1. Rapport rekenkamercommissie Afvalinzameling Stichtse Vecht.pdf
Tekst van het document
Endelhovenlaan 1, 3601 GR Maarssen Postbus 1212, 3600 BE Maarssen T 0346 25 40 00 F 0346 25 40 10 www.stichtsevecht.nl
Datum 17 november 2021 Auteur(s) Thijs Lenderink, Henk Mogezomp & Nathalie Theelen (I&O Research) Status Definitief
Afvalinzameling Stichtse Vecht Een onderzoek naar het afvalbeleid en de afvalinzameling van de gemeente Stichtse Vecht
Pagina 1 van 65
Endelhovenlaan 1, 3601 GR Maarssen Postbus 1212, 3600 BE Maarssen T 0346 25 40 00 F 0346 25 40 10 www.stichtsevecht.nl
Colofon De rekenkamercommissie van de gemeente Stichtse Vecht bestaat uit drie externe leden en wordt ondersteund door een ambtelijk secretaris. Leden rekenkamercommissie: Martijn Bakker, Gerth Molenaar (voorzitter), Robert Olieman Secretaris: Jacqueline Willenborg Postadres: Rekenkamercommissie Stichtse Vecht, Postbus 1212, 3600 BE Maarssen e-mail: rekenkamercommissie@stichtsevecht.nl telefoon: 0346-254200
Pagina 2 van 65
Endelhovenlaan 1, 3601 GR Maarssen Postbus 1212, 3600 BE Maarssen T 0346 25 40 00 F 0346 25 40 10 www.stichtsevecht.nl
Inhoudsopgave Colofon ................................................................................................................2
Conclusies en aanbevelingen .................................... 5
Hoofdconclusies 2021 .......................................................................................5 Aanbevelingen ....................................................................................................7
1. Inleiding .................................................................... 8
1.1 Aanleiding voor het onderzoek en context ..............................................8 1.2 Centrale vraag, deelvragen en normen ....................................................8 1.3 Afbakening, aanpak en leeswijzer...........................................................10 1.4 Trends in het afvalveld .............................................................................11
2. Huidig beleid, raadsinformatie en doorwerking aanbevelingen ........................................................... 13
2.1. Inleiding .....................................................................................................13 2.2. Beleids- en uitvoeringskader ...................................................................13 2.3. Raadsinformatie en raadsvragen ............................................................16 2.4. Beleving van de informatievoorziening ..................................................18 2.5. Doorwerking van de aanbevelingen van het vorige onderzoek ...........18 2.6. Beantwoording van de onderzoeksvragen ............................................19
3. Uitvoering en middelen ......................................... 22
3.1. Inleiding .....................................................................................................22 3.2. Interne organisatie ....................................................................................22 3.3. Hoe is de uitvoering georganiseerd? .....................................................22 3.4. Afvalinzameling aan huis en bij afvalscheidingsstations ....................23 3.5. Afvalverwerking ........................................................................................25 3.6. Aanpak uitrol omgekeerd inzamelen ......................................................26 3.7. Middelen ....................................................................................................29 3.8. De toekomstgerichtheid ...........................................................................31 3.9. Beantwoording van de onderzoekvragen ..............................................33
4. Resultaten .............................................................. 36
4.1. Inleiding .....................................................................................................36 4.2. Inzamelhoeveelheden en doelrealisatie .................................................36 4.3. Vergelijking afvalbeheerprestaties .........................................................38 4.4. Inwonerpeiling...........................................................................................43 4.6. Beantwoording van de onderzoeksvragen ............................................45
5. Inwonerspeiling ..................................................... 47
5.1. Inleiding .....................................................................................................47 5.2. Afvalinzameling.........................................................................................47 Scheiden van afval ...........................................................................................49 Pagina 3 van 65
Endelhovenlaan 1, 3601 GR Maarssen Postbus 1212, 3600 BE Maarssen T 0346 25 40 00 F 0346 25 40 10 www.stichtsevecht.nl
5.3. Afval scheiden ...........................................................................................50 5.4. Al wel of nog niet omgekeerd inzamelen ...............................................56
6. Bestuurlijke reactie ............................................... 59 7. Nawoord rekenkamercommissie ......................... 62 Bijlage 1 Bronnen...................................................... 63 Bijlage 2 Geïnterviewden .......................................... 65
Pagina 4 van 65
Endelhovenlaan 1, 3601 GR Maarssen Postbus 1212, 3600 BE Maarssen T 0346 25 40 00 F 0346 25 40 10 www.stichtsevecht.nl
Conclusies en aanbevelingen De rekenkamercommissie Stichtse Vecht deed in 2014-2015 onderzoek naar het afvalbeleid van de gemeente in de periode 2012-2014. Doel was de raad en de aankomende nieuwe afvalvisie van input te voorzien. De rekenkamercommissie concludeerde destijds dat de doelmatigheid en doeltreffendheid van het gevoerde beleid niet goed waren vast te stellen en verbetering behoefde. In 2021, een jaar voor het einde van de looptijd van de huidige afvalvisie en het afvalstoffenplan, doet de rekenkamercommissie opnieuw onderzoek naar doeltreffendheid en doelmatigheid van het afvalbeleid en naar de controle daarop door de raad. Ook wil ze weten wat de doorwerking is geweest van de aanbevelingen uit 2015.
Hoofdconclusies 2021 Doeltreffendheid Het afvalbeleid dat de gemeente Stichtse Vecht sinds 2016 voert en de afvalinzamelingsmethode die daarvoor sinds eind 2017 wordt uitgerold (‘omgekeerd inzamelen’) hebben minder restafval en meer herbruikbare grondstoffen tot doel en daarmee op termijn kostenbesparing. De gemeente heeft een duidelijk beleidsplan met een heldere koers, concrete doelen en uitvoeringsstrategie. De uitvoering is goed georganiseerd en bemenst. Het contractbeheer is op orde. Er is tevredenheid bij de uitvoeringspartners over de invulling daarvan (met uitzondering van de kringloopwinkels). De toekomstgerichtheid is op orde qua kennis en materieel (m.u.v. de huidige afvalbrengstations). De uitrol loopt en levert aan de milieu-/afvalscheidingskant ook resultaten op die de goede kant op bewegen. De inzameling verloopt ordentelijk. De uitrol loopt wel duidelijk achter op schema, waardoor het effect van omgekeerd inzamelen nog maar beperkt zichtbaar is. Inmiddels is de achterstand ongeveer 2 jaar. Op dit moment is iets meer dan 1/3 van de huishoudens aangesloten op omgekeerd inzamelen. Planmatig had dat ongeveer het dubbele moeten zijn. Redenen voor vertraging zijn politiek debat eind 2017 en het zorgvuldige participatietraject dat meer tijd kost dan verwacht.
In wijken van Stichtse Vecht waar omgekeerd inzamelen is ingevoerd zijn de afvalprestaties (afvalscheiding, hoeveelheid restafval) dus zichtbaar verbeterd. De inwoners die er inmiddels mee te maken hebben, zijn gemiddeld genomen gematigd tevreden over het nieuwe systeem (het glas lijkt ‘half vol’). Inwoners van de gebieden waar de uitrol ten tijde van dit onderzoek nog moest starten zijn gemiddeld juist wat sceptisch over wat het omgekeerd inzamelen hen straks gaat brengen (het glas is meer dan ‘halfleeg’). Door het omgekeerd inzamelen en door flankerend beleid zoals voorlichting en inzet van afvalcoaches is er voor de gemeente als geheel sprake van een daling van het volume aan fijn restafval. Inde periode 20152019 was er een gestage daling van 221 kg per inwoner per jaar naar 193 kg per inwoner per jaar. In coronajaar 2020 steeg dit cijfer naar 197 kg mede omdat mensen meer thuis waren. Afgezet tegen de doelstellingen is de daling te gestaag. Het lijkt niet waarschijnlijk dat de doelstelling van 140 kg voor 2021 nog haalbaar is. Het is onhaalbaar om de oorspronkelijke beleidsdoelstelling van 75 kg in 2022 is te realiseren (ook het in de begroting 2020 en 2021 bijgestelde streefcijfer van 100 kg voor 2022 lijkt niet haalbaar). Tot dusverre is dit niet (expliciet) geconstateerd of in uitvoeringsprogramma’s, tussenevaluaties of P&C-stukken aan de orde gekomen.
De inschatting is dat een resultaat van 130 kg fijn restafval na volledige uitrol een heel goed resultaat zou zijn. Betere prestaties dan die 130 kg leveren nu enkel gemeenten die naast omgekeerd inzamelen ook een prijkprikkel (DIFTAR) hanteren. Inmiddels is er in Nederland voldoende ervaring met de effecten van omgekeerd inzamelen om de doelstellingen bij te stellen en de oorspronkelijke doelstelling als te ambitieus aan te merken. Pagina 5 van 65
Endelhovenlaan 1, 3601 GR Maarssen Postbus 1212, 3600 BE Maarssen T 0346 25 40 00 F 0346 25 40 10 www.stichtsevecht.nl
Uit gegevens van AVU blijkt dat de Utrechtse gemeenten in 2020 gemiddeld op 187 kilogram restafval (fijn en grof afval samen) uitkwamen. Met 221 kg restafval in 2019 (inclusief dus grof restafval) zit Stichtse Vecht hier nog duidelijk boven. Los van de onvolledige uitrol van omgekeerd inzamelen speelt het relatief hoge serviceniveau in de inzameling op het gebied van de grof vuil- en grof tuinafval-inzameling hier mogelijk een rol. Kwalitatief zijn de prestaties beter op orde. Zo komt Stichtse Vecht bij een vergelijking van de kwaliteit van de gescheiden PMD in AVU-verband juist heel behoorlijk uit de bus Al met al is de conclusie dat de doeltreffendheid van het beleid verbetering behoeft om de (aan te passen) beleidsdoelen te realiseren. N.B. Ook de realisatie van het afvalscheidingsstation loopt uit. Aandachtspunt dat uit onderhavig onderzoek tevens naar voren komt is de positie van beide kringloopwinkels op/ten opzichte van het nieuwe afvalscheidingsstation. Doelmatigheid Het nieuwe afvalsysteem vroeg een forse investering die moest leiden tot dalende afvalbeheerskosten. Dat laatste is tot nu toe niet het geval. De totale afvalbeheerskosten liggen in 2020 nog wel onder het landelijke gemiddelde, maar vertonen een sterk stijgende trend. Dit wordt veroorzaakt door autonome stijgingen aan de afvalverwerkingskant (met o.a.
een relatief ongunstig AVU-contract na een voorafgaand relatief gunstig AVU-contract) en minder opbrengsten aan de grondstoffenkant omdat omgekeerd inzamelen nog niet volledig is uitgerold. Ofschoon de feitelijke inzamelkosten in Stichtse Vecht relatief laag zijn is de resultante een forse verhoging van de afvalstoffenheffing in de afgelopen twee jaren, met momenteel ook geen buffer meer vanuit de egalisatiereserve Er zijn weinig tot geen alternatieve samenwerkingsverbanden die zicht bieden op stabiel lagere verwerkingskosten. De conclusie is dat de doelmatigheid van het beleid lager is dan vooraf werd gedacht. Stichtse Vecht heeft los van het realiseren van betere afvalprestaties of het verlagen van de afvalservice aan de inwoners, in beperkte mate knoppen om de doelmatigheid te vergroten gelet op de huidige marktomstandigheden. Rol en positie van de raad In 2016 stelde de (vorige) raad unaniem de afvalvisie en het grondstoffenplan vast. Aan de voorkant was er ruimte voor kaderstelling. Moties eind 2017 en begin 2018 zorgden voor vertraging bij de uitrol en een intensiever participatietraject. De nieuw raad stelde vooral raadsvragen en een aantal partijen starten de discussie over voor- en nascheiding. De raad wordt frequent maar soms ook wat ad-hoc geïnformeerd over de uitvoering van het beleid.
Ofschoon de informatiepositie van de raad is verbeterd mist een deel van de raad ‘betrouwbare’ stuurinformatie. Daarbij helpt het niet dat de uitvoeringsprogramma’s met afvalprestaties per scheidingsfractie niet op reguliere basis naar de raad worden gestuurd. De raad beschikt niet over duidelijk inzicht in de beleidscyclus. Aan de andere kant is er nauwelijks discussie over (bijstelling van de) prestatiedoelen zoals die in de P&C-cyclus worden gerapporteerd. Wat mist is een dialoog op hoofdlijnen binnen de raad, gevoed vanuit een evaluatie en met alternatieven die er zijn wanneer beleid niet het gewenste effect sorteert. Zijn er bijvoorbeeld mogelijkheden om de uitrol alsnog te versnellen (en had het sneller gekund?). Doorwerking van aanbevelingen uit 2015 De doorwerking van de aanbevelingen van het vorige onderzoek van de rekenkamercommissie is onvolledig. Positief is dat er nu doelstellingen en uitvoeringsprogramma’s zijn. In termen van de Plan-DoCheck-Act-cyclus: Plan en Do zijn goed ingevuld. Omdat (tussen)evaluaties met analyses, benchmarkinformatie en prognoses ontbreken geldt dat niet voor Check en Act. Pagina 6 van 65
Endelhovenlaan 1, 3601 GR Maarssen Postbus 1212, 3600 BE Maarssen T 0346 25 40 00 F 0346 25 40 10 www.stichtsevecht.nl
Aanbevelingen Aanbevelingen voor de raad 1.
Stel als raad een raadswerkgroep in die de evaluatie van de huidige afvalvisie en het huidige grondstoffenplan begeleidt, (mede) kaders stelt voor de volgende beleidsperiode en de informatiebehoefte van de raad formuleert (indicatoren, benchmark etc.). Betrek bij de kaderstelling ook de mogelijkheid om diftar in te voeren en/of het serviceniveau voor de inzameling van grofvuil te verlagen.
2.
Vraag tot die tijd het college om de inhoud van de uitvoeringsprogramma’s en een aansluiting van de gemeentelijke monitoring op de landelijke benchmark. In die (compacte) monitor kan de prestatiedriehoek een leidraad zijn. Naast afvalscheiding worden dan ook kosten (met onderscheid naar beïnvloedbaar/niet beïnvloedbaar) en service(beleving) in beeld gebracht.
Aanbevelingen voor het college 3.
Overweeg de prestatiedoelen bij te stellen voor de komende jaren en in kaart te brengen of er voor delen van Maarssenbroek met mindere afvalscheidingsprestaties ook omgekeerd inzamelen moet worden uitgerold of dat daar nascheiding doelmatiger is.
4.
Evalueer mede n.a.v. de uitkomsten van de inwonerspeiling de communicatie naar de inwoners en bekijk of een analyse van de klachten(afhandeling) aanknopingspunten biedt voor vermindering van het aantal klachten.
5.
Ga in gesprek met de beide kringloopwinkels over hun positie in relatie tot het nieuwe afvalscheidingsstation.
6.
Verken in AVU-verband de mogelijkheden om toekomstige prijsschommelingen in te perken.
Pagina 7 van 65
Endelhovenlaan 1, 3601 GR Maarssen Postbus 1212, 3600 BE Maarssen T 0346 25 40 00 F 0346 25 40 10 www.stichtsevecht.nl
1. Inleiding 1.1
Aanleiding voor het onderzoek en context
De rekenkamercommissie Stichtse Vecht (RKC) deed in 2014-2015 onderzoek naar het afvalbeleid van de gemeente in de periode 2012-2014 1. Doel was de raad en de aankomende nieuwe afvalvisie van input te voorzien. De RKC concludeerde dat de doelmatigheid en doeltreffendheid van het gevoerde beleid niet goed waren vast te stellen (geen doelstelling, geen monitoring) en verbetering behoefde. De aanbevelingen van de RKC hadden betrekking op concretere doelstellingen en prioriteiten, een uitvoeringsprogramma en op sturingsinformatie voor de raad met gebruik van benchmarks. College en raad namen de aanbevelingen destijds grotendeels over. Inmiddels is het 2021. Er is sinds 2016 een nieuwe afvalvisie 2 (met uitwerking 3) en de uitrol van een nieuw afvalsysteem (‘omgekeerd inzamelen’) is, met enige vertraging, onderweg. De RKC wil weten wat de doorwerking van haar aanbevelingen uit 2015 was.
Kan de afvalinzameling de toets van doeltreffendheid en doelmatigheid inmiddels doorstaan? Zo nee, is daar de komende tijd zicht op? Is de raad in staat op basis van de informatievoorziening kaders te stellen en het beleid te controleren? Met het oog op de volgende beleidsperiode wil de RKC de raad in het onderzoek ook een beeld bieden van de (oorzaken van) prijsontwikkeling van de afvalinzameling, de voor- en nadelen van verschillende inzamelsystemen, de waardering door inwoners van de afvalinzameling en de situatie van de afvalscheidingsstations (ASS-en). Ook wil de RKC graag een beeld hebben van het lerend vermogen van de gemeente bij dit dossier. Indien nodig doet de RKC aanbevelingen voor verbeteringen van het afvalbeleid en de afvalinzameling.
1.2
Centrale vraag, deelvragen en normen
De centrale vraag van het onderzoek is tweeledig:
Wat is de doeltreffendheid en doelmatigheid van het afvalbeleid en de afvalinzameling van de gemeente Stichtse Vecht? (en hoe kan die worden verhoogd indien nodig?) Heeft de gemeenteraad voldoende mogelijkheden (gehad) om het afvalbeleid te controleren en desgewenst bij te sturen? (en hoe kan dat worden vergroot indien nodig?) Om de centrale vraag te beantwoorden gebruiken we deelvragen en normen om de bevindingen te beoordelen. We maken daarbij een onderscheid in beleid en raad, uitvoering, middelen en resultaten. Inhoud en doelen van beleid en informatievoorziening en rol gemeenteraad 1. Welke visie/beleidsdoelen/effecten heeft de gemeente in haar afvalbeleid geformuleerd? En zijn deze SMART gemaakt? 2. Voldoet het gemeentelijk afvalbeleid aan landelijke beleidskaders? 3. Wordt het bereiken van de beleidsdoelen (in de uitvoering) gemonitord? 4. Wordt de gemeenteraad geïnformeerd over beleid en uitvoering en over het bereiken van de beleidsdoelen? 5.
Is er opvolging gegeven aan de aanbevelingen van het rapport ‘Visie op afval Stichtse Vecht’ uit 2015? Normen bij de beoordeling van het beleid en de betrokkenheid van de raad • het beleid bevat een visie; • het beleid bevat helder geformuleerde doelen (SMART); • het beleid is afgestemd op actuele landelijke beleidskaders; • de raad kreeg de ruimte kaders te stellen voor het beleid; Visie op afval? Een onderzoek naar het afvalbeleid van Stichtse Vecht (mei 2015). Van afvalstof naar grondstoffen 2016 – 2022 (september 2015). 3 Grondstoffenplan 2016 - 2022. 1 2
Pagina 8 van 65
Endelhovenlaan 1, 3601 GR Maarssen Postbus 1212, 3600 BE Maarssen T 0346 25 40 00 F 0346 25 40 10 www.stichtsevecht.nl
• • • • • • •
de raad heeft het beleid vastgesteld; het beleid is bekend bij betrokkenen; er is sprake van monitoring en evaluatie van het afvalbeleid; uitkomsten van evaluatie worden gebruikt om het beleid bij te sturen; de raad wordt actief geïnformeerd over ontwikkelingen rondom het afvalbeleid (ook bij uitvoerende externe partijen); eventuele informatie uit monitoring en evaluatie bieden voldoende handvatten om het afvalbeleid te sturen; de raad wordt in staat gesteld om het beleid bij te sturen.
Uitvoering 1. Hoe is de uitvoering georganiseerd? (inzameling en verwerking) 2. Zijn voorzieningen voor de afvalinzameling toereikend? (o.a. afvalscheidingsstations) 3. Loopt de organisatie van het afvalbeheer in de pas met landelijke ontwikkelingen en trends in de markt? 4. Zijn er alternatieven voor de huidige samenwerkingsverbanden? 5. Is er sprake van voldoend lerend vermogen van de gemeente t.a.v. het afvalbeleid en de uitvoering daarvan? 6. Welke verbetermogelijkheden in de uitvoering zijn er? Normen bij de beoordeling van de uitvoering • het beleid is verankerd in de organisatie; • het beleid wordt uitgevoerd; • taken, verantwoordelijkheden en bevoegdheden tussen gemeente en externe partijen zijn vastgelegd en worden als zodanig uitgevoerd; • de beoogde resultaten van externe partijen zijn eenduidig vastgelegd, vergelijkbaar met andere gemeenten en toegespitst op de praktijk van Stichtse Vecht; • de voorzieningen voor de afvalinzameling zijn toereikend; • de gemeente is op de hoogte van ‘good practices’ in andere Nederlandse gemeenten (en de situatie in omliggende gemeenten); • de gemeente speelt in op nieuwe ontwikkelingen; • de inrichting van de organisatie volgt landelijke ontwikkelingen en trends in de markt. Middelen 1. Hoe hebben de kosten van het afvalbeheer zich in de periode 2016-2020 ontwikkeld en wat is de verwachting voor de komende jaren? 2.
Welke prijsontwikkelingen zijn er in de markt? 3. Hoe heeft de prijs/kwaliteitsverhouding van afvalinzameling en -verwerking zich in de periode 20162020 ontwikkeld? 4. Hoe verlopen aanbestedingen en contractbeheer? 5. Wat is de ontwikkeling van de afvalstoffenheffing? Normen bij de beoordeling van de middelen • de kosten van het afvalbeleid zijn transparant; • er is gewerkt met een investeringsplan; • eventuele inkoop is doelmatig verlopen; • de gedane investeringen zijn zichtbaar in concrete producten en/of diensten; • het tarief van de afvalstoffenheffing is kostendekkend (wanneer alle toegestane kosten worden toegerekend); • de reserves voor de afvalinzameling zijn toereikend.
Pagina 9 van 65
Endelhovenlaan 1, 3601 GR Maarssen Postbus 1212, 3600 BE Maarssen T 0346 25 40 00 F 0346 25 40 10 www.stichtsevecht.nl
Resultaten 1. Hoe zijn de afvalprestaties de afgelopen periode geweest: zijn die conform verwachting, vallen ze mee of tegen? Hoe verhouden ze zich tot de landelijke trends? 2. In hoeverre zijn de beleidsdoelen en de beoogde maatschappelijke effecten met betrekking tot het afvalbeheer in de periode 2016-2020 gerealiseerd? (Zo nee, is de verwachting dat dat de komende jaren wel lukt?) 3. In hoeverre zijn de resultaten toe te schrijven aan de ingezette middelen? Zijn er externe factoren van invloed geweest op de doeltreffendheid? 4. Hoe denken inwoners over de afvalinzameling, de afvalscheiding en de (aanstaande) invoering van omgekeerd inzamelen? 5. Wordt er minder restafval ingezameld bij kernen die al gestart zijn met omgekeerd inzamelen? 6.
Zijn er neveneffecten te constateren: meer dumping van afval of afvaltoerisme bijvoorbeeld? Normen bij de beoordeling van de resultaten • de gemeente heeft een helder beeld van en inzicht in de resultaten van de afvalinzameling; • er is sprake van ordentelijke inzameling en het aantal klachten daalt; • het afvalbeleid zorgt voor controleerbare en beheersbare stromen huishoudelijk afval; • het afvalbeleid zorgt voor steeds betere afvalscheiding; • het afvalbeleid zorgt voor een schonere gemeente en een verbeterde leefomgeving (minder zwerfafval en bijplaatsingen); • inwoners zijn tevreden over het afvalbeleid; • indien doelstellingen niet worden gerealiseerd, zijn de oorzaken hiervan bekend en verbetervoorstellen gedaan.
1.3
Afbakening, aanpak en leeswijzer
Het onderzoek richt zich op de periode 2016-heden met daarbij een vooruitblik naar de periode tot en met 2022. Het onderzoek is uitgevoerd door dossierstudie (zie bijlage 1 voor de bronnen), interviews binnen en buiten de gemeente (zie bijlage 2 voor een lijst van geïnterviewden), een peiling onder de inwoners van de gemeente over de afvalinzameling en (de communicatie over) uitgevoerde/aankomende verandering in de afvalinzameling 4. In hoofdstuk 2 beschrijven we het huidige beleid, de betrokkenheid van de raad en de doorwerking van de aanbevelingen van het vorige onderzoek naar afvalbeleid. In hoofdstuk 3 beschrijven we de uitvoering en de middelen. In hoofdstuk 4 komen de resultaten aan bod plus en samenvatting van de inwonerspeiling. In hoofdstuk 5 staan alle resultaten van de inwonerspeiling. Dit inleidende hoofdstuk sluiten we af met een beschrijving van trends in het afvalveld, teneinde een integraal perspectief op de materie te bieden.
4
Met daarin ook vragen die zijn te vergelijken met de nulmeting afval & duurzaamheid Stichtse Vecht van juli 2015.
Pagina 10 van 65
Endelhovenlaan 1, 3601 GR Maarssen Postbus 1212, 3600 BE Maarssen T 0346 25 40 00 F 0346 25 40 10 www.stichtsevecht.nl
1.4
Trends in het afvalveld
Het afvalveld is volop in beweging (zie onderstaande figuur). We onderscheiden in algemene zin vier onderdelen met verschillende aspecten, die we onder de figuur nader toelichten.
Sociaal-maatschappelijk • Participatie: samenwerken met inwoners bij inzameling, oplossen van bijplaatsingen, tegengaan van zwerfvuil. • De bevolkingssamenstelling verandert. Meer ouderen, meer eenpersoonshuishoudens. Dit leidt ertoe dat de behoefte aan maatwerk toeneemt. In algemeenheid verlangen inwoners meer service en neemt de behoefte aan maatwerk toe. Inwoners verwachten meer informatie over inzamelresultaten, wat er met grondstoffen gebeurt. Beleid en regelgeving • Europese regelgeving en landelijk overheidsbeleid sturen richting een circulaire economie. De kwantitatieve reductiedoelen voor 2020 en 2025 blijven van toepassing (van minder dan 100 kg naar 30 kg restafval per inwoner per jaar). • De verbrandingsbelasting is per 1 januari 2019 verhoogd en bedraagt inmiddels ruim € 33 per ton restafval. • Daarbovenop krijgen afvalpreventie en kwaliteit van grondstofstromen meer aandacht. Hoogwaardig hergebruik staat centraal, het scheiden van afval staat ten dienste daarvan. De afgelopen twee jaar is er meer aandacht gekomen voor een dalende kwaliteit van ingezamelde grondstofstromen door vervuiling, bijplaatsingen bij verzamelcontainers en dumpingen. Het beheersen van de kwaliteit van ingezamelde stromen wordt de komende jaren alleen maar belangrijker, zowel vanuit kosten als circulair oogpunt.
• De Raamovereenkomst verpakkingen is geëvalueerd en afspraken tussen het Afvalfonds (gevormd door het verpakkend bedrijfsleven), Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) en het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat (IenW) zijn herzien. Er gelden nieuwe afspraken (t/m 2022) over onder meer de hoogte van de ketenvergoeding voor kunststof en drankenkartons. Rollen/verantwoordelijkheden inzake de sortering, verwerking en vermarkting zijn verlegd. Tegelijkertijd proberen partijen de huidige knelpunten in de keten op te lossen met als doel meer recycling van verpakkingsafval en beheersing van ketenkosten. • Uitbreiding statiegeld. Tot dit moment zat er alleen statiegeld op grote petflessen en bierflesjes. Sinds 1 juli 2021 is dit systeem uitgebreid naar kleine plastic flesjes. Verdere uitbreiding van het statiegeldsysteem naar blikjes is in voorbereiding. Uitbreiding van het statiegeldsysteem moet ervoor zorgen dat het aandeel van kleine flesjes en blikjes in het zwerfafval fors gaat dalen. Pagina 11 van 65
Endelhovenlaan 1, 3601 GR Maarssen Postbus 1212, 3600 BE Maarssen T 0346 25 40 00 F 0346 25 40 10 www.stichtsevecht.nl
Afvalmarkt • De afvalbeheerkosten staan onder druk. Autonome ontwikkelingen zorgen voor een tarief opdrijvend effect. Het gaat bijvoorbeeld om de landelijke verbrandingsbelasting en negatieve ontwikkelingen aan de verwerkingskant zoals lagere opbrengsten van textiel, lagere vergoedingen voor Plastic, Blik en Drankverpakkingen (PBD=PMD), hogere verwerkingstarieven voor Groente, Fruit-, Tuinafval en etensresten (GFTe). Daarnaast staat landelijk de kwaliteit van ingezamelde stromen (bij PBD, GFTe, textiel) onder druk, waardoor sorteer- en verwerkingskosten hoger uitvallen. • Naast verbetering van de bronscheiding, zit er ook ontwikkeling in de prestaties van nascheiding, met name bij plastic, blik en drinkpakken. Het aantal gemeenten dat gebruik maakt van nascheiding neemt toe, in een aantal gevallen ook naast of aanvullend op bronscheiding. Nascheiding is op dit moment vooral een optie voor PBD, voor andere grondstoffen zoals oudpapier en GFT is het (nog) geen realistisch alternatief. De aandacht bij bronscheiding concentreert zich op volumineuze en/of herbruikbare stromen in restafval (GFTe, luiers). • De meeste gemeenten hebben de uitvoering van de afvalinzameling bij een overheidsorganisatie belegd. De meest voorkomende vorm is samenwerking in de vorm van een overheids-NV of GR. Een aantal, met name grotere, gemeenten voert de inzameltaak in eigen beheer uit.
Het aantal gemeenten dat de inzameling op de markt uitbesteed is de afgelopen jaren afgenomen; het aantal deelnemende gemeenten in overheidsverbanden is gegroeid. • Op de inzamelmarkt is als gevolg van fusies een concentratie gaande. Het beeld uit recente aanbestedingen is dat er sprake is van stijgende inzameltarieven. Op landelijk niveau zijn drie grote spelers actief: Remondis, Renewi en SUEZ, dat recent is overgenomen door / gefuseerd is met PreZero. Het accent in de strategie van Renewi en SUEZ lag de afgelopen jaren niet meer zo sterk op de inzameling van huishoudelijk afval en zij schrijven niet overal en zeker niet dicht tegen of onder kostprijs in. • De omgang met adresgegevens moet voldoen aan privacywetgeving. Bij de invulling van containermanagement, toegang tot voorzieningen, pasjessysteem en het uitlezen en monitoren van gegevens, dient hieraan te worden getoetst. Inzameling en techniek • Inzameling wordt steeds kapitaal- en kennisintensiever, door inzet specialistische voertuigen (o.m. zijbelading), moderne inzamelmiddelen (pers- en wisselcontainers), moderne ICT (volmeldsystemen, boordcomputers, volledig computergestuurde werkplanning en gegevensbeheer). • In toenemende mate ontwikkelen gemeenten plannen voor gezamenlijke afvalscheidingsstations.
Dit levert financiële voordelen op en maakt het (makkelijker) mogelijk om tot nieuwe invullingen te komen (koppeling met kringloopwinkel, reparatie, educatiedoelen, creëren van sociale werkgelegenheid). Samengevat leiden bovenstaande ontwikkelingen tot stijgende tarieven aan de afvalverwerkingskant en hogere tarieven en minder keuze op de inzamelmarkt. Tegelijkertijd worden er acties van gemeenten verwacht om bij te dragen aan de circulaire economie (reductie restafval naar 30 kg in 2025, stijging van het materiaalhergebruik), de kwaliteit van ingezamelde stromen te borgen en (meer) maatwerk in de dienstverlening te verlenen. Dit betekent dat de eisen die gesteld worden aan de beleidscapaciteit en aan de regiecapaciteit toenemen.
Pagina 12 van 65
Endelhovenlaan 1, 3601 GR Maarssen Postbus 1212, 3600 BE Maarssen T 0346 25 40 00 F 0346 25 40 10 www.stichtsevecht.nl
2. Huidig beleid, raadsinformatie en doorwerking aanbevelingen 2.1.
Inleiding
2.2.
Beleids- en uitvoeringskader
Dit hoofdstuk beschrijft de beleidsontwikkeling sinds 2015, de bevindingen over raadsinformatie en de bevindingen over de doorwerking van de aanbevelingen uit het vorige onderzoek van de RKC. Het hoofdstuk sluit af met de beantwoording van de onderzoeksvragen mede in relatie tot de toetsing aan de normen. Het beleidskader wordt gevormd door de Afvalvisie Stichtse Vecht “Van afvalstof naar grondstoffen 20162022”, het Grondstoffenplan Stichtse Vecht 2016-2022, de jaarlijkse uitvoeringsprogramma’s (2018, 2019, 2020 en 2021) en de Afvalstoffenverordening 2017 (en het uitvoeringsbesluit daarvan). We beschrijven de tijdlijn en de raadsbehandeling. Tijdlijn Op 30 september 2015 stelt de gemeenteraad de afvalvisie unaniem vast met waardering voor de manier waarop informatieverstrekking en communicatie heeft plaatsgevonden 5. De visie gaat uit van afval als grondstof en het ontmoedigen van het onnodig aanbieden van restafval. Door introductie van omgekeerd inzamelen kan de gemeente de afvalscheiding verbeteren en op termijn besparen op de kosten van de afvalinzameling. De visie is mede tot stand gekomen op basis van een nulmeting onder inwoners 6, gesprekken hierover met wijkcommissies, dorpsraden, maatschappelijke organisaties betrokken bij de inzameling (oud papier, kringloop) en experts op afvalgebied.
Ook de behandeling in commissies en de koppeling aan het onderzoek van de RKC dragen bij aan de visie. De betrokken partijen stemmen in met het omgekeerd inzamelen. Men vraagt daarbij om duidelijke informatieverstrekking en inwoners moeten meegenomen worden bij de uitrol. Maatwerk moet mogelijk blijven.
5 6
Bron: raadsvoorstel Grondstoffenplan 2016-2022 april 2016. Nulmeting afval & duurzaamheid Stichtse Vecht – juli 2015.
Pagina 13 van 65
Endelhovenlaan 1, 3601 GR Maarssen Postbus 1212, 3600 BE Maarssen T 0346 25 40 00 F 0346 25 40 10 www.stichtsevecht.nl
Op 26 april 2016 stemt de gemeenteraad unaniem in met het Grondstoffenplan Stichtse Vecht 2016–2022. Centraal in het Grondstoffenplan staat de (per kern) gefaseerde uitrol van het project ‘omgekeerd inzamelen’ vanaf 2017. Doelstelling is 75% bronscheiding van alle huishoudelijke afvalstoffen en 90% bronscheiden van al het grofvuil. Aan het eind van de beleidsperiode: maximaal 75 kg per inwoner per jaar aan huishoudelijk restafval en maximaal 10 kilo per inwoner per jaar aan ongescheiden grofvuil. Ook voor de verschillende fracties van het afval zijn doelstellingen opgenomen 7. De raad stelt aan de hand van een investeringsoverzicht een krediet beschikbaar van iets meer dan vijf miljoen voor de jaren 2016-2022 voor de realisatie van de doelen en de hiervoor benodigde voorzieningen. Dekking van de kapitaallasten vindt plaats binnen de begroting, uit de meeropbrengsten die ontvangen worden voor de gescheiden ingezamelde grondstoffen. Op 16 mei 2017 stelt de raad de afvalstoffenverordening 2017 vast (hamerstuk). B&W stelt op 23 mei 2017 het Uitvoeringsbesluit Afvalstoffenverordening 2017 vast. De uitrol startte in de tweede helft van 2017. Ambtelijk staat een evaluatie van het grondstoffenplan eind 2022, begin 2023 op de planning nadat omgekeerd inzamelen in Maarssenbroek en omgeving is ingevoerd. Met vervolgens een visieontwikkeling voor de periode 2023-2030.
Actuele items zijn: luierinzameling, wel/niet gedifferentieerde tarieven, intensivering textielinzameling en inzameling groente fruit- en tuinafval. Moties en amendementen De afgelopen jaren was er sprake van een aantal moties die een beeld geven van de onderdelen van het afvaldossier waarbij de raad zich roert. A. Bij het vaststellen van het grondstoffenplan in april 2016 is er een amendement van Maarssen 2000 om hogere meeropbrengsten (dan geprognosticeerde) van de grondstoffen ten goede te laten komen aan de inwoners door een korting op de afvalstoffenheffing, wordt verworpen. De PvdA trekt haar motie in waarin ze het college verzoekt de uitrol van omgekeerd inzamelen tussentijds te evalueren. De wethouder zegt toe in het portefeuillehoudersoverleg te bespreken of de uitrol ook kan starten in Maarssenbroek en de raad hierover te informeren. Op 9 mei 2016 maakt het college de raad kenbaar dat om redenen van praktische uitvoering niet wordt gekozen voor een start van de uitrol in Maarssenbroek. B.
In een motie van november 2017 verzoeken Lokaal Liberaal, Stichtse Vecht Beweegt en Het Vechtse Verbond het college: -in gesprek te treden met AVU en AVR om de mogelijkheden van nascheiding van plastic te bespreken; -hierover verslag te doen aan de raad, waarin tenminste uiteengezet wordt wat de voors en tegens van nascheiding ten opzichte van bronscheiding zijn, alsmede een kostenoverzicht; -totdat dit verslag is besproken met de raad, de uitrol van omgekeerd inzamelen stil te leggen en verder te gaan op de huidige voet, te weten: • inzameling van PMD via de plastic zakken in de daartoe geplaatste (ondergrondse) verzamelcontainers • inzameling van papier via de papierkliko’s • inzameling van GFT via de GFT kliko’s • inzameling van restafval via de restafvalkliko’s. De motie wordt aangehouden en de wethouder zegt de volgende informatie toe: 1.Een kostenoverzicht opstellen in het geval de uitrol van omgekeerd inzamelen in gemeente Stichtse Vecht gestopt zou worden en dit overzicht voorafgaande aan de raadsvergadering van 19 december 2017 te verstrekken aan de gemeenteraad. 2. Indien mogelijk de kosten inzichtelijk te maken van een pilot met nascheiding in Maarssenbroek. 3. Te onderzoeken of een kleinere container van 140 liter voor PMD (Plastic Metalen en Drankenkartons) op verzoek van inwoners zou kunnen worden verstrekt in afwijking van het standaardmodel van 240 liter.
7
Grondstoffenplan pagina 32-33. Deze doelstellingen en de realisatie komen terug in de jaarlijks uitvoeringsprogramma’s.
Pagina 14 van 65
Endelhovenlaan 1, 3601 GR Maarssen Postbus 1212, 3600 BE Maarssen T 0346 25 40 00 F 0346 25 40 10 www.stichtsevecht.nl
Er volgt antwoord vanuit het college in de commissie van 6 december 2017. Samengevat luidt het antwoord: de kosten om de uitrol te stoppen zijn hoog en het college wil het huidige (unaniem aangenomen) beleid niet doorbreken. Kosten pilot nascheiding zijn op korte termijn niet inzichtelijk, op langere termijn wel. Er komt een pilot met kleinere containers in Nigtevecht, Vreeland en Loenersloot. Eventuele aanvragen voor wisselen van een grote PMD (240) naar een kleine PMD (140)-kliko worden n.a.v. de uitkomsten van de pilot sinds 1 januari 2019 in behandeling genomen. B. In een motie van 30 januari 2018 verzoeken Maarssen 2000 en het Vechtse Verbond het college om: - afvalcoaches gerichter in te zetten voor bovengenoemde inwoners en in gesprek te gaan om ze zo goed mogelijk voor te bereiden op de veranderingen die voor hen optreden als gevolg van het project omgekeerd inzamelen; - daarbij zullen de afvalcoaches proactief persoonlijk in gesprek gaan met de betreffende inwoners en hen ook in praktische zin begeleiden bij de nieuwe manier van inzamelen. Maatwerk zal bij hun persoonlijke situatie worden geleverd waar dit nodig is; - de gerichte gesprekken en de praktische begeleiding te monitoren en elk halfjaar aan de raad te rapporteren. Het college neemt de motie over en de motie wordt ingetrokken. C.
In een motie van 6 maart 2018 verzoekt Lokaal Liberaal het college: -om te stoppen met de pilot met afvalcoaches en de vrijgekomen gelden in te zetten op de verbetering van schriftelijke communicatie over de afvoer van afval. Er is bij Lokaal Liberaal onduidelijkheid over de kosten van de afvalcoaches. De wethouder zegt in de commissie toe de raad te informeren over de juiste kosten voor de afvalcoaches (en doet dat op 6 maart) . De motie wordt niet in stemming gebracht. Lokaal Liberaal houdt de motie aan tot een later moment.
Nieuw afvalscheidingsstation Het nieuwe afvalscheidingsstation (ASS) staat in de afvalvisie en het grondstoffenplan en komt ook in het coalitieakkoord 2018-2022: “Deze raadsperiode nemen wij - en uiteindelijk de raad - een besluit over de locatie van het nieuwe ASS. Er zijn meerdere varianten mogelijk. De variant met een dependance is vrij kostbaar aangezien deze aan dezelfde voorwaarden moet voldoen als de hoofdlocatie. Dit heeft te maken met wet- en regelgeving voor de verschillende afvalsoorten. Wij zijn daarom voorstander van de optie om één nieuw, centraal gelegen ASS te realiseren. Voor onze inwoners in de noordelijke kernen gaan we op zoek naar een combinatie van inzamelen en ophalen, zodat zij al hun afvalsoorten in de nabije omgeving kwijt kunnen”. Op 20 november 2018 stelt de raad unaniem de “Uitgangspunten en randvoorwaarden afvalscheidingsstation inclusief werfactiviteiten” vast (op basis van een collegevoorstel en de commissiebehandeling). Discussiepunten zijn: locatie op geografisch middelpunt van de gemeente en dependances. Amendementen hierover halen het niet. Toezeggingen van de wethouder: 1. de service naar de inwoners aanpassen als dat nodig is; 2. de locatiekeuze aan de raad voorleggen; 3. het programma van eisen eerst aan de commissie voorleggen, voordat het college dit vaststelt; 4.
op de in het Grondstoffenplan genoemde overslagstations terugkomen bij het programma van eisen. In 2019 is het locatieonderzoek geactualiseerd en zijn potentiële locaties van een nieuw ASS geïnventariseerd. In 2020 wordt duidelijk dat het om locaties in of nabij Breukelen gaat. Een amendement om in de buurt van Loenen een scheidingsfaciliteit te houden haalt het niet. Begin 2021 kiest de gemeente het bedrijventerrein De Corridor tussen A2 en Amsterdam-Rijnkanaal in Breukelen uit de potentiële locaties. Het raadsbesluit over de aankoop van de locatie en over het vaststellen van het investeringsbudget is voorzien voor het najaar van 2021. Pagina 15 van 65
Endelhovenlaan 1, 3601 GR Maarssen Postbus 1212, 3600 BE Maarssen T 0346 25 40 00 F 0346 25 40 10 www.stichtsevecht.nl
Bevindingen • Er ligt een uitgebreid beleids- en uitvoeringskader voor de afvalinzameling waarmee de (toenmalige) raad unaniem instemde. • Vanaf de start van de uitrol is er een paar keer en motie geweest om te stoppen (met de uitrol of de afvalcoaches) en/of voorlichting te intensiveren. • De raad heeft gekozen voor een één centraal gelegen afvalscheidingsstation en af te zien van nevenlocaties.
2.3.
Raadsinformatie en raadsvragen
De raad is de afgelopen jaren op verschillende manieren geïnformeerd over de afvalinzameling en afvalverwerking: via ambtelijke presentaties, raadsinformatiebrieven, de P&C-cyclus en antwoorden op raadsvragen. Ambtelijke presentaties • Op 16 juni 2015 is er een ambtelijke presentatie in de commissie Fysiek Domein (FD) over de aanloop naar de afvalvisie. • Op 25 februari 2016 is er een presentatie in de commissie FD over het nieuwe grondstoffenplan. • Op 13 december 2016 een ambtelijke presentatie over het locatieonderzoek nieuw afvalscheidingsstation met vragen over kaders vanuit de raad. • Op 20 mei 2017 is er een raadsexcursie van de gemeenteraden Stichtse Vecht en Woerden naar de Milieustraat Woerden. Presentatie tijdens het programma gaat o.a. in op benchmark tussen beide gemeenten. • Op 16 januari 2018 is er een ambtelijk presentatie voor de commissie FD “Afval in Stichtse Vecht 2017 Cijfers en hoeveelheden (monitor)”. Bevat prestatiegegevens en vergelijking met het gemiddelde van Utrecht. • Op 25 september 2018 ambtelijke presentatie in de commissie FD over de stand van zaken en de uitdagingen en de landelijke trends (specifiek ook voor nieuwe raadsleden) inclusief een presentatie over nascheiding door Frans van Dijk, directeur AVU.
• Op 24 september 2019 is er een ambtelijke presentatie in de commissie FD over de stand van zaken inclusief tussenresultaten van het omgekeerd inzamelen. • Op 14 oktober 2020 is er een ambtelijke presentatie in de commissie FD over Locatieonderzoek nieuw Afvalscheidingsstation. • De raad ontvangt 31 maart 2021 de factsheet bron- en nascheiding verpakkingen (AVU). Er vinden dus met enige regelmaat inhoudelijke presentaties plaats voor de raadscommissie. De presentaties gaan over onderwerpen die op dat moment actueel zijn of dat (kunnen) gaan worden. Een aantal keren komen afvalprestaties aan bod maar hier zit geen periodiek element in. De monitor die op 16 januari 2018 werd gepresenteerd was bijvoorbeeld eenmalig. Bedoeld om te informeren maar ook als signaal aan de raad dat de cijfers weliswaar perspectief boden maar dat Stichtse Vecht in vergelijking met andere gemeenten binnen de provincie Utrecht achterliep en minder progressie had door de participatieve aanpak. Raadsinformatiebrieven Vanaf 2016 tot nu verschenen regelmatig berichten over afval in de raadsinformatiebrieven (zie bijlage 1 voor een opsomming).
De raadsinformatiebrieven (40 stuks sinds begin 2016) gaan vooral over de voortgang van de implementatie van het omgekeerd inzamelen (en de inspraak daarbij), het jaarlijkse uitvoeringsprogramma 8, de AVU, nieuwe contracten, de papierinzameling, kerstbomeninzameling en de PMD-inzameling. P&C-cyclus In de begrotingen en jaarrekeningen staan respectievelijk de overall doelstellingen en de activiteiten voor het komende jaar en de prestaties en activiteiten van het afgelopen jaar. De effect- en prestatie-indicator is
8
Het gaat dan om een aankondiging/mededeling. Het uitvoeringsprogramma zelf wordt niet meegestuurd.
Pagina 16 van 65
Endelhovenlaan 1, 3601 GR Maarssen Postbus 1212, 3600 BE Maarssen T 0346 25 40 00 F 0346 25 40 10 www.stichtsevecht.nl
de hoeveelheid restafval 9 per inwoner per jaar. Dit is ook een wettelijk verplichte indicator. In tabel 2.1 geven we de ontwikkeling van de doelstelling weer. Bij de nulmeting in 2014 was de realisatie 225 kg per inwoner per jaar. Tabel 2.1: Doelstellingen, streef- en realisatiecijfer (kg fijn restafval per inwoner per jaar) 2016-2021 Jaar
Doelstelling
Streefcijfer
Realisatie
2016
Afname van de hoeveelheid restafval per inwoner per jaar
213
214
2017
Minder restafval per inwoner per jaar
199
210
2018
Het omgekeerd inzamelen van afval Een nieuw afvalscheidingsstation en Omgekeerd inzamelen in alle kernen binnen Stichtse Vecht Een nieuw afvalscheidingsstation en Omgekeerd inzamelen in alle kernen binnen Stichtse Vecht Een nieuw afvalscheidingsstation en Omgekeerd inzamelen in alle kernen van Stichtse Vecht
175
205
149
193
180 10
197
140
-
2019 2020 2021
In de eerste jaren houdt men in de begrotingen vast aan de oorspronkelijke reeks van doelstellingen die niet wordt weerspiegeld in de realisatiereeks. Streefcijfer in de begroting van 2020 vormt een tijdelijk kantelpunt in de realisatiecijfers, hetgeen niet in de tekst wordt benoemd. De begrotingen van 2020 en 2021 gaan beide uit van een streefcijfer van 100 kg in 2022 (dus niet meer van het oorspronkelijke einddoel van 75 kg in 2022). Dat einddoel staat nu als streefcijfer voor 2023 en 2024. In de verschillende stukken klinkt een enkele keer een waarschuwing door. Uit de begroting van 2016: “De aanscherping van de wet- en regelgeving omtrent afvalverwijdering brengt meer kosten met zich mee, dit kan leiden tot stijging van de tarieven”. Bij de rekening van 2018 wordt voor het eerst iets gezegd over de doelrealisatie: “De hoeveelheid restafval is hoger dan verwacht als gevolg van de vertraging die is ontstaan bij de invoering van omgekeerd inzamelen. Wij hebben gekozen voor de participatieve insteek om samen met de inwoners voldoende draagvlak te krijgen voor de locaties van de nieuwe ondergrondse containers. Dat kost meer tijd”. Bij de rekening van 2019: “In verband met de reeds bekende opgelopen achterstand van de invoering van omgekeerd inzamelen is de doelstelling niet gehaald.
Wel is een duidelijke daling van de hoeveelheid restafval in kg per inwoner te zien ten opzichte van 2018”. Bij de rekening van 2020: “De hoeveelheid restafval is gestegen doordat veel mensen als gevolg van de coronamaatregelen thuiswerken”. Raadsvragen Af en toe worden er raadsvragen gesteld. In de periode februari 2016 en maart 2021 tellen we er 22 (vaak met verschillende deelvragen, zie bijlage 1 voor een opsomming). 10 van de 22 vragen gaan over de inzameling van PMD (o.a. over bron- en nascheiding). Andere vragen hebben o.a. betrekking op de aanloopproblemen van de nieuwe inzamelaar en de afvalscheidingsstations. Bevindingen • De raad wordt regelmatig - soms enigszins ad-hoc- geïnformeerd over afvalinzameling en afvalverwerking via raadsinformatiebrieven, presentaties en antwoorden op raadsvragen. • Er is geen sprake van monitoring van prestaties. De raad wordt hier beperkt van op de hoogte gebracht. Er is vooralsnog geen sprake van een evaluatie van het beleid. Stuurinformatie is beperkt en wordt ook niet gebruikt door de raad. • Het gestelde doel voor de hoeveelheid restafval aan het eind van de beleidsperiode blijkt (ook na bijstelling in de laatste twee begrotingen) te ambitieus.
9
Het gaat hierbij om het fijn restafval. Grof restafval zit niet in deze cijfers. Bijgestelde raming t.o.v. 2019 omdat er in de jaren 2018 en 2019 meer restafval was ingezameld dan was geraamd.
10
Pagina 17 van 65
Endelhovenlaan 1, 3601 GR Maarssen Postbus 1212, 3600 BE Maarssen T 0346 25 40 00 F 0346 25 40 10 www.stichtsevecht.nl
2.4.
Beleving van de informatievoorziening
Uit de ambtelijke interviews komt naar voren dat men de raad zo goed en zo snel mogelijk probeert te informeren. De vele detailvragen vragen echter ook capaciteit die schaars is en geven ook het gevoel dat het werk niet goed wordt gedaan. “Kan de politiek niet meer op de hoofdlijnen en kaders focussen? Dan kan de ambtelijke organisatie zich sterker concentreren op de uitvoering van het beleid. De politiek denkt makkelijk over de uitrol, komt veel bij kijken qua participatie, ook in het afhechten van afgeronde projecten”. Uit het interview met raadsleden komt naar voren dat men tevreden is over de frequentie van de informatievoorziening. Ook de informatieve commissies worden gewaardeerd. Inhoudelijk moet de informatievoorziening beter volgens sommigen. Stroken de cijfers wel met de geluiden vanuit de samenleving? Kloppen de cijfers wel? Halen we de doelen, en voeren we daar het debat over? Zijn we in control? Hoe kunnen we sturen op prestaties en kostendekkendheid, ook in relatie tot (AVU-) aanbestedingen? Is omgekeerd inzamelen wel goedkoper? Moeten we niet nog meer inzetten op gedragsverandering? Vanuit de griffie geeft men aan dat afval wel een politiek item is. Er zijn altijd wel klachten. Raadsleden melden zelf ook klachten via FIXI 11. “Het aantal raadsvragen vorig jaar viel mee. Enkele raadsleden werk(t)en in de afvalbranche en stellen ook technische vragen.
Aan de ander kant waren er afgelopen jaar geen zware politieke discussies over de verhoging van de afvalstoffenheffing of over dekking van overschrijdingen in de afvalbegroting in de raad. Mogelijk dat er wel in de commissie over gesproken is. Al met al is de informatiepositie van de raad volgens de griffie verbeterd”. Bestuurlijk begrijpt men beide kanten (zorgvuldig ambtelijk proces en volksvertegenwoordiging): “De participatie bij de uitrol verloopt goed. Afval raakt iedere inwoner en dus komen ervaringen en klachten snel bij raadsleden terecht. De afvalstoffenheffing stijgt structureel, dat voedt discussies over de wijze van inzameling. Terugkijkend duurt de uitrol van omgekeerd inzamelen te lang. Omdat de verwerkingstarieven aan het stijgen zijn nemen de totale kosten nu toe en dat levert bij de inwoner het beeld op dat ze én verder moeten lopen én meer moeten betalen. We moeten meer en beter het waarom uitleggen, meer vanuit de inwoner”. Bevindingen • De (kwaliteit niet de kwantiteit van de) informatievoorziening wordt verschillend beleeft, zowel tussen ambtenaren en raad als binnen de raad. • De informatiepositie van de raad is verbeterd (zie ook hiervoor) maar niet dusdanig dat het leidt tot een debat op hooflijnen.
2.5.
Doorwerking van de aanbevelingen van het vorige onderzoek
De RKC deed n.a.v. het vorige rekenkameronderzoek uit 2014/2015 vier aanbevelingen die we hieronder beschrijven. Bij elke aanbeveling kijken we naar de doorwerking. Neem in de afvalvisie concrete doelstellingen en prioriteiten op De toekomstige afvalvisie kan bijvoorbeeld de landelijke doelstellingen uit het LAP omvatten en eventueel een toepassing van de in het LAP gebruikte afvalhiërarchie (preventie, voorbereiden voor hergebruik, recycling, verbranding en veilige verwijdering). Bevinding • Gerealiseerd. De afvalvisie volgt de hoofdlijnen uit het landelijke beleid en zet in op betere afvalscheiding en het intensiveren van de inzameling van grondstoffen aan de bron. In het grondstoffenplan is deze visie vertaald in concrete doelen per afvalstroom. Hoofdindicatoren zijn de hoeveelheid restafval en het afvalscheidingspercentage.
11
https://website.bewonersstichtsevecht.nl/dossiers/fixi/ (N.B. website is in onderhoud).
Pagina 18 van 65
Endelhovenlaan 1, 3601 GR Maarssen Postbus 1212, 3600 BE Maarssen T 0346 25 40 00 F 0346 25 40 10 www.stichtsevecht.nl
Koppel een uitvoeringsprogramma aan de visie Het is de bedoeling dat de afvalvisie als inhoudelijke basis voor toekomstige beslissingen gaat dienen. Hiervoor moeten ook heldere politieke keuzes worden gemaakt over investeringen in het afvalbeleid gericht op effectiviteit en efficiency van het beleid. De uitkomst hiervan wordt dan gekoppeld aan een (meerjarig) uitvoeringsprogramma, waarbij zowel de inhoud is vastgelegd als de beoogde beleidscyclus staat beschreven. Zonder deze elementen kunnen alleen kleine stapsgewijze verbeteringen worden doorgevoerd. Bevinding • De koppeling is gerealiseerd, de invulling voldoet niet geheel. Er zijn jaarlijkse uitvoeringsprogramma’s, die door het college worden vastgesteld. Die zijn inhoudelijk en niet direct op de beleidscyclus gericht maar bevatten wel realisatiecijfers van de verschillende afvalstromen. De raad wordt zoals gezegd (alleen) indirect met een raadsinformatiebrief over de uitvoeringsprogramma’s geïnformeerd. De raad vraagt zelf niet naar de uitvoeringsprogramma’s. Lever de gemeenteraad sturingsinformatie op basis van doelstellingen in de afvalvisie Momenteel wordt de gemeenteraad niet actief geïnformeerd over de doelbereiking. De afvalvisie zou vergezeld moeten gaan van geoperationaliseerde doelstellingen waaraan de monitoring kan worden opgehangen.
Samen met de gemeenteraad kunnen afspraken worden gemaakt over gewenste meetmomenten, bijvoorbeeld eens per half jaar. Ook de wijze van presentatie kan bijdragen aan de effectiviteit van de informatie. Er is een uitgesproken voorkeur voor een korte, waar mogelijk beeldende presentatievorm. De gemeenteraad wordt dan optimaal gefaciliteerd om – indien gewenst – verdiepende vragen te stellen. Bevinding • Beperkt gerealiseerd. De monitoring richting Raad is opgehangen aan de P&C-cyclus en vindt daar beperkt en op hoofdlijnen plaats (en loopt nu eenmaal een half jaar ‘achter’). Incidenteel was er sprake van een presentatie van verdiepende cijfers. Monitoring van de jaarlijkse hoeveelheden afval/grondstoffen staat in de meest uitgebreide vorm in jaarlijkse uitvoeringsprogramma’s die eerder dan de jaarrekening verschijnen. Deze info gaat echter niet (standaard) naar de raad. Gebruik benchmarks voor extra (politiek) bewustzijn Momenteel wordt geen gebruik gemaakt van benchmarks over de afvalscheiding. Aanbevolen wordt dit wel te doen om zo de bewustwording van de gemeentelijke inspanningen en prestaties bij politiek en inwoners te vergroten. Bevinding • Beperkt gerealiseerd. Er wordt incidenteel een vergelijking gemaakt met het gemiddelde van AVUgemeenten.
2.6.
Beantwoording van de onderzoeksvragen
Tabel 2.2. geeft de beoordeling vanuit het normenkader weer, met een toelichting als aan de norm gedeeltelijk is voldaan of niet is voldaan. Op basis van de bevindingen en de beoordeling beantwoorden we daarna de onderzoekvragen. Tabel 2.2: Beoordeling vanuit het normenkader Norm
Oordeel Toelichting
Het beleid bevat een visie Het beleid bevat helder geformuleerde doelen (SMART 12)
Realisme doelstellingen neemt af
Het beleid is afgestemd op actuele landelijke beleidskaders
12
Specifiek, meetbaar, acceptabel, realistisch en tijdgebonden.
Pagina 19 van 65
Endelhovenlaan 1, 3601 GR Maarssen Postbus 1212, 3600 BE Maarssen T 0346 25 40 00 F 0346 25 40 10 www.stichtsevecht.nl
De raad kreeg de ruimte kaders te stellen voor het beleid De raad heeft het beleid vastgesteld Uitgangspunten beleid nog op het netvlies van de raad en inwoners? Actief, maar niet structureel en/of na vragen vanuit raad
Het beleid is bekend bij betrokkenen De raad wordt actief geïnformeerd over ontwikkelingen rondom het afvalbeleid (ook bij uitvoerende externe partijen) Er is sprake van monitoring en evaluatie van het afvalbeleid Uitkomsten van evaluatie worden gebruikt om het beleid bij te sturen Eventuele informatie uit monitoring en evaluatie bieden de raad voldoende handvatten om het afvalbeleid te sturen
Wel monitoring, geen evaluatie n.t.b. Stuurinformatie is beperkt en wordt niet gebruikt
Onderzoeksvragen 1. Welke visie/beleidsdoelen/effecten heeft de gemeente in haar afvalbeleid geformuleerd? En zijn deze SMART gemaakt? De visie gaat uit van afval als grondstof en het ontmoedigen van het onnodig aanbieden van restafval. Door introductie van omgekeerd inzamelen kan de gemeente de afvalscheiding verbeteren en op termijn besparen op de kosten van de afvalinzameling. Doelstelling is 75% bronscheiding van alle huishoudelijke afvalstoffen en 90% bronscheiding van al het grofvuil. Aan het eind van de beleidsperiode: maximaal 75 kg per inwoner per jaar aan huishoudelijk restafval en maximaal 10 kilo per inwoner per jaar aan ongescheiden grofvuil. Ook voor de verschillende scheidingsfracties zijn heldere doelstellingen opgenomen. De beleidsdoelen en effecten zijn SMART geoperationaliseerd. Een belangrijke vraag is wel of de doelstellingen op dit moment nog realistisch zijn. De (vorige) raad heeft het beleid unaniem vastgesteld waarbij ruimte was voor kaderstelling. Een deel van de raad lijkt het vertrouwen in het beleid (de verdere uitrol van omgekeerd inzamelen) inmiddels gedeeltelijk te hebben verloren.
De vraag daarbij is ook of de oorspronkelijke beleidsuitgangspunten bij iedereen nog scherp op het netvlies staan of dat de aandacht bijvoorbeeld meer uitgaat naar technische en aanbestedingszaken, de stijgende kosten, de discussie over bron- en nascheiding of over voldoende voorlichting vanuit de gemeente. 2. Voldoet het gemeentelijk afvalbeleid aan landelijke beleidskaders? De doelen in de Afvalvisie en het grondstoffenplan zijn gebaseerd op de doelen uit het landelijke beleid, zoals opgenomen in het landelijke VANG-programma (van Afval naar Grondstof). De gekozen uitgangspunten (bronscheiding) en inzamelstrategie (omgekeerd inzamelen) zijn in lijn daarmee. 3. Wordt het bereiken van de beleidsdoelen (in de uitvoering) gemonitord? De uitvoering wordt gemonitord en gerapporteerd in het jaarlijkse uitvoeringsprogramma. Er is geen formele tussentijdse evaluatie uitgevoerd. Praktijkervaringen worden wel gebruikt om de uitrol te verbeteren (zie hoofdstuk 3). 4. Wordt de gemeenteraad geïnformeerd over beleid en uitvoering en over het bereiken van de beleidsdoelen? De raad wordt actief geïnformeerd over beleid en uitvoering. Over het bereiken van de beleidsdoelen wordt de raad incidenteel geïnformeerd.
Wel krijgt de raad via de P&C-cyclus ieder jaar informatie over doelbereiking van een van de twee hoofddoelstellingen (mate waarin reductie fijn restafval per inwoner wordt gerealiseerd). Die stuurinformatie is beperkt en wordt door de raad ook niet gebruikt om het beleid eventueel bij te stellen. 5. Is er opvolging gegeven aan de aanbevelingen van het rapport ‘Visie op afval Stichtse Vecht’ uit 2015? Ja, als het gaat om de aanwezigheid van doelstellingen, uitvoeringsprogramma’s en monitoring van Pagina 20 van 65
Endelhovenlaan 1, 3601 GR Maarssen Postbus 1212, 3600 BE Maarssen T 0346 25 40 00 F 0346 25 40 10 www.stichtsevecht.nl
afvalhoeveelheden. Nee, als het gaat om de PDCA 13 beleidscyclus. Die functioneert onvoldoende, ontbeert benchmarkinformatie, scherpe analyses t.a.v. doelrealisatie en bijstuurmogelijkheden en is voor de raad ook onvoldoende transparant.
13
Plan-Do-Check-Act.
Pagina 21 van 65
Endelhovenlaan 1, 3601 GR Maarssen Postbus 1212, 3600 BE Maarssen T 0346 25 40 00 F 0346 25 40 10 www.stichtsevecht.nl
3. Uitvoering en middelen 3.1.
Inleiding
3.2.
Interne organisatie
In dit hoofdstuk kijken we naar de organisatie en uitvoering van het gemeentelijk afvalbeheer, welke (financiële) middelen daarmee zijn gemoeid en welke ontwikkelingen zich op dit vlak voordoen. Daarom kijken we ook naar de toekomstgerichtheid van de afvalorganisatie. Het hoofdstuk sluit af met de beantwoording van de onderzoeksvragen mede in relatie tot de toetsing aan de normen. Het gemeentelijk afvalbeleid is ambtelijk ondergebracht bij de afdeling Economie en Duurzaamheid (kernteam afval en milieu). Naast twee (senior) beleidsmedewerkers (1,1 fte in totaal) is er een uitvoerend beleidsmedewerker (1 fte), die de uitvoering aanstuurt en het contractbeheer regelt en een toezichthouder (0,5 fte sinds 2020). Vanuit het concern is er een financieel consulent die ondersteunt bij de rapportages, begroting en verantwoording. De vaste personeelskosten worden als onderdeel van de post organisatiekosten doorbelast in de afvalstoffenheffing. Aanvullend op deze vaste bezetting worden er 4 medewerkers (2 fte in totaal) ingehuurd voor de implementatie van omgekeerd inzamelen: 2 afvalcoaches, een technisch projectmedewerker en een communicatiespecialist, die de invoering van omgekeerd inzamelen helpt begeleiden. Deze inhuur wordt bekostigd uit de verschillende investeringskredieten die met het omgekeerd inzamelen te maken hebben.
De kapitaallasten hiervan worden doorbelast via de afvalstoffenheffing. Bevindingen • De ambtelijke capaciteit is kwalitatief op orde, zowel op beleidsmatig vlak als op het gebied van het contractbeheer. Het team is deskundig en toegewijd. Dit beeld komt ook terug vanuit externe partners. Uit de ambtelijke interviews komt zoals eerder gezegd wel naar voren dat men de handen vol heeft aan de uitrol van het omgekeerd inzamelen en de participatie daarbij en dat dat ten koste gaat van de beleidstaken. • Er is sprake van een adequate bemensing binnen zowel het kernteam afval en milieu als bij de projectorganisatie invoering omgekeerd inzamelen.