CConstaterende datStichtse Vecht
Koppel je AI →
Document · PDF

Ontwerp Omgevingsvisie Stichtse Vecht 27 mei 2021.pdf

Commissie Fysiek Domein 15 juni 2021, gemeente Stichtse VechtBij agendapunt: 4. 20:30: Peilnota ontwerp Omgevingsvisie.24.607 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

Naast het stoppen/vertragen van de veenoxidatie met de bijbehorende CO2 uitstoot, is een ingrijpende verandering in ons energiegebruik nodig. Vermindering van het energiegebruik, maar ook het duurzaam opwekken is nodig. Als land hebben we de ambitie bepaald om in 2030 35 TWh (terawattuur) elektriciteit duurzaam op land op te wekken. Op regionaal niveau onderzoeken we hoeveel we hier als regio aan gaan bijdragen (ontwerp RES: 1,8 TWh in 2030). Stichtse Vecht heeft de lokale opgave voor het opwekken van duurzame energie vastgesteld op 76

minimaal 0,1 TWh in 2030 en minimaal 0,2 TWh in 2040. De focus ligt hierbij in de nabije toekomst op zonne-energie. Daarnaast hebben we nog een besparingsopgave en een warmteopgave. Bodemdaling door zetting en veenoxidatie speelt in het veenweidegebied al sinds de 12e eeuw. Bij zetting daalt de bodem onder het eigen of erbovenop geplaatste gewicht. Dit speelt bij wegen en gebouwen en dus vooral in de kernen. Zetting wordt niet veroorzaakt door klimaatverandering, maar kan wel worden verergerd door droogte. Als veen, door een dalende grondwaterstand, aan de buitenlucht wordt blootgesteld, verbrandt of verdampt het langzaam. Dat heet oxideren. Door klimaatverandering zullen er vaker en langer drogere perioden voorkomen waardoor de grondwaterstand daalt en er meer veenoxidatie plaatsvindt. Door veenoxidatie komt het broeikasgas koolstofdioxide vrij, wat bijdraagt aan verdere klimaatverandering. We moeten oplossingen bedenken hoe we samen met de onze inwoners, agrarische ondernemers en organisaties kunnen werken aan een toekomstbestendig veenweidegebied. Daarbij zal naast een goed verdienmodel voor de agrariërs ook een oplossing gevonden moeten worden voor het stoppen/vertragen van veenoxidatie. Het is ook belangrijk om bodemdaling door zetting te voorkomen. Dat verkleint de kans op wateroverlast doordat wegen minder snel zakken en de berging in de watergangen vermindert.

Daarnaast hoeven de wegen dan minder vaak opgehoogd te worden. Het regelmatig ophogen van de wegen is een grote kostenpost voor de gemeente (en dus de maatschappij). Dit resulteert in de volgende opgaven: • Aanpassen aan de gevolgen van klimaatverandering en hier ruimte voor zoeken. • Stoppen/vertragen bodemdaling: veenoxidatie in veenweidegebied en zetting in de kernen. • Minder broeikasgassen uitstoten door: minder veenoxodatie, minder energieverbruik en opwekken van duurzame energie.

Omgevingsvisie Duurzaamheid & milieu

Ervaar je overlast van extreem weer of bodemdaling?

Dat het klimaat verandert en we daar rekening mee moeten houden, wordt door vrijwel iedereen gezien. Inwoners noemen het tegengaan van de efecten van die verandering, onder meer door het verminderen van fjnstof en CO2-uitstoot en de verduurzaming van de landbouw. Ook bodemdaling en het onder controle houden van het grondwaterpeil staan op het lijstje van problemen. Hoe we met elkaar het milieu leefbaar kunnen houden, levert verdeeldheid op. De gemeente zal met duidelijk beleid moeten komen hoe ze dit samen met inwoners en ondernemers wil aanpakken. Dit geldt niet alleen voor klimaatverandering, maar ook voor verduurzaming van Stichtse Vecht.

Stellingen Ben je het ermee eens? (ja/nee) 93,7%

87,6%

Ja, het weer is de afgelopen jaren veranderd.

Ja, er zijn maatregelen nodig om de gevolgen van extreem weer te beperken.

20% Geen overlast

80% Overlast

top

4

1

2

3

4

Planten en bomen drogen uit.

Eigen woning wordt erg warm.

Openbare ruimte is aan het verzakken.

Straat minder goed begaanbaar na regen.

“Er zou meer aan duurzaamheid gedaan moeten worden, zoals lantaarnpalen op zonne-energie, meer zonnepanelen op daken of meer groen rondom scholen.” – Inwoner Maarssen

Maatregelen Inwoners stellen maatregelen voor om de gevolgen van de klimaatverandering tegen te gaan. Bijvoorbeeld het stimuleren van groenere tuinen voor de waterafvoer en de aanleg van groene daken. In het verlengde van deze oplossingen doen inwoners ook suggesties voor verduurzaming. Denk aan het plaatsen van zonnepanelen en meer laadpalen voor elektrische auto’s.

50,8% 72,2% Ja, ik maak mij zorgen over de klimaatverandering.

79,5%

Ja, mijn buurt blijft ook zonder aanpassingen in de toekomst aangenaam.

Ja, gebieden met grote bodemdaling zijn geen geschikte locaties om te bouwen.

Uitslag enquëte inwoners zomer 2020 6

Terugkoppeling Omgevingsvisie

77

Visie

We werken aan klimaatverandering via twee sporen: • Klimaatadaptatie: het aanpassen aan de gevolgen van klimaatverandering op de thema’s wateroverlast, droogte, hitte en overstromingen. We werken aan een groener en klimaatbestendiger Stichtse Vecht. • Klimaatmitigatie: het beperken van klimaatverandering door de uitstoot van broeikasgassen te verminderen. 1. Klimaatadaptatie Klimaatverandering vergroot de kans op: wateroverlast door hevige regenbuien, langere periodes van droogte, hittestress en overstromingen. Om de overlast en schade te beperken zijn ruimtelijke maatregelen én brede bewustwording nodig. Klimaatadaptatie vraagt om een lange adem en continuïteit in beleid. Daarvoor is draagvlak nodig. 87,6% van de inwoners vindt dat er maatregelen nodig zijn. Bij hevige regenbuien komt water op straat te staan. Dat is niet te voorkomen en moeten we accepteren. Wel proberen we om ernstige overlast te beperken en schade aan bijvoorbeeld woningen en vitale en kwetsbare functies te voorkomen. Ook blijven hoofd- en ontsluitingswegen zo veel mogelijk begaanbaar. Geplande werkzaamheden, zoals nieuwbouwplannen en onderhoudscycli van bijvoorbeeld infrastructuur, riolering, groen en gebouwen, benutten we zoveel mogelijk benut om een klimaatbestendige inrichting te realiseren. We gaan meer ruimte creëren voor water, bomen en groen in en nabij de kernen.

Hiermee houden we regenwater langer vast volgens de trits: vasthouden-bergen-afvoeren en zorgen we voor schaduw en verkoeling in hete zomers. Wanneer het regenwater wordt afgevoerd, gebeurt dat zoveel mogelijk gescheiden van het vuilwater. We stimuleren inwoners ook om hun eigen terrein groener te maken en regenwater af te koppelen van de riolering. Bij nieuwe ontwikkelingen is een robuust en toekomstbestendig bodem- en watersysteem uitgangspunt voor hoe je ontwikkelt en waar je ontwikkelt. Technische oplossingen kunnen oplossingen bieden om op, vanuit bodem en water gezien, onlogische plaatsen toch te ontwikkelen. Het bodem- en watersysteem is gemeente overschrijdend. Daarom werken we goed samen met waterschappen, buurgemeenten en andere partijen in de regio. Ook willen we de gevolgen van droogte beperken en daarmee versnelde veenoxidatie en zetting ten gevolge van droogte verminderen. 78

We hebben samen de verantwoordelijkheid om een oplossing te zoeken voor het op zijn minst vertragen van de bodemdaling en de daarmee samenhangende veenoxidatie en zetting. Op de lange termijn is het (steeds verder) verlagen van het waterpeil (in natte perioden) niet houdbaar in het veenweidegebied. Het waterpeil moet naar een duurzaam niveau. Hiervoor zijn verschillende oplossingen: onderwaterdrainage, peilfixatie, permanente inundatie en optoppen (en afgraven). We willen graag samen met de agrariërs een toekomstbestendig en gebiedsdekkend plan maken voor het westelijk veenweidegebied. Dit vraagt om een integrale aanpak en ruimte om te experimenteren. We zoeken een goede balans tussen vernatten en haalbare verdienmodellen. Met het toepassen van onderwaterdrainage zijn alle ervaringen opgedaan. (zie 5.6) 2. Klimaatmitigatie: de energietransitie We staan voor een ingrijpende energietransitie. Het Nationaal Klimaatakkoord geeft richting met een beoogde CO2-reductie van 49% in 2030 t.o.v. 1990. We willen in 2040, uiterlijk 2050, alleen nog maar duurzaam opgewekte energie gebruiken. Om een groener en klimaatbestendiger Stichtse Vecht te worden, werken we naast duurzame energieopwekking aan energiebesparing, duurzame mobiliteit, warmtetransitie (aardgasvrij) en klimaatadaptatie. We beperken ons ruimtegebruik door nieuwe functies slim te combineren.

We zoeken bij het opwekken van duurzame energie zoveel mogelijk naar een combinatie van functies en/of maatregelen om de natuur-, landschaps- en cultuurhistorische waarden te verbeteren evenals de recreatieve beleving. Uitgangspunten bij de energietransitie: • We richten ons op vermindering van de energievraag, ofwel energiebesparing. Hoe meer we besparen hoe minder we (grootschalig) hoeven op te wekken èn op het zoveel mogelijk duurzaam opwekken van de energie die we gebruiken. • De duurzame energie die we opwekken met grootschalige (zonne)energie is onder voorbehoud van een goede landschappelijke inpassing, bijdrage aan lokaal eigendom, wederkerigheid en realisatiemogelijkheden • De energietransitie is een gezamenlijke opgave. De gemeente is één van de partijen. Voor grootschalige opwekking en de warmtetransitie hebben wij een regierol. Veel initiatieven voor besparing en opwekking komen van de doelgroepen zelf. Waar mogelijk en waar nodig zullen wij faciliterend optreden.

79

We dragen bij aan de energiedoelstelling van de regio Utrecht door binnen Stichtse Vecht in 2030 minimaal 0,1 TWh duurzame elektriciteit op te wekken en in 2040 in totaal minimaal 0,2 TWh . Dit is onder voorbehoud van een goede landschappelijke inpassing, bijdrage aan lokaal eigendom, wederkerigheid en realisatiemogelijkheden. De focus ligt hierbij in de nabije toekomst op zonne-energie. Dit is zowel zon op daken en gevels als zon op land. We realiseren zoveel mogelijk zon op daken en gevels door inwoners, agrariërs en bedrijven te stimuleren zonnepanelen op hun daken en gevels te leggen. Voor grondgebonden zonne-energie hebben we de voorkeursvolgorde vastgelegd in het beleidskader zonnevelden. 1. Ja: Zon op daken en gevels en onbenutte terreinen 2. Ja, mits: Zon op land in de groene en oranje gebieden 3. Nee, tenzij: Zon op land in de rode gebieden 4. Nee: de donkerrode gebieden.

Wanneer zonne-energie niet toereikend is voor de lange termijn doelstelling en/of we de maximaal goed in te passen hoeveelheid zonnepanelen hebben bereikt, zetten we ook in op andere vormen van duurzame energie, zoals aquathermie, geothermie, etc. Daarvoor doen we eerst goed onderzoek (en pilots). We spelen in op nieuwe technologieën. Ook gaan we in gesprek met de buurgemeenten en waar mogelijk werken we samen. Wij willen voorkomen dat onze inwoners alleen de lasten hebben en niet de lusten.

Visie werken aan klimaatverandering Klimaatadaptatie • Bewustwording van de ruimtelijke impact van reageren op de klimaatverandering. • Meer ruimte voor groen en water t.b.v. verkoeling, water vasthouden en bergen. • Robuust en toekomstbestendig bodem- en watersysteem leidend De bijbehorende kansenkaart zonnevelden is hiernaast weergegebij ontwikkelingen. ven. Zonnevelden zijn het meest kansrijk in de groene gebieden, • De bodemdaling en veenoxidatie stoppen/vertragen in daarna in de oranje gebieden en tot slot in de lichtrode gebieden. veenweidegebied. en daarna in de oranje gebieden. De rode gebieden zijn uitgesloten voor zonnevelden omdat het hier sprake is van Natura2000. Klimaatmitigatie De provincie staat hier geen zonnvelden toe. De kansenkaart is een • Klimaatbestendiger Stichtse Vecht door slim ruimtegebruik, richtsnoer. Daadwerkelijke kansrijkheid en inpassing vindt plaats duurzame mobiliteit, minder veenoxidatie, energiebesparing, per initiatief op een specifieke locatie. warmtetransitie (aardgasvrij) en de opwek van zonne-energie. • Er wordt binnen Stichtse Vecht minimaal 0,1 TWh duurzame Dit betekent dat we met name kansen voor zonnevelden zien in energie opgewekt voor 2030 en minimaal 021 TWH voor 2040. deelgebied de Snelle Vecht en in de landbouwgebieden op klei ten De focus ligt in de nabije toekomst op zonne-energie.

Hierbij westen van de Vecht (deelgebied Langzame Vecht). Zonnevelden hanteren we onze voorkeursvolgorde. kunnen een (aanvullend) verdienmodel voor stoppende en door- • Voor de lange termijn zetten we ook in op andere vormen van gaande agrariërs vormen. Uit de Plattelandsvisie blijkt dat de agrariduurzame energie. Daarvoor doen we eerst onderzoek (en piërs bereid zijn te investeren in duurzame energie als dat de primaire lots). We bespreken met de buurgemeenten hun energieplannen functie (landbouw) niet beperkt. Zonnepanelen op staldaken, kleine en werken waar mogelijk samen. windmolens (tot 15 meter ashoogte) of grote windturbines (passen niet binnen beleid) hebben geen negatief effect op de agrarische bedrijfsvoering. Verruiming van de netwerkcapaciteit is hierbij wel cruciaal.

80

Kansenkaart zonnevelden (bron: gemeente Stichtse Vecht) 81

Opdrachten voor programma’s

Om de omgevingsvisie te realiseren is het nodig om de volgende opdrachten mee te nemen in de bestaande en nieuwe programma’s: • Opdracht Bewustwording reageren op klimaatverandering • Opdracht Meer ruimte voor water en groen • Opdracht Bodem- en watergeschiktheid voor ontwikkelingen. Hierin meenemen: actualisatie bodemkwaliteitskaart en bodembeheerplan • Opdracht Natte(re) vormen van landbouw (zie 5.6 en 7.1) • Opdracht Integraal en toekomstbestendig plan Veenweide West (zie 5.6) • Opdracht Opwek duurzame energie • Opdracht Uitvoeringsplan zonnevelden (gereed 2021) • Opdracht Warmtetransitievisie (gereed 2021) Vervolgens per wijk of buurt concreet maken in wijkuitvoeringsplannen.

Kaart werken aan klimaatverandering

82

83

Geschiktheid ondergrond voor bouwen (bron: gemeente Stichtse Vecht)

Schets uitleg ontstaan bodemdaling en veenoxidatie en mogelijke oplossingen

84

Inschatting bodemdalingsgevoeligheid (bron: provincie Utrecht)

Stedelijk hitte eiland effect

85

6. Gebieden De visie op thema’s is generiek en geldt voor de hele gemeente. Wel kan een thema in het ene gebied meer impact hebben dan in het andere gebied. We hebben per gebied de visie ingekleurd en genuanceerd. We hebben de opgaven, de verantwoordelijkheden en de input vanuit de samenleving vertaald naar ruimtelijke keuzes voor de volgende gebieden: 1. Veenweide West 2. Snelle Vecht 3. Langzame Vecht 4. Veenweide Oost/Plassengebied 5. De drie grote kernen Binnen deze 5 gebieden hebben we subgebieden bepaald, waarvoor we verschillende doelen nastreven. Dit heeft geleid tot een puzzel van verschillende gebieden die gezamenlijk de gemeente Stichtse Vecht vormen. De visiekaart ‘Kerngezond leven in een stedelijke regio’ biedt het integrale toekomstbeeld voor al deze gebieden en de ruimtelijke keuzes de we maken. In de volgende paragraaf lichten we de vijf hoofdgebieden toe. Voor de meeste gebieden hebben we al een duidelijk beeld. Bij Veenweide West en Oost geven we een eerste richting. De komend ejaren gaan we deze met elkaar verder uitwerken.

86

87

88

89

90

91

6.1 Veenweide West De komende jaren zal de visie op het veenweidegebied nadere uitgewerkt worden. Dit doen we samen met de inwoners, bedrijven en belangenbehartigers van het gebied. Dit pakken we op in de opdracht Integraal en toekomstbestendig plan Veenweide West (zie ook 5.6). Vooral ingegeven door de bodemdalingsproblematiek (veenoxidatie) wordt het open weidelandschap in de verre toekomst een natter, kleinschaliger copelandschap. Een landschap met meer biodiversiteit, meer belevingsmogelijkheden en verrassingen. Dit landschap heeft, naast de agrarische bedrijfsvoering, ruimte voor recreatieve functies en andere functies. Het gebied Veenweide West kan geleidelijk een gezamenlijk landschapspark worden waar ruimte is voor agrarische bedrijfsvoering, landbouw, natuur, wonen en recreatie. Hierbij hoort een nieuwe governance als koepel voor de gewenste transformatie. Om dit mogelijk te maken komt er meer ruimte voor functieveranderingen. Met name voor (agrarische) bedrijven die zich richten op lokale voedselkringlopen en die direct gericht zijn op de consument. Daarnaast zullen we beleidsruimte maken voor bedrijven die zich op een breed scala aan recreatieve en maatschappelijke functies

richten. Daarbij moet de landbouw of het landschap beleefbaar een onderdeel van het bedrijfsconcept zijn. We willen dat de functieverandering niet te veel autoverkeer aantrekt en om die reden zal de gemeente samen met de ondernemers vernieuwende bereikbaarheidsoplossingen bedenken. In een deel van dit gebied, met name in de noord-west hoek, zakt de bodem extra snel. Het stabiliseren van de bodem hier is een ingewikkeld vraagstuk dat nauwelijks op bedrijfsniveau is aan te pakken. Daarom zal er een gebiedsgericht proces komen, waarbij we samen met andere partners naar oplossingen zoeken. Er is op dit moment geen uitzicht op een technische oplossing voor het gebied. Zonder een goede technische oplossing zal de transformatie van dit gebied ingrijpend zijn . Een deel van dit gebied ligt binnen een straal van ongeveer 4 kilometer vanaf station Breukelen. 4 kilometer wordt gezien als de ‘langzaamverkeerszone’ (fietsen) rond een station. Dat is, voor de langere termijn en na 2030 een deel van het onderzoeksgebied voor verdere verstedelijking van de regio. •

Kaart Veenweide West

92

93

6.2 Snelle Vecht We maken van de nood een deugd. De zone langs de A2 is zonder ingrijpende maatregelen voor de luchtkwaliteit en het geluid niet aantrekkelijk/gezond om te wonen. Op een aantal hoog-dynamische locaties waar de verschillende verkeersmodaliteiten bij elkaar komen is het toch aantrekkelijk om ingrijpende maatregelen te nemen om deze locaties ook op het gebied van gezond wonen aantrekkelijk te maken. We zien hiervoor kansen rondom stationsgebied Breukelen.

Belevingszone: snelwegpanorama Vanaf de A2 geniet je hier van het weidse uitzicht. Hier heeft de snelweg nog geen geluidsschermen en ervaar je de ruimte tussen Utrecht en Amsterdam. Hier zie je groene grasvelden met koeien en sloten. De oude molen maakt de beleving compleet. Deze beleving is een visitekaartje van de Snelle Vecht. Dit gebied heeft minder last van bodemdaling omdat er klei in de bodem zit.

Voor de laag-dynamische delen versterken we de huidige functie van het visitekaartje van het Groene Hart en daarmee ook Stichtse Vecht. Automobilisten en vrachtwagenchauffeurs genieten van het groene landschap en worden verleid om hier een keer te komen recreëren of een bezoek te brengen aan de bedrijven met een prachtige zichtlocatie.

Nieuwe leefomgeving nabij OV-knooppunt Breukelen We bouwen na 2040 een groot aantal nieuwe woningen nabij OVknooppunt Breukelen op locaties waar we een zo gezond mogelijke leefomgeving garanderen. Daarbij doen we geen concessies aan onze goede bereikbaarheid. Juist het feit dat veel verkeersmodaliteiten hier samenkomen is een reden om hier te willen wonen en werken. Een goede leefomgeving garanderen kan o.a. op de volgende manieren:

Kaart Snelle Vecht

94

95

• door nieuwe woningen verder van de vervuilende infrabundel te bouwen (buiten de roetbundel) • door de infrabundel minder of niet vervuilend te maken (heeft de gemeente weinig invloed op) • door de manier van bouwen aan te passen: gezondheid-inclusief bouwen • door meer ruimte voor groen te maken We creëren hierbij win-win situaties. Denk bijvoorbeeld aan een manier van bouwen voor een wijk, waarbij de (groene) buitenmuur geluid en fijnstof absorbeert. Bij een gezonde leefomgeving hoort dat we voldoen aan de streefwaarden op het gebied van geluid en luchtkwaliteit die de WHO stelt. Middelen daarvoor zijn bijvoorbeeld geluidluwe gevels en geluidluwe buitenruimte waardoor inwoners kunnen ontsnappen aan hoge geluidsbelasting. Deelname aan het Schone Lucht Akkoord (SLA) is een onderdeel van het beleid.

Breukelen is ook een groene poort. Door de aanwezigheid van de snelweg en het station en de ligging nabij het westelijk veenweidegebied en de Vecht heeft het een bijzondere ligging om als recreatieve poort te fungeren. Toekomstbestendig ontwikkelen bedrijventerrein Breukelerwaard Breukelerwaard is een hoogwaardig bedrijventerrein met bedrijven met allure. Dit bedrijventerrein aan De Corridor is volledig klimaatproof: duurzame energieopwekking, ruimte voor biodiversiteit, hoogwaardige inrichting met veel groen en water. De zichtlocatie langs de A2 is optimaal benut en het hoogwaardige bedrijventerrein is een visitekaartje voor de gemeente. De toename van 9 tot 12 hectare bedrijventerrein is een fantastische injectie voor de werkgelegenheid in de gemeente en regio. Daarnaast kijken we naar vestigingsmogelijkheden voor een regionaal bedrijventerrein.

Revitaliseren en kwaliteitsverbetering bestaande bedrijventerreinen Goed onderzoek naar ontwikkelingsmogelijkheden rondom knoop- We maken de bestaande bedrijventerreinen toekomstbestendig. punt Breukelen Hiertoe onderzoeken we de mogelijkheden voor intensiveren. De grote aantallen woningen nabij OV-knooppunt Breukelen zijn Voorop staat een aanzienlijke kwaliteitsverbetering, toekomstbevoor op de lange termijn. Dit betekent dat we tijd hebben en ook stendigheid, klimaatadaptief en aandacht voor biodiversiteit. nemen om de verschillende ontwikkelingsmogelijkheden rondom knooppunt Breukelen goed te onderzoeken. Voor het plangebied Behoud van groene corridors van de knoopontwikkeling gaan we uit van een reikwijdte van de Tussen de bestaande verstedelijkingslijn langs de A2 zijn meerdere genoemde 4 kilometer. Dan is het station in 20 minuten fietsen be- groene corridors aanwezig. We streven ernaar deze veel mogelijk reikbaar. Dit betekent nog niet dat we voor alle functies binnen deze zichtbaar te houden. Hiermee kan de west - oost verbinding verstraal gaan kijken. Een belangrijk onderdeel van het onderzoek is het sterkt worden welke ook een belangrijk is als verbindingszone voor optimaal benutten van het stationsgebied door dit gebied te trans- het recreatief verkeer. formeren naar een woon-werkgebied.

We onderzoeken op basis van verschillende modellen hoeveel nieuwe woningen en bedrijven mogelijk zijn in dit gebied. Op het gebied van werken zien we mogelijkheden voor verplaatsing van niet courante kantoren naar knooppunt Breukelen. Hierbij creëren we ontwikkelruimte door bestaande functies efficiënter en in hogere dichtheid te ordenen en door P&Rvoorzieningen en de stationsomgeving anders te gebruiken en in te richten.

96

Kaart ontwikkeling rondom OV-knooppunt Breukelen

97

6.3 Langzame Vecht Wat speelt er?

kernen is de N402: een in 1812 door Napoleon aangelegde weg als Het gebied de Langzame Vecht heeft twee gezichten: de drukkere, onderdeel van Route impériale 2 tussen Parijs en Amsterdam. levendige westzijde en de rustigere, groene oostzijde. De belevingszone zien we als het gebied waar het samenspel van al deze elementen beleefbaar is. De Straatweg ligt aan de westzijde, net als de oude dorpskernen. De oude hoofdweg tussen Amsterdam en Utrecht is tegenwoordig een relatief drukke provinciale weg. Langs deze weg liggen de (oude) Visie kernen: Oud-Zuilen, Maarssen-Dorp, Breukelen, Nieuwersluis en Loenen aan de Vecht. Van Loenen aan de Vecht steekt de De zone tussen Vecht en Amsterdam-Rijnkanaal Rijksstraatweg door naar Loenersloot en vervolgt zijn weg langs de De westzijde van de Vecht is en blijft een dynamisch gebied. Hier Angstel. Het Noordelijk deel van de langzame Vecht wordt ook wel wonen de meeste inwoners en er komen veel recreanten. De dorpen de Boerenvecht genoemd. Ook hier liggen de historische dorpen, groeien geleidelijk door en tussen de dorpen houden we groene geVreeland en Nigtevecht aan de westzijde van de Vecht. bieden vrij zodat de dorpen niet aan elkaar groeien. Speciale aandacht is er voor de dorpscentra van alle dorpen aan de Doordat de wegen en dorpen ten westen van de Vecht liggen en Vecht.

De historische delen van die centra zijn van een uitzonderer maar een paar bruggen over de Vecht zijn, is de oostzijde veel lijke kwaliteit en ze hebben een groot potentieel voor blijvende ecorustiger. nomische activiteit. De kunst is om de beschikbare ruimte in deze centra zo veel mogelijk te gebruiken voor bezoekers en inwoners Over het algemeen geldt echter dat er een te grote druk op en langs en ‘omgevingsruimteverslinders’ als motoren en auto’s op afstand de Vecht ligt. Iedereen wil hier wonen en recreëren. (zie 5.3, 5.4 en te houden. Ook moeten we kritisch blijven op het vaargebruik, we 5.5) willen de noodzakelijke overgang naar elektrisch aangedreven vaartuigen stimuleren. Belevingszone Vecht: een tijdloze omgeving De rivier de Vecht is een omgeving die al honderden jaren mensen Belevingszone Vecht als sturend instrument aantrekt. Het bijzonderste van dit gebied is de rivier de Vecht zelf. Binnen de belevingszone zijn veranderingen alleen mogelijk als ze Haar vorm, breedte en vaak beboomde oevers, zijn de basis voor de typische beleving van de Langzame Vecht behouden en/of verde schilderachtige kwaliteit van wat er in eeuwen aan en lang ge- sterken. De bestaande kwaliteiten op het gebied van erfgoed, culbouwd is. Het gebied wordt gekenmerkt door een afwisseling van tuurhistorie en landschap zijn leidend.

De belevingszone is over het dorpen, buitenplaatsen, landhuizen, kastelen, boerderijen en rivie- algemeen maar een smalle zone, zeker in de kernen. Daardoor valt ren. Langs de rivier de Vecht werden kastelen en voorname huizen een groot deel van het gebied buiten de belevingszone. Hier is de gebouwd waarvan er nog vele overeind staan, zoals Slot Zuylen, bandbreedte breder voor ontwikkelingen die aanvullend zijn op de Kasteel Nyenrode en ridderhofstad Gunterstein. In de 17e en 18e typische beleving van de Langzame Vecht. eeuw bouwden vooral rijke kooplieden hun buitenhuizen aan de rivier. De zomerse stank van de Amsterdamse singels en grachten Specifieke aandacht hebben we voor de zichtlijnen. In de Langzame dreef hen naar de Vechtstreek. Bekende voorbeelden van de in to- Vecht zijn er zichtlijnen van en naar de buitenplaatsen, de forten taal 72 buitenplaatsen binnen de gemeentegrenzen zijn Goudestein, (verboden kringen), groepsaccommodaties, molens (molenbiotoOver-Holland en Rupelmonde. Het bracht rijkdom en welvaart in de pen) en beschermde dorpsgezichten. dorpen aan de Vecht. De verbindende weg tussen de verschillende 98

Kaart Langzame Vecht

99

Zichtlijnen in Langzame Vecht De belevingszone van de Vecht bestaat eigenlijk al honderden jaren. Zo zijn er landgoederen met een ‘recht op een zichtveld’ over de Vecht. Daarnaast zijn er zichtlijnen. Een zeer bijzonder voorbeeld van een zichtlijn is die vanaf de eikenbomenlaan van Gunterstein (deze ligt naast de weg met de naam Laan van Gunterstein). Die bomenlaan ligt scheef in de bestaande verkaveling en is dus met opzet aangelegd. Als je net ten westen van vanaf de Scheendijk de bomenlaan inloopt op weg naar Gunterstein, dan zie je de spits van de Pieterskerk, die zo’n driehonderd meter ten westen van Gunterstein ligt, precies boven de ‘lantaarn’ van Gunterstein

Magdalena Poulle met de kaart van de landschappelijke aanleg 100

uitsteken. Die ‘lantaarn’ is het meest in het oog springende kenmerk van het gebouw. En dat is ook begrijpelijk want als je op je wandeling op weg naar Gunterstein doorloopt dan ontstaat er in de laatste paar honderd meter een intrigerend visueel spel tussen lantaarn en toren. Op een bepaald punt van je wandeling lijkt de lantaarn de sokkel van de toren en vervolgens verdwijnt de toren langzaamaan uit het zicht. Dit spel tussen toren en lantaarn dat nu zichtbaar is, is overigens niet precies hetzelfde als de oorspronkelijke situatie omdat de toren van de Pieterskerk een keer ingestort is. Het punt waar de lantaarn de sokkel van de toren leek lag waarschijnlijk wat verder naar achteren. Dit visuele spel is een prachtig voorbeeld

van ‘beleving’. Stel je voor dat je met licht de effecten nog wat sterker zou maken! De zichtlijnen en zichtvelden over de Vecht van en naar de buitenplaatsen en landgoederen zijn bijzonder. De gemeente beschermt de bijzondere zichtlijnen en zichtvelden. Dit geldt ook voor de verboden kringen rondom de forten en groepsschuilplaatsen (Nieuwe Hollandse Waterlinie en de Stelling van Amsterdam) en de molenbiotopen rondom de historische molens.

Zicht op Gunterstein en Pieterskerk vanaf de eikenbomenlaan

Kaart met zichtrelaties en biotopen historische buitenplaatsen, verboden kringen bij forten en groepsschuilplaatsen en molenbiotopen rondom historische molens.

101

6.4 Veenweide Oost / Plassengebied Wat speelt er?

Het gebied Veenweide Oost/ Plassengebied heeft meerdere gezichten. In het Noorden de Kievitsbuurten / Scheendijk: een watersportgebied met onder andere jachthavens en recreatiewoningen en aan de andere kant een natuurgebied met trekgaten en legakkers grenzend aan de Loosdrechtse Plassen. Niet ver hier vandaan ligt aan de nieuweweg een populair recreatiegebied de Strook. Samen met de Provincie Noord-Holland en Utrecht en de gemeente Wijdemeren beheren we het plassengebied. Met het Gebiedsakkoord Oostelijke Vechtplassen werken we samen met betrokken (semi)overheden, bewoners- en natuurorganisaties en ondernemers om het Plassengebied een kwaliteitsimpuls te geven op het gebied van landschap, natuur, recreatie en toerisme. In deze lijn is er gewerkt aan een ontwikkelperspectief voor de Kievitsbuurten en een Toekomstvisie Scheendijk. In het oostelijk deel is de bethunepolder gelegen. De Bethunepolder heeft een rijke historie en is een diepliggende droogmakerij, waar de kwelwater vanuit heuvelrug en de omgeving heen stroomt. Zij ontleent haar naam aan de Belgische Markies De Béthune. Vandaag de dag zijn er nog veel bijzonder historische monumenten en landschappelijke waarden zichtbaar. Het Amsterdamse waterwinbedrijf wint schone kwel voor het drinkwater voor Amsterdam. De polder is in het afgelopen decennium opnieuw ingericht en waterpeilen zijn verhoogd.

Het gebied is van vervening en agrarisch gebied nu voor een groot gedeelte teruggeven aan de natuur. De Bethunepolder is een natuurgebied (NNN) en grotendeels stiltegebied. Met de bijzondere aanwezige flora en fauna is het een uniek drinkwatergebied. Het Veenweidegebied Oostzijde biedt ook plaats aan een concentratie van dagrecreatiefuncties bij de Maarsseveense Plassen met het strandbad, een wellnessvoorziening en diverse horeca- en recreatiefuncties (onder meer pannenkoekenhuis, surfen, duiken, skaten etc.). De Maarsseveense Plassen is een van de drukstbezochte recreatieterreinen van de provincie Utrecht met een regionale functie. We werken regionaal samen met gemeenten en de Provincie om het gebied te beheren en ontwikkelen.

102

Het zuidelijk gedeelte is een kernrandzone, een overgangsgebied tussen Maarssen en Utrecht met wonen, bedrijven en recreatie. We willen het gebied behouden en waar mogelijk op het gebied van natuur en recreatie versterken. Het vormt een schakel van de groene scheg: Polderscheg Lange Linschoten – Woerden – Breukelen en onderdeel van het IRP. Een natuur-recreatie gebied die loopt van Kasteel de Haar naar het Noorderpark. Het gehele gebied is gelegen binnen de Nieuwe Hollandse Waterlinie (NHW). Omdat dit een uniek stukje Nederlandse erfgoed betreft met een internationale betekenis wordt deze op korte termijn toegevoegd aan de lijst van de UNESCO Werelderfgoed. Het erfgoed is van uitzonderlijke universele waarde. Het systeem van de Hollandse Waterlinies bestaat uit drie hoofdelementen: Het strategisch landschap met een reliëf dat het geschikt maakt voor inundatie, het systeem van waterstaatkundige werken dat voor de inundatie kan worden ingezet en de strategisch gepositioneerde militaire versterkingen (o.a. forten en groepsschuilplaatsen) die er onlosmakelijk mee verbonden zijn.Nieuwe ontwikkelingen in het gebied mogen geen aantasting opleveren van de unieke universele waarden van de linie. Het zichtbaar maken en behouden van het systeem van de Nieuwe Hollandse Waterlinie moet centraal staan.

Dit richt zich op zowel de losse onderdelen zelf als op het beleefbaar houden en herstellen van de samenhang tussen de delen. De Nieuwe Hollandse Waterlinie biedt ook kansen. De unieke waarden dragen bij aan een aantrekkelijke leefomgeving om in Stichtse Vecht te wonen, werken en recreëren. De UNESCO aanwijzing vergroot de mogelijkheden voor het versteken van de linie, zowel maatschappelijk als economisch. De te koesteren openheid van het linielandschap biedt kansen voor natuurontwikkeling en het samenhangende strategisch landschap biedt kansen om gebieden te verbinden en (recreatief) te ontsluiten. De barrièrewerking van de Vecht met een beperkt aantal bruggen voor auto’s zorgt ervoor dat in dit gebied relatief weinig auto’s komen. Dat willen we graag zo houden. We stimuleren schone en duurzame vormen van vrijetijdsmobiliteit: fietsen, wandelen en (elektrisch) varen. Het gebied tussen Maarssen en Utrecht vraagt wel om een nieuwe visie.

Kaart Veenweide Oost / Plassengebied

103

Visie

Kievitsbuurten en de Scheendijk De Kievitsbuurten is een bijzonder natuurgebied. Door de beschutte omgeving van de legakkers is het een aantrekkelijk gebied voor vogels. Samen zetten we in op herstel van de legakkers en het aanleggen van natuurvriendelijke oevers. Hierbij geven we invulling aan de ‘Toekomstvisie Scheendijk’, die in 2019 is vastgesteld.

Het gebied gelegen aan de oostrand van Maarssen-Dorp is in de loop van de tijd sterk verkleurd door de aanleg van verschillende recreatieparken en de vestiging van bedrijven. Het resterende agrarische gebied heeft te weinig omvang en is daardoor vatbaar voor verrommeling. De kwaliteiten van het water en de resterende agrarische gronden zijn onvoldoende met het dorp en de omgeving verbonden. Hoe hier een kwaliteitsverbetering kan worden gemaakt zal nader onderzocht moeten worden. Hier wordt een aparte gebiedsvisie voor opgesteld. Waarbij wij streven voor verdere kwaliteitsverbetering van het landschap met doorzichten, natuurlijke randen en een betere toegankelijkheid van de Wilgenplas en Stille plas.

De Scheendijk: Dit watersport- en natuurgebied willen we ontwikkelen tot een uitnodigend overgangsgebied met een meer ‘open’ karakter, waarmee de beleefbaarheid en toegankelijkheid van het achterliggende legakker- en plassengebied ten oosten van de Scheendijk wordt vergroot en de kwaliteit van de recreatieve bedrijvigheid aan Dit geldt ook voor de Maarsseveense plassen. We willen de recreade Scheendijk wordt versterkt. Ook hierbij geven we verdere uitvoe- tieve verbindingen met het omliggende gebied binnen de gemeente ring aan de ‘Toekomstvisie Scheendijk’, die in 2019 is vastgesteld. en met het Noorderpark versterken. We zien kansen om de huidige TOP te ontwikkelen tot een groene poort waarmee het een schakel Zuidelijk deel wordt tussen de tussen verschillende unieke natuur en cultuurhistoVoor de Bethunepolder heeft de gemeente als doel om met de par- rische gebieden die om de Maarsseveense plassen heen liggen. We tijen die betrokken zijn in het gebied door te gaan op de ingeslagen werken regionaal samen om te zorgen voor een passend en eigenweg en te blijven werken aan natuurontwikkeling en natuur inclusie- tijds voorzieningenniveau. ve landbouw in het gebied. Daarbij geven we ruimte voor recreatie zowel in de zomer als in de winter.

104

105

6.5 De drie grote kernen Wat speelt er?

Stichtse Vecht heeft in totaal 12 kernen, waarvan drie grote kernen. Dit zijn Maarssenbroek, Maarssen-Dorp en Breukelen. Centra grote kernen Stichtse Vecht heeft drie grote kernen met een volledig en uitgebreid aanbod voorzieningen. Er dreigt (nog) meer leegstand in de centra als gevolg van online bestellen en corona. Op de culturele hotspots is de afgelopen jaren bezuinigd. Er is behoefte aan ruimte om creatief te zijn, om muziek te maken en waar mensen bij elkaar kunnen komen. Om al deze voorzieningen voor de hele gemeente intact te houden is revitalisering van de drie grote centra nodig.

Visie

Ontwikkeling van de centra Centra staan onder druk door het veranderende koopgedrag. Wij vinden het van belang dat Breukelen, Maarssenbroek en MaarssenDorp een compact, levendig en toekomstbestendig functioneel centrum hebben. De groei van de bevolking van Stichtse Vecht, het groeiende aantal recreanten, de goede bereikbaarheid en de grotere ondernemersruimte maken dit ook mogelijk. De gemeente biedt ondernemers de ruimte om te ondernemen en faciliteert. Het centrum van Breukelen moet door knooppuntontwikkeling Breukelen vanuit het perspectief van een groeiende kern worden benaderd. Aandacht moet er zijn hoe de verbinding met het knooppunt versterkt kan worden. Het centrum kan daarnaast versterkt worden door de Hazeslinger te ontwikkelen naar een parkeer- en verblijfsruimte. Het centrum van Maarssenbroek (Bisonspoor) wordt momenteel gerevitaliseerd. Hiervoor is een stedenbouwkundig kader vastgesteld. Deze wordt de komende jaren verder uitgevoerd waarbij ook de leefomgeving wordt versterkt. Het centrum van Maarssen-Dorp kent twee gebieden waarbij de rivier de Vecht het gebied doorkruist. Blijvende aandacht is nodig om deze verbinding te behouden en waar mogelijk te versterken.

106

Centra in 2030 Van ‘place to buy’ naar ‘place to be’. Dat is de hoofdrichting van onze centra. Waar een woongebied een ‘prive’ sfeer met voorspelbare kenmerken die het wonen veilig en prettig maken, is een centrum een ontmoetingsplek waar je wilt zijn. In Nederland hebben we een traditie om winkels te concentreren in centra zodat voldoende aanloop gegarandeerd is. Daarom hebben we nauwelijks ‘weidewinkels’ in ons land. Maar nu winkels een veel minder grote drager van die centra kunnen worden, verschuift de aandacht naar horeca, cultuur en beleving in het algemeen. Centrumgebieden in 2030 hoeven dus helemaal geen winkelgebieden te zijn. Horeca is belangrijk en wordt nog steeds belangrijker. Horeca kan een centrumplek om zich heen aanzwengelen. Maar ook dat is niet perse noodzakelijk. Bijzondere omgevingen, of culturele omgevingen (‘museumparken’) zijn bij uitstek centrumplekken in stedelijke gebieden, en ontwikkelen zich steeds meer in die richting. De algemene tendens speelt op verschillende schaalniveau’s. Zo ontwikkelen ook wijkwinkelcentra, sportcomplexen en schoolomgevingen zich tot ontmoetingsplekken en zijn dus lokale centrumplekken. Een voorbeeld hiervan is Zuilense Vecht.

De grote centra in onze gemeente zijn • Centrum Maarssen Dorp’ • Centrum Breukelen • Centrum Maarssenbroek • Knooppunt Breukelen (toekomstig) Dit zijn publiekstrekkende centra die we verder willen ontwikkelen. Die ontwikkeling speelt op het raakvlak van programmering en ruimtelijke kwaliteit. Programmering gaat over winkels, culturele instellingen, evenementen, kunst, wonen, horeca. Ruimtelijke kwaliteit gaat over de vechtomgeving, landgoederen, bijzondere gebouwen etc. Wij gaan breed kijken naar de ontwikkelingsmogelijkheden van deze centrumgebieden vanuit het perspectief van programmering en ruimte. Bepalende factor is of je daar bezoekers (uit onze eigen gemeente of van elders) mee aantrekt, en hoe die bezoekers samen meer dan de som van de delen maken: ontstaat er een cultuur van inspiratie en ontmoeten?

Kaart Grote Kernen

107

7. Data en technologie in omgevingsbeleid Dit hoofdstuk gaat in op de kansen die data en technologie bieden voor het omgevingsbeleid. Deze technologische ontwikkelingen zijn veelal autonome ontwikkelingen voor de gemeente. Ze komen op ons af en we moeten/willen er wat mee. De opgave rond technologie is om de impact en mogelijkheden te duiden én om ze adequaat te begeleiden.

108

109

7. Data en technologie Technologie

Een belangrijke ontwikkeling is de technologische ontwikkeling. Vooral digitalisering heeft grote gevolgen. Deze gaat vaak sneller dan we denken. De landbouwbedrijfsvoering is volop aan het veranderen en technologie en robotisering zijn daar een steeds belangrijker onderdeel van. Op het gebied van toerisme en recreatie spelen diverse ontwikkelingen. Eén voorbeeld daarvan is de introductie van ‘real time’ informatie over een gebied. Hoeveel mensen zijn er aan het recreëren langs de Vecht of zitten op het plein in Breukelen?, is er ergens een bepaalde vogel gespot?, is er een ‘pop-up’-nachtelijk (en illegaal) evenement langs de Maarseveense plassen? ‘Virtual en augmented reality’ ontwikkelen zich snel. Dit opent geheel nieuwe mogelijkheden voor de beleving van onze omgeving. Stel je voor dat je met een AR-bril op langs de Vecht beweegt en dat de landhuizen zich aan je tentoonstellen met een verhaal? Dit is geen sciencefiction, maar een van de commerciële lijnen van technologie.

Kennis

Waar technologie een voortdurende motor achter verandering is, komt kennis in onze samenleving centraal te staan. Met kennis kun je de samenleving beïnvloeden, organiseren én inspelen op mogelijkheden van technologie. Daar komt bij dat het bewaren van gegevens zo goedkoop geworden is dat er geen (bewaar)selectie meer nodig is. Kennis is dermate waardevol geworden dat er een soort ‘jacht op data’ ontstaan is. Omdat kennis zo waardevol is, is het onverantwoord deze te verspillen. Overheden, ook wij als gemeente Stichtse Vecht zijn een van de grootste dataverzamelaars en de grootste speler in de verdeling van rechten op data; direct en indirect. Zo registreren wij bijvoorbeeld alle verhuisbewegingen van onze inwoners. Maar wij doen daar niets collectiefs mee, wij weten bijvoorbeeld niet welke veralgemeniseerde verhuisbewegingen er binnen onze gemeente zijn.

De opgave voor kennis is dat we als overheid een strategie voor het omgaan met Technologische ontwikkelingen zijn, vanuit kennis en data ontwikkelen. Een onderdeel gemeentelijk perspectief, autonome ontwik- daarvan is het afdwingen en organiseren van kelingen. Ze vragen een lokaal antwoord en kennisdeling. een inbedding. Wie de ontwikkelingen rond Airbnb in Amsterdam volgt, ziet dat dat nog Kennis ontwikkelt zich in een kennisketen. een hele klus kan zijn. De hoofdstappen zijn:• Data (geregistreerde gegevens);• Informatie (toegankelijk geDe opgave rond technologie is om de im- maakte data);• Kennis (betekenisvolle inforpact en mogelijkheden van ontwikkelingen matie);• Actie (toegepaste kennis). Verspreid te duiden (omdat ze nieuw zijn is dit wezen- door deze omgevingsvisie zijn kennis en lijk, er is geen bestaand kader voor) én om technologievoorstellen opgenomen. Om ze adequaat te begeleiden. deze voorstellen ook te kunnen uitvoeren is een structuur nodig waarbinnen beslissin110

gen over kennis genomen kunnen worden. We gaan een start maken met technologie en kennisbeleid. In eerste instantie willen we een fundament rond de kennisketen opbouwen.

Datagerichte beleidsontwikkeling, datamining, privacy en monitoring

In 2020 en 2021 maken we als samenleving intensief kennis met datagerichte beleidsontwikkeling rond de pandemie. Er worden meetbare doelen gesteld (aantallen ziekenhuisopnames), signaalwaarden gezocht, en voortdurend wordt er door middel van trail- and error beleid rond openstelling van de economie ontwikkeld. Langzaamaan ontstaat zo inzicht in de relatie tussen de beleidskeuzes enerzijds en de effecten anderzijds. Dit is een ‘lerende beleidsomgeving’. Dergelijke lerende beleidsomgevingen zijn bij ons in ieder geval zinvol rond vragen van verkeersstromen, dalende veenbodems, recreatief gebruik van het gebied, waardeontwikkeling (cumulatie van kennis), optimaal woninggebruik, bezoekersstromen in grote kernen en de ontwikkeling van ons energiegebruik.

ken om data te verzamelen, waar bewaar je Eerste stappen naar kennisbeleid de data, van wie zijn ze etc? In vervolg op deze omgevingsvisie zullen we een technologie- en kennisvisie maken Voor ons als overheid is de situatie vrij een- die aangeeft op welke manier we de lerende voudig. Wij verzamelen soms persoonsdata omgevingen rond de genoemde onderweromdat dat wettelijk moet. Daarnaast kunnen pen kunnen gaan opbouwen. Daarin zal ook wij alleen data verzamelen die in anonieme aandacht zijn voor de opslag van data (‘davorm waarde hebben of openbaar gemaakt tawarehouse’) en een relatie worden gelegd kunnen worden, dus in principe anoniem met het DSO. Expliciet zal aandacht worden zijn. Als wij bijvoorbeeld verkeersbewegin- besteed aan de organisatie van onze beleidsgen tellen dan is de registratie van een ‘band productie en de dataverzameling die daar over een lint’ een anonieme registratie maar voor nodig is. een registratie van een nummerbord niet. Registratie van nummerborden kan alleen als daar een wettelijke basis onder ligt. En als we stellen dat opbrengstgegevens van zonnepanelen realtime met ons gedeeld moeten worden dan is het voor ons uitstekend als de eigenaar van de data die anoniem doorgeeft, bijvoorbeeld via de leverancier van de panelen.

Rond deze onderwerpen zullen we dan ook gaan bouwen aan een lerende beleidsomgeving. Daarmee borgen we direct ook de monitoring van beleid die de omgevingswet van ons vraagt. Het verzamelen van data die de basis van deze lerende beleidsomgevingen kunnen zijn is een belangrijk punt. Hoe kun je de privacy waarborgen, hoeveel kosten wil je ma111

Opgesteld door LOS stadomland B.V. in opdracht van de gemeente Stichtse Vecht Nieuwe Linie 1 - 3 5264 PJ Vught Tel: 073 - 7113770 info@losstadomland.nl www.losstadomland.nl

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raadsinformatie.stichtsevecht.nl/api/v1/meetings/1525/documents/34331