Perspectiefnota 2026-2030 Steenwijkerland
Tekst van het document
Acties (prognose) • We evalueren ons participatiebeleid. Doel is het creëren van een eenduidige werkwijze die voor inwoners helder en herkenbaar is. Bij de evaluatie nemen we ook de wettelijke eisen uit de Omgevingswet en de nieuwe Wet versterking participatie op decentraal niveau mee. Deze wetten verplichten gemeenten om inwoners vroegtijdig te betrekken bij beleidsvorming én bij de uitvoering en evaluatie ervan. Zo bouwen we aan een transparant en toekomstbestendig participatiekader. ◼ Toelichting Er wordt gewerkt aan een toekomstbestendig participatiekader, inclusief duidelijke formats en werkprocessen voor onder meer projectmatig werken. De uitvoering van de bestaande participatie is geëvalueerd en de aandachtspunten daaruit worden meegenomen in de optimalisatie van de participatie en de duurzame borging van participatie binnen de organisatie. Daarbij zal vanzelfsprekend het perspectief van inwoners een positie krijgen. Projecten/ investeringen Stand van zaken Bestedingsplan zoals opgenomen in de Programmabegroting: Stand van zaken projecten/investeringen Omschrijving project/investering Wordt de planning gehaald? Wordt project/ investering uitgevoerd volgens het laatst vastgestelde projectplan? Worden middelen ingezet overeenkomstig het laatst vastgestelde projectplan? Is de investering/ het project gereed? Bestedingsplan: 1. Herinrichting Conincksweg (riolering) ◼ 2.
Herinrichting Conincksweg (overig) ◼ 3. Fietspad Oldemarkt-Ossenzijl ◼ 4. Levensduurverlengende maatregelen wegen 5. Nieuwbouw school Blokzijl 6. Onderwijshuisvesting Vollenhove Toelichting op de afwijking van de prognose: Herinrichting Conincksweg Wat is de aard en de omvang van de afwijking? Vertraging op de realisatie van klimaatadaptieve maatregelen in de Conincksweg. De oorspronkelijke planning was realisatie 2026-2027. Dit wordt nu 2027-2028. Wat zijn de oorzaken? De nutsbedrijven hebben eveneens een opgave in deze straat. De planning van de nutsbedrijven is door hen bijgesteld naar later in de tijd. Zij starten in 2027. Hierdoor sluit deze niet meer aan op de onze. Wat zijn de gevolgen voor de realisatie van het bijbehorend doel? Onze werkzaamheden gaan later van start en hierdoor halen we niet de beoogde realisatie in 2027. Wat zijn de gevolgen voor de beschikbare middelen (personeel, financiën en faciliteiten)? Er is subsidie toegekend voor de maatregelen voor klimaatadaptatie. De werkzaamheden moeten dan wel voor 1 januari 2028 zijn afgerond. 27 Welke maatregelen stellen we voor? We onderzoeken om de klimaatadaptieve maatregelen los van de werkzaamheden van de nutsbedrijven alsnog voor 1 januari 2028 kunnen uitvoeren. Mocht dit niet lukken dan onderzoeken we of we de toegekende subsidie kunnen inzetten in soortgelijke projecten elders in de gemeente.
Toelichting op de afwijking van de prognose: Fietspad Oldemarkt-Ossenzijl Wat is de aard en de omvang van de afwijking? Vertraging op de realisatie van het fietspad Oldemarkt-Ossenijl. Wat zijn de oorzaken? De ontwikkeling van de natuurverbindingszone vraagt meer voorbereidingstijd. Dit is een project van de provincie. Deze verbindingszone doorkruist het beoogde fietspadtracé. Beide ontwikkelingen zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden. Wat zijn de gevolgen voor de realisatie van het bijbehorend doel? De aanlegwerkzaamheden van het fietspad schuiven we door naar 2027. Wat zijn de gevolgen voor de beschikbare middelen (personeel, financiën en faciliteiten)? Mogelijke extra kosten i.v.m. prijsstijgingen. Welke maatregelen stellen we voor? Geen. Financiële mutaties Zie bijlage 5. Kansen en uitdagingen Kansen: Door intensief samen te werken met inwoners, belangenorganisaties en externe partijen doen we de goede dingen. We bedenken niet alles vanachter ons bureau maar trekken erop uit om goede ideeën op te halen, onze eigen ideeën te toetsen en samen te werken aa n de leefbaarheid. Komende jaren worden alle gemeentelijke sportvelden gerenoveerd. Door een goede afstemming met de betrokken sportverenigingen werken we samen aan een goede sportinfrastructuur.
Door te investeren in onze infrastructuur voor onder andere wandelen en fietsen versterken we dit netwerk en bevorderen we ook actieve mobiliteit (niet-gemotoriseerd verkeer). Uitdagingen: Brandstofprijzen stijgen wereldwijd vanwege de crisis in het Midden-Oosten. Deze kostenpoststijging gaan we naar alle waarschijnlijkheid terugzien in onze uitgaven op projecten en in onze bedrijfsvoering. Soms worden onze uitvoeringsplannen, zowel in de openbare ruimte als bij het maatschappelijk vastgoed, doorkruist door de plannen van bijvoorbeeld Nutsbedrijven. Ook de stikstofproblematiek kan invloed hebben op onze uitvoeringsplannen. Hierdoor lopen de uitvoeringsplannen enige vertraging op. Voor de herontwikkeling van het Steenwijkerdiep zijn in het verleden kredieten beschikbaar gesteld. Deze kredieten zijn bepaald op basis van een voorlopig ontwerp. De uiteindelijke kosten van de herontwikkeling worden bepaald op basis van het definitieve ontwerp. Een belangrijke kostenpost houdt verband met het verleggen van kabels en leidingen. In de loop van het jaar zullen wij deze kosten verder in beeld brengen, In een raadsvoorstel zullen we de eventuele budgettaire aanpassingen toelichten. De Unilocatie Voortgezet Onderwijs brengt in Steenwijk andere verkeerstromen met zich mee. Zo zal de Vendelweg en Gasthuislaan intensiever gebruikt worden door leerlingen en personeelsleden.
Deze ontwikkeling vraagt aanpassingen aan met name de Vendelweg e n kruising Gasthuislaan/Zuidveenseweg; het gaat dan om de snelheidslimiet en de herinrichting op deze wegdelen. De Stichting Bibliotheek Kop van Overijssel heeft aangegeven in ‘financieel zwaar weer’ te zitten. Wij zijn met het bestuur van de stichting in gesprek over de situatie en de rol van de 28 gemeente daarbij. In dit gesprek bekijken wij hoe we een financiële stabiele situatie kunnen creëren in relatie met de vanaf 2027 geldende zorgplicht. Dit jaar komen wij met een plan, waarin we de raad de keuze voorleggen welk voorziening niveau zij in de gemeente willen hebben en welke kosten hierbij horen. In heel Nederland loopt het elektriciteitsnetwerk tegen zijn grenzen aan. In veel gebieden is er sprake van netcongestie. De vraag naar stroom en elektrificatie is groot maar de beschikbare stroomcapaciteit is beperkt. In gebieden kan het zijn dat de vraag groter is dan de beschikbare ruimte en deze ruimte moet worden verdeeld. Hiervoor hebben de netbeheerders en het ACM (autoriteit Consument en Markt) een maatschappelijk prioriteringskader opgesteld om bepaalde functies meer prioriteit te geven zoals netcongestieverzachters, veiligheidsdiensten (zoals defensie, zorg, weg en waterbeheer en hulpdiensten) en basisbehoeften (zoals woningbouw en onderwijs).
Deze functies hebben voorrang op de nog beschikbare ruimte; andere functie (zoals particuliere laadpalen, aanpassingen particuliere aansluitingen voor bijv. elektrisch koken of een warmtepomp) vallen hierbuiten. Er wordt momenteel hard gewerkt om leidingen en stations te verzwaren en uit te breiden. De verwachting op dit moment is dat het elektriciteitsnetwerk pas op orde is voor de volledige capaciteitsvraag na 2036. 29 2.7. Bestuursprogramma ‘Financiën en dienstverlening’ Algemeen Door het nemen van (saldo verbeterende) maatregelen, het maken van keuzes voor wat betreft nieuw beleid en het scherper begroten (bijvoorbeeld met betrekking tot de algemene uitkering) kon er een (meerjaren)begroting met een positief resultaat worden vastgesteld. De PPN, de Najaarsnota en de circulaires gemeentefonds zullen de juistheid van deze inschattingen moeten gaan uitwijzen, waarmee zicht gaat ontstaan op de beschikbare financiële ruimte voor de nieuwe programmabegroting (en meerjarenraming) . Rapportage op de acties uit de begroting Doel Verantwoord omgaan met financiële middelen Beoogd resultaat Een sluitende begroting voor alle jaren is het uitgangspunt. Dit houdt in dat de structurele uitgaven en inkomsten in evenwicht zijn. Met de reeds genomen maatregelen in de begroting 2025 en de voorgenomen maatregelen in deze begroting willen we tot een (structureel) sluitend meerjarenbeeld komen.
Acties (prognose) • Door het maken van verantwoorde keuzes bieden we het nieuw te vormen college na de gemeenteraadsverkiezingen 2026 een positief meerjarig perspectief aan. Doel Voldoende weerstandsvermogen Beoogd resultaat Om financiële tegenvallers op te kunnen vangen is voldoende weerstandsvermogen nodig. Bij een waarde van de weerstandsratio (het kengetal hiervoor) van minimaal 1 is daar sprake van (waarde in begroting 2026: 4,2). Acties (prognose) • De ratio voor het weerstandsvermogen komt ruim boven de 1 uit waardoor er geen maatregelen getroffen hoeven te worden. Doel Lokale (woon)lasten relatief laag Beoogd resultaat Behoren tot de top 25% gemeenten van Nederland met de laagste lasten. Steenwijkerland staat op plaats 10 van de 342 gemeenten (COELO-atlas 20251). Acties (prognose) • We passen alleen een trendmatige stijging en dus geen extra verhoging van de OZB toe, zodat we binnen de genoemde top van de gemeenten blijven. Doel Gemeentelijke dienstverlening sluit aan bij de behoefte Beoogd resultaat Rapportcijfer voor klanttevredenheid minimaal een 7.
Acties (prognose) • We gebruiken enquêtes (voor balies, telefonie, e -diensten, meldingen openbare ruimte, vergunningen) om te weten te komen hoe inwoners onze dienstverlening ervaren : zijn er bijvoorbeeld punten die we kunnen verbeteren, maar ook wat kan hetzelfde blijven, omdat inwoners daar juist tevreden over zijn. 1 Atlas lokale lasten, COELO, www.coelo.nl. 30 Doel Onze communicatie is actief, omgevingsgericht en in duidelijke taal Beoogd resultaat Steeds meer brieven, formulieren en teksten zijn in eenvoudig Nederlands geschreven (‘B1-niveau’). Acties (prognose) • We maken gebruik van het Testpanel (inwoners), Versimpelteam (intern/ambtelijk) en Taalteam (intern/ambtelijk) om brieven en formulieren in duidelijke taal te schrijven. ◼ Toelichting Het project Duidelijke Taal is afgesloten (tijdelijke extra inzet). We werken nog steeds aan duidelijke teksten maar met minder inzet: wel het Testpanel en het Versimpelteam, maar niet meer een Taalteam. Het herschrijven van bestaande teksten heeft nu mind er aandacht, de focus ligt op het bieden van ondersteuning bij nieuwe teksten. Financiële mutaties Zie bijlage 5. Kansen en uitdagingen Kansen: Digitalisering: in 2025 is de Nederlandse Digitaliseringsstrategie (NDS) vastgesteld. Hiermee worden landelijk digitale standaarden ontwikkeld. Deze gaan door verschillende overheden en publieke dienstverleners gebruikt worden.
Het principe van ‘altijd de juiste deur’ voor inwoners en ondernemers hoort bij deze aanpak. Ook AI is onderdeel van de NDS. De ontwikkelingen op dit gebied gaan razendsnel. We zien kansen om AI te gebruiken om onze dienstverlening te verbeteren. En tegelijkertijd ervaren we ook dat er haken en ogen aan zitten. Daarnaast houden we rekening met inwoners -jong en oud(er)- die niet online zaken kunnen of willen doen. Proactieve dienstverlening: soms lijken regels rondom privacy (AVG) op gespannen voet te staan met dienstverlening. We zien dat hier landelijk meer aandacht voor ontstaat. Zo is er een wetsvoorstel proactieve dienstverlening in de maak. Dit zorgt voor een juridische basis om persoonsgegevens uit te mogen wisselen tussen SVB, UWV en gemeenten. Daarmee wordt het mogelijk om mensen actief te wijzen op hun rechten en mogelijkheden (denk aan een tegemoetkoming in de kosten) in plaats van te reageren op een aanvr aag. Uitdagingen: Bescherming van data: de grote datalekken die het landelijke nieuws halen dragen bij aan zorgen die inwoners hebben over hun (online) privacy. Het aantal cyberaanvallen neemt toe. En ze zijn ook steeds geavanceerder. Mede door de inzet van AI zijn bijvoorbeeld phishing mails bijna niet van echt te onderscheiden. Als gemeente staan we voor een goede beveiliging van de persoonlijke gegevens van onze inwoners en ondernemers.
En gaan we zorgvuldig om met persoonsgegevens en delen niet ‘zomaar’ gegevens met ande re (semi-) overheidsorganisaties. Verharding en onevenredig beroep op onze dienstverlening: we hebben meerdere voorbeelden van inwoners die medewerkers telefonisch of fysiek onheus bejegenen. Of onevenredig veel aandacht vragen (extreem vaak mailen, bellen, langskomen). Een deel ervan komt door inwoners met psychische klachten. We hebben een werkw ijze afgesproken hoe we met deze incidenten en inwoners omgaan. We registreren de incidenten in een register. En we starten met weerbaarheidstrainingen (op maat) voor de hele organisatie. Juridisering is een ontwikkeling waarbij maatschappelijke zaken in toenemende mate worden vastgelegd in wetten en regelgeving. Dit heeft grote consequenties voor gemeenten. Het kan leiden tot complexe bestuursrechtelijke processen en hoge juridische werkdr uk en kosten. Een ander effect kan zijn dat de gang naar de rechter voor inwoners laagdrempeliger wordt. Ook wij merken dat er een toename is in het aantal Woo verzoeken, bezwaren en klachten. Dit betekent dat we moeten investeren in juridische kwaliteit en kwantiteit. 31 Algemene uitkering: het minderheidskabinet heeft een coalitieakkoord opgesteld met diverse gewenste maatregelen om Nederland betaalbaar te houden.
De eerder bepaalde koers staat door de wijzigende geopolitieke ontwikkelingen en de oplopende werkloosheid onder druk. De beoogde maatregelen kunnen ook effect hebben op de taken en financiën van gemeenten. Omdat deze plannen eerst nog door een meerderheid van de Tweede Kamer aangenomen moeten worden, is er vooralsnog geen duidelijkheid. Die duidelijkheid hopen we deels via de Mei- en Septembercirculaire te krijgen. Daarnaast moeten de onderzoeken naar herijking van het gemeentefonds dit voorjaar afgerond worden. Mogelijke verschuivingen in de financiën zullen naar verwachting, inclusief demping door een ingroeimodel, vanaf 2027 toegepast gaan worden. Wat de effecten voor onze gemeente zullen zijn, is nog onbekend. 32 3. Financieel beeld 3.1. Inleiding In dit hoofdstuk presenteren we een actueel financieel meerjarenbeeld en gaan we nader in op de afzonderlijke posten die dit beeld bepalen. U kunt dan denken aan autonome ontwikkelingen en financiële mutaties. Daarnaast leggen we ter kennisgeving een aantal beleidskeuzes aan u voor die als onvermijdelijk, onuitstelbaar en onvoorzien worden beschouwd. 3.2. Financiële onzekerheden Algemene uitkering Het kabinet -Jetten heeft als minderheidskabinet de Voorjaarsnota 2026 opgesteld. Hierin zijn de voorgenomen plannen van het kabinet opgenomen, inclusief de globale inhoudelijke en financiële consequenties voor het Gemeentefonds.
De concrete doorrekening per gemeente ontbreekt nog, die volgt pas via het gemeentefonds in de meicirculaire. Omdat deze plannen nog afhankelijk zijn van goedkeuring door een meerderheid van de Tweede Kamer, bestaat er op dit moment onzekerheid over de uiteindelijke doorwerking ervan. Daarnaast zijn diverse voorstellen nog onvoldoende concreet uitgewerkt of roepen onduidelijkheid op in vergelijking met eerder genomen besluiten , waardoor het onzeker is of en hoe deze zich financieel zullen vertalen. De Meicirculaire gemeentefonds moet hierover de gewenste duidelijkheid bieden. Pas na het verschijnen van deze circulaire kunnen we ook de impact op de hoogte van de uitkering berekenen op basis van de ontwikkeling en actualisatie van de onderliggende maatstaven in combinatie met een aanpassing van de uitkeringsfactor. De huidige raming is gebaseerd op het laatst verstrekte beeld bij de Meicirculaire 2025. Cao gemeentepersoneel De afgesloten cao voor het gemeentepersoneel kent een looptijd tot 1 januari 2027. De laatste loonsverhoging à 1,6% gaat ook per die datum in. Of er nog een aanvullende loonsverhoging voor 2027 is te verwachten, is nog onbekend. Er zijn nog geen onderhandelingen gestart.
Dat geldt ook voor de eventuele mutaties in de sociale lasten, de pensioenpremie en de aanpassing van andere arbeidsvoorwaarden (waaronder de mogelijke verhoging van de onbelaste kilometervergoeding). Vooralsnog gaan we uit van een toename van 3% (1,6% per 1 januari 2027 en 1,4% per 1 april 2027). 3.3. Actuele begrotingspositie Actueel financieel beeld In tabel 1 treft u het actueel financieel beeld aan. Bij het opstellen van de Programmabegroting 202 7-2030 zullen we de meicirculaire van het gemeentefonds verwerken. Dan zal duidelijk worden hoe we er vanaf 2026 financieel voor staan. 33 Tabel 1: Financieel beeld + = voordeel Bij de berekening van het meerjarig saldo is onderscheid gemaakt tussen incidentele en structurele inkomsten en uitgaven (I/S). Onder 'incidenteel’ vallen de uitgaven en inkomsten met een eenmalig karakter en een looptijd van maximaal drie jaar. De incidentele uitgaven worden gedekt door een onttrekking aan de Algemene reserve - vrij besteedbaar. Dat geldt niet voor de nieuwe incidentele uitgaven in het lopend e jaar (202 6). Deze moeten nl. opgevangen worden binnen het begrotings - /jaarrekeningresultaat. Diverse circulaires Na het vaststellen van de Programmabegroting 202 6-2029 heeft u diverse informatienota’s over de circulaires ontvangen.
De uitkomsten van de septembercirculaire van het gemeentefonds heeft uw raad al voor de begrotingsbehandeling ontvangen, maar deze is zoals gebruikelijk niet verwerkt in de begroting. Tabel 2: Diverse circulaires + = voordeel Raadsbesluiten tot en met de vergadering van 22 april 2026 De financiële gevolgen van de besluiten tot en met de raadsvergadering van 22 april 2026 zijn verwerkt in deze nota: Meerjarenbeeld (bedragen x € 1.000) 2026 2027 2028 2029 2030 Saldo door de raad vastgestelde Programmabegroting 4.461 4.888 1.294 3.166 Saldo begroting (toevoegen extra jaarschijf) 3.346 Diverse circulaires gemeentefonds en BUIG 976 708 598 491 491 Raadsbesluiten tot en met de vergadering van 22 april 2026 - 2.634 - 2.554 - 454 - 454 - 454 Autonome ontwikkelingen 71 - 709 - 924 - 1.023 - 1.219 Financiële mutaties - 188 1.466 1.739 1.854 1.462 Beleidskeuzes - - 333 - 66 - 65 - 63 Subtotaal - 1.776 - 1.422 893 803 218 Waarvan structureel - 1.527 - 2.238 - 621 - 845 - 1.082 Waarvan incidenteel - 248 816 1.514 1.648 1.300 Saldo PPN 2.686 2.650 673 2.321 2.264
34 Tabel 3: Raadsbesluiten + = voordeel Autonome ontwikkelingen Met autonome ontwikkelingen bedoelen we ontwikkelingen die onontkoombaar zijn en waar we geen invloed op hebben. Tabel 4a: Autonome ontwikkelingen (meevallers) + = voordeel AU gemeentefonds: compensatie lonen en prijzen (stelpost) Bij het opstellen van de Programmabegroting 202 7-2030 worden de werkelijke bedragen op basis van de meicirculaire 2026 van het gemeentefonds berekend en toegevoegd. Tabel 4b: Autonome ontwikkelingen (tegenvallers) + = voordeel Meerjarenbeeld (bedragen x € 1.000) 2026 2027 2028 2029 2030 Raadsbesluiten tot en met de vergadering van 22 april 2026: Belastingverordeningen 238 238 238 238 238 Subsidieregeling OZB maatschappelijke voorzieningen - 75 - 75 - 75 - 75 - 75 Trajectkeuze rondweg Blokzijl - 22 - 22 - 22 - 22 - 22 Zonnecarport gemeentehuis - 1 - 1 - 1 - 1 - 1 Zonnecarport gemeentehuis - 80 - - - - Gemeentelijke bijdrage realisatie Unilocatie - 2.586 - 2.586 - 586 - 586 - 586 Tijdelijke uitbereiding handhaving - 100 - 100 - - - Aankoop pand Meppelerweg 95 te Steenwijk - 9 - 9 - 9 - 9 - 9 Totaal raadsbesluiten - 2.634 - 2.554 - 454 - 454 - 454 Waarvan structureel - 2.454 - 2.454 - 454 - 454 - 454 Waarvan incidenteel - 180 - 100 - - - Meerjarenbeeld (bedragen x € 1.000) 2026 2027 2028 2029 2030 Meevallers: AU gemeentefonds: compensatie lonen en prijzen (stelpost) 437 3.220 3.105 3.005
3.005 Prijscompensatie inkomsten (2,5%) - 436 436 436 436 Extra inkomsten OZB a.g.v. areaaluitbreiding - 59 59 59 59 Bijstelling prijscompensatie - - - - - Totaal meevallers 437 3.715 3.600 3.500 3.500 Waarvan structureel 437 3.715 3.600 3.500 3.500 Waarvan incidenteel - - - - - Meerjarenbeeld (bedragen x € 1.000) 2026 2027 2028 2029 2030 Tegenvallers: Prijscompensatie uitgaven (2,5%) - - 984 - 970 - 971 - 972 Stelpost: indexatie lonen en sociale lasten (3%) - - 1.080 - 1.220 - 1.220 - 1.220 Indexering jeugdzorg (4%) - - 785 - 772 - 772 - 772 Indexering WMO (4%) - - 600 - 590 - 588 - 588 Indexering sociaal werk (4%) - - 104 - 104 - 104 - 100 Indexering NWG (2026 - aanvulling 2%) - 48 - 48 - 48 - 48 - 48 Vergroten van de veiligheid en weerbaarheid van politieke ambtsdragers - 30 - 5 - 3 - 3 - Begroting Veiligheidsregio IJsselland - - 143 - 143 - 143 - 143 Jaarstukken 2025 en Begroting 2027 Omgevingsdienst 54 - 60 - 60 - 60 - 60 Begroting GGD - - 161 - 161 - 161 - 161 Extra uitgaven a.g.v.
areaaluitbreiding (verlichting, plantsoenen en wegen) - - 111 - 111 - 111 - 111 BTW-compensatiefonds (lager restant) - 343 - 343 - 343 - 343 - 343 Randweg Ossenzijl - - - - - Aanpassen jaarschijf (bermen) - - - - - 36 Aanpassen jaarschijf (levensduurverlengende maatregelen) - - - - - 42 Aanpassen jaarschijf (routekaart bouwkundig energieneutraal mv 2050) - - - - - 12 Aanpassen jaarschijf (routekaart installaties energieneutraal mv 2050) - - - - - 21 Aanpassen jaarschijf (bruggen) - - - - - 24 Aanpassen jaarschijf (oeverconstructies) - - - - - 14 Aanpassen jaarschijf (jachthavens) - - - - - 6 Aanpassen jaarschijf (IHP) - - - - - 5 Aanpassen jaarschijf (speelvoorzieningen) - - - - - 42 Totaal tegenvallers - 366 - 4.424 - 4.524 - 4.523 - 4.718 Waarvan structureel - 336 - 4.419 - 4.522 - 4.521 - 4.718 Waarvan incidenteel - 30 - 5 - 3 - 3 - 35 Toelichting bij een aantal posten Stelpost indexatie lonen en sociale lasten De verwerkte looncompensatie voor 202 7 bedraagt 3%. Dit percentage is afwijkend van de raming van het CPB uit het voorjaar van 202 6, zoals vastgelegd in onze ‘Kadernota financieel beleid gemeente Steenwijkerland .’ In de Programmabegroting 2027 zullen we een nadere doorrekening maken van de verwachte loonontwikkeling (salarissen, sociale premies en pensioenen).
Indexering Jeugdzorg, WMO, Sociaal Werk (4%) De gemeente heeft diverse lopende contracten met verschillende zorgaanbieders (onder andere voor de WMO en Jeugdvoorzieningen). Deze contracten houden zich qua indexatie veelal aan de NZA (Nederlandse Zorg Autoriteit) index. De NZA schat de loonmutatie voor 2027 in op 3,9 6%. In deze PPN is uitgegaan van een afgeronde gemiddelde index van 4%. Vergroten van de veiligheid en weerbaarheid van politieke ambtsdragers Begin 2026 heft de minister aangegeven dat er meer ingezet zal gaan worden op het vergroten van de veiligheid en weerbaarheid van politieke ambtsdragers. Deze investeringen zijn gericht op het tegengaan van agressie en intimidatie, en het ondersteunen van decentrale politici in hun functioneren. Eén van de mogelijkheden is het laten uitvoeren van een veiligheidsscan voor raadsleden. Deze scan is niet verplicht, maar wordt wel door het Rijk geadviseerd. Het rapport van een scan voor raadsleden gaat niet naar de gemeente, maar naar het raadslid zelf. Wanneer uit deze scan aanvullende preventieve veiligheidsmaatregelen volgen (zoals raamfolie, extra hang - en sluitwerk, verlichting, camera’s), bestaat voor raadsleden geen recht op vergoeding vanuit landelijke regelgeving.
Gemeenten hebben beleidsruimte om hier zelf keuzes i n te maken , daarom word t voorgesteld om hier in totaal € 40.000 budget (periode 2026-2029) voor beschikbaar te stellen. Veiligheidsregio IJsselland, GGD IJsselland, Omgevingsdienst IJsselland Van onderstaande gemeenschappelijke regelingen hebben we de begrotingen voor 202 7 ontvangen: - Veiligheidsregio IJsselland; - GGD IJsselland; - Omgevingsdienst IJsselland. Uit deze begrotingen blijkt dat de bijdrage voor de deelnemende gemeenten vanaf het jaar 202 7 omhoog gaat. Dat geldt dus ook voor onze gemeente. In totaal gaat het om een extra structurele bijdrage van € 364.000. Btw-compensatiefonds In de begroting is een stelpost opgenomen voor de jaarlijkse teruggave van het ongebruikte deel van het landelijk beschikbare btw-compensatiefonds. De verrekening die steeds via de Meicirculaire plaatsvindt vormt het uitgangspunt voor de nieuwe meerjarenraming. De uitname in 2025 blijkt naar verwachting groter te zijn dan ingeschat. Dat betekent dat we minder terugkrijgen , waardoor we ook de structurele stelpost moeten aanpassen. Randweg Ossenzijl Eind 2023 is er kennisgenomen van het gewenste tracé voor de ontsluiting van Ossenzijl. Vervolgens hebben we de provincie gevraagd rekening te houden met het gewenste tracé in de ontwikkeling van de Ecologische verbindingszone tussen de Rottige Meenthe en de Weerribben.
Zowel richting de provincie als het Rijk is een actieve lobby gevoerd, voor het verwerven van aanvullend krediet voor cofinanciering van een randweg in Ossenzijl. Ook is besloten dat de provincie Overijssel, in samenwerking met Steenwijkerla nd, een Maatschappelijke Kosten -Batenanalyse (MKBA) zal 36 uitvoeren. Deze analyse vormt een belangrijke stap in de verdere besluitvorming over de randweg. Vanuit de gemeente is een krediet à € 5 miljoen beschikbaar gesteld als bijdrage in de totale investering. Zodra er zicht is op de toezegging van de benodigde cofinanciering zullen we de kapitaallasten (en onderhoudskosten) verwerken in het kader voor de begroting. Naar verwachting zal het project nog niet in 2030 gerealiseerd zijn. Financiële mutaties Tabel 4c: Financiële mutaties + = voordeel In bijlage 6.1 zijn de structurele en incidentele financiële mutaties of ook wel ‘ budgetafwijkingen’ voor het begrotingsjaar 2026 vermeld en van een nadere toelichting voorzien. De grootste wijziging betreft de verwerking van de verrekening van de resterende middelen in het kader van de regeling Beschermd wonen. De uitvoering van deze regeling vindt plaats door centrumgemeente Zwolle. Al jaren wordt er landelijk gesproken over doordecentralisatie van deze regeling. Tot nu toe vallen de middelen die Zwolle ontvangt veel hoger uit dan de gemaakte kosten.
Het verschil wordt jaarlijks naar rato uitgekeerd aan de deelnemende gemeenten en in onze ramingen als incidentele inkomst opgenomen. Ook in de komende jaren worden positieve verrekeningen verwacht van rond de € 3 miljoen. De provincie heeft, in haar rol als toezichthouder, bekend gemaakt dat zij het zeker verantwoord vindt als de gemeente deze verrekening tot maximaal 75% als structurele bijdrage raamt. Voorgesteld wordt om € 2 miljoen als structurele verrekening in het kader van de PPN op te nemen en het overige (verder oplopende) deel als incidenteel. Beleidskeuzes Om een reëel financieel meerjarenperspectief te kunnen schetsen, zonder nieuw beleid, brengen we uiteraard wel de zogenaamde ‘ claims’ in beeld. Deze claims voldoen aan de drie eerder genoemde criteria: ze zijn onvermijdelijk, onuitstelbaar en onvoorzien. Zie hiervoor hoofdstuk 3.4. 3.4. Beleidskeuzes In deze PPN worden geen voorstellen voor nieuw beleid gedaan, tenzij de extra benodigde middelen voldoen aan het critrium van de drie O’s. Bij de door ons gemaakte keuzes in de door de organisatie aangedragen ‘claims’ hebben we geen voorstellen opgenomen voor structurele uitbereiding van de formatie (die afweging willen we overlaten aan de volgende coalitie). De gemaakte beleidskeuzes zijn in onderstaande tabel opgenomen en daaronder toegelicht.
Totaaloverzicht Financiële mutaties (bedragen x € 1.000) 2026 2027 2028 2029 2030 Financiële mutaties: Woningbouw 320 350 350 350 - Werk en economie 232 - 53 - 33 - - Samenredzaam - 160 1.235 1.450 1.550 1.550 Vitaal Platteland - 30 - 30 - - - Duurzaam 650 - - - - Leefbare steden en kernen - 1.015 - 140 - 77 - 81 - 85 Financiën en dienstverlening - 186 103 49 34 - 4 Totaal financiële mutaties - 188 1.466 1.739 1.854 1.462 Waarvan structureel - 71 279 222 204 162 Waarvan incidenteel - 117 1.187 1.517 1.650 1.300 37 Tabel 5: Beleidskeuzes + = voordeel B 2.1 Bijdrage Meerjarige Agenda Regio Zwolle 2027 De gemeente is partner in Regio Zwolle en heeft zich gecommitteerd aan de uitvoering van de Meerjarige Agenda 2024–2028. Deze agenda richt zich op het versterken van brede welvaart in de regio, met programma’s op het gebied van economie, arbeidsmarkt, duurzame groei & leefkwaliteit en regionale bereikbaarheid. Eerder is bij de perspectiefnota alleen de bijdrage voor de eerste drie jaren (2024 –2026) geclaimd, vanwege de financiële druk in aanloop naar het zogenoemde ravijnjaar. Aangezien de samenwerking meerjarig is en Steenwijkerland structureel profiteert van d e regionale inzet, wordt nu alsnog de bijdrage voor 2027 opgevoerd.
De bijdrage voor de basisstructuur van Regio Zwolle worden structureel gefinancierd, het gaat hier om een additionele bijdrage voor ‘opgavegerichte thema’s. Het gaat om een bijdrage van € 5,82 per inwoner, wat neerkomt op (gebaseerd op inwonerspeil van 202 5) € 266.067. B 6.1 Aanpassingen Vendelweg en aanleg rotonde Gasthuislaan (Unilocatie) De verkeersmaatregelen in de nabije omgeving van de Unilocatie vormen geen integraal onderdeel van de plannen voor de nieuwe school. Door de ontwikkeling van de Unilocatie naar ca. 1 .550 leerlingen en 230 personeelsleden verander t de verkeersstroom naar de school aanzienlijk. Om de achterliggende wijk te ontlasten wordt de uitrit van de school verplaatst naar de Vendelweg. Daarom is ook nodig om de snelheid op de Vendelweg te verlagen. Dat vraagt om een andere inrichting van weg en kruisingen. Bij de kruising van de Gasthuislaan met de Zuidveenseweg is een rotonde nodig om doorstroming op de Zuidveenseweg te houden. B 7.1 Personenlift gemeentewerf De ruimten op werf worden de laatste jaren steeds meer gebruikt voor cursussen, overleg, vergaderingen, presentaties etc. De vergaderzaal en kantine bevinden zich op de eerste etage. De toegang tot de genoemde ruimten is alleen door een trap te bereiken, waardoor invaliden en mensen die slecht ter been belemmerd worden in hun aanwezigheid .
Ook vanuit de RI&E wordt aandacht gevraagd om hier een lift te plaatsen. Het aanbrengen van een personen lift in de centrale hal is technisch uitvoerbaar en zal de genoem de ruimten bereikbaar maken voor onze minder valide medemensen. Beleidskeuzes (bedragen x € 1.000) I/S Investering 2027 2028 2029 2030 Werk en economie: B2.1 Bijdrage Meerjarige Agenda Regio Zwolle 2027 I - - 266 - - - Totaal beleidskeuzes 'Werk en economie' - - 266 - - - Leefbare steden en kernen: B6.1 Aanpassingen Vendelweg en aanleg rotonde Gasthuislaan (Unilocatie) S - 1.080 - 86 - 85 - 83 - 82 B6.1 Bijdrage SPUK Stimulering verkeersveiligheidsmaatregelen S 445 35 35 34 34 Totaal beleidskeuzes 'Leefbare steden en kernen' - 635 - 51 - 50 - 49 - 48 Financiën en dienstverlening: B7.1 Personenlift gemeentewerf S - 35 - 3 - 3 - 3 - 3 B7.1 idem, beheerkosten S - - 1 - 1 - 1 - 1 B7.2 Beveiliging werf en de Deukten (camera) S - 30 - 7 - 7 - 7 - 6 B7.2 Beveiliging werf en de Deukten (afsluiting deuren) S - 35 - 3 - 3 - 3 - 3 B7.2 idem, beheerkosten S - - 2 - 2 - 2 - 2 Totaal beleidskeuzes 'Financiën en dienstverlening' - 100 - 16 - 16 - 16 - 15 Totaal beleidskeuzes (incl.
projecten) -333 -66 -65 -63 Waarvan structureel S -67 -66 -65 -63 Waarvan incidenteel I -266 - - - 38 B 7.2 Beveiliging werf en de Deukten Gezien eerdere incidenten (diefstal in omgeving), de waarde van het aanwezige materieel en het belang van ongestoorde gemeentelijke dienstverlening zijn er maatregelen in het kader van de beveiliging noodzakelijk. Een ieder kan momenteel op ons terrein en bij ons materieel komen, zonder afgeschrikt te worden door camera beveiliging. Voor het waarborgen van de veiligheid van de werf en de Deukten is het aanleggen van een camerasysteem (€ 30.000) en het afsluiten van de laatste ruimte met overheaddeuren van de remise (€ 35.000) noodzakelijk. Dit heeft tot gevolg: • bescherming van gemeentelijke eigendommen tegen schade en diefstal; • voorkomen van oneigenlijk gebruik van materieel; • verhogen van de algemene veiligheid van het terrein. 3.5. Saldoverbeterende maatregelen 2026 In de Programmabegroting 2026-2029 zijn de volgende saldoverbeterende maatregelen verwerkt: 1. Taakstelling organisatie (besparing 4 fte): De inkrimping in de formatie van 4 fte is per 1 januari 2026 verwerkt. In de najaarsnota vindt de rapportage over het totaal van de bedrijfsvoeringskosten, waaronder de personeelslasten, plaats. 2. Taakstelling NoordWestGroep: de taakstelling à € 200.000 is door het bestuur van de NWG overgenomen en verwerkt in hun begroting. 3.
WMO (waaronder begeleiding): in de begroting is voor 2026 een taakstelling opgenomen à € 50.00. Deze loopt op tot € 200.000 in 2029. Naar verwachting zal de taakstelling voor dit jaar nog niet gehaald worden, omdat onder andere het werven van een projectleider langer heeft geduurd. Daarnaast moeten het beleidskader en het normenkader Wmo -begeleiding nog opgesteld worden als nadere uitwerking van de geactualiseerde Wmo -verordening. Aan het realiseren van de financiële taakstelling gaat de invoering van het nieuwe beleids- en normenkader vooraf. 4. Stichting Duurzaamheid Steenwijkerland: de dekking à € 25.000 voor deze stichting vindt plaats uit de ontvangen duurzaamheidsmiddelen 2026 (bekendmaking Septembercirculaire 2025). In de Programmabegroting 2025-2028 is de volgende saldoverbeterende maatregel verwerkt: 1. Inkomensregelingen (versoberen regelingen bijzondere bijstand): de taakstelling à € 100.000 is in 2026 eenmalig verlaagd met € 50.000 . In de Najaarsnota 2025 hebben we aangegeven dat deze besparing ruimschoots werd gehaald, maar dat er onzekerheid bestond over het structurele karakter van het gedeelte dat hoger uitviel dan de getroffen maatregel . Ook op dit moment verwachten we dat op de overige onderdelen van de bijzondere bijstand een tekort zal ontstaan. Vanwege de macro economische ontwikkelingen is het lastig om verder dan 2026 te kijken.
Daarom laten we deze taakstelling voorlopig ongewijzigd (2026 € 50.000 en vanaf 2027 € 100.000) . 3.6. Ontwikkeling reservepositie De voorstellen in de voorl iggende PPN leiden , vanwege de per saldo geraamde positieve begrotingssaldi, tot een verbetering van onze vermogenspositie. Incidentele uitgaven en inkomsten in de jaren 202 7 tot en met 20 30 komen ten laste van de Algemene reserve - vrij besteedbaar. Dat geldt niet voor de budgetafwijkingen 202 6, de ze komen ten laste/gunste van het begrotingssaldo/jaarrekeningresultaat. Hoe de Algemene reserve - vrij besteedbaar zich de komende jaren daadwerkelijk gaat ontwikkelen valt moeilijk te voorspellen, omdat dat mede afhankelijk is van de jaarrekeningresultaten. 39 3.7. Begrotingssubsidies 2026 Met het vaststellen van de programmabegroting 2026 -2029 zijn de middelen beschikbaar gesteld voor het uitvoeren van het beleid. Een deel van deze middelen wordt door het college ingezet door een gemeentelijke subsidie/bijdrage te verstrekken. In diverse subsidiebrieven wordt voor het besluit van de verstrekking verwezen naar de vastgestelde begroting. Het gaat hier om subsidies waarvoor geen aparte onderliggende subsidieregeling van toepassing is, maar waar de gemeente ervoor gekozen heeft om h et subsidiebedrag te verstekken conform de benoeming in de programmabegroting.
Voorwaarde voor een begrotingssubsidie is dat de begroting de subsidieontvanger en het bedrag waarop de subsidie ten hoogste kan worden vastgesteld, vermeldt. Dit staat in artik el 4:23, derde lid, onderdeel c, van de Algemene wet bestuursrecht. Al enige jaren ontbreekt een dergelijk specifieke aanduiding in de begroting. Dat maakt dat formeel geen sprake is van een begrotingssubsidie. Door alsnog het subsidieoverzicht voor 2026 vast te stellen (zie bijlage 5 B), wordt deze tekortkoming hersteld. Met ingang van de programmabegroting 2027 e.v. zal dit overzicht weer standaard als bijlage opgenomen worden. 40 4. Kaders Programmabegroting 4.1. Inleiding In dit hoofdstuk zijn de kaders voor de samenstelling van de Programmabegroting 20 27-2030 opgenomen. De financiële vertaling van een deel van deze kaders is reeds meegenomen in voorliggende PPN. De kaders zijn in beginsel gebaseerd op de door uw raad vastgestelde ‘Kadernota Financieel beleid gemeente Steenwijkerland’2, tenzij voorgesteld wordt om daar van af te wijken. 4.2. Kaders Onderstaand treft u de kaders aan voor o.a. de prijs- en loonindexcijfers en de te hanteren rekenrente. De met een (*) aangegeven onderdelen zijn reeds verwerkt in de Perspectiefnota. Tabel 6: Kaders voor de Programmabegroting 2027-2030 Omschrijving Kader Raadsbesluiten (*) t/m de raadsvergadering van 22 april 2026 Lonen (incl.
sociale lasten) (*) 3% Prijsinflatie inkomstenbudgetten inclusief te ontvangen subsidies en belastingen (*) 2,5% Prijsinflatie uitgavenbudgetten inclusief te verstrekken subsidies en te betalen belastingen (*) 2,5% Prijsinflatie Grondexploitatie uitgavenbudgetten 3,0% Prijsinflatie Grondexploitatie inkomstenbudgetten 2,5% Rente Grondexploitaties 0,60% Rekenrente (omslagpercentage) Algemene middelen en Grondexploitatie 0,6% Marktrente (*) 3,0% Areaaluitbreiding door grondgebiedsbestemmingen: - openbaar groen - wegen en wegmeubilair - openbare verlichting 230 woningen Tarief 2026 voor het prestatiecontract € 107 Aantal woonruimten per 1-1-2026 (geraamde groei 2026) (*) 20.689 (230) Aantal inwoners per 1-1-2026 (geraamde groei 2026) (*) 45.925 (250) Algemene uitkering uit het gemeentefonds (*) Septembercirculaire 2025, Decembercirculaire 2025 NB de meicirculaire 2026 verschijnt eind mei/begin juni. Wij zullen uw raad daarover via een afzonderlijke informatienota informeren. 4.3. Loonkostenontwikkelingen Voor 2027 wordt in de actuele raming van het CPB uitgegaan van een stijging van de lonen en sociale lasten van 4,1%3. Mede gezien de recent afgesloten cao’s in andere overheidslagen is in deze PPN een lagere indexatie van 3% gehanteerd. 2 Laatst gewijzigd op 13 mei 2025. 3 Centraal Economisch Plan, Prijs overheidsconsumptie, beloning werknemers, CPB maart 2026. 41 4.4.
Prijsinflatie exploitatiebudgetten en kostenplaatsen Voor de uitgaven - en inkomstenbudgetten gaan we uit van een prijsindexatie van 2,5%. Dit percentage is overeenkomstig de meest actuele index voor het prijsgedeelte van het Bruto Binnenlands Product (BBP)4. Dit prijsindexcijfer cijfer hanteren we zowel voor de inkomsten - als uitgavenbudgetten, tenzij er bijvoorbeeld andere contractuele afspraken zijn gemaakt, bijvoorbeeld met aanbieders in het sociaal domein. Deze afspraken zijn veelal in regionaal verband gemaakt. Zo hebben we in voorliggende PPN voor het sociaal domein veelal gerekend met een prijscompensatie van 4%. 4.5. Prijsinflatie Grondexploitatie Voor de gemeentelijke Grondexploitaties wordt een afwijkend percentage gehanteerd voor zowel de kosten- als de opbrengstenkant. Kostenstijging In de gemeente Steenwijkerland is het gebruikelijk om de parameter kostenstijging te baseren op het langjarig gemiddelde van de GWW -index (Grond, Weg - en Waterbouw). Deze index wordt toegepast op basis van de ‘bouwkostenindex’, een reeks gebaseerd op de directe kosten voor arbeid, materieel en materiaal. De index blijft ongewijzigd ten opzichte van de huidige Programmabegroting. Opbrengstenstijging Er is in Nederland geen database beschikbaar waarin de prijsontwikkeling van bouwgrond wordt bijgehouden.
In de gemeente Steenwijkerland wordt de parameter opbrengstenstijging gewoonlijk gebaseerd op het langjarig gemiddelde van de Consumentenprijsindex (CPI) van het CBS. Op dit moment hanteren we in de Grondexploitaties een parameter opbrengstenstijging van 1,5%. Voor de komende begrotingsperiode blijft de parameter opbrengstenstijging verhoogd naar 2,5%. 4.6. Rente De rekenrente (het omslagpercentage) is gebaseerd op de te betalen minus te ontvangen rente in een jaar gedeeld door 0,6% van de boekwaarde van de investeringen per 1 januari van het desbetreffende jaar. Voor het aantrekken van langlopende geldleningen voo r de financiering van de geraamde investeringen en toekomstige investeringen (bestedingsplan) wordt een marktrente van 3,0% gehanteerd. Het totaal benodigde rentebedrag wordt herrekend en opgenomen in de programmabegroting op basis van het bestedingsplan dat op dat moment voorligt aan de raad ter vaststelling. 4 Centraal Economisch Plan, Prijs Bruto Binnenlands Product, CPB, maart 2026. 42 4.7. Loon- en prijsinflatie subsidies In vele gevallen kennen gesubsidieerde instellingen voor hun producten een vergelijkbare kostenopbouw als gemeenten. De bekostiging van deze producten vindt (deels) plaats door gemeenten in de vorm van een subsidie. Hiervoor wordt de gemeente niet afzonderlijk gecompenseerd in het accres van de Algemene uitkering van het gemeentefonds.
Compensatie van de ge subsidieerde instellingen vindt normaliter plaats overeenkomstig het door de gemeente gehanteerde percentage voor prijsstijgingen . Voor 202 7 wordt voor t e verstrekken subsidies een loon- en prijsinflatiepercentage gehanteerd van 2,5%. 4.8. Prijsinflatie gemeentelijke belastingen en rechten Voor gemeentelijke belastingen en rechten wordt dezelfde prijsindex als voor exploitatiebudgetten gehanteerd. Voor 2027 komt dit uit op 2,5%. Voor de afvalstoffenheffing en de rioolheffing worden wijzigingen in de kosten in beg insel doorberekend in de tarieven (gesloten huishouding). Bij het vaststellen van de begroting 2025 is een extra stijging van het afvalstoffentarief (2026 € 29; 2027 € 14 en 2028 € 2) en de rioolbelasting (2026 t/m 2028 5%) voorzien. Om grote tariefschommelingen te voorkomen, maken we gebruik van de egalisatievoorziening reiniging en de egalisatievoorziening riolering. De tarieven voor afval en riool in 2027 zijn op dit moment niet bekend. In de Programmabegroting 2027-2030 zullen we de precieze kosten voor uw raad inzichtelijk maken en een voorstel doen voor de daarvan afgeleide tarieven in 2027. Toeristenbelasting In het kader van de tarieven Toeristenbelasting is al eerder besloten om deze vanaf 2026 te gaan afronden naar € 0,05 of € 0,00.
Daarnaast is er een motie aangenomen om de ondernemers eerder te informeren over de inflatiecorrectie die toegepast gaat worden. Hoewel de gemeenteraad pas in december de belastingtarieven officieel vaststelt, is er vaak in de PPN al zicht op de hoogte van de inflatiecorrectie voor het daaropvolgende jaar. We stellen daarom voor om de tarieven Toeristenbelasting voor 2027 als volgt vast te stellen: • Overnachting(en) in een mobiel kampeeronderkomen (tent, tentwagen, kampeerwagen of toercaravan): € 1,60 per persoon per nacht (2026: € 1,54). • Overige overnachting(en): € 2,35 per persoon per nacht (2026: € 2,26). 4.9. Tarief voor het prestatiecontract Met het prestatiecontract kunnen interne uren worden doorbelast aan projecten. Jaarlijks wordt het uurtarief opnieuw berekend door rekening te houden met de stijging van de loonkosten. Voor 20 26 hanteren we een tarief van € 104. Als rekening wordt gehouden met een stijging van de loonkosten met 3%, komt het tarief voor 2027 uit op afgerond € 107. 4.10. Groei aantal woningen Op basis van de kadernota mag bij de rioolrechten, de afvalstoffenheffing, het huishoudelijk afval en de onroerendezaakbelastingen rekening worden gehouden met de groei van het aantal woningen in 2027. We houden rekening met een groei van 230 woningen. 43 4.11.
Groei aantal inwoners Per 1-1-2026 heeft de gemeente Steenwijkerland 45.925 inwoners (voorlopig cijfer). Ten opzichte van de stand 1-1-2025 zien we een toename van 208 inwoners. Gezien de gemiddelde groei in de afgelopen jaren gaan we voor 2027 uit van een toename van 250 inwoners. 5. Bijlage Financiële mutaties Deze bijlage geeft de mutaties met nadere toelichting voor het jaar 2026 weer, inclusief de financiële doorwerking naar latere jaren. + = voordeel Totaaloverzicht Financiële mutaties (bedragen x € 1.000) I/S Investering 2026 2027 2028 2029 2030 Financiële mutaties: Woningbouw - 320 350 350 350 - Werk en economie - 232 - 53 - 33 - - Samenredzaam - - 160 1.235 1.450 1.550 1.550 Vitaal Platteland - - 30 - 30 - - - Duurzaam - 650 - - - - Leefbare steden en kernen - 370 - 1.015 - 140 - 77 - 81 - 85 Financiën en dienstverlening - 95 - 186 103 49 34 - 4 Totaal financiële mutaties - 465 - 188 1.466 1.739 1.854 1.462 Waarvan structureel S - 71 279 222 204 162 Waarvan incidenteel I - 117 1.187 1.517 1.650 1.300 45 Woningbouw + = voordeel Financiële mutatie F 1.1: Tijdelijke woningen Ossenzijl Wat is de aard en de omvang van de afwijking? Er is een overschrijding ontstaan van € 30.000 op de begrote uitgaven. Wat zijn de oorzaken? De inschatting/ramingen m.b.t. de gesteldheid van de bouwgrond voor het plaatsen van tijdelijke woningen Ossenzijl blijkt achteraf verkeerd ingeschat.
Daarnaast bleek ook nog dat funderingsconstructies grond/woning zwaarder uitgevoerd moesten worden. Hierdoor ontstaa n er over de gehele lijn van ramingen tegenvallers van in totaal € 30.000. Is sprake van een wettelijke taak? Zo ja, welke? Nee Wat zijn de gevolgen voor de realisatie van het bijbehorend doel? Zonder deze extra kosten te betalen kunnen de woningen niet opgeleverd worden. Wat zijn de gevolgen voor de beschikbare middelen (personeel, financiën en faciliteiten)? Er ontstaat een eenmalig tekort van € 30.000. Welke maatregelen stellen we voor binnen het bestuursprogramma (bestaande budgetten)? N.v.t. Welk bedrag wordt daarmee bespaard? N.v.t. Welk bedrag komen we per saldo tekort of houden we over en wat is het structurele effect? Incidenteel nadeel à € 30.000 in 2026. Welke externe ontwikkelingen doen zich nog voor? N.v.t. Financiële mutatie F 1.2: Investeringsplan 2018 sociale huurwoningen noordelijke kernen Wat is de aard en de omvang van de afwijking? Er is een overschrijding ontstaan van € 200.000 op de begrote uitgaven. Wat zijn de oorzaken? In 2018 zijn er prestatieafspraken gemaakt met woningcorporaties voor het toevoegen van sociale huurwoningen.
Doordat de laatste projecten op zich lieten wachten door vertragingen in procedures en vergunningen, andere projecten duurder uitvielen en de ramingen nooit zijn bijgesteld is er nu een tekort van € 200.000 euro om het laatste project marktplein in Oldemarkt af te maken / op te leveren. Is sprake van een wettelijke taak? Zo ja, welke? Ja. In 2018 zijn wij samen met de woningcorporaties een investeringsverplichting aangegaan voor de realisatie van sociale huurwoningen. Woningbouw (bedragen x € 1.000) I/S Investering 2026 2027 2028 2029 2030 1 Tijdelijke woningen Ossenzijl I - - 30 - - - - 2 Investeringsplan 2018 sociale huurwoningen noordelijke kernen I - - 200 - - - - 2 Dekking uit reserve Volkshuisvesting I - 200 - - - - 3 Realisatiestimulans woningbouw I - 350 350 350 350 - 4 Startersleningen I - - 500 - - - - 4 Dekking uit reserve Volkshuisvesting I - 500 - - - - Totaal 'Woningbouw' - 320 350 350 350 - 46 Wat zijn de gevolgen voor de realisatie van het bijbehorend doel? Zonder deze extra middelen kan het project Voormalig gemeentehuis Oldemarkt niet afgemaakt worden. Wat zijn de gevolgen voor de beschikbare middelen (personeel, financiën en faciliteiten)? Er ontstaat een eenmalig tekort van € 200.000. Voorgesteld wordt om dit te dekken vanuit de reserve Volkshuisvesting.
Welke maatregelen stellen we voor binnen het bestuursprogramma (bestaande budgetten)? N.v.t Welk bedrag wordt daarmee bespaard? N.v.t. Welk bedrag komen we per saldo tekort of houden we over en wat is het structurele effect? Incidenteel nadeel à € 200.000 in 2026. Welke externe ontwikkelingen doen zich nog voor? N.v.t. Financiële mutatie F 1.3: Realisatiestimulans woningbouw Wat is de aard en de omvang van de afwijking? De Realisatiestimulans woningbouw is een landelijke regeling die gemeenten beloont voor het versnellen en realiseren van betaalbare woningen (sociale huur, middenhuur, betaalbare koop) in de periode 2025 –2029. Gemeenten ontvangen een vaste bijdrage van € 7 .000 per start van de bouw. De regeling is gericht op het behalen van de doelstelling van 100.000 woningen per jaar. Naar verwachting voldoen jaarlijks 50 woningen aan de genoemde criteria. Wat zijn de oorzaken? N.v.t. Is sprake van een wettelijke taak? Zo ja, welke? N.v.t. Wat zijn de gevolgen voor de realisatie van het bijbehorend doel? N.v.t. Wat zijn de gevolgen voor de beschikbare middelen (personeel, financiën en faciliteiten)? Extra incidentele inkomsten. Welke maatregelen stellen we voor binnen het bestuursprogramma (bestaande budgetten)? N.v.t Welk bedrag wordt daarmee bespaard? N.v.t.
Welk bedrag komen we per saldo tekort of houden we over en wat is het structurele effect? Incidenteel voordeel à € 350.000 per jaar voor de jaren 2026 t/m 2029. Welke externe ontwikkelingen doen zich nog voor? N.v.t. Financiële mutatie F 1.4: Startersleningen Wat is de aard en de omvang van de afwijking? Er is een bedrag van € 500.000 nodig om in 2026 meerdere startersleningen aan te kunnen bieden. Wat zijn de oorzaken? Omdat de Gemeente Steenwijkerland focus heeft op het aanbieden van betaalbare woningen en ook kansen wil aanbieden aan de jongeren/starters in onze Gemeente, is er sinds eind 2023 weer budget beschikbaar gesteld voor startersleningen via SVn. Er zijn de afgelopen periode veel startersleningen aangevraagd waardoor er geen middelen meer beschikbaar zijn. Hieruit blijkt een duidelijke behoefte aan de starterslening. Is sprake van een wettelijke taak? Zo ja, welke? N.v.t. Wat zijn de gevolgen voor de realisatie van het bijbehorend doel? We helpen starters op de woningmarkt om eerder een woning te kunnen kopen. 47 Wat zijn de gevolgen voor de beschikbare middelen (personeel, financiën en faciliteiten)? Dit bedrag wordt onttrokken aan de reserve Volkshuisvesting. Het bedrag wordt gestort in het fonds bij SVn voor de starterslening van de gemeente Steenwijkerland. Het is een revolverend fonds. De middelen komen weer terug in het fonds.
Mocht de gemeente stoppen met de st arterslening, dan komen de middelen, afhankelijk van de looptijd van de dan nog lopende leningen, terug in het fonds. Welke maatregelen stellen we voor binnen het bestuursprogramma (bestaande budgetten)? N.v.t. Welk bedrag wordt daarmee bespaard? N.v.t. Welk bedrag komen we per saldo tekort in 2025 en wat is het structureel effect? Het gaat om een eenmalige storting in 2026. Welke externe ontwikkelingen doen zich nog voor? N.v.t. 48 Werk en economie + = voordeel Financiële mutatie nr. F 2.1: Duurzaamheid en toerisme Wat is de aard en de omvang van de afwijking? Een van de belangrijke thema’s van de door de gemeenteraad vastgestelde economische koers is duurzaamheid en toerisme. Daar zijn middelen voor gereserveerd (o.a. de tijdelijke uitbreiding van de formatie voor de jaren 2025 en 2026). Nog niet alle activitei ten zijn (volledig) uitgevoerd of zijn vertraagd. Het betreft een eenmalig bedrag van € 70.000. Wat zijn de oorzaken? De uit te voeren activiteiten waren complexer dan bij aanvang was verwacht. Ook door ziekte heeft de uitvoering vertraging op gelopen. Daardoor zijn aantal onderdelen (nog) niet afgerond. Is sprake van een wettelijke taak? Zo ja, welke? Er is geen sprake van een wettelijke taak.
Wat zijn de gevolgen voor de realisatie van het bijbehorend doel? Het in de economische koers genoemde accent op duurzaamheid en toerisme kan met deze middelen alsnog worden gelegd en de activiteiten worden uitgevoerd, waardoor de doelen alsnog in 2027 kunnen worden behaald. Wat zijn de gevolgen voor de beschikbare middelen (personeel, financiën en faciliteiten)? Het gaat om extra eenmalige middelen voor het verlengen van de tijdelijke formatie uitbreiding. Welke maatregelen stellen we voor binnen het bestuursprogramma (bestaande budgetten)? Er zijn geen (bestaande) budgetten beschikbaar die dit kunnen opvangen. Welk bedrag wordt daarmee bespaard? N.v.t. Welk bedrag komen we per saldo tekort of houden we over en wat is het structurele effect? Incidenteel nadeel à € 70.000 in 2027. Voorgesteld wordt om dit te dekken uit het beschikbare budget voor Economische koers. Welke externe ontwikkelingen doen zich nog voor? We staan voor grote opgaven, zoals de energietransitie, de verduurzamingsopgave en klimaatadaptatie. We stellen ondernemers in staat proactief te acteren op deze kansen. We weten ook dat vooral het midden- en kleinbedrijf en de vele familiebedrijven het lastig vinden om dit zelf te organiseren en in te spelen op de opgaven die op ons afkomen. Samen met ondernemers(organisaties) willen we stappen zetten in deze transities om klaar te zijn voor de toekomst.
Bedoelde financiële middelen zijn bedoeld om dit verder te faciliteren en te stimuleren. Financiële mutatie nr. F 2.2: Verkoop pand Steenwijkerdiep 107 Wat is de aard en de omvang van de afwijking? Er ontstaat een eenmalige opbrengst door de verkoop van het pand aan het Steenwijkerdiep van € 285.000. Er staat geen boekwaarde meer tegenover. Wat zijn de oorzaken? Het pand aan het Steenwijkerdiep 107 is verkocht. Is sprake van een wettelijke taak? Zo ja, welke? N.v.t. Wat zijn de gevolgen voor de realisatie van het bijbehorend doel? N.v.t.
49 Wat zijn de gevolgen voor de beschikbare middelen (personeel, financiën en faciliteiten)? Er ontstaat een eenmalig voordeel in 2026 van € 285.000. Welke maatregelen stellen we voor binnen het bestuursprogramma (bestaande budgetten)? N.v.t. Welk bedrag wordt daarmee bespaard? N.v.t. Welk bedrag komen we per saldo tekort of houden we over en wat is het structurele effect? Incidenteel voordeel à € 285.000 in 2026. Welke externe ontwikkelingen doen zich nog voor? N.v.t. Financiële mutatie nr. F 2.3: Gebiedsarrangement Wat is de aard en de omvang van de afwijking? Deze aanpassing betreft een financiële bijstelling van het gemeentelijke aandeel in enkele deelprojecten van het Gebiedsarran gement ‘Kop van Overijssel’ De mutatie is noodzakelijk om het totaal aan eigen bijdragen in lijn te brengen met de vereiste cofinanciering en om de begroting sluitend te krijgen. Dit is een totaalbijdrage van € 139.750 voor de komende 3 jaar (tot eind van uitvoeringsperiode van het arrangement). Wat zijn de oorzaken? Mei 2025 hebben we een aanvraag gedaan voor het gebiedsarrangement ‘Kop van Overijssel’. Hiervoor is eind oktober een beschikking binnengekomen van € 1.240.851 en € 415.000 cofinanciering van de Provincie Overijssel. Dit is lager dan de gevraagde bijdrage en de inzet van onze eigen uren wa s beperkt inzetbaar.
Dit maakt dat de eigen bijdrage van Steenwijkerland (STWL) niet volledig gedekt was binnen de eerder opgestelde begroting. Om de financiering sluitend te krijgen en aan te sluiten bij de bijdrage van het Rijk, is de verdeling van projectbudgetten per gemeente aangepast. De totale begroting voor het gebiedsarrangement gaat in zijn totaliteit om € 2.456.505. Ten aanzien van Steenwijkerland gaat het in zijn totaliteit om een totale begroting van € 1.327.755, waarvan € 787.847 wordt gedekt door een bijdrage van het Rijk, € 184.500 door een bijdrage van de provincie, € 117.712 door een bijdrage van andere gemeent en. Dan resteert er nog een bedrag van € 237.696 als bijdrage voor de gemeente Steenwijkerland. Voor een bedrag van € 87.500 kan binnen bestaande budgetten nog dekking gevonden worden en € 10.446 dient beschikbaar gesteld te worden aan uren. Per saldo ontbreekt er dan nog een bedrag van € 139.750. Is sprake van een wettelijke taak? Zo ja, welke? Nee Wat zijn de gevolgen voor de realisatie van het bijbehorend doel? De aanvullende bijdrage is noodzakelijk om het gebiedsarrangement en de projecten die daarbij horen te realiseren. Wat zijn de gevolgen voor de beschikbare middelen (personeel, financiën en faciliteiten)? - Er ontstaat een tekort in de jaren 2026 t/m 2028 van resp. € 53.250, € 53.250 en € 33.250.
Welke maatregelen stellen we voor binnen het bestuursprogramma (bestaande budgetten)? Binnen bestaande budgetten is al 3 x € 25.000 voor leefbaarheidsagenda’s = € 75.000 en 3 x € 4.167 voor beleefbare routes = € 12.500 beschikbaar. Daarnaast wordt het programmamanagement van 3 x € 3.482 aan interne uren beschikbaar gesteld. Welk bedrag wordt daarmee bespaard? Deze besparing is al in het aangevraagde bedrag verrekend. Welk bedrag komen we per saldo tekort of houden we over en wat is het structurele effect? We komen een eenmalig bedrag van € 139.750 tekort, te weten: 2026: € 53.250 / 2027: € 53.250 / 2028: € 33.250 Hiernaast worden er nog bedragen ontvangen van het Rijk van € 787.847, Provincie € 184.500 en van andere gemeenten € 117.712. Welke externe ontwikkelingen doen zich nog voor? N.v.t.
50 Samenredzaam + = voordeel Financiële mutatie nr. F 3.1: Inkomensregelingen Wat is de aard en de omvang van de afwijking? Er wordt een tekort van € 1.727.530 verwacht op het taakveld inkomensregelingen , waaronder de Participatiewet-uitkeringen, L oonkostensubsidies (LKS), Ioaw/Ioaz, Bijzondere bijstand, minima-regelingen en schuldhulpverlening vallen. Wat zijn de oorzaken? Taakstelling huisvesten statushouders, meer mensen met complexe (multi)problematiek in de uitkering, kostenstijging per uitkering van € 17.200 in 2025 naar verwachting € 18.800 in 2026. Is sprake van een wettelijke taak? Zo ja, welke? Het verstrekken van bijstandsuitkeringen en van loonkostensubsidies is een wettelijke taak. Wat zijn de gevolgen voor de realisatie van het bijbehorend doel? N.v.t. Wat zijn de gevolgen voor de beschikbare middelen (personeel, financiën en faciliteiten)? - Er ontstaat vanaf 2026 een tekort ter hoogte van € 2.427.530. Met de BUIG indexering van die wij krijgen via de Septembercirculaire 2026 ontvangen we naar verwachting - € 700.000 extra aan inkomsten. Daarnaast verwachten wij dat we meer geld krijgen vanuit het Rijk, omdat er meer mensen instromen. Vanaf 2027 rekenen we op een bedrag van structureel € 365.000 ook hiervan verwachten wij dat dit ons tegemoet komt via de Septembercirculaire. Per saldo komt het tekort daardoor lager uit.
Welke maatregelen stellen we voor binnen het bestuursprogramma (bestaande budgetten)? N.v.t. Welk bedrag wordt daarmee bespaard? N.v.t. Welk bedrag komen we per saldo tekort of houden we over en wat is het structurele effect? In de komende jaren verwachten wij de volgende nadelen: 2026: € 1.727.530. 2027 en verder: € 1.362.530 Welke externe ontwikkelingen doen zich nog voor? Door de stijging van het aantal uitkeringen en de LKS is het de verwachting dat het te ontvangen Buigbudget van het Rijk (voor het verstrekken van uitkeringen) ook stijgt. In de septembercirculaire 2026 houden we rekening met een stijging van € 700.000 als gevolg van prijsmutaties. Daarnaast verwachten wij door de volume groei ook een extra bedrag te ontvangen, dit komt neer op € 365.000. Deze bedragen zijn verrekend in het verwachte tekort. In de Septembercirculaire wordt het definitieve budget voor 2026 bekend gemaakt. Dit gebruiken we als basis voor de raming 20 27 (van constante prijzen naar lopende prijzen, zowel aan de uitgaven- als de inkomstenkant).
Samenredzaam (bedragen x € 1.000) I/S Investering 2026 2027 2028 2029 2030 1 Inkomensregelingen S - - 1.728 - 1.363 - 1.363 - 1.363 - 1.363 2 Alleenverdienerscompensaties I - - 15 - 15 - - - 3 Leerlingenvervoer S - - 80 - 80 - 80 - 80 - 80 4 GGD/RSJ besluit contractmanagement S - - 32 - 32 - 32 - 32 - 32 5 Beschermd wonen S - 2.000 2.000 2.000 2.000 2.000 5 Beschermd wonen I - - 1.000 1.200 1.300 1.300 6 WMO Begeleiding Zorg in Natura S - - 275 - 275 - 275 - 275 - 275 7 Trainingen AVE I - - 30 - - - - Totaal 'Samenredzaam' - - 160 1.235 1.450 1.550 1.550 51 Nadere toelichting: - We verwachten dat het aantal mensen met een uitkering van gemiddeld 734 in 2025 stijgt naar gemiddeld 777 in 2026. De gemidde lde uitkering kwam in 2025 in werkelijkheid uit op € 18.000, terwijl we uitgingen van een gemiddelde van € 17.200. Voor 2026 houd en we rekening met een prijsindexatie en gaan we uit van een gemiddelde uitkering van € 18.800. - Het aantal Ioaz-/ Ioaw’ers waren gemiddeld in 2025: 22 in 2026 verwachten we dat dit er 21 zijn. De hoogte van deze uitkering stijgt van € 17.800 naar € 20.900 in 2026. - Voor de uitgaven hebben we rekening gehouden met een prijsindexatie. Wij verwachten ook dat het BUIG-budget wordt geïndexeerd. Wij verwachten daarom een structurele prijsstijging van het budget van € 700.000. Dit is dus een voordeel op de inkomsten.