CConstaterende datSudwest Fryslan
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 2 - Beeldkwaliteitsplan ‘Vismigratierivier’

Raadsvergadering 23 november 2023, gemeente Sudwest FryslanBij agendapunt: Byldkwaliteitsplannen ‘Kornwerderzand bruggen en buitenruimte’ en ‘Vismigratierivier’14.944 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

status datum

opdrachtgever

begeleidingsgroep

door

Definitief Maart 2023 Provincie Fryslân Bestaande uit Provincie Fryslân en initiatiefnemers Feddes/Olthof Landschapsarchitecten I.s.m. Paul de Ruiter Architecten

0

4/94

Beeldkwaliteitsplan + EPvE - Vismigratierivier

50m

250m

PLANKAART ŕ STREEFBEELD MATERIAAL-aanleg Zand Breuksteen (grof) Breuksteen (fijn) --------- Houten palen Boomstammen (onderwater) Verhard pad (basaltsplīt afstrooilaag)

POTENTIËLE VEGETATIE Kwelde rvegetatie

BOUWKUNDIGE ELEMENTEN

O

Inzwemopeningen Doorlaatmiddel

'j Riet (zoet water) Brug Riet/biezen (zoet-brak water) Grazige ruigte/duinstruweel

©

Afsluitmiddel Aanlegplaats

Struweel (indicatief) Struweel op kazematten Grasland

Beeldkwaliteitsplan t EPvE - Vismigratierivier

5/94

Leeswijzer Dit document is als volgt opgebouwd: In Deel A wordt het Streefbeeld voor de Vismigratierivier gepresenteerd. De achtergrond van de opgave wordt toegelicht en de ontwerpprincipes die ten grondslag liggen aan het ontwerp worden behandeld. Deel B moet gelezen worden als Beeldkwaliteitsplan en Esthetisch Programma van Eisen. Per onderdeel van de Vismigratierivier wordt het streefbeeld behandeld. Ook wordt aangegeven wat echt vast wordt gelegd en waar nog ruimte zit in de ontwerpoplossingen. Dit wordt beschreven aan de hand van ontwerpeisen. Deel B is verder opgedeeld in uitwerkingen van onderdelen binnen het Provinciale contract (B1) en uitwerkingen van onderdelen binnen het Rijkswerkgebied(B2).

6/94

Beeldkwaliteitsplan + EPvE - Vismigratierivier

INHOUDSOPGAVE Leeswijzer Inhoudsopgave

6 7

A. INTRODUCTIE EN OVERZICHT PLAN

8

1 Achtergrond en opgave 1.1 Achtergrond 1.2 Locatie

13 13 13

2 Uitgangspunten voor het ontwerp 2.1 Beeldkwaliteitsplan Afsluitdijk 2.2 Esthetisch programma van eisen Afsluitdijk 2.3 Uitgangspunten en ontwerpprincipes Vismigratierivier

14 14 16 19

3 Toelichting landschappelijk ontwerp 3.1 Hoofdopzet 3.2 Uitstraling en vegetatieontwikkeling 3.3 Materiaalgebruik 3.4 Recreatieve toegankelijkheid 3.5 Raakvlak met de Natuurvoorziening Windpark Fryslân

23 25 31 33 33 33

B1. UITWERKINGEN PER ONDERDEEL PROVINCIAAL CONTRACT 1 Aansluiting op Afsluitdijk Waddenzijde 2 Estuarien deel Waddenzijde 3 Aansluiting op Afsluitdijk IJsselmeerzijde 4 Estuarien deel IJsselmeerzijde 5 Stenen dam 6 Brede zanddam 7 Rivierdeel 8 Afsluitmiddel IJsselmeerzijde 9 Aanlegplaats 10 Brug

35 36 40 42 47 50 54 58 64 71 73

B2. UITWERKINGEN PER ONDERDEEL RIJKSCONTRACT

77

11 Doorlaatmiddel 12 Inzwemopeningen strekdam 13 Kazematteneiland

78 86 87

Colofon

92

Beeldkwaliteitsplan + EPvE - Vismigratierivier

7/94

12 Inzwemopeningen strekdam

2 Estuarien deel Waddenzijde

13 Kazematteneila

11 Doorlaatmiddel

1 Aansluiting op Afsluitdijk Waddenzijde

6 Brede zanddam

8 jAfs ,*-; IJsse tîM’í

9 Aanlegplaats

A. INTRODUCTIE S OVERZICHT PLAN

Historische kaart met aanduiding KWZ

Overzicht soorten vis (Sweco)

12/94

Beeldkwaliteitsplan r EPvE - Vismigratierivier

1 ACHTERGROND EN OPGAVE 1.1 Achtergrond De Afsluitdijk is in 1932 aangelegd als een kaarsrechte dam haaks op het geulenpatroon van de voormalige Zuiderzee. Daardoor werd de Nederlandse kustlijn sterk verkort. De dijkdoorbraken die vooral langs de Noord-Hollandse kust veelvuldig voorkwamen behoorden daarmee tot het verleden. Het afsluiten van de Zuiderzee en het omvormen van het zoute getijdesysteem naar het zoete IJsselmeer was het begin van de landaanwinningen van de Zuiderzeepolders. Door deze belangrijke rol in de Nederlandse waterstaatsgeschiedenis wordt de Afsluitdijk beschouwd als een icoon van de waterbouw van de twintigste eeuw. Naast bewondering voor dit grootse project, is de afgelopen tachtig jaar ook de keerzijde van de medaille aan het licht gekomen. De aanleg van de Afsluitdijk was zo'n grote ingreep in het aquatisch ecosysteem dat er zowel in de Waddenzee als in het IJsselmeer nog steeds geen ecologisch evenwicht is opgetreden. De Afsluitdijk vormt een harde ecologische barriëre tussen de zee en de rivieren die met name voor de migratie van trekvis zeer negatief uitpakt. De waterbouwkundige versterking van de Afsluitdijk die de komende jaren wordt uitgevoerd wordt daarom door rijk en regio benut om de dijk te transformeren tot een toonbeeld van de waterbouw in de eenentwintigste eeuw.

Daarbij worden waar mogelijk ecologische waarden hersteld, wordt de educatieve waarde vergroot, en wordt het waterlandschap beter beleefbaar gemaakt. Het belangrijkste project voor het ecologisch herstel is de aanleg van de Vismigratierivier (hierna de VMR), bij het sluiscomplex van Kornwerderzand. Dit initiatief is afkomstig van de Waddenvereniging, It Fryske Gea, Sportvisserij Nederland, Het Blauwe Hart en NetVisWerk. Het project wordt met steun van de betrokken overheden, via samenwerkingsverband DNA en het Programma naar een Rijke Waddenzee door Provincie Fryslân uitgevoerd. De VMR is een speciale voorziening die het voor 'diadrome' trekvissen (soorten die zich verplaatsen tussen zout en zoet water) mogelijk maakt om gedurende het hele jaar de barriëre van de Afsluitdijk

te kunnen passeren. Uit voorbereidend onderzoek, samen met experts op het gebied van vismigratie en deskundigen vanuit diverse disciplines, is een programma van eisen voor de uitvoering van de VMR voortgekomen. Dit Beeldkwaliteitsplan beschrijft hoe de VMR op basis van de klanteisen zo vorm kan krijgen dat deze past bij de monumentale waarde van de Afsluitdijk en het Beschermd Gezicht van het sluiscomplex Kornwerderzand, een verrijking is in het waterlandschap en de ecologische en recreatieve functie van het project optimaal tot expressie brengt. In de uitvoering zal het project in verschillende contracten worden opgedragen: 1. Rijkscontract: de coupures door de Afsluitdijk en de coupures door de havendam zitten in het Rijkscontract voor de versterking van de Afsluitdijk, en worden uitgevoerd. 2. Raakvlakcontracten: dde westflank van de VMR en natuurvoorziening van Windpark Fryslân zijn integraal uitgewerkt en gerealiseerd. Het estuariën-deel aan IJsselmeerzijde, Oostelijke VMR-dam in het verlengde van de westelijke spui-strekdam en de Waddenzijde zullen waar mogelijk middels verschillende 2-fasenovereenkomsten worden gerealiseerd. 3. De aanleg van de VMR, inclusief kunstwerken zal Europees worden aanbesteed.

1.2 Locatie Onderzoek heeft uitgewezen dat de vismigratie aan de westzijde van de spuisluizen van Kornwerderzand het meest effectief kan functioneren. Deze locatie ligt op de overgang van het ondiepe waterlandschap langs de Friese kust naar het diepe open water van het IJsselmeer. De geul die direct ten westen van de VMR loopt is zelfs bijzonder diep (oorspronkelijk NAP -16m, nu ± NAP -8 meter). Om deze geul haaks te kunnen kruisen is hier bij de aanleg van de Afsluitdijk afgeweken van de lange rechtstand. Het sluiscomplex Kornwerderzand is door de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed aangewezen als beschermd gezicht.

Beeldkwaliteitsplan + EPvE - Vismigratierivier

13/94

2 UITGANGSPUNTEN VOOR HET ONTWERP "Met de aanleg van de Afsluitdijk kwam er een eind aan het bestaan van een unieke, brakke binnenzee in Noordwest-Europa. De teloorgang van de Zuiderzee wordt door velen gezien als de grootste ecologische ramp die ons in de voorbije eeuwen getroffen heeft. De vernieuwing en het toekomstbestendig maken van de in 1932 opgeleverde Afsluitdijk, heeft aandacht voor natuur en landschap nu logischerwijze hoog in het vaandel staan. Bovendien past deze aandacht in de huidige tijd, met zijn stikstofcrisis, biodiversiteitscrisis en zo nog een handvol crisissen. De Vismigratierivier past naadloos in dit innovatieve denken, misschien nog wel meer dan de bedenkers ervan bij aanvang voor ogen hadden. De aanleg van de Vismigratierivier, met de coupure in de Afsluitdijk, betekent namelijk niet alleen de beoogde passage voor de vissen, die ongehinderd van zout naar zoet en van zoet naar zout kunnen migreren, maar op de keper beschouwd houdt de aanleg ervan op minischaal een herstel van het voormalige getijdenlandschap in. De drie tot vier kilometer lange rivier, in de vorm van een radiator, resulteert in een gebied waarin sprake zal zijn van een dagelijkse getijdenslag van één meter en een volledige gradiënt van zout naar zoet.

De IJsselmonding, de Zuiderzee en de Waddenzee gekopieerd in een gebied van enkele tientallen hectaren! In ons land vindt deze situatie haar evenknie in de Zuidwestelijke Delta met de Biesbosch en de Oude maas, waar de aanleg van de Deltawerken het voormalige zoet- en brakwatergetijdengebied weliswaar sterk heeft teruggedrongen, maar niet volledig de nek heeft omgedraaid. Aan deze situatie kunnen we ons spiegelen als we de toekomst van de Vismigratierivier voor ogen nemen. Bijzondere soorten als Duitse dot (een wilgensoort), Wilde kool (oerkool van de gecultiveerde koolsoorten), Driekantige bies, Bittere veldkers en Spindotterbloem zijn mogelijke bewoners. De laatste, voor het eerst beschreven door professor Van Steenis op basis van planten in de Biesbosch, is met zijn ingenieuze wortelstelstel helemaal aangepast aan het modderige substraat waarin die dotters moeten zien te overleven. Hoe het een en ander zal uitwerken en hoe tot het maximale resultaat gestuurd kan worden, is nog een vraag. Een vraag die net als de Vismigratierivier zelf een mooie uitdaging inhoudt.” Joop Schaminée, ecoloog in het Kwaliteitsteam Afsluitdijk

De Vismigratierivier (VMR) is gelegen in een bijzonder en waardevol gebied. VMR komt in een gebied te liggen met grote ruimtelijke kwaliteiten: Unesco Werelderfgoed de Waddenzee, het open waterlandschap van het Natura 2000 gebied IJsselmeer, tegen het icoon de Afsluitdijk, in het beschermd gezicht van sluiscomplex Kornwerderzand, en binnen de vrije schootsvelden van de kazematten. Het sluiscomplex Kornwerderzand is door de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed aangewezen als beschermd gezicht. Vanwege deze waarden zijn in het Masterplan Beeldkwaliteit principes vastgelegd die van belang zijn voor de vormgeving van de Vismigratierivier. Deze vormgevingsprincipes worden behandeld in paragraaf 2.1

voldoen. Deze ontwerpuitgangspunten worden in paragraaf 2.2 benoemd. Al deze principes zijn vervolgens vertaald of concreet gemaakt voor de Vismigratierivier; Uitgangspunten en ontwerpprincipes Vismigratierivier (paragraaf 2.3).

2.1 Masterplan Beeldkwaliteit Afsluitdijk In de redengevende beschrijving voor de aanwijzing van Kornwerderzand als Beschermd Gezicht wordt vermeld: "Het open schootsveld was van essentieel belang voor de kracht van de stelling en bepaalt dan ook in grote mate het karakter van het gebied. Daarnaast is Kornwerderzand ook van belang als sluitscomplex en nederzetting in verband met de aanleg van de Zuiderzeewerken. Het karakter van het gebied wordt

Voor de versterking van de Afsluitdijk is een Esthetisch Programma van Eisen opgesteld, met daarin de ruimtelijke randvoorwaarden waar de versterking zelf, maar ook omliggende projecten aan zouden moeten

14/94

Beeldkwaliteitsplan + EPvE - Vismigratierivier

verder bepaald door het scherpe contrast tussen land en water. De afwisseling van het water en de lange, smalle strekdammen levert een sepcifiek beeld op dat typerend is voor het gebied.”

Uitgangspunten zoals gehanteerd in het Masterplan Beeldkwaliteit Afsluitdijk

De hiërarchie van hoofd-dam, havendijken en dammen herkenbaar houden De dijk vormt de hoge doorgaande lijn. De havendamman, kazematteneilanden en nieuw land zijn ondergeschikt aan de dijk en zijn lager.

De samenhang binnen het militaire systeem en met het waterbouwkundig systeem herkenbaar houden Bij de aanleg van de Vismigratierivier blijft het oostelijke kazematteneiland als autonoom eiland in zijn huidige vorm bewaard. Er kunnen nieuwe functies in de bestaande volumes van de kazematten worden ondergebracht.

Beleving van de grootsheid van het

Groene karakter van de kazematteneilanden

waterlandschap aan weerszijden van de dijk herkenbaar houden

behouden

Het karakter van het gebied wordt bepaald door het scherpe contrast tussen land en water. De afwisseling van het water en de lange smalle strekdammen levert een specifiek beeld op dat typerend is voor het gebied. Bij nieuwe ontwikkelingen blijft dit typerende contrast behouden.

Het groene en ruige karakter van de kazematteneilanden staat in contrast met de strakke en technische uitstraling van het sluiscomplex. Dit contrast heeft grote ruimtelijke kwaliteit. Ook uit de nulmeting ecologie blijkt dat het groene karakter van de kazematteneilanden een groot ecologisch belang is.

Beeldkwaliteitsplan + EPvE - Vismigratierivier

15/94

2.2 Esthetisch programma van eisen Afsluitdijk Voor de versterking van de Afsluitdijk is een Esthetisch Programma van Eisen opgesteld. Hierin zijn ontwer­ puitgangspunten opgesteld. Dit zijn eisen op een hoog abstractieniveau, waaruit vervolgens eisen per onderdeel zijn afgeleid. De Vismigratierivier is een van de ontwikkelingen aan de Afsluitdijk. Het plan dient dan ook te voldoen aan de ontwerpuitgangspunten zoals die in EPvE Afsluitdijk zijn opgesteld. Sommige van deze uitgangspunten kunnen letterlijke worden overgenomen, andere hebben we doorvertaald naar de Vismigratierivier.

| Het dijklichaam behoudt het profiel van een klassieke zeedijk Hoewel de Afsluitdijk de functie heeft van een dam heeft hij de vorm gekregen van een klassieke zeedijk, net als de andere dijken die in dezelfde periode in het kader van het Zuiderzeeproject werden ontworpen. Kenmerkend voor het profiel van een klassieke zeedijk zijn een smalle kruin, een flauw hellend buitentalud met steenbekleding en een steiler (groen) binnentalud. Door dit profiel als uitgangspunt te nemen voor de versterking wordt recht gedaan aan de status van de Afsluitdijk als waterbouwkundig icoon.

] Het dijklichaam blijft herkenbaar als een strakke autonome lijn De Afsluitdijk is aangelegd als een kaarsrechte lijn dwars op het geulenpatroon van de voormalige Zuiderzee. Alleen voor de diepste geul buigt deze rechte lijn. Deze grote rechtstand en het feit dat het dijkprofiel over de hele lengte uniform is, is kenmerkend voor de Afsluitdijk, en draagt bij aan de monumentale waarde van de dijk.

16/94

Beeldkwaliteitsplan + EPvE - Vismigratierivier

] Hoofddam en knooppunten blijven herkenbaar als samenhangend ensemble vormgegeven De hoofddam van de Afsluitdijk vormt door de wijze waarop de contouren, taluds en bekledingen vloeiend op elkaar aansluiten een ruimtelijk samenhangend ensemble met de kunstwerken (bruggen en spui- en schutsluizen), dammen, voorhavendijken en kazematteneilanden. Door bij de versterking deze ensemble-kwaliteit tot uitgangspunt te nemen wordt recht gedaan aan de zorgvuldigheid waarmee het civieltechnische werk oorspronkelijk is ontworpen en uitgevoerd.

] Vormgeving van de haaks op de hoofddam staande knooppunten accentueert de verbinding tussen Waddenzee en IJsselmeer De Vismigratierivier vormt daadwerkelijk een nieuwe verbinding tussen Waddenzee en IJsselmeer, en is dan ook haaks op de Afsluitdijk georienteerd. Het wordt vormgegeven als eenheid, waarin de geleidelijke overgang van zout getijdesysteem naar een zoet meer afleesbaar en beleefbaar is.

J De kenmerkende sequentie van elementen en zichtlijnen langs de Afsluitdijk wordt behouden en sterker beleefbaar gemaakt De Vismigratierivier bestaat uit een zacht natuurontwikkelingsgebied, omarmd door een harde civieltechnisch dam. De Vismigratierivier is beleefbaar als natuurgebied met een duidelijk beleefbaar contrast tussen harde civieltechnische elementen en zachte natuurlijke elementen. De oostelijke dam omarmt de Vismigratierivier, maar hoort tevens echt bij het sluiscomplex. Deze dam dient wat betreft vormgeving daarbij aan te sluiten. Voor het binnenwerk van de Vismigratierivier zijn de beleving van natuurlijkheid en dynamiek dominant, hetgeen uiting krijgt in de vormgeving.

Beeldkwaliteitsplan + EPvE - Vismigratierivier

17/94

ļ De beleving van het grootse open waterlandschap aan weerszijden van de dijk blijft behouden De Afsluitdijk wordt gekenmerkt door een opeenvolging van lege dijkvakken en dichte knooppunten. De entrees van de dijk hebben een kenmerkende opeenvolging van elementen: landhoofd, brug, kazematten, spuisluizen, kazematten, en dan zicht over de grote leegte.

GļPe bouwkundige objecten worden gekenmerkt door spectaculaire eenvoud, ritme en symmetrie De Afsluitdijk ontleent zijn schoonheid aan de eenvoud van het ontwerp, dat door de schaal en herhaalbare composities een groot monumentaal effect heeft. Deze karakteristiek moet leidend zijn bij het ontwerp van nieuwe objecten, ook voor de Vismigratierivier. Spectaculaire eenvoud dient in een abstracte vormgeving en minimalistische detaillering tot uiting te komen. Dit uitgangspunt brengt ook met zich mee dat uitsluitend de hoofdfunctie zichtbaar is; ondersteunende techniek dient verhuld te worden, dat wil zeggen niet zichtbaar in de constructie verwerkt.

ļ De uniformiteit van de Afsluitdijk komt terug in objecten Om de spectaculaire eenvoud van de Afsluitdijk verder te versterken en verrommeling te voorkomen dienen gelijksoortige objecten een overeenkomstige vormgeving te krijgen. Dit geldt specifiek voor meubilair, hekwerken en informatievoorziening.

18/94

Beeldkwaliteitsplan + EPvE - Vismigratierivier

2.3 Uitgangspunten en ontwerpprincipes Vismigratierivier Voor het ontwerp van de Vismigratierivier zijn een vijftal uitgangspunten gedefinieerd die van belang zijn.

en binnen de vrije schootsvelden van de kazematten. Dit vereist bijzondere aandacht voor de vormgeving van dit natuurproject.

Eco-engineering Functionaliteit

Het is de wens om dit project zoveel mogelijk vanuit

De Vismigratierivier is bedoeld voor vissen die tussen het zoute water van de Waddenzee en het zoete water van het IJsselmeer migreren. Dat is de kernfunctie, en de vormgeving is zoveel mogelijk een uitdrukking van die functie. Dit vraagt om een integraal ontwerp met aandacht voor deze geleidelijke overgang.

de gedachte "building with nature" te ontwikkelen. Meebewegen met de natuur, zacht waar kan, hard waar het moet. Dit vraagt om een helder ontwerp waarbij zoveel mogelijk gebruik wordt gemaakt van natuurlijke en systeemeigen materialen, met aandacht voor de circulariteit.

Inregelen

Beleving

De VMR is uniek, nog nergens in de wereld is een grootschalige overgang van zout en zoet water gerealiseerd. De werking is theoretisch bepaald. Daarom is voorzien dat de scope niet alleen het ontwerp

De Vismigratierivier is een uniek en spectaculair project waar veel mensen op af zullen komen. Dit vraagt om een duidelijke keuze wat er wel en wat er niet een plek krijgt. De Vismigratierivier zelf is de spectaculaire belevenis! Toegankelijkheid is essentieel, maar er dient terughoudend omgegaan te worden met extra voorzieningen die eerder afbreuk doen aan de beleving van de Vismigratierivier dan waarde toevoegen. Daarvoor dient zoveel mogelijk gebruik te worden gemaakt van de beschikbare interne ruimten. In afwachting van het traject gebiedsinrichting Kornwerderzand, inclusief het eerder opgestelde Beleefconcept en Blije Vissenveld, kunnen er nog voorstellen komen voor toevoegingen aan het terrein en/of oppervlakte van de vismigratierivier.

en de realisatie van het werk omvat, maar eveneens het daarna 'inregelen' van het totale systeem VMR om tot een stabiel werkend systeem te komen.

Ruimtelijke kwaliteit De Vismigratierivier komt in een gebied te liggen met grote ruimtelijke kwaliteiten: Natuurgebied de Waddenzee, het open waterlandschap van het IJsselmeer, tegen het icoon de Afsluitdijk, in het beschermd gezicht van sluiscomplex Kornwerderzand,

Referentiebeeld: De Vismigratierivier is beleefbaar als natuurgebied dat wordt gevormd door een samenspel van natuurlijke processen en civieltechnische maatregelen, waarbij dynamiek en natuurlijkheid dominant zijn.

Beeldkwaliteitsplan + EPvE - Vismigratierivier

19/94

Ontwerpprincipes Vismigratierivier

iļ De Vismigratierivier is vormgegeven als eenheid,

De Vismigratierivier bestaat uit een grillig natuurontwikkelingsproject, gedomineerd door water en zand. De VMR heeft een zachte uitstraling aan de westzijde en een harde omarmende dam aan de oostzijde.

waarin de geleidelijke overgang van zoet naar zout beleefbaar is.

şļ

Lage dammen aan weerszijden van de Afsluitdijk omsluiten een waterrijk getijdengebied. Vanaf het kazematteneiland blijft het zicht op het open waterlandschap behouden. De VMR blijft hier zo laag mogelijk en hoog opgaande beplanting in dit deel wordt tegengegaan.

20/94

Beeldkwaliteitsplan + EPvE - Vismigratierivier

a|

De Vismigratierivier vormt een ensemble met het sluiscomplex door de belijning van de dammen te volgen. De hierarchie van hoofddam, havendijken en dammen dient hierbij herkenbaar te blijven.

»

Tussen de harde oostelijke dam en zachte westelijke rand wordt het rivierdeel gevormd door smalle "ribben" met gelijk ritme, gemaakt van natuurlijk materiaal.

Het Doorlaatmiddel markeert de overgang tussen kazematteneiland en de lange Afsluitdijk, de coupures in de strekdam zijn juist zo gelegen dat de strekdam nog herkenbaar is als integraal onderdeel van het kazematteneiland.

7

De Vismigratierivier is beleefbaar en toegankelijk. Eventuele voorzieningen zijn afgestemd op de draagkracht van de natuurwaarden en voegen zich daarnaar.

Passend materiaalgebruik: dam in basalt, binnenwerk zand, kunstwerken in beton. Er wordt zoveel mogelijk gebruik gemaakt van natuurlijke materialen, en waar mogelijk wordt materiaal gebruikt dat vrijkomt bij de versterking van de Afsluitdijk.

Beeldkwaliteitsplan + EPvE - Vismigratierivier

21/94

Ontwerpprincipes Kunstwerken

Kunstwerken worden in het hart van de geul gepositioneerd.

llļ

spectaculaire eenvoud: abstracte vormgeving en minimalistische detaillering in contrast met de grillige vorm van de Vismigratierivier.

22/94

Beeldkwaliteitsplan + EPvE - Vismigratierivier

Kunstwerken worden symmetrisch vormgegeven.

Uitsluitend de hoofdfunctie is zichtbaar boven maaiveld, techniek wordt verhuld vormgegeven.

Eventueel benodigde energie wordt (bij voorkeur) lokaal opgewekt. Alleen daar waar noodzakelijk (bijvoorbeeld vanwege veiligheid) wordt met vaste kabels gewerkt.

Beeldkwaliteitsplan + EPvE - Vismigratierivier

23/94

VISMIGRATIERIVIER WADDENZIJDE

Inzwemopeningen strekdam dam

t Estuarien gebied

:eneiļai

Doorlaat

Westelijke dam ituarien gebied Vloedgei

VISMIGRATIERIVIER IJSSELMEERZIJDE

Brug/ Brede zanddam

Rivier met dammen

RIP contour

AfsĮuitmiddeĮ

vMonding

' Stenen strekdam

PIP contour

250m

Aanduiding van de onderdelen van de Vismigratierivier. Beeld van de mogelijke uitstraling direct na aanleg.

24/94

Beeldkwaliteitsplan + EPvE - Vismigratierivier

3 TOELICHTING LANDSCHAPPELIJK STREEFBEELD De Vismigratierivier (VMR) is een ecologische verbinding dwars door het monumentale civieltechnische kunstwerk van de Afsluitdijk. Door de gekozen locatie, direct bij de zoete lokstroom uit de spuisluizen, is deze ecologische verbinding ruimtelijk onderdeel van het sluizencomplex van Kornwerderzand. Dit samenspel tussen techniek en ecologie is het hoofd-thema in de vormgeving van de VMR: het is een 'sluis voor vissen', passend in de ruimtelijke configuratie van het sluizencomplex. Binnen het ontworpen raamwerk van (zand)dammen waarmee de VMR wordt gemaakt krijgen natuurlijke processen van erosie en sedimentatie vervolgens de ruimte, voor zover hierdoor de technische vereisten van het functioneren van de VMR niet worden geschaad. Tijdens de inregelperiode van de VMR zal worden getest hoeveel vrijheid kan worden gegeven in dit samenspel van 'maken' en 'laten'. Naast onderdeel van het sluizencomplex is de VMR ook onderdeel van het waterlandschap. Het vormt de westrand van Kornwerderzand, op de overgang naar de weidse ruimte van het IJsselmeer en de Waddenzee. Daarom moet de VMR zich laag, met horizontale lijnen, in het water uitstrekken. Opgaande begroeiing (hoger dan riet) en het toevoegen verticale elementen moeten worden voorkomen.

Het streefbeeld van de VMR is een compositie van smalle lage stenen dammen, zand, water en lage vegetatie, waarin de overgang van zout naar zoet ecosysteem tot expressie komt. Vanwege het landschappelijke karakter van de VMR worden er, met uitzondering van de civieltechnische kunstwerken, alleen natuurlijke materialen zichtbaar toegepast. In de vormgeving van de kunstwerken, een brug en een sluisje (het Afsluitmiddel), wordt het contrast tussen natuur en techniek zichtbaar gemaakt door de kunstwerken zo strak en eenvoudig mogelijk uit te voeren in beton. De horizontale elementen zijn daarbij slank vormgegeven en verticale accenten ontbreken. Het is een heel bijzonder aspect van het functioneren van de VMR dat een klein stukje van de dynamiek en van het zoute ecosysteem van de Waddenzee het IJsselmeer in wordt gehaald. De werking van eb en vloed in het estuariëne deel van de VMR wordt zoveel mogelijk beleefbaar gemaakt in het intergetijdemilieu

van zandplaten en geulen. Op twee plekken doorkruist de VMR de bestaande dammen van de Afsluitdijk: de strekdam ten westen van de spuisluizen en de hoofdwaterkering van de Afsluitdijk zelf. Deze doorsnijdingen worden vormgegeven als coupures, die het bestaande profiel van de dijklichamen zichtbaar houden. Vanwege de directe relatie met eisen voor waterveiligheid van de primaire kering worden deze beide doorsnijdingen uitgevoerd in het kader van het Project Versterking Afsluitdijk.

3.1 Hoofdopzet De VMR bestaat bij aanleg zoveel mogelijk uit water en zand, omarmd door een harde stenen dam aan de oost­ en zuidzijde. Waar nodig kan het zand worden aangevuld met natuurlijk materiaal als palen of breuksteen, waar het zand anders teveel wegspoelt. Waddenzijde

De VMR aan de Waddenzijde bestaat uit een deel van de Waddenzee dat wordt afgeschermd door de bestaande strekdam aan de oostzijde, en een nieuwe dam aan de westzijde. Vanaf de doorzwemopeningen in de strekdam leiden twee stroomgeulen naar het Doorlaatmiddel in de Afsluitdijk. Dit gedeelte van de VMR behoudt zoveel mogelijk de uitstraling van een estuariën gebied: een dynamisch systeem van water en onbegroeide zandplaten. Estuarien gebied

Om de twee stromen te begeleiden ligt midden in het gebied een zandplaat. Het is wenselijk om het hoogste deel van deze plaat op een niveau van NAP t1,00m te houden, zodat dit deel hoogwatervrij ligt. De zandige taluds worden met flauwe hellingen onder een natuurlijk verhang aangelegd, waardoor het getij goed zichtbaar wordt en de zandplaat stabiel is (wantij). De vorm van de zandplaat mag onder invloed van de dynamiek van het getij variëren. Westelijke dam Waddenzijde

De geulen, de estuariëne zandplaat en het Doorlaatmiddel worden beschermd door een lage

Beeldkwaliteitsplan + EPvE - Vismigratierivier

25/94

Principeprofielen Vismigratierivier

Profiel 1 IJSSELMEER

VISMIGRATIERIVIER

Profiel 2

IJSSELMEER

VISMIGRATIERIVIER

jSiíuùùĚŭJíîljiÉlíŰMMśimiĚÈãi^iam

Profiel 3 USSELMEER

VISMIGRATIERIVIER

Profiel 4

1

Locatieaanduiding principeprofielen.

26/94

Beeldkwaliteitsplan + EPvE - Vismigratierivier

ZANDPLAAT (KVP)

KAZEMATTEN

Profiel 5

Profiel 6

Profiel 7

Profiel 8 VlSMIGRATIERMER

SPUI

VlSMIGRATIERMER

IJSSELMEER

VlSMIGRATIERMER

IJSSELMEER

Profiel 9

Profiel 10

Profiel 11

Profiel 12

Profiel 13

Beeldkwaliteitsplan t EPvE - Vismigratierivier

27/94

Vogelvlucht Vismigratierivier bij hoogwater.

28/94

Beeldkwaliteitsplan + EPvE - Vismigratierivier

dam. De hoogte van deze dam is zo gekozen dat hij bij gemiddeld hoogwater niet overstroomt en alleen bij hoogtij nat wordt. Het tracé van de dam is gebaseerd op de vorm van de kazematteneilanden en bestaat uit rechtstanden en afgeronde hoeken. Vanwege de symmetrie van de kazematteneilanden is deze dam symmetrisch ten opzichte van de westelijke dam IJsselmeerzijde. De dam heeft zoveel mogelijk een natuurlijk uiterlijk, maar vanwege de gewenste stabiliteit is een bekleding met breuksteen waarschijnlijk nodig. Deze steenbekleding heeft ook ecologische waarde als een levend rif. Aan de buitenzijde wordt de overgang van de dam naar de Waddenzee gevormd door een flauw hellend zandtalud. Om extra golfremming te creëren kan de dam worden aangevuld met lage rijshouten dammen. Deze dienen dicht genoeg op elkaar te staan zodat luwe zones ontstaan waartussen kweldervorming kan optreden.

IJsselmeerzijde

De VMR aan de IJsselmeerzijde bestaat uit een estuariën deel en een rivier deel met de monding en een sluisje: het Afsluitmiddel. Dit geheel wordt opgesloten tussen een harde dam aan de oostzijde en een zachte zandige dam aan de westzijde. Estuariën gebied

Rondom het kazematteneiland bestaat de VMR uit water met verschillende dieptes, slikken en zandplaten. De VMR heeft hier het karakter van een intergetijdengebied, met een relatief ondiepe geul die bij vloed mee gaat stromen (vloedgeul), en een diepere eb-geul. Deze geulen worden van elkaar gescheiden door een zandplaat die deels droogvalt bij laag water. De taluds van deze zandplaat zijn zo flauw mogelijk, om zo het verschil tussen eb en vloed zichtbaar te maken in de veranderende vorm en oppervlakte van de zandplaat. Deze vorm mag onder invloed van de dynamiek van het getij variëren. In de vloedgeul komt een drempel om zout water op te vangen. De hoogte van deze drempel zal circa NAP - 1,00m tzijn om net niet/net wel droog te vallen tijdens maximaal laag water. Deze drempel kan worden beschermd met fijn breuksteen om erosie te voorkomen. Westelijke dam IJsselmeerzijde

Het estuariëne gebied wordt omsloten door een dam die bestaat uit rechtstanden en afgeronde hoeken en die de vorm van het kazematteneiland spiegelt. Deze dam is symmetrisch ten opzichte van de Westelijke dam aan de Waddenzijde. De dam heeft een natuurlijke uitstraling,

maar om ervoor te zorgen dat het deel van de VMR rondom de kazematten haar vorm behoudt wordt aan de binnenzijde een steenbekleding gemaakt. De buitenzijde van de dam vormt een zachte overgang naar het IJsselmeer, en heeft daarom een zandig flauw talud. Vanwege het gewenste open beeld moet dit zandtalud vrij worden gehouden van opgaande beplanting en riet. Op de dam ligt een smal beheerpad ingewassen met basaltsplit. Rivier met dammen

Het estuariëne deel gaat geleidelijk over naar een zigzaggende rivier tussen zanddammen, waar de benodigde lengte om zoutwater indringing tegen te gaan, gehaald moet worden. Deze zanddammen hebben een gelijke hoogte en profiel en zijn in een regelmatig ritme geplaatst. Die regelmaat verwijst naar het technische aspect van de 'sluis voor vissen', maar in hun vormgeving hebben de dammen juist de natuurlijke uitstraling van zanddammen. Als het nodig is om de dammen in de kern te versterken met bijvoorbeeld geotextiel tubes of palenrijen dan komen alleen natuurlijke materialen in het zicht. Na aanleg kan het profiel van de dammen onder invloed van de stroming vervormen, maar vanuit de functionaliteit van de VMR moet het vereiste natte doorstroomprofiel tussen de dammen bij laagwater intact blijven. De dynamiek in het rivierdeel is net als bij een echte meanderende rivier: de binnenbochten zijn relatief flauw met lage stroomsnelheden, in de buitenbochten ontstaan juist hoge stroomsnelheden. Passend hierbij krijgen de binnenbochten een flauw zandig profiel waar ook zand kan gaan sedimenteren, en de buitenbochten juist steil talud, dat eventueel verhard kan worden met breuksteen om erosie tegen te gaan. Deze breuksteen moet zo laag mogelijk worden aangebracht.

Wanneer onderwaterkribben nodig zijn om de stroomsnelheid te reguleren mogen zij ook bij de laagwaterstand niet zichtbaar zijn. Stenen strekdam

Een harde stenen strekdam omarmt de VMR, en biedt bescherming en luwte. Deze strekdam sluit aan op bestaande strekdam en neemt de oriëntatie en richting van bestaande strekdammen over waardoor de dam ruimtelijk een onderdeel van het spuisluizencomplex wordt. Het profiel van de dam heeft een kruinhoogte van circa NAP +1,80m, een buitentalud van 1:5, en een binnentalud van 1:3. De uitstraling en materiaalkeus van de stenen dam sluit aan bij de strekdammen van het sluiscomplex (basalt).

Beeldkwaliteitsplan + EPvE - Vismigratierivier

29/94

Uitstraling Vismigratierivier bij laagwater

Uitstraling Vismigratierivier bij hoogwater

LEGENDA WATER - bestaande bodem t.o.v. NAP +2 m

MATERIAAL - aanleg

nn

Zand

POTENTIËLE VEGETATIE Kweldervegetatie

+1 m Breuksteen (grof)

0m

ļj Riet (zoet water)

1 m -2 m

I -3 m

Breuksteen (fijn)

Ríet/biezen (zoet-brak water)

Houten palen

Grazige ruígte/duínstruweel

Boomstammen (onder water)

Struweel (indicatief)

-4 m -5 m -6 m '7 m

' Verhard pad (basaltsplit afstrooilaag)

H Struweel op kazematten

Grasland

30/94

Beeldkwaliteitsplan + EPvE - Vismigratierivier

Brede zanddam

Westelijk wordt het rivierdeel begrensd door een brede zanddam. Deze dam heeft de uitstraling van een strand met brede rietoever en smalle duinachtige zone (vergelijkbaar met de Makkumer Noordwaard). De kruin van de dam is breed, en zal net hoog genoeg worden aangelegd dat de dam bij storm overstroomt niet overstroomd (circa NAP +X70). Vanaf de kruin loopt het protìel met een flauwe helling (circa 1:30) richting het IJsselmeer af. De binnenzijde van de dam is alleen ter plaatse van de bochten in het rivierdeel versterkt, met natuurlijke materialen. Deze dam dient zo veel mogelijk een brede zandige uitstraling te hebben. Door deze dam een protìel te geven dat varieert in breedte en hoogte ontstaat een aantrekkelijk contrast tussen deze dam en de stenen dam aan de oostzijde. Indien aanvullende maatregelen nodig zijn om de rietoever te beschermen worden natuurlijke materialen toegepast in de vorm van lage houten palenrijen, die in lijn zijn geplaatst met het vaste ritme van de zanddammen. Kunstwerken

Naast de kunstwerken die in het kader van het Rijkscontract worden uitgevoerd worden er nog enkele technische voorzieningen aan de VMR toegevoegd: het Afsluitmiddel aan de IJsselmeerzijde, de aanlegplaats voor bij dit Afsluitmiddel, en een brug.De kunstwerken onderscheiden zich van het natuurlijke substraat door hun strakke en heldere vormgeving en door ingetogen materiaalgebruik. Afsluitmiddel

Het Afsluitmiddel reguleert het debiet en zoutindringing en kan worden afgesloten als zoutindringing verder komt dan normaal of een andere omstandigheid dat noodzakelijk maakt. Tevens heeft het afsluitmiddel een rol in het beheer; door dit af te sluiten en een deel van de VMR vol te laten lopen met zout water kan ongewenste vegetatie terug worden gedrongen. Het vormt dus een belangrijke ''regel- en sturingsknop'' in het systeem van de VMR. Het Afsluitmiddel wordt uitgevoerd in beton en heeft een eenvoudige en abstracte vormgeving. Het Afsluitmiddel bestaat uit een afsluitbare doorstroomopening, en uit twee smalle kanalen waarin door vertical slots de stroomsnelheid wordt beperkt. Ook deze vertical slots kunnen worden gesloten indien noodzakelijk. Indien het Afsluitmiddel oversteekbaar wordt gemaakt wordt gekozen vooreen horizontale vlakke loopbrug.. Vanwege het gewenste abstracte en horizontale beeld worden technische voorzieningen zoveel als technisch mogelijk weggewerkt in de bruggenhoofden. Verticale hoogopgaande

elementen zijn niet toegestaan. Vanwege de gewenste symmetrie zijn beide bruggenhoofden gelijkvormig. Aanlegplaats

De aanlegplaats in het verlengde van het afsluitmiddel is bedoeld voor beheer en onderhoud, en mogelijk als aanmeerplek voor een excursieboot. De aanlegplaats bestaat uit een drijvend ponton dat met een eenvoudige en civieltechnische loopbrug verbonden is met de strekdam. De aanlegplaats wordt zo vormgegeven dat de hele constructie relatief eenvoudig te verplaatsen is langs de hele zuidelijke zijde van de dam. Brug

Om de VMR vanaf land te kunnen beheren is waarschijnlijk een eenvoudige brug nodig om de rivier over te kunnen steken. Deze brug wordt geplaatst in de overgang van het estuariëne gebied naar de rivier en markeert daarmee op een vanzelfsprekende manier deze overgang. De brug kruist de stroom van de rivier haaks. Het brugdek is zo slank mogelijk en vormt in kleur en materiaalgebruik een familie samen met het Afsluitmiddel en het Doorlaatmiddel door de Afsluitdijk.

3.2 Uitstraling en vegetatieontwikkeling In de loop van de tijd zullen de zanddammen en de overgangen land water van de VMR begroeid raken. Van belang is dat aan de beleving van de openheid van het IJsselmeer vanaf de Afsluitdijk niet te veel geweld aan wordt gedaan. Alle maatregelen in de VMR zijn in eerste instantie bedoeld om een waterovergang te maken, en het zicht op water dient dan ook de overheersende kwaliteit te zijn van het project. Het bijzondere van het project is bovendien dat er een stukje getijdengebied in het IJsselmeer wordt gemaakt. Deze getijdewerking zou dan ook zo goed mogelijk zichtbaar gemaakt moeten worden. Bij hoogwater lijkt de Vismigratierivier hier op een grote bak met water, bij laagwater ontstaan er patronen, slikkige platen en zandige taluds. Het estuariëne deel aan de Waddenzijde en aan de IJsselmeerzijde blijft open en grotendeels onbegroeid door dagelijkse invloeden van het getij en zoutwaterindringing. De dammen in het rivierdeel zullen gaan begroeien met zilte vegetatie of brakke oevervegetatie afhankelijk van het zoutgehalte van het water. Hoge begroeiing bijvoorbeeld in de vorm van wilgenopschot dient hier te worden tegengegaan om de beleving van het open waterlandschap vanaf de Afsluitdijk te behouden. De

Beeldkwaliteitsplan + EPvE - Vismigratierivier

31/94

hogere zandige delen zoals de westelijke dam zullen in loop van tijd gaan begroeien met grassen en kruiden, zegges en struweel. Door bij de aanleg veel micro reliëf aan te brengen ontstaat sneller een natuurlijk en gevarieerd beeld, en wordt de basis gelegd voor variatie in vegetatie. Langs de kustlijn van de brede zanddam worden ideale omstandigheden gecreëerd voor de ontwikkeling van een brede rietoever. Deze brede rietoever zorgt ervoor dat bezoekers niet bij de waterrand kunnen komen. Dit is van belang vanwege het achterliggende luwtegebied voor watervogels dat wordt aangelegd in het kader van de natuurvoorziening voor het Windpark Fryslân. Om verruiging tegen te gaan dient de vegetatie, net als op de Makkumer Noordwaard, beheerd te worden door struweel periodiek terug te zetten.

3.3 Materiaalgebruik Naast water en zand, klei of leem worden voor de VMR natuurlijke en gebiedseigen materialen gebruikt; zoals basalt, breuksteen en houten palen. De VMR heeft de ambitie om het benodigde materiaal zoveel mogelijk lokaal te winnen en uit de directe omgeving te halen. Hergebruik van materiaal dat vrijkomt bij de versterkingsopgave zou passen in de duurzaamheidsgedachte van het project.

bezoekers worden gebruikt. In de VMR worden geen recreatieve voorzieningen aangebracht. Alleen op de plek waar het fietspad op de Afsluitdijk de coupure van de VMR kruist kan op een terughoudende manier een informatiepaneel geplaatst worden.

3.5 Raakvlak met de Natuurvoorziening Windpark Fryslân Als mitigatiemaatregel voor het Windpark Fryslân is naast de VMR een luwtegebied (natuurvoorziening) aangelegd als vogelrustgebied. Dit luwtegebied wordt beschut door een dam en bestaat uit 25-30 hectare ondiep water. Het ontwerp voor de VMR en voor het luwtegebied zijn op elkaar afgestemd. Binnen het luwtegebied wordt gewaarborgd dat vissen die de VMR uitzwemmen op diepte naar de diepe geul kunnen zwemmen en dat er aan de zuid- en westzijde van de VMR ondiepe natuurlijke onderwateroevers ontstaan. Voor het luwtegebied is het van belang dat er geen verstoring van rustende vogels plaatsvindt. Hiermee is in het ontwerp van de VMR rekening gehouden; eventuele wandelaars over de westelijke dam lopen achter een brede natuurlijke begroeide rietoever.

3.4 Recreatieve toegankelijkheid De VMR zal veel bezoekers trekken. Dit zullen mensen zijn die speciaal voor dit bijzondere project komen, of bezoekers die het als onderdeel van hun ronde over het sluiscomplex Kornwerderzand zullen aandoen. Door de voetgangersonderdoorgang onder de A7 door kan de VMR worden aangesloten op het recreatieve routenetwerk van het sluiscomplex. De Waddenzijde van de Vismigratierivier heeft als nevenfunctie dat het een hoogwatervluchtplaats kan zijn voor wadvogels. Verstoring is hier ongewenst. Observatie vanaf het dijktalud van het kazematteneiland is wel mogelijk. Het kazematteneiland aan de Waddenzee bevat een beschutte kom als rustplek voor fietsers. Deze plek kan tevens dienen als een educatieplek, waar bijvoorbeeld groepen bezoekers informatie kunnen krijgen tijdens excursies. Aan de IJsselmeerzijde worden in de aanlegfase van de VMR waarschijnlijk paden ten behoeve van het beheer gemaakt, die toegankelijk zijn vanaf het kazematteneiland. Deze paden kunnen dan ook door

Beeldkwaliteitsplan + EPvE - Vismigratierivier

33/94

B1. UITWERKINGEN PER ONDERDEEL VAN HET PROVINCIALE CONTRACT Leeswijzer In de hierna volgende hoofdstukken is per onderdeel van de Vismigratierivier aangegeven wat de minimaal te realiseren basis is en welke beeldkwaliteit daarbij hoort, en wat het streefbeeld zou kunnen zijn. Vervolgens is dit in vormgevingseisen verder uitgewerkt. De beelden zijn bedoeld als illustratie bij de vormgevingseisen. Eventuele maatvoering in beeld is niet maatgevend. Voor sommige elementen is nog niet duidelijk of, en hoe deze gerealiseerd zullen moeten worden. Indien blijkt dat deze elementen niet nodig zijn, dan vervallen de vormgevingseisen die hierover gaan.

1 AANSLUITING OP AFSLUITDIJK - WADDENZIJDE

Basis

De aansluiting van de Vismigratierivier op de Afsluitdijk bestaat uit lage dammen aan weerszijde van de Afsuitdijk die de VMR beschermen. Deze dammen vormen een duidelijke contour rondom het kazematteneiland, en dienen het open waterlandschap in dit gebied zo min mogelijk te beinvloeden. De aansluitende dam aan de Waddenzijde en het estuariene gebied dat daardoor omsloten wordt zijn onderdeel van de Waddenzee. De uitstraling van de dam moet dan ook passen in het waddengebied. Dit houdt in dat de dam zo laag mogelijk is met een zandige uitstraling. Streefbeeld

In de zone boven gemiddeld hoogwater zijn kwelderplanten aanwezig. De binnenzijde van de dam is bekleed met grof materiaal, dat een levend rif met oesters, schelpen en wieren zal gaan vormen. De buitenzijde van de dam krijgt een zeer flauw talud, dat kan worden aangevuld met palenrijen of rijshoutdammen, waardoor opslibbing en kweldervorming kan gaan plaats vinden. De palenrijen of rijshoutdammen worden dusdanig geplaatst dat er

Impressie westelijke dam en estuarien gebied.

36/94

Beeldkwaliteitsplan + EPvE - Vismigratierivier

in een brede zone langs de wadzijde van de gehele dam kweldervorming plaats vindt. Deze opbouw zorgt ervoor dat het sediment voor de stenen dam wordt vastgehouden en golven worden geremd, zodat de dam zo laag mogelijk kan blijven. Zowel de westelijke dam en aanliggende kwelder als de zandplaat hebben een functie als rust- en fourageerplek voor vogels.

1.1 De twee westelijke dammen aan weerszijden van de Afsluitdijk hebben zoveel mogelijk een gespiegeld tracé en gelijk profiel, en sluiten haaks aan op de Afsluitdijk, tegenover elkaar.

Toelichting: De twee dammen begrenzen een symmetrisch watervlak waarvan de vorm voortkomt uit de historisch waardevolle contour van het kazematteneiland. Door een strakke haakse aansluiting van de dammen op de Afsluitdijk, wordt de nieuwe verbinding tussen Waddenzee en IJsselmeer benadrukt. Haakse aansluiting

O Haakse aansluiting

Haakse aansluiting

Symmetrisch watervlak

1.2 De stenen kruin van de westelijke dam Waddenzijde blijft zo laag en smal mogelijk (kruin­ hoogte circa NAP +1,50m, kruinbreedte circa 3,5m). Toelichting: Vanaf de Afsluitdijk en vanaf het kazematteneiland dient het uitzicht over de Waddenzee zo min mogelijk beinvloed te worden door hoge dammen.

Principeprofiel basis van de westelijke dam Waddenzijde.

Beeldkwaliteitsplan + EPvE - Vismigratierivier

37/94

1.3 De westelijke dam heeft een flauw en zandig buitentalud dat aansluit op de dam onder kruin­ hoogte. Hiervoor dient grofzandig en voedselarm materiaal te worden gebruikt. Toelichting: De westelijke rand van de Vismigratierivier is zoveel mogelijk zacht, zandig en natuurlijk. Het combineren van een flauw talud en kwelders past bij een manier van waterbouw waarin wordt meebewogen met de natuur (klimaatadaptief, biobouwers) in plaats van harde hoge muren bouwen. Door het gebruik van zandig materiaal is de dam minder gevoelig voor erosie. Een lage zanddam met kwelderbegroeiing past ruimtelijk ook beter in het Waddensysteem.

O

1.4 De oriëntatie van de kwelderwerken is zo vormgegeven dat het past in het gebied waar Afsluitdijk en Vismigratierivier het beeld bepalen. De kwelderstructuren vormen een dicht netwerk zodat echt luwte ontstaat. Toelichting: De kwelderwerken staan ofwel haaks op de westelijke dam, of ze zijn juist uitgelijnd op de Afsluitdijk. De keuze hiervoor zou met name gebaseerd moeten worden op de optimale waterbouwkundige werking, (hierbij zijn overheersende windrichting en waterstroming van belang) en kweldervorming.

Kwelderbarrieres uitgelijnd op de Afsluitdijk

38/94

Beeldkwaliteitsplan + EPvE - Vismigratierivier

Kwelderbarrieres uitgelijnd op de westelijke dam

1.5 De kwelderwerken zijn van hout eventueel aangevuld met andere natuurlijke materialen. De kweld ersch ermen steke n nooit meer dan 1,5m boven de bodem uit.

Toelichting: Er wordt gebruik gemaakt van natuurlijk en zoveel mogelijk natuurlijke en gebiedseigen materialen.

Rijshouten barrièreschermen tussen houten palen.

Biologisch afbreekbare kratstructuren tussen houten palen.

Combinatie van rijshout en boomstammen.

1.6 De binnenzijde van de dam wordt bekleed met steen zo dat er een levend rif kan ontstaan. Steen bestaat bij voorke ur uit hergebruikt materiaal uit de omgeving (basalt) en is donker van kleur. Toelichting: Het stortsteen zorgt ervoor dat de waterstroom aan Vismigratierivier begeleid wordt, en zorgt er tevens voor dat er een interessant levend rif kan ontstaan.

Beeldkwaliteitsplan + EPvE - Vismigratierivier

39/94

2 ESTUARIEN DEEL WADDENZIJDE

Basis

Aan de Waddenzijde van de Vismigratierivier lopen twee geulen vanaf de doorstroomopeningen in de strekdam richting het Doorlaatmiddel. Deze geulen worden van elkaar gescheiden door een zandplaat. Het estuariene gebied van de VMR aan de Waddenzijde heeft de uitstraling van een zandplaat in het zoute water van de Waddenzee, die veelal onder water ligt. Streefbeeld

X.

V ’v

De zandplaat dient ook als hoogwatervluchtplaats en moet daarvoor net boven gemiddeld hoog water liggen, maar zo dat de dynamiek van het gebied goed herkenbaar blijft. De plaat zal wel bij zeer hoog water overstromen waardoor begroeiing beperkt zal blijven tot enige kweldervegetatie. De plaat heeft natuurlijk stabiele flauwe oevers zodat ecologisch interessante overgangen kunnen ontstaan.

Referentiebeeld water met droogvallende zandplaten.

40/94

Beeldkwaliteitsplan + EPvE - Vismigratierivier

2.1 De zandplaat heeft een functie als hoogwatervluchtplaats en fourageerplek, en heeft een maximale hoogte van circa NAP +1,00m. Toelichting: De zandplaat past in het dynamische karakter van de Waddenzee

Principeprofiel zandplaat als hoogwatervluchtplaats.

2.2 De zandplaat heeft flauwe oevers en microreliëf. Toelichting: Door flauwe oevers van de zandplaat en micoreliëf wordt de getijdewerking beter zichtbaar. Bij hoogwater ontstaan geulen, bij laagwater blijven tijdelijke plassen staan zodat er een interessant getijdenspel ontstaat.

2.3 Indien er breuksteen nodig is binnen het estuariene gebied om de zandplaat te fixeren, dan is dit bij voorkeur hergebruikt materiaal uit de omgeving (basalt) en is donker van kleur. Het dient zo aangebracht te zijn dat steenbekleding zo min mogelijk zichtbaar is. Toelichting: De uitstraling van het gebied van het estuariene gebied is zo zacht en zandig mogelijk.

Beeldkwaliteitsplan + EPvE - Vismigratierivier

41/94

3 AANSLUITING OP AFSLUITDIJK - IJSSELMEERZIJDE

Basis

De aansluiting van de Vismigratierivier op de Afsluitdijk bestaat uit lage dammen aan weerszijde van de Afsuitdijk die de VMR beschermen. Deze dammen vormen een duidelijke contour rondom het kazematteneiland, en dienen het open waterlandschap in dit gebied zo min mogelijk te beinvloeden. De aansluitende dam aan de IJsselmeerzijde is in uitstraling zoveel mogelijk gelijk aan de dam aan de Waddenzijde. De dam is zo laag mogelijk, met een hard met stortsteen bekleed binnentalud, en een zacht, zandig en flauw buitentalud. Dit deel van de westelijke rand van de VMR blijft zoveel mogelijk vrij van hoog opgaande vegetatie en riet, waardoor het zicht over het weidse open water behouden blijft. Streefbeeld

De dam heeft een getrapt profiel. Een pad voor recreatie en onderhoud over de dam ligt op een berm aan de binnenzijde, net wat lager dan de kruin. Het pad valt door vormgeving en materialisering weg tegen de dam, en is dus onopvallend.

Vogelvluchtimpressie van de aansluiting aan IJsselmeerzijde.

42/94

Beeldkwaliteitsplan + EPvE - Vismigratierivier

3.1 De twee westelijke dammen aan weerszijden van de Afsluitdijk hebben zoveel mogelijk een gespiegeld tracé en gelijk profiel, en sluiten haaks aan op de Afsluitdijk, tegenover elkaar.

Toelichting: De twee dammen begrenzen een symmetrisch watervlak waarvan de vorm voortkomt uit de historisch waardevolle contour van het kazematteneiland. Door een strakke haakse aansluiting van de dammen op de Afsluitdijk, wordt de nieuwe verbinding tussen Waddenzee en IJsselmeer benadrukt. Haakse aansluiting

Beeldkwaliteitsplan + EPvE - Vismigratierivier

43/94

3.2 De dam sluit op enige afstand van het Doorlaatmiddel aan op de Afsluitdijk, op circa 20m-25m afstand van de westelijke wandeN van het Doorlaatmiddel.

Toelichting: Door enige afstand tussen dam en Doorlaatmiddel te hanteren blijft het Doorlaatmiddel een heldere doorsnijding, en de dam een lage beschermende structuur rondom het estuarien gebied, herkenbaar als zelfstandige delen van de Vismigratierivier.

3.3 De dam die de aansluiting op de Afsluitdijk aan de IJsselmeerzijde vormt, heeft een getrapt profiel, met flauw zandige buitentalud (minimaal 1:10), een zo laag mogelijke kruin (max NAP +1,70m), en een steil en stenig binnentalud. Toelichting: Het flauwe zandige buitentalud vormt remming voor de golven vanaf het IJsselmeer.Het breuksteen aan de binnenzijde begeleidt de waterstroom en zorgt ervoor dat de dam haar vorm en ligging behoudt. De beperkte hoogte zorgt voor zicht over het open waterlandschap vanaf de Afsluitdijk.

44/94

Beeldkwaliteitsplan + EPvE - Vismigratierivier

3.4 De bekleding van het binnentalud bestaat uit donker gekleurd breuksteen, bij voorkeur hergebruikt materiaal dat vrijkomt bij de versterkingsopgave. Toelichting: Vormgeving en materiaalgebruik passend bij de Afsluitdijk, en zoveel mogelijk hergebruik.

Referentie donker gekleurd breuksteen.

3.5 Vegetatie op de Aansluiting op Afsluitdijk blijft beperkt tot lage gebiedsspecifieke soorten: grassen en struweel in de vorm van incidentele opslag (2-5%). Opgaande beplanting hoger dan 1m wordt tegengegaan. Toelichting: Het eerste deel van de westelijke dam houdt het karakter van een zanddam met zandstrand. Vanaf de Afsluitdijk blijft het zicht over het grootse open water van het IJsselmeer behouden.

3.6 Een eventueel pad ligt wat lager dan de kruin op een berm aan de binnenzijde en is onopval­ lend vormgegeven, in materiaal en kleur dat past bij de dam op een berm op NAP +1,30m , en een steil binnentalud.

Toelichting: Doordat het pad wat lager ligt dan de kruin, ontstaat er een barriëre tussen het pad en de waterlijn, waardoor de rust in het achterliggende luwtegebied behouden blijft.

Beeldkwaliteitsplan + EPvE - Vismigratierivier

45/94

3.7 Een eventueel pad is onopvallend, zo smal mogelijk, en bij voorkeur gemaakt van hergebruikt materiaal dat bijvoorbeeldvrijkomt bij de versterkingsopgave. Het pad heeft geen opsluitbanden.

Toelichting: Een pad op de berm is een integraal onderdeel van de Vismigratierivier en heeft een uitstraling waardoor het zoveel mogelijk wegvalt tegen de dam.

Referentie basaltsplit.

3.8 Vanaf het kazematteneiland loopt het pad over het Doorlaatmiddel, richting de Westelijke dam aan de IJsselmeerzijde. Dit pad heeft een logisch verloop en een continue vormgeving in maat en materialisering. Het pad maakt een zo haaks mogelijk hoek bij de aansluiting van de Westelijke dam. Toelichting: Een pad zorgt voor toegankelijkheid en beheerbaarheid van de Vismigratierivier. Door de hoek zo scherp mogelijk te maken behoud de westelijke dam de uitstraling van een dam haaks op de Afsluitdijk.

46/94

Beeldkwaliteitsplan + EPvE - Vismigratierivier

4 ESTUARIEN DEEL IJSSELMEERZIJDE

Basis

Het eerste deel van de Vismigratierivier ten zuiden van de Ecopassage in de Afsluitdijk vormt, samen met de VMR aan de Waddenzijde, het estuariene deel van de VMR. Het estuariene deel blijft open en grotendeels onbegroeid door dagelijkse invloeden van het getij. Dit gebied heeft de uitstraling van een dynamisch gebied, van water, zand en duidelijk zichtbare getijdewerking. Streefbeeld

Het estuariene deel bestaat uit zandplaten waar de VMR in de vorm van twee geulen doorheen loopt: een ondiepe vloedgeul in het verlengde van het doorlaatwerk en een diepe ebgeul, met een meer slingerend beloop. Bij vloed overstromen de zandplaten volledig en blijven slechts de twee dammen aan weerszijde zichtbaar. Bij eb zullen de zandplaten weer droog vallen, maar door kleine hoogteverschillen blijven waterpoelen en stroomgeultjes zichtbaar. De overgang tussen het estuariene gebied en het rivierdeel is geleidelijk. Ruimtelijk wordt dit benadrukt doordat de eerste 'slinger' nog niet binnen het keurslijf van de zanddammen ligt. Een zoutdrempel in de vloedgeul voorkomt dat het zout te ver doordringt. Deze drempel ligt onder laag water niveau. Indien zandplaten vastgelegd moeten worden dan blijft de verharding onzichtbaar, dus onder laag waterniveau.

Impressie van het estuarien gebied aan de IJsselmeerzijde bij eb.

Beeldkwaliteitsplan + EPvE - Vismigratierivier

47/94

4.1 Het estuariëne gebied aan de zuidzijde van de Afsluitdijk bestaat uit een dynamisch systeem van water en onbegroeide zandplaten op een hoogte die bij hoog water zoveel mogelijk net onder water liggen (hoogte variërend tussen circa tussen NAP +0,40, en NAP 0m). Toelichting: De Vismigratierivier wordt aangelegd om een zo natuurlijk en geleidelijk mogelijke overgangsgebied te maken tussen zout en zoet water ten behoeve van de trekvissen. Bij dit systeem horen dynamische zandplaten.

Referentiebeeld zandplaten in het wad.

4.2 De zandplaat wordt aangelegd met een zo flauw mogelijk taluds.

Toelichting: het talud van de overgang tussen de rivier en zandplaten dient bij aanleg zo flauw mogelijk te zijn, zodat het verschil tussen hoogwater en laagwater zo goed mogelijk beleefbaar is.

Principetekening estuarien gebied met omsluitende dam.

4.3 Indien er breuksteen nodig is binnen het estuariene gebied om de zandplaat te fixeren, dan is dit bij voorkeur hergebruikt materiaal uit de omgeving (basalt) en is donker van kleur. Het dient zo aangebracht te zijn dat steenbekleding zo min mogelijk zichtbaar is. Toelichting: De uitstraling van het gebied met geulen en zandplaat is zo zacht en zandig mogelijk.

O

48/94

Beeldkwaliteitsplan + EPvE - Vismigratierivier

4.4 In de vloedgeul komt een zoutdrempel. Eventueel noodzakelijke verharding dient onder laag waterniveau te blijven. Toelichting: De uitstraling van het gebied met geulen en zandplaat is zo zacht en zandig mogelijk.

Oriëntatie afwijkend t.o.v. rivierdeel

Zoutdrempel in vloedgeul

ŵasi ^síľxmfr.’Mv.H. 4.5 De overgang tussen het estuariene deel en het rivierdeel wordt vormgegeven als een geleidelijke overgang. Toelichting: door een soort overgangsgebied te maken tussen het estuariene deel en de ingesnoerde rivier, wordt voorkomen dat de Vismigratirivier uiteenvalt in een natuurlijk en een technisch deel, en wordt de natuurlijke overgang van een zout getijdegebied naar een zoet systeem benadrukt.

Beeldkwaliteitsplan + EPvE - Vismigratierivier

49/94

5 STENEN DAM

Basis

De omsluitende dam is de harde dam die de zachte Vismigratierivier omsluit. De dam sluit 'naadloos' aan op bestaande strekdam en neemt de orientatie en richting van bestaande strekdammen over waardoor de dam ruimtelijk een onderdeel van het spuisluizencomplex wordt. Het profiel van de strekdam is van begin tot het eind eenvormig. De harde stenen dam vormt een duidelijk contrast met de 'zachte binnenwereld' van de VMR. Streefbeeld

De verlengde stenen dam is in uitstraling gelijk aan het eerste, reeds bestaande stuk strekdam. Indien mogelijk is dit gezet basalt, maar het kan ook uitgevoerd worden in donker breuksteen, in kleur en maat aansluitend bij de bestaande dam. Hergebruik van materiaal dat vrijkomt bij de versterkingsopgave zou passen in de duurzaamheidsgedachte van het project. Indien er een pad op de dam komt, dan ligt dit op een berm aan de zijde van de Vismigratierivier. Het pad is onopvallend in uitstraling en voegt zich naar het karakter van de dam. Ook als het pad maar op een deel van de stenen dam komt blijft het profiel van de dam van begin tot eind gelijkvormig. Er komen geen hekwerken op de dam. Indien het zuidelijke stuk van de dam constructief lichter uitgevoerd kan worden (door de aanwezigheid

van de natuurvoorziening), dan kan het profiel vanaf de bocht op een vloeiende manier lager worden, waardoor minder steen nodig is. De dam blijft wel uitgevoerd in steen.

Impressie oostetijke strekdam en rivier met zanddammen begroeid met riet.

50/94

Beeldkwaliteitsplan + EPvE - Vismigratierivier

5.1 De hoeken en maatverhoudingen van de dam zijn afgeleid van de bestaande strekdammen van het sluiscomplex.

Toelichting: Daardoor is de Vismigratierivier herkenbaar als onderdeel is van het sluiscomplex van Kornwerderzand.

5.2 De stenen dam heeft over de gehele lengte tot aan het Afsluitmiddel zoveel mogelijk een gelijk profiel en stenige uitstraling (niet zandig).

Toelichting: herkenbaar maken dat Afsluitdijk en havendammen als een geheel zijn ontworpen, en dat de verlengde dam een integraal onderdeel is van het sluiscomplex. VISMIGRATIERIVIER

IJSSELMEER

Principetekeningstenen dam.

Beeldkwaliteitsplan + EPvE - Vismigratierivier

51/94

5.3 De aansluiting van nieuwe (verlengde) dam en bestaande dam is vloeiend, waarbij het verschil tussen de basalten oude dam en nieuwe dam goed herkenbaar blijft door materiaalverschil. Toelichting: herkenbaar maken dat Afsluitdijk en havendammen als een geheel zijn ontworpen, en dat de verlengde dam een integraal onderdeel is van het sluiscomplex.

Huidige situatie.

5.4 De bekleding van de oostelijke dam bestaat uit donker gekleurd breuksteen, bij voorkeur her­ gebruikt materiaal dat vrijkomt bij de versterkingsopgave. Toelichting: Daardoor vormt de dam visueel een eenheid met de bestaande havendammen, die met basalt zijn bekleed.

Breuksteen.

Fijn breuksteen (30-60mm).

X-blocks.

Overlaagd breuksteen.

52/94

Beeldkwaliteitsplan + EPvE - Vismigratierivier

5.5 Indien het mogelijk wordt gemaakt om bezoekers over de dam te laten lopen, dan dient de overklimbaarheid onmogelijk te worden gemaakt door bijvoorbeeld het plaatsen van breuk­ steen (of vergelijkbaar) op het talud tussen pad en kruin. Er worden geen hekwerken op de dam geplaatst. Toelichting: Toegankelijkheid van de kruin wordt beperkt door vormgeving van de dam. Er worden geen hekwerken op dammen geplaatst.

n breuksteen

pad

grof breuk

breuksteen

steen

5.6 Een eventueel pad bestaat uit materiaal met een donkere kleur waardoor het zoveel mogelijk opgaat in de dam. Het wordt bij voorkeur uitgevoerd met hergebruikt materiaal dat vrijkomt bij de versterkingsopgave. Het pad heeft geen opsluitbanden. Toelichting: Een eventueel pad op de berm is een integraal onderdeel van de Vismigratierivier en heeft een uitstraling waardoor het zoveel mogelijk wegvalt tegen de dam.

Referentie basaltsplit of ander materiaal met gelijke uitstraling.

Beeldkwaliteitsplan + EPvE - Vismigratierivier

53/94

6 BREDE ZANDDAM

Basis

Het tweede deel van de westelijke bescherming bestaat uit een zanddam. Deze dam heeft niet de uitstraling van een dam, maar eerder van een brede natuurlijke, grillige en duinachtige zandstrook met hoogteverschillen. Aan de IJsselmeerzijde krijgt de zanddam een flauw talud en een brede rietoever. Referentiebeeld voor dit deel is de Makkummer Noordwaard. Streefbeeld

Aan de binnenzijde van de dam, de kant van de Vismigratierivier, kan de dam indien nodig beschermd worden met verharding tot een hoogte die maximaal nodig is voor de bescherming van de VMR. Eventuele verharding ligt dan in de buitenbochten van het rivierdeel (zie ook H7 Rivierdeel). Indien het nodig is om de rietoever aan de buitenzijde te beschermen kunnen palenrijen in het verlengde van de dammen aan de binnenzijde van de VMR erosie van de flauwe oever voorkomen en de aangroei van riet stimuleren. Hierdoor ontstaat een luw gebied dat beschermd wordt tegen zware stroming en golfslag vanuit het IJsselmeer, en waar zich op voedselrijke bodem/substraat/ materiaal een natuurlijke brede rietoever kan ontwikkelen. Indien nodig kan het jonge riet verder beschermd worden met drijvende boomstammen ingeklemd tussen palen of andere oplossingen met natuurlijke materialen. Indien er bezoekers over de westelijke dam wandelen dan blijven ze weg van de waterlijn aan IJsselmeerzijde

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13364970/1