CConstaterende datStein
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 5 - Onderzoeksrapport Coelo.pdf

Oordeelsvormende raadsvergadering 18 november 2021, gemeente SteinBij agendapunt: Initiatiefvoorstel Onderzoek BsGW Rekenkamercommissie Stein17.985 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Bijlage 5 : Onderzoeksrapport Coelo

De hoogte en de structuur van de kostenvergoeding voor bedrijven die helpen bij het maken van bezwaar tegen woz-beschikkingen Corine Hoeben Linda Toolsema

COELO Centrum voor Onderzoek van de Economie van de Lagere Overheden

COELO Centrum voor Onderzoek van de Economie van de Lagere Overheden Faculteit Economie en Bedrijfskunde Rijksuniversiteit Groningen www.coelo.nl

COELO-rapport 21-5

 COELO, Groningen, november 2021

Aan het verzamelen en het verwerken van de gegevens voor deze uitgave is de grootst mogelijke zorg besteed. Iedere aansprakelijkheid voor de gevolgen van activiteiten die op basis van deze gegevens worden ondernomen wordt echter afgewezen.

Inhoud

Voorwoord

4

1 1.1. 1.2. 1.3.

Inleiding Onderzoeksvraag Afbakening Methode en opbouw van het rapport

5 6 8 8

2 2.1. 2.2. 2.3. 2.4.

Bezwaar tegen woz-beschikking Algemeen Redenen aanpassing woz-waarde Procedure bezwaar tegen woz-beschikking Kostenvergoeding op basis van Bpb

10 10 10 12 13

3 3.1. 3.2. 3.3. 3.4. 3.5.

Empirische analyse Algemeen Kenmerken landelijk opererende bureaus Indienen bezwaren Hoorzitting Samenvatting

17 17 17 20 33 36

4 4.1. 4.2. 4.3. 4.4. 4.5.

Bedrijfsmodel Model Grafische weergave Bezwaar door belanghebbende Uitkomsten bij andere aannames Samenvatting

38 38 40 42 42 45

5

Samenvatting en conclusie

46

6

Referenties

51

COELO

3

Kostenvergoeding volgens Bpb en de woz-beschikking

Voorwoord

Dit onderzoek is uitgevoerd in opdracht van de Vereniging Nederlandse Gemeenten (VNG). De inhoud van COELO-rapporten wordt altijd door de onderzoekers vastgesteld, zonder inhoudelijke sturing van de opdrachtgever. Het conceptrapport wordt aan de opdrachtgever ter lezing voorgelegd, waarna eventuele voorstellen voor tekstuele verbeteringen of verhelderingen naar eigen inzicht door de onderzoekers worden verwerkt. De inhoud van dit rapport komt dan ook geheel voor rekening van de auteurs en weerspiegelt niet noodzakelijk de visie van de opdrachtgever. De auteurs danken medewerkers van gemeenten en samenwerkingsverbanden voor het aanleveren van informatie. Ook danken zij Maarten Allers (Coelo) voor het nalopen van een eerdere versie van dit rapport op onjuistheden. De verantwoordelijkheid voor de inhoud berust geheel bij de auteurs.

COELO

4

Kostenvergoeding volgens Bpb en de woz-beschikking

1 Inleiding

Gemeenten en samenwerkingsverbanden 1 ervaren in toenemende mate problemen bij de uitvoering van de Wet woz, en dan met name bij door burgers en bedrijven ingediende bezwaren tegen de woz-beschikking. Steeds meer van die bezwaren worden ingediend door professionele derden die werken op basis van het uitgangspunt van no cure no pay. De belanghebbende betaalt – zeker als het gaat om een bezwaar tegen de waarde van woningen – zelf vaak geen vergoeding, ongeacht of het bezwaar wordt gehonoreerd of niet. De bedrijven ontvangen een kostenvergoeding van de gemeente als een bezwaar geheel of gedeeltelijk wordt gehonoreerd. Het totaalbedrag aan kostenvergoedingen dat door gemeenten wordt uitgekeerd, neemt toe. Belangrijker probleem is echter dat de bezwaren die worden ingediend door bedrijven een steeds groter beslag leggen op de uitvoeringscapaciteit bij gemeenten. Onder verantwoordelijkheid van het Wetenschappelijk Onderzoek- en Documentatiecentrum (WODC), het kennisinstituut voor het ministerie van Justitie en Veiligheid, is onderzoek gedaan naar het Besluit proceskosten bestuursrecht (Bpb) in relatie tot het opereren van professionele derden. Het onderzoeksrapport is in februari 2021 verschenen.

Dit rapport biedt interessante informatie, maar een van de hoofdvragen van het onderzoek blijft helaas onbeantwoord: “Wat is de verhouding tussen de hoogte van de vergoeding voor verschillende proceshandelingen en de werkelijke kosten die met die proceshandelingen zijn gemoeid?” (WODC, 2021, blz. 4). De achterliggende vraag hierbij is of het huidige systeem van proceskostenvergoedingen bedrijven prikkelt om te veel bezwaren in te dienen, en dus aanpassing behoeft (WODC, 2021, blz. 93). Om hier toch een beeld van te krijgen heeft de VNG Coelo benaderd. In dit rapport worden de resultaten van het onderzoek gepresenteerd. Toegang tot rechtshulp is een belangrijke maatschappelijke waarde. Ook tegen besluiten van de overheid die betrekking hebben op individuele burgers of bedrijven moeten de laatsten desgewenst bezwaar kunnen maken. Om de uitoefening van dit recht te waarborgen kunnen kosten voor professionele hulp daarbij worden vergoed. Dit geldt ook voor bezwaren tegen woz-beschikkingen. Dit onderzoek richt zich op de vraag of de bestaande kostenvergoeding, wat betreft hoogte en structuur, adequaat is. Daarmee bedoelen we dat de kostenvergoeding voldoende is om de dienstverlening aan burgers en bedrijven te faciliteren, zonder dat er financiële prikkels bestaan die leiden tot een te hoog niveau aan bezwaren of aan proceshandelingen.

Voor gemeenten zijn hier niet alleen kosten aan verbonden doordat ze kostenvergoedingen moeten betalen. Het legt ook beslag op de tijd van schaarse professionals van de gemeenten. Bij een optimaal kostenvergoedingssysteem bestaat een goede balans tussen het voordeel voor burgers en bedrijven en de door gemeenten te maken kosten. Deze 1

Voor de leesbaarheid schrijven we hierna alleen gemeenten als het gaat om zowel gemeenten als

samenwerkingsverbanden.

COELO

5

Kostenvergoeding volgens Bpb en de woz-beschikking

weging zelf wordt in dit rapport niet gemaakt. Wel worden hiervoor de nodige bouwstenen aangedragen.

1.1. Onderzoeksvraag De kostenvergoeding op basis van het Besluit proceskosten bestuursrecht (Bpb) is een tegemoetkoming voor de belanghebbende in de kosten die deze maakt wanneer deze zich laat vertegenwoordigen door een professionele derde in een bezwaar of proces tegen de overheid (Rijk of decentraal). De vergoeding wordt niet uitgekeerd als een belanghebbende zelf bezwaar maakt, dus zonder gebruik te maken van professionele hulp. De kostenvergoedingen op basis van het Bpb bestaan voornamelijk uit forfaitaire bedragen die uitgaan van een bepaalde tijdsbesteding door de professionele derde. De kostenvergoedingsregeling op basis van het Bpb is niet alleen van toepassing bij bezwaar tegen een woz-beschikking, maar bij alle bezwaren tegen besluiten door een bestuursorgaan die geheel of gedeeltelijk worden gehonoreerd en waar de belanghebbende zich heeft laten vertegenwoordigen door een professionele derde. Een burger die met hulp van een advocaat succesvol bezwaar maakt tegen een besluit omtrent bijvoorbeeld de ontvangen bijstandsuitkering ontvangt een kostenvergoeding op basis van dezelfde Bpb-systematiek. De woz-waarde moet volgens de Wet woz in principe de marktwaarde weergeven die een object had op de peildatum. 2 In de praktijk is dat moeilijk voor honderd procent te realiseren. Om te beginnen bestaan er marktfluctuaties die lastig in de waardebepaling zijn mee te nemen.

Verder wordt de waarde niet alleen bepaald door harde gegevens als de oppervlakte of het aantal kamers, maar ook door minder objectieve kenmerken zoals bijvoorbeeld de aanwezigheid van een drukke weg of overlast. Hoe groot de waardevermindering door dit soort subjectieve kenmerken is, is altijd voor discussie vatbaar. Een transactieprijs is bovendien niet altijd precies gelijk aan de marktwaarde. Bij de onderhandelingen tussen koper en verkoper spelen naast objectieve factoren ook subjectieve argumenten mee die van invloed zijn op de hoogte van de uiteindelijke koopsom. Denk aan onderhandelingsvaardigheden, de noodzaak om een woning snel te willen (ver)kopen, de smaak van de kopers enzovoort. 3 Subjectieve argumenten kunnen niet geobjectiveerd worden in de kenmerken van een object. Uit onderzoek blijkt deze zogeheten transactieruis 6 à 9 procent van de waarde te bedragen. 4 In het rapport van het WODC wordt er daarnaast terecht op gewezen dat woz-waarden met modellen worden bepaald, terwijl er bij bezwaren naar individuele objecten wordt gekeken. 5 Het is dan niet verwonderlijk dat er tussen de uitkomsten enig verschil bestaat. Iedere aanpassing van de woz-waarde betekent dat een bezwaar geheel of

2

Voor een deel van de niet-woningen geldt dat er geen marktwaarde kan worden bepaald omdat er te weinig of geen

transactiegegevens zijn. Het gaat dan bijvoorbeeld om winkels, ziekenhuizen, etc. Het is dan nog complexer om de waarde te bepalne. Ook in deze gevallen kan dus bezwaar worden aangetekend. 3

Evers, 2019.

4

Evers, 2019.

5

WODC, 2021, blz. 98; zie ook Goessens en Lebens, 2021.

COELO

6

Kostenvergoeding volgens Bpb en de woz-beschikking

gedeeltelijk is gehonoreerd, waarmee een proceskostenvergoeding (volledig) beschikbaar komt. Het aantal bezwaren dat wordt ingediend door professionele derden stijgt. 6 Eenzelfde stijging is niet te zien bij veel andere, niet belasting gerelateerde besluiten. Dit roept de vraag op of de vergoeding op basis van het Bpb voor wat betreft de Wet woz wel aansluit bij de inspanning die nodig is om bezwaar te maken tegen de woz-beschikking namens belanghebbenden. Onze eerste onderzoeksvraag luidt:

1 Sluit de vergoeding op basis van het Bpb voor wat betreft de Wet woz aan bij de inspanning die een bedrijf moet leveren om bezwaar te maken tegen de wozwaarde namens belanghebbenden?

Eén van de conclusies in het WODC-rapport is dat er aanwijzingen zijn dat professionele derden oneigenlijk gebruik maken van procedures en dat zij niet altijd maatwerk leveren, maar dat voor de onderzoekers daarom nog niet blijkt dat de bedrijven puur uit zijn op makkelijk te innen kostenvergoedingen in plaats van de belangen van de klant te vertegenwoordigen. 7 Deze conclusie is mede een gevolg van de gekozen onderzoeksmethode. 8 De onderzoekers baseren zich op de informatie die zij hebben gekregen uit gesprekken met gemeenten, professionele derden en rechters. De gesprekken met gemeenten en professionele derden leveren een welles-nietes verhaal op. De onderzoekers geven aan dat de conclusie vooral is gebaseerd op gesprekken met rechters. 9 Rechters hebben echter te maken met een specifieke groep van bezwaren, namelijk bezwaren die in de bezwaarfase niet zijn gehonoreerd door gemeenten en waarvan de bedrijven toch menen dat er een kans is dat het bezwaar geheel of gedeeltelijk wordt gehonoreerd. Uit cijfers van de Waarderingskamer blijkt dat het hier gaat om slechts een klein deel van de bezwaren die zijn ingediend door de bedrijven (5,8 procent in 2020). 10 Rechters hebben dus geen totaaloverzicht. Daarmee blijft onduidelijk in hoeverre oneigenlijk gebruik van procedures etc. slechts anekdotisch voorkomt of structureel.

In dit rapport onderzoeken we ook deze kostenvergoeding op basis van het Bpb, maar we kiezen een ander perspectief. Nederland is een markteconomie. Van bedrijven wordt verwacht dat zij streven naar winst, binnen maatschappelijke randvoorwaarden. Bedrijven kunnen ook ideële doelen nastreven, maar om levensvatbaar te blijven is een minimaal niveau van winstgevendheid een voorwaarde. Dit geldt ook voor de bedrijven die het onderwerp zijn van dit onderzoek. Het ligt voor de hand dat de kostenvergoeding hoog genoeg moet zijn om alle kosten plus een winstopslag te dekken. Dat wil zeggen dat het bedrijf een redelijke winst moet kunnen maken op het 6

Waarderingskamer 2021b.

7

WODC 2021, blz. 92.

8

Zie ook Monsma (2021).

9

WODC 2021, blz. 92.

10

Waarderingskamer 2021b.

COELO

7

Kostenvergoeding volgens Bpb en de woz-beschikking

geheel van de gewonnen èn de verloren zaken. Voor die laatste categorie wordt immers geen kostenvergoeding uitgekeerd, maar alle zaken winnen is onmogelijk. De kosten van verloren zaken moeten dus gedekt worden uit de kostenvergoeding voor gewonnen zaken. Het is echter mogelijk dat de bestaande vergoedingsstructuur ertoe leidt dat bedrijven om commercieel genoeg te kunnen werken gedrag vertonen dat er weliswaar voor zorgt dat zij kunnen blijven bestaan, maar dat ingaat tegen het algemeen belang. Dat is het geval wanneer de kosten die gemeenten maken om bezwaren af te handelen hoger zijn dan nodig is om een goede rechtsbescherming voor burgers en bedrijven te waarborgen. Dit leidt tot de tweede vraag: 2 In hoeverre werkt de vergoedingsstructuur op basis van het Bpb gedrag in de hand dat ingaat tegen het algemeen belang?

1.2. Afbakening Een procedure tegen de woz-beschikking kan in grote lijnen worden opgesplitst in twee fasen. Als eerste is er een bezwaarfase. Een belanghebbende geeft dan aan waarom hij of zij bezwaar heeft tegen de vastgestelde waarde. Indien gewenst kan de belanghebbende een eigen taxatie uit laten voeren. Na een eventuele hoorzitting geeft de gemeente aan of het bezwaar (geheel of gedeeltelijk) wordt gehonoreerd of niet. Een belanghebbende kan daarna in beroep gaan tegen het besluit. Dit is de beroepsfase. Omdat het aandeel beroepsfases gering is laten we deze fase grotendeels buiten beschouwing.

1.3. Methode en opbouw van het rapport In hoofdstuk 2 van het rapport beschrijven we de procedure die wordt gevolgd als er bezwaar wordt gemaakt tegen een woz-beschikking en de kostenvergoeding op basis van het Bpb. Het onderzoek bestaat vervolgens uit twee delen. Het eerste deel (hoofdstuk 3) bestaat uit een empirische analyse. De analyse is gebaseerd op gesprekken met medewerkers van vier kleine gemeenten en zes samenwerkingsverbanden. Deze gemeenten en samenwerkingsverbanden vertegenwoordigen 19 procent van de inwoners van Nederland. Daarnaast is van tien samenwerkingsverbanden en twee gemeenten schriftelijke of kwantitatieve informatie ontvangen. Deze steekproef vertegenwoordigt 28 procent van de inwoners van Nederland. We gaan op basis van de ontvangen informatie na hoe de werkprocessen van bedrijven die bezwaar maken tegen wozbeschikkingen zijn ingericht. Zo bekijken we bijvoorbeeld of er sprake is van standaardteksten voor bezwaren. Vervolgens gaan we in hoofdstuk 4 na welke financiële prikkels er uitgaan van de kostenvergoeding op basis er van het Bpb op een bedrijf. Op welke wijze kan een bedrijf de winst maximaliseren gezien de bestaande vergoedingensystematiek?

COELO

8

Kostenvergoeding volgens Bpb en de woz-beschikking

De onderzoeksvragen worden beantwoord door de uitkomsten uit de twee onderzoeksonderdelen met elkaar te verbinden (hoofdstuk 5). De onderzoekers hebben ook contact gezocht met de Vereniging Rechtsbescherming Lokale Belastingen, de brancheorganisatie (in oprichting) van bedrijven die namens belanghebbenden op basis van no cure no pay bezwaar indienen tegen de wozwaarde. De VRLB heeft echter aangegeven geen medewerking te willen verlenen aan dit onderzoek.

COELO

9

Kostenvergoeding volgens Bpb en de woz-beschikking

2 Bezwaar tegen woz-beschikking

2.1. Algemeen Dit onderzoek richt zich op bezwaren die worden aangetekend tegen de wozbeschikking. De woz-waarde is de grondslag van een aantal belastingen. De belangrijkste hiervan zijn: - bij gemeenten: de onroerendezaakbelasting (ozb) en in een deel van de gemeenten de rioolheffing en forensenbelasting; - bij waterschappen: de heffing gebouwd; - bij de rijksoverheid: het eigenwoningforfait in de inkomstenbelasting en de erfen schenkbelasting. Gemeenten voeren de Wet woz uit. Zij bepalen jaarlijks de woz-waarde van ieder object binnen hun grenzen. Gemeenten kunnen deze taak (samen met de belastinginning) hebben overgedragen aan samenwerkingsverbanden. Voor de leesbaarheid duiden we in dit hoofdstuk beide aan met gemeenten. We schetsen in paragraaf 2.2 wat de belangrijkste redenen zijn voor gemeenten om een bezwaar tegen de woz-waarde te honoreren. Vervolgens geven we in paragraaf 2.3 in grote lijnen weer wat de procedure hierbij is. Belanghebbenden kunnen een derde partij machtigen om namens hen bezwaar te maken tegen de woz-beschikking. Hiervoor wordt vaak een bureau ingeschakeld dat werkt op basis van no cure no pay: als een bezwaar niet wordt gehonoreerd dan hoeft de belanghebbende niet te betalen. Vaak geldt dat een belanghebbende ook geen kosten heeft als een bezwaar wel wordt gehonoreerd.

De gemeente betaalt namelijk een kostenvergoeding op basis van het Besluit proceskosten bestuursrecht (Bpb) als een bezwaar wordt gehonoreerd. In paragraaf 2.4 beschrijven we deze vergoeding.

2.2. Redenen aanpassing woz-waarde Een bezwaar tegen de woz-beschikking wordt toegewezen op het moment dat een gemeente (of tijdens de beroepsprocedure de rechter) constateert dat de bezwaren geheel of gedeeltelijk gegrond zijn. Tot 2010 was er in de wet woz een bepaling opgenomen dat er een beperkt verschil mocht bestaan tussen de vastgestelde en werkelijke woz-waarde, de Fierensmarge. 11 De Hoge Raad heeft in 2010 geoordeeld dat deze bepaling in strijd is met het Europees Verdrag van de Rechten van de Mens en dat de Fierensmarge niet mag worden toegepast. 12 Sinds die tijd leidt ieder verschil 11

Het verschil, een percentage, hing samen met de woz-waarde. Voor objecten met een waarde tot 200.000 euro was

dit 5 procent, voor objecten met een waarde tussen 200.000 euro en 500.000 euro was dit 4 procent, voor objecten met een waarde tussen 500.000 euro en 1 miljoen euro 3 procent en daarboven 2 procent. 12

ECLI:NL:HR:2010:BL1943.

COELO

10 Kostenvergoeding volgens Bpb en de woz-beschikking

tussen de vastgestelde en werkelijke woz-waarde tot een aanpassing en daarmee een (gedeeltelijke) gegrond verklaring. 13 Er zijn uiteenlopende redenen waarom een bezwaar gegrond kan blijken te zijn. Het WODC-rapport wijst erop dat de woz-waarde van woningen en van een deel van de niet-woningen via rekenkundige modellen worden bepaald. Hierdoor is het mogelijk om grote aantallen objecten met elkaar te vergelijken. Bij een bezwaar gaat het echter niet om de correctheid van de berekeningen op basis van een model, maar om de waarde van een individueel object. Die kan afwijken van de waarde zoals door het model bepaald, doordat een model – hoe goed ook - nooit perfect de waarde van alle individuele woningen kan schatten. Daarnaast geldt dat niet de mate waarin bepaalde secundaire kenmerken effect hebben op de woz-waarde maar moeilijk objectief kan worden vastgesteld. Het kan bijvoorbeeld zijn dat er door de nabijheid van een uitgaansgelegenheid overlast is. Daarmee is nog niet duidelijk in welke mate de waarde van een woning hierdoor daalt. De Waarderingskamer heeft in 2021 onderzoek gedaan naar de mate waarin en de redenen waarom woz-bezwaren worden gehonoreerd.

De twee belangrijkste redenen waarom bezwaren van bedrijven die werken op no cure no pay basis worden toegewezen zijn volgens dit onderzoek dat de secundaire kenmerken van een object moesten worden aangepast, en een onjuiste waarde/waarde-onderbouwing, objectief vast te stellen fouten in de waardering (zie tabel 1). 14 Secundaire kenmerken betreffen kenmerken die betrekking hebben op het kwaliteitsniveau of het onderhoudsniveau van een object. Het gaat dan bijvoorbeeld om de leeftijd van de badkamer. Bij objectief vast te stellen fouten in de waardering zijn gegevens van een object wel correct geregistreerd, maar is desondanks de waarde van het object niet correct bepaald. Als er bijvoorbeeld overlast is door een drukke weg dan wordt hier een correctie voor uitgevoerd. Het kan echter zijn dat de overlast dusdanig is dat de correctie groter had moeten zijn. 15

13

De woz-waarde wordt afgerond op 1.000 euro. Daarom komen aanpassingen van de woz-waarde van minder dan

1.000 euro niet voor. 14

Waarderingskamer 2021a, blz. 14-17.

15

Bron: persoonlijke communicatie Waarderingskamer.

COELO

11 Kostenvergoeding volgens Bpb en de woz-beschikking

Tabel 1 Redenen honoreren bezwaren bedrijven Reden

Aantal bezwaren

Onjuiste objectafbakening Onjuiste primaire kenmerken Onjuiste secundaire objectkenmerken Onjuiste waarde/waarde-onderbouwing, objectief vast te stellen fout in taxatie Aanpassing WOZ-waarde op basis eigen verkoopprijs Geen reden doorgegeven Totaal Totaal aantal woz-objecten waar deze cijfers betrekking op hebben

5 162 2.012 1.811 44 353 4.387 1.479.801

Bron: Waarderingskamer 2021a, blz. 14. Tabel is samengesteld op basis van gegevens van een steekproef van 68 gemeenten.

Zoals ook aangegeven is in hoofdstuk 1 is het complex om de waarde van een wozobject vast te stellen. Dit betekent echter ook dat er altijd een kans is dat een bezwaar gegrond is en wordt gehonoreerd.

2.3. Procedure bezwaar tegen woz-beschikking 16 Belanghebbenden ontvangen over het algemeen in het eerste kwartaal van het jaar de woz-beschikking. Dat kunnen zowel eigenaren als gebruikers zijn van zowel een woning als niet-woning. Een belanghebbende heeft maximaal zes weken na dagtekening de tijd om bezwaar in te (laten) dienen. Dat kan zowel tegen een te hoge als tegen een te lage woz-waarde. Bezwaar tegen een te hoge woz-waarde komt het meest voor. Een verlaging van de woz-waarde betekent voor een woningeigenaar onder meer dat deze een lager bedrag betaalt voor de ozb, de heffing gebouwd en het eigenwoningforfait. Een belanghebbende kan in sommige gevallen ook juist belang hebben bij een hogere woz-waarde. Wanneer het hypotheekbedrag hoger is dan de waarde van een woning betaalt een huiseigenaar een hogere rente dan wanneer dit niet het geval is. Als de woz-waarde hoger wordt dan de (resterende) hypotheekschuld gaat bank over het algemeen akkoord met een lagere hypotheekrente. Een belanghebbende kan zelf bezwaar maken bij de gemeente. Hier zijn geen geldelijke kosten aan verbonden. Er kan ook een derde partij worden gemachtigd om het bezwaar in te dienen en af te handelen (zie volgende paragraaf). Het is mogelijk om aanvankelijk alleen een bericht te sturen dat men bezwaar gaat aantekenen (pro forma bezwaar).

In dat geval moet op een later moment alsnog worden aangegeven waar bezwaar tegen wordt gemaakt. 17 De bezwaarmaker of de gemachtigde kan een hoorzitting aanvragen. De hoorzitting is bedoeld om de bezwaarmaker in staat te stellen om grieven (inhoudelijke bezwaren)

16

Zie voor een uitgebreide beschrijving het WODC-rapport (2021).

17

Het kan al voldoende zijn om aan te geven dat men het niet eens is met de hoogte van de woz-waarde, een verdere

motivering is niet altijd nodig voor een gemotiveerd bezwaar, ECLI:NL:HR:2014:86.

COELO

12 Kostenvergoeding volgens Bpb en de woz-beschikking

toe te lichten. Als de belanghebbende of gemachtigde een hoorzitting aanvraagt dan moet de gemeente hieraan tegemoetkomen of het bezwaar vóór de hoorzitting honoreren. Als er bezwaar is ingediend gaat de gemeente op basis van de ontvangen informatie en eventueel verder onderzoek (bijvoorbeeld een bezoek aan het object) na of het bezwaar gegrond is en stuurt het besluit naar de belanghebbende. De bezwaarmaker kan vervolgens nog tegen het besluit in beroep gaan bij de rechter. Hiervoor geldt een vergelijkbare procedure als voor het bezwaar. Tijdens het beroep mag een belanghebbende argumenten en feiten aandragen die tijdens de bezwaarfase nog niet naar voren zijn gebracht. Deze beroepsprocedure laten wij verder grotendeels buiten beschouwing omdat deze maar voor een klein deel van de bezwaren wordt gevoerd. 18

2.4. Kostenvergoeding op basis van Bpb Zoals aangegeven kunnen belanghebbenden een gespecialiseerd bedrijf of bureau inschakelen om het bezwaar in te dienen en af te handelen. Veel bedrijven die op dit terrein actief zijn, werken op basis van no cure no pay. Als het bezwaar niet gegrond wordt verklaard dan hoeft de belanghebbende het bedrijf niet te betalen voor de gemaakte kosten. Omdat het Rijk het wenselijk vindt dat inwoners en bedrijven professionele ondersteuning kunnen krijgen als zij het oneens zijn met een besluit door een bestuursorgaan kunnen zij een vergoeding ontvangen voor het inschakelen van deze derden. Dit is geregeld in het Besluit proceskosten bestuursrecht (Bpb). Het bestuursorgaan (in het geval van de woz-beschikking de gemeente) keert een kostenvergoeding uit als een bezwaar geheel of gedeeltelijk gegrond wordt verklaard en de bezwaarmaker om de vergoeding heeft verzocht. Als het bezwaar van een bedrijf tegen de waarde van een woning geheel of gedeeltelijk wordt gehonoreerd bestaat de opbrengst voor het bedrijf alleen uit de kostenvergoedingen die zij ontvangen van de gemeente. De belanghebbende betaalt dan dus nooit, hier is in feite sprak van cure or no cure, never pay. Als het gaat om een niet-woning dan kan hier nog een vergoeding door de belanghebbende bij komen. Dit verschilt per bedrijf.

In tabel 2 hebben we weergegeven wat de volgens de Waarderingskamer acht grootste bedrijven hierover melden op hun website (zie ook paragraaf 3.2 voor kenmerken van deze bedrijven).

18

WODC 2021, Waarderingskamer 2021b.

COELO

13 Kostenvergoeding volgens Bpb en de woz-beschikking

Tabel 2 Vergoeding die wordt betaald als een door een bedrijf ingediend bezwaar geheel of gedeeltelijk wordt gehonoreerd Woningen Bedrijf 1 Bedrijf 2 Bedrijf 3 Bedrijf 4 Bedrijf 5 Bedrijf 6 Bedrijf 7 Bedrijf 8

n.v.t. Gratis Gratis Gratis Gratis Gratis Gratis Gratis Niet-woningen

Bedrijf 1 Bedrijf 2 Bedrijf 3 Bedrijf 4 Bedrijf 5 Bedrijf 6 Bedrijf 7 Bedrijf 8

“wettelijk vastgestelde bijdrage” plus “25% van de besparing die u het eerste jaar behaalt.” “in de meeste gevallen gratis.” n.v.t. maken alleen bezwaar tegen de beschikking van woningen MKB, agrarische objecten gratis, grootzakelijk: percentage gerealiseerde besparing 25% excl. BTW van het lokale behaalde belastingvoordeel voor het desbetreffende jaar In alle gevallen gratis n.v.t. maken alleen bezwaar tegen de beschikking van woningen In alle gevallen gratis

Bron: websites bedrijven

De kostenvergoeding op basis van het Bpb is bedoeld als tegemoetkoming in de kosten van het inhuren van een professionele derde door belanghebbenden en wordt in principe aan de belanghebbende uitgekeerd. De laatste jaren vragen steeds meer bedrijven die actief zijn op deze markt hun klanten om een contract te ondertekenen waarmee wordt geregeld dat de gemeente de (gehele) kostenvergoeding rechtstreeks overmaakt naar het bedrijf. Dit zorgt voor meer zekerheid bij de bedrijven. Zij hoeven nu geen facturen innen bij individuele personen of bedrijven, maar krijgen het geld automatisch overgemaakt van de betreffende overheid zodra de zaak is afgerond. Het betekent echter ook dat de belanghebbende niet meer ‘vanzelf’ ziet wat het bedrijf ontvangt op het moment dat zijn bezwaar gegrond wordt verklaard.

Hoogte proceskostenvergoeding en vergoeding taxatierapport De belangrijkste onderdelen van de vergoedingen zijn de proceskostenvergoeding en een vergoeding voor een eventueel taxatierapport. De hoogte van deze vergoedingen is forfaitair en dus niet afhankelijk van de werkelijke kosten (bijvoorbeeld het aantal uren dat besteed is aan een bezwaar). De vergoeding wordt uitgekeerd wanneer een bezwaar geheel of gedeeltelijk wordt gehonoreerd. Zoals aangegeven in 2.2 is er geen “foutenmarge” meer toegestaan. Wanneer wordt bepaald dat de werkelijke woz-waarde afwijkt van de door de gemeente vastgestelde woz-waarde is sprake van een gehele of gedeeltelijke honorering van het bezwaar.

COELO

14 Kostenvergoeding volgens Bpb en de woz-beschikking

De hoogte van de proceskostenvergoeding is afhankelijk van de proceshandelingen die zijn uitgevoerd. De proceshandelingen in de bezwaarfase zijn: 1. het indienen van een bezwaar 2. het verschijnen op een hoorzitting. 19 Indienen van een bezwaar De eerste proceshandeling houdt in dat een bedrijf op tijd bezwaar maakt tegen de woz-beschikking van een object. Het is toegestaan om in de bezwaartermijn te gebruiken om een pro forma bezwaar in te dienen: er hoeft eerst alleen te worden aangegeven dat er bezwaar zal worden ingediend tegen de wozbeschikking. Later kan worden aangegeven of dit is omdat de waarde te hoog of te laag wordt geacht en eventueel wat de motivering hiervoor is. 20 Verschijnen op de hoorzitting De tweede proceshandeling is het bijwonen van de hoorzitting. Zoals aangegeven in paragraaf 2.3 kan een belanghebbende een hoorzitting aanvragen om zo de mogelijkheid te krijgen om het bezwaar toe te lichten. Ook een bedrijf dat bezwaar maakt namens een belanghebbende kan een hoorzitting aanvragen. De proceshandeling bestaat alleen uit het bijwonen van de hoorzitting, in het Bpb staat niets over een inhoudelijke bijdrage. Een gemeente moet een verzoek tot een hoorzitting inwilligen, óf het bezwaar voor de hoorzitting geheel honoreren.

Als een bedrijf dat laatste wil voorkomen om de aan de hoorzitting verbonden vergoeding niet mis te lopen, kan dat eenvoudig door een grotere verandering van de woz-waarde voor te stellen dan op basis van de grieven redelijk is. 21 Er zijn geen eisen aan bijvoorbeeld het opleidingsniveau van de medewerker die aan de hoorzitting deelneemt of de kwaliteit van de uitgewisselde informatie. Hoewel een hoorzitting bedoeld lijkt voor ‘hoor en wederhoor’ geven gemeenten aan dat er vaak een vooraf vastgestelde tekst wordt voorgelezen en dat de medewerker van het bedrijf vaak niet in staat is om vragen van de gemeente te beantwoorden. Vaak worden hoorzittingen telefonisch of zelfs schriftelijk afgehandeld (zie paragraaf 3.4). Voor iedere handeling worden punten toegewezen. Voor de twee genoemde handelingen is dit standaard elk één punt. Hier wordt een wegingsfactor aan gegeven. Standaard is dit 1, maar hier kan van worden afgeweken als een zaak zeer eenvoudig of juist zeer complex is. Volgens medewerkers van gemeenten die wij hebben gesproken wordt dit in de praktijk niet vaak gedaan. 22 We laten daarom deze mogelijkheid in dit rapport verder buiten beschouwing. De vergoeding per punt wordt

19

Het indienen van een eigen taxatierapport is volgens het Bpb geen proceshandeling en hiervoor geldt een andere

vergoeding (zie hieronder). 20

Zoals eerder aangegeven kan het voldoende zijn om aan te geven dat men het niet eens is met de hoogte van de

woz-waarde. Een onderbouwing is niet altijd nodig voor een gemotiveerd bezwaar, ECLI:NL:HR:2014:86. 21

Het bedrijf ontvangt de kostenvergoeding op basis van het Bpb als een bezwaar geheel of gedeeltelijk wordt

toegekend. De woz-waarde na bezwaar hoeft dus niet de waarde te zijn die het bedrijf in het bezwaar aangeeft. 22

Medewerkers van gemeenten gaven aan dat als zij de wegingsfactor verlagen een bedrijf naar de rechtbank kan

gaan. Rechters oordelen in deze zaken over het algemeen dat de wegingsfactor niet mag worden verlaagd.

COELO

15 Kostenvergoeding volgens Bpb en de woz-beschikking

jaarlijks geïndexeerd. In de bezwaarfase is dit in 2021 265 euro per punt en in de beroepsfase 534 euro per punt. 23 Een bedrijf kan een taxatierapport laten opstellen. Dit wordt in het Bpb niet geschaard onder de proceshandelingen en er geldt een andere vergoedingsstructuur voor. Als een bedrijf een taxatierapport laat opstellen (om te motiveren waarom de woz-waarde moet worden aangepast) dan ontvangt het bedrijf hier een vergoeding voor als het bezwaar wordt gehonoreerd. Ook deze vergoeding is forfaitair. Een taxatierapport kan zowel voor als na de eventuele hoorzitting worden ingediend. Er zijn geen wettelijke eisen aan de kwaliteit van een dergelijk verslag. De taxateur hoeft bijvoorbeeld niet te zijn ingeschreven bij het Nederlands Register Vastgoed Taxateurs (NRVT). De vergoeding bedraagt bij woningen 106 euro en bij niet-woningen om 136 euro bij een uitpandige taxatie. Bij een inpandige taxatie is de vergoeding hoger, namelijk 212 euro voor een woning en 272 euro voor een niet-woning. 24 Voor incourante niet-woningen gelden andere tarieven.

23

Staatscourant 2020, 62581.

24

Het onderliggende uurtarief van de taxateur bedraagt in 2021 53 euro per uur voor woningen en 68 euro voor

courante niet-woningen. Als er een niet-inpandige taxatie wordt uitgevoerd wordt twee uur werk vergoed, bij een inpandige taxatie is dit vier uur (Staatscourant 2018, 28796 en Staatscourant 2020, 62581.).

COELO

16 Kostenvergoeding volgens Bpb en de woz-beschikking

3 Empirische analyse

3.1. Algemeen In het vorige hoofdstuk geven we weer dat bedrijven die namens anderen bezwaar maken tegen de woz-waarde hier alleen een vergoeding voor ontvangen van de gemeente als een bezwaar geheel of gedeeltelijk wordt toegewezen. Bijna 90 procent van de bezwaarschriften die worden ingediend door deze bedrijven heeft betrekking op woningen. 25 Als het gaat om een bezwaar tegen de woz-beschikking van een woning is in het algemeen de enige vergoeding die het bedrijf ontvangt de kostenvergoeding die de gemeente uitkeert op basis van het Bpb. We zagen eerder dat dit forfaitaire bedragen zijn. 26 In dit hoofdstuk presenteren we de resultaten van een empirisch onderzoek naar deze bedrijven. We gaan na wat bedrijven kunnen doen om een kostenvergoeding te krijgen op basis van het Bpb. In paragraaf 3.2 geven we op basis van jaarverslagen kort de kenmerken weer van landelijk opererende bureaus die bezwaar indienen tegen de woz-beschikking op basis van no cure no pay. Vervolgens gaan we na hoe de bedrijven de bezwaren indienen (paragraaf 3.3). Vervolgens schatten wij in welke inspanning het bijwonen van een hoorzitting de bedrijven kost en onderzoeken we of we een verband zien tussen de inspanning die een bedrijf levert en de mate waarin bezwaren worden gehonoreerd (paragraaf 3.4).

Omdat niet alle bedrijven standaard een eigen taxatierapport op laten stellen hebben we te weinig gegevens over taxatierapporten om deze te analyseren. Deze laten we buiten beschouwing.

3.2. Kenmerken landelijk opererende bureaus Jaarlijks wordt de woz-waarde bepaald van circa 9 miljoen objecten. Het gaat hierbij om zowel woningen als niet-woningen. Zoals figuur 1 laat zien wordt voor een klein deel bezwaar aangetekend. In 2018 wordt tegen 1,8 procent van de beschikkingen bezwaar gemaakt. In 2021 is dit gestegen tot 2,7 procent.

25

Waarderingskamer 2021b.

26

Als er bezwaar wordt gemaakt tegen de woz-beschikking van een niet-woning dan kan het zijn dat de

belanghebbende het bedrijf een percentage van het belastingvoordeel betaalt aan het bedrijf dat het bezwaar heeft ingediend (zie paragraaf 2.4). Omdat er veel meer bezwaar wordt gemaakt tegen de waarde van woningen laten we dit in de rest van dit rapport grotendeels buiten beschouwing.

COELO

17 Kostenvergoeding volgens Bpb en de woz-beschikking

Figuur 1 Aantal onroerende zaken en aantal bezwaren (woningen en niet-woningen)

Aantal objecten (in miljoenn)

10 9

9,1

9,0

8,9

8,8

8 7 6 5 4 3 2 1

2018

0,24

0,22

0,19

0,15

0

2019

2020

Totaal aantal onroerende zaken

2021

Aantal bezwaren

Bron: Waarderingskamer 2021 b, bijlage 1.

In figuur 2 is te zien dat tussen 2018 en 2021 een steeds groter deel van de bezwaren wordt ingediend door bedrijven die belanghebbenden vertegenwoordigen. In 2018 gaat het om 34,5 procent van de ingediende bezwaren, in 2021 is dit gestegen tot 46,7 procent. Uit cijfers van de Waarderingskamer blijkt dat jaarlijks circa 40 procent van de bezwaren wordt gehonoreerd.

Figuur 2 Deel bezwaren ingediend op basis van no cure no pay en aantal ingediende bezwaren (cijfers in figuur) 100% 90% 80% 70% 60%

98.900

120.700

130.500

52.100

68.900

89.900

2018

2019

2020

128.700

50% 40% 30% 20% 10% 0%

Op basis van no cure no pay

112.600

2021

Niet op basis van no cure no pay

Bron cijfers: Waarderingskamer 2021b, bijlage 1.

Om een beeld te krijgen van de bedrijven die op basis van no cure no pay namens anderen bezwaar maken tegen de woz-beschikking hebben kijken we naar de jaarrekeningen van de acht bedrijven die landelijk gezien (volgens de

COELO

18 Kostenvergoeding volgens Bpb en de woz-beschikking

Waarderingskamer) 27 de meeste bezwaren indienen. Niet alle bedrijven zijn verplicht een jaarrekening te deponeren bij de Kamer van Koophandel (KvK). Dit is verplicht voor bv’s en nv’s, maar bijvoorbeeld niet voor een vennootschap onder firma (vof). Daarnaast zijn de eisen aan een jaarrekening voor kleine bedrijven beperkt. Onder ‘kleine bedrijven’ wordt verstaan bedrijven waarbij twee jaar achter elkaar is voldaan aan minimaal twee van de volgende kenmerken: de waarde van de activa is lager dan 6 miljoen euro, de netto-omzet is lager dan 12 miljoen euro en er zijn minder dan 50 werknemers. 28 Deze bedrijven hoeven alleen een verkorte balans weer te geven met een toelichting, waarin is beschreven hoe de balans tot stand is gekomen en hoeveel werknemers er zijn. Voor microbedrijven (twee jaar achter elkaar minimaal twee van de volgende kenmerken: activa lager dan 350 duizend euro, netto-omzet lager dan 700 duizend euro en minder dan 10 werknemers) zijn de eisen nog beperkter, zij hoeven slechts een beperkte balans te deponeren, zonder toelichting. 29 Van de acht onderzochte bedrijven zijn er vijf waarvan we een jaarrekening konden opvragen bij de KvK. We gebruiken iedere keer de meest recente jaarrekening die te vinden is (2019 of 2020, zie tabel 3).

Van de drie bedrijven die geen jaarrekening hebben gedeponeerd bij de KvK zijn twee volgens de inschrijving een vof en is één een eenmanszaak. De bedrijven die wel een jaarrekening hebben gedeponeerd bij de KvK blijken beperkt in omvang. Het aantal werknemers varieert van 0 (de werkzaamheden worden bij deze bv uitgevoerd door het bestuur en extern management) tot 31,05 gemiddeld over het betreffende jaar (zie tabel 1).

Tabel 3 Kenmerken grootste landelijk opererende bureaus die bezwaar indienen tegen de woz op basis van no cure no pay

Bedrijf 1 Bedrijf 2 Bedrijf 3 Bedrijf 4 Bedrijf 5 Bedrijf 6 Bedrijf 7 Bedrijf 8

Jaar jaarrekening

Rechtspersoon

# medewerkers

Classificatie Kvk

2019 2020 2019 2020 2019 Nvt Nvt Nvt

Bv Bv Bv Bv Bv Vof Vof Eenmanszaak

1 Niet bekend 31,05 14 0 Niet bekend Niet bekend 1

Klein Klein Klein Klein Micro Nvt Nvt Nvt

Bron: jaarverslag gedeponeerd bij Kamer van Koophandel.

Tien samenwerkingsverbanden hebben ons een volledig overzicht gestuurd over het aantal bezwaren dat in 2020 door ieder bedrijf is ingediend. In deze samenwerkingsverbanden zijn in 2020 30.548 bezwaren ingediend door bedrijven die werken op basis van no cure no pay. Uit de gegevens blijkt dat 90 procent van de bezwaren afkomstig is van de acht bedrijven die worden genoemd in tabel 3. Het 27

Persoonlijke communicatie.

28

Zie https://www.kvk.nl/inschrijven-en-wijzigen/deponeren/jaarrekening-deponeren/waaruit-bestaat-de-jaarrekening/.

29

https://www.kvk.nl/inschrijven-en-wijzigen/deponeren/jaarrekening-deponeren/waaruit-bestaat-de-jaarrekening/.

COELO

19 Kostenvergoeding volgens Bpb en de woz-beschikking

aandeel van deze acht bedrijven varieert bij deze samenwerkingsverbanden van 77 procent tot 96 procent. Volgens de Waarderingskamer zijn er in 2020 in totaal 89.900 bezwaren ingediend door bedrijven die werken op basis van het uitgangspunt ‘no cure no pay’. 30 Als we ervan uitgaan dat de verdeling van de bezwaren richting samenwerkingsverbanden representatief is voor die van de bezwaren aan alle gemeenten dan zijn er landelijk meer dan 80.000 bezwaren ingediend door de acht grootste bedrijven. Het aantal vaste werknemers is, gezien de jaarverslagen, klein. Als er bij ieder bedrijf 10 vaste werknemers zijn (wat een overschatting lijkt gezien tabel 3), dan verwerken die per persoon 1.000 bezwaren per jaar ofwel ruim 4 per dag uitgaande van 236 werkdagen. Een bezwaar van begin tot eind afhandelen zou dan hooguit twee uur kosten, inclusief toerekening van overheadwerkzaamheden. Naast vaste werknemers (of eigenaren/partners) kunnen de bedrijven tijdelijk personeel inzetten. Dat laatste ligt voor de hand omdat veel van de werkzaamheden niet gedurende het hele jaar plaatsvinden, maar in korte perioden. Er is een korte periode waarin bezwaren kunnen worden ingediend en vervolgens een beperkte periode waarin eventuele gegevens kunnen worden verzameld die nodig zijn voor een hoorzitting. Tijdelijk personeel is ook goedkoper dan werknemers in vaste dienst.

3.3. Indienen bezwaren Een bedrijf dat namens anderen bezwaar maakt tegen de woz-beschikking moet ervoor zorgen dat belanghebbenden de benodigde gegevens aanleveren. Bij zeven van de acht landelijk bedrijven die opereren op dit terrein vult een belanghebbende een webformulier in als hij/zij het betreffende bedrijf wil machtigen om bezwaar in te dienen. Bij een aantal bedrijven kan de belanghebbende aankruisen om welke reden bezwaar wordt gemaakt tegen de woz-waarde (zie tabel 4). In tabel 4 is samengevat welke redenen een belanghebbende kan aankruisen op het formulier.

30

Waarderingskamer 2021b, bijlage 1, som woningen en niet-woningen.

COELO

20 Kostenvergoeding volgens Bpb en de woz-beschikking

Tabel 4 Mogelijkheid om bezwaar in te dienen via webformulieren grootste landelijk opererende bedrijven Bedrijf 1 Geen webformulier Belanghebbende kan geen bezwaren aankruisen, moet deze zelf verwoorden Bezwaren op webformulier: Referentie objecten zijn niet correct Objectkenmerken kloppen niet Woz-waarde komt niet overeen met recente verkoop- of taxatiewaarde Gedateerde keuken, badkamer, afwerking Slechte staat van onderhoud/ bouwkundige gebreken Waardevermindering door overlast/ locatie object WOZ-waarde was vorig jaar lager Belanghebbende kruist aan dat bedrijf de bezwaren bepaalt ‘Belanghebbende kan ook zelf bezwaren formuleren’ Overig

Bedrijf 2

Bedrijf 3

Bedrijf 4

Bedrijf 5

Bedrijf 6

Bedrijf 7

Bedrijf 8

x

x x

x x

x

x x x x

x x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x x

x

x

x

x

x x

x

Bij bedrijf 1 is geen webformulier te vinden op de website, alleen een mailadres en een telefoonnummer. Bij twee bedrijven (bedrijf 4 en bedrijf 6) is er geen mogelijkheid om bezwaren aan te kruisen, maar moet de belanghebbende dit zelf verwoorden. Bij bedrijf 3 vult de belanghebbende in hoe oud de badkamer en keuken bij benadering zijn en geeft aan of de kwaliteit van de woning beter of slechter is dan die in de buurt. Daarna verschijnt een door het bedrijf berekende schatting van de woz-waarde en een advies om al dan niet bezwaar te maken. Bij de andere bedrijven kunnen bezwaren worden aangekruist en wordt contact opgenomen door het bedrijf na het insturen van het webformulier. Om een beeld te krijgen van de bezwaren die gemeenten ontvangen hebben we een kleine gemeente – die we hieronder aanduiden als Gaasterzijl – gevraagd om ons alle bezwaren die in 2021 zijn ingediend door bedrijven die werken op basis van no cure no pay geanonimiseerd toe te sturen. Gaasterzijl heeft van bedrijf 6 geen bezwaren ontvangen. Door de andere zeven in dit onderzoek betrokken bedrijven zijn in totaal 45 bezwaren ingediend in deze gemeente. Drie van de bedrijven hebben Gaasterzijl een bezwaar gestuurd waarin geen motivatie is opgenomen waarom de woz-waarde in de beschikking niet correct is.

Twee van deze bedrijven (bedrijf 2 en bedrijf 5) geven hierbij expliciet weer dat de waarde te hoog is, één bedrijf (bedrijf 8) betwist de juistheid maar laat in het midden of de waarde te hoog of te laag is.

COELO

21 Kostenvergoeding volgens Bpb en de woz-beschikking

Van bedrijf 4 bevat een klein deel van de bezwaren (twee van de veertien) een motivatie, in de andere twaalf bezwaren wordt alleen aangegeven dat de woz-waarde te hoog is, zonder aan te geven waarom dit zo is. Alle bezwaren die bedrijf 1, bedrijf 5 en bedrijf 7 indienen bevatten grieven.

Tabel 5 Inventarisatie van bezwaren die zijn ingediend bij één kleine gemeente door de acht grootste landelijk opererende bedrijven

Aantal bezwaren 2021

Bedrijf 1

Bedrijf 2

Bedrijf 3

Bedrijf 4

Bedrijf 5

Bedrijf 6

Bedrijf 7

Bedrijf 8

2

6

3

14

5

0

13

2

Motivatie bezwaar? Geen motivatie bezwaar Deel brieven met motivatie Alleen met motivatie

x

x

x

x x

x

x

Aangevraagd in bezwaarbrief Hoorzitting Proceskostenvergoeding Overiga

x

x

x x

x x

x x

x x

x x

x x

x x

x x x

x

x

x

x

Opgevraagde gegevens Taxatieverslag(en) Grondstaffels Referentieobjecten Taxatiematrix, KOUDVb factoren, rekenmodellen Prijs per m2, m3 object en referentieobjecten Overigc

x x x x

x

x x

x

a Onder meer immateriële schadevergoeding, deskundigen rapport. b KOUDV staat voor kwaliteit, onderhoud, uitstraling, doelmatigheid, voorzieningen. c Prijs overige delen object zoals dakkapel of zwembad, kadastraal uittreksel, kopie aansprakelijkheidsverzekering gemeente.

In de bezwaarbrieven wordt de gemeente gevraagd om gegevens op te sturen. Alle bedrijven vragen om het taxatieverslag, bedrijf 1 niet alleen van het huidige jaar, maar van de afgelopen vijf jaar. Daarnaast wordt door een aantal bedrijven gevraagd om andere gegevens op te sturen die de gemeente heeft gebruikt om de woz-waarde te bepalen (zie tabel 5). De brief wordt daarnaast in alle gevallen gebruikt om alvast een hoorzitting aan te vragen als de gemeente het verzoek niet geheel honoreert. In gesprekken die wij hebben gehad met gemeenten (zie paragraaf 1.3) hebben medewerkers van gemeenten en samenwerkingsverbanden aangegeven dat zij de indruk hebben dat bedrijven de woz-waarde bijna altijd dusdanig sterk willen verlagen dat zij hier niet akkoord mee kunnen gaan. Een bezwaar door een bedrijf leidt volgens hen daarom vrijwel altijd tot een hoorzitting, ook omdat hier standaard om gevraagd wordt. Tabel 5 laat zien dat de bedrijven het ingediende bezwaar ook bijna allemaal gebruiken voor een verzoek om de proceskostenvergoeding rechtstreeks over te maken aan het bedrijf als het bezwaar geheel of gedeeltelijke wordt gehonoreerd. Bedrijf 2 vraagt hier

COELO

x

22 Kostenvergoeding volgens Bpb en de woz-beschikking

niet om in het eerste bericht, maar doet dit verzoek later, als aanvullende informatie wordt opgestuurd (zie later in dit hoofdstuk). Na analyse van de ontvangen bezwaren hebben we een andere kleine gemeente – waarnaar we verwijzen als Oldekoop – gevraagd om alle bezwaren die zijn ontvangen van bedrijf 2 (geen motivatie bezwaar) en bedrijf 7 (bezwaren inclusief grieven) geanonimiseerd op te sturen. Ook hebben we een samenwerkingsverband gevraagd om van beide bedrijven vijf bezwaren op te sturen. 31 Deze bezwaren zijn opgevraagd om een beeld te krijgen van de mate waarin bezwaren richting verschillende gemeenten variëren. Bedrijf 2 blijkt in eerste instantie ook bij Oldekoop en het samenwerkingsverband bezwaren in te dienen zonder grieven. Bedrijf 7 stuurt bij beide meteen bezwaren inclusief grieven, net als bij Gaasterzijl. In het vervolg van deze paragraaf onderzoeken we de ingediende bezwaren. We kijken allereerst naar de berichten zonder grieven en vervolgens naar de bezwaarschriften waarin wel grieven zijn opgenomen.

Berichten zonder grieven Afbeelding 1 en afbeelding 2 laten berichten zien zonder grieven van twee afzonderlijke bedrijven. De geel gemarkeerde delen geven in beide afbeeldingen weer op welke punten de bezwaren van verschillende belanghebbenden verschillen. De niet gemarkeerde delen van iedere brief zijn dus voor elke belanghebbende die zich door het desbetreffende bedrijf laat vertegenwoordigen hetzelfde. Bij de geel gemarkeerde onderdelen gaat het om de naam van de belanghebbende, het adres, het aanslagnummer en soms de woz-waarde. Het is eenvoudig om dit voor meerdere belanghebbenden geautomatiseerd op te stellen.

31

Omdat er binnen de tweede gemeente veel meer woz-objecten zijn was het voor deze gemeente niet mogelijk om

alle bezwaren op te sturen. Bij het samenwerkingsverband gaat het om nog veel meer objecten, daarom is maar een beperkt aantal opgevraagd.

COELO

23 Kostenvergoeding volgens Bpb en de woz-beschikking

Afbeelding 1 Bezwaar bedrijf 2 (x is belanghebbende, y is het bedrijf)

COELO

24 Kostenvergoeding volgens Bpb en de woz-beschikking

Afbeelding 2 Bezwaar bedrijf 5 (x is belanghebbende, y is het bedrijf)

Als een bedrijf een bezwaar opstuurt zonder motivatie dan worden vaak op een later moment gronden voor het bezwaar worden aangegeven. We hebben van gemeente Oldekoop ook de aanvullende brieven die bedrijf 2 in die gemeente heeft ingediend ontvangen. Deze analyseren we in de volgende subparagraaf, waar we de inhoudelijke bezwaren onderzoeken.

Bezwaarschriften met grieven Zoals aangegeven blijken er bij Gaasterzijl, de gemeente waarvan wij alle bezwaren hebben ontvangen, drie bedrijven te zijn die in alle gevallen de grieven meteen

COELO

25 Kostenvergoeding volgens Bpb en de woz-beschikking

toevoegen (bedrijf 1, bedrijf 3 en bedrijf 7). Er is één bedrijf dat dit een enkele keer doet (bedrijf 4). Daarnaast hebben we van gemeente Oldekoop de aanvullende bezwaren ontvangen van bedrijf 2, een bedrijf dat in eerste instantie bezwaren zonder grieven opstuurt. We gaan na hoe de bedrijven die bezwaar maken namens andere bezwaarschriften inclusief grieven opstellen. Hiervoor vergelijken we de grieven zoals afzonderlijke bedrijven deze in de door ons ontvangen bezwaarschriften formuleren. Ook vergelijken we de grieven in de bezwaarschriften met het webformulier dat belanghebbenden hebben ingevuld. Bedrijf 1, alle bezwaren inclusief grieven (Gaasterzijl) Zoals aangegeven aan het begin van paragraaf 3.3 is er van dit bedrijf geen webformulier te vinden op de website. We kunnen daarom niet nagaan of we eventuele aankruisbare gegevens op een formulier kunnen koppelen aan de grieven in de brief. Gaasterzijl heeft twee bezwaren ontvangen van dit bedrijf. Deze twee brieven zijn elk vier kantjes lang, maar afgezien van de naw- en objectgegevens die betrekking hebben op de belanghebbende zijn ze precies hetzelfde.

Bedrijf 3 Alle bezwaren inclusief grieven (Gaasterzijl) Een belanghebbende die bedrijf 5 wil machtigen om bezwaar in te dienen geeft nadat de naw-gegevens zijn ingevuld aan hoe oud de badkamer en de keuken zijn. Daarna wordt een indicatie gevraagd van de kwaliteit van de rest van de woning 32 en wordt gevraagd of de belanghebbende de waarde wil verhogen of verlagen. Vervolgens wordt een waarde van het object op het scherm getoond en volgt een advies of een bezwaar maken zinvol is. 33 Gaasterzijl heeft in 2021 drie bezwaren ontvangen van dit bedrijf. In alle drie de bezwaren wordt in precies dezelfde bewoording aangegeven dat de grond van bezwaar is dat “de woz-waarde onjuist is vastgesteld op basis van de onderlinge waardeverhouding tussen de best vergelijkbare referentiewoningen met recente koopsommen en de betreffende woning.” (tekst bezwaarschriften bedrijf 5). Het bedrijf geeft vervolgens aan zelf de woz-waarde te hebben bepaald op basis van de beschikbare gegevens en geeft de gegevens van drie door het bedrijf geselecteerde referentieobjecten. Deze verschillen per bezwaarschrift. Bij één van de bezwaren die Gaasterzijl heeft ontvangen is naast de standaardbrief met drie referentieobjecten ook een taxatierapport toegevoegd (opgesteld door een taxateur die volgens zijn Linkedin pagina medeoprichter is van het bedrijf).

Dit bedrijf berekent op basis van de gegevens die klanten opgeven bij de intake en op basis van een eigen database een woz-waarde, en adviseert klanten hiermee om al

32

De vraag luidt “Ten opzichte van woningen in uw buurt, hoe is de algemene staat van uw woning (binnenkant en

buitenkant)?” De antwoordopties: “Zeer slecht”, “Matig”, “Normaal goed”, “Zeer goed”, “Luxe”. 33

De onderzoekers hebben de rekenmodule zelf ingevuld. Hieruit blijkt dat de module niet zo is ingesteld dat er altijd

wordt geadviseerd om bezwaar te maken. Als de belanghebbende bijvoorbeeld invult een lagere woz-waarde te willen dan kan na het invullen van de module blijken dat het bedrijf inschat dat de woz-waarde hoger had moeten zijn en dat bezwaar om tot een lagere woz-waarde te komen weinig zin heeft.

COELO

26 Kostenvergoeding volgens Bpb en de woz-beschikking

dan niet bezwaar in te dienen. Daarnaast wordt de berekende woz-waarde gebruikt in het bezwaarschrift richting gemeente, inclusief vergelijkingsobjecten. Dit bedrijf wijkt af van andere bedrijven omdat een belanghebbende na invullen van de gegevens en voordat het bezwaar is ingediend een schatting krijgt van de waarde van het object op basis van een rekenmodule van het bedrijf. Bezwaren die weinig kans maken om te worden gehonoreerd worden er zo mogelijk uitgefilterd. Bedrijf 4, twaalf bezwaren zonder grieven, twee bezwaren inclusief grieven (Gaasterzijl) Als belanghebbenden via bedrijf 4 bezwaar willen laten maken tegen een wozbeschikking dan wordt hier wel een webformulier voor gebruikt, maar op dit formulier kunnen geen redenen om bezwaar te maken worden aangekruist. De belanghebbende moet zelf verwoorden waarom de woz-waarde op de beschikking niet correct is. Dit betekent dus dat het voor dit bedrijf niet mogelijk is om automatisch, op basis van wat wordt aangekruist op het moment dat een belanghebbende aangeeft dat er bezwaar mag worden gemaakt, een brief inclusief grieven op te stellen, tenzij het bedrijf de tekst van de belanghebbende letterlijk overneemt. In de meeste bezwaren die dit bedrijf indient bij gemeente Gaasterzijl zijn (in eerste instantie) geen redenen aangegeven waarom de woz-waarde te hoog is.

Deze bezwaren zijn steeds geheel gelijk, afgezien van de gegevens van de belanghebbende (naw- en objectgevens). Van de twee bezwaarschriften waar wel grieven zijn opgenomen bevat de ene drie grieven en de andere zes grieven. Eén van de grieven komt in beide bezwaarschriften voor en is op exact dezelfde wijze verwoord. Voor de andere grieven geldt dat deze heel algemeen zijn verwoord (zie voor voorbeelden tekstbox 1). Het gaat hier om standaardteksten, bijvoorbeeld over overlast of achterstallig onderhoud, waarin niet wordt ingegaan op details. Er wordt bijvoorbeeld geen specifiek bedrijf genoemd dat overlast geeft of wanneer (in welk jaar) er voor het laatst onderhoud is gepleegd. De teksten zijn makkelijk voor meerdere bezwaren te gebruiken.

COELO

27 Kostenvergoeding volgens Bpb en de woz-beschikking

Tekstbox 1 Voorbeelden verwoording grieven door bedrijf 4 in bezwaarschriften Gaasterzijl

“Bij de waardebepaling van een object dient uitgegaan te worden van de waarde in het economische verkeer. lngevolge artikel 17, tweede lid van de Wet Waardering Onroerende Zaken (Wet WOZ) is dit de waarde die aan een onroerende zaak dient te worden toegekend, indien de volle en onbezwaarde eigendom daarvan, te weten leeg, zonder hypotheek en zonder andere zakelijke rechten, zou kunnen worden overgedragen en de verkrijger de zaak in de staat waarin die zich bevindt, onmiddellijk en in volle omvang in gebruik zou kunnen nemen. De waarde in het economische verkeer dient onafhankelijk van de oude waarde te worden vastgesteld. Tijdens de oorspronkelijke taxatie dient u de Wet WOZ en de geldende jurisprudentie in acht te nemen. Daarbij dient u ook de waarderingsinstructie jaarlijkse waardebepaling te volgen. Indien u hiervan af wenst te wijken verzoek ik u dit, gelet op het gelijkheidsbeginsel mede te delen in de uitspraak.”

“Het onderhavige object is gelegen nabij een bedrijf/winkel, waardoor sprake is van overlast. Met deze nadelige ligging heeft u onvoldoende rekening gehouden bij het vaststellen van de waarde.”

“De algehele indruk aan de binnenzijde van het onderhavige object is matig te noemen. U heeft tijdens de oorspronkelijke taxatie hiermee onvoldoende rekening gehouden waardoor de waarde te hoog is vastgesteld.”

Bedrijf 7 Alle bezwaren inclusief grieven (bezwaarschriften van Gaasterzijl, Oldekoop en samenwerkingsverband) Bedrijf 7 heeft zowel aan Gaasterzijl als aan Oldekoop en het eerdergenoemde samenwerkingsverband bezwaren inclusief grieven ingediend. Een belanghebbende die bedrijf 7 wil machtigen vult een webformulier in. Naast naw- en objectgegevens wordt gevraagd om aan te kruisen wat de redenen zijn om bezwaar aan te tekenen. Er is ook een mogelijkheid voor de belanghebbende om dit zelf te formuleren (zie afbeelding 3).

COELO

28 Kostenvergoeding volgens Bpb en de woz-beschikking

Afbeelding 3 Screenshot invulformulier van bedrijf 7

Bron: website bedrijf 7

In de bezwaarschriften die bedrijf 7 heeft ingediend bij Gaasterzijl (13 bezwaren) en Oldekoop (14 bezwaren) en het samenwerkingsverband (5 bezwaren) worden één tot vier bezwaren genoemd. Er zijn in deze brieven vijf verschillende bezwaren te vinden die iedere keer als ze in een bezwaarschrift worden vermeld op exact dezelfde wijze worden geformuleerd (box 2). Daarnaast staan de bezwaren iedere keer in exact dezelfde volgorde. Ieder bezwaarschrift bevat het eerst bezwaar in box 2. In 7 van de 27 bezwaarschriften die Gaasterzijl en Oldekoop hebben ontvangen is dit het enige bezwaar, in de andere bezwaarschriften zijn meer grieven opgenomen. We hebben van het samenwerkingsverband alleen bezwaarschriften ontvangen waarin alleen de eerste grief wordt gemeld.

COELO

29 Kostenvergoeding volgens Bpb en de woz-beschikking

Tekstbox 2 Bezwaren die bedrijf 7 in bezwaarschriften aan Gaasterzijl en Oldekoop heeft opgenomen (als een bezwaar is opgenomen is deze gelijk aan de formulering in deze tekstbox)

Er is onvoldoende rekening gehouden met de verschillen tussen de referentiewoningen en woning van belanghebbende. Bij de vaststelling van de WOZ-waarde is onvoldoende rekening gehouden met de verschillen in perceeloppervlakte, wooninhoud, bijgebouwen en specifieke factoren. Op basis van de verstrekte gegevens is het niet mogelijk de vastgestelde WOZ-waarde te herleiden. Graag verzoeken wij u een transparante berekening te overleggen ter onderbouwing van de WOZ-waarde. Ik verwijs u naar de uitspraak van het Hof Arnhem, d.d. 8 november 2011, LJN: BU4959. Er is onvoldoende rekening gehouden met achterstallig onderhoud aan de woning Er is geen of onvoldoende rekening gehouden met het matig tot slechte in- en uitpandige onderhoud van de woning, zijnde achterstallig schilderwerk, rotte kozijnen en lekkage. Ik verwijs u naar de uitspraak Rb. Haarlem, 12 juni 2006 Awb 05/5525. Om tot een reële vaststelling van de WOZ-waarde te komen is belanghebbende van mening dat een aftrek van 5% van de WOZ-waarde voor het achterstallige onderhoud gerechtvaardigd is. Er is onvoldoende rekening gehouden met de gedateerdheid van de woning Er is geen of onvoldoende rekening gehouden met de nagenoeg oorspronkelijke toestand waarin de woning zich verkeert. Woning van belanghebbende heeft een eenvoudige gedateerde keuken, badkamer en woon- en slaapkamers.

De toestand van de woning voldoet niet aan de eisen van deze tijd derhalve dient rekening te worden gehouden met een waardedrukkend effect. Ik verwijs u naar de uitspraak Rb. 's­ Gravenhage 10 februari 2006, LJN: AY0268. Om tot een reële vaststelling van de WOZ­ waarde te komen is belanghebbende van mening dat een aftrek van 10% van de WOZ­ waarde voor de gedateerdheid van de woning gerechtvaardigd is. Er is geen rekening gehouden met de ligging aan een drukke doorgaande weg De doorgaande weg waaraan onderhavige woning ligt, veroorzaakt geluids- en stankoverlast welke een waardedrukkend effect hebben op de economische waarde van de woning. Ik verwijs u naar de uitspraak HR 11 mei 2012, LJN: BW5377. Om tot een reële vaststelling van de WOZ-waarde te komen is belanghebbende van mening dat een aftrek van €15.000,- voor de ligging aan een drukke weg gerechtvaardigd is. Er is geen rekening gehouden met de overlast van de nabijgelegen school Aanwezigheid van deze school veroorzaakt geluids- en parkeeroverlast welke een waardedrukkend effect heeft op de economische waarde van de woning. Ik verwijs u naar de uitspraak van Rb. Dordrecht 10 januari 2012, zaaknummer 11/34. Om tot een reële vaststelling van de WOZ-waarde te komen is belanghebbende van mening dat een aftrek van €10.000,- voor de overlast van de school gerechtvaardigd is.

Bron: bezwaarschriften gemeente Gaasterzijl en Oldekoop en een samenwerkingsverband

Als we de redenen die klanten kunnen aankruisen om bezwaar te maken tegen de woz-waarde (afbeelding 3) vergelijken met de grieven die zijn weergegeven in tekstbox 2 dan valt op dat alle vermelde grieven kunnen worden gekoppeld aan een aan te kruisen bezwaar. Gecombineerd met het feit dat de grieven door dit bureau steeds op exact dezelfde wijze worden geformuleerd en in dezelfde volgorde weergegeven in de

COELO

30 Kostenvergoeding volgens Bpb en de woz-beschikking

bezwaarschriften wijst dit erop dat het mogelijk is om grieven in hoge mate geautomatiseerd op te nemen in een bezwaarschrift. Aanvullende bezwaren bedrijf 2 (Oldekoop) Gaasterzijl en Oldekoop hebben in 2021 van bedrijf 2 in eerste instantie bezwaren ontvangen waarin niet werd aangegeven waarom de woz-waarde niet correct is volgens het bedrijf. Oldekoop heeft ons de bijbehorende aanvullende bezwaren gestuurd. Het betreft 22 bezwaren. Een belanghebbende die dit bedrijf wil machtigen om bezwaar te maken tegen de wozwaarde kan op het webformulier drie gestandaardiseerde redenen aankruisen: - woning recent gekocht voor een lager bedrag, - woning is recent getaxeerd, - woning is gedateerd (oude badkamer, keuken, toilet, etc.). Daarnaast is er een invulvak waar de belanghebbende zelf redenen kan formuleren. Ten slotte kan worden aangekruist dat de belanghebbende de reden voor bezwaar overlaat aan het bedrijf. De grieven in de bezwaarschriften bestaan deels uit standaardteksten. Er worden echter bij teksten vaak ook specificaties gegeven. Als de badkamer, keuken en/of toilet zijn verouderd dan wordt bijvoorbeeld aangegeven hoe oud deze zijn. Als er overlast is door een drukke weg dan wordt bij drie van de zes bezwaren gespecificeerd om welke weg het gaat (zie tekstbox 3). Daarnaast lijken bezwaren die belanghebbenden zelf formuleren deels letterlijk te worden overgenomen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Stein&id=45b37e6a-77a9-48f4-9c15-b9f04b50b292