8. Ontwerpbeschikking college d.d. 14 juli 2020.pdf
Tekst van het document
GEMEENTEBLAD ==
Officiële uitgave van de gemeente Stichtse Vecht
Gemeente Stichtse Vecht - ontwerp weigeringsbesluit omgevingsvergunning Slootdijk 1 Loenen aan de Vecht — legalisatie van een agrarische stal Burgemeester en wethouders van de gemeente Stichtse Vecht maken bekend dat zij voornemens zijn om een omgevingsvergunning voor de legalisatie van een agrarische stal op het perceel Slootdijk 1 te Loenen aan de Vecht te weigeren. Inzien De aanvraag, de ontwerpbeschikking, de ontwerpweigering verklaring van geen bedenkingen en de overige bijbehorende stukken liggen met ingang van vrijdag 14 augustus 2020 gedurende zes weken ter inzage. U kunt deze stukken na afspraak (14 0346) inzien bij het Omgevingsloket van de gemeente Stichtse Vecht, Endelhovenlaan 1 in Maarssen (maandag t/m vrijdag van 8:30 tot 17:00 uur). Voor vragen kunt u contact opnemen met de heer M. van Asch of de heer B. Bouwman (14 0346). Reageren U kunt vanaf vrijdag 14 augustus 2020 tot en met 24 september 2020 schriftelijk (geen e-mail) of mondeling een zienswijze kenbaar maken. Uw schriftelijke zienswijze kunt u richten aan burgemeester en wethouders van de gemeente Stichtse Vecht, Postbus1212, 3600 BE Maarssen. Voor een mondeling zienswijze kunt u contact opnemen met de heer M. van Asch of de heer B. Bouwman (14 0346).
Gemeenteblad 2020 nr. 207600
13 augustus 2020
Endelhovenlaan 1, 3601 GR Maarssen
gemeente
Stichtse Vecht
Postbus 1212, 3600 BE Maarssen
T 140346 F 0346 25 40 10 www.stichtsevecht.nl
info@stichtsevecht.nl
Team
AANGETEKEND
Omgevingskwaliteit Behandeld door
Direct nummer
140346 E-mail info@stichtsevecht.nl
Datum
Ons kenmerk
14 juli 2020 Onderwerp Ontwerpbesluit op aanvraag omgevingsvergunning Slootdijk 1
Z/19/169958- D/20/188320 Uw kenmerk
Bijlage(n) 1. Ontwerpbeschikking d.d. 14 juli 2020 (met bijlagen)
Bij beantwoording graag ons kenmerk en datum vermelden.
2. Ontwerpverklaring van geen bedenkingen d.d. 2 juni 2020 (metbijlagen)
Geachte heer
,
Op 13 januari 2017 heeft u een aanvraag ingediend teneinde een omgevingsvergunning te verkrijgen voor een paardenstal. De aanvraag betreft het perceel, kadastraal bekend gemeente Loenen, sectie B nummer 1941 en is plaatselijk bekend als Slootdijk 1 te Loenen aan de Vecht. De aanvraag is geregistreerd onder nummer: 170021. In deze brief informeren wij u over de voortgang van de behandeling van uw aanvraag. Het proces tot nu toe Gezien de aard van de aanvraag is hierop de uitgebreide voorbereidingsprocedure van toepassing. In onze brief van 15 februari 2017 bent u hierover geïnformeerd. De uitgebreide voorbereidingsprocedure schrijft in dit geval voor dat het college van burgemeester en wethouders (hierna: het
college) een verklaring van geen bedenkingen dient te vragen aan de gemeenteraad, voordatzij kan beslissen op uw aanvraag. Op 10 maart 2020 heeft het college de gemeenteraad verzocht om te besluiten over een verklaring van geen bedenkingen. Op 19 mei 2020 is het verzoek in de openbare vergadering van de commissie Fysiek Domein besproken. De gemeenteraad heeft vervolgens op 2 juni 2020 een ontwerpbesluit genomen om geen verklaring van geen bedenkingen af te geven. Zonder een verklaring van geen bedenkingen is het college verplicht de omgevingsvergunning te
weigeren. Op 14 juli 2020 heeft het college een ontwerpbesluit op de aanvraag omgevings-
vergunning genomen. Het college is voornemens de aanvraag omgevingsvergunning voor de legalisatie van de paardenstal te weigeren.
Bekendmaking De gezamenlijke terinzagelegging van de ontwerpbeschikking (van het college) en de ontwerpverklaring van geen bedenkingen (van de gemeenteraad) wordt door ons bekendgemaakt op donderdag 13 augustus 2020 op www.stichtsevecht.nl/bekendmakingen en op www.overheid.nl. Vindt u deze brief niet duidelijk? Laat het ons weten via info@stichtsevecht.nl If you don’t understand Dutch, please email us at info@stichtsevecht.nl Pagina 1 van 2
188320_1.DOC.docx/VAd1
Een exemplaar van de ontwerpbeschikking en de ontwerpverklaring van geen bedenkingentreft u hierbij aan.
Ip
gemeente
Stichtse
Endelhovenlaan 1, 3601 GR Maarssen
Postbus 1212, 3600 BE Maarssen T 140346 F 0346 25 40 10
leren:
www.stichtsevecht.nl
Mocht u het niet eens zijn met het ontwerpbesluit van het college en/of het ontwerpbesluit van de gemeenteraad, dan kunt u binnen zes weken na publicatie uw schriftelijke zienswijzen kenbaar
maken. De periode waarin u uw zienswijzen kunt indienen, loopt van 14 augustus 2020 tot en
met 24 september 2020.
Vervolg Indien er geen zienswijzen worden ingediend, dan wordt het besluit van de gemeenteraad om geen verklaring van geen bedenkingen af te geven definitief. Het college is dan verplicht de aanvraag voor de omgevingsvergunning te weigeren. Indien er wel zienswijzen worden ingediend, neemt de gemeenteraad nadien een definitief besluit over het al dan niet afgeven van een verklaring van geen bedenkingen. Pas daarna neemt het college een besluit over de aanvraag voor de omgevingsvergunning. Meer informatie Wij vertrouwen erop u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd. Indien u nog vragen heeft, dan kunt u contact opnemen met dhr. en/of dhr. via de in het briefhoofd vermelde contactgegevens. Teneinde er zeker van te zijn dat u kennis neemt van deze brief wordt deze per aangetekende post aan u verzonden. Met vriendelijke groet, Burgemeester en wethouders van Stichtse Vecht
namens hen,
Pagina 2 van 2
188320_1.DOC.docx/VAd2
Tomas de Smet Teammanager Omgevingskwaliteit
gemeente
Stichtse Vecht Ontwerp Weigeringsbesluit Burgemeester en Wethouders hebben op 13 januari 2017 een aanvraag omgevingsvergunning ontvangen voor het oprichten van een agrarische stal (legalisatie). De aanvraag betreft het perceel, kadastraal bekend gemeente Loenen aan de Vecht, sectie B nummer 1941 en is plaatselijk bekend als Slootdijk 1 Loenen aan de Vecht. De aanvraag is geregistreerd onder vermelding van het dossiernummer 170021. Aanvrager
VoorgenomenBesluit en Procedure ; g Burgemeester en wethouders hebben, gelet op paragraaf 3.3 van de Wet algemsne' ebed ngen omgevingsrecht (Wabo), besloten de omgevingsvergunning te weigeren wesen sth strijded het Bouwbesluit en het bestemmingsplan. $ We De omgevingsvergunning wordt geweigerd onder de bepaling dat de ar fefocumenten deel uitmaken van de beschikking. De besluitvormingsprocedureis ui woetd.o oe eenkomstig het bepaalde in artikel 3.10 Wabo. De omgevingsvergunning wordt seer reniseoordeeld aan de activiteiten: a Dn, Bouwen van een bouwwerk(art 2.1 lid 1.a Wabo) i Handelen ín strijd met regels ruimtelijke ordening12 “1.c Wabo) en Omgevingsvergunning beperkte milieutoets eC fi Wabo. Overwegingen g De omgevingsvergunning moet worden sie érdindien het bouwen niet voldoet aan het Bouwbesluit, de gemeentelijke bouwverordening, he e ern “acon de beheersverordening, algemeneruimtelijke regels die door de provincie of het Rikzin teld, redelijke eisen van welstand, een advies van de Commissie voor de tunnelveiligheid, Karxploitatieplan (art. 2.10 Wabo). Bij het nemen van het besl
e
Delocatie gelegenaisu
ver de activiteit bouwen hebben wij overwogen dat: rotbestemmingsptan‘Landelijk Gebied Noord’ en heeft hierin de
eo
DE
0) <
U
e
u it ut niffetorie 1; veeho
arisch met waarden’ aangewezen gronden zijn bestemd voor o.a. grondgebonden ri Sdrijven (art. 3.1, aanhef en onder a);
e_ es
arde — cultuurhistorie 1’ aangewezen gronden mede bestemd zijn voor het behoud
CS ae sterking van de Nieuwe Hollandse Waterlinie (art. 25.1);
\\e _D&voor ‘Waarde — Archeologie 4’ aangewezen gronden zijn bestemd voor het behoud van de in obsde grond aanwezige archeologische waarden (art. 23.1); e
De aanvraag in overeenstemming is met de volgende voorschriften het bestemmingsplan: — Uit de aangeleverde AERIUS-berekening blijkt dat er geen sprake is van een toename van de ammoniakemissie waardoor geen negatieve gevolgen optreden voor de instandhoudingsdoelstellingen van nabijgelegen Natura 2000-gebieden; — In beginsel op de bestemming ‘Waarde — Archeologie 4’ aangewezen gronden geen bouwwerken mogen worden gebouwd (art. 23.2 onder a);
170021
—
in afwijking hiervan wel bouwwerken zijn toegestaan indien het verandering van bestaande bebouwing betreft, waarbij de oppervlakte, voor zover gelegen op of onder het maaiveld niet wordt uitgebreid (art. 23.2, lid 1 onder b); — De stal lager is dan de maximale toegestane goot- en bouwhoogte van respectievelijk 6 en
11 mí (art. 3.2, aanhef en onderb);
De aanvraag in strijd is de voorschriften van het bestemmingsplan omdat: — De stal niet gesitueerd is binnen het bouwvlak (art 3.2. ondera); — De betrokken cultuurhistorische waarden worden aangetast door het gedeelte van deer dat buiten het bouwvlak is gesitueerd (art. 25.2, onder a en c); A @ — De aldaar voorkomende eigen zijnde landschappelijke, cultuurhistorische en natuurwaardedd niet behoud blijven (art. 3.1, aanhef en onder o); Nin) — Dit blijkt uit het advies over landschapswaarden en landschappelijke EN
december 201 9.
&
>
verbonden met deze aanvraag; a en De welstandscommissie geen advies is gevraagd omdat geen toepassingrod Eeen aan de in artikel 2.12, eerste lid van de Wabo aangewezen mogelijkheda afN„wijken van het bestemmingsplan; ; à omdat: > — Nabij het bouwwerk geen bluswatervoorziening GerderasSADvcris met een capaciteit van tenminste 90 m°/uur (art. 6.30 Baydivbèsij), — (nood) uitgangsdeuren niet zonder gebruikmaking’en Sleutels (knopcilinder) zijn te openen
—
(art.6.25 Bouwbesluit) en
if;
De houtkachel in de kantoorruimte,„heeftdaer Veorzieningen voor de toevoer van
verbrandingslucht en de afvoer van tookgas/Kart. 3.49 Bouwbesluit).
De aanvraag omgevingsvergunning jp:Npoetdiorden geweigerd Bij het nemen van het besluit over de aétiviteitF delingen in strijd met regels ruimtelijke ordening hebben
wij overwogen dat:
Si
De wijzigingsbevoegdheid,zzoalsb bêdoeld is in artikel 3.7.1 van het bestemmingsplan niet kan worden toegepast op, ®en aanvraag omgevingsvergunning omdat deze ziet op een aparte Wroprocedure(art. 3. WetPuir Ateliike ordening);
Met toepassing’vä (ByNigel212, eerste lid, onder a, onder 3° van de Wabo kan worden
afgeweken arndé vi rschriften van het bestemmingsplan indien de activiteit niet in strijd is met een goede ruimtelijke ordening en de motivering van het besluit een goede ruimtelijke
ondérbotlwing Brat
Uithet advies van de Agrarische beoordelingscommissie (hierna de commissie), d.d. 22 il fiovem per 2018 blijkt dat het bouwen buiten het bouwvlak niet noodzakelijk is voor de & rarische bedrijfsvoering; AxVers de commissie van mening is dat de stal groter is dan noodzakelijk voor de aanwezige grarische activiteiten en een binnenrijhal niet noodzakelijk is voor de bedrijfsvoering; De stal onvoldoende landschappelijk is ingepast zoals die hoort bij het landschapstype Oeverwal van Vecht, Aa en Angstel, het stroomruggen landschap; De bestaande en beoogde landschappelijke, cultuurhistorische en natuurwaarden hierdoor onevenredig worden aangetast(art. 3.7.1, aanhef en onder 4); Hiermeeniet wordt voldaan aan de voorwaarden voor de wijzigingsbevoegdheid ten behoeve van het vergroten van het bouwvlak (art. 3.7.1 ‘Landelijk Gebied Noord’); Gelet op het voorstaande de aanvraag in strijd is met een goede ruimtelijke ordening
(
2 van 7
tp
gemeente
Stichtse Wecht
170021
e
De gemeenteraad in de vergadering van … … … … 2020 de verklaring van geen bedenkingen heeft geweigerd (art. 2.27 Wabo);
e
Daarom niet met toepassing van artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 3° van de Wabo wordt afgeweken van de voorschriften van het bestemmingsplan;
e
De gevraagde omgevingsvergunning daarom moet worden geweigerd.
Bij het nemen van het besluit over de activiteit omgevingsvergunning beperkte milieutoets hebben wij overwogen dat: ‘ e
Op 4 april 2017 is een aanvraag om een omgevingsvergunning beperkte milieutoets (hiefh % ingevolge artikel 2.1, lid 1, sub i van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht(hier juncto artikel 2.2a, lid 1 onder d van het Besluit omgevingsrecht ontvangen van V Veehouderij E.N. Kruiswijk op het adres Slootdijk 1 in Loenen aan de Vecht. Een OB noodzakelijk omdat het totaal aantal dieren na wijziging toeneemt en daarmee dédre
wordt overschreden.
DOCUMENTEN
@)
J
Naast de toetsingsdocumenten maakt de melding op grond van het Actí tenbesluit, inclusief alle bijlagen, met correspondentienummer Avi7ibjzi5b ook deel uit gan de.aafivraag. Voor de indieningsvereisten bij de aanvraag OBM gelden de algemene ®isèn uit de Ministeriële regeling omgevingsrecht (Mor) en de gegevens die op grond \Ctiviteitenbesluit zijn vereist (artikel 6.3 Mor). De vereiste gegevens op grond va 10 en 1.18 Activiteitenbesluit ziin onderdeel van de aanvraag. © © y
Procedure
o~ BS
Voor de OBM geldt de reguliere voorboclingeraManeNs procedure is opgenomen in
hoofdstuk 4 van de Algemene wetbestuursrecht Aa Viillend hierop gelden de artikelen 3.8 en 3.9 Waboenartikel 6.19 Bor. De lex silenciovis
Wet natuurbescherming
®
Het bedrijf aan de Slootdijk 1 heeft een‚Nätu
2012. Deze vergunning is verleend joorh i
C
(erking treden van de PAS. Uit de meegeleverde
Aerius-berekening van het projecteffeêtis‘gebleken dat de ammoniakemissie is afgenomen en daarmee ook de stikstofdeposit Miseromen De Wet natuurbescherming haakt dus niet aan bij deze procedure. Omschrijving activiteiten Het bedrijf is een gem maart 2012 is een.meldi g Besluit Landbouw milieubeheer ingediend. Per 1 januari 2013 is het
3 van 7
170021
RAV- categorie
Diercategorie
Aantal laatst gemeld
Aantal aanvraag
A6.100 A7.100 B1.100 E2.100 K1.100 K2.100
Vleesstieren en overig rundvee Fokstier of overig rundvee Schapen Kippen Paarden ouder dan 3 jaar Paarden jonger dan 3 jaar
40 50 18 2
20 130 10 8 16
INHOUDELIJKE BEOORDELING
e
Toetsingskader OBM MER-beoordeling
QA
Nw
Het toetsingskader voor de aanvraag om een OBM op grond van artikel 2.2a, lid 4%(Sopgénomen in artikel 5.13b, lid 1 van het Bor.In dit artikel is bepaald dat de OBM moet worden, geweigerd als het bevoegd gezag beslist dat een milieueffectrapportage (m.e.r.) moet worde Jerhaakt. Om te bepalen of sprake is van (mogelijke) belangrijke nadelige milieugevolgangÉndaarom een m.e.r. nodig is, moet aandacht worden besteed aan de criteria die zijn opgenomenit inBijlage Ill van richtlijn 97/11/EG van de Raad van 3 maart 1997 en bij richtlijn 2003/35/EG \van het Europees Parlement en de Raad van 26 mei 2003. { ad Beoordeeld is of de omvang van de uitbreiding leidt totbelaparik nad milieugevolgen. Dezecriteria zijn: 1) de kenmerken van de activiteit; 2) de plaats waar de activiteit wordt verricht; 3) de kenmerken van de gevolgen van de activite 1) dekenmerken van deactiviteit De meestrelevante milieuaspecten.va hetyndudenvan dieren zijn geur, ammoniak en fijn stof. De uitbreiding leidt tot een afname, nde€missies van ammoniak, geur en fijn stof (zie AN onderstaande tabel). A® Emissie ammoniak kg/jaar Bestaand Nieuw
~% XQ 8
ean,
: \ K2.100) a a” Totaal
Emissie geur ou Bestaand Nieuw
212
“
1424
-
124
-
Emissiefijn stof g/jaar Bestaand Nieuw
-
Niet
6800
-
vastgesteld
-
3400
Geen factor
35
91
390
1014
Geen factor
-
3,15
90
40
4,2
33,6
Niet vastgesteld Niet vastgesteld
3,4 Niet vastgesteld Niet vastgesteld
Geen factor Geen factor
840 Geen factor Geen factor
314,2
291,75
1814
1017,4
6800
4240
Er is een afname van de emissies en bovendien wordt voldaan aan de eisen die hiervoor zijn opgenomen in het Activiteitenbesluit. Conclusie: de kenmerken van de activiteit leiden niet tot belangrijke nadelige gevolgen voor het milieu.
4 van 7
gemeente
Stichtse Wecht
170021
2) deplaats waar de activiteit wordt verricht Het huidige grondgebruik is bestemd voor agrarische doeleinden. In de omgeving van de veehouderij liggen enkele veehouderijen en burgerwoningen. De veehouderij is gelegen op een afstand van ruim 9 kilometer van een zeer kwetsbaar gebied en op 1700 meter van een Natura 2000 gebied. Deze afstanden zijn zodanig groot dat geen sprake is van belangrijke nadelige gevolgen voor deze gebieden. Bovendien vindt toetsing van eventuele gevolgen op het Natura 2000-gebied plaats op grond van de Natuurbeschermingswet en aan de ligging tot een zeer , kwetsbaar gebied zijn eisen gesteld in het Activiteitenbesluit. Conclusie: de ligging van het bedrijf leidt niet tot belangrijke nadelige gevolgen voorhet. 3) kenmerken gevolgen activiteit De belangrijkste gevolgen van de activiteiten van het bedrijf zijn de emissie dn m en fijn stof. De emissies zijn getoetst aan de grenswaarden die zijn gesteld in Activiteitenbesluit en de Activiteitenregeling. Ten opzichte van de laatstgéft alle emissies af. Bovendien is er met het programma V-stacks vergunnindeen berekening gemaakt voor de geurbelasting op omliggende woningen. Hieruit is a dat er ruimschoots Sluit~QOk ligt het bedrijf op -gevelafstanden uit het
Activiteitenbesluit behaald.
ee
Aa
df
Ten aanzien van het aspect gezondheid zijn geen specifie é evolgen te verwachten, de aangevraagde veranderingen zijn dusdanig klein, deto an emissies nemen bovendien af en de afstand tot woningen van derden zijn dermáte a tdat de aangevraagde veranderingen niet leiden tot onaanvaardbare risico's voor d vol gezondheid. Er is geen sprake van grensoverschrijdende gevolgen. Conclusie: de gevolgen van de activité zij
milieugevolgen.
©,
CONCLUSIE
5 van 7
sdanig dat sprake is van belangrijke nadelige
170021
Toetsingsdocumenten:
— — — — — — —
Ingediende aanvraagformulier, 13-01-2017, Plattegrond begane grond, bladnr. AB-BO 210-01, d.d. 17-02-2018, Plattegrond 1e verdieping, bladnr. AB-BO211-01, d.d. 28-05-2018, _Gevelaanzichten, blad nr. AB-B0310, d.d. 17-07-2015, _Doorsneden A-A, B-B en C-C, bladnr. AB-B0410, d.d. 11-01-2017, Plankaart, d.d. 10-01-2017, Concept Ruimtelijke onderbouwing, d.d. 03-03-2017, ingediend op 16-05-2018,
—
Ondernemingsplan Veehandel- en Veehouderij E‚N. Kruiswijk, zoals ingediend op 13-01-
— —
Bouwbesluittoetsingen, d.d. 4-06-2018, Ventilatiegegevens paardenstal, d.d. 24-02-2017,
—
Formulier bedrijfsgegevens aanvrager, d.d. 24-02-2017,
—
Notitie Aeriusberekening, d.d. 12-09-2017,
—
AERIUS calculator, d.d. 8-09-2017,
—
Bijlage 1 - onderdeel van OBM_pdf,
Ly
Maarssen, … … … … 2020
Met vriendelijke groet, Burgemeester en wethouders van Stichtse Vecht namens hen,
<
iN ‚
mr. T.J. de Smet Teammanager Omgevingskwaliteit
6 van 7
K
gemeente
Stichtse
170021
Wecht
Vragen overhet besluit?
Bent u het niet eens met het besluit of is het besluit onduidelijk? U kunt ons dan bellen. Een medewerker van de gemeente neemt het besluit dan graag met u door. Dit kan voorkomen dat u een
bezwaarschrift moet schrijven. U kunt ons bellen van maandag tot en met vrijdag tussen 8:30 en 17:00
uur op telefoonnummer 14 0346. De naam van de medewerker, die u kan helpen met uw vragen, staat bovenaan deze brief. Let op: wachtniet te lang met contact opnemen want de termijn waarbinnen een bezwaarschrift moet worden ingediend loopt gewoon door. Komen we er samen niet uit of wilt u liever geen persoonlijk contact? U kunt dan een bezwaarschrift o & indienen.
Beroepsclausule
N°
Als u het niet eens bent met dit besluit, dan kunt u op grond van de Algemene wet bestuurêr: ne beroepschrift indienen. Dit moet schriftelijk binnen zes weken met ingang van de dag dathet inzage is gelegd. Het beroepschrift moet de volgende gegevens bevatten: CG — de dagtekening; uw volledige naam- en adresgegevens; uw handtekening; a — een aanduiding van het besluit waarmee u het niet eens bent; en — de reden(en) waarom u het hiermee niet eens bent. a
besluit’ter
U stuurt een kopie van het besluit waartegen u beroepwilt instellen met u fbêroepsti rift mee. Het beroepschrift moet worden ingediend bij de Rechtbank Midden-Nederland, afdeling bestuursrecht, o.v.v. bodemzaken, Postbus 16005, 3500 DA te Utrecht. Aan deze procedufe zijt sten verbonden. Voorlopige voorziening * Ed Het indienen van een beroepschrift schort het besluit waarte en: oep hebt ingesteld, en de eventuele gevolgen ervan, niet op. Als u een beroepachf ediend, kunt u vooruitlopend op de beslissing hierover om een voorlopige voorziening vragérn.Dit doet u door middel van een verzoekschrift aan de Voorzieningenrechter van de Rechtbank Midderr=Nederland, afdeling bestuursrecht, o.v.v.
voorlopige voorzieningen, Postbus 16005, 3500 DAteUtrecht. U stuurt een kopie van het beroepschrift en het besluit waartegen u beroep hebt ingesteldimet.u rzoekschrift mee. In uw verzoekschrift geeft u aan waarom u een spoedeisend belang bij en nr, voorziening hebt. U kunt ook digitaal het beroep- en verzoeks hf idienen bij genoemde rechtbank via http:/Moket.rechtspraak.nl/bestuursrecht»Daa oor moet u wel beschikken over een elektronische handtekening (DigiD). Kijk op de geneemde.site voor de precieze voorwaarden.
7 van 7
Vi 002| Referentienummer
Datum ontvangst
Aanvraagnummer
2745623
Aanvraagnaam
Aanvraag Slootdijk 1 - Loenen aan de Vecht
Uw referentiecode
2016040/GSR
Ingediend op
13-01-2017
Soort procedure
Onbekend
Projectomschrijving
Legalisering bestaande agrarische stal door toepassing van
binnenplanse wijzigingsbevoegdheid
Opmerking
Hangt samen met handhavingsprocedureSlootdijk 1 en bezwaarschrift met kenmerk Z/17/105694. Deze aanvraag dient ook om de begunstigingstermijn op te schorten totdat een beslissing hierop is genomen.
Gefaseerd
Nee
Blokkerende onderdelen weglaten
Ja
Kosten openbaar maken
Nee
Bijlagen die later komen
nvt
Bijlagen n.v.t. of al bekend Bevoegd gezag Naam:
Gemeente Stichtse Vecht
Bezoekadres:
Endelhovenlaan 1 3601 GR Maarssen
Postadres:
Datum aanvraag: 13 januari 2017
Postbus 1212
3600 BE Maarssen
Telefoonnummer:
0346254000
E-mailadres:
info@stichtsevecht.nl
Website:
www.stichtsevecht.nl
Bereikbaar op:
dagelijks
Aanvraagnummer: 2745623
Pagina 1 van 2
Aanvraaggegevens Locatie van de werkzaamheden Werkzaamheden en onderdelen
Overig bouwwerk bouwen * Bouwen Handelen in strijd met regels ruimtelijke ordening * Handelen in strijd met regels ruimtelijke ordening Bijlagen
Datum aanvraag: 13 januari 2017
Aanvraagnummer: 2745623
Pagina 2 van 2
Postcode
3632AM
Huisnummer
1
Huisletter
-
Huisnummertoevoeging
-
Straatnaam
Slootdijk
Plaatsnaam
Loenen aan de Vecht
Gelden de werkzaamheden indeze
[] Ja
aanvraag/melding voor meerdere adressen of percelen?
Datum aanvraag: 13 januari 2017
Aanvraagnummer: 2745623
Nee
Pagina 1 van 1
Wat is er op het bouwwerk van toepassing?
L] Het wordt geheel vervangen L] Het wordt gedeeltelijk vervangen Het wordt nieuw geplaatst
Eventuele toelichting
Het betreft een reeds gerealiseerde agrarische stal waarvoor de eerder verleende vergunning indertijd is ingetrokken.
Hebt u voor deze
T] Nee
Waar gaat u bouwen?
Terrein
Verandert de bruto
Ja
vloeroppervlakte van het bouwwerk door de bouwwerkzaamheden?
T] Nee
Wat is de bruto vloeroppervlakte van het bouwwerkin m2 voor uitvoering van de bouwwerkzaamheden?
0
Wat is de bruto vloeroppervlakte van het bouwwerk in m2 na uitvoering van de bouwwerkzaamheden?
2526
Verandert de bruto inhoud
Ja
van het bouwwerk door de bouwwerkzaamheden?
T] Nee
Watis de bruto inhoud van het bouwwerkin m3 vooruitvoering van de bouwwerkzaamheden?
0
Watis de bruto inhoud van het bouwwerkin m3 na uitvoering van de bouwwerkzaamheden?
14732
Verandert de bebouwde oppervlakte van het terrein
Ja T] Nee
na uitvoering van de bouwwerkzaamheden?
Datum aanvraag: 13 januari 2017
Ja
bouwwerkzaamheden al eerder een vergunning aangevraagd?
Aanvraagnummer: 2745623
Bevoegd gezag: Gemeente Stichtse Vecht
Pagina 1 van 3
Wat is de bebouwde oppervlakte van hetterrein in m2 voor uitvoering van de bouwwerkzaamheden?
539
Wat is de bebouwde oppervlakte van het terrein in m2 na uitvoering van de bouwwerkzaamheden?
3065
Gaat het om een
[] Ja
Gaathet om een tijdelijk
[] Ja
seizoensgebonden bouwwerk? bouwwerk?
Waar gebruikt u het bouwwerk en/
of terrein momenteel voor?
Nee Nee
Wonen
Overige gebruiksfuncties
Geef aan waar u het bouwwerk en/ of terrein momenteel voor gebruikt.
_Op het terrein bevindt zich een agrarische bedrijfswoning (boerderij) waarin wordt gewoond. De te legaliseren stal staat op hetzelfde terrein.
Waar gaat u het bouwwerk voor
LJ] Wonen
Geef aan waar u het bouwwerk voor gaat gebruiken.
In de stal zullen diverse agrarische activiteiten plaatsvinden: het fokken van paarden en schapen, het stallen van koeien, het trainen van paarden in een binnenbak en opslag van diverse agrarische goederen. Voorts zijn er (beperkte) voorzieningen voor het personeel aanwezig.
gebruiken?
Overige gebruiksfuncties
In onderstaande tabel staan in de eerste kolom mogelijke gebruiksfuncties die in een bouwwerk kunnen voorkomen. Vul voor alle gebruiksfuncties die voor u van toepassing zijn het aantal personen, de totale gebruiksoppervlakte en de totale vloeroppervlakte van het verblijfsgebied in m2 in hele getallen in. Gebruiksfunctie Bijeenkomst
Aantal personen
Gebruiksoppervlakte
_Verblijfsoppervlakte
182
165
2360
2120
(m2)
(m2)
Cel Gezondheidszorg
Industrie Kantoor Logies Onderwijs Sport
Winkel Overige
gebruiksfuncties
Beschrijf van de onderstaande onderdelen de materialen en kleuren die u voor het bouwwerk gebruikt. U mag het veld leeg laten als u materialen en kleuren in de bijlagen vermeldt
Datum aanvraag: 13 januari 2017
Aanvraagnummer: 2745623
Bevoegd gezag: Gemeente Stichtse Vecht
Pagina 2 van 3
Onderdelen
Materiaal
| Kleur
“Gevels
|
_-Piint gebouw
Baksteen
| - Gevelbekleding
Staal
| - Borstweringen _
| Baksteen Morte!
_ - Voegwerk
_- Ramen
Hout _
| - Deuren
| RAL 6009-dennengroen _
|
| Dakbedekking =
__ Geïsoleerd sandwich
Aanvraagnummer: 2745623
|
ee
|
_ Hout
/
TL] Ja Nee
|
__ RAL 6009-dennengroen _
| Dakgoten en boeidelen
Ik wil mijn bouwplan mondeling toelichten voor de welstandscommissie/ stadsbouwmeester.
_Roodgemeleerd
|
OO
-
|
RAL 9010-zuiverwit
Hout
Vul hier overige onderdelen en bijbehorende materialen en kleuren in.
_ RAL 6009-dennengroen
Gris
Oe
~~ Luiken
Datum aanvraag: 13 januari 2017
OO
ae
Hout
| |
Bruin gemeleerd
Bevoegd gezag: Gemeente Stichtse Vecht
RAL 9010-zuiver wit
|
Antraciet
|
Pagina 3 van 3
a
Handel n in strijd met regels— Met welke regels voor ruimtelijke ordening zijn de voorgenomen werkzaamheden in strijd?
Bestemmingsplan
[] Beheersverordening [_] Exploitatieplan [_] Regels op grond van de provinciale verordening [LJ Regels op grond van een AMvB
[] Regels van het voorbereidingsbesluit Beschrijf hoe en in welke mate de
voorgenomen werkzaamheden
in strijd zijn met de regels voor ruimtelijke ordening.
Beschrijf het huidige gebruik van de gronden of het bouwwerk.
Agrarisch
Beschrijf het beoogde gebruik van de gronden of het bouwwerk.
Agrarische stal
Beschrijf de gevolgen van
Op gronden met een agrarische bestemming zal agrarische bebouwing worden gerealiseerd. In het bestemmingsplan is hiervoor een wijzigingsbevoegdheid opgenomen (artikel 3.7.1 voorschriften).
het beoogde gebruik voor de ruimtelijke ordening.
Datum aanvraag: 13 januari 2017
Een deel van de te bouwen stal is gelegen buiten het bouwvlak. Dit kan via een binnenplanse wijzigingsbevoegdheid (art. 3.7.1 voorschriften) worden vergund.
Is het beoogde gebruik tijdelijk van aard?
LL] Ja
Hebt u een rapport nodig waarin de archeologische waarde van het terrein dat zal worden verstoord in voldoende mate is vastgelegd?
[| Ja
Wordt er afgeweken van het exploitatieplan?
[| Ja
Aanvraagnummer: 2745623
Nee Nee
Nee
Bevoegd gezag: Gemeente Stichtse Vecht
Pagina 1 van 1
Formulierversie 2016.03
Bijlagen Formele bijlagen Naam bijlage
Bestandsnaam
Type
Datum ingediend
Status document
AB-B0009_Plankaart_pdf
AB-B0009_Plankaart.pdf
beheersverordening
Bestemmingsplan,
2017-01-13
In behandeling
en bouwverordening complexere bouwwerken AB-B0210-01_Begane grond_pdf
AB-B0210-01_Begane grond.pdf
Plattegronden, doorsneden en
2017-01-13
detailtekeningen bouwen
In
behandeling
complexere bouwwerken Brandveiligheid
AB-B0211-01_1e Verdieping_pdf
110130_AB-B0310_Gev-
AB-B0211-01_1e Verdieping.pdf
Plattegronden, doorsneden en detailtekeningen bouwen complexere bouwwerken Brandveiligheid
2017-01-13
110130_AB-B031-
Plattegronden, doorsneden en detailtekeningen bouwen complexere bouwwerken
2017-01-13
In behandeling
In
elaanzichten_pdf
0_Gevelaanzichten.pdf
Ondernemingsplan def_pdf
Ondernemingsplan def.pdf
Gegevens Handelen in strijd met regels ruimtelijke ordening Bestemmingsplan, beheersverordening en bouwverordening complexere bouwwerken
2017-01-13
In behandeling
Ruimtelijke onderbouwing def_pdf
onderbouwing def.pdf
Ruimtelijke
Gegevens Handelen
2017-01-13
In behandeling
in strijd met regels ruimtelijke ordening Bestemmingsplan, beheersverordening en bouwverordening
behandeling
complexere bouwwerken
Datum aanvraag: 13 januari 2017
Aanvraagnummer: 2745623
Pagina 1 van 1
BügelHajema P
k v
o
t::
en
Slootdijk 1, Loenen
Slootdijk 1, Loenen(concept)
Inhoudsopgave
Toelichting
5
Hoofdstuk 1 Inleiding 1.1 Aanleiding 1.2 Leeswijzer
6 6 6
Hoofdstuk 2 Planbeschrijving 2.1 Huidige situatie 2.2 Geldende planologische situatie 2.3 Toekomstige situatie
7 7 8 10
Hoofdstuk 3 Beleid 3.1 Rijksbeleid 3.2 Provinciaal beleid 3.3 Gemeentelijk beleid
12 12 12 14
Hoofdstuk 4 Omgevingsaspecten 4.1 Archeologie en cultuurhistorie 4.2 Bodem 4.3 Geluid 4.4 Bedrijven en milieuzonering 4.5 Ecologie 4.6 Externe veiligheid 4.7 Luchtkwaliteit 4.8 Water
16 16 18 18 19 21 22 23 24
Hoofdstuk 5
27
Afweging en conclusie
Hoofdstuk 6 Uitvoerbaarheid 6.1 Maatschappelijke uitvoerbaarheid 6.2 Economische uitvoerbaarheid
29 29 29
Hoofdstuk 7
Wijze van bestemmen
30
Bijlagen Bijlage 1 Bijlage 2 Bijlage 3 Bijlage 4
Verkennend archeologisch onderzoek Verkennend bodemonderzoek Verkennend asbestonderzoek Geuronderzoek Slootdijk 1 te Loenen
31 32 71 134 157
Regels
165
Hoofdstuk 1 Artikel 1
Inleidende bepalingen Begrippen
166 166
Hoofdstuk 2 Artikel 2
Bestemmingsregels Van toepassing zijnde bestemmingsplan 'Landelijk Gebied Noord'
167 167
Hoofdstuk 3 Artikel 3
Overgangs- en slotregels Slotregel
168 168
2
NL.IMRO.1904.000000-0001
Slootdijk 1, Loenen(concept)
NL.IMRO.1904.000000-0001
3
Slootdijk 1, Loenen(concept)
4
NL.IMRO.1904.000000-0001
Slootdijk 1, Loenen(concept)
Toelichting
NL.IMRO.1904.000000-0001
5
Slootdijk 1, Loenen(concept)
Hoofdstuk 1 1.1
Inleiding
Aanleiding
De voorliggende toelichting heeft betrekking op de legalisering van een agrarische stal aan Slootdijk 1 te Loenen, in de gemeente Stichtse Vecht. Op 19 juni 2012 hebben burgemeester en wethouders een omgevingsvergunning verleend voor het oprichten van een (paarden)stal op het betreffende perceel. Bij besluit van 22 mei 2015 is de omgevingsvergunning ingetrokken, ten gevolge van de gestelde uitoefening van niet-toegelaten nevenfuncties in de stal. De eigenaar van het perceel wenst de stal uitsluitend te gebruiken ten behoeve van agrarische activiteiten. De gemeente Stichtse Vecht heeft reeds laten weten dat een aanvraag die voorziet in (kort gezegd) 'kale' agrarische activiteiten passend kan worden geacht. In het vigerende bestemmingsplan 'Landelijk Gebied Noord' zijn de gronden aan Slootdijk 1 te Loenen bestemd als 'Agrarisch met Waarden' met een aanduiding 'bouwvlak'. De stal ligt deels buiten het bouwvlak en is daarmee op dat onderdeel in strijd met het bestemmingsplan. Om de bestaande stal te legaliseren, wordt van een wijzigingsmogelijkheid in het bestemmingsplan gebruik gemaakt. Het voorliggende plan 'Slootdijk 1, Loenen' is een wijzigingsplan van het bestemmingsplan 'Landelijk Gebied Noord'. Dit wijzigingsplan bevat de juridisch planologische regeling die de legalisering van de bestaande stal mogelijk maakt.
1.2
Leesw ijzer
In hoofdstuk 2 wordt ingegaan op de bestaande situatie, de geldende bestemmingsregeling en de toekomstige situatie. Hoofdstuk 3 geeft een beschrijving van het provinciaal en gemeentelijk beleid. De uitvoeringsaspecten zoals flora en fauna, milieu en externe veiligheid, komen in hoofdstuk 4 aan bod. In hoofdstuk 5 is de legalisering van de stal integraal afgewogen en beoordeeld. Hoofdstuk 6 beschrijft de economische en maatschappelijk uitvoerbaarheid van het plan. Ten slotte wordt in hoofdstuk 7 de juridische toelichting beschreven.
6
NL.IMRO.1904.000000-0001
Slootdijk 1, Loenen(concept)
Hoofdstuk 2 2.1
Planbeschrijving
Huidige situatie
Het plangebied ligt aan Slootdijk 1 te Loenen, in het buitengebied van de gemeente Stichtse Vecht. Het perceel is kadastraal bekend als sectie B, nummer 1432 en 1485 te Loenen aan de Vecht. De Slootdijk fungeert als ontsluitingsweg van het plangebied en loopt via de Rijksstraat door naar de Provincialeweg N201, welke uitkomt op de A2. Aan de westzijde grenzen de gronden van het plangebied aan het Amsterdam-Rijnkanaal. Ten noorden van het plangebied ligt bedrijventerrein De Werf en ten zuiden van het plangebied ligt de kern Loenen aan de Vecht.
Over zichtskaar t plangebied (plangebied: r ode belijning), br on: GoogleMaps
Op het perceel aan Slootdijk 1 te Loenen is een grondgebonden veehouderij gevestigd. Het perceel is bebouwd met onder andere een stal. De stal is uitsluitend in gebruik voor agrarische activiteiten. De stal bestaat uit een entree, een instructieruimte ten behoeve van de paardenactiviteiten, 15 paardenboxen ten behoeve van de stalling van paarden en een schapenhok ten behoeve van de stalling van 70-80 schapen jonger dan 2 jaar. In het voorjaar in de lammertijd bevinden zich circa 130 schapen inclusief lammeren op het terrein. De stal heeft een totale oppervlakte van 3.065 m2.
NL.IMRO.1904.000000-0001
7
Slootdijk 1, Loenen(concept)
Weer gave plangebied (schuur : r ode belijning), br on: w w w .r uimtelijkeplannen.nl
2.2
Geldende planologische situatie
Ter plaatse van de stal geldt het bestemmingsplan 'Landelijk Gebied Noord' van de gemeente Stichtse Vecht. Het bestemmingsplan is door de raad vastgesteld op 3 december 2015. Het plangebied valt binnen de bestemming 'Agrarisch met waarden'. Krachtens deze bestemming zijn diverse vormen van agrarisch gebruik toegelaten, waarbij overigens niet als eis geldt dat sprake moet zijn van bijvoorbeeld een voltijds of reëel agrarisch bedrijf. Daarnaast ligt ter plaatse van de stal deels de aanduiding 'bouwvlak'. Op de gronden mogen uitsluitend bouwwerken ten dienste van de bestemming worden gebouwd, waarvoor geldt dat gebouwen uitsluitend worden gebouwd binnen het bouwvlak. Het westelijke gedeelte van de stal is buiten het bouwvlak gesitueerd. De in het bestemmingsplan toegestane gooten bouwhoogte van 6 en 11 meter worden niet overschreden. De huidige locatie van de stal is indertijd mede op instigatie van de welstandscommissie gekozen. Kort gezegd is de schuur "naar achteren geschoven" (van de weg af) om de rooilijn beter ingepast te krijgen. Dit had tot gevolg dat het achterste deel van de stal over de grens van het bouwvlak is gegaan.
8
NL.IMRO.1904.000000-0001
Slootdijk 1, Loenen(concept)
Uitsnede geldend bestemmingsplan Landelijk Gebied Noor d met ligging per ceel, br on: w w w .r uimtelijkeplannen.nl
Burgemeester en wethouders zijn bevoegd het plan te wijzigen ten behoeve van het vergroten van een bouwvlak met de bestemming 'Agrarisch met waarden'. Het geldende bestemmingsplan bevat onderstaande regels voor het wijzigen van de bestemming 'Agrarisch met waarden': 1. wijziging van de begrenzing van het bouwvlak alleen toelaatbaar is, voor zover een doelmatige bedrijfsvoering dit noodzakelijk maakt; 2. de noodzaak tot uitbreiding aangetoond dient te worden door middel van een bedrijfsplan waarbij tevens moet worden aangetoond dat sloop en herbouw van bedrijfsgebouwen niet tot de mogelijkheden behoort; 3. de vergroting van het bouwvlak milieuhygiënisch inpasbaar dient te zijn; 4. de bestaande en beoogde landschappelijke, cultuurhistorische en natuurwaarden zoals genoemd in artikel 3.1 aanhef en onder q niet onevenredig worden aangetast; 5. bouwvlakken vergroot mogen worden tot ten hoogste 25% van het bouwvlak met een maximum van 1,5 hectare. Een uitbreiding tot ten hoogste 2 hectare is toegestaan voor uitbreiding van grondgebonden veehouderijen, mits hierbij tevens; a. het eventuele belang van de waterwinning niet wordt aangetast; b. de uitbreiding bijdraagt aan verbetering van het dierenwelzijn; c. de uitbreiding bijdraagt aan verbetering van de volksgezondheid; 6.
geen sprake mag zijn van een toename van de ammoniakemissie van het betreffende bedrijf dan wel aangetoond dient te worden dat geen significant negatieve gevolgen optreden voor de instandhoudingsdoelstellingen van nabijgelegen Natura 2000-gebieden; 7. het verzoek wordt onderbouwd met een ruimtelijke onderbouwing waarvan een beeldkwaliteitparagraaf en een inrichtingsplan deel van uitmaken; 8. burgemeester en wethouders winnen, alvorens over de wijziging te beslissen, schriftelijk advies in bij een agrarisch deskundige met betrekking tot de vraag of aan het bepaalde onder a sub 1 en 2 wordt voldaan;
NL.IMRO.1904.000000-0001
9
Slootdijk 1, Loenen(concept)
9. burgemeester en wethouders winnen, alvorens over de wijziging te beslissen, schriftelijk advies in bij een deskundige inzake natuur, landschap en cultuurhistorie met betrekking tot de vraag of aan het bepaalde onder a sub 4 wordt voldaan. Voorliggende legalisering van de stal is in overeenstemming met bovenstaande regels. In hoofdstuk 5 wordt dit nader onderbouwd.
2.3
Toekomstige situatie
Op 19 juni 2012 hebben burgemeester en wethouders een omgevingsvergunning verleend voor het slopen van vier oude schuren en het oprichten van een nieuwe paardenstal op het betreffende perceel. Deze stal is toentertijd gerealiseerd. Bij besluit van 22 mei 2015 is de omgevingsvergunning ingetrokken, ten gevolge van de gestelde uitoefening van nevenfuncties in de stal. Het huidige gebruik bestaat hoofdzakelijk uit de stalling van paarden en ander vee. Voorts zijn er in de stal opslagmogelijkheden. Daarnaast worden de paarden in de stal gefokt en getraind. Van tijd tot tijd bezoeken afnemers van de aan het agrarisch bedrijf verbonden vleesverwerkingsbedrijf in IJsselstein de stal voor keuring en inspectie van de af te nemen dieren. De stal is deels buiten het bouwvlak gebouwd en daarmee in strijd met het bestemmingsplan 'Landelijke Gebied Noord'. Het gedeelte van de stal gelegen buiten het bouwvlak heeft een oppervlakte van circa 900 m2. Ook in de toekomstige situatie zal de stal uitsluitend worden gebruikt voor agrarische activiteiten. Dit wijzigingsplan heeft dan ook tot doel de bestaande stal, die deels buiten het bouwvlak staat, te legaliseren. Rondom de bestaande schuur is deels een vorm van landschappelijke inpassing aangebracht.
Gevelaanzicht schuur
10
NL.IMRO.1904.000000-0001
Slootdijk 1, Loenen(concept)
Pr ojectie van oud op nieuw
De omgevingsvergunning is in 2015 ingetrokken, ten gevolge van de gestelde uitoefening van nevenfuncties in de stal. De maatvoering van de stal (goot- en bouwhoogte) stond niet ter discussie en paste binnen het bestemmingsplan. De locatie van de stal (en het deels doorbreken van de begrenzing van het bouwvlak) stond evenmin ter discussie. De maatvoering van de stal wordt nu dan ook niet gewijzigd, maar blijft gehandhaafd. De bestaande schuur past alleen niet binnen het bouwvlak op basis van het geldende bestemmingsplan. Hiervoor is in het verleden afgeweken van het bestemmingsplan en wordt nu eveneens afgeweken van het bestemmingsplan. Het bouwvlak wordt vergroot tot 5.620 m2. Voor die afwijking geldt onder het huidige bestemmingsplan een (aanzienlijk) lichtere toets. Gezien de reeds bestaande situatie, geen overschrijding van de goot- en bouwhoogten, grootschalige (bedrijfs)bebouwing aan De Werf op ca 150 m afstand en agrarische bedrijfsbebouwing aan de Rijksstraatweg, is het pand passend in de (overwegend) agrarische omgeving.
NL.IMRO.1904.000000-0001
11
Slootdijk 1, Loenen(concept)
Hoofdstuk 3
Beleid
3.1
Rijksbeleid
3.1.1
Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte
Op 13 maart 2012 is de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte (SVIR) vastgesteld. Het Rijk zet met de structuurvisie onder andere in op het waarborgen van een leefbare en veilige omgeving waarin unieke natuurlijke en cultuurhistorische waarden behouden zijn. Afspraken over verstedelijking, groene ruimte en landschap laat het Rijk over aan de provincies en gemeenten. Gemeenten krijgen ruimte voor kleinschalige natuurlijke groei. Wel zijn er 13 nationale belangen opgenomen in de SVIR, die nader zijn uitgewerkt in het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening. De SVIR doet geen specifieke uitspraken die van belang zijn voor het voorliggende plan. 3.1.2
Nota Belvedère
De Slootdijk valt binnen de Belvederegebieden 'Vecht en Plassengebied' en de 'Nieuwe Hollandse Waterlinie'. Het gebied is aangewezen vanwege het complex van landschapstypen, te weten: - de Vecht met het meer besloten parkachtige karakter van de oeverwallen; - het weidse landschap van het veenweidegebied; - de linie met haar forten en open schutsvelden. De bestaande agrarische stal is hier niet strijdig mee.
3.2
Provinciaal beleid
3.2.1 2013
Provinciale Ruimtelijke Structuurvisie en Provinciale Ruimtelijke Verordening
Op 4 februari 2013 hebben Provinciale Staten de Provinciale Ruimtelijke Structuurvisie 2013-2028 (PRS) en de Provinciale Ruimtelijke Verordening 2013 (PRV) vastgesteld. Op dit moment wordt aan een herijking van de PRS en PRV gewerkt. De provincie richt zich op behoud en versterking van de kernkwaliteiten. Dit sluit vaak aan bij de cultuurhistorie van het landschap. De provincie wil onder meer het agrarisch cultuurlandschap behouden, versterken en beleefbaar maken. In delen van het landelijk gebied is sprake van een kwalitatieve opgave. Het gaat daarbij om kernrandzones, recreatiezones, en gebieden met een groene contour. Het plangebied maakt deel uit van de Kernzone in het landelijk gebied, Landschap Groene Hart, Landschap Nieuwe Hollandse Waterlinie, Landbouwgebied, Landbouwkerngebied en Bovenlokaal recreatieterrein. Voor Landschap Groene Hart en Landschap Nieuwe Hollandse Waterlinie is het van belang om de volgende kernkwaliteiten te behouden en te versterken: openheid; (veen)weidekarakter (incl. strokenverkaveling, lintbebouwing, etc.); landschappelijke diversiteit; rust & stilte; groen en overwegend rustig karakter; samenhangend stelsel van forten, dijken, kanalen en inundatiekommen. 12
NL.IMRO.1904.000000-0001
Slootdijk 1, Loenen(concept)
Een uitgebreide beschrijving en handvatten voor het omgaan met de kernkwaliteiten van de diverse landschappen, zijn opgenomen in de Kwaliteitsgids voor de Utrechtse Landschappen.
Uitsnede Kaar t PRS en PRV
Landbouw is de belangrijkste gebruiker van het landelijk gebied en van groot belang voor de kwaliteit van Utrechts aantrekkelijke cultuurlandschap. De opgave voor de landbouw is om zich te handhaven om zo, naast haar primaire rol als voedselproducent, de rol voor het cultuurlandschap te kunnen blijven spelen: ‘duurzame groei in een aantrekkelijk landschap’. Om zich te kunnen handhaven maakt de landbouw een proces van schaalvergroting door. De provincie Utrecht geeft de landbouw in algemene zin de ruimte om door te groeien tot een bouwperceel van maximaal 1,5 hectare. Dit is voldoende voor een normale bedrijfsvoering. Vanwege de voortgaande schaalvergroting wordt doorgroei naar een bouwperceel van 2,5 hectare onder voorwaarden mogelijk gemaakt. De provincie Utrecht biedt gemeenten de ruimte in bestemmingsplannen regels op te nemen over nieuwvestiging, omschakeling, nevenfuncties en de maximale omvang van de agrarische bouwpercelen. In het bestemmingsplan 'Landelijk Gebied Noord' is het plangebied bestemd als 'Agrarisch met waarden' met een aanduiding 'bouwvlak'. Bouwvlakken mogen middels een wijzigingsbevoegdheid worden vergroot tot ten hoogste 25 % van het bouwvlak met een maximum van 1,5 hectare. Een vergroting ten behoeve van uitbreiding van grondgebonden veehouderijen tot 2 hectare is onder voorwaarden toegestaan. Afweging
NL.IMRO.1904.000000-0001
13
Slootdijk 1, Loenen(concept)
Het in gebruik nemen van de stal ten behoeve van agrarische activiteiten met een totale oppervlakte van 3.065 m2 is in overeenstemming met de PRS en de PRV. Buiten het bouwvlak heeft de stal een oppervlakte van circa 900 m2. Al eerder is aangegeven dat op advies van de welstandscommissie is gekozen voor de huidige locatie van de stal, omdat daarmee de rooilijn beter kon worden ingepast en er op deze manier vanaf het zuiden zicht bleef op de boerderij. Door het toestaan van de stal ter plaatse wordt het bouwperceel niet groter dan 1,5 hectare, het bouwvlak wordt vergroot tot 5.620 m2. Overigens bestond en bestaat bij aanvrager bereidheid het bouwvlak aan de wegzijde met een gelijk deel 'in te korten', zodat van vergroting vrijwel geen sprake is. Al voorziet het bestemmingsplan kennelijk niet in een expliciete regeling op dit punt. Zodoende is de ontwikkeling in overeenstemming met de PRS en PRV. Het rustige, groene, open karakter van het gebied en de landschappelijke diversiteit van het gebied worden niet aangetast. Conclusie Onderhavige bestaande stal is in overeenstemming met de PRS en PRV. 3.2.2
Partiële herzieningen
Op 10 maart 2014 en 3 november 2014 hebben Provinciale Staten van de provincie Utrecht de herziening en tweede herziening van de Provinciale Structuurvisie Utrecht 2013 - 2028 en de Provinciale Ruimtelijke Verordening 2013 vastgesteld. Daarbij zijn echter geen onderdelen gewijzigd die relevant zijn voor dit wijzigingsplan.
3.3
Gemeentelijk beleid
3.3.1
Strategische visie 'Focus op morgen'
Op 29 januari 2013 heeft de gemeenteraad de strategische visie 'Focus op morgen' vastgesteld. Het beleidsstuk geeft de toekomstvisie van de gemeente voor 2013-2040 weer. In de toekomstvisie staat weergegeven waar de gemeente Stichtse Vecht goed in is, wat de kernwaarden zijn, wat belangrijk wordt gevonden en wat behouden moet blijven. "De kernkwaliteiten van Stichtse Vecht zijn voor een belangrijk deel gevormd door de ligging en de historie van het gebied. Betekenis krijgen deze kernkwaliteiten pas door het belang dat mensen er aan hechten. Mensen beïnvloeden het gebied en het gebied de mensen: het is die wisselwerking die het DNA bepaalt. Het gebied dat de gemeente beslaat is groot en divers: van landelijk en dorps tot stedelijk groot en druk. Toch is een aantal kenmerken te benoemen, dat in ons DNA verankerd zit." "Markant is de Vecht met haar prachtige buitenplaatsen en natuurschoon, die samen met de plassen, polders en veenweidegebied Stichtse Vecht typeert. Deze ‘zachte kant’ wordt veel genoemd als drager van cultuur en identiteit. Ook in historisch opzicht speelt de rust en schoonheid die het landschap biedt aan degene die de drukte van de stad wil ontvluchten een grote rol. Het gebied kent meer dragers van identiteit: er is ook een ‘harde kant' - de ‘harde as’ - met het Amsterdam-Rijnkanaal, het spoor en de A2.
Het behoud van het landschap wordt als een cruciale opgave voor de toekomst gezien. Het landschap blijft open en groen. Beperkt bouwen wordt toegelaten." Afweging De strategische visie vormt aan de ene kant de meetlat waarlangs huidig en toekomstig beleid moet worden gelegd. Het is het een afwegingskader voor al het te ontwikkelen beleid. Aan de andere kant heeft deze visie een strategische functie: het vormt de basis om met diverse partners (‘stakeholders’) in gesprek te gaan. De ontwikkeling, bestaande uit de uitbreiding van 1.066 m2 aan agrarische bebouwingsmogelijkheden, is dermate
14
NL.IMRO.1904.000000-0001
Slootdijk 1, Loenen(concept)
kleinschalig dat kan worden geconcludeerd dat deze in overeenstemming is met de strategische visie. Het landschap blijft open en groen. Conclusie Voorliggend wijzigingsplan is in overeenstemming met de Strategisiche visie 'Focus op morgen'.
NL.IMRO.1904.000000-0001
15
Slootdijk 1, Loenen(concept)
Hoofdstuk 4
Omgevingsaspecten
4.1
Archeologie en cultuurhistorie
4.1.1
Archeologie
De Erfgoedwet verplicht gemeenten om bij de vaststelling van een bestemmingsplan en bij de bestemming van de in het plan begrepen gronden, rekening te houden met de in de bodem aanwezige dan wel te verwachten archeologische waarden. Archeologische waarden zijn in Nederland veelal onzichtbaar, omdat ze grotendeels verborgen liggen in de bodem, waardoor ze niet eenvoudig te karteren zijn. Voor de onbekende waarden heeft de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed de Indicatieve Kaart van Archeologische Waarden (IKAW) opgesteld. Voor de bekende waarden is de Archeologische Monumentenkaart (AMK) opgesteld. De gemeente Stichte Vecht heeft de archeologische (verwachtings)kaart vastgesteld. De archeologische (verwachtings)kaart geeft inzicht in de archeologische verwachtingen en de verwachtingswaarden. De archeologische beleidskaart geeft aan welke eisen gelden ten aanzien van de verschillende verwachtingszones. Op de archeologische verwachtingskaart is het plangebied gelegen in een gebied met een hoge archeologische verwachting voor het aantreffen van resten vanaf de vroege ijzertijd.
Uitsnede Kaar tbijlage 4b gemeente Loenen Z-del ar cheologische ver w achtingenkaar t A0
16
NL.IMRO.1904.000000-0001
Slootdijk 1, Loenen(concept)
Afweging Ten aanzien van het plangebied geldt dat archeologisch onderzoek dient plaats te vinden bij bodemingrepen dieper dan 0,3 meter over een oppervlakte groter dan 500 m². Deze regel is opgenomen in het bestemmingsplan 'Landelijk Gebied Noord' door de dubbelbestemming 'Waarde – Archeologie 4' op te nemen. Het bureau Baac B.V. heeft op 24 juni 2012 een verkennend archeologisch onderzoek uitgevoerd, zie Bijlage 1. Ter plaatse van het plangebied zijn boringen uitgevoerd. Tijdens het booronderzoek bleek de toplaag van de bodem (tot circa 1.20 m beneden maaiveld) verstoord te zijn. In de verstoorde bodem is bouwpuin en houtskool aangetroffen. Oudere resten kunnen niet worden uitgesloten. Tijdens de sloop van de voormalige stal heeft reeds archeologische begeleiding plaats gevonden. Toentertijd zijn geen archeologisch waardevolle vondsten gedaan. Het aspect archeologie levert zodoende geen belemmering op voor het wijzigingsplan. Conclusie Het aspect archeologie vormt geen belemmering voor het vaststellen van het wijzigingsplan. 4.1.2
Cultuurhistorie
Sinds 1 januari 2012 is in het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) vastgelegd dat bij het maken van ruimtelijke plannen rekening moet worden gehouden met cultuurhistorische waarden. Als gevolg hiervan is het van belang dat voorafgaand aan het maken hiervan de aanwezige cultuurhistorische waarden bekend zijn. Dit betekent dat in aanvulling op de archeologische aspecten nu ook de overige cultuurhistorische waarden moeten worden betrokken in het onderzoek. Tot de overige cultuurhistorische waarden worden gerekend: de historisch-geografische waarden (cultuurlandschap, structuren/lijnen en bijzondere punten); de historisch-stedenbouwkundige waarden (stedenbouwkundige opbouw en identiteit); de architectuurhistorische waarden (waardevolle kenmerken van gebouwen). Afweging Het plangebied maakt deel uit van het Hollands-Utrechtse veengebied in Nationaal Landschap Het Groene Hart en de Nieuwe Hollandse Waterlinie. Voorliggende plan tast de cultuurhistorische en landschappelijke waarden van het omliggende gebied niet aan. Ter plaatse van de ontwikkeling is de dubbelbestemming 'Waarde - Cultuurhistorie' opgenomen. Op de gronden aangewezen als 'Waarde - Cultuurhistorie' is het verboden zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning de volgende werken, geen bouwwerken zijnde, of werkzaamheden uit te voeren: a.
het uitvoeren van grondbewerkingen waartoe worden gerekend afgraven, egaliseren, ontginnen en ophogen; b. het verlagen of verhogen van het waterpeil; c. het planten, verwijderen, kappen of rooien van bomen of andere opgaande beplanting. Conclusie Gelet op de beoogde ontwikkeling die slechts bestaat uit de legalisering van een bestaande stal, kan worden geconcludeerd dat de cultuurhistorische waarde van het gebied niet wordt verstoord. Hiermee vormt cultuurhistorie geen belemmering voor de vaststelling van het wijzigingsplan.
NL.IMRO.1904.000000-0001
17
Slootdijk 1, Loenen(concept)
4.2
Bodem
Op basis van de Woningwet en het Bouwbesluit mag niet worden gebouwd op verontreinigde grond. Bij de aanvraag om een omgevingsvergunning moet vaak een bodemonderzoek worden geleverd. Dit is een verplichting uit de Woningwet om de gezondheid en veiligheid te garanderen van mensen die wonen, werken of verblijven in het gebouw waarvoor vergunning wordt aangevraagd. Een bodemonderzoek is noodzakelijk wanneer: nog geen gegevens betreffende de bodemgesteldheid bekend zijn (dit betekent dus ook dat als er een bodemkwaliteitskaart is, er geen bodemonderzoek meer hoeft te komen); er meer dan twee uur per dag mensen in verblijven; als het bouwwerk de grond raakt; als er na sloop wordt herbouwd. Afweging Voorliggend plan legaliseert de bestaande stal in het buitengebied van gemeente Stichtse Vecht. Gelet op het gebruik is er geen aanleiding tot het uitvoeren van bodemonderzoek. De stal betreft geen kwetsbaar object waar mensen langer dan 2 uur in verblijven. Nochtans is op 12 april 2012 door Geo- en Milieutechniek B.V. een verkennend bodemonderzoek ter plaatse uitgevoerd, zie Bijlage 2. Uit de analyseresultaten is gebleken dat de bodem licht verontreinigd is. De zintuiglijk schone kleiige toplaag van de bodem ter plaatse van de voorziene bouwlocatie is licht verontreinigd met lood.
De zintuiglijk schone zandige ophooglaag is op basis van de AS3000-correctie licht verontreinigd met PCB, som hexachloorepoxide en som chloordaan. De diepere sterk puinhoudende zandige ophooglaag is licht verontreinigd met lood, PCB, PAK en op basis van de AS3000-correctie licht met som hexachloorepoxide en som chloordaan. Het grondwater ter plaatse is licht verontreinigd met barium. Daarnaast is het grondwater als gevolg van de AS3000-correctie licht verontreinigd met xylenen en som dichlooretheen. De geringe mate van verontreiniging is geen bezwaar tegen de legalisering van bestaande stal. Uit het eerder uitgevoerde milieukundige veldonderzoek van 19 maart 2012 en tijdens eerder uitgevoerde asbestinventarisatie is onder het afdak van meerdere opstallen, asbesthoudend materiaal aangetroffen. Derhalve is door Geo- en Milieutechniek B.V. een verkennend onderzoek naar asbest in de grond uitgevoerd, zie bijlage Bijlage 3. Tijdens het onderzoek is uitgegaan van de NEN 5707, 'onderzoeksstrategie voor een verdachte locatie'. Geconcludeerd kan worden dat zinuiglijk en analytisch geen asbest in de contactzone van de bodem ter plaatse van de onderzoekslocatie is vastgesteld. Derhalve is geen sprake van een geval van ernstige bodemverontreiniging met de parameter asbest.
Gezien de geringe mate aan verontreiniging bestaat er milieuhygiënisch gezien geen bezwaar tegen de toekomstige nieuwbouw. Conclusie Het aspect bodem levert geen belemmering op voor de vaststelling van het wijzigingsplan.
4.3
Geluid
Wegen Een belangrijke basis in de ruimtelijke afweging voor het aspect geluid is de Wet geluidhinder (Wgh). In het kader van de Wgh bevinden zich langs alle wegen zones. Bij de bouw van geluidgevoelige objecten binnen deze zones dient akoestisch onderzoek plaats te
18
NL.IMRO.1904.000000-0001
Slootdijk 1, Loenen(concept)
vinden. Dit geldt niet voor wegen die zijn gelegen binnen een als woonerf aangeduid gebied en wegen waarvoor een maximumsnelheid van 30 km per uur geldt. Onderhavig wijzigingsplan betreft uitbreiding van een bestaande stal. Aangezien dit geen geluidgevoelig object is, is geen geluidonderzoek nodig. Inrichtingen Het Activiteitenbesluit geeft doelvoorschriften voor geluid. Het Activiteitenbesluit biedt bescherming tegen het geluid afkomstig van: in de inrichting aanwezige installaties en toestellen in de inrichting verrichte werkzaamheden en activiteiten en laad- en losactiviteiten ten behoeve van en in de onmiddellijke nabijheid van de inrichting. Het Activiteitenbesluit biedt aan een beperkt aantal objecten bescherming. Het gaat om gevoelige gebouwen en gevoelige terreinen. Het Activiteitenbesluit sluit hierbij aan bij het begrippenkader uit de Wet geluidhinder. Afweging Voorliggend wijzigingsplan vergroot het bouwvlak en legaliseert daarmee de bestaande agrarische stal. De Wgh en het Activiteitenbesluit beschouwen een stal niet als een geluidsgevoelig object. Toetsing aan de Wgh en het Activiteitenbesluit hoeft niet plaats te vinden. De omliggende (bedrijfswoningen) liggen op een afstand van meer dan 100 m vanaf de (bestaande uitbreiding van de) schuur. Conclusie Het aspect geluid levert geen belemmering op voor de vaststelling van het wijzigingsplan.
4.4
Bedrijven en milieuzonering
Zowel de ruimtelijke ordening als het milieubeleid stellen zich ten doel een goede kwaliteit van het leefmilieu te handhaven en te bevorderen. Dit gebeurt onder andere door milieuzonering. Onder milieuzonering verstaan wij het aanbrengen van een voldoende ruimtelijke scheiding tussen milieubelastende bedrijven of inrichtingen enerzijds en milieugevoelige functies als wonen en recreëren anderzijds. De ruimtelijke scheiding bestaat doorgaans uit het aanhouden van een bepaalde afstand tussen milieubelastende en milieugevoelige functies. Die onderlinge afstand moet groter zijn naarmate de milieubelastende functie het milieu sterker belast. Milieuzonering heeft twee doelen: het voorkomen of zoveel mogelijk beperken van hinder en gevaar bij woningen en andere gevoelige functies; het bieden van voldoende zekerheid aan bedrijven dat zij hun activiteiten duurzaam onder aanvaardbare voorwaarden kunnen uitoefenen. Als uitgangspunt voor het bepalen van de aan te houden afstanden, wordt veelal de VNG-uitgave Bedrijven en Milieuzonering uit 2009 gehanteerd. Deze uitgave bevat een lijst, waarin voor een hele reeks van milieubelastende activiteiten (naar SBI-code gerangschikt) richtafstanden zijn gegeven ten opzichte van milieugevoelige functies. De lijst geeft richtafstanden voor de ruimtelijk relevante milieuaspecten geur, stof, geluid en gevaar.
De grootste van de vier richtafstanden is bepalend voor de indeling van een milieubelastende activiteit in een milieucategorie en daarmee ook voor de uiteindelijke indicatieve richtafstand. De afstanden worden gemeten tussen enerzijds de grens van de bestemming die de milieubelastende functie(s) toelaat en anderzijds de uiterste situering van de gevel van een milieugevoelige functie die op grond van het plan mogelijk is.
NL.IMRO.1904.000000-0001
19
Slootdijk 1, Loenen(concept)
Afweging Het plangebied kan worden aangemerkt als gemengd gebied. Een gemengd gebied is een gebied met een matige tot sterke functiemenging en/of gelegen direct langs de hoofdinfrastructuur. Gelet op de ligging van het agrarische plangebied circa 185 meter ten noorden van bedrijventerrein De Werf en direct grenzend aan het Amsterdam Rijnkanaal en nabij de Rijksstraatweg, kan het plangebied worden aangemerkt als gemengd gebied. Hierdoor kunnen de richtafstanden met één afstandsstap worden verlaagd. Het agrarische bedrijf valt onder milieucategorie 3.1, waarbij de grootste afstand van 50 meter voor geur geldt. De afstand tussen het plangebied en het meest dichtbij gelegen gevoelige object is meer dan 100 meter. Hierdoor wordt ruimschoots voldaan aan de richtafstand genoemd in de VNG-uitgave. In redelijkheid kan worden gesteld dat de milieuaspecten geur, stof, geluid en gevaar geen belemmering opleveren voor het wijzigingsplan. Voor een specifieke onderbouwing van het aspect geluid wordt verwezen naar paragraaf 4.3. Het aspect geur wordt in deze paragraaf getoetst aan de Wet geurhinder en veehouderij. Het wijzigingsplan legaliseert de bestaande stal waarin schapen en paarden worden gehouden. Onderzocht dient te worden in hoeverre sprake is van geurhinder op de omliggende geurgevoelige objecten.
Wet geurhinder en veehouderij De Wet geurhinder en veehouderij is sinds 1 januari 2007 van kracht en vormt het toetsingskader voor de geurbelasting vanwege dierenverblijven op geurgevoelige objecten zoals huizen. De Wet kent twee typen diercategorieën. Dieren met en dieren zonder geuremissiefactor. Voor die diercategorieën waarvan een geuremissiefactor per dier is vastgesteld, wordt de waarde uitgedrukt in een ten hoogste toegestane geurbelasting op een geurgevoelig object uitgedrukt in odour units per kubieke meter lucht (ou/m3). De hoogte van deze norm is afhankelijk van de locatie. In deze wet geldt nog steeds dat voor een aantal diersoorten geen geurnorm geldt, maar een vaste afstand. Concreet betekent dit voor bedrijven waarvoor een vaste afstand geldt dat de minimale afstand 50 meter dient te bedragen buiten de bebouwde kom. De afstand tussen de stal en het meest dichtbij gelegen geurgevoelig object bedraagt meer dan 100 meter. Aan de afstandsnorm wordt voldaan. Op 1 maart 2017 is een onderzoek uitgevoerd naar de geurbelasting vanwege het agrarische bedrijf gelegen aan Slootdijk 1 te Loenen op de omliggende woningen op basis van 10 kippen en 130 schapen ouder dan 1 jaar, inclusief lammeren tot 45 kg, zie Bijlage 4. Uit de geurberekening blijkt dat de normen niet worden overschreven.