeente Dantumadiel Gemeente De Fryske Marren Gemeente Harlingen Gemeente Heerenveen Gemeente Leeuwarden Gemeente Noardeast-Fryslân Gemeente Opsterland Gemeente Smallingerland Gemeente Súdwest Fryslân Gemeente Tytsjerksteradiel Gemeente Waadhoeke Gemeente Weststellingwerf

Mevrouw Fokkens De heer Spoelstra De heer Kempenaar De heer Van Iddekinge De heer Schoute Mevrouw Rinkes De heer Reitsma Mevrouw Slijver De heer Jonkman De heer Hoekstra De heer Rietman Mevrouw Willemsma Mevrouw Van der Meer De heer Hoen

per 1 juli 2022 per 1 juli 2022 per 1 juli 2022

per 1 juli 2022 per 1 juli 2022 per 8 december 2022 per 1 juli 2022 per 1 januari 2023 per 8 december 2022

Het dagelijks bestuur (DB) bestaat op 1 januari 2024 uit de volgende leden:

deelnemers

Dagelijks Bestuur bestuursleden

Provincie Fryslân (voorzitter) Gemeente De Fryske Marren Gemeente Leeuwarden Gemeente Noardeast-Fryslân Gemeente Opsterland Gemeente Súdwest Fryslân

1.3

Mevrouw Fokkens De heer Van Iddekinge De heer Reitsma Mevrouw Slijver De heer Jonkman De heer Rietman

per 1 juli 2022 per 1 juli 2022 per 1 juli 2022 per 1 juli 2022

Leeswijzer

De opbouw van de begroting wordt in belangrijke mate voorgeschreven in het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (BBV) en ziet er als volgt uit:   

In Hoofdstuk 2 treft u de beleidsbegroting aan, bestaande uit de plannen voor het jaar 2024, onderverdeeld naar de programma’s Bedrijfsvoering, Waterrecreatie, Landrecreatie, Baggeren, Ontwikkelingen en tot slot het programma Wimpels, Donaties & Vrijwilligers. Hoofdstuk 3 bestaat uit de paragrafen waar we ingaan op de bedrijfsvoering, de financiering, het weerstandstandsvermogen en het onderhoud van onze kapitaalgoederen. In de Financiële Begroting (Hoofdstuk 4) schetsen wij een beeld van onze financiële positie en geven wij met onze meerjarige investeringsplanning een financiële doorkijk naar de jaren 2025 – 2027. Hier vindt u ook de verplicht voorgeschreven bijlagen uit het BBV.

9

2

Beleidsbegroting

2.1

Programmaplan

2.1.1 Beleidskader Recreatieschap Marrekrite onderhoudt en beheert ongeveer 33 kilometer aan vrije ligplaatsen in het Friese buitengebied, zorgt voor het afvoeren van recreatieafval en onderhoudt boeien en bakens in recreatievaarten. Tevens onderhoudt Marrekrite de fiets- en de wandelknooppuntnetwerken, maar ook de toeristische opstappunten (TOP’s). Ook het in kaart brengen en actueel houden van alle routes in Fryslân behoort tot het werk van het schap. Hiernaast verricht Marrekrite namens - en voor - de deelnemers (provincie Fryslân en gemeenten) nog tal van andere taken, die we in dit verband niet alle benoemen. Doel van dit alles is een uniforme, toeristisch- recreatieve basisinfrastructuur op water en land te bewerkstelligen. Daartoe wordt, behalve met de deelnemende Friese gemeenten en de provincie Fryslân nauw samengewerkt met partijen als Merk Fryslân, Wetterskip, It Fryske Gea (IFG), Staatsbosbeheer (SBB) en vele anderen. 2.1.2 Programma’s De begroting van Recreatieschap Marrekrite bestaat uit zes programma’s: 1. 2. 3. 4. 5. 6.

Bedrijfsvoering Waterrecreatie Landrecreatie Baggeren Ontwikkelingen Wimpels, Donaties & Vrijwilligers

10

2.2

Programma Bedrijfsvoering

Het achterliggende doel van het programma ‘Bedrijfsvoering’ is, dat de primaire processen binnen de organisatie effectief verlopen en dat er goed wordt samengewerkt met – en namens - deelnemers en bestuur. De kosten die betrekking hebben op de bedrijfsvoering zijn onder andere: personeelskosten, secretariaatskosten, kantoorkosten en communicatie. Maar ook de aan- en verkoop van grond, de waterschapslasten en ruilverkavelingsrente worden verantwoord onder dit programma. We rekenen de loon- en salariskosten van onze medewerkers toe aan de programma’s en aan de investeringen waar deze betrekking op hebben. Dit doen we middels een integraal uurtarief. Dit tarief bevat ook de niet direct toe te rekenen loon- en salariskosten van de ondersteunende functies, de zogenaamde overhead. Het overheadpercentage is - ten behoeve van een juiste vervaardigingsprijs van onze producten en dienstverlening - voor 2024 geactualiseerd en berekend op 26,94%. 2.2.1 Wat willen we bereiken en wat gaan we doen? Wij werken eraan de interne organisatie op orde te houden, zodat wij onze taken naar behoren kunnen uitvoeren, de deelnemers en het bestuur kunnen adviseren en hun belangen zo goed mogelijk kunnen behartigen. 2.2.2 Huisvesting Na een lange zoektocht naar passende huisvesting, is Marrekrite per april 2022 naar het voormalige provinciale steunpunt in Uitwellingerga verhuisd.

Deze locatie is bij uitstek geschikt onze organisatie omdat we hier eindelijk de functies kantoor, werkplaats en haven bij elkaar hebben gebracht. Dit biedt ons op veel vlakken voordeel boven de situatie waarin we de afgelopen jaren werkten. 2.2.3

Wat mag het kosten?

Bedrijfsvoering Baten Lasten

JR 2022 1.970.988 -1.112.501

2023 2.032.430 -1.097.230

2024 2.086.898 -1.022.590

2025 2.157.668 -1.023.458

2026 1.918.812 -543.998

Saldo (voor bestemming) Onttrekking uit reserves Toevoegingen aan reserves Saldo (na bestemming)

858.487 350.000 1.208.487

935.200 250.000

1.064.308 250.000

1.134.210 250.000

1.374.814 50.000

1.185.200

1.314.308

1.384.210

1.424.814

In de bovenstaande tabel zijn de overheadkosten de meest bepalende factor. Het betreft de kosten die geen directe relatie hebben met de dienstverlening van Marrekrite en die we niet op grond van de integrale kostprijs kunnen toerekenen aan onze producten. Door het proces van “insourcing” van taken zien we de personeelslasten van Marrekrite iets groeien. Daar staat tegenover dat we de inhuur van derden en het uitbesteden van werk inmiddels tot een minimum kunnen beperken. Marrekrite werkt in 2024 met 8,7 fte en heeft 9 personeelsleden in dienst. Daarvan rekenen we 2,34 fte tot de overhead. Het overheadpercentage bedraagt 26,94%. Het overige personeel rekenen we toe aan de programma’s Waterrecreatie en Landrecreatie. De gemiddelde parttime-factor bedraagt 87%. Waar specifieke kennis noodzakelijk is, kopen we dit in op het moment dat dit doeltreffender en doelmatiger is voor onze bedrijfsvoering. Voor 2024 gaat het hierbij om financiële ondersteuning en om ondersteuning van een projectleider.

11

2.3

Programma Waterrecreatie

Onder het programma Waterrecreatie vallen alle taken die betrekking hebben op het vernieuwen en het vervangen, alsmede het beheer en onderhoud, van de infrastructuur op en om het water. De taken variëren van (regie op) nieuwe investeringen en vervangingsinvesteringen, het uitvoeren van dagelijks onderhoud, recreatieafvalinzameling, groenbeheer tot werken aan een uniformere brug- en sluisbediening. 2.3.1

Wat willen we bereiken en wat willen we gaan doen?

Dagelijks Onderhoud De kosten die voortkomen uit kleinere reparaties, die wij in eigen beheer uitvoeren of uitbesteden aan derden, rekenen we tot de kosten op de post dagelijks onderhoud (DO). Door de grootschalige vervangingsinvesteringen van de afgelopen jaren en door ook de komende tijd duurzame steigers en damwanden te blijven bouwen, kunnen wij het dagelijks onderhoud uitvoeren met een relatief beperkt budget, alsmede een minimale bezetting qua personeel en materieel. Vervangingsinvesteringen Per 2018 activeren wij de investeringen in de vervanging van aanlegvoorzieningen (investeringen met maatschappelijk nut). Zoals hierboven al werd aangegeven, stellen we in de voorliggende begroting voor om het investeringsvolume te handhaven op € 1,5 miljoen. De voortgang in de uitvoering van deze opgave wordt in de voortgangsrapportage (september) en in de jaarstukken verantwoord. Voor de volledigheid geven wij in het onderstaande een samenvatting van een aantal belangrijke beleidskeuzes van waaruit de jaarlijkse vervangingsopgave al vele jaren wordt gedestilleerd: a) Zoveel mogelijk werken vanuit kennis en data met betrekking tot het gebruik van voorzieningen (tellingen, provinciale monitoringscijfers, observaties) en trends in de watersport, zodat er een goed beeld ontstaat van de benodigde capaciteit. b) Met ligplaatsen zoveel mogelijk aansluiten op fiets- en wandelstructuren.

c) Nieuwe plekken realiseren en elders meters inleveren (waar dat verantwoord is), om zo te werken aan een optimalere spreiding over Fryslân. d) Zoveel mogelijk locaties behouden, maar wel afslanken op locaties met heel veel capaciteit. e) Waar mogelijk eigendom van percelen afstoten en focussen op recreatief medegebruik. f) Damwanden in principe allemaal behouden en vervangen door beton-kunststof exemplaren. g) Steigers waar mogelijk vervangen door beton-kunststof damwanden (in overleg met terreinbeheerders en rekening houdend met natuurdoelen). Groenbeheer Eerder memoreerden we al dat we door de insourcing van personeel verschuivingen zien tussen budgetten in de begroting. De kosten van het in dienst hebben van eigen personeel zijn structureel gestegen (programma Bedrijfsvoering), terwijl de kosten van het programma Waterrecreatie dalen, omdat de inhuur van diensten door derden afneemt. De grootste post binnen de huidige opzet van ons groenbeheer is de inleen van 2 SW-medewerkers (maaiwerkzaamheden). Recreatieafval In de loop van 2022 konden we over een nieuwe laad- en losplaats voor de milieuboot beschikken, centraal gelegen tegenover het Starteiland op de Snitser Mar. Tevens konden we beschikken over een nieuwe vaste ligplaats voor het schip in Terhorne. Deze maatregelen maken dat het niet meer nodig is om dagelijks terug te varen naar Grou.

Dit levert flinke resultaten op. In plaats van het jaarlijks opbouwen van weken aan overuren, is de schipper met ingang van 2023 zelfs een halve dag per week minder gaan werken. Dit voordeel staat los van de stevige besparing op de brandstofkosten.

12

Adviescommissies en werkgroepen In 2016 is - op verzoek van de deelnemers - de werkgroep “Harmonisatie Brug- & Sluisbediening” van start gegaan. In deze werkgroep zijn de deelnemers afgevaardigd die in hun gebied veel met bruggen en sluizen te maken hebben. Marrekrite organiseert minimaal tweemaal per jaar een vergadering en treedt daarbij op als voorzitter. Hoewel de uiteindelijke opdracht van de werkgroep is te werken aan een zo klantvriendelijk en homogeen mogelijk bedieningsregime van de bruggen en sluizen in de provincie, wordt de werkgroep ook gebruikt als platform om allerlei lopende zaken met elkaar af te stemmen. Daarom vergaderen we in ieder geval een keer vóór het nieuwe seizoen start en een keer nádat het seizoen is afgelopen. In 2016 is ook een tweede werkgroep onder voorzitterschap van Marrekrite van start gegaan, “Camperen, Kamperen & Handhaving”. In deze werkgroep hebben R&T-ambtenaren zitting, die de regio’s vertegenwoordigen. Zij denken en werken mee aan voorstellen, die eraan bijdragen dat we zaken rondom de betreffende domeinen (camperen, kamperen, handhaven) goed en vooral uniform voor onze gehele provincie kunnen regelen. 2.3.2

Wat gaat het kosten?

Waterrecreatie Baten Lasten

JR 2022 11.137 -838.906

2023 15.841 -782.644

2024 16.158 -886.867

2025 16.481 -930.531

2026 16.811 -974.243

Saldo (voor bestemming) Onttrekking uit reserves Toevoegingen aan reserves Saldo (na bestemming)

-827.769 0 -827.769

-766.803 -

-870.709 -

-914.050 -

-957.433 -

-766.803

-870.709

-914.050

-957.433

13

2.4

Programma Landrecreatie

Binnen het programma Landrecreatie vallen het beheer en onderhoud van de fiets- en wandelknooppuntnetwerken, overige routestructuren, toeristische overstappunten (TOPs), het initiëren en faciliteren van nieuwe ontwikkelingen ten aanzien van de infrastructuur voor de landrecreatie, alsmede het coördineren van nieuwe en bestaande netwerken in Fryslân. De (onderhouds)kosten voor het beheer van, en onderhoud aan de netwerken vallen inmiddels onder de algemene bijdrageregeling. Waar incidenteel grotere investeringen noodzakelijk zijn (met name trajectwijzigingen), maken we hierover vooraf extra afspraken met de deelnemers. Er is tot eind 2024 een lopend onderhoudscontract met een aannemer. Voor de periode vanaf 2025 zal het onderhoud aan de netwerken en TOPs opnieuw moeten worden aanbesteed. Op het domein Landrecreatie zien we dat het TOP-project veel tijd en inzet van onze mensen vraagt. Wij verwachten dat dit project ook in 2024 nog door zal lopen. In de 2e helft van 2022 is voor een periode van een jaar een extra medewerker aangenomen, om meer vaart met dit project te kunnen maken. Tegelijkertijd gaf de vaste projectadviseur aan een andere functie te hebben aanvaard. Daardoor is het in 2022 niet gelukt extra inzet te plegen op dit project en pas in de loop van het voorjaar van 2023 verwachten wij voor de weggevallen formatie een nieuwe medewerker in dienst te kunnen nemen.

Dat betekent dat de boogde versnelling pas een krap jaar na de geoogde datum op gang kan komen. Vanaf dat moment kunnen we veel meer TOPs tegelijkertijd oppakken. In 2024 hopen we dit verhoogde tempo vast te kunnen houden. Voor de deelnemers betekent dit dat we realistischer moeten zijn over onze mogelijkheden om extra, of nieuwe, zaken op te pakken. Als die wens er is, zal er gekeken moeten worden naar het aantrekken van incidentele of structurele, extra slagkracht. In de loop van 2023 vindt er daarom met de deelnemers een discussie plaats over de wensen die zij hebben en wat dit voor de taakstelling en formatie van Marrekrite betekent. Mogelijk zal dit later tot een bijstelling van deze begroting leiden. 2.4.1

Wat willen we bereiken en wat willen we gaan doen?

We voeren het onderhoud op beide netwerken (fietsen en wandelen) elk jaar uit in één uitgebreide inspectie- en schoonmaakronde. Incidentele meldingen, waaronder schades, verhelpen we jaarrond. Voor de TOPs worden jaarlijks twee inspectierondes uitgevoerd. Incidentele meldingen worden ook jaarrond verholpen. Daarnaast worden jaarlijks trajectwijzigingen doorgevoerd, vanwege infrastructurele werken, wensen van derden, kwaliteitsverbetering i.v.m. aansluiting op ligplaatsen en TOPs. Waar mogelijk brengen we de kosten daarvan in rekening bij het project dat de aanleiding is voor de wijziging of bij de opdrachtgever van de wijziging. Is het niet mogelijk de kosten elders in rekening te brengen, dan is er in ons eigen budget beperkt ruimte om een enkele noodzakelijke trajectwijziging door te voeren. Deze opzet is niet alleen efficiënt gebleken, tevens komen we als Fryslân – mede hierdoor – al jaren in de kwaliteitsmonitor van het Landelijk Fietsplatform als beste Fietsregio naar voren. 2.4.2

Wat gaat het kosten?

Landrecreatie Baten Lasten

JR 2022 40.744 -316.821

2023 -328.120

2024 -343.000

2025 -347.420

2026 -352.908

Saldo (voor mutaties reserves) Onttrekking uit reserve Baggeren

-276.077 0 -276.077

-328.120 -

-343.000 -

-347.420 -

-352.908 -

-328.120

-343.000

-347.420

-352.908

Saldo na mutaties reserves

14

2.5

Programma Baggeren

We hebben een bestemmingsreserve Baggeren (BB) opgebouwd, die we – zolang we niet definitief zicht hebben op de meerjarige baggerverplichtingen - behandelden als ware het een voorziening. Tot het moment dat we beter weten waar we het over hebben, hebben we de exploitatielasten voor deze baggeropgave met een jaarbudget van € 250.000 structureel in onze begroting verwerkt. We hebben met ons Plan van Aanpak Baggeren, waarmee het algemeen bestuur eind 2020 heeft ingestemd, een eerste aanzet gegeven voor het prioritair baggeren van onze meest populaire ligplaatsen (“top 12”) en kiezen voor het overige voor maatwerk en aansluiting bij de verwachtingen van de watersport. In het Baggerplan uit 2020 is tevens duidelijk aangegeven, dat structureel aan de baggeropgave werken voor Marrekrite een nieuw fenomeen is. Anno 2023 is daarin nog niet veel veranderd. De eerlijkheid gebiedt te zeggen dat we nog altijd niet goed weten wat onder water bij onze ligplaatsen de actuele situatie is. Daar is in het verleden nooit goed studie van gemaakt. Als er een melding kwam van een ondiepte, rukten wij uit en verhielpen we het probleem: het zogenaamde “piepsysteem”. Dat betekent dat we werkenderwijs de komende jaren kennis zullen opdoen, waarmee onze meerjarige prognoses de komende tijd steeds betrouwbaarder zullen worden.

Wat er werkelijk op langere termijn structureel nodig is aan middelen, weten we daarom pas over een aantal jaren: we moeten immers eerst weten wat de gemiddelde aanslibbing op de belangrijkste plekken is. Die kennis kun je alleen opdoen door van jaar op jaar de situatie terplekke te monitoren via peilingen. Dat traject is weliswaar ingezet, maar mede als gevolg van complexe regelgeving, gaat het baggeren van ligplaatsen langzaam. In 2022 bijvoorbeeld kon een deel van het beschikbare budget niet worden omgezet in werk. Dat betekent niet alleen dat de ondieptes niet zijn verholpen, maar automatisch dat er ook beperkt nieuwe informatie is vergaard. Complexe regelgeving en ingewikkelde kwesties rondom PFAS en dergelijke zijn niet de enige zaken die vertragend werken. In de realisatie van onze ambities blijven we mede afhankelijk van de andere waterbeheerders (provincie, gemeenten, waterschap). Inmiddels is wel duidelijk dat zelfstandig baggerwerken uitvoeren voor een kleine partij als Marrekrite lastig en duur is. Het wordt steeds duidelijker dat de overheden in Fryslân nauwer zullen moeten samenwerken om voortgang te boeken, iets waar Marrekrite al langere tijd voor pleit. 2.5.1

Wat willen we bereiken en wat willen we gaan doen?

“Het op diepte brengen/houden van ligplaatsen” is het bestedingsdoel voor de bijdragen van de deelnemers in het kader van het programma Baggeren. In de praktijk betekent dit grofweg het baggeren tot 4 meter vóór de aanlegplaats en over de hele lengte van die aanlegplaats. Het baggeren van de Top 12 ligplaatsen heeft hierbij prioriteit. 2.5.2

Wat gaat het kosten?

Baggeren Baten Lasten

JR 2022 -77.412

2023 -250.000

2024 -250.000

2025 -250.000

2026 -250.000

Saldo (voor mutaties reserves) Onttrekking uit reserve Baggeren

-77.412 -50.000 -127.412

-250.000 -

-250.000 -

-250.000 -

-250.000 -

-250.000

-250.000

-250.000

-250.000

Saldo na mutaties reserves

15

2.6

Programma Ontwikkelingen

Binnen het programma Ontwikkelingen kunnen nieuwe (incidentele) ontwikkelingen in gang worden gezet rondom voorzieningen van Marrekrite en/of de infrastructuur voor de water- en landrecreatie. Voorstellen voor projecten als deze worden, na goedkeuring van het bestuur, uit dit programma betaald. Op deze wijze kan Marrekrite haar ambitie op het vlak van innoveren en verduurzamen handen en voeten geven en bijdragen aan het aantrekkelijker maken van Fryslân als dé provincie voor water- en/of landrecreatie. Dit ligt in lijn met onze statutaire doelstelling: het verbeteren van het leefklimaat van de inwoners (recreanten) en de bevordering van het toerisme. 2.6.1 Wat willen we bereiken en wat willen we gaan doen? We hanteren jaarlijkse budgetten voor “ontwikkelingen/innovaties” op de domeinen water en land. Omdat het veelal gaat om het inspringen op zaken die zich relatief onverwacht voordoen, is het begroten ervan lastig. Desondanks hebben we sinds 2023 hiervoor extra (structurele) middelen opgenomen in de begroting. Het bestuur kan in voorkomende gevallen ook besluiten om voor zaken als deze geld uit de Bestemmingsreserve Innovatie en Ontwikkeling Recreatie (BIOR) in te zetten. 2.6.2

Wat gaat het kosten?

Ontwikkelingen Baten Lasten

JR 2022 18.169

2023 -20.000

2024 -20.000

2025 -20.000

2026 -20.000

Saldo (voor mutaties reserves) Onttrekking uit reserve BIOR

18.169 18.169

-20.000 -

-20.000 -

-20.000 -

-20.000 -

-20.000

-20.000

-20.000

-20.000

Saldo na mutaties reserves

16

2.7

Programma Wimpels, donateurs en vrijwilligers

Binnen dit programma komen alle inkomsten en uitgaven samen, die te maken hebben met de wimpelverkopen, de vrijwilligers en met de donateurs die de Marrekrite ondersteunen. 2.7.1

Wat willen we bereiken en wat willen we gaan doen?

Wimpels Watersporters dragen bij aan het in stand houden van onze aanlegvoorzieningen door het vrijwillig kopen van de bekende Marrekrite-wimpel. Per 2024 voeren sinds vele jaren weer een verhoging van de prijzen door. De “kleine” (standaard) wimpel kost per 2024 voortaan € 20; de middelgrote € 25 en de grote wimpel kost € 30. In 2023 wordt geëxperimenteerd met een variant op de wimpel in de vorm van een sticker. Wij noemen dit het vignet. Ook in 2024 zal hiermee worden geëxperimenteerd. Op aanraden van onze vrijwilligers kiezen wij ervoor om het vignet dezelfde prijs te geven als de kleine wimpel. Dit om onderlinge verdringing te voorkomen. Vrijwilligers We hebben een stabiele, positieve groep vrijwilligers (circa 25 mensen) die ons op goede wijze aanvult in onze werk, met name op de gebieden wimpelverkoop en toezichthouden. Hoewel we af en toe een nieuwe vrijwilliger mogen verwelkomen, zien we per saldo dat het aantal actieve vrijwilligers elk jaar iets terugloopt, bijvoorbeeld als gevolg van leeftijd of gezondheid. Het is daarom duidelijk dat Marrekrite de komende tijd rekening zal moeten houden met een verdere afname van het aantal actieve vrijwilligers. Dat is natuurlijk geen nieuw feit en daarom anticiperen hier wij al jaren op, onder meer door onze webshop verder te professionaliseren om zo onze online verkoop te verhogen.

Dit heeft al de nodige vruchten afgeworpen, maar het is ook helder dat er op dit vlak nog meer winst te behalen is. Wat de inspecties betreft, ook hier worden we steeds onafhankelijker van de inzet van vrijwilligers. Door goede keuzes te maken qua toepassing van materiaal en qua bouw en constructie, krijgen we de kwaliteit van onze voorzieningen steeds beter onder controle. Het is nu eenmaal zo dat de oude houten steigers en damwanden veel meer zorg vergden dan de huidige, duurzaam gebouwde versies. Wij merken de effecten hiervan op allerlei fronten in de organisatie, ook qua inzet van personeel als in de kosten van reparaties. De taak van de vrijwilligers wordt hiermee dus ook steeds lichter, iets dat mooi in lijn loopt met het feit dat de betreffende mensen steeds ouder worden. Zo hoeven de vrijwilligers per 2023 niet mee hele lijsten met ligplaatsen langs te lopen en in te vullen. Zij kunnen nu volstaan met het doorgeven van onvolkomenheden die zij constateren als zij een ronde door hun rayon maken. Het simpelweg doorsturen van een foto van de betreffende situatie volstaat. Donateurs Marrekrite streeft ernaar dat zoveel mogelijk watersporters donateur worden. Het potentieel daarvoor is groot. De meeste mensen zijn namelijk zeer trouw in het kopen van de wimpel. Velen zijn door hun trouwe herhaalaankoop in feite al een soort donateur, maar dan niet officieel.

Via een formeel donateurschap bekrachtigen we deze trouw en creëren we een hechtere relatie, die zowel voor onze organisatie als de betrokkene goed uitpakt. Bovendien, en die post is inmiddels niet gering meer, leveren online verkopen ook stevige extra vrijwillige bijdragen op. Onze ruim 550 donateurs dragen net even iets meer bij dan “gewone” wimpelkopers en dragen dus ook net iets meer bij aan het in stand houden van onze voorzieningen. Door € 25 (of meer) te betalen ontvangen onze donateurs behalve de wimpel, ook onze Nieuwsbrief. De afgelopen jaren stijgt het aantal donateurs gestaag. Die trend willen we graag doorzetten.

17

2.7.2

Wat gaat het kosten?

Wimpels, donateurs en vrijwilligers Baten Lasten

JR 2022 221.762 -21.076

2023 200.000 -15.000

2024 200.000 -21.020

2025 200.000 -21.340

2026 200.000 -21.667

Saldo (voor mutaties reserves) Onttrekking uit reserve Baggeren

200.685 0 200.685

185.000 -

178.980 -

178.660 -

178.333 -

185.000

178.980

178.660

178.333

Saldo na mutaties reserves

18

3

Paragrafen

3.1.1 Lokale heffingen Hoewel een verplichte paragraaf op grond van het BBV, kent Recreatieschap Marrekrite geen Lokale Heffingen. 3.1.2 Weerstandsvermogen en risicomanagement Het weerstandsvermogen is het vermogen om de financiële risico’s van de GR Marrekrite te kunnen opvangen, zonder dat dit directe gevolgen heeft voor de lopende bedrijfsvoering. Om te kunnen bepalen of het weerstandsvermogen van Marrekrite per 31 december 2024 toereikend is, beoordelen we welke risico’s het schap loopt en wat de mogelijke (financiële) impact van deze risico’s is. Begin

JR2022 Resultaat

Eind

A Algemene Reserve (AR)

3.203.078

827.641

4.030.719

4.030.719

-250.000

3.780.719

3.780.719

-250.000

3.530.719

B Bestemmingsreserve Baggeren (BB)

1.296.659

-996.659

300.000

300.000

-

300.000

300.000

-

300.000

Bestemmingsreserve Innovatie en C Ontwikkeling Recreatie (BIOR)

164.138

-

164.138

164.138

-

164.138

164.138

-

164.138

SUBTOTAAL MUTATIES RESERVES

4.663.875

-169.018

4.494.857

5.359.287

-250.000

4.244.857

5.511.164

-250.000

3.994.857

RESULTAAT NA MUTATIES RESERVES

196.083

begroting 2023 Begin Resultaat

5.277

Eind

begroting 2024 Begin Resultaat

Eind

9.579

Algemene Reserve De algemene reserve dient ter dekking van de onvoorziene uitgaven. Het grootste risico voor Marrekrite is dat we - als gevolg van ziekte, vertrek of uitval - extra of duurder personeel moeten aantrekken om de continuïteit van de bedrijfsvoering te kunnen blijven garanderen. In dergelijke gevallen moeten we teruggevallen op interim-personeel of op uitzendkrachten die, in directe kosten gerekend, duurder zijn dan eigen mensen. De kans dat dit risico zich voordoet is reëel. Daarom houden we voorzichtigheidshalve voor dit risico een bedrag aan ter grootte van 50% van de jaarlijkse personeelskosten. In 2024 bedragen de begrote personeelskosten circa € 700.000, wat in een benodigde weerstandscapaciteit resulteert van € 350.000. De algemene reserve zit daar ruimschoots boven en wel zo ver dat we het verstandig achten onze eigen vermogenspositie de komende jaren af te bouwen. Een eerste stap hebben we met de begroting 2022 gezet door de komende vier jaar een bedrag van € 250.000 van dit vermogen als (gegarandeerde) resultaatsbestemming uit te keren aan de deelnemers, naar rato van de deelnemersbijdrage. In 2026 keren we € 50.000 uit. Deze uitkering hebben we per 2023 in de begroting verwerkt met daartegenover een onttrekking aan de algemene reserve, uit te betalen vóór 31 december van ieder begrotingsjaar.

Naast deze afbouw vindt er in principe geen verdere opbouw van vermogen plaats. Eventuele tekorten onttrekken we aan het eigen vermogen.

19

Om via een gegarandeerde uitkering de algemene reserve af te bouwen tot een meer realistische waarde, in overeenstemming met de aard van de werkzaamheden van Marrekrite en de risico’s die we daarbij lopen, moeten we lange termijn financiering aantrekken. Echter, het ideale moment om deze leningen aan te trekken is voorbij. Sinds de uitbraak van de oorlog in Oekraïne is de rente fors gestegen en de vooruitzichten zijn, in een poging om de inflatie te drukken, nog steeds stijgend. We handhaven de begrote uitbetaling van het vermogen en stellen voor om per 2026 te kijken in welke mate verdere afbouw van vermogen op verantwoorde wijze kan plaatsvinden. Dat is ook meteen een passend moment om opnieuw naar de bijdrageregeling te kijken. Eventuele materiële risico’s in de vaste organisatiekosten schatten we als zeer beperkt in, omdat hier in belangrijke mate sprake is van flexibiliteit, dan wel van dekking via verplichte verzekeringen. Nu Marrekrite zijn intrek heeft genomen in het voormalige provinciale steunpunt in Uitwellingerga, is ook duidelijk dat hier voor ons nauwelijks risico’s uit voortvloeien. Er is sprake van een langlopend huurcontract en de zorg voor het pand ligt bij de provincie. Bestemmingsreserves De bestemmingsreserve Baggeren bedraagt € 300.000.

Deze reserve dient als “achtervang” achter de exploitatielasten van de onderhoudsopgave Baggeren als ware het een voorziening. De bestemmingsreserve Ontwikkeling (BIOR) bedraagt € 164.000 en is ingesteld om nieuwe (incidentele) ontwikkelingen op het gebied van waterrecreatie of landrecreatie mogelijk te maken op het moment dat de aanwezige exploitatiemiddelen onvoldoende zijn. De bestemmingsreserve dient niet ter dekking van structurele exploitatielasten die uit deze initiatieven voort kunnen vloeien. Aanwezige stille reserves Naast bovenstaande reserves beschikt Marrekrite ook over meerdere water- en grondkavels. In het verre verleden zijn deze veelal “om niet” verkregen en niet op de balans gewaardeerd. Het BBV staat herwaardering van deze bezittingen niet toe. De omvang van de stille reserves op dergelijke kavels is op de balansdatum niet bepaald. Als gevolg van allerlei heroverwegingen kan het bestuur besluiten om kavels te verkopen aan boeren, natuurorganisaties of andere belangstellenden. Op dat moment dient er getaxeerd te worden. Financiële kengetallen Meerjarenbegroting 2024-2027 Kengetallen Netto schuldquote Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen Solvabiliteitsratio Structurele exploitatieruimte Grondexploitatie Belastingcapaciteit

Jaarrekening 2022 62% 62% 54% 21% nvt nvt

2023 18% 18% 35% 3% nvt nvt

2024 320% 320% 51% 13% nvt nvt

Meerjarenbegroting 2025 2026 431% 502% 431% 502% 51% 51% 13% 4% nvt nvt nvt nvt

2027 480% 480% 53% 2% nvt nvt

Netto schuldquote Een positieve schuldquote geeft aan dat per saldo sprake is van een tekort aan (liquide) middelen. Na vele decennia nemen we per 2022 afscheid van het regime om onze werkzaamheden uit eigen middelen te dekken, omdat Marrekrite bij een gelijkblijvend investeringsniveau geen andere optie heeft dan lang vreemd vermogen aan te trekken. De hiermee gemoeide rentelasten zijn ingepast in de begroting. We verwachten binnen de meerjarenraming op enige termijn overigens nogmaals een langlopende lening te moeten aantrekken. Deze rentelasten zijn niet ingepast in de begroting. Solvabiliteitsratio Naarmate het solvabiliteitspercentage hoger is, is een onderneming (of gemeenschappelijke regeling) beter in staat om aan de verplichtingen op lange termijn te voldoen. De solvabiliteit van Marrekrite is, mede ook gelet op de beperkte organisatieomvang, goed te noemen en blijft ook naar de toekomst

20

toe ruim voldoende. Wel is er duidelijk sprake van een dalende solvabiliteitspositie als gevolg van de toename van vreemd vermogen en de afbouw van eigen vermogen. Na 2026 zal de solvabiliteitsratio naar verwachting weer (licht) gaan stijgen. Structurele exploitatieruimte De structurele exploitatieruimte geeft aan hoeveel vrije ruimte er structureel binnen de begroting aanwezig is. Een hoog percentage geeft aan dat de organisatie beschikt over een positief resultaat op haar structurele activiteiten. We hebben in de komende vierjarige periode een beperkte structurele ruimte in onze begroting, in vergelijking tot eerdere jaren. Deze beperktere ruimte geeft ons evenwel voldoende flexibiliteit om de werkzaamheden die uitgevoerd moeten worden, te kunnen uitvoeren. Het begrote overschot op de exploitatie bij resultaatsbestemming vloeit in principe terug naar de deelnemers. Daar zal strikt op worden gestuurd.

21

3.1.3 Financiering Tot nu toe kende Marrekrite geen paragraaf Financiering. Nu we te maken hebben met (lang) vreemd vermogen nemen we hier de verplichte tabellen op ten behoeve van het bepalen van de renterisiconorm en de kasgeldlimiet. Marrekrite blijft ten aanzien van beide normen ruimschoots binnen de toepasselijke maxima. Berekening renterisiconorm Grondslag: omvang oorspronkelijke begroting Renterisiconorm (20% van grondslag) Renteherzieningen Aflossingen Renterisicobedrag In % begroting Ruimte (+) / overschrijding (-)

20%

JR2022 2.285.500 457.100 0,00% 457.100

2023 2.492.994 498.599 133.333 133.333 5,35% 365.265

2024 2.543.477 508.695 133.333 133.333 5,24% 375.362

2025 2.592.749 518.550 133.333 133.333 5,14% 385.217

2026 2.162.817 432.563 133.333 133.333 6,16% 299.230

2027 2.155.332 431.066 133.333 133.333 6,19% 297.733

JR2022 9.519.048 1.831.363 7.687.685 187.411 -7.500.274 2.285.500 187.411

2023 40.000 -523.790 563.790 204.426 -359.364 2.492.994 204.426

2024 20.000 -2.199.653 2.219.653 208.565 -2.011.088 2.543.477 208.565

2025 -3.854.998 3.854.998 212.605 -3.642.392 2.592.749 212.605

2026 -3.754.762 3.754.762 177.351 -3.577.411 2.162.817 177.351

2027 -3.586.756 3.586.756 176.737 -3.410.019 2.155.332 176.737

Berekening kasgeldlimiet Vlottende korte schuld Vlottende Middelen Netto vlottende schuld Kasgeldlimiet Ruimte onder de kasgeldlimiet Begrotingstotaal Kasgeldlimiet

A B C=A-B D D-C 8,20%

We hebben de benodigde langlopende lening om het liquiditeitstekort tot en met 2026 op te lossen indertijd becijferd op € 8,0 miljoen. We trekken dit bedrag in tranches aan als lineair aflosbare lening: in 2022 hebben we een bedrag van € 4,0 miljoen aangetrokken. Na 2026 breekt er een periode aan waarin er in de bestaande infrastructuur slechts beperkt hoeft te worden geïnvesteerd, aangezien de volledige 33 km aan aanlegcapaciteit dan duurzaam is vervangen. Pas na 2045 verwachten we - op basis van de afschrijvingstermijnen - weer de eerste grootschalige vervangingsinvesteringen te moeten uitvoeren. We sluiten echter niet uit dat de levensduur van onze aanlegvoorzieningen nog aanmerkelijk langer zal blijken te zijn, maar werken vooralsnog het liefst vanuit het voorzichtigheidsbeginsel. Daarom schrijven we steigers in 40 jaar af en damwanden in 50 jaar. Daarmee “zitten we altijd goed”. Zoals u kunt zien zal het nodig zijn om in 2023 reeds maatregelen te treffen ten behoeve van aanvullende (kortdurende) financiering en zullen we naar verwachting in 2024 een tweede langlopende lening moeten aantrekken. Gezien de huidige rentestand zullen we deze zo scherp mogelijk aantrekken. We houden het bestuur op de hoogte van de ontwikkelingen en de financiële consequenties. 3.1.4

Onderhoud Kapitaalgoederen

Aanlegvoorzieningen Wanneer al onze aanlegplaatsen in Fryslân achter elkaar zouden worden gelegd, blijkt dat we ongeveer 33 km aan voorzieningen in beheer hebben op de mooiste plekken in het buitengebied van de provincie. Daarnaast hebben we sinds eind 2020 in totaal 100 MarBoeien op het water liggen. Containers Onze circa 120 containers voor recreatie-afval blijven ‘s winters in het veld staan. Ze worden jaarlijks gecontroleerd en - indien nodig - gerepareerd door de schipper van de milieuboot. Zo borgen we de kwaliteit en verlengen we de levensduur. De meeste containers zijn inmiddels afgeschreven. Als repareren niet langer mogelijk of rendabel is, schaffen we nieuwe exemplaren aan.

22

Werkschip (MK1) Onze eerste echte werkboot is halverwege 2013 aanschaft en wordt gedurende 15 jaar afgeschreven (tot 2028). Het schip ligt sinds onze verhuizing in Uitwellingerga. Het meeste onderhoud aan onze schepen en kleinere aanpassingen doen we zelf. Ingrijpende klussen worden op werven uitgevoerd, waarbij wij meestal zelf ook in uitvoerende zin betrokken blijven. Milieuboot (MK2) De milieuboot (containerboot) is eind 2013 aanschaft om het recreatie-afval met ingang van 2014 in eigen beheer te kunnen inzamelen. Vóór die tijd werd deze taak vanuit Boarnsterhim uitgevoerd. De verwerking van het afval is en blijft een taak van Omrin. De schipper doet het dagelijks onderhoud aan het schip zelf, waar nodig bijgestaan door onze andere technische collega’s. Duwponton De werkponton is 6 x 4 meter groot en kan worden ingezet om klein onderhoudswerk te doen. Borden netwerken en TOPs De informatiepanelen en borden van de knooppuntnetwerken blijven formeel in eigendom van de gemeenten. Ook de vervangingskosten worden door de gemeenten betaald. In totaal is in Fryslân (exclusief gemeente Ooststellingwerf) ruim 2800 km fietspad van knooppuntbebording voorzien (840 knooppunten). Op het gebied van wandelen geldt dat ruim 3800 km aan paden is voorzien van knooppunten (2000 knooppunten).

Daarnaast worden in samenwerking met de gemeenten door de hele provincie TOPs (toeristische overstappunten) geplaatst. De TOPs moeten gaan functioneren als begin- en eindpunten voor routes en ommetjes die recreanten uitzetten in het betreffende gebied. De TOPs staan op logische startpunten voor routegebonden recreatie of op plekken waar we dit willen stimuleren. Vaak zijn de TOPs in de buurt van horeca gevestigd, zodat er een toilet in de buurt is. Ook letten we erop dat er voldoende parkeergelegenheid is. Op de TOP-zuil zelf staat informatie over het gebied, die voor de recreant interessant is als achtergrond bij een fiets- of wandeltocht. Kantoorinventaris De kantoorinventaris is in 2023 volledig afgeschreven. Aanschaffingen kleiner dan € 25.000 komen rechtstreeks ten laste van de exploitatie. 3.1.5 Verbonden partijen Bij Marrekrite is geen sprake van Verbonden Partijen.

23

3.1.6 Bedrijfsvoering Hieronder een overzicht van de vaste medewerkers in dienst bij Recreatieschap Marrekrite, met als peildatum 1 januari 2024. Personeel (vastgestelde formatie) directeur officemanager medewerker communicatie coordinator waterrecreatie coordinator landrecreatie projectadviseur landrecreatie technisch medewerker watersport medewerker milieuboot medewerker groenonderhoud medewerker groenonderhoud vacature TOTAAL

0,89 0,67 0,67 0,89 0,67 1,00 0,78 0,89 1,00 1,00 0,22 8,67

WNT-verantwoording Per 1 januari 2013 is de Wet Normering bezoldiging Topfunctionarissen publieke en semipublieke sector (WNT) ingegaan. Deze verantwoording is opgesteld op basis van de volgende van toepassing zijnde regelgeving: het algemene WNT-maximum. Daaruit blijkt dat de honorering van de directeur van Recreatieschap Marrekrite ruim binnen het bezoldigingsmaximum valt. Overhead Het overheadpercentage voor 2024 hebben we berekend op 26,94% en is gebaseerd op 2,34 fte personeel dat overheadtaken uitvoert (waarvan 0,11 vacatureruimte). De overhead rekenen we als een opslag op het integrale uurtarief, dat we als directe kosten in rekening brengen ten aanzien van de respectievelijke programma’s. Kostendekkende tarieven De integrale uurtarieven van onze medewerkers zijn gebaseerd op 1400 werkbare uren per jaar en zijn tenminste kostendekkend. Omdat deze tarieven naar personen te herleiden zijn, vormen deze geen onderdeel van deze begroting. 3.1.7 Grondbeleid Recreatieschap Marrekrite heeft circa 170 percelen land in eigendom waarop voorzieningen zijn gerealiseerd. Ook is er een enkel perceel waarop geen voorzieningen zijn gerealiseerd. Er zijn locaties in of aan vaarwater (provincie, gemeenten, Wetterskip) of op eigendommen van natuurorganisaties. Grondbezit is voor Marrekrite geen doel op zich, maar een middel om ligplaatsen te faciliteren.

Veel percelen hebben een beperkte (financiële) waarde, omdat deze geen nut hebben voor een andere bestemming en het veelal geïsoleerde snippers betreft. Verder hebben boeren er vaak geen belang bij, omdat het in veel gevallen buitendijks land betreft. Verkoop voor commercieel gebruik is daardoor vaak niet mogelijk. Toch is het goed om zorgvuldig naar deze materie te blijven kijken. Bij eigendom liggen de risico’s en de onderhoudsplicht wel bij Marrekrite. Dat betekent dat we kosten moeten maken, zonder dat hier echte voordelen tegenover staan. Verkoop kan dus wel degelijk interessant zijn, niet voor de opbrengst, maar om kosten te besparen. Daarom staan we hier - liefst met behoud van het recht van recreatief medegebruik – in principe positief tegenover. Bij verkoop dient het algemeen bestuur hierover het finale besluit te nemen.

24

4

Financiële begroting

4.1

Overzicht van baten en lasten

Hieronder een overzicht van de baten en lasten voor 2024. In de tabel wordt ook helder wat de stand en het verloop van de reserves is. 4.1 Overzicht baten en lasten 2024 2024

2023

Jaarrekening 2022

Marrekrite

Baten

Lasten

Saldo

Baten

Lasten

Saldo

Baten

Lasten

Saldo

1 Bedrijfsvoering

1.970.988

-1.112.501

858.487

2.032.430

-1.097.230

935.200

2.086.898

-1.022.590

1.064.308

2 Waterrecreatie

11.137

-838.906

-827.769

15.841

-782.644

-766.803

16.158

-886.867

-870.709

3 Landrecreatie

40.744

-316.821

-276.077

-

-328.120

-328.120

-

-343.000

-343.000

-

-77.412

-77.412

-

-250.000

-250.000

-

-250.000

-250.000

4 Baggeren

-

18.169

18.169

-

-20.000

-20.000

-

-20.000

-20.000

221.762

-21.076

200.685

200.000

-15.000

185.000

200.000

-21.020

178.980

Resultaat voor bestemming Mutaties reserves

2.244.630 350.000

-2.348.547 -50.000

-103.917 300.000

2.248.271 250.000

-2.492.994 -

-244.723 250.000

2.303.056 250.000

-2.543.477 -

-240.421 250.000

TOTAAL RESULTAAT

2.594.630

-2.398.547

196.083

2.498.271

-2.492.994

5.277

2.553.056

-2.543.477

9.579

Begin

Resultaat

Eind

Begin

Resultaat

Eind

Begin

Resultaat

Eind

5 Ontwikkelingen 6 Wimpels, donateurs en vrijwilligers

A

Algemene Reserve (AR)

3.203.078

827.643

4.030.721

3.999.737

-250.000

3.749.737

3.749.737

-250.000

3.499.737

B

Bestemmingsreserve en Innovatie (BB) Bestemmingsreserve Baggeren Ontwikkeling Recreatie (BIOR)

1.296.659

-996.659

300.000

250.000

-

250.000

250.000

-

250.000

164.138

-

164.138

164.138

-

164.138

164.138

-

164.138

SUBTOTAAL MUTATIES RESERVES

4.663.875

-169.016

4.494.859

4.413.875

-250.000

4.163.875

4.163.875

-250.000

3.913.875

C

RESULTAAT NA MUTATIES RESERVES

196.083

5.277

9.579

25

4.1.1

Toelichting op het overzicht van baten en lasten

We kunnen u met deze meerjarenbegroting wederom een structureel sluitende begroting aanbieden. We blijven voor alle jaren in het meerjarenbeeld (structureel) aan de goede kant van de streep. Hieronder volgt een korte analyse van de belangrijkste verschillen per programma (2023-2024). Programma Bedrijfsvoering (lasten - € 75.000 // baten + € 55.000) Vanwege de indexatie van de deelnemersbijdragen hebben we meer inkomsten uit deelnemersbijdragen die we volledig aan het programma Bedrijfsvoering toerekenen. De personeelskosten hebben we met circa 3%, geïndexeerd op basis van de verwachte ontwikkeling van de lonen. We kunnen inmiddels - op grond van de geraamde loonkosten en de toe te rekenen overheadkosten als gevolg van het geactualiseerde, verhoogde overheadpercentage (van 20,88% naar 26,94%) - de kosten specifieker toerekenen aan de programma’s waar ze bij horen. Dit leidt tot het resterende verschil in de lasten. Op rekeningbasis kan een aanvullend deel van deze loonkosten aan de investeringen toe te rekenen zijn. Dit hebben we op begrotingsbasis voorzichtig berekend. Programma Waterrecreatie (lasten + € 104.000) Hogere toerekening van loon- en overheadkosten aan programma Waterrecreatie (+45k). Hogere kapitaallasten als gevolg van investeringen in damwanden en steigers (+40k).

Programma Landrecreatie Geen verschillen > € 25.000 Programma Baggeren Geen verschillen > € 25.000 Programma Ontwikkeling Geen verschillen > € 25.000 Programma Wimpels, donateurs & vrijwilligers Geen verschillen > € 25.000

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12789635/1