CConstaterende datSúdwest-Fryslân
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1 - Vergunning geitenhouderij fase 1

Raadsvergadering 9 maart 2023, gemeente Súdwest-FryslânBij agendapunt: Omjouwingsfergunning útwreiding geitehâlderij Raerd10.425 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Ons kenmerk : 2020-FUMO-0046427

situatie hieronder) heeft een totale emissie van 29.875 gram fijnstof, respectievelijk 42.700 gram fijnstof per jaar. De afname ten opzichte van de vergunde situatie bedraagt 13.505 gram fijnstof in fase 1 en 680 per jaar in fase 2. Tevens blijkt uit de bij de aanmeldingsnotitie toegevoegde bijlagen (fijnstof berekeningen gegenereerd met ISL3a) dat de voorgenomen wijziging (beide fases) geen overschrijding van de grenswaarden gesteld aan de concentraties van zwevende deeltjes veroorzaakt. Vigerende situatie Fij nstof Stal

Diersoort

Ravcode

Aantal dieren

E.f. kg/dier/jr

Totaal fijstof

Melkvee

A 1.100

300

118

35.400

Jongvee

A 3.100

210

38

7.980

TOTAAL

43.380

Voorgenomen situatie: Fijnstof Totaal kq/dier/ir fiìnstof

Stal

Diersoort

Ravcode

A1

Geiten >^ jaar

C 1.100

1.125

19

21.375

C

Opfokgeiten 0-61 dgn

C 3.100

350

10

3.500

Opfokgeiten 61 dgn - 1 jr.

C 2.100

500

10

5.000

Aantal dieren

E.f.

Fase 1

TOTAAL

29.875

Fase 2

A1

Geiten >^ jaar

C 1.100

910

19

17.290 16.910 3.500

A2

Geiten :»1 jaar

C 1.100

890

19

C

Opfokgeiten 0-61 dgn

C 3.100

350

10

Opfokgeiten 61 dgn — 1 jr.

C 2.100

500

10

TOTAAL

5.000 42.700

Gelet op het bovenstaande kunnen wij concluderen dat luchtkwaliteitseisen geen belemmering vormen voor het project.

Geluid De dichtstbijgelegen geluidsgevoelige objecten bevinden zich aan de rand van een rustige woonwijk. De belangrijkste geluidproducerende bronnen binnen de inrichting zullen zich beperken tot de in werking zijnde ventilatoren, aanvoer van voer, afvoer van mest en afvoer van kadavers. Op dit moment is geen akoestisch onderzoek beschikbaar, waardoor er geen gefundeerd oordeel mogelijk is of er voldoende ruimte is om aan de geluidniveaus voor het gebied te voldoen. Naar verwachting zal de hinder ten gevolge van de realisering van dit project niet onacceptabel worden Een akoestisch rapport dient onderdeel uit te maken van de aanvraag om omgevingsvergunning.

Bodem

-6/9-

Ons kenmerk : 2020-FUMO-0046427

De activiteiten van de veehouderij die als bodembedreigend worden aangemerkt, zijn gebruikelijk in de agrarische sector. Met het oog op de bescherming van bodem worden er doelmatige maatregelen en voorzieningen getroffen waarmee een verwaarloosbaar bodemrisico wordt gerealiseerd. In de vergunningprocedure zal de afweging worden gemaakt of het gevraagde voorzieningenniveau voldoet aan de BBT.

Afvalwater De samenstelling van het afvalwater en de lozing van het afvalwater zullen niet veranderen. Mesthoudend afvalwater dient te worden opgevangen en vervolgens als meststof uitgereden/afgevoerd. Hemelwater afkomstig van het dak van de stallen wordt geloosd op het oppervlaktewater.

Risico van ongevallen Het grootste risico is het optreden van brand, stroomuitval en het uitbreken van een ziekte. Daarnaast kunnen ongevallen plaatsvinden met bijzondere milieubelastingen. Hierbij valt te denken aan lekkage bodembedreigende stoffen mest en dieselolie met het risico op bodemverontreiniging. Binnen de inrichting worden voorzieningen getroffen om een calamiteit en de daardoor optredende milieubelasting te voorkomen ofte beperken.

Risico's voor menselijke gezondheid Het houden van landbouwhuisdieren kan gezondheidseffecten hebben op de omgeving van de veehouderij. Voor het risico van de verspreiding van ziekten die van dier op mens overdraagbaar zijn (zogenaamde zoönosen), zoals Q-koorts, is nog geen wettelijk of beleidsmatig toetsingskader ontwikkeld, waaraan concreet bij vergunningverlening kan worden getoetst. Door de maatregelen die aan geitenhouderijen zijn opgelegd op grond van wetten ter bescherming van dier- en volksgezondheid, zoals bijvoorbeeld het inenten van de dieren tegen Q-koorts en regels met betrekking tot de opslag van mest, is het risico voor omwonenden zeer sterk gereduceerd. Hygiënemaatregelen dragen bij aan een goede diergezondheid dan ook aan het beperken van transmissie binnen de veestapel en naar mensen wanneer er toch een zoönotische ziekteverwekker bij de dieren voorkomt. De uitstoot van ammoniak, fijnstof, endotoxinen en geur spelen een belangrijke rol bij het optreden van gezondheidseffecten in de omgeving van een veehouderij. Ten aanzien van het aspect geur wordt aan de geldende norm voldaan en de uitstoot van ammoniak en fijnstof neemt ten opzichte van de bestaande situatie af. Daarmee neemt ook het risico op verspreiding van endotoxinen en zoönosen af.

Gelet hierop en mede gelet op het feit dat ten aanzien van het aspect volksgezondheid momenteel geen concreet toepasbaar objectief toetsingskader bestaat en daarnaast geen algemeen aanvaarde wetenschappelijke inzichten zijn om aan te toetsen, zijn wij van mening dat de wijziging van de inrichting naar een geitenhouderij geen extra risico’s voor de volksgezondheid met zich meebrengt. 2. Plaats van het project. Het bestaande grondgebruik Het perceel Hegedyk 10 te Raerd is reeds in gebruik ten behoeve van een veehouderij. Deze locatie valt onder het bestemmingsplan c..^ en heeft de bestemming c...:». De nieuwe stal wordt binnen een bestaand bouwblok gebouwd dat al voorziet in een agrarische functie. Het grondgebruik verandert dus niet met de voorgenomen verandering van de inrichting. Het voorgenomen project voorziet derhalve cnie^ in een aanpassing van het bestemmingsplan.

-719-

Ons kenmerk : 2020-FUMO-0046427

De relatieve rijkdom aan en de kwaliteit en het reqeneratievermoqen van de natuurlijke hulpbronnen van het gebied Binnen de inrichting wordt zo zuinig en efficiënt mogelijk omgegaan met hulpbronnen. Het gebruik daarvan wijkt niet af van wat normaal wordt geacht binnen een veehouderij. Aantasting of een bijzondere omstandigheid is niet aan de orde. Wet natuurbescherming (natura 2000-qebieden. fauna en flora) •dn te vullen door het bevoegd gezag> Stilte- en grondwaterbeschermingsgebieden In de directe omgeving van de inrichting bevinden zich geen stilte- of grondwaterbeschermingsgebieden. Landschap en cultuurhistorische waarden De voorgenomen activiteiten vinden niet plaats in een landschap van historisch, cultureel of archeologisch belang. De activiteiten leiden daarom niet tot bijzondere omstandigheden. Ad 3. Kenmerken van het potentiële effect Het bereik van het effect Er worden geen (nieuwe) effecten, anders dan die reeds bestaand zijn, verwacht. Verwezen wordt naar de overwegingen ten aanzien van onder andere geluid, emissies naar lucht, ammoniakemissie en geur uit dierenverblijven. De waarschijnlijkheid van het effect Zodra de uitbreiding is gerealiseerd zal de aangegeven emissie worden uitgestoten. Middels de uitvoeringseisen van het voorgenomen emissiearme stalsysteem wordt gewaarborgd dat de emissie niet meer zal bedragen dan voorzien.

De duur, frequentie en omkeerbaarheid van het effect Voor de voorgenomen activiteit zal een omgevingsvergunning ingevolge de Wabo moeten worden aangevraagd. Bij het verlenen van de omgevingsvergunning zal getoetst worden of de activiteit voldoet aan de vigerende wet- en regelgeving. De mogelijkheid om de effecten doeltreffend te verminderen Uit de aanmeldingsnotitie blijkt dat de effecten doeltreffend worden verminderd door de keuze voor emissiearme stalsystemen technieken. De intensiteit en de complexiteit van het effect Gezien de overwegingen onder 1 (kenmerken van het project) en de onder 2 (plaats van het project), verwachten wij dat de pluimveehouderij zoals beschreven in de aanmeldnotitie niet tot nieuwe potentiële effecten leidt voor de omgeving. Conclusie

-8 /9 -

Ons kenmerk : 2020-FUMO-0046427

De kenmerken van de voorgenomen activiteit zijn naar onze mening niet dusdanig dat er sprake is van belangrijke nadelige gevolgen voor het milieu, die het opstellen van een milieueffectrapportage bij de voorbereiding van de beslissing op de voorgenomen aanvraag omgevingsvergunning, onderdeel milieu, noodzakelijk maken. Wij hebben daarbij gekeken naar de kenmerken van het project, de plaats van het project en de kenmerken van het potentiële effect. Bekendmaking en beroep Van dit besluit wordt mededeling gedaan door kennisgeving in de «dagblad» en in de Staatscourant. Tevens wordt dit besluit ter inzage gelegd. Tegen dit besluit staat geen afzonderlijk bezwaar- of beroep open, omdat er sprake is van een voorbereidingsbeslissing als bedoeld in artikel 6.3 van de Algemene wet bestuursrecht. Eventuele bezwaren tegen dit besluit kunnen in de procedure omtrent de omgevingsvergunning aangevoerd worden. Voor beide fases van het project worden zelfstandige vergunningprocedures doorlopen. Ondertekening en verzending «ondertekening, datum»

-9/9

Ons kenmerk : 2020-FUIVIO-0046427

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12410655/1