Technische raadsvragen en beantwoording Jaarstukken 2021.pdf
Tekst van het document
Technische raadsvragen Jaarstukken 2021
Leeswijzer Voor u liggen de antwoorden op de technische raadsvragen die, in het kader van de Jaarstukken 2021, door de fracties van D66, Streekbelangen, GroenLinks, PvdA, CDA, Samen Stichtse Vecht en de SP zijn gesteld. In dit document treft u per onderdeel van de jaarstukken, de vragen per fractie en de antwoorden hierop aan. De fracties van Lokaal Liberaal, VVD, CU/SGP, PVV en Het Vechtse Verbond hebben geen gebruik gemaakt van de mogelijkheid tot het stellen van technische vragen over de Jaarstukken 2021.
-2-
Loonsom, Formatie en Inhuur Er zijn door meerdere fracties bij verschillende onderdelen uit de jaarstukken vragen gesteld over de loonsom en (externe) inhuur. Onderstaand beantwoorden wij de rode draad uit deze vragen. Bij de betreffende vragen wordt verwezen naar deze beantwoording. Enkele specifieke aspecten uit deze vragen zijn beantwoord bij de betreffende vraag. Alg. Div.
Loonsom en (externe) inhuur In 2021 speelden drie zaken die relevant zijn voor en invloed hebben gehad op de realisatie van de loonsom en (externe) inhuur ten opzichte van de begroting: • • •
Prioritering werkzaamheden (raadbesluit 12 mei 2021), rvs-Prioritering-werkzaamheden-2.pdf (stichtsevecht.nl); Plaatsingsproces directeuren en managers Continuïteit: vacatures en ziekteverzuim
In het raadsvoorstel Prioritering werkzaamheden is in de paragraaf financiële risico’s en indicatoren het volgende vermeld: • Verruiming personeelsbudget 2021 met maximaal 5% • Projectgeld ook inzetten voor personele lasten In de Bestuursrapportage 2021 (1-en-2-Bestuursrapportage-2021-Inc-aanpassingen-naar-aanleidingvan-technische-vragen.pdf (stichtsevecht.nl)) is hierover het volgende gemeld op pag. 11 en 12: Organisatiebrede loonsom De druk op de organisatie is onverminderd hoog. Dit heeft te maken met de hoeveelheid vacatures dat openstaat, het oplopende ziekteverzuim, maar ook met de relatief lage formatie van de ambtelijke organisatie. Om de werkdruk te verlagen wordt er aan de ene kant gekeken naar de herprioritering van taken en aan de andere kant wordt (tijdelijke) capaciteit geworven. In het raadsvoorstel ‘Prioritering werkzaamheden’ (VB/21/97150 – 11 mei 2021) hebben we reeds aangegeven dat we tot maximaal 5% extra op het personeelsbudget verwachten in te moeten zetten om onze dienstverlening aan inwoners en ondernemers op pijl te houden. Dit komt neer op een overschrijding van maximaal € 1,5 miljoen als gevolg van inhuur. We zien dat de arbeidsmarkt overspannen is en het daardoor lastig blijkt om mensen te werven. Ook zijn afgelopen periode door personeelsverloop extra vacatures ontstaan. Daarom stellen we de verwachte overschrijding naar € 600.000 bij.
Mede op advies van uw raad blijven we vol inzetten op het werven van vast personeel. Om dit te realiseren nemen we een extra recruiter aan. Waar dit niet mogelijk is zetten we in op inhuur. Daarnaast gaan we indien nodig personeelswervingsbureaus inschakelen om de vacatures gevuld te krijgen. Gedurende het jaar zal blijken of de verwachte overschrijding van € 600.000 hiermee gerealiseerd wordt, of dat het toch meer richting de € 1.500.000 uitvalt. In de Programmarekening 2021 zullen wij u hier nader over informeren.’
-3-
Analyses toegerekende personeelskosten, loonsom en inhuur op hoofdlijnen: Totaal analyse toegerekende personeelskosten / inhuur
Begroot
Loonsom organisatie (paragraaf bedrijfsvoering) Loonsom raad, B&W, griffie, Kikkerfort, SW-medewerkers Indirecte personeelslasten Inhuur - tlv loonsom organisatie - tlv inhuur budget - tlv coronarisicoreserve - tlv overige exploitatie budgetten
30.415.635 5.543.468 492.589
Totaal toegerekende personeelskosten Inhuur tlv investeringskredieten Totaal inhuur
37.812.003
Toegerekende personeelskosten per programma: - Bestuur - Veiligheid - Fysiek - Sociaal - Samenleving Totaal Analyse loonsom paragraaf bedrijfsvoering Loonsom organisatie Af: overige dekking (zie hieronder) Inhuur - tlv loonsom organisatie Totaal (inhuur tlv) loonsom
loonkosten
Realisatie inhuur
27.428.087 5.799.344 240.575 6.429.486 1.284.227 584.706 1.659.322
1.360.311
33.468.007
9.957.741 438.586 10.396.327
15.689.589 1.056.134 9.245.931 9.718.257 2.102.092 37.812.003 Begroot Salarissen Inhuur 30.415.635 27.428.087 -776.885 30.415.635
Overige dekking betreft: Inkomsten Eenmalig budget ten behoeve van oplossen urgente knelpunten in de ambtelijke organisatie (Addendum CWP pagina 2) in Begroting/jaarrekening op overige budgetten overig Totaal overige dekking tbv loonsom
26.651.202
Totaal
Verschil
27.428.087 5.799.344 240.575 6.429.486 1.284.227 584.706 1.659.322
2.987.548 -255.876 252.014 -6.429.486 76.084 -584.706 -1.659.322
43.425.748
-5.613.745
18.354.958 831.847 11.383.772 10.396.788 2.458.381 43.425.746
-2.665.369 224.287 -2.137.841 -678.531 -356.289 -5.613.743
Totaal Verschil 27.428.087 2.987.548 -776.885 776.885 6.429.486 6.429.486 -6.429.486 6.429.486 33.080.688 -2.665.053 -
382.562 375.000 19.323 776.885
De toegerekende personeelskosten bestaan uit: • Loonsom organisatie • Loonsom raad, B&W, griffie, Kikkerfort en SW-medewerkers • Indirecte personeelskosten • Inhuur (exclusief inhuur tlv investeringskredieten) De toegerekende personeelskosten zijn per programma (en taakveld) gepresenteerd in de programmaverantwoording. De afwijkingen tussen begroting en jaarrekening zijn in de programmaverantwoording per programma/taakveld toegelicht. De totale toegerekende personeelskosten zijn € 5,6 miljoen hoger dan begroot. Op hoofdlijnen is dit verschil veroorzaakt door: • Hogere kosten loonsom organisatie dan begroot: € 3,4 miljoen N o Lagere loonsom dan begroot € 3,0 miljoen V o Inhuur tlv loonsom € 6,4 miljoen N • Inhuur gedekt uit overige exploitatiebudgetten: € 1,7 miljoen N • Inhuur gedekt uit risicoreserve Corona € 0,6 miljoen N • Overige verschillen (loonsom raad e.d., indirecte kn, inhuur) € 0,1 miljoen V • Totaal € 5,6 miljoen N In de paragraaf bedrijfsvoering is een toelichting opgenomen op de loonsom van de organisatie (begroot € 30,4 miljoen). Uit de analyse op de toegerekende personeelskosten blijkt dat op de loonsom en inhuur ten laste van de loonsom de werkelijke kosten € 3,4 miljoen hoger zijn dan begroot.
-4-
Tegenover deze overschrijding staat een dekking van € 0,8 miljoen, die bestaat uit: • Eenmalig budget oplossen knelpunten organisatie (CWP) € 0,4 miljoen • Inkomsten (verzekeringen e.d.) € 0,4 miljoen • Totaal € 0,8 miljoen Het budget oplossen knelpunten organisatie is gepresenteerd onder de overige lasten en niet onder de toegerekende personeelskosten. De inkomsten zijn niet onder de lasten, maar onder de inkomsten verantwoord. In de paragraaf bedrijfsvoering is deze dekking van € 0,8 miljoen in mindering gebracht op de personeelskosten. Per saldo is de loonsom van de organisatie € 2,6 miljoen hoger dan begroot. Dit is 9% hoger dan de begrote loonsom. In het raadsvoorstel Prioritering werkzaamheden (mei 2021) en in de Bestuursrapportage 2021 is uw raad geïnformeerd over de overschrijding van de loonsom. Daarnaast heeft in 2021 meer en langduriger vervangende inhuur plaatsgevonden in het kader van het plaatsingsproces van directeuren en managers dan vooraf ingeschat. De totale inhuur bedraagt € 10,4 miljoen. Dit betreft: • Totaal inhuur toegerekende personeelslasten € 10,0 miljoen • Inhuur gedekt uit investeringskredieten (inclusief grondexploitaties) € 0,4 miljoen De inhuur als onderdeel van de toegerekende personeelslasten in de programmarekening bestaat uit: • Inhuur ten laste van de loonsom € 6,4 miljoen.
Dat is 19% van de totale werkelijke loonsom organisatie van € 33,1 miljoen. Dit betreft vervangende inhuur in verband met vacatures en bij ziekteverzuim. Daarnaast heeft in 2021 vervangende inhuur plaatsgevonden in het kader van het plaatsingsproces van directeuren en managers. • Inhuur ten laste van inhuur budget € 1,3 miljoen. Dit is € 76.000 lager dan begroot. • Inhuur ten laste van de risicoreserve Corona € 0,6 miljoen. • Inhuur gedekt uit overige exploitatiebudgetten € 1,7 miljoen. Dit betreft onder meer projectgeld uit de programmabegroting (begroot onder overige lasten) waarvoor specifieke inhuur heeft plaatsgevonden voor de uitvoering van deze activiteiten.
-5-
Algemeen GroenLinks Pag. Vraag 1 In de jaarrekening wordt op diverse plekken gezegd en benoemd dat (een deel van) een project niet door heeft kunnen gaan wegens gebrek aan menskracht. • Welk bedrag hebben we cumulatief bespaard doordat al deze projecten het afgelopen jaar niet zijn doorgegaan? • Als deze projecten wél zouden zijn gerealiseerd, wat had dit dan, in cijfers uitgedrukt, betekend voor de totale jaarrekening? Bij deze vraag gaat het niet om de cijfers achter de komma, maar om het globale beeld van de baten en lasten dat zou zijn ontstaan indien projecten wél doorgang hadden kunnen vinden. Zo mogelijk uitgedrukt in euro's (miljoenen en tonnen), en uitgesplitst naar taakveld. In het raadsvoorstel is een voorstel opgenomen voor de resultaatbestemming. In dit voorstel is voor een deel van de projecten die niet (geheel) zijn uitgevoerd in 2021 een voorstel opgenomen om een budget over te hevelen naar het jaar 2022 ter dekking van het alsnog uitvoeren van deze activiteiten. Dit geeft een beeld van de budgetten die hiervoor nodig zijn en in 2021 uitgegeven zouden zijn als de activiteiten wel in 2021 uitgevoerd zouden zijn. Samen Stichtse Vecht Pag. Vraag 2 De raad heeft de vastgoednota vastgesteld met daarbij een plan om gebouwen af te stoten.
• Waar in de jaarstukken zijn de feitelijke opbrengsten en kosten van het strategisch portefeuilleplan te vinden? In de stukken destijds werd verwezen naar een jaarlijkse begroting en verantwoording van de kosten en opbrengsten per pand (reguliere P&C cyclus) incl. aanpassingen n.a.v. herziening MJOP's Door capaciteitsgebrek is het nog niet gelukt om de juiste managementrapportages vanuit de verschillende vastgoedexploitaties in te richten en te verkrijgen. Hier wordt aan gewerkt. Er is gestart met de het afstoten van de panden zoals genoemd in het portefeuilleplan behorende bij de vastgoednota. Hier is nog geen opbrengst uit gerealiseerd. Voor een vijftal objecten zijn de gesprekken opgestart: • Straatweg 185 B clubgebouw IJsclub – gesprekken zijn opgestart voor overname mede in relatie tot de skeelervereniging • Sportweg 3 zwembad De Koet – overeenstemming, de afspraken worden uitgewerkt tot contractvorming • Fazantenkamp 159 A Maarssen (kinderdagverblijf) – onderzoek naar mogelijkheden om af te stoten. Afwachten tot integraal huisvestingplan onderwijs gereed is. • Thorbeckelaan 80 Maarssen (kinderdagverblijf)- huuropzegging, object wordt gesloopt gezien slechte staat. Onderdeel van gebiedsontwikkeling Daalsehoek • M.A. de Ruyterstraat 2 B (gymzaal) – overeenkomst met direct aangrenzende school.
Pand wordt juridisch in eigendom gesplist waardoor gemeente, eigenaar wordt van de gymzaal. Brouwerij 11 te Breukelen (voormalig politiebureau) – pand is inmiddels verhuurd aan TIM
-6-
Pag. 71
Vraag 3 De raad heeft beleid vastgesteld hoeveel procent van de loonsom mag worden ingezet voor externe inhuur. Bij het vaststellen van prioriteiten is aan de raad gevraagd ruimer inzet te mogen plegen. In de toelichting van het raadsvoorstel stond bij de diverse programma’s het volgende: Sociaal Domein We gaan uit van een maximale overschrijding van 5% op de loonsom Gemeentebreed: Om deze extra werkzaamheden op te vangen stellen wij voor in te stemmen met een verruiming van maximaal 5% van het personeelsbudget om het minimale kwaliteitsniveau te behouden en maximaal in te kunnen zetten op de lokale herstelagenda. Bij alle programma’s worden absolute bedragen genoemd voor de extra inzet. Er wordt echter niet gerapporteerd op percentage van de loonsom. Vraag • Op welke percentage van de loonsom wordt er extern ingehuurd? • Valt dat binnen de vastgestelde kaders? • Kan deze informatie alsnog worden opgenomen in de jaarstukken, gelieve per programma. De raad stelt het budget (begroot na wijziging) vast op programmaniveau: • Bestuur € 26,4 miljoen • Veiligheid € 6,4 miljoen • Fysiek € 45,9 miljoen • Sociaal € 52,9 miljoen • Samenleving € 15,1 miljoen Totaal € 146,7 miljoen (zonder mutaties reserves) In het onderdeel Begrotingsrechtmatigheid (pag. 100) heeft het college expliciet verantwoording afgelegd over overschrijdingen van deze budgetten (kaders vastgesteld door de raad).
De overschrijding op het programma Bestuur is vooral toe schrijven aan de hogere lasten voor overhead en dan meer specifiek voor inhuur binnen het fysiek en sociaal domein. Een belangrijk deel van deze overschrijding maakt onderdeel uit van de totale analyse van de overschrijding van de loonsom en inhuur in de paragraaf bedrijfsvoering. Deze afwijking valt onder criteria 2. ‘Begrotingsafwijkingen die niet tijdig in een eerdere Bestuursrapportage opgenomen hadden kunnen worden’ uit het door de raad vastgestelde Controleprotocol. Dit past dus binnen de door de raad vastgestelde kaders waardoor de accountant de overschrijding niet als fout hoeft mee te wegen in het oordeel over (begrotings)rechtmatigheid. In de programmaverantwoording zijn de budgetten per programma nader gespecificeerd naar taakvelden en kostensoorten (zoals toegerekende personeelskosten) en zijn op dit lagere niveau afwijkingen tussen begroting en realisatie toegelicht. Op dit lagere niveau is het budget niet als kader vastgesteld door de raad. In het raadvoorstel Prioritering werkzaamheden (mei 2021) is in de paragraaf financiële risico’s en indicatoren het volgende vermeld: • •
Verruiming personeelsbudget 2021 met maximaal 5% Projectgeld ook inzetten voor personele lasten
Dit betreft geen door de raad vastgesteld kader (geen specifiek beslispunt), maar een toelichting op het risico van een verwachte overschrijding van de loonsom. In de Bestuursrapportage 2021 is tussentijds gerapporteerd over de stand van zaken op dat moment en is gemeld dat de raad in de Programmarekening 2021 nader wordt geïnformeerd over de werkelijke uitkomsten. De raad is in de informatieve commissie in september 2021 en daarna in maandelijkse RIB’s geïnformeerd over de staat van de organisatie inclusief informatie over formatie, bezetting, vacatures en ziekteverzuim.
-7-
D66 Pag. -
Vraag 4 • Is er een uitsplitsing te maken van toegerekende personeelslasten per taakveld naar: o het aantal FTE’s en aantal medewerkers in vaste dienst ? o het aantal FTE’s en aantal inhuur krachten? Nee, in de jaarrekening worden alleen de totale personeelslasten (loonsom + inhuur) toegerekend aan taakvelden. In de programmaverantwoording zijn per programma de toegerekende personeelslasten per taakveld gepresenteerd en zijn afwijkingen toegelicht.
-8-
Inleiding GroenLinks Pag. Vraag 5 5 Het voordelig saldo heeft vooral betrekking op het taakveld openbare orde en veiligheid. Er is voordeel van € 0,2 mln. op de personeelslasten. Mede door de landelijke vraag i.v.m. handhaving coronamaatregelen, hebben we de openstaande formatieruimte niet geheel in kunnen vullen. Hoe kan het dat meer taken (handhaven coronamaatregelen) zorgt voor een voordeel, of wordt deze handhaving betaalt door het Rijk? Door de hoge landelijke vraag naar BOA’s is het lastig om deze te werven of in te huren. We hebben daardoor niet de inzet kunnen plegen, die we hadden gepland. SP Pag. 4
Vraag 6 Rekeningresultaat: De doortelling van alle personeelslaten van alle taakvelden bedraagt 43.425.746Euro. Welk deel hiervan betreft inhuur? De werkelijke inhuur als onderdeel van de totale toegerekende personeelslasten bedraagt € 9.957.741. Zie verder de analyse op hoofdlijnen in de algemene beantwoording op de loonsom en (externe) inhuur op 3,4 en 5.
Samen Stichtse Vecht Pag. Vraag 7 5 Door vooral hogere en meer verwerkingskosten, waarvan 0,2 is toe te schrijven aan corona (hoger aanbod van afval). • Op welke feiten is deze conclusie getrokken? Hoe werd dit gemonitord? • Worden de meerkosten corona gerelateerd ook gecompenseerd door het Rijk?
•
•
Omdat de corona situatie in 2021 vergelijkbaar was met de situatie in 2020 (thuiswerken, reisbeperkingen etc.) is een inschatting gemaakt aan de hand van de ervaringscijfers van de Koninklijke Vereniging voor Afval- en Reinigingsmanagement (NVRD) in 2020 betreffende afvalbeheerskosten (zie ook Nieuws | NVRD) en de werkelijk ingezamelde hoeveelheden afval ten opzichte van de vooraf geschatte hoeveelheden. Monitoring is niet mogelijk omdat het extra Coronaafval gelijktijdig met het normale afval wordt ingeleverd c.q. aangeboden en we onze inwoners niet vragen om dit gescheiden te houden. Ja, extra kosten door hoger aanbod van restafval is onderdeel van de corona compensatie door het rijk.
-9-
1. Bestuur PvdA Pag. 11
Vraag 8 Bij “wat willen we bereiken” schrijft u als vierde aandachtspunt dat een eventueel overschot ten gunste van onze inwoners komt. Uit de stukken blijkt dat u een positief resultaat over 2021 hebt bereikt van € 1.900.000. • Kunt u, zowel op hoofdlijnen als meer gedetailleerd, hoe dit geld ten gunste van onze inwoners komt? In het CWP 2018-2022 zijn bij het doel een financieel gezonde gemeente de volgende lijnen afgesproken: • Een financieel solide beleid. • De loonsom blijft (behoudens loon- en inflatiecorrecties) de komende periode gelijk. Behoudens wanneer dit voortvloeit uit beleidsmatige keuzes, breidt de formatie niet uit. • Bij een tekort vragen wij onze inwoners niet om meer geld. • Bij een overschot, komt de besteding ervan altijd ten gunste van onze inwoners. • Behoudens loon- en inflatiecorrecties gaan de gemeentelijke belastingen niet omhoog. Leges en heffingen zijn maximaal kostendekkend. De gemeenteraad neemt bij vaststelling van de jaarstukken een besluit over de bestemming van het resultaat. In het raadsvoorstel is hiervoor een voorstel aan de gemeenteraad opgenomen. Het raadsbesluit van de jaarstukken bevat een besluit om € 1,9 miljoen toe te voegen aan de algemene reserve en € 2,9 miljoen te onttrekken voor overheveling van budgetten (€ 2,6 miljoen) van nog uit te voeren activiteiten en storting in de reserve onderhoud kapitaalgoederen (€ 0,3 miljoen).
Per saldo wordt € 1 miljoen onttrokken ten laste van de algemene reserve. Het positieve resultaat wordt dan ook mede veroorzaakt door niet uitgegeven budget van nog uit te voeren activiteiten. Er kan worden gesteld dat, indien rekening wordt gehouden met de overgehevelde activiteiten en budgetten sprake is van een nadelig resultaat van € 1 miljoen. Het is zowel bij een nadeel als een voordeel gebruikelijk om resultaten uit de jaarrekening te muteren in de algemene reserve. Voor de spelregels hieromtrent verwijzen wij naar de nota reserves en voorzieningen (vastgesteld 29 september 2020).
D66 Pag. 11
Vraag 9 Hoe verhoud de uitspraak om de loonsom gelijk te houden van 2021 en 2022 met de kosten overschrijdingen die wordt gerapporteerd op het gebied van toegerekende personeelslasten? In het CWP 2018-2022 zijn bij het doel een financieel gezonde gemeente de volgende lijnen afgesproken: • Een financieel solide beleid. • De loonsom blijft (behoudens loon- en inflatiecorrecties) de komende periode gelijk. Behoudens wanneer dit voortvloeit uit beleidsmatige keuzes, breidt de formatie niet uit. • Bij een tekort vragen wij onze inwoners niet om meer geld. • Bij een overschot, komt de besteding ervan altijd ten gunste van onze inwoners. • Behoudens loon- en inflatiecorrecties gaan de gemeentelijke belastingen niet omhoog. Leges en heffingen zijn maximaal kostendekkend. De uitspraak om de loonsom gelijk te houden is dus een kaderstellende uitspraak uit het CWP 20182022, die doelt op het niet uitbreiden van de formatie in de collegeperiode 2018-2022 (behoudens wanneer dit voortvloeit uit beleidsmatige keuzes). De overschrijdingen op de toegerekende personeelskosten moeten worden gezien in het licht van de specifieke ontwikkelingen in 2021, die nader zijn toegelicht bij de algemene beantwoording over loonsom en (externe) inhuur.
- 10 -
SP Pag. 9
Vraag 10 Wat wordt bedoeld met Common Ground? Dit is een nieuwe, moderne ICT-infrastructuur voor uitwisseling van gegevens binnen en tussen gemeenten. Zie pagina 19 van de Programmabegroting 2021.
Pag. 9
Vraag 11 Wat gebeurt er met de oude papieren bouwdossiers na digitalisering? De bouwdossiers worden overgedragen aan RHCVV. Het digitaliseren vindt plaats voor de digitale ‘ ter inzagelegging’.
Pag. 13
Vraag 12 Geraamd resultaat begroting primitief 2021 is vastgesteld op 72.756.436. De doortelling van de taakvelden levert 72.887.721 op. • Waar komt dit verschil van ruim 130.000 Euro vandaan? Het verschil betreft het (primitieve) begrotingssaldo 2021 (zie ook de staat van baten en lasten op pagina 98).
Pag. 14
Vraag 13 Wat is er precies t.b.v. overhead aan personeel ingehuurd? Zie algemene beantwoording loonsom en (externe) inhuur.
Pag. 15
Vraag 14 Is de term dubieuze debiteuren gekoppeld aan bijstandsgerechtigden? Zo ja , is dat niet stigmatiserend? Nee, de term dubieuze debiteuren is een algemene term die wordt gebruikt voor alle soorten vorderingen. Het is een inschatting van dat deel van de openstaande vorderingen waarvan wordt ingeschat dat het onzeker is dat deze bedragen nog worden ontvangen. De term is dus niet gekoppeld aan de bijstandsgerechtigden.
Pag. 15
Vraag 15 Waar is de extra OZB (295.454) voor ingezet? De OZB wordt geheven over onroerende zaken binnen de gemeente. Het is een algemene belasting. Dat wil zeggen dat het de gemeente vrij staat om deze opbrengsten te gebruiken voor verschillende uitgaven. De (meer)opbrengst hiervan valt dan in de vrij besteedbare middelen c.q. algemene reserve vrij.
Pag. 16
Vraag 16 Wat wordt precies bedoeld met een robuust rechtssysteem? Het Kabinet heeft in reactie op het rapport Ongekend onrecht van de Parlementaire Ondervragingscommissie Kinderopvangtoeslag aangekondigd dat maatregelen nodig zijn om de dienstverlening aan mensen in een kwetsbare positie te verbeteren. Deze verbeteringen zijn zowel op Rijksniveau als op gemeentelijk niveau. Van een robuust rechtssysteem is geen vaststaande definitie te geven. Het betreft enerzijds een rechtssysteem dat robuust genoeg is om onze fundamentele rechten en vrijheden te waarborgen en te handhaven. Het moet dus rechtszekerheid bieden. Anderzijds moet het rechtssysteem flexibel genoeg zijn om te kunnen inspelen op onze continu veranderende samenleving.
Pag. 16
Vraag 17 Decembercirculaire • Hoe groot zijn de extra middelen en wanneer wordt daarover een besluit genomen? De extra middelen 2021 zijn toch al verwerkt in de jaarrekening 2021 en dus onderdeel van het resultaat 2021. De raad neemt bij vaststelling van de jaarstukken een besluit over de resultaatbestemming. De behandeling van het raadsvoorstel Decembercirculaire 2021 gaat vooral over de al dan niet extra middelen voor het jaar 2022, waarvoor een begrotingswijziging wordt vastgesteld. Het effect voor de jaren 2023 tot en met 2026 is al verwerkt in de kaderbrief 2023.
- 11 -
Samen Stichtse Vecht Pag. Vraag 18 11 Programma project duidelijke taal • Op welke wijze vindt monitoring op effectiviteit gemeten? Of welke effect of prestatie indicator is gekoppeld aan de monitoring van dit beleid? We toetsen op verschillende manieren of de aandacht voor Duidelijke Taal effect heeft: • Er wordt samengewerkt met maatjesprojecten zoals LEEF. Zij geven ons terugkoppeling op brieven die voor inwoners lastig te begrijpen zijn. • Vorige jaar zijn in de publiekshal gesprekken gevoerd met inwoners over hun ervaring met de communicatie van de gemeente. • Op meerdere momenten is een oproep gedaan door de burgemeester om onduidelijke brieven van de gemeente terug te sturen zodat wij die kunnen verbeteren Er is geen effect of prestatie indicator gekoppeld aan de monitoring van het beleid. Pag. Vraag 19 9 en 12 Trouwen in SV. In de effect en prestatie-indicatoren is de categorie “huwelijken” onder balie opgenomen. • Op welke wijze is besloten dat de raad/de organisatie dit zou willen monitoren? • Wat is de motivatie om dit proces te volgen en te moderniseren? • Wat zijn de baten/ lasten van 322 huwelijken? In de begroting is als beleidsdoel opgenomen dat we bruidsparen stimuleren om in Stichtse Vecht te trouwen en dat we het huwelijksproces klantvriendelijker maken. Deze KPI’s slaan daarop terug.
Op die manier kunnen we meten of onze activiteiten ook het gewenste effect hebben. De legesinkomsten van huwelijken bedroegen in 2021 € 140.444. De lasten voor de inzet van huwelijksambtenaren, gastvrouwen en materiaalkosten (toga’s, aktepapier etc.) bedroegen € 63.400. Er zijn echter ook andere lasten die moeilijk afzonderlijk te berekenen zijn, zoals de ureninzet van de vaste ambtenaren van Burgerzaken. Periodiek wordt gekeken naar de kostendekkendheid van de leges en of baten en lasten nog in evenwicht met elkaar zijn. Pag. 13+103
Vraag 20 Aanvulling wachtgelden/ storting voorziening voormalig bestuurders. Ieder jaar zijn er bijstellingen of mutaties van forse aard op deze post. • Is dit een reguliere aanvulling? • Is dit achterstallig/correctie? • Hoe weten we als raad of deze post op orde is? • De voorziening voormalig bestuur dient jaarlijks van voldoende omvang te zijn om de toekomstige verplichtingen te kunnen dekken. Jaarlijks wordt er een inschatting gemaakt van deze toekomstige verplichtingen en wordt de voorziening middels aanvulling of vrijval, bijgesteld. De belangrijkste bijstelling in 2021 is het vroegtijdige vertrek van een wethouder, wat toekomstige wachtgeldverplichtingen met zich meebrengt. De accountant controleert bij de controle op de jaarrekening of de gehanteerde schattingen juist zijn.
Pag. 14
Vraag 21 Projecten uitgesteld en dus minder budget uitgegeven. • Kan de exploitatie/implementatie van deze projecten tegen hetzelfde budget worden uitgevoerd of zijn er meerkosten o.a. door inflatie? Wat kost dus het uitstel? De verwachting is dat we de projecten binnen de bestaande budgetten kunnen uitvoeren in 2022. indien we deze verwachting moeten bijstellen i.v.m. voortschrijdend inzicht, dan wordt dit vermeld en toegelicht in de Bestuursrapportage 2022.
- 12 -
2. Veiligheid Samen Stichtse Vecht Pag. Vraag 22 19 Indicatoren meldingen jeugdoverlast. En de toelichting hierop. Wij begrijpen dat het wegvallen van structuur en sociale activiteiten een effect heeft gehad op jongeren en het meer thuis zijn geleid heeft tot meer meldingen. Een explosieve groei van bijna 300%. Het rijk en allerlei onderzoeksinstanties hebben en geven tot op heden aan dat corona en de lockdown ingrijpend zijn geweest, maar ook nog een lange tijd impact zal hebben op het leven van jongeren. Het aantal jongeren met depressie en zelfdodingsgevoelens is enorm gestegen; jongeren blijven weg bij onderwijs etc. De signalen waren en zijn duidelijk. In programma sociaal wordt niets genoemd op extra inzet op deze jongeren en de effecten van corona. • Is er extra inzet gepleegd en zo ja welke maatregelen? • Hoe wordt dat gemonitord. • Kortom wat is de beleidsmatige interventie geweest en waar vinden we die informatie hierover terug? Want op pagina 95 staat enkel de verhoogde inzet van praktijkondersteuners jeugd en de meerkosten bij geëscaleerde zorg. We hebben een lokale herstelagenda opgesteld. In RIB 45 hebben wij u daar over voor het eerst geïnformeerd. We hebben ook daarna via RIB’s informatie gedeeld over extra inzet. Ook op onze internetpagina is steeds informatie gedeeld over interventies die wij of die wij met partners ingezet hebben.
In 2021 heeft Jeugd-Punt extra activiteiten en projecten georganiseerd voor jongeren, onder andere in de vorm van project Young Leaders light en Join Us. Dit werd mede georganiseerd vanwege de toen nog geldende coronabeperkingen en om eenzaamheid onder jongeren tegen te gaan. Ten aanzien van de monitoring kunnen wij u melden dat de subsidies verleend zijn aan de partijen die daar recht op hadden, en al die projecten lopen nu. De subsidies zijn verleend aan partijen waar we al een subsidierelatie mee hebben. De monitoring wordt meegenomen in de reguliere accountgesprekken en de verantwoording (achteraf) van de besteding van de subsidies.
- 13 -
3. Fysiek PvdA Pag. 25
Pag. 27
D66 Pag. 22
Vraag 23 Het aantal verkeersslachtoffers is lager dan “begroot”. • Heeft dat te maken met corona (minder totaal verkeer) of hebt u een andere verklaring? De cijfers van het dalend aantal verkeersslachtoffers ligt in lijn met de landelijke cijfers. Momenteel wordt onderzoek gedaan naar de oorzaken op landelijk niveau (en de invloed van corona). Op lokaal niveau is er geen onderzoek gedaan naar deze daling. Vraag 24 Onderhoud wegen • Waarom heeft de aannemer, genoemd in de tweede alinea, de aanbesteding niet uitgevoerd? Het contract is gedeeltelijk uitgevoerd, door een verslechterde verstandhouding met de aannemer is er vertraging in het begin van de contractperiode opgetreden. Deze vertraging is lopende het jaar niet meer ingehaald door capaciteitsgebrek en discussie tussen opdrachtnemer en gemeente. Op dit moment (2022) werken wij met een nieuw contract met een looptijd van 1 jaar als overbrugging. Wij zijn volop bezig in de uitvoering om de achterstanden weg te werken.
Vraag 25 Klimaatneutraal • Kunt u de stelling dat ‘de realisatie van de gemeentelijke klimaatdoelstellingen onder druk staan door geringe uitvoeringskracht’, cijfermatig onderbouwen, bijvoorbeeld hoeveel mankracht er tekort komt? Het is moeilijk aan te geven hoeveel capaciteit noodzakelijk is om de klimaatdoelstellingen uit het beleidsplan ‘Op weg naar Nieuwe Energie’ te realiseren. Dit heeft onder andere te maken met het wijzigen van financiële mogelijkheden die andere overheden (Provincie, Rijk) ons bieden om ons beleid uit te voeren, de technische mogelijkheden (nieuwe innovaties, maar ook de netcongestie van Tennet) en de rol van bijvoorbeeld ondernemers en initiatiefnemers in de energietransitie. Wel kan worden gesteld dat bepaalde activiteiten uit het beleidsplan door ambtelijke capaciteit niet uitgevoerd worden, of ‘on hold’ staan, zoals de verduurzaming van het gemeentelijk vastgoed en het begeleiden van bedrijven naar duurzaamheid.
- 14 -
Pag. 24
Vraag 26 Faciliteren bouw woningen • Er wordt aangegeven dat de aanvraag voor een rijksbijdrage is afgewezen, waarom is deze afgewezen? Toelichting proces De beoordeling heeft plaats gevonden op basis van een viertal criteria t.w. 1. Noodzaak. 2. Effectiviteit. 3. Efficiëntie. 4. Urgentie. Bij een onvoldoende voor één van de vier criteria leidt dit automatisch tot een knock-out. Beoordeling Noodzaak: • De onderbouwing van het publiek tekort was niet voldoende. Met name het aantonen van de volledige toerekenbaarheid voor de fietsbrug en de maatregelen naar het project kon (nog) niet worden onderschreven. • Optimalisatie van de planuitwerking en het ruimtegebruik is positief beoordeeld. • De business case was nog onvoldoende uitgewerkt (status van het project) om nu aan te tonen dat er daadwerkelijk een tekort ontstaat. Effectiviteit: • Aangaande mobiliteit is de kanttekening geplaatst of dit voldoende aansluit bij de specifieke locatie gebonden uitgangspunten. Hoe wordt omgegaan met voorzieningen als ligging t.o.v. Utrecht, Station, fietsnetwerk, parkeerfaciliteiten etc. ten opzichte van mobiliteitstransitie en stimuleren alternatief vervoer? • Betaalbaarheid van de woningen was als goed beoordeeld. • Concreetheid van de plannen was eveneens als goed beoordeeld. Efficiëntie: • Lage bijdrage per woning was ook als goed beoordeeld. Urgentie • Over de urgentie was geen twijfel.
Kortom: Op basis van de ‘noodzaak’ heeft Binnenlandse Zaken’ de aanvraag 3e tranche Woningbouwimpuls afgewezen.
Pag. 27
Vraag 27 Zijn de te weinig uitgegeven kosten, ca. 1mln, voor onderhoud wegen en civiele constructie toegevoegd aan de reserves / voorzieningen ? Zoals toegelicht op pagina 27 (onder het kopje civiele kunstwerken) staat tegenover deze lagere uitgaven ook een lagere onttrekking aan de voorziening.
Pag. 32
Vraag 28 • Is de aangegeven 1,7mln onderschrijding van de grondexploitaties vrijgevallen of is dit een onderdeel van de reserves c.q. voorzieningen? • Zo ja waar staan deze? De grondexploitaties zijn budgettair neutraal opgenomen. De onderschrijdingen resulteren niet in een voordelig resultaat, deze worden dan ook niet toegevoegd aan de reserves of voorzieningen. De werkelijke boekwaarde van de grondexploitaties is wel lager dan geraamd. Zie ook de toelichting op de paragraaf Grondbeleid.
- 15 -
CDA Pag. 24
Pag. 25
Vraag 29 Er staat dat de uitbreidingslocatie Cronenburgh fase 4 is ingebracht bij de provincie. • In hoeverre is dat gelukt? Voor het woningbouwproject Cronenburgh fase 4 zijn de volgende stappen doorlopen: 1. Gemeenteraad heeft op 1 februari 2022 ingestemd met deze ontwikkeling en het ruimtelijk kader vastgesteld. In het ruimtelijk kader staan de randvoorwaarden en uitgangspunten die de gemeente meegeeft aan de initiatiefnemer voor de verdere planvorming (opstellen stedenbouwkundig plan). 2. Deze woningbouwontwikkeling is in 2021 aangemeld bij de provincie regionaal programmeren wonen en werken, om de locatie ambtelijk te laten beoordelen. Op 2-11-2021 heeft het kernteam regionale programmering de locatie als “kansrijk” beoordeeld. Er zijn wel voorwaarden genoemd en die zijn verwerkt in het ruimtelijk kader. De locatie is direct na het besluit van de gemeenteraad opgenomen in de provinciale programmeringsronde voor 2022. Besluitvorming hierover door GS is vertraagd en zal plaatsvinden begin 2023. 3. De initiatiefnemer start dit voorjaar (2022) met de verdere planvorming en zal dat participatief doen met een ontwikkelgroep. 4. Op 3 mei 2022 is de gemeentelijke webpagina met informatie over dit project online gegaan.
Vraag 30 Realisatieplan fiets • Welke subsidies worden aangevraagd en wat is de hoogte van de subsidies? In het kader van het Provinciale fietsbeleid zijn er meerdere routes aangemerkt voor provinciale subsidie, waarmee de subsidie als ware wordt gereserveerd. Deze projecten worden de komende jaren verder uitgewerkt waarna ook de subsidie definitief wordt aangevraagd. Hierbij wordt ook de uiteindelijke hoogte vastgesteld.
Streekbelangen Pag. Vraag 31 33 Woningen • Het is ons niet helemaal duidelijk om wat voor soort accommodaties het hier gaat. Welke soort accommodaties moet ik mij hierbij voorstellen? Dit betreft de woning aan het Zandpad 2 en Breedstraat 2 (voormalig brugwachterswoning) te Maarssen, het politiebureau aan de Brouwerij 11 te Breukelen en de Oranjerie nabij het GAK. Samen Stichtse Vecht Pag. Vraag 32 27 Baten: Binnen dit taakveld (verkeer, vervoer en waterstaat) hebben we 637 K meer ontvangen dan geraamd etc. • Wij kunnen de genoemde bedragen niet herleiden, zelfs niet na het lezen van de toelichting op de voorziening van pagina 26. • Over welke meevallende inkomsten hebben we het? Leges? In de jaarstukken zijn de voornaamste oorzaken van het verschil van 637K toegelicht. Te weten, •
•
Het voordeel van de onttrekking uit de voorziening wegen van € 424.000. Deze onttrekking is hoger dan geraamd. Het voordeel als gevolg van een iinkomst van € 90.000 voor het onderhoud aan het parkeerterrein van "De Merenhoef" . Het resterende voor deel van 123.000 betreft het saldo van diverse kleinere voordelen.
- 16 -
Pag. 29
Vraag 33 Thema buitenspelen • Op welke wijze zou het beleid buitenspelen duidelijker gemonitord en ingepland kunnen worden in de P&C-cyclus. Zou dat net als bij het GRP op die manier in de P&C-cyclus kunnen worden opgenomen. Dus met meer zicht op de jaarplanning. • Hoe vaak wordt de kwaliteitskaart opgesteld en is de kwaliteitskaart nav van inspecties, of is dat op basis van analyse van afschrijvingstermijnen? • Dit is geen technische vraag. • De planning is om de kwaliteitskaart 1 maal per 5 jaar te evalueren en zonodig bij te stellen. Dit gebeurt niet naar aanleiding van inspecties of afschrijvingstermijnen, maar naar aanleiding van het functioneren (sociaal en demografisch) van alle speelplekken zoals benoemd in de kwaliteitskaart.
- 17 -
4. D66 Pag. 37
Sociaal Vraag 34 Hoeveel gezinnen waren in SV gedupeerden van de Toeslagenaffaire, hoeveel van hen zijn ondersteund, welke ondersteuning is gegeven en wat waren hiervan de totale kosten? Er zijn 130 gedupeerden bij ons bekend. Met alle gedupeerden is contact opgenomen. Dit heeft geresulteerd in 5 plannen van aanpak, op basis van de hulpvragen van de gedupeerden. Er zijn vooralsnog geen kosten gemaakt voor de uitvoering van deze plannen. Voor het eerste contact en het opstellen van het plan van aanpak is in 2021 € 66.740 gedeclareerd bij het Rijk.
Pag. 38
Vraag 35 Wat is de reden dat maatwerkvoorzieningen verminderd moeten worden? We willen mensen zoveel als mogelijk met inzet van laagdrempelige voorzieningen ondersteunen en problemen van het dagelijks leven niet onnodig medicaliseren. Maatwerkvoorzieningen zetten we in als dat noodzakelijk is. We spreken van een beweging naar de voorkant en van normaliseren. Daarnaast neemt het gebruik van maatwerkvoorzieningen toe en stijgen de tekorten zowel qua personeel als financiën. Om maatwerkvoorzieningen beschikbaar te houden voor inwoners die dat echt nodig hebben, moeten we het gebruik hiervan beperken.
Pag. 38
Vraag 36 Ligt er een plan voor alsnog uitvoeren van het plan aanpak bankzitters welke door de coronamaatregelen niet is uitgevoerd? Het plan ligt er nog, echter de data waar op dit plan gebaseerd is, zijn achterhaald. We zullen het plan te zijner tijd dus moeten actualiseren.
Pag. 38
Vraag 37 Wat is de reden dat verwijzingen EED teruggedrongen moet worden? Jeugdhulp vanwege EED betreft een dure maatwerkvoorziening waar alleen bij strikte noodzaak gebruik van gemaakt zou moeten worden. De indruk bestaat dat er op dit moment kinderen doorgestuurd worden naar EED hulpverlening die niet tot de doelgroep behoren. We spreken overigens vanaf 1 januari 2022 niet langer van EED, maar van ED (ernstige dyslexie).
Pag. 41
Vraag 38 Wat zijn de kost en de baten van fraudebestrijding? Wegen deze op tegen de kosten van fraudebestrijding? Fraude bestrijden we niet op basis van een kosten-baten analyse. Fraudebestrijding is een wettelijke taak op grond van de Participatiewet. De inzet richt zich op het voorkomen, opsporen en terugvorderen van onterecht verstrekte uitkeringen.
Pag. 43
Vraag 39 Hoe komt het dat er niet is geanticipeerd op toenemende kosten collectief vervoer en toenemend gebruik als gevolg van vergrijzing? Het beroep op maatwerkvoorzieningen en op regiotaxi vervoer is een zogeheten open einde regeling. Het verstrekken van maatwerkvoorzieningen -zoals collectief vervoer en hulpmiddelen- is een wettelijke taak. Er is weinig ruimte om hier beleidsmatige keuzes in te maken. Voor collectief vervoer zijn we de ruimte binnen de toegestane wettelijke mogelijkheden aan het onderzoeken. Voor hulpmiddelen is er (vrijwel) geen ruimte om andere keuzes te maken.
Pag. 43
Vraag 40 Hoe komt het dat er bij uitgaven hulpmiddelen niet is geanticipeerd op toenemen aanvraag door vergrijzing en langer thuis wonen? Zie antwoord op vraag 39.
- 18 -
Pag. 43
Vraag 41 Wordt er gesteld dat er is bespaard op kosten huishoudelijke hulp door tekorten in personeelsbestand bij aanbieders huishoudelijke hulp en het handhaven van een wachtlijst? Nee, het is een constatering dat minder hulp bij het huishouden geleverd kan worden door personele problemen bij aanbieders van hulp bij het huishouden.
GroenLinks Pag. Vraag 42 38 Aanpak bankzitters (16-27 jaar) Door de beperkingen als gevolg van de coronamaatregelen is de gewenste "outreachende " aanpak om te komen tot een passende plek voor deze groep jongeren niet uitgevoerd. • Zijn creatieve oplossingen om wel te kunnen uitvoeren overwogen? Ja, we hebben ingezet op een lokale herstelagenda. Maar de voorziene outreachende aanpak was door de coronabeperkingen niet mogelijk. Pag. 38
Vraag 43 De interactieve manier om jeugdhulp gemakkelijk toegankelijk te maken hebben wij gerealiseerd met de opdracht aan TIM Stichtse Vecht. TIM Stichtse Vecht is online, via de digitale communicatiemiddelen en fysiek met wijkteams goed vindbaar in de directe omgeving van jongeren. • In hoeverre is het onderzocht dat jongeren Tim SV daadwerkelijk goed weten te vinden? Dit is geen technische vraag bij de jaarrekening, TIM SV is per 1 januari gestart. Wij informeren uw raad op geëigende momenten over de voortgang van TIM SV.
Pag. 43
Vraag 44 Bij de lasten is een structureel nadeel ontstaan van € 78.488, omdat we onvoldoende rekening hebben gehouden met toenemende kosten door stijging van het tarief en toenemend gebruik als gevolg van vergrijzing en langer thuis wonen. • In hoeverre is/wordt er in kaart gebracht hoe de vergrijzing in onze gemeente verder zal verlopen en welke uitdagingen dat met zich mee brengt? Dit is geen technische vraag bij de jaarrekening. Hulp bij het huishouden is een zogeheten open einde regeling. Met een indicatie voor huishoudelijke ondersteuning bestaat aanspraak op de voorziening. In het uitvoeringsprogramma van de woonzorgvisie zullen we dit verder in kaart brengen en uitwerken.
CDA Pag. 37
Pag. 38
Vraag 45 Wat is de status van een Living Lab locatie in Stichtse Vecht? Dit is geen technische vraag bij de jaarrekening. De status is nog niet gewijzigd. Wel is de Provincie inmiddels betrokken bij de plannen om de mogelijkheden van de beoogde locatie verder te onderzoeken. Vraag 46 Hier staat dat we de aanvragen enkelvoudige ernstige dyslexie (EED) terug willen dringen. Los van het financiële voordeel: wat zijn de inhoudelijke redenen om de aanvragen EED terug te willen dringen? EED is een voorziening die specifiek bedoeld is voor een bepaalde doelgroep, geïndiceerde kinderen met ernstige dyslexie. We streven naar demedicalisering van problematiek. Daar past het terugdringen van onnodig beroep op EED hulpverlening bij. We spreken overigens van ED vanaf 1-1-2022.
Streekbelangen - 19 -
Pag. 36
Vraag 47 Eenzaamheid en gezonde leefstijl: Er wordt aangegeven dat de inzet op eenzaamheid geïntensiveerd wordt en de inzet op een gezonde leefstijl wordt geïntensiveerd. • Kan hier een korte toelichting op komen aan welke maatregelen hierbij vanuit de gemeente gedacht moet worden? De intensivering komt voort uit onder andere de extra middelen die we vanuit het Rijk hebben ontvangen voor het Preventie- en Sportakkoord en corona. Voor de aanpak van eenzaamheid is voor jongeren JoinUs voortgezet. Daarnaast is de cursus Creatief Leven als pilot gestart om eenzaamheid bij volwassenen aan te pakken. Handje Helpen begeleidt in het Proefproject Vrijwilliger++ hulpvragers met complexe problematiek om vriendenkringen op te zetten. Ook de projecten Kennisdelers van de Bibliotheek en Welzijn Stichtse Vecht en Golden Sports bij OVVO hebben specifiek aandacht voor eenzaamheid en/of ontmoeting. Tenslotte is ingezet op een rookvrije generatie, bijvoorbeeld door het faciliteren van borden, vlaggen en stoeptegels.
Samen Stichtse Vecht Pag. Vraag 48 Pilot wijk GGZ wordt nergens in de jaarstukken genoemd. • Wat heeft de pilot GGZ in de wijk opgeleverd: baten/lasten en maatschappelijke opbrengst/outcome? De bevindingen met betrekking tot de functie Wijk-GGZ’er zijn positief, zo hebben wij begrepen na een ambtelijke evaluatie van de pilot. Het wijkteam en maatschappelijke partners zijn te spreken over deze functie en de wijze waarop deze wordt uitgevoerd. De Wijk-GGZ’er is goed benaderbaar en maakt laagdrempelig contact met andere professionals. De functie Wijk-GGZ’er vult het sociaal wijkteam goed aan doordat deze outreachend te werk kan gaan en door haar GGZ expertise, waaraan het voorheen ontbrak bij het sociaal wijkteam. Door de outreachende aanpak zijn inwoners sneller en beter in beeld en er kan sneller voor passende ondersteuning worden gezorgd, doordat eerder actie ondernomen kan worden. Er is geen sprake meer van een pilot, de functionaliteiten van de wijk-GGZ’er zijn overgegaan naar TIM SV.
- 20 -
5. Samenleving CDA Pag. 46
Vraag 49 Op welke manier is er uitvoering gegeven aan de perspectiefnota Landbouw? Vanwege herprioritering en onderbezetting is er geen uitvoering gegeven aan de perspectief nota Landbouw. Wel zijn er via de Provincie landbouwcoaches ingezet om landbouwers te ondersteunen met bedrijfsontwikkeling, verduurzaming of eventuele opheffing.
Pag. 47
Vraag 50 Wat is de status van de Integrale visie kerkgebouwen op dit moment? De uitvoering van de opdracht loopt. De eerste onderdelen - inventarisaties, contextbeschrijving en kerkenpaspoorten - zijn gereed. We zitten nu in de fase van overleg met de kerkbesturen en overige stakeholder.
Pag. 53
Vraag 51 Er is € 380.894 verlies geleden bij ’t Kikkerfort als gevolg van Corona. • Is dit exploitatieverlies alleen aan Corona te wijten of heeft dit een meer structureel karakter? Het exploitatietekort is niet alleen te wijten aan de (gedeeltelijke) sluiting van ’t Kikkerfort vanwege de Corona maatregelen. We zien jaarlijks dat de exploitatie van ’t Kikkerfort verlieslatend is.
Pag. 52
Vraag 52 • Hier staat dat er ongeveer € 300.000 niet besteed is aan sportaccommodaties als gevolg van lagere gebruikskosten door Corona. Voor de andere sportgelden die overblijven wordt voorgesteld deze te oormerken voor sport en dan terug te laten vloeien. Voor dit bedrag is dat niet het geval. Waar om niet? • En om welke gebruikskosten gaat het? • Het gaat hier om binnensportaccommodaties. Dit staat inderdaad niet expliciet in de Jaarrekening. Omdat dat noodzakelijk is voor het laten slagen van de harmonisatie van de buitensportaccommodaties stellen we in de jaarrekening voor om het resterend budget toe te voegen aan de reserve onderhoud kapitaalgoederen met oormerk sport. Dat speelt bij de binnensportaccommodaties niet. Bovendien is op dit taakveld (na verrekening met de coronareserve en de genoemde toevoeging aan de reserve onderhoud kapitaalgoederen met oormerk sport) geen budget overgebleven. • Het gaat hier om met name schoonmaakkosten, energiekosten en onderhoudskosten bij de binnensportaccommodaties.
- 21 -
Weerstandsvermogen en risicobeheersing PvdA Pag. 61
D66 Pag. 61
Vraag 53 Vraag: Waarin schat u de kans op het overtreden van de AVG zo hoog (70%) in? Zijn daar aanwijzingen voor? De gemeente kent veel verwerkingen van persoonsgegevens. Bij deze verwerkingen volgt de gemeente de eisen en verplichtingen uit de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG). Het werken met persoonsgegevens is voor een groot deel mensenwerk waarbij ondanks de getroffen technische en organisatorische maatregelen ook wel eens iets mis kan gaan. Daarvoor werkt de gemeente continu aan bewustwording. Voor het objectiveren van de risico-inschatting maakt de gemeente gebruik van standaardklassen. Een kans van 70% dat een risico zich mogelijk voordoet staat daarbij gelijk aan de klasse dat een risico zich 1x per 1-2 jaar voordoet. De kans is groot, wij melden elke overtreding..
Vraag 54 Vraag: Waar vinden wij de personeelskosten risico’s als gevolg van ziekteverzuim, inflatie, meer inhuur etc.? Het genoemde risico maakt onderdeel uit van het risico “Het niet (blijvend) kunnen waarborgen van de continuïteit van dienstverlening”.
Pag. 61
Vraag 55 Waar vinden wij kosten risico’s als gevolg van onverwacht grote eis voor vluchtelingen/status houders opvang? In de jaarrekening 2021 is geen risico opgenomen voor het opvangen van kosten risico’s als gevolg van een onverwacht grote eis voor vluchtelingen/statushouders opvang. De kosten voor opvang van statushouders loopt via de reguliere stromen van de gemeente, zij zijn na het toekennen van woonruimte ingezetenen van de gemeente. Voor het opvangen van ontheemden uit Oekraïne, hetgeen vanaf 2022 speelt, heeft het Rijk aangegeven dat gemeenten gecompenseerd (gaan) worden.
Pag. 61
Vraag 56 Waar vinden wij kosten risico’s als gevolg van hoger dan verwachte inflatie en/of gas prijzen? Bij het opstellen van de begroting nemen wij jaarlijks de verwachte inflatie mee om de begroting op peil te houden. Indien de werkelijke inflatie in een begrotingsjaar afwijkt van de verwachte inflatie betrekken wij dit bij de Bestuursrapportage of het komt tot uiting in de jaarrekening.
Pag. 61
Vraag 57 Vraag: Waar vinden wij kosten risico’s als gevolg van extreem weer overlast, denk aan extreme regenval die schade veroorzaken. In het overzicht op pagina 61 van de Jaarstukken 2021 vindt u dit risico bij het programma Fysiek met als naam “Wateroverlast vanwege heftige regenval”.
- 22 -
Bedrijfsvoering D66 Pag. 70
Vraag 58 Hoe verhouden het totaal van de toegerekende personeelslasten per taakveld zijnde 43,4mln zicht tot de begrote loonsom van 30 mln. De loonsom van de organisatie (begroot € 30,4 miljoen) is een van de onderdelen van de totaal geraamde toegerekende personeelskosten van € 37,8 miljoen. De werkelijke totale toegerekende personeelskosten bedragen € 43,4 miljoen. Zie hiervoor de specificatie van de toegerekende personeelskosten en een analyse op verschillen tussen begroting en jaarrekening de algemene beantwoording loonsom en (externe) inhuur.
Pag. 70
Vraag 59 Klopt het dat de inhuur voor het deel van kosten van 6,4mln niet waren opgenomen in de begroting van 2021. Op pagina 70 is de werkelijke inhuur ten laste van de loonsom van € 6,4 miljoen gepresenteerd. De totaal begrote loonsom wordt ingezet voor dekking van de kosten van personeel in dienst (conform de werkelijke bezetting) plus inhuur op vacatures en vervanging wegens ziekteverzuim. De inhuur ten laste van de loonsom is dus begroot in het totale bedrag van de loonsom. In de paragraaf bedrijfsvoering is verantwoording afgelegd over de werkelijke kosten ten opzichte van de begroting. In het onderdeel Begrotingsrechtmatigheid (pag. 100) is de overschrijding, als onderdeel van de overschrijding van het budget op het programma Bestuur, ook expliciet toegelicht en getoetst aan de door de raad in het Controleprotocol gestelde kaders. Deze afwijking valt onder criteria 2. ‘Begrotingsafwijkingen die niet tijdig in een eerdere Bestuursrapportage opgenomen hadden kunnen worden’ uit het door de raad vastgestelde Controleprotocol. Dit past dus binnen de door de raad vastgestelde kaders waardoor de accountant de overschrijding niet als fout hoeft mee te wegen in het oordeel over (begrotings)rechtmatigheid.
Pag. 70
Vraag 60 Als de inhuurkosten niet waren opgenomen in de begroting, wie en wanneer heeft hiervoor goedkeuring verleend. De inhuur ten laste van de loonsom is begroot in het totale budget van de loonsom. Zie ook antwoord op de vorige vraag.
Pag. 74
Vraag 61 Zijn de niet uitgegeven kosten voor Informatisering & Automatisering nu doorgeschoven naar de voorzieningen of reserveringen? Overschotten op reguliere budgetten vallen conform de financiële verordening vrij in het resultaat van het boekjaar en worden niet apart gereserveerd of in een voorziening gestort. De lijn is dat op het moment dat dit tot tekorten in het volgende boekjaar leidt, dit wordt vermeldt in de Bestuursrapportage van het betreffende (volgende) jaar.
- 23 -
Pag. 70
Vraag 62 Kunt u aangeven welke procedures gehanteerd worden bij de inhuur van personeel zodat de rechtmatigheid en de doelmatigheid zijn gegarandeerd en dat we verzekerd kunnen zijn dat de organisatie volledig in control is, zoals de rekenkamer SV aangeeft. Bij de inhuur is het inkoop- en aanbestedingsbeleid een belangrijk kader. Zowel uit de eindrapportage AO/IC (intern) als uit de rapportage van de accountant blijkt dat de inkoop- en aanbesteding (totaal en niet alleen specifiek inhuur) niet in alle gevallen plaatsvindt conform het inkoop- en aanbestedingsbeleid. De accountant komt hierdoor niet tot een goedkeurend oordeel op het aspect rechtmatigheid.
Pag. 70
Vraag 63 Zijn de procedures op een juiste wijze gehanteerd bij de inhuur van personeel zoals duidelijk is aangegeven in het rekenkamerrapport van April 2018, zowel qua rechtmatigheid en doelmatigheid. De overschrijding op de totale loonsom (salarissen en inhuur), zoals verantwoord in de paragraaf bedrijfsvoering is ook onderdeel van de overschrijding op het programma bestuur. In het onderdeel Begrotingsrechtmatigheid (pag. 100) is de overschrijding, als onderdeel van de overschrijding van het budget op het programma Bestuur, ook expliciet toegelicht en getoetst aan de door de raad in het Controleprotocol gestelde kaders. Deze afwijking valt onder criteria 2. ‘Begrotingsafwijkingen die niet tijdig in een eerdere Bestuursrapportage opgenomen hadden kunnen worden’ uit het door de raad vastgestelde Controleprotocol. Dit past dus binnen de door de raad vastgestelde kaders waardoor de accountant de overschrijding niet als fout hoeft mee te wegen in het oordeel over (begrotings)rechtmatigheid. In de programmaverantwoording is verantwoording afgelegd over de 3 W-vragen: Wat hebben wij bereikt? Wat hebben wij daarvoor gedaan? Wat heeft het gekost? Hier gaat het om de realisatie van de doelstellingen per programma in relatie tot de ‘totale’ kosten op programmaniveau en niet specifiek over een deel van deze kosten (zoals de inhuur).
Pag. 70
Vraag 64 Zijn de aanbevelingen van het rekenkamerrapport ‘Afhandeling van klachten, bezwaren en meldingen Gemeente Stichtse Vecht van november 2019, geïmplementeerd. En kunnen we hier de evaluatie wat nu de resultaten zijn. Veel van de nog openstaande aanbevelingen zijn inmiddels gerealiseerd. Met betrekking tot de klachten is in lijn met de AVG afgesproken dat toegang tot klachtdossiers beperkt is tot medewerkers met een rol in het klachtproces. (aanbeveling 1). Verder is de focus recent op het systeem van klantcoaches gelegd. Dit bevordert de uniformiteit. Met betrekking tot de aanbevelingen over bezwaar is te melden dat de implementatie van het speciale bezwaarsoftwareprogramma recent is afgerond en dat daar nu mee wordt gewerkt. (aanbeveling 8). Ten slotte worden stappen gezet om het systeem voor meldingen openbare ruimte (fixi) overzichtelijker en duidelijker te maken, zowel voor inwoners als voor de interne organisatie (aanbeveling 14, 15 en 18). In 2021 is in de prioriteitstelling van het college besloten om wel verder uitvoering te geven aan de aanbevelingen zelf, maar niet meer jaarlijks over de aanbevelingen te rapporteren aan de raad, om zo de werkdruk in de ambtelijke organisatie beheersbaar te houden. Er zal dus ook geen verdere evaluatie van of rapportage over het rekenkameronderzoek plaatsvinden.
- 24 -
CDA Pag. 70
Vraag 65 Het valt op (bij vrijwel alle programma’s) dat er veel meer uitgegeven wordt aan personeelskosten (door duurdere inhuur), maar dat er tegelijkertijd overal werk is blijven liggen door het personeelstekort. Hoe staat dit met elkaar in verhouding? Is de duurdere inhuur de overschrijding van de budgetten dan wel waard? En is er een maximum percentage dat uit ‘inhuur’ mag bestaan (op het totale personeelsbestand)? In de programmaverantwoording is verantwoording afgelegd over de 3 W-vragen: Wat hebben wij bereikt? Wat hebben wij daarvoor gedaan? Wat heeft het gekost? Hier gaat het om de realisatie van de doelstellingen per programma in relatie tot de ‘totale’ kosten op programmaniveau en niet specifiek over een deel van deze kosten (zoals de inhuur). Er is geen maximum percentage voor de inhuur vastgesteld. In de afgelopen jaren streeft gemeente Stichtse Vecht wel naar inhuur voor maximaal 10% van de loonsom. De werkelijke inhuur ten laste van de loonsom in 2021 bedraagt 19% van de werkelijke loonsom. Zie de nadere toelichting en analyse op hoofdlijnen in de algemene beantwoording loonsom en (externe) inhuur.
Pag. 72
Vraag 66 Er staat hier dat er geen structurele opvolging heeft plaatsgevonden of maatregelen ook daadwerkelijk zijn toegepast door teams om datalekken te voorkomen. Gaat dit nog wel gebeuren? Ja, Om te kunnen volgen of de organisatie follow up aan deze verbeterpunten heeft gegeven en de gekozen maatregelen effectief zijn geweest, zal een monitor worden ontwikkeld.
- 25 -
Grondbeleid CDA Pag. 83
Vraag 67 Over locatie ’t Kockenest Kockengen: Navraag van het CDA bij de woningbouwstichting V&O leert dat de plannen vanuit hun kant klaar zijn, inclusief participatie met de buurt. Kan dit plan niet snel(ler) opgepakt worden? In onderzoek is om de locatie te gebruiken voor het plaatsen van units ten behoeve van de opvang ontheemden uit Oekraïne. Uitgangspunt is dat deze invulling de plannen van woningbouwstichting V&O niet in de weg zit. V&O heeft aangegeven deze locatie niet te gebruiken voor 2024 aangezien de ruimtelijke procedures nog moeten worden doorlopen. Daarnaast maakt het prioriteren van projecten onderdeel uit van de coalitieonderhandelingen, i.v.m. de beperkte capaciteit en daar komt dit project ook aan de orde.
- 26 -
Corona PvdA Pag. 94
Pag. 94
CDA Pag. 96
Vraag 68 In de risicoreserve Corona zit nog een groot bedrag. Zijn er voor dit geld al uitgaven geoormerkt? Verwacht u nog veel corona-uitgaven in 2022 en verder? Ja, er zijn uitgaven geoormerkt. Zie voor de laatste stand de RIB van 10 maart 2022. Er hebben in 2022 nog uitgaven plaatsgevonden. Ook zijn er nog rijksgelden ontvangen. Bij de Berap willen wij de actuele stand van de reserve corona inzichtelijk maken. Vraag 69 Is er een regel die bepaalt hoelang de risicoreserve corona moet blijven bestaan? Als dat niet (meer) zo is, aan welk deel van de jaarrekening zou een overschot op deze reserve kunnen of moeten worden toegevoegd? Nee, die regel is niet vooraf gesteld. De raad bepaald hoe lang de reserve moet blijven bestaan. Bij de Berap willen wij de actuele claims op de reserve corona inzichtelijk maken. Aangezien de reserve is gevormd vanuit de algemene reserve ligt het voor de hand om een overschot (het deel van de reserve waar geen claim meer op ligt) terug te storten naar de algemene reserve.
Vraag 70 Hier staat dat er meer is uitgegeven aan onderwijs. ‘Met name doordat er door de scholensluiting minder leerlingenvervoer is geweest, echter hebben wij onze vervoerders deels gecompenseerd voor de terugval in omzet.’ Hoe kan het dat er meer is uitgegeven terwijl de vervoerders deels gecompenseerd zijn? Op leerlingenvervoer is in 2021 ongeveer €150.000 minder uitgegeven dan begroot. Dit bestaat uit twee delen: 1. De kosten zijn €205.000 lager uitgevallen in verband met corona en het chauffeurstekort. 2. De terugval in omzet bij onze vervoerders hebben wij deels gecompenseerd, in totaal €56.985. Omdat de lager uitgevallen kosten in de administratie niet als coronakosten geregistreerd kunnen worden en omdat niet te bepalen is welk deel toe te rekenen is aan corona en welk deel aan het chauffeurstekort, worden de lager uitgevallen kosten op het taakveld als regulier verantwoord. De compensatie is wel als coronakosten geregistreerd, vandaar de verantwoording hiervan in de coronaparagraaf.
- 27 -
Samen Stichtse Vecht Pag. Vraag 71 93, 96 Exploitatietekort Kikkerfort. En 103, Bij de Berap heeft mijn fractie vragen gesteld over het compensatiefonds ijsbanen en 107 zwembaden. Deze bijdrage was door de gemeente aangevraagd, maar er was nog geen besluit ontvangen. Op pagina 93 en 96 worden de lasten wel genoemd (circa 370K) en op pag. 107 is er een globaal overzicht van kosten en baten sportaccommodaties, maar er is niet expliciet genoemd wat de Rijkscompensatie is geworden. • • • • • • •
•
Wat is de hoogte van deze compensatie en waar staat dat in de jaarstukken? Is dat het bedrag genoemd op pagina 103 onder incidentele baten sportaccommodaties van 380 K? Als dat zo is, dan is er toch sprake van budgetneutraal, omdat de baten nagenoeg de derving aan kosten compenseert? Klopt deze conclusie? De hoogte van de compensatie voor de 1ste helft van 2021 bedraagt €183.806. Dat staat onder de coronatoelichting voor programma 5 op pagina 96. Nee, zie antwoord op vorige vraag. De genoemde 380k is de compensatie voor 2020 Nee, Voor de 2de helft van 2021 is nog niet bekend of er een rijksbijdrage ter compensatie van de exploitatieverliezen zal plaatsvinden. De exploitatieverliezen zijn ongeveer 370k, de baten zijn tot nu toe 183k. Het (nog) niet gecompenseerde verlies over de 2de helft van 2021 hebben wij (voorlopig) gedekt binnen de coronareserve. Zie antwoord op 3e bullit.
- 28 -
Overzicht van baten en lasten D66 Pag. 98
Vraag 72 Interpreteren wij de cijfers juist dat het begrote verlies van 0,4mln gewijzigd werd in 1,8mln en uiteindelijk 7,1mln is geworden. Maar dat door in de plaats van 0,5mln de reserves te verminderen nu deze met 9,0mln worden verlaagd. Het geraamde primaire begrotingsresultaat 2021 was € 131.285 positief. Door de in 2021 vastgestelde begrotingswijzigingen daalde het geraamde begrotingsresultaat naar € 0. Het rekeningresultaat na bestemming komt bij de jaarrekening 2021 uit op positief € 1.901.893. In de primaire begroting 2021 was de verwachting dat per saldo € 426.862 aan de reserves zou worden onttrokken. Via de vastgestelde begrotingswijzigingen 2021 is dit bijgesteld naar een onttrekking van per saldo € 1.831.000. Bij de jaarrekening 2021 komt de werkelijke onttrekking per saldo uit op € 9.050.889. Op de programma’s wordt onder het taakveld Mutaties Reserves op hoofdlijnen een toelichtingen gegeven op de verschillen tussen de geraamde reservemutaties en de daadwerkelijke reservemutaties 2021.