Nieuw: Gemeente Steenwijkerland - Jaarrekening 2023 gewaarmerkt
Tekst van het document
Jaarrekening 2023
1 Jaarrekening 2023 1. INLEIDING ......................................................................................................................................................... 3 1.1 Resultaat rekening 2023........................................................................................................................... 4 1.1.1 Beleidsrekening 2023 ............................................................................................................................... 4 1.2 Rechtmatigheid ......................................................................................................................................... 4 1.3 Oekraïne / Inflatie / Energietoeslag ........................................................................................................ 6 1.4 Voorstel tot bestemming van het resultaat 2023 .................................................................................... 6 1.5 Het overzicht van baten en lasten ........................................................................................................... 9 1.6 De balans ..................................................................................................................................................10 1.7 Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling ............................................................................12 2.
TOELICHTING OP HET OVERZICHT VAN BATEN EN LASTEN ....................................................... 16 2.1 Woningbouw ............................................................................................................................................16 2.2 Werk en Economie ..................................................................................................................................20 2.3 Samenredzaam ........................................................................................................................................21 2.4 Vitaal Platteland ......................................................................................................................................29 2.5 Duurzaam ................................................................................................................................................31 2.6 Leefbare steden en kernen ......................................................................................................................34 2.7 Financiën en dienstverlening ..................................................................................................................41 2.8 Grondexploitaties ....................................................................................................................................47 2.9 Overzicht algemene dekkingsmiddelen,
dividend, overhead, beleggingen en onvoorzien ................55 3. TOELICHTING OP DE BALANS .................................................................................................................. 57 3.1 Toelichting op de vaste activa.................................................................................................................57 3.2 Toelichting op de vlottende activa..........................................................................................................62 3.3 Toelichting op de vaste passiva ..............................................................................................................66 3.4 Toelichting op de vlottende passiva .......................................................................................................68 3.5 Schatkistbankieren ..................................................................................................................................71 3.6 Garanties ..................................................................................................................................................71 BIJLAGEN ................................................................................................................................................................
74 Bijlage 1: Controleverklaring van de onafhankelijke accountant .........................................................................74 Bijlage 2: Beleidsindicatoren ....................................................................................................................................75 Bijlage 3: Verloop reserves en Voorzieningen .........................................................................................................77 Bijlage 4: Mutaties reserves per programma ..........................................................................................................78 Bijlage 5: Incidentele baten en lasten / Structurele toevoegingen en onttrekkingen aan en van reserves ..........80 Bijlage 6: Afgesloten projecten .................................................................................................................................86 Bijlage 7: Restantkredieten: Ten laste van reserves / Geactiveerde investeringen .............................................87 Bijlage 8: Mutaties in de reserves en voorzieningen ...............................................................................................91 Bijlage 9: Bijlage Taakvelden ..................................................................................................................................95 Bijlage 10: SISA, verantwoording specifieke uitkeringen
......................................................................................99
2
3 1. Inleiding Aan de leden van de gemeenteraad, Hierbij bieden wij u de jaarrekening 2023 van de gemeente Steenwijkerland aan. In deze jaarrekening vindt u het totale financiële beeld over het afgelopen jaar van onze activiteiten. Aan u de vraag deze jaarrekening in uw raadsvergadering van 2 juli 2024 vast te stellen. In november 2022 heeft uw raad ingestemd met een reëel sluitende begroting voor 2023-2026 met een begrotingssaldo van bijna € 0,5 miljoen. Na verwerking van de Perspectiefnota en de Najaarsnota is het begrote positieve resultaat toegenomen naar € 4,3 miljoen. Vervolgens zijn de (niet in de begroting opgenomen) september- en decembercirculaire 2023 Gemeentefonds verschenen met een positief financieel effect van ruim € 2,9 miljoen. Deze verhoging wordt mede veroorzaakt door compensatie van de door de gemeente uitgekeerde energietoeslag aan huishoudens met een laag inkomen. In het gehele jaar 2023 is de omvang van de Algemene uitkering met bijna € 6 miljoen gestegen en kunnen we nog niet steunen op een stabiele omvang van de Algemene uitkering. Uiteindelijk is het resultaat van de jaarrekening 2023 uitgekomen op een positief saldo van ruim € 8,9 miljoen. Bijzonder onderdeel in dit resultaat is de technische vrijval van de voorzieningen maatschappelijk vastgoed en speelvoorzieningen van € 6,8 mln.
In de jaarrekening 2024 worden deze voorzieningen weer in het leven geroepen. Dit door het voorstel resultaatsbestemming 2023 cf. de BBV voorschriften het vrijgevallen deel van de voorzieningen tijdelijk zal worden opgenomen als bestemmingsreserve en dat in 2024 de voorzieningen opnieuw worden geactualiseerd en onderbouwd. Het resultaat uit “normale” bedrijfsvoering bedraagt € 2,1 mln. Een mooi resultaat, zeker als hierbij kan worden vermeld dat de aangekondigde afboeking van het complex Kornputkwartier van bijna € 4 miljoen al is verwerkt. Dit vanwege lagere opbrengsten door afname van uitgeefbare oppervlakte, de stijging van de bouwkosten voor aanleg wegen, groen en parkeervoorzieningen, minder vrije sector kavels en ruimte voor klimaatadaptatie. Wat ook niet onvermeld mag worden is de in 2023 verrichte ondersteuning van onze inwoners met een laag inkomen door het toekennen van een energietoeslag vanwege de hoge energietarieven en de opvang van ontheemden uit Oekraïne. Gelijktijdig moeten we ons voorbereiden op ontwikkelingen op het gebied van duurzaamheid, de gevolgen en maatregelen van de woon- en stikstofcrisis en niet op de laatste plaats het “ravijnjaar” 2026. Al met al zaken die een grote invloed hebben op ons dagelijks leven. Door de val van het kabinet in 2023 is er een vertraging ontstaan in de duidelijkheid op de van het Rijk te ontvangen middelen.
Tegelijkertijd wordt het een hele uitdaging om de diverse uitdagingen het hoofd te bieden. Alle onderliggende resultaten, behorende bij dit positieve eindresultaat vindt u uitgebreid terug in deze jaarrekening. Als college wensen wij u veel succes met het doornemen van deze resultaten en het voorbereiden van de besprekingen van dit document tijdens de politieke markt en raadsvergadering.
4 1.1 Resultaat rekening 2023 De jaarrekening van de gemeente Steenwijkerland geeft over het jaar 2023 een positief saldo van ruim € 8,9 miljoen, waarvan € 2,1 mln. uit normale bedrijfsvoering. Dit is 1,2% van de lasten van de exploitatie- rekening. Tabel 1.1 Resultaat rekening 2023: Door het positieve rekeningsaldo stijgt de reservepositie (inclusief rekeningresultaat) naar € 57,8 miljoen. (2022: € 51,6 miljoen). Deze reservepositie zal op basis van de door de raad beschikbaar gestelde restant- kredieten per eind 2023 van € 14,1 miljoen, afnemen naar bijna € 43,7 miljoen. 1 1.1.1 Beleidsrekening 2023 De financiële resultaten van 2023 per programma 2 geven het volgende beeld: Tabel 1.2 Resultaten per programma 2023: In hoofdstuk 2 staat per programma een analyse. 1.2 Verantwoordelijkheid college van burgemeester en wethouders De baten en lasten alsmede de balansmutaties moeten getrouw in de jaarrekening worden opgenomen. Uit het getrouw opnemen van de baten en lasten alsmede de balansmutaties, blijken een drietal rechtmatigheidscriteria niet expliciet. Dit betreffen het begrotings-, voorwaarden-, en misbruik- en oneigenlijk gebruik criterium.
In deze rechtmatigheidsverantwoording licht het college van burgemeester en wethouders toe in hoeverre bij de in de jaarrekening verantwoorde baten en lasten, alsmede de balansmutaties het begrotings-, voorwaarden-, en misbruik- en oneigenlijk gebruik criterium zijn nageleefd. Dit houdt in dat de verantwoorde baten en lasten, alsmede de balansmutaties in overeenstemming zijn met door de raad vastgestelde kaders zoals de begroting en gemeentelijke verordeningen en met bepalingen in de relevante 1 Op basis van de eind 2023 nog beschikbare en door de raad beschikbaar gestelde kredieten van € 14,1 miljoen, exclusief raadsbesluiten 2024 en meerjarenbegroting. 2 Inclusief grondexploitatie
5 wet- en regelgeving. Bij de waarderingsgrondslagen in de jaarrekening is het door de raad op 19-12-2023 vastgestelde normenkader van de relevante wet- en regelgeving verder toegelicht. Deze verantwoording hanteert een grensbedrag omdat alleen de van belang zijnde aspecten in de verantwoording hoeven te worden betrokken. Deze grens is door de raad bepaald en bedraagt 1% van de totale lasten inclusief toevoegingen aan de reserves en is daarmee vastgesteld op ruim € 1,75 mln. De grondslag voor deze verantwoording is de Kadernota Rechtmatigheid 2023 van de commissie BBV van november 2023. Bevinding Voorheen gaf de accountant een rechtmatigheidsverklaring af. Deze taak is vanaf het verslagjaar 2023 bij het college neergelegd. Bij de regelgeving hieromtrent en de exacte systematiek bij de bepaling van onrechtmatigheden is lange tijd onduidelijkheid geweest. Deze duidelijkheid is er pas in april jl. gekomen en verschilt daarbij ook inhoudelijk ten opzichte van de verklaring van de accountant. Kern van deze inhoudelijke wijziging is dat afwijkingen wel acceptabel kunnen zijn conform de financiële verordening, maar toch onrechtmatig kunnen zijn. Deze afwijkingen tellen (nu wel) mee in het totaal van de rechtmatigheidsverklaring.
Dit in tegenstelling tot voorgaande jaren waarbij open eind financieringen zoals jeugdwet, WMO, bijstandsuitkeringen, voorzieningen en de in 2023 toegekende energietoeslagen, niet meewogen in het oordeel van de accountant. Het betekent voor onze rechtmatigheidsverklaring in deze jaarrekening dat we moeten constateren dat de overschrijdingen van de lasten van de programma’s en de investeringsbudgetten alsmede de aanbestedingen tot een bedrag van € 4,4 mln. niet rechtmatig tot stand zijn gekomen. Hiervan is bijna € 3,9 mln. acceptabel. De afwijkingen bevinden zich boven de daarvoor gestelde grens van ruim 1,75 mln. Tabel 1.3 Rechtmatigheidsbeoordeling 2023: In de paragraaf bedrijfsvoering is op basis van de Kadernota rechtmatigheid van de commissie BBV en op basis van de afspraken met de raad aanvullende informatie opgenomen over de inhoudelijke beoordeling van deze financiële rechtmatigheid. In deze paragraaf heeft het college ook beschreven welke actie hij onderneemt om verdere afwijkingen in de toekomst te voorkomen. Begrotingscriterium 1A. Overschri jding la sten progra mma's 3.661 1B. Overschri jding Investeringsbudgetten (kredi eten) 353 2. Ongea utoris eeerde reservemutaties - - Begrotingsonrechtmatigheden 4.014 3.894 5.
Res terend s aldo aa n begroti ngs onrechtma tigheden 120 Voorwaardencriterium Inkopen ten onrechte ni et Europees a anbesteed 400 Mis brui k -en oneigenlijk gebruik cri terium - Totaal 4.414 4. Totaa l van de begrotings onrechtma tigheden ( van onderdeel 1 en 2) da t pa st bi nnen het vooraf vas tges tel de bel eid en da armee voora f als a ccepta bel i s gedui d zoa ls va s tgelegd in de Begroti ng en de fi na nciële verordeni ng 3. Overs chrijding va n baten en/of onders chrijding va n l as ten en ba ten di e niet tijdig tot een begrotings wijzigi ng hebben gelei d of te la at aa n de ra ad zijn gemel d bedragen x € 1.000
6 1.3 Oekraïne / Inflatie / Energietoeslag Oekraïne De opvang van ontheemden uit Oekraïne is in 2023 gecontinueerd en zal waarschijnlijk ook in 2024 niet tot een einde komen. Het Rijk heeft voor deze opvang extra middelen beschikbaar gesteld. We hebben hierbij gebruikt gemaakt van de normvergoeding (in tegenstelling tot 2022). In totaliteit is er in 2023 voor de opvang bijna € 9,3 miljoen uitgegeven en is er een bedrag van € 9,6 miljoen gedeclareerd. Inflatie In 2023 is de inflatie wel afgenomen, maar niet gelijk aan de stijging in het jaar hiervoor. Met name de energie en de rentelasten blijven hoog ten opzichte van 2 jaar geleden . De rente voor langlopende geldleningen was gestegen naar 4% en is eind 2023 weer gedaald naar ongeveer 3%. De financiële impact is groot, maar ook sterk afhankelijk van het investeringsniveau van de gemeente. Energietoeslag Het Rijk heeft voor 2023 budgetten vrijgemaakt om huishoudens met een laag inkomen tegemoet te komen in de sterk gestegen energiekosten. Er zijn 2.314 huishoudens voor deze compensatie in aanmerking gekomen. Er is een bedrag van € 2,9 miljoen uitgekeerd aan deze gezinnen.
1.4 Voorstel tot bestemming van het resultaat 2023 Voorstel tot bestemming van het resultaat 2023: - Een bedrag van € 580.000 onttrekken aan de reserve vaste buffer - Dit bedrag van € 580.000 toevoegen aan de algemene reserve vrij besteedbaar - Een bedrag van € 4.933.000 ten gunste te brengen van een nieuw te vormen reserve maatschappelijk vastgoed - Een bedrag van € 1.890.000 ten gunste te brengen van een nieuw te vormen reserve speeltoestellen. - Een bedrag van afgerond € 2.107.000 ten gunste brengen van de algemene reserve vrij besteedbaar 1. Norm vaste Buffer Met de vaststelling van de nota Reserves en voorzieningen 2023 wordt een norm van 10% gehanteerd voor het opvangen van risico’s. Eind 2023 bedraagt deze norm:
7 Eind 2023 is de omvang van de reserve € 10,3 miljoen exclusief toekomstige uitgaven uit het Vitaliteitsfonds. Met inachtneming van de dotatie in de begroting 2024-2027 zal deze toenemen tot bijna € 11,4 miljoen. Op 10 oktober 2023 heeft de raad de nota Reserves en voorzieningen 2023 vastgesteld. Hierin is een nieuwe norm van 10% vastgesteld. Op grond hiervan kan: Een bedrag van € 580.000 ten laste worden gebracht van de Reserve vaste buffer. Een bedrag van € 580.000 toegevoegd worden aan de Algemene reserve vrij besteedbaar. 2. Reserve maatschappelijk vastgoed De voorziening maatschappelijk vastgoed ten bedrage van ruim € 4,9 mln. 3 is in 2023 ten gunste van het resultaat gebracht. Wij kunnen vanuit het digitale onderhoudsprogramma de hoogte van de voorziening groot onderhoud niet voldoende onderbouwen om te voldoen aan de BBV voorschriften. Om die reden valt deze voorziening vrij ten gunste van het resultaat 2023. Om in 2024 deze voorziening wel weer te kunnen vormen en tegemoet te komen aan de BBV voorschriften wordt voorgesteld het bedrag van ruim € 4,9 mln. te storten in een nieuw te vormen reserve maatschappelijk vastgoed. 3. Reserve speeltoestellen De voorziening speeltoestellen ten bedrage van bijna € 1,9 mln. 4 is in 2023 ten gunste van het resultaat gebracht.
Wij kunnen vanuit het digitale onderhoudsprogramma de hoogte van de voorziening groot onderhoud niet voldoende onderbouwen om te voldoen aan de BBV voorschriften. Om die reden valt deze voorziening vrij ten gunste van het resultaat 2023. Om in 2024 deze voorziening wel weer te kunnen vormen en tegemoet te komen aan de BBV voorschriften wordt voorgesteld het bedrag van bijna € 1,9 mln. te storten in een nieuw te vormen reserve speeltoestellen. 4. Algemene reserve vrij besteedbaar 3 Zie hoofdstuk 2.6 Leefbare steden en kernen 4 Zie hoofdstuk 2.6 Leefbare steden en kernen
8 Voorgesteld wordt om het saldo 2023 van afgerond € 2.107.000 ten gunste van de Algemene reserve vrij besteedbaar te brengen. Resumé: Voorstel tot bestemming
9 1.5 Het overzicht van baten en lasten
10 1.6 De balans
11
12 1.7 Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling 1.7.1 Inleiding De jaarrekening is opgemaakt met inachtneming van de voorschriften die het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) provincies en gemeenten daarvoor geeft. Algemene grondslagen voor het opstellen van de jaarrekening De waardering van de activa en passiva en de bepaling van het resultaat vindt plaats op basis van historische kosten. Tenzij bij het desbetreffende balanshoofd anders is vermeld, worden de activa en passiva opgenomen tegen nominale waarden. De baten en lasten worden toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben. Baten en winsten worden slechts genomen voor zover zij op de balansdatum zijn gerealiseerd. Verliezen en risico's die hun oorsprong vinden voor het einde van het begrotingsjaar, worden in acht genomen indien zij voor het opmaken van de jaarrekening bekend zijn. Dividendopbrengsten van deelnemingen worden als baten genomen op het moment waarop het dividend betaalbaar gesteld wordt, tenzij garantstellingen zijn afgegeven. Voor verplichtingen die gerelateerd zijn aan arbeidskosten en die jaarlijks een vergelijkbaar volume hebben wordt geen voorziening getroffen of op andere wijze een verplichting opgenomen. Dit geldt voor het wettelijke en bovenwettelijke verlof voor zover deze een vervaltermijn heeft van maximaal 2 jaren na balansdatum.
Voor bovenwettelijk verlof met een vervaldatum van meer dan 2 jaren en het volledige spaarverlof is op basis van de uitspraak van de commissie BBV een voorziening getroffen. Indien sprake is van (eenmalige) schokeffecten (bijv. reorganisaties) moet wel een verplichting gevormd worden. 1.7.2 Balans Vaste activa Artikel 59 BBV schrijft voor dat alle investeringen moeten worden geactiveerd. Kunstvoorwerpen met een cultuurhistorische waarde zijn hiervan uitgesloten. Immateriële vaste activa De immateriële vaste activa worden overeenkomstig artikel 14 van en de bijlage bij de ‘Financiële verordening gemeente Steenwijkerland’ niet geactiveerd. Met ingang van 2016 worden bijdragen aan activa van derden onder de immateriële vaste activa geadministreerd. Onderzoekskosten / aanloopkosten die na instemming van de gemeenteraad en binnen afzienbare termijn (maximaal 5 jaar) in een grond- exploitatie worden opgenomen worden onder immateriële vaste activa opgenomen. Materiële vaste activa met economisch nut. De in erfpacht uitgegeven percelen zijn gewaardeerd tegen de eerste uitgifteprijs (i.c. de waarde die bij eerste uitgifte als basis voor de canonberekening in aanmerking is genomen). De overige investeringen met economisch nut zijn gewaardeerd tegen de verkrijgings- of vervaar- digingsprijs.
Specifieke investeringsbijdragen van derden worden op de desbetreffende investering in mindering gebracht. In die gevallen wordt op het saldo afgeschreven.
13 Slijtende investeringen worden vanaf het moment van ingebruikneming lineair afgeschreven op basis van de verwachte gebruiksduur. Op grondbezit met economisch nut (buiten de openbare ruimte) wordt niet afgeschreven. Bij de waardering wordt in voorkomende gevallen rekening gehouden met een bijzondere vermindering van de waarde, indien deze naar verwachting duurzaam is. In het rekeningjaar 2023 heeft een dergelijke vermindering overigens niet plaatsgevonden. Volledigheidshalve vermelden wij dat op investeringen die vóór 2004 gedaan zijn, in het desbetreffende verslagjaar, soms extra is afgeschreven zonder economische noodzaak (ter verlichting van toekomstige lasten). Ook zijn in voorkomende gevallen reserves op dergelijke investeringen afgeboekt. Op grond van artikel 65 van het BBV wordt bij de waardering van de vaste activa rekening gehouden met een vermindering van hun waarde, indien deze vermindering naar verwachting duurzaam is. Op de waarde van activa met economisch nut mogen vanaf 1-1-2004 bijdragen uit reserves niet meer in mindering worden gebracht. Investeringssubsidies en andere bijdragen van derden mogen wel in mindering worden gebracht. Compensabele BTW wordt niet geactiveerd. Materiële vaste activa met maatschappelijk nut Vanaf 2017 moeten investeringen met maatschappelijk nut evenals investeringen met economisch nut geactiveerd worden.
Financiële verordening Op 19 december 2023 heeft de raad een nieuwe Financiële verordening vastgesteld. In deze verordening zijn in een bijlage de te hanteren afschrijvingstermijnen opgenomen. De gehanteerde afschrijvings- termijnen zijn overeenkomstig deze verordening, tenzij het college met instemming van de gemeenteraad bewust is afgeweken van de in deze verordening opgenomen afschrijvingstabel. Financiële vaste activa Kapitaalverstrekkingen aan gemeenschappelijke regelingen en leningen u/g zijn opgenomen tegen nominale waarde. Zo nodig is een voorziening voor verwachte oninbaarheid in mindering gebracht. Participaties in het aandelenkapitaal van NV’s en BV’s (‘kapitaalverstrekkingen aan deelnemingen’ in de zin van het BBV) zijn gewaardeerd tegen de verkrijgingsprijs van de aandelen. Als de waarde van de aandelen onverhoopt structureel mocht dalen tot onder de verkrijgingsprijs vindt afwaardering plaats. Tot dusver is een dergelijke afwaardering niet noodzakelijk gebleken.
14 Vlottende activa Voorraden Toekomstige aankopen voor bouwgrondontwikkeling zullen in eerste instantie onder de materiële vaste activa (MVA) worden opgenomen. Nadat de raad een besluit heeft genomen om de gronden in exploitatie te nemen worden deze onder de voorraden in de balans gepresenteerd. De als ‘onderhanden werken’ (bouwgrond in exploitatie, BIE) opgenomen bouwgronden in exploitatie zijn gewaardeerd tegen de vervaardigingsprijs dan wel de lagere marktwaarde. De vervaardigingsprijs omvat de kosten die rechtstreeks aan de vervaardiging kunnen worden toegerekend (zoals grondaankopen en kosten van bouw- en woonrijpmaken). Ook de rentekosten en de administratie- en beheerskosten minus de verkregen verkoopopbrengsten vallen hieronder. Winsten uit de grondexploitatie worden slechts genomen indien en voor zover die met voldoende mate van betrouwbaarheid als gerealiseerd aangemerkt kunnen worden. Deze winst werd tot en met 2016 berekend met inachtneming van de kaders van de door de raad op 8 december 2015 vastgestelde nota grond- en ontwikkelbeleid. Door een verplicht voorgeschreven wijziging in de verantwoordings- voorschriften moet met ingang van 2017 de POC (Percentage of Completion) methode worden toegepast.
Deze methode houdt in dat naar gelang de voortgang van een complex zowel in de kosten als de opbrengsten, eindresultaten in een veel eerder stadium als resultaat verwerkt moeten worden. Uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan één jaar De vorderingen worden gewaardeerd tegen nominale waarde. Voor verwachte oninbaarheid is een voorziening in mindering gebracht. De voorziening is bepaald op basis van de geschatte inningskansen, met inachtneming van de ouderdom van de vorderingen. Toelichting onzekerheid eigen bijdrage WMO Een aanvrager van een voorziening, hulp in de huishouding of een financiële tegemoetkoming (persoonsgebonden budget) is op grond van de WMO een bijdrage verschuldigd. De wetgever heeft bepaald dat de berekening, oplegging en incasso van deze eigen bijdrage wordt uitgevoerd door het CAK. De informatievoorziening van het CAK naar de gemeente is om privacy redenen beperkt. Hierdoor kan de gemeente niet de juistheid en volledigheid op persoonsniveau en op totaalniveau van de eigen bijdragen vaststellen. In de kadernota rechtmatigheid 2016 van de commissie BBV geeft deze commissie aan dat de wetgever in feite bepaald heeft dat de verantwoordelijkheid voor de juistheid en volledigheid van de eigen bijdrage geen gemeentelijke verantwoordelijkheid is.
Dit betekent dat de gemeente geen zekerheid over de omvang en de hoogte van de eigen bijdrage kan krijgen. Ingaande 2020 zijn de bijdragen op grond van een verplichte BBV uitspraak op basis van het kasstelsel opgenomen. Dit houdt in dat ontvangsten in 2024, die betrekking hebben op 2023 niet zijn opgenomen. Liquide middelen en overlopende posten Deze activa worden tegen nominale waarde opgenomen. Vaste passiva Reserves De reserves worden tegen nominale waarde opgenomen.
15 Voorzieningen Voorzieningen worden gewaardeerd op het nominale bedrag van de betrokken verplichting c.q. het voorzienbare verlies. Onder de voorzieningen zijn ook opgenomen de voorziening riolering en afvalverwijdering omdat dit door derden verkregen middelen zijn. De waardering van de voorziening pensioenverplichtingen en pensioenbetalingen van voormalige bestuurders tegen actuariële waarde is gebaseerd op de meest recente overlevingstabel van het Actuarieel Genootschap (de GBM/GBV 2016/2021) met leeftijdsterugstelling) en de circulaire van het ministerie van BZK. Vaste schulden met een rentetypische looptijd van één jaar of langer Vaste schulden worden gewaardeerd tegen de nominale waarde verminderd met gedane aflossingen. De vaste schulden hebben een rentetypische looptijd van één jaar of langer. Vlottende passiva De vlottende passiva worden gewaardeerd tegen de nominale waarde. Vennootschapsbelasting Ondanks de afgesloten Vaststellingsovereenkomst met de belastingdienst bestaat er nog geen volledige zekerheid van de schuldpositie over de nog niet afgerekende jaren (2022 en 2023). In de rekening is geen schuldpositie opgenomen. Borg- en garantstellingen Voor zover leningen door de gemeente gewaarborgd zijn, is buiten telling het totaalbedrag van de geborgde schuldrestanten per einde boekjaar opgenomen.
Overigens is in de toelichting op de balans nadere informatie opgenomen. Gebeurtenissen na balansdatum Tussen het einde van het boekjaar en de vaststelling van de jaarrekening hebben zich geen gebeurtenissen voorgedaan die van belang zijn voor het inzicht van de financiële positie van de gemeente Steenwijkerland.
16 2. Toelichting op het overzicht van baten en lasten De presentatie van de rekening geschiedt overeenkomstig de aan ons opgelegde voorschriften, het zogenaamde Besluit Begroting en Verantwoording 2004 en is op basis van het coalitieakkoord per programma opgebouwd. In de toelichtingen zijn alle afwijkingen van minimaal € 20.000 of 10% van het taakveld vermeld. Met ingang van 2017 zijn de BBV-voorschriften aangepast en zijn de begroting en de rekening opgebouwd uit taakvelden. Tot en met 2016 waren de begroting en rekening nog gebaseerd op producten. In de rekening hebben wij voor de herkenning, indien nodig, de omschrijving van de producten nogmaals weergegeven. 2.1 Woningbouw De lasten en baten van het programma Woningbouw 5: De belangrijkste verschillen tussen de realisatie en de raming na wijziging zijn: Ruimte en leefomgeving (bestemmingsplannen) Er is een positief saldo ontstaan van € 86.000. Dit voordeel is als volgt te verklaren: Er zijn 16 aanvragen tot bestemmingsplanwijziging verwerkt. Per wijziging is een legesbedrag ter hoogte van € 7.444 ontvangen. In totaal dus een bedrag van € 119.000. In de begroting is rekening gehouden met 10 wijzigingsaanvragen en een legesopbrengst van € 74.000. Aan de inkomstenkant ontstaat hierdoor een voordeel van € 45.000.
5 De actuele begroting is ten opzichte van de primitieve begroting in alle programma’s hoger op zowel de baten en lasten als de mutaties in de reserves. Dit wordt veroorzaakt door nieuwe besluiten van de raad, maar met name door de restantkredieten zoals in de jaarrekening 2022 in bijlage 7 zijn opgenomen.
17 Aan de kostenkant is in de begroting een bedrag geraamd van € 58.000. Er is een bedrag ter hoogte van € 17.000 uitgegeven. Een voordelig saldo dus van € 41.000. Grondexploitatie woningbouw Onder verwijzing naar de najaarsnota 2023 wordt in deze jaarrekening een verliesneming van het complex Kornputkwartier verantwoord van ruim € 3,9 miljoen. De grondexploitatie Kornputkwartier is geheel aangepast. Door de economische omstandigheden, de stijging van de bouwkosten voor aanleg wegen, groen en parkeervoorzieningen, de rente, de marktontwikkelingen en de afkoeling van de woningmarkt is een algehele herberekening en planinhoudelijke wijziging opgesteld. Door deze wijziging zijn de opbrengsten lager door afname van uitgeefbare oppervlakte, minder vrije sector kavels en ruimte voor klimaatadaptatie verwerkt. De winsten van de grondexploitatie, onderdeel woningen, zijn overeenkomstig de verplichte POC 6 methode berekend. Deze winst komt niet in het resultaat maar is gestort in de Algemene reserve vrij besteedbaar. Dit wordt gedaan om de begroting niet positief te beïnvloeden door incidentele resultaten uit de grondexploitatie. Hierdoor wordt het structurele evenwicht van de begroting gegarandeerd. De POC methode houdt in dat de winsten worden berekend op basis van de voortgang van het complex.
Deze wordt bepaald door zowel de vorderingen in de kosten als de baten in een percentage tot uitdrukking te brengen. Het kan voorkomen dat deze in de loop der tijd berekende risico’s leiden tot een bijgestelde lagere winst. In de notitie grondexploitatie uit 2019 wordt verplicht om eventueel teveel geboekte winst in het verleden “terug te boeken”. Woningen In de rekening is de gerealiseerde “winst” van € 1,4 miljoen conform uitgangspunten aan de Algemene reserve vrij besteedbaar toegevoegd. In de begroting na wijziging was een “winst” van € 466.000 begroot. Dit betekent geen voordeel voor de rekening, maar een hogere dotatie in de Algemene reserve vrij besteedbaar. In paragraaf 2.8 en in de toelichting op de balans wordt een nadere uiteenzetting van de ontwikkelingen per complex gegeven. Wonen en bouwen Leges Omgevingsvergunningen In de begroting is een te ontvangen bedrag aan leges voor omgevingsvergunningen opgenomen ter hoogte van € 2.457.000. Er is een bedrag ontvangen van € 2.842.000. Aan de inkomstenkant ontstaat hierdoor een voordeel van € 385.000. 6 Percentage of Completion
18 Aan de kostenkant is in de begroting een bedrag geraamd van € 139.000. Er is een bedrag van € 117.000 uitgegeven aan adviezen van Het Oversticht. Aan de uitgavenkant ontstaat hierdoor een voordeel ter hoogte van € 22.000. Bij de leges Omgevingsvergunningen ontstaat in z’n totaliteit een batig saldo van € 407.000. Aantal verleende vergunningen (356) per bedrag: Ontvangen leges (€ 2.842.000) ingedeeld naar bedrag: Woonbeleid Een voordeel van € 100.000 is ontstaan door: Een niet bestede stelpost algemene uitkering voor de Wet Goed Verhuurderschap van € 40.000. Daarnaast is in de PPN 2023 € 78.000 aangevraagd voor het realiseren van tijdelijke woon-standplaatsen aan de Verlaatseweg in Steenwijk. In 2023 is wel de procedure gestart, is de werkvoorbereiding gedaan, maar is het project nog niet gerealiseerd. Bij de PPN 2024 zal opnieuw worden gevraagd het geld beschikbaar te stellen. Op de kapitaallasten zit een nadeel in de afschrijvingslasten, omdat een aantal schoolgebouwen buiten gebruik zijn gesteld en deze lasten verwerkt worden op dit taakveld. Samen met het voordeel op de leges omgevingsvergunningen van € 407.000, maakt dit een totaal voordeel van € 507.000 op het taakveld Wonen en bouwen.
19 Waarvan incidenteel gerealiseerd De richtlijnen schrijven voor dat in de rekening de incidentele baten en lasten moeten worden toegelicht. Deze hebben betrekking op voorzienbare en onverwachte gebeurtenissen en besluiten. In dit programma hebben deze op hoofdlijnen betrekking op: o Investeringen met een dekking uit reserves die op grond van de regelgeving via de exploitatie worden verantwoord (investeringsprogramma woningbouw, extra impuls en werkbudget woningbouw etc.) tot een bedrag van € 170.000. o Afboeking van het complex Kornputkwartier voor € 3.947.000. o Voorbereidingskosten woningbouw Wanneperveen van € 12.000. o Plankosten Eeserwold van € 75.000 en opbrengsten van € 108.000.
20 2.2 Werk en Economie De lasten en baten van het programma Werk en Economie 7: De belangrijkste verschillen tussen de realisatie en de raming na wijziging zijn: Beheer overige gebouwen en gronden (grondzaken) Binnen dit taakveld is een voordeel ontstaan van € 138.000. Dit komt door een voordeel op grondzaken algemeen van € 154.000 en een nadeel op erfpacht van € 16.000. Het voordeel op grondzaken algemeen wordt veroorzaakt door de verkoop van groenstroken van € 46.000, lagere waterschapslasten van € 10.000, voordelen op rioolrechten van € 33.000 en de wel geraamde, maar niet gerealiseerde sloop van de Noorderschool van € 50.000. Aan erfpachten werd 16.000 minder ontvangen dan begroot. Economische ontwikkelingen Hier is een nadeel ontstaan van € 20.000. De belangrijkste oorzaak zijn de kosten die zijn gemaakt voor de juridische advisering rondom de loswal in Giethoorn. Grondexploitatie bedrijven De uitgangspunten zoals verwoord bij het onderdeel woningen in het vorige programma zijn ook voor de bedrijventerreinen van toepassing. In 2023 was een “winst” voorzien van € 922.000. 7 De actuele begroting is ten opzichte van de primitieve begroting in alle programma’s hoger op zowel de baten en lasten als de mutaties in de reserves.
Dit wordt veroorzaakt door nieuwe besluiten van de raad, maar met name door de restantkredieten zoals in de jaarrekening 2022 in bijlage 7 zijn opgenomen.
21 In paragraaf 2.8 en in de toelichting op de balans wordt een nadere uiteenzetting van de ontwikkelingen per complex gegeven. Waarvan incidenteel gerealiseerd De richtlijnen schrijven voor dat in de rekening de incidentele baten en lasten moeten worden toegelicht. Deze hebben betrekking op voorzienbare en onverwachte gebeurtenissen en besluiten. In dit programma hebben deze op hoofdlijnen betrekking op: o Investeringen met een dekking uit reserves die op grond van de regelgeving via de exploitatie worden verantwoord (bijdrage ondernemers, stevig aanwezig, actieplan werkt, etc.) tot een bedrag van € 120.000. o Kosten en opbrengsten van verkoop onroerende zaken van € 46.000 en € 297.000.
22 2.3 Samenredzaam De lasten en baten van het programma Samenredzaam 8: De belangrijkste verschillen tussen de realisatie en de raming na wijziging zijn: Onderwijsbeleid en leerlingenzaken Leerlingenvervoer Voor leerlingenvervoer is er in 2023 een voordeel ontstaan van € 160.000. Dit voordeel heeft te maken met een incidentele tegemoetkoming van het Rijk van € 86.000 voor Oekraïense kinderen. Van dit budget is slechts € 3.500 besteed. Daarnaast zijn er minder reisbewegingen dan verwacht, hetgeen resulteert in een overschot van € 77.500. Gymnastiekonderwijs Er is een bedrag van € 44.000 meer uitgegeven. Dit nadeel is ontstaan door subsidies die zijn toegekend voor het gymnastiekonderwijs (tegemoetkoming huur gymlokalen). Tegenover dit nadeel staat overigens een voordeel ter hoogte van € 9.000 bij de verhuur van binnensportaccommodaties. 8 De actuele begroting is ten opzichte van de primitieve begroting in alle programma’s hoger op zowel de baten en lasten als de mutaties in de reserves. Dit wordt veroorzaakt door nieuwe besluiten van de raad, maar met name door de restantkredieten zoals in de jaarrekening 2022 in bijlage 7 zijn opgenomen.
23 Kortdurende peuteropvang Op de (kortdurende) peuteropvang is er een voordeel ontstaan van € 47.000. Het overschot is met name te relateren aan de (na-ijlende) effecten van de coronacrisis. Volwasseneducatie Er is in 2023 een overschot van € 101.000 op volwasseneducatie gerealiseerd. Dit heeft enerzijds te maken met de verhoging van het budget voor Laaggeletterdheid in 2023 vanwege beschikbaarstelling van extra middelen voor de Wet Educatie Beroepsonderwijs (WEB) halverwege het jaar 2023 en Taallessen voor Oekraïense ontheemden in de meicirculaire 2023. Anderzijds kon minder geïnvesteerd worden in nieuwe programma’s vanwege een aanzienlijke tijdsinvestering in ontwikkeltrajecten, zoals de overgang van Taalpunt naar de bibliotheek en de doorontwikkeling van de organisatiestructuur voor de aanpak van laaggeletterdheid. Verder was sprake van vertraging in de aanbesteding voor de nieuwe formele educatietrajecten vanuit de WEB en de opstart van het project Een Leven Lang Leren en Ontwikkelen (ELLLO). Vanwege deze ontwikkelingen valt een gedeelte van de middelen voor Taallessen Oekraïense vluchtelingen, de WEB en ELLLO vrij in 2023. Het vervolg van het project kan leiden tot een claim in de komende P & C cyclus. Overige budgetten Er resteert nog een bedrag van € 9.000 op de overige budgetten binnen dit taakveld.
Samenkracht en burgerparticipatie Kortdurende crisisnoodopvang Van het Centraal Orgaan Asielzoekers is een Specifieke uitkering ontvangen voor het tijdelijk opvangen van asielzoekers ter hoogte van € 617.000. De opvang is georganiseerd in Giethoorn. Van het totaal ontvangen bedrag resteert € 36.000. Opvang Oekraïners In 2023 is er een incidenteel voordeel van € 288.000 gerealiseerd op de (crisis) noodopvang van Oekraïners. Dit voordeel komt met name doordat de uitvoering van taken veelal binnen de bestaande formatie is opgepakt door intern werkzaamheden te (her)prioriteren. Kinderdagopvang Sociaal medische Indicatie (SMI) Er is een tekort van € 79.000 gerealiseerd ten opzichte van de begroting. Dit nadeel is bovenop het bedrag van de € 100.000 die in de najaarsnota 2023 is gemeld. Het aantal toewijzingen is in 2023 fors toegenomen. In 2024 wordt nader onderzocht wat de oorzaak is van deze toename en of dit effect incidenteel dan wel structureel is. Daarnaast is een voordeel ontstaan van € 70.000 dat te verklaren is door de rijksbijdrage die is ontvangen voor de gemaakte uitvoeringskosten ten aanzien van de problematiek rondom de kinderopvangtoeslag. Huisbezoeken 75+ In het kader van vitaal ouder worden is er € 40.000 beschikbaar gesteld. Het budget is niet uitgegeven wegens een gebrek aan personele capaciteit.
Mantelzorg In de begroting is een bedrag van € 100.000 opgenomen voor Mantelzorg. Er zijn in 2023 € 18.000 minder kosten gemaakt voor mantelzorgwaardering dan verwacht.
24 Sociaal Werk In 2023 is het jongerenwerk bij Sociaal Werk de Kop (SWdK) tijdelijk uitgebreid. Dit heeft incidenteel een nadelig effect van € 110.000. In de decembercirculaire 2021 is een bedrag ontvangen van € 145.000. Dit budget was bedoeld ter ondersteuning van het jeugdwerk in verband met de coronacrisis en is bij de jaarrekening 2021 overgeheveld naar het jaar 2022. Het is toen niet gelukt om het jongerenwerk uit te breiden, waardoor het geld grotendeels is vrijgevallen in de jaarrekening 2022. In 2023 is dit alsnog gelukt, waardoor de overschrijding binnen het jongerenwerk nu is ontstaan. Daarnaast heeft SWdK in 2023 huisbezoeken afgelegd bij ouderen in Steenwijk en Vollenhove. Deze huisbezoeken zijn belangrijk om eenzaamheid vroegtijdig te signaleren De bedoeling was om de kosten ten laste te laten komen van het ontvangen coronabudget “Eenzame ouderen” van het Rijk. Dit budget is echter vrijgevallen bij de jaarrekening 2022, terwijl het werk nog niet was afgerond. Dit levert in het jaar 2023 een nadeel op van € 50.000. Door inflatie zijn de overige kosten van SWdK met een bedrag van € 20.000 hoger uitgevallen. Bij de Perspectiefnota 2023 - 2027 is een bedrag van € 25.000 beschikbaar gesteld, omdat de uitvoering van het sociaal werk opnieuw moest worden aanbesteed. Het budget was bestemd voor de overgangskosten indien er een nieuwe partner zou worden geselecteerd.
Omdat bij de uitkomst van de aanbesteding het sociaal werk weer terecht is gekomen bij SWdK is er geen gebruik gemaakt van het beschikbare budget. Per saldo ontstaat er een nadeel ter hoogte van € 155.000. Overige budgetten Er resteert nog een bedrag van € 12.000 op de overige budgetten binnen dit taakveld. Toegang eerstelijnsvoorzieningen Preventie Jeugd Er is een voordeel van € 255.000 gerealiseerd op de preventieve taken jeugdzorg. In 2023 hebben we o.a. de kosten van de praktijkondersteuners bij de huisartsen (POH-ers) incidenteel ten laste gebracht van de IZA- gelden (integraal zorgakkoord), die de regiogemeente Zwolle in 2023 ter beschikking had. Beschermd thuis Per saldo is er in 2023 een tekort van € 56.000 ontstaan bij de pilot Beschermd thuis. Tegenover dit tekort staat overigens een voordeel bij de verplichte ggz van € 51.000. Overige budgetten Er resteert nog een bedrag van € 17.000 op de overige budgetten binnen dit taakveld. Inkomensregelingen Overzicht van de diverse afwijkingen:
25 Het gemiddeld aantal verstrekte uitkeringen Participatiewet (Pw) is in 2023 uitgekomen op 640 (per 1 januari 2023: 632 / per 1 januari 2024: 648). In de begroting is uitgegaan van een gemiddeld aantal van 630. De gemiddelde kosten per uitkering zijn uitgekomen op een bedrag van € 15.981 (begroot € 16.038). Op de verstrekte uitkeringen Pw is er hierdoor een nadeel ontstaan ter hoogte van € 124.000. In totaal is er een bedrag van € 10.228.000 aan bijstandsuitkeringen verstrekt. Daarnaast zijn er studietoelagen aan studenten met een beperking toegekend. Een bedrag van in totaal € 59.000. In de begroting is hier geen rekening mee gehouden. Bij elkaar opgeteld betekent dit per saldo een nadeel van € 183.000 (€ 124.000 + € 59.000). Voor terugvordering van uitkeringen en verhaal is een bedrag geraamd van € 250.000. Dit bedrag is lager uitgevallen, waardoor er een nadeel is ontstaan van € 74.000. Werkgevers die mensen in dienst nemen en die behoren tot een bepaalde doelgroep, kunnen aanspraak maken op een loonkostensubsidie. Er was een budget beschikbaar van € 2,3 miljoen. Er is een bedrag van € 78.000 meer uitgegeven. In het jaar 2023 zijn er 189 inwoners aan het werk geweest met een loonkostensubsidie. Door de afboeking van vorderingen op debiteuren en een storting in de Voorziening dubieuze debiteuren is een nadeel ontstaan ter hoogte van € 31.000.
De gemeente is volledig financieel verantwoordelijk voor het bijstandsgedeelte. Van het Rijk wordt hiervoor jaarlijks wel een bijdrage ontvangen. Het in de begroting opgenomen te ontvangen Buigbudget betreft een voorlopige inschatting van hetgeen door het Rijk toegekend gaat worden. In oktober van het begrotingsjaar wordt het definitieve budget pas bekend gemaakt. De hoogte van het budget is o.a. afhankelijk van de conjuncturele ontwikkelingen op landelijk niveau. Bij minder verstrekte bijstandsuitkeringen dan van tevoren is ingeschat wordt het budget naar beneden bijgesteld, bij meer verstrekte bijstandsuitkeringen wordt het budget naar boven bijgesteld. Ook de door gemeenten verstrekte loonkostensubsidies spelen een rol bij de berekening van het Buigbudget. In onze (bijgestelde) begroting is een Buigbudget geraamd van € 13.341.000. Het werkelijke budget dat is ontvangen bedraagt € 13.467.000. Op rekeningbasis een voordeel ter hoogte van € 126.000. Op het Bijstandsbudget zelfstandigen (Bbz) is een overschot ontstaan van € 55.000. In de begroting is rekening gehouden met de terugbetaling van verstrekte leningen en kredieten tot een bedrag van € 75.000. Er is een bedrag ontvangen van € 130.000. Uitgangspunt in de begroting was een gemiddelde van 30 Ioaw/Ioaz-uitkeringen. Dit verwachte gemiddelde is lager uitgekomen (28).
Ook de gemiddelde kosten per uitkering zijn iets lager uitgevallen. Het geraamde bedrag van € 525.000 voor de uitkeringen is daardoor in werkelijkheid uitgekomen op € 473.000. Een voordeel dus van € 52.000. Van het Ministerie van SZW is in 2023 over het jaar 2022 een vergoeding ontvangen van € 105.000. Deze specifieke uitkering heeft betrekking op de kwijtschelding van publieke schulden in verband met de hersteloperatie toeslagenaffaire. Overige kleine afwijkingen, een voordeel van € 4.000. Minimabeleid Het budget minimabeleid is in 2023 overschreden met een bedrag van € 1.151.000. Dit nadeel is als volgt te verklaren: In de begroting is een bedrag van € 1.139.000 (vanuit de jaarrekening 2022) opgenomen voor de energietoeslag voor huishoudens met een laag inkomen. De uitgaven voor de energietoeslag bedroegen € 2.900.000, waardoor het beschikbare budget is overschreden met een bedrag ter hoogte van € 1.761.000. Via de Algemene uitkering uit het gemeentefonds is voor de energietoeslag in de decembercirculaire 2023 nog een bedrag ontvangen van € 2.028.000. Dit bedrag is niet meer verwerkt in de begroting. Vandaar dat er bij de ontvangen Algemene uitkering een voordeel ontstaat voor de jaarrekening. Aan inwoners die bekend zijn bij de gemeente is in december 2023
26 de energietoeslag ambtshalve uitbetaald. Hiermee zijn 2.314 huishoudens met een inkomen tot 130% van de bijstandsnorm bereikt. De energietoeslag 2023 is nog tot 1 juli 2024 aan te vragen. Door vorderingen op debiteuren en een storting in de Voorziening dubieuze debiteuren is een voordeel ontstaan ter hoogte van € 5.000. Woonconcept en Wetland Wonen hebben een bedrag betaald van € 12.000 als bijdrage in de Voorzieningen Wijzer voor minima. Op terugvorderingen en terugbetaalde leningen is een voordeel ontstaan van € 38.000. Binnen de begroting was voor verstrekkingen (bijzondere bijstand etc.) een bedrag beschikbaar van € 2.415.000. Van dit budget is € 547.000 niet uitgegeven. Mede als gevolg van de inspanningen zoals verwoord in het jaarverslag is het aantal huishoudens dat is bereikt met 5% toegenomen naar 40%. We blijven ons inspannen om de doelgroep in beeld te houden en maximaal gebruik te laten maken van de minimaregelingen en bijzondere bijstand. Op het budget voor schuldhulpverlening resteert een bedrag van € 8.000. WSW en beschut werk Voor de Wsw en beschut werk is in de begroting een budget opgenomen van € 7.463.000. Van het Rijk wordt via de Algemene uitkering uit het gemeentefonds een bedrag voor de Wsw ontvangen ter hoogte van € 6.572.000, waarvan een bedrag van € 94.000 staat vermeld in de septembercirculaire 2023.
Dit bedrag is niet meer verwerkt in de begroting en levert dus een voordeel op bij de ontvangen Algemene uitkering. Op het taakveld Wsw en beschut werk ontstaat er dan een nadeel ter hoogte van hetzelfde bedrag. De ontvangen Wsw-bijdrage van het Rijk is doorbetaald aan de Noordwestgroep (NWG). Daarnaast is in de begroting een budget opgenomen van € 960.000 om een eventueel exploitatietekort van de NWG te compenseren. Het tekort in de jaarrekening 2023 van de NWG valt hoger uit, waardoor er een bedrag extra is uitbetaald ter hoogte van € 217.000. Verder resteert er nog een bedrag van € 15.000 op de overige budgetten. Per saldo ontstaat binnen het taakveld een nadeel ter hoogte van € 296.000. Arbeidsparticipatie Wet inburgering Er is een overschot op de Wet inburgering van € 60.000. Dit wordt o.a. veroorzaakt door incidenteel verkregen extra middelen uit het gemeentefonds bij de meicirculaire 2023 in verband met de verhoogde taakstelling. Participatiebudget Er is een tekort op participatiebudget van € 20.000. Dit wordt veroorzaakt door de meerkosten die gemaakt zijn voor de reiskosten van inburgeraars. Maatwerkvoorzieningen Wmo Wmo voorzieningen wonen en rollen In 2023 is er een tekort van € 173.000 ontstaan op het onderdeel woningaanpassingen. De kosten zijn door inflatie flink toegenomen. Daarnaast zijn er meerkosten gemaakt voor de (ver)plaatsing van woonunits bij inwoners.
Op het onderdeel rollen (scootmobielen en rolstoelen) is een voordeel ontstaan van € 38.000. Er zijn minder verstrekkingen geweest dan waarmee in de begroting rekening is gehouden. Eigen bijdrage De eigen bijdrage van inwoners voor Wmo-voorzieningen is gestegen doordat er meer woningaan- passingen zijn gedaan dan ingeschat. Dit resulteert in een voordeel van € 109.000. Het totale nadelig resultaat bedraagt € 26.000.
27 Maatwerkdienstverlening 18+ Hulp bij het huishouden Hier is een voordeel op ontstaan van € 223.000. Een oorzaak is dat het aantal inwoners met een PGB fors is afgenomen. Wmo Begeleiding Hier is een voordeel op ontstaan van € 78.000. Dit voordeel komt doordat het aantal inwoners met begeleiding in 2023 is gestabiliseerd en niet verder gegroeid zoals de verwachting was. Overige maatwerkarrangementen In 2023 is per saldo een nadeel van € 152.000 ontstaan binnen deze budgetten. Dit tekort heeft enerzijds te maken met een toenemend aantal Wmo-voorzieningen. Deze toename is een gevolg van de inzet op langer thuiswonen en demografische ontwikkelingen (vergrijzing). Daarnaast zijn door inflatie de Wmo- voorzieningen fors in prijs toegenomen. De totale afwijking is € 149.000 voordelig. Jeugdzorg ( maatwerkdienstverlening 18-, pleegzorg, jeugdhulp en geëscaleerde zorg 18-) Het budget voor de gehele Jeugdzorg, verspreid over de diverse taakvelden in de begroting, laat per saldo een nadeel zien van afgerond € 616.000 (€ 871.000 - € 255.000; Toegang eerstelijnsvoorzieningen, preventie jeugd). Het taakveld waarover hier wordt gerapporteerd laat een tekort zien van € 871.000.
Dit nadeel wordt voornamelijk veroorzaakt door: Een gemiddelde kostenstijging van 19% ten opzichte van het jaar 2022, onder andere veroorzaakt door een nieuwe aanbesteding in samenhang met het nieuwe inkoopmodel van RSJ en de hoge inflatie. Het fors meer inzetten van de zwaardere zorgvorm Verblijf (intern). Een forse stijging van de gemiddelde kosten per persoon. Voor een nadere analyse van de uitgaven binnen de Jeugdzorg verwijzen wij u naar de Monitor Sociaal domein die in het jaar 2023 een aantal keer aan u is toegestuurd. Geëscaleerde zorg 18+ ( Beschermd wonen en maatschappelijke vrouwenopvang) In 2023 is er een nadelig saldo ontstaan van € 126.000. In de begroting is rekening gehouden met een ontvangst van centrumgemeente Zwolle ter hoogte van een bedrag van € 1,6 miljoen in verband met een opgebouwde reserve Beschermd wonen. Het ontvangen bedrag valt € 32.000 lager uit. Daarnaast is het budget voor opvangvoorzieningen in de gemeente Zwolle overschreden met een bedrag van € 94.000. Resumé:
28 Volksgezondheid Verslavingszorg De verstrekte subsidie aan Tactus valt lager uit. Hierdoor is een voordeel ontstaan van € 6.000. Hoarding Het beschikbare budget van € 15.000 voor het opruimen van spullen bij hoarding (verzamelstoornis) is niet gebruikt. Wet verplichte GGZ Er treedt een voordeel op ter hoogte van € 51.000. Dit voordeel is met name te verklaren door de extra inzet op de pilot Beschermd thuis. Daar is een tekort ontstaan van € 56.000. Zie hiervoor het taakveld Toegang eerstelijnsvoorzieningen. Brede Spuk (specifieke uitkering)-regeling De Brede Spuk-regeling is voor alle gemeenten beschikbaar gesteld door het Rijk voor sport en bewegen, gezondheidsbevordering, cultuurparticipatie en de sociale basis. De stip op de horizon is een gezonde generatie in het jaar 2040. De regeling is in werking gesteld om diverse afspraken uit te kunnen voeren. Deze afspraken zijn vastgelegd in het Hoofdlijnen Sportakkoord II en het Gezond en Actief Leven Akkoord (GALA). Door het Rijk zijn budgetten toegekend over de jaren 2023 tot en met 2026. In 2023 was een budget beschikbaar van € 804.451. Dit bedrag loopt af tot € 631.128 in het jaar 2026. Van de beschikbare uitkering in 2023 resteert een bedrag van € 50.000. Dit voordeel wordt voornamelijk veroorzaakt door het uitvoeren van GALA-taken door eigen personeel.
Overige budgetten Er resteert nog een tekort van € 7.000 op de overige budgetten binnen dit taakveld. Waarvan incidenteel gerealiseerd De richtlijnen schrijven voor dat in de rekening de incidentele baten en lasten moeten worden toegelicht. Deze hebben betrekking op voorzienbare en onverwachte gebeurtenissen en besluiten. In dit programma hebben deze op hoofdlijnen betrekking op: o Investeringen met een dekking uit reserves die op grond van de regelgeving via de exploitatie worden verantwoord (Nachtopvang De Herberg, Beschermd wonen naar beschermd thuis, intensivering jeugd corona, beweging van nul, profielen en wachtlijsten sociaal domein, resultaatgerichte inkoop en transformatie sociaal domein, gezond in de stad etc.) tot een bedrag van per saldo € 881.000. o Bijdragen aan inwoners voor tegemoetkoming energiekosten ter hoogte van € 2,9 miljoen. o Kosten en rijksbijdragen van € 9,3 en € 9,6 miljoen, voor de opvang van ontheemden uit Oekraïne. o Een ESF subsidie participatie van € 139.000 voor de ondersteuning van werkgelegenheid, het beter helpen van mensen aan werk en eerlijkere arbeidskansen.
29 2.4 Vitaal Platteland De lasten en baten van het programma Vitaal platteland 9: De belangrijkste verschillen tussen de realisatie en de raming na wijziging zijn: Economische promotie Er zit een nadeel van € 71.000 op het budget voor de personele inzet DBT. Dit komt door de wijze van subsidieverantwoording richting de provincie. Op basis van voortgang kan er gedeclareerd worden en komt ook een percentage beschikbaar voor personele inzet. Dit aandeel is te weinig om alle personele kosten te kunnen dekken. Op de vermakelijkhedenretributie zit een voordeel van € 34.000. Dit is een voordeel op de inkomsten. De inkomsten zijn bij de najaarsnota naar beneden bijgesteld (van € 580.000 naar € 400.000), maar in werkelijkheid lagen ze hoger. Daarnaast is er nog een voordeel op de kapitaallasten van € 19.000. Ook zijn er nog overige kleine verschillen van € 3.000, waarmee het totale nadeel op dit taakveld uitkomt op een bedrag van € 21.000. Openbaar groen en (openlucht)recreatie De belangrijkste oorzaak van een nadeel van € 36.000 op taakveld openbaar groen en (openlucht) recreatie is een nadeel op het budget voor recreatieve voorzieningen. De grootste uitgaven die hier zijn geweest, zijn het realiseren van een helling in Blokzijl en werkzaamheden rondom het eiland Bovenwiede.
9 De actuele begroting is ten opzichte van de primitieve begroting in alle programma’s hoger op zowel de baten en lasten als de mutaties in de reserves. Dit wordt veroorzaakt door nieuwe besluiten van de raad, maar met name door de restantkredieten zoals in de jaarrekening 2022 in bijlage 7 zijn opgenomen.
30 Waarvan incidenteel gerealiseerd De richtlijnen schrijven voor dat in de rekening de incidentele baten en lasten moeten worden toegelicht. Deze hebben betrekking op voorzienbare en onverwachte gebeurtenissen en besluiten. In dit programma hebben deze op hoofdlijnen betrekking op: o Investeringen met een dekking uit reserves die, op grond van de regelgeving, via de exploitatie worden verantwoord (Omgevingswet, Gele gebieden Ossenzijl, gebiedsgerichte aanpak Giethoorn, toeristische productontwikkeling, startbudget gebiedsinitiatieven, personele inzet DBT etc.) tot een bedrag van € 622.000.
31 2.5 Duurzaam De lasten en baten van het programma Duurzaam 10: De belangrijkste verschillen tussen de realisatie en de raming na wijziging zijn: Economische promotie Binnen het taakveld economische promotie zit een nadeel van € 68.000 door een nadeel op het inzamelen van afval bij evenementen. Afval (en afvalstoffenheffing) Binnen dit taakveld zijn een tweetal budgetten verantwoord die geen onderdeel uitmaken van de gesloten huishouding afval. Op deze budgetten zit een voordelig saldo van € 27.000 en bestaan uit € 5.000 kosten inzameling oud papier en € 22.000 op kosten voortvloeiende uit het grondstoffenplan. De overige budgetten maken wel onderdeel uit van de gesloten huishouding. Dit houdt in dat overschotten en tekorten worden verrekend met de voorziening reinigingsrechten. Hierdoor wordt bewerkstelligd dat de “door derden verkregen middelen” benut kunnen worden voor het opvangen van nadelen en het dempen van het tarief en de financiële voordelen weer “terugvloeien” naar de burger. Baten: De opbrengsten afvalstoffenheffing vallen € 94.000 lager uit dan begroot. Dit zit hem met name in het variabele deel. Daar werd aan inkomsten ingeschat € 592.000, in werkelijkheid is dit € 533.000 geworden, een nadeel derhalve van € 59.000.
Belangrijkste oorzaak hiervan is het aanpassen van de frequentie van inzamelen in het buitengebied en een nog in 2024 op te leggen afrekening 2023 van ledigingen. 10 De actuele begroting is ten opzichte van de primitieve begroting in alle programma’s hoger op zowel de baten en lasten als de mutaties in de reserves. Dit wordt veroorzaakt door nieuwe besluiten van de raad, maar met name door de restantkredieten zoals in de jaarrekening 2022 in bijlage 7 zijn opgenomen.
32 Lasten: De vergoeding van Nedvang valt € 128.000 hoger uit dan begroot. De vergoeding per ton ligt hoger dan begroot (€ 245 t.o.v. € 218) en de omvang van de afgekeurde tonnages is ook lager dan begroot. De tonnages liggen redelijk op het niveau van de begroting. Op de kosten voor de inzameling van de ROVA is een nadeel ontstaan van € 59.000. Belangrijkste oorzaak hiervan is een lagere oud papier prijs dan waar bij het opstellen van de begroting rekening mee is gehouden. De kosten voor de kwijtschelding vallen € 13.000 lager uit dan begroot. De kosten voor het uitzetten van de papiercontainers zijn over 2023 nog niet in rekening gebracht en leiden daarmee tot een voordeel voor de voorziening in 2023 tot € 70.000. Deze zullen echter alsnog in 2024 moeten worden betaald, waardoor er in 2024 een tekort zal ontstaan van € 70.000. Daarnaast zijn er nog overige verschillen ter hoogte van € 28.000. Voor een volledig beeld geven wij de ontwikkelingen van de voorziening weer: Milieubeheer Per saldo zit er op dit taakveld een voordeel van € 813.000 en bestaat uit 4 onderdelen. Het grootste voordeel doet zich voor op het onderdeel klimaatakkoord en bedraagt € 838.000. Van het Rijk zijn hiervoor in 2023 via een specifieke uitkering middelen ontvangen. De benodigde capaciteit voor de uitvoering van dit klimaatakkoord is in de loop van het jaar deels gerealiseerd.
Door ook een deel van de bestaande capaciteit in relatie te brengen tot de uitvoering van het klimaatakkoord, wordt per saldo een voordeel gerealiseerd. In de jaarrekening 2022 is op basis van een besluit in de najaarsnota een bedrag van € 246.000 via de Algemene reserve beschikbaar gekomen in 2023. Deze maakt ook onderdeel uit van dit voordeel. Op het budget voor het zonnepark in Oldemarkt zit een voordeel van € 100.000. Dit zit hem in hogere vergoedingen. Het nadeel op de advieskosten voor het dossier Icebear bedragen over het gehele jaar € 130.000.
33 Op de overige posten zit nog een gering voordelig saldo van € 5.000. Waarvan incidenteel gerealiseerd De richtlijnen schrijven voor dat in de rekening de incidentele baten en lasten moeten worden toegelicht. Deze hebben betrekking op voorzienbare en onverwachte gebeurtenissen en besluiten. In dit programma hebben deze op hoofdlijnen betrekking op: o Investeringen met een dekking uit reserves die, op grond van de regelgeving, via de exploitatie worden verantwoord (o.a. energieadviseur, isoleren is besparen, werkbudget duurzaam, energie (besparingen) maatschappelijke instellingen energieadvies, nieuwe energie etc.) tot een bedrag van per saldo € 808.000. o De baten en lasten van het klimaatakkoord van € 758.000 en € 165.000.