CConstaterende datStein
Koppel je AI →
Document · PDF

Programmabegroting 2023-2026.pdf

Besluitvormende raadsvergadering 10 november 2022, gemeente SteinBij agendapunt: Raadsvoorstel inzake Programmabegroting 2022-202635.402 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 5

Gebiedsgerichte aanpak WAP Nieuwdorp Samen met de inwoners werken gemeente Stein, woonstichting Zaam Wonen, Stichting Buurtcentrum Nieuwdorp en DOP Stein sinds 2019 gezamenlijk aan een ‘Wijkactieprogramma Toekomstbestendig Nieuwdorp’ (kortweg WAP Nieuwdorp) voor de Steinse parochie-wijk Nieuwdorp. Er zijn met de bewoners vier thema’s/projecten vastgesteld die de komende jaren samen worden uitgewerkt. Dit zijn: 1. Het toekomstbestendig maken van het zuidoostelijk kwadrant van de wijk middels een integrale aanpak; 2. Het realiseren van een bruisend hart van de wijk met een bundeling van commerciële, maatschappelijke en woonfuncties; 3. De aanpak van de sociale problematieken in de wijk waarbij geïnvesteerd wordt in de kracht en meer zelfredzaamheid van bewoners, huishoudens en gezinnen;

45

4. De duurzaamheidsaanpak die betrekking heeft op energetische verduurzaming en de levensloopbestendigheid van de woningvoorraad en aanwezige overige gebouwen. Om uitvoering te geven aan het eerste en het vierde project wil woonstichting Zaam Wonen hun (sociaal) woningbezit in de wijk toekomstig maken middels inponden, renoveren en herstructureren. Vanuit het Volkshuisvestingsfonds is een subsidiebedrag van € 1,6 miljoen toegekend als bijdrage in de kosten bij deelname (door de woningeigenaren) aan een projectmatige woningisolatie van het particulier woningbezit, gespikkeld gelegen in deze buurt. Tegelijkertijd is er de uitdaging om de versteende straatprofielen (met weinig licht, lucht en groen en veel parkeren op de straat) en de verloederde achter- en brandpaden aan te pakken. De gebiedsgerichte aanpak van de openbare ruimte komt voor rekening van de gemeente. De geraamde voorbereidings- en uitvoeringskosten zijn per 2022 opgenomen in de meerjarenbegroting. Vanwege de (unieke) integrale aanpak dient de uitvoering van de (voorbereidings-)werkzaamheden van Zaam Wonen en gemeente zorgvuldig op elkaar afgestemd te worden. Voor de uitvoering van het tweede project werken partijen (gemeente, Zaam Wonen, Stichting buurtcentrum Nieuwdorp en Vivantes) momenteel aan de projectscope van Bruisend Hart. Dit project voorziet in realisering van o.a.

(huur- en zorg)woningen en een nieuw buurtcentrum. De locatie van de voormalige basisschool maakt hier onderdeel van uit. Voor het project Bruisend Hart zal in 2023 een grondexploitatie worden opgesteld. Milieuleges omgevingsvergunningen Zodra de Omgevingswet inwerking treedt krijgen we als bevoegd gezag de mogelijkheid om leges te heffen over de besluiten voor omgevingsvergunningen ‘milieu’, hierna te noemen milieuleges. Het heffen van milieuleges wordt opgenomen in onze legesverordening zodat de juridische grondslag geborgd is. De te verwachten legesopbrengsten (voor 2023 ingeschat op € 34.000, gebaseerd op verwachte aantallen zoals door de RUD ZL is aangegeven) zijn in de begroting verwerkt.

Wat gaat het kosten ? Ruimtelijke ordening en volkshuisvestiging

Rekening Begroting Begroting

(x € 1.000)

2021

2022

2023

Meerjarenraming 2024

2025

2026

Lasten

2.018

6.458

10.251

2.608

1.560

1.558

Baten

1.127

4.646

9.075

1.657

576

579

Resultaat

-891

-1.812

-1.176

-951

-984

-979

Relevante afwijkingen tussen begroting 2022 en begroting 2023

Bedrag x € 1.000

Implementatie Omgevingswet In 2023 zijn de kosten voor de implementatie van de Omgevingswet lager dan in 2023. Plankosten In 2022 is rekening gehouden met de incidentele kosten voor de partiële herziening van Bramert-Noord In de begroting 2022 is een incidentele investeringsbijdrage voor de St Jozefskerk in Kerensheide opgenomen. Vergunningen Handhaving en Toezicht

233

-23 135

46

In verband met toerekening aan het juiste taakveld en programma zijn de lasten van applicaties VTH verschoven van het programma bestuur en ondersteuning naar dit programma. Dit is dus budgetneutraal. Woonwagenlocaties In 2023 zijn de kosten voor het wegwerken van achterstallig onderhoud aan de sanitaire units hoger dan in 2022 In 2023 zijn minder lasten voor woonwagenlocaties in verband met overdracht van de standplaatsen. Volkshuisvesting

-78

-80 104

Hogere onderzoekskosten volkshuisvesting in 2023. Bouwgrondexploitaties

-115

Lagere kosten bouwgrondexploitaties in 2023.

535

47

Bestuur en ondersteuning en algemene dekkingsmiddelen Inleiding

Het programma bestuur en ondersteuning heeft een relatie met de kernwaarde sociale en vitale kernen en de strategische keuze 'van regisseren naar meer stimuleren en faciliteren' in het bijzonder. Om het actief eigenaarschap van inwoners en ondernemers verder te stimuleren zoals wij in onze strategische toekomstvisie hebben vastgelegd, betekent dit een verandering in onze rol en taakopvatting. Hiervoor is zowel vanuit het bestuur als de ambtelijke organisatie daadkracht en bestuurskracht nodig. Daarnaast stemmen we met het oog op de flexibele 24/7 maatschappij onze dienstverlening steeds meer af op deze behoefte aan flexibiliteit van onze inwoners. In het kader van de strategische keuze 'het stimuleren van actief eigenaarschap van inwoners en ondernemers' willen wij ook meer kennis en expertise van onze inwoners, ondernemers en maatschappelijke organisaties, onderwijs en kennisinstellingen naar binnen halen en deze verbinden met de kennis en expertise van onze eigen organisatie. (Regionale) samenwerking is in de toekomst van groot belang om de kracht van Stein te behouden en onze kernen sociaal en vitaal te houden.

Taakvelden

Dit programma omvat de taakvelden: 0.1 Bestuur 0.2 Burgerzaken 0.3 Beheer overige gebouwen en gronden 0.4 Overhead 0.5 Treasury 0.6 Belastingen (OZB, parkeerbelasting, overige belastingen) 0.7 Algemene uitkering en overige uitkeringen gemeentefonds 0.8 Overige baten en lasten 0.9 Vennootschapsbelasting 0.10 Mutaties reserves 0.11 Resultaat van de rekening

Wat willen we bereiken ?

Een zelfstandige gemeente die financieel gezond is, communicatief sterk en dienstverlenend handelt naar haar inwoners en ondernemers. We willen de samenwerking in de regio verder aanhalen en versterken.

Bezuinigingen Bezuinigingen Terugdraaien extra formatie college (bestuursakkoord) Besparing op inkoop (bestuursakkoord) Totaal programma Bestuur

2023

2024

2025 50.000 50.000

2026 44.000 75.000 119.000

Wat gaan we er voor doen? Bestuur Gemeenteraad Na de verkiezingen in 2022 is een nieuwe coalitie gevormd bestaande uit de partijen DOS, SB en VVD. De raad heeft het coalitieprogramma 'Duurzaam bouwen met vertrouwen' in meerderheid vastgesteld. Het is aan de raad de vertaling van het programma in de begroting van 2023 en volgende jaren te verankeren.

48

De gevolgen van de oorlog in Oekraïne zullen ook in 2023 op sociaal en financieel vlak voelbaar blijven. De raad is en blijft actief betrokken bij de maatregelen die lokaal genomen moeten worden om de gevolgen van de crisis het hoofd te bieden en de koers te bepalen. College B&W In het bestuursakkoord 2022-2026 is besloten om het terugbrengen van de wethouders formatie in 2022, door te schuiven naar 2026. Pensioenverplichtingen (oud)wethouders Voor het betalen van (toekomstige) pensioenen van (voormalige) bestuurders is de voorziening pensioenverplichtingen (oud) wethouders gevormd. De voorziening zal begin 2023, indien dan noodzakelijk blijkt, worden geactualiseerd op basis van het van PROAmbt te ontvangen financieel jaarverslag 2022. Wethoudersuitkeringen De voorziening uitkering gewezen wethouders is gevormd met als doel jaarlijkse schommelingen in de uitkeringen aan gewezen wethouders te egaliseren en is gebaseerd op bestaande feiten en inzichten. Indien zich mutaties binnen het college van burgemeester en wethouders voordoen zal de voorziening op de hiervoor bestemde momenten in de P&C cyclus worden geactualiseerd. Indien zich in 2023 mutaties binnen het college van burgemeester en wethouders voordoen zal de voorziening op de hiervoor bestemde momenten worden geactualiseerd.

Regionale samenwerking Op Zuid-Limburgse schaal hebben wij samen met de andere vijftien gemeenten verdere stappen gezet om de positionering en uitvoeringskracht van de regio te versterken. Denk hierbij aan de samenwerking in het Nationale Omgevingsvisie Experiment (NOVEX) gebied Zuid-Limburg, Economische Samenwerking Zuid-Limburg (ESZL) en deelname aan een onderzoek naar de samenwerking binnen het bestuurlijk ecosysteem Zuid-Limburg. Daarnaast vindt binnen verschillende taakvelden samenwerking plaats binnen de Westelijke Mijnstreek. Samen met de gemeenten Beekdaelen, Voerendaal, Simpelveld, Valkenburg aan de Geul, Meerssen, Eijsden-Margraten, Gulpen-Wittem en Vaals geven wij uitvoering aan het Uitvoeringsprogramma voor het Middengebied (‘Van Groen hart tot groene long’).

Burgerzaken Verkiezingen Met de aanpassingen in de Kieswet per 1 januari 2023 is Centrale Stem Opneming verplicht voor gemeenten. Gemeente Stein heeft al ervaring mogen op doen met deze methode van stemopneming in voorgaande jaren. Deze Centrale Stem Opneming brengt meer organisatie capaciteit en kosten met zich mee. De budget voor verkiezingen is daarom opgehoogd met €9.300. Het Ministerie BZK verstrekt een hogere vergoeding voor verkiezingen via het gemeentefonds om Centrale Stem Opneming te bekostigen. Op basis van de vergoeding in de voorgaande twee jaren verwachten wij dat deze vergoeding de kosten dekt. Ook dient rekening gehouden te worden met mogelijk aanvullende wijzigingen in de Kieswet die invloed hebben op de organisatie capaciteit en kosten voor verkiezingen. Denk hierbij aan de mogelijkheid tot vervroegd stemmen in het stemlokaal (Wetsvoorstel: 36047 Wet vervroegd stemmen in het stemlokaal). Met het effect van deze mogelijke wetswijzigingen is in deze begroting nog geen rekening gehouden omdat hierover nog geen besluit genomen is door de Tweede Kamer. Digitaal aanvragen rijbewijzen In 2023 wordt het digitaal aanvragen van rijbewijzen toegevoegd aan de dienstverlening van de gemeente Stein. Voor de digitale aanvragen ontvangen we geen inkomsten aan de aanvraag balie. Wel ontvangen we inkomsten voor de uitreiking van deze digitaal aangevraagde rijbewijzen.

Wij schatten in dat rond de 19% van de rijbewijzen digitaal wordt aangevraagd, dit komt neer op ongeveer 400 rijbewijzen per jaar.

49

Begraafplaatsen Vanaf 2023 wordt niet alleen jaarlijks bovengronds geruimd, maar ook ondergronds. De reden hiervoor is gelegen in het feit dat steeds minder grafrechten worden verlengd waardoor het aantal te ruimen graven toeneemt. Er is gekozen om deze ondergrondse ruimingen te spreiden over de jaren 2023-2026 zodat jaarlijks alles geruimd wordt (boven- en ondergronds) en de kosten evenredig worden gespreid.

Overhead In het BBV wordt overhead gedefinieerd als 'alle kosten die samenhangen met de sturing en ondersteuning van het primaire proces'. Deze definitie omvat onder andere elementen die via de gangbare definitie uit 'Vensters voor Bedrijfsvoering' tot overheadkosten kunnen worden gerekend, maar beperkt zich daar niet toe. Naast de loonkosten van de zogenaamde PIOFACH-functies in de definitie van 'Vensters voor Bedrijfsvoering', omvat de in de BBV-definitie bedoelde overhead ook de ICT-kosten van alle PIOFACH-systemen, alle ambtelijke huisvestingskosten, alle uitbestedingskosten bedrijfsvoering en naar rato de rentekosten die niet zijn toe te delen aan de programma's of taakvelden in het primaire proces. (NB: PIOFACH staat voor de functies personeel, informatievoorziening, organisatie, financiën, automatisering, communicatie en huisvesting) In de 'Notitie overhead' van de commissie BBV wordt dieper ingegaan op de onderscheiden componenten van overhead.

Voor wat betreft het personeel behoren tot de overhead de kosten voor: • de leidinggevenden in het primaire proces; • de medewerkers van financiën, toezicht en controle gericht op de eigen organisatie; • de medewerkers van P&O; • de medewerkers van inkoop; • interne en externe communicatiemedewerkers, met uitzondering van klantcommunicatie; • de medewerkers van juridische zaken; • de medewerkers van bestuurszaken en bestuursondersteuning; • de medewerkers van informatievoorziening en automatisering; • de medewerkers van facilitaire zaken en huisvesting; • de medewerkers bezig met postbehandeling en archivering; • managementondersteuning in het primaire proces. Naast de personele kosten van bovenstaande medewerkers behoren ook tot de overhead: • de kosten voor de huisvesting voor de uitvoering van de algemene taken van de eigen gemeentelijke organisatie • de personele kosten van medewerkers die niet eerder genoemd zijn, maar die werkzaamheden verrichten die niet zijn toe te rekenen aan een of meerdere taakvelden; • de verzekeringskosten en opleidingskosten voor personeel; • de bijdrage aan een verbonden partij, voor zover deze verbonden partij werkzaam is voor het taakveld 0.4 overhead. De uitkomsten voor de gemeente Stein van de voorgeschreven werkwijze zijn in onderstaande grafiek opgenomen:

50

De gemeente is vrij in de wijze waarop overhead aan heffingen wordt doorberekend. Omdat bij de toerekening van overhead altijd sprake is van arbitraire keuzes, is een relatief eenvoudige methode goed te rechtvaardigen. In de begroting 2023 is uitgegaan van het toerekenen van overhead aan de heffingen op basis van de omvang van het betreffende taakveld. Het opslagpercentage wordt dan als volgt berekend: Overhead/totale lasten taakvelden excl overhead excl mutatie reserves excl grex= opslagpercentage Op basis van de begroting van de gemeente Stein is de opslag voor 2023 berekend op 14,1%.* Overhead

Lasten taakvelden

Opslag %

€ 8.406.170

€ 59.704.970

14,1

* peildatum cijfers 15-08-2022

Informatiebeveiliging en privacy Informatiebeveiliging en privacy spelen een belangrijke rol bij de uitvoering van de gemeentelijke taak. Beide zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden. Gemeente Stein heeft op dit vlak een maatschappelijke verantwoordelijkheid en hecht veel belang aan het beschermen van de privacy van haar burgers. Een hoge betrouwbaarheid van de informatievoorziening zorgt voor een betrouwbare dienstverlening en maakt efficiënt werken mogelijk. Wij houden ons hierbij aan de Algemene Verordening Gegevensbescherming, de Uitvoeringswet Algemene Verordening Gegevensbescherming, de Baseline Informatiebeveiliging Overheid en de Wet Politiegegevens. Er wordt veelvuldig gebruik gemaakt van de mogelijkheden van informatie-uitwisseling. Voor gemeenten is het dan ook noodzakelijk om de beveiliging van informatie professioneel te organiseren. Informatie moet immers beschikbaar en integer (betrouwbaar) zijn en mag alleen door bevoegden zijn in te zien (vertrouwelijk). Bij de uitwisseling van informatie moeten gemeenten voldoende rekening houden met beveiligings- en privacyaspecten. Wij hebben dit geborgd in ons privacy- en informatiebeveiligingsbeleid. Voor 2023 wordt er verder hard aan gewerkt om de ‘privacy-volwassenheid’ binnen de gemeente naar een hoger niveau te tillen.

Blijvende aandacht is nodig om privacy op een natuurlijke manier tot de organisatiecultuur te laten behoren. Zo wordt wegens de vernieuwde verplichting tot het actief openbaar maken van documenten ingezet op het anonimiseren van persoonsgegevens, blijven medewerkers als onderdeel van de bewustwordingscampagne continue geïnformeerd worden over een veilige omgang met persoonsgegevens en zal 2023 in het teken staan van monitoring waaronder de borging van het jaarlijks uitvoeren van pentesten.

51

ENSIA Audit Ieder jaar verantwoorden wij ons middels ENSIA (Eenduidige Normatiek Single Information Audit) over informatieveiligheid in relatie tot de gemeentelijke domeinen en basisregistraties. Mogelijke aanbevelingen uit de audit zullen worden verwerkt in een verbeterplan en worden opgepakt zoals dit ook voorgaande jaren is gedaan. Het college legt, net als voorgaande jaren, middels een collegeverklaring verantwoording af.

Privacy Audit Wet Politiegegevens Buitengewoon opsporingsambtenaren (boa’s) voeren in verschillende domeinen toezicht- en handhavingstaken uit die vallen onder de opsporingsbevoegdheid. De Wet Politiegegevens (Wpg) bevat de verplichting een privacy audit Wpg uit te voeren voor het gebruik van politiegegevens door de boa’s. In de audit wordt onderzocht in welke mate de opzet, bestaan en werking van de verplichtingen uit de Wpg zijn gerealiseerd. De eerste privacy audit over 2021 is in 2022 uitgevoerd. Aanbevelingen uit de audit worden in een verbeterplan verwerkt en opgepakt. Gemeente Stein draagt er zorg voor dat, mede ter voorbereiding op de 4 jaarlijkse externe Wpg audit (uitgevoerd door een onafhankelijke IT-auditor), tenminste jaarlijks een interne audit plaatsvindt. Wet Open Overheid De verplichting tot actief publiceren in de landelijke voorziening PLOOI: Voor de verplichte actieve publicatie van elf categorieën overheidsdocumenten in de landelijke voorziening PLOOI is nog geen ingangsdatum bekend. Vooralsnog zal men starten met soort pilot/proeftuin voor de volgende vier categorieën documenten: (1) bereikbaarheidsgegevens (2) vergaderstukken (3) convenanten en (4) woo-verzoeken. De informatiehuishouding op orde: Op dit gebied komt er heel veel op de afdeling bedrijfsvoering (DIV/ICT) af.

• Wet open overheid: actieve informatieplicht (zie hierboven) • Wet digitalisering overheid: de ICT-infrastructuur beveiligen • Wet modernisering elektronisch bestuurlijk verkeer: de digitale snelweg voor de burger moet nu echt open’ • Wet elektronische publicaties: besluitvorming zoveel mogelijk elektronisch bekendmaken (gebeurt nu al voor een groot gedeelte) • de nieuwe archiefwet: introduceert de digitale archivering (naast de huidige ‘papieren’ archivering) Informatiebeleid Gekeken is naar de projecten die wettelijk verplicht zijn voor 2023 en naar andere projecten die in 2023 uitgevoerd moeten worden. Naar aanleiding hiervan is gekeken naar het benodigde budget om deze projecten te kunnen uitvoeren. In 2023 zal het informatiebeleid opnieuw meerjarig worden opgesteld, waarbij ook de budgetten voor de komende jaren verder zullen worden uitgewerkt. In de huidige begroting is wel al inschatting gemaakt voor het benodigde budget voor de komende jaren. Communicatie Visie Communicatie moet bijdragen aan het realiseren van de strategische toekomstvisie van de gemeente en de diverse beleidsdoelstellingen die daaraan gerelateerd zijn. Om hieraan tegemoet te komen voert het taakveld communicatie volgens haar visie op communicatie 2018-2022 (waarvoor in het bestuursakkoord 2022-2026 structureel € 45.000 beschikbaar is gesteld) de regie op de volgende aandachtsgebieden: 1.

Het promoten van de gemeente Stein als een aantrekkelijke gemeente om te wonen, ondernemen en om in te recreëren. 2. Politiek dichter bij de inwoners brengen (=raadscommunicatie).

52

3. Het positioneren, adviseren en daar waar gewenst (operationeel) ondersteunen van het college van b&w. 4. Het adviseren en daar waar nodig (operationeel) ondersteunen van de voltallige ambtelijke organisatie, waarbij projecten en dossiers op een juiste manier worden gepositioneerd. 5. Het beheren van álle communicatiekanalen van de gemeente Stein. 6. Het communicatief vaardiger maken van de ambtelijke organisatie. 7. Het optimaliseren van de interne communicatie. 8. Het op sleeptouw nemen van de organisatie bij een meer van ‘buiten naar binnen’ gerichte benadering. 9. Het ondersteunen bij de optimalisering van de dienstverlening richting inwoners aan de hand van visie op dienstverlening. Uitvoering Alle zaken uit de uitvoeringsagenda die bij deze visie horen, zijn opgepakt of aangezet. Zo is als laatste actiepunt ook de interne Direct Duidelijk campagne in 2022 van start gegaan en loopt deze in 2023 en de jaren daarop door. In 2023 zal daarom met name worden gewerkt aan een nieuwe visie. In de uitvoeringsagenda van die nieuwe visie zal het extra toegekende budget uit het bestuursakkoord ook een duidelijke plek krijgen. Bij de inventarisatie en prioritering van wensen voor deze visie op communicatie 2023-2027, zal ook uw raad een duidelijke rol krijgen.

In tegenstelling tot de vorige keer zal voor de zomer van 2023 de nieuwe visie op communicatie aan uw raad worden voorgelegd om vast te stellen.

Treasury Saldo financieringsfunctie Dit betreft voornamelijk het saldo van de rente over de eigen financieringsmiddelen en het saldo van de toegerekende rente aan de producten van de programma's. Rekening Begroting Begroting 2021 (x € 1.000)

2022

2023

Meerjarenraming 2024

2025

2026

Saldo financieringsfunctie

411

-41

0

0

0

0

Totaal

411

-41

0

0

0

0

Opbrengst uit beleggingen De gemeente heeft aandelen in vennootschappen. Door enkele vennootschappen wordt dividend uitgekeerd. In onderstaand overzicht is een specificatie van de belangrijkste baten (dividend) en lasten van de aandelen opgenomen. Rekening Begroting Begroting (x € 1.000)

2021

2022

2023

Meerjarenraming 2024

2025

2026

Dividend Enexis en B.N.G.

266

341

274

274

274

274

Rentelasten beleggingen

-13

9

-11

-11

-11

-11

Totaal

253

332

263

263

263

263

Dividend aandelen Enexis en BNG: Bij de berekening van het dividend van Enexis is in de begroting 2023 en in de meerjarenraming 2024-2026 rekening gehouden met een bedrag van € 0,50 per aandeel. Bij de berekening van het dividend van BNG is in de begroting 2023 en in de meerjarenraming 2024-2026 rekening gehouden met een bedrag van € 2,28 per aandeel.

53

Rentelasten beleggingen: De aandelen van de beleggingen zijn als activa op de balans opgenomen. Van activa worden rentelasten aan de exploitatie doorberekend.

Belastingen Dit subtaakveld betreft de belastingen OZB en hondenbelasting. Rekening Begroting Begroting 2021 (x € 1.000)

2022

Meerjarenraming

2023

2024

2025

2026

OZB woningen

3.796

3.822

3.922

4.024

4.129

4.236

OZB niet-woningen

1.943

2.000

2.139

2.088

2.141

2.210

Belastingen overig

35

60

26

39

38

38

5.774

5.882

6.087

6.151

6.309

6.484

Totaal

Algemene uitkering Het gemeentefonds is een fonds op de rijksbegroting waaruit de gemeenten jaarlijks een algemene uitkering ontvangen. Met deze uitkering moeten gemeenten hun taken vervullen, minimaal op het niveau zoals dit door de wet wordt voorgeschreven. Ook wordt hiermee het bestuurlijke en ambtelijke apparaat in stand gehouden. Van verschillende ministeries krijgen gemeenten daarnaast specifieke uitkeringen om specifieke taken te vervullen. In de besteding van de algemene uitkering is de gemeente vrij. Wel staan hier wettelijke taken tegenover. Over de besteding hoeft geen verantwoording aan het Rijk te worden afgelegd. De algemene uitkering is voor gemeenten de belangrijkste vrij besteedbare inkomstenbron. De gegevens die in deze begroting zijn opgenomen ten aanzien van het gemeentefonds zijn gebaseerd op de gegevens uit de mei circulaire 2022. Rekening Begroting Begroting € x 1.000

2021

Algemene uitkering

2022

2023

Meerjarenraming 2024

2025

2026

36.864

41.010

43.127

43.973

46.622

44.194

2.988

2.818

2.551

2.379

2.259

2.032

Voogdij 18 plus

780

494

0

0

0

0

Wet inburgering

50

93

0

0

0

0

Brede school comb.functies

106

106

106

106

106

106

VTH provinciale taken

149

149

149

149

149

149

Voorschoolse voorz. peuters

38

32

32

32

32

32

Armoedebestrijding kinderen

78

70

69

69

69

69

Einde lening inburgeringsplichtig

5

3

0

0

0

0

Maatschappelijke begeleiding

19

0

0

0

0

0

Integratie uitkeringen Participatie

Decentralisatie uitkeringen

54

Brede aanpak Dak-thuisloosheid

32

0

0

0

0

0

Gezond in de Stad

7

13

0

0

0

0

Extra kosten verkiezingen

38

55

0

0

0

0

Centrale stemopneming

12

10

0

0

0

0

Heroriëntatie zelfstandigen

7

0

0

0

0

0

Cultuurmiddelen

119

0

0

0

0

0

Jeugd aan zet

10

0

0

0

0

0

Inkomstenderving corona

430

0

0

0

0

0

Versterking omgevingsveiligheidsdiensten

7

7

7

7

0

0

Uitvoering klimaatakkoord

0

204

0

0

0

0

Extra capaciteit BOA's

0

33

33

33

33

33

Algemene uitkering voorgaande jaren

96

0

0

0

0

0

41.835

45.097

46.074

46.748

49.271

46.615

Totaal

Jeugdzorg Naast bovengenoemde bedragen heeft er ook nog een wijziging plaatsgevonden in de stelpost Jeugd ‘extra middelen’. Jeugdmiddelen in meerjarenraming Rijk en VNG werken aan de Hervormingsagenda jeugdzorg. Deze zal naar verwachting eind 2022 afgerond worden. Vooruitlopend hierop zijn voor de jaren 2022 en 2023 reeds aanvullende, incidentele middelen toegevoegd aan het gemeentefonds, in lijn met de financiële reeks van de uitspraak van de Commissie van Wijzen (CvW). Naast de besparingsopgave die volgt uit de uitspraak van de CvW heeft het kabinet besloten tot het realiseren van een aanvullende besparing van structureel € 511 miljoen, welke een Rijksverantwoordelijkheid is gemaakt. Concreet betekent dit dat het aan de Rijksoverheid is om de besparing in te vullen met (wettelijke) maatregelen. Het gaat daarbij om maatregelen waardoor gemeenten minder middelen nodig hebben of waarbij alternatieve inkomsten gegenereerd worden (bv door middel van de invoering van een eigen bijdrage). Ook draagt het Rijk het budgettaire risico ingeval (een deel van) deze maatregelen geen of niet tijdig doorgang vinden. Partijen erkennen de noodzaak om op deze ontwikkelingen te anticiperen en aanvullende afspraken te maken ten aanzien van de te verwachten ruimte in de gemeentelijke begroting aanvullend op de meicirculaire.

Daarom is er met de Provincie een afspraak gemaakt voor welke middelen de gemeenten een stelpost mogen opnemen. Samenvattend betekent dit het volgende op totaal niveau: Bedragen in €

Lager te ramen uitgaven Extra nog te ontvangen rijksmiddelen Totaal op te nemen stelpost

2024 100 miljoen 1.265 miljoen 1.365 miljoen

2025 500 miljoen 758 miljoen

2026 500 miljoen 367 miljoen

1.258 miljoen

867 miljoen

Dit betekent dat in de begroting van de gemeente Stein conform bovenstaande een stelpost is opgenomen, die als volgt is opgebouwd: Bedragen in €

Lager te ramen uitgaven

2024 145.467

2025 727.335

2026 727.335

55

Extra ontvangsten rijksmiddelen Totale hoogte stelpost gemeente Stein Intrekken stelpost 'nog te ontvangen rijksmiddelen' (begroting 2022) Effect op de begroting

1.840.000 1.987.491 -1.291.000

1.102.000 1.831.360 -1.190.000

533.864 1.263.225 -1.190.000

696.491

641.360

73.225

Overige baten en lasten Stelposten Mutaties stelposten

Begroting 2023

(x € 1.000)

Meerjarenraming 2024

2025

2026

Stelpost loonstijgingen

-220

-441

-662

-884

Stelpost prijscompensatie

-347

-340

-380

-366

Stelpost participatiebedrijf

0

37

87

112

Stelpost inkoop

0

0

50

75

Stelpost bezuinigingen accommodaties

-4

-4

-4

-4

Stelpost herbezetting OR

-33

-33

-34

-35

Stelpost verkoop verlof

-41

-41

-42

-43

Stelpost flexibele beloning

-29

-29

-30

-30

Stelpost onderuitputting BCF plafond

180

180

180

180

Stelpost ziek en piekpot

-318

-324

-331

-337

Stelpost formatie College

0

0

0

44

Stelpost taxaties verzekerde objecten

0

0

-10

0

Stelpost Jeugd extra middelen

0

1.985

1.829

1.261

-810

990

654

-26

Totaal Onvoorzien

Rekening Begroting Begroting 2021

Onvoorzien Totaal

(x € 1.000)

2022

2023

Meerjarenraming 2024

2025

2026

0

-25

-25

-25

-25

-25

0

-25

-25

-25

-25

-25

56

Mutaties reserves Voor een totaal overzicht van de mutaties reserves verwijzen wij naar de financiële begroting. Rekening Begroting Begroting Meerjarenraming 2021

Mutaties reserves Totaal

(x € 1.000)

2022

2023

2024

2025

2026

1.468

5.182

903

344

285

265

1.468

5.182

903

344

285

265

57

Algemene dekkingsmiddelen

In deze tabel worden baten en de daaraan gerelateerde lasten toegelicht, die géén directe relatie hebben met de diverse programma's. Rekening Begroting Begroting 2021 (x € 1.000)

2022

2023

Meerjarenraming 2024

2025

2026

Lokale heffingen

5.774

5.882

6.087

6.151

6.309

6.484

Algemene uitkeringen

41.836

45.129

46.254

48.913

51.280

48.057

Dividend

253

332

263

263

263

263

Saldo financieringsfunctie

411

-41

0

0

0

0

Overige algemene dekkingsmiddelen Totaal (incl. mutaties reserves)

761

-561

-490

-683

-876

-1.040

49.035

50.741

52.115

54.645

56.976

53.764

Relatie verbonden partij met realisatie programma Verbonden partij

Samenwerkingsvorm GR

BsGW

Wat is de bijdrage aan dit programma? Het een zo groot mogelijk maatschappelijk rendement halen uit samenwerking tussen lokale overheden op gebied van belastingheffing eninning.

BNG

Privaat

Het genereren van extra inkomsten voor de gemeente uit eventueel verkregen dividend.

Enexis Holding

Privaat

Het genereren van extra inkomsten voor de gemeente uit eventueel verkregen dividend.

Waterleidingmaatschappij Limburg NV

Privaat

Wat gaat het kosten ? Baten en lasten Bestuur en ondersteuning (x € 1.000)

Rekening Begroting Begroting 2021

2022

2023

Meerjarenraming 2024

2025

2026

Lasten

11.942

17.188

13.186

13.355

13.468

13.888

Baten

49.928

54.935

53.865

56.651

59.200

56.192

Saldo van baten en lasten

37.987

37.747

40.678

43.297

45.732

42.304

58

Toevoeging reserves

5.570

471

1.738

20

Onttrekking reserves

7.038

5.653

2.640

363

285

265

39.454

42.929

41.581

43.640

46.017

42.569

Resultaat

Toelichting relevante afwijkingen programma: Wat mag het kosten? Relevante afwijkingen tussen begroting 2022 en begroting 2023

Bedrag x € 1.000

OZB In 2023 is een hoger bedrag aan opbrengst OZB woningen en niet woningen geraamd ten opzichte van 2022. Algemene uitkering en overige uitkeringen Vanwege het hogere accres en de herijking van het gemeentefonds is in 2023 een hoger bedrag geraamd aan Algemene Uitkering ten opzichte van 2022.

140

1.126

Overhead In 2023 is conform kaderbrief rekening gehouden met loonstijgingen (-195). Daarnaast is in 2022 inhuur reeds functioneel geraamd (1.237) en in 2023 een lager bedrag beschikbaar voor doorontwikkeling (317). Voor de uitvoering van het informatiebeleid is een hoger bedrag geraamd in 2023 (-46), Voor energie is in 2023 met een hoger bedrag rekening gehouden (-113). Voor communicatie is vanuit het bestuursakkoord een structureel budget beschikbaar gesteld vanaf 2023 (-45). Voor het bedrijfsgebouw Vivaldi hogere kosten gemaakt (-72). In 2023 is een lager bedrag voor inhuur beschikbaar ten opzichte van 2022 (392). Tenslotte is in verband met toerekening aan het juiste taakveld en programma de lasten van applicaties VTH verschoven naar het programma ruimtelijke ordening en volkshuisvesting (78). Dit is dus budgetneutraal. Reserves In 2023 vinden lagere onttrekkingen plaats aan de algemene reserve (-372), de reserve sociaal Domein (-792), de reserve krimp (-385), de reserve omgevingswet (-203), de reserve duurzaamheid (-505), de reserve doorontwikkeling personeel (456), en de reserve Corona (-300). Daarnaast hebben toevoegingen plaatsgevonden aan de reserve uitvoeringsprogramma toerisme (per saldo -750) en de reserve omscholingsfonds (-500).

Tenslotte hebben in 2022 toevoegingen plaatsgevonden aan de reserves afval (27), parkeerplaats berg (312) en parkeerplaats Steinerbos (124) en hebben mutaties op de reserve bouwgrondexploitaties zich voorgedaan(-478) Beheer overige gebouwen Voor sloop- en herinrichtingskosten Triviant loc. Meers was in 2022 een budget beschikbaar Dividend In 2022 is een hoger bedrag aan dividend Essent ontvangen Indexering In verband met de toenemende inflatie is conform kaderbrief rekening gehouden met een extra bedrag voor indexering binnen dit programma

1.553

-4.278

194 -75

-60

59

Paragrafen Lokale heffingen Inleiding Het pakket van de gemeentelijke belastingen en heffingen bestaat in Stein uit een zestal heffingen. Deze worden gelegitimeerd door verordeningen die de raad elk jaar vaststelt. De lokale heffingen worden ingedeeld in twee categorieën: • Belastingen: Deze worden door de overheid dwangmatig opgelegd. Voor de belastingbetaler staat hier geen individuele aanwijsbare prestatie tegenover. Belastingplichtigen hebben feitelijk geen keuzemogelijkheid. • Heffingen: Dit zijn betalingen aan de overheid voor een door de overheid individueel geleverde specifieke overheidsprestatie. De heffingen zijn gebaseerd op het profijtbeginsel. Iemand die van de overheid profiteert, betaalt hiervoor een bijdrage. Lokale heffingen De lokale heffingen vormen een belangrijk onderdeel van de inkomsten van de gemeente. De gemeente Stein kent de volgende heffingen. Lokale heffingen De lokale heffingen vormen een belangrijk onderdeel van de inkomsten van de gemeente. De gemeente Stein kent de volgende heffingen. Rekening Begroting Begroting Meerjarenraming 2021

Afvalstoffenheffing

(x € 1.000)

2022

2023

2024

2025

2026

3.396

3.279

3.580

3.576

3.582

3.523

Hondenbelasting

215

236

236

236

236

236

Leges

896

709

665

853

882

932

OZB niet woningen

1.943

2.000

2.139

2.088

2.141

2.210

OZB woningen

3.796

3.822

3.922

4.024

4.129

4.236

Rioolheffing

2.810

2.826

2.905

2.907

3.077

3.222

159

169

173

177

181

186

13.215

13.041

13.620

13.861

14.228

14.545

Toeristenbelasting Totaal

Algemeen Waarom wordt belasting geheven? Een gemeente genereert geen winst zoals een private onderneming. De lasten die de gemeente jaarlijks maakt voor het lokaal bestuur en het onderhouden en in stand houden van wegen, riolering, scholen, openbaar groen etc. worden voor een groot gedeelte gedekt uit de van het Rijk ontvangen algemene uitkering. Omdat de algemene uitkering niet de volledige uitgaven dekt, moet de gemeente zelf ook baten genereren. Dit gebeurt door het heffen van belastingen en (privaatrechtelijke) heffingen. Verschil algemene heffingen en specifieke heffingen: Bepaalde belastingen/heffingen mogen alleen worden opgelegd als kosten worden gemaakt voor dit doel. Zo mag bijvoorbeeld de opbrengst van de afvalstoffenheffingen niet hoger zijn dan de kosten die hiervoor worden gemaakt. Er zijn ook belastingen/ heffingen die een algemeen karakter

60

hebben. Deze zijn wat hoogte en besteding betreft niet voor een specifiek doel bestemd, maar dienen ter dekking van algemene uitgaven. De heffingen van de gemeente Stein zijn: • Onroerende Zaak Belastingen (OZB) • Afvalstoffenheffingen • Rioolheffingen • Hondenbelasting • Toeristenbelasting • Leges Totstandkoming van de tarieven: Jaarlijks worden bij het vaststellen van de begroting ook de opbrengsten voor de belastingen/heffingen en retributies door de gemeenteraad vastgesteld. In de raad van 4 november 2021 wordt, na vaststelling van de programmabegroting 2022, per belasting/heffing een aparte verordening vastgesteld met daarin opgenomen het doel, de grondslag en de definitieve tarieven 2022 van de belasting/heffing. Belastingbeleid: Op 18 maart 2021 is het Belastingbeleidsplan door uw raad vastgesteld. In dit plan is het belastingbeleid voor de komende beschreven. Voor de rioolheffing geldt het principe van 100% kostendekkendheid. Dat betekent dat de opbrengst van de rioolheffing voldoende moet zijn om de kosten die gemaakt worden voor de instandhouding en verbetering van het watersysteem te borgen. Schommelingen in de rioolheffing worden opgevangen middels de daartoe gevormde (egalisatie)voorziening. Voor de afvalstoffenheffing geldt hetzelfde kader van kostendekkendheid.

Bij deze heffing kan de ingestelde egalisatiereserve ingezet worden om schommelingen in de tarieven tegen te gaan. Uitgangspunt bij zowel de rioolheffing als de afvalvalstoffenheffing is dat niet uitgegeven middelen middels de voorziening respectievelijk egalisatiereserve ingezet worden om tariefstijgingen te dempen. Daarnaast wordt bij voortduring kritisch gekeken naar de uitgaven om daarmee de lasten voor inwoners en bedrijven te beperken.

Onroerende zaakbelastingen (OZB) Doel van de belasting/heffing: De opbrengst van de Onroerende zaakbelasting (OZB) is een algemeen dekkingsmiddel. Tegenover deze belastingopbrengsten staan geen specifieke uitgaven. Wie is belastingplichtig? De OZB wordt geheven van: • de eigenaren van alle woningen en • de eigenaren en gebruikers van niet-woningen (bedrijven, scholen, trafo’s etc.) binnen de gemeentegrenzen. Grondslag van de heffing: De grondslag voor de heffing is de WOZ-waarde. Dit is de waarde volgens de Wet Onroerende Zaken. De tarieven voor de OZB zijn mede afhankelijk van de getaxeerde WOZ-waarden. Overige informatie: Er bestaat een relatie tussen de OZB en de algemene uitkering uit het gemeentefonds. De algemene uitkering wordt over de gemeenten verdeeld met behulp van verdeelmaatstaven die verschillen in kosten weerspiegelen, maar ook verschillen in belastingcapaciteit. Voor de belastingcapaciteit wordt een afgeleide van de waarde van onroerende zaken gebruikt. Gemeenten die binnen hun grenzen veel hoog gewaardeerd onroerend goed hebben, ontvangen een lagere

61

uitkering dan soortgelijke gemeenten met minder waardevol onroerend goed. Van de waarde van woningen wordt met 80% rekening gehouden en van de waarde van niet-woningen 70%. Hierop wordt het zogenaamde rekentarief toegepast. Dit rekentarief is globaal afgeleid van het gemiddelde OZB-tarief. Het OZB-tarief dat de gemeente hanteert, is niet relevant voor deze aftrekpost bij de algemene uitkering. Relatie met programma's: Omdat de onroerende zaakbelasting een algemeen dekkingsmiddel is worden de opbrengsten van deze heffing verantwoord op het programma Bestuur en Ondersteuning en algemene dekkingsmiddelen.

Afvalstoffenheffing Doel van de belasting/heffing: De opbrengsten van deze heffingen worden benut voor het dekken van de kosten voor het ophalen, verwijderen en verwerken van huishoudelijke afvalstoffen en de kosten voor heffing en invordering. Wie is belastingplichtig? De gebruiker van een perceel waar huishoudelijke afvalstoffen kunnen ontstaan, is belastingplichtig. Dit kan een woning zijn, maar ook bijvoorbeeld een vakantiehuis naast een woonhuis. Grondslag van de heffingen Voor de afvalstoffenheffingen worden hoofdzakelijk tarieven per kilo aangeboden afval, per lediging afvalbak en een vastrecht gehanteerd. Verdeling van de kosten De gemeente heeft een wettelijk inzamelplicht voor het afval van huishoudens. Om deze kosten transparant te maken, zijn de kosten naar taakveld uitgesplitst. Uit onderstaande overzicht blijkt dat het grootste deel van de gemeentelijke kosten staat op het taakveld afval (€ 3.016.000). Deze kosten bestaan vooral uit het daadwerkelijk inzamelen en verwerken van het huishoudelijke afval inclusief het scheiden van afval en het recyclen. Ook de kosten voor de heffing en invordering van de afvalstoffenheffingen worden binnen dit taakveld verantwoord. Denk hierbij aan het versturen van juiste aanslagen aan de juiste personen. Naar verwachting wordt € 278.000 uitgegeven aan taken die onder het taakveld verkeer en wegen vallen.

Zo draagt het schoonmaken en het schoonhouden van de wegen bij aan een afvalvrije openbare ruimte. Daarnaast is € 464.000 toegerekend van het taakveld overhead. Dit zijn kosten die worden gemaakt voor de sturing en ondersteuning van medewerkers in brede zin. De compensabele BTW bedraagt € 442.000 en wordt, conform de BBV-wetgeving, eveneens aan de kosten toegerekend. Herkomst middelen Naar verwachting ontvangen we € 620.000 aan opbrengsten van de verwerking van het ingezamelde afval. Gemeenten mogen op grond van artikel 15.33 van de Wet Milieubeheer voor de inzameling van het afval van huishoudens een afvalstoffenheffing invoeren. Deze mag maximaal kostendekkend zijn. In de begroting 2023 is een netto-kostenpost voor het afval van € 3.580.000 opgenomen terwijl de begrote opbrengsten van de afvalstoffenheffing € 3.535.000 bedragen. Deze bedragen zijn inclusief de extra incidentele en structurele kosten die nodig zijn voor het Uitvoeringsplan 'Van Afval Naar Grondstoffen 2022-2025'. Om een kostendekkendheid van 100% te realiseren is nog een onttrekking van € 45.000 uit de egalisatiereserve afval nodig. De hoogte van deze onttrekking ligt in lijn met het raadsbesluit van 23 juni 2022 betreffende de vaststelling van eerdergenoemd uitvoeringsplan.

62

Aansluitend op de vaststelling van het eerdergenoemde Uitvoeringsplan heeft regionaal overleg plaatsgevonden om de hoogte van de DIFTAR-tarieven af te stemmen. Omdat deze afstemming bij het samenstellen van deze begroting nog niet was afgerond kunnen we de afval- tarieven 2023 in voorliggende begroting nog niet presenteren. Op 10 november 2022 worden de verordening Afvalstoffenheffing 2023 en de definitieve tarieven voor 2023 vastgesteld.

Berekening van kostendekkendheid van de afvalstoffenheffing 2023 bedragen x € 1.000 lasten taakvelden 2.1 wegen en vervoer

278

7.3 afval

3.016

totaal lasten taakvelden

3.294

baten taakvelden 7.3 afval

620

totaal baten taakvelden

620

netto lasten taakvelden

2.674

toe te rekenen lasten: overhead

464

compensabele BTW

442

totale netto lasten

3.580

beschikking over egalisatiereserve

45

opbrengst heffing

3.535

opbrengst heffingen

3.580

kostendekking:

100%

Relatie met programma's: De opbrengsten van de afvalstoffenheffing worden verantwoord op het programma Volksgezondheid en Milieu. De kosten die in de heffing worden meegenomen worden verantwoord op het programma volksgezondheid en milieu en het programma verkeer vervoer en water.

Rioolheffingen Doel van de belasting/heffing: De opbrengst van deze heffingen wordt benut voor het dekken van de kosten van afval-, hemel- en grondwater (inclusief rioleringen). Wie is belastingplichtig?

63

De belasting wordt geheven: • van degene die bij het begin van het belastingjaar het genot heeft krachtens eigendom, bezit of beperkt recht het genot heeft van een perceel dat direct of indirect is aangesloten op de gemeentelijke riolering, verder te noemen: eigenarendeel; en • van de gebruiker van een perceel van waaruit water direct of indirect op de gemeentelijke riolering wordt afgevoerd dan wel dat belang heeft bij nakoming van de gemeentelijke waterzorgplichten, verder te noemen: gebruikersdeel. Grondslag van de heffing: Stein baseert zich op het eigendomsrecht. Per perceel wordt een vast bedrag opgelegd. Daarnaast worden de verbruikers aangeslagen op basis van het watergebruik. Verdeling van de kosten: De gemeente is wettelijk verplicht haar zorgplichten voor afval-, hemel- en grondwater na te komen. Om deze kosten transparant te maken, zijn de kosten naar taakveld uitgesplitst. Het merendeel van de gemeentelijke kosten betreft het taakveld riolering € 2.109.000. De kosten bestaan vooral uit kosten voor het nakomen van de gemeentelijke watertaken op het gebied van afvalwater, hemelwater en grondwater, met name aanleg en onderhoud van rioleringen en de kosten voor heffen en invorderen van de rioolheffingen. Naar verwachting wordt € 108.000 uitgeven aan straatreiniging, een kostenpost die onder het taakveld verkeer en wegen valt.

Dit voorkomt overbelasting van het rioolstelsel bij piekbelasting. Verder is € 313.000 opgenomen voor het taakveld overhead. Dit zijn kosten voor de sturing en ondersteuning van medewerkers in brede zin. De compensabele BTW bedraagt € 375.000 en wordt, conform de BBV-wetgeving, eveneens aan de kosten toegerekend. Herkomst middelen: Gemeenten mogen op grond van artikel 228a van de Gemeentewet een rioolheffingen invoeren. Deze mag maximaal kostendekkend zijn. Om 100% kostendekking te realiseren is een bedrag van € 2.906.000 als opbrengst van de rioolheffing in de begroting opgenomen. In 2021 is het Beleidsplan Water & Klimaatadaptatie en bijbehorend projectenplan vastgesteld. De financiële doorrekening van dit plan laat zien dat de toekomstige riooltarieven aanzienlijk hoger zijn dan het toenmalige tarief. Bij de vaststelling van dit plan is op basis van deze doorrekening door de raad bepaald dat het riooltarief met ingang van 2021 jaarlijks met € 8,50 wordt verhoogd om een gematigde stijging van het riooltarief voor de komende jaren mogelijk te maken. Uitgaande van de 100% kostendekkendheid is op basis van de geactualiseerde baten en lasten van het rioolcompartiment voor 2023 een tarief berekend van € 160,00. Om dit tarief te 'dempen' naar € 153,10 (=tarief 2022 van € 144,60 + € 8,50 vastgestelde jaarlijkse stijging) is een beschikking over de voorziening nodig van € 82.000.

Op 10 november 2022 worden de verordening Rioolrecht 2023 en de definitieve tarieven voor 2022 vastgesteld.

Berekening van kostendekkendheid van de rioolheffing 2023 bedragen x € 1.000 lasten taakvelden 2.1 wegen en vervoer

108

7.2 riolering

2.109

totaal lasten taakvelden

2.217

64

netto lasten taakvelden

2.217

toe te rekenen lasten: overhead

313

compensabele BTW

375

totale lasten

2.905

beschikking over voorziening ter demping tarieven

82

opbrengst rioolheffing

2.824

totale baten

2.906

kostendekking:

100%

Relatie met programma's De opbrengsten van de rioolheffing worden verantwoord op het programma Volksgezondheid en Milieu. De kosten die in de heffing worden meegenomen worden verantwoord op het programma volksgezondheid en milieu en het programma verkeer vervoer en water.

Hondenbelasting Doel van de belasting/heffing: De opbrengst van de hondenbelasting is een algemeen dekkingsmiddel. Tegenover deze opbrengsten staan geen specifieke uitgaven. Omdat de hondenbelasting een algemeen dekkingsmiddel is worden de opbrengsten van deze heffing verantwoord op het programma Bestuur en Ondersteuning, taakveld algemene dekkingsmiddelen. Op basis van het bestuursakkoord 2022-2026 zijn de tarieven van de hondenbelasting met ingang van 2023 bevroren. In hetzelfde akkoord is afgesproken dat als in 2026 voldoende structurele ruimte is, wordt overwogen de hondenbelasting te verlagen dan wel af te schaffen. Wie is belastingplichtig? Deze belasting wordt geheven van de binnen de gemeente wonende houder van één of meerdere honden. Grondslag van de heffing: De heffing heeft een fiscaal karakter en is gebaseerd op het aantal honden dat door een belastingplichtige wordt gehouden. Tarieven 2023: 1e en volgende hond Kennel

€ 91,55 (was € 91,55 in 2022) € 379,60 (was € 379,60 in 2022)

Relatie met programma's: Omdat de hondenbelasting een algemeen dekkingsmiddel is worden de opbrengsten van deze heffing verantwoord op het programma Bestuur en Ondersteuning en algemene dekkingsmiddelen.

65

Toeristenbelasting Doel van de belasting/heffing: De opbrengst van deze belasting is een algemeen dekkingsmiddel. Een deel van de opbrengst wordt aangewend voor de revitalisering van het toerisme en de recreatie. Wie is belastingplichtig? Belastingplichtige is die persoon die verblijft (overnacht) in de gemeente Stein zonder in het bevolkingsregister van deze gemeente te zijn opgenomen. Grondslag van de heffing: Per persoon wordt per overnachting een bedrag geheven. Tarieven 2023: Tarief per overnachting: € 2,04 (was € 1,99 in 2022) € 0,10 Kampeerterrein/kamperen bij de boer (was € 0,10 in 2022) Overige informatie: De toeristenbelasting wordt per kwartaal, op aangifte, achteraf opgelegd. Relatie met programma's: De baten van de toeristenbelasting worden verantwoord op het programma Economie.

Leges Titel 1 – Algemene dienstverlening We streven naar 100% kostendekkendheid, maar zijn hierin beperkt door de gemaximeerde legestarieven vanuit het Rijk. Zie hieronder de mate van kostendekkendheid voor de leges burgerzaken. Burgerzaken maakt deel uit van het programma Bestuur en Ondersteuning. Titel 1 : Algemene dienstverlening

lasten

baten

kosten dekking

Burgerlijke stand

33,0

25,3

77%

Reisdocumenten

116,2

100,3

86%

Rijbewijzen

98,8

95,1

96%

Verstrekkingen uit gemeentelijke basisregistraties

32,6

28,6

88%

Kansspelen

1,8

0,9

51%

Verkeer en Vervoer

24,4

14,3

59%

Diversen

1,8

0,9

51%

308,6

265,4

86%

Totaal

Titel 2 – Dienstverlening vallend onder de fysieke leefomgeving/omgevingsvergunning Het grootste gedeelte van de kosten en opbrengsten binnen titel 2 vallen binnen het hoofdstuk van de Omgevingsvergunning. Omgevingsvergunningen maken deel uit van het programma Ruimtelijke Ordening. Titel 2 : Dienstverlening vallend onder fysieke leefomgevings-vergunningen Omgevingsvergunningen

lasten

baten

kosten dekking

436

261

60%

66

Totaal

436

261

60%

Binnen titel 2 wordt dus grofweg 60% van de kosten gedekt door baten. Titel 3 – Dienstverlening vallend onder de Europese Dienstenrichtlijn Titel 3 vormt een klein gedeelte van onze legesinkomsten. Onze tarieven zijn hier niet kostendekkend, de mate van kostendekkendheid ligt rond de 51%. Deze leges maken deel uit van het programma Bestuur en Ondersteuning. Titel 3 : Dienstverlening vallend onder Europese dienstenrichtlijnen

lasten

baten

kosten dekking

Horeca

7,2

3,7

51%

Organiseren van evenementen of markten

25,0

12,8

51%

Totaal

32,2

16,5

51%

Vergelijking regionaal In onderstaande tabel worden de gemiddelde woonlasten 2022 van een eigenaar/gebruiker en een huurder in Stein vergeleken met de gemeenten van Limburg. De cijfers zijn afkomstig uit het Belastingoverzicht 2022 van de provincie Limburg. Lastendruk Stein

OZB 334

Aanslag eigenaar en gebruiker afval riool totaal 295 218 853

Aanslag huurder 369

Per regio Maastricht-Heuvelland Midden-Limburg

334 301

332 274

245 233

911 808

420 350

Noord-Limburg Parkstad

360 331

254 292

200 228

814 851

337 412

Westelijke Mijnstreek Limburg

391 341

286 286

211 224

888 851

299 369

Per inwonersklasse 0 - 10.000

494

224

133

851

224

10.001 - 20.000 20.001 - 50.000

376 325

269 260

251 258

896 843

372 341

>= 50.001

342

312

190

844

392

Om een inschatting te geven waar Stein staat wat betreft de lastendruk eigenaar en gebruiker, en de lastendruk huurder zijn in onderstaande tabellen de gemiddelde aanslagen, de gemeenten met de hoogste en de laagste aanslagen en de aanslagbedragen van Stein opgenomen. Bij Stein is de positie aangegeven op de ranglijst van gemeenten van Limburg. Lastendruk eigenaar/gebruiker

Positie

Aanslag

Limburg

gemiddeld

851

Meerssen

hoogste

1.168

Stein

16e van 31

853

Beesel

laagste

743

67

Lastendruk huurder

Positie

Aanslag

Limburg

gemiddeld

369

Voerendaal

hoogste

560

Stein

15e van 31

369

Beesel

laagste

206

68

Kwijtscheldingsbeleid Stein hanteert de zogenaamde 100% norm voor de kwijtschelding van gemeentelijke heffingen. Of een belastingplichtige in aanmerking komt voor kwijtschelding wordt beoordeeld aan de hand van een inkomens- en/of vermogenstoets. Bij deze toets wordt met de kosten van bestaan volgens de bijstandsnorm voor 100% rekening gehouden. Hiervoor wordt gebruik gemaakt van de Leidraad Invorderingswet 1990. Vanaf 2023 wordt de Verordening kwijtschelding gemeentelijke belastingen Stein aangepast en is een wettelijke basis gecreëerd voor IB-ondernemers om onder voorwaarden kwijtschelding te kunnen vragen voor gemeentelijke heffingen. Kwijtschelding wordt alleen verleend indien het een aanslag betreft voor onroerende zaakbelastingen, rioolheffingen, vastrecht van de afvalstoffenheffingen en hondenbelasting voor de 1e hond.

69

Weerstandsvermogen en risicobeheersing Inleiding De Gemeente Stein acht het wenselijk om risico's die van invloed zijn op de bedrijfsvoering beheersbaar te maken. Door inzicht in de risico's wordt de organisatie in staat gesteld om op verantwoorde wijze besluiten te nemen. Om inzicht in de risico’s van de gemeente te kunnen verkrijgen is er een risico-inventarisatie uitgevoerd. Hieronder wordt verslag gedaan van de resultaten van de risico-inventarisatie. Op basis van de geïnventariseerde risico’s is tevens het weerstandsvermogen berekend.

Risicoprofiel Om de risico's van Gemeente Stein in kaart te brengen wordt elkaar jaar bij de begroting en jaarrekening een risicoprofiel opgesteld. Bij het opstellen van dit risicoprofiel worden de verschillende risico's binnen de organisatie in beeld gebracht. Dit zijn zowel grote als kleine risico’s, risico’s met interne of externe oorzaak, operationeel dan wel strategisch van aard. Risico

Gevolgen

Kans

Financieel gevolg

Instellingen waarvoor de gemeente garant staat kunnen hun verplichtingen niet nakomen.

Financieel 10% Aflossingsverplichting voor de gemeente

max. € 4.700.000

Datalek, verlies smartphone, phising Financieel mail, geen beveiligde wifi.

30%

max. € 10.000.000

Niet controleren van alle toezichttaken.

Financieel - fin. aansprakelijkheid

10%

max. € 1.000.000

Niet doorgaan van het groene net.

Financieel

10%

max. € 179.000

50%

max. € 100.000

De VNG heeft een structurele effectentool ontwikkeld om inzicht te krijgen in de kosten van de omgevingswet. Op basis van het invullen van de huidige tool worden de kosten geschat op maximaal € 100.000.

Ombuigingen en Grip op sociaal domein. In de begroting 2021 en verder zijn verregaande structurele ombuigingen ingeboekt. Binnen de ombuigingen van het sociaal domein wordt steeds meer duidelijk over de mogelijkheden maar ook risico's over de te behalen doelstellingen. Fiscale risico’s. De gemeente Stein wordt - mede door veranderingen in wet- en regelgeving - geconfronteerd met een aantal risico’s/onzekerheden op fiscaal gebied, waaronder bijvoorbeeld Btw sport. Juridische risico’s Onze gemeente loopt juridische risico’s in zijn algemeenheid, aangezien gemeenten besluiten neemt waartegen bezwaar en beroep kan worden ingesteld. Financiële risico’s Niet alleen binnen grondexploitaties is met betrekking tot de prijsstijgingen meerjarig gerekend met het door het Centraal Planbureau gepubliceerde ‘Nationale consumentenprijsindex’ 2023-2025 in het Centraal Economisch Plan maart 2022. De meicirculaire houdt ook rekening met dit indexcijfer.

70

Echter de omstandigheden waaronder die voor gebiedsontwikkeling is op dit moment erg turbulent. Grond-, Weg, en Waterbouwkosten en plankosten blijven stijgen, deze ontwikkelingen zetten nagenoeg het totale uitgaven patroon inclusief grondexploitaties onder druk. Totaal alle risico’s

€ 15.979.000

Benodigde weerstandscapaciteit Op basis van deze risico's is een risicosimulatie (Montecarlo simulatie) uitgevoerd. De risicosimulatie wordt toegepast omdat het reserveren van het maximale bedrag (€ 15.979.000) ongewenst is. De risico's zullen immers niet allemaal tegelijk en in hun maximale omvang optreden. Uit de risico simulatie blijkt dat bij een zekerheidspercentage van 90% risico's kunnen worden afgedekt met een bedrag van € 3.209.000. De kans is een inschatting dat een risico ook daadwerkelijk zal plaatsvinden. Deze aanname wordt vervolgens geclusterd waarbij een kans tot 10% wordt aangemerkt als zeer klein, de kans tot 30% als klein, tot 50% als middel, tot 70% als groot en alles daarboven tot zeer groot. Op basis van de ingevoerde risico's is een risicosimulatie uitgevoerd. Er zijn weinig wijzigingen ten opzichte van de jaarrekening 2021. De risicosimulatie wordt toegepast omdat het reserveren van het maximale bedrag ongewenst is. De risico's zullen immers niet allemaal tegelijk en in hun maximale omvang optreden. Uit de risico simulatie blijkt dat bij een zekerheidspercentage van 90% risico's kunnen worden afgedekt met een bedrag van € 3.209.000.

Beschikbare weerstandscapaciteit De beschikbare weerstandscapaciteit bestaat uit de financiële middelen en de mogelijkheden waarover onze gemeente beschikt om risico’s van financiële aard (niet-begrote kosten), die zich onverwacht voordoen en die van substantiële aard zijn, te kunnen dekken. Dit kunnen zowel incidentele als structurele middelen zijn. Op grond van de vereisten van het BBV heeft de gemeente Stein ervoor gekozen om onze weerstandscapaciteit uit de elementen algemene reserve en de post onvoorzien te vormen.

Beschikbare weerstandscapaciteit Weerstand

Startcapaciteit

Algemene reserve (vrij besteedbaar) Post onvoorzien

€ 14.595.000 € 25.000

Totale weerstandscapaciteit

€ 14.620.000

71

Financiële kengetallen In deze paragraaf zijn een aantal kengetallen opgenomen. Deze kengetallen maken inzichtelijk(er) over hoeveel (financiële) ruimte de gemeente beschikt om structurele en incidentele lasten te kunnen dekken of opvangen. Ze geven zodoende inzicht in de financiële weerbaar- en wendbaarheid. Bij de toelichting hebben we aandacht voor toekomstige ontwikkelingen, leggen we, indien mogelijk, een relatie met de verschillende programma's en beoordelen wij de kengetallen.

Indicator

rekening begroting begroting 2021 2022 2023

begroting begroting begroting 2024 2025 2026

Netto schuldquote

100%

105%

106%

121%

122%

136%

Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen

95%

101%

102%

118%

119%

133%

Solvabiliteitsratio

27%

20%

20%

20%

23%

22%

Structurele exploitatieruimte

2%

0,8%

1,4%

4,5%

6,7%

2,0%

Grondexploitatie

0,6%

3,3%

-0,7%

0,0%

0,0%

0,0%

Belastingcapaciteit: woonlasten meerpersoonshuishoudens

103%

103%

103%

103%

103%

103%

Onderverdeling voor de beoordeling Om een beeld te geven hoe de financiële positie van de gemeente Stein zich ontwikkelt, is gebruik gemaakt van een onderverdeling naar drie categorieën. Dit zijn: groen (goed/weinig risico), oranje (voldoende/voorzichtigheid geboden) en rood (onvoldoende/veel risico). In onderstaande tabel de standaard percentages die daarvoor gebruikt worden. Deze percentages zijn gebaseerd op algemene normwaarden (worden onder andere gebruikt door de Provincie bij de publicatie van ranglijsten). Rood (onvoldoende / veel risico)

Groen (goed /weinig risico)

Oranje (voldoende/ voorzichtigheid geboden)

Netto schuldquote

< 90%

90% t/m 130%

> 130%

Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen

< 90%

90% t/m 130%

> 130%

Solvabiliteitsratio

> 50%

20% t/m 50%

< 20%

Structurele exploitatieruimte

> 0%

0%

< 0%

Grondexploitatie

< 20%

20% t/m 35%

0%

Belastingcapaciteit: woonlasten meerpersoonshuishoudens

< 95%

95% t/m 105%

> 105%

Indicator

Hierna volgt een analyse per kengetal. Netto schuldquote De netto schuldquote weerspiegelt het niveau van de schuldenlast van de gemeente ten opzichte van de eigen middelen. Hoe lager de netto schuldquote, hoe lager de relatieve schuldenlast. De netto schuldquote stijgt door de toename van de schulden (vreemd vermogen). De ontwikkeling daarvan wordt periodiek bij de opstelling van de jaarrekening en begroting gemonitord. Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen Er is tevens een tweede berekening van de netto schuldquote, maar nu gecorrigeerd met de doorverstrekte leningen aan woningbouwcorporaties en deelnemingen. In de eerste berekening van

72

de netto schuldquote zijn deze verstrekte leningen niet meegenomen, omdat er een risico bestaat dat de gemeente deze bedragen niet (volledig) zal kunnen terugvorderen. Solvabiliteitsratio De solvabiliteitsratio is de verhouding tussen eigen vermogen en totaal vermogen. Het geeft weer in hoeverre de gemeente in staat is aan haar financiële verplichtingen te voldoen. Hoe hoger de solvabiliteitsratio hoe beter de gemeente hier toe in staat is. Een solvabiliteitsratio van 20% wordt aangemerkt als voldoende. De begroting 2023 laat zien dat de grens van 20% in alle jaren wordt gehaald. De ontwikkeling wordt eveneens periodiek gemonitord. Structurele exploitatieruimte Dit cijfer helpt mee om te beoordelen welke structurele ruimte de gemeente Stein heeft om de eigen lasten te dragen, of welke structurele stijging van de baten of structurele daling van de lasten daarvoor nodig is. Een positief cijfer betekent dat het structurele deel van de begroting voldoende ruimte biedt om de lasten te blijven dragen. Gegeven de reeks 2023-2026 is dat aanwezig. Grondexploitatie De boekwaarde van de voorraden grond moet worden terugverdiend bij de verkoop. Kenmerkend voor grondexploitaties is dat de looptijd meerdere jaren is. Naarmate de inkomsten verder in de toekomst liggen, brengt dit meer rentekosten en risico’s met zich mee.

Een grondexploitatie van 10% of hoger wordt beschouwd als kwetsbaar, hetgeen niet het geval is. Belastingcapaciteit: woonlasten meerpersoonshuishoudens De indicator belastingcapaciteit geeft aan hoe hoog de gemiddelde woonlasten voor een gezin zijn in de gemeente Stein ten opzichte van het landelijke gemiddelde van het voorgaande jaar. We liggen hier net iets hoger dan het landelijk gemiddelde.

Relatie benodigde en beschikbare weerstandscapaciteit Om te bepalen of het weerstandsvermogen toereikend is, is de relatie gelegd tussen beschikbare weerstandscapaciteit en de benodigde weerstandscapaciteit. De benodigde weerstandscapaciteit die uit de risicosimulatie voortvloeit is afgezet tegen de beschikbare weerstandscapaciteit. De uitkomst van die berekening vormt het hieronder geschetste weerstandsvermogen.

Ratio weerstandsvermogen =

Beschikbare weerstandscapaciteit Benodigde weerstandcapaciteit

=

€ 14.620.000 €

3.209.000

= 4,56

Onderstaande normtabel is ontwikkeld in samenwerking met de Universiteit Twente. Het biedt een waardering van het berekende ratio. Weerstandsnorm Waarderingscijfer A B C D E F

Ratio >2.0 1.4-2.0 1.0-1.4 0.8-1.0 0.6-0.8 <0.6

Betekenis uitstekend ruim voldoende voldoende matig onvoldoende ruim onvoldoende

Het ratio van de Gemeente Stein valt in klasse A. Dit duidt op een uitstekend weerstandsvermogen.

73

Grondbeleid Inleiding Het grondbeleid van de gemeente Stein is vastgelegd in de Nota Grond- en Vastgoedbeleid. Het grondbeleid is geen doel op zich, maar een middel om de visie van de gemeente te realiseren. Deze visie heeft de gemeente vastgelegd in de ”Strategische toekomstvisie 2018-2022”, de “Omgevingsvisie gemeente Stein" en het coalitieakkoord.

Nota grondbeleid In 2019 heeft uw raad de nota Grond- en vastgoedbeleid vastgesteld. In de nota zijn de spelregels voor het grondbeleid incl. grondbeheer en vastgoedbeleid opgenomen. Grondbeleid is een middel om de doelen die de gemeente heeft voor het gebruik, het beheer en de ontwikkeling van de leefomgeving te bereiken. Hierbij vormen de (toekomstige) bewoners en gebruikers het uitgangspunt. Bij nieuwe ontwikkelingen voert de gemeente Stein voert zgn. 'situationeel grondbeleid'. Dat wil zeggen dat afhankelijk van de geformuleerde doelstelling en de prioriteit die de gemeente Stein aan een ontwikkeling geeft, wordt gekeken welke rol de gemeente in de ontwikkeling wil innemen. In 2023 zal een actualisatie van de Nota Grond- en Vastgoedbeleid plaatsvinden. In deze actualisatie zal ook aandacht worden geschonken aan de gevolgen van het Didam-arrest en de nieuwe Omgevingswet.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Stein&id=013bb935-0381-4133-b773-d4cfa1403f93