Ontwerp Omgevingsvisie Stichtse Vecht 27 mei 2021.pdf
Tekst van het document
ONTWERP Omgevingsvisie Stichtse Vecht ‘t beste van twee werelden
Inhoudsopgave Voorwoord
4
1. Inleiding 1.1 Waarom een omgevingsvisie? 1.2 Omgevingsvisie onder de Omgevingswet 1.3 Toepassing omgevingsvisie 1.4 Fysieke leefomgeving integraal meenemen 1.5 Nationaal, provinciaal en regionaal beleid 1.6 Gemeentelijk beleid 1.7 Hoe is de visie tot stand gekomen?
6 6 6 6 6 8 10 12
2. Strategie
16
3. Uitvoering
20
4. Het verhaal van Stichtse Vecht - anno 2021 26 4.1 Een unieke gemeente 28 4.2 Grote kracht 28 4.3 Snelle Vecht 28 4.4 Langzame Vecht 30 4.5 Veenweidegebied 30 4.6 Kwaliteiten vanuit historische ontwikkeling landschap 30
LOS stadomland B.V. Nieuwe Linie 1-3, 5264 PJ Vught Tel: 073 - 7113770 info@losstadomland.nl www.losstadomland.nl 2
datum: 27 mei 2021 status: ontwerp
5. Thema’s 5.1 Gezondheid voor iedereen 5.2 Ruimte voor de verstedelijkingsopgave 5.3 Goede bereikbaarheid in een steeds vollere regio 5.4 Prettig leven in de kernen 5.5 Ruimte voor recreatie 5.6 Toekomstbestendig vitaal platteland 5.7 Werken aan klimaatverandering
40 44 48 52 56 62 68 76
6. Gebieden 6.1 Veenweide West 6.2 Snelle Vecht 6.3 Langzame Vecht 6.4 Veenweide Oost / Plassengebied 6.5 De Grote Kernen
86 92 94 98 102 106
7. Data en technologie in omgevingsbeleid
108
3
Voorwoord Beste lezer, Voor u ligt de omgevingsvisie van Stichtse Vecht. Hierin staan de belangrijkste ambities en keuzes voor onze fysieke leefomgeving. Of beter gezegd: alles wat u in Stichtse Vecht om u heen ziet, voelt, hoort en ruikt. Denk aan de huizen en andere gebouwen, maar ook aan groen, water en wegen. De omgevingsvisie beschrijft wat voor gemeente we in 2040 willen zijn. Het is een startpunt om goed na te denken wat we als gemeente willen. De komende jaren moeten we het hoofd bieden aan grote opgaven. Hiervoor moeten we keuzes maken en dat is niet altijd even makkelijk en soms nu nog niet mogelijk. De omgevingsvisie is dan ook niet een document wat hierna af is. Het is een levend document wat ongeveer iedere vier jaar herijkt wordt: zijn we nog steeds op de goede weg of moeten we bijsturen. Het nu De gemeente Stichtse Vecht bestaat uit twaalf kernen met elk een eigen identiteit en karakter, die samen Stichtse Vecht vormen en haar zo uniek maken. De gemeente is ook bijzonder door haar diversiteit: een combinatie van verschillende landschappen en karakters.
Stichtse Vecht kent namelijk twee systemen en snelheden naast elkaar: de ’snelle Vecht’, gekenmerkt door bedrijvigheid en de bundel infrastructuur die de strategische ligging tussen Utrecht en Amsterdam belichaamt; en de ’langzame Vecht’, gekenmerkt door de afwisseling van beschermde dorpsgezichten, buitenplaatsen, landhuizen, kastelen, boerderijen en rivieren. Soms zijn deze twee snelheden nauw met elkaar verweven, zoals in de plaatsen Breukelen en Maarssen. Bovendien kennen we een uniek veenweidegebied met veenplassen, die in trek zijn bij recreanten en die van grote ecologische en natuurlijke waarde zijn.
Stichtse Vecht zet in op een gezonde en leefbare woon- en leefomgeving. Het is een gemeente waarin jong en oud fijn wonen, werken en recreëren. Een gemeente met een vitale en krachtige samenleving. Een inclusieve samenleving waarin iedereen tot zijn recht kan komen. Waar iedereen naar vermogen meedoet met de samenleving. Waarbij inwoners zoveel mogelijk zelf de regie over hun situatie behouden. En waar we hulp bieden aan wie dit nodig heeft. De bovenstaande unieke combinatie van bedrijvigheid, recreatie, rust, openheid, toegankelijkheid en een krachtige en vitale samenleving biedt veel kansen voor inwoners, ondernemers en bezoekers. In 2017 zijn we begonnen met de voorbereidingen voor de Omgevingswet. Het opstellen van de omgevingsvisie is daar een belangrijk onderdeel van. Vanaf 2018 hebben we deze omgevingsvisie stapsgewijs opgebouwd met het vaststellen van het plan van aanpak, de omgevingsagenda en de aanvullende keuzes. Dit hebben we zoveel mogelijk samen gedaan met onze inwoners, partners en ondernemers, zodat het een visie is vóór en dóór Stichtse Vecht.
We verbinden aan deze omgevingsvisie diverse beleidsdoelstellingen. Dat vraagt om verdere uitwerking in omgevingsprogramma’s en omgevingsplannen. Daarbij willen we per wijk maatwerk leveren. Dat gaan we de komende jaren, in gesprek met inwoners, ondernemers en andere belanghebbende, vormgeven. De omgevingsvisie richt zich op de toekomst, maar blijft ook steeds actueel. Het is een levend document. We zoeken daarbij de balans tussen zekerheid voor de langere termijn en wendbaarheid als dit nodig is. De Vechtstreek verbindt de agglomeraties van Utrecht en Zo werken we samen aan een duurzaam, veilig en gezond Stichtse Amsterdam. Kenmerkend voor Stichtse Vecht is de ruimte: met haar Vecht. ligging tussen Utrecht en Amsterdam, in een sterk groeiende regio die overvol raakt, wil Stichtse Vecht een gemeente zijn waar ruimte Ik hoop dat u, net als ik, door deze omgevingsvisie geïnspireerd is voor dynamiek, ontspanning en recreatie. Stichtse Vecht is met raakt. Veel leesplezier! haar natuurgebieden, water en cultureel erfgoed voor recreanten de achtertuin van de Randstad. Namens het college van Burgemeester en Wethouders,
Jeroen Willem Klomps 4
College van Burgemeester en Wethouders
5
1. Inleiding 1.1 Waarom een omgevingsvisie?
De wereld om ons heen verandert in hoog tempo en wordt steeds complexer. We staan voor een groot aantal opgaven: gezondheid voor iedereen, de vitaliteit van de kleine kernen, het inspelen op de klimaatverandering, een toekomstbestendig platteland, de toenemende recreatiebehoefte, ruimte bieden aan de verstedelijkingsopgave, het zorgvuldig inpassen van de energietransitie, bereikbaar blijven, etc. Al deze opgaven vragen ruimte. Tegelijkertijd hebben we een fantastisch mooie gemeente. Wij zijn dié goed bereikbare, groene oase binnen al dat stedelijke geweld. Wij hebben een geschiedenis waar je U tegen zegt en onze landschappelijke en cultuurhistorische waarden zijn ongeëvenaard. Hoe gaan we met dit alles om? Wat is een goede balans? Daarom maken we als gemeente, samen met u, een langetermijnvisie op hoofdlijnen voor de hele gemeente: de omgevingsvisie.
1.2 Omgevingsvisie onder de Omgevingswet
De omgevingsvisie is voor ons als gemeente een van de belangrijkste beleidsinstrumenten onder de Omgevingswet. Hierin leggen we onze langetermijnvisie vast. De omgevingsvisie is het centrale instrument. We maken keuzes die gevolgen hebben voor de inrichting en het gebruik van de andere instrumenten, zoals het omgevingsplan en de omgevingsprogramma’s. Een van de hoofddoelen van de Omgevingswet is vereenvoudiging van het beleid. We richten ons beleid en ambities samenhangend en overzichtelijk in. In de omgevingsvisie leggen we de doelen voor de fysieke leefomgeving vast. Het is een strategisch verhaal waarin we de gewenste situatie beschrijven en antwoord geven op de vraag: wat moeten we nu doen om in 2030-2040 een steeds betere leefomgeving te krijgen voor onze inwoners en ondernemers?
• Richtinggevend voor beleid en specifieke thema’s en het nog op te stellen omgevingsplan. In dit omgevingsplan, dat de opvolger van het bestemmingsplan en verordeningen op de fysieke leefomgeving is, worden de regels voor de omgeving vastgelegd. • Als kader en inspiratie voor plannen en initiatieven vanuit burgers, ondernemers en organisaties. • Als toetsingskader om te bepalen of een plan of initiatief bijdraagt aan de gezamenlijk vastgestelde doelen en ambities en op welke onderdelen bijsturing nodig is.
1.4 Fysieke leefomgeving
Echt anders in de Omgevingswet is dat de hele fysieke leefomgeving integraal meegenomen moet worden. Met de fysieke leefomgeving bedoelen we onder andere wonen, werken, recreeren etc. Vanuit de ruimtelijke ordening zochten we al naar balans tussen veel verschillende aspecten. Maar een steeds belangrijker aspect als gezondheid ontbrak nagenoeg. In de ruimtelijke ordening stond het gebruik van de grond centraal: wat mag je met de grond en welke voorwaarden zitten daaraan vast? Grond heeft een eigenaar. Maar de fysieke leefomgeving is van ons allemaal. We geven enkele voorbeelden: Het geluid dat ik maak, wordt jouw geluid als dat in de openbare ruimte is of als het buiten mijn grond komt. De ziektekiemen van een veestapel worden misschien mijn ziekte als ze meegenomen worden door de lucht, etc. Daarom nemen we aspecten als gezondheid en beleving nu veel nadrukkelijker mee binnen de integrale belangenafweging.
Het rijk heeft, om het belang van een gezonde leefomgeving te benadrukken, het verplicht gemaakt om het aspect gezondheid mee te nemen in alle afwegingen. Met de Omgevingswet is het een taak 1.3 Toepassing omgevingsvisie van de gemeente om keuzes te maken over gezondheidsaspecten De omgevingsvisie bevat doelen voor de ontwikkeling van de fysieke als het gewenste geluidsniveau, de gewenste luchtkwaliteit, de kans leefomgeving in heel Stichtse Vecht. De visie wordt op vier manieren op bepaalde ziektes, etc. En om deze keuzes ook te onderbouwen. gebruikt: Standpunten over gezondheidsaspecten kunnen direct gevolgen • Als kader voor toekomstige sturing van de gemeente en spelhebben voor de gebruiksmogelijkheden van gronden. regels over hoe partijen in de omgeving worden betrokken bij ontwikkelingen. 6
Topografische kaart van het plangebied: gemeente Stichtse Vecht 7
Perspectiefkaart: Regio Utrecht in 2040
Bestaande situatie Regio Utrecht 2020 1.5 Nationaal, provinciaal en regionaal beleid
De gemeentelijke omgevingsvisie (GOVI) voor Stichtse Vecht staat niet op zichzelf, maar hangt samen met het regionale, provinciale en nationale beleid. Zo heeft de Rijksoverheid de Nationale Omgevingsvisie (NOVI) opgesteld en de provincie Utrecht de Provinciale Omgevingsvisie (POVI). Ook in het regionale samenwerkingsverband U16 is ruimtelijk beleid geformuleerd: RES, RAS en REP. Wij schetsen hieronder het perspectief van Stichtse Vecht op deze verschillende visies. Regionale Energiestrategie (RES) We werken samen met 16 Utrechtse gemeenten (de U16), twee waterschappen, de provincie Utrecht en stakeholders aan een Regionale Energiestrategie (RES). We staan voor een ingrijpende energietransitie, waarbij we moeten overstappen naar hernieuwbare en duurzame energiebronnen. Het landelijke Klimaatakkoord geeft hiervoor de richting aan, met een beoogde CO2-reductie van 49% in 2030 t.o.v. 1990. De RES geeft inzicht in de mogelijkheden van het grootschalig opwekken van duurzame energie tot 2030 en de periode daarna. De ruimte voor het grootschalig opwekken van duurzame energie is beperkt. Dit jaar (2021) hebben we een duidelijk beeld gekregen van de mogelijkheden voor het opwekken van zonne- en windenergie in de regio voor de periode tot 2030 en voor de periode erna.
Hoe we hier in Stichtse Vecht aan werken, komt aan bod in deze omgevingsvisie en is verder uitgewerkt in het gemeentelijke energiebeleid (o.a. beleidskader zonnevelden). Regionale Adaptatie Strategie (RAS) In het regionale samenwerkingsverband Water & Klimaat is de regionale klimaatadaptatiestrategie vastgesteld. Doel is dat de regio in 2050 de gevolgen van klimaatverandering op kan vangen. De RAS verbindt regionale klimaat- en watervraagstukken. Met de RAS sluiten we aan op landelijke en provinciale visies en programma’s gericht op klimaatadaptatie. We kijken naar gezamenlijke opgaven én kansen en vragen gezamenlijk subsidie aan. Ruimtelijk Economisch Programma (REP) In U16-verband maken gemeenten (waaronder Stichtse Vecht) samen met andere overheidspartners regionale en strategische keuzes op het gebied van wonen, economie, energie, landschap en mobiliteit. De opgaven zijn verwoord in het Integraal Ruimtelijk Perspectief (IRP) als onderdeel van het Ruimtelijk Economisch Programma (REP).
De opgaven voor de regio die in het IRP zijn benoemd, zijn per pijler verkend in de contour Ruimtelijk Economisch Programma (tussenstap om tot het IRP te komen) en in een aantal pijlerrapporten en onderzoeken verdiept. Voor Groen en Landschap gaat het in totaal om het toevoegen van ruim 4.000 hectare natuur- en recreatiegebied inclusief het toevoegen van ruim 400 kilometer aan recreatieve en ecologische verbindingen. De totale woningbehoefte tot 2040 is circa 104.000 tot 125.000 volgens de prognoses die samen met de Provincie zijn opgesteld. De groei van de regio en met name stad Utrecht vertaalt zich naar een groei van ten minste 80.000 arbeidsplaatsen tot 2040 (Bron: STEC). Voor Energie willen we in de U16 in uitwerking van de landelijke doelstelling en in relatie tot onze eigen ambities ten minste 1,8 TWh duurzame opwek realiseren in 2030 (landelijk 35TWh). De opgave voor mobiliteit is groot. Als voorwaarde voor de woningbouwopgave is een schaalsprong van met name het regionale OV-systeem benoemd.
Zoekgebied regionaal bedrijventerrein Groene scheggen Landbouw Bosgebied / Utrechtse Heuvelrug Groenblauwe verbindingen
De opgaven voor de gemeente zoals deze omschreven is in het IRP zijn gelijk met de voorliggende Omgevingsvisie. Als Regio Utrecht kiezen we ervoor om de grote woningbouwopgave te concentreren in stedelijk kerngebied en in een aantal grotere regionale kernen. Voor de selectie van potentiële locaties zijn als voorwaarden nabijheid, goede bereikbaarheid en de te verwachten regionale mobiliteitsbehoeften gebruikt. Zo is in de regio gekozen voor de volgende ladder (=voorkeursvolgorde) van verstedelijking: • op binnenstedelijke/dorps locaties dichtbij bestaande OV-knooppunten • op buitenstedelijke/dorps locaties dichtbij bestaande OV-knooppunten • ontwikkelkansen dichtbij nieuwe OV-knooppunten en buitenstedelijk met hoogwaardige OV. Het grootste deel van de woningbouwopgave wordt in de stad Utrecht opgevangen. Met deze keuze wordt het landelijk gebied ontzien. Voor de resterende opgave zijn zeven regiopoorten aangewezen, waaronder Breukelen. In het Ontwikkelperspectief is ruimte om na 2030 nog 30.000 woningen te bouwen in de zeven regiopoorten. Naast deze kwantitatieve opgave speelt er ook nog een kwalitatieve opgave. Met de “Regiodeal Aanpak Vitale wijken” heeft de U10 regio met het Rijk afspraken gemaakt over het verbeteren van de leefbaarheid en veiligheid in wijken. Groenblauwe verbindingen Groene scheggen Landbouw
8
Perspectiefkaart: Regio Utrecht in 2040
Bosgebied / Utrechtse Heuvelrug Huidige steden
Nieuwe bedrijventerreinen Woningbouwontwikkeling Intensivering stedelijk gebied Historische kern Huidige bedrijventerreinen Groenblauwe verbindingen
Zoekgebied regionaal bedrijventerrein
Groene scheggen
Groene scheggen Landbouw
Landbouw
Huidige steden Weg Fietsroute
26
Zoekgebied regionaal bedrijventerrein Groene scheggen Landbouw
Treinstation (zwaar) Treinstation
Historische kern Huidige bedrijventerreinen
Nieuwe bedrijventerreinen Woningbouwontwikkeling
Huidige steden
HOOFDSTUK 2 - GEZOND LEVEN IN EEN STEDELIJKE REGIO VOOR IEDEREEN
28
Tram-/bushalte HOOFDSTUK 2 - GEZOND LEVEN IN EEN STEDEL
Vitale kernen Weg Fietsroute
Intensivering stedelijk gebied Historische kern Huidige bedrijventerreinen
Utrecht Centraal
Kaart Integraal Ruimtelijk Perspectief U16 steden Bestaande situatie regio UtrechtHuidige in 2020
Utrecht Centraal
Treinstation aan het wiel
Intensivering stedelijk gebied
Groenblauwe verbindingen
Vitale kernen Weg Fietsroute
Utrecht Centraal
Nieuwe bedrijventerreinen Woningbouwontwikkeling
Spoor met treinstation Bosgebied / Utrechtse Heuvelrug Tramlijn
Vitale kernen Weg Fietsroute
Bosgebied / Utrechtse Heuvelrug Groenblauwe verbindingen
Bosgebied / Utrechtse Heuvelrug
Huidige steden
Kaart Integraal Ruimtelijk Perspectief U16 Treinstationregio aan het wiel in 2040 Perspectiefkaart: Utrecht Treinstation (zwaar) Treinstation 28
9
Tram-/bushalte HOOFDSTUK 2 - GEZOND LEVEN IN EEN STEDELIJKE REGIO VOOR IEDEREEN
Provinciale Omgevingsvisie (POVI) De POVI Utrecht is in maart 2021 vastgesteld. De provincie werkt met zeven beleidsthema’s (zie kaart hiernaast): • Stad en land gezond • Klimaatbestendig en waterrobuust • Duurzame energie • Vitale steden en dorpen • Duurzaam, gezond en veilig bereikbaar • Levend landschap, erfgoed en cultuur • Toekomstbestendige natuur en landbouw De beleidsdoelen van de provincie en Stichtse Vecht hebben veel overlap. Zo staat in de POVI o.a. opgenomen dat de OV-knooppunten Breukelen en Maarssenbroek potentiële locaties voor integrale ontwikkelingen wonen-werken zijn. Ook is er aandacht voor landschap, erfgoed en cultuur met het verzilveren van de kansen van de Nieuwe Hollandse Waterlinie en de Stelling van Amsterdam. Daarnaast wordt het Natura 2000-gebied gekoesterd en het grote natuursysteem versterkt tussen Maarssen en Breukelen en tussen Loenersloot en Nigtevecht. Verder is er aandacht voor het ontwikkelen van de groenblauwe (natuur, landschap en water) en recreatieve structuur, o.a. langs de Vecht.
1.6 Gemeentelijk beleid
De Ontwerp Omgevingsvisie Stichtse Vecht staat niet op zichzelf, maar is geënt op het nationale, provinciale en regionale beleid. Ook hebben we als gemeente Stichtse Vecht de afgelopen jaren meerdere beleidsstukken en toekomstvisies vastgesteld, waarover we met de samenleving in gesprek zijn geweest. Deze visies en beleidsstukken vormen bouwstenen van de voor u liggende omgevingsvisie. Voorbeelden van deze bouwstenen zijn de ‘Toekomstvisie Bedrijventerreinen’ en de ‘Perspectiefnota Landbouw’. Uiteraard hebben we de eerder hiervoor gedane participatie niet overnieuw gedaan, maar meegenomen in de vorming van deze omgevingsvisie.
Kaart Provinciale Omgevingsvisie Provincie Utrecht 10
11
1.7 Hoe is de visie tot stand gekomen?
Participatie: samen de omgevingsvisie maken We zien de omgevingsvisie als kans en stimulans om alle partijen vanaf het begin actief en intensief te betrekken bij het ontwikkelen van beleid. Niet alleen om het draagvlak te vergroten, maar vooral ook om waardevolle lokale kennis en inbreng op te halen en te verwerken tot een evenwichtige visie die aansluit op de praktijk en waar betrokkenen mee aan de slag kunnen. De omgevingsvisie hebben we dus niet alleen gemaakt. Deze visie is het resultaat van een intensieve samenwerking tussen de gemeente, inwoners, ondernemers en andere belanghebbende organisaties.
juli 2019
Kader
De gemeenteraad stelde op 1 juli 2019 het Kaderstellend koersdocument Omgevingsvisie vast. Daarmee gaf de raad het college de opdracht om de omgevingsvisie op te stellen. Binnen de ambtelijke organisatie gingen we vervolgens aan de slag met de trends en ontwikkelingen die het meest belangrijk zijn voor de omgevingsvisie. Hieruit kwamen drie opgaven waar de omgevingsvisie een antwoord op moet geven: • Zorgen voor een aantrekkelijke, bereikbare en gezonde leefomgeving voor wonen, werken en recreëren; • Versterken van de kwaliteit van cultuurhistorie, landschap en natuur; • Inspelen op klimaatverandering en ruimte maken voor energietransitie.
november 2019
Sterker nog: het is een uitnodiging om niet alleen nu, maar ook straks en in de verdere toekomst mee te blijven denken en doen. Het Stichtse Vecht van 2030 en 2040 maken we samen! De keuzes van nu zijn bepalend voor de toekomst. Op onderstaande tijdlijn staan de stappen die we doorlopen hebben. Door Covid-19 moesten we van grote, fysieke bijeenkomsten schakelen naar online bijeenkomsten en het houden van enquêtes. De interactie was hierdoor misschien soms iets lastiger, qua inhoud is er voldoende ingebracht. Daar zijn we trots op.
februari 2020
Stakeholdersbijeenkomsten
In november 2019 en februari 2020 gingen we in gesprek met beroepsstakeholders. Dit zijn betrokken organisaties die werkzaam zijn in de publieke als private sector. We bespraken met hen het proces om tot de omgevingsvisie te komen, de opgaven waar de omgevingsvisie een antwoord op moet geven en de regionale ontwikkelingen waar de omgevingsvisie raakvlakken mee heeft. Ook gingen we met hen aan de slag om de thema’s te bepalen die belangrijk zijn voor Stichtse Vecht. Dat waren onder meer: wonen, water en klimaat, duurzame energie en groen en landschap.
juni/juli 2020
Enquête en ansichtkaart
In juni en juli 2020 vroegen we inwoners via een enquête en ansichtkaart om hun mening over onderwerpen als wonen, verkeer, natuur, voorzieningen, recreatie en toerisme. Maar liefst 3.400 mensen deden mee. De resultaten hebben we samengevat in een infographic, die we in september verspreidden naar raad, inwoners, ondernemers en andere belanghebbenden. Daarnaast vormden de resultaten het uitgangspunt voor de online bijeenkomsten die we vervolgens organiseerden.
Maakdagen
Gedurende het hele traject bespraken we met de gemeentelijke beleidsmedewerkers tijdens verschillende maakdagen de informatie die we hadden opgehaald, de rode draad die we daaruit konden halen en de belangrijkste conclusies die we daaruit konden trekken. Vervolgens werkten we met hen een eerste visie op hoofdlijnen uit aan de hand van de thema’s die aansluiten op de opgaven.
december 2020
Online bijeenkomsten
Tijdens vier online bijeenkomsten dachten inwoners, ondernemers en andere belanghebbenden mee over de toekomst van Stichtse Vecht. Aan de hand van stellingen gingen we het gesprek aan met bijna 170 mensen over thema’s als woningbouw en leefbaarheid, het belang van natuur en recreatie en duurzame energie. De opbrengst van de bijeenkomsten vatten we samen in een uitgebreid verslag. Zie volgende pagina’s voor impressie van de vragen en opmerkingen.
januari 2021
Klankbordgroep Omgevingswet raad
[ik zou ook iets willen zeggen over dat we de klankbordgroep in het hele traject meegenomen hebben, dat we ze geïnformeerd hebben en in gesprek gingen over waar we stonden, wat de resultaten van een bepaald participatiemoment was en wat de volgende stap was. Wat vinden jullie daarvan?]
februari 2021
Stakeholdersbijeenkomsten
In het voorjaar van 2021 gingen we in gesprek met verschillende belanghebbenden, zoals dorpsraden, ondernemersverenigingen, cultuurorganisaties, zorg- en welzijnsorganisaties en natuur- en milieuorganisaties. Deze gesprekken werden gehouden op basis van het eerste concept van de omgevingsvisie (het werkdocument). De gesprekken waren bedoeld om ze mee te nemen waar we staan op specifieke onderwerpen verdiepende informatie te krijgen. Hiervoor hebben een aantal organisaties achteraf een reactie toegestuurd. Hierop is de visie waar mogelijk nog verder aangescherpt.
maart / april 2021
Enquête jongeren
Ook de mening van jongeren is belangrijk. Zij zijn de inwoners en misschien ook wel de ondernemers van de toekomst. We vroegen daarom aan middelbare scholieren om tijdens hun les Maatschappijleer een enquête in te vullen over wat zij belangrijk vinden in de omgeving waarin ze wonen, naar school gaan, sporten en hun vrije tijd doorbrengen. En wat er nodig is om ook in de toekomst in Stichtse Vecht te blijven wonen. De enquête is gemaakt door de junior adviseurs van de gemeente Stichtse Vecht: middelbare scholieren die voor een aantal uur per week bij de gemeente in dienst zijn en die de gemeente helpen om vanuit een jongerenperspectief naar onderwerpen te kijken. 365 jongeren vulden de enquêtes in.
12
13
Illustratie van opmerkingen en vragen tijdens de online bijeenkomsten 14
15
2. Strategie We hebben voor ons als gemeente een strategie opgesteld, zodat we beter kunnen inspelen op de ruimtelijke en maatschappelijke veranderingen in onze gemeente en de regio waar we onderdeel van uitmaken.
16
17
2. Strategie 2.1 Hogedrukketel
De gemeente Stichtse Vecht is een hogedrukketel van beschermingswaardige kwaliteiten, ontwikkelkansen en van omgevingsbeperkingen in een dynamische wereld waar demografie, technologie en klimaatverandering voortdurende verandering nodig maken. Er is zo’n stapeling van kwaliteiten, kansen en beperkingen dat we er met keuzes voor het een óf het ander niet makkelijk uitkomen. En niets doen is lastig, omdat de verandering er nu eenmaal is: het veengebied zakt weg, het toerisme op en langs de Vecht neemt steeds verder toe, de woningen zijn voor velen onbetaalbaar, etc. We mogen ons gelukkig prijzen met zo’n aantrekkelijke omgeving. Ook al is het daardoor soms lastig om keuzes te maken.
2.2 Voortbouwen op kernkwaliteiten
Kernkwaliteiten zijn elementen die van grote waarde zijn voor onze leefomgeving. Zij geven plekken identiteit en zorgen voor verbondenheid met het verleden en de wereld waarin we leven. We kennen een grote trots als het gaat om onze cultuur, het unieke landschap van de Vecht en de veenweidegebieden en de historische dorpen die als een kralensnoer langs de Vecht zijn verrezen. Tot deze unieke waarden behoort ook het samenspel tussen de moderne en de historische (wegen)structuren die in de gemeente zij aan zij liggen. Deze worden de Langzame en de Snelle Vecht genoemd. De twee structuren functioneren op fameuze wijze naast elkaar. De moderne verbindingen maken dat Stichtse Vecht optimaal aangesloten is op de rest van de Randstad. Het oude landschap zorgt voor een aangeDe algemene strategie is dan ook om alle aspecten die de hoge- name leefomgeving met voorzieningen, natuur en cultuur(historie). drukketel veroorzaken te omarmen, ze zijn er gewoon. En de vraag Als je verder inzoomt, blijken beide werelden hun eigen sferen en te stellen: wat kunnen we in deze situatie bedenken? Dat wordt de lokale netwerken en verbindingen te hebben. grondhouding. Niet of-of maar en-en. Als we gezamenlijk daar contouren van een oplossing zien, dan wordt het duidelijk welke keu- We bouwen voort op de kernkwaliteiten, want dit is ons DNA. Het zes verstandig en noodzakelijk zijn.
Dit betekent ook dat niets zo- is het vertrekpunt voor de toekomst. Dit doen we door de kernkwalimaar doorgedrukt zal worden in het voordeel van enkele personen. teiten te behouden en te versterken. Nieuwe ontwikkelingen dragen Iedereen die wat wil, moet mee in de ketel op zoek naar ruimte! Op hieraan bij. Deze vinden plaats in lijn met de schaal, maat en logica zoek naar innovatieve combinatiemogelijkheden en oplossingen. van de gevormde werelden en gebruiken het erfgoed als inspiratie. En dat moet te doen zijn, want in een hogedruk omgeving kan iets Zij houden rekening met het laadvermogen van het landschap en de vloeibaar worden en kunnen we nieuwe opties vinden. kwetsbare delen die de gemeente kent. We kijken hierbij locatie-overstijgend naar de opgaven (woningbouw, de energietransitie etc.) die In deze hogedrukketel is het belangrijk om datgene wat we allemaal op ons afkomen, omdat versterking van waarden vaak een grotere waarderen te koesteren. We zoeken samen de juiste balans in ver- reikwijdte heeft dan de projectlocatie zelf. Ook vanuit recreatie en nieuwen waar nodig en behouden wat goed is. toerisme wordt meerwaarde gecreëerd voor landschap, cultuurhistorie en archeologie. We versterken de beleefbaarheid, dragen de verhaallijnen van Stichtse Vecht uit en ontwikkelen de recreatieve sector in balans met de omgeving.
Deze aanpak leidt tot erkenning en draagvlak voor ons cultuurschoon. Samen met onze inwoners en ondernemers bouwen we voort op onze kernkwaliteiten. Dit leidt tot passende initiatieven die van toegevoegde waarde zijn voor het gebied.
18
2.3 Ontwikkelingen aansluiten bij identiteit en dynamiek gebied
De vier gebieden Langzame Vecht, Snelle Vecht, Veenweidegebied West en Veenweidegebied Oost (Plassengebied) hebben elk hun eigen kwaliteiten, identiteit en dynamiek. Ditzelfde geldt voor de grote en kleine kernen. We hebben een verantwoordelijkheid om het cultuurhistorisch erfgoed, het gelaagde landschap en de waardevolle natuur te beschermen. Daarbij is de insteek behoud door ontwikkeling. Stichtse Vecht vindt het voor de hand liggen om grootschalige ontwikkelingen vooral een plek te geven in de hoog dynamische context van de Snelle Vecht, met haar dynamiek en infrastructuur. Het karakter van de Langzame Vecht willen we zoveel mogelijk behouden, al vinden daar, indien nodig, natuurlijk ook ontwikkelingen plaats. Nu en in de toekomst staat Stichtse Vecht voor grote opgaven om de leefbaarheid in de gemeente en alle kernen goed te houden of te versterken. Zo maken we de gemeente toekomstbestendig: we behouden de sterke eigenschappen en vernieuwen daar waar nodig. We houden regie op ontwikkelingen, opgaven en de kwaliteit van de leefomgeving.
19
3. Uitvoering Samenwerken met inwoners, ondernemers en organisaties We zijn als gemeente gewend dat wij de kaders stellen waarbinnen onze inwoners, ondernemers en organisaties initiatieven mogen nemen. Hoe maken we goede initiatieven mogelijk? Deze manier van werken past bij de gemeente Stichtse Vecht. Initiatief en ondernemerschap waarderen we zeer. Bovendien kunnen we door echt SAMEN te werken beter inspelen op de snel veranderende wereld. Daarom zoeken we bij de ontwikkeling van ons beleid op de (fysieke) leefomgeving nadrukkelijk de samenwerking met onze inwoners, ondernemers, jongeren en organisaties. We hebben elkaar hard nodig.
20
21
3. Uitvoering Strategische sturing met de Omgevingswet
De omgevingsvisie is één van de instrumenten die onder de omgevingswet vallen. We gaan hier in op de hele omgevinsgwet om te duiden hoe de verschillende instrumenten zich tot elkaar verhouden en op elkaar doorwerken. Daarbij richten we ons specifiek op hoe we sturen op strategisch niveau met de omgevingswet in de hand. Hierbij zijn vier onderwerpen belangrijk: • Sturen op de toekomst • Fysieke leefomgeving • Beleidsproductie • Rollen Sturen op de toekomst De leefomgeving van vandaag is niet de leefomgeving van morgen. Er zijn veel ontwikkelingen. Denk aan de klimaatverandering, de grote behoefte aan woningen, de toekomst van de landbouw, etc. Daarom moeten we actief werken aan de toekomst van onze leefomgeving. De Omgevingswet is bedoeld om de leefomgeving goed te beschermen én om noodzakelijke aanpassingen door te voeren zodat we de leefomgeving kunnen inzetten voor onze functionele wensen. Alle instrumenten van de Omgevingswet sturen op het beschermen en benutten van de fysieke leefomgeving. Hoe gaan die instrumenten om met de overgang van de bestaande situatie naar de gewenste situatie? Let op: we kunnen ervoor kiezen dat de bestaande situatie gelijk is aan de gewenste situatie! Nu volgen de verschillende instrumenten van de omgevingswet met een korte uitleg: • In de omgevingsvisie geven we aan wat de gewenste situatie voor de fysieke leefomgeving is.
Dat doen we niet in detail, we beschrijven de hoofdlijnen van de gewenste situatie. We bepalen de doelen voor het beschermen en het gebruik van de fysieke leefomgeving. We doen dit tegen de achtergrond van de bestaande situatie en actuele trends en ontwikkelingen. • In het omgevingsprogramma geven we aan met welk beleid en met welke gebiedsprojecten we van de bestaande situatie naar de gewenste situatie willen komen. In de omgevingsvisie bepalen we wat we willen bereiken en in de programma’s hoe we daar komen. 22
• In het omgevingsplan staan de rechten en plichten die voor het gebruik van de grond in de huidige situatie gelden. Daarnaast staan er regels in om invulling te kunnen geven aan de gewenste situatie. Die gewenste situatie moet dan wel voldoende concreet zijn omschreven om regels te kúnnen opstellen. Meestal wordt dat niveau van concreetheid pas bereikt in de programma’s. • In de omgevingsvergunning geven we voor concrete situaties aan onder welke voorwaarden een initiatief mogelijk is. Inhoudelijk is de vergunning gebaseerd op de bestaande en gewenste situatie die in de drie voorgaande instrumenten (omgevingsvisie, omgevingsprogramma’s en omgevingsplan) zijn aangegeven, en op de regels die daarvoor zijn opgesteld. • Een aanvullend instrument is de omgevingswaarde. Met een omgevingswaarde geven we objectief meetbaar aan wat de gewenste situatie op een specifiek aspect moet zijn (bijvoorbeeld geluidsniveau). Dit hoeft niet per se over milieuaspecten te gaan. Een omgevingswaarde wordt bepaald in de omgevingsvisie, vastgesteld in het omgevingsplan en leidt tot een verplicht programma waarin wordt aangegeven langs welke weg we van de huidige situatie naar de toekomstige situatie willen komen. Daarnaast zijn er ook andere instrumenten (niet Omgevingswet) die we kunnen inzetten om de gewenste situatie te bereiken. Denk bijvoorbeeld aan subsidies of voorlichtingscampagnes.
Fysieke leefomgeving Het begrip de ‘fysieke leefomgeving’ bepaalt de werkingssfeer van de Omgevingswet. Er is geen afgebakende definitie van. De volgende opsomming valt er in ieder geval onder: bouwwerken, infrastructuur, water, watersystemen, bodem, lucht, landschappen, natuur, cultureel erfgoed en werelderfgoed. Deze opsomming is niet uitputtend. De natuurlijke omgeving, inclusief de cultuurlandschappen, behoort in ieder geval geheel tot de fysieke leefomgeving. De gevolgen voor de leefomgeving omvatten ook gevolgen voor de mens. In 1.4 hebben we uitgelegd dat geluid en luchtverontreiniging die elders geproduceerd worden, toch stevige gevolgen kunnen hebben voor andere gebieden. Een van de doelen van de omgevingswet is het beschermen van de veiligheid en gezondheid van de mens en zijn leefomgeving. Daarom nemen we gezondheid integraal mee. 23
Opstellen beleid De gemeente Stichtse Vecht maakte tot nu toe los beleid en regels voor verschillende thema’s in de fysieke leefomgeving. We zorgen nu voor samenhang en overzicht in het beleid door al het beleid voor de fysieke leefomgeving te koppelen aan de omgevingsvisie. De omgevingsvisie geeft aan waar die verschillende thema’s elkaar kunnen versterken en welke keuzes gemaakt worden bij botsende belangen. De omgevingsvisie is daarmee de kapstok voor al het omgevingsbeleid.
aparte notitie, die samen met de omgevinsgvisie aangeboden wordt aan de gemeenteraad. Voor ieder programma wordt in deze notitie een ‘opdracht’ beschreven. In zo’n opdracht staat wat de bijdrage van dat programma aan het behalen van de doelen moet zijn.
Ieder programma zal starten met een startnotitie waarin staat op welke wijze de opdracht die in deze bij de omgevingsvisie behorende notitie benoemd is, geleid heeft tot de aanpak van dat specifieke programma. De kern van die startnotitie wordt later verwerkt in de inleiding van het programma zodat iedereen weet wat het verband In de omgevingsvisie bepalen we programma’s om van de huidige is tussen dat programma en de visie. situatie naar de gewenste situatie te komen. Er zijn thematische en gebiedsgerichte programma’s. Na vaststelling van deze visie stop- Naast programma’s werken we ook met projecten. Een project is pen we met het maken van losstaande beleidsnota’s. Alle beleids- geen beleidsinstrument maar enkel gericht op uitvoering. De doelnota’s van na 23 maart 2016 worden automatisch programma. We stellingen en mogelijke middelen om deze te bereiken, doorlooptijd zullen beoordelen welke van de bestaande beleidsnota’s (program- en mogelijke betrokken partijen zijn duidelijk en relatief overzichtema’s) nog binnen de visie passen, welke geactualiseerd moeten lijk. Omgevingsprogramma’s zijn gericht op complexere trajecten worden en waar iets nieuws voor moet worden opgesteld/opgestart. met vaak meerdere mogelijke middelen om de doelstellingen te beDe programma’s die we gaan maken worden geïntroduceerd in een reiken met uiteenlopende doorlooptijden en schaalniveaus.
Vereveningsfonds Om de doelen te kunnen behalen kan er gebruik worden gemaakt van verevingsfondsen voor realisatie van bovenwijkse voorzieningen. Het gaat hier om nieuw aan te leggen voorzieningen van openbaar nut, ten behoeve van meer dan één (ontwikkel)locatie. Daarnaast biedt de wet de mogelijkheid tot het vragen van een bijdrage aan ruimtelijke ontwikkelingen. Bijvoorbeeld voor het aanleggen van nieuwe natuur, recreatievoorzieningen, wegen etc. Rollen De omgevingsvisie is de bevoegdheid van de raad. De programma’s zijn de bevoegdheid van het college. Om voldoende samenhang te creëren tussen beide instrumenten nemen wij de opdrachten voor de programma’s op in de omgevingsvisie. Daardoor stelt de raad ook de opdrachten voor de programma’s in de omgevingsvisie vast. Het college is weer verantwoordelijk voor het uitvoeren van de programma’s. De raad kan kiezen haar kaderstellende rol langer vast te houden. Zij kan de startnotitie toetsen aan de opdracht uit de visie. En vervolgens het resultaat toetsen aan de startnotitie. Bij de start van een nieuwe raadscyclus wordt de omgevingsvisie
24
herijkt. Het coalitieprogramma wordt verwerkt in de herijkte omgevingsvisie. Dit kan effect hebben op de lopende programma’s. Dit zal ook doorvertaald moeten worden in het Omgevingsplan. Daardoor kunnen deze aanpassingen uiteindelijk leiden tot nadeelcompensatie (planschade). In de begrotingscyclus kiezen we jaarlijks welke programma’s we gaan starten. De urgentie wordt bepaald op basis van de verwachte bijdrage van een programma aan de doelen van de visie en de actualiteit, in een jaarlijkse discussie over de optimale inzet van de middelen. Afhankelijk van het type project en de urgentie kiezen we bij elk omgevingsprogramma of project een passende rolverdeling. Afhankelijk van de urgentie van de samenleving en/of de urgentie vanuit de gemeente zal de samenleving en/of de gemeente een dominantere rol pakken. • Bij hoge urgentie voor de gemeente treedt de gemeente op als trekker. De samenleving heeft dan een adviserende rol. • Bij hoge urgentie uit de samenleving, treedt de samenleving op als trekker. De gemeente is dan faciliterend. • Als zowel de samenleving als de gemeente een hoge urgentie aan het programma/project toekennen, zullen zij gezamenlijk optrekken als partners. 25
4. Het verhaal van Stichtse Vecht - anno 2021 In dit hoofdstuk geven we een korte kenschets van de gemeente Stichtse Vecht anno 2021. Wat maakt Stichtse Vecht uniek? Wat is de grote kracht van Stichtse Vecht? Stichtse Vecht is verdeeld in vier deelgebieden: Langzame Vecht, Snelle Vecht, Veenweidegebied west en Veenweidegebied Oost (Plassengebied).
26
27
4. Het verhaal van Stichtse Vecht anno 2021 4.1 Een unieke gemeente
Stichtse Vecht is de drie-na-grootste gemeente van de provincie Utrecht en de één-na-grootste in de samenwerkende Utrechtse regio U10 (naar inwoneraantal). De gemeente bestaat uit twaalf kernen met elk een eigen identiteit en karakter, die samen Stichtse Vecht vormen en haar zo uniek maakt. De gemeente is bijzonder door haar diverse karakter: een combinatie van verschillende landschappen en karakters. Stichtse Vecht kent namelijk twee systemen en snelheden naast elkaar: de ‘snelle Vecht’, gekenmerkt door bedrijvigheid en de bundel infrastructuur die de strategische ligging tussen Utrecht en Amsterdam belichaamt; en de ‘langzame Vecht’, gekenmerkt door de afwisseling van beschermde dorpsgezichten, buitenplaatsen, landhuizen, kastelen, boerderijen en rivieren. Soms zijn die twee snelheden nauw met elkaar verweven, zoals in de plaatsen Breukelen en Maarssen. Bovendien kennen we een uniek veenweidegebied met veenplassen die in trek zijn bij recreanten en die van grote ecologische en natuurlijke waarde zijn. De Vechtstreek verbindt de agglomeraties van Utrecht en Amsterdam. Kenmerkend voor Stichtse Vecht is de ruimte: met haar ligging tussen Utrecht en Amsterdam, in een sterk groeiende regio die overvol raakt, wil Stichtse Vecht een gemeente zijn waar ruimte is voor dynamiek én voor ontspanning en recreatie.
Stichtse Vecht is met haar natuurgebieden, water en cultureel erfgoed voor recreanten de achtertuin van de Randstad. Deze unieke combinatie van (ruimte voor) bedrijvigheid, recreatie, rust, openheid, toegankelijkheid en een krachtige en vitale samenleving biedt veel kansen voor inwoners, ondernemers en bezoekers.
4.2 Grote kracht
De gemeente Stichtse Vecht is op 1 januari 2011 ontstaan door een samenvoeging van voormalige gemeenten Breukelen, Loenen en Maarssen en bestaat uit twaalf kernen: Breukelen, Kockengen, Loenen aan de Vecht, Loenersloot, Maarssen, Maarssenbroek, Nieuwersluis, Nieuwer Ter Aa, Nigtevecht, Oud-Zuilen, Tienhoven/ Molenpolder en Vreeland. Elke kern heeft haar eigen identiteit en karakter en samen geven zij de gemeente Stichtse Vecht haar unieke karakter. 28
De snelle Vecht, de langzame Vecht en het veenweidegebied geven de gemeente een grote kwaliteit. De moderne verbindingen maken dat Stichtse Vecht optimaal aangesloten is op de rest van de Randstad en andere delen van Nederland. Het oude landschap zorgt voor een aangename leefomgeving met voorzieningen, natuur en cultuur. In een regio die groeit en overvol raakt, biedt Stichtse Vecht ruimte voor ontspanning en recreëren. In bepaalde delen van de gemeente liggen deze snelheden een eind uit elkaar; in andere delen zijn de structuren juist veel meer verweven, bijvoorbeeld in Maarssen en Breukelen. Ook dat is uniek. Binnen de Randstad komt zo’n rijke schakering van sferen en snelheden verder niet voor. Dit is de unieke waarde van Stichtse Vecht: ruimte voor de eigentijdse en de historische structuren die zij aan zij liggen.
4.3 Snelle Vecht
De snelle Vecht wordt gekenmerkt door dynamiek. Stichtse Vecht grenst aan de grote Nederlandse steden Utrecht en Amsterdam. Er is een corridor ontstaan die qua omvang in Nederland zijn evenknie niet kent. De infrastructuur belichaamt de strategische ligging als as tussen Utrecht en Amsterdam: de autosnelweg A2 kent 10 rijstroken, de spoorlijn Utrecht-Amsterdam 4 sporen en het AmsterdamRijnkanaal is ter plekke 120 meter breed. Ook is er een netwerk van hoogspanningsleidingen en onder de grond ligt de WRK waterleiding (Waterleiding Rijn - Kennemerland). Deze vormt samen met o.a. de Bethunepolder de belangrijkste slagaders voor de drinkwatervoorziening in Noord-Holland. Het A2-traject tussen Amsterdam en Eindhoven werd in 2018 door ING uitgeroepen als economische slagader van Nederland. Onderdeel van deze snelle Vecht zijn bijvoorbeeld de suburbanisatie Maarssenbroek en stationsgebied Breukelen. Breukelen ligt precies halverwege het traject tussen Amsterdam en Utrecht en vormt dan ook een essentiële knoop in het (Utrechtse) ov- netwerk. De provincie Utrecht ziet Breukelen als een belangrijk knooppunt van wonen, werken en mobiliteit.
29
Kortom, de snelle Vecht is een modern landschap dat volop in ontwikkeling is. Je voelt er de dynamiek en de snelheid van bedrijvigheid en verandering. Het college ziet de grote ruimtelijke ontwikkelmogelijkheden vooral in deze Snelle Vecht.
bruik van de landbouwgrond worden gestuurd door de waterstand te regelen (waarbij het gebruik de peilmaat bepaalt). Ontwatering heeft als gevolg dat de bodem daalt. Aan de westzijde van de grote infrastructuur ligt een veenweidegebied dat wordt gekenmerkt door ruimte. In het oosten liggen watergebieden met deels nog aanwe4.4 Langzame Vecht zige pet- of trekgaten en landelijk gebied. De plassen zijn het gevolg Stichtse Vecht heeft een groot aantal rijksmonumenten en diverse van grootschalige turfwinning in de 18e en 19e eeuw. Dit gebied is beschermde dorpsgezichten. Rondom de rivieren de Vecht en de nu grotendeels een natuur- en recreatiegebied. Angstel lijkt het soms of de tijd heeft stilgestaan. Dat gebied wordt gekenmerkt door een afwisseling van dorpen, buitenplaatsen, land- 4.6 Kwaliteiten vanuit historische ontwikkeling huizen, kastelen, boerderijen en rivieren. Langs de rivier de Vecht landschap werden kastelen en voorname huizen gebouwd waarvan er nog De verdeling van Stichtse Vecht in de vier deelgebieden: de ‘langvele overeind staan, zoals Slot Zuylen, kasteel Nyenrode en ridder- zame Vecht’, de ‘snelle Vecht’, het westelijk veenweidegebied en hofstad Gunterstein. In de 17e en 18e eeuw bouwden vooral rijke het oostelijk veenweidegebied (plassengebied) is gebaseerd op de kooplieden hun buitenhuizen aan de rivier.
De zomerse stank van historische ontwikkeling van het landschap. Alle vier deze gebieden de Amsterdamse singels en grachten dreef hen naar de Vechtstreek. hebben hun eigen kwaliteiten en identiteit. Bekende voorbeelden van de in totaal 72 buitenplaatsen binnen de • De langzame Vecht bestaat uit de rijke historie rondom de rivier gemeentegrenzen zijn Goudestein, Over-Holland en Rupelmonde. de Vecht met een lint van onder meer dorpen en buitenplaatsen. Het bracht rijkdom en welvaart in de dorpen aan de Vecht. De ver- • De snelle Vecht is een bundel van infrastructuur, zoals de snelbindende weg tussen de verschillende kernen is de N402: een in weg en het spoor, waar de dynamiek overal is. 1812 door Napoleon aangelegde weg als onderdeel van Route im- • Het oostelijk en westelijk veenweidegebied zijn van oudsher périale 2 tussen Parijs en Amsterdam. Deze van oudsher aanwezige landbouwgebieden, waar ondernemers zich inzetten voor veeRijksstraatweg langs de Vecht heeft nog altijd een belangrijke ontteelt en agrarisch natuurbeheer. Dit landelijk gebied kent een sluitingsfunctie in de gemeente. Door deze ontsluitingsfunctie in rijke historie met open landschappen. Kenmerkend voor deze combinatie met de Vecht zijn in het verleden ook vele bedrijven gegebieden is de combinatie van landbouw en natuur op een natte vestigd langs de Vecht.
Bijvoorbeeld de voormalige steen en dakpanen dalende ondergrond. nenfabriek Vecht en Rhijn., de rijtuigenfabriek Soeders in Maarssen of het huidige Greiff in Vreeland. In de loop van tijd zijn de meeste Juist de verschillende tijdslagen die over en naast elkaar bestaan in fabrieken met de daarbij horende overlast en verontreiniging ver- Stichtse Vecht maken dit gebied zo boeiend. Daarbij is de langzame dwenen en hebben plaats gemaakt voor woningbouw. Vecht het visitekaartje van de Gouden Eeuw. De snelle Vecht brengt ons in de moderne tijd vanaf de industrialisatie. Het veenweideland4.5 Veenweidegebied schap toont hoe wij Nederlanders het land naar onze hand gezet Aan de oostzijde (Tienhoven) en aan de westzijde (met Kockengen hebben. Tegelijkertijd toont dit landschap ook de kracht van de naen Nieuwer Ter Aa) van de gemeente liggen unieke veenweidegebie- tuur. Verschillende stadia van veenontginning en turfwinning liggen den. De ontwikkeling van het veenweidegebied is het resultaat van in dit landschap naast elkaar. De kernen van Stichtse Vecht hebben twee economische cycli: het in cultuur brengen van het Hollands- een duidelijke relatie met het landschap en ontlenen er een belangUtrechtse veenmoeras voor het agrarisch gebruik en het winnen van rijk deel van hun identiteit aan. We zijn trots op onze geschiedenis veen als brandstof.
De ontginning van het veenmoeras en het ge- en zien het als kracht van Stichtse Vecht dat verleden, heden en toekomst zo verweven met elkaar zijn. 30
31
Kernkwaliteiten en trendlijnen Kernwaarden:
1. Authentieke en autonome dorpen in totaal verschillende landschappen 2. De ontstaansgeschiedenis: land uit water 3. Glokaliteit: lokaal geworteld en tegelijkertijd verbonden met de wereld 4. Nut en lust 5. Grootse Landschappen 6. Vechts bouwen – continuïteit van karakter 7. Stijl en klasse: goed leven en er goed uitzien, maar niet teveel mee pronken 8. Sociale cohesie en sociale kracht in de kleine kernen 9. Traditie van kunst en cultuur Uit: ‘De Kracht van Stichtse Vecht’
Trendlijnen Stichtse Vecht:
• Het watersysteem • (rivier)dorpen • Veenontginningen • Buitenplaatsen • Waterlinies • Grote infrastructuur • Suburbanisatie en industrialisatie • Het recreatielandschap Uit: ‘Verleden, heden en toekomst: trendlijnen Stichtse Vecht’
PM LINK VAN MAKEN
In de interactieve pdf kun je straks inzoomen op de kaartjes
PM LINK VAN MAKEN
Landschapstypen (uit: Energielandschappen) Trendlijn watersysteem 32
Trendlijn (rivier)dorpen
Trendlijn veenontginningen
Trendlijn buitenplaatsen
Trendlijn waterlinies
Trendlijn grote infrastructuur
Trendlijn suburbanisatie en industrialisatie
Trendlijn het recreatielandschap 33
Kleine kernen Identiteit kernen - landschap
De identiteit van de kernen wordt sterk beïnvloed door het omliggende landschap en de ontstaansgeschiedenis. Op basis hiervan onderscheiden wij: veenweidedorpen, Vechtdorpen en Plassendorpen. Veenweidedorpen: Het open veenweidegebied ten westen van het AmsterdamRijnkanaal hoort bij het Groene Hart. In dit typische Nederlandse landschap liggen twee kernen: Nieuwer ter Aa en Kockengen.
werden weer dwarsvaarten en -kaden aangelegd om het water van het nog niet ontgonnen veenmoeras op te vangen. Het moeras werd in fasen, van dwarsdijk tot dwarsdijk, ontgonnen. Langs deze dwarsdijken ontstonden de kenmerkende bebouwingslinten Tienhoven, Oud-Maarsseveen, Maarsseveen en Molenpolder. Vanaf de 17e eeuw is veen afgegraven voor de turfwinning. Door de vele turf die gewonnen werd, veranderden de legakkers in petgaten en plassen.
Kockengen
In de 19e eeuw is een start gemaakt met het droogleggen van de Bethunepolder. De polder werd pas echt droog in 1930 toen het gemeentelijk Waterbedrijf Amsterdam begon met het oppompen van zeer schoon kwelwater. Daardoor is veeteelt mogelijk in het grootste deel van de Bethunepolder. Het noordwestelijke deel bleef echter te nat en bestaat nog steeds uit elzenbroekbos en uitgestrekte rietlanden. De Maarsseveense Plassen zijn ontstaan door het afgraven van zand dat gebruikt is voor de aanleg van de wijk Overvecht in Utrecht.
Nigtevecht
Vechtdorpen: Vroeger was de Vecht de belangrijkste ontwikkelingsader tussen Amsterdam en Utrecht. In de 17e eeuw bouwden veel rijke Amsterdamse kooplieden buitenplaatsen langs de Vecht (en de Angstel). Hier verbleven ze dan de hele zomer. Langs de Vecht ligt een kralensnoer van buitenplaatsen, landgoederen en kastelen. Ook zijn hier veel forten te vinden van de Hollandse Waterlinie. Aan de Vecht liggen van oudsher dan ook veel dorpen. Een aantal daarvan zijn uitgegroeid tot grote, meer stedelijke kernen: Maarsen-Dorp en Breukelen. Andere zijn klein en pittoresk gebleven: Nigtevecht, Vreeland, Loenen aan de Vecht, Veenweidedorpen Nieuwersluis, Oud-Zuilen. Loenersloot, ook Nieuwer ter Aa een kleine kern, ligt aan een zijrivier van de Nieuwer ter Aa is een klein dorp (ca. 500 inVecht: de Angstel. woners). De kerk speelt een grote rol bij (de indentiteit van) veel dorpelingen. Het is een Plassendorpen: De plassen tussen de hechte gemeenschap. Er heerst een mentaliUtrechtse Heuvelrug en de Vecht zijn ont- teit van hands-on en aanpakken. Dorpshuis staan door turfwinning. Vanaf de 12e eeuw ‘Ons Genoegen’ wordt gerund door een kleizijn de veengronden ontgonnen. De oever- ne groep vrijwilligers die ook de hulpvraag wal van de Vecht was de belangrijkste ont- bedient. Nieuwer ter Aa ligt aan het riviertje ginningsbasis waarop de sloten min of meer de Angstel. loodrecht zijn gegraven.
Loodrecht hierop 34
Kockengen is een boerendorp (ca. 3.500 inwoners). Ook hier speelt de kerk een grote rol. De saamhorigheid is hier goed. Bij de kern Kockengen horen ook de bebouwingslinten Portengen en Portengensebrug. De dorpsraad denkt actief na over de leefbaarheid. Momenteel worden alle straten opgehoogd, omdat Kockengen veel wateroverlast heeft.
Vechtdorpen Nigtevecht is een klein dorp (ca. 1.300 inwoners) helemaal in het noorden van Stichtse Vecht. Het dorp ligt in de oksel van de Vecht en het Amsterdam-Rijnkanaal. Qua voorzieningen zijn de mensen hier georiënteerd op het vlakbij liggende Weesp. In Nigtevecht wonen steeds meer mensen uit Amsterdam, die rustiger willen wonen. Het dorp heeft een dorpshuis, een kussenmakerij, een voetbalclub en een paar restaurants. Het meest bekend is Nigtevecht door Fort Nigtevecht. Sinds enkele jaren ligt er een nieuwe fietsbrug over het kanaal, waardoor het fort vanuit het dorp direct te bereiken is voor fietsers en wandelaars.
Luchtfoto Nieuwer ter Aa (Google Earth)
Luchtfoto Kockengen (Google Earth)
Luchtfoto Nigtevecht (Google Earth)
Luchtfoto Vreeland (Google Earth)
Vreeland
Vreeland is een klein dorp aan de Vecht (ca. 1.500 inwoners), dat ook vlakbij het plassengebied ligt. De drukke N201 die Hilversum en Aalsmeer met elkaar verbindt, vormt de zuidgrens van het dorp. Vreeland heeft een uitstekende autobereikbaarheid. Hier wonen relatief veel mensen uit Amsterdam en Utrecht, die graag rustig willen wonen. Het
35
dorp heeft een buurtsuper, diverse restau- Nieuwersluis rantjes en een ijssalon. In de dorpshuiska- Nieuwersluis is een heel klein, oud dorpje mer zijn veel vrijwilligers actief. Er wordt o.a. aan de Vecht (ca. 250 inwoners), gelegen taalles gegeven aan vluchtelingen. tussen Loenen aan de Vecht en Breukelen. Langs de Vecht staan grotere huizen en in Loenen aan de Vecht de Nieuwe Wetering liggen woonboten. Het Loenen aan de Vecht is een relatief grote kern dorpje ligt tussen Fort Nieuwersluis en de (ca. 4.500 inwoners). Hier zijn dan ook meer vrouwengevangenis. In de zomer ontstaan voorzieningen: supermarkt, wijnhandel, in Nieuwersluis bij de Nieuwersluisbrug modezaak, veel restaurants en horeca, een vaak opstoppingen voor zowel auto’s als bovoetbal- en een hockeyclub, etc. Opvallend ten. Qua recreatieve voorzieningen is er een is de aanwezigheid van twee sterrenrestau- natuurzwembad en start hier de fietsboot rants. De aangrenzende jachthavens horen over de Vecht. Voor de voorzieningen gaan bij gemeente Wijdemeren. Omdat Loenen de inwoners zowel naar Loenen aan de Vecht wat groter is, zijn hier ook woonwijken met als naar Breukelen. Het is een hecht dorp: seriebouw en sociale woningen. Het cen- ons kent ons. Er is een actieve dorpsraad.
trum is niet zo uitgebreid als in de drie grote kernen, maar de inwoners uit de omliggende Oud-Zuilen kleine kernen komen hier wel naar toe voor Oud-Zuilen is een klein, historisch dorpje de voorzieningen. aan de Vecht (ca. 600 inwoners) tussen Maarssen-Dorp en Utrecht. Het dorpje ligt Loenersloot bijna tegen de stad Utrecht aan. De inwoLoenersloot ligt aan de Angstel. Ondanks ners zijn heel erg gehecht aan de groene omdat Loenersloot niet aan de Vecht ligt, voelt geving. Slot Zuylen met haar kasteeltuin en het zich wel een Vechtdorp en wordt het ook landerijen is een parel. De inwoners weten zo behandeld. De Rijksstraatweg, die groten- elkaar te vinden als er wat speelt. deels langs de Vecht loopt, steekt van Loenen ook door naar Loenersloot. Het is een klein Plassendorpen dorp (ca. 500 inwoners) dat behoorlijk in- Tienhoven en Oud-Maarsseveen geklemd ligt tussen de A2, het spoor, het Tienhoven en Oud-Maarsseveen zijn lintAmsterdam-Rijnkanaal en de N201. Deze dorpen met veel boerderijen, bruggetjes en provinciale weg splitst het dorp zelfs in twee- doorkijkjes naar de Tienhovense Plassen en ën. De N201 is erg druk en de Provincie kijkt de Bethunepolder. Langs de hoofdas staan naar oplossingen om het dorp te ontlasten. veel verschillende woningen qua grootte, De parel van het dorp is kasteel Loenersloot. soort en vorm. Het zijn woongemeenschappen met weinig bedrijvigheid.
Deze kleine
36
kernen zijn te klein voor een volwaardig voorzieningenniveau. Wel zijn er een aantal basisvoorzieningen zoals een basisschool, een gezondheidscentrum, een kleine dorpswinkel, een dorpshuis, diverse verenigingen en cafés. Lintdorpen Naast de kernen liggen door de hele gemeente verschillende lintdorpen ontstaan door agrarische bedrijfsvoering. In het noorden en westen zijn deze echt nog zichtbaar. Een goed voorbeeld hiervan is Portengen. Bij Maarssen zijn deze lintdorpen verder ontwikkeld. Voorbeelden hiervan zijn Maarsseveen en Molenpolder . Maarsseveen ligt ten zuiden van de Maarseveense Plassen en Molenpolder ligt er ten noorden van. Naast een lintdorp is Molenpolder ook een beschermd natuurgebied van circa 75 ha. Kenmerkend voor Molenpolder is de aanwezigheid van diverse recreatieparken met permanente bewoning. Hier wonen vooral van eenpersoonshuishoudens. Kenmerkend voor Maarsseveen is de grote hoeveelheid bedrijven langs de Gageldijk (hoofdas). Het gebied is daarmee een overgangsgebied tussen het platteland en het stedelijk gebied. In deze kleine kernen zijn bijna geen voorzieningen. Er is een kerk, een snackbar en een groentewinkel.
Luchtfoto Loenen aan de Vecht (Google Earth)
Luchtfoto Loenersloot (Google Earth)
Luchtfoto Nieuwersluis (Google Earth)
Luchtfoto Oud-Zuilen (Google Earth)
Maarsseveen en Molenpolder (Google Earth)
Bethunepolder, Tienhoven en Oud-Maarsseveen (Google-Earth) 37
Grote kernen Breukelen
Breukelen (ca. 10.500 inwoners) is een levendig Vechtdorp met een uitgebreid winkelaanbod, diverse basis- en middelbare scholen, veel sportfaciliteiten, een gezellige weekmarkt en diverse restaurants en terrassen. Het is een langgerekt dorp dat tussen de A2 en de Vecht ligt. Het spoor en het Amsterdam-Rijnkanaal doorsnijden het dorp. Het woongebied ligt hoofdzakelijk tussen het kanaal en de Vecht. De bedrijven liggen veelal in het westelijke deel aan de grote infrabundel: A2, spoor en kanaal. Een bekend beeld dat veel mensen zullen herkennen, is het in Chinese stijl gebouwde Hotel Breukelen met de oer-Hollandse molen ernaast. Het oude centrum van Breukelen is gelegen op de kruising van de Straatweg, de Dannegracht en de rivier de Vecht. Langs de Vecht liggen prachtige kastelen en buitenplaatsen, zoals Nyenrode (Nyenrode Business University), landgoed Gunterstein, Queekhoven en Boom en Bosch (met de raadszaal in het koetshuis). Het dorp bestaat naast het centrum (middengebied) uit verschillende gebieden: (Breukelen) Noord, Broeckland, Scheendijk en Rode Dorp. In Noord en Broeckland liggen woonwijken, waarbij de hoogbouw langs het kanaal kenmerkend voor Noord is. Het Rode Dorp is een kleine wijk tussen het station en het kanaal in. Scheendijk is een re-
38
creatieve voorziening aan de Loosdrechtse Plassen. Op de legakkers staan veel vakantiehuizen met een mooi uitzicht op het water. Het is een paradijs voor vaarliefhebbers. Er zijn veel jachthavens. Het is nu een rommelig geheel, maar er is al een plan voor kwaliteitsverbetering.
Maarssen-Dorp
Maarssen-Dorp (ca. 16.000 inwoners) heeft een historisch centrum en langs de Vecht liggen hier prachtige buitenplaatsen: Doornburgh, Goudestein (gemeentehuis), Vechtenstein, Leeuwenburg, etc. Deze buitenplaatsen zijn na de Gouden Eeuw door rijke Amsterdammers gebouwd. Het historische deel van Maarssen-Dorp ligt net als alle oude Vechtdorpen op de hoger gelegen oeverwallen en stroomruggen van de Vecht. Er staan veel gemeentelijke en rijksmonumenten in Maarssen-Dorp. Het voorzieningenaanbod is groot met diverse supermarkten, winkels, restaurants, horeca, etc. In Maarssen-Dorp zijn ook een aantal grootschalige woningbouwprojecten geweest; toch is het hier minder stedelijk dan in Maarssenbroek. Op Buuren is een bijzondere wijk, die ontstaan is op de gronden van de Nederlandse Kininefabriek. Het is een voorbeeld van retro-architectuur, geïnspireerd op de historische bouwstijlen in de kernen langs de Vecht. Het is een nieuw ‘slaap-werk dorpje’.
Maarssenbroek
Maarssenbroek (ca. 23.000 inwoners) is de grootste en meest stedelijke kern van Stichtse Vecht. Er is hier een zeer compleet voorzieningenaanbod, zowel qua winkels, horeca, scholen als sportfaciliteiten. Tot circa 1970 was het huidige Maarssenbroek agrarisch gebied. Na 1970 is door grootschalige nieuwbouw Maarssenbroek ontstaan. De kern ligt tussen de A2, de Zuilense Ring, het Amsterdam-Rijnkanaal en Haarrijn in en bestaat uit 14 (bloemkool) wijken. Langs de A2 ligt een groot wijkpark dat meteen ook als buffer naar de A2 fungeert. Het centrum van Maarssenbroek is de wijk Bisonspoor. Hier bevinden zich kantoren en woningen in grote torens boven op het overdekte winkelcentrum. Het station Maarssen bevindt zich ook hier (knooppunt Maarssenbroek). Tegen het Amsterdam - Rijnkanaal De kern ligt tegen het bedrijventerrein Lageweide (tegenwoordig Utrecht) aan. Zelf heeft Maarssenbroek ook nog veel bedrijven (Planetenbaan). Maarssenbroek is de enige echt nieuwe kern in de gemeente Stichtse Vecht.
Luchtfoto Breukelen (Google Earth)
Luchtfoto Maarssenbroek en Maarssen-Dorp (Google Earth)
Bibliotheek in Breukelen
Kerk in Maarssen-Dorp
39
5. Thema’s Voor de omgevingsvisie Stichtse Vecht zijn bij de start drie overkoepelende opgaven geformuleerd: • Aantrekkelijke, bereikbare en gezonde leefomgeving voor wonen, werken en recreëren • Versterken van de kwaliteit van cultuurhistorie, landschap en natuur • Inspelen op klimaatverandering en ruimte maken voor de energietransitie Uit het proces met de samenleving en de betrokkenen van de gemeente is een behoorlijke lijst met actuele onderwerpen naar voren gekomen waar de omgevingsvisie op in zou moeten gaan. Hieruit hebben we de rode draad van spelende thema’s en opgaven gedestilleerd. Het gaat om de volgende opgaven en verantwoordelijkheden: • Gezondheid voor iedereen • Ruimte voor de verstedelijkingsopgaven (wonen en werken) • Goede bereikbaarheid in een steeds vollere regio • Prettig leven in de kernen • Ruimte voor recreatie • Toekomstbestendig vitaal platteland • Werken aan klimaatverandering Per thema behandelen we steeds wat er speelt, de visie voor 2030/2040 en de programma’s die nodig zijn om de visie te realiseren. In hoofdstuk 6 doen we dit gebiedsgericht.