CConstaterende datStichtse Vecht
Koppel je AI →
Document · PDF

Voorontwerp Bp Ruimtekwartier - Externe veiligheid Ruimtekwartier.pdf

Commissie Fysiek Domein 13 september 2022, gemeente Stichtse VechtBij agendapunt: a.: Voorontwerp bestemmingsplan Ruimtekwartier.11.665 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Veiligheidsregio Utrecht Postbus 3154 3502 GD Utrecht 088 878 1000 info@vru.nl www.vru.nl brandweer.nl/utrecht veiligheidsregioutrecht @vrutrecht @vrubrandweer Iban NL18 BNGH 0285 1331 79 kvk 51817330

Pagina

1

Voor het plangebied zijn van daaruit de volgende relevante scenario’s met gevaarlijke stoffen aanwezig : Toxische wolk (relevant door spoorlijn en de snelweg): Bij een ongeval met een ketel-of tankwagen met gevaarlijke stoffen is het mogelijk dat er een toxische wolk ontstaat en deze over het plangebied trekt. Het effectgebied waarbinnen onherstelbare of ernstige gezondheidsklachten bij blootstelling kunnen optreden is bij stabiel weer (type F1,5) tot voorbij de 1500 meter. BLEVE (boiling liquid expanding vapour explosion) (relevant door spoorlijn, snelweg en de Zuilense Ring): Bij een ongeval met een ketel- of tankwagen met LPG kan door het exploderen van het vrijgekomen gas een vuurbal en drukgolf ontstaan. Dit kan direct na het ongeval gebeuren door het openscheuren van de tank. Gebeurt dit door het opwarmen van de tank door een brand dan kan de explosie door de brandwerende coating tot wel 1 tot 1,5 uur worden uitgesteld. Bij beschadiging van die coating is een explosie nog altijd mogelijk. Het effectgebied van de vuurbal is circa 350 meter. Onderdelen van de tanks kunnen tot zeker 500 meter afstand neerkomen. In de bijlages worden deze scenario’s met mogelijke maatregelen ter bevordering van de zelfredzaamheid nader toegelicht.

De energietransitie kan tot gevolg hebben dat er ook meer en/of andere gevaarlijke stoffen over de weg of het spoor getransporteerd gaan worden die bij een ongeval een toxisch effect kunnen hebben. Denk hierbij aan ammoniak of mierenzuur. Ook het vervoer van andere ontplofbare stoffen als LNG, CNG of waterstof kunnen gaan toenemen.

Bestrijdbaarheid Bereikbaarheid Het plangebied is via de Ruimteweg, Floraweg en op- en afritten van de Zuilense Ring van diverse zijden goed te bereikbaar voor de hulpdiensten. Zeker in het geval van een dreigende BLEVE of een toxische wolk is dat van belang. Het ontwikkelen van het plangebied heeft geen gevolgen voor de bereikbaarheid van de risicobronnen. Die zijn alle nu al voldoende bereikbaar voor de hulpdiensten.

Bluswatervoorziening De bluswatervoorziening van het plangebied en de risicobronnen is op dit moment voldoende. Wijziging daarvan door en mogelijke extra eisen te aanzien van de bebouwing zijn op dit moment niet in te schatten. Deze zullen bij de verdere uitwerking van de plannen moeten worden beoordeeld. Daarvoor is het advies om daarover al in een vroeg stadium met de Veiligheidsregio in overleg te treden.

Zelfredzaamheid Om de zelfredzaamheid van de bewoners en gebruikers te vergroten is het aan te bevelen om bij de bouwwerken en de inrichting van de openbare ruimte rekening te houden met de beschreven scenario’s van incidenten met gevaarlijke stoffen. Daarbij zijn al de volgende voorstellen generiek op het plangebied aan de orde: a. de vluchtwegen in en uit het gebouw zodanig positioneren dat deze goede verdere vluchtmogelijkheden hebben van ten opzichte van de risicobronnen ten aanzien van explosiegevaar (BLEVE)

Uw kenmerk -

Ons kenmerk 2022-001579

Pagina

2

b.

c.

de gebouwen uitvoeren met eenvoudig uit te schakelen ventilatiesystemen zodat toxische stoffen minder makkelijk kunnen binnendringen en men meer tijd heeft om binnen te schuilen totdat de toxische wolk overgedreven is of een veilige concentratie over is om het gebied te ontvluchten. bij bedrijven in de gebouwen in het RI&E de beschreven ongeval scenario’s laten verwerken en de daarvoor benodigde bouwkundige, installatietechnische en organisatorische maatregelen bepalen en laten verwerken in het bedrijfsnoodplan en deze laten beoefenen.

Anticipatie op Omgevingswet Naar verwachting zal op 1 januari 2023 de Omgevingswet in werking treden. Diverse onderdelen van dit project zullen dan ook met deze wet te maken krijgen. Daarom is het goed daar alvast op te anticiperen, hoewel nog altijd onduidelijk is hoe de definitieve vorm en uitwerking van de diverse instrumenten binnen de Omgevingswet eruit gaan zien of gehanteerd gaan worden binnen de gemeente Stichtse Vecht. Voor wat betreft de externe veiligheid heeft de komst van de Omgevingswet directe gevolgen. Met betrekking op het advies voor dit project is dat de behandeling van de routes vervoer gevaarlijke stoffen. De wetgeving en procedures die nu in de besluiten externe veiligheid transportroutes (Bevt) en –buisleidingen (Bevb) liggen besloten gaan dan over naar het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl). De invloedsgebieden die in het Bevt en Bevb staan vernoemd worden door de Omgevingswet vervangen door aandachtsgebieden. Het bevoegd gezag heeft daarmee de mogelijkheid om op maat extra voorzieningen te eisen door middel van het aanwijzen van voorschriftengebieden of keuzes te maken in bijvoorbeeld toewijzen van functies in deze gebieden. Ook initiatiefnemers krijgen hiermee direct inzicht in de risico’s binnen het gebied.

Door middel van de annotaties bij de regels die bij deze aandachtsgebieden horen is het mogelijk hun daarbij van extra informatie te voorzien en al direct mogelijkheden tot verbetering van de zelfredzaamheid van de gebruikers aan te dragen. Hierbij moet wel in gedachte worden genomen dat het aandachtsgebied net als de huidige invloedsgebied enkel reiken tot aan de 1% letaliteitscontour. De effecten van een incident met gevaarlijke stoffen kunnen veel verder reiken. Ook in dat verdere gebied is het zinvol om initiatiefnemers, gebruikers en het bevoegd gezag attent te maken op deze risico’s en de mogelijkheden om de zelfredzaamheid te vergroten. Deze mogelijkheden worden nu vaak pas bekend op het moment dat er aan de Veiligheidsregio om advies wordt gevraagd bij een wijziging van een bestemmingsplan of een vergunningsaanvraag. De aandachts- en voorschriftengebieden gelden echter enkel voor die transportassen die behoren tot de basisnetroutes. De gemeentelijke routes gevaarlijke stoffen komen daar niet in voor. De risico’s van deze routes en effecten op de omgeving bij een ongeval lopen daarmee gevaar niet meer te worden onderkend door de initiatiefnemers en het bevoegd gezag.

Om deze effectgebieden toch zichtbaar te kunnen maken voor initiatiefnemers en het bevoegd gezag is het raadzaam de mogelijkheden te onderzoeken om deze effectcontouren op de digitale omgevingsplankaart aan te geven. Hoewel de directe regels voor de aandachts- en voorschriftengebieden hier natuurlijk niet gelden kan het bevoegd gezag daar zelf wel regels aan verbinden of in ieder geval in de planvoorstellen aandacht voor vragen. Bij de behandeling van

Uw kenmerk -

Ons kenmerk 2022-001579

Pagina

3

plannen aan de Omgevingstafels en verdere afhandeling van het plan richting vergunningverlening kunnen de risico’s dan in ieder geval niet vergeten worden. De effectcontouren kunnen worden voorzien van een naam waarbij duidelijk wordt waarvoor deze geldt. Voor de éénduidigheid binnen de regio is er de voorkeur om daar één benaming voor te gebruiken. Een advies over deze naamgeving en de te hanteren afstanden moet nog worden opgesteld. In het omgevingsplan zou voor de effectcontour dan de volgende regel kunnen worden geschreven: ---------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------Artikel… Op de locaties met de functie – [naam effectcontour] zijn, naast de aldaar voorkomende functies, de regels met het oog op de beheersing en vermindering van effecten van een incident afkomstig van de risicobronnen transportroute of opslag van gevaarlijke stoffen. Binnen de – [naam effectcontour] kan het bevoegd gezag met het oog op het aspect externe veiligheid ter beheersing van uitpandige vluchtroutes en de bereikbaarheid voor de brandweer, voor zover dit niet elders in het omgevingsplan is vastgesteld nadere eisen stellen aan: a. Vluchtmogelijkheden en situering van bouwwerken waarbij kwetsbare bouwwerken zover mogelijk van de risicobron af worden gesitueerd. b.

Vluchtmogelijkheden en de inrichting van terreinen/openbare ruimte, bouwwerken en gebieden binnen de veiligheidszone zijn veilig en snel te verlaten, door adequate vluchtroutes van de bron af zowel in gebouwen als in de buitenruimte. c. Bouwwerken binnen het effectgebied, waarin personeelsleden, bezoekers, verminderd tot niet zelfredzame personen en/of grote groepen mensen kunnen verblijven, beschikken over een adequaat ontruimingsplan dat voldoende periodiek wordt geoefend; d. Bewoners, personeelsleden en vaste bezoekers binnen de veiligheidszone worden geïnformeerd over de verschillende risico’s en gevaren van het transport van gevaarlijke stoffen. Daarbij dient men tevens geïnformeerd te worden over de wijze van alarmeren en de wenselijke manier van reageren tijdens incidenten (risicocommunicatie) Toelichting: Door het opnemen van deze eisen ontstaat er bewustzijn van de veiligheidsrisico’s van de risicobronnen als de transportroute of opslag van gevaarlijke stoffen en wordt het veiligheidsniveau verhoogd. De afstand van de grens van het effectcontour tot aan de routes of inrichtingen is een keuze van de gemeente, maar geadviseerd wordt daar in de geest van de Omgevingswet de afstanden van de effecten bij te hanteren. ----------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------

Met vriendelijke groet, Ing. J.W. (Jelle) Mulder Specialist Risicobeheersing Communicatieadviseur CoPI / Operationeel woordvoerder

Uw kenmerk -

Ons kenmerk 2022-001579

Pagina

4

Bijlage 1. Effecten van een incident met gevaarlijke stoffen op het plangebied Inleiding Voor het ontwerpbestemmingsplan wordt vanuit de Veiligheidsregio Utrecht op grond van het Besluit externe veiligheid inrichtingen (Bevi) en Besluit externe veiligheid transportroutes (Betv) Besluit geadviseerd op de voorbereiding op de bestrijding van een ramp of een zwaar ongeval, als om het beperken van de gevolgen van een ongeval met gevaarlijke stoffen. Ook wordt gekeken naar de mogelijkheden voor personen om zich in veiligheid te brengen. Voor dit advies is een inzicht in de effecten van een incident met gevaarlijke stoffen noodzakelijk. In deze bijlage zijn de relevante scenario’s zoals aangegeven in de adviesbrief verder toegelicht.

Effecten van een toxische wolk Voor het scenario van een toxische wolk op het spoor wordt een ongeval met een ketelwagen met acryl(o)nitril als maatgevend gezien. Acrylnitril is een kleurloze, giftige vloeistof met een enigszins naar amandel ruikende, prikkelende geur. De stof is zeer giftig bij huidcontact en inademing. In de onderstaande tabel zijn de effecten van de giftige wolk weergegeven. Afhankelijk van de afstand tot het ongeval en de omstandigheden zullen mensen overlijden (†) of raken gewond. Van zeer zwaargewond (T1) tot lichtgewond (T3). De wettelijke grenswaarde van acrylnitril is 4,4 mg/m3 (2 ppm). Voor de weertypen D5 en F1,5 is het slachtofferbeeld bepaald voor personen die zich buiten bevinden. Dit is uitgewerkt voor drie ringen. In de eerste ring overlijd meer dan 95 % van de aanwezigen, in de tweede tussen de 95 en 50 % en de derde tussen de 50 en 5 %. De effectafstanden vanaf de rand van de plas voor deze ringen staan in de tabel. De omgeving van het incident is van invloed op de verspreiding van de toxische wolk, daarom zijn de drie volgende geografische gebieden verwerkt in de tabellen:  Stedelijk gebied (bijv. grote steden met hoge gebouwen, industriegebieden met hoge bebouwing);  Verstedelijkt landelijk gebied (bijv. gebieden met dichte laagbouw, bossen en industriegebieden);  Landelijk gebied (bijv.

landelijke gebieden met verspreid liggende laagbouw).

Uw kenmerk -

Ons kenmerk 2022-001579

Pagina

5

Tabel Effectenafstanden bij toxische wolk op het spoor (Bron: Scenarioboekev.nl)

Tabel Effectenafstanden bij toxische wolk op de weg (Bron: Scenarioboekev.nl)

Aanvullend wordt in een tabel de afstand tot de interventiewaarden die de hulpverleningsdiensten gebruiken weergegeven.

Uw kenmerk -

Ons kenmerk 2022-001579

Pagina

6

Tabel Interventiewaarden bij toxische wolk op het spoor (Bron: Scenarioboekev.nl)

Tabel Interventiewaarden bij toxische wolk op de weg (Bron: Scenarioboekev.nl)

De levensbedreigende waarde (LBW) geeft de luchtconcentratie waarboven mogelijk sterfte of levensbedreigende aandoeningen kunnen ontstaan. De alarmeringsgrenswaarde (AGW) geeft de luchtconcentratie waarboven onherstelbare of andere ernstige gezondheidseffecten kunnen optreden of waarbij door blootstelling aan de stof personen minder goed in staat zijn zichzelf in veiligheid te brengen. De voorlichtingsrichtwaarde (VRW) geeft de luchtconcentratie die met grote waarschijnlijkheid door de blootgestelde bevolking als hinderlijk wordt waargenomen, of waarboven lichte gezondheidseffecten mogelijk zijn. Voor de aanwezigen binnen de zones van de LBW en de AGW zullen de hulpdiensten acties moeten ondernemen om doden en gewonden te voorkomen. Hieraan kan men dan denken aan mogelijk ontruimen, maar waarschijnlijker is dat men wordt opgeroepen om te schuilen in hun woning of bedrijf. Dit kan o.a. gebeuren via een NL-Alert en de regionale rampenzender.

Uw kenmerk -

Ons kenmerk 2022-001579

Pagina

7

Effecten van een BLEVE (boiling liquid expanding vapour explosion) Als gevolg van een ongeval met of bij een ketelwagen met LPG (GF3) kunnen er twee types BLEVE’s ontstaan:  Een koude BLEVE wordt veroorzaakt door een externe beschadiging, bijvoorbeeld een botsing. Hierdoor scheurt de ketel open, het LPG stroomt als vloeistof vrij uit en verdampt direct. Er zal vrijwel direct een ontsteking plaatvinden, waardoor er een vuurbal en een drukgolf ontstaat. Ook zullen er door de explosie scherven en brokstukken weggeslingerd worden.  Een warme BLEVE wordt veroorzaakt doordat een aanwezige brand de druk in de ketel doet oplopen. Hierdoor verzwakt en bezwijkt de ketel. Het LPG komt vrij en ontsteekt. Er ontstaat een vuurbal en een drukgolf. Ook zullen er door de explosie scherven en brokstukken weggeslingerd worden. In de onderstaande tabel zijn de effecten van warmtestraling en overdruk apart weergegeven. Afhankelijk van de afstand tot het ongeval en de bescherming van bijvoorbeeld gebouwen komen mensen te overlijden (†) of raken gewond: van zeer zwaargewond (T1) tot lichtgewond (T3). De schade aan objecten varieert van onherstelbare schade tot lichte schade. De effectafstanden zijn berekend vanaf de ketel-/tankwagen.

Tabel Effecten hittestraling warme BLEVE op het spoor (Bron: Scenarioboekev.nl)

Uw kenmerk -

Ons kenmerk 2022-001579

Pagina

8

Tabel Effecten hittestraling warme BLEVE op de weg (Bron: Scenarioboekev.nl)

Voor een overzicht van de schade die door de overdruk na de explosie optreed is hierna een tabel met overdrukschade aan objecten opgenomen. ten behoeve van de leesbaarheid zijn de afstanden afgerond. De effecten van overdruk nemen over de afstand zeer snel af.

Tabel Effecten overdruk bij warme BLEVE op het spoor (Bron: Scenarioboekev.nl)

Uw kenmerk -

Ons kenmerk 2022-001579

Pagina

9

Tabel Effecten overdruk bij warme BLEVE op de weg (Bron: Scenarioboekev.nl)

Uw kenmerk -

Ons kenmerk 2022-001579

Pagina

10

Bijlage 2. Toelichting voorbereiding van bestrijding en beperking van de omvang van een ramp Inleiding Bij bestrijdbaarheid gaat het zowel om de voorbereiding op de bestrijding van een ramp of een zwaar ongeval, als om het beperken van de gevolgen van een ongeval met gevaarlijke stoffen. Om de gevolgen zoveel mogelijk te beperken, is het van belang dat de hulpverleningsdiensten niet worden belemmerd in de uitvoering van hun hulpverlenende taken. Om de bestrijdbaarheid goed te kunnen verantwoorden, zijn de volgende aspecten beoordeeld:  Bereikbaarheid van het plangebied en de risicobron;  Bluswatervoorzieningen in het plangebied en bij de risicobron.

Bereikbaarheid voor de hulpdiensten Het is van belang dat de hulpdiensten tijdens een ramp of een zwaar ongeval voldoende snel kunnen optreden. Een goede bereikbaarheid van zowel het plangebied als de risicobronnen is hierbij van essentieel belang. Vanwege het vrijkomen van gevaarlijke stoffen is het wenselijk dat het plangebied en de risicobron bovenwinds tenminste tweezijdig kan worden benaderd. Deze routes moeten geschikt zijn voor het direct gebruik van de hulpdiensten en voldoen aan de maatvoering en draagvermogen voor de brandweer, welke aangegeven zijn in de “Handreiking bluswatervoorziening en bereikbaarheid” van Brandweer Nederland en de aanvullende CROWpublicatie 165 “Hulpdiensten snel op weg”.

Bluswatervoorzieningen De brandweer dient snel te kunnen beschikken over voldoende bluswater, om een incident adequaat te kunnen bestrijden. De bluswatervoorzieningen die vanuit het Bouwbesluit worden geëist ten aanzien van de gewenste situatie, is de primaire voorzieningen van voornamelijk brandkranen. Voor bestrijding van grotere branden wordt veelal gebruik gemaakt van secondaire of tertiaire bluswatervoorzieningen, zoals geboorde puntten of open water. Indien er aanpassingen aan de bluswatervoorziening moeten worden gedaan is een overleg met het Team Ondersteuning Repressie van de Veiligheidsregio Utrecht aan te bevelen voor een goede plaatsbepaling en uitvoering van de voorzieningen.

Uw kenmerk -

Ons kenmerk 2022-001579

Pagina

11

Bijlage 3. Toelichting zelfredzaamheid Inleiding Bij zelfredzaamheid gaat het om de mogelijkheden voor personen in het invloedsgebied van een risicobron om zichzelf in veiligheid te brengen indien een ramp of een zwaar ongeval plaatsvindt. Belangrijk aspect hierbij is, dat zij zichzelf kunnen onttrekken aan een dreigend gevaar zonder daadwerkelijke hulp van de hulpverleningsdiensten, bijvoorbeeld door te vluchten of te schuilen. De mate van zelfredzaamheid in het rampgebied is mede bepalend het uiteindelijke aantal slachtoffers en voor de omvang van de hulpverlening tijdens een ramp of een zwaar ongeval.

Mogelijkheden ten aanzien van een BLEVE In het geval van een dreigende BLEVE is het advies zo snel mogelijk van de bron vandaan te vluchten. Daarbij verdient het advies om onder dekking van het gebouw van de incidentbron weg te kunnen vluchten. Om bij een optredende BLEVE het risico voor de bewoners in het gebouw te verkleinen is het minimaliseren van het hoeveelheid glas aan de spoorzijde een mogelijke maatregel. Afhankelijk van het risico en de afstand tot de risicobron is het gebruik maken van explosieveilig glas met bijbehorende verstevigde kozijnen een mogelijkheid.

Mogelijkheden ten aanzien van een toxische wolk Voor het toxische wolkscenario is de beste optie om in het gebouw te schuilen tot de lekkage is verholpen en/of de concentratie in de lucht laag genoeg is om het gebied te ontvluchten. Daarvoor is het noodzakelijk dat de gifwolk het gebouw niet binnendringt. Het eenvoudig en snel kunnen uitschakelen en/of dichtzetten van het ventilatiesysteem is daarvoor een vereiste.

Aanwijzingen voor Bedrijfshulporganisaties (BHV) In het geval van de aanwezigheid van een bedrijfshulporganisatie(BHV) kan deze de aangegeven scenario’s opnemen in het RI&E. Vandaaruit kan men dan de benodigde maatregelen (bouwkundig, installatietechnisch en organisatorisch) bepalen en op laten nemen in het bedrijfsnoodplan en die in de oefeningen terug te laten komen.

Risicocommunicatie Om te zorgen dat de personen in het getroffen of bedreigde gebied beter op de hoogte zijn van de mogelijkheden om zich in veiligheid te stellen is een goede risicocommunicatie van groot belang. Hierdoor wordt ook het gebruik van de daarvoor ontworpen voorzieningen zoals uitgangen en vluchtroutes beter worden benut.

Uw kenmerk -

Ons kenmerk 2022-001579

Pagina

12

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raadsinformatie.stichtsevecht.nl/api/v1/meetings/2036/documents/42656