Rapport Rekenkameronderzoek invoering Omgevingswet.pdf
Tekst van het document
Figuur 4: De drie componenten voor de invoering van de Omgevingswet
Hierna zal worden ingegaan welke activiteiten Stichtse Vecht heeft uitgevoerd en gepland op deze drie componenten.
23
Endelhovenlaan 1, 3601 GR Maarssen Postbus 1212, 3600 BE Maarssen T 0346 25 40 00 F 0346 25 40 10 www.stichtsevecht.nl
4.2
Instrumenten onder de wet
4.2.1
Omgevingsvisie In het kort: In de omgevingsvisie legt de gemeente haar ambities en beleidsdoelen voor de fysieke leefomgeving voor de lange termijn vast. De gemeente stelt één omgevingsvisie voor het hele grondgebied vast.
Met de omgevingsvisie bepaalt de raad de strategische ambities voor Stichtse Vecht met de inrichting van de fysieke leefomgeving. Zet de gemeente bijvoorbeeld in op veel woningbouw of wenst de gemeente de natuurgebieden te behouden en beschermen? De raad heeft het college de opdracht gegeven om de omgevingsvisie voor te bereiden. Hiervoor is het kaderstellend koersdocument 16 op 1 juli 2019 vastgesteld. Met de gemaakte keuzes in dit document heeft de raad voorgesorteerd op de inhoud in de uiteindelijke visie. Hierna is het college aan de slag gegaan om de omgevingsvisie verder vorm te geven. Een belangrijk onderdeel daarbinnen is het betrekken van inwoners, ondernemers en stakeholders om input op te halen voor strategische afwegingen. Het geplande participatietraject in teken van de omgevingsvisie wordt beschreven in het participatie- en communicatieplan 17. De uitvoering hiervan was voorzien voor het eerste kwartaal van 2020, maar de beperkende maatregelen door de coronacrisis maakten dat bijna alle fysieke evenementen moesten worden afgezegd. Daarom heeft de organisatie alternatieven bedacht. Allereerst is een digitale enquête aan inwoners verstuurd. Voor de mensen die minder digivaardig zijn, is de mogelijkheid geopend om een analoge ansichtkaart terug te sturen die was toegevoegd aan een huisaan-huisblad.
Om de respons te verhogen heeft de gemeente in de lokale pers en via de eigen kanalen aandacht voor dit traject gevraagd. Uiteindelijk ontving de gemeente 3400 reacties van inwoners en stakeholders, tot tevredenheid van direct betrokkenen. De 16 17
Figuur 5: De door de gemeente verstuurde ansichtkaart
Bron: Kaderstellend koersdocument Omgevingsvisie 1.0 Bron: Participatie- en communicatieplan Omgevingsvisie
24
Endelhovenlaan 1, 3601 GR Maarssen Postbus 1212, 3600 BE Maarssen T 0346 25 40 00 F 0346 25 40 10 www.stichtsevecht.nl
opgehaalde resultaten zijn verwerkt in een infographic die is gedeeld met raad en inwoners via huisaan-huisbladen en eigen communicatie. Om de uitkomsten in de praktijk te toetsen zijn raadsleden, collegeleden en gebiedsregisseurs de straat opgegaan om bij supermarkten, winkelcentra en op markten het gesprek met inwoners te voeren. Ook heeft de gemeente gesproken met de veiligheidsregio om teksten op het gebied van fysieke veiligheid af te stemmen. De input wordt gebruikt voor scenariovorming in een conceptomgevingsvisie. Dit concept wordt in het eerste kwartaal van 2021 met de raad besproken zodat de omgevingsvisie in de zomer van 2021 definitief kan worden opgeleverd. Dat is ruim op tijd, want de wetgever heeft gemeenten tot 1 januari 2024 de tijd gegeven voor de omgevingsvisie. Wel moet Stichtse Vecht nog goed kijken naar de aansluiting op en afstemming met omgevingsvisies in regioverband. Dat is volgens betrokkenen nog een uitdaging, omdat niet alle gemeenten gelijk oplopen. Daarnaast moet ook worden samengewerkt met waterschappen en de provincie. In aanvulling op de omgevingsvisie kan een gemeente ervoor kiezen om programma’s te definiëren met daarin specifieke maatregelen om de gewenste kwaliteit van de fysieke leefomgeving te bereiken 18. Het programma is een instrument onder de Omgevingswet. Gemeenten kunnen zelf kiezen hoe ze programma’s inzetten.
In een programma wordt bepaald wat, hoe, wanneer en met welke middelen een bepaald beleidsdoel moet worden bereikt. Dit kan een programma voor de hele gemeente zijn of voor een specifiek gebied. Een programma is in principe alleen zelfbindend 19. Stichtse Vecht heeft vooralsnog geen concrete verwachtingen of doelstellingen geformuleerd met de inzet van programma’s, terwijl het wel onderdeel is van het gekozen ambitieniveau ‘optimaliseren’ 20 en als activiteit opgenomen op de routekaart.
4.2.2
Omgevingsplan & bruidsschat In het kort: Het omgevingsplan bevat alle regels over de fysieke leefomgeving die de gemeente stelt binnen haar grondgebied. Per gemeente is er één omgevingsplan. De bruidsschat bestaat uit ongeveer 600 bestaande regels waarvoor de verantwoordelijkheid met de invoering van de Omgevingswet overgaat naar de gemeenten.
Waar de omgevingsvisie de beleidsruimte geeft waarbinnen initiatieven in de leefomgeving worden beoordeeld, worden de concrete regels beschreven in het omgevingsplan. Hierbij gaat het om alle regels die de gemeente voor haar grondgebied stelt. Stichtse Vecht geeft eerst prioriteit aan de omgevingsvisie als beleidskader en wil op basis daarvan het omgevingsplan opstellen. De gemeente werkt, net als andere gemeenten, daarom vanaf inwerkingtreding van de wet met een tijdelijk
Zie https://aandeslagmetdeomgevingswet.nl/regelgeving/instrumenten/programma/ Zelfbindend betekent dat het programma alleen het bestuur zelf bindt. Een programma kan wel burgers en bedrijven stimuleren om die dingen te doen die helpen om de doelstellingen te halen 20 Hier schrijft de gemeente dat “De meer concrete beleidskaders, waar een duidelijke gedefinieerde uitvoeringsagenda aan verbonden is, tot programma’s worden omgevormd” 18 19
25
Endelhovenlaan 1, 3601 GR Maarssen Postbus 1212, 3600 BE Maarssen T 0346 25 40 00 F 0346 25 40 10 www.stichtsevecht.nl
omgevingsplan, bestaand uit de per 31 december 2021 geldende bestemmingsplannen, regels in verordeningen en de bruidsschat. Op dit moment is de gemeente bezig haar bestemmingsplannen waar nodig te het actualiseren binnen het bestaande kader van de Wet ruimtelijke ordening. Er wordt gestreefd naar een zogeheten uniformeringsslag van de vigerende bestemmingsplannen. Een voorbeeld hiervan is het bestemmingsplan van De Vecht; dat is één plan, maar de rivier stroomt door verschillende kernen die aanvankelijk allemaal een eigen bestemmingsplan hadden. Het is maatwerk om al deze plannen, in kleine stappen, voor te bereiden op het nieuwe omgevingsplan. Voor het opstellen van het omgevingsplan is een lange overgangsperiode vastgesteld (wettelijk tot 2029). In deze periode moet de gemeente het tijdelijk omgevingsplan hebben omgezet naar een ‘echt’ omgevingsplan, volgens de Omgevingswet. De aanpak hiervoor, bijvoorbeeld gebied voor gebied, of themagewijs, heeft Stichtse Vecht nog niet bepaald. Wel is het de bedoeling om eind 2021 de structuur en algemene inhoud van het omgevingsplan (het zogeheten casco) te hebben bepaald. In de loop van het vierde kwartaal van 2020 wordt door de ODRU geanalyseerd in hoeverre de regels die via de bruidsschat naar de gemeenten worden gedecentraliseerd ook ongewijzigd worden overgenomen.
Mocht de gemeente op de datum van inwerkingtreding wijzigingen willen met betrekking tot de bruidsschat, bijvoorbeeld sommige regels niet overnemen, of juist strengere regels stellen, dan is het van belang dat de software hiervoor tijdig is aangeschaft. Hier is voorlopig nog geen concrete verwachting van.
4.2.3
Toepasbare regels In het kort: Toepasbare regels zijn begrijpelijke vertalingen van juridische regels voor het omgevingsloket. Daar kunnen initiatiefnemers met behulp van vragenbomen checken wat voor hen van toepassing is, of je bijvoorbeeld wel of geen vergunning nodig hebt voor een dakkapel en vervolgens met een formulier de aanvraag of melding indienen.
Binnen Stichtse Vecht is een deelproject gestart met het inventariseren welke verordeningen geschikt zijn om vertaald te worden naar toepasbare regels. Deze projectgroep bevat expertises van de afdelingen Juridische Zaken, Vergunning- Toezicht- en Handhaving, Planologie en het Omgevingsloket. De projectgroep heeft al enkele vragenbomen 21 uitgewerkt, bijvoorbeeld voor het kappen van een boom (kapvergunning). Het werken met vragenbomen wordt door de gemeente gezien als een extra dienstverlening richting initiatiefnemers. De projectgroep heeft vooralsnog geen doelstelling voor ogen welke en hoeveel vergunningen het bij invoering van de wet wil vertalen naar vragenbomen. De projectleider Toepasbare Regels draait daarnaast mee in een interbestuurlijke werkgroep in de regio met enkele omliggende gemeenten en de provincie om best practices uit te wisselen en kennis De toepasbare regels kunnen worden opgeschreven in een beslisboom of vragenboom. Deze worden ontsloten via het DSO. Initiatiefnemers kunnen via een vragenboom controleren of ze een idee mogen uitvoeren op een bepaalde locatie onder de Omgevingswet 21
26
Endelhovenlaan 1, 3601 GR Maarssen Postbus 1212, 3600 BE Maarssen T 0346 25 40 00 F 0346 25 40 10 www.stichtsevecht.nl
bij te spijkeren. Deze brengt de projectleider vervolgens over op de leden van de projectgroep met de hoop dat iedereen over voldoende kennis beschikt om de complexe materie onder de knie te krijgen. Daarnaast werkt de projectgroep ook samen met de veiligheidsregio voor de toepasbare regels met een veiligheidscomponent. Dat contact is gelegd en verloopt goed, wordt aangegeven. Volgens betrokkenen kon Stichtse Vecht voor toepasbare regels in het begin als een van de koplopers binnen de regio worden beschouwd. De gemeente is namelijk vroeg begonnen met oefenen. De snelheid is echter een beetje geremd door het (nog) uitblijven van geschikte software om de toepasbare regels mee te maken en ontsluiten naar het DSO. Het proces om deze software aan te kopen is inmiddels wel opgestart (zie 4.3).
4.2.4
Omgevingsvergunning In het kort: Burgers, bedrijven en overheden kunnen toestemming vragen om activiteiten in de fysieke leefomgeving te mogen uitvoeren door het aanvragen van een omgevingsvergunning. Een belangrijke consequentie van de Omgevingswet is dat voor de gemeente de behandeltermijn is teruggebracht naar acht weken.
De omgevingsvergunning op zichzelf is niet nieuw. Op dit moment kunnen initiatiefnemers al via het OLO een omgevingsvergunning aanvragen. Wat onder de Omgevingswet wel verandert is de termijn die de gemeente heeft om de aanvraag af te handelen; die wordt ingekort van 26 naar 8 weken. Als vergunningverlener of bevoegd gezag wordt van de gemeente verwacht dat zij een integrale afweging maakt met als uitgangspunt: ‘Hoe kunnen we dit initiatief mogelijk maken?´ Medewerkers spreken het vertrouwen uit dat dit gaat lukken, al zien zij wel uitdagingen. Wat vooral belangrijk is, is dat er een duidelijk proces wordt ingericht, zowel binnen de organisatie als in samenwerking met ketenpartners. Binnen de organisatie zijn de werkprocessen die te maken hebben met vergunningverlening, toezicht en handhaving (VTH) al kritisch tegen het licht gehouden. Middels verschillende werksessies is met medewerkers van verschillende afdelingen nagedacht welke impact de Omgevingswet heeft voor de werkprocessen, om deze vervolgens te herdefiniëren en te integreren in de inrichting van het in gebruik zijnde VTH-systeem. Dit wordt door betrokkenen als een succesvol project ervaren. Maar met alleen het herdefiniëren van de interne werkprocessen is de gemeente er nog niet.
Ook met ketenpartners moeten duidelijke afspraken worden gemaakt over rollen, verantwoordelijkheden en (advies-)termijnen wil de gemeente vergunningen op tijd kunnen verlenen. Stichtse Vecht gelooft dat het vooral belangrijk is om voorafgaand aan het formele vergunningenproces met initiatiefnemers al goed door te spreken welke bewijslast wordt voor een specifieke omgevingsvergunning wordt gevraagd. Hier gaat het om het inrichten van een goedlopend vooroverleg 22 waar initiatiefnemers en relevante ketenpartners voor worden uitgenodigd. Er wordt vanaf het vierde kwartaal in 2020 in de regio geëxperimenteerd met het uitvoeren van Omgevingstafels, maar tot concrete afspraken heeft dit vooralsnog niet geleid.
22
Er wordt in dit verband ook gesproken over het organiseren van een Omgevingstafel
27
Endelhovenlaan 1, 3601 GR Maarssen Postbus 1212, 3600 BE Maarssen T 0346 25 40 00 F 0346 25 40 10 www.stichtsevecht.nl
4.3
Digitaal Stelsel Omgevingswet (DSO) In het kort: Het Digitaal Stelsel Omgevingswet (DSO) is het stelsel van de landelijke voorziening samen met de lokale systemen van overheden. De landelijke voorziening bestaat uit het omgevingsloket met op de achtergrond een aantal informatiesystemen. Deze onderdelen van de landelijke voorziening zorgen ervoor dat informatie van overheden op de juiste plek in het omgevingsloket beschikbaar komt.
Om de eerder genoemde instrumenten onder de wet goed te kunnen gebruiken is het belangrijk om de juiste informatiesystemen op tijd te hebben draaien en om de juiste koppelingen te hebben gerealiseerd met andere gemeentelijke systemen en natuurlijk het DSO-Landelijke Voorziening. Er zijn in ieder geval softwarepakketten noodzakelijk voor het opstellen van ruimtelijke plannen, het maken van toepasbare regels en het afhandelen van vergunningaanvragen en meldingen. Het proces om de benodigde software aan te schaffen is opgestart. Over het algemeen is er vertrouwen dat Stichtse Vecht ruim voor de invoeringsdatum hiermee klaar is. Stichtse Vecht is ruim op tijd begonnen met de verwerving van nieuwe VTH software. In een Europese aanbesteding heeft de gemeente gekozen voor Squit 20/20, een pakket van leverancier Visma-Roxit. De koppeling met de acceptatieomgeving van het DSO was als een van de eersten in Nederland gemaakt. Om medewerkers vertrouwd te maken met het systeem zijn uitvoerige werksessies belegd. Dit heeft succesvol uitgepakt: kinderziekten en bugs werden verholpen en de medewerkers werken met het nieuwe systeem. Een punt van aandacht is nog wel de afstemming met het zaaksysteem 23; processen zijn nog onvoldoende op elkaar afgestemd. De verwerving van software voor plannen heeft enige tijd op zich laten wachten.
Dit wordt volgens betrokkenen verklaard door krappe ambtelijke capaciteit en een gebrek aan geschikte leveranciers. In het najaar van 2020 verwacht de gemeente de verwerving te starten. Het voornemen is om de huidige applicatie van Visma-Roxit te upgraden, omdat dit het meest kostenefficiënt lijkt. Vanwege de omvang van dit traject wordt hiervoor geen Europese Aanbesteding gedaan, is de verwachting van betrokkenen. Er is nog geen concrete planning. Voor de toepasbare regels moet een nieuw systeem worden aangeschaft. Hiervoor is inmiddels het programma van eisen gedefinieerd en een shortlist van leveranciers opgesteld. De verwachting is dat de gemeente in het vierde kwartaal van 2020 een systeem kan aanschaffen, dat vanaf het tweede kwartaal van 2021 in acceptatieomgeving kan worden getest. Met betrekking tot het DSO zijn betrokkenen optimistisch; het nieuwe VTH-systeem draait en met de verwerving van de overige softwaresystemen zijn de voorbereidingen in volle gang. Wel wordt aangegeven dat de organisatie als geheel soms lijkt te onderschatten welke technische werkzaamheden en aanpassingen er benodigd zijn om te kunnen aansluiten op en werken met het
De gemeente gebruikt JOIN van de leverancier Decos als zaaksysteem. Volgend jaar moet het zaaksyteem opnieuw worden aanbesteed en wil de gemeente volledig overgaan op cloud-software, net als het DSO 23
28
Endelhovenlaan 1, 3601 GR Maarssen Postbus 1212, 3600 BE Maarssen T 0346 25 40 00 F 0346 25 40 10 www.stichtsevecht.nl
DSO. In aanvulling daarop valt ook te horen dat het werken met de Omgevingswet een veranderende houding en gedrag van medewerkers, inwoners en bestuurders vraagt.
4.4
Anders werken
De laatste pijler van de Omgevingswet wordt omschreven door de term ‘anders werken’. Het gaat hierbij over de interne werkwijze op het gemeentehuis, samenwerken in de regio met ketenpartners en de samenwerking met initiatiefnemers (burgers en bedrijven).
4.4.1
Een andere manier van werken: ja mits in plaats van nee tenzij
Stichtse Vecht is zich ervan bewust dat je er met de implementatie van de Omgevingswet nog niet bent. Sterker nog, nadat de juiste instrumenten zijn ingevoerd en de ICT-koppelingen zijn aangebracht, begint het pas. Dan komt het namelijk aan op een andere manier van werken: meer in samenhang met collega’s, in afstemming met regiopartners, en veelal met in plaats van tegenover een initiatiefnemer. Om deze verandering te faciliteren wordt in samenwerking met een trainingsbureau een leerlijn opgesteld. De leerlijn bestaat uit verschillende serious games die worden ingezet om houding en gedrag te veranderen van ´nee, tenzij´ in ´ja, mits´. De games worden verrijkt met eigen casussen en ervaringen uit Stichtse Vecht. Er bestaat groot draagvlak binnen de organisatie voor het uitvoeren van de leerlijn. Aan middelen (financiën en trainers) is geen gebrek. De verwachting is dat de leerlijn in het vierde kwartaal van 2020 operationeel is. Naast deze leerlijn wordt er in de praktijk al geoefend met het werken in de geest van de Omgevingswet. De overtuiging leeft dat je pas echt met de wet leert te werken ‘door het te doen’. Dit gaat met vallen en opstaan. Soms wordt de ervaring als waardevol beoordeeld, maar tegelijkertijd wordt ongemak en onzekerheid in de uitvoering gevoeld. Een veelgehoord voorbeeld in dat kader is het traject rondom de watertoren in Breukelen.
Die is door een projectontwikkelaar opgekocht om woningen in te realiseren. In de geest van de Omgevingswet is aan deze initiatiefnemer gevraagd om de participatie met betrokkenen in te richten. Het participatietraject stuitte op veel weerstand bij omwonenden, wat raadsvragen opriep. Op dat moment werd de gemeente onzeker, want wie heeft nu eigenlijk welke rol? Wat moet de gemeente als vergunningverlener doen als de uitkomst van het participatieproces negatief is? Welke bevoegdheid heeft de raad dan nog om het plan weg te stemmen? Deze vragen kunnen door verschillende betrokkenen anders worden beantwoord. Al met al toonde het voorbeeld aan hoe moeilijk het soms is om de regie uit handen te geven. De gemeente probeert van zulke ervaringen te leren. Hiervoor is een werkgroep in het leven geroepen, genaamd de ‘Participatiekamer’.
4.4.2
Participatie en communicatie
Participatie komt terug in alle kerninstrumenten van de wet en wordt daarmee onder de Omgevingswet (nog) belangrijker. In Stichtse Vecht is men op verschillende terreinen bezig om hier invulling aan te geven. Eerder werden hiervan al enkele voorbeelden genoemd die betrekking hebben op de omgevingsvisie. Er leven echter ook vragen rondom het onderwerp participatie, want wanneer ‘is het goed genoeg’? Dat is uiteindelijk een politieke beslissing van de raad. Om het gesprek hierover op gang te brengen
29
Endelhovenlaan 1, 3601 GR Maarssen Postbus 1212, 3600 BE Maarssen T 0346 25 40 00 F 0346 25 40 10 www.stichtsevecht.nl
wordt een participatiekader 24 opgesteld. Hieraan wordt gewerkt door de Participatiekamer. Dit kader is breder toepasbaar dan alleen de Omgevingswet. De verwachting is dat het kader in het eerste kwartaal van 2021 met de raad wordt besproken. De Omgevingswet biedt geen normenkader voor participatie. Daarom kan er geen uitspraak worden gedaan over de vraag of het participatiekader voldoet aan de eisen van de Omgevingswet. Betrokkenen hebben alle vertrouwen in het kader dat nu in voorbereiding is. Hierbij wordt wel aangegeven dat de communicatie over het participatiekader van groot belang is. Dit heeft zowel betrekking op de interne communicatie, als in de communicatie richting initiatiefnemers en overige betrokkenen. Het is namelijk belangrijk dat hen duidelijk wordt gemaakt hoe ver hun inspraak reikt. Gaat het bijvoorbeeld om meedenken, co-creatie of meebeslissen? Door hier helderheid over te geven, kunnen misverstanden aan de voorkant van het participatieproces worden voorkomen.
4.4.3
Samenwerken met ketenpartners
Onder de Omgevingswet wordt van de gemeente verwacht dat zij een integrale afweging maakt bij het afgeven van omgevingsvergunningen. Bij complexe aanvragen spelen hierbij de Omgevingstafels een belangrijke rol. Aan deze tafels zijn de gemeente en de ketenpartners in de regio vertegenwoordigd. Dit zijn (buur)gemeenten, het waterschap en de provincie, maar ook de GGD, de veiligheidsregio en de Omgevingsdienst. Daar waar de gemeente de vergunningverlener of behandeld dienst is, kunnen ketenpartners hun adviezen over de aanvraag via het DSO leveren. Hoe dit er concreet komt uit te zien, is voor betrokkenen binnen Stichtse Vecht nog niet kristalhelder. Wel worden al verkennende gesprekken gevoerd met de veiligheidsregio (VRU) en de Omgevingsdienst (ODRU) over adviestermijnen. Zeker nu een vergunningaanvraag binnen acht weken afgehandeld moet worden, is het belangrijk dat de gemeente erop kan vertrouwen dat zij samenwerkt conform vaste afspraken en termijnen. Binnen Stichtse Vecht zijn verschillende ambtenaren betrokken bij de samenwerking met ketenpartners. Over het algemeen weten zij de partners goed te vinden. De contactpersonen kennen elkaar persoonlijk en anders komt men via regionale overlegstructuren een heel eind. De lijntjes zijn kort.
Door de Omgevingsdienst wordt de wens uitgesproken om vaker met Stichtse Vecht te overleggen over de taakverdeling als de Omgevingswet van kracht is. Dit schept duidelijkheid en houdt elkaar scherp.
4.5
De transitieperiode na 1-1-2022
Gemeenten hoeven de Omgevingswet niet volledig in te voeren per 1 januari 2022. Er is een transitieperiode tot 2029 om alle facetten van de wet te implementeren. Binnen Stichtse Vecht wordt er op dit moment nog niet nagedacht over de inrichting van deze overgangsperiode. Er is geen vervolgplan voor na de invoeringsdatum en nog geen concreet zicht op de stappen die dan moeten worden genomen. Bovendien zijn medewerkers vooral nog gericht op de inwerkingtreding. Eerst maar op tijd klaar zijn voor de formele inwerkingtredingsdatum, zo valt te horen.
24
Het participatiekader zal (juridisch) worden vertaald in een participatieverordening
30
Endelhovenlaan 1, 3601 GR Maarssen Postbus 1212, 3600 BE Maarssen T 0346 25 40 00 F 0346 25 40 10 www.stichtsevecht.nl
5.
Betrokkenheid van de raad bij het invoeringstraject
5.1
Inleiding
Ook voor de gemeenteraad betekent de komst van de Omgevingswet verandering. Naast dat de gemeente volgens de letter van de wet straks met andere regels en instrumenten te maken krijgt, wordt verwacht dat er ook in de geest van de wet gewerkt gaat worden. Hierbij gaat het bijvoorbeeld om ruim baan geven aan ideeën van initiatiefnemers en het vroeg meenemen van belangen van betrokkenen uit de samenleving. Hoe de gemeente hier invulling aan geeft, is in veel gevallen maatwerk. De raad bepaalt binnen welke kaders (zowel procesmatig als inhoudelijk) deze interactie tussen overheid, initiatiefnemers en betrokkenen moet plaatsvinden en welke spelregels er gelden. Dit wordt beschreven in het omgevingsplan, en in minder mate in de omgevingsvisie, die door de raad worden vastgesteld. Hiermee heeft ook de raad een belangrijke rol in het Omgevingswettraject.
5.2
Rol van de raad bij het invoeringstraject
Het college heeft flink geïnvesteerd in het betrekken van de gemeenteraad bij het invoeringstraject. De totstandkoming van de impactanalyse en de routekaart viel ongeveer samen met gemeenteraadsverkiezingen in 2018. Het college heeft de nieuwe raad eerst op vlieghoogte gebracht met informatie en inspiratiesessies over de Omgevingswet. De eerste sessie is gehouden in oktober 2018, gevolgd door een verdiepende conferentie in januari 2019. Op deze momenten werd de raad door de wethouder en programmateam bijgepraat over de doelstellingen van de Omgevingswet en werd aan de hand van externe sprekers het verkennende gesprek met de raad gevoerd over diens ambities. Hierna is in april 2019 het collegevoorstel voor het ambitieniveau van Stichtse Vecht in de raad besproken en ingestemd. Daarnaast werd in juli 2019 het kaderstellend koersdocument door de raad vastgesteld, wat de formele opdracht voor het college betekende voor de vorming van de omgevingsvisie. Ook kregen raadsleden een summer school aangeboden om zich verder te verdiepen in de onderlinge rolverdeling met het college onder de Omgevingswet. Na de zomer van 2019 is besloten om een (raads-)klankbordgroep te vormen om een afvaardiging van de raad mee te nemen in het proces naast en tussen de formele momenten van besluitvorming.
Op deze manier wordt getracht om de raad op een meer structurele basis, ook buiten de geplande raadsbesluiten om, bij het invoeringstraject te betrekken. Alle raadsfracties behalve de PVV nemen deel aan de klankbordgroep. De klankbordgroep komt ongeveer tweemaandelijks bijeen om geïnformeerd te worden over het invoeringstraject. Dit wordt in de regel gedaan door de wethouder en/of het programmateam. Door de coronacrisis komt de klankbordgroep minder vaak bijeen. De laatste bijeenkomst dateert van mei 2020. Er wordt daarom opgemerkt dat er weinig continuïteit zit in het betrekken van de raad via deze weg. Bovendien hebben er wisselingen in de ambtelijke en bestuurlijke vertegenwoordiging plaatsgevonden die niet bevorderlijk zijn geweest voor de onderlinge dynamiek en afstemming. De raad is desondanks wel tevreden over de klankbordgroep. Aan de hand van actuele voortgangsinformatie houden ze namelijk de flexibiliteit om bij te sturen als zij denkt dat dit nodig is. Zo heeft de klankbordgroep het programmateam meegegeven om jongeren meer actief te betrekken bij de totstandkoming van de omgevingsvisie. Hier is opvolging aan gegeven door het instellen van 31
Endelhovenlaan 1, 3601 GR Maarssen Postbus 1212, 3600 BE Maarssen T 0346 25 40 00 F 0346 25 40 10 www.stichtsevecht.nl
junior-adviseurs: 16- of 17-jarigen die met Stichtse Vecht meedenken hoe jongeren kunnen worden bereikt om mee te denken over de visie. Het is vooralsnog onduidelijk wanneer de raad verwacht de formele besluitvorming in kader van de invoering te organiseren. Hier is geen concrete planning voor.
April 2019: Vaststelling ambitieniveau 'optimaliseren'
Maart 2018: Impactanalyse en routekaart gereed
Januari 2019: Tweede raadsconferentie
Juli 2019: Vaststelling kaderstellend koersdocument
Oktober 2018: Eerste raadsconferentie over Omgevingswet
2020: Bijeenkomsten van de klankbordgroep
Oktober 2019: Oprichting klankbordgroep
Figuur 6: Samenvatting van de betrokkenheid van de raad bij het invoeringstraject
5.3
Opvattingen van raadsleden
Raadsleden zijn in de meerderheid tevreden over de manier waarop het college hen heeft betrokken bij het invoeringstraject 25. Raadsleden geven aan dat zij zich op hoofdlijnen geïnformeerd voelen over de voortgang. Dit gebeurt onder andere via thematische raadsconferenties, de klankbordgroep en via raadsinformatiebrieven vanuit de griffie. De meningen verschillen echter of ‘op hoofdlijnen’ voldoende is. Sommige raadsleden willen dat de raad meer proactief opereert en willen meer ondersteuning van de griffie om die actieve rol waar te maken. Anderen zijn het daar niet mee eens: de invoering van de wet is een organisatievraagstuk en daar moet de raad zich niet mee bemoeien. Zij vinden het de verantwoordelijkheid van het college om het keuzeproces van de raad te faciliteren en de juiste informatie aan te reiken. Toch zijn raadsleden het er over eens dat de informatie uit het college in dit stadium van het invoeringstraject concreter mag. Hierbij wordt verwezen naar onderwerpen als participatie en samenwerken in de regio. Volgens een raadslid voelt het soms alsof ze een puzzel aan het leggen zijn zonder dat het totaalplaatje duidelijk is. Op specifieke onderdelen van de wet moet concreter worden gemaakt waar de impact voor Stichtse Vecht zit en welke keuzes de raad daarin kan maken. Raadsleden noemen de keuze voor het ambitieniveau ‘optimaliseren’ pragmatisch.
Het was efficiënt om te hergebruiken wat kon, en te verbeteren waar nodig. Bovendien behield de raad voldoende flexibiliteit om een hoger ambitieniveau na streven voor specifieke onderdelen van de wet. De De opvattingen van raadsleden zijn opgehaald tijdens een digitale bijeenkomst. Een lijst met aanwezige raadsleden bij deze bijeenkomst is te vinden onder Bijlage B 25
32
Endelhovenlaan 1, 3601 GR Maarssen Postbus 1212, 3600 BE Maarssen T 0346 25 40 00 F 0346 25 40 10 www.stichtsevecht.nl
aangenomen motie tot ‘versterken van de externe oriëntatie en positionering’ van de gemeente is hier een voorbeeld van. Waar het op dit moment volgens deelnemers aan de raadsledenbijeenkomst aan ontbreekt is het inhoudelijke gesprek over rollen en verantwoordelijkheden en de relatie college-raad onder de Omgevingswet. Veel raadsleden vragen zich af wat er concreet voor hen verandert als gevolg van de wet. Welke bevoegdheden worden gemandateerd naar het college en wanneer is de raad zelf aan zet? De raadsleden waren het tijdens de bijeenkomst eens over het feit dat hier duidelijkheid over moet komen, maar de meningen verschillen wie hier het voortouw in moet nemen. Enkele raadsleden zou graag zien dat het college dit gesprek initieert, terwijl anderen graag zelf meer initiatief nemen, hierbij mogelijk ondersteund vanuit de griffie. Ook betrokkenen uit de organisatie spreken hun wens uit voor een gesprek over rollen en verantwoordelijkheden. Op een aantal punten verandert er wel degelijk iets in de rolverdeling tussen de gemeenteraad en het college van B&W na de inwerkingtreding van de Omgevingswet. Wel krijgt het college van B&W meer bevoegdheden bij de uitvoering van het beleid en is de gemeenteraad nadrukkelijker belast met de hoofdlijnen en het toezicht op het beleidsproces.
Deze verandering, ‘van stoeptegels naar hoofdlijnen’, wordt niet makkelijk vanwege de geringe afstand tussen raadsleden en kiezers. Raadsleden geven conform hun volksvertegenwoordigende rol graag gehoor aan onvrede van inwoners in de uitvoering. Tot slot is door enkele raadsleden de behoefte uitgesproken om te leren van best practices uit andere gemeenten, onder het mom ‘beter goed gejat dan slecht bedacht’.
33
Endelhovenlaan 1, 3601 GR Maarssen Postbus 1212, 3600 BE Maarssen T 0346 25 40 00 F 0346 25 40 10 www.stichtsevecht.nl
6.
Beantwoording van deelvragen
Op basis van het voorgaande kunnen de deelvragen worden beantwoord. Met betrekking tot de ambities: Deelvraag • Welk beleid heeft de gemeente ter voorbereiding op de invoering van de Omgevingswet geformuleerd?
•
Op welke wijze bereidt de gemeente zich voor op een andere manier van samenwerken en een nieuwe integrale aanpak?
Beantwoording Stichtse Vecht heeft het ambitieniveau ‘optimaliseren’ voorafgaand aan het invoeringstraject gekozen. Het ambitieniveau schetst de verwachtingen van de gemeente met de komst van de Omgevingswet. Door te optimaliseren wil de gemeente behouden wat op dit moment al goed is, en verbeteren waar dat nodig blijkt. Het ambitieniveau is vertaald in een routekaart die richting geeft aan de activiteiten die nodig zijn om het ambitieniveau te bereiken. De routekaart beschrijft resultaten, planning en benodigde middelen. De verantwoordelijkheid voor het uitvoeren van de voorbereidingsactiviteiten is belegd bij een programmateam. Het programmateam stuurt deelprojecten aan die bezig zijn met specifieke componenten van de Omgevingswet. De gemeente bereidt zich op verschillende manieren voor op de andere manier van werken onder de Omgevingswet. Er wordt een leerlijn ontwikkeld die ingaat op de gedragsverandering die de Omgevingswet van medewerkers vraagt. Aan de hand van serious games en eigen casussen doen medewerkers zo ervaring op met de werking van de wet. Daarnaast zijn de werkprocessen rondom vergunningverlening, toezicht en handhaving opnieuw beschreven en toegespitst op integraal werken en de termijnen van de Omgevingswet. Tot slot zijn er voorbeelden aangetroffen waarin de nieuwe manier van werken in de praktijk wordt beproefd.
Hierbij gaat het om de Omgevingstafel en de uitvoering van participatie door initiatiefnemers.
Met betrekking tot concrete doelen: Deelvraag • Is het beleid zodanig geformuleerd dat de doeltreffendheid en doelmatigheid ervan op termijn kan worden vastgesteld?
Beantwoording Met de routekaart is het beleid op hoofdlijnen SMART geformuleerd. De programmatische aanpak van het invoeringstraject maakt het mogelijk om te sturen op doeltreffendheid en doelmatigheid. De routekaart is echter niet uitgewerkt in een programmaplan met onderliggende projectplannen en voortgangsrapportages. Bovendien wordt de routekaart slechts beperkt als leidraad voor de uitvoering gebruikt. Deelprojecten hanteren vaak hun eigen 34
Endelhovenlaan 1, 3601 GR Maarssen Postbus 1212, 3600 BE Maarssen T 0346 25 40 00 F 0346 25 40 10 www.stichtsevecht.nl
•
Zijn de beleidsdoelstellingen zodanig geformuleerd dat de uitvoering getoetst kan worden?
•
Wordt in het beleid van de gemeente aandacht besteed aan de realisatie van de door de VNG geformuleerde minimale implementatievereisten?
aanpakken, aanvullend op de routekaart, die desondanks minder eenduidig en SMART zijn geformuleerd. Als belangrijke reden voor deze manier van werken wordt de informele werkcultuur genoemd. Omdat medewerkers elkaar makkelijk weten te vinden en problemen worden opgelost als ze zich voordoen, wordt er weinig door en tussen de verschillende programmaonderdelen vastgelegd. Er is nog niet vastgesteld of en hoe het beleid zal worden geëvalueerd. De belangrijkste beleidsdoelstellingen staan beschreven in de routekaart. De activiteiten daarin geven sturing aan het invoeringstraject. In de praktijk worden deze activiteiten slechts beperkt als leidraad gebruikt in de dagelijkse uitvoering, met als gevolg dat (deel)projecten hun eigen aanpak en doelstellingen bepalen. Bij een gebrek aan voortgangsrapportages is het niet goed vast te stelen of en hoe de activiteiten van de deelprojecten overeen komen met de beschreven activiteiten in de routekaart Op eigen initiatief wordt er in enkele (deel-)projecten gebruik gemaakt van de minimumeisen voor implementatie van de VNG. De hoofdactiviteiten die hierin staan beschreven zijn voorzien van een stoplichtkleur (rood, oranje of groen), maar worden niet goed bijgehouden. Het is onduidelijk of de VNG-lijst ook wordt gebruikt door het programmateam.
Met betrekking tot de relatie tussen doelen en implementatie: Deelvraag • Is in het implementatieplan voorzien hoe de gestelde doelen per 2022 worden gerealiseerd?
•
Voorziet het implementatieplan in de invulling van de periode na 2022?
Beantwoording Alle noodzakelijke activiteiten om het gedefinieerde ambitieniveau te behalen staan benoemd op de routekaart. In de praktijk wordt de routekaart echter als te abstract ervaren voor de dagelijkse uitvoering, maar de routekaart is niet verder gespecificeerd in een programmaplan of verdiepend implementatieplan. Er is dus geen levendig onderhouden overkoepelend implementatieplan dat wordt gebruikt om de doelstellingen te monitoren. Hierdoor is informatie over de voortgang versnipperd aanwezig en bestaat er geen overzichtsbeeld waar de gemeente nu echt staat. Er is nog geen implementatieplan voor de periode na 2022, noch is er in beeld welke besluiten er genomen moeten worden. Wel is al begonnen met de omgevingsvisie die in de transitieperiode gereed moeten zijn. De eerste prioriteit van Stichtse Vecht is op dit moment om op tijd klaar te zijn voor de wettelijke inwerkingtreding van de wet. Het is niet duidelijk hoe de uitvoering er in de transitieperiode uit zal zien. 35
Endelhovenlaan 1, 3601 GR Maarssen Postbus 1212, 3600 BE Maarssen T 0346 25 40 00 F 0346 25 40 10 www.stichtsevecht.nl
•
Welke kosten en baten zijn gemoeid (geweest) met de voorbereiding op de invoering van de Omgevingswet?
De gemeenteraad heeft bij aanvang van het invoeringstraject jaarlijks gemiddeld 500.000 euro beschikbaar gesteld voor de voorbereiding. Dit bedrag blijkt in de praktijk toereikend, mede omdat Stichtse Vecht eigen medewerkers vraagt om aan deelprojecten bij te dragen en niet vaak overgaat op externe inhuur. De keerzijde van deze aanpak is een hoge werkdruk en bij tijd en wijle uitval van sleutelfiguren. Voor de langere termijn voorziet de gemeente dat de wet niet budgetneutraal kan worden ingevoerd door bijvoorbeeld een terugloop in legesinkomsten. Het is nog niet duidelijk hoe Stichtse Vecht deze financiële terugloop wil compenseren. De baten worden door betrokkenen vooral gezien in de verbetering in dienstverlening richting initiatiefnemers. De Omgevingswet wordt als kans gezien om inwoners en ondernemers beter te bedienen. Van ‘nee, mits’ naar ‘ja, tenzij’.
Met betrekking tot de informatievoorziening aan de raad: Deelvraag • Op welke wijze is/wordt de raad bij de voorbereiding/invoering van de Omgevingswet betrokken?
•
Wat zijn de aandachtspunten voor de raad na de invoering van de Omgevingswet?
•
Op welke manier wordt de informatievoorziening aan de raad over de invoering en werking van de Omgevingswet
Beantwoording De raad wordt op een actieve manier betrokken. Er zijn verschillende bijeenkomsten door het college georganiseerd om raadsleden te informeren over de wet. De raad heeft vervolgens het ambitieniveau vastgesteld, en de formele opdracht aan het college gegeven om tot een omgevingsvisie te komen. Naast de formele besluitmomenten wordt de raad via een klankbordgroep op regelmatige basis bijgepraat over de voortgang door de portefeuillehouder en het programmateam. Er is nog geen planning hoe het (verdere) formele besluitvormingsproces voor invoering wordt gedaan. De raad is over het algemeen tevreden over het voorbereidingstraject en de informatievoorziening over inhoudelijke onderwerpen, zoals de omgevingsvisie en participatie, tot nu toe. De tijd van algemeenheden is echter in de ogen van raadsleden voorbij. De raad spreekt de nadrukkelijke wens uit om op korte termijn het verdiepende gesprek met het college te voeren over veranderende rollen, verantwoordelijkheden en bevoegdheden als gevolg van de komst van de Omgevingswet. Enkele raadsleden geven daarbij aan extra ondersteuning van de griffie kunnen gebruiken om meer proactief te kunnen sturen. De informatievoorziening over het invoeringstraject verloopt primair via de daarvoor opgerichte klankbordgroep.
Zo blijft de raad geïnformeerd over de voortgang, ook in het proces naast en tussen de formele momenten van besluitvorming.
36
Endelhovenlaan 1, 3601 GR Maarssen Postbus 1212, 3600 BE Maarssen T 0346 25 40 00 F 0346 25 40 10 www.stichtsevecht.nl
in Stichtse Vecht vormgegeven?
De coronacrisis heeft ervoor gezorgd dat de samenkomsten van de klankbordgroep stil zijn komen te liggen.
Met betrekking tot de lessen voor de toekomst: Deelvraag • Welke lessen zijn geleerd van vorige decentralisaties en wat wordt daarvan meegenomen bij de invoering van de Omgevingswet?
Beantwoording De lessen uit de vorige decentralisaties zijn niet expliciet meegenomen bij de invoering van de Omgevingswet. Bij betrokkenen zijn geen formele leerpunten bekend voortkomend uit een evaluatie van de vorige decentralisaties. Hoogstens kan worden gesteld dat de ervaringen van personen die bij beide trajecten betrokken zijn geweest nu worden meegenomen. Deze zijn deels ingegeven door het eerdere rekenkameronderzoek naar het sociaal domein. Het gaat dan onder meer om programmatisch werken en het werken met een routekaart met SMART doelstellingen.
37
Endelhovenlaan 1, 3601 GR Maarssen Postbus 1212, 3600 BE Maarssen T 0346 25 40 00 F 0346 25 40 10 www.stichtsevecht.nl
7.
Bestuurlijke reactie
Datum 2 februari 2021 Onderwerp Bestuurlijke reactie op bevindingen RKC implementatie Omgevingswet Bijlage(n) n.v.t.
Geachte heer Molenaar, Op 18 december jl. mochten wij het Onderzoeksrapport “Rekenkameronderzoek naar de invoering van de Omgevingswet in de gemeente Stichtse Vecht” van uw Rekenkamercommissie ontvangen. Graag maken wij van de gelegenheid gebruik te reageren op de concept-conclusies, oordelen en aanbevelingen van de Rekenkamercommissie. Wij delen in hoofdlijnen de conclusies en oordelen van de Rekenkamercommissie; wij stellen vast dat de aanbevelingen grotendeels overeenstemmen met de maatregelen die wij – voor zover mogelijk implementeren of waarvan de uitvoering inmiddels is gestart. Uw bevindingen maken tegelijkertijd duidelijk dat wij op onderdelen zaken anders en strakker kunnen organiseren. Wij maken dan ook dankbaar gebruik van deze aanbevelingen. Tot slot zien wij in de oordelen en aanbevelingen bevestiging en steun voor de door ons ingezette koers voor de invoering van de Omgevingswet. Graag gaan wij nader in op een aantal van uw aanbevelingen. -
Versterk de structurele ambtelijke capaciteit voor de invoering van de Omgevingswet.
Uw commissie ziet in de onderuitnutting van de beschikbaar gestelde budgetten ruimte om binnen de financiële kaders structurele capaciteit in te zetten. Voor zover mogelijk hebben wij de beschikbare (structurele) middelen omgezet in structurele capaciteit. Bovendien zetten wij de beschikbare incidentele middelen in om juist inzet van eigen medewerkers (en dus structurele capaciteit) mogelijk te maken. Niettemin ontkomen wij - vanwege specifieke deskundigheid en vaardigheden, maar ook vanwege de continuïteit op andere lopende dossiers – niet aan de noodzakelijke inhuur van externe deskundigheid. De urgentie hiervoor werd afgelopen jaar nog eens vergroot door persoonlijke ontwikkelingen bij direct betrokken medewerkers. Wij zien geen mogelijkheden om met incidentele middelen extra structurele capaciteit voor de invoering van de Omgevingswet in te zetten. Net als de VNG zijn wij kritisch op de vooronderstelling dat e.e.a. budgetneutraal kan worden ingevoerd. Landelijk zetten wij ons in om het rijk hiervan bewust te maken en het rijk in de toekomst meer budget beschikbaar te laten stellen zodat gemeenten de structurele capaciteit kunnen vergroten. -
Professionaliseer project- en programmamanagement
De audit Herenweg-Gageldijk heeft ons geleerd dat (grotere) projecten (te vaak) verzanden en dat sprake is van onvoldoende projectbeheersing. Nog dit jaar adviseert een interne werkgroep over onder andere het invoeren van een project-managementsystematiek en de meerwaarde van een projectmanagementbureau. Uw aanbeveling onderschrijft andermaal de noodzaak hiervan. -
Stel een programmaplan met bijbehorende projectplannen op voor de overgangsperiode 1 januari 2022 tot 1 januari 2029
38
Endelhovenlaan 1, 3601 GR Maarssen Postbus 1212, 3600 BE Maarssen T 0346 25 40 00 F 0346 25 40 10 www.stichtsevecht.nl
Wij herkennen dat een aantal noodzakelijke activiteiten na de beoogde invoeringsdatum doorloopt. Zo ontwikkelen wij de programma’s mede aan de hand van belangrijke thema’s uit de Omgevingsvisie; wij leggen hierbij ook een relatie met de introductie van het opgaven-gericht-werken. Mede om die reden hebben wij dit vooralsnog doorgeschoven. Vanzelfsprekend nemen wij dit op in een planning met bijbehorende projectplannen. Wij zijn van mening dat het realiseren van de omgevingsplannen op basis van het ontwikkelde casco een activiteit is die in de lijn thuishoort. Het programmateam zorgt bij afronding voor een overzichtsplanning tot 2029 die als basis dient voor de uitvoering in de lijn. Van de zijde van het college zien wij tenslotte geen bezwaren om de eindrapportage toe te zenden aan de gemeenteraad. Met vriendelijke groet, Burgemeester en wethouders van Stichtse Vecht, drs. A.J.H.T.H. Reinders
drs. F.J. Halsema
burgemeester
gemeentesecretaris
39
Endelhovenlaan 1, 3601 GR Maarssen Postbus 1212, 3600 BE Maarssen T 0346 25 40 00 F 0346 25 40 10 www.stichtsevecht.nl
8.
Nawoord Rekenkamercommissie
De rekenkamercommissie heeft met belangstelling en waardering kennis genomen van de bestuurlijke reactie van het college. Het college geeft aan de conclusies te onderschrijven en de aanbevelingen op hoofdlijnen te ondersteunen. Bij de reactie van het college willen wij nog een kanttekening plaatsen. Bij de eerste aanbeveling om structurele ambtelijke capaciteit beschikbaar te stellen geeft het college aan dat er geen structurele middelen zijn om extra capaciteit beschikbaar te stellen, ook al is er nu een onderuitnutting van de beschikbaar gestelde budgetten. Onze aanbeveling was met name ingegeven vanuit de constatering dat de huidige inzet kwetsbaar is, omdat medewerkers aangeven dat taken vaak in de eigen tijd uitgevoerd moeten worden, bovenop het reguliere werkpakket. Dit is op termijn niet houdbaar en kan alleen worden aangepakt door medewerkers vrij te maken voor de voorbereidingswerkzaamheden. De rekenkamercommissie hoopt met het onderzoek en rapport een bijdrage te hebben geleverd aan de verdere voorbereiding van de Omgevingswet en ziet de behandeling van het rapport door de raad met belangstelling tegemoet.
40
Endelhovenlaan 1, 3601 GR Maarssen Postbus 1212, 3600 BE Maarssen T 0346 25 40 00 F 0346 25 40 10 www.stichtsevecht.nl
Bijlage A: Lijst met gesproken personen Naam Aad Verboom Annemijn van Bokhoven Bianca Espeldoorn Charlotte Spaan Daniëlle Verkade (ODRU) Dennis Boekhout Ingeborg van Honschooten Jeroen Willem Klomps Margreet van de Bilt Marijke de Jong Marleen de Brouwer Najib Puyan Nanda Bader Peter Jochems (VRU) Peter Koster Ron Teegelaar Tom Verkammen Tomas de Smet
Functie/rol (in kader van Omgevingswet) Architect Programmamanager Omgevingswet Raadsgriffier Projectleider toepasbare regels Programmamanager Omgevingswet Programmamanager Omgevingswet Projectleider participatie- en communicatie Wethouder Kwartiermaker Omgevingswet Raadsadviseur fysiek domein Teamleider financiën Projectleider procesbeschrijvingen Projectmanager participatie en communicatie Projectleider samenwerking gemeenten Omgevingswet Projectleider omgevingsplan en bestemmingsplannen Functioneel beheerder VTH-systeem Projectmanager omgevingsvisie Projectleider Omgevingsvergunning
41
Endelhovenlaan 1, 3601 GR Maarssen Postbus 1212, 3600 BE Maarssen T 0346 25 40 00 F 0346 25 40 10 www.stichtsevecht.nl
Bijlage B: Lijst met aanwezigen bij raadsbijeenkomst Naam Pim van Rossum Ike Roetman Gertjan Verstoep Marja van Gaalen Mieke Hoek Onno Tijdgat Ronald van Liempdt Douwe van der Wal Rob Roos Arjan Wisseborn Pauline Bredt
Partij CDA ChristenUnie-SGP GroenLinks GroenLinks Het Vechtse Verbond Lokaal Liberaal Lokaal Liberaal PvdA Streekbelangen VVD VVD
42
Endelhovenlaan 1, 3601 GR Maarssen Postbus 1212, 3600 BE Maarssen T 0346 25 40 00 F 0346 25 40 10 www.stichtsevecht.nl
Bijlage C: Bestudeerde documenten Naam Visie op organisatie Stichtse Vecht 2017-2020 Impactanalyse en ambitie Omgevingswet Routekaart implementatie Omgevingswet Collegevoorstel ‘definitief ambitieniveau Omgevingswet en procesvoorstel’ Verslag Raadsconferentie Omgevingswet Verslag informatieve commissie Besluitenlijst commissie Fysiek Domein (i.k.v. ambitieniveau) Motie ‘versterken van de externe oriëntatie en positionering’ Raadsvoorstel- en besluit ‘vaststellen definitief ambitieniveau voor de implementatie van de Omgevingswet Programmaplan ‘implementatie Omgevingswet (2019-2020) (ODRU) Raadsvoorstel- en besluit ‘Koersdocument omgevingsvisie’ Motie ‘participatie jeugd bij de omgevingsvisie van Stichtse Vecht’ Kaderstellend koersdocument omgevingsvisie Collegevoorstel ‘projectcontract werkgroep participatie’ Presentatie ‘werkgroep participatie’ Participatie- en communicatieplan omgevingsvisie Jongerenperspectief over de omgevingsvisie Notitie ‘advies transitiefase omgevingsplan/bruidsschat’ (ODRU) Uitvraag ketenpartners regionale samenwerking Omgevingstafel Utrecht Aanbesteding leerlijn Omgevingswet Terugkoppeling uitkomsten enquête en ansichtkaart omgevingsvisie Notitie ‘Actualisatie structurele bijdrage onder Omgevingswet’ (ODRU) Overzicht ingestemde producten door de raad Diverse raadsinformatiebrieven Diverse verslagen van bijeenkomsten van de klankbordgroep
Overzichtskaart ‘op weg richting implementatie 2021’ Planning ‘opstellen omgevingsplan’ Minimumlijstje VNG Communicatieplan lancering enquête en ansichtkaart Communicatieplan terugkoppeling resultaten enquête Plan van aanpak ‘project toepasbare regels’ Mijlpalenoverzicht Omgevingswet (ODRU) Handreiking Bruidsschat Omgevingswet (ODRU)
Datum 11 april 2017 1 maart 2018 1 maart 2018 21 augustus 2018 10 oktober 2018 22 januari 2019 19 maart 2019 2 april 2019 3 april 2019 12 juni 2019 1 juli 2019 1 juli 2019 1 juli 2019 2 juli 2019 28 augustus 2019 20 november 2019 17 december 2019 9 maart 2020 29 mei 2020 8 juli 2020 1 september 2020 1 september 2020 Geen datum Geen datum Geen datum Geen datum Geen datum Geen datum Geen datum Geen datum Geen datum Geen datum Geen datum
43
Endelhovenlaan 1, 3601 GR Maarssen Postbus 1212, 3600 BE Maarssen T 0346 25 40 00 F 0346 25 40 10 www.stichtsevecht.nl
Bijlage D: Routekaart voor implementatie
44