3. GEMEENTE STEIN - OMGEVINGSVISIE -V2.pdf
Tekst van het document
8.2.1 Sociale en vitale wijken en de
vermindering van de CO2-uitstoot (in
We faciliteren onze inwoners bij de
Wij willen in de gemeente Stein een
2030 met 49% verlaagd en in 2050 is de
8.2
aan de energietransitie
energietransitie
totstandkoming van de energietransitie.
gemeente Stein energieneutraal).
Wij informeren onze inwoners en stimuleren
Wat gaan we doen?
inwoners. Hierbij staat betrokkenheid en
projecten en eigen initiatieven van
De volgende hoofddoelen zijn in de
participatie van onze inwoners centraal.
• Faciliteren en bijdragen aan de realisatie
bij het meenemen van het particuliere
• Stimuleren van verduurzamen woningen
energietransitie is energiebesparing een
Energievisie opgenomen:
Woningcorporaties zien wij als startmotor
van de energietransitie
bezit in de energietransitie. Naast de
en gebouwen (warmte en elektriciteit)
belangrijke maatregel.
maatregelen ten behoeve van de
De energietransitie in wijken en kernen
• Zorgvuldige inpassing van de
energietransitie in de omgeving
Gemeente Stein / Ontwerp Omgevingsvisie 2040 / Deel 2
verbinden wij aan de transformatie en het
87
verduurzamen van de woningvoorraad (zie hoofdstuk 5). In 2050 dienen uiteindelijk
Wat gebeurt er al en wat
van het aardgas af te zijn en aangesloten
zijn de ontwikkelingen?
De doelstelling voor 2030 is om 20%
Naar aanleiding van deze ambities
aardgas af te sluiten en middels een
levensloopbestendig wonen is het project Dubbel
alle woningen en gebouwen in Nederland te zijn op een alternatieve warmtebron. van de woningen in Nederland van het alternatieve warmtebron te verwarmen. Naast plaatsing van zonnepanelen op
daken en mogelijkheden voor duurzame opwek van energie op land vanuit de RES wordt de Transitievisie Warmte
(TVW) opgesteld. De resultaten van de
RES en de Regionale Structuur Warmte
(onderdeel van de RES) vormen input voor deze TVW. In de TVW wordt vastgesteld welke wijk voor 2030 van het gas af
uit onze Energievisie en onze visie op
Duurzaam Stein ontstaan. Dit project bestaat uit diverse deelprojecten, zoals het aanbieden van
energie- en zorgscans, informatiebijeenkomsten,
duurzaamheidsloket (telefonisch en fysiek) én het
Huis van de Toekomst. Alle deelprojecten hebben als doel om inwoners uit de gemeente Stein
te informeren en enthousiasmeren aangaande
levensloopbestendig wonen en het verduurzamen van woningen.
gaat en welke alternatieve warmtebron
8.2.2 Een veilige en gezonde leefomgeving
beste oplossing is. Hierbij wordt ook een
Om de veiligheid en gezondheid te
in deze wijk volgens de gemeente de
doorkijk gegeven naar 2050, wanneer de gehele woningvoorraad van het (aard)
gas af moet zijn. De TVW wordt uiterlijk in december 2021 door de gemeenteraad
vastgesteld. De doelen uit de TVW worden in een vervolgtraject verwerkt in specifieke wijkuitvoeringsplannen waarin per wijk
de transitie wordt beschreven die de wijk
dient te ondergaan om van het (aard)gas te gaan en om aangesloten te worden op een alternatieve warmtevoorziening.
In het kader van de leefkwaliteit van onze wijken en kernen hanteren we
het uitgangspunt van multifunctioneel ruimtegebruik. Dit wil zeggen dat een combinatie van verschillende functies
de voorkeur heeft boven enkelvoudige functies.
en de energietransitie
waarborgen willen wij zicht hebben op de
veiligheidsaspecten die samenhangen met de energietransitie en nieuwe technische ontwikkelingen zodat wij risicobronnen
kunnen identificeren en meenemen in de
verdere planvorming. Wij zetten in op een veilige energietransitie.
8.2.3 Unieke omgevingskwaliteiten en de energietransitie
Zoals eerder aangegeven is voor de
energietransitie (schaarse) ruimte in de fysieke leefomgeving noodzakelijk. Dit
betekent dat er ruimtelijke keuzen gemaakt dienen te worden. Het leidende principe
voor ons als gemeente is een zorgvuldige
inpassing van de maatregelen in de fysieke leefomgeving en dan met name in ons
buitengebied, zodat een balans bestaat
tussen enerzijds het versterken van onze
unieke omgevingskwaliteiten en anderzijds
Gemeente Stein / Ontwerp Omgevingsvisie 2040 / Deel 2
88
de urgente opgaven in het kader van
Wat gebeurt er al en wat zijn de
de energietransitie. Om onze unieke
ontwikkelingen?
versterken hanteren we het uitgangspunt
In het afwegingskader voor de RES is een
Dit wil zeggen dat een combinatie van
het opwekken van duurzame energie.
omgevingskwaliteiten te behouden en te van multifunctioneel ruimtegebruik.
verschillende functies de voorkeur heeft boven enkelvoudige functies.
Een belangrijk aanvullend uitgangspunt is
dat er tot 1 juli 2024 vanuit de RES primair
wordt ingezet op grootschalige opwek van
zonne-energie op daken, bedrijventerreinen en parkeerterreinen. Vanaf 1 juli 2024
rangorde vastgesteld voor zoekgebieden voor Deze rangorde houdt geen volgtijdelijkheid
in. Dit betekent dat er niet gewacht hoeft te
worden met het aanleggen van een zonneweide op bijvoorbeeld parkeerterreinen voordat alle beschikbare en geschikte daken vol liggen. Windenergie is in de gemeente Stein niet mogelijk.
is het mogelijk om onder voorwaarden
Er is gekozen voor de volgende rangorde:
te realiseren op andere gronden. Hiertoe
gemeentelijke gebouwen en bedrijven/
grootschalige opwek van zonne-energie worden nadere voorschriften opgesteld
• Zon op daken van woningen, loodsen
in een ruimtelijk afwegingskader voor de
• Zon op parkeerterreinen, bedrijven–
gronden in de gemeente Stein.
• Zon op landbouwgebied (mogelijkheden
opwek van zonne-energie op daken en
In hoofdstuk 7 (onderdeel bodem en
ondergrond) is reeds gewezen op de
terreinen en braakliggende grond
vanaf juli 2024 op basis van op te stellen ruimtelijk afwegingskader)
mogelijk toenemende ruimtelijke druk ten
Naast deze zoekgebieden zijn er ook enkele
in het kader van de energietransitie. Op dit
die daarom geen deel uit maken van de
gevolge van infrastructurele maatregelen
moment is nog niet duidelijk wat dit voor onze gemeente betekent. In dit stadium, waarin nog een alternatieve warmtebron
gekozen moet worden en onduidelijk is waar
en hoeveel elektriciteit lokaal opgewekt gaat
gebieden met een geringe opbrengst,
RES, en zijn enkele uitsluitingsgebieden
aangewezen (zie ook de toelichting op de RES in 8.2.5):
• Gebieden met verwachte geringe opbrengst
worden en het benodigde transport hiervan,
- Zon op parkeerterreinen kleiner
wat betreft kabeldruk. Wij zullen dit in de
- Zon langs wegen en dijken
is het nog te vroeg om conclusies te trekken toekomst uitdrukkelijk monitoren.
dan 300 m2
(infrastructuur)
- Zon op erven in het buitengebied • Uitsluitingsgebieden
- Uitsluitingsgebieden infrastructuur - Uitsluitingsgebieden bewoning en
bebouwing (o.a. minimale afstanden)
- Landschapszones en natuurwaarden
Gemeente Stein / Ontwerp Omgevingsvisie 2040 / Deel 2
89
- Landbouwgebieden in het Nationaal
Wat gebeurt er al en wat zijn de
Landschap Zuid-Limburg
ontwikkelingen?
NOVI of ander (nationaal) beleid en wet-
Momenteel wordt onderzocht hoe, in
- Uitsluitingsgebieden vanuit het POL, de en regelgeving
8.2.4 Een bereikbare en bedrijvige gemeente en energietransitie
In de Energievisie 2018-2021 hebben wij als hoofddoel opgenomen dat we bedrijven willen stimuleren om deel te nemen aan
de energietransitie. In het kader van het
verduurzamen van onze bedrijventerreinen is de energietransitie hier een onderdeel van. Denk hierbij aan het plaatsen van
zonnepanelen op daken of het vergroenen
van daken. In hoofdstuk 7 zijn wij ingegaan op onze ambitie om de lokale economie
te versterken door een transitie naar een
duurzame economie (CO2-neutraal in 2050) waarbij hergebruik van grondstoffen (mede in relatie tot afvalbeheer) kansen biedt. Een van de doelstellingen uit onze
Energievisie is het verduurzamen van de
mobiliteit. In hoofdstuk 7 hebben wij onze
ambities geformuleerd met betrekking tot duurzame mobiliteit en logistiek. Onze ambities met betrekking tot duurzame mobiliteit zijn nader uitgewerkt in het Programma Mobiliteit.
samenwerking met de RUD Zuid-Limburg,
een pilot gestart kan worden om bedrijven te
begeleiden in het proces van deelname aan de energietransitie.
Daarnaast is er een informatie- en
energiebesparingsplicht die bedrijven stimuleert en verplicht om energiebesparingsmaatregelen te nemen met een terugverdientijd van vijf
jaar. Vanaf 1 januari 2023 geldt eveneens de
verplichting dat kantoorgebouwen (met enkele
uitzonderingen) minimaal dienen te voldoen aan energielabel C.
8.2.5 Regionale Energiestrategie (RES) Zuid-Limburg
In 2019 is het Nationaal Klimaatakkoord getekend. Dit Klimaatakkoord is
de Nederlandse uitwerking van de
internationale klimaatafspraken van de klimaattop van Parijs in 2015. Op basis van het Klimaatakkoord stellen alle
gemeenten, provincies en waterschappen gezamenlijk per regio een Regionale
Energie Strategie (RES) op. De RES is
een instrument om gezamenlijk te komen tot keuzes voor (1) grootschalige opwek van duurzame elektriciteit op land (door middel van zonnepanelen op daken en
land en windmolens), (2) de warmtetransitie in de gebouwde omgeving (Regionale
Structuurvisie Warmte) en (3) de benodigde opslag en infrastructuur.
De Regionale Energiestrategie (RES) bestaat uit 2 opgaven:
• Opgave Elektriciteit: een strategie voor
een onderbouwd en afgewogen aanbod van de regio
Gemeente Stein / Ontwerp Omgevingsvisie 2040 / Deel 2
90
• wat betreft mogelijk op te stellen
In de RES-regio Zuid-Limburg wordt de RES
minimaal onderverdeeld in zon en
zijn Maastricht-Heuvelland, Parkstad en de
worden opgewekt met zonneparken en
de RES Zuid-Limburg bedraagt 1,333 TWh.
gemeenten samen 35 TWh. De opgave
aan bij.
de landelijke behoefte van duurzame
Opgave elektriciteit
duurzaam opwekvermogen op land,
vormgegeven vanuit drie sub-regio’s. Dit
wind. Deze duurzame energie dient te
Westelijke Mijnstreek. Het totale bod voor
windmolens op land, totaal voor alle
De gemeente Stein draagt hier 0,058 TWh
elektriciteit is bedoeld als bijdrage aan energie.
• Opgave Gebouwde omgeving: een
Voor de gemeente Stein is voor de RES een afwegingskader opgesteld aan de
strategie voor de Regionale Structuur
hand waarvan de potentiële hoeveelheid
de huidige situatie op het gebied
Uit onderzoek is naar voren gekomen
infrastructuur op regionaal niveau. Deze
mogelijkheden zijn voor windenergie in
de Transitievisie Warmte (TVW) die elke
vliegveld, het beschermingsgebied van
vaststellen. Deze TVW schetst per wijk
clustering van minimaal 3 windmolens.
Voor de wijken waarvan de transitie vóór
De gemeente Stein heeft op basis van
alternatieve energiebronnen en
geformuleerd waarbinnen zonne-energie
Warmte (RSW) met daarin opgenomen
opwek in de gemeente Stein is berekend.
van warmteaanbod, warmtevraag en
dat er voor het tijdspad tot 2030 geen
strategie is tevens belangrijke input voor
verband met de aanwezigheid van het
gemeente voor het einde van 2021 moet
Rivierenpark Maasvallei en eisen voor
het tijdspad naar aardgasvrije wijken.
2030 gepland is, zijn ook de potentiële
het afwegingskader zoekgebieden
-infrastructuren bekend.
gerealiseerd kan worden. Binnen deze
zoekgebieden wordt gewerkt met een
Elke gemeente neemt hiermee een deel
zogenoemde benuttingsgraad, dit is
rekening. De RES heeft een horizon van
redelijkerwijs verwacht kan worden dat
gezamenlijke bod van de 30 regio’s aan
opwekking van elektriciteit. Door uit te
gestelde landelijke doel van 35 TWh, zal het
wordt zorg gedragen voor een zorgvuldige
van een regionale herverdelingssystematiek
zonneweides voor de opwek van duurzame
aanwijzen’. De inspanningsverplichting
van de oppervlakte van de zoekgebieden
resultaatsverplichting.
inschatting gemaakt van de hoeveelheid
van de klimaatdoelstellingen voor haar
het deel van het zoekgebied waarvan
2030 met een doorkijk naar 2050. Als het
deze ook daadwerkelijk wordt benut voor
de nationale opgave niet optelt tot het
gaan van een laag benuttingspercentage
Rijk de nationale doelstellingen door middel
toekomstige (ruimtelijke) inpassing van
toedelen. Anders gezegd: ‘van bovenaf
elektriciteit in de gemeente Stein. Op basis
die de RES nu inhoudt, wordt dan een
en de bijbehorende benuttingsgraad is een
Gemeente Stein / Ontwerp Omgevingsvisie 2040 / Deel 2
zonne-energie die kan worden opgewekt.
91
In de RES voor de gemeente Stein
• Natura2000-gebieden
is het volgende afwegingskader met
- Landbouwgebieden in het Nationaal
rangorde van zoekgebieden geformuleerd:
- Uitsluitingsgebieden vanuit het POL, de
bijbehorende benuttingspercentages en
• Zon op daken van woningen,
gemeentelijke gebouwen en bedrijven/
loodsen
- Benutbaarheid daken >285 m2: 30%
- Benutbaarheid daken beschermd stadsof dorpsgezicht: 12,5%
• Zon op parkeerterreinen, bedrijven– terreinen en braakliggende grond
Landschap
NOVI of ander (nationaal) beleid en weten regelgeving
Het afwegingskader volgt het huidige
beleid zoals vermeld in de Strategische
toekomstvisie 2018-2022 van de gemeente Stein, de Energievisie Stein 2018-2021 en de voorlopige zonneladder van de
Provincie. De benuttingspercentages zijn gebaseerd op gegevens van NP RES en
- Benutbaarheid parkeerterreinen
andere (beleids)overwegingen.
- Benutbaarheid braakliggend terrein: 10%
Het definiëren van zoekgebieden
• Zon op landbouwgebied
in alle genoemde zoekgebieden ook
> 300 m2: 10%
- Benutbaarheid landbouwgebied: 10%
- Vanaf juli 2024 onder voorwaarden (zie toelichting hieronder)
• Gebieden met verwachte geringe opbrengst (geen onderdeel van RES-bod):
binnen de gemeente betekent niet dat daadwerkelijk opwek van duurzame
elektriciteit gerealiseerd zal worden. Het
totale bod van de gemeente Stein bedraagt 0,058 TWh. Dat is echter nog onvoldoende
om alle in Stein gebruikte energie duurzaam op te wekken. Tot 1 juli 2024 wordt ingezet op de opwek van zonne-energie op daken,
- Zon op parkeerterreinen kleiner
bedrijventerreinen (en braakliggende
- Zon langs wegen en dijken
opstellen van een ruimtelijk afwegingskader
- Zon op erven in het buitengebied
en gronden in de gemeente Stein wordt
• Uitsluitingsgebieden:
na 1 juli 2024 noodzakelijk is om de
dan 300 m2
terreinen) en parkeerterreinen. Middels het
(infrastructuur)
voor de opwek van zonne-energie op daken beoordeeld of inzet van landbouwgronden
- Gebieden die door NP RES als
doelstelling van 2030 te behalen. Hierbij
- Uitsluitingsgebieden infrastructuur
criteria, zoals specifieke technische
uitsluitingsgebieden zijn aangewezen
wordt gekeken naar aanvullende (zachte)
- Uitsluitingsgebieden bewoning en
voorwaarden m.b.t. inrichting, inpassing en
- Landschapszone en natuurwaarden
m.b.t. participatie en inbreng van de
gebouwen (o.a. minimale afstanden)
beheer; procesmatige randvoorwaarden
• Natuur in goudgroene natuurzones
omgeving; maar ook financiële rand–
• Natuur in bronsgroene landschapszones
eigenaren, omwonenden en gemeente.
• Natuur in zilvergroene natuurzones
Gemeente Stein / Ontwerp Omgevingsvisie 2040 / Deel 2
voorwaarden m.b.t. profijt voor (grond)
92
In dit stadium van opstellen van de RES is
Voor de Regionale Structuur Warmte (RSW)
zijn die genomen dienen te worden voordat
volgende vijf strategieën:
dit nog niet uitgewerkt, daar dit stappen vergunningen kunnen worden verleend
is in het onderzoek uitgegaan van de
voor de daadwerkelijke realisatie van opwek
• Strategie 1:
Opgave gebouwde omgeving
• Strategie 2:
van energie op een locatie.
Voor de opgave gebouwde omgeving
(warmte) is onderzoek gedaan naar de
warmtevraag en mogelijke alternatieve
warmtebronnen in de regio, hiervan is een overzicht gemaakt en is per wijk/buurt
vastgesteld welke oplossing(en) de laagste nationale/maatschappelijke kosten20 heeft. Dit is de Regionale Structuur Warmte
(RSW). Er zijn in dit stadium nog geen
besluiten genomen over de definitieve
keuze van een alternatieve warmtebron per wijk Hierin wordt pas een keuze gemaakt
wanneer deze RSW nader wordt uitgewerkt in de Transitievisie Warmte (TVW).
Individuele elektrische warmtepomp;
Warmtenet met midden- of hoge temperatuur bron;
• Strategie 3:
Warmtenet met lage temperatuur bron;
• Strategie 4:
Hernieuwbaar gas met hybride warmtepomp;
• Strategie 5:
Hernieuwbaar gas met een hr-ketel.
In de landelijke Startanalyse is per wijk bekeken welke strategie op basis van
‘laagste nationale kosten’ het goedkoopste zou zijn. Deze informatie is verwerkt in de 20
Niet hetzelfde als eindverbruikerskosten.
analyse van de warmtebronnen voor de
RES. Zo blijkt dat met name in de stedelijke gebieden van Zuid-Limburg een warmtenet met midden- of hoge temperatuurbron
(strategie 2), indien onbeperkt beschikbaar, de goedkoopste oplossing is. De landelijke gebieden zijn meer aangewezen op een individuele elektrische/hybride
warmtepomp, al dan niet aangevuld met hernieuwbaar gas.
Strategie 4 en 5 zijn voor de warmtevraag van 2030 momenteel zeer beperkt
toepasbaar, omdat hernieuwbaar gas,
zoals biogas en waterstofgas, nog niet (in voldoende mate) beschikbaar is. Met de
op dit moment beschikbare hoeveelheid
Gemeente Stein / Ontwerp Omgevingsvisie 2040 / Deel 2
93
alternatieve warmte, o.a. vanuit de
Wat gebeurt er al en wat zijn de
restwarmte van Chemelot en andere lokale
ontwikkelingen?
20% van de woningen en gebouwen in
Wij stimuleren inwoners (middels ons Dubbel
worden bereikt.
bedrijven (middels de nog op te starten
bronnen, kan de doelstelling om in 2030
Zuid-Limburg van het aardgas af te halen
8.2.6 Energiebesparing
Energiebesparing kan niet los worden
gezien van de energietransitie. Energie
die wordt bespaard, hoeft immers niet te
worden opgewekt. Energiebesparing leidt dus indirect tot ruimtebesparing.
De verwachting is echter dat een eventuele energiebesparing op de korte termijn
op de lange termijn teniet wordt gedaan
door de veranderingen als gevolg van de energietransitie. We zullen een andere
manier moeten vinden voor onze manier van koken, verwarmen en vervoer welke
Duurzaam project en het Huis van de Toekomst), pilot) en maatschappelijke organisaties om
energiebesparende maatregelen te nemen en verspilling van energie tegen te gaan.
Als gemeente geven wij zelf ook het goede
voorbeeld door hiermee actief aan de slag te
gaan (o.a. verduurzamen van ons maatschappelijk vastgoed, reduceren van het energieverbruik van de openbare verlichting). 8.3
Uitgangspunten thema Energietransitie Energiebesparing is onlosmakelijk
verbonden met de energietransitie. Energie die bespaard wordt hoeft niet te worden opgewekt.
we nu nog vooral met fossiele brandstoffen
Er vindt een zorgvuldige afweging
termijn vooral gebruik gemaakt zal worden
maatregelen die samenhangen met de
doen. De verwachting is dat hiervoor op
van elektriciteit en elektrische alternatieven waardoor de elektriciteitsvraag (sterk) zal toenemen.
en inpassing plaats van de ruimtelijke
energietransitie, zodat een balans bestaat tussen enerzijds het versterken van onze
unieke omgevingskwaliteiten en anderzijds de urgente opgaven in het kader van de energietransitie.
We gaan uit van multifunctioneel
ruimtegebruik. Dit wil zeggen dat een combinatie van verschillende functies
de voorkeur heeft boven enkelvoudige functies.
Gemeente Stein / Ontwerp Omgevingsvisie 2040 / Deel 2
94
Deel 3 Basisprincipes en uitgangspunten Grenspaal, Maasband (Foto: Els Driessen)
95
Leeswijzer deel 3 Basisprincipes en uitgangspunten In de hoofdstukken 4 tot en met 8 zijn de ambities, ontwikkelingen en uitgangspunten thematisch uitgewerkt en daarbij is een verbinding gemaakt met de strategische
toekomstvisie. In de Omgevingsvisie dienen de hoofdzaken van het voor de fysieke
leefomgeving te voeren integrale beleid weergegeven te worden. Hoewel thematisch ingestoken, geven de voorgaande hoofdstukken ieder vanuit een bepaalde invalshoek invulling aan de leefkwaliteit in onze gemeente.
Zoals eerder aangegeven gebruiken we het begrip ‘leefkwaliteit’ als kapstok om de
vijf thema’s onderling te verbinden. Leefkwaliteit is een breed begrip en omvat zowel
fysieke, sociale, culturele, economische en milieukenmerken van de leefomgeving. De vijf thema’s geven ieder hun eigen accent aan deze aspecten van leefkwaliteit. Zo ligt in het thema sociale en vitale wijken en kernen een accent op het sociale aspect van
de fysieke leefomgeving en bij het thema een bereikbare en bedrijvige leefomgeving ligt de nadruk op de economische kenmerken. Door deze verschillende accenten per thema kunnen spanningsvelden ontstaan tussen de verschillende aspecten van leefkwaliteit. Om per thema focus aan te brengen, zijn in de afzonderlijke
hoofdstukken een aantal uitgangspunten opgenomen die als basis dienen voor ons integraal te voeren beleid.
In dit deel van de Omgevingsvisie worden basisprincipes geformuleerd die leidend zijn bij het voeren van integraal beleid in het kader van de fysieke leefomgeving.
Daarnaast worden de eerder beschreven thematische uitgangspunten gebiedsgericht vertaald. Op deze wijze wordt een strategisch afwegingskader geformuleerd dat
de basis vormt voor het maken van ruimtelijke keuzen zoals o.a. vastgelegd in het omgevingsplan en de verdere uitwerking in programma’s. Daarnaast kunnen de
basisprincipes en uitgangspunten als (afwegings)kader worden gebruikt bij concrete casussen waarbij van het omgevingsplan wordt afgeweken.
96
Hoofdstuk 9 Basisprincipes integraal beleid fysieke leefomgeving 9.1
Basisprincipes integraal beleid fysieke leefomgeving Basisprincipe 1
en specifieke kenmerken en kwaliteiten
in een gebied kunnen ook verschillende afwegingen gelden. In de volgende
paragraaf wordt dan ook onderscheid
Als eerste basisprincipe hanteren we: ‘de
gemaakt in algemene afwegingsprincipes en
woongemeente in de Maasvallei waar het
zijn binnen een bepaald gebied.
met ruimte voor particulier initiatief en
Basisprincipe 4
gemeente Stein als eigenzinnige groene
dorps wonen is in een verstedelijkt gebied ondernemerschap’. Basisprincipe 2
afwegingen/prioriteiten die van toepassing
De Omgevingsvisie is weliswaar vastgesteld door de gemeenteraad, maar het is een
visie die we niet alleen als gemeente verder
Om basisprincipe 1 te realiseren is het
gaan vormgeven. Dit doen we uiteraard
in al haar facetten een bijdrage dient
maatschappelijke organisaties,
leefkwaliteit in Stein als woongemeente. Dit
Samenwerking is hierbij het sleutelwoord,
en ontwikkelingen niet alleen het fysieke
allemaal bindt en dat is ervoor zorgen
van leefkwaliteit (dus behalve de fysieke
woongemeente blijft. Zoals ook tijdens de
milieu, veiligheid en gezondheid) moeten
aangegeven moeten we niet denken en
noodzakelijk dat de fysieke leefomgeving
samen met inwoners, ondernemers,
te leveren aan het versterken van de
medeoverheden en andere betrokkenen.
betekent ook dat bij ruimtelijke opgaven
waarbij we uitgaan van datgene wat ons
aspect centraal staat, maar alle facetten
dat de gemeente Stein die eigenzinnige
kenmerken ook sociale, economische,
werkconferentie door stakeholders werd
worden meegenomen en afgewogen.
handelen in tegenstellingen. Het gaat er om
Basisprincipe 3
kennis, ervaring en belang bijdraagt aan het
dat ieder vanuit zijn eigen betrokkenheid,
In de Uitgangspuntennotitie Omgevingsvisie
grotere geheel en dat is het versterken van
kenmerken van een ruimtelijk gebied
we die eigenzinnige woongemeente in de
Hierbij is onze gemeente ingedeeld in drie
een verstedelijkt gebied met ruimte voor
is reeds opgenomen dat de specifieke
de leefkwaliteit in onze gemeente, zodat
centraal staan in de Omgevingsvisie.
Maasvallei blijven waar het dorps wonen is
gebieden: woonkernen, bedrijventerreinen
particulier initiatief en ondernemerschap.
en buitengebied. Vanwege de verschillen
Gemeente Stein / Ontwerp Omgevingsvisie 2040 / Deel 3
97
Basisprincipe 5
Om onze ambities verder vorm te
geven zoeken we afhankelijk van de
maatschappelijke opgave de samenwerking op een passend schaalniveau. Dit kan
op kern- of wijkniveau, op gemeentelijk, (sub)regionaal, provinciaal of
grensoverschrijdend niveau zijn.
Samenvattend zien de basisprincipes er als volgt uit: Basisprincipe 1
Basisprincipe 4
groene woongemeente in de
werken we samen met inwoners,
is in een verstedelijkt gebied met
organisaties, medeoverheden en
ondernemerschap.
handelen we niet in tegenstellingen,
Basisprincipe 2
betrokkenheid, kennis en ervaring bij
De gemeente Stein is een eigenzinnige
Om onze ambities vorm te geven
Maasvallei waar het dorps wonen
ondernemers, maatschappelijke
ruimte voor particulier initiatief en
andere betrokkenen. Hierbij denken en
Bij ruimtelijke opgaven en
maar ieder draagt vanuit zijn eigen
aan het versterken van de leefkwaliteit
ontwikkelingen worden alle facetten
in onze gemeente.
economisch, milieu, veiligheid en
Basisprincipe 5
van de leefkwaliteit (fysiek, sociaal,
gezondheid) integraal meegewogen. Basisprincipe 3
De specifieke kenmerken en kwaliteiten van een gebied staan centraal
Afhankelijk van de opgave werken we samen op een passend schaalniveau. Dit kan op kern- of wijkniveau, op
gemeentelijk, (sub)regionaal, provinciaal of grensoverschrijdend niveau zijn.
waarbij onderscheid wordt gemaakt in: woonkernen, buitengebied en
bedrijventerreinen. Ook binnen deze
gebieden staan de identiteit en unieke kenmerken van een gebied centraal, waarbij kwaliteit en kleinschaligheid leidende principes zijn.
Gemeente Stein / Ontwerp Omgevingsvisie 2040 / Deel 3
98
(Foto: Fenne Colsters)
9.2
Uitgangspunten integraal beleid
De uitgangspunten die betrekking hebben
In de voorgaande hoofdstukken
toe te schrijven aan één gebied en
Omgevingsvisie centraal stonden, zijn per
de gebieden. Zoals eerder aangegeven
volgende tabel is hier de gebiedsindeling
belangrijk afwegingskader en de basis voor
buitengebied) zoals geformuleerd in de
omgevingsplan. Op deze wijze leggen we
kent een primair thema of thema’s.
het omgevingsplan.
fysieke leefomgeving
op de energietransitie zijn niet specifiek
waarin de afzonderlijke thema’s van de
lopen als een rode draad door alle drie
thema uitgangspunten geformuleerd. In de
vormen deze uitgangspunten een
(woonkernen, bedrijventerreinen en
keuzen die ten grondslag liggen aan het
basisprincipes aan toegevoegd. Elk gebied
de verbinding tussen de Omgevingsvisie en
Gemeente Stein / Ontwerp Omgevingsvisie 2040 / Deel 3
99
Gebied
Primaire thema
Uitgangspunten
Energietransitie als rode draad door gebieden en thema’s
Woonkernen
Sociale en vitale wijken en kernen
De identiteit en unieke kenmerken van een wijk of kern staan centraal.
Veilige, gezonde en groene leefomgeving
Onze ruimtelijke (economische) focus is primair gericht op een versterking van vitale stedelijke en landelijke centrumkernen.
De uitgangspunten met betrekking tot de energietransitie worden in alle drie de gebieden (woonkernen, buitengebied en bedrijventerreinen) gehanteerd.
In het kader van het versterken van de leefkwaliteit dient er een balans te zijn tussen bedrijvigheid in onze woonkernen (o.a. detailhandel, horeca, aan huis gebonden bedrijvigheid) en een veilige, gezonde en groene leefomgeving. Binnen onze woonkernen maken we onderscheid in de volgende ruimtelijke subgebieden: • Stedelijke en landelijke centrumkernen met concentratiegebieden: hier is ruimte voor bedrijvigheid waarbij functies worden gecentraliseerd, behouden en versterkt. • Woongebieden met de focus op wonen en leefkwaliteit: in deze gebieden worden voor de leefomgeving belastende functies beperkt. • Aanloopgebieden (tussengebieden)
Energiebesparing is onlosmakelijk verbonden met de energietransitie. Energie die bespaard wordt hoeft niet te worden opgewekt. We gaan uit van multifunctioneel ruimtegebruik. Dit wil zeggen dat een combinatie van verschillende functies de voorkeur heeft boven enkelvoudige functies.
Een veilige, gezonde en groene leefomgeving is een belangrijke voorwaarde om de leefkwaliteit in de gemeente Stein als woongemeente te versterken. Wij zetten in op het aan de voorkant verkleinen van veiligheidsrisico’s voor onze inwoners, ondernemers en bezoekers, het voorkomen incidenten en een goede voorbereiding van het bestrijden van rampen en crises, mochten deze zich voordoen. De waterketen draagt bij aan een veilige, gezond en groene leefomgeving. We bieden passende bescherming voor de effecten van klimaatverandering. Bij ruimtelijke ontwikkelingen met betrekking tot klimaatadaptatie houden wij zoveel mogelijk rekening met het voorkomen van gezondheidsrisico’s van omgevingsfactoren (b.v. pollen) en infectieziekten vanuit de leefomgeving veroorzaakt door b.v. ratten, teken en muggen. Wat betreft milieu aspecten voldoen wij aan de daarvoor geldende wetten en normen. Wij houden hierbij rekening met de specifieke kenmerken van een gebied (woonkernen, bedrijventerreinen en buitengebied). Tevens houden wij rekening met de milieubeginselen (voorzorgsbeginsel, preventief handelen, voorrang voor bronbeleid en de vervuiler betaalt).
Gemeente Stein / Ontwerp Omgevingsvisie 2040 / Deel 3
100