CConstaterende datSteenwijkerland
Koppel je AI →
Document · PDF

Perspectiefnota 2018-2021 versie voor de Raad 2 juni 2017.pdf

Raadsvergadering 4 juli 2017, gemeente SteenwijkerlandBij agendapunt: Perspectiefnota 2018-202122.623 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

Het behandelen van de overtreding en het opleggen van een sanctie, het behandelen van een ingediend bezwaar, het behandelen van een ingediend beroep en het behandelen van een ingediend hoger beroep. Voor deze stadia zijn kentallen bekend. Het behandelen van de overtreding en opleg gen 25 van een sanctie behelst gemiddeld 27 uur. Het behandelen van een bezwaarschrift behelst 36 uur, het behandelen van een beroepsschrift (dankzij het voorwerk in bezwaar) 35 uur en een hoger beroepsschrift vergt eveneens 35 uur. Op basis van ervaring gaan we er vanuit dat een op de vier opgelegde sancties leidt tot een bezwaar. Bij de helft van de besluiten op bezwaar wordt beroep ingesteld, terwijl tegen de uitspraak in beroep in de helft van de situaties hoger beroep wordt ingesteld bij de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State. Dit levert het volgende beeld: Extra nodig voor Juridisch 37x27= 999 uur, 9x36= 324 uur, 4,5x35=157,5 uur,2¼x35=78,75 uur, totaal 1.559 uur. Extra nodig voor toezicht 44x12= 528 uur Handhavingsverzoeken / uitvoeringsbeschikking Naast de toename van het aantal handhavingsverzoeken moet er ook rekening worden gehouden de “uitvoeringsbeschikking”. De uitvoering is een betrekkelijk nieuw fenomeen en wordt nog zelden toegepast.

Het lijkt echter veilig te veronderstellen dat advocaten en juridisch adviesbureaus op termijn het middel ontdekken en zullen gebruiken om het bevoegd gezag onder druk te zetten. Omdat geen ervaring uit het verleden bestaat, zal een aanname moeten worden gedaan. Bij een toename van de handhavingscapaciteit zal minder vaak naar dit middel teruggegrepen kunnen worden, de zaken worden immers opgepakt, zodat een voorzichtige aanname van vier uitvoeringsbeschikkingen per jaar volstaat. Op de uitvoeringsbeschikking dient een zelfstandig besluit te worden genomen, hetgeen zo’n 15 uur zal kosten, vervolgens dient handhaving daadwerkelijk te worden opgepakt en volgen mogelijk de eerder genoemde bezwaar - en (hoger)beroepsprocedures. Dit levert het volgende beeld: Extra nodig voor Juridisch 4x15=60 uur, 4x27=108 uur,1x36=36 uur,0,5x35=17,5 uur 0,25x35 =8,75 uur, totaal 230 uur. Extra nodig voor toezicht totaal 59 uur. Handhaving genoemde kaders en ontwikkelingen Het toezicht op de genoemde kaders wordt voornamelijk belegd bij de toezichthouders. Voor het aantal overtredingen dat wordt geconstateerd en waarop handhavend optreden volgt, moet een aanname worden gedaan, waarbij de bekende kentallen worden toegepast. Uitgegaan wordt dat genoemde kaders in acht situaties per jaar leiden tot daadwerkelijk handhavend optr eden.

Dit levert het volgende beeld: Extra nodig voor Juridisch 8x27=216 uur,2x36=72 uur,0,5x36=18 uur,0,25x36= 9 uur totaal 315 uur. Extra nodig voor toezicht totaal 65 uur Pre-mediation en de gemeentelijke rol in de-escalatie Anders dan bij de hiervoor genoemde ontwikkelingen zijn er geen kentallen beschikbaar. Dit betekent dat voor de noodzakelijke capaciteit op dit onderwerp een aanname dient te worden gedaan. Ingeschat wordt dat, op basis van ervaringen met pre-mediation, jaarlijks 500 uur in aanvullende pre-mediation en de gemeentelijke rol in de-escalatie moet worden gestoken. Juridisch is extra nodig 500 uur. Voor het gerelateerde toezicht is 125 uur nodig. Uit het vorengaande blijkt dat ook na 2017 een tekort aan toezicht en handhavings - capaciteit wordt voorzien. Op juridisch gebied is 1,8 FTE en voor de toezichtstaken is er 0,54 FTE noodzakelijk. Uitgaande van de juridische functies in schaal 9 (jaartarief van € 65.000, -) en de toezicht functie in schaal 8 (jaartarief van € 59.000,-) is voor de invulling een structureel bedrag van € 148.860,- ( 1,80 x 65.000,- + 0.54 x 59.000,-) nodig. Hiermee kunnen de 1,8 fte voor de juridische handhaving structureel gemaakt worden en wordt het toezicht met 0.54 fte uitgebreid. 26 5. Jongerenparticipatie. De huidige verandering naar een participatiesamenleving vraagt om een andere rol van de gemeente.

Jongeren vinden inspraak uitoefenen op hun omgeving de normaalste zaak van de wereld. Toch staan jongeren ver van de politiek. Maar omdat de jeugd de toekomst is, is het belangrijk ze tóch deel te laten uitmaken van onze democratie. Door structureel geld te investeren in projecten gericht op jongerenparticipatie zullen zij verbonden zijn en blijven met de politiek. Dit jaar is gestart met een programma voor het stimuleren van jongerenparticipatie. Dit gebeurt voor en door jongeren. Het doel van dit programma is het leveren van een bijdrage aan het creëren, versterken en invullen van een vertrouwensband tussen jonge inwoners en de gemeente. Het programma bestaat uit verschillende onderdelen en elk onderdeel richt zich op een andere leeftijdsgroep. Dit zorgt ervoor dat jongeren, bij structurele uitvoering van het programma, op verschillende leeftijden in contact komen met de gemeente. Tot op heden is dit project door de jongeren, de scholen en het gemeentebestuur met veel enthousiasme ontvangen. Er zijn nieuwe relaties opgebouwd en het programma is op zo’n manier opgebouwd dat het met een beperkte investering ook voor 2018 en 2019 kan worden gecontinueerd. 6. Zwembaden toevoegen aan de voorziening Maatschappelijk Vastgoed.

Zwembad/Sporthal De Waterwyck, Zwembad Vollenhove en Zwembad ’t Tolhekke zijn de enige objecten die niet in de voorziening Maatschappelijk Vastgoed zijn opgenomen. De voorziening Maatschappelijk Vastgoed is een 10-jaren voorziening voor het onderhoud van de gemeentelijke gebouwen, met als onderlegger voor elk pand een meerjarenonderhoudsplan. In 2010 is niet (direct) gekozen om de zwembaden in de voorziening op te nemen, dit aangezien Sportservice Steenwijkerland, voorheen stichting zwembad de Waterwyck, en stichting zwembad ’t Tolhekke het groot onderhoud zelf uitvoerden. Nadelig hierin was dat vóór 2010 niet structureel de onderhoudslasten in de begroting waren opgenomen. In 2010 is hierin een start gemaakt door meerjarenonderhoudsplannen op te laten stellen. Een deel van het noodzakelijk onderhoud i s naar aanleiding daarvan in de begroting 2011-2014 opgenomen. Sindsdien gaat het een en ander ad hoc en is voor zwembad Vollenhove en ’t Tolhekke gedeeltelijk en niet onderbouwd structureel onderhoudsgelden in de begroting opgenomen. Voor de Waterwyck echter niet. Net als de overige gemeentelijke objecten dienen de zwembaden te worden onderhouden. Het voorstel is om de zwembaden qua onderhoudsbudget toe te voegen aan de voorziening Maatschappelijk Vastgoed, zodat goed onderhoud geborgd is. Meerjarige onderhoudsplannen.

Bij de meerjarige onderhoudsplannen kan een onderscheid worden gemaakt in de v olgende drie kwaliteitsniveau’s: basis, beperkt basis en laag. Onder de nummers 7 tot en met 12 is aangegeven welk kwaliteitsniveau is opgenomen in het bestedingsplan. Om u optimaal in de gelegenheid te stellen de financiele effecten van de drie kwaliteitsniveau’s af te wegen zijn de beno digde overzichten voor u ter inzage gelegd bij de griffie. 7a t/m d. Versterken bermen onveilige plattelandswegen. Verbreden van de rijbaan en/of versterken van de aanliggende bermen van (te) smalle plattelandswegen. 27 In het bestedingsplan is uitgegaan van het kwaliteitsniveau ‘beperkt basis’. Dat houdt in dat ten opzichte van het kwaliteitscenario ‘basis’ in totaal 10 km minder plattelandswegen worden versterkt. In plaats daarvan worden de bermen langs deze wegen aangevuld met grond. De eerstvolgende mogelijkheid om werk met werk te maken komt naar verwachting na circa 15 jaar. Prioriteitsstelling is afhankelijk van de drukte van de weg en de hoeveelheid landbouwverkeer. 8a t/m e. Oeververbindingen. Onderhoud In het beleidsplan oeververbindingen wordt voorgesteld te streven naar het onderhouden van oeververbindingen (bruggen) op kwaliteitsniveau basis en te sturen op risico’s en functionaliteit. Op basis van risicomanagement wordt beoordeeld welke maatregelen wanneer en waar worden uitgevoerd.

Gelet op het huidige budget betekend dit dat er structureel een aanvullend budget van € 135.000,- benodigd is om te kunnen voldoen aan het kwaliteitsniveau ‘basis’. In het bestedingsplan is uitgegaan van het kwaliteitsniveau ‘beperkt basis’. Dit niveau komt het dichtst bij het gemeentelijk beleid ‘Schoon, Heel en Veilig’en de objecten halen de maximale levensduur ten de laagst mogelijke kosten. Er is geen sprake van veiligheidsrisico’s, kans op verloedering of kapitaalvernietiging. Het onderhoud voldoet technisch ten aanzien van een veilig gebruik. Vervanging Voorgesteld wordt om 67 objecten te vervangen die een algemene onderhoudsstaat he bben van “matig tot slecht”. In de periode 2018-2021 is hiervoor jaarlijks een structureel budget benodigd ad. € 538.000,-. In het bestedingsplan is uitgegaan van het kwaliteitsniveau ‘beperkt basis’. Vervangingen van oeververbindingen worden financieel afgeschreven over 50 jaar in plaats van 30 jaar indien was gekozen voor het kwaliteitsniveau ‘basis’. Dit kan een risico vormen in relatie tot de technische afschrijving (< 50 jaar). 9 a t/m e. Investeringen en levensduurverlengende maatregelen. In de komende jaren zijn op een aantal slechte wegen levensduur verlengende maatregelen noodzakelijk. Met deze maatregelen worden kostbare vervangingsinvesteringen uitgesteld. 10 a t/m i. Vervangingsplan openbare verlichting.

Op basis van de technische levensduur dient ca. 80% van het verlichtingsareaal in de komende 10 jaar vervangen te worden. Met het bestedingsplan wordt enige achterstand in de vervanging geaccepteerd. De geplande vervanging wordt over een langere periode uitgesmeerd (+ 3 jaar). In de vervanging voor de eerste 2 jaren (2018 en 2019) is niet gekort, omdat hier de oudste onderdelen met grotere risico’s (achterstand) worden vervangen. 11 a t/m d. Aanpak fietspaden. Verbreden van vooral recreatieve fietspaden met name in het buitengebied die smal zi jn en in de zomer druk worden bereden. We gaan er hierbij vanuit dat er alleen wordt gewerkt aan fietspaden waarvoor minimaal 50% extermne financiering kan worden gevonden. 28 12. Voorziening groot onderhoud wegen. Vanaf 2021 wordt een stijging van de kosten voor grootonderhoud van het wegennet voorzien. Daarom is een eenmalige storting van € 1.500.000,- noodzakelijk voor een volledig sluitende voorziening voor de periode van 2018-2027. 13. Opwaardering groen openbare begraafplaatsen. De beplanting op de begraafplaats Thijhof in Steenwijkerwold is aan vervanging toe; de heesters zijn moeilijk te beheren, het onkruid lastig te beheersen en de aanwezige essen zijn aangetast. Al met al levert het niet de gewenste beeldkwaliteit op.

De groene opwaardering is geric ht op een sfeervol en meer intiem karakter van de begraafplaats die tegelijkertijd ook de oorspronkelijke (ronde) structuur versterkt. Naast het Thijhof, brengen we ook graag meer sfeer en groene beleving aan op de begraafplaats in Scheerwolde. Dit jaar inventariseren we het groen van de overige gemeentelijke begraafplaatsen en komen daar in 2018 op terug. 14 a t/m d. Wijkvisie Steenwijk-west. Kosten uitvoering Wijkvisie Steenwijk-West voor de periode 2018-2021. 15. Revolving fund duurzaamheid (4 jaar). Uitwerking van de unaniem aangenomen motie van 28 februari 2017, waarin de raad het college oproept om een revolving fund in het leven te roepen. Met het revolving fund wordt de financiering van het verduurzamen van maatschappelijk vastgoed dat niet in bezi t is van de gemeente mogelijk gemaakt. Vooralsnog voor een periode van 4 jaar, waarbij eenmalig een bedrag van € 350.000 beschikbaar is. Gerealiseerde besparingen op de energierekening kunnen worden aangewend om de investeringskosten af te lossen en het fonds aan te vullen. E.e.a. volgens nader door het college in het najaar van 2017 vast te stellen spelregels. 16. Planuitwerking: Verduurzamen gemeentelijk vastgoed. Investering in de verduurzaming van gemeentelijk vastgoed om zodoende een bijdrage te leve ren aan de gemeentelijke ambities op het gebied van nieuwe energie.

Hierbij wordt aangesloten op de ‘trias energetica’: - beperken energievraag - gebruik maken van duurzame energie - kritisch gebruik fossiele brandstoffen. De claim heeft betrekking op gebouwen die in eigendom zijn van de gemeente. De investeringen kunnen een positieve invloed hebben op de exploitatie van deze gebouwen. Deze positieve invloed zal worden gemonitord in de jaarlijkse rapportage maatschappelijk vastgoed. In het bestedingsplan is uitgegaan van een eenmalig bedrag in 2018 van € 100.000,- voor een nadere planuitwerking, waaronder een onderzoek naar gebruik van restwarmte. 17. Omgevingsdienst IJsselland. De oprichting van de Omgevingsdienst IJsselland vindt haar grondslag in de Wet van 9 december 2015 tot wijziging van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (verbetering vergunningverlening, toezicht en handhaving). De wet verplicht gemeenten om een Omgevingsdienst op te richten als Openbaar Lichaam. De beoogde voordelen zijn: een robuuste 29 uitvoerende dienst levert schaalvoordelen, zoals een beter gegarandeerd kwaliteitsniveau en meer efficiëntie. Het dagelijks bestuur van de Omgevingsdienst heeft een eerste begroting opgesteld. Deze begroting heeft betrekking op 2018 en geeft een financiële doorkijk tot 2023. In het voorliggend bestedingsplan zijn de financiële gevolgen voor ons opgenomen. 18. Transitie naar één welzijnsorganisatie.

Voor de omslag naar meer zelfredzaamheid en minder maatwerkvoorzieningen is een sterk voorliggend veld, i.c. welzijn/sociaal werk nodig. In dat kader hebben wij besloten om per 1 januari 2018 te komen tot één organisatie voor sociaal werk. Over deze verandering is de gemeenteraad geïnformeerd tijdens presentaties op 22 november 2016 en 2 februari 2017. Als gevolg van het collegebesluit is de (voorbereiding op de) aanbesteding aangevangen die eind september 2017 tot de bekendmaking van de nieuwe sociaal werk organisatie moet leiden. Op basis van deze voorbereiding is gebleken dat een aantal aanvullende investeringen nodig zijn. 1. Voor de aanbesteding is in eerste instantie (december 2016) uitgegaan van een budget neutrale aanbesteding. Dit betekent dat het totaal van de opgezegde subsidies tevens het bedrag voor de nieuwe aanbesteding vormt. Gedurende de verdere uitw erking van het sociaal werk en het starten van de aanbesteding is gebleken dat het wenselijk is het budget tijdelijk aan te vullen om de beweging naar het sociaal werk goed te kunnen maken. Het voorstel is daarom voor de eerste drie jaar (2018 – 2020) dat de nieuwe organisatie werkt, per jaar € 500.000 beschikbaar te stellen. Het aanvullende budget kan gezien worden als de eerste noodzakelijke stap naar dé voorliggende algemene voorziening. Argumenten waarom dit geld nodig is: a.

Omdat er een verschuiving naar sociaal werk plaats moet vinden zal personeel dat eventueel overgaat naar de nieuwe organisatie in meer of mindere mate een inwerkperiode nodig hebben. Omdat dit personeel nog niet op 1 januari bij de start van de nieuwe partij volledig geschikt is als sociaal werker is er budgettair ook ruimte nodig om sociaal werkers aan te trekken die meteen aan de slag kunnen. b. In het verleden is fors op de welzijnsbudgetten bezuinigd met als gevolg dat het huidige budget substantieel kleiner is dan oorspronkelijk beschikbaar geweest zou zijn voor het sociaal werk. c. In de beginperiode zal een gedeelte van de huidige welzijnsprojecten moeten worden voortgezet. De beperking van het budget voor sociaal werk die dit oplevert willen wij compenseren. d. Voldoende capaciteit bij het sociaal werk biedt ook de mogelijkheid om onze eigen organisatie efficiënter in te richten. Door een goede samenwerking met de toegang kan de sociaal werker in bepaalde gevallen aangeven welke voorziening eventueel aanvullend nodig is zonder dat de toegang opnieuw onderzoek hoeft te verr ichten. Na deze periode van drie jaar wordt verwacht dat de nieuwe organisatie een beweging van de maatwerkvoorzieningen naar de algemene voorziening heeft weten te realiseren. Aan het eind van het tweede jaar wordt een evaluatie gehouden. 2.

Om de transitie van taken van de huidige organisatie naar één nieuwe organisatie tot een succes te maken én het begeleiden en bewaken van de rollen, verantwoordelijkheden en uitvoering in de nieuwe situatie is extra ambtelijke capaciteit nodig in 2018 (€ 100.000). 30 3. Tot slot zal aan de nieuwe organisatie worden gevraagd het takenpakket structureel uit te breiden ten opzicht van de huidige situatie. Het gaat hierbij bijvoorbeeld om n ieuwe taken zoals bijvoorbeeld buurtbemiddeling (per jaar € 50.000). 19. Planuitwerking cultuurvisie. Bij de bespreking van de cultuuragenda 2017-2020 in de politieke markt (sept. 2016) heeft u geconcludeerd dat deze een goed beeld geeft van de culturele activiteiten in Steenwijkerland maar dat een meerjarige cultuurvisie ontbreekt. In het najaar 2016 is opdracht gegeven om samen met betrokken partijen een visie op cultuur te ontwikkelen. Verwachting is dat deze visie in het najaar ter besluitvorming aan u kan worden voorgelegd. Voor de verdere uitwerking en uitvoering van deze visie zijn onvoldoende capaciteit en middelen voor uitvoering beschikbaar. Voor de jaren 2018 en 2019 is extra formatie nodig. 20. Schuldhulpverlening. Vanaf 1 april 2015 wordt er op een andere wijze uitvoering gegeven aan de schuldhulpverlening. De IGSD vervult de toegangspoort en het eerste deel van het schuldhulpverleningstraject.

Alleen de zwaardere gevallen worden doorverwezen naar de GKB Drenthe voor een schuldenregeling of sanering. Deels levert dit wel een besparing op voor de kosten van de GKB. Doordat er echter meer mensen een beroep doen op de schuldhulpverlening nemen de kosten toe. Daarnaast stijgen de kosten van het beschermingsbewind fors, een landelijke trend die we o ok in onze gemeente terugzien. Dit is een autonome stijging waar we op dit moment nog geen wijziging in verwachten. Dit alles maakt dat we de in 2017 ingeboekte bezuiniging op de schuldhulpverlening niet gaan realiseren en voor de komende jaren een extra bedrag nodig hebben van € 160.000. 21. Verhogen taalniveau 3F voor pedagogisch medewerkers voorschoolse voorzieningen. De raad heeft 11 april 2017 ingestemd met het definiëren van een tweede doelgroep in het voorschoolse veld, naast de al bestaande VVE-doelgroep. Het gaat hierbij om kinderen in een kwetsbaar opvoedkundig milieu. Het Rijk heeft verplicht dat vanaf 1 januari alle pedagogisch medewerkers die werken met VVE (doelgroepkinderen met een risico op taalachterstand) extra moeten worden geschoold om te kunnen voldoen aan de gestelde wettelijke eisen. Hiervoor worden ook aanvullende middelen beschikbaar gesteld in 2017 en 2018. Doordat wij uitgaan van een bredere doelgroep moeten er extra pedagogisch medewerkers worden geschoold.

De kosten voor de toetsing en scholing bedragen in 2017 en 2018 jaarlijks € 127.600. Van het Rijk wordt hiervoor in 2017 en 2018 een rijksbijdrage ontvangen van € 39.400. Dit betekent dat er daarnaast nog een bedrag van € 88.200 nodig is. 22. Kwetsbare jongeren op het snijvlak van school en werk. In de raadsbrief van 9 februari 2017 is de raad geïnformeerd over de transformatieprojecten jeugd. Het project ‘Kwetsbare jongen op het snijvlag van school en werk’ is daar één van. In dit project is werkende weg een aanpak ontwikkeld om de meest kwetsbar e jongeren te begeleiden op het snijvlak van school en werk. Het gaat om (potentieel) voortijdige schoolverlaters met een jeugdhulpbehoefte en om kinderen op het praktijk - en het voortgezet speciaal onderwijs. Deze laatste groep zijn de kinderen die voorheen in de Wajong terecht kwamen, maar sinds 2015 onder de verantwoordelijkheid van de gemeente vallen. In de aanpak staat de afstemming tussen onderwijs, zorg, RMC/leerplicht, bedrijfsleven en IGSD centraal. Niets doen voor deze jongeren in 31 kwetsbare posities en jongeren met een afstand tot de arbeidsmarkt is geen optie. Zij zullen meer en meer tussen wal en schip gaan vallen en later alsnog op het bordje van de gemeente terechtkomen. In 2016 zijn 13 jongeren met ernstige problematiek binnen het project be geleid.

Dit heeft erin geresulteerd dat van de 13 jongeren er 5 terug naar school zijn gegaan, 3 jongeren een werkervaringsplek/ stageplek hebben, 2 jongeren zijn opgenomen in beschermd wonen en 4 jongeren begeleid worden door de hulpverlening. De ontwikkelde aanpak is daarmee zeer succesvol gebleken en voorziet in een behoefte. Door het structureel maken van de project - aanpak kunnen jaarlijks 20 kwetsbare jongeren en 15 jongeren met een arbeidsbeperking begeleid worden naar een duurzame volwaardige plaats in de maatschappij. 23. Vechtscheidingen (BRAM). In 2016 is een pilot gestart rondom vecht-scheidingen. De pilot komt er in het kort op neer dat de rechtbank een zaak aanhoudt van ouders die verwikkeld zijn in een vechtscheiding en hun de mogelijkheid geeft van een intensief begeleidingstraject. Het traject bestaat uit begeleiding door twee social workers om alsnog onderlinge afspraken te maken. Het doel is zo snel mogelijk rust voor de betrokken kinderen te realiseren. Het traject moet binnen een week na verwijzing door de rechter opgestart worden. Uit evaluatie van de pilot blijkt dat deze aanpak succesvol is. In de afgelopen periode is het bij alle casussen gelukt om ouders aan één tafel te krijgen en de communicatie op gang te brengen. Ouders zijn zich gaan richten op het belang van kind(eren) en er zijn stappen gezet om ‘uit de strijd’ te komen.

De effecten van vechtscheiding voor kinderen zijn enorm. Deze kinderen hebben o.a. meer kans op gedrag- en psychologische problemen, delinquent gedrag, school verzuim en uitval. Ook de maatschappelijke kosten van een vechtscheiding lopen in de tienduizenden euro’s. Denk hierbij aan zorgkosten, rechtspraak, politie, crisis/noodopvang, etc. Deze succesvolle werkwijze, gestart vanuit het innovatiebudget, moet nu structureel ingebed gaan worden binnen het social work. De claim is bedoeld om de ruimte hiervoor te creëren. 24. Nationaal park Weerribben-Wieden. Wij hebben de afgelopen jaren een trekkersrol vervuld waar het gaat om het Nationaal Park Weerribben-Wieden en de transitie om te komen tot een zelfstandige gebiedsentiteit, met draagvlak van alle relevante gebiedspartijen. Dit proces is begin 2017 afgerond en daarover heeft u op 11 april 2017 besloten. Wij zullen, als lid van het stichtingsbestuur, blijvend betrokken zijn bij de stichting Weerribben- Wieden. Ook in personele zin dragen wij bij aan de invulling van de werkorganisatie. De opgerichte gebiedsentiteit vervult een centrale rol in de gemeente Steenwijkerland. Met het Nationaal Park als groene motor van dit gebied, verbindt de stichting relevante gebiedspartners aan elkaar.

Samen werken de partners aan het bereiken van gestelde doelen als het bewerkstelligen van een kwaliteitsimpuls voor Weerribben-Wieden en het realiseren van een doelmatigheidsslag in het vele aanbod van merken en organisaties. Daarnaast is de stichting verantwoordelijk voor een meerjarig uitvoerings-programma, zoals de ontwikkeling en implementatie van poorten, de uitvoering en vernieuwing van succesvolle educatie activiteiten, versterking van bestaande netwerken van gastheren en vrijwilligers en een structureel monitorings -programma. 32 Om die doelen te behalen hanteert de stichting een meerjarige investeringsagenda. Daarvoor vraagt ze bijdragen van haar gebiedspartners, dus ook van de gemeente. Bijdrage Wij dragen al jaarlijks € 80.000 bij aan het Nationaal Park Weerribben-Wieden. Wij stellen voor dit aan te vullen met maximaal € 95.000 per jaar. De definitief gevraagde bijdrage van de gemeente Steenwijkerland aan de Stichting Weerribben-Wieden is afhankelijk van de voorwaardelijke bijdrage van derden. Ons uitgangspunt is dat de bijdrage van de gemeente Steenwijkerland maximaal 25% van de begroting van Stichting Weerribben-Wieden zal bedragen. Dit om andere partijen te stimuleren en uit te nodigen tot financiële bijdragen aan het behalen van de doelstellingen van de stichting.

Besteding beschikbaar gestelde middelen en voorwaarden De besteding van de gevraagde claimsom zal met name bijdragen aan de verdere implementatie van het stelsel van poorten en ontvangstlocaties. Daarnaast zal een deel besteed worden aan de uitvoering en ontwikkeling van educatieactiviteiten voor jong en oud. Ook wil de stichting hiermee de bestaande netwerken, van bijvoorbeeld gastheren en vrijwilligers, versterken. Het uitgangspunt dat de gemeente maximaal 25% zal bijdragen aan de totale begroting van de stichting wordt meegenomen in een evaluatie tussen stichting Weerribben -Wieden en de gebiedspartners. Tijdens dit moment, medio 2018, kan de gemeente toetsen in hoeverre er vanuit derden bijgedragen wordt aan de begroting van de stichting. Daarop kan de gemeente de hoogte van haar bijdrage baseren, met een maximum van € 175.000 per jaar. 25. Groene en blauwe diensten. Met een financiële regeling Groene en Blauwe Diensten ontvangen particuliere eigenaren va n bijv. houtwallen een langjarige vergoeding voor onderhoud en herstel. Op basis van deze vrijwillige regeling zijn tot en met 2015 met gemeentelijke- en provinciale middelen veel contracten afgesloten. De dekking van het langjarig onderhoud van houtwallen en andere landschapselementen is 55%.

Met de claim wordt ingezet op een nieuwe impuls aan contracten door gezamenlijke inzet van provincie, gemeente, eigenaren en andere partners. We zetten met name in op duurzaam behoud van waardevolle particuliere eleme nten in het houtwallen- landschap rondom Vollenhove en Paasloo, maar de regeling kan ook worden ingezet bij particuliere initiatieven in het cultuurhistorisch landschap van de Koloniën. Dit laatste is onderdeel van een nog uit te werken brede analyse en aanpak van het cultuurhistorisch landschap. Landschap Overijssel heeft berekend wat de kosten zijn voor het contracteren van de resterende 45% van de landschaps-elementen. Dat kost € 4,9 miljoen. Het is onze doelstelling om niet de resterende 45% maar slechts 6% extra onder contract te brengen. Dit kost 6/45e deel van € 4,9 miljoen, dat is ongeveer € 650.000. Uitgaande van 50% financiering vanuit de gemeente, is de benodigde gemeentelijk inzet € 325.000. De provincie Overijssel zet voorlopig in op een provinciale financiering van 25%. Onderzocht wordt waar de resterende financiering wordt neergelegd. Vraag is of dit een eigen bijdrage van deelnemers kan zijn of dat er op een andere wijze externe financiering gevonden kan worden. Alternatief is dat met dezelfde middelen wordt ingezet op een kleiner aantal landschapselementen. 26 a t/m f. Gebiedsgerichte aanpak Giethoorn.

Afgelopen periode is gebleken dat vele aspecten een grote rol (gaan) spelen in Giethoorn. Dat is voor ons reden om te kiezen voor een integrale gebiedsontwikkeling waarbij de volgende drie 33 doelstellingen van belang zijn: Leefbaarheid, Recreatie en toerisme inclusief werkgelegenheid, Koesteren cultureel erfgoed. Daarbij spelen de volgende aandachtvelden: - recreatie en toerisme - ontwikkeling geel gebied (recreatiecomplex) - toekomstige uitbreiding woonlocaties - schoolvoorziening - bereikbaarheid en ontsluitingen - parkeerproblematiek - aanleg nieuwe loswal - aanpassing infrastructuur rond het Binnenpad en rond het Van der Gootplantsoen - openbare verlichting Uitgangspunt is een integrale aanpak met een gefaseerde uitvoering. De opzet van deze integrale aanpak wordt in de loop van 2017/2018 voorzien alsmede de daadwerkelijke uitvoering van een aantal concrete zaken, waaronder de aanleg van een nieuwe loswal, alsmede (infrastructurele) voorzieningen rondom het Binnenpad. Al gedurende een aantal jaren is er sprake van ernstige overlast voor omwonenden door intensief gebruik van de loswal aan de Kerkweg. Mede naar aanleiding van een uitspraak van de Raad van State wordt gezocht naar een alternatieve locatie om de loswal te verplaatsen. Aanwezigheid van een loswal is cruciaal voor bewoners en bedrijven omdat hun woningen en bedrijven niet over de weg bereikbaar zijn. 27.

Afbouw prestatiecontract. In de raadsvergadering van 11 april 2017 is besloten het prestatiecontract te beperken tot de investeringen in gesloten huishoudingen, de grondexploitaties en de subsidiabele projecten voor zover de toegerekende uren van deze projecten subsidiabel zijn. De afbouw van het prestatiecontract betekent een financiële mutatie van € 1 miljoen structureel. Deze afbouw zal voor de helft in 2017 worden gerealiseerd; deze € 0,5 miljoen is als financiële mutatie verwerkt. In het bestedingsplan zoals dat nu voorligt, is de afbouw met ingang van 2020 gerealiseerd. 2017 2018 2019 2020 2021 Financiële mutaties 500.000 500.000 500.000 500.000 500.000 Bestedingsplan - - 250.000 500.000 500.000 Totaal afbouw 500.000 500.000 750.000 1.000.000 1.000.000 28. Informatiebeveiliging. Informatiebeveiliging is niet nieuw maar wel heel actueel, wanneer het nu gaat over aanvallen door hackers of het lekken van data als gevolg van onhandig menselijk handelen. Beveiligingsmaatregelen vallen grotendeels uiteen in 3 onderdelen; techniek, fysiek en de mens, waarbij de mens een belangrijke schakel is binnen informatiebeveiliging. Dat menselijk handelen een hoog risico geeft blijkt o.a. uit de rapportage over de phishingmail - actie in december 2016. Voor 2017 is er incidenteel budget beschikbaar dat wordt besteed aan de interne bewustwording over informatiebeveiliging.

In 2017 wordt het informatiebeveiligingsplan uitgewerkt zodat aan de hand daarvan in beeld is wat financieel benodigd is voor de jaren 2019 en verder. Middelen die reeds in 2018 benodigd zijn zullen uit de bestaande budgetten voor bedrijfsvoering (ICT) moeten worden gevonden. 34 29. Algemene verordening gegevensbescherming. Op grond van de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG) ligt er de verplichting om met ingang van 25 mei 2018 volledig te voldoen aan deze nieuwe wetgeving. Deze nieuwe wetgeving zorgt ervoor dat de gegevensbescherming en privacy in alle gemeentelijke processen moeten worden aangescherpt. Op basis van de AVG ligt er de verplichting tot aanstelling van een functionaris gegevensbescherming (FG) die toeziet, adviseert en stuurt op ‘alles’ wat te maken heeft met bescherming van persoonsgegevens. Vooruitlopend op de inwerkingtreding van de AVG zal uiterlijk medio mei 2017 worden gestart met de werving van de FG. Om in mei 2018 volledig te kunnen voldoen aan deze nieuwe wetgeving, zullen, naast het tijdig aanstellen van een FG, de overige uit de AVG voortvloeiende werkzaamheden per ingangsdatum moeten zijn uitgevoerd.

Tot deze werkzaamheden behoren in ieder geval:  volledige inventarisatie van alle gegevensverwerkingen;  onderzoek naar technologische en beveiligingsaspecten  opstellen van privacy ,normen, -beleid, -regelingen, of - gedragscodes toezicht op de naleving van de AVG. 30. Tijdelijk extra formatie Technisch beheer en Service desk. De organisatie is volop in beweging en al die beweging vertaald zich meestal in ICT aanpassingen en uitbreidingen op het gebied van divices (o.a. mobiele telefoons, tablets en laptops), applicaties en koppelingen. Hierdoor wordt er ook steeds meer verwacht van de onder liggende systemen en infrastructuur. Het managen van het gehele IT werkveld wordt daarom complexer en vereist een steeds hoger kennis niveau. Systeembeheer. Juist in de komende 2 jaar wordt een piek verwacht in de toename van werk op het gebied van ICT systeembeheer om de volgende redenen: - Hoog aantal ICT projecten. In de afgelopen jaren was de functie van Informatiemanager vacant waardoor er minder ICT projecten opgestart en afgerond zijn. In 2018 en 2019 wordt er een inhaalslag gemaakt op het gebied van de Informatisering, waarbij een hoog aantal projecten met grote IT impact gepland staan. Dit zorgt voor extra taken en verantwoordelijkheden voor systeembeheer. - Agenda 2020 en GDI.

In de komende jaren worden de voorbereidingen getroffen voor ‘Agenda 202 0’, een landelijk verplicht programma. Een belangrijk onderdeel hiervan is de Generieke Digitale Infrastructuur ( GDI). De GDI moet zorgdragen voor een digitaal werkende overheid en de digitale dienstverlening in het publieke domein intensiveren. Als gemee nte krijgen wij de plicht om onze applicaties en systemen hierop aan te passen en aan te sluiten. Het realiseren van koppelingen en aanpassen van systemen, is erg arbeidsintensief voor Systeembeheer, niet alleen bij de aansluiting maar ook bij het in stand houden van de aansluitingen. - Beveiliging. Het aantal aanvallen op de gemeentelijke systemen neemt sterk toe. In 2008 waren er ongeveer 5 per jaar, in 2016 bijna 2 miljoen per jaar, dat is 400.000 keer zo veel. Een goede beveiliging is niet alleen een zaak van de nieuwste software of systemen, maar vooral van het proactief handelen van de systeembeheerder. Zeer belangrijk is het bij blijven met updates, continu monitoren, testen en het alert reageren op aanvallen. Daarnaast kost het de systeembeheerders 35 ieder jaar steeds meer tijd om aan alle eisen te voldoen van de wetten (inclusief audits) op het gebied van beveiliging. Ook op het gebied van de Service Desk wordt de komende 2 jaar een sterke toename verwacht in de hoeveelheid werk om de volgende redenen: - Toename apparaten.

De medewerkers hebben behoefte aan meer ICT middelen en daarnaast neemt het aantal personen dat deze middelen gebruikt toe. De toename van het aantal apparaten (diveces in het engels) zoals mobiele telefoons, tablets en laptops zorgt voor extra werkdruk. - Toename werkplekken In de afgelopen jaren is het aantal werkplekken met 15% toegenomen door o.a. de uitbreiding van de IGSD en de ‘inhousing’ van de CJG. Aangezien deze nieuwe werkplekken ook vaak andere mogelijkheden hebben (o.a. mobiele werkplekken) is de belasting toegenomen. Het aantal meldingen/activiteiten lag in 2008 op 6000 per jaar. Inmiddels ligt het aantal op meer dan 18.000 calls per jaar; een verdrievoudiging. De formatie is in de jaren niet meegegroeid en dat gaat nu knellen. De conclusie is dan ook om een optimale ICT-beschikbaarheid te realiseren, het noodzakelijk is om de komende 2 jaar de capaciteit binnen het team ICT te verhogen. Het gaat hierbij om 1 fte voor Technisch beheer (€ 65.000 schaal 9) en 0,5 fte voor Service Desk (€ 27.000 schaal 7). 36 6.2. Budgetafwijkingen Naast de voorstellen voor nieuwe bestedingen, zijn er ook lopende budgetafwijkingen. In deze paragraaf treft u deze afwijkingen voor het jaar 2017 aan, inclusief de doorwerking naar latere jaren. De toelichting op deze afwijkingen vindt u na de presentatie van de totaaltabel.

Programma I/S 2017 2018 2019 2020 2021 Steenwijkerlanders voelen zich welkom Dotatie overdracht pensioen bestuurders S 45.000 45.000 45.000 45.000 45.000 Betaalde pensioenen (voor 1-1-2015) S -45.278 -45.278 -45.278 -45.278 -45.278 Ondersteuning griffie I 9.000 Digitaal zaakgericht werken I -500.000 Digitaal zaakgericht werken (lagere onttrekking aan de Algemene reserve vrij besteedbaar) I 500.000 Basisregistratie Grootschalige Topografie S 10.000 10.000 10.000 10.000 10.000 Totaal Steenwijkerlanders voelen zich welkom 18.722 9.722 9.722 9.722 9.722 Steenwijkerlanders voelen zich thuis Invoering Omgevingswet I 115.000 Omgevingsplan buitengebied I 135.000 Eenmalige frictiekosten verhuur gemeentewerf Vollenhove I 50.000 Verhuur gemeentewerf Vollenhove per 1-5-2017 S -13.467 -20.200 -20.200 -20.200 -20.200 Bezuiniging energie en schoonmaakkosten gemeentewerf per 1 mei 2017 S -6.520 -9.780 -9.780 -9.780 -9.780 Onkruidbeheersing op de begraafplaatsen S 40.000 40.000 40.000 40.000 40.000 Energie openbare verlichting S pm pm pm pm pm Waterhuishouding De Hare (Oldemarkt) S 4.667 4.617 4.567 4.517 4.467 Onttrekking aan de voorziening Riolering (kapitaallasten) S -4.667 -4.617 -4.567 -4.517 -4.467 Gladheidbestrijding S 25.000 25.000 25.000 25.000 25.000 Investeringen tractie S - - - - - Aanstellen medewerker Openbare Orde en Veiligheid S 24.000 24.000 24.000 24.000 24.000 Aanstellen

medewerker Openbare Orde en Veiligheid (dekking via budget voor rampenbestrijding) S -24.000 -24.000 -24.000 -24.000 -24.000 Veiligheidsregio IJsselland I -52.500 Herinrichting Kerkplein (Vollenhove) S 2.333 2.308 2.283 2.258 2.233 Onttrekking aan de voorziening Riolering (kapitaallasten) S -2.333 -2.308 -2.283 -2.258 -2.233 Totaal Steenwijkerlanders voelen zich thuis 292.513 35.020 35.020 35.020 35.020 Steenwijkerlanders doen het samen Huishoudelijke verzorging S -600.000 -200.000 -200.000 -200.000 -200.000 Jeugdzorg S 400.000 550.000 550.000 550.000 550.000 Hulpmiddelen rollen en vervoer S -225.000 -225.000 -225.000 -225.000 -225.000 37 Beschermd wonen en Veilig thuis S -150.000 -150.000 -150.000 -150.000 -150.000 Bijdrage GGD S 37.000 47.000 47.000 47.000 47.000 Verhoging taalniveau naar 3F I 88.200 Nederlands als tweede taal S 20.000 39.000 39.000 39.000 39.000 BUIG budget Participatiewet S -1.455.038 -1.455.038 -1.455.038 -1.455.038 -1.455.038 Rijksbijdrage BBZ S 41.000 41.000 41.000 41.000 41.000 Schuldhulpverlening S 125.000 Prijsindexering zwembaden Vollenhove en De Waterwijck S 8.012 7.412 7.412 7.412 7.412 Maatschappelijk begeleiding vergunninghouders I 59.250 COA; bijdrage voor maatschappelijke begeleiding vergunninghouders I -59.250 Totaal Steenwijkerlanders doen het samen -1.710.826 -1.345.626 -1.345.626 -1.345.626 -1.345.626 Steenwijkerlanders zijn actief Loswal

Giethoorn I 100.000 - - - - - - - - - Totaal Steenwijkerlanders zijn actief 100.000 - - - - Financien en bedrijfsvoering Besluit Begroten en Verantwoorden (BBV) maatschappelijk nut S -70.953 -71.700 -71.700 -71.700 -71.700 Besluit Begroten en Verantwoorden (BBV) maatschappelijk nut (Steenwijk-west) I 110.750 - - - - Onttrekking aan de Algemene reserve vrij besteedbaar I -110.750 - - - - Dividend Vitens NV S -53.603 13.751 13.751 13.751 13.751 Dividend Enexis NV S 21.388 21.388 21.388 21.388 21.388 Dividend BNG S -80.399 -80.399 -80.399 -80.399 -80.399 Algemene uitkering september circulaire 2016 S -353.929 -1.026.109 -1.487.738 -1.629.455 -1.629.455 Algemene uitkering december circulaire 2016 S -201.128 -201.306 -201.442 -201.719 -201.719 Algemene uitkering december circulaire 2016 I -7.877 -8.042 - - - Taakmutaties december circulaire 2016: Armoedebestrijding kinderen S 196.559 196.559 196.559 196.559 196.559 Armoedebestrijding ouderen I 7.877 8.042 - - - Aansprakelijkheidsverzekering S 34.855 34.855 34.855 34.855 34.855 Verzekeringslasten zakelijke Mobiliteitspolis I 22.363 - - - - Afbouw Prestatiecontract S 500.000 500.000 500.000 500.000 500.000 Ontvangen agio drietal vennootschappen I -7.807 - - - - Dividend ROVA Holding N.V.

I -160.204 - - - - Totaal Financiën en bedrijfsvoering -152.858 -612.961 -1.074.726 -1.216.720 -1.216.720 Algeheel totaal: -1.452.449 -1.913.845 -2.375.610 -2.517.604 -2.517.604 38 Omschrijving Structureel S -1.751.501 -1.913.845 -2.375.610 -2.517.604 -2.517.604 Incidenteel I 299.052 - - - - Algeheel totaal: -1.452.449 -1.913.845 -2.375.610 -2.517.604 -2.517.604 -= voordeel Toelichting. STEENWIJKERLANDERS VOELEN ZICH WELKOM Financiële mutatie nr. : Dotatie overdracht pensioen bestuurders Wat is de aard en de omvang van de afwijking? Bij een verzoek om overdracht van opgebouwd pensioen door bestuurders naar een pensioeninstellingen dient een afkoopsom te worden betaald welke afhankelijk is van levensverwachtingen en rentestanden. Wat zijn de oorzaken? Door de lage rentestand en de meeste recente overlevingstabel dient er een hoger bedrag gedoteerd worden in de voorziening. Wat zijn de gevolgen voor de realisatie van de (sub)doelstellingen? Geen Wat zijn de gevolgen voor de beschikbare middelen (personeel, financiën en faciliteiten)? Structureel nadelig effect van € 45.000 Welke maatregelen stellen we voor? Bijstelling in de meerjarenbegroting Welke externe ontwikkelingen doen zich nog voor? Daling / stijging van het rentetarief en de ontwikkelingen in onze levensverwachtingen. Financiële mutatie nr.

: Betaalde pensioenen ( voor 1-1-2015) Wat is de aard en de omvang van de afwijking? Lagere pensioenbetalingen ( aangevangen voor 1-1-2015 ) aan gewezen bestuurders als gevolg van overlijden. Wat zijn de oorzaken? Het overlijden van voormalige bestuurders. Wat zijn de gevolgen voor de realisatie van de (sub)doelstellingen? Geen Wat zijn de gevolgen voor de beschikbare middelen (personeel, financiën en faciliteiten)? Structurele bijstelling van het budget met € 45.278 in de meerjarenbegroting Welke maatregelen stellen we voor? Aanpassing van de begroting Welke externe ontwikkelingen doen zich nog voor? - Financiële mutatie nr. : Ondersteuning griffie Wat is de aard en de omvang van de afwijking? Voor een aantal werkzaamheden op de griffie is tijdelijke ondersteuning noodzakelijk. Het betreft tijdelijke inhuur middels een payroll constructie van januari tot 1 juli 2017 voor 16 uur per week. Dit gaat om een budget van 6 maanden a € 1.480 = € 8.880. Wat zijn de oorzaken? Onderbezetting van de griffie a.g.v.

extra taken en burgemeestersvacature Wat zijn de gevolgen voor de realisatie van de (sub)doelstellingen? Niet van toepassing Wat zijn de gevolgen voor de beschikbare middelen (personeel, financiën en faciliteiten)? Voor de tijdelijke ondersteuning is een budget nodig van afgerond € 9.000 Welke maatregelen stellen we voor? De begroting aan te passen en eenmalig € 9.000 te ramen voor tijdelijke ondersteuning bij de griffie. Welke externe ontwikkelingen doen zich nog voor? - 39 Financiële mutatie nr. : Digitaal zaakgericht werken Wat is de aard en de omvang van de afwijking? Er vallen incidentele middelen vrij ten gunste van de Algemene Reserve vrij besteedbaar, terwijl de structurele lasten hoger uitvallen. Wat zijn de oorzaken? Ten behoeve van het project digitaal zaakgerichte dienstverlening is in de Programmabegroting 2015-2018 geld beschikbaar gesteld. Het ging hier om zowel incidentele middelen als ook structurele middelen. Als we kijken naar de iVisie 2017-2020 moeten we constateren dat er incidenteel middelen overblijven, maar dat er structureel onvoldoende budget beschikbaar is. Dit laatste heeft met name te maken met benodigde (zaak) koppelingen met o.a. basisregistraties en de opslag van digitale bestanden.

Wat zijn de gevolgen voor de realisatie van de (sub)doelstellingen? Voor de doelstelling prettig contact is het belangrijk dat inwoners via MijnOverheid.nl inzicht hebben in hun contacten met de gemeente. Wat zijn de gevolgen voor de beschikbare middelen (personeel, financiën en faciliteiten)? Er is incidenteel een overschot van € 500.000 en een structureel tekort van € 56.000. Welke maatregelen stellen we voor? In de PPN 2018-2021 zal naar aanleiding van de iVisie worden voorgesteld het incidentele budget met € 500.000 af te ramen en structureel € 56.000 bij te ramen. Dit voorstel zal nog wel integraal moeten worden afgewogen bij de behandeling van de PPN. Welke externe ontwikkelingen doen zich nog voor? Geen. Financiële mutatie nr. : Basisregistratie Grootschalige Topografie Wat is de aard en de omvang van de afwijking? Er ontstaat een structureel tekort op het budget voor het kadaster van € 10.000 Wat zijn de oorzaken? De bijdragen van het Kadaster, netbeheerders en verkopen aan derden zijn komen te vervallen. Hiervoor in de plaats is in de Algemene Uitkering een bedrag gekomen van ca. € 20.000. Dit bedrag is toegevoegd aan de algemene middelen en niet aan het budget voor het kadaster Wat zijn de gevolgen voor de realisatie van de (sub)doelstellingen? Niet van toepassing.

Wat zijn de gevolgen voor de beschikbare middelen (personeel, financiën en faciliteiten)? Het huidige budget is onvoldoende. Voor personeel, luchtfoto’s, cartering/signalering en landmetingen is € 10.000 extra nodig. Welke maatregelen stellen we voor? De begroting aan te passen met een structureel bedrag van € 10.000. Welke externe ontwikkelingen doen zich nog voor? Geen. STEENWIJKERLANDERS VOELEN ZICH THUIS (Financiële) mutatie : Invoering Omgevingswet Wat is de aard en de omvang van de afwijking? De voorbereiding op de invoering van de Omgevingswet is in 2016 opgepakt en zal de komende jaren blijven spelen. Doordat de Omgevingswet nog volop in ontwikkeling is en er geen blauwdruk te maken is voor de invoering hiervan, ontwikkelt het invoeringstraject zich stap voor stap. In 2016 en begin 2017 is op hoofdlijnen meer duidelijkheid ontstaan over de werkzaamheden die in 2017 uitgevoerd moeten worden. Het gaat om hoofdlijnen, de precieze uitwerking wordt pas duidelijk wanneer de werkzaamheden opgepakt worden en middels een cyclisch proces worden uitgedacht. Door dit cyclische proces kan ook gerichter de afweging gemaakt worden welk budget waar voor nodig is en kunnen keuzes in samenhang gemaakt worden. In 2017 zal gekeken worden naar de participatie van inwoners & ondernemers, aanpassen van werkprocessen, opleiding (o.a. gewenste competenties) voorbereidingen t.a.v.

informatievoorziening, de veranderopgave voor de gemeente en de consequenties van de AMvB’s voor onze lokale wet- en regelgeving. Wat zijn de oorzaken? In 2016 is meer duidelijkheid ontstaan over de inhoud van de Omgevingswet en is in hoofdlijnen duidelijk geworden wat de opgave is voor de gemeente. 40 Wat zijn de gevolgen voor de realisatie van de doelstellingen? De Omgevingswet gaat concrete invulling geven aan diverse doelstellingen die benoemd zijn in o.a. het collegeprogramma. Daarnaast kan met het aanvullende budget de volgende stap gezet worden in de invoering van de Omgevingswet. Wat zijn de gevolgen voor de beschikbare middelen (personeel, financiën en faciliteiten)? De Omgevingswet gaat voor veel aspecten invloed hebben en is een opgave voor een groot gedeelte van onze organisatie. Dat maakt dat het invoeringstraject behoorlijke gevolgen kan hebben voor de beschikbare middelen, temeer het reguliere werk ook doorgang moet vinden. In de raming voor 2017 is rekening gehouden met extra capaciteit om de invoering van de wet op te kunnen pakken en de reguliere werkzaamheden doorgang te laten vinden. Welke maatregelen stellen we voor? Om de invoering van de Omgevingswet in 2017 gedegen aan te kunnen pakken, wordt voorgesteld een budget van € 115.000 beschikbaar te stellen. Welke externe ontwikkelingen doen zich nog voor? De Omgevingswet is nog volop in ontwikkeling.

In 2017 zal hierover meer duidelijkheid ontstaan. Belangrijk onderdeel daarbij is de ontwikkeling van het Digitaal Stelsel Omgevingswet. Het DSO kan verstrekkende gevolgen hebben voor onze informatievoorziening. In een aparte claim zal ingegaan worden hoe hierop geanticipeerd kan worden. (Financiële) mutatie : Omgevingsplan Buitengebied Wat is de aard en de omvang van de afwijking? Voor het buitengebied werken wij – vooruitlopende op de Omgevingswet – aan een omgevingsplan. Dit omgevingsplan is de eerste keer dat een dergelijk plan wordt opgesteld. Met het omgevingsplan willen wij een andere manier van werken vastleggen waarmee wij makkelijker kunnen inspelen op vragen vanuit de samenleving. Dit vraagt ook een andere manier van onderzoeken dan traditioneel wordt gedaan bij bestemmingsplannen. De precieze koers voor het omgevingsplan wordt bepaald tijdens het opstellen van het plan. De hierboven beschreven aspecten maken dat op voorhand niet precies in te schatten is welke kosten gemoeid zijn met het opstellen van een omgevingsplan. Om beter zicht te houden op de kosten, wordt niet in 1x een groot bedrag gevraagd maar wordt dit per fase gedaan. Vorig jaar is een inschatting gemaakt van de te verwachten kosten voor werkzaamheden die op dat moment te overzien waren.

Gedurende het jaar zijn er echter extra werkzaamheden uitgevoerd waardoor een groter beslag is gelegd op het beschikbare budget waardoor voor een aantal nog uit te voeren werkzaamheden onvoldoende budget beschikbaar is. Ook is nu een betere inschatting te maken van de kosten waar wij de komende maanden mee te maken krijgen. Wat zijn de oorzaken? Meerwerk in 2016 (€ 44.000) waardoor het budget voor bepaalde werkzaamheden voor 2017 niet meer toereikend is. Ook is door de gefaseerde aanpak nu een betere inschatting te maken van de precieze werkzaamheden die uitgevoerd moeten worden. Wat zijn de gevolgen voor de realisatie van de doelstellingen? Met het aanvullende budget is het mogelijk om het omgevingsplan Buitengebied met nieuwe sturingsfilosofie in 2017 af te ronden. Ook kunnen werkzaamheden rondom het bestemmingsplan voor de recreatiewoningenterreinen en het bestemmingsplan Giethoorn worden opgepakt respectievelijk afgerond. Wat zijn de gevolgen voor de beschikbare middelen (personeel, financiën en faciliteiten)? Om de benodigde werkzaamheden voor het omgevingsplan en de genoemde bestemmingsplannen te kunnen uitvoeren, zijn aanvullende financiële middelen nodig. Welke maatregelen stellen we voor? Om het opstellen en vaststellen van het omgevingsplan mogelijk te maken, wordt voorgesteld een aanvullend krediet van € 135.000 beschikbaar te stellen.

Welke externe ontwikkelingen doen zich nog voor? De Omgevingswet is nog volop in ontwikkeling. Op basis van o.a. de definitieve AMvB’s kan een betere inschatting gemaakt worden van aanvullende werkzaamheden die gedaan moeten worden in 2018. Raming hiervoor is opgenomen in het algemene budget voor de Omgevingswet. (Financiële) mutatie : Eenmalige frictiekosten verhuur gemeentewerf Vollenhove Wat is de aard en de omvang van de afwijking? De werf in Vollenhove wordt volledig verhuurd aan de Veiligheidsregio met ingang van 1 mei 2017. Dit heeft financiële gevolgen (B&W besluit 13-12-2016). Wat zijn de oorzaken? Door de verhuur moeten vervangende opslagvoorzieningen op de Deukten en de werf te Steenwijk gecreëerd worden:  Aanschaf houten garage/carport Deukten;  Aanpassingen remise/kapschuur werf Steenwijk. 41 Wat zijn de gevolgen voor de realisatie van de doelstellingen?  Om een houten garage/carport aan te schaffen en aanpassingen remise/kapschuur uit te kunnen voeren is eenmalig een frictiebudget nodig van € 50.000.

Zonder eenmalige verhoging kunnen wij het niet realiseren;  Extra huurinkomsten vanaf 1 mei 2017 € 20.200 op jaarbasis  Bezuinigingen energie-schoonmaakkosten € 9.780 op jaarbasis  Geen energie- en schoonmaakkosten Wat zijn de gevolgen voor de beschikbare middelen (personeel, financiën en faciliteiten)? Het beschikbare onderhoudsbudget voor 2017 is niet voldoende en zal overschreden worden. Welke maatregelen stellen we voor?  Het budget (52100070-diverse werven) eenmalig met € 50.000,-verhogen.  Structurele extra huurinkomsten ramen per 1 mei 2017 € 20.200 op jaarbasis  Structurele bezuiniging inboeken op energie en schoonmaakkosten € 9.780 op jaarbasis. Welke externe ontwikkelingen doen zich nog voor? De Veiligheidsregio wil op de gemeentewerf Vollenhove een vierde servicepunt realiseren. (Financiële) mutatie : Onkruidbeheersing op de begraafplaatsen Wat is de aard en de omvang van de afwijking? € 40.000 Wat zijn de oorzaken? De onkruidbeheersing op de begraafplaatsen is kostbaarder dan in 2016 ingeschat. Wat zijn de gevolgen voor de realisatie van de doelstellingen? Als de onkruidbeheersing niet naar behoren kan worden opgepakt door ontoereikend budget, kan het afgesproken en gewenste onderhoudsniveau (hoog) niet worden gehaald. Zelfs een basiskwaliteit is dan niet te borgen.

Wat zijn de gevolgen voor de beschikbare middelen (personeel, financiën en faciliteiten)? Geen. De betreffende werkzaamheden worden binnen het onderhoudscontract begraafplaatsen met de Noordwest Groep, uitgevoerd. Welke maatregelen stellen we voor? Onkruidbeheersing door de Noordwest Groep en het structureel aanpassen van de begroting. Welke externe ontwikkelingen doen zich nog voor? Geen (Financiële) mutatie : Energie openbare verlichting Wat is de aard en de omvang van de afwijking? Financiële gevolgen zijn bij de najaarsnota bekend. Wat zijn de oorzaken? Hogere netwerkkosten/transportkosten, opslag duurzame energie, en verhoging van de energiebelasting. Wat zijn de gevolgen voor de realisatie van de doelstellingen? n.v.t. Wat zijn de gevolgen voor de beschikbare middelen (personeel, financiën en faciliteiten)? Budget niet toereikend en zal worden overschreden. Welke maatregelen stellen we voor? Tijdens de najaarsnota zijn de financiële gevolgen geïnventariseerd en worden eventuele aanpassingen van het budget voorgesteld. Welke externe ontwikkelingen doen zich nog voor? Jaarlijkse opslag duurzame energie (Wet opslag duurzame energie) en aanpassingen in energiebelasting zijn overheidsheffingen waar geen invloed op uitgeoefend kan worden Jaarlijks wijzigen van de netwerkkosten/transportkosten.

Dit zijn kosten die de netbeheerder rekent voor transport, aansluiting en meetdienst van energie. (Financiële) mutatie : Waterhuishouding De Hare (Oldemarkt) Wat is de aard en de omvang van de afwijking? € 100.000 Wat zijn de oorzaken? In het Watertakenplan 2015-2020 is onderkend dat de waterhuishouding in De Hare onvoldoende is. Op het moment van het opstellen van het Watertakenplan was de aard en omvang van de problemen echter minder ernstig ingeschat dan deze uiteindelijk bleek te zijn. Tijdens een hevige regenbui op 16 juni 2016 is veel wateroverlast gemeld en is zelfs een woning onder water komen te staan. 42 Wat zijn de gevolgen voor de realisatie van de doelstellingen? De woonwijk De Hare is ooit ontwikkeld als vakantiepark. De ontwikkelaar heeft zo veel mogelijk grond verkocht, waardoor weinig openbaar grond overbleef. De ontwikkelaar is failliet gegaan, waardoor het beoogde watersysteem nooit is gerealiseerd. De toenmalige gemeente IJsselham heeft ook al snel permanente bewoning toegestaan. In de loop van de tijd heeft de gemeente toegestaan dat de originele kleine vakantiewoningen allemaal zijn vervangen door grotere woningen. Hierdoor veel verhard oppervlak (en dus water) en een minimaal watersysteem.

Wat zijn de gevolgen voor de beschikbare middelen (personeel, financiën en faciliteiten)? Probleem: Greppels kunnen vanwege de beperkte ruimte niet worden verdiept; duikers moeten hoog gelegd worden; weinig gronddekking; duikers met hoge toegestane asdruk nodig = staal = duurder. Welke maatregelen stellen we voor? Verder heel veel maatwerk = duurder. De extra kapitaalasten worden in 2017 gedekt uit de voorziening riolering kapitaallasten en vanaf 2018 worden de kosten verwerkt binnen de begroting van riolering. Welke externe ontwikkelingen doen zich nog voor? Herhaling van de problemen van 16 juni zijn onwenselijk. Het creëren van een robuust watersysteem is noodzakelijk en mogelijk. Door extra te investeren wordt het beoogde robuuste systeem gerealiseerd. (Financiële) mutatie : Gladheidbestrijding Wat is de aard en de omvang van de afwijking? Er ontstaat een tekort op het budget voor gladheid van € 45.000 Wat zijn de oorzaken?  Hoge koste inhuur materiaal;  Bezuinigingen zijn achteraf gezien niet realistisch gebleken;  Structurele kosten meetpunt gladheid meldsysteem en contract weerbureau.  Extra inhuur Wat zijn de gevolgen voor de realisatie van de doelstellingen? Extra budget nodig. Wat zijn de gevolgen voor de beschikbare middelen (personeel, financiën en faciliteiten)? De beschikbare middelen zijn nu niet toereikend.

Het gevolg is dat het beschikbare budget met circa € 45.000 overschreden zal worden. Van dit bedrag wordt € 20.000 veroorzaakt door extra inhuur van derden. Dit bedrag zal binnen het bedrijfsvoering budget van Openbare Werken worden gedekt. Welke maatregelen stellen we voor? Budget structureel verhogen met € 45.000, waarvan € 20.000 wordt gedekt uit het bedrijfsvoering budget van Openbare Werken. Welke externe ontwikkelingen doen zich nog voor? Geen. (Financiële) mutatie : Investeringen tractie Wat is de aard en de omvang van de afwijking? €30.000 hogere lasten door BPM vrachtwagen, € 30.000 naar voren halen investering in trekker en € 20.000 aanschaf auto’s coördinatoren. Wat zijn de oorzaken? Ten aanzien van de vrachtwagen is in de begroting is geen rekening gehouden met BPM voor de voertuigen (€ 30.000). Ten aanzien van de trekker is de technische staat van de huidige trekker zo slecht dat het noodzakelijk is dat deze investering van uit 2018 in 2017 wordt aangeschaft. Ten aanzien van de 2 auto’s van coördinatoren geldt dat deze 2e hands zijn overgenomen en nu technisch ten einde zijn. Wat zijn de gevolgen voor de realisatie van de doelstellingen? Niet van toepassing Wat zijn de gevolgen voor de beschikbare middelen (personeel, financiën en faciliteiten)? Voor wat betreft de vrachtwagen en de auto’s geldt dat dit leidt tot structureel hogere lasten.

Voor wat betreft het naar voren halen van de investering in de trekker geldt dat dit eenmalig leidt tot hogere lasten. Welke maatregelen stellen we voor? De extra kosten in 2017 te dekken uit het tractiebudget. De meerkosten vanaf 2018 mee te nemen bij het opstellen van de vervangingsinvesteringen. Welke externe ontwikkelingen doen zich nog voor? BPM is een indirecte belasting die voor iedere in Nederland geregistreerde personenauto en bestelauto en voor ieder in Nederland geregistreerd motorrijwiel moet worden betaald Financiële mutatie nr.: Aanstellen medewerker Openbare Orde en Veiligheid Wat is de aard en de omvang van de afwijking? De kosten voor een uitbreiding van de formatie op het taakveld openbare orden en veiligheid bedraagt € 24.000. 43 Wat zijn de oorzaken? De ontwikkelingen in de samenleving, de ontwikkelingen in de calamiteiten- en crisisbeheersing en de toenemende betrokkenheid van de gemeentelijke overheid heeft er toe geleid dat er extra inzet noodzakelijk is om het taakveld van openbare orde en veiligheid volwaardig te kunnen invullen. Wat zijn de gevolgen voor de realisatie van de (sub)doelstellingen? Niet van toepassing Wat zijn de gevolgen voor de beschikbare middelen (personeel, financiën en faciliteiten)? Het budget voor rampenbestrijding wordt jaarlijks deels aangesproken.

De meerkosten voor de medewerker kunnen ten laste van dit budget worden gebracht. Welke maatregelen stellen we voor? De kosten voor de medewerker te dekken uit het budget voor rampenbestrijding. Welke externe ontwikkelingen doen zich nog voor? Niet van toepassing Financiële mutatie nr. : Veiligheidsregio IJsselland Wat is de aard en de omvang van de afwijking? De Veiligheidsregio IJsselland heeft de jaarrekening 2016 vastgesteld. Deze jaarrekening sluit met een positief saldo van ruim € 2 miljoen. Een gedeelte van dit overschot wordt terugbetaald aan de elf deelnemende gemeenten van de gemeenschappelijke regeling. Wij ontvangen hierdoor een bedrag van € 52.500. Wat zijn de oorzaken? Het positieve resultaat in de jaarrekening 2016 van de regio is voornamelijk ontstaan door het uitstellen van diverse (vervangings)investeringen. Wat zijn de gevolgen voor de realisatie van de (sub)doelstellingen? Geen. Wat zijn de gevolgen voor de beschikbare middelen (personeel, financiën en faciliteiten)? Er wordt een niet begroot bedrag van € 52.500 terugontvangen van de Veiligheidsregio IJsselland. Welke maatregelen stellen we voor? Voorgesteld wordt om het te ontvangen bedrag van € 52.500 op te nemen in de begroting 2017.

Welke externe ontwikkelingen doen zich nog voor? Bij de vaststelling van de begroting 2017 van de Veiligheidsregio is rekening gehouden met een structurele bezuiniging van € 1 miljoen. Hierdoor is het niet waarschijnlijk dat er vanaf dit jaar nog grote bedragen terugbetaald worden aan de gemeenten. Steenwijkerlanders doen het samen Financiële mutatie nr. : Huishoudelijke verzorging Wat is de aard en de omvang van de afwijking? Een onderuitputting op het budget huishoudelijke verzorging van € 600.000. Wat zijn de oorzaken? Bij de overzetting van de huishoudelijke hulp van algemene naar maatwerk- voorziening is een zo zorgvuldig mogelijke inschatting gemaakt van het toekomstige gebruik Zorg in Natura (ZIN) en PGB. In de eerste maanden van 2017 is gebleken dat het aantal geïndiceerde uren lager ligt dan is meegenomen bij de budgetberekening. Het inschatten van de uren was lastig. Ten eerste omdat in 2015 sprake was van huishoudelijke verzorging als algemene voorziening en niet als maatwerkwerkvoorziening en ten tweede omdat de uitvoering werd verzorgd door de IGSD en hierdoor minder informatie over uren en aantallen beschikbaar was. Wat zijn de gevolgen voor de realisatie van de (sub)doelstellingen? Geen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://steenwijkerland.bestuurlijkeinformatie.nl/Document/LoadAgendaItemDocument/3f6a2801-80d2-4c26-880c-431bfcc5b830?agendaItemId=579c6283-85d9-4441-99b8-0f811deb4a95