Bijlage 1 - Programmabegroting 2025
Tekst van het document
4.885 1.542 11.202 17.629
4.878 1.542 11.201 17.621
4.878 1.542 11.187 17.607
Begroot 2024 per taakveld (bedragen x € 1.000) Bestuur Bestuur
Lasten
Baten
Saldo
5.039 5.039
0 0
5.039 5.039
Dienstverlening Burgerzaken
2.815 2.815
1.462 1.462
1.353 1.353
Veiligheid Crisisbeheersing en brandweer Openbare orde en veiligheid Totaal saldo baten en lasten
11.248 7.331 3.917 19.102
113 113 0 1.575
11.135 7.219 3.917 17.528
Pagina 87 van 172
O24.001865
3. Aanpassingen programma Bestuur In dit programma hebben we diverse aanpassingen verwerkt. Hieronder geven we ze weer in een overzicht. Daarna geven we een toelichting op de verschillende posten. Vanwege de leesbaarheid worden sommige aanpassingen in het programma toegelicht waar ze thematisch het beste passen, terwijl ze soms (ook) betrekking hebben op andere programma’s. Bijvoorbeeld de loonsom-ontwikkeling. Deze wordt in de tekst alleen toegelicht in Programma Bestuur, maar cijfermatig heeft dit ook betrekking op de programma’s Sociaal en Ruimte en op de Overzichten. Nadelen zijn steeds met een minteken (-) aangegeven en voordelen met een plusteken (+). De vetgedrukte subtotalen komen steeds terug in het totaaloverzicht van paragraaf 1.2.
Aanpassingen programma Bestuur (bedragen x € 1.000)
2025
2026
2027
2028
1. Bestuurlijke samenwerking VNG en VFG
-150
-150
-150
-150
2. Lidmaatschap EuropaPact Fryslân
-100
-100
-100
-100
Structureel Nieuwe voorstellen
3. Verkiezingen
0
-155
-155
-155
-1.225
-1.225
-1.225
-1.225
-40
-40
-40
-40
6. Salarisontwikkeling 2025
-2.769
-2.769
-2.769
-2.769
7. Optimalisatie personele inzet, minder inhuur
2.000
2.000
2.000
2.000
4. GR Veiligheidsregio Fryslân 5. Veiligheidshuis
8. Beveiliging publiek toegankelijke ruimtes
-107
-107
-107
-107
Subtotaal
-2.391
-2.546
-2.546
-2.546
Subtotaal structureel
-2.391
-2.546
-2.546
-2.546
Toelichting Nieuwe voorstellen 1. Bestuurlijke samenwerking VNG en VFG De gemeente Súdwest-Fryslân is lid van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) en de Vereniging van Friese Gemeenten (VFG). Hiervoor betalen we contributie en betalen we voor de Gezamenlijke Gemeentelijke Uitvoering (GGU). De kosten van contributie en GGU zijn de afgelopen jaren sterk gestegen, waardoor wij een tekort hebben van € 150.000 op ons budget voor VNG en VFG. We stellen voor om het beschikbare budget met dit bedrag te verhogen.
2. Lidmaatschap EuropaPact Fryslân Als gemeente zijn we lid van EuropaPact Fryslân (EPF). Ook de andere 17 Friese gemeenten, Wetterskip, Provincie Fryslân en de kennisinstellingen zijn lid van deze organisatie. Deze organisatie ondersteunt alle partijen uit Friesland om actiever te worden op het gebied van Europa. Voorbeelden hiervan zijn informeren over Europese netwerken, Europese subsidiemogelijkheden of Europese samenwerkingen. De verwachting is dat andere Friese partijen door gaan met de ondersteuning van EuropaPact Fryslân. Als gemeente Súdwest-Fryslân zijn wij ook voornemens om de samenwerking door te zetten. We willen doorgaan met de Europastrategie van de gemeente. Dit houdt in dat wij blijven Pagina 88 van 172
O24.001865
inzetten op het structureel binnenhalen van Europese subsidies. Het lidmaatschap aan EuropaPact Fryslân is een onderdeel van onze Europastrategie. Via EuropaPact Fryslân zorgen we met een gezamenlijk Fries verhaal voor een betere positionering van Fryslân in Europa. Daarnaast zijn er via EuropaPact Fryslân al verscheidene kansen binnengekomen voor Europese projecten en samenwerking. Ook heeft EuropaPact Fryslân al een aantal keren ondersteund in de ontwikkeling van Europese projecten van de gemeente. In de toekomst zal dit alleen nog maar vaker voor gaan komen. Bijkomend voordeel daarbij is dat EPF werkt met zogenaamde vouchers. Deze kunnen bijvoorbeeld ingezet worden om een Europees projectvoorstel te laten schrijven door een derde. Deze vouchers kunnen oplopen tot € 40.000. Deze ontvangt de gemeente dan van EPF. Hiermee kan geprobeerd worden om de eigen bijdrage in de vorm van vouchers dus weer terug te krijgen. Als laatste heeft EPF ook een adviserende rol voor andere partijen in onze gemeente. Dit betreft bijvoorbeeld ondernemers of plaatselijk belangen die ook profiteren van de expertise van EPF. Er was budget beschikbaar tot en met 2024. We stellen nu voor om vanaf 2025 een structureel bedrag op te nemen in de begroting van € 100.000.
3. Verkiezingen Mede naar aanleiding van de Tweede Kamerverkiezing 2023 hebben we een goed inzicht gekregen in de financiën voor de Verkiezingen. Met het budget wat nu beschikbaar is gesteld (€ 174.000) signaleren we dat er een ontoereikend budget beschikbaar is. Dit houdt in dat elke keer als er Verkiezingen gehouden worden, er een structureel tekort is. Het is van essentieel belang dat er voldoende budget beschikbaar wordt gesteld om de verkiezingen goed te laten verlopen. Om alles goed te kunnen organiseren hebben we € 155.000 extra per verkiezing nodig. De voorgestelde verhoging van € 155.000 vloeit onder andere voort uit de volgende wijzigingen: • • • •
Porto bezorgkosten PostNL overgeheveld van budget Facilitair naar Verkiezingen: € 30.000 Nieuw huur/aanschaf: € 25.000 Nieuwe uren projectleidingen € 26.000 Daarnaast is er ook sprake van een behoorlijke prijsstijging van goederen en diensten.
4. GR Veiligheidsregio Fryslân De raad heeft op 6 mei 2024 kennis genomen van de Begroting 2025 van de Veiligheidsregio Fryslân (VRF) en besloten om de financiële gevolgen op te nemen in onze eigen begroting. Het gaat om een structureel extra te betalen bedragen van € 1.225.000. 5. Veiligheidshuis In het Veiligheidshuis werken onder andere gemeenten, Openbaar Ministerie, Raad voor de Kinderbescherming, politie, Bureau Halt, reclassering, Bureau Jeugdzorg, Maatschappelijk werk, Slachtofferhulp, woningcorporaties samen onder één dak aan de aanpak van onder andere veelplegers, risicojeugd, huiselijk geweld en nazorg van ex-gedetineerden. De jaarlijkse bijdrage is veel hoger dan begroot. Op dit moment is de bijdrage rond de € 70.000, maar begroot is slechts € 40.000. Daarbovenop komt nog een jaarlijkse bijdrage voor de provinciale aanpak mensenhandel van € 11.000. Hier moeten wij ook uitvoering aan geven. We stellen voor om onze begroting met € 40.000 op te hogen. 6. Salarisontwikkeling 2025 De huidige CAO loopt tot 1 april 2025. We verwachten dan een CAO-stijging van 4,4%. Aangezien dit dan een periode van nog 9 maand betreft, schatten we de loonsomstijging over 2025 in op 3,3%. De salarisontwikkeling kunnen we op de volgende manier benaderen: • Onze loonsom betrof in de PB2024 een bedrag van € 80,7 miljoen. Pagina 89 van 172
O24.001865
• •
•
Door afzonderlijke mutaties is de loonsom sindsdien toegenomen met € 1,56 miljoen. Over 2024 hadden we een CAO-stijging ingeschat van 4%. In werkelijkheid is dat 6% geworden. Dat betekent dat we nog 2% loonsomstijging moeten inhalen. Dat betreft een bedrag van € 1,65 miljoen. Via de Berap april, mei, juni 2024 is voorgesteld om deze verhoging te dekken uit de € 2 miljoen die via de Septembercirculaire 2023 door het Rijk is toegekend voor loon- en prijscompensatie. Daardoor hoeven we deze verhoging nu niet in deze begroting op te voeren. Na bovenstaande mutaties betreft onze loonsom een bedrag van € 83,9 miljoen.
Deze loonsom van € 83,9 miljoen moet voor 2025 worden opgehoogd met de ingeschatte 3,3%. Dat betekent een verhoging met € 2.769.000. Via bovenstaande wijze is de loonsomstijging globaal benaderd. Via het salarissysteem is de loonsom per medewerker tot in detail doorgerekend met bovenstaande inschatting van 3,3%. De benadering op hoofdlijn en de detaildoorrekening komen met elkaar overeen.
7. Optimalisatie personele inzet, minder inhuur Dit is één van de Kansrijke sporen waar we met ingang van 2025 al invulling aan geven. Als eerste stap gaat het om een bedrag van € 2 miljoen. Voor latere jaren kan dit bedrag nog worden opgehoogd. Deze optimalisatie betreft met name het terugbrengen van de externe inhuur. Volgens de Jaarrekening 2023 betrof de werkelijke inhuur over 2023 een bedrag van € 16,7 miljoen. Dat bedrag moet dus worden teruggebracht. Deels willen we dat doen door (nog) meer in te zetten op het aannemen van vast personeel, waardoor we kunnen besparen op duurdere inhuur. En voor een ander deel door bestaande inhuur zoveel mogelijk af te bouwen. Voor nieuwe inhuur zal een (nog) strengere weging van nut en noodzaak moeten worden gemaakt, voordat wordt overgegaan tot inhuur. Ook willen we bekijken of we processen efficiënter kunnen organiseren of meer gebruik te maken van automatisering, waardoor er minder personele inzet nodig is. Ook valt te denken aan het minder gelijktijdig uitvoeren van projecten. Het is aan het management van de gemeente om hier nader invulling aan te geven. Het is aan het college om de ambities te beperken, zodat de nodige taken met een lagere personele inzet kunnen worden uitgevoerd.
8. Beveiliging publiek toegankelijke ruimtes De laatste jaren zien wij een toename van agressie richting de medewerkers van onze organisatie. Vooral sinds de uitbraak van Corona is agressie aan de balies van het Súdwesthûs en in Poort 20 toegenomen. Hierdoor voelen de medewerkers die hier werken zich vaker onveilig. Door de coronamaatregelen werkten in 2021 en 2022 de meeste medewerkers van onze organisatie thuis. Hierdoor was het interventieteam niet op voldoende sterkte wat het gevoel van onveiligheid versterkte. Om deze reden is er beveiliging ingehuurd. In 2023 bedroegen de kosten voor de inhuur van beveiligers ca. € 107.000 per jaar. Deze kosten bestaan uit de beveiliging van de Poort 20 en het Súdwesthûs, avondopenstellingen in Bolsward en Sneek en de hoorzittingen. In totaal gaat het om 3.300 uur per jaar. We stellen voor om de begroting hierop aan te passen. Omdat er momenteel gekeken wordt naar het afstoten van Poort 20 en het centraal ontvangen van alle bezoekers van de gemeente in het Súdwesthûs zullen er naar verwachting in de toekomst minder uren nodig zijn. Tot voor de Coronapandemie was er vanuit de keten Klantcontacten een gastheer / vrouw in het Súdwesthûs aanwezig. Deze persoon was het eerste aanspreekpunt voor de bezoeker. Omdat er hier sprake was een proef en er geen formatie voor beschikbaar was is deze functie tijdens de Coronapandemie verdwenen.
Wanneer wij ervoor kiezen om de beveiliging in eigen beheer te organiseren dan kunnen we dit combineren met de functie van gastheer / vrouw.
Pagina 90 van 172
O24.001865
2.2.4 Overzichten 1.1 Algemene dekkingsmiddelen In de begroting moeten we een overzicht opnemen van de algemene dekkingsmiddelen. Bij algemene dekkingsmiddelen gaat het om gemeentelijke inkomsten die niet direct gerelateerd zijn aan een bestedingsdoel. Het gaat met name om de uitkering uit het gemeentefonds en onroerendezaakbelasting. De algemene dekkingsmiddelen zijn in principe vrij aanwendbaar: de gemeenteraad bepaalt voor welk doel we de middelen inzetten. Naast de vrij aan te wenden middelen kent Súdwest-Fryslân ook een aantal niet vrij aanwendbare heffingen, zoals Rioolrecht en Afvalstoffenheffing. Tegenover deze heffingen staan aanwijsbare kosten tot tenminste de opbrengst van de heffing.
Wat gaan we daar voor doen? Financiën 1. De inkomsten uit Nij Hiddum Houw komen ten goede aan de gehele gemeente. Indicatoren/te behalen resultaten • De inkomsten uit Nij Hiddum Houw te begroten als algemene inkomst. Toelichting De inkomsten van Nij Hiddum Houw (gemiddeld € 400.000) zijn als algemene dekking opgenomen in de begroting. Daarmee komen de inkomsten ten goede aan de gehele gemeente. 2. Geen verhoging van woonlasten, na inflatiecorrectie. Indicatoren/te behalen resultaten • In de paragraaf lokale belastingen wordt per belastingsoort beschreven wat we gaan doen met de opbrengst, incl. een berekening van de woonlasten van het voorgaande jaar. Er is inflatiecorrectie toegepast bij de belastingen, inclusief een extra verhoging van 2% . Bij de afvalstoffenheffing en rioolheffing streven we naar een kostendekkendheid van 100%. Toelichting In het berekenen van de belastingtarieven voor de belastingsoorten die de woonlasten beïnvloeden, wordt hiermee rekening gehouden. 3. Onderzocht wordt of we bij het verwerken van de algemene uitkering de (eigen) aantallen jaarlijks kunnen laten muteren en hoe dat eventueel kan worden verwerkt in de begroting. Ook wordt nagegaan of het hanteren van de methode van lopende prijzen voor de gemeente Súdwest-Fryslân van toegevoegde waarde kan zijn en wenselijk is om in te voeren.
Indicatoren/te behalen resultaten • Onderzoek uitvoeren en de resultaten meenemen in de berekening van de algemene uitkering. Toelichting Er is onderzocht of we bij het verwerken van de algemene uitkering de (eigen) aantallen jaarlijks kunnen laten muteren, inmiddels houden we rekening met de eigen aantallen. Ook is nagegaan of het hanteren van de methode van lopende prijzen voor de gemeente van toegevoegde waarde is, dit is niet het geval. 4. Gedegen financieel beleid met voldoende reserves. Indicatoren/te behalen resultaten • Een structureel sluitende begroting. • Een stand van de algemene reserve boven het minimale niveau van het weerstandsvermogen. Toelichting Zie paragraaf 1.2 voor het financieel beeld van deze begroting. Pagina 91 van 172
O24.001865
1.2 Overhead Het doel van het overzicht overhead is om de overhead bij de gemeente beter zichtbaar te maken. Daarnaast ontstaat beter inzicht in de directe kosten die de gemeente maakt voor het leveren van haar producten en het halen van haar doelstellingen binnen de beleidsprogramma’s. In de begroting moeten we de kosten van Overhead centraal begroten en verantwoorden. De voorschriften bepalen dat kosten zoveel mogelijk direct dienen te worden toegerekend aan de betreffende taakvelden. Voor een aantal kosten is dit niet mogelijk. Het betreft met name de ondersteunende taken (zoals intern gerichte bedrijfsvoeringsteams) en de sturende taken (leidinggevenden). De kosten van deze taken moeten worden verantwoord op het taakveld Overhead. In de begrotingsvoorschriften zijn geen bepalingen opgenomen over de methodiek van toerekening van overhead aan de grondexploitatie en investeringen. Voor de toerekening van de overhead hebben we een toerekeningsregel bepaald aan de hand van de totale salariskosten overhead in verhouding met de salariskosten en inhuur van alle taakvelden. De totale salariskosten overhead bedragen € 27,2 miljoen en de salariskosten en inhuur van alle overige taakvelden € 67,6 miljoen. Afgerond komt er dan een percentage uit van circa 40%.
We gebruiken dit percentage ook voor het extracomptabel toerekenen van de overhead naar de heffingen in verband met het berekenen van de kostendekkendheid.
Wat gaan we daar voor doen? Werk en arbeidsmarkt 5. De gemeente stelt een voorbeeld door een goede en inclusieve werkgever te zijn met stages en leer-werkplekken voor alle niveaus en leeftijden, trainees op generieke en specialistische functies en door het aantrekken van zij-instromers voor moeilijk vervulbare vacatures. Zij zet zich in op een leven lang ontwikkelen voor eigen werknemers. Indicatoren/te behalen resultaten • Elk team heeft minimaal één stagiair per jaar • SWF heeft beleid ontwikkeld voor het beschikbaar stellen van leer-werkplekken • SWF heeft een groep trainees die begin 2025 zijn gestart • SWF staat bij moeilijk vervulbare vacatures open voor zij-instromers die het vak nog moeten leren • Het Leerhuis verzorgt activiteiten voor alle werknemers van SWF. Toelichting De WERKplaats haalt jaarlijks opdrachten op bij de teams om pro-actief te communiceren met toekomstige stagiaires via stageprikborden en onderwijsinstellingen. We gaan beleid opstellen voor leer-werkplekken, definiëren moeilijk vervulbare vacatures en stelt de vacatures open voor zij-instromers. In Q1 2025 start een groep trainees bij SWF aan een twee-jarig programma. Het Leerhuis continueert een ruim en actueel aanbod van leer- en ontwikkelactiviteiten. Datagedreven werken 6. Verdere inzet van data om daarmee innovatieve antwoorden te bieden op complexe vraagstukken in de samenleving.
Indicatoren/te behalen resultaat • We willen de datakwaliteit verbeteren, de informatiehuishouding op orde hebben en processen verbeteren. Toelichting Het gebruik van data met als doel complexe vraagstukken te beantwoorden vraagt om een informatiehuishouding die op orde is. Zonder integere data is er geen waarde te hechten aan de uitkomsten bij het gebruik. Daarom stimuleren we de groei van data volwassenheid van de
Pagina 92 van 172
O24.001865
organisatie. Door te sturen op de kwaliteit en de processen die daar annex mee zijn creëren we een basis voor data die bruikbaar is voor veel vraagstukken zoals de energiearmoede, gebiedsgericht werken of financiën. Concrete acties die we nemen voor de groei van onze data volwassenheid zijn • Bewustwording vergroten • Eigenaarschap beleggen • Controle op de kwaliteit • Beleid op datagedreven werken, zowel op strategisch als tactisch niveau Deze acties zijn een continu proces in een continu veranderende informatiewereld. We doen dit laagdrempelig en door voorlichtingssessies, het delen van goede voorbeelden en door bij de diverse teams mee te denken over mogelijkheden. Ook delen we kennis en ontwikkelen samen op regionaal niveau. Overig 7. Huisvesting buitendienst Indicatoren/te behalen resultaat • De start van de bouw staat gepland vanaf Q2 2025 met oplevering medio 2026. Toelichting Aandachtspunt is de verschuiving van de opleverperiode netuitbreiding middenspanning door Liander (NuLelie-project Fryslân). Ons nieuwbouwproject staat op de wachtlijst met een aanvraag voor extra transportvermogen voor de elektriciteitsaansluiting. Samen met Liander en ons ontwerp- en bouwteam zoeken we hiervoor oplossingen om vertraging in de realisatie van het project te voorkomen. De consequenties zijn op dit moment nog niet in beeld.
De raad heeft op 22 december 2022 ingestemd met de plannen voor een toekomstbestendige, circulaire en duurzame centrale huisvesting van de buitendienst op het hele terrein aan de Exmorraweg in Bolsward. De bijhorende financiële middelen zijn door raad op 2 februari 2023 beschikbaar gesteld.
1.3 Heffing Vennootschapsbelasting (VPB) Met ingang van 2016 zijn gemeenten belastingplichtig voor de vennootschapsbelasting voor activiteiten die zij als onderneming verrichten. Van een onderneming is sprake wanneer een duurzame organisatie van arbeid en kapitaal deelneemt aan het economisch verkeer met het oogmerk winst te behalen. De te behalen winst moet redelijkerwijs zijn te verwachten. In de wet worden activiteiten waarmee in concurrentie wordt getreden gelijkgesteld met het oogmerk winst te behalen. De betaalde vennootschapsbelasting lag de laatste jaren steeds rond de € 30.000. Op Prinsjesdag 2022 is aangegeven dat het voor ons toepasselijke tarief met ingang van 1 januari 2023 wordt verhoogd naar 19%. Wij verwachten dat het effect hiervan klein zal zijn voor onze organisatie. We gaan dan ook voor 2025 weer uit van een bedrag van € 30.000. Hierbij plaatsen wij echter nog wel een tweetal kanttekeningen.
1.4 Bedrag onvoorzien In de begroting hebben we een bedrag opgenomen voor onvoorziene zaken. Dit betreft een bedrag van € 109.000. Omgerekend naar inwoners is dit ongeveer € 1,20 per inwoner.
Pagina 93 van 172
O24.001865
Wat mag het kosten? Saldo programma in meerjarenperspectief (bedragen x € 1.000)
Rekening 2023
Algemene dekkingsmiddelen Overhead Heffing VPB Bedrag onvoorzien Totaal saldo baten en lasten
-233.069 42.011 -6.639 187 -197.510
Begroot 2025 per taakveld (bedragen x € 1.000) Algemene dekkingsmiddelen Treasury OZB woningen OZB niet-woningen Belastingen overig Algemene uitkeringen en overige uitkeringen gemeentefonds Overhead Personeelslasten Huisvesting gemeentelijke diensten ICT Tractiemiddelen Overig
Begroot 2024 na Wijziging -246.973 48.421 30 -4.123 -202.646
Begroot 2025
Begroot 2026
Begroot 2027
Begroot 2028
-258.940 46.311 30 3.019 -209.580
-245.367 46.209 30 3.107 -196.021
-246.668 45.600 30 3.220 -197.819
-248.647 44.414 30 3.332 -200.872
Lasten
Baten
Saldo
6.428 4.832 1.233 121 242 0
265.368 6.061 14.536 13.869 126 230.777
-258.940 -1.230 -13.303 -13.747 117 -230.777
48.006 31.107 1.784 6.257 356 8.501
1.696 144 20 1.318 0 214
46.310 30.964 1.764 4.939 356 8.287
Heffing VPB Vennootschapsbelasting (VpB)
30 30
0 0
30 30
Bedrag onvoorzien Overige baten en lasten Totaal saldo baten en lasten
3.019 3.019 57.483
0 0 267.063
3.019 3.019 -209.580
Pagina 94 van 172
O24.001865
Aanpassingen Overzichten In dit programma hebben we diverse aanpassingen verwerkt. Hieronder geven we ze weer in een overzicht. Daarna geven we een toelichting op de verschillende posten. Vanwege de leesbaarheid worden sommige aanpassingen in het programma toegelicht waar ze thematisch het beste passen, terwijl ze soms (ook) betrekking hebben op andere programma’s. Bijvoorbeeld de loonsomontwikkeling. Deze wordt in de tekst alleen toegelicht in Programma Bestuur, maar cijfermatig heeft dit ook betrekking op de programma’s Sociaal en Ruimte en op de Overzichten. Nadelen zijn steeds met een minteken (-) aangegeven en voordelen met een plusteken (+). De vetgedrukte subtotalen komen steeds terug in het totaaloverzicht van paragraaf 1.2.
Aanpassingen Overzichten (bedragen x € 1.000)
2025
2026
2027
2028
1. Meicirculaire 2024
13.143
13.852
13.666
13.810
2. Hogere raming BTW-compensatiefonds
1.000
1.000
1.000
1.000
14.143
14.852
14.666
14.810
3. Aantrekken nieuwe geldleningen
-630
-630
-630
-630
4. Verhoging belastingen
1.816
1.815
1.808
1.690
Structureel Circulaires
Subtotaal Nieuwe voorstellen
5. Verhoging forensenbelasting
169
169
169
169
6. Verhoging Toeristenbelasting
1.363
1.363
1.363
1.363
7. OZB, areaaluitbreiding
140
140
140
140
8. Schoonmaakkosten
-130
-130
-130
-130
9. Investeren in werkprocessen en automatisering Subtotaal Subtotaal structureel
0
-1.000
-1.000
-1.000
2.729
1.727
1.720
1.602
16.871
16.579
16.386
16.412
-3.600
0
0
0
-3.600
0
0
0
-3.600
0
0
0
Incidenteel Nieuwe voorstellen 10. Meicirculaire 2024 Subtotaal Subtotaal incidenteel
Pagina 95 van 172
O24.001865
Circulaires 1. Meicirculaire 2024 Via de ‘Notitie meicirculaire 2024’ is de raad al uitgebreid geïnformeerd over de uitkomsten van de Meicirculaire 2024 (actieve info week 29). De Meicirculaire 2024 is nog opgesteld door het huidige kabinet met al wel een doorkijk naar de plannen van het beoogde nieuwe kabinet. Uit die notitie blijkt dat we structureel zo’n € 13 tot € 14 miljoen extra ontvangen ten opzichte van de decembercirculaire. Belangrijkste winstpunt voor gemeenten is het schrappen van de oploop van de opschalingskorting. Deze afschaffing levert onze gemeente ongeveer € 3,6 miljoen op. Hier staat voor 2025 wel een eenmalige korting tegenover van € 3,6 miljoen (zie hiervoor punt 12 verderop). Van de voordelige saldi hebben wij allereerst geld gereserveerd voor de zogenaamde taakmutaties. Het Rijk heeft het Gemeentefonds onder andere aangevuld om extra taken uit te voeren. Dit keer hebben de taakmutaties voornamelijk betrekking op ons programma Sociaal. De diverse taakmutaties zijn daar opgenomen (zie hiervoor de punten 1 t/m 11 van programma Sociaal). Eén van de taakmutaties betreft een bedrag voor Loon- en prijsstijgingen van in totaal € 7 miljoen structureel.
Deze middelen hebben we bijvoorbeeld gebruikt voor de CAO-stijging van de loonsom (€ 2,8 miljoen), indexatie van diverse posten binnen het Sociaal Domein (€ 2,8 miljoen) en de hogere bijdrage aan de Veiligheidsregio (€ 1,3 miljoen). Daarmee is de € 7 miljoen al nagenoeg gebruikt, terwijl we ook nog te maken hebben met indexaties van bijvoorbeeld subsidiebedragen, Stichting Sociaal Collectief en de onderhoudsbudgetten kapitaalgoederen. We indexeren ook onze eigen belastinginkomsten, waarmee we ook een deel van de prijsstijgingen kunnen dekken. Dit alles is echter onvoldoende om de kapitaalgoederen te indexeren met de werkelijke prijsstijgingen die we ervaren. Ook indexatie van de eigen inkoop- en inhuurbudgetten hebben we in deze begroting niet door kunnen voeren. Deze constatering is voor ons niet nieuw. De jaarlijkse compensatie voor loon- en prijsstijgingen vanuit de algemene uitkering is meestal niet voldoende om al onze eigen gestegen kosten te dekken. Ook dit keer is de compensatie dus niet voldoende om alle interne en externe loon- en prijsstijgingen op te kunnen vangen. In de Notitie meicirculaire 2024 is aangegeven dat we een aftrek doen van de opbrengst van de Meicirculaire 2024, om zodoende te reserveren voor een toekomstige indexering.
Hier zien we vooreerst van af, waardoor er nu een hogere resultaat uit de Meicirculaire 2024 is dan gemeld in de Notitie meicirculaire 2024. Hier komen we op een later moment op terug, wanneer er meer zicht is op de mogelijkheden tot ombuigen (kansrijke sporen).
2. Hogere raming BTW-compensatiefonds Gemeenten kunnen voor de compensatie van BTW aanspraak maken op het zogenaamde BTW-compensatiefonds. Wanneer dit fonds in een jaar niet volledig wordt benut (omdat gemeenten minder compensatie aanvragen dan er beschikbaar is), wordt het resterende bedrag via de algemene uitkering uitgekeerd over alle gemeenten. In hun begrotingen mogen gemeenten al rekening houden met deze extra uitkering. Gemeenten mogen in de meerjarenraming maximaal het meest recente bedrag opnemen dat werkelijk is uitgekeerd. In de begroting hadden we al een structureel bedrag opgenomen van € 1,6 miljoen. Het meest recente werkelijke bedrag dat we hebben ontvangen is € 3,0 miljoen. Theoretisch mogen we nu dus € 3,0 miljoen begroten. We willen gebruik maken van de mogelijkheid om extra te begroting. Echter aangezien dit bedrag historisch hoog is, achten we het een te groot risico om dit volledige bedrag alvast in de begroting op te nemen. De kans is immers groot dat het werkelijke bedrag volgend jaar lager zal zijn dan € 3,0 miljoen. We achten een verhoging naar € 2,6 miljoen voor nu verantwoord. Dat betekent dat we een extra inkomst van € 1,0 miljoen kunnen begroten. In ons weerstandsvermogen houden we rekening met dit hogere risico
Nieuwe voorstellen 3. Aantrekken nieuwe geldleningen We verwachten gezien onze liquiditeitsprognose dat we in 2025 een nieuwe geldlening moeten aangaan van € 20 miljoen. We gaan in de begroting uit van totaalfinanciering. Dat betekent dat deze lening niet bedoeld is voor een specifiek project, maar moet voorzien in de algemene Pagina 96 van 172
O24.001865
liquiditeitsbehoefte. We denken in dat we kunnen lenen tegen een rente van 3,15%. Daardoor schatten we de hogere rentekosten in op een bedrag van € 630.000. 4. Verhoging belastingen In deze begroting hebben we een hoger bedrag begroot voor inkomsten uit belastingen. In de Meicirculaire 2020 is een indexatiepercentage aangegeven van 2,3%. Gezien onze zorgelijke financiële situatie, en omdat we onze voorzieningen wel in stand willen houden, stellen we een extra verhoging van 2% voor op de belastingsoorten OZB, Roerende Zaak Belasting en precariobelasting. De totale indexatie voor deze belastingsoorten komt dan uit op 4,3%. Deze verhoging levert een extra inkomst op. Dit bestaat uit: • een verhoging van de OZB (woningen en niet-woningen) met 4,3%, • een verhoging van de Roerende Zaak Belasting met 4,3%. • een verhoging van de precariobelasting met 4,3%. • de jaarlijkse waardeontwikkeling van bepaalde objecten. Alle bovenstaande effecten geven een extra structurele inkomst van ongeveer € 1,8 miljoen. De opbrengsten nemen in latere jaren af vanwege waardeverminderingen.
5. Verhoging forensenbelasting Gezien de financiële uitdaging waar we voor staan, stellen we voor om de forensenbelasting meer dan trendmatig te verhogen. Dit is één van de Kansrijke sporen waar we met ingang van 2025 al invulling aan willen geven. Súdwest-Fryslân heeft een progressieve vorm van tariefstelling (% WOZ-waarde zonder maximum). Dat betekent dat ons tarief voor woningen met lagere waarden laag is in vergelijking met andere gemeenten, maar voor woningen met hogere waarden juist aan de hoge kant. We stellen voor om de forensenbelasting te verhogen met 20%. Dat geeft in de begroting een meeropbrengst van € 168.000. Dit betekent een verhoging van € 122 voor een gemiddelde aanslag. 6. Verhoging Toeristenbelasting We willen bezig met het uitvoeren van de visie Gastvrijheidseconomie 2035, uitvoering van de Evenementenvisie en terugkeer van de subsidieregeling Een Jaarrond. Allemaal zaken die we in deze begroting hebben opgenomen. Hiernaast hebben we in de begroting te maken met een grote financiële uitdaging. Dit is één van de Kansrijke sporen waar we met ingang van 2025 al invulling aan willen geven. Bovenstaande redenen maken dat we de toeristenbelasting willen verhogen om de genoemde ontwikkelingen mogelijk te maken en bij te dragen in de verbetering van de financiële situatie van de gemeente.
We stellen voor om de toeristenbelasting te verhogen van € 1,25 naar € 2,- per persoon, per nacht. Dat levert in de begroting een hogere inkomst op van ca. € 1,36 miljoen. 7. OZB, areaaluitbreiding Door een toename van het aantal woningen, verwachten we een hogere opbrengst van de OZB (Onroerende Zaak Belastingen). We hebben dit berekend op een meeropbrengst van € 140.000. Deze hogere inkomst hebben we opgenomen in de begroting. Deze hogere inkomsten gebruiken we voor de hogere kosten van het beheer van de Openbare Ruimte (groenonderhoud, wegonderhoud, enz.) als gevolg van areaaluitbreiding.
Pagina 97 van 172
O24.001865
8. Schoonmaakkosten In de Jaarrekening 2023 is aangegeven dat de schoonmaak van de buitenlocaties afgelopen jaar Europees is aanbesteed. Hierbij zijn wij geconfronteerd met hogere kosten als gevolg van stijging van de salarissen in de schoonmaakbranche van 14%. Dit heeft ertoe geleid dat het budget voor schoonmaak is overschreden. Om deze hogere lasten op te kunnen vangen stellen we voor om de budgetten te verhogen met € 130.000. 9. Investeren in werkprocessen en automatisering Dit is één van de Kansrijke sporen waar we invulling aan willen geven. Door te investeren in werkprocessen en automatisering kunnen we efficiënter en slimmer werken en meer rendement halen uit de personele inzet. Deze investering kan dan ook niet los worden gezien van de ombuiging van € 2 miljoen die is opgenomen onder punt 7 van programma Bestuur. Willen we voldoende rendement halen uit de kansen die alle ontwikkelingen rond digitalisering onze medewerkers en inwoners bieden, dan moeten we fors investeren in onze ICT-organisatie, inrichting en de gerelateerde werkprocessen. De ‘basis moet verder op orde’. De eerste stappen zijn al gezet, maar de snel toenemende ontwikkelingen vragen ook om een versnelling op het vlak van capaciteit en deskundigheid. Veel van de ontwikkelingen in het werkveld van I&A hebben een ‘autonoom’ karakter. We hebben hier nauwelijks invloed op.
Voorbeelden hiervan zijn externe ontwikkelingen zoals vanuit wetgeving, technologie, arbeidsmarkt, maatschappij en geopolitiek én interne ontwikkelingen, zoals de groei maar ook de vergrijzing van de organisatie en een intensiever en veranderend gebruik van digitale middelen. Deze ontwikkelingen doen al een (te) groot beroep op de I&A organisatie. In de Kansrijke Sporen zijn diverse kansen op rendementsverbetering geïdentificeerd die we kunnen realiseren door middel van digitalisering. Optimalisatie van werkprocessen in de ketens door beter procesmanagement, data gedreven werken, mogelijke inzet van robotisering voor repetitieve handelingen of de inzet van AI (kunstmatige intelligentie). Deze ontwikkelingen vragen een gedegen besturing op basis van business cases zodat onze middelen daar inzetten waar we het hoogste rendement halen en de kans op ‘verzilveren’ het grootst is. Een voorbeeld is inzetten op procesoptimalisaties daar waar veel uitstroom van personeel te verwachten is vanwege vergrijzing. Dit alles vraagt iets van de gehele organisatie, maar zeker van de bedrijfsvoering om het beheersbaar en kostenefficiënt te houden. De organisatie is qua formatie en in financiële middelen nog niet voldoende uitgerust om de bovengeschetste ontwikkelingen het hoofd te bieden. Er zijn globaal de volgende uitdagingen: •
We zien een trend in een veranderd financieringsmodel (cloud-)dienstverlening. We gaan minder investeren en afschrijven en meer diensten structureel afnemen. De begrotingssystematiek is daarin onvoldoende mee veranderd. Daarnaast zien we een toename in de kosten die noodzakelijk gemaakt moeten worden als het gaat om de urgente en noodzakelijke vervangingen en vernieuwingen.
•
De capaciteit om de snel veranderende wereld van informatie optimaal in te kunnen zetten voor Súdwest-Fryslân sluit niet aan, zowel in omvang als in type. Naast het technisch beheren is de grootste winst te halen bij vraagstukken rondom de inzet van bijvoorbeeld AI of data gedreven werken. Met name die laatste vraagt om een andersoortige medewerker.
•
De benodigde ontwikkelingen vragen een intensievere samenwerking tussen de verschillende organisatieonderdelen. Processen als deze vragen tijd en aandacht. Het ontwikkelen van de organisatie op deze terreinen vraagt niet alleen kennisontwikkeling en capaciteit maar ook verandering van gedragspatronen en werkwijzen, die breder gaan dan alleen de direct betrokken teams. Het ook iets van de ketens en de politieke en ambtelijke samenwerking.
Kwetsbaar Boven op het hier geschetste komen de scenario’s die ons moeten helpen om het ravijnjaar 2026 te meesteren (kansrijke sporen). Daarbij wordt ook naar de inzet van allerlei extra of nieuwe
Pagina 98 van 172
O24.001865
technologie gekeken. Doordat de al eerder geschetste situatie rondom de capaciteit en financiële middelen staat dat de volledige benutting van de kansrijk sporen in de weg. Tevens zien we een sterke toename in de bedreigingen die op ons afkomen. Continu aandacht voor informatieveiligheid is een must bij de toenemende inzet van automatisering. Zonder deze aandacht in mens en middelen worden we steeds kwetsbaarder voor bedreigingen die directe invloed hebben op onze dienstverlening en processen. Dekking algemeen Het moge duidelijk zijn dat de hier beschreven financiële (her)inrichting van de I&A extra middelen vraagt. Deze zijn voor een groot gedeelte structureel. Door niet te investeren lopen we risico op de bedrijfscontinuïteit en dienstverlening. Zo kan een goed gerichte cyberaanval de dienstverlening voor dagen stil leggen en vragen om extra middelen om de schade te herstellen. Tevens zijn we minder goed toegerust om het volledig rendement uit de diverse kansrijke sporen te halen wat invloed heeft op de verwachte resultaten. Deze worden dan niet of in een lager tempo dan gewenst gerealiseerd. Nieuwe voorstellen incidenteel 10. Meicirculaire 2024 Bij punt 1 hiervoor is het structurele resultaat van de Meicirculaire 2024 geschetst. Voor het jaar 2025 is er sprake van een eenmalige korting van € 3,6 miljoen. In 2025 krijgen we dus eenmalig een lager bedrag.
Deze eenmalige korting mogen we als een incidentele bedrag opnemen in de begroting, waardoor het niet meetelt in het structurele beeld. Vandaar dat we deze eenmalige korting hier opnemen.
Pagina 99 van 172
O24.001865
2.2.5 Mutaties reserves Hieronder volgt een overzicht van de beoogde toevoegingen en onttrekkingen aan de reserves per programma in de komende jaren: Saldo mutatie reserves in meerjarenperspectief (lasten -/- baten) (bedragen x € 1.000) Programma 1: Sociaal Reserve kapitaallasten Dorpshuizen Littenseradiel Demarcatie Cultuur Kwartier Sneek
Begroot 2025
Begroot 2026
Begroot 2027
Begroot 2028
-390 18 125
-382 18 125
-327 18 125
-250 18 125
Programma 2: Ruimte Reserve kapitaallasten Parkeergarage Boschplein Overdracht Stedelijk Water
-361 35 300
-358 35 0
-353 35 0
-338 35 0
Programma 3: Bestuur Ontwikkelfonds
1.000
1.000
1.000
1.000
Overzichten Reserve kapitaallasten Archieven op orde, toegankelijkheid Versterking gemeentelijke dienstverlening Mutatie saldo Algemene Reserve Totaal mutaties reserves
-18 205 369 2.677 3.960
-18 0 369 -7.770 -6.981
-18 0 369 -6.373 -5.524
-18 0 0 -3.027 -2.456
Nieuw in deze opstelling zijn de Reserves “Demarcatie Cultuur Kwartier Sneek” en “Versterking gemeentelijke dienstverlening”. Dit waren bedragen die al als structureel in onze begroting zaten. Nu worden deze bedragen in een reserve gezet (demarcatie CKS) of via een reservemutatie op een krediet geplaatst (versterking gemeentelijke dienstverlening). Reservemutaties zijn per definitie incidenteel (behoudens Reserve kapitaallasten). Vandaar dat er een technische verschuiving heeft plaatsgevonden van structureel naar incidenteel. Voor het begrotingsjaar kan het begrote saldo per programma worden uitgesplitst in de volgende lasten en baten: Begroot 2025 per taakveld (bedragen x € 1.000) Programma 1 - Sociaal Reserve kapitaallasten Dorpshuizen Littenseradiel Demarcatie Cultuur Kwartier Sneek
Lasten
Baten
Saldo
143 0 18 125
390 390 0 0
-247 -390 18 125
335 0 35 300
361 361 0 0
-26 -361 35 300
Programma 3 - Bestuur Ontwikkelfonds
1.000 1.000
0 0
1.000 1.000
Overzichten Reserve kapitaallasten Archieven op orde, toegankelijkheid Versterking gemeentelijke dienstverlening Mutatie saldo Algemene Reserve Totaal mutaties reserves
3.251 0 205 369 2.677 4.729
18 18 0 0 0 770
3.233 -18 205 369 2.677 3.960
Programma 2 – Ruimte Reserve kapitaallasten Parkeergarage Boschplein Overdracht Stedelijk Water
Pagina 100 van 172
O24.001865