CConstaterende datSúdwest-Fryslân
Koppel je AI →
Document · PDF

7. TV RAAD PvdA - bijlage ontwerpbestemmingsplan

Raadsvergadering 29 januari 2026, gemeente Súdwest-FryslânBij agendapunt: Finansiering werstrukturearring ‘Het Eiland Sneek’20.376 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

Rho adviseurs voor leefruimte vestiging Leeuwarden

20181842.akoestiek

6

Toetsingskader

• • •

4 dB voor situaties dat de geluidbelasting zonder aftrek artikel 3.4 RMG 2012 57 dB bedraagt; 3 dB voor situaties dat de geluidbelasting zonder aftrek artikel 3.4 RMG2012 56 dB bedraagt; 2 dB voor andere waarden van de geluidbelasting.

De toegestane aftrek conform artikel 3.4 uit het Reken‐ en meetvoorschrift geluidhinder 2012 is op alle genoemde geluidbelastingen toegepast, tenzij anders vermeld. 3.1.2.

Nieuwe situaties

Voor de geluidbelasting op de gevels van woningen en andere geluidgevoelige bestemmingen binnen de wettelijke geluidzone van een weg, gelden bepaalde voorkeursgrenswaarden en maximale ontheffingswaarden. In bepaalde gevallen is vaststelling van een hogere waarde mogelijk. Hogere grenswaarden kunnen alleen worden verleend, nadat is onderbouwd dat maatregelen om de geluidbelasting op de gevel van geluidgevoelige bestemmingen terug te dringen onvoldoende doeltreffend zijn, dan wel overwegende bezwaren ontmoeten van stedenbouwkundige, verkeerskundige, vervoerskundige, landschappelijke of financiële aard. Deze hogere grenswaarde mag de maximaal toelaatbare hogere waarde niet te boven gaan. De maximale ontheffingswaarde voor wegen is op grond van artikel 83 Wgh afhankelijk van de ligging van de bestemmingen (binnen‐ of buitenstedelijk). Bestemmingen met een binnenstedelijke ligging, maar binnen de geluidzone van een autosnelweg, worden bij het bepalen van de geluidzone voor die autosnelweg gerekend tot buitenstedelijk gebied. Voor Fase 1C en 1F van het Harinxmaland geldt dat het plangebied binnen de zone van de Stadsrondweg Noord is gelegen en dat er sprake is van een binnenstedelijke situatie. De maximale grenswaarde bedraagt Lden = 63 dB. 3.1.3.

30 km‐wegen

Wegen met een maximumsnelheid van 30 km/u of lager zijn op basis van de Wgh niet gezoneerd. Akoestisch onderzoek zou achterwege kunnen blijven. Echter dient op basis van jurisprudentie in het kader van een goede ruimtelijke ordening inzichtelijk te worden gemaakt of er sprake is van een aanvaardbaar akoestisch klimaat. Indien dit niet het geval is, dient te worden onderbouwd of maatregelen ter beheersing van de geluidbelasting aan de gevels noodzakelijk, mogelijk en/of doelmatig zijn. Ter onderbouwing van de aanvaardbaarheid van de geluidbelasting wordt bij gebrek aan wettelijke normen aangesloten bij de benaderingswijze die de Wgh hanteert voor gezoneerde wegen. Vanuit dat oogpunt worden de voorkeursgrenswaarde en de maximale ontheffingswaarde als referentiekader gehanteerd. De voorkeursgrenswaarde geldt hierbij als richtwaarde en de maximale ontheffingswaarde als maximaal aanvaardbare waarde.

3.2.

Spoorweglawaai

In het Besluit Geluidhinder van 1 juli 2012 is het wettelijk kader van geluidhinder vanwege spoorwegen opgenomen. Op grond van artikel 1.4a is de zonebreedte van de trajecten in Nederland vastgesteld. Deze zonebreedte is afhankelijk van het vastgestelde geluidproductieplafond (hierna GPP). Deze GPP’s zijn op 1 juli 2012 door een wetswijziging van de Wet milieubeheer voor hoofdspoorwegen van kracht geworden. GPP’s zijn berekende waarden op referentiepunten en stellen een heldere grens over de toelaatbare hoeveelheid geluid en voorkomen een onbelemmerde groei van het geluid door toenemend verkeer. Deze referentiepunten liggen om de 100 meter op 4 meter boven lokaal maaiveld, op een vaste afstand van 50 meter aan weerszijden van het spoor. De GPP’s, brongegevens en relevante besluitinformatie zijn opgenomen in het zogenaamde geluidregister. Dit register is openbaar, digitaal toegankelijk via de website van het Ministerie van Infrastructuur en Milieu. Het plangebied is, op basis van de referentiepunten van het spoor ter hoogte van het plangebied, gelegen in de geluidzone van de spoorlijn Sneek‐Leeuwarden (zonebreedte 100 m). Akoestisch onderzoek naar

20181842

Rho adviseurs voor leefruimte vestiging Leeuwarden

Toetsingskader

7

aanleiding van spoorweglawaai is daardoor noodzakelijk. De voorkeursgrenswaarde bedraagt Lden = 55 dB en de maximale grenswaarde Lden = 68 dB.

3.3.

Cumulatie

Alvorens het bevoegd gezag overgaat tot het vaststellen van een hogere waarde, moet zij de effecten van de samenloop van verschillende geluidbronnen onderzoeken. Hiervoor wordt de gecumuleerde geluidbelasting berekend conform het Reken‐ en meetvoorschrift geluid 2012. Er is geen beoordelingsmethode voorgeschreven. In tabel 3.2 is een algemeen geaccepteerde kwaliteitsindicatie van een bepaalde geluidbelasting opgenomen, die in dit rapport wordt toegepast. Tabel 3.2:

kwaliteitsindicatie geluidbelasting (bron: RIVM) geluidbelasting Lcum [dB]

geluidkwaliteit

<45

zeer goed

Rho adviseurs voor leefruimte vestiging Leeuwarden

46‐50

goed

51‐55

redelijk

56‐60

matig

61‐65

slecht

>65

zeer slecht

20181842.akoestiek

8

Berekeningen

4. Berekeningen

4.1.

Rekenmethoden

Het akoestisch onderzoek (spoor)wegverkeerslawaai is uitgevoerd conform de Standaard Rekenmethode II uit het Reken‐ en meetvoorschrift geluid 2012 (RMG 2012). De overdrachtsmodellen zijn opgesteld in het softwareprogramma Geomilieu, versie 4.50 van DGMR‐software. De relevante invoergegevens (brongegevens) zijn gegeven in bijlage 3.

4.2.

Uitgangspunten

Stadsrondweg Noord Bij de gemeente Súdwest‐Fryslân is navraag gedaan naar de verkeersintensiteit op de Stadsrondweg Noord. Door de gemeente zijn in oktober 2017 verkeerstellingen uitgevoerd op de Stadsrondweg Noord voor het gedeelte nabij de brug over De Zwette. De etmaalintensiteit bedroeg in oktober 2017 voor een gemiddelde weekdag 7.482 mvt/etmaal. Voor het peiljaar 2029 (10 jaar na plandatum) bedraagt op basis van 1% autonome groei de verkeersintensiteit 8.431 mvt/etmaal. In voorliggend onderzoek is van deze intensiteit uitgegaan. De voertuigverdeling per voertuigcategorie en etmaalperiode is gebaseerd op de telgegevens. Voor de Stadsrondweg Noord geldt een maximum toegestane snelheid van 80 km/uur en een standaard asfaltverharding. 30 km‐wegen Vanaf de rotonde in de Stadsrondweg Noord is de Noardwei een 30 km‐weg. Deze gaat over in de Oerdyk. Dit is een bestaande weg die in de toekomstige situatie onderdeel uit maakt van het plan. Uitgegaan wrodt van de situatie dat dit in de toekomst ook een 30 km‐weg wordt ter hoogte van het plangebied. Voor de intensiteit op de Oerdyk/Noardwei en de interne ontsluitingswegen is aangesloten bij eerder akoestische onderzoeken. De in de berekeningen gehanteerde etmaalintensiteiten zijn gegeven in figuur 4.1. De 30 km‐wegen zijn/worden voorzien van een klinkerverharding. Verder is uitgegaan van standaard voertuigverdelingen.

20181842

Rho adviseurs voor leefruimte vestiging Leeuwarden

Berekeningen

Figuur 4.1:

4.3.

9

verkeersintensiteiten 30 km‐wegen

Gegevens spoorlijn Sneek‐Leeuwarden

De spoorlijn Sneek ‐ Leeuwarden is onderdeel van het digitaal te raadplegen geluidregister. Sinds juli 2012 dient voor gegevens van spoorverkeer gebruik gemaakt te worden van het Geluidregister Spoor. Om over deze gegevens te beschikken zijn de relevante bestanden gedownload van de website van het Ministerie van Infrastructuur en Milieu. De gegevens zijn rechtstreeks en ongewijzigd in Geomilieu geïmporteerd.

4.4.

Rekenmodel

Ten behoeve van het onderzoek is een akoestisch rekenmodel opgesteld, waarbij rekening is gehouden met alle relevante gebouwde ruimtelijke objecten in de omgeving (voor zover aanwezig of geprojecteerd). De invoergegevens zijn gegeven in bijlage 3 (ingevoerde wegen). Omdat de invoergegevens voor het spoor zijn ontleend aan het Geluidregister Spoor en de datalijst zeer uitgebreid is, wordt verwezen naar het register. Voor het bodem‐model zijn harde (wegen, water, etc.) en zachte (onverhard terrein) bodemgebieden van belang. Verharde gebieden zijn zoveel als mogelijk ingevoerd. Voor de niet gedefinieerde bodemgebieden is uitgegaan van een 50% absorberende bodem (Bf = 0,5).

Rho adviseurs voor leefruimte vestiging Leeuwarden

20181842.akoestiek

10

Berekeningen

De ingevoerde wegen zijn geschematiseerd in rijlijnen die standaard 0,75 m boven het wegdek liggen. De ingevoerde banen zijn afkomstig (inclusief hoogten) van het Geluidregister Spoor. Ter plaatse van de bouwblokgrenzen zijn toetspunten zijn ingevoerd met een hoogte ho = +1,5 m/+4,5 m/+7,5 (overeenkomend met de begane grond en twee verdiepingen). Het maximum aantal reflecties waarmee de berekeningen zijn uitgevoerd bedraagt 1 reflectie en een sectorhoek van 2˚, conform de aanbeveling van de projectgroep Vergelijkend Onderzoek Akoestische Bureaus (VOAB). In deze projectgroep VOAB zijn afspraken gemaakt om de onderlinge verschillen in rekenprogrammatuur te minimaliseren.

20181842

Rho adviseurs voor leefruimte vestiging Leeuwarden

Berekeningsresultaten

11

5. Berekeningsresultaten

5.1.

Wegverkeer Stadsrondweg Noord

In figuur 5.1 zijn de berekende geluidbelastingen vanwege de Stadsrondweg Noord weergegeven op de grenzen van de verschillende bouwblokken (Lden in dB). De geluidbelastingen zijn inclusief aftrek op basis van art. 110 g Wgh (2 dB). Weergegeven zijn de hoogst berekende waarden. Uit figuur 5.1 blijkt dat aan de voorkeursgrenswaarde Lden = 48 dB wordt voldaan. Figuur 5.1:

5.2.

overzicht van de berekende geluidbelasting Lden in dB vanwege de Stadsrondweg Noord (inclusief 2 dB aftrek op basis van artikel 110g Wgh)

30 km‐wegen

In de figuren 5.2 en 5.3 zijn de berekende geluidbelastingen vanwege de 30 km‐wegen weergegeven op de grenzen van de verschillende bouwblokken (Lden in dB). De geluidbelastingen zijn inclusief aftrek op basis van art. 110g Wgh (5 dB). Weergegeven zijn de hoogst berekende waarden. Uit figuur 5.2 blijkt dat de hoogst berekende waarde Lden = 55 dB bedraagt en wordt veroorzaakt door wegverkeer op de Oerdyk, welke vanuit de (nieuwe) wijk doorloopt naar het buitengebied.

Rho adviseurs voor leefruimte vestiging Leeuwarden

20181842.akoestiek

12

Berekeningsresultaten

Figuur 5.2:

overzicht van de berekende geluidbelasting Lden in dB vanwege de 30 km‐wegen (inclusief 5 dB aftrek op basis van artikel 110g Wgh)

Figuur 5.2:

overzicht van de berekende geluidbelasting Lden in dB vanwege de 30 km‐wegen (inclusief 5 dB aftrek op basis van artikel 110g Wgh)

20181842

Rho adviseurs voor leefruimte vestiging Leeuwarden

Berekeningsresultaten

5.3.

13

Spoorweg Sneek‐Leeuwarden

In figuur 5.4 zijn de berekende geluidbelastingen vanwege de spoorlijn Sneek‐Leeuwarden weergegeven op de grenzen van de verschillende bouwblokken (Lden in dB). Weergegeven zijn de hoogst berekende waarden. Uit figuur 5.3 blijkt dat de hoogst berekende waarde Lden = 55 dB bedraagt, waarmee wordt voldaan aan de voorkeursgrenswaarde Wgh. Figuur 5.4:

overzicht van de berekende geluidbelasting Lden in dB vanwege de spoorlijn Sneek‐ Leeuwarden

Rho adviseurs voor leefruimte vestiging Leeuwarden

20181842.akoestiek

14

Conclusie

6. Conclusie

Op basis van de berekeningsresultaten voor weg‐ en railverkeer blijft dat voor Fase 1C en 1F zowel voor wegverkeerslawaai vanwege de Stadsrondweg Noord als voor spoorweglawaai vanwege de spoorlijn Sneek‐Leeuwarden wordt voldaan aan de voorkeursgrenswaarden in het kader van de Wet geluidhinder. Een hogere waarde procedure is niet noodzakelijk. Omdat aan de voorkeursgrenswaarden wordt voldaan, kan een berekening en beoordeling van de cumulatieve effecten achterwege blijven. De maximale geluidbelasting vanwege 30 km‐wegen bedraagt Lden = 55 dB en voldoet daarmee aan de als richtwaarde te beschouwen waarde van Lden = 63 dB. Er sprake van een aanvaardbaar akoestisch klimaat. Daarbij gesteld dat de hoogste waarde is berekend afkomstig van de Oerdyk met als uitgangspunt een toekomstige 30 km‐weg met klinkerverharding. Het aspect geluid is geen belemmering voor het plan.

20181842

Rho adviseurs voor leefruimte vestiging Leeuwarden

Bijlagen

Bijlage 1:

begrippen

Decibel A, afgekort dB(A): een maat voor de sterkte van geluid, zoals het door de mens wordt waargenomen, ten opzichte van een referentiedruk van 20.10-5 Pa. Equivalent geluidsniveau LAeq,T in dB(A): het energetisch gemiddelde van de fluctuerende niveaus van het ter plaatse, in de loop van een bepaalde periode optredende geluid.

Gestandaardiseerd immissieniveau Li in dB(A): het equivalente geluidsniveau dat tijdens een bepaalde bedrijfstoestand onder meteoraamomstandigheden op een bepaalde plaats en hoogte wordt vastgesteld. Immissierelevante bronsterkte LWR in dB(A): het geluidvermogensniveau van een denkbeeldige bron, gelegen in het centrum van de werkelijke geluidsbron, die in de richting van het immissiepunt dezelfde geluiddrukniveaus veroorzaakt als de werkelijke geluidsbron. Langtijdgemiddeld deelgeluidsniveau LAeqi,LT in dB(A): equivalent A-gewogen geluidsniveau over een specifieke beoordelingsperiode ten gevolge van een specifieke bedrijfstoestand op een immissiepunt, bij een meteoraamgemiddelde geluidsoverdracht, zo nodig gecorrigeerd voor de gevelreflectie. Langtijdgemiddeld deelbeoordelingsniveau LAri,LT in dB(A): equivalent A-gewogen geluidsniveau over een specifieke beoordelingsperiode ten gevolge van een specifieke bedrijfstoestand op een beoordelingspunt, zo nodig gecorrigeerd voor de aanwezigheid van impulsachtig geluid, zuivere tooncomponent of muziekgeluid. Langtijdgemiddeld beoordelingsniveau LAr,LT in dB(A): energetische sommatie van de langtijdgemiddelde deelbeoordelingsniveaus.

Etmaalwaarde van het equivalente geluidsniveau vanwege het industrieterrein Letmaal in dB(A): de hoogste van de volgende drie waarden: LAr,LT over de dagperiode; LAr,LT over de avondperiode + 5; LAr,LT over de nachtperiode + 10. Europese dosismaat Lden in dB(A): avondperiode en nachtperiode.

gewogen gemiddelde van het geluidsniveau in de dagperiode,

Dagperiode: de beoordelingsperiode van 07.00 tot 19.00 uur. Avondperiode: de beoordelingsperiode van 19.00 tot 23.00 uur. Nachtperiode: de beoordelingsperiode van 23.00 tot 07.00 uur. Maximaal geluidsniveau (piekgeluidsniveau) LAmax in dB(A): het maximaal te meten A-gewogen geluidsniveau, meterstand “fast” gecorrigeerd met de meteocorrectieterm Cm. Immissiepunt: de plaats waarop het langtijdgemiddeld beoordelingsniveau wordt bepaald. Representatieve bedrijfssituatie: toestand waarbij de voor de geluidproductie relevante omstandigheden kenmerkend zijn voor een bedrijfsvoering bij volledige capaciteit in de te beschouwen etmaalperiode. Bedrijfstoestand: toestand van een inrichting, die relevant is voor te verrichten metingen. Meteoraam: de meteorologische omstandigheden waaronder een goede en stabiele geluidoverdracht plaatsvindt. Stoorgeluid: het op een bepaalde plaats optredende geluid, veroorzaakt door andere geluidsbronnen dan die waarvan het geluidsniveau wordt bepaald. Zone: een rond een industrieterrein gelegen gebied, waarbuiten een bepaalde geluidsbelasting vanwege dit terrein niet wordt overschreden.

Bijlage 2:

figuren

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16544870/1