Bijlage 1 - Businesscase versie 22-11-2021
Tekst van het document
In deze situatie zullen gemeenten een groter aandeel kandidatenwillen aanmelden bij het Werkleerbedrijf en zullen gemeenten gezamenlijk het evenredig deel voor Perspectiefrijk kunnen aanpassen. Dit is waarschijnlijk mogelijk omdat in de regel in deze situatie ook de middelen die de gemeenten van het Rijk krijgen, toenemen. Omdat dit wel onderling moet worden afgestemd, kan er een zekere vertraging in het toekennen van het evenredig deel zijn. Dit is een risico voor de gemeenten (onnodige toename bestand uitkeringsgerechtigden). Als er sprake is van laagconjunctuur, is het lastiger om goede opdrachten voor de vakbedrijven te acquireren en doelgroepmedewerker te detacheren bij reguliere bedrijven. Dit betekent dat de druk om intern beschut werk te bieden toeneemt en dat het lastiger is daar goede opdrachten voor te acquireren. Het Werkleerbedrijf zal in tijden van laagconjunctuur optimaal gebruik maken van de goede naam en faam bij opdrachtgevers en een beroep doen op solidariteit en loyaliteit. Daarnaast kunnen gemeenten bijdragen door, daar waar dit mogelijk is, extra opdrachten te verstrekken aan het Werkleerbedrijf (schoonmaak, groen, catering). Het Werkleerbedrijf beschikt, net als Empatec nu, over een algemene reserve die als buffer kan dienen om het niet af te dekken risico op te vangen.
Het is bij dit risico wel van belang om de samenhang tussen de inzet van middelen voor re-integratie (het ‘kleine geld’) en de uitstroom uit de bijstand (het ‘grote geld’) te leggen. Het inzetten op uitstroom uit de bijstand kost geld, maar levert ook middelen op.
43
f)
Risico
Toelichting/weging/maatregelen
domein, waardoor er druk komt te staan op het toekennen van middelen voor de categorie Perspectief. Het Rijk stelt de budgetten voor de Wsw naar beneden bij.
Het Werkleerbedrijf en de gemeenten zullen deze relatie zo feitelijk, transparant en onderbouwd mogelijk moeten maken
g) Gemeenten schalen de gemeentelijke inzet voor de categorie Perspectiefrijk af.
h) Gemeente(n) trekken het Pluspakket in.
i)
Gezamenlijke sturing (paragaaf 2.7.5) en collegiale samenwerking komen niet of onvoldoende van de grond.
j)
Portfolio re-integratie Perspectiefrijk verbreedt zich niet (en/of maatwerk ontbreekt) en er is relatief veel inkoop bij derden noodzakelijk
Businesscase 22 november 2021
De afgelopen jaren nam het subsidietekort elke jaar verder toe. Naar het zich nu laat aanzien, kan de extra gemeentelijke bijdrage in de periode 2022-2026 dalen. Dit wordt anders als het Rijk zou besluiten de subsidie te verlagen. Dit is een risico voor de Gemeenschappelijke Regeling. Als het Rijk de subsidie verlaagt, wordt de afname van de extra gemeentelijke bijdrage gedempt dan wel teniet gedaan. Gemeenten besluiten zelf en in gezamenlijkheid (voor het evenredig deel) hoeveel middelen zij willen besteden voor de re-integratie. Voor de strategische personeelsplanning van het Werkleerbedrijf is het van belang de organisatie weet, waarop kan worden gerekend. Daarmee kan het Werkleerbedrijf sturen op een bezetting die past bij de formatie en voorkomt het Werkleerbedrijf boventalligheid. In deze businesscase wordt ervan uitgegaan de gemeenten telkens voor de komende vier jaar aangeven, wat de verwachte inzet in het basispakket is. Ook dan nog zijn de gemeenten bevoegdheid om daar gezamenlijk wijzigingen in aan te brengen. In dat geval kan het wel zijn dat het Werkleerbedrijf extra personele transitiekosten moet maken, waar gemeenten en Werkleerbedrijf samen een oplossing voor moeten vinden. In paragraaf 8.8 is opgenomen dat de afspraken tussen het Werkleerbedrijf en een gemeente, in een afzonderlijke Pluspakket-overeenkomst worden vastgelegd.
Daarin worden ook afspraken gemaakt over de duur van de dienstverlening en de financiële afspraken als tussentijds de opdracht wordt ingetrokken. Het veranderen of (her-)inrichten van de structuur is in de regel vrij eenvoudig. De cultuur- of gedragscomponent van een samenwerking valt of staat met de inzet van partijen en het onderling vertrouwen. Dat is de verantwoordelijkheid van managers van gemeenten en Werkleerbedrijf. Om de gedrags- en cultuurcomponent maximaal in de goede richting te bevorderen, verdient het aanbeveling om regelmatig te (laten) toetsen hoe op alle lagen in de organisatie de samenwerking wordt beleefd en gewaardeerd en indien nodig daar gezamenlijk programmatisch aan te werken. Het vaststellen van gezamenlijke doelen en het vieren van samen geboekte resultaten, is een belangrijke motor voor succes. Het gezamenlijk inrichten van de werkprocessen, het gezamenlijk vaststellen van doelen en het samen werken aan de resultaten, zijn de basis voor de ontwikkeling van het portfolio van het Werkleerbedrijf. Door als Werkleerbedrijf gemeentelijke collega’s te betrekken bij de ontwikkeling van het portfolio en gezamenlijk lokale werkprocessen in te richten, kan worden voorkomen dat er verschillende beelden ontstaan over wat er nodig is en wat wordt geboden.
44
15 Bijlagen Overzicht bijlagen I. II. III. IV. V. VI. VII.
Hoofdlijnen van het dienstverleningsproces Ontwikkeling uitkeringen gemeenten Financiële uitwerking Businesscases nieuw beschut werk, banenafspraakbaan detachering en vakbedrijven. Voor- en nadelen governance opties Advies Rotshuizen Geense
Businesscase 22 november 2021
45
Businesscase 22 november 2021
46