Bijlage 2 Stedenbouwkundig Programma van Eisen.pdf
Tekst van het document
Wonen met welzijn en zorg: aanbod verruimen
De gemeente wil eraan bijdragen dat er goede afstemming komt tussen vraag en aanbod op het terrein van ‘wonen met zorg’ en dat er een klimaat is waarin ouderen en mensen met een beperking prettig kunnen blijven wonen en leven. Een adequate afstemming tussen (zorg)geschikte woningen in een daarop afgestemde woonomgeving met bereikbare zorg- en welzijnsvoorzieningen moet dit nu en straks mogelijk maken. Zie ook hoofdstuk 6 over nieuwe woonconcepten zoals in ’t Kampje te Loenen. Voor wat betreft wonen met welzijn en zorg spreken we de ambitie uit dat: Iedereen, dus ook kwetsbare inwoners, zoals dementerenden, kwetsbare jeugdigen en senioren, zoveel mogelijk in hun eigen omgeving kan blijven wonen in passende woningen of in aangepaste woningen met toegankelijke zorg- en welzijnsdiensten. De gemeente wil eraan bijdragen dat er goede afstemming komt tussen vraag en aanbod op het terrein van ‘wonen met zorg’ en dat er een klimaat is waarin ouderen en mensen met een beperking prettig kunnen blijven wonen en leven. Een adequate afstemming tussen (zorg)geschikte woningen in een daarop afgestemde woonomgeving met bereikbare zorg- en welzijnsvoorzieningen moet dit nu en straks mogelijk maken. Zie ook hoofdstuk 6 over nieuwe woonconcepten zoals in ’t Kampje te Loenen.
Voor wat betreft wonen met welzijn en zorg spreken we de ambitie uit dat: Iedereen, dus ook kwetsbare inwoners, zoals dementerenden, kwetsbare jeugdigen en senioren, zoveel mogelijk in hun eigen omgeving kan blijven wonen in passende woningen of in aangepaste woningen met toegankelijke zorg- en welzijnsdiensten.
Verduurzaming van de woningvoorraad
De focus ligt op een vermindering van de milieubelasting door de woning (energiebesparing), zowel tijdens het bouwproces als daarna. Maar het gaat ook over de kwaliteit van de woningen (meer wooncomfort) en de betaalbaarheid (minder energielasten) van het wonen voor de bewoner. De gemeente heeft de doelstelling om in 2030 volledig klimaatneutraal te zijn. Om dat te bereiken moeten nieuwbouwwoningen enkel nog als nul-op-de-meter (NOM) op de markt gebracht worden. Daarbij zijn alle in- en uitgaande energiestromen op jaarbasis in balans. De woning wekt dus minstens evenveel energie op als de woning verbruikt. De eerste stap hierbij is het voorkomen van onnodig energieverbruik door middel van goede isolatie (zowel in de nieuwbouw als bestaande bouw), ook vanuit comfort-oogpunt.
Belangrijke punten
- Aansluiten aanbod betaalbare woningen op verwachtte behoefte - Vergroten aanbod sociale huurwoningen OF Doorstroming bestaande huurvoorraad vergroten - Toevoegen goedkope woningen (koop en huur) - Betaalbare woningen middensegment behouden - 30% sociale huurwoningen - Waar mogelijk: Betaalbare woningen tot 200.000 - Afhankelijk van behoefte: 10% sociale koop OF meer (mits de 30% sociale huur niet belemmerd) - Meer keuzemogelijkheid middeninkomens, o.a. in vrije sector huur - Nieuwbouwprogramma van 20% midden huurwoningen - Realisatie midden huur vooral gewenst voor Breukelen, Maarssendorp en Maarssenbroek voor €720 - €900 - 15% appartementen en 5% grondgebonden (i.v.m.
doorstroming scheefwoners sociale huur) - Minimaal 2-kamerappartementen van 50 m² (€ 720) tot 75 m² (€ 900) - Minimale exploitatietermijn van 15 jaar - Indexatie van de middenhuurgrens, zoals deze is vastgelegd in de huis vestingsverordening, op basis van de CPI alle huishoudens jaar- op-jaar methode gedurende de komende 15 jaar - Goede afstemming vraag en aanbod voor ‘wonen met zorg’ - Klimaat waarin ouderen met beperkingen prettig kunnen wonen en leven - Afstemming (zorg)geschikte woningen en woonomgeving met bereikbare zorgen welzijnsvoorzieningen - Ambitie: ‘Iedereen, dus ook kwetsbare inwoners, zoals dementerenden, kwetsbare jeugdigen en senioren, zoveel mogelijk in hun eigen omgeving kan blijven wonen in passende woningen of in aangepaste woningen met toegankelijke zorg- en welzijnsdiensten.’ - Verminderen milieubelasting woonprogramma: Bij bouw en daarna - Maar ook meer wooncomfort (woonkwaliteit) en minder energielasten (betaalbaarheid) - In 2030 volledig energie neutraal - Nieuwbouwwoningen enkel nog als nul-op-de-meter (NOM) op de markt gebracht - Eerste stap hierbij is het voorkomen van onnodig energieverbruik door middel van goede isolatie (zowel in de nieuwbouw als bestaande bouw) - Nieuwe woonconcepten: groepswonen, tiny houses, hofjeswoningen, collectief particulier ondernemerschap en andere vormen van nieuwe woonconcepten Maarssen Staatsliedenbuurt
Stedenbouwkundig Programma van Eisen
59
6.3
Groen Structuur Plan Gemeente Stichtse Vecht
Voor de groenstructuurvisie van Maarssendorp geldt dat bestaande kwaliteiten van de openbare landgoederen geborgd worden, continuïteit in de boomstructuur wordt hersteld en groene accenten ter hoogte van entreegebieden worden aangebracht. Tenslotte is ten behoeve van ecologie het aanbevolen een stedelijke ecologische verbindingszone te realiseren.
Continuïteit in verkeersgeleidende boomstructuren
Voor Maarssendorp is het belangrijk hoofdontsluitingswegen meer aandacht te geven. Allereerst kennen belangrijke routes geen sterke begeleiding door bomen, zoals deel van de Binnenweg, Parkweg en Huis Ten Boschstraat. Het is wenselijk de boomstructuur hieraan te zetten door aanplant of het aanwezige groen meer massa te geven. Daarnaast is het aanbevolen het westelijke deel van dr. Plesmanlaan een passende inrichting te geven. Zorg dat de historische boomstructuur terplekke in de toekomst een statige aanblik krijgt die past bij een hoofdontsluitingsweg. Biedt bij de herinrichting daarnaast ook genoeg groeiruimte voor de bomen. Daar waar ruimte is gebruik maken van een dubbele laanbeplanting en dat onmogelijk is dan kiezen voor eenzijdige beplanting. Algemeen geldt voor de inpassing van begeleidend groen in Maarssendorp, daar waar ruimte is parkachtige stroken toepassen met dubbele beplanting. Dit moet gecombineerd worden met een lage onderbeplanting van bodemdekkers en vaste planten zodat zicht op de omgeving behouden blijft en verkeersveiligheid niet in het gedrang komt.
Breng groene accenten aan ter hoogte van de entrees
Het is wenselijk groene accenten toe te passen ontsluitingswegen tot Maarssendorp. Verschillende rotondes die toegang tot de dorpskern verlenen in toekomst een passende inrichting geven. De verschillende rotondes die de toegang tot Maarssendorp markeren kunnen in de toekomst meer aandacht gegeven worden door passende inrichting en beheer. Door deze belangrijke infrastructurele knooppunten een groen accent mee te geven wordt de entree functie van het dorp benadrukt.
Ontwikkel een stedelijke ecologische verbindingszone
Om de huidige ecologische groenstructuur te versterken zijn er kansen in het optimaliseren en realiseren van een groene verbinding tussen de brug richting Maarssenbroek en het park Vechtenstein. Door de stenige wijk, die wordt ingesloten door de Kerkweg, Binnenweg en Straatweg, te vergroenen ontstaat een groter aaneengeschakeld ecologisch groengebied. Om de ecologische waarde versterken is het belangrijk groene en waar nodig blauwe verbindingen te realiseren met het buitengebied. Het aanleggen of omvormen van bestaande passages onder grote barrièrevormende infrastructuur zoals de N230 is waardevol voor grondgebonden fauna.
60
Maarssen Staatsliedenbuurt Stedenbouwkundig Programma van Eisen
Groen Structuur Plan Gemeente Stichtse Vecht
Gemeente Stichtse Vecht 15 september 2017
Gemeentelijk Verkeer- en Vervoerplan Stichtse Vecht 2013 Deel B: Beleidsnota parkeren
Belangrijke punten:
Bestaande kwaliteiten openbare landgoederen geborgd worden, continuïteit in de boomstructuur hersteld en aanbrengen groene accenten ter hoogte van entreegebieden. Daarnaast realiseren ecologische verbindingszone ten behoeve van ecologie. - Meer aandacht hoofdontsluitingswegen - Geen sterke begeleiding door bomen - Aanplanten of aanwezig groen meer massa geven - Westelijke deel dr. Plesmanlaan een passende inrichting geven - Historische boomstructuur statige aanblik geven die past bij een hoofdontsluitingsweg - Genoeg groeiruimte voor de bomen bij herinrichting - Waar kan dubbele laanbeplanting, anders eenzijdige beplanting - Waar ruimte is parkachtige stroken toepassen met dubbele beplanting - Gecombineerd met lage onder beplanting van bodemdekkers en vaste planten - Wenselijk groene accenten toe te passen ontsluitingswegen tot Maarssendorp - Verschillende rotondes kunnen meer aandacht gegeven worden door passende inrichting en beheer - Benadrukken entree functie dorp - Groene verbinding tussen de brug richting Maarssenbroek en het park Vechtenstein - Stenige wijk vergroenen, ontstaan groter aaneengeschakeld ecologisch groengebied - Ecologische waarde versterken door waar nodig blauwe verbindingen te realiseren met het buitengebied - Aanleggen of omvormen bestaande passages onder grote barrièrevormende infrastructuur (zoals de N230) waardevol voor grondgebonden fauna
6.4 Gemeentelijk Verkeer- en Vervoerplan Stichtse Vecht 2013
- Bij (ver)bouwplannen moeten parkeerplaatsen te allen tijde binnen het projectgebied gerealiseerd worden - Stimuleren van fiets-, bus en treingebruik - Voldoende parkeercapaciteit voor bewoners en hun bezoekers - Parkeernomen worden per gebiedstype en woningtype voor zowel nieuwbouwlocaties als bestaande woongebieden vastgesteld - De gemeente Stichtse Vecht voert de regie in de aanpak van verkeersonveiligheid i.c. parkeeroverlast bij scholen - Stimuleert en faciliteert het gebruik van de elektrische auto
GVVP Stichtse Vecht 2013 Deel B: Beleidsnota parkeren
versie 08, augustus 2015
Maarssen Staatsliedenbuurt Stedenbouwkundig Programma van Eisen
61
Omgevingsvisie Stichtse Vecht ’t Bes te van twee werelden
6.5
Omgevingsvisie Stichtse Vecht
Ontwikkeling van de wijken
Veel van onze wijken zijn toe aan een gedeeltelijke herontwikkeling. We zien ook veel veranderingen: de wijken worden steeds gemengder qua bevolkingsopbouw, er wordt steeds meer gewerkt (‘aan huis’) de openbare ruimte is aan vervanging toe, we gaan van het gas af, de woningen moeten beter geïsoleerd worden en we moeten ons voorbereiden op extremer weer (warmte, droogte en wateroverlast). Het autogebruik is aan het veranderen en er moet meer ruimte voor beweging komen. De aanwezigheid van groen en landschap is zeer bepalend voor het woongenot (en klimaatbestendigheid). Wij vinden dat voor elke inwoner een parkje, natuurgebied of het omliggende landschap bereikbaar moet zijn binnen loop- en/of fietsafstand. We vergroenen straten, leggen parkjes en groene speelplekken aan en maken goede, korte verbindingen naar het omliggende landschap. Daarnaast kan elke inwoner van Stichtse Vecht binnen 10 minuten fietsen in een groot natuurgebied of aantrekkelijk groen landschap zijn, waar hij/zij kan fietsen of wandelen. Elkaar ontmoeten en bewegen (bijvoorbeeld in groene gebieden) is goed voor de gezondheid. Niet alleen voor de sociale cohesie, maar ook voor de mentale gezondheid is het belangrijk dat mensen elkaar ontmoeten. Bijvoorbeeld bij een (sport)vereniging, in de openbare ruimte of culturele hotspots. Iedere inwoner heeft in zijn levensfase een andere behoefte aan bewegen.
Voor zowel jong als oud dient hier rekening mee gehouden worden.
Verkeer
We willen duurzame en schone verkeersvormen, waaronder de fiets, voor lokaal en recreatief verkeer stimuleren. Daarvoor zijn korte en aantrekkelijke fietsroutes tussen de kleine kernen, bedrijventerreinen en de voorzieningencentra nodig. Ook het platteland moet recreatief beter ontsloten worden. Naast duurzame en schone vervoersmiddelen is het interessant om ook te kijken naar minder vervoersmiddelen. Daarbij is deeleconomie, waarbij het draait om autobeschikbaarheid in plaats van autobezit, interessant. Ook de innovaties op het gebied van informatie-intensief verkeer hebben de aandacht. Dit leidt tot de volgende opgaven: - Goede bereikbaarheid met de auto en fiets van de kernen en de bedrijventerreinen behouden. Inzetten op meer gebruik van de treinstations. - Minder overlast door recreatief verkeer langs en op de Vecht zonder de goede bereikbaarheid voor de eigen inwoners aan te tasten. - Aantrekkelijker maken om binnen de gemeente de fiets te pakken. Informatieintensief, duurzaam en schoon vervoer bevorderen.
62
Maarssen Staatsliedenbuurt Stedenbouwkundig Programma van Eisen
We gaan de inzet van Smart Mobility en deeleconomie bevorderen en actief onder de aandacht brengen. Om een auto te rijden, hoeft deze geen eigen bezit te zijn. Als meer mensen een deelauto gebruiken, zijn er minder parkeerplaatsen nodig en is er meer ruimte voor groen. Ook andere vormen van deelgebruik worden onderzocht, bijvoorbeeld elektrische scooters of fietsen. Veiligheid vergroten door: - Autoluw maken van bepaalde wegen. - Verlagen snelheidslimieten - Omleiden van ongewenst (recreatief) verkeer. - Meer snelheid remmende maatregelen. Bereikbaar verbeteren door: - Aanpassen van (bestaande) wegen. - Aanleggen en beter onderhouden van fietspaden en -routes. - Goede en regelmatige busverbinding met omliggende dorpen en Utrecht - Realiseren nieuw treinstation. - Meer laadpalen voor elektrische auto’s. - Meer parkeerplekken voor auto’s Meer handhaving: - Handhaving op maximumsnelheid - Beboeten van foutparkeerders Duurzaamheid en Milieu Weersextremen veroorzaken wateroverlast, droogte, hittestress en een grotere kans op overstromingen. We zullen onze systemen en ruimtelijke inrichting hierop moeten aanpassen. We hebben meer ruimte voor water en groen nodig.
Hierdoor kunnen we: - Meer waterberging creëren, waardoor we minder wateroverlast krijgen - Het grondwater aanvullen, waardoor we beter bestand zijn tegen droge perioden - Meer bomen laten groeien, die zorgen voor schaduw en verkoeling tijdens hete perioden
Klimaatadaptatie
Klimaatverandering vergroot de kans op: wateroverlast door hevige regenbuien, langere periodes van droogte, hittestress en overstromingen. Om de overlast en schade te beperken zijn ruimtelijke maatregelen én brede bewustwording nodig. Klimaatadaptatie vraagt om een lange adem en continuïteit in beleid. We nemen de natuur mee in onze plannen en kiezen voor ‘natuurinclusief bouwen’. Dat betekent dat we bewust ruimte creëren voor de natuur in de groenstructuur (bijvoorbeeld door planten te gebruiken die als voedselbron voor dieren dienen) en in gebouwen (bijvoorbeeld door schuil- en nestelgelegenheden in het gebouw te integreren). Daarnaast willen we ook de aanwezigheid, gezondheid en het welzijn van dieren in onze openbare ruimte beschermen en waar nodig bevorderen. Op die manier kunnen we de natuurbeleving van mensen in hun woonomgeving versterken. Uitgangspunten bij klimaatadaptatie - Bewustwording van de ruimtelijke impact van reageren op de klimaatverandering - Meer ruimte voor groen en water t.b.v.
verkoeling, water vasthouden en bergen - Robuust en toekomstbestendig bodem- en watersysteem leidend bij ontwikkelingen - De bodemdaling en veenoxidatie stoppen/vertragen in veenweidegebied Klimaatmitigatie: de energietransitie Om een groener en klimaatbestendiger Stichtse Vecht te worden, werken we naast duurzame energieopwekking aan energiebesparing, duurzame mobiliteit, warmtetransitie (aardgasvrij) en klimaatadaptatie. We beperken ons ruimtegebruik door nieuwe functies slim te combineren. We zoeken bij het opwekken van duurzame energie zoveel mogelijk naar een combinatie van functies en/of maatregelen om de natuur-, landschaps- en cultuurhistorische waarden te verbeteren evenals de recreatieve beleving. De focus ligt hierbij in de nabije toekomst op zonne-energie. Dit is zowel zon op daken en gevels als zon op land. We realiseren zoveel mogelijk zon op daken en gevels door inwoners, agrariërs en bedrijven te stimuleren zonnepanelen op hun daken en gevels te leggen.
Uitgangspunten bij de energietransitie: - We richten ons op vermindering van de energievraag, ofwel energiebesparing - Hoe meer we besparen hoe minder we (grootschalig) hoeven op te wekken èn op het zoveel mogelijk duurzaam opwekken van de energie die we gebruiken - De duurzame energie die we opwekken met grootschalige (zonne)-energie is onder voorbehoud van een goede landschappelijke inpassing, bijdrage aan lokaal eigendom, wederkerigheid en realisatiemogelijkheden - De energietransitie is een gezamenlijke opgave. De gemeente is één van de partijen. Voor grootschalige opwekking en de warmtetransitie hebben wij een regierol. Veel initiatieven voor besparing en opwekking komen van de doelgroepen zelf. Waar mogelijk en waar nodig zullen wij faciliterend optreden
Belangrijke punten
- voorbereiden op extremer weer - openbare ruimte is aan vervanging toe - meer ruimte voor beweging - voor elke inwoner een parkje, natuurgebied of het omliggende landschap bereikbaar binnen loop- en/of fietsafstand - Vergroenen straten, parkjes en groene speelplekken aanleggen en goede, korte, verbindingen omliggend landschap - elke inwoner van Stichtse Vecht binnen 10 minuten fietsen in een groot natuurgebied of aantrekkelijk groen landschap - Elkaar ontmoeten en ontspannen (In de openbare ruimte/voorzieningen) voor zowel jong en oud: Inclusieve openbare ruimte - Stimuleren duurzame verkeersvormen door korte en aantrekkelijke routes - Minder overlast door recreatief verkeer langs en op de Vecht zonder de goede bereikbaarheid voor de eigen inwoners aan te tasten - inzet van Smart Mobility en deeleconomie bevorderen - Veiligheid vergroten door: - Autoluw maken bepaalde wegen - Verlagen snelheidslimiet - Omleiden ongewenst (recreatief) verkeer - meer snelheid remmende maatregelen - Bereikbaarheid verbeteren door: - Aanpassen van (bestaande) wegen - Aanleggen van fietspaden- en routes - Goede regelmatige busverbinding dorpen en Utrecht - Realiseren treinstation en inspelen meer gebruik stations - Meer laadpalen voor elektrische auto’s - Meer parkeerplekken voor auto’s - Meer ruimte voor groen, water en klimaatadaptatie - meer waterberging creëren, minder wateroverlast - het
grondwater aanvullen, bescherming droogte - meer bomen laten groeien, schaduw en verkoeling tegen hitte - Waarborgen van de eigen identiteit van de kernen - Samenleving ruimte bieden voor werk, cultuur, ontmoeting en eigen initiatief. - Goed voorzieningennetwerk, waarbij voorzieningen voor alle iedereen bereikbaar zijn 7 thema’s: (gezondheid voor iedereen, Ruimte verstedelijkingsopgave, Goede bereikbaarheid, Prettig wonen in kernen, Ruimte voor recreatie, Toekomstbestendig vitaal platteland, Werken aan klimaatverandering)
Maarssen Staatsliedenbuurt Stedenbouwkundig Programma van Eisen
63
6.6
Notitie Puntensysteem Natuurinclusief Bouwen Stichtse Vecht
In Stichtse Vecht worden we omgeven door prachtige natuur. Door de natuur een volwaardige plek te geven in bouwprojecten ontstaat een aantrekkelijke, gezonde en toekomstbestendige leefomgeving voor mens en dier. In de (ontwerp)Omgevingsvisie geeft de gemeente aan dat ze streeft naar natuurinclusief en klimaat bestendig bouwen bij haar verstedelijkingsopgave en daarmee een bijdrage wil leveren aan een gezond functionerend stedelijk ecosysteem. De eerste bouwsteen van natuurinclusief bouwen is natuur in het gebouw: het inbouwen van verblijfsplaatsen in woningen, bijvoorbeeld via neststenen. Dit is noodzakelijk voor diersoorten die voor hun broedgelegenheid van gebouwen afhankelijk zijn, zoals huismussen, gierzwaluwen en vleermuizen. De tweede bouwsteen is natuur aan, op en om de woning: groene daken en gevels en natuurlijke tuinen met egeldoorgangetjes en groene erfafscheidingen. De derde bouwsteen is natuur in de buurt: het toepassen van meer groen en blauw in de directe woonomgeving, zoals bomen en natuurvriendelijke oevers, en het aanleggen van groene en blauwe verbindingen met andere delen van de stad of het buitengebied. Alle drie de bouwstenen vergroten de biodiversiteit, leefbaarheid en natuurbeleving; de laatste twee bouwstenen vergroten ook de klimaatbestendigheid van het gebied.
Er is gekozen voor een puntensysteem om de creativiteit en keuzevrijheid van ontwerpers te bevorderen. Er moet altijd een minimaal aantal punten gehaald worden door verblijfsplaatsen in te bouwen én door groene maatregelen op, aan en om de woning(en) toe te passen. In sommige gevallen zijn ook maatregelen in de buitenruimte vereist. Welke maatregelen precies worden gekozen om de punten te behalen is aan de initiatiefnemer, in overleg met de gemeente.
Ambitie en reikwijdte
Met dit puntensysteem streven we in Stichtse Vecht in eerste instantie naar:
A. De instandhouding en versterking van het leefgebied van gebouw gebonden soorten. Dit doen we door verblijfsmogelijkheden te creëren in gebouwen en de omgeving geschikt te maken.
B. Het behouden en versterken van de biodiversiteit.
Dit doen we door bijvoorbeeld het aanleggen van groene daken en gevels, het planten van bomen of het creëren van amfibieënpoelen. Daarnaast dragen de maatregelen in het puntensysteem ook bij aan:
C. De klimaatbestendigheid van het gebied.
De aanleg van groen gaat hittestress en droogte tegen en helpt bij wateroverlast.
D. Gezonde bewoners.
Natuurinclusief bouwen vergroot de levenskwaliteit van mensen, die gezonder en gelukkiger zijn wanneer ze omringd zijn door natuur.
64
Maarssen Staatsliedenbuurt Stedenbouwkundig Programma van Eisen
Afspraken natuur inclusief bouwen
- Tijdens hitte biedt de gebouwde omgeving een gezonde en aantrekkelijke leefomgeving - Langdurige droogte leidt niet tot structurele schade aan bebouwing, funderingen, wegen, groen, water en vitale en kwetsbare functies. - Hevige neerslag leidt niet tot schade aan gebouwen, infrastructuur en voorzieningen; vitale functies en voorzieningen blijven beschikbaar - Groenblauwe structuren en de gebiedseigen biodiversiteit worden versterkt via het leidend principe in het toepassen van klimaat adaptieve maatregelen dat natuurlijke oplossingen altijd de voorkeur hebben boven ‘grijze’ oplossingen (‘groen, tenzij….’). - Eventuele bodemdaling van gebouwd gebied blijft beheersbaar en betaalbaar - De gebouwde omgeving is via gevolgbeperking voorbereid op overstromingen door dijkdoorbraken
Buiten Spelen, Natuurlijk! Beleidskader speelruimte en –voorzieningen
6.7
Foto: Superspeelspoor Maarssenbroek
Buiten spelen, natuurlijk!
Door elke speelplek anders in te richten kunnen kinderen heen en weer pendelen tussen de verschillende speelplekken. Het is wenselijk deze speelplekken via veilige wandelroutes met elkaar te verbinden. Op die manier ontstaat een grotere diversiteit aan speelmogelijkheden. Kinderen willen meer uitdagende speelmogelijkheden in de buurt passend bij hun leeftijd. Het liefst in de natuur, op een schoolplein of een grasveld dichtbij huis. Ze houden vooral van niet-voorgeprogrammeerde activiteiten. Zelfverzonnen spelletjes, klimmen en klauteren en tenten of hutten bouwen. Het is opvallend dat zo rond het 6e jaar kinderen graag in de groenvoorziening gaan spelen (hut in de struiken) en door wijken of buurten “zwerven” van de ene naar de andere speeltuin. Vanaf 8 jaar hebben kinderen behoefte aan een volgende stap en zoeken ze meer avontuur, uitdaging en creativiteit. De behoefte om zelf dingen te bouwen en wedstrijdjes te doen wordt groter.
Een speelvoorziening biedt voldoende speelwaarde als er sprake is van: 1. Een ruime opzet 2. Een netwerk van verschillende strategisch gelegen speelvoorzieningen bestaande uit formele en informele speelplekken 3. Een uitdagend en gevarieerd aanbod aan speeltoestellen en speelaanleidingen (geen solotoestellen) 4. Een veilige ligging (o.a. in het zicht van woningen en verkeerveilig) 5. Een plek die schoon en goed onderhouden is 6. Een aanbod dat aansluit bij de behoefte van de omwonende jeugd 7. Een sociale ontmoetingsplek voor de buurt Overige aandachtspunten:
7. Aandacht voor informele speelvoorzieningen en “natuurlijk” spelen 1. Speelplekken metautoluw kinderen inrichten Speelplekken kunnen informeel (groenvoorziening, park, straat, pleintje) of formeel (speeltuin, trapveld) zijn.nooit Het is wenselijk bij het inrichten van de openbaremet ruimtespeelvriendelijke bewust te Nergens kun je vrijer en avontuurlijker spelen dan in het park of het bos. Maar 2. Speelbuurten verbinden routes kijken naar de informele en formele speelmogelijkheden. De formele ruimte die nodig is om goed 7. Elk kind heeft recht op zijn blauwe plek, geschaafde knie en splinter eerder in de geschiedenis groeiden zó veel kinderen zó ver wegtevan de spelen natuur 3. Gezonde kunnen kanop. doorHet de aanwezigheid van veelschoolpleinen informele speelruimte, zoals een nabij Door de vele strenge regels en wettelijke (veiligheids)eisen wordt het voor gemeenten steeds gelegen park of natuurgebied, anders zijn dan als deze informelen speelruimte er niet is. is goed om ‘natuur om de hoek’ te bevorderen. Je kunt de aanwezige groenvoorziening 4. Meer uitdagende creatieve speelmogelijkheden moeilijker om speelvoorzieningen te realiseren die kinderen uitdagend vinden. Ook Een groene omgeving daagt kinderen uit tot klauteren, ontdekken en verwonderen. Dit stimuleert burgerinitiatieven worden of doornatuurlijke de risico-aansprakelijkheid te vaak afgewezen of beëindigd.
Er zal de stedelijke toegankelijk maken elementen (speelaanleidingen) aan Groene speelprojecten met natuurlijke elementen kinderen om gevarieerd en creatief5. te spelen en meer te bewegen. Bij het inrichten van de meer besef moeten komen dat niet elk risico valt af te wentelen en dat bij buiten spelen ook openbare ruimte zoals een park, groenvoorziening of de straat zal rekening worden gehouden omgeving toevoegen. 6. Multifunctionele speelplekken voor spelen, ontmoeten en rust. Ook voor jongeren valpartijen horen. met de “speelwaarde” ervan. Boomstronken en grote takken kunnen dienst doen als en ouderen erfafscheiding en tevens als speelelement (mits stevig en veilig). 4.2 Burgerinitiatieven en aansprakelijkheid De speeltuin van de toekomst is een multifunctionele plek in de wijkaandacht waar zijn kinderen Er moet voor het kindvriendelijk de openbare ruimte. brede 7. Door inrichten de velevan strenge regels en Een wettelijke (veiligheid)eisen wordt het voor gemeenten stoeprand of bijzondere tegels in de bestrating kunnen al zorgen voor extra speelwaarde. Bij een spelen, mensen elkaar ontmoeten en dingen met elkaar delen en waar groepen steeds moeilijker om speelvoorzieningen Naast de bovengenoemde trends zien we ook dat de overheid zich steeds meer inzet voorformele speelplek (speeltuin) gaat de voorkeur uit naar een groene inrichting.
Een solitaire boomte realiseren die kinderen uitdagend vinden burgerinitiatieven. Ministerie van Binnenlandse Zaken heeft in december 2013 de kadernota samenkomenHetom iets met elkaar te ondernemen. De speeltuin is dus voor met groteniet kruin alleen kan een heel fraai effect geven en ook voorzien in de nodige schaduw. “Regel die burgerinitiatieven” uitgebracht. Deze kadernota is in samenwerking met een aantal kinderenenmaar ook voor jongeren enblijkt volwassenen. wordt ruimte geboden voor gemeenten expertgroepen opgesteld. Uit de nota dat het geven vanEr meer ruimte aan 8. Ruimte koesteren initiatieven in relatie spelvormen, tot aansprakelijkheid een lastigebeweging, opgave is voor socialisatie, gemeenten. Op ditconstructie moment is de verschillende namelijk en fantasie. Als een speeltoestel verdwijnt blijft er vaak een weinig inspirerende vlakte over of wordt de ruimte juridische ruimte rond aansprakelijkheid te beperkt om maatschappelijke speelinitiatieven die mogelijk te gebruikt voor extra parkeervoorzieningen. Op die manier wordt de ruimte om te vrijkomt In speeltuin 2020 kennen we Bewegingsspellen, Constructiespellen, Rollenspellen, maken. In de kadernota worden een aantal aanbevelingen gedaan. spelen verder beperkt. Het is wenselijk de ruimte waar het speeltoestel heeft gestaan of waar
Regel- en Wedstrijdspellen en is er ruimte voor ontmoeting en rust. een speelplek was te betrekken bij de rest van de openbare ruimte.
Gemeente Stichtse Vecht (2014)
Gemeente Stichtse Vecht (2014)
Er komen steeds meer verzoeken van inwoners om eigen speeltoestellen (tijdelijk) in de openbare ruimte te plaatsen. Denk aan zandbakken, glijbanen, zwembadjes, trampolines etc. Op het moment dat de speeltoestellen in de openbare ruimte staan vallen ze onder de reikwijdte van het
Maarssen Staatsliedenbuurt Stedenbouwkundig Programma van Eisen
65
Bomen in Beeld
6.8
Bomen in Beeld, Bomenbeleid en Structuurplan 2015-2035
De doelen van het Bomenbeleidsplan: 1. Een goede boomstructuur ontwikkelen: met een logische opbouw, die de stedenbouwkundige structuur ondersteunt, met de juiste boom op de juiste plek. 2. Bomen beschermen waar nodig . 3. Duurzaam beheer realiseren: bomen hebben voldoende groeiplaats nodig, zowel onder- als bovengronds. 4. Dereguleren van kapaanvragen via de Bomenverordening.
1 Goede boomstructuur
Om de boomstructuur te bepalen is gebruik gemaakt van twee hulpmiddelen: sfeerbeelden en landschapstypen. Deze samen bepalen welke boomsoort gebruikt wordt en in welk plantverband: laan, groep, dicht opeen of veel ruimte ertussen. De stedenbouwkundige structuur is gebruikt om een hiërarchie aan te geven. De stedenbouwkundige structuur wordt bepaald door lijnen, zoals de hoofdinfrastructuur (wegen, spoor, Vecht), vlakken (parken, buurten) en punten (markante punten zoals een kerk of een plein). Het plan bevat aanbevelingen om de boomstructuur te verbeteren in het algemeen en voor alle kernen. In de Boomstructuurkaart komt alles samen: sfeer, landschapstypen en stedenbouwkundige opbouw resulteren in een kaart met de gewenste boomstructuur.
2 Bomen beschermen waar nodig
Bomen zijn belangrijke dragers van het groen. De belangrijkste bomen zijn degene die de boomstructuur vormen en monumentale bomen. Deze twee boombeplantingen worden als Beschermde houtopstand op de Groene Kaart vastgelegd. Twee beleidsregels completeren de juridische bescherming, namelijk de Beleidsregel Criteria beschermde houtopstanden en de Beleidsregel Niet-beschermde bomen.
66
Maarssen Staatsliedenbuurt Stedenbouwkundig Programma van Eisen
14-03-2015
Bomenbeleid en Structuurplan 2015-2035 Gemeente Stichtse Vecht
3 Duurzaam beheer
Met het bomenbeleid worden maatregelen aangereikt om te komen tot een duurzaam beheer van het bomenbestand. Dat is gericht op een lange levensduur per boom en het ontwikkelen van een maximaal kroonvolume. Technische eisen aan de onderen bovengrondse groeiruimte zijn voorwaarden voor het bereiken van een hoge boomleeftijd. Deze eisen zijn opgenomen in het plan. Duurzaam beheer heeft meerdere voordelen. Niet alleen betekent het een zo goed mogelijke inzet van kapitaal, ook zorgt het voor een blijvend hoge emotionele waarde van bomen in de openbare ruimte. Bomen gaan immers meerdere generaties mee en hebben waarde in de zin van: • Ondersteuning van stedenbouwkundige structuur. • Gezondheidsbevordering. • Economische waardevermeerdering. • Verbetering van klimaat en ecologie.
4 Dereguleren van kapaanvragen
De gemeente is zuinig op haar groene woonomgeving en streeft naar minder, maar wel duidelijke en goed handhaafbare regels. Het draagvlak voor kapvergunningen wordt groter, wanneer dit beperkt blijft tot specifiek benoemde, beschermwaardige bomen. Voor overige bomen, vooral die van particulieren, is geen kapaanvraag of – vergunning meer nodig. Een nieuwe Bomenverordening vereenvoudigt de procedure en past in de procedure van de omgevingsvergunning (WABO).
6.9 Gemeentelijk Rioleringsplan Stichtse Vecht 2022-2026 GRP 2022-2026 15 februari 2022
Gemeentelijk Rioleringsplan Stichtse Vecht 2022-2026 - Schoon water vasthouden en terugbrengen grond- of oppervlaktewater - Bij nieuwbouw: Duurzame systemen waar afvalwater en hemelwater gescheiden worden - In 2050: Openbare ruimte zo oprichten dat een bui van 70mm/uur niet leidt tot niet acceptabel wateroverlast - Capaciteit bieden voor opvang en bergen water op het maaiveld - Niet urgente maatregelen uitstellen ten behoeve van een integrale aanpak - Ook tegengaan hitte/droogte probleem, biodiversiteit, vergroten leefbaarheid en bewustwording - Hitte en droogte - Minstens 40% schaduw in plangebied op hoogste zonnestand (21 Juni) verblijfsplekken en langzaam verkeersroutes EN minstens 30% buurtniveau - Koele, schaduwrijke verblijfsplekken op loopafstand (300M) aanwezig en openbaar toegankelijk - 40% horizontale en verticale oppervlaktes warmte werend of verkoelend ingericht - Vitale en kwetsbare functies en groenvoorzieningen moeten bestand zijn tegen hitte - Bijdragen aan de biodiversiteit - ‘Groene oplossingen’ hebben voorkeur boven ‘grijze oplossingen’ - Plangebied creëert hoogwaardig habitat voor tenminste gebouw bewonende soorten
Maarssen Staatsliedenbuurt Stedenbouwkundig Programma van Eisen
67
6.10
LIOR - Stichtse Vecht, Leidraad Inrichting Openbare Ruimte
1. Gezonde en prettige leefomgeving
- Waarborgen identiteit kernen (leefbaarheid) - Een goed voorzieningsnetwerk wat voor iedereen bereikbaar is (leefbaarheid) - Veiligheid bevorderen zodat mensen veilig kunnen wonen, werken, recreëren (veiligheid) - Tegengaan hoge geluidsbelasting - Aantrekkelijk blijven voor starters en gezinnen (gezondheid) - Voorzieningen afstemmen op doelgroep (gezondheid) - Ruimte blijven houden voor spelen (gezondheid) - Voldoende speelwaarde bieden (gezondheid) Buurt initiatiefplekken: 0-99 jaar: ± 100m – 800m Steunplek sport 6-18 jaar en steunplek spelen 4-12 jaar: ± 100m-800m Centrale plek sport 6-99 jaar en centrale plek spelen 4-18 jaar: > 800m De speeloppervlakte per leeftijdsgroep kent de volgende richtlijn: 4— 6jr. ± 100— 150 m2 6 —12jr ± 250 — 300 m2 12— 18jr. ± 500 m2
3. Klimaat- en toekomstbestendige leefomgeving - Behouden en versterken biodiversiteit - Werken aan klimaatbestendigheid gebied - Gezonde leefomgeving met gezonde bewoners
- Openbare ruimte zo oprichten dat een bui van 70mm/uur niet leidt tot niet acceptabel wateroverlast - Minstens 40% schaduw in plangebied op hoogste zonnestand (21 Juni) verblijfsplekken en langzaam verkeersroutes EN minstens 30% buurtniveau - Koele, schaduwrijke verblijfsplekken op loopafstand (300 m.) aanwezig en openbaar toegankelijk - 40% horizontale en verticale oppervlaktes warmte werend of verkoelend ingericht - Vitale en kwetsbare functies en groenvoorzieningen moeten bestand zijn tegen hitte - Bijdragen energietransitie, voornamelijk stimuleren zonnepanelen - Focus op transitie naar aardgas vrije wijken - Stimuleren van afvalscheiding
2. Recreatieve, aantrekkelijke en bereikbare leefomgeving -
Richten op transitie naar duurzaam en schoon vervoer Behouden bereikbaarheid Bevorderen verkeersveiligheid, kinderen zelfstandig naar school wandelen Terugdringen aantal verkeersslachtoffers Verminderen verkeersdruk, bevorderen door¬stroming, optimaliseren openbaar vervoer, sti¬muleren duurzame verplaatsing, duurzaamheid centraal stellen bij de inrichting van wegen.
Leidraad Inrichting Openbare Ruimte 68
Maarssen Staatsliedenbuurt Stedenbouwkundig Programma van Eisen
6.11
CROW500-richtlijn
- Uitwisseling van informatie over boven- en ondergrondse netten ter voorkoming van schade - Delen verantwoordelijkheden van grote stakeholders - Gemeentes meer verantwoordelijkheid informatievoorziening - Voorbereiding en communicatie - Kostenbesparingen bij de uitvoering - Minder onvoorziene oponthoud - Afnemen risico’s gezondheidsschade - Grotendeels voorkomen omgevings- en graafschade - Voorkomen maatschappelijke overlast van tijdelijk geen drinkwater, verwarming, elektriciteit of internet
Alles wat jij moet weten over de
6.12
Grondstoffenplan Stichtse Vecht 2016-2022
- Huishoudelijke afvalinzameling in ondergrondse afvalcontainers - Stimuleren scheiden en apart houden van grondstoffen - Meer verantwoordelijkheid bewoners - Maximaal faciliteren afvalscheiding - Minder afval creëren - maximaal 75kg/inw/jr in 2022 aan huishoudelijk restafval - maximaal 10 kg/inw/jr in 2022 aan grofvuil - Doel: Sluiten grondstofketens en streven naar circulaire economie - Doel: Schone gemeente, zowel binnen als buiten de bebouwde kom
Grondstoffenplan Stichtse Vecht 2016 – 2022
CROW500
Per 1 januari 2022 moet iedereen in de graafketen zich houden aan de CROW500-richtlijn. Ook jij als opdrachtgever, ontwerper en beheerder. Want ook als je niet zelf graaft, heb je verantwoordelijkheden in het proces.
Maarssen Staatsliedenbuurt Stedenbouwkundig Programma van Eisen
69
7. Proces 7.1 Participatie Proces
Het participatieproces had als doel om op een transparante manier en in dialoog met de omgeving toe te werken naar een stedenbouwkundig programma van eisen. Om tot het huidige stedenbouwkundig programma van eisen te komen zijn twee bijeenkomsten en drie werksessies georganiseerd. Tijdens de bijeenkomsten konden omwonenden meedenken over de plannen door te reageren op stellingen, referentiebeelden, tekeningen en kaartmateriaal. Na iedere bijeenkomst zijn de reacties verwerkt en is het plan een stap verder gebracht.
Naast het samenkomen tijdens de brede bijeenkomsten vond afstemming plaats met de initiatiefnemers van de gebiedsvisie, de bewonersinitiatiefgroep “Atlantische Buurt”. Bewoners in het gehele plangebied ontvingen twee keer een nieuwsbrief die, net als de uitnodigingen voor de bijeenkomsten, huis-aan-huis verspreid werd. Geïnteresseerden die op de projectwebsite hun gegevens achterlieten ontvingen updates over de ontwikkelingen per e-mail. Met enkele omwonenden werden één-op-één gesprekken gevoerd.
Na de startbijeenkomst volgden drie interactieve werksessies. Hier zijn verdiepende gesprekken gevoerd over de thema’s bouwhoogtes en woningaantallen, maatschappelijke voorzieningen, mobiliteit en parkeren, de openbare ruimte en speelplekken. Ook konden omwonenden meedenken over de toekomst van de Wereldkidzlocatie. In een laatste bijeenkomst is het concept stedenbouwkundig programma van eisen gepresenteerd. Enkele laatste reacties zijn meegenomen in de definitieve versie.
• Er komen minder woningen in het gebied (256 in plaats van 261-331) • Er komen verschillende typen woningen: zowel eengezinswoningen als appartementen • Toevoegen van zowel koop, middenhuur en sociale woningen. De 20 koopwoningen komen op de Wereldkidzlocatie en de middenhuur- en sociale woningen worden zoveel mogelijk verdeeld door het plangebied. Zo voorkomen we een te grote concentratie van sociale huurwoningen • Een knip in de Kennedylaan, om sluipverkeer vanaf Plesmanlaan tegen te gaan • Eénrichtingsverkeer op Thorbeckelaan zodat er meer ruimte ontstaat voor vergroening en kruisingen overzichtelijker worden • De mogelijkheid blijft er om in de toekomst extra parkeerplekken toe te voegen, maar de wens is om deze ruimte nu groen te houden • De beneden-bovenwoningen krijgen maximaal 3 bouwlagen in plaats van 4 bouwlagen • De L-vorm van de beneden-bovenwoningen is gedraaid om meer ruimte te krijgen in het gebied voor groen en voor het gevoel van privacy bij bestaande woningen • Meer groen verspreid door het hele gebied door aanpassingen van straten
Ter ondersteuning van de fysieke bijeenkomsten is de projectwebsite www.atlantischebuurt.nl gelanceerd. Hier is alle informatie over het project in te zien, zoals verslagen van de bijeenkomsten en werksessies en de opgehaalde reacties. Bezoekers van de website hadden tijdens de uitwerking van het stedenbouwkundig programma van eisen een aantal weken de gelegenheid om hier te reageren op de plannen. De digitale reacties waren inzichtelijk voor iedereen. Ook konden geïnteresseerden zich hier inschrijven voor een digitale nieuwsbrief, waarin de ontwikkelingen over het plangebied gedeeld werden.
Belangrijkste aanpassingen n.a.v. participatie
Een visuele weergave van het gehele participatieproces en de opgehaalde informatie is te vinden in bijlage 2. In bijlage 3 staan de verslagen van de startbijeenkomst en de werksessies.
70
Maarssen Staatsliedenbuurt Stedenbouwkundig Programma van Eisen
7.2 Vervolgproces en planning Dit stedenbouwkundig programma van eisen geeft de kaders waarbinnen de Staatsliedenbuurt verder kan worden uit ontworpen. En het is de basis voor de planologisch juridische kaders in de vorm van – waarschijnlijk – een bestemmingsplan. Het vervolgproces kent daarmee in feite twee sporen: 1. De uitwerking van het stedenbouwkundig programma van eisen in het planologisch juridisch kader, waarschijnlijk een bestemmingsplan (of omgevingsplan), waarna vergunningaanvragen voor de te bouwen woningen/wooncomplexen aangevraagd kunnen worden. 2. de uitwerking van het stedenbouwkundig programma van eisen in verschillende ruimtelijke ontwerpen: a) stedenbouwkundig plan. b) gebouwontwerpen door Portaal, maar mogelijk ook door de gemeente of een ontwikkelaar voor de woningbouw die op de Wereldkidzlocatie mogelijk wordt. c) inrichtingsplannen waarmee de openbare ruimte in het plangebied verder uitwerkt wordt. Streven is om het bestemmingsplan in 2023 vorm te geven en in 2024 af te ronden. Binnen dit spoor kunnen belanghebbenden formele zienswijzen indienen en indien nodig in beroep gaan tegen het plan. Als het planologische kader is vastgesteld, kunnen de (bouw)vergunningen worden aangevraagd. De gemeente Stichtse Vecht is bevoegd gezag.
Bij de uitwerking van het stedenbouwkundig programma van eisen in concrete gebouwontwerpen en inrichtingsplannen wordt de buurt opnieuw betrokken. Omwonenden kunnen meedenken over hoe de woningcomplexen er precies uit komen te zien en op welke wijze straten heringericht gaan worden.
Maarssen Staatsliedenbuurt Stedenbouwkundig Programma van Eisen
71
Stationsplein 6 8011 CW Zwolle postbus 40089 8004 DB Zwolle bva@bvaverkeer.nl www.bvaverkeer.nl
Bijlagen Bijlage 1 22049 Verkeersonderzoek Atlantische Buurt Maarssen, d.d. 21 november 2022
Aan M. van de Vliet, Kickstad (in opdracht van Portaal) Van BVA Verkeersadviezen Datum 21 november 2022 Betreft 22049 Verkeersonderzoek Atlantische Buurt Maarssen
Bijlage 2 Participatieproces en de opgehaalde informatie Bijlage 3 Verslagen van de Startbijeenkomst en de Werksessies
1. Inleiding In opdracht van de gemeente Stichtse Vecht en woningbouwcorporatie Portaal houden Kickstad, Atelier Dutch en Over Morgen zich bezig met de herontwikkeling van de ‘Atlantische Buurt’ in Maarssen. Dit omdat de bebouwing en de openbare ruimte binnen deze buurt toe zijn aan een opfrisbeurt. De Atlantische buurt is geen formele naam, maar is een deelgebied van de van de Staatsliedenbuurt die ligt in het noordelijke deel van de kern Maarsen. De Atlantische buurt is het deelgebied dat wordt omsloten door de Kennedylaan, Thorbeckelaan, Europalaan en de Dr. Ariënslaan. De planvorming is nog in ontwikkeling, maar voorziet in de realisatie van 230 woningen op 7 locaties (zie figuur 1). Hierbij merken wij op dat locatie E reeds in ontwikkeling is en geen deel uitmaakt van deze studie. Het A betreft hier niet allemaal extra woningen, maar deels vervanging van B bestaande H woningbouw. Als gevolg van deze C G ontwikkeling zullen 114 woningen worden gesloopt. Een en F ander betekent dus E een toevoeging van circa 115 woningen D ten opzichte van de huidige situatie. De nieuwbouw zal bestaan uit verschillende Figuur 1: Omvang en ligging plangebied woningtypen, onderverdeeld in 189 huurwoningen (appartementen, sociale huur), 21 huurwoningen (appartementen, vrije sector) en 20 grondgebonden woningen ( vrije sector, koop).
22049 Verkeersonderzoek Atlantische Buurt Maarssen BVA Verkeersadviezen
72
Maarssen Staatsliedenbuurt Stedenbouwkundig Programma van Eisen
pagina 1 van 11
De grootschalige vernieuwing van de buurt zorgt ervoor dat de mobiliteit mee zal veranderen. BVA Verkeersadviezen is om die reden door Kickstad gevraagd om de huidige en toekomstige parkeer- en verkeerssituatie inzichtelijk te maken. Eerder is door BVA Verkeersadviezen al een parkeeronderzoek voor de Atlantische Buurt uitgevoerd.
Leeswijzer In het tweede hoofdstuk worden de resultaten van het uitgevoerde parkeeronderzoek eerst kort toegelicht en wordt vervolgens ingegaan op het vaststellen van de juiste parkeernorm passend bij de huidige en nieuwe situatie. In het derde hoofdstuk komen de verkeerskundige effecten met betrekking tot de nieuwbouw aan de orde, waarna in hoofdstuk vier wordt ingegaan op de geïnventariseerde knelpunten. Tot slot worden in hoofdstuk vijf de conclusies beschreven en aanbevelingen gedaan.
2. Parkeren 2.1. Huidige situatie Door de bewoners van de Atlantische buurt is in het voortraject van de planvorming aangegeven dat er zich binnen de wijk parkeerproblemen voordoen. Omdat niet alleen de woningbouw een transformatie zal ondergaan, maar ook de openbare ruimte is het van belang om inzicht te hebben in de huidige parkeervraag. Met dit inzicht en de verwachte parkeervraag van de toevoegde woningen kan een inschatting worden gemaakt van het toekomstig benodigde aantal parkeerplaatsen. Hiermee dient in de planvorming rekening te worden gehouden, zodat voldoende (maar ook niet te veel) parkeerruimte in het ontwerp van de openbare ruimte wordt meegenomen. Om inzicht te krijgen in het gebruik van de huidig aanwezige parkeervoorzieningen is een parkeeronderzoek uitgevoerd. De uitkomsten van het onderzoek spelen ook een rol bij de bepaling van de toekomstige parkeervraag. Immers op basis van de onderzoeksresultaten kan worden bepaald welke parkeervraag er momenteel per woning is. Hiermee kunnen de parkeernormen van de gemeente Stichtse Vecht als het ware worden gekalibreerd. Aan de hand hiervan kan een meer zuivere schatting worden gemaakt van de toekomstige te verwachten parkeervraag. Hierop komen wij later in het hoofdstuk terug.
Opzet onderzoek Het parkeeronderzoek dat is uitgevoerd betreft een parkeerdrukmeting. Dat wil zeggen dat het aantal geparkeerde voertuigen is geteld. Registratie heeft hierbij plaatsgevonden op dinsdag 3 mei 2022 en donderdag 12 mei 2022. Per dag is op om de twee uur een telling uitgevoerd in de periode 06.00 uur - 20.00 uur. De laatste registratie heeft plaatsgevonden om 20.00 uur, wat betekent dat per onderzoeksdag acht keer een telling heeft plaatsgevonden. Om gedetailleerd inzicht te krijgen in de parkeerdruk is het onderzoeksgebied opgedeeld in een groot aantal deelgebieden (secties). Secties kunnen bijvoorbeeld wegvakken zijn of parkeerplaatsen. Hierbij zijn ook de locaties betrokken waar niet geparkeerd mag worden maar dit wel mogelijk is. Hierbij moet worden gedacht aan buiten de vakken in woonerven of bij parkeerverboden. Alleen door ook deze locaties mee te nemen ontstaat inzicht in de werkelijke parkeervraag van het gebied. De omvang van het onderzoeksgebied en de sectie-indeling is opgenomen in figuur 2.
Figuur 2: Omvang onderzoeksgebied en sectie-indeling Het onderzoeksgebied is opgedeeld in 128 secties. Bij de sectie-indeling is onderscheid gemaakt in openbare parkeerplaatsen en niet openbare parkeerplaatsen. De niet openbare parkeerplaatsen zijn overwegend opritten voor garages.
Resultaten Het totale gebied herbergt momenteel 827 parkeerplaatsen, waarvan 758 openbaar zijn. Het drukste (maatgevende) moment ligt in de ochtend om 06:00 uur. Dit is een enigszins te verwachten beeld in woonwijken, omdat de meeste bewoners dan thuis zijn. Hoewel op basis van aanwezigheidspercentages van bewoners en bezoekers, zoals die door CROW1 worden gehanteerd de avondperiode maatgevend zou moeten zijn. In figuur 3 is het verloop van de bezettingsgraad (aantal geparkeerde voertuigen/aantal aanwezige parkeerplaatsen) te zien over beide onderzoeksdagen. Uit de figuren blijkt dat het patroon op beide dagen vergelijkbaar is. De hoogste bezetting zich voordoet om 6.00 uur, waarna de bezettingsgraad vervolgens afneemt tot rond de middag (tot ruim 40% bezetting) en daarna weer toe neemt tot het laatste registratiemoment. De parkeerdruk op het laatste registratiemoment om 20.00 uur ligt daarbij nog iets lager dan om 6.00 uur. Geconcludeerd kan worden dat de bezettingsgraden voor het totale onderzoeksgebied maximaal 67% bedragen. Dat betekent dat nog een derde deel van de aanwezige parkeercapaciteit beschikbaar is. In het gehele onderzoeksgebied is dus op het maatgevende moment nog ruim voldoende restcapaciteit beschikbaar.
1
22049 Verkeersonderzoek Atlantische Buurt Maarssen BVA Verkeersadviezen
pagina 2 van 11
CROW: Landelijk kennisinstituut voor (onder andere) verkeer en vervoer
22049 Verkeersonderzoek Atlantische Buurt Maarssen BVA Verkeersadviezen
pagina 3 van 11
Maarssen Staatsliedenbuurt Stedenbouwkundig Programma van Eisen
73
2.2. Valideren parkeernormen
Figuur 3: Parkeerdrukverdeling over de onderzoeksdagen (dinsdag links en donderdag rechts) Dit wil echter niet zeggen dat er op bepaalde locaties geen sprake kan zijn van een hoge parkeerbezetting, zoals die in delen van het gebied ook door bewoners wordt ervaren. Om die reden kijken we ook naar de bezettingsgraad per sectie op de maatgevende momenten. Zie hiervoor figuur 4. In de figuren zijn de secties aangeven waarop de bezettingsgraad tussen de 85% en 100% ligt (oranje) en op 100% en hoger (rood). In het laatste geval staan er dus meer voertuigen geparkeerd dan er redelijkerwijs parkeerplaatsen zijn.
Figuur 4: Secties met hoge bezettingsgraad maatgevende moment (dinsdag links en donderdag rechts) In bovenstaande figuren is te zien dat de hoge bezettingsgraden ten zuiden van de Europalaan zich vooral voordoen in de omgeving van de te herontwikkelen woningbouw (Troelstrastraat, Schaepmanstraat en Kuyperstraat). Op de omliggende wegen (Kennedylaan, Thorbeckelaan, Europalaan en Dr. Ariënslaan) is nagenoeg nergens sprake van een hoge bezettingsgraad en is daarom voldoende capaciteit beschikbaar. Omdat er in totaliteit meer dan voldoende parkeercapaciteit is, lijkt het toch vooral een onjuiste verdeling van de parkeercapaciteit over het gebied. In principe is er op acceptabele loopafstand parkeerruimte voorhanden.
22049 Verkeersonderzoek Atlantische Buurt Maarssen BVA Verkeersadviezen
74
Maarssen Staatsliedenbuurt Stedenbouwkundig Programma van Eisen
pagina 4 van 11
Om de hoeveelheid parkeerplaatsen te bepalen die na herontwikkeling nodig is, wordt in de meeste gevallen gebruik gemaakt van parkeernormen. In veel gevallen zijn deze normen gebaseerd op de parkeerkencijfers van het CROW. De gemeente Stichtse Vecht hanteert parkeernormen zoals opgenomen in deel B van het GVVP ‘Parkeernormennota’ uit 2015. Maarsen-dorp wordt in de parkeernormennota aangemerkt als sterk stedelijk gebied en het deelgebied ten noorden van de Dr. Plesmanlaan valt onder de gebiedsfunctie ‘rest bebouwde kom’. Voor sociale huurwoningen bedraagt de parkeernorm in dat geval 1,6 parkeerplaats per woningen en voor etagewoningen in deze sector 1,4 parkeerplaats per woning. In genoemde normen is het bezoekersaandeel opgenomen. Veelal wordt hiervoor 0,2 of 0,3 parkeerplaats per woning aangehouden. De vraag is hoe deze normering zich verhoudt tot de bevindingen uit het parkeeronderzoek. Als we het zogenaamde binnengebied beschouwen, dat wil zeggen alle wegen die liggen binnen het gebied dat wordt omsloten door de Europalaan, Thorbeckelaan, Kennedylaan en de Dr. Ariënslaan (zonder genoemde straten), dan is er sprake van 294 woningen.
Omdat de 20 appartementen aan de Schaepmanstraat (nummer 58, parkeergarage) en de woningen op de percelen Van Hoogendorpstraat 15 en 16 beschikken over parkeermogelijkheden op eigen terrein, dienen deze woningen hierop in mindering te worden gebracht. Het betreft daarmee dus 272 woningen. Voertuigen behorend bij deze woningen belasten over het algemeen de parkeersecties langs de betreffende straten. Voor de volledigheid zijn hieraan een aantal secties toegevoegd aan de rand van het gebied, omdat het aannemelijk is dat hier ook wordt geparkeerd ten behoeve van het binnengebied. Het betreft sectie 10 aan de Thorbeckelaan en de secties 122 en 123 aan de Dr. Ariënslaan. In deze secties tezamen zijn 295 parkeerplaatsen beschikbaar. Op het maatgevende moment zijn er hiervan zowel op dinsdag als op donderdag 202 bezet. Omdat het in beide gevallen de maatgevende belasting betreft om 6.00 uur in de ochtend hoeft geen rekening te worden gehouden met de parkeervraag van voorzieningen, waaronder de school en het kinderdagverblijf. Wij merken op dat er in het gebied een aantal garageboxen aanwezig is, waarin mogelijk voertuigen geparkeerd staan. Onder de etagewoningen langs de drie straten in het binnengebied, zijn in totaal 27 garageboxen aanwezig en verder zijn er nog enkele vrijstaande boxen (hoek Schaepmanstraat). In totaliteit gaat het om ongeveer 35 potentiële parkeermogelijkheden.
In de praktijk blijkt dat garageboxen lang niet altijd als stallingsplaats voor voertuigen worden gebruikt. Als we ervan uitgaan dat ongeveer de helft van de boxen wordt gebruikt, dan neemt het aantal geparkeerde voertuigen toe met ongeveer 17. Daarnaast is het nog denkbaar dat een deel van de voertuigen langs de Europalaan staat geparkeerd. Uit het onderzoek blijkt dat aan de zuidzijde van de Europalaan maximaal 36 voertuigen staan geparkeerd. Deze kunnen voor een groot deel worden toegekend aan de woningen langs de Europalaan. Als we ook hier veiligheidshalve uitgaan van het uitgangspunt dat ongeveer de helft van de voertuigen kan worden toegekend aan het binnengebied, dan betreft het ook hier ongeveer 18 voertuigen. Samenvattend betekent dit dat er ongeveer 235 voertuigen staan geparkeerd op het maatgevende moment die kunnen worden toegekend aan de 272 woningen. Dit komt neer op een parkeernorm van 0,86 parkeerplaats per woning in de huidige situatie. Vergelijken we deze uitkomst met de digitale tool van Goudappel (Passende Parkeernorm), dan volgt het beeld zoals dat in tabel 1 is weergegeven.
22049 Verkeersonderzoek Atlantische Buurt Maarssen BVA Verkeersadviezen
pagina 5 van 11
Tabel 1: Parkeernorm en -vraag o.b.v. Passende Parkeernorm Aantal woningen Grondgebonden rijwoning
sociale huur 39
vrije sector 35
Passende parkeernorm' sociale huur 1,0
vrije sector 1,3
Parkeervraag sociale huur 39
vrije sector 45,5
Hoog-laag woning
42
0
0,6
0,7
25,2
0
Etagewoning
156
0
0,6
0,7
93,6
0
35
0,67
1,30
157,8
Totaal
237 272
0,75
Tabel 2: Parkeernorm en -vraag toekomstige situatie
45,5
Aantal woningen
203,3
Uit de tabel valt af te lezen dat de gemiddelde parkeernorm op basis van de Passende Parkeernorm voor het beschouwde gebied uitkomt op 0,75 parkeerplaats per woning. De passende parkeernorm gekoppeld aan het aantal woningen leidt tot een (fictieve) parkeervraag van 203 voertuigen. Een marginaal verschil met het eerdergenoemde aantal van 202 geparkeerde voertuigen dat binnen het gebied (zonder de toegevoegde correcties) in het parkeeronderzoek is gevonden om 6.00 uur op dinsdag en donderdag. Een en ander betekent dat het verschil tussen de eerder bepaalde waarde en de Passende Parkeernorm kan worden verklaard uit het toevoegen van voertuigen (geparkeerde voertuigen in garageboxen en langs de Europalaan). Mogelijk dat hierin dus een overschatting zit. Ten slotte merken wij op dat Portaal ook nog een enquête onder haar bewoners heeft uitgevoerd. Uit deze (vooralsnog beperkte) resultaten volgt een autobezit per huishouden van 0,78 voertuig. Een waarde die tussen de empirisch bepaalde waarde van 0,86 en de Passende Parkeernorm (0,75) in ligt. In het voorgaande is nog geen aandacht besteed aan de parkerende bezoekers van de woningen. De bevindingen zijn gebaseerd op de onderzoeksresultaten om 6.00 uur en op dat moment zijn niet of nauwelijks bezoekers aanwezig. Ook de passende parkeernorm heeft alleen betrekking op bewonersparkeren.
Om het aantal geparkeerde voertuigen van bezoekers te kunnen achterhalen is uitgegaan van algemeen geldende aanwezigheidspercentages (CROW publicatie 381) in combinatie met de onderzoeksresultaten. Uit de CROW publicatie blijkt dat op een werkdagavond 90% van de bewoners thuis is en 80% van de bezoekers aanwezig. Op het drukste moment in de avond (dinsdagavond 20.30 uur) staan in het onderzoeksgebied 202 voertuigen geparkeerd, toevalligerwijs evenveel als in de ochtend om 6.00 uur. 90% van 202 bewoners is dan dus thuis, hetgeen leidt tot 181 geparkeerde voertuigen van bewoners en dus 21 voertuigen van bezoekers. Omdat het hier om 80% van de bezoekers gaat, moet rekening worden gehouden met maximaal 27 parkeerplaatsen voor bezoekers. Gerelateerd aan 272 woningen komt dit neer op 0,1 parkeerplaats per woning voor bezoekers. Op basis van het voorgaande lijkt een norm van 0,85 parkeerplaats voor sociale huurwoningen voor bewoners reëel. Voor de vrije sector huur geldt een wat hogere norm van 1,0 parkeerplaats. Voor bezoekers dient rekening te worden gehouden met 0,1 parkeerplaats per sociale huurwoning en 0,15 parkeerplaats voor de vrije sector huurwoningen. Voor de vrije sector koopwoningen is conform de Passende
22049 Verkeersonderzoek Atlantische Buurt Maarssen BVA Verkeersadviezen
Parkeernorm uitgegaan van 1,5 parkeerplaats voor bewoners en 0,2 parkeerplaats voor bezoekers. Een en ander leidt voorde onderscheiden deelgebieden zoals weergegeven in figuur 1 tot het beeld zoals dat in tabel 2 is weergegeven. Hierbij merken wij op dat de parkeernorm voor de toekomstige situatie dus hoger ligt dan de empirisch bepaalde waarde in de huidige situatie en de Passende Parkeernorm. Er is dan naar verwachting ook sprake van enige restcapaciteit, indien dit aantal parkeerplaatsen wordt gerealiseerd.
pagina 6 van 11
sociale
vrije sector
A, B, C
huur 113
huur 13
D, F, G
76
8
H Totaal
189
21
Parkeernorm sociale huur
vrije sector huur
Parkeervraag
vrije sector koop
koop bewoner bezoeker bewoner bezoeker bewoner bezoeker bewoner bezoeker 109,05 13,25 0,85
0,1
1
0,15
1,5
0,2
totaal 122,3
72,6
8,8
81,4
20
30
4
34
20
211,65
26,05
230
237,7
237,7
Uit de tabel blijkt dat afgerond 238 parkeerplaatsen nodig zijn om te kunnen voorzien in de huidige parkeerbehoefte.
3. Ontsluiting Zoals al aangegeven is de Atlantische buurt een wijk die wordt omsloten door de Kennedylaan, Thorbeckelaan, Europalaan en de Dr. Ariënslaan. Genoemde wegen zorgen ook voor de hoofdontsluiting van de wijk. Hierbij verzorgen de Dr. Ariënslaan en de Thorbeckelaan ook de verbinding naar het lokale hoofdwegennet, in casu de Dr. Plesmanlaan. Centraal tussen beide genoemde wegen is er nog een aansluiting op de Dr. Plesmanlaan. Het gaat hierbij om de Schaepmanstraat. Via deze drie wegen wordt de wijk ontsloten op het lokale wegennet. Op beide eerstgenoemde aansluitingen is het kruispunt vormgegeven door middel van een plateau (verhoogd kruisingsvlak), met aan beide zijden een voetgangersoversteekplaats (zebra). De Schaepmanstraat is niet voorzien van een dergelijke snelheidsremmende maatregel, maar op deze locatie ligt net ten westen van het kruispunt een plateau met daarop een voetgangersoversteekplaats die de verbinding vormt naar het tegenoverliggende winkelcentrum. Vanwege de aanwezigheid van een winkelcentrum en een groot aantal voetgangersoversteek plaatsen is op de Dr. Plesmanlaan, ondanks het feit dat het hier een ontsluitingsweg betreft een 30 km/uur regime van toepassing. Dit regime geldt uiteraard ook voor alle wegen binnen de Atlantische buurt.
Als gevolg van het geldende snelheidsregime en de aanwezige snelheidsremmende maatregelen zal de snelheid ter hoogte van de aansluitingen niet heel hoog liggen, hetgeen de verkeersveiligheid ten goede komt.
Verkeersgeneratie en afwikkeling Met de komst van ongeveer 115 nieuwe woningen neemt de verkeersdruk in en rondom het gebied enigszins toe. Globaal zal het gaan om maximaal ongeveer 600 voertuigbewegingen per werkdagetmaal extra ten opzichte van de huidige situatie. Het is niet de verwachting dat er in grote mate sprake zal zijn van interne ritten. Dat wil, zeggen ritten die uitsluitend binnen de Atlantische buurt worden afgewikkeld. Een en ander betekent dus dat het geprognosticeerde aantal voertuigbewegingen
22049 Verkeersonderzoek Atlantische Buurt Maarssen BVA Verkeersadviezen
pagina 7 van 11
Maarssen Staatsliedenbuurt Stedenbouwkundig Programma van Eisen
75
overwegend extern verkeer betreft dat de aansluitingen op de Dr. Plesmanlaan zal gaan belasten. Omdat de nieuwe woningen verspreid over het gebied gerealiseerd worden ligt het voor de hand dat de ritten zich redelijk gelijkmatig over de drie ontsluitingswegen (Dr. Ariënslaan, Schaepmanstraat en Thorbeckelaan) zullen verdelen. Alle aansluitingen zullen daardoor met ongeveer 200 verkeersbewegingen per etmaal extra worden belast. Omgerekend naar het drukste uur (spitsuur) betreft het maximaal ongeveer 20 voertuigbewegingen per uur. Ergo circa 1 voertuig per 3 minuten. Dergelijke aantallen leiden niet tot een substantiële verkeerstoename op de aansluitingen en zullen daarmee slechts zeer beperkt invloed hebben op de verkeersafwikkeling op de betreffende locaties. Als er al sprake is van een verzadigde situatie en vertraging/stagnatie optreedt, zal dat in de huidige situatie ook reeds het geval zijn. Ingrijpen in de verkeersstructuur is in dat geval noodzakelijk. De geringe toename als gevolg van de voorziene woningbouw is hierop niet of nauwelijks van invloed. De gemeente Stichtse Vecht is bezig met het tegen het licht houden van de verkeersafwikkeling op de hoofdwegenstructuur, waaronder de Plesmanlaan. Indien verbetering van de doorstroming op de Plesmanlaan noodzakelijk blijkt, zullen hiervoor in dit kader maatregelen worden getroffen.