CConstaterende datSteenwijkerland
Koppel je AI →
Document · PDF

Nieuw: Gemeente Steenwijkerland - Jaarrekening 2023 gewaarmerkt

Politieke Markt 18 juni 2024, gemeente SteenwijkerlandBij agendapunt: Jaarstukken24.672 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

34 2.6 Leefbare steden en kernen De lasten en baten van het programma Leefbare steden en kernen 11: De belangrijkste verschillen tussen de realisatie en de raming na wijziging zijn: Beheer overige gebouwen en gronden Binnen het taakveld beheer overige gebouwen en gronden is sprake van een € 2.942.000. In eerste instantie is een bedrag van € 2,1 mln. in de voorziening gestort. Dit op basis van een onderhoudsprogramma, waarbij op basis van actueel prijspeil een berekening is gemaakt van de noodzakelijke budgetten voor de komende 10 jaar. Hierbij maken we gebruik van een digitaal programma die door externe inspecties wordt geactualiseerd voor zowel regulier als groot onderhoud. Deze ontwikkeling is erop gericht om de voorspellingen in de toekomst verder te verbeteren. Uit deze berekening / prognose is eind 2023 onvoldoende zekerheid af te leiden over het onderdeel groot onderhoud, het onderdeel van de voorziening. Dit heeft tot gevolg dat eind 2023 de volledige omvang ter grootte van € 4,9 mln. vrij valt ten gunste van het resultaat om te kunnen voldoen aan de BBV voorschriften. 11 De actuele begroting is ten opzichte van de primitieve begroting in alle programma’s hoger op zowel de baten en lasten als de mutaties in de reserves.

Dit wordt veroorzaakt door nieuwe besluiten van de raad, maar met name door de restantkredieten zoals in de jaarrekening 2022 in bijlage 7 zijn opgenomen.

35 Voorgesteld wordt om de voorziening maatschappelijk vastgoed via resultaatbestemming te storten in een bestemmingsreserve maatschappelijk vastgoed en in 2024 de omvang van de voorziening opnieuw te bepalen op basis van het geactualiseerde beeld van het onderhoudsprogramma. Voor de rekening heeft bovenstaande een voordelig financieel effect voor de rekening van ruim € 2,8 mln. Het voordelige onderdeel van € 124.000 is met name het niet uitgevoerd onderhoud van € 86.000 en lagere energielasten van € 50.000. Daarnaast zijn er nog wat overige verschillen van nadelig € 12.000, onder meer op verzekeringen en huur. Hierdoor komt het totale voordeel voor de rekening op ruim € 2,9 mln. Verkeer en vervoer Op het taakveld verkeer en vervoer zit een nadeel van € 98.000. Het onderdeel wegen, straten en pleinen sluit met een voordeel van € 66.000. Belangrijkste verschillen zitten in de kapitaallasten doordat een aantal investeringen niet of deels is uitgevoerd en een overschot op het budget voor toegankelijkheid openbare ruimte. Daarvoor zijn weinig specifieke aanvragen ontvangen en worden veel aanpassingen meegenomen in het regulier beheer- en onderhoudsplan. Het onderdeel openbare verlichting sluit met een overschot van € 63.000. Op de energielasten zit een voordeel van € 80.000 en op onderhoud een gering nadeel. Op de oeververbindingen zit een nadeel van € 341.000.

Op de kapitaallasten zit een voordeel van € 12.000 en op onderhoud een nadeel van € 353.000. Oorzaak van de overschrijding is dat er meer uitgaven zijn geweest ten opzichte van het jaarplan, het budget voor de brugbediening onvoldoende was, er onvoorziene kosten zijn gemaakt ten gevolge van de storm Poly, er onvoorziene uitgaven zijn geweest in kader van waterdicht maken van de fietstunnel in Vollenhove en voor de inzet van een tijdelijke brug en efficiency onderhoud aan de brug in Kalenberg. Op de verkeersplannen zit een voordeel van € 91.000. Er is subsidie ontvangen voor infrastructurele verkeersmaatregelen die niet is begroot. Op de verkeersmaatregelen zit een voordeel van € 27.000. Dit zit met name in een voordeel op de kapitaallasten. Op de gladheidsbestrijding zit nog een klein nadeel van € 4.000. Openbaar vervoer Door noodzakelijke onderhoud aan het pontje Jonen is er een tekort ontstaan van € 23.000. Onderwijshuisvesting Het belangrijkste verschil van € 189.000 is een voordeel op de kapitaallasten doordat de afschrijvingslasten vanwege het uitstel vanaf 2024 wel uit de begroting zijn gehaald, maar het jaar 2023 niet. Ook zijn er meerdere onderwijsgebouwen buiten gebruik gesteld. Deze afschrijvingslasten zijn nu verwerkt in het programma woningbouw op het taakveld bouwen en wonen.

Sportbeleid en activering Voor sport en bewegen wordt van het Rijk een specifieke uitkering (SPUK) Sport ontvangen. Deze uitkering valt met een bedrag van € 18.000 lager uit. Het budget voor de diverse sportsubsidies is overschreden met een bedrag van € 8.000. Sportaccommodaties Op het onderhoud van de sportvelden is een voordeel ontstaan van € 78.000 doordat onderhoud wat was gepland in het najaar door weersomstandigheden (nattigheid) niet is uitgevoerd.

36 Cultuurpresentatie / productie en participatie Binnen dit taakveld resteert een bedrag van € 58.000, dat als volgt kan worden verklaard: Omdat Scala (voor de kunsten) te Meppel is opgehouden te bestaan is er een subsidiebedrag van € 40.000 niet uitgegeven. Het budget voor de diverse cultuur- en kunstsubsidies is met een bedrag van € 21.000 overschreden. Er zijn geen kunstwerken aangeschaft, dan wel in de openbare ruimte gerealiseerd. Ook resteert er onderhoudsbudget voor de diverse bestaande kunstwerken in de openbare ruimte. Een voordeel samen voor de jaarrekening ter hoogte van € 39.000. Musea Het budget voor de huur van een gedeelte van het gebouw Rams Woerthe, in eigendom van vereniging Hendrick de Keyser, voor het museum van Hildo Krop is overschreden met een bedrag van € 21.000. Dit nadeel is voornamelijk te wijten aan een huurverhoging en aan de te betalen energiekosten. Er zijn budgetten beschikbaar gesteld voor het reinigen en onderhouden van het historisch archief en voor het Kermis- en circusmuseum. Deze budgetten zijn overschreden met een bedrag van € 11.000. Op de overige cultuurbudgetten resteert nog een negatief bedrag van € 9.000. Per saldo op dit taakveld een nadeel ter hoogte van € 41.000.

Cultureel erfgoed Gemeentelijke monumenten Het budget voor gemeentelijke monumenten wordt gebruikt voor subsidies en het betalen van waarde- stellingen en de regioarcheoloog. Bij de uitgaven van het budget zijn we afhankelijk van het aantal aanvragen en aanwijzingen als monument. Dit aantal fluctueert jaarlijks. Er is een bedrag overgebleven van € 38.000. Rijksmonumenten Voor het herstel van de molen aan de Kerkweg in Giethoorn zijn kapitaallasten opgenomen in de begroting. Het herstel is in het jaar 2023 niet afgerond. Dit levert een voordeel op de genoemde kapitaallasten op ter hoogte van € 30.000. Koloniën van Weldadigheid In de begroting is een structureel bedrag van € 26.000 opgenomen voor het Werelderfgoed: Koloniën van Weldadigheid. Het budget is overschreden met een bedrag van € 17.000. Er zijn voornamelijk extra kosten gemaakt voor de toekomstvisie camping De Bosrand / Buitenplaats de Kolonist. Kerkenvisie Voor het opstellen van een Kerkenvisie is in de begroting een bedrag opgenomen van € 75.000, waarvan € 40.000 in het jaar 2023 en € 35.000 in het jaar 2024. In het jaar 2023 resteert er nog een bedrag ter hoogte van € 5.000. Media Er is een batig saldo ontstaan voor een bedrag van € 70.000. Van het Rijk is een Specifieke uitkering (Spuk) ontvangen ter hoogte van € 44.000 voor de realisatie van de Informatiepunten Digitale Overheid.

Deze uitkering is doorbetaald aan de bibliotheek. In onze begroting hadden we een bedrag staan van € 40.000 voor de realisatie van hetzelfde doel. Dit budget is nu niet gebruikt.

37 De subsidie voor de stichting Galerie Steenwijk (€ 27.000) is uitbetaald bij het taakveld Cultuurpresentatie, waardoor er daar een nadeel is ontstaan. Op het taakveld Media ontstaat dan een voordeel ter hoogte van hetzelfde bedrag. Resterend voordeel op overige budgetten € 3.000. Openbaar groen en (openlucht)recreatie Binnen dit taakveld is een voordeel ontstaan van € 2.025.000 bestaande uit € 135.000 regulier en € 1.890.000 vanwege de vrijval van de reserve speeltoestellen. Binnen het algemeen budget voor het openbaar groen zit een voordeel van € 30.000, die voor € 27.000 verklaard wordt door een Rijkssubsidie. Binnen het bermenbudget zit een voordeel van € 40.000 door een voordeel op het bermen- en slotenonderhoud. Door een niet geraamde zwerfafvalvergoeding is een voordeel ontstaan van € 21.000. Doordat niet alle investeringen in speeltoestellen in 2023 zijn gerealiseerd is er een voordeel ontstaan op de kapitaallasten bij speelvoorzieningen van € 48.000. Daarnaast zijn er nog een aantal kleinere nadelen voor een totaalbedrag van € 4.000. In navolging van de voorziening maatschappelijk vastgoed wordt ook voor de voorziening speelvoorzieningen gebruik gemaakt van een digitaal onderhoudsprogramma. Evenals bij maatschappelijk vastgoed is deze gericht op een betere prognose in de toekomst. Uit deze berekening / prognose is eind 2023 is onvoldoende zekerheid af te leiden.

Dit heeft tot gevolg dat eind 2023 de volledige omvang ter grootte van bijna € 1,9 mln. vrij valt ten gunste van het resultaat om te kunnen voldoen aan de BBV voorschriften. Voorgesteld wordt om dit saldo via resultaatbestemming te storten in een bestemmingsreserve speelvoorzieningen en in 2024 de omvang van de voorziening opnieuw te bepalen op basis van het geactualiseerde beeld van het onderhoudsprogramma. Voor de rekening heeft bovenstaande een voordelig financieel effect voor de rekening van bijna € 1,9 mln. Samenkracht en burgerparticipatie Binnen dit taakveld is een voordeel ontstaan van € 30.000. Binnen de kosten voor multifunctionele accommodaties is een voordeel ontstaan van € 33.000. Belangrijkste voordeel zit hem op de kosten voor energielasten. Binnen de kosten voor dorpshuizen zit een voordeel van € 10.000. Bij de uitgaven voor kernenbeleid zit een nadeel van € 13.000. Riolen en rioolgemalen Het resultaat bestaat uit een resultaat op het gebied van riolering en een resultaat op het gebied van water. Het resultaat op riolering bedraagt € 600.000 positief. Baten: Aan belastinginkomsten is € 3.000 meer binnengekomen dan begroot. Daarnaast zit er een voordeel op de kosten voor betaal- en inningenverkeer. Dit heeft per saldo een gunstig effect van € 3.000. Per saldo een voordeel op de baten van € 6.000.

Lasten: Het budget riolering algemeen sluit met een overschot van € 224.000. Dit bestaat enerzijds uit een voordeel van € 174.000 in verband met het samenwerkingsverband Fluvius. We hebben kosten kunnen declareren over 2022 en 2023 voor het voorzitterschap en gezamenlijke werkzaamheden. De mogelijkheid bestaat nog dat werkzaamheden die zijn blijven liggen alsnog in 2024 zullen moeten worden opgepakt. Dat zal zich dan weer verrekenen via de voorziening. Daarnaast zat er een voordeel op de kosten voor inhuur van € 10.000. Het overige voordeel van € 40.000 zit op uitbestede werkzaamheden, telefoonkosten en overige uitgaven.

38 De budgetten voor elektra sluiten met een voordeel van € 256.000. Het extra budget wat tussentijds is aangevraagd blijkt achteraf te hoog te zijn geweest. De budgetten voor onderzoek sluiten met een voordeel van € 54.000. Dit voordeel zit met name in de kosten voor reinigen en inspectie. De kosten voor kwijtscheldingen vallen € 20.000 lager uit dan begroot. De budgetten voor strategische planvorming sluiten met een voordeel van € 31.000. Dit voordeel zit hem met name op de kosten voor verbrede rioolplannen. De budgetten voor onderhoud sluiten met een nadeel van € 72.000, omdat er onverwachte tegenvallers zijn geweest. De kapitaallasten vallen € 82.000 lager uit dan begroot, doordat niet alle projecten in 2023 zijn gerealiseerd. Het resultaat op water sluit met een nadeel van € 393.000. Op het onderhoudsbudget voor beschoeiingen zit een nadeel van € 32.000. Op het budget voor baggeren zit een nadeel van € 180.000. Dit komt doordat ervoor gekozen is een werk zoveel mogelijk aaneengesloten af te ronden. Dat betekende dat een groot deel van de kosten al in 2023 is gemaakt. Op de kosten voor het maaien van stedelijk water zit een nadeel van € 73.000. Dit wordt veroorzaakt door extra maaien voor exotenbestrijding in Blokzijl. Op het budget voor verwerking schouw/ slootafval zit een nadeel van € 108.000. Het nadeel komt door het natte weer.

Daardoor wordt het slootafval veel zwaarder en er moet worden betaald per gewicht. In zijn totaliteit ontstaat er een nadeel voor de voorziening van € 207.000. Er was een onttrekking begroot van € 638.000. Met het voordeel van € 207.000 is nu per saldo over 2023 nog een onttrekking nodig ter hoogte van € 431.000.

39 Het resultaat 2023 riolering en rioolrechten: Voor een volledig beeld geven wij de ontwikkelingen van de Voorzieningen weer: In bovenstaande tabel zijn zowel de begrote onttrekkingen en dotaties 12 opgenomen alsmede het resultaat 2023. Hierdoor wordt bewerkstelligd dat de “door derden verkregen middelen” benut kunnen worden voor het opvangen van nadelen en het dempen van het tarief met als gevolg dat de verkregen financiële voordelen weer “terugvloeien” naar de burger. Begraafplaatsen Op het taakveld begraafplaatsen zit een nadeel van € 38.000 door lagere leges inkomsten. Waarvan incidenteel gerealiseerd 12 Conform primitieve begroting en bijstellingen in perspectiefnota en najaarsnota 2023.

40 De richtlijnen schrijven voor dat in de rekening de incidentele baten en lasten moeten worden toegelicht. Deze hebben betrekking op voorzienbare en onverwachte gebeurtenissen en besluiten. In dit programma hebben deze op hoofdlijnen betrekking op: o Investeringen met een dekking uit reserves die, op grond van de regelgeving, via de exploitatie worden verantwoord (o.a. eenmalige kosten IHP, opwaarderen openbare ruimte, verkeers- veiligheid Tukseweg, regionale verstedelijkingsstrategie, Vitaliteitsfonds, Herinrichting markt Oldemarkt, inwonersinitiatieven, sport en bewegen etc.) tot een bedrag van per saldo € 883.000. o Een storting in de voorziening maatschappelijk vastgoed van € 2.115.000. o De vrijval van de voorziening maatschappelijk vastgoed en speelvoorzieningen van € 6.823.000. o Een storting in de reserve Kernenbeleid en sport en bewegen van € 39.000 en € 150.000.

41 2.7 Financiën en dienstverlening De lasten en baten van het programma Financiën en dienstverlening 13: De belangrijkste verschillen tussen de realisatie en de raming na wijziging zijn: Bestuur Dit taakveld bestaat uit de onderdelen raad en commissies, burgemeester en wethouders, representatie, bestuurlijke samenwerking, bestuursondersteuning raad (griffie) en rekenkamer. Het financiële voordeel in de rekening omvat € 348.000 en bestaat uit 5 onderdelen: 1. Pensioenoverdracht bestuurders In december 2023 zijn wij geïnformeerd over de omvang van de voorziening pensioenoverdracht. Voor de berekeningen van de omvang van de voorziening wordt gebruikgemaakt van de meest recente overlevingstabel (GBM / GBV 2016-2021 met leeftijdsterugstelling) van het Actuarieel Genootschap en de actuele renteontwikkelingen. De (in december gepubliceerde) rekenrente is evenals bij andere pensioen- instellingen gestegen naar 3,16% (2022: 2,472%). 13 De actuele begroting is ten opzichte van de primitieve begroting in alle programma’s hoger op zowel de baten en lasten als de mutaties in de reserves. Dit wordt veroorzaakt door nieuwe besluiten van de raad, maar met name door de restantkredieten zoals in de jaarrekening 2022 in bijlage 7 zijn opgenomen en omdat het rekeningresultaat 2022 via dit programma is verwerkt.

42 Op grond van de APPA-regeling hebben bestuurders de mogelijkheid om pensioenverplichtingen over te brengen naar een ander pensioenfonds. Doen ze dit niet dan betaalt de gemeente het pensioen. Als wel wordt overgestapt naar een ander pensioenfonds, dan is een afkoopsom verschuldigd. Deze afkoopsom wordt berekend op bovenvermelde rekenmethode. Omdat de rekenrente ten opzichte van 2022 verder is gestegen is er voor de pensioenverplichtingen op termijn een lagere voorziening nodig. Dit financiële voordeel van € 255.000 komt ten gunste van de jaarrekening 2023. 2. Voorziening wachtgeld voormalige bestuurders Door een loonstijging is er een extra storting in de voorziening van € 8.000 benodigd. 3. Betaling pensioenen voormalige bestuurders Voor pensioenbetalingen ontstaan na 1 januari 2015 geldt hetzelfde regime als bij pensioenoverdracht. In 2015 zijn hiervoor de BBV 14 voorschriften aangepast. Ook hierbij wordt gebruikgemaakt van een extern opgemaakte berekening die is gebaseerd op de meest recente overlevingstabel van het Actuarieel Genootschap en de stand van bovenvermelde rekenrente. Evenals bij de pensioenoverdracht zorgt de rekenrente voor een eenmalig financieel voordeel van € 10.000. 4. Loonkosten / Fractievergoedingen De rekening laat een voordelig saldo zien van € 51.000.

De fractievergoedingen, de loonkosten van gepensioneerde bestuurders en de griffie zijn respectievelijk € 16.000, € 21.000 en € 14.000 lager dan begroot. 5. Rekenkamer / Accountantskosten / Reiskosten /Overig Het financiële voordeel bedraagt € 40.000. Dit bestaat uit € 7.000 rekenkamerfunctie, € 6.000 accountants- kosten, € 14.000 reiskosten en € 13.000 overige kleine voordelen waaronder verzekering. Wet Normering Topinkomens (WNT) Per 1 januari 2013 is de Wet normering bezoldiging topfunctionarissen publieke- en semipublieke sector (WNT) ingegaan. Deze verantwoording is opgesteld op basis van de volgende op de gemeente Steenwijkerland van toepassing zijnde regelgeving: het algemene WNT-maximum. Het bezoldigingsmaximum in 2023 voor de gemeente Steenwijkerland is € 223.000 (2022 € 216.000). Het weergegeven individuele WNT-maximum is berekend naar rato van de omvang (en voor topfunctionarissen ook de duur) van het dienstverband, waarbij voor de berekening de omvang van het dienstverband nooit groter kan zijn dan 1 fte.

Bezoldiging topfunctionarissen Onder topfunctionarissen worden verstaan: “Leidinggevende topfunctionarissen met dienstbetrekking en leidinggevende topfunctionarissen zonder dienstbetrekking vanaf de 13e maand van de functievervulling en ook degenen die op grond van hun voormalige functie nog 4 jaar als topfunctionaris worden aangemerkt.” 14 Besluit Begroting en Verantwoording

43 Overige rapportageverplichtingen op grond van de WNT Naast de hierboven vermelde topfunctionarissen zijn er geen overige functionarissen met een dienstbetrekking die in 2023 een bezoldiging boven het individuele WNT-maximum hebben ontvangen . Burgerzaken Het taakveld Burgerzaken heeft per saldo een voordeel van € 96.000. De kosten en de leges van burgerzaken dragen voor € 81.000 bij aan het gunstige financiële beeld voor 2023. De gemaakte kosten vielen met een bedrag van € 46.000 lager uit. De ontvangen leges vielen hoger uit met een bedrag van € 35.000. Voor de diverse verkiezingen in het jaar 2023 is er een budget in de begroting opgenomen van € 259.000. De uiteindelijke uitgaven zijn uitgekomen op € 274.000. Een nadeel dus van € 15.000. De lasten op het onderdeel kadaster zijn € 30.000 lager dan begroot. Dit omdat er minder projecten gereed gemeld zijn, waardoor de verwerkingskosten zijn meegevallen. Treasury Het resultaat op het taakveld treasury bedraagt € 10.000 negatief. Deze bestaat uit een renteresultaat ter hoogte van € 12.000 overeenkomstig onderstaande renteschema. Hier tegenover staan negatieve saldo’s van in totaal € 22.000. Deze bestaan uit een lagere dividenduitkering van € 12.000 en kosten van betalingsverkeer van eveneens € 12.000. De overige budgetten laten een gering voordelig verschil zien van € 2.000.

44 Rente Met ingang van 2017 zijn de BBV voorschriften voor toerekening van rentekosten gewijzigd en is voorgeschreven dat het toe te rekenen rentepercentage wordt afgeleid van alle betaalde en ontvangen rente. Het percentage voor de grondexploitatie wordt vervolgens weer hiervan afgeleid op basis van de verhouding van het eigen en vreemd vermogen van de gemeente. Uitzondering op deze berekening is de toerekening van rente indien er sprake is van projectfinanciering. In de rekening 2023 zijn de rentepercentages, zoals bijgesteld in de Najaarsnota 2023, van respectievelijk 0,55% voor de grondexploitatie en 0,7% voor de algemene dienst gehanteerd. Overhead De overhead bestaat uit een drietal onderdelen te weten externe communicatie, huisvesting en bedrijfsvoering. Het saldo van de post overhead 2023 sluit met een positief saldo van € 591.000 en is als volgt te specificeren:

45 Onroerende zaakbelastingen woningen / niet woningen / overige belastingen Er is sprake van een afwijking op de OZB en overige belastingen van € 109.000 . Op de OZB voor woningen zit een nadeel van € 67.000. Dit wordt veroorzaakt door een nadeel op de inkomsten van € 37.000 en een nadeel op de kosten voor uitvoering van de wet WOZ van € 30.000 door hogere proces- en gerechtskosten. Op de OZB voor niet woningen zit een nadeel van € 29.000. Op het gebruikersdeel zit een nadeel van € 25.000 en op het eigenarendeel van € 4.000. Op de overige belastingen zit nog een nadeel van € 13.000. Algemene uitkering De Algemene uitkering laat een positief saldo zien van € 2,673 miljoen. Na verwerking van de Najaarsnota is de september- en decembercirculaire 2023 nog ontvangen met hierin hogere bijdragen uit het gemeentefonds van ruim € 2,9 miljoen. De hogere bijdrage uit de decembercirculaire wordt met name veroorzaakt door de Rijkscompensatie van de energietoeslag voor huishoudens met een laag inkomen. Dit tot een bedrag van ruim € 2 miljoen. Op basis van de ontwikkeling van de WOZ-waarden per 1 januari 2023 (peildatum 1 januari 2022) verwachten wij over 2023 in 2024 nog een terugbetaling van € 251.000. In december heeft het Ministerie ten onrechte € 607.000 te veel overgemaakt. Deze is als schuld in de balans opgenomen.

Over voorgaande jaren is een hogere bijstelling verwerkt van ruim € 17.000. Overige baten en lasten (onvoorzien) Op het taakveld onvoorzien is het nadelig resultaat € 303.000 en bestaat uit:

46 Een financieel nadeel van € 258.000 door een storting in de voorziening dubieuze debiteuren. Dit nadeel wordt voor € 240.000 veroorzaakt door de bezwaren tegen de vermakelijkheidretributie en het hierdoor verleende uitstel van betaling. Vanwege de ouderdom van deze vorderingen wordt een hoger bedrag in de voorziening gestort. Het overige nadelig resultaat van € 45.000 bestaat met name uit een btw-nadeel van € 27.000 en een bedrag van € 18.000 aan oninbaar verklaarde vorderingen. Economische promotie Binnen dit taakveld zijn de opbrengsten van de toeristen- en forensenbelasting verantwoord. In elke jaarrekening wordt een schatting opgenomen voor de te verwachten opbrengsten forensen- en toeristenbelasting over het afgelopen jaar 15. Dit is niet anders dan andere jaren. De schatting over 2023 hebben wij gebaseerd op het niveau van 2022. Op het onderdeel forensenbelasting is een voordeel ontstaan van € 57.000. Dit voordeel bestaat uit werkelijk hogere opbrengsten over 2022 ten opzichte van een inschatting van € 41.000 en een voordeel op een hogere raming over 2023 ten opzichte van wat is begroot van € 16.000. Het voordeel op het onderdeel toeristenbelasting zit op de inkomsten voor € 42.000 en wordt met name veroorzaakt door werkelijk hogere opbrengsten over 2022 ten opzichte van de eerdere inschatting.

Het andere voordeel van € 17.000 is ontstaan door lagere kosten voor de inhuur in het kader van controle toeristenbelasting. Waarvan incidenteel gerealiseerd: De richtlijnen schrijven voor dat in de rekening de incidentele baten en lasten moeten worden toegelicht. Deze hebben betrekking op voorzienbare en onverwachte gebeurtenissen en besluiten. In dit programma hebben deze op hoofdlijnen betrekking op: o Investeringen met een dekking uit reserves die, op grond van de regelgeving, via de exploitatie worden verantwoord (o.a. informatiebeveiliging, gestructureerde data, personele uitgaven kwartiermaker woningbouw, actieplan werkt, handhaving en schuldhulpverlening, corona, gedragsdeskundige, verwerking van de jaarstukken 2022 en de nota reserves en voorzieningen vaste buffer etc.) tot een bedrag van per saldo € 1,975 miljoen. o Incidentele baten van hersteloperatie kindertoeslagen en een opbrengst van dubieuze debiteur tot een bedrag van € 231.000. o De kosten van de verkiezingen in november van € 155.000. o Dotatie in de voorziening dubieuze debiteuren van € 261.000. o Vrijval van de voorziening pensioenoverdracht en pensioenbetalingen van € 255.000 en € 10.000. o Hogere dotatie in de voorziening wachtgeld van € 8.000. 15 De aanslagen over 2023 worden na opgave in 2024 opgelegd.

47 2.8 Grondexploitaties De grondexploitaties zijn formeel ondergebracht onder het programma “Woningbouw” en “Werk en Economie”. Evenals in de begroting wordt, gezien het belang en impact van de grondexploitaties, in deze paragraaf afzonderlijk verantwoording afgelegd over het gevoerde beleid. In de jaarlijkse planning- & control cyclus van de gemeente Steenwijkerland worden de grondexploitaties twee keer per jaar herzien, bij de jaarrekening en de programmabegroting. Begin 2024 zijn alle lopende grondexploitaties (Bouwgrond In Exploitatie) herzien in het kader van de jaarrekening 2023. 2.8.1 Ontwikkelingen Grondexploitaties In deze subparagraaf wordt ingegaan op de actuele markt- en beleidsontwikkelingen in relatie tot de grondexploitaties van de gemeente Steenwijkerland. Marktontwikkelingen In onderstaand tabel zijn de gerealiseerde grondverkopen in 2023 afgezet tegen de prognose uit de begroting. In 2023 zijn minder particuliere kavels verkocht (5) dan verwacht (12). Voor bedrijventerreinen geldt dat er meer is verkocht (7.203 m2) dan verwacht (4.584 m2). De prognose van de verwachte grondverkopen in de grondexploitaties is voor de lange termijn gebaseerd op de historische uitgifte en voor de korte termijn op opties.

De verwachtingen voor 2024 en verder voor wat betreft de uitgifte van kavels worden niet zozeer getemperd door de verwachte vraag maar meer door het beperkte aanbod van kavels in de diverse grondexploitaties. Naar aanleiding van achterblijvende grondverkopen is een deel van het bedrijventerrein Boterberg Zuid verhuurd als zonnepark tot 1 januari 2034. Voor deze grondexploitatie is een langere looptijd vastgesteld dan de geldende richttermijn vanuit het BBV (Besluit, Begroting en Verantwoording) van maximaal 10 jaar. Bij de herziening van de grondexploitaties per 1-1-2024 is dit deel van de grondexploitatie ingerekend in de jaren 2034 tot en met 2038. In onderstaande tabel zijn de gerealiseerde grondverkopen in 2023 in een historisch perspectief geplaatst.

48 Woningbouw In 2023 is ongeveer € 840.000 aan opbrengsten gerealiseerd door verkoop van de grond onder 5 te realiseren woningen. In 2022 en 2021 was dat respectievelijk € 3,3 miljoen (49) en € 5,4 miljoen (62). De particuliere uitgifte loopt achter bij de prognose voor 2023. De verwachting was dat in 2023 in totaal 12 particuliere kavels zouden worden uitgegeven, die prognose blijkt achteraf te ambitieus te zijn. De totale particuliere uitgifte van 5 kavels komt voornamelijk vanuit Kornputkwartier. 1 uitgifte komt vanuit Willemsoord. Bedrijventerreinen In 2023 is ongeveer € 550.000 aan grondopbrengsten gerealiseerd door de verkoop van 7.203 m2 bedrijventerrein. Dit zijn meer m2 ten opzichte van de prognosticeerde 4.584 m2 (zie tabel grondverkopen). Er is weliswaar een indicatieve vraag van gemiddeld 2,3 hectare per jaar in de periode 2019-2029 (Afspraken Regionale Bedrijventerreinen Programmering West Overijssel 2019-2022), maar deze vraag blijkt in de praktijk lager als we kijken naar de historische verkopen in de afgelopen jaren. Een positieve ontwikkeling is ook dat er in Vollenhove nieuwe gronden beschikbaar zijn. (Beleids)ontwikkelingen Er zijn een aantal (beleids)ontwikkelingen die gevolgen hebben voor de financiële positie van het gemeentelijke grondbedrijf.

Grondprijzenbrief 2024 De grondprijzenbrief 2024 is in december 2023 vastgesteld door het college en ter kennisname verstuurd naar de raad. De grondprijzen opgenomen in de grondprijzenbrief 2024 zijn verwerkt bij de herziening van de grondexploitaties per 1-1-2024. De grondprijzen van de kavels voor woningbouw zijn in 2024 verhoogd met 1,5% ten opzichte van 2023. In 2023 zijn de bouwkosten van de koopwoningen naar verhouding meer gestegen dan de verkoopprijzen. De indexatie van 1,5% is mogelijk doordat afgelopen jaar een terughoudend grondprijzenbeleid is gevoerd. De grondprijzen van de kavels voor bedrijfsterreinen hebben wij eveneens verhoogd met 1,5% ten opzichte van 2023. Dit is gelijk aan de jaarlijkse opbrengstenstijging waarmee we rekening hebben gehouden in de meerjarenbegroting 2023-2026. De verhoging van de grondprijzen heeft hiermee dus geen effect op de grondexploitatieresultaten. Kostenindexering In de perspectiefnota was op basis van een langjarig gemiddelde de parameter kostenstijging voor de meerjarenbegroting 2023-2026 vastgesteld op 2%. In de loop van 2023 werd echter duidelijk dat er sprake is van zeer forse kostenstijgingen in alle sectoren, maar zeker ook in de grond-, weg- en waterbouw (GWW). De hoge kostenstijgingen dit jaar zijn vooral het gevolg van de gestegen energieprijzen en de schaarste van materialen.

Ook de gestegen arbeidskosten werken door in de prijzen. Rekening houdend met genoemde ontwikkelingen is de kostenstijging ingerekend volgens onderstaande tabel:

49 Bij de herziening van de grondexploitaties bij de jaarrekening 2023 verandert de prijspeildatum van 1 januari 2023 in 1 januari 2024 en zijn de resterende kosten verhoogd met 3,0%. Vervolgens zijn de nog te realiseren kosten verhoogd met een (gewogen gemiddelde) index van 3,5% (2024), 3,0% (2025) en 2,0% (2026 en verder). Projectenportefeuille Bij de jaarrekening 2023 tellen we in totaal 22 grondexploitaties. Nota Grondbeleid 2020-2024 Op 17 december 2019 is de ‘Nota Grondbeleid 2020-2024’ vastgesteld. Voor de visie op het grondbeleid en de wijze waarop het grondbeleid wordt gevoerd wordt verwezen naar deze nota. 2.8.2 Realisatie 2023 In deze sub paragraaf wordt ingegaan op de boekwaarde-ontwikkelingen en de gerealiseerde kosten en opbrengsten in 2023. Boekwaardeontwikkeling Het geïnvesteerd vermogen (de boekwaarde) van de bouwgronden in exploitatie is in 2023 afgenomen met ongeveer € 0,6 miljoen van € 4,43 miljoen naar € 3,83 miljoen. In onderstaande tabel treft u de berekening aan. De verschillende onderdelen worden verderop toegelicht. Kosten Binnen de verschillende grondexploitaties worden jaarlijks kosten gemaakt. Projecten worden bouwrijp gemaakt door het aanleggen van riolering en (bouw)wegen. Na de verkoop van kavels worden de projecten woonrijp gemaakt door het aanleggen van wegen, trottoirs en groenvoorzieningen.

Daarnaast zijn er kosten voor de planontwikkeling (ambtelijke uren, onderzoeken, etc.) en beheers- en administratiekosten (doorbelasting van interne uren op het grootboek bouwgrondexploitaties algemeen). Ook wordt er rente toegerekend aan grondexploitaties op basis van het geïnvesteerd vermogen (=totale boekwaarde grondbedrijf). Hieronder worden de kosten weergegeven die in 2023 zijn gemaakt en toegelicht.

50 Verwerving In 2023 zijn er geen gronden verworven, maar wel gronden ten bedrage van € 160.000 ingebracht van de NIEG ( Niet in exploitatie genomen gronden) voor het complex Noordermaten IV. Sloopkosten In 2023 zijn er geen kosten gemaakt voor sloop. Sanering In 2023 zijn er geen saneringskosten gemaakt. Bouw- en woonrijp maken In de diverse projecten is in 2023 in totaal voor ongeveer € 1.550.000 aan kosten gemaakt voor bouw- en woonrijp maken. Planontwikkelingskosten Voor de planontwikkeling van de diverse projecten is in totaal voor ongeveer € 81.000 aan kosten gemaakt. Dit bedrag heeft zowel betrekking op interne- als externe plankosten van alle plangebieden en bestaan onder meer uit kosten op het gebied van projectleiding, stedenbouw, bodemonderzoek, archeologie, engineering en planeconomie. Rente Over de boekwaarde per 1 januari van het betreffende verantwoordingsjaar wordt rente toegerekend aan de grondexploitaties. De gehanteerde rekenrente is vastgesteld op 0,75%. De totale boekwaarde van de bouwgronden in exploitatie (BIE) per 1 januari 2023 bedraagt ongeveer € 4.43 miljoen. De toegerekende rente bedraagt in totaal in het verantwoordingsjaar 2023 € 24.000. Beheers -en administratiekosten Jaarlijks worden er overheadkosten gemaakt voor het beheren en administreren van het totale grondbedrijf. Deze kosten bedroegen in 2023 ongeveer € 114.000.

Deze kosten worden op basis van een verdelingssystematiek doorbelast naar de verschillende grondexploitaties. De kosten worden doorbelast volgens een principe waarbij de grondexploitaties met de grootste draagkracht de meeste kosten krijgen doorbelast. De verwachting is dat de doorbelasting van uren aan de grondexploitaties in de toekomst zal afnemen door de afbouw van het prestatiecontract. Opbrengsten In 2023 zijn binnen de verschillende grondexploitaties opbrengsten gegenereerd. Deze bestaan hoofdzakelijk uit de verkoop van gronden.

51 In de tabel worden de opbrengsten weergegeven die in 2023 zijn gegenereerd. Grondverkopen woningbouw De opbrengsten uit verkoop van grond voor woningbouw bedroegen in 2023 in totaal ongeveer € 855.000. Er is in totaal circa 3.425 m2 grond verkocht aan particulieren en projectontwikkelaars. In onderstaande tabel staat waar deze opbrengsten zijn gerealiseerd. In de tabel is tevens aangegeven voor welk type woningen de verkochte grond bestemd is. Grondverkopen bedrijventerrein Op de verschillende bedrijventerreinen is in 2023 in totaal 7.203 m2 grond verkocht. De opbrengsten van deze verkopen bedroegen circa € 541.681. In onderstaande tabel staat waar deze opbrengsten zijn gerealiseerd. 2.8.3 Analyse grondexploitaties Resultaten grondexploitaties In deze paragraaf zijn de resultaten van de grondexploitaties jaarrekening 2023 gepresenteerd en ter vergelijking afgezet tegen de grondexploitaties jaarrekening 2022. In tabel 4 zijn de winst- en verliesnemingen toegelicht. De negatieve winsten betreft het terugnemen van eerder genomen winsten volgens de POC-methode.

52 Winst- en verliesnemingen Het BBV (Besluit, Begroting en Verantwoording) schrijft in de Notitie grondbeleid in begroting en jaarstukken 2019 een methode van winstnemen voor, namelijk de POC-methode (Percentage of Completion). Dit betekent in het kort dat de winst genomen moet worden op basis van de financiële voortgang van het project (% gerealiseerde kosten * % gerealiseerde opbrengsten * geraamde winst). Hierbij zijn reeds genomen winsten en verliezen uit de calculatie gehaald en in mindering gebracht op de berekende winst voor het verantwoordingsjaar. Tot slot zijn de projectgebonden risico’s vanuit het weerstandsvermogen in mindering gebracht, wat resulteert in de te nemen winst. Een geprognosticeerd verlies wordt direct genomen ter hoogte van het verliesgevende resultaat op eindwaarde.

53 In de jaarrekening is een verliesneming van € 3.947.000 verwerkt en ten laste van het resultaat gebracht. Dit verlies heeft te maken met de (al aangekondigde) actualisatie van het bestemmingsplan van het complex Kornputkwartier. De totale winstneming bij woningbouw complexen is per saldo € 1.403.000 en bij industrieterreinen is de winstneming per saldo € 1.419.000. De totale winstneming voor alle complexen is € 2.822.000, welke volledig is toegevoegd aan de algemene reserve vrij besteedbaar. De winstnemingen van de volgende 8 grondexploitaties hebben te maken met het feit dat deze complexen per 31-12-2023 afgesloten worden: - 15 Heetveld - 19 Noordwal - 29 Ossenzijl v.d. Veenweg - 38 Bedr. Terrein Hooidijk-Zuid - 52 Giethoorn Noord 1e en 2e fase - 57 Novac - 58 Blokzijl Noordermaten fase III - 66 Molenkampen III Risicomanagement Jaarlijks wordt de omvang van het risico van alle grondexploitaties bepaald. Dit gebeurt op basis van de RISMAN-methode. Het risicoprofiel van alle grondexploitaties is bij de jaarrekening 2023 circa € 1 miljoen. Het risicoprofiel van het grondbedrijf is daarmee lager dan het risicoprofiel bij de jaarrekening 2022 toen het risicoprofiel circa € 1,78 miljoen bedroeg. De belangrijkste verklaring voor de risicodaling is dat meerdere grondexploitaties afgesloten worden.

54 Het risicoprofiel van het grondbedrijf wordt tezamen met overige risico’s afgezet tegen de beschikbare weerstandscapaciteit in de Algemene reserve vaste buffer. Toelichting verschillen woningbouw in exploitatie Onderstaand wordt het ‘vergelijkbaar resultaat’ van de grondexploitaties eind 2023 vergeleken met het resultaat van de grondexploitaties van eind 2022. Indien het verschil in het ‘vergelijkbaar resultaat’ groter is dan € 100.000 wordt dit nader toegelicht. Hierbij worden de belangrijkste verklaringen voor het verschil gegeven. Woldmeenthe De grondexploitatie eind 2023 is op eindwaarde € 761.000 nadeliger in vergelijking met de grondexploitatie eind 2022. De resterende kavels in deze grondexploitatie worden maar niet verkocht. Dit heeft diverse oorzaken zoals restricties in gebruik door omliggende bedrijven of bv erfpacht. Hierdoor is er een negatief gevolg in de grondexploitatie. Kornputkwartier - Steenwijk De grondexploitatie eind 2023 is op eindwaarde € 162.000 nadeliger in vergelijking met de grondexploitatie eind 2022. De actuele grondexploitatie Kornputkwartier heeft een boekwaarde van € 8,6 miljoen. De actualisatie van het bestemmingsplan heeft als financiële gevolg dat de grondexploitatie een verlaging van de opbrengsten heeft van 3,2 miljoen, terwijl tegelijkertijd de kosten stijgen met € 0,8 miljoen.

De lagere opbrengsten zijn hoofdzakelijk het gevolg van de afname van de uitgeefbare oppervlakte door de herverkaveling (conform de Woonagenda) en de gereserveerde ruimte voor klimaatadaptatie. De kostenstijging is het gevolg van de meerkosten voor de aanleg van wegen, parkeervoorzieningen en groen. Ook zijn de kosten voor het bouw- en woonrijp maken van de “Stormbaan” geactualiseerd. Deze locatie maakt namelijk ook onderdeel uit van het Kornputkwartier. Giethoorn-Noord fase 1 en 2 De grondexploitatie eind 2023 is op eindwaarde € 338.00 nadeliger in vergelijking met de grondexploitatie eind 2022. Het nadelig resultaat heeft te maken met het feit dat de grondexploitatie afgesloten wordt en alle winst genomen wordt in de jaarrekening 2023. Oostermeentherand De grondexploitatie eind 2023 is op eindwaarde € 404.000 nadeliger in vergelijking met de grondexploitatie eind 2022. Het nadelig resultaat heeft te maken met het feit dat in de grondexploitatie er nog veel gereserveerde kosten stonden voor bv straten en wegen. Nu blijkt dat deze kosten niet meer gemaakt gaan worden is er voor de jaarrekening 2023 een behoorlijke winstneming opgenomen.

55 2.9 Overzicht algemene dekkingsmiddelen, dividend, overhead, beleggingen en onvoor- zien Op grond van het BBV moet in zowel de begroting als de jaarrekening een overzicht worden weergegeven van:  Algemene dekkingsmiddelen  Dividend en beleggingen  Onvoorzien

56 Onvoorzien / saldo begroting 2023 Het beeld voor onvoorzien en saldo begroting over 2023 ziet er als volgt uit: Overhead Met ingang van 2018 is het taakveld Overhead ingevoerd. Dit taakveld bestaat voor 99% uit de kosten van de bedrijfsvoering, waarbij de direct toe te rekenen kosten ten laste van het taakveld moeten worden gebracht. Op grond van het gewijzigde BBV wordt het percentage overhead zowel in de begroting als in de rekening opgenomen.

57 3. Toelichting op de balans 3.1 Toelichting op de vaste activa ACTIVA VASTE ACTIVA Immateriële activa In 2023 zijn kosten van onderzoek met € 79.000 toegenomen. Deze hebben betrekking op de voorbereidingskosten van ontwikkelingen in Belt-Schutsloot, Vollenhove en Tuk. Deze kosten met een totaal van € 98.000 moeten binnen 5 jaar afgeboekt of ingebracht worden in een grondexploitatie. Het is aan de gemeenteraad om hier een besluit over te nemen. In 2023 heeft de raad ingestemd met het in exploitatie nemen van het complex Noordermaten 4. De reeds gemaakte voorbereidingskosten van € 254.000 zijn als gevolg van dit besluit ingebracht in de grondexploitatie.

58 Materiële vaste activa Maatschappelijk nut Met ingang van 2017 moeten investeringen met maatschappelijk nut (wegen, bruggen etc.) geactiveerd worden. Bedrijfsgebouwen De vermeerdering van € 89.000 heeft betrekking op de kosten voor het station en de molen te Giethoorn. Hiertegenover staat een bijdrage van de provincie Overijssel uit de leefbaar Giethoorn deal van € 34.000. Grond-, weg- & waterbouwkundige werken met maatschappelijk nut De vermeerderingen van € 6,5 miljoen hebben betrekking op investeringen in de openbare ruimte zoals in wegen, fietspaden, bruggen, oeververbindingen en verlichting. De grootste investeringen zijn:  Verkeersveiligheid Tukseweg € 336.000  Versterken bermen € 586.000  Openbare verlichting € 704.000  Oeververbindingen / beschoeiingen € 1.160.000

59  Wijkvisie Steenwijk West € 659.000  Betonweg (bidbook) € 38.000  Openbare ruimte school/mfc Tuk € 82.000  Brug Worstdijk € 476.000  Bruggen Wetering € 866.000  Routenetwerken fietspaden € 56.000  Steenwijkerdiep/Balkengat € 51.000  Kunstgrasvelden € 669.000  Gasthuisdijk € 349.000  Fietspad Giethoorn Wanneperveen € 175.000  Fietspad Meentheweg/Hoogeweg € 19.000  Fietspad Woldberg € 106.000  Parkeren Giethoorn € 37.000  Zuiderpad/Langesteeg € 153.000 De inkomsten van bijna € 1 mln. bestaan uit :  Bijdrage woningbouwcorporatie € 601.000  Ministerie I&M: Woldberg € 106.000  Bijdrage riolering € 163.000  Ministerie VWS: Btw sport € 118.000  Overig € 3.000 Overige vaste activa met maatschappelijk nut De investeringen van € 73.000 hebben betrekking op de investeringen van bewegwijzering Giethoorn en Fietsknooppunt / wandelnetwerken. Economisch nut Bedrijfsgebouwen De investering bedraagt € 90.000 en heeft voor € 79.000 betrekking op de investering school/mfc Tuk. Grond-, weg- & waterbouwkundige werken met economisch nut De vermeerderingen van € 123.000 hebben betrekking op de jachthavens. Machines, apparaten en installaties economisch nut De totale investering in 2023 is € 721.000.

Die heeft hoofzakelijk betrekking op:  Toegangsbeveiliging € 13.000  Telefonie € 171.000  Zwembad Vollenhove € 27.000  Zwembad Waterwyck € 408.000  CV ketel de Meenthe € 44.000  Stroomkasten markt € 41.000  ICT vervangingsinvesteringen € 6.000 In de vermeerdering van de zwembaden is een btw compensatie van € 184.000 verwerkt. De inkomsten van € 57.000 hebben betrekking op rijksbijdragen voor compensatie btw-sport. Vervoersmiddelen In 2023 is voor een bedrag van € 303.000 aan vervoersmiddelen aangeschaft. Dit zijn voertuigen voor sportvelden, tractoren en een bestelbusje. Overige materiele vaste activa economisch nut

60 De investering bedraagt € 418.000 en heeft met name betrekking op speelvoorzieningen, investeringen van technische aard voor de routekaart energieneutraal, meubilair, presentatiemiddelen en ANWB beweg- wijzering. Overige materiële vaste activa grondexploitatie De strategische gronden van de grondexploitaties worden op grond van de BBV voorschriften onder de materiële vaste activa opgenomen. Dit zijn gronden, die mogelijk in de toekomst in exploitatie komen, maar waarover nog geen raadsbesluit is genomen en/of daar waar nog geen plannen voor zijn. De totale boekwaarde van de strategische gronden bedraagt € 3.852.000. De toename van de boekwaarde wordt veroorzaakt door de aankoop van grond voor het toekomstig bedrijvencomplex Schaarkampen. Door het in exploitatie nemen van de grond Noordermaten 4 is deze toegevoegd aan de boekwaarde van de grondexploitaties. Op grond van de herziene voorschriften moeten deze gronden (behalve de Schans, die is in 2017 getaxeerd. Schaarkampen is gewaardeerd voor de aankoopwaarde) uiterlijk eind 2019 voorzien worden van een taxatie. Deze taxatie heeft in 2018 plaatsgevonden.

De opbrengstwaarde van de percelen is:  Giethoorn Noord € 429.000 76.551 m2  Oosterbroek € 683.000 113.823 m2  Vollenhove (Wouters) € 558.000 101.477 m2  Haagje west € 209.000 40.190 m2  Belt-Schutsloot Zandbelt € 15.000 18.625 m2  Molenkampen III € 350.000 56.400 m2  Schaarkampen € 1.377.000 72.094 m2  De Schans € 1.074.000 244.101 m2 Afronding € - 1.000 € 4.694.000 Op basis van deze actuele waardering kan worden geconcludeerd dat er eind 2023 een stille reserve en een potentiële toekomstige “winst” van € 842.000 bij verkoop kan ontstaan. Op deze gronden mogen op basis van de voorschriften geen rente en kosten meer worden bijgeschreven. Dit omdat de gronden geen deel uitmaken van een actieve grondexploitatie, maar onderdeel zijn van NIEG (Niet In Exploitatie Genomen) gronden. Economisch nut waarvoor een heffing kan worden geheven Alle investeringen met economisch nut (vanaf 2014), waarvoor ter bestrijding van de kosten een heffing kan worden geheven, moeten separaat in de balans tot uitdrukking gebracht worden. Dit geldt voor alle investeringen op het gebied van afval, rioleringen en begraven.

61 De verhoging van € 1.447.000 heeft betrekking op investeringen op het gebied van rioleringen en bestaat hoofdzakelijk uit:  Gemalen € 309.000  Riolering Hagenbroekplan € 37.000  Riolering Wetering € 151.000  Riolering Dolderkanaal € 66.000  Riolering Adm. De Ruyterstraat € 192.000  Riolering Jan Steenstraat € 214.000  Waterafvoer Kornputkwartier € 17.000  Riolering Meppelerweg € 93.000  Afkoppelen Oostwijken € 72.000  Riolering Sasdijk € 87.000  Riolering t.b.v. Oeverconstructies € 186.000  Overig € 23.000  Totaal € 1.447.000 Financiële vaste activa Kapitaalverstrekkingen aan deelnemingen De omvang van de kapitaalverstrekking aan deelnemingen is niet gewijzigd en bedraagt € 1.246.000. Deze hebben betrekking op verstrekkingen van aandelenkapitaal aan de NV NoordWestGroep, Enexis, de Bank voor Nederlandse Gemeenten, de ROVA en een aantal kleine deelnemingen van respectievelijk € 545.000, € 408.000, € 182.000, € 66.000 en € 45.000 (totaal € 1.246.000). Leningen aan woningbouwcorporaties De omvang van de leningen aan Wetland Wonen is in 2023 met € 411.000 afgenomen tot € 3.783.000.

Leningen aan deelnemingen De saldi van de uitstaande leningen per 31 december bestaan uit:  Achtergestelde lening ROVA € 1.011.000  Enexis € 1.016.000 Totaal € 2.027.000 Overige langlopende leningen De overige leningen zijn de leningen aan ambtenaren, de roeivereniging en de Startersleningen, die via het Stimuleringsfonds Volkshuisvesting Nederland (SVn) worden verstrekt. De totale omvang bedraagt eind 2023 € 3.469.000 (2022 € 2.874.000) waarvan het aandeel van de Starterslening € 3.243.000 (2022 € 2.705.000) bedraagt. Door de raad is in 2023 € 1 miljoen beschikbaar gesteld omdat het beschikbare middelen bij de SVn sterk afnamen. Daadwerkelijk is een bedrag van € 500.000 gestort om continuering mogelijk te maken. En met ingang van 2020 is het mogelijk om een duurzaamheidslening af te sluiten. In 2023 is een bedrag van € 90.000 uitgeleend en € 21.000 afgelost. Eind 2023 bedraagt de omvang van deze leningen € 218.000. De overige leningen betreffen leningen aan ambtenaren en bedragen eind 2023 nog € 8.000. Tot en met 2023 is het totaalbedrag van € 3.243.000 (2022: € 2.705.000) aan verstrekte Startersleningen overeenkomstig voorschriften geactiveerd. Dit bedrag bestaat uit € 2.905.000 overdrachten aan de SVn en

62 € 299.000 rentebijschrijvingen door renteontvangsten tot en met 2023 (t/m 2022 € 270.000) en bedroeg de rentebijschrijving minus kosten € 39.000 (2022: € 28.000). Bij de stichting is per eind 2023 nog een bedrag van € 785.000 (eind 2022 € 935.000) beschikbaar om Startersleningen te verstrekken. 3.2 Toelichting op de vlottende activa VLOTTENDE ACTIVA Voorraden Bouwgronden in exploitatie: De ontwikkeling van de boekwaarde van de in exploitatie genomen gronden is als volgt:

63 De nog te maken kosten en opbrengsten van alle complexen zijn gebaseerd op de nog uit te voeren werkzaamheden en de te verkopen gronden. De grondslag voor de lasten zijn gebaseerd op het in de programmabegroting 2024 - 2027 gehanteerde kostenniveau inclusief een bijstelling zoals vermeld in paragraaf 2.8.1. De winsten zijn berekend op basis van eindwaarde. Eind 2019 is een vaststellingsovereenkomst gesloten met de Belastingdienst ten behoeve van de openingsbalans over de waarde van de grondvoorraad ter berekening van de Vpb plicht die van toepassing kan zijn op de grondexploitatie. Tot en met 2021 zijn de aangiftes definitief vastgesteld op nihil. De aangiftes over 2022 en 2023 zijn ingediend. Er is nog geen definitieve aanslag opgelegd. Over 2022 en 2023 verwachten wij geen Vpb behoeven te betalen. Gereed product en handelsgoederen Eind 2023 staat er 1 pand in de verkoop. Dit betreft de voormalige school “De Opstap” in Heetveld. Uitzettingen met een rentetypische looptijd < 1 jaar De in de balans opgenomen uitzettingen met rentetypische looptijd van < 1 jaar bedragen: De vorderingen op openbare lichamen van € 8,8 mln. hebben hoofdzakelijk betrekking op:  Een nog te ontvangen bedrag van de belastingdienst van 8,2 miljoen (btw compensatiefonds per 1 juli 2024 over het jaar 2023).  Bijdrage van de gemeente Zwolle voor spuk IZA 2023 van € 262.000.

 Een nabetaling van de Algemene uitkering van € 46.000.  De overige vorderingen van € 0,6 miljoen hebben betrekking op bijdragen van buurgemeenten voor onze inzet voor de DPRA (DeltaPlan Ruimtelijke Adaptatie), Veteranendag, en het KCC ter hoogte van € 243.000. De omvang van de openstaande posten van debiteuren belastingen eind 2023 is ten opzichte van eind 2022 met € 608.000 sterk toegenomen naar bijna € 1,6 miljoen. Deze stijging wordt bijna volledig veroorzaakt door de openstaande vorderingen van de vermakelijkheidsretributie. Na verzoek door de bezwaarmakers is tot op het moment van de uitspraak van de rechter uitstel van betaling verleend. Als gevolg hiervan is de voorziening dubieuze debiteuren met € 261.000 verhoogd. Hiervan wordt € 240.000 veroorzaakt door de vermakelijkheidsretributie.

64 De vorderingen van sociale aard zijn afgenomen met € 417.000. Als gevolg hiervan is de omvang van de voorziening van dubieuze debiteuren van sociale aard gedaald met een bedrag van € 306.000 naar een bedrag van € 1.270.000 (2022 € 1.576.000). Overige vorderingen: Liquide middelen Dit betreft het creditsaldo van een aantal bankrekeningen en de liquide middelen bij burgerzaken. Op 1 bankrekening worden waarborgsommen gestort om definitieve inrichting van het openbaar gebied in Eeserwold af te kunnen dwingen. Deze bankrekening heeft per eind 2022, de maximale omvang van de garantstelling van € 1 miljoen bereikt. Overlopende activa

65 Door wijziging in de voorschriften moeten de nog te ontvangen bedragen van de EU, het Rijk en overige Nederlandse overheden separaat in de balans worden toegelicht. De nog te ontvangen bedragen van overige overheden bestaan uit: De nog te ontvangen rente van € 22.000 heeft betrekking op de per 31 december 2023 (2022 € 22.000) nog te ontvangen rente van verstrekte geldleningen over de periode van de vervaldatum tot eind van het jaar, de zogenaamde transitorische rente. Vooruitbetaalde bedragen In de rekening is een bedrag van € 895.000 als vooruitbetaalde bedragen opgenomen. In december 2023 is aan de Noordwestgroep een voorschot betaald van € 353.000 voor 2024 om de liquiditeitspositie eind 2023 te verbeteren. De overige betalingen zijn vanwege btw facturering en aangifte btw in 2023 gedaan, maar hebben betrekking op 2024 - 2027. Deze omvatten een totaalbedrag van € 542.000 (2024 € 479.000 en 2025 t/m 2026 € 63.000). Deze hebben met name betrekking op langjarige onderhoudscontracten die zichtbaar betrekking hebben op de jaren 2024 tot en met 2026.

Nog op te leggen aanslagen De nog op te leggen aanslagen over 2023 van forensenbelasting, toeristenbelasting, riool grootverbruik, de afrekening van de gescheiden inzameling en de vermakelijkheidsretributie van respectievelijk € 875.000, € 824.000, € 219.000, € 533.000 en € 440.000 (totaal € 2.891.000, 2022 totaal € 2.813.000) zijn onder de overlopende activa opgenomen.

66 3.3 Toelichting op de vaste passiva PASSIVA VASTE PASSIVA Eigen Vermogen & Voorzieningen De omvang van de reserves is per 31 december 2023 € 57,8 miljoen (31 december 2022 € 51,5 miljoen). Dit is exclusief de door de raad beschikbaar gestelde investeringskredieten ter grootte van € 14,1 miljoen16 (2022 € 13,9 miljoen) die nog niet (volledig) tot uitvoering zijn gekomen evenals de aanvulling van de reserve vaste buffer. In bijlage 8 wordt per reserve de mutatie naar aard, reden en omvang weergegeven. Bij verschillende bestemmingsreserves ontbreekt een bestedingsplan en deze voldoen hierdoor in theorie niet aan het criterium van bestemmingsreserve. In bijlage 3 wordt het totaal van de voorzieningen per voorziening weergegeven. De totale omvang per 31 december 2023 van € 16,1 miljoen kan worden opgesplitst in zeven onderdelen: 1. Voorzieningen voor egalisatie van tarieven voor afvalstoffenheffing en rioolheffing. Deze hebben een omvang van € 4.722.000 (2022: € 5.350.000) Een toelichting is gegeven in de programma’s duurzaam en leefbare steden kernen. 2. De voorziening Buddenbaum ter grootte van bijna € 11.000. Dit is een voorziening gevormd vanuit een legaat voor de gemeente. Bestedingen worden op initiatief van de vereniging voor Paasloër belang ten laste van de voorziening gebracht. 3.

Voorzieningen voor de betaling van wachtgelden, overdrachten van pensioenen en te betalen pensioenen (vanaf 1-1-2015) van voormalige bestuurders met een totale omvang van € 2.667.000 (2022: € 2.868.000). 4. De voorzieningen die zijn ingesteld door de raad om meerjarig onderhoud van maatschappelijk vastgoed en speelvoorzieningen te kunnen bekostigen zijn eind 2023 vrijgevallen ten gunste van het resultaat. Eind 2023 is de omvang hiervan nihil. Voorgesteld wordt deze in 2 nieuwe bestemmingsreserves te storten. 5. In 2018 is een voorziening gevormd voor onderhoud wegen. Eind 2023 heeft deze voorziening een omvang van € 734.000 (2022: € 2.111.000). 16 Conform bijlage 7

67 6. Door de uitspraak van de commissie BBV zijn we verplicht om spaarverlof en bovenwettelijk verlof, voor zover deze niet bijdraagt aan een verplichting van gelijke omvang, in een voorziening te storten. Eind 2023 heeft deze een omvang van € 1.167.000 (2022 € 855.000). In bijlage 8 worden per voorziening de mutaties naar aard, reden en omvang weergegeven. Vaste schulden met een rentetypische looptijd van > 1 jaar In 2023 zijn er geen nieuwe leningen aangetrokken en kon geen gebruik gemaakt worden van de mogelijkheid van een renteherziening. De aflossingen op geldleningen bedragen € 4.203.000. Hiervan heeft € 3,8 miljoen betrekking op reguliere aflossingen en € 411.000 op de door de gemeente doorgeleende leningen aan Wetland Wonen. Het totaalbedrag aan verschuldigde rente17 in 2023 bedroeg € 1.111.000 (2022 € 1.139.000). De totale omvang van de leningen bedraagt eind 2023 € 57.267.000 (2022 € 61.470.000). Ingaande 2016 worden waarborgsommen op grond van artikel 46 van het BBV onder vaste schulden met een rente typische looptijd van > 1 jaar opgenomen. Eind 2023 is de hoogte van het bedrag aan waar- borgsommen € 1.010.000 (2022 € 1.010.000). De waarborgsommen voor Eeserwold zijn volledig voldaan en omvatten het maximum van € 1 miljoen. 17 Rente langlopende geldleningen, inclusief transitorische rente

68 3.4 Toelichting op de vlottende passiva VLOTTENDE PASSIVA Netto vlottende schulden met een rentetypische looptijd van < 1 jaar Per 31 december 2023 hebben wij een kasgeldlening van € 4 mln. aangetrokken en bij de bank staan we debet voor bijna € 0,6 miljoen. Het nog te betalen bedrag van ruim € 3 miljoen heeft betrekking op schulden, zorg in natura en uitkeringen van zorginstellingen en Participatiewet over 2023. Overlopende passiva

69 Ontvangen voorschotten van het Rijk met een specifiek bestedingsdoel Ontvangen voorschotten overige Nederlandse overheid met een specifiek bestedingsdoel

70 Nog te betalen bedragen De nog te betalen rente van € 271.000 (2022: € 297.000) heeft betrekking op de per 31 december verschuldigde rente van aangetrokken geldleningen over de periode van de vervaldatum tot eind van het jaar, de zogenaamde transitorische rente. Het verloop van de vooruit ontvangen bedragen in het jaar 2023:

71 3.5 Schatkistbankieren Met de invoering van het schatkistbankieren worden gemeenten verplicht om overtollige middelen aan te houden in ’s rijks schatkist. In de praktijk houdt dit in dat saldi van bankrekeningen boven een drempel- bedrag dagelijks worden overgeboekt op een bankrekening bij het Rijk. Het drempelbedrag is afhankelijk van het begrotingstotaal van de gemeente. Zodra het tegoed van de rekeningcourantrekeningen bij met name de BNG hoger is dan het drempelbedrag, wordt dit automatisch doorgesluisd naar de schatkistrekening bij het rijk. Eind 2023 is er geen sprake van schatkistbankieren. 3.6 Garanties Waarborgen en garanties Het in de balans opgenomen bedrag van verstrekte waarborgen aan natuurlijke- en rechtspersonen is gebaseerd op de door de gemeente ontvangen saldoverklaringen. Ten aanzien van de niet verkregen opgaven is een schatting gemaakt. Dit omdat niet alle financiële instellingen, ondanks meerdere aanmaningen, voldoen aan hun verplichting om voor 1 maart 2024 saldoverklaringen te verstrekken.

72 Overzicht gegarandeerde leningen Niet uit de balans blijkende verplichtingen De gemeente is voor een aantal toekomstige jaren verbonden aan verschillende niet uit de balans blijkende verplichtingen. Hieronder zijn alleen de leasecontracten opgenomen. Dit omdat er geen vaste richtlijnen zijn waaraan de niet uit de balans blijkende verplichtingen moeten voldoen. De leasecontracten zijn opgenomen omdat wij voor een periode ons contractueel hebben verplicht, waarbij wij verplicht zijn tot afname en betaling van de termijnen. Er bestaat onduidelijkheid aangezien wij veel raamovereenkomsten hebben, zonder volumeverplichtingen en het Nederlands recht geen onderscheid kent tussen raamovereenkomsten en raamcontracten terwijl Europese aanbestedingsregels dit onderscheid wel maken. In het algemeen zijn er voor verschillende lopende investeringsprojecten (zonder hier een limitatieve opsomming op te nemen) overeenkomsten aangegaan. Voorbeelden hiervan zijn opdrachten in de grondexploitatie, investeringen in rioleringen, wegen, reconstructies en onderwijshuisvesting. Leasecontracten: Afdrukapparatuur repro- en kantooromgeving: In september 2019 is een nieuwe overeenkomst afgesloten voor een periode van 3 jaren, met de mogelijkheid tot verlenging met 2 x 1 jaar. (tot 1-9-2024) Van deze optie is inmiddels gebruik gemaakt. De waarde in 2024 bedroeg circa € 31.000.

Aangegane verplichte contracten: - Brandverzekering: Ingaande 31 december 2019 is er een nieuwe verzekering voor de komende 6 jaren afgesloten. Aansluitend is er de mogelijkheid deze met nogmaals 3 jaren te verlengen (betaald voorschot 2024 € 426.000). - WA verzekering: Ingaande 1 januari 2022 is een 3-jarige overeenkomst afgesloten met een optie voor verlenging met 2 termijnen van 1 jaar. De premie 2024 bedraagt € 62.000 inclusief belastingen.

73 - Verzekering van werk en niet werk gerelateerde ongevallen: Deze verzekering is ingaande 1-1-2022 afgesloten voor een periode van 2 jaar met een optie voor verlenging van 3 termijnen van 1 jaar. De jaarpremie bedraagt € 17.000 inclusief belastingen. - Vrijwilligerspolis: De vrijwilligerspolis heeft een contractperiode tot en met 31 december 2024 met een automatische verlenging van 3 jaren. De premie voor 2024 bedraagt € 6.100. - Fraude en beroving: De polis heeft een contractperiode tot en met 31 december 2024 met een automatische verlenging van 1 jaar. De premie voor 2024 bedraagt € 2.800. - Bouw en montage verzekering: De polis heeft een contractperiode tot en met 31 december 2024 met een automatische verlenging van 1 jaar. De premie voor 2024 bedraagt € 36.000. - Rechtsbijstandsverzekeringen: De polissen hebben een contractperiode tot en met 31 december 2024 met een automatische verlenging van 3 jaren. De premie voor 2024 bedraagt € 4.300. - Werkmateriaalverzekering : De polissen hebben een contractperiode tot en met 31 december 2024 met een automatische verlenging van 1 jaar. De premie voor 2024 bedraagt € 16.000. - Mobiliteitsverzekering: De polis heeft een contractperiode tot en met 31 december 2024 met een automatische verlenging van 1 jaar. De premie voor 2024 bedraagt € 46.000.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://steenwijkerland.bestuurlijkeinformatie.nl/Document/LoadAgendaItemDocument/85c011fc-1c17-48df-a431-12b0bb5746f0?agendaItemId=50f9dd77-db4d-40fa-8c76-6355b6b7e287