Toelichting ontwerpbestemmingsplan De Pol 18b versie juni 23
Tekst van het document
Tevens dient, op basis van de Mor (Ministeriële regeling omgevingsrecht), bij de aanvraag van een omgevingsvergunning voor de activiteit bouwen een rapportage van een recent uitgevoerd verkennend bodemonderzoek toegevoegd te worden. Voor verkennend bodemonderzoek op een locatie wordt de norm NEN 5740 gehanteerd (onderzoeksstrategie voor verkennend bodemonderzoek). De bodemonderzoeksplicht geldt alleen voor bouwwerken waarvoor: « een reguliere omgevingsvergunning voor de activiteit bouwen is vereist; « waarin voortdurend of nagenoeg voortdurend (1,5 of meer uren per dag) mensen kunnen verblijven; « de de grond raken; + waarvan het bestaande gebruik wijzigt (interne verbouwing van niet-verblijfsruimte naar verblijfsruimte); . die niet naar aard en omvang gelijk zijn aan een bouwwerk genoemd in het Besluit bouwwerken; Toelichting NLIMRO1708.DPOdePol18bBP-ONO1 Gemeente Steenwijkerland Blad 34 van 53 Bestemmingsplan De Pol, De Pol 18b Juni2023 Versie 01 e waarvan geen reeds bruikbare recente onderzoeksresultaten aanwezig zijn; « die geen tijdelijk bouwwerk betreffen waarbij uit het vooronderzoek blijkt dat de locatie onverdacht is. Er wordt straks voorzien in de bouw van een vrijstaande woning. Deze woning is aan te merken als een verblijfsruimte waarin voortdurend of nagenoeg voortdurend verbleven kan worden. Zodoende is een verkennend bodemonderzoek nodig.
Door onderzoeksbureau NNN en Milieu uit Emmen is een verkennend bodemonderzoek uitgevoerd voor het plangebied. Het bij het onderzoek behorende rapport is als bijlage bij het bestemmingsplan gevoegd. Hierna volgt een uiteenzetting van het resultaat van het uitgevoerde onderzoek: (geanonimiseerd) Op basis van de resultaten van het verkennend bodemonderzoek blijkt dat de locatie niet geheel vrij is van bodemverontreiniging. Het grondwater ter plaatse van de onderzoek locatie bevat enkele stoffen verhoogd t.0.v. de streefwaarde. Deze licht verhoogd gemeten gehalten overschrijden de tussenwaarde/bodemindex-waarde (>0.5) niet en geven daardoor geen directe aanleiding tot het instellen van een nader onderzoek. In onderstaande tabel zijn de toetsingsresultaten weergegeven. S E e e n e E — n e = n E e grondwater ” ' * -V e Legenda overschriding achtergrondwaarde of streefwaarde (bodemindex ==0,5) overschriding tussenwaarde (erteria voor nader onderzoek, bodemindex >0,5) overschriding inerventiewaarde (bodemindex >1) ED beslut bodemkwaltet = beoordeling is exol. onderzoek naar PFAS-verbindingen, onderzoek naar deze verbindingen Ís vanat 8 uil 2019 verpicht bij beoordeling van hergebruksmogelijkheden van de grond De onderzoeksresultaten stemmen niet geheel overeen met de gestelde hypothese, de vooraf gestelde hypothese “onverdacht” dient formeel verworpen te worden.
Uit de resultaten van het onderzoek blijkt dat er beïnvloeding van de bodemkwaliteit heeft plaatsgevonden. Aanvullend bodemonderzoek zal uitgevoerd gaan worden vóór de omgevingsvergunning bouwen verleend kan worden. Omdat de gehele locatie onverdacht lijkt te zijn op bodemverontreiniging, is het aanvullende bodemonderzoek niet direct verplicht vóórdat het Ontwerpbestemmingsplan ter inzage gelegd wordt. Voor nu is de bodemgesteldheid voldoende onderzocht om te constateren dat het aspect bodem geen belemmering hoeft te vormen voor uitvoering van het plan en dat hiermee de economische uitvoerbaarheid van het plan niet in het geding komt. Toelichting NLIMRO1708.DPOdePol18bBP-ONO1 44 45 451 Gemeente Steenwijkerland Blad 35 van 53 Bestemmingsplan De Pol, De Pol 18b Juni 2023 Versie 01 Cultuurhistorie In het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) is bepaald dat in een ruimtelijk plan een beschrijving opgenomen moet worden van de manier waarop met de aanwezige cultuurhistorische waarden rekening is gehouden. Het plangebied zelf kent geen specifieke cultuurhistorische waarden. Omdat dit bestemmingsplan perceel gebonden is op een locatie waar reeds bebouwing aanwezig is, wordt geen afbreuk gedaan aan de structuren in de omgeving.
Wel is de verwachting dat door het verwijderen van de aanwezige bebouwing direct naast de joodse begraafplaats de cultuurhistorische belevingswaarde van deze begraafplaats verbetert. Ecologie Bij elk ruimtelijk plan dient met het oog op de natuurbescherming rekening te worden gehouden met de gebiedsbescherming en soortenbescherming. De bescherming van plant- en diersoorten is geregeld in Wet natuurbescherming (verder te noemen Wnb). De Wnb is op 1 januari 2017 in werking getreden en beschermt ruim 900 in Nederland voorkomende planten- en diersoorten. Hierbij dient te worden aangetoond dat als gevolg van de geplande activiteiten de gunstige staat van instandhouding van waardevolle dier- en plantensoorten niet in het geding komt. Gebiedsbescherming Met betrekking tot gebiedsbescherming is de ligging van de aangewezen Natura 2000- gebieden en het Natuurnetwerk Nederland (NNN, voorheen Ecologische Hoofdstructuur) van belang. De Pol ligt niet binnen het Natura 2000-gebieden. Een voor verzuring gevoelig Natura 2000 gebied bevindt zich op 5,8 kilometer afstand. De aard van de geplande werkzaamheden is van dien aard dat de kernwaarden van deze gebieden niet zullen worden aangetast. De onderzochte locatie ligt op minder de 3 kilometer afstand van het Natuurnetwerk Overijssel. De aard van de geplande werkzaamheden is van dien aard dat er geen invloed is op het NNN-gebied.
Toelichting NL.IMRO.1708.DPOdePol18bBP-ONO1 452 Gemeente Steenwijkerland Blad 36 van 53 Bestemmingsplan De Pol, De Pol 18b Juni 2023 Versie 01 A \ e weeee © w & B e k Soortbescherming Behalve de mogelijke effecten op natuurgebieden moet ook duidelijk zijn of het betreffende plan effecten heeft, en zo ja welke, op beschermde soorten. De soortenbescherming is vastgelegd in de Wet natuurbescherming. Ten aanzien van de soortenbescherming gelden onder andere algemene verboden tot het verwijderen van groeiplaatsen van beschermde plantensoorten, het beschadigen, vernielen, wegnemen of verstoren van voortplantings- of vaste rustplaatsen of verblijfplaatsen van beschermde diersoorten of het opzettelijk verontrusten van een beschermde diersoort. De (oude) bebouwing in de vorm van de ‘paardenstal’ en het aanwezige bijgebouw op het perceel dient nog gesloopt te worden. Alcedo Natuurprojecten heeft de locatie onderzocht. Het rapport 'Ecologische QuickScan De Pol 18b te De Pol is als bijlage bijgevoegd. In het rapport zijn de volgende conclusies en aanbevelingen te lezen.
Op basis van de resultaten van deze QuickScan kan het volgende worden geconcludeerd: e Op de onderzochte locatie zijn geen jaarrond beschermde nestplaatsen van vogels aangetroffen; e Op de onderzochte locatie kan worden uitgesloten dat er vaste verblijfplaatsen zoals holen en burchten van grondgebonden zoogdieren aanwezig zijn; e Op de onderzochte locatie kan worden uitgesloten dat er vaste verblijfplaatsen van vleermuizen aanwezig e De onderzochte locatie functioneert als foerageerbied voor vleermuizen en vervult ook een mogelijk onderdeel van een vliegroute voor vleermuizen, deze functionaliteiten komen niet direct in gevaar door de voorgenomen ingreep; e De onderzochte locatie grenst niet aan het NNN en de geplande werkzaamheden zijn van dien aard dat de kernwaarden van het NNN niet worden aangetast; e De onderzochte locatie ligt op 5,78 kilometer afstand van N2000 gebied. e Aanvullend onderzoek op basis van kennisdocumenten of vleermuisprotocol is niet noodzakelijk en het aanvragen van een ontheffing in het kader van de Wet natuurbescherming evenmin.
Toelichting NL.IMRO.1708.DPOdePol18bBP-ONO1 IA STE A BBUN RooBeekAdvies 453 46 Gemeente Steenwijkerland Blad 37 van 53 Bestemmingsplan De Pol, De Pol 18b Juni2023 Versie 01 Op basis van de resultaten van deze QuickScan wordt het volgende geadviseerd: > Omdat is geconstateerd dat de onderzochte locatie momenteel vrij arm is aan dier- .en vogelsoorten wordt geadviseerd om bij de inrichting van het nieuw te bouwen gedeelte en de omgeving zo in te richten dat de biodiversiteit ter plaatse toeneemt. Dat kan door middel van de volgende maatregelen: - _ Neem enkele huismussenkasten op in de nieuwbouw; - _ Plaats indien mogelijk een kerkuilenkast in de nok van de nieuwbouw; Neem enkele vleermuiskasten (inbouw of opbouw) op in de nieuwbouw; - _ Plaats een steenuilenkast in een van de eiken van de houtwal langs de rand van het erf; Richt de omgeving van de nieuwbouw in op een streekeigen manier door middel van het gebruik van streekeigen plantgoed zoals hazelaar, meidoorn, sleedoorn, hulst, vuilboom, brem en liguster. NB: Dit zijn vrijblijvende adviezen en dus geen wettelijke verplichtingen naar aanleiding van de uitkomsten van deze QuickScan.
Meer informatie over nestkasten is te vinden op de volgende sites: www.viavarapro.nl en www.veldshop.nl Stikstofdepositie Woningbouwplannen of vergelijkbare projecten kunnen leiden tot een toename van de stikstofdepositie ter plaatse van stikstofgevoelige habitattypen in een Natura 2000- gebied. Deze toename van de stikstofdepositie kan het gevolg zijn van emissie tijdens de aanleg- en de gebruiksfase van de nieuwe woning. Ten behoeve van de planontwikkeling is door onderzoeksbureau Rensen Milieu Advies een Aerius-berekening uitgevoerd voor zowel de aanleg- als ook de gebruiksfase met de meest recente software. De bij de berekening behorende rekenbladen zijn als bijlagen bij dit bestemmingsplan gevoegd. Op basis van de uitgevoerde berekeningen blijkt dat er geen sprake is van een stikstof-uitstoot van meer dan 0,00 mol/hectare/jaar en daarmee is er geen vergunning vanuit de Wet natuurbescherming nodig. Externe en fysieke veiligheid Het Besluit externe veiligheid inrichtingen (Beví) richt zich primair op inrichtingen zoals bedoeld in de Wet milieubeheer. In artikel 2, lid 1 van het Beví staan de inrichtingen genoemd waarop het besluit van toepassing is. Deze inrichtingen brengen risico's met zich mee voor de in de omgeving aanwezige risicogevoelige objecten. Woningen zijn niet aangemerkt als (risico veroorzakende) inrichting.
Woningen zijn echter aan te merken als een (beperkt) kwetsbaar object, zodat op zich beoordeeld dient te worden of er in de nabijheid van het terrein eventueel Beví-inrichtingen zijn die van invloed zijn/kunnen zijn op het woningbouwplan. Daartoe onderstaande weergave van de risicokaart. Toelichting NLIMRO1708.DPOdePol18bBP-ONO1 46.1.1 46.1.2 4.6.1.3 46.1.4 462 47 Gemeente Steenwijkerland Blad 38 van 53 Bestemmingsplan De Pol, De Pol 18b Juni2023 Versie 01 ( \ em Bevi-inrichtingen binnen en buiten het plangebied Binnen en buiten het plangebied bevinden zich geen Beví-inrichtingen en/of bedrijven die invloed hebben op het plangebied. Het plangebied ligt niet in een inventarisatiegebied van een Bevi-inrichting en/of bedrijf. Buisleidingen Nabij het plangebied bevindt zich geen buisleidingen die van invloed zijn op de planlocatie. Route gevaarlijke stoffen Nabij het plangebied bevindt zich geen route gevaarlijke stoffen die invloed heeft op de planlocatie. Hoogspanningsleidingen Er zijn geen hoogspanningslijnen aanwezig. Conclusie Er is geen belemmering vanuit het aspect externe veiligheid. Geluid De eventuele verplichting tot uitvoering van een akoestisch onderzoek is vastgelegd in de Wet geluidhinder (Wgh). De Wgh bevat geluidnormen en richtlijnen over de toelaatbaarheid van geluidniveaus als gevolg van rail- en wegverkeerslawaai, industrielawaai en luchtvaartlawaai.
De Wgh geeft aan dat een akoestisch onderzoek moet worden uitgevoerd bij het voorbereiden van de vaststelling van een wijzigingsplan, indien het plan een geluidgevoelig object mogelijk maakt binnen een geluidszone van een bestaande geluidsbron of indien het plan een nieuwe geluidsbron mogelijk maakt. Toelichting NL.IMRO.1708.DPOdePol18bBP-ONO1 __ - n oom l:.RooBeekAdwes 48 49 Gemeente Steenwijkerland Blad 39 van 53 Bestemmingsplan De Pol, De Pol 18b Juni 2023 Versie 01 Een eventueel akoestisch onderzoek moet uitwijzen of de wettelijke voorkeursgrenswaarde bij geluidgevoelige objecten wordt overschreden en zo ja, welke maatregelen nodig zijn om aan de voorkeursgrenswaarde te voldoen. De te bouwen woning zal zich oriënteren op de Generaal van de Boschweg. Dat betreft ‚een doodlopende weg met een geringe verkeersintensiteit. Van deze weg zal, gezien de geringe verkeersintensiteit, geen geluidhinder door optreden. Ook laat onderstaande geluidskaart vanuit de Atlas van de Leefomgeving zien dat er ter plaatse sprake is van een goed woon- en leefklimaat vanuit het aspect geluid gezien. o a em em © w B vaanvenideren Vanuit het Bouwbesluit 2012 zal de woning ook dusdanig worden gebouwd dat wordt voldaan aan de geluidsvoorschriften vanuit het Bouwbesluit 2012 voor het binnen niveau. Het aspect geluid staat de planontwikkeling niet in de weg.
Geur De nieuwe woningen zijn aan te merken als geurgevoelig object in de zin van de Wet Geurhinder en veehouderij. Het gaat hierbij immers om een “gebouw, bestemd voor en blijkens aard, indeling en inrichting geschikt om te worden gebruikt voor menselij wonen of menselijk verblijf en die daarvoor permanent of een daarmee vergelijkbare wijze van gebruik, wordt gebruikt”. Binnen 100 meter van het plangebied liggen geen bedrijven die qua geur van belang zijn. Ter plaatse van het plangebied wordt voldaan aan de geur-norm. Milieuzonering Nieuwe functies kunnen milieuhinderlijk zijn voor omringende woningen dan wel bedrijven. Er dient een beoordeling plaats te vinden of de nieuwe functie wel milieu hygiënisch inpasbaar is. Daartoe is beoordeeld hoe het bestemmingsplan zich verhoudt tot hetgeen is verwoord in de VNG-Reeks ‘Bedrijven en Milieuzonering’ en is daaraan getoetst en gemotiveerd. Toelichting NL.IMRO.1708.DPOdePol18bBP-ONO1 n E A 60 RooBeekAdvies Gemeente Steenwijkerland Blad 40 van 53 Bestemmingsplan De Pol, De Pol 18b Juni 2023 Versie 01 De (indicatieve) lijst “Bedrijven en Milieuzonering 2009", uitgegeven door de Vereniging Nederlandse gemeenten, geeft weer wat de richtafstanden zijn voor milieubelastende activiteiten. In deze publicatie worden de indicatieve richtafstanden gegeven voor de vier ruimtelijk relevante milieuaspecten geur, stof, geluid en gevaar.
Bij het bepalen van de richtafstanden wordt uitgegaan van de volgende uitgangspunten: - het betreft gemiddeld moderne bedrijfsactiviteiten met gebruikelijke productieprocessen en voorzieningen; - de richtafstanden hebben betrekking op de omgevingstypen ‘rustige woonwi en ‘rustig buitengebied'; - de richtafstanden bieden in beginsel ruimte voor normale groei van de bedrijfsactiviteiten; - bij activiteiten met ruimtelijk duidelijk te onderscheiden deelactiviteiten kunnen deze activiteiten desgewenst als afzonderlijk te zoneren activiteiten worden beschouwd, bijvoorbeeld bij de ligging van de activiteit binnen zones met een verschillende milieucategorie. De gegeven richtafstanden zijn in het algemeen richtafstanden en geen harde afstandseisen. Ze moeten daarom gemotiveerd worden toegepast. Dit betekent dat geringe afwijkingen in de lokale situatie mogelijk zijn. Het is aan te bevelen deze afwijkingen te benoemen en te motiveren. Van belang is om na te gaan welke functies of bedrijven zich rondom het plangebied bevinden. Hierna volgt een weergave vanuit het bestemmingsplan waarbij de diverse bestemmingen rondom het plangebied zichtbaar zijn. Eerst volgt een weergave van de beheersverordening. De aan de westkant bevinden bebouwde percelen zijn allen woonbestemmingen. Van wonen naar wonen is er geen sprake van milieuhinder.
9 zotreas5741 Waarde Archeolgie 2 Maatschappelijk - Begraafplaats Toelichting ruimtelijke ordening & bouw NL.IMRO.1708.DPOdePol18bBP-ONO1 RooBeekAdvi Gemeente Steenwijkerland Blad 41 van 53 Bestemmingsplan De Pol, De Pol 18b Juni 2023 Versie 01 Verder bevindt zich een joodse begraafplaats aan de zuidoostkant van het plangebied. De normafstand voor een begraafplaats bedraagt 10 meter voor het aspect geluid. De te bouwen woning wordt gebouwd op een afstand die groter is dan 10 meter, zodat er ook ten aanzien van de begraafplaats geldt dat er geen sprake is van wederzijdse milieuhinder. Verder bevindt zich ten oosten van het plangebied nog een recreatieterrein. Het betreft recreatieterrein De Bosrand. Voor dergelijke recreatieterreinen geldt een normafstand van 50 meter voor het aspect geluid. De afstand tot aan de beoogde woning bedraagt meer dan 100 meter zodat ook hiervoor geldt dat er geen wederzijdse milieuhinder te verwachten is. Toelichting ruimtelijke ordening & bouw NL.IMRO.1708.DPOdePol18bBP-ONO1 f RooBeekAdvies 410 411 Gemeente Steenwijkerland Blad 42 van 53 Bestemmingsplan De Pol, De Pol 18b Juni 2023 Versie 01 9 2010465537002 enkebestenming Ouobebestemming Waarde Arheologie ? CS touwisk mosnoerne … Milieuhinder is niet te verwachten. Luchtkwaliteit Op 15 november 2007 is het onderdeel luchtkwaliteit van de Wet milieubeheer in werking getreden.
Kern van de wet is het Nationaal Samenwerkingsprogramma Luchtkwaliteit (NSL). Projecten die ‘niet in betekende mate' (nibm) van invloed zijn op de luchtkwaliteit hoeven niet meer getoetst te worden aan de grenswaarden voor luchtkwaliteit. In de AMvB-nibm zijn de críteria vastgelegd om te kunnen beoordelen of voor een project sprake is van nibm. Met de inwerkingtreding van de NSL op 1 augustus 2009 geldt de volgende grens om als NIBM-project te worden aangemerkt: de bouw van 1500 woningen aan één ontsluitingsweg. Voorliggend plan is qua omvang en verkeer aantrekkende werking veel kleinschaliger dan de bouw van 1500 woningen aan één ontsluitingsweg. Het project kan derhalve worden beschouwd als een nibm-project. Onderzoek naar de luchtkwaliteit is niet nodig. M.e.r.-beoordeling De milieueffectrapportage is een hulpmiddel om bij diverse procedures het milieubelang een volwaardige plaats in de besluitvorming te geven. De m.e.r.-procedure is gekoppeld aan de 'moederprocedure’. Dit is de procedure op grond waarvan de besluitvorming plaatsvindt, bijvoorbeeld de bestemmingsplanprocedure (wijzigingsplanprocedure), of een milieuvergunningsprocedure.
In het Besluit m.e.r., bijlage D, onder artikel 11 (Woningbouw, Stedelijke ontwikkeling, Industrieterreinen) staat onder artikel 11.3 genoemd dat een m.e.r-beoordeling moet plaatsvinden in gevallen waarin de activiteit betrekking heeft op de aanleg, wijziging of Toelichting NL.IMRO.1708.DPOdePol18bBP-ONO1 n E A 60 RooBeekAdvies Gemeente Steenwijkerland Blad 43 van 53 Bestemmingsplan De Pol, De Pol 18b Juni 2023 Versie 01 uitbreiding van een stedelijk ontwikkelingsproject (met inbegrip van winkelcentra of parkeerterreinen): indien: - _ De oppervlakte een aaneengesloten gebied betreft van 100 hectare en groter dan 2000 woningen betreft. Qua aard, omvang en ligging is voorliggend ruimtelijk plan niet gelijk te stellen aan de betreffende en omschreven activiteit zoals bedoeld in het Besluit m.e.r. Echter, op 1 april 2011 heeft een wijziging van het Besluit m.e.r. plaatsgevonden. Daardoor is nu een beoordeling van een activiteit zoals die voorkomt op lijst D noodzakelijk, zelfs al is de omvang van de activiteit ver onder de drempelwaarde gelegen. Voor elk besluit of plan dat betrekking heeft op activiteit(en) die voorkomen op de D-Iijst en die beneden de drempelwaarden vallen moet een toets worden uitgevoerd of belangrijke nadelige milieugevolgen kunnen worden uitgesloten.
Deze vormvrije m.e.r.- beoordeling kan tot twee uitkomsten leiden: > Belangrijke nadelige milieugevolgen zijn uitgesloten: er i geen m.e.r- beoordeling noodzakelijk; > Belangrijke nadelige gevolgen voor het milieu zijn niet uitgesloten: e moet een m.e.r.-beoordeling plaatsvinden of er kan direct worden gekozen voor een m.e.r. In bijlage II van de EU-richtlijn m.e.r staan de criteria genoemd waarnaar moet worden gekeken bij de beoordeling. Het algemene uitgangspunt bij een dergelijke beoordeling is dat er geen MER hoeft worden opgesteld, tenzij er sprake is van bijzondere omstandigheden. Deze bijzondere omstandigheden kunnen betrekking hebben op: 1. de kenmerken van het project; 2. de plaats van het project; 3. de kenmerken van het potentiële effect. In de volgende tabel s opgesomd of er sprake is van significante nadelige invloed op het milieu. Archeologie De beoogde ontwikkeling is kleiner dan 2500 m2 zodoende is onderzoek niet nodig. Bodem De bodem is voldoende schoon voor de beoogde woonfunctie ter plaatse. Externe veiligheid Eris geen belemmering vanuit extere veiligheid Ecologie Eris geen belemmering vanuit het aspect ecologie. Geluid Eris sprake van een goed woon- en leefklimaat, er i geen geluidhinder te verwachten. Milieuhinder Het plan leidt niet tot wederzijdse milieuhinder van en naar de omgeving.
Luchtkwaliteit Het project is aan te merken als Nibm, hetgeen betekent dat er geen nadelige invloed is op de uchtkwaliteit Water Eris sprake van de korte procedure. Met de gegeven adviezen zal rekening worden gehouden. Toelichting NLIMRO1708.DPOdePol18bBP-ONO1 RooBeekAdvies 412 413 Gemeente Steenwijkerland Blad 44 van 53 Bestemmingsplan De Pol, De Pol 18b Juni 2023 Versie 01 Op basis van de uitkomsten in dt hoofdstuk 4 - Omgevingsfactoren — is inzichtelijk gemaakt dat er geen belangrijk nadelige gevolgen zijn voor de omgeving en het milieu. Verder hebben de locatie en de omgeving verder geen bijzondere kenmerken die geschaad worden door het initiatief. Gezien de aard van de ingrepen zijn verder geen negatieve effecten te verwachten, zodat op basis hiervan verder kan worden afgezien van het verrichten van een verdergaande (vorm)vrije m.e.r.-beoordeling. Verkeer en vervoer en parkeren Nieuwe functies betekenen meestal ook dat er sprake is of zal zijn van een toename van verkeersbewegingen, en er ontstaat een extra parkeerbehoefte. Uitgangspunt is dat nieuwe functies geen onevenredige extra hinder veroorzaken voor reeds aanwezige functies in de omgeving. De gemeente Steenwijkerland heeft parkeerbeleid vastgelegd in het document 'Nota Parkeernormen 2015'.
Op basis van de Nota zijn er voor het segment 'koop, vrijstaand' in het buitengebied 2,3 parkeerplaatsen per woning nodig, betekent 3 parkeerplaatsen. Hieraan zal worden voldaan. Op het landschappelijk inpassingsplan zijn 2 vaste parkeerplaatsen ingetekend, de 3° kan op de voor de woning aanwezige verharding parkeren. Daarmee zal er sprake zijn van voldoende ruimte op eigen terrein om te parkeren. 1. Hoofdgroep Wonen Woning (norm per woning) Type woning Centrum | Kesthepouwde | guitengebieg | Aandeewan Koop, vrijstaand 14 19 20 Koop, twee-onder-een-kap 13 18 18 Koop, tussen/hoek 11 16 16 Koop, etage, duur * 12 17 17 Koop, etage, midden * | 10 15 15 03 ppper Koop, etage, goedkoop * 09 12 12 woning Huurhuis, vrije sector ** 11 16 16 Huurhuis, sociale huur 09 12 12 Huur, etage, duur ** 10 15 15 Huur, etage, midden/goedkoop ** | _0,7 10 10 Aanleunwoning en serviceflat 08 10 10 i ë vastgesteld n Visie op Wonen en Leefbaarheid L_**Indeling categorie 0.b.v. prestatieovereenkomst Wonen en Leefbaarheid met woninecoroaraties _/ Water Het doel van de watertoets is waarborgen dat waterhuishoudkundige doelstellingen expliciet en op evenwichtige wijze in beschouwing worden genomen bij alle waterhuishoudkundige relevante ruimtelijke plannen en besluiten.
De meerwaarde van de watertoets is dat zij zorgt voor een vroegtijdige systematische aandacht voor het meewegen van wateraspecten in ruimtelijke plannen en besluiten. Toelichting NLIMRO.1708.DPOdePol18bBP-ONO1 f RooBeekAdvies Gemeente Steenwijkerland Blad 45 van 53 Bestemmingsplan De Pol, De Pol 18b Juni2023 Versie 01 Voor het project is er sprake van dat de korte procedure van toepassing is. Het waterschap gaat akkoord met het plan, mits er wordt voldaan aan de uitgangspunten uit de standaard waterparagraaf met bijbehorende aanvullende adviezen. Hierna is de standaard waterparagraaf van de korte procedure opgenomen. Invloed op de waterhuishouding Het plan heeft geen schadelijke gevolgen voor de waterkwaliteit en ecologie. Binnen het bestemmingsplan worden niet meer dan tien wooneenheden gerealiseerd en de toename van het verharde oppervlak bedraagt niet meer dan 1500 m2. Binnen het plangebied is geen sprake van (grond)wateroverlast. Voor de aanleghoogte wordt een ontwateringsdiepte geadviseerd van minimaal 80 centimeter. Dit is de afstand tussen de gemiddelde hoogste grondwaterstand (GHG) en onderzijde bouwvloer. Bij het bouwen zonder kruipruimte kan worden volstaan met een kleinere ontwateringsdiepte. Om wateroverlast binnen woningen en bedrijven te voorkomen adviseren wij om een drempelhoogte van 30 centimeter boven het straatpeil te hanteren (as van de weg).
Voor lagergelegen ruimtes, zoals kelders en parkeergarages, wordt aandacht besteed aan het voorkomen van wateroverlast door bijvoorbeeld instromend hemelwater. Voorkeursbeleid hemelwater Bij de afvoer van overtollig hemelwater moet het afstromend hemelwater ter plaatse in de bodem dan wel op het opperviaktewater worden teruggebracht. Het waterschap heeft de voorkeur om het hemelwater, daar waar mogelijk, te infitreren in de bodem. Oppervlakkige afvoer naar de infiltratievoorziening en infiltratie via wadi’s heeft daarbij de voorkeur. Als oppervlakkige infilratie niet mogelijk is, is ondergrondse infiltratie door middel van bijvoorbeeld een infiltratieriool (IT-riool) of infiltratiekratten een mogelijkheid. Als infitratie niet mogelijk is dan kan hemelwater via een bodempassage worden geloosd op oppervlaktewater. De afvoer van overtollig hemelwater uit het plangebied mag, ongeacht de toegepaste methode, niet tot wateroverlast leiden op aangrenzende percelen of het omliggende watersysteem. Schoon hemelwater (bijvoorbeeld vanaf dakoppervlakken) kan direct worden afgevoerd naar oppervlaktewater. Bij voorliggend plan zal een waterpoel met een oppervlakte van 300 m? worden aangelegd. Er is daarmee voldoende ruimte voor water in het plan opgenomen, zelfs meer dan in de bestaande situatie het geval is. In de bestaande situatie is er geen rioolaansluiting aanwezig.
Wel is een sceptic-tank aanwezig waar men gebruik van gaat maken. Het idee is om te onderzoeken of vuil afvalwater door middel van natuurlijke zuivering kan plaatsvinden (door gebruik te maken van een helofytenfiter). Schoon regenwater zal worden opgevangen voor het gebruik n de tuin in de aan te leggen waterparti, zoals zichtaar op onderstaande tekening bij punt 7 Toelichting NLIMRO1708.DPOdePol18bBP-ONO1 Gemeente Steenwijkerland Blad 46 van 53 Bestemmingsplan De Pol, De Pol 18b Juni 2023 Versie 01 ) Poel 300 m2 ‘Geverbeplanting iët hylolyiertiter Toelichting NL.IMRO.1708.DPOdePol18bBP-ONO1 n E A 60 RooBeekAdvies Gemeente Steenwijkerland Blad 47 van 53 Bestemmingsplan De Pol, De Pol 18b Juni2023 Versie 01 Economische uitvoerbaarheid Het project betreft een volledig particulier initiatief. De financiering van het project is haalbaar voor de initiatiefnemer. Voor wat betreft de gemeentelijke kosten, worden de kosten van het opstellen van het plan en het doorlopen van de procedure via een planschadeovereenkomst geregeld. Daarmee is de economische uitvoerbaarheid voldoende verzekerd en is het opstellen van een exploitatieplan niet noodzakelijk.
Toelichting NLIMRO.1708.DPOdePol18bBP-ONO1 f RooBeekAdvies Gemeente Steenwijkerland Blad 48 van 53 Bestemmingsplan De Pol, De Pol 18b Juni2023 Versie 01 Maatschappel In deze paragraaf worden, wanneer deze beschikbaar zijn en indien noodzakelijk, de resultaten van het overleg op grond van artikel 3.1.1. Besluit ruimtelijke ordening uiteengezet. Ook de resultaten van de inspraak dan wel ter visie legging worden hier uiteengezet wanneer deze beschikbaar is. Omgevingsparticipatie Sinds de aankoop in maart 2022 hebben de initiatiefnemers de buren en overige inwoners van de Pol actief bezocht. Ze hebben zichzelf daarbij voorgesteld en hun gewenste plannen beschreven. De reacties hierop waren hartverwarmend en zeer positief. Kreten als “eindelijk die oranje hekken weg” en ‘wat hebben jullie het al een stuk gezelliger gemaakt” onderstrepen het feit dat de initiatiefnemers welkom zijn. Inmiddels zijn ze ook opgenomen in de actieve buurtapp. Ontwerpbestemmingsplan Het ontwerpbestemmingsplan heeft, met de bijbehorende stukken, met ingang van <<dd.mm.ijj»> gedurende zes weken ter inzage gelegen. Er zijn geen zienswijzen ingediend.
Toelichting NLIMRO1708.DPOdePol18bBP-ONO1 71 71 Gemeente Steenwijkerland Blad 49 van 53 Bestemmingsplan De Pol, De Pol 18b Juni2023 Versie 01 Juridische Toelichting Algemeen Het bestemmingsplan regelt de gebruiks- en bebouwingsmogelijkheden van de gronden binnen het plangebied. De wijze waarop deze regeling juridisch kan worden vormgegeven, wordt in grote lijnen bepaald door de op 1 juli 2008 n werking getreden Wet ruimtelijke ordening, en door het daarbij behorende Besluit ruimtelijke ordening en de Regeling standaarden ruimtelijke ordening 2012, zoals deze op 1 oktober 2012 in werking is getreden. De verbeelding dient in samenhang met de planregels te worden gelezen. In de Wet ruimtelijke ordening (hierna Wro) met bijbehorend Besluit ruimtelijke ordening (hierna Bro) heeft het bestemmingsplan een belangrijke rol als normstellend instrument voor het ruimtelijk beleid van gemeenten, provincies en het rijk. In de ministeriële Regeling standaarden ruimtelijke ordening (hierna Rsro) is vastgelegd dat de Standaard Vergelijkbare Bestemmingsplannen (hierna SVBP2012) de norm is voor de vergelijkbaarheid van bestemmingsplannen. Naast de SVBP2012 zijn ook het Informatiemodel Ruimtelijke Ordening (hierna IMRO2012) en de Standaard Toegankelijkheid Ruimtelijke Instrumenten (hierna STRI2012) normerend bij het vastleggen en beschikbaar stellen van bestemmingsplannen.
Conform Wro en Bro wordt een bestemmingsplan met de daarbij behorende toelichting in digitale geautoriseerde bronbestanden vastgelegd en in die vorm vastgesteld. Daarnaast kent de Wro een papieren versie van (hetzelfde) bestemmingsplan. Indien de inhoud van digitale stukken tot een andere uitleg leidt dan de stukken op papier, dan is de digitale inhoud beslissend. Het bestemmingsplan is daarmee een digitaal juridisch authentiek document. De informatie die is vastgelegd in het plan moet in elektronische vorm volledig toegankelijk en raadpleegbaar zijn. Dit wordt de digitale verbeelding genoemd. De SVBP2012 geeft normen voor de opbouw van de planregels en voor de digitale verbeelding van het bestemmingsplan. De standaard heeft geen betrekking op de toelichting van het bestemmingsplan. Er worden geen normen gesteld omtrent de vormgeving en inrichting van de analoge weergave van het bestemmingsplan. De SVBP2012 heeft ook geen betrekking op de totstandkoming van de inhoud van een Bestemmingsplan. Dit is de verantwoordelijkheid van het bevoegde gezag. In de SVBP2012 is wel aangegeven hoe de inhoud van een bestemmingsplan digitaal moet worden weergegeven. De SVBP2012 geeft bindende standaarden voor de opbouw en de verbeelding van het bestemmingsplan. De verbeelding en planregels van dit bestemmingsplan zijn opgesteld conform deze standaarden.
Toelichting op de toelichting De informatie die is vastgelegd in het plan moet in elektronische vorm volledig toegankelijk en raadpleegbaar zijn. Dit wordt de digitale verbeelding genoemd. Toelichting NLIMRO1708.DPOdePol18bBP-ONO1 RooBeekAdvies 7.2 Gemeente Steenwijkerland Blad 50 van 53 Bestemmingsplan De Pol, De Pol 18b Juni2023 Versie 01 De digitale verbeelding is de verbeelding van het bestemmingsplan in een interactieve raadpleegomgeving, waarin alle relevante bestemmingsplaninformatie wordt getoond: de combinatie van (plan)kaart en regels met de toelichting. Een raadpleger van het bestemmingsplan moet alle relevante bestemmingsplaninformatie op eenvoudige wijze voor ogen kunnen krijgen. De relevante bestemmingsplaninformatie heeft betrekking op de bestemmingen, dubbelbestemmingen en aanduidingen met bijbehorende regels in het bestemmingsplan. Voor zowel bestemmingen als aanduidingen geldt, dat deze zonder interactie zichtbaar moeten zijn n de digitale verbeelding. Uit interactie met de digitale verbeelding blijkt dan de inhoud van de bestemming en/of aanduiding. Toelichting op de planregels De inrichting van de planregels is deels voorgeschreven door de SVBP2012. De groepering van de planregels, de naamgeving van een aantal planregels en zelfs de inrichting van bestemmingen is deels bepaald door de ministeriële regeling.
Een aantal planregels is zelfs geheel voorgeschreven: het overgangsrecht, de anti-dubbeltelregel en de slotregel. De regels zijn standaard ingedeeld in vier hoofdstukken. Toelichting Hoofdstuk 1 Inleidende regels Artikel 1 : Begrippen De begripsbepalingen in artikel 1 zijn noodzakelijk bij de interpretatie van de regels. In dit artikel worden de begrippen gedefinieerd, die in de regels worden gehanteerd. De begrippen die hierin zijn opgenomen zijn terug te vinden in de bestemmingsbepalingen. Bij de toetsing aan het bestemmingsplan wordt uitgegaan van de in dit artikel aan de betreffende begrippen toegekende betekenis. Voor zover geen begrippen zijn gedefinieerd wordt aangesloten bij het normaal spraakgebruik. Met uitzondering van de eerste twee begrippen (plan en bestemmingsplan) zijn de begrippen alfabetisch gerangschikt. De begrippen zijn zoveel mogelijk gebaseerd op vaste jurisprudentie. In de loop der tijd hebben de meeste begrippen zich ontwikkeld tot een standaard, waarvan ook in dit bestemmingsplan gebruik is gemaakt. Artikel 2 : Wijze van meten De bepalingen over de wijze van meten zijn in artikel 2 opgenomen. Dit artikel geeft aan hoe de hoogte- en andere maten die bij het bouwen in acht genomen dienen te worden, gemeten moeten worden. Hoofdstuk 2 Bestemmingsregels Artikel 3 : Groen Groen is voor de gemeente een identiteitsbepalend bestemmingsplanelement.
De omgevingskwaliteit is van zo'n essentieel belang, dat doorwerking in het bestemmingsplan vereist is, wil de voorsprong in woonomgeving kwaliteit gegarandeerd blijven. Structuurbepalende groenzones zijn derhalve als 'Groen' bestemd. Toelichting NLIMRO1708.DPOdePol18bBP-ONO1 RooBeekAdvies Gemeente Steenwijkerland Blad 51 van 53 Bestemmingsplan De Pol, De Pol 18b Juni2023 Versie 01 Artikel 4 : Tuin De gronden binnen deze bestemming zijn bedoeld voor onbebouwde tuinen bij woningen. Het betreft (delen van) percelen behorende bij een woning, maar waarop bebouwing niet gewenst is, meestal de voortuinen. Artikel 5 : Wonen — Buitengebied In deze bestemming zijn de bouw- en gebruiksregels verwoord de gelden voor de woning en de bijgebouwen. Artikel 6 : Waarde — Archeologie 2 Deze bestemming heeft betrekking op de in het plangebied voorkomende dan wel daarvoor aangewezen verkeersvoorzieningen. De bestemming Verkeer heeft vooral betrekking op het doorgaande verkeer. Hoofdstuk 3 Algemene regels Artikel 7 : Anti-dubbeltelrege! Deze regel is geheel voorgeschreven door het Besluit ruimtelijke ordening (in artikel 3.2.4 Bro).
Deze standaardbepaling strekt ertoe te voorkomen dat van ruimte die in een bestemmingsplan voor de realisering van een bepaald gebruik of functie mogelijk is gemaakt, na realisering daarvan, ten gevolge van feitelijke functie- of gebruiksverandering van het gerealiseerde, nogmaals zou kunnen worden gebruik gemaakt. Artikel 8 : Algemene bouwregels Binnen dit artikel is bepaald over waar ondergronds mag worden gebouwd. Artikel 9 : Algemene gebruiksregels In dit artikel is geformuleerd wat wordt gezien als strijdig gebruik en welk gebruik wel is toegestaan. Artikel 10 : Algemene afwijkingsregels In dit artike! zijn de algemene afwijkingsregels geformuleerd en is zichtbaar met welke afwijkingen binnen het plan het bevoegd gezag, onder genoemde voorwaarden, mee wenst te werken aan (kleinschalige) afwijkingen van het bestemmingsplan. Artikel 11 : Overige regels In deze regel is de koppeling gelegd met de Nota Parkeernormen en is aangegeven hoe de voorrangregels gelden bij de eventuele aanwezigheid van dubbelbestemmingen. Hoofdstuk 4 Overgangs- en slotregels Artikel 12 : Overgangsrecht Deze regels zijn geheel voorgeschreven door het Besluit ruimtelijke ordening (artikelen 3.2.1 en 3.2.2 Bro). Omdat een bestemmingsplan elke tien jaar moet worden herzien, betreffen de meeste bestemmingsplannen gebieden die reeds in gebruik en ingericht zijn.
Een bestemmingsplan kan ruimte bieden voor ontwikkelingen en daarom soms ander gebruik en/of bebouwing toelaten dan er in werkelijkheid n het gebied aanwezig is. Bestaande rechten worden beschermd met overgangsrecht. Er is overgangsrecht voor bouwwerken en overgangsrecht voor gebruik van de gronden en bouwwerken. Toelichting NL.IMRO.1708.DPOdePol18bBP-ONO1 e v n oom l:.RooBeekAdwes Gemeente Steenwijkerland Blad 52 van 53 Bestemmingsplan De Pol, De Pol 18b Juni 2023 Versie 01 Artikel 13 : Slotregel Deze regel is geheel voorgeschreven door de Ministeriële regeling Standaard Vergelijkbare Bestemmingsplannen. Deze regel geeft aan hoe de planregels van dit plan kunnen worden aangehaald. Hiermee wordt de naam van het bestemmingsplan vastgelegd. Voor de digitale uitwisseling van plannen krijgt elk plan ook een unieke code van letters en cijfers. Toelichting NLIMRO1708.DPOdePol18bBP-ONO1 IA STE A BBUN RooBeekAdvies Gemeente Steenwijkerland Blad 53 van 53 Bestemmingsplan De Pol, De Pol 18 Juni 2023 Versie 01 Projectgegevens Project : De Pol 18b te De Pol Projectnummer :RB 20.188 IMRO : NL.IMRO.1708.DPOdePol18bBP-ONO1 Versie :01 Datum :Juni 2023 Toelichting RooBeekAdvies NL.IMRO.1708.DPOdePol18bBP-ONO1