Toelichting Bijl. 7 - Nigtevechtseweg 108ws-120ws, Nigtevecht_V2.pdf
Tekst van het document
Bestemmingsplan
Verplaatsing woonboot Nigtevechtseweg 108-ws, Vreeland
Augustus 2022 Status: definitief
Status: Ontwerp
Bestemmingsplan “Verplaatsing woonboot Nigtevechtseweg 108-ws, Vreeland” Ontwerp
“Verplaatsing woonboot Nigtevechtseweg 108-ws, Vreeland”
Plannaam: IMRO-nummer: Plantype: Datum: Status:
Verplaatsing woonboot Nigtevechtseweg 108-ws, Vreeland NL.IMRO.1904.BPNvechtseweg108VRD-OW01 Bestemmingsplan 19 augustus 2022 Ontwerp
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
2
Bestemmingsplan “Verplaatsing woonboot Nigtevechtseweg 108-ws, Vreeland” Ontwerp
Toelichting
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
3
Bestemmingsplan “Verplaatsing woonboot Nigtevechtseweg 108-ws, Vreeland” Ontwerp
INHOUDSOPGAVE HOOFDSTUK 1 INLEIDING ................................................................................... 5 1.1 1.2 1.3 1.4 1.5
AANLEIDING ............................................................................................................................................... 5 LIGGING VAN HET PLANGEBIED ....................................................................................................................... 5 DE BIJ HET PLAN BEHORENDE STUKKEN ............................................................................................................. 6 PLANOLOGISCHE REGIME ............................................................................................................................... 7 LEESWIJZER .............................................................................................................................................. 11
HOOFDSTUK 2 BESCHRIJVING PLANGEBIED ........................................................... 12 2.1 2.2
NIGTEVECHTSEWEG NR. 108 ....................................................................................................................... 12 LIGPLAATSENSTROOK NES/OEVER TEN OOSTEN VAN NIGTEVECHTSEWEG NR. 120 .................................................. 13
HOOFDSTUK 3 PLANBESCHRIJVING ..................................................................... 14 3.1 3.2
GEWENSTE SITUATIE ................................................................................................................................... 14 VERKEER EN PARKEREN ............................................................................................................................... 16
HOOFDSTUK 4 BELEIDSKADER ........................................................................... 17 4.1 4.2 4.3
RIJKSBELEID .............................................................................................................................................. 17 PROVINCIAAL BELEID .................................................................................................................................. 19 GEMEENTELIJK BELEID................................................................................................................................. 25
HOOFDSTUK 5 MILIEU- EN OMGEVINGSASPECTEN .................................................. 28 5.1 5.2 5.3 5.4 5.5 5.6 5.7 5.8
GELUID .................................................................................................................................................... 28 BODEMKWALITEIT ...................................................................................................................................... 28 LUCHTKWALITEIT ....................................................................................................................................... 29 EXTERNE VEILIGHEID ................................................................................................................................... 30 MILIEUZONERING ...................................................................................................................................... 32 ECOLOGIE................................................................................................................................................. 34 ARCHEOLOGIE & CULTUURHISTORIE .............................................................................................................. 36 BESLUIT MILIEUEFFECTRAPPORTAGE .............................................................................................................. 37
HOOFDSTUK 6 WATERASPECTEN........................................................................ 39 6.1 6.2
VIGEREND BELEID....................................................................................................................................... 39 WATERPARAGRAAF ................................................................................................................................... 40
HOOFDSTUK 7 JURIDISCHE ASPECTEN EN PLANVERANTWOORDING .............................. 42 7.1 7.2 7.3
INLEIDING................................................................................................................................................. 42 OPZET VAN DE REGELS ................................................................................................................................ 42 VERANTWOORDING VAN DE REGELS............................................................................................................... 43
HOOFDSTUK 8 ECONOMISCHE UITVOERBAARHEID .................................................. 45 HOOFDSTUK 9 VOOROVERLEG, INSPRAAK EN ZIENSWIJZEN ....................................... 46 9.1 9.2 9.3
VOOROVERLEG .......................................................................................................................................... 46 INSPRAAK ................................................................................................................................................. 46 ZIENSWIJZEN............................................................................................................................................. 46
BIJLAGEN BIJ DE TOELICHTING ............................................................................... 47 BIJLAGE 1 BIJLAGE 2 BIJLAGE 3
VERKENNEND BODEMONDERZOEK ......................................................................................................... 48 AERIUS-BEREKENING .......................................................................................................................... 49 QUICKSCAN FLORA/FAUNA .................................................................................................................. 50
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
4
Bestemmingsplan “Verplaatsing woonboot Nigtevechtseweg 108-ws, Vreeland” Ontwerp
HOOFDSTUK 1 1.1
INLEIDING
Aanleiding
In het buitengebied van de gemeente Stichtse Vecht is aan de Vecht, op het adres Nigtevechtseweg nr. 108 te Vreeland een ligplaats ten behoeve van een woonboot aanwezig. Ter plaatse van deze ligplaats bewoont initiatiefnemer met partner een woonboot waarbij initiatiefnemer de aangrenzende oever als tuin gebruikt. Deze oever is in bruikleen en behoort tot de woning gesitueerd aan de Nigtevechtseweg nr. 110. Om de woonboot te bereiken maakt initiatiefnemer gebruik van de entree behorende bij de woning aan de Nigtevechtseweg nr. 110. Wegens het niet verlengen van de huurovereenkomst voor het oevergebruik is initiatiefnemer genoodzaakt om de huidige ligplaats te verlaten en op zoek te gaan naar een alternatief. Hierbij is een alternatieve ligplaats gevonden tussen de herontwikkelingslocatie Nigtevechtseweg nr. 112 en de bestaande ligplaatsenstrook in de Nes, op hemelsbreed circa 400 meter ten noordwesten van de huidige locatie. De beoogde locatie maakt onderdeel uit van een strook waar reeds zes woonboten liggen en waar in totaal zeven woonboten zijn toegestaan. De zevende ligplaats is onlangs vergund ten behoeve van een woonboot aan de noordwestzijde van de ligplaatsenstrook. Hierdoor is ruimte beschikbaar gebleven voor een achtste woonboot aan de zuidoostzijde.
Door de voorgenomen verplaatsing zal initiatiefnemer de nog beschikbare ligplaats aan de zuidoostzijde van de ligplaatsenstrook innemen. Hierbij wordt de aangrenzende oever in gebruik genomen als tuin waarbinnen zowel een bijgebouw en/of overkapping en twee parkeervoorzieningen worden gerealiseerd. De huidige ligplaats en tuinbestemming ter plaatse van de Nigtevechtseweg nr. 108 wordt door de voorgenomen verplaatsing wegbestemd. Hierdoor wordt een woonboot met de kwalificatie ‘knelpunt’ op basis van het convenant Restauratieplan Vecht (RPV) opgeheven. Bij besluit op 23 juli 2021 heeft het college van B&W van de gemeente Stichtse Vecht een positieve grondhouding ten aanzien van dit plan afgegeven. Omdat de voorgenomen ontwikkeling niet in overeenstemming is met het geldende bestemmingsplan ‘Landelijk gebied Noord’ is een herziening van het bestemmingsplan noodzakelijk. Hierbij dient te worden opgemerkt dat in voorliggend bestemmingsplan alvast is uitgegaan van de structuur van het ontwerp bestemmingsplan ‘De Vecht’. Dit vanwege het feit dat de gemeente heeft aangegeven dat dit bestemmingsplan op korte termijn wordt vastgesteld. In dit bestemmingsplan wordt aangetoond dat het voornemen in overeenstemming is met een goede ruimtelijke ordening.
1.2
Ligging van het plangebied
Het plangebied bestaat uit twee deelgebieden; de huidige ligplaats van de woonboot aan de Nigtevechtseweg nr. 108 en de toekomstige ligplaats ten oosten van de woonboot aan de Nigtevechtseweg nr. 120, beide gelegen in het buitengebied behorend bij de kern Vreeland. De huidige ligplaats staat kadastraal bekend als gemeente Vreeland, sectie B met perceelnummers 1813 (oever) en 1814 (ligplaats woonboot). De toekomstige ligplaats staat kadastraal bekend als gemeente Vreeland, sectie B met perceelnummer 1825 (ligplaats woonboot). De ligging van de deelgebieden ten opzichte van de kern Vreeland en de directe omgeving wordt weergegeven in afbeelding 1.1. Hierbij is de huidige ligplaats met een blauwe ster aangegeven en de toekomstige ligplaats met een rode ster. In afbeelding 1.2 is de directe omgeving weergeven. Hierbij is met een blauwe omlijning indicatief de huidige ligplaats weergegeven en met een rode omlijning indicatief de toekomstige ligplaats. Wat betreft de toekomstige ligplaats is met een rode omlijning de gehele ligplaatsenstrook aangegeven. Met een gele omlijning is de daadwerkelijke ligplaats van de woonboot weergegeven.
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
5
Bestemmingsplan “Verplaatsing woonboot Nigtevechtseweg 108-ws, Vreeland” Ontwerp Voor de exacte begrenzing van het plangebied wordt verwezen naar de verbeelding behorende bij dit bestemmingsplan.
Afbeelding 1.1
Ligging van het plangebied ten opzichte van de kern Vreeland (Bron: PDOK, bewerkt)
Afbeelding 1.2
Ligging van de deelgebieden ten opzichte van de directe omgeving (Bron: PDOK, bewerkt)
1.3
De bij het plan behorende stukken
Het bestemmingsplan ‘’Verplaatsing woonboot Nigtevechtseweg 108-ws te Vreeland’’ bestaat uit de volgende stukken: • • •
verbeelding (tek.nr. NL.IMRO.1904.BPNvechtseweg108VRD-OW01); regels (met bijlagen); toelichting (met bijlagen).
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
6
Bestemmingsplan “Verplaatsing woonboot Nigtevechtseweg 108-ws, Vreeland” Ontwerp Op de verbeelding zijn de bestemmingen van de in het plan begrepen gronden weergegeven. In de regels zijn bepalingen opgenomen om de uitgangspunten van het plan zeker te stellen. Het plan gaat vergezeld van een toelichting. De toelichting geeft een duidelijk beeld van het bestemmingsplan en van de daaraan ten grondslag liggende gedachten, maar maakt geen deel uit van het juridisch bindende deel van het bestemmingsplan.
1.4
Planologische regime
1.4.1
Algemeen
Beide deelgebieden liggen binnen de begrenzing van het bestemmingsplan ‘’Landelijk gebied Noord’’ (vastgesteld op 3 december 2015). In afbeelding 1.3 en afbeelding 1.4 zijn twee uitsneden van de verbeelding opgenomen. Het deelgebied van de huidige ligplaats is met een blauwe omlijning omgeven, het deelgebied van de toekomstige ligplaats wordt met een rode omlijning aangeduid.
Afbeelding 1.3
Verbeelding geldend bestemmingsplan (Bron: ruimtelijkeplannen.nl)
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
7
Bestemmingsplan “Verplaatsing woonboot Nigtevechtseweg 108-ws, Vreeland” Ontwerp
Afbeelding 1.4
Verbeelding geldend bestemmingsplan (Bron: ruimtelijkeplannen.nl)
Op basis van het geldende bestemmingsplan ‘’Landelijk gebied Noord’’ hebben de deelgebieden aan de Nigtevechtseweg nr. 108 en de beoogde ligplaats ten oosten van de Nigtevechtseweg nr. 120 onder meer meerdere enkelbestemmingen, dubbelbestemmingen en functieaanduidingen. Tevens zijn voor beide deelgebieden een maatvoering wat betreft het maximum aantal wooneenheden van toepassing. Hieronder wordt systematisch per deellocatie de geldende bestemmingen en (functie)aanduiding weergegeven. Tevens dient hierbij te worden opgemerkt dat in voorliggend bestemmingsplan de ontwikkeling van de vergunde zevende ligplaats ten noordwesten is meegenomen. Het betreft de met geel aangegeven omlijning in afbeelding 1.4. Ter plaatse van de gele omlijning is één wooneenheid toegestaan. Echter, aangezien het bestemmingsplan ‘De Vecht’ nog niet is vastgesteld, wordt voor het vervolg aan het bestemmingsplan ‘’Landelijk gebied Noord’’ getoetst. Deelgebied Nigtevechtseweg 108
Nigtevechtseweg naast 120
Enkelbestemming Tuin Water
-
Water
Dubbelbestemming Waarde – Cultuurhistorie 1 Waarde – Natuur
-
Waarde – Cultuurhistorie 1 Waarde – Natuur
Functieaanduiding Erf Specifieke bouwaanduiding – bijgebouwen 2 Woonschepenligplaats (maximum aantal: 1) -
Erf Woonschepenligplaats (maximum aantal: 7)
Hierna wordt nader op de geldende bestemmingen en bijbehorende aanduiding ingegaan.
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
8
Bestemmingsplan “Verplaatsing woonboot Nigtevechtseweg 108-ws, Vreeland” Ontwerp 1.4.2
Geldende (dubbel)bestemmingen en aanduidingen
‘Tuin’ De voor ‘Tuin’ aangewezen gronden zijn onder meer bestemd voor tuinen ten behoeve van op aangrenzende gronden gelegen woonschepen, de ontsluiting van deze woonschepen en erven ter plaatse van de aanduiding ‘Erf’. Daarnaast zijn regels opgenomen voor bijbehorende gebouwen en bouwwerken geen gebouwen zijnde. Bouwregels Per woonschip is één bijgebouw/overkapping toegestaan dat voldoet aan de volgende kenmerken: a. b. c. d.
e. f.
Gebouwd binnen de aanduiding ‘erf’; De oppervlakte bedraagt maximaal 9 m2; In afwijking van het bepaalde onder b mag de oppervlakte maximaal 12 m 2 bedragen ter plaatse van de aanduiding ‘specifieke bouwaanduiding – bijgebouwen 2’; In afwijking van het bepaalde onder b bedraagt de oppervlakte maximaal 12 m 2 mits: Het bijgebouw op de oever in de horizontale projectie tussen het voor- en achtersteven van het woonschip is geplaatst, of Het bijgebouw op de oever op een afstand van minimaal 5 m van de horizontale projectie tussen het voor- en achtersteven van het woonschip is geplaatst en het bijgebouwen tevens is geplaatst op een afstand van minimaal 5 m van de horizontale projectie tussen het voor- en achtersteven van een naastgelegen woonschip; De bouwhoogte bedraagt maximaal 2,7 m; In afwijking van het bepaalde onder e mag de goot- respectievelijk bouwhoogte ter plaatse van de aanduiding ‘specifieke bouwaanduiding – bijgebouwen 2’ maximaal 3 respectievelijk 4 m bedragen.
‘Water’ De voor ‘Water’ aangewezen gronden zijn onder meer bestemd voor water en waterhuishouding, aanleg, onderhoud en instandhouding van watergangen en vaarwegen, het behoud, herstel en beheer van natuur- en landschapswaarden alsmede cultuurhistorische waarden, waaronder de ecologische verbindingszone van de Vecht. Daarnaast zijn ter plaatse van de aanduidingen ‘woonschepenligplaats’ en ‘maximum aantal wooneenheden’ het aangegeven aantal woonschepen toegestaan. Bouwregels Ter plaatse van de aanduiding ‘woonschepenligplaats’ zijn uitsluitend woonschepen toegestaan die voldoen aan de volgende kenmerken: a. b. c. d. e. f. g. h.
Het maximum aantal woonschepen bedraagt het ter plaatse van de aanduiding ‘maximum aantal wooneenheden’ aangegeven aantal; Lengte maximaal 18 m; Breedte maximaal 6 m; Goot- en boeiboordhoogte maximaal 3,5 m; Nokhoogte maximaal 4 m; Diepte omloop en overstek maximaal 0,8 m; Diepte dakoverstek maximaal 0,3 m; Onderlinge afstand tussen de opbouw van twee woonschepen mimimaal 5 m.
‘Waarde – Cultuurhistorie 1’ De voor ‘Waarde – cultuurhistorie 1’ aangewezen gronden zijn behalve voor de andere daar voorkomende bestemming(en), mede bestemd voor het behoud en de versterking van de Nieuwe Hollandse Waterlinie.
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
9
Bestemmingsplan “Verplaatsing woonboot Nigtevechtseweg 108-ws, Vreeland” Ontwerp Uitvoeringsverbod zonder omgevingsvergunning Het is verboden op of in de gronden met de bestemming ‘Waarde – Cultuurhistorie 1’ zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning voor het uitvoeren van werken, geen bouwwerken zijnde, of werkzaamheden uit te voeren: a. b. c.
Het uitvoeren van grondbewerkingen waartoe worden gerekend afgraven, egaliseren, ontginnen en ophogen; Het verlagen of verhogen van het waterpeil; Het planten, verwijderen, kappen of rooien van bomen of andere opgaande beplanting.
‘Waarde – Natuur’ De voor ‘Waarde – Natuur’ aangewezen gronden zijn behalve voor de andere daar voorkomende bestemming(en), mede bestemd voor het behoud en de versterking van de aanwezige natuur- en landschapswaarden. Bij nieuwe ontwikkelingen bij bouwen of gebruiken die niet rechtstreeks zijn toegestaan binnen de aangewezen EHS is medewerking slechts mogelijk indien is voldaan aan de landelijke gehanteerde Spelregels EHS. Bouwregels a.
b. c.
Op de gronden met de bestemming ‘Waarde – Natuur’ mag ten behoeve van de andere voor deze gronden geldende bestemming(en) en (bouw)regels uitsluitend worden gebouwd indien de betrokken waarden door de bouwactiviteiten niet worden geschaad of mogelijke schade kan worden voorkomen door aan de omgevingsvergunning voorwaarden te verbinden gericht op het behoud van de ter plaatse aangeduide waarde; Ter beoordeling van het bepaalde onder a winnen burgemeester en wethouders deskundig advies in; Het bepaalde onder a is niet van toepassing, indien het bouwplan betrekking heeft op gronden gelegen binnen bouwvlakken.
Omgevingsvergunning uitvoeren werken, geen bouwwerken zijnde of werkzaamheden Het is verboden op of in de gronden met de bestemming ‘Waarde – Natuur’ zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning voor het uitvoeren van werken, geen bouwwerken zijnde, of werkzaamheden uit te voeren: a. b. c.
1.4.3
Het uitvoeren van grondbewerkingen waartoe worden gerekend afgraven, egaliseren, ontginnen en ophogen; Het verlagen of verhogen van het waterpeil; Het planten, verwijderen, kappen of rooien van bomen of andere opgaande beplanting.
Strijdigheid
De voorgenomen ontwikkeling voorziet in het verplaatsen van een bestaande woonboot aan de Nigtevechtseweg. Hierbij wordt de woonboot verplaatst van de Nigtevechtseweg nr. 108 naar de beschikbare ruimte ten oosten van de woonboot aan de Nigtevechtseweg nr. 120. Het voornemen is niet in overeenstemming met het geldend bestemmingsplan aangezien de huidige functieaanduiding ‘woonschepenligplaats’ ter plaatse van de Nigtevechtseweg nr. 108 dient te worden wegbestemd waarbij de oever de bestemming ‘Water’ zal krijgen. Tot slot dient de reeds vergunde woonboot aan de noordwestzijde in dit bestemmingsplan te worden meegenomen waardoor de maatvoering van zeven wooneenheden naar acht wooneenheden wordt gewijzigd.
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
10
Bestemmingsplan “Verplaatsing woonboot Nigtevechtseweg 108-ws, Vreeland” Ontwerp Een herziening van het bestemmingsplan ‘’Landelijk gebied Noord’’ is noodzakelijk om de in dit plan beschreven ontwikkeling mogelijk te maken. Voorliggend plan voorziet in de gewenste juridisch planologische kaders om het voornemen te kunnen realiseren.
1.5
Leeswijzer
Na deze inleiding wordt in hoofdstuk 2 een beschrijving van de huidige situatie in het plangebied gegeven. Hoofdstuk 3 gaat in op de planbeschrijving. Vervolgens wordt in hoofdstuk 4 ingegaan op het beleidskader. Hierin wordt het beleid van het Rijk, de provincie Utrecht en de gemeente Stichtse Vecht beschreven. In hoofdstuk 5 passeren alle relevante milieu- en omgevingsthema's de revue. Hoofdstuk 6 gaat in op de wateraspecten. In de hoofdstukken 7 en 8 wordt respectievelijk ingegaan op de juridische aspecten/planverantwoording en de financiële uitvoerbaarheid. Hoofdstuk 9 gaat in op de inspraak en het vooroverleg.
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
11
Bestemmingsplan “Verplaatsing woonboot Nigtevechtseweg 108-ws, Vreeland” Ontwerp
HOOFDSTUK 2
BESCHRIJVING PLANGEBIED
Het plangebied bestaat uit de deelgebieden Nigtevechtseweg nr. 108 en de ligplaatsenstrook in de Nes met bijbehorende oever ten oosten van de woonboot aan de Nigtevechtseweg nr. 120. De twee deelgebieden liggen in het buitengebied van de gemeente Stichtse Vecht. Hierna wordt ingegaan op de huidige situatie van beide deelgebieden.
2.1
Nigtevechtseweg nr. 108
Het deelgebied Nigtevechtseweg nr. 108 ligt ten noorden van de kern Vreeland aan de Vecht. Ter plaatse van bovenstaand deelgebied is een woonboot met aangrenzende oever aanwezig. De functionele structuur van de omgeving bestaat onder meer uit woonbestemmingen (zowel woonboten als zelfstandige wooneenheden), water en agrarische gronden die als tuin en/of als landbouwgronden in gebruik zijn. Hierna wordt kort op de ruimtelijke structuur ingegaan. Ten noorden van het deelgebied is de entree naar de woning aan de Nigtevechtseweg nr. 110 gesitueerd. Deze entree wordt tevens door initiatiefnemer gebruikt om bij de woonboot te komen. Hierbij zijn in het verlengde agrarische gronden en de woning aan de Nigtevechtseweg nr. 110 gesitueerd. Ten oosten en zuiden van het deelgebied stroomt van zuidelijke naar noordelijke richting de Vecht met in het verlengde meerdere woningen. Ten zuidwesten zijn vijf woonboten gesitueerd. Het deelgebied zelf bestaat uit een oever aan de noordzijde en de woonboot aan de zuidzijde. De oever is in gebruik als tuin waarop onder meer een bijgebouw is gesitueerd. De woonboot beschikt over een drijvend terras aan de oostzijde. In afbeelding 2.1 is een luchtfoto van de huidige situatie opgenomen. Hierbij is het deelgebied met een blauwe omlijning aangegeven.
Afbeelding 2.1
Luchtfoto huidige situatie deelgebied Nigtevechtseweg nr. 108 (Bron: PDOK, bewerkt)
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
12
Bestemmingsplan “Verplaatsing woonboot Nigtevechtseweg 108-ws, Vreeland” Ontwerp
2.2
Ligplaatsenstrook Nes/oever ten oosten van Nigtevechtseweg nr. 120
Het deelgebied ligplaatsenstrook Nes/oever ten oosten van de Nigtevechtseweg nr. 120 ligt eveneens ten noorden van de kern Vreeland aan de Vecht. Hierbij ligt de toekomstige locatie voor de woonboot in de voormalige meander van de Vecht wat tot een plas is uitgegroeid. De functionele structuur van de omgeving bestaat onder meer uit woonboten, oeverpercelen, water, agrarische gronden en een bedrijfsperceel. Hierna wordt kort op de ruimtelijke structuur ingegaan. Ten noorden van het deelgebied ligt de plas De Nes met enkele groenstructuren in het water. Ten oosten van het deelgebied is het voormalige Boskalis terrein aanwezig dat op dit moment in verval is. Hierbij is de bedrijfsvoering beëindigd maar is de voormalige bedrijfsbebouwing nog steeds aanwezig. Ten zuiden van het deelgebied loopt van oostelijke naar westelijke richting de Nigtevechtseweg waaraan de oevers behorende bij de woonboten zijn gesitueerd met in het verlengde meerdere agrarische gronden. Deze gronden zijn in gebruik als grasland. Het deelgebied zelf bestaat in de huidige situatie uit een ligbotenstrook waarbinnen zeven woonboten, variërend qua omvang en grote zijn gesitueerd. Hierbij beschikt iedere woonboot over een bijbehorende oever wat in gebruik is als tuin waarop enkele bijgebouwen zijn gesitueerd. Tevens wordt de oever als parkeergelegenheid gebruikt.
Wat betreft de beoogde ligplaats voor initiatiefnemer is de oever op dit moment begroeid met beplanting. Het betreft zowel struiken als enkele solitaire bomen. In afbeelding 2.2 is een luchtfoto van de huidige situatie weergegeven. Hierbij is het deelgebied met een rode omlijning indicatief aangegeven.
Afbeelding 2.2 PDOK, bewerkt)
Luchtfoto huidige situatie deelgebied ligplaatsenstrook en oever ten oosten van de Nigtevechtseweg nr. 120 (Bron:
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
13
Bestemmingsplan “Verplaatsing woonboot Nigtevechtseweg 108-ws, Vreeland” Ontwerp
HOOFDSTUK 3
PLANBESCHRIJVING
In hoofdstuk 2 is een beschrijving van het plangebied gegeven. In dit hoofdstuk wordt op de ontwikkeling zelf ingegaan.
3.1
Gewenste situatie
Zoals in voorgaande hoofdstukken is beschreven voorziet het voornemen in een verplaatsing van de bestaande woonboot aan de Nigtevechtseweg nr. 108 naar de ligplaats ten oosten van de woonboot aan de Nigtevechtseweg nr. 120. Hierbij wordt de huidige ligplaats wegbestemd naast dat de bestaande bebouwing wordt verwijderd. Tevens wordt de bestemming ‘Tuin’ gewijzigd in de bestemming ‘Water – de Vecht’. Hierna wordt nader op beide deelgebieden ingegaan. Nigtevechtseweg nr. 108 De bestaande bebouwing op de oever wordt verwijderd. Hierbij wordt eveneens de parkeervoorziening verwijderd waarbij de oever in nagenoeg de oorspronkelijke staat wordt opgeleverd. Wat betreft de ligplaats in het water zullen de meerpalen verwijderd worden. Ligplaats/oever ten oosten van de woonboot aan de Nigtevechtseweg nr. 120 Ter plaatse van de toekomstige ligplaats wordt een deel van de bestaande groenstructuren verwijderd om een inrit op de Nigtevechtseweg te kunnen realiseren. Tevens zullen enkele bomen/struiken verwijderd worden zodat ter plaatse twee parkeerplaatsen worden gerealiseerd om aan de parkeerbehoefte te kunnen voldoen. Daarnaast zal een bijgebouw op het perceel gerealiseerd worden. Wat betreft de waterkant zullen de volgende ontwikkelingen plaatsvinden; -
de bestaande woonboot worden aangemeerd inclusief drijvend terras. Hierbij vinden geen wijzigingen plaats wat betreft de huidige maatvoering. Het realiseren van twee stalen meerpalen wat ook ter plaatse van de Nigtevechtseweg nr. 108 het geval was; Het aanleg van een walaansluiting op het gemeentelijk riool. De bouw van een haakse steiger Verwarmingsvoorzieningen ten behoeve van de woonboot.
In afbeelding 3.1 is een erfinrichtingsschets zichtbaar. Tot slot dient hierbij te worden opgemerkt dat de voorgenomen verplaatsing waarbij de ligplaats aan de Nigtevechtseweg nr. 108 wordt opgeheven invulling geeft aan het convenant Restauratieplan Vecht. Dit Restauratieplan is gericht op een fundamentele verbetering van het ecologisch functioneren van de Vecht. Hierbij wordt de huidige ligplaats als knelpunt-indicatie bestempeld. Door de woonboot te verplaatsen wordt een knelpunt-indicatie opgeheven. In subparagraaf 4.2.4 wordt hier nader op ingegaan.
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
14
Bestemmingsplan “Verplaatsing woonboot Nigtevechtseweg 108-ws, Vreeland” Ontwerp
Afbeelding 3.1
Schets inrichting perceel ten oosten van de Nigtevechtseweg nr. 120 (Bron: Habitat Advocaten)
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
15
Bestemmingsplan “Verplaatsing woonboot Nigtevechtseweg 108-ws, Vreeland” Ontwerp
3.2
Verkeer en parkeren
Bij het opstellen van bestemmingsplannen moet rekening worden gehouden met de parkeerbehoefte en de verkeersgeneratie die ontstaat door een nieuwe ontwikkeling. In het kader van verkeer en parkeren wordt opgemerkt dat het gaat om een bestaande woonboot die circa 400 meter hemelsbreed wordt verplaatst, eveneens aan de Nigtevechtseweg. Aangezien het enkel om een verplaatsing betreft zonder uitbreiding blijft de huidige parkeerbehoefte en verkeersgeneratie ongewijzigd. In voorliggende situatie zal zoals in de huidige situatie ter plaatse van het plangebied twee parkeergelegenheden worden gerealiseerd.
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
16
Bestemmingsplan “Verplaatsing woonboot Nigtevechtseweg 108-ws, Vreeland” Ontwerp
HOOFDSTUK 4
BELEIDSKADER
4.1
Rijksbeleid
4.1.1
Nationale Omgevingsvisie (NOVI)
4.1.1.1 Algemeen Nederland staat voor grote uitdagingen die van invloed zijn op onze fysieke leefomgeving. Complexe opgaven zoals verstedelijking, verduurzaming en klimaatadaptatie zijn nauw met elkaar verweven. Dat vraagt een nieuwe, integrale manier van werken waarmee keuzes voor onze leefomgeving sneller en beter gemaakt kunnen worden. De Nationale Omgevingsvisie (NOVI) zorgt voor een gezamenlijke aanpak die leidt tot een duurzaam perspectief voor onze leefomgeving. Dit is nodig om onze doelen te halen en is een zaak van overheid en samenleving. 4.1.1.2 Vier prioriteiten Aan de hand van een toekomstperspectief op 2050 brengt de NOVI de langetermijnvisie in beeld. Op nationale belangen wil het Rijk sturen en richting geven. Dit komt samen in vier prioriteiten. 1.
Ruimte voor klimaatadaptatie en energietransitie Nederland moet zich aanpassen aan de gevolgen van klimaatverandering. In 2050 is Nederland klimaatbestendig en waterrobuust. Dit vraagt om maatregelen in de leefomgeving, waarmee tegelijkertijd de leefomgevingskwaliteit verbeterd kan worden en kansen voor natuur geboden kunnen worden. In 2050 heeft Nederland daarnaast een duurzame energievoorziening. Dit vraagt echter om ruimte. Door deze ruimte zoveel mogelijk te clusteren, wordt versnippering van het landschap voorkomen en wordt de ruimte zo efficiënt mogelijk benut. Het Rijk zet zich in door het maken van ruimtelijke reserveringen voor het hoofdenergiesysteem op nationale schaal.
2.
Duurzaam economisch groeipotentieel Nederland werkt toe naar een duurzame, circulaire, kennisintensieve en internationaal concurrerende economie in 2050. Daarmee kan ons land zijn positie handhaven in de top vijf van meest concurrerende landen ter wereld. Er wordt ingezet op een innovatief en sterk vestigingsklimaat met een goede quality of life. Belangrijk is wel dat onze economie toekomstbestendig wordt, oftewel concurrerend, duurzaam en circulair.
3.
Sterke en gezonde steden en regio’s Er zijn vooral in steden en stedelijke regio’s nieuwe locaties nodig voor wonen en werken. Het liefst binnen de bestaande stadsgrenzen, zodat de open ruimten tussen stedelijke regio’s behouden blijven. Dit vraagt optimale afstemming op en investeringen in mobiliteit. Dit betekent dat voorafgaand aan de keuze van nieuwe verstedelijkingslocaties helder moet zijn welke randvoorwaarden de leefomgevingskwaliteit en -veiligheid daar stelt en welke extra maatregelen nodig zijn wanneer er voor deze locaties wordt gekozen. Zo blijft de gezondheid in steden en regio’s geborgd.
4.
Toekomstbestendige ontwikkeling van het landelijk gebied Er ontstaat een nieuw perspectief voor de Nederlandse landbouwsector als koploper in de duurzame kringlooplandbouw. Een goed verdienpotentieel voor de bedrijven wordt gecombineerd met een minimaal effect op de omgevingskwaliteit van lucht, bodem en water. In alle gevallen zetten we in op ontwikkeling van de karakteristieke eigenschappen van het Nederlandse landschap. Dit vertegenwoordigt een belangrijke cultuurhistorische waarde. Verrommeling en versnippering, bijvoorbeeld door wildgroei van distributiecentra, is ongewenst en wordt tegengegaan.
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
17
Bestemmingsplan “Verplaatsing woonboot Nigtevechtseweg 108-ws, Vreeland” Ontwerp 4.1.1.3 Afwegingsprincipes De druk op de fysieke leefomgeving in Nederland is zo groot, dat belangen soms botsen. Het streven is combinaties te maken en win-win situaties te creëren, maar dit is niet altijd mogelijk. Soms zijn er scherpe keuzes nodig en moeten belangen worden afgewogen. Hiertoe gebruikt de NOVI drie afwegingsprincipes: 1.
2.
3.
Combinatie van functies gaan voor enkelvoudige functies. In het verleden is scheiding van functies vaak te rigide gehanteerd. Met de NOVI wordt gezocht naar maximale combinatiemogelijkheden tussen functies, gericht op een efficiënt en zorgvuldig gebruik van onze ruimte; Kenmerken en identiteit van een gebied staan centraal. Het verschilt tussen gebieden wat de optimale balans is tussen bescherming en ontwikkeling en tussen concurrentiekracht en leefbaarheid. Sommige opgaven en belangen wegen in het ene gebied zwaarder dan in het andere; Afwentelen wordt voorkomen. Het is van belang dat de leefomgeving zoveel mogelijk voorziet in mogelijkheden en behoeften van de huidige generatie inwoners, zonder dat dit ten koste gaat van die van toekomstige generaties.
4.1.1.4 Ladder voor duurzame verstedelijking In de SVIR, de voorloper van NOVI, is de ladder voor duurzame verstedelijking geïntroduceerd. Deze ladder is per 1 oktober 2012 als motiveringseis in het Besluit ruimtelijke ordening (artikel 3.1.6, lid 2) opgenomen. Op 1 juli 2017 is de Ladder in het Besluit ruimtelijke ordening gewijzigd. Aanleiding voor de wijziging waren de in de praktijk gesignaleerde knelpunten bij de uitvoering van de Ladder en de wens om te komen tot een vereenvoudigd en geoptimaliseerd instrument. Doel van de ladder voor duurzame verstedelijking is een goede ruimtelijke ordening door een optimale benutting van de ruimte in stedelijke gebieden. Hierbij geldt een motiveringsvereiste voor het bevoegd gezag als nieuwe stedelijke ontwikkelingen planologisch mogelijk worden gemaakt. Teneinde een ontwikkeling adequaat te kunnen toetsen aan de ladder is het noodzakelijk inzicht te geven in de begrippen ‘bestaand stedelijk gebied’ en ‘stedelijke ontwikkeling’. In de Bro zijn in artikel 1.1.1 definities opgenomen voor: bestaand stedelijk gebied: ‘bestaand stedenbouwkundig samenstel van bebouwing ten behoeve van wonen, dienstverlening, bedrijvigheid, detailhandel of horeca, alsmede de daarbij behorende openbare of sociaal culturele voorzieningen, stedelijk groen en infrastructuur’.
stedelijke ontwikkeling: ´ruimtelijke ontwikkeling van een bedrijventerrein of zeehaventerrein, of van kantoren, detailhandel, woningbouwlocaties of andere stedelijke voorzieningen’. 4.1.2
Toetsing van het initiatief aan de uitgangspunten in het Rijksbeleid
De Nationale Omgevingsvisie (NOVI) laat zich niet specifiek uit over een lokale ontwikkeling, zoals de ontwikkeling in voorliggend bestemmingsplan. De voorgenomen ontwikkeling raakt geen Rijksbelangen als opgenomen in de Nationale Omgevingsvisie. Wat betreft de ‘Ladder voor duurzame verstedelijking’ wordt opgemerkt dat deze van toepassing is bij ‘nieuwe stedelijke ontwikkelingen’ (3.1.6 Bro). Er zijn inmiddels meerdere gerechtelijke uitspraken geweest over deze begripsdefinitie. Uit Afdelingsjurisprudentie blijkt dat de vraag wanneer sprake is van een nieuwe stedelijke ontwikkeling in grote mate casuïstisch wordt beantwoord. Zo heeft de Afdeling uitgemaakt dat de bouw van 11 woningen niet als stedelijke ontwikkeling wordt gezien. De raad is van oordeel dat gelet op het aantal woningen dat het plan mogelijk maakt, het plan niet voorziet in een woningbouwlocatie of andere stedelijke ontwikkeling als bedoeld in artikel 1.1.1 eerste lid, aanhef en onder i van het Bro. Artikel 3.1.6, tweede lid, van het Bro is dan ook niet van toepassing (ABRvS 16 september 2015; ECLI:NL:RVS:2015:2921). In voorliggende situatie is er sprake van een verplaatsing van een bestaande woonboot naar een nieuwe ligplaats. Hierbij wordt de bestaande ligplaats wegbestemd en treedt een clustering van woonboten op. Hiervoor is ter plaatse van de Nes ruimschoots ruimte beschikbaar.
Gelet op de kleinschalige aard en omvang
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
18
Bestemmingsplan “Verplaatsing woonboot Nigtevechtseweg 108-ws, Vreeland” Ontwerp en in vergelijking met de hiervoor aangehaalde jurisprudentie is er geen sprake van een nieuwe stedelijke ontwikkeling. Nadere toetsing aan de Ladder voor duurzame verstedelijking is niet noodzakelijk. 4.1.3
Conclusie toetsing aan het Rijksbeleid
Geconcludeerd wordt dat de in dit bestemmingsplan besloten ontwikkeling in overeenstemming is met het Rijksbeleid.
4.2
Provinciaal beleid
4.2.1
Omgevingsvisie Provincie Utrecht
4.2.1.1
Algemeen
Op 10 maart 2021 hebben Provinciale Staten de nieuwe Omgevingsvisie Provincie Utrecht vastgesteld. De Omgevingsvisie vervangt de Provinciale Ruimtelijke Structuurvisie, het Mobiliteitsplan en het Afwegingskader Uitbreidingslocaties voor wonen. De ‘Omgevingsvisie provincie Utrecht’ is op 1 april 2021 in werking getreden. In de Omgevingsvisie beschrijft de provincie hoe zij zich wil voorbereiden op de toekomst, gezien alle ontwikkelingen die op de provincie afkomen en ruimte vragen. Denk daarbij aan de groeiende behoefte aan woningen en bereikbaarheid, de aantrekkende economie, de energietransitie, de klimaatadaptatie en het tegengaan van bodemdaling. Slimme combinaties van functies en maatwerk per gebied zijn nodig om het mooie diverse landschap te behouden en versterken. De Omgevingsvisie laat zien hoe de provincie het fijne woon- en leefklimaat van de provincie Utrecht wil behouden en versterken. De Omgevingsvisie gaat over de hele provincie en is alleen bindend voor de provincie zelf. 4.2.1.2
Zeven thema’s
Met zeven beleidsthema’s geeft de provincie richting aan de ontwikkeling en de bescherming van een gezonde en veilige leefomgeving. De provincie streeft ernaar in 2050 een inclusieve en circulaire provincie te zijn: • • • • • • •
waarin Stad en land gezond zijn; die Klimaatbestendig en waterrobuust is; waarin Duurzame energie een plek heeft; met Vitale steden en dorpen; die Duurzaam, gezond en veilig bereikbaar is; met een Levend landschap, erfgoed en cultuur; die een Toekomstbestendige natuur en landbouw heeft.
Deze zeven thema’s vragen om een brede blik. Ze staan niet op zichzelf, maar kennen samenhang en relaties in boven- en ondergrond. Deze worden bezien vanuit het algemene belang, de integrale aanpak en de lange termijn. De zeven thema’s zorgen gezamenlijk voor integrale, toekomstgerichte oplossingen voor de opgaven waarmee de Utrechtse kwaliteiten per saldo worden behouden of versterkt. Dit wordt bereikt door nieuwe ontwikkelingen te combineren en te concentreren, zorgvuldig om te gaan met de schaarse ruimte en kwaliteiten en door ontwerp en innovatie te stimuleren. In het kader van voorliggend plan zijn op basis van de bij de omgevingsvisie behorende interactieve kaart met name de thema’s ‘Stad en land gezond’, ‘Duurzame energie’, ‘Vitale steden en dorpen’ en ‘Toekomstbestendige natuur en landbouw’ van belang. Hierna wordt in verband met de aard (verplaatsing) en omvang van de ontwikkeling nader ingegaan op het thema ‘Stad en land gezond’.
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
19
Bestemmingsplan “Verplaatsing woonboot Nigtevechtseweg 108-ws, Vreeland” Ontwerp 4.2.1.3
Stad en land gezond
Utrechtse kwaliteit en opgave De leefomgeving van de provincie Utrecht biedt veel kansen voor gezond leven. Onze steden en dorpen worden omringd door groene landschappen. Een schone en rustige omgeving is vaak nabij. Wij hebben een samenhangend hoofdroutenetwerk voor wandelen, fietsen en varen. Dit netwerk verbindt onze woon-, werken leefgebieden met het ruime vrijetijdsaanbod, aantrekkelijke recreatiegebieden, landschappen en natuurgebieden. Onze provincie heeft per saldo de schoonste economie van Nederland door het dienstverlenende karakter met relatief weinig vervuilende bedrijven. We gebruiken onze leefomgeving echter steeds intensiever. Dit leidt tot afname van de bodem-, water- en milieukwaliteit. De veerkracht van ons bodem- en watersysteem staat onder druk. Er is een toenemende vraag naar drinkwater. Tegelijkertijd neemt de verontreiniging van het drink- en oppervlaktewater door medicijnresten, hormonen en microplastics toe. De afname van fijnstof in de lucht die de afgelopen jaren is opgetreden, vlakt af. Stikstofoxiden in de atmosfeer leiden tot de vorming van fijnstof en smog. Dit leidt onder andere tot verschraling van natuurgebieden en afname van biodiversiteit. Zonder extra inspanningen nemen geluid- en lichthinder verder toe. Mensen ervaren, door de toename van inwoners en bezoekers, steeds vaker een gevoel van drukte.
Keuze In onze woon-, werk- en leefgebieden bevorderen we de gezondheid. Wij zetten in op verbetering van de luchtkwaliteit, vermindering van hinder door geluid, geur en licht en geen toename van externe veiligheidsrisico’s. Zo leidt de omslag naar het benutten van duurzame energiebronnen in het algemeen tot schonere lucht en hebben we aandacht voor de mogelijke effecten op geluidhinder en de mogelijke risico’s van deze energiebronnen. Ook maken we ons sterk voor genoeg groene, rustige gebieden in en in de nabijheid van stad en dorp om te ontspannen. Dit is voor nu en de toekomst belangrijk. De verwachte groei van mensen en activiteiten in onze provincie zorgt immers voor intensiever ruimtegebruik. Eveneens stimuleren we dat onze woon-, werk- en leefgebieden zo worden ingericht dat deze uitnodigen tot wandelen en fietsen en daarmee tot gezond gedrag. Stimuleren tot bewegen helpt ook bij het verminderen van de CO2-uitstoot van mobiliteit. We zetten in op de ontwikkeling van een groenblauwe en recreatieve structuur die robuust is langs bestaande doorgaande waterlopen Amstel, Angstel, Vecht, Grote Heijcop/ Bijleveld/ Geer, Oude Rijn/ Leidsche Rijn, Singel Utrecht, Kromme Rijn, Hollandsche IJssel, Inundatiekanaal Lunetten/ Laagraven, AmsterdamRijnkanaal, Merwedekanaal, Nederrijn-Lek, Diefdijk, Linge, Zouweboezem, Eem/ Grift, Valleikanaal, Laak en de beken rond Amersfoort.
En wij bieden voldoende gelegenheid om te zwemmen. We versterken stad/land verbindingen en investeren in groen in en om bebouwd gebied, recreatieve verbindingen, recreatiezones en terreinen. Belangrijke gebieden hiervoor zijn Haarzuilens, Oud Zuilen, Noorderpark, Amelisweerd, Laagraven, Park Oudegein en het gebied van de Hollandse IJssel. Rond Amersfoort en Veenendaal zullen een aantal gebiedseigen groene gebieden worden ontwikkeld. Ook de groene scheggen uit het Ontwikkelperspectief Utrecht Nabij zorgen voor betere verbinding tussen stad en land. In de groene scheggen groeien groen en landschap mee met de verstedelijking naar een meer robuuste structuur die tot diep in het stedelijk kerngebied beleefbaar is. De rivieren en waterwegen zijn de belangrijkste natuurlijke ruimtelijke dragers. Het programma Groen Groeit Mee ondersteunt dat stad en land optimaal met elkaar worden verbonden en recreatieve landschappen bereikbaar en toegankelijk worden gemaakt . 4.2.1.4 Toetsing van het initiatief aan de Omgevingsvisie provincie Utrecht Voorliggende ontwikkeling gaat uit van een verplaatsing van een woonboot waarbij per saldo geen woning wordt toegevoegd. Door de verplaatsing wordt een knelpunt indicatie ter plaatse van de Vecht wegbestemd naast dat de voormalige locatie in de oorspronkelijke staat wordt hersteld.
Tevens treedt door de verplaatsing een clustering op wat betreft de ligging van woonligschepen, in de luwte van de Nes wat de doorstroming van de Vecht, een blauwe recreatieve verbinding bevordert. Tot slot treedt dan ook geen schade op Geconcludeerd wordt dat het plan in overeenstemming is met de Omgevingsvisie provincie Utrecht.
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
20
Bestemmingsplan “Verplaatsing woonboot Nigtevechtseweg 108-ws, Vreeland” Ontwerp 4.2.2
Interim omgevingsverordening Provincie Utrecht
4.2.2.1 Algemeen Op 10 maart 2021 heeft Provinciale Staten de Interim Omgevingsverordening vastgesteld. Deze is op 1 april 2021 in werking getreden. De interim omgevingsverordening is een tijdelijke verordening die een looptijd zal hebben totdat de Omgevingswet van kracht is en de omgevingsverordening in werking treedt. De interim omgevingsverordening vervangt bestaande verordeningen zoals de ruimtelijke verordening, de milieuverordening, de natuur en landschapsverordening. De interim omgevingsverordening is gebaseerd op een aantal wetten en AMvB’s, en bevat instructieregels over taken en bevoegdheden van gemeenten en waterschappen. Daarnaast bevat de interim omgevingsverordening direct werkende regels. Dit zijn regels die rechtstreeks gelden voor bedrijven, burgers en andere initiatiefnemers bij het uitvoeren van een activiteit. Andere voorbeelden van direct werkende regels zijn de meld- en informatieplichten en de specifieke zorgplichten. Regels over bijvoorbeeld een vergunningplicht gelden ook voor bedrijven, burgers en andere initiatiefnemers. In relatie tot voorliggend plan is met name het thema ‘Wonen, werken, recreëren’ relevant. Hier wordt hierna nader op ingegaan.
4.2.2.2 Thema ‘Wonen, werken, recreëren’ Er gelden specifieke regels voor woonontwikkelingen in landelijk en stedelijk gebied. In het kader van dit plan zijn de regels behorend bij het thema ‘Bestaande en stedelijke functies in landelijk gebied’ en met name artikel 9.4; Instructieregel woningen, woonschepen en woonarken in landelijk gebied’ relevant. Hieronder is in afbeelding 4.1 de bijbehorende themakaart weergegeven in relatie tot het plangebied. Het plangebied is indicatief weergegeven met een rode omcirkeling.
Afbeelding 4.1
Themakaart ‘Wonen, werken, recreëren’ in Landelijk gebied (Bron: Interim Omgevingsverordening Provincie Utrecht)
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
21
Bestemmingsplan “Verplaatsing woonboot Nigtevechtseweg 108-ws, Vreeland” Ontwerp Artikel 9.4 ‘Instructieregel woningen, woonschepen en woonarken in landelijk gebied’ 1.
2.
3.
Een bestemmingsplan dat betrekking heeft op locaties binnen landelijk gebied bevat geen bestemmingen en regels die toestaan dat een woning, woonschip of woonark landschappelijk niet goed inpasbaar is. Een bestemmingsplan dat betrekking heeft op locaties binnen landelijk gebied kan bestemmingen en regels bevatten die: a. De uitbreiding van bestaande woningen mogelijk maken onder de voorwaarde dat de regels voorzien in een maximale inhoudsmaat, zodanig dat de woning landschappelijk goed inpasbaar is; b. Voorzien in de vergroting van ligplaatsen van woonschepen of woonarken of in de vergroting van de maatvoering van woonschepen of woonarken onder de voorwaarde dat de regels voorzien in een maximale oppervlakte van de ligplaats en een maximale maatvoering van het woonschip of de woonark, zodanig dat het woonschip of de woonark landschappelijk goed inpasbaar is, of c.
Nieuwe vervangende ligplaatsen voor woonschepen of woonarken toestaan, mits is voldaan aan de volgende voorwaarden; - het gaat om woonschepen en woonarken die afkomstig zijn uit zeer kwetsbare gebieden en de nieuwe locatie is uit ruimtelijk oogpunt aanmerkelijk minder bezwaarlijk, of de vervangende ligplaats is uitsluitend bestemd voor woonschepen of woonarken met een historische waarde; en - de maatvoering van woonschepen of woonarken en ligplaats is zodanig, dat het woonschip of de woonark landschappelijk goed inpasbaar is. De motivering van een bestemmingsplan bevat een onderbouwing waaruit blijkt dat aan de genoemde voorwaarden is voldaan. Een beeldkwaliteitsparagraaf maakt deel uit van de onderbouwing, indien het nieuwe besluit substantieel grotere maten mogelijk maakt ten opzichte van het vigerende besluit.
Daarnaast zijn in het kader van de voorgenomen ontwikkeling artikel 6.2 (bescherming natuurnetwerk Nederland), artikel 7.2 (Instandhouding en versterking Unesco Werelderfgoed Hollandse Waterlinies) en artikel 7.8 (uitzondering verstedelijkingsverbod landelijk gebied voor historische buitenplaatszone en militair erfgoed) van belang. Hierna wordt op bovenstaande drie artikelen ingegaan waarbij in 4.2.2.3 een gezamenlijke toetsing plaatsvindt. Artikel 6.2 1.
2.
Bescherming natuurnetwerk Nederland
Een bestemmingsplan dat betrekking heeft op locaties binnen het natuurnetwerk Nederland bevat bestemmingen en regels die strekken tot bescherming, instandhouding, verbetering en ontwikkeling van de kwaliteit, de wezenlijke kenmerken en waarden en samenhang van het natuurnetwerk Nederland. De motivering van een bestemmingsplan bevat een onderbouwing waaruit blijkt dat aan de voorwaarden is voldaan.
Artikel 7.2 1.
Instandhouding en versterking Unesco Werelderfgoed Hollandse Waterlinies)
Een bestemmingsplan dat betrekking heeft op locaties in het (Voorlopige Lijst) UNESCO Werelderfgoed Hollandse Waterlinies: a. b.
neemt de uitzonderlijke universele waarde van de Hollandse Waterlinies in acht en bevat bestemmingen en regels ter instandhouding en versterking daarvan; en bevat geen bestemmingen en regels die activiteiten toestaan die die waarde aantasten.
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
22
Bestemmingsplan “Verplaatsing woonboot Nigtevechtseweg 108-ws, Vreeland” Ontwerp 2.
3.
Als uitzonderlijke universele waarde van de Hollandse Waterlinies gelden de kernkwaliteiten, bedoeld in de bijlage 14 Cultuurhistorie bij deze verordening en de Gebiedsanalyses Kernkwaliteiten Hollandse Waterlinies. Ontheffing van het eerste lid kan alleen worden verleend als: a. b. c. d.
4.
er sprake is van dwingende redenen van groot openbaar belang; reële alternatieven die de Hollandse Waterlinies niet of minder aantasten ontbreken; de aantasting zoveel mogelijk wordt beperkt; en er op of nabij de locatie waarvoor ontheffing wordt gevraagd voldoende compenserende maatregelen worden genomen, in de vorm van versterking van de (resterende) uitzonderlijke universele waarde van de Hollandse Waterlinies. De motivering van een bestemmingsplan bevat: a. b.
Artikel 7.8:
1.
een beschrijving van de in het plangebied aanwezige uitzonderlijke universele waarde van de Hollandse Waterlinies, en een beschrijving en motivering van de wijze waarop die waarde in acht is genomen.
Uitzondering verstedelijkingsverbod landelijk gebied voor historische buitenplaatszone en militair erfgoed
In afwijking van Artikel 9.2 Verstedelijksverbod landelijk gebied kan een bestemmingsplan verstedelijking toestaan in de Historische buitenplaatszone en het Militair erfgoed, onder voorwaarde dat de verstedelijking: a. b.
2.
kleinschalig is; gericht is op het creëren van economische kostendragers ten behoeve van het behoud, herstel of de versterking, of een combinatie hiervan, van de cultuurhistorische waarde van de Historische buitenplaatszone dan wel het Militair erfgoed; en c. zorgvuldig wordt ingepast in de omgeving. Een motivering van een bestemmingsplan bevat een onderbouwing waaruit blijkt dat aan de genoemde voorwaarden is voldaan.
4.2.2.3 Toetsing aan de Interim omgevingsverordening De in dit bestemmingsplan besloten ontwikkeling betreft een kleinschalige ontwikkeling waarbij sprake is van een verplaatsing van een bestaande woonboot. Hierbij wordt een bestaande ligplek opgeheven en wordt de woonboot verplaatst naar een locatie waarbij de gronden reeds voor woonboten zijn bestemd. Echter vindt een overschrijding plaats van het aantal woonboten die daar mogen liggen. Door de verplaatsing van de woonboot wordt een ligplaats met een knelpunt-indicatie opgeheven waar in paragraaf 4.2.4 nader op wordt ingegaan. De gewenste locatie is een passend alternatief aangezien de toevoeging van een woonboot weinig invloed heeft op het aanzicht, aangezien reeds woonboten aanwezig zijn. Daarnaast wordt de oever in beperkte mate bewerkt ten behoeve van een tuin waarbij een bijgebouw wordt gerealiseerd. Vanaf de Nigtevechtseweg is enkel de ontsluiting zichtbaar aangezien de afscherming van groen nagenoeg behouden blijft. Tot slot wordt de huidige locatie in oorspronkelijke staat teruggebracht. In de regels van het veegplan worden artikelen opgenomen waarbij de ligging binnen NNN gebied, waterkering en cultuurhistorische waarden worden beschermd. Geconcludeerd wordt dat de voorgenomen ontwikkeling geen belemmering oplevert wat betreft de Provinciale interim omgevingsverordening.
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
23
Bestemmingsplan “Verplaatsing woonboot Nigtevechtseweg 108-ws, Vreeland” Ontwerp 4.2.3
Verordening Natuur en Landschap Provincie Utrecht 2017
4.2.3.1 Algemeen Op 1 januari 2017 is de Wet natuurbescherming in werking getreden. In deze wet zijn drie oude wetten, te weten de Flora- en faunawet, de Natuurbeschermingswet 1998 en de Boswet geïntegreerd. Deze wet vormt tevens een implementatie van de afspraken uit het Bestuursakkoord natuur. De provincie krijgt met deze wet in belangrijke mate de regie over het natuurbeleid. Verschillende taken en verantwoordelijkheden gaan hiermee over van het Rijk naar de provincie. Op grond hiervan is het noodzakelijk om, bij verordening, voor verschillende onderwerpen nadere regels te stellen. Deels verplicht de wet om deze regels te stellen. Bijvoorbeeld betreffende faunabeheereenheden en faunabeheerplannen, deels zijn nadere regels wenselijk om op een efficiënte manier de uit de wet voortvloeiende taken en verantwoordelijkheden uit te kunnen voeren. De onderhavige regeling voorziet hierin. De wet regelt niet alleen de bescherming van soorten en gebieden maar biedt ook een handvat om regels te stellen met betrekking tot de bescherming van landschappen. In Utrecht was hiervoor in het najaar van 2016 de Landschapsverordening provincie Utrecht 2016 vastgesteld. Deze verordening ziet mede op de bescherming van natuurwaarden buiten stedelijk gebied.
4.2.3.2 Toetsing aan de Verordening Natuur en Landschap Provincie Utrecht Bij de voorgenomen ontwikkeling wordt de oude ligplaats wegbestemd en wordt een bestaande woonboot verplaatst naar een locatie waar reeds woonboten zijn toegestaan. Echter zal ter plaatse van de beoogde locatie een extra woonboot middels een bestemmingsplanwijziging mogelijk worden gemaakt. Dit aangezien in de huidige situatie zeven woonboten ter plaatse mogelijk zijn. Per saldo zal door de verplaatsing het aantal woonboten aan de Vecht ongewijzigd blijven. Echter, op basis van het Restauratieplan Vecht wordt door de verplaatsing van de woonboot een knelpunt indicatie aan de Vecht opgeheven. Op het verwijderen van enkele bomen en planten na vinden er geen ingrijpende werkzaamheden plaats die in strijd zijn met de Verordening Natuur en Landschap. Geconcludeerd wordt dat de ontwikkeling in overeenstemming is met de regels uit de Verordening Natuur en Landschap Provincie Utrecht 2017. 4.2.4
Restauratieplan Vecht 1996-2015
4.2.4.1 Algemeen In 1988 werd bestuurlijk het startschot gegeven voor het project Restauratieplan Vecht (RPV), gericht op een fundamentele verbetering van het ecologisch functioneren van de Vecht, met inachtneming van aan de Vecht toegekende functies en geldende belangen. Het ging toen primair om de verbetering van het kwantitatief en kwalitatief waterbeheer, waaronder aandacht voor het oevergebruik en de situatie met betrekking tot woonboten. Onderdeel van dit project was ook de doelstelling van het in kaart brengen van de knelpunten inzake ligplaatsen van woonboten en met als langetermijndoel om het aantal woonboten in de Vecht te verminderen, als onderdeel van het pakket ‘oevers en ecologie’. 4.2.4.2 Situatie plangebied Door Arcadis is een knelpunteninventarisatie opgesteld. In het gebied tussen Weesp tot Breukelen kregen 16 woonarken via een puntensysteem een knelpunt-indicatie, waaronder onderliggende woonboot. Hieruit volgt dat er bezwaren zijn op basis van landschappelijke, natuurwetenschappelijke en cultuurhistorische waarden. In afbeelding 4.2 is een uitsnede van het restauratieplan zichtbaar. Hierbij is zowel de huidige ligplaats (gele strook) als de beoogde ligplaats (rode strook) met een rode cirkel omgeven.
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
24
Bestemmingsplan “Verplaatsing woonboot Nigtevechtseweg 108-ws, Vreeland” Ontwerp
Afbeelding 4.2
Restauratiekaart (Bron: Provincie Utrecht)
4.2.4.3 Toetsing aan het restauratieplan Vecht Bij de voorgenomen verplaatsing wordt een woonboot, aangeduid met een knelpunt-indicatie naar een bestaande voorkeurslocatie voor woonboot verplaatst. Hierbij wordt één van de nog overgebleven woonboten met een knelpunt-indicatie opgeheven waardoor een verbetering plaatsvindt conform het restauratieplan. Geconcludeerd wordt dat de voorgenomen ontwikkeling in overeenstemming is met het restauratieplan Vecht.
4.3
Gemeentelijk beleid
4.3.1
Toekomstvisie Stichtse Vecht 2013-2040 – Focus op morgen
4.3.1.1 Algemeen De gemeenteraad Stichtse Vecht heeft op 29 januari 2013 de toekomstvisie ‘Focus op morgen’ vastgesteld. De toekomstvisie bevat vier hoofddelen: de kernkwaliteiten laten de sterke kanten van dit gebied zien. De trends en ontwikkelingen geven aan waar Stichtse Vecht in de toekomst mee te maken krijgt. De opgaven en kansen voor de toekomst zijn uitgesplitst naar mensen, gebied, economische vitaliteit en bestuurlijke opgaven. Ze laten de strategische vraagstukken, kansen en ontwikkelingen zien en wat de visie is. Het laatste onderdeel van de visie schetst het vervolg: de overdracht aan het college en de nog te ontwikkelen deelvisies. In voorliggend geval is met name het onderdeel opgaven en kansen ten aanzien van het thema ‘Gebied’ van belang. Hierna wordt op de desbetreffende thema nader ingegaan.
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
25
Bestemmingsplan “Verplaatsing woonboot Nigtevechtseweg 108-ws, Vreeland” Ontwerp 4.3.1.2 Gebied Het landschap, ontstaan vanuit de middeleeuwse ontginning (turfstekers), heeft de basis gelegd voor het huidige gebruik. Behoud van het landschap met haar eeuwenoude buitenplaatsen en ontginningsstelsel geeft de leefomgeving identiteit en toekomstwaarde. Het behoud van het landschap ziet de gemeente als een cruciale opgave voor de toekomst. Voor het dragen van de kosten van landschapsontwikkeling zal naar nieuwe vormen van financiering moeten worden gezocht. Stichtse Vecht ligt tussen Utrecht en Amsterdam in en fungeert als een rustpunt. Zowel recreatief als op woongebied. Op economisch en cultureel gebied kan de gemeente Stichtse Vecht niet concurreren met deze steden en dit moet de gemeente ook niet willen. De komende jaren gaat de vergrijzing hard en als de gemeente niets doet loopt het aantal inwoners terug. Omdat dit direct gevolgen heeft voor de vitaliteit van de kernen, de kwaliteit en betaalbaarheid van maatschappelijke voorzieningen, is beperkte bouw noodzakelijk. Niet als doel op zich maar als een logische ontwikkeling. Het landschap blijft open en groen. Het gebied in de gemeente Stichtse Vecht is en blijft een open gebied met kleinschalige woonkernen.
Dat betekent dat de gemeente Stichtse Vecht voor de toekomst dat geen grote, nieuwe en op zichzelf staande uitbreidingslocaties wil hebben. Wel zal de gemeente beperkt bouwen toelaten, waarbij het buitengebied zoveel mogelijk wordt ontzien. Om het inwoneraantal stabiel te houden is -gelet op de demografische ontwikkelingen- extra woningbouw noodzakelijk. De voorkeur gaat uit naar een verdere verdichting van het binnenstedelijk gebied. Daar, maar ook in de kleinere kernen, wordt gedacht aan inbreiding- en verdichtingslocaties en creatief omgaan met mogelijkheden en kansen. Zoals herbestemming van bedrijfspanden voor starterswoningen of het uitplaatsen van bedrijven om ruimte te maken voor (levensloopbestendige) woningen. Dat dit soms maatschappelijke onrust met zich meebrengt is de keerzijde. Het ontwikkelen van de open plekken in het binnenstedelijk gebied (in de ‘voor- en achtertuin’ van de inwoners) vraagt moed en zorgvuldigheid. 4.3.1.3 Toetsing van het initiatief aan de toekomstvisie ‘Focus op morgen’ De voorgenomen ontwikkeling voorziet niet in een toevoeging van een woning. Daarnaast resulteert de voorgenomen verplaatsing in een clustering van de woonboten langs de Vecht. Dit aangezien door de verplaatsing van een woonboot een solitaire woonbootlocatie wordt wegbestemd.
Geconcludeerd wordt dat de voorgenomen ontwikkeling geen belemmering voorziet en daardoor past binnen de kaders van de toekomstvisie ‘Focus op morgen’. 4.3.2
Ligplaatsenvisie Stichtse Vecht: Goed geregeld, blijvend genieten.
4.3.2.1 Algemeen De Vecht vormt een uniek cultuurhistorisch en natuurlijk Lint. Daarvan willen veel mensen genieten op en aan het Water. Dat past bij de ambities van de gemeente Stichtse Vecht die graag haar kwaliteiten wil delen met bewoners en bezoekers. Maar om dat te kunnen blijven doen is een eenduidig beleid noodzakelijk, dat mogelijkheden creëert waar dat kan en wildgroei voorkomt waar dat moet. Er komen daarmee niet meer ligplaatsen en boten, het wordt vooral beter. Het college van burgemeester en wethouders heeft daarom op 22 februari 2016 de concept ligplaatsenvisie vastgesteld. Het ligplaatsenbeleid heeft een aantal doelstellingen: a.