RB 20.205 VastgesteldBP Heetveld 16 Sint Jansklooster
Tekst van het document
Opdrachtgever: Team 2 Rapportnummer: RB 20.205 Datum vrijgave: Februari 2024 Opsteller: De heer H. de Roo Goedkeuring: De heer M. Beek Bestemmingsplan Sint Jansklooster, Heetveld 16 (woningbouwlocatie) Vastgesteld
Gemeente Steenwijkerland Blad 2 van 57 Bestemmingsplan Sint Jansklooster, Heetveld 16 (woningbouwlocatie) Februari 2024 Versie 01 NL.IMRO.1708.SJKHeetveld16BP-VA01 Toelichting Inhoudsopgave .......................................................................................................................................... 1 1 HOOFDSTUK 1 INLEIDEND HOOFDSTUK ......................................................... 4 1.1 Aanleiding ............................................................................................................... 4 1.2 Vigerend bestemmingsplan .................................................................................... 4 1.3 Doel ........................................................................................................................ 5 1.4 Verantwoording ...................................................................................................... 5 1.5 Leeswijzer ............................................................................................................... 5 2 HOOFDSTUK 2 LOCATIE EN PLANBESCHRIJVING ......................................... 7 2.1 Ligging en historie .................................................................................................. 7 2.2 Het gewenste bouwplan .........................................................................................
8 3 HOOFDSTUK 3 BELEIDSKADER ...................................................................... 12 3.1 Rijksbeleid ............................................................................................................ 12 3.1.1 Nationale Omgevingsvisie (NOVI) ............................................................ 12 3.1.2 Ladder voor duurzame verstedelijking ...................................................... 13 3.2 Provinciaal beleid ................................................................................................. 14 3.2.1 Omgevingsvisie Overijssel ........................................................................ 14 3.2.2 Omgevingsverordening Overijssel ............................................................ 14 3.2.3 Uitvoeringsmodel Omgevingsvisie Overijssel ........................................... 15 3.2.4 Toetsing van het initiatief aan het Uitvoeringsmodel Omgevingsvisie Overijssel .............................................................................................................. 16 3.3 Regionaal beleid ................................................................................................... 24 3.3.1 Regionale woonagenda ............................................................................
24 3.4 Gemeentelijk beleid .............................................................................................. 25 3.4.1 Strategische Toekomstvisie Steenwijkerland 2030 .................................. 25 3.4.2 Omgevingsvisie Steenwijkerland’ ............................................................. 25 3.4.3 Woonagenda 2022 – 2026 ....................................................................... 26 3.4.4 Welstandsnota .......................................................................................... 27 3.4.5 Nota Parkeernormen 2015 Gemeente Steenwijkerland ........................... 27 4 HOOFDSTUK 4 OMGEVINGSASPECTEN ......................................................... 28 4.1 Inleiding ................................................................................................................ 28 4.2 Archeologie ........................................................................................................... 28 4.3 Cultuurhistorie....................................................................................................... 29 4.4 Bodem .................................................................................................................. 29 4.5 Ecologie ................................................................................................................
30 4.6 Externe en fysieke veiligheid ................................................................................ 34 4.6.2 Conclusie .................................................................................................. 35 4.7 Geluid ................................................................................................................... 35 4.7.1 Wegverkeerslawaai in relatie tot de nieuwe woningen ............................. 36 4.7.2 Overige bronnen inrichting ........................................................................ 36 4.8 Geur ...................................................................................................................... 36 4.9 Bedrijven en milieuzonering ................................................................................. 37 4.10 Luchtkwaliteit ........................................................................................................ 40 4.11 Verkeer en vervoer en parkeren .......................................................................... 40 4.12 Water .................................................................................................................... 41 4.13 M.e.r.-beoordeling ................................................................................................
49 5 ECONOMISCHE UITVOERBAARHEID .............................................................. 51 Gemeente Steenwijkerland Blad 3 van 57 Bestemmingsplan Sint Jansklooster, Heetveld 16 (woningbouwlocatie) Februari 2024 Versie 01 NL.IMRO.1708.SJKHeetveld16BP-VA01 Toelichting 6 MAATSCHAPPELIJKE UITVOERBAARHEID ................................................... 52 7 JURIDISCHE TOELICHTING .............................................................................. 53 7.1 Algemeen .............................................................................................................. 53 7.1 Toelichting op de verbeelding............................................................................... 53 7.2 Toelichting op de planregels................................................................................. 54 Gemeente Steenwijkerland Blad 4 van 57 Bestemmingsplan Sint Jansklooster, Heetveld 16 (woningbouwlocatie) Februari 2024 Versie 01 NL.IMRO.1708.SJKHeetveld16BP-VA01 Toelichting 1 Hoofdstuk 1 Inleidend hoofdstuk 1.1 Aanleiding Initiatiefnemers hebben plannen om 8 levensloopbestendige woningen te realiseren op de locatie van de voormalige basisschool ‘De Opstap’ in Heetveld en het naastgelegen perceel. De gemeente is al enige tijd in gesprek met betrokken partijen vanwege het initiatief ‘oud worden op Heetveld’.
Het realiseren van 8 woningen is in strijd met het bestemmingsplan. De gemeente Steenwijkerland heeft aangegeven medewerking te willen verlenen aan het wijzigen van het bestemmingplan. Op onderstaande figuur is een projectie opgenomen van het plangebied waarop dit bestemmingsplan betrekking heeft. Fig. 1.1: Het plangebied dat in aanmerking komt voor woningbouw. 1.2 Vigerend bestemmingsplan Het plangebied is gelegen in het geldende bestemmingsplan “Zuidelijke kernen”. De gronden in het plangebied zijn voorzien van de bestemmingen Groen, Maatschappelijk en Sport. Binnen de enkelbestemming Maatschappelijk zijn een aanduiding “bouwvlak” en specifieke maatvoering eisen voor goothoogte, bouwhoogte en bebouwingspercentage gegeven. Voor het plangebied geldt tevens een dubbelbestemming ‘Waarde – Archeologie 2’ en de gebiedsaanduidingen ‘milieuzone – grondwaterbeschermingsgebied’ en ‘milieuzone – intrekgebied’. Het bouwplan is in strijd met het geldende bestemmingsplan. Het gewenste project voorziet in het bouwen en gebruiken van 8 woningen (4x 2 onder-een-kap) en past niet binnen de bestemmingsomschrijvingen van de bestemming Groen (artikel 12), Maatschappelijk (artikel 13) en Sport (artikel 21) van het geldend bestemmingsplan.
Gemeente Steenwijkerland Blad 5 van 57 Bestemmingsplan Sint Jansklooster, Heetveld 16 (woningbouwlocatie) Februari 2024 Versie 01 NL.IMRO.1708.SJKHeetveld16BP-VA01 Toelichting De gemeente Steenwijkerland heeft aangegeven het bestemmingsplan voor dit project te willen wijzigen. Fig. 1.2: Een weergave van het bestemmingsplan en het plangebied in het gele kader. 1.3 Doel In dit bestemmingsplan wordt ingegaan op de (ruimtelijke) gevolgen van de voorgenomen ontwikkeling van het betreffende gebied. Ook wordt een beschrijving gegeven van het relevante ruimtelijk beleid. De wijziging van de bestemming dient niet in strijd te zijn met een goede ruimtelijke ordening. 1.4 Verantwoording Bij het opstellen van voorliggend bestemmingsplan is gebruik gemaakt van diverse (beleids)documenten en websites. Sommige (beleids)documenten en beeldbeschrijvende documenten zijn in voorkomende gevallen integraal overgenomen om de inhoud zoveel mogelijk te waarborgen. Daar waar bronnen zijn gebruikt is dat in de tekst weergegeven. 1.5 Leeswijzer Na dit inleidende hoofdstuk wordt in hoofdstuk 2 een weergave gegeven van de historie en ligging van het plangebied. In hoofdstuk 3 komen de relevante beleidsstukken voorbij die van toepassing zijn op het plan en uitgewerkt van provinciaal niveau tot gemeentelijk niveau. Hoofdstuk 4 geeft de invloed weer van het plan tot de verschillende omgevingsaspecten.
In hoofdstuk 5 staat de economische uitvoerbaarheid centraal. Hoofdstuk 6 doet verslag van de inspraak- en overlegreacties,
Gemeente Steenwijkerland Blad 6 van 57 Bestemmingsplan Sint Jansklooster, Heetveld 16 (woningbouwlocatie) Februari 2024 Versie 01 NL.IMRO.1708.SJKHeetveld16BP-VA01 Toelichting waarna hoofdstuk 7 ingaat op de juridische vertaling van het plan en vervolgens volgen de regels en de verbeelding. Gemeente Steenwijkerland Blad 7 van 57 Bestemmingsplan Sint Jansklooster, Heetveld 16 (woningbouwlocatie) Februari 2024 Versie 01 NL.IMRO.1708.SJKHeetveld16BP-VA01 Toelichting 2 Hoofdstuk 2 Locatie en planbeschrijving 2.1 Ligging en historie Heetveld ligt in het zuidwesten van de gemeente Steenwijkerland, ten zuiden van de kern Sint Jansklooster en nabij de grens met de provincie Flevoland. Ten oosten van de kern ligt natuurgebied de Wieden. Fig. 2.1: De kern Heetveld met het plangebied ten noorden van het dorp. Ruimtelijke structuur Heetveld is gelegen op een keileem rug, die ontstaan is in de ijstijd. Deze rug is een ophoging van grondmorenemateriaal dat zich aan de bodem van het landijs bevond en na smelting bleef liggen. Daar zijn in de periode daarna door water en wind dekzanden overheen aangebracht. Op de rand van zo’n keileem rug waren vroeger op de overgang van hoog naar laag gunstige vestigingsmogelijkheden voor gemengde agrarische bedrijven aanwezig. Aan de westzijde van Heetveld loopt het gebied dan ook geleidelijk af.
Het kleinschalige landschap wordt gekenmerkt door grillige lijnen, hoogteverschillen, wegbeplanting, houtwallen en bossen. Van de boomsoorten komt de eik veelvuldig voor. De verkaveling is aan de rand van de keileem rug langgerekt en op de rug meer blokvormig. Heetveld kent geen echte groene dragers, laanbeplantingen ontbreken. Naar het dorp toe zijn wel veel laanbeplantingen langs de smalle toegangswegen aanwezig. Verder is enkel groen aanwezig op de gemeentelijke begraafplaats. Ten zuiden van de kern Heetveld ligt geologisch monument De Zandkoele. Hier is een kleine afgraving van keileem te zien. Ook wordt in de Zandkoele op een met houtsnippers en schelpen gemaakte kaart van Scandinavië de herkomst van de verschillende soorten zwerfkeien aangegeven.
Gemeente Steenwijkerland Blad 8 van 57 Bestemmingsplan Sint Jansklooster, Heetveld 16 (woningbouwlocatie) Februari 2024 Versie 01 NL.IMRO.1708.SJKHeetveld16BP-VA01 Toelichting Binnen de kern Heetveld vormt de weg Heetveld de belangrijkste ontsluitingsweg, zowel in zuidelijke richting naar Zwartsluis, als in noordelijke richting naar Sint Jansklooster. Verder zijn de Hoogte en Bergkampen te beschouwen als belangrijke (landbouw) ontsluitingswegen. De overige wegen in de kern kunnen worden aangemerkt als woonstraten. Via de weg Heetveld is de kern ook aangesloten op het openbaar vervoernetwerk. De bebouwing rond Heetveld bevindt zich van oorsprong aan de oude landbouwwegen. Vroeger betrof het hoofdzakelijk kleine agrarische bedrijven. Veel karakteristieke bebouwing komt er niet voor. De lintbebouwing gaat geleidelijk over in de kernbebouwing van Heetveld. Enkele woningen aan de zuidrand van de kern getuigen nog van de (vroegere) turfstekerij en rietsnijderij. Echte kernvorming heeft in Heetveld in het verleden niet plaatsgevonden. Dit ligt onder andere aan het ontbreken van een kerk of een ander markant gebouw, waaromheen bebouwing zich zou kunnen concentreren. Een kleine uitbreiding van de kern is gerealiseerd langs de Hoge Veldweg. Hiermee is een eerste aanzet tot kernvorming gedaan. Functionele structuur De kern Heetveld heeft hoofdzakelijk een woonfunctie.
De woningen in het bebouwingslint zijn vrijstaand en opgebouwd uit één bouwlaag met kap. In de uitbreiding staat half vrijstaande en vrijstaande woningen in twee bouwlagen met kap. Meergezinswoningen komen in Heetveld niet voor. Het aantal voorzieningen in Heetveld is zeer beperkt. Het betreft een (voormalige) school, een begraafplaats, een horecavoorziening en een tankstation. De voormalige school wordt gesloopt en op de gronden worden 8 levensbestendige woningen gerealiseerd. Fig. 2.2: Zicht op het plangebied, gezien vanaf de straat Bergkampen. 2.2 Het gewenste bouwplan Het project voorziet in het slopen van een voormalige school in het dorp. Op deze gronden is ruimte voor 4 twee-onder-een-kap woningen, daarmee dus 8 nieuwe woningen. Deze woningen worden levensloopbestendig en energiezuinig gebouwd. Ter hoogte van de bestaande inrit wordt in het plangebied een nieuwe ontsluiting aangelegd, waarop woningen worden ontsloten.
Gemeente Steenwijkerland Blad 9 van 57 Bestemmingsplan Sint Jansklooster, Heetveld 16 (woningbouwlocatie) Februari 2024 Versie 01 NL.IMRO.1708.SJKHeetveld16BP-VA01 Toelichting Fig. 2.3: Een weergave van de huidige (school)locatie tevens het plangebied. Onderstaand overzichtstekeningen van zowel de verschillende woningtypen in het plangebied.
Gemeente Steenwijkerland Blad 10 van 57 Bestemmingsplan Sint Jansklooster, Heetveld 16 (woningbouwlocatie) Februari 2024 Versie 01 NL.IMRO.1708.SJKHeetveld16BP-VA01 Toelichting Ontsluiting en parkeren Op perceelniveau wordt het plangebied ontsloten via een nieuwe ontsluiting die op het Heetveld aansluit. Aan de achterzijde van het plangebied zijn drie (algemene) parkeerplaatsen in het plangebied aanwezig. Op het perceel (eigen terrein) heeft elke woning twee parkeerplaatsen. Het nieuwbouwplan betreft de bouw van 8 woningen. Met 19 parkeerplaatsen voorziet het project in circa 2,3 parkeerplaats per woning. Onderstaand een weergave van de nieuwe situatietekening van het plangebied. Landschappelijke inpassing Groen in stedelijke omgeving verbetert het milieu, zorgt voor een rijke biodiversiteit, vermindert luchtvervuiling, zorgt voor waterberging, dempt geluidshinder en verkoelt in warme periode (voorkomt hittestress). Groen is essentieel voor een klimaatbesten dige en duurzame omgeving. Ook draagt het groen bij aan een prettig woon- en leefklimaat. Voorliggend wijzigingsplan houdt rekening met een goede ruimtelijke en landschappelijke inpassing. Middels een bomeninventarisatie is naar voren gekomen welke bomen, houtopstanden en struweel als gevolg van de nieuwe ontwikkeling gerooid gaat worden en welke bestaande bomen behouden dienen te worden.
Rondom het plangebied zijn watergangen (sloten) aanwezig welke behouden dienen te worden. Als gevolg van groencompensatie worden in en rondom het plangebied nieuwe bomen aangeplant evenals het aanleggen overige groenstructuren. Ter waarborg van groenstructuren en watergangen rondom het plangebied is op de verbeelding een bestemming ‘Groen’ opgenomen. Door middel het opnemen van een voorwaardelijke verplichting in de bestemming ‘Groen’ is de uitvoering van het erfinrichtingsplan (zie figuur 2.4) geborgd.
Gemeente Steenwijkerland Blad 11 van 57 Bestemmingsplan Sint Jansklooster, Heetveld 16 (woningbouwlocatie) Februari 2024 Versie 01 NL.IMRO.1708.SJKHeetveld16BP-VA01 Toelichting
Gemeente Steenwijkerland Blad 12 van 57 Bestemmingsplan Sint Jansklooster, Heetveld 16 (woningbouwlocatie) Februari 2024 Versie 01 NL.IMRO.1708.SJKHeetveld16BP-VA01 Toelichting Fig. 2.4: Een impressie van de situatie en erfinrichtingsplan van het project. 3 Hoofdstuk 3 Beleidskader Binnen het ruimtelijk werkveld is door de verschillende overheidslagen veel beleid opgesteld. Middels dit beleid is getracht richting te geven aan de inrichting en het beheer van de openbare ruimte. Getoetst wordt of het plan past binnen het vigerende planologisch kader en binnen het ruimtelijk beleid van de verschillende overheidslagen. In dit hoofdstuk staat een overzicht van het van toepassing zijnde beleid in relatie tot de gewenste ontwikkelingen van de gemeente Steenwijkerland op deze locatie. 3.1 Rijksbeleid 3.1.1 Nationale Omgevingsvisie (NOVI) De Nationale Omgevingsvisie (NOVI) biedt een duurzaam perspectief voor de Nederlandse leefomgeving. Hiermee kunnen we inspelen op de grote uitdagingen die voor ons liggen. De NOVI biedt een kader, geeft richting en maakt keuzes waar dat kan. Tegelijkertijd is er ruimte voor regionaal maatwerk en gebiedsgerichte uitwerking. Omdat de verantwoordelijkheid voor het omgevingsbeleid voor een groot deel bij provincies, gemeenten en waterschappen ligt, kunnen inhoudelijke keuzes in veel gevallen het beste regionaal worden gemaakt.
Met de NOVI zet de Rijksoverheid een proces in gang waarmee keuzes voor onze leefomgeving sneller en beter gemaakt kunnen worden. Aan de hand van een toekomstperspectief op 2050 brengt de NOVI de langetermijnvisie in beeld. Op nationale belangen wil het Rijk sturen en richting geven. Die komen samen in vier prioriteiten: • Ruimte voor klimaatadaptatie en energietransitie;
Gemeente Steenwijkerland Blad 13 van 57 Bestemmingsplan Sint Jansklooster, Heetveld 16 (woningbouwlocatie) Februari 2024 Versie 01 NL.IMRO.1708.SJKHeetveld16BP-VA01 Toelichting • Duurzaam economisch groeipotentieel; • Sterke en gezonde steden en regio's; • Toekomstbestendige ontwikkeling van het landelijk gebied. De druk op de fysieke leefomgeving in Nederland is zo groot, dat belangen soms botsen. Het streven vanuit de NOVI is combinaties te maken en win-win situaties te creëren. Soms zijn er scherpe keuzes nodig en moeten belangen worden afgewogen. Hiertoe gebruikt de NOVI drie afwegingsprincipes: 1. Combinaties van functies gaan voor enkelvoudige functies: In het verleden is scheiding van functies vaak te rigide gehanteerd. Met de NOVI wordt gezocht naar maximale combinatiemogelijkheden tussen functies, gericht op een efficiënt en zorgvuldig gebruik van de ruimte; 2. Kenmerken en identiteit van een gebied staan centraal: wat de optimale balans is tussen bescherming en ontwikkeling, tussen concurrentiekracht en leefbaarheid, verschilt van gebied tot gebied. Sommige opgaven en belangen wegen in het ene gebied zwaarder dan in het andere; 3. Afwentelen wordt voorkomen: het is van belang dat de leefomgeving zoveel mogelijk voorziet in mogelijkheden en behoeften van de huidige generatie van inwoners zonder dat dit ten koste gaat van die van toekomstige generaties.
Conclusie Wonen is één van de basisbehoeften van mensen. In de Nationale Omgevingsvisie wordt aangegeven dat iedereen in Nederland prettig moet kunnen wonen voor een redelijke prijs. Een woningvoorraad die aansluit op de huidige en toekomstige woonbehoefte van mensen is daarom van nationaal belang. Het huidige woningtekort en de toename van het aantal inwoners en huishoudens vraagt een groei van de woningvoorraad (vooral in en bij de stedelijke regio’s) in een fijne, leefbare omgeving. Tussen 2019 en 2035 moet de woningvoorraad in Nederland met circa 1,1 miljoen woningen worden vergroot. De primaire verantwoordelijkheid voor de gebouwde omgeving, de woningvoorraad en de leefbaarheid ligt bij gemeenten en provincies. Het Rijk is systeemverantwoordelijk. Het is de rol van het Rijk om de kaders te stellen, te stimuleren, eventueel te sanctioneren, waar nodig middelen ter beschikking te stellen – bijvoorbeeld via de huurtoeslag, hypotheekrenteaftrek of de regeling woningbouwimpuls voor gemeenten – en met gemeenten en provincies samen te werken om (bovenlokale, inclusief grensoverschrijdende) knelpunten op te lossen en realisatie van de nationale belangen te waarborgen. De voorgenomen ontwikkeling voorziet in de toevoeging van 8 (levensbestendige) woningen. In de regio is een vraag naar nieuwe woningen.
Zoals is beschreven ligt de primaire verantwoordelijkheid voor de gebouwde omgeving en de woningvoorraad bij de gemeenten en provincies. De nieuwe woningen voorzien in een actuele behoefte. Daarmee past het plan binnen de prioriteiten van de NOVI en kan geconcludeerd worden dat er geen sprake is van strijd met het rijksbeleid. 3.1.2 Ladder voor duurzame verstedelijking De Ladder voor duurzame verstedelijking (hierna: Ladder) is een instrument voor efficiënt ruimtegebruik, met een motiveringsvereiste voor het bevoegd gezag als nieuwe stedelijke ontwikkelingen planologisch mogelijk worden gemaakt. Bij besluit van 28 Gemeente Steenwijkerland Blad 14 van 57 Bestemmingsplan Sint Jansklooster, Heetveld 16 (woningbouwlocatie) Februari 2024 Versie 01 NL.IMRO.1708.SJKHeetveld16BP-VA01 Toelichting augustus 2012 is de Ladder toegevoegd aan artikel 3.1.6 van het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) en vervolgens op 1 oktober 2012 in werking getreden. Op 1 juli 2017 is het Bro gewijzigd, waarbij een nieuwe Laddersystematiek geldt. Voorliggend plan gaat uit van het realiseren van 8 woningen. Momenteel is in jurisprudentie de lijn aanwezig dat een woningbouwproject vanaf 12 woningen wordt aangemerkt als een stedelijke ontwikkeling. Voorliggend project is geen stedelijke ontwikkeling en verder niet ladderplichtig. 3.2 Provinciaal beleid Het provinciaal beleid is verwoord in tal van plannen.
Het belangrijkste plan betreft de Omgevingsvisie Overijssel, welke is verankerd in de Omgevingsverordening. 3.2.1 Omgevingsvisie Overijssel De Omgevingsvisie is een integrale visie waarin de beleidsambities en doelstellingen staan die van provinciaal belang zijn voor de ontwikkeling van de fysieke leefomgeving van Overijssel. Het uitgangspunt is gericht op het jaar 2030. De visie biedt kaders in de vorm van ontwikkelingsperspectieven voor de groene omgeving en stedelijke omgeving. Daarbinnen krijgen gemeenten, waterschappen, maatschappelijke organisaties en andere initiatiefnemers mogelijkheden om ruimtelijke ontwikkelingen te realiseren. De opgaven en kansen waar de provincie Overijssel voor staat, zijn verwerkt in centrale beleidsambities voor negen beleidsthema's. Deze beleidsthema's worden benaderd vanuit de overkoepelende rode draden duurzaamheid, ruimtelijke kwaliteit en sociale kwaliteit. • Duurzame ontwikkeling voorziet in de behoefte van de huidige generatie, zonder voor toekomstige generaties de mogelijkheden in gevaar te brengen om ook in hun behoeften te voorzien. • Ruimtelijke kwaliteit is datgene wat de ruimte geschikt maakt en houdt voor wat voor mens, plant en dier belangrijk is. Ruimtelijke kwaliteit gaan vooral over 'goed': mooi, functioneel en toekomstbestendig. • Sociale kwaliteit gaat over het welzijn of 'goed voelen' van de mens.
In de omgevingsvisie gaat het over het welzijn van de mens in relatie tot de fysieke leefomgeving. 3.2.2 Omgevingsverordening Overijssel De provincie beschikt over een palet aan instrumenten waarmee zij haar ambities realiseert. Het gaat er daarbij om steeds de meest optimale mix van instrumenten toe te passen, zodat effectief en efficiënt resultaat wordt geboekt voor alle ambities en doelstellingen van de Omgevingsvisie. De keuze voor inzet van deze instrumenten is bepaald aan de hand van een aantal criteria. In de Omgevingsvisie is bij elke beleidsambitie een realisatieschema opgenomen waarin is aangegeven welke instrumenten de provincie zal inzetten om de verschillende onderwerpen van provinciaal belang te realiseren. Eén van de instrumenten om het beleid uit de Omgevingsvisie te laten doorwerken is de Omgevingsverordening Overijssel. De Omgevingsverordening is het provinciaal Gemeente Steenwijkerland Blad 15 van 57 Bestemmingsplan Sint Jansklooster, Heetveld 16 (woningbouwlocatie) Februari 2024 Versie 01 NL.IMRO.1708.SJKHeetveld16BP-VA01 Toelichting juridisch instrument dat wordt ingezet voor die onderwerpen waarvoor de provincie eraan hecht dat de doorwerking van het beleid van de Omgevingsvisie juridisch geborgd is.
3.2.3 Uitvoeringsmodel Omgevingsvisie Overijssel De opgaven, kansen, beleidsambities en ruimtelijke kwaliteitsambities voor de provincie zijn in de Omgevingsvisie Overijssel geschetst in ontwikkelingsperspectieven voor de groene omgeving en stedelijke omgeving. Om de ambities van de provincie waar te maken, bevat de Omgevingsvisie een uitvoeringsmodel. Dit model is gebaseerd op drie niveaus, te weten: 1. Of - generieke beleidskeuzes; 2. Waar - ontwikkelingsperspectieven; 3. Hoe - gebiedskenmerken. Deze begrippen worden hieronder nader toegelicht. 3.2.3.1 Of - generieke beleidskeuzes Generieke beleidskeuzes zijn keuzes die bepalend zijn voor de vraag of ontwikkelingen nodig dan wel mogelijk zijn. In deze fase wordt beoordeeld of er sprake is van een maatschappelijke opgave. Of een initiatief mogelijk is, wordt onder andere bepaald door generieke beleidskeuzes van EU, Rijk of provincie. Denk aan beleidskeuzes om basiskwaliteiten als schoon drinkwater en droge voeten te garanderen. Andere generieke beleidskeuzes betreffen het voorkomen van overaanbod van bijvoorbeeld woningbouw- en kantoorlocaties. Ook wordt in deze fase de zgn. Overijsselse ladder voor duurzame verstedelijking gehanteerd.
Deze Overijsselse ladder geeft een nadere invulling aan de vraag hoe de behoefte moet worden bepaald, zowel in de stedelijke als in de groene omgeving, en op welke wijze de regionale afstemming vormgegeven moet worden. Integraliteit, toekomstbestendigheid, concentratiebeleid, (boven)regionale afstemming en zuinig en zorgvuldig ruimtegebruik zijn beleidskeuzes die invulling geven aan de Overijsselse ladder voor duurzame verstedelijking. Voor specifieke gebieden in Overijssel geldt dat niet alle initiatieven mogelijk zijn. Dit heeft te maken met zwaarwegende publieke belangen, gebieds-specifieke beleidskeuzes om de zwaarwegende publieke belangen te borgen, zijn: reservering voor waterveiligheid en beperking wateroverlast, drinkwater/grondwaterbeschermingsgebieden, het Natuurnetwerk Nederland (NNN, voorheen Ecologische Hoofdstructuur (EHS)), de Nationale Landschappen en het provinciaal routenetwerk transport gevaarlijke stoffen. 3.2.3.2 Waar – ontwikkelingsperspectieven Als uit de beoordeling in het kader van de generieke beleidskeuzes blijkt dat de voorgenomen ruimtelijke ontwikkeling aanvaardbaar is, vindt een toets plaats aan de ontwikkelingsperspectieven. In de Omgevingsvisie is een spectrum van zes ontwikkelperspectieven beschreven voor de groene en stedelijke omgeving.
Met dit Gemeente Steenwijkerland Blad 16 van 57 Bestemmingsplan Sint Jansklooster, Heetveld 16 (woningbouwlocatie) Februari 2024 Versie 01 NL.IMRO.1708.SJKHeetveld16BP-VA01 Toelichting spectrum geeft de provincie ruimte voor het realiseren van de in de visie beschreven beleids- en kwaliteitsambities. De ontwikkelperspectieven geven richting aan wat waar ontwikkeld zou kunnen worden. Daar waar generieke beleidskeuzes een geografische begrenzing hebben, zijn ze consistent door vertaald in de ontwikkelingsperspectieven. De ontwikkelingsperspectieven zijn richtinggevend en bieden de nodige flexibiliteit voor de toekomst. 3.2.3.3 Hoe – gebiedskenmerken Op basis van gebiedskenmerken in vier lagen (natuurlijke laag, laag van het agrarisch cultuurlandschap, stedelijke laag en laag van de beleving) gelden specifieke kwaliteitsvoorwaarden en –opgaven voor ruimtelijke ontwikkelingen. Het is de vraag ‘hoe’ een ontwikkeling invulling krijgt. Aan de hand van de drie genoemde niveaus kan worden bezien of een ruimtelijke ontwikkeling mogelijk is en er behoefte aan is, waar het past in de ontwikkelingsvisie en hoe het uitgevoerd kan worden. Onderstaande afbeelding geeft dit schematisch weer.
3.2.4 Toetsing van het initiatief aan het Uitvoeringsmodel Omgevingsvisie Overijssel Indien het concrete initiatief wordt getoetst aan het Uitvoeringsmodel Omgevingsvisie Overijssel ontstaat globaal het volgende beeld.
Gemeente Steenwijkerland Blad 17 van 57 Bestemmingsplan Sint Jansklooster, Heetveld 16 (woningbouwlocatie) Februari 2024 Versie 01 NL.IMRO.1708.SJKHeetveld16BP-VA01 Toelichting 3.2.4.1 Of - generieke beleidskeuzes Bij de afwegingen in de eerste fase “generieke beleidskeuzes” wordt opgemerkt dat er sprake is van een binnenstedelijke woningbouwontwikkeling maar van een ontwikkeling in het landelijk gebied/buitengebied. De bepalingen voor de groene omgeving zijn van toepassing. Hieronder wordt daarom ingegaan op de artikelen 2.1.3 (Zuinig en zorgvuldig ruimtegebruik), artikel 2.1.5 (Ruimtelijke kwaliteit) en 2.1.6 (Kwaliteitsimpuls Groene Omgeving). Artikel 2.1.5 lid 1: Ruimtelijke kwaliteit In de toelichting op bestemmingsplannen wordt onderbouwd dat de nieuwe ontwikkelingen die het bestemmingsplan mogelijk maakt, bijdragen aan het versterken van de ruimtelijke kwaliteit conform de geldende gebiedskenmerken. Toetsing van het initiatief aan artikel 2.1.5 lid 1 van de Omgevingsverordening Overijssel Verouderde bebouwing wordt verwijderd. Een verrommeld erf wordt opgeknapt. H et perceel wordt op een gedegen wijze landschappelijk ingepast. Verder wordt een deel van het plangebied als groen bestemd, waarbij geen bouwmogelijkheden zijn.
Het verwijderen van de erfverharding en het uitvoeren van het erfinrichtingsplan wordt met een voorwaardelijke verplichting van sloop en inrichtingsplan geregeld. Artikel 2.2.2 lid 1: Realisatie nieuwe woningen 1. Bestemmingsplannen en omgevingsvergunningen als bedoeld in artikel 2.1 lid 1 onder c van de Wabo, voorzien uitsluitend in de mogelijkheid tot het realiseren van nieuwe woningen als de behoefte daaraan is aangetoond door middel van actueel onderzoek woningbouw. De van belang zijnde begrippen in het kader van artikel 2.2.2 zijn hierna opgenomen: ➢ Nieuwe woningen: te realiseren woningen, waarvoor nog geen omgevingsvergunning is afgegeven ➢ Actueel onderzoek woningbouw: door de raad vastgesteld onderzoek waarin de behoefte van de gemeente aan nieuwe woningen is onderbouwd op basis van de regionale behoefte woningbouw, markt- en vastgoedanalyses en andere relevante gegevens. ➢ Regionale behoefte woningbouw: door Gedeputeerde Staten vastgestelde provinciale analyse waarin de regionale behoefte aan nog te realiseren woningen is onderbouwd op basis van provinciale behoefteprognoses.
➢ Woonafspraken: bestuurlijke afspraken tussen provincie Overijssel en gemeenten over onder meer doelgroepen, wonen en zorg, stedelijke vernieuwing, toekomstbestendigheid bestaande voorraad, programmeren en zuinig en zorgvuldig ruimtegebruik en bijbehorende programmeringsdocumenten, zoals voor een aangegeven periode zijn gemaakt. ➢ Regio: de gemeenten die onderdeel uitmaken van de samenhangende woningmarkt die bediend wordt met de woningbouwmogelijkheden die een gemeente biedt. Gemeente Steenwijkerland Blad 18 van 57 Bestemmingsplan Sint Jansklooster, Heetveld 16 (woningbouwlocatie) Februari 2024 Versie 01 NL.IMRO.1708.SJKHeetveld16BP-VA01 Toelichting In artikel 2.2.3 lid 1 van de Omgevingsverordening wordt onder actueel onderzoek woningbouw verstaan: onderzoek dat eens in de 2 jaar wordt geactualiseerd. Toetsing van het initiatief aan artikel 2.2.2 van de Omgevingsverordening Overijssel Zoals uit artikel 2.2.2 blijkt mogen bestemmingsplannen en omgevingsvergunningen enkel voorzien in de realisatie van nieuwe woningen indien de behoefte daaraan in aangetoond door middel van actueel onderzoek woningbouw. Hierbij dient te worden aangesloten bij de woonafspraken zoals die zijn gemaakt tussen gemeente en provincie op basis van regionale afstemming.
In paragraaf 3.3.1 (Regionaal woonbeleid) is duidelijk geworden dat er een actuele behoefte aan woningen is en dat er in het woonbeleid rekening mee is gehouden, er is capaciteit. 3.2.4.2 Ontwikkelingsperspectieven Het plangebied behoort tot het ontwikkelingsperspectief ‘Woon en werklocaties buiten de stedelijke netwerken’. Voor de ligging van het plangebied binnen het ontwikkelingsperspectief ‘woon- en werklocaties buiten de stedelijke netwerken’ geldt het volgende. De steden en dorpen buiten de stedelijke netwerken mogen altijd bouwen voor de lokale behoefte aan wonen, werken en voorzieningen, inclusief lokaal gewortelde bedrijvigheid, mits onderbouwd en regionaal afgestemd. Herstructurering en transformatie van de woon-, werk-, voorzieningen- en mixmilieus moeten deze vitaal en aantrekkelijk houden en de diversiteit aan milieus versterken. Herstructurering en transformatie bieden kansen om te anticiperen op klimaatverandering (bijvoorbeeld door ruimte voor groen, natuur en water te reserveren). In voorliggend plan wordt invulling gegeven aan de aanwezige en lokale behoefte aan koopwoningen en is in overeenstemming met aantallen uit de regionale
Gemeente Steenwijkerland Blad 19 van 57 Bestemmingsplan Sint Jansklooster, Heetveld 16 (woningbouwlocatie) Februari 2024 Versie 01 NL.IMRO.1708.SJKHeetveld16BP-VA01 Toelichting woningbouwafspraken en met de woonagenda 2022 – 2026. Hiermee wordt invulling gegeven aan provinciaal beleid door voor de lokale behoefte te bouwen. De wijze waarop dat gebeurt is eveneens in aansluiting op provinciaal beleid. Het plangebied ligt binnen bestaand stedelijk gebied. Ter plaatse was een basisschool aanwezig. Die wordt, samen met de aanwezige verharding, gesloopt en verwijderd en ter plaatse van deze voormalige schoollocatie worden 8 woningen gerealiseerd. Hierdoor is feitelijk sprake van herstructurering van dit stedelijke gebied. 3.2.4.3 Gebiedskenmerken Nieuwe ruimtelijke opgaven worden verbonden met bestaande gebiedskenmerken. De gebiedskenmerken spelen zo een belangrijke rol bij de vraag hoe een initiatief invulling kan krijgen. Onder gebiedskenmerken verstaat de provincie de ruimtelijke kenmerken van een gebied of een gebiedstype die bepalend zijn voor de karakteristiek en kwaliteit van dat gebied of gebiedstype. In dit hoofdstuk wordt een toelichting gegeven op de vier lagen die worden onderscheiden en – per laag – een samenvatting van de inzet of ambitie. Catalogus Gebiedskenmerken De gebiedskenmerken met een provinciaal belang zijn opgenomen in de Catalogus Gebiedskenmerken.
Voor alle gebiedstypen in Overijssel is beschreven welke kwaliteiten en kenmerken in de vier lagen behouden, versterkt en ontwikkeld moeten worden. De kwaliteitsopgaven en -voorwaarden in de catalogus zijn integraal, in de zin dat ze aspecten als milieu, water, cultuur, landschap en infrastructuur omvatten voor zover ze te koppelen zijn aan een gebiedstype. De gebiedskenmerken worden in 4 lagen onderscheiden: 1. de natuurlijke laag 2. de laag van het agrarisch cultuurlandschap 3. de stedelijke laag 4. de laag van de beleving 3.2.4.3.1 De natuurlijke laag De natuurlijke laag is de laag van de bodem, het reliëf, het watersysteem en de natuur die zich hier ‘van nature’ op vestigt. Deze natuurlijke laag is het resultaat van de wisselwerking tussen abiotische (fysische) en biotische factoren en processen. Zo zorgden ijs-, wind- en waterstromen in Overijssel voor het ontstaan van een afwisselend landschap van stuwwallen, dekzandgronden, beekdalen en natte laagtes en bepaalden de stroomsnelheden van IJssel, Vecht, Regge of Dinkel waar het fijne (komgronden) en waar het grovere sediment (oeverwallen) werd afgezet. En ontwikkelde veen zich daar, waar het water maar moeilijk weg kon.
De ruimtelijke kwaliteitsambities in de natuurlijke laag zijn: • natuur als ruggengraat: de ontwikkeling van een robuust, aaneengesloten natuurlijk landschap • een continu en beleefbaar watersysteem als dragende structuur van Overijssel De kaartlaag ‘Natuurlijke Laag’ geeft aan dat ter plaatse sprake is van zogeheten ‘stuwwallen’. Gemeente Steenwijkerland Blad 20 van 57 Bestemmingsplan Sint Jansklooster, Heetveld 16 (woningbouwlocatie) Februari 2024 Versie 01 NL.IMRO.1708.SJKHeetveld16BP-VA01 Toelichting De stuwwallen zijn tijdens de ijstijd opgestuwde aardlagen. Door de vaak grote hoogteverschillen zijn ze nu nog steeds goed zichtbaar. De ambitie is het eigen karakter van de afzonderlijke stuwwalen te behouden en versterken. De inzet is het reliëf daarbij ruimtelijk beeldbepalend te laten zijn. Als ontwikkelingen plaats vinden, dan dragen deze bij aan het beter zichtbaar en beleefbaar maken van de hoogteverschillen en van de overgang tussen stuwwal en omgeving. In relatie tot de voorgenomen ontwikkeling Op deze locatie zijn de kenmerken van het oorspronkelijk landschap nauwelijks meer waarneembaar. Dit komt doordat het gebied in cultuur is gebracht ten behoeve van de schoollocatie. Geconcludeerd wordt dat de ‘Natuurlijke laag’ geen belemmeringen vormt voor de in dit plan besloten woningbouwontwikkeling.
3.2.4.4 Laag van het agrarisch cultuurlandschap Het agrarisch cultuurlandschap is bij uitstek een gebruikslandschap. Bij de ontwikkeling ervan hebben nooit ideeën over schoonheid een rol gespeeld. Wel zijn we het agrarisch cultuurlandschap in de loop van de tijd gaan waarderen. Het heeft als ‘consumptielandschap’ voor bewoners, recreanten en toeristen nieuwe betekenis gekregen. Veel mensen hechten aan de rust, de ruimte, de mogelijkheden om te fietsen, wandelen, et cetera. En aan de kwaliteit: vooral de herkenbaarheid, de contrasten en de afwisseling van verschillende landschapstypen worden gewaardeerd. De landschappelijke structuren zijn belangrijke dragers van de biodiversiteit. De kwaliteit van het agrarisch cultuurlandschap wordt in Overijssel bepaald door de variatie op twee schaalniveaus: provinciaal en regionaal. Binnen de regionale landschappen is er vaak op korte afstand sprake van verschillen. Ruimtelijke kwaliteitsambities De ruimtelijke kwaliteitsambities in de laag van het agrarisch cultuurlandschap zijn: • De ruimtelijke kwaliteitsambitie in de laag van het agrarisch cultuurlandschap is:
Gemeente Steenwijkerland Blad 21 van 57 Bestemmingsplan Sint Jansklooster, Heetveld 16 (woningbouwlocatie) Februari 2024 Versie 01 NL.IMRO.1708.SJKHeetveld16BP-VA01 Toelichting Voortbouwen aan de kenmerkende structuren van de agrarische cultuurlandschappen; het palet van agrarische cultuurlandschappen versterken en contrasten tussen de landschappen behouden en ontwikkelen Het is de inzet alle ontwikkelingen bij te laten dragen aan de instandhouding en versterking van bestaande en toevoeging van nieuwe kwaliteiten in de laag van het agrarisch cultuurlandschap. Ambitie is daarbij ook het versterken van de samenhang of het creëren van nieuwe samenhang tussen dorp, erf en landschap. De kaartlaag ‘Laag agrarisch-cultuur landschap” geeft aan dat ter plaatse sprake is van het zogeheten ‘Oude hoevenlandschap’. Het oude hoevenlandschap betreft een landschap met verspreide erven. Het werd ontwikkeld nadat de complexen met de grote essen ‘bezet’ waren. Die vonden ze bij kleine dekzandkopjes die individueel werden ontgonnen. Dit leidde tot een landschap dat dezelfde opbouw kent als het essenlandschap, alleen in een meer kleinschalige, meer individuele en jongere variant. Deze kleinere maat en schaal is tevens de reflectie van de natuurlijke ondergrond. Het landschap is contrastrijk met veel variatie op de korte afstand.
Als ontwikkelingen plaats vinden in het oude hoevenlandschap, dan dragen deze bij aan behoud en accentuering van de dragende structuren (groenstructuur en routes) van het oude hoevenlandschap, en aan de samenhang en de karakteristieke verschillen tussen de landschapselementen. In relatie tot de voorgenomen ontwikkeling Bestaande en verouderde bebouwing wordt verwijderd. Er komt een op zorgvuldige wijze landschappelijk ingepast kleinschalig woningbouwplan voor terug die landschappelijk wordt ingepast en waarbij aanwezige groenstructuren langs de randen worden behouden. De ontwikkeling leidt niet tot aantasting van of karakteristieke bebouwing die het oude hoevenlandschap karakteriseert. Geconcludeerd kan worden dat de ‘Laag van het agrarisch cultuurlandschap’ de ontwikkeling niet in de weg staat.
Gemeente Steenwijkerland Blad 22 van 57 Bestemmingsplan Sint Jansklooster, Heetveld 16 (woningbouwlocatie) Februari 2024 Versie 01 NL.IMRO.1708.SJKHeetveld16BP-VA01 Toelichting 3.2.4.5 Stedelijke laag De stedelijke laag is de laag van de steden, dorpen, verspreide bebouwing, wegen, spoorwegen en waterwegen. Het gaat in deze laag om de dynamiek van de steden en de grote infrastructurele verbindingen, maar ook om de rust van de dorpen en de landelijke wegen en paden. De ligging van een stad of dorp in het landschap, op een kruispunt van infrastructuur of in de nabijheid van grondstoffen speelt een belangrijke rol in het functioneren ervan. Efficiëntie en bereikbaarheid zijn belangrijke vestigingsfactoren, maar daarbij wordt de kwaliteit, eigenheid en het onderscheidend vermogen van de regio steeds belangrijker. De ontstaansgeschiedenis is medebepalend voor de huidige identiteit en terug te vinden in de ruimtelijke opbouw van de kernen, maar ook in de economische en sociale dynamiek. Daarnaast hebben door de tijd heen veranderende ideeën over de ideale vormgeving van de stad invloed gehad op de ruimtelijke opbouw. Cultuurhistorisch of architectonisch waardevolle gebouwen en structuren zijn hierbij vaak bepalend voor de stedelijke identiteit en de belevingswaarde voor bewoners en bezoekers. Zo is in Overijssel een rijk palet ontstaan aan onderscheidende steden en dorpen.
Elk met een eigen karakteristieke ruimtelijke, sociale en functionele opbouw en kwaliteit. Ruimtelijke kwaliteitsambities De ruimtelijke kwaliteitsambities in de stedelijke laag zijn: • Brede waaier aan woon-, werk- en mixmilieus: elk buurtschap, dorp en stad zijn eigen kleur • Contrast tussen dynamische en luwe gebieden versterken door het infrastructuurnetwerk Er is in het plangebied sprake van de laag ‘woonwijken 1955 – nu’. De woonwijken van 1955 tot nu zijn planmatig opgezette uitbreidingswijken op basis van een collectief idee en grotere bouwstromen. De functies (wonen, werken, voorzieningencentra) zijn uiteengelegd en de wijken zijn opgedeeld in buurten
Gemeente Steenwijkerland Blad 23 van 57 Bestemmingsplan Sint Jansklooster, Heetveld 16 (woningbouwlocatie) Februari 2024 Versie 01 NL.IMRO.1708.SJKHeetveld16BP-VA01 Toelichting met een homogeen bebouwingskarakter: buurten met eengezinswoningen, flatwijken, villawijken, wijk(winkel)centra. Er is sprake van een tijdsgebonden verkavelingsstructuur op basis van verschillende ordeningsprincipes. Als ontwikkelingen plaats vinden de naoorlogse woonwijken, dan voegt nieuwe bebouwing zich in de aard, maat en het karakter van het grotere geheel (patroon van o.a. wooneenheden en parken), maar is als onderdeel daarvan wel herkenbaar. De groenstructuur is onderdeel van het wijkontwerp. Herstructurering van de wijk borduurt voort op de bestaande kwaliteiten van de bebouwing en het stedenbouwkundig ontwerp en verwijst naar de voormalige natuurlijke laag en die van het agrarisch cultuurlandschap door b.v. nog resterende sloten- en beplantingspatronen te benutten danwel te herintroduceren. In relatie tot de voorgenomen ontwikkeling Bestaande en verouderde bebouwing wordt verwijderd. Er komt een op zorgvuldige wijze landschappelijk ingepast kleinschalig woningbouwplan voor terug die landschappelijk wordt ingepast en waarbij aanwezige groenstructuren langs de randen worden behouden.
De ontwikkeling leidt niet tot aantasting van waardevolle landschapsstructuren of karakteristieke bebouwing die het oude hoevenlandschap karakteriseert. Geconcludeerd kan worden dat de ‘Laag van het agrarisch cultuurlandschap’ de ontwikkeling niet in de weg staat. 3.2.4.6 Laag van de beleving In de laag van de beleving komen de natuurlijke, functionele en sociale processen bij elkaar. Dit is de laag die gaat over de beleefbaarheid van ruimtelijke kwaliteit, identiteit en tijdsdiepte, van recreatieve gebruiksmogelijkheden die een belangrijke rol spelen bij de waardering van de leefomgeving. De laag van de beleving is de laag van de verbinding en het netwerk; tussen het stedelijke en het landelijke, de cultuur en de natuur, snel en traag, oud en nieuw, tussen nut en schoonheid. De laag van de bele ving benut vooral de kwaliteiten van de andere drie lagen, maar voegt ook eigen kenmerken toe, zoals landgoederen, recreatieparken en recreatieve routes. Het stelt kwaliteiten zoals de natuur, de productielandschappen en de steden in een ander daglicht en maakt ze beleefbaar en tot een belevenis. De verblijfsrecreatiecomplexen, de attracties, de routes voor wandelen, fietsen en varen zijn een belangrijke economische factor geworden met een vergelijkbaar aandeel in de economie als de agrarische sector.
Dit alles verandert het aanzien, de gewenste gebruiksmogelijkheden en betekenis van het buitengebied. Aan het ‘belevingslandschap' ontleent Overijssel zijn tijdsdiepte, maar ook zijn aantrekkingskracht. Steeds vaker worden de kwaliteiten uit het verleden ingezet in plannen door daar met nieuwe kwaliteiten, gebruiks- en verschijningsvormen op voort te bouwen. Belangrijk in deze laag is het oude en nieuwe ‘erfgoed’ van de provincie. Ruimtelijke kwaliteitsambities De ruimtelijke kwaliteitsambities in de laag van de beleving zijn: Gemeente Steenwijkerland Blad 24 van 57 Bestemmingsplan Sint Jansklooster, Heetveld 16 (woningbouwlocatie) Februari 2024 Versie 01 NL.IMRO.1708.SJKHeetveld16BP-VA01 Toelichting • Zichtbaar en beleefbaar mooi landschap • Sterke ruimtelijke identiteiten als merken van Overijssel Op basis van de kaartlaag is hier sprake van zogeheten ‘donkerte’. Het contrast tussen lichte en donkere en drukke en stille gebieden is groot. Donkerte wordt een te koesteren kwaliteit. De ambitie is de huidige ‘donkere’ gebieden, ten minste zo donker te houden, maar bij ontwikkelingen ze liever nog wat donkerder te maken. Dit betekent op praktisch niveau terughoudend zijn met verlichting van wegen, bedrijventerreinen e.d. en verkennen waar deze ‘s nachts uit kan of anders lichtbronnen selectiever richten.
Structureel is het vrijwaren van donkere gebieden van verhoging van de dynamiek het perspectief. De ambitie is het rustige en onthaaste karakter te behouden, zodat passages van autosnelwegen en regionale wegen niet leiden tot stedelijke ontwikkeling aan eventuele op- en afritten. Bundeling van stedelijke functies en infrastructuur in de ‘lichte’ gebieden. In relatie tot de voorgenomen ontwikkeling Als gevolg van het bouwplan wordt de beleving van donkerte niet nadelig beïnvloed. Er zal zoveel mogelijk gebruik worden gemaakt van ‘naar de grond gekeerde verlichting’ en bewegingssensoren zodat verlichting niet onnodig aan staat. Het toevoegen van deze woningen zal geen onevenredige negatieve impact hebben voor het gebiedskenmerk ‘donkerte’. 3.3 Regionaal beleid 3.3.1 Regionale woonagenda In maart 2021 hebben Provinciale Staten van Overijssel de Regionale Woonagenda West-Overijssel vastgesteld. In regionale woonagenda’s voor Twente en West- Overijssel maken de provincie Overijssel en gemeenten afspraken over opgaven en ambities voor de periode tot 2025. Op dit moment is er in Steenwijkerland tot 2030 een harde plancapaciteit van 514 woningen en een zachte plancapaciteit van 357 woningen (samen 871). De insteek vanuit de West-Overijsselse woonagenda is om tot en met 2025 vooral in te zetten op de uitvoering van deze harde en zachte plancapaciteit.
Voorliggend plan geeft hier invulling aan.
Gemeente Steenwijkerland Blad 25 van 57 Bestemmingsplan Sint Jansklooster, Heetveld 16 (woningbouwlocatie) Februari 2024 Versie 01 NL.IMRO.1708.SJKHeetveld16BP-VA01 Toelichting 3.4 Gemeentelijk beleid 3.4.1 Strategische Toekomstvisie Steenwijkerland 2030 De gemeente Steenwijkerland heeft de Toekomstvisie Steenwijkerland 2030 (2009) ontwikkeld. Deze visie bevat een integrale visie op de ontwikkeling van de gehele gemeente tot 2030. De visie gaat uit van het koesteren en versterken van bestaande kwaliteiten. Daarbij gaat het om de kwaliteiten van de landschappen, de stad en de overige kernen en de potenties van het gebied. In de visie wordt gesteld dat Steenwijkerland een streekfunctie voor wonen, werken en voorzieningen heeft. Een van de belangrijkste uitgangspunten van de Toekomstvisie is dat de kwaliteit van Steenwijkerland leidend is voor de toekomstige ontwikkelingen. Nieuwe ontwikkelingen moeten bijdragen aan de versterking van Steenwijkerland. Binnen dit uitgangspunt is de ontwikkelingsruimte voor wonen, werken en recreëren onderzocht. Gebleken is dat er voldoende ruimte beschikbaar is om te kunnen voorzien in de behoeften van de toekomstige bewoner, werknemer en recreant. De toekomstvisie biedt eveneens perspectief voor de plattelandseconomie. In de belangrijkste landbouwontwikkelingsgebieden blijft alle ruimte aanwezig voor de agrarische sector.
Daarnaast zijn koppelingen mogelijk tussen plattelandseconomie en de vrijetijdseconomie. Voor het plangebied worden geen specifieke uitspraken gedaan. Het project is in elk geval niet strijdig met het gemeentelijk beleid. 3.4.2 Omgevingsvisie Steenwijkerland’ De Omgevingsvisie (juni 2017) is een visie op hoofdlijnen. Of anders gezegd: het fundament ligt er. Heldere kaders die ervoor moeten zorgen, dat Steenwijkerland ook over 15 jaar nog steeds een fijne plek om te wonen, werken en recreëren is. Want dat is én blijft het uitgangspunt. Binnen de kaders die met elkaar zijn vastgesteld, is er volop ruimte voor ontwikkeling en maatwerk. Dat wordt nader met elkaar uitwerken, waarbij flexibiliteit het sleutelwoord is. Dat past bij Steenwijkerland én het sluit aan bij de nieuwe Omgevingswet. De Omgevingsvisie richt zich op de fysieke omgeving: de ruimte waarin bewoners, bezoekers, instellingen en ondernemingen van de gemeente zich bevinden en het leefgebied van mensen, planten en dieren. Het woord omgeving veronderstelt ‘iets of iemand’ in deze ruimte: de mens, het bedrijf, dier en plant staan hierin centraal. Doel van de Omgevingsvisie is de leefbaarheid en de economische kracht van de gemeente te vergroten door de omgevingskwaliteiten van de gemeente te behouden en te versterken.
Deze ambitie is er niet een van verre horizonten, maar juist een van realisme en aansluiten bij de identiteit. In samenwerking tussen inwoners, ondernemers en overheid willen we de kansen benutten die Steenwijkerland biedt. Passende woningprogrammering en zuinig ruimtegebruik Voor de nieuwe woningen die tot 2025 nodig zijn zetten we vooral in op realisatie van de harde plancapaciteit. Gemeente Steenwijkerland Blad 26 van 57 Bestemmingsplan Sint Jansklooster, Heetveld 16 (woningbouwlocatie) Februari 2024 Versie 01 NL.IMRO.1708.SJKHeetveld16BP-VA01 Toelichting Duurzaamheid De groene gemeente Steenwijkerland heeft hoge ambities op het gebied van duurzaamheid. Voor het plangebied worden geen specifieke uitspraken gedaan. Het project is in elk geval niet strijdig met de Omgevingsvisie. De nieuwe woningen zijn duurzaam (levensloopbestendig en materialiseren) en worden energiezuinig gebouwd. 3.4.3 Woonagenda 2022 – 2026 In het voorjaar van 2022 is de Woonagenda Steenwijkerland 2022 – 2026 vastgesteld. In deze woonagenda staat concreet verwoord waar de gemeente in de periode 2022 - 2026 wat betreft wonen op in willen zetten. De woonagenda dient ook als basis voor het maken van nieuwe prestatieafspraken met de woningcorporaties. Deze woonagenda is daarnaast input voor de gemeentelijke omgevingsvisie en het omgevingsplan.
De Woonagenda Steenwijkerland 2022-2026 volgt de Woonvisie Steenwijkerland 2017- 2021 op. De woningmarkt in Steenwijkerland wordt momenteel gedomineerd door schaarste, vooral op de koopmarkt. In de volgende tabel is de indicatieve behoefte aan sociale woningen per kern van Steenwijkerland weergegeven. Daarbij is te zien dat voor Heetveld (als onderdeel van Kleine kernen zuid) geldt dat er vraag is tot 125 woningen. Maar ook in andere kernen is vraag. Voorliggend plan draagt erin bij om te voorzien in de vraag naar koopwoningen.
Gemeente Steenwijkerland Blad 27 van 57 Bestemmingsplan Sint Jansklooster, Heetveld 16 (woningbouwlocatie) Februari 2024 Versie 01 NL.IMRO.1708.SJKHeetveld16BP-VA01 Toelichting 3.4.4 Welstandsnota De gemeente Steenwijkerland wil zorgvuldig omgaan met de bebouwing in de gemeente. Zij wil ook haar inwoners inspireren en stimuleren zorgvuldig om te gaan met verbouwingen aan hun gebouwde eigendommen. De welstandsnota, vastgesteld 3 april 2004, biedt de inwoner en de aanvrager van een bouwaanvraag inzicht en verheldering over de beoordeling van (zijn of haar) bouwplannen. In de welstandsnota wordt beschreven hoe de gemeente om wil gaan met de gebouwde omgeving en op welke aspecten en criteria de welstandscommissie zich daarbij baseert. Als laatste, maar zeker niet als minste, biedt deze welstandsnota voor de welstandscommissie een beoordelingskader. De gemeente is in gebieden ingedeeld en per gebied ziet u de criteria waarop de welstandscommissie haar adviezen baseert. Deze criteria worden voorafgegaan door een beschrijving van het gebied en de algemene beleidskeuzes die door de gemeente voor het gebied zijn vastgesteld. 3.4.5 Nota Parkeernormen 2015 Gemeente Steenwijkerland Als gevolg van een wijziging van de Woningwet (De Reparatiewet BZK 2014) verliezen de stedenbouwkundige bepalingen van de bouwverordening, waaronder de regeling betreffende het parkeren, hun werking.
Dat betekent dat gemeenten deze parkeerregels voortaan in de bestemmingsplannen of beheer verordening moeten opnemen. Om te voorkomen dat in elk bestemmingsplan de parkeernormen moet worden beschreven, is het mogelijk om een Nota Parkeernormen vast te stellen. In deze nota wordt de parkeernormering van elke te (her)ontwikkelen functie binnen de gemeente Steenwijkerland afgedekt. Vanuit het betreffende bestemmingsplan kan naar de Nota Parkeernormen worden verwezen. Omgekeerd dient deze nota ook te dienen als een toetsingskader voor nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen waarvoor een nieuw bestemmingsplan wordt opgesteld of waarvoor een omgevingsvergunning in afwijking van het bestemmingsplan wordt verleend. Het hanteren van parkeernormen is van belang om de vraag naar en aanbod van parkeerplaatsen met elkaar in evenwicht te houden. Bij bouwplannen (nieuwbouw, verbouw, herontwikkeling etc.) ontstaat extra parkeerbehoefte. De hoeveelheid en de kwaliteit van de extra te realiseren parkeerplaatsen wordt berekend aan de hand van parkeernormen. Hierdoor wordt een verhoging van de parkeerdruk in de openbare ruimte voorkomen.
De basis voor deze Nota Parkeernormen is het ASVV 2012 (Aanbevelingen voor verkeersvoorzieningen binnen de bebouwde kom) en publicatie 317 'Parkeerkencijfers - basis voor parkeernormering' van CROW - het nationale kennisplatform voor infrastructuur, verkeer, vervoer en openbare ruimte. In het ASVV2012 en de CROW- publicatie 317 zijn actuele parkeerkencijfers opgenomen en richtlijnen voor de maatvoering van de verschillende parkeervakken vastgelegd. Paragraaf 4.10 gaat hier nader op in. Gemeente Steenwijkerland Blad 28 van 57 Bestemmingsplan Sint Jansklooster, Heetveld 16 (woningbouwlocatie) Februari 2024 Versie 01 NL.IMRO.1708.SJKHeetveld16BP-VA01 Toelichting 4 Hoofdstuk 4 Omgevingsaspecten 4.1 Inleiding Ruimtelijke plannen kunnen van invloed zijn op de omgeving. Anderzijds kan ook de zichtbare en soms niet zichtbare omgeving van invloed zijn op de uitvoerbaarheid van de voorgenomen plannen. In dit hoofdstuk worden de omgevingsfactoren beschreven. Daarnaast wordt per omgevingsfactor beoordeeld wat de invloed op het plan kan zijn. 4.2 Archeologie In de toelichting moet worden aangegeven hoe het cultureel erfgoed wordt beschermd in relatie tot de wettelijke bepalingen (Erfgoedwet 2016) en hoe met het oog op het noodzakelijk onderzoek met het aspect archeologie is omgegaan. Eventuele onderzoeksrapporten moeten als bijlage bij de toelichting worden gevoegd.
In het bestemmingsplan is voor het plangebied een dubbelbestemming voor Waarde – Archeologie 2’ opgenomen. De voor 'Waarde - Archeologie 2' aangewezen gronden zijn, behalve voor de andere daar voorkomende bestemming(en), mede bestemd voor de bescherming van archeologische waarden.’ Voor aanvragen om een omgevingsvergunning voor het bouwen van bouwwerken: met een oppervlakte groter dan 250 m² wanneer deze zich bevindt binnen de bebouwde kom, dient door de door de aanvrager een aanvullend en/of definitief archeologisch rapport te worden overgelegd. In het kader van voorliggend bestemmingsplan is archeologisch onderzoek uitgevoerd door onderzoeksbureau Laagland Archeologie. De resultaten van het onderzoek zijn als bijlage opgenomen. Door onderzoeksbureau Laagland Archeologie is een zogeheten ‘bureauonderzoek en IVO verkennende- en karterende fase’ uitgevoerd. Hierna volgen, volledig overgenomen uit het onderzoeksrapport, de conclusies en adviezen van het uitgevoerde onderzoek. Conclusie Rondom het schoolgebouw is de bodem geroerd tot in het keileem. Hier worden geen archeologische resten verwacht. In de noordwestzijde waar podzolbodem in keizand zijn aangetroffen, heeft het karterend booronderzoek geen enkele archeologische indicator opgeleverd.
Op basis van de resultaten van het verkennend en karterend booronderzoek worden geen archeologische vindplaatsen meer in het plangebied verwacht. Selectieadvies De kans dat in het plangebied nog archeologische resten aanwezig zijn wordt zeer klein geacht. Geadviseerd wordt om vanuit archeologisch oogpunt het plangebied vrij te geven voor de voorziene ontwikkeling. De implementatie van dit advies is in handen van de Gemeente Steenwijkerland. Gemeente Steenwijkerland Blad 29 van 57 Bestemmingsplan Sint Jansklooster, Heetveld 16 (woningbouwlocatie) Februari 2024 Versie 01 NL.IMRO.1708.SJKHeetveld16BP-VA01 Toelichting Mochten tijdens de werkzaamheden onverhoopt toch archeologische resten worden aangetroffen, of resten waarvan redelijkerwijze kan worden vermoed dat het om archeologische resten gaat, dan geldt op grond van de Erfgoedwet (art. 5.10) een meldingsplicht. Dit kan bij de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE, www.cultureelerfgoed). 4.3 Cultuurhistorie Per 1 januari 2012 is de wijziging van het Bro in werking getreden die een verplichting inhoudt om in de toelichting van het bestemmingsplan een beschrijving op te nemen van de wijze waarop met de in het gebied aanwezige cultuurhistorische waarden en in de grond aanwezige of te verwachten monumenten rekening is gehouden.
De Memorie van Toelichting bij het Besluit ruimtelijke ordening zegt met betrekking tot artikel 3.1.6 het volgende over cultuurhistorische waarden: "Bij cultuurhistorische waarden gaat het over de positieve waardering van sporen, objecten, patronen en structuren die zichtbaar of niet zichtbaar onderdeel uitmaken van onze leefomgeving en een beeld geven van een historische situatie of ontwikkeling. In veel gevallen bepalen deze cultuurhistorische waarden de identiteit van een plek of gebied en bieden ze aanknopingspunten voor toekomstige ontwikkelingen. Deze cultuurhistorische elementen kan men niet allemaal als beschermd monument of gezicht aanwijzen, maar zijn wel onderdeel van de manier waarop we ons land beleven, inrichten en gebruiken" Het begrip cultuurhistorie heeft drie aspecten: 1. Historische (stede)bouwkunde/ bovengrondse monumentenzorg; bijvoorbeeld kastelen, kerken, oude boerderijen of landhuizen, maar ook stedenbouwkundige elementen als beschermde stads- of dorpsgezichten; 2. Archeologie; sporen en vondsten van menselijk handelen in het verleden in de bodem zijn achtergebleven, bijvoorbeeld potscherven, resten van voedselbereiding, graven, maar ook verkleuringen in de grond die duiden op bewoning of infrastructuur. Een verzamelterm hiervoor is 'archeologische waarden'. Alle archeologische waarden bij elkaar zijn het 'bodemarchief'.