Jaarverslag 2021.pdf
Tekst van het document
116 crisis. Daarnaast wordt er meer aandacht gegeven aan netwerken en informatievoorziening, de voorbereiding op een eventuele crisis en de nafase daarvan. Er worden voorbereidingen getroffen op de samenvoeging van de drie meldkamers in Oost- Nederland. De samenvoeging is begin 2023 gepland. Risico’s Er is een risicoprofiel opgesteld om de risico’s van de organisatie in kaart te brengen. Deze zijn in een rapportage vastgelegd. De tien risico’s met de meeste invloed op de hoogte van de benodigde weerstandscapaciteit zijn: Grootschalige/langdurige inzet, stijgende rentepercentages, fiscale controles, stijgende pensioenpremies, datalek, transitie meldkamer, besluiten van het Veiligheidsberaad met financiële of personele gevolgen, marktontwikkelingen oefentrajecten, wijzigingen in beleid of financiering van de Rijksoverheid en complexiteit Europese aanbestedingen. Op basis van alle risico’s met bijbehorende inschatting is een analyse gemaakt van de benodigde weerstandsvermogen voor Veiligheidsregio IJsselland. Met behulp van een zogenaamde Monte-Carlo (MC)-simulatie is het verband tussen risico en aan te houden weerstandsvermogen bepaald. Uit de rapportage van risicomanagement blijkt dat, op basis van een zekerheidspercentage van 90%, het weerstandsvermogen 1,18 miljoen euro zou moeten bedragen.
De benodigde weerstandscapaciteit ligt in de lijn der verwachting op basis van de bedragen die andere veiligheidsregio’s hanteren. Veiligheidsregio IJsselland heeft op 31-12-2021 een weerstandsvermogen van één miljoen euro, dat geeft een betrouwbaarheid van 85%. Dit betekent dat de Veiligheidsregio bij een dergelijke weerstandscapaciteit naar verwachting eenmaal in de zes à zeven jaar niet in staat zal zijn zonder aanvullende financiering een positief eigen vermogen te behouden. Op basis van het huidige risicoprofiel is de beschikbare weerstandscapaciteit als onvoldoende te beschouwen. Het is echter wel raadzaam definitieve uitspraken pas te doen wanneer enige ervaring is opgedaan met de gevolgde werkwijze in het benoemen en inschatten van risico’s. De benoemde risico's kunnen langdurige financiële gevolgen hebben. De eventuele financiële gevolgen kunnen voor een beperkte periode worden gedekt. In die periode moet een structurele oplossing worden gevonden. De gemeente kan worden aangesproken op een eventueel exploitatietekort, zie bovenstaand percentage. De kosten worden vanaf 2017 voor 75% verdeeld op basis van de historische kosten en voor 25% op basis van een meer geobjectiveerde methodiek, te weten het gemeentefonds. 3.3. Omgevingdienst (v.h. Regionale Uitvoeringsdienst) Verbonden partij Omgevingsdienst (v.h.
Regionale Uitvoeringsdienst (RUD)) IJsselland Activiteiten De RUD is een netwerkorganisatie op het gebied van de milieuwetgeving, - regelgeving en – handhaving. Inhoudelijk belang Het is een publiek belang dat de gemeente de wettelijke milieutaken uitvoert op een regionale schaal om zo minder kwetsbaar en meer efficiënt te zijn. Bestuursprogramma Duurzaam Deelnemende partijen Provincie Overijsel en de gemeenten Dalfsen, Deventer, Hardenberg, Kampen, Olst-Wijhe, Ommen, Raalte, Staphorst, Steenwijkerland, Zwartewaterland en Zwolle. Aandeel en zeggenschap De gemeente heeft een zetel in het bestuur. Het bestuur bestaat uit de vertegenwoordigers van de colleges en gedeputeerde staten. Vertegenwoordiger Wethouder Bijl-Oord 117 Ontwikkelingen De nog relatief jonge organisatie gaat de komende jaren aan de slag om een efficiencyverbetering door te voeren. Verder zien we op het werkveld van de Omgevingsdienst veel nieuwe ontwikkelingen, zoals de komst van de Omgevingswet met het bijbehorende Digitale Stelsel Omgevingswet (DSO) en de opgaven op het gebied van energie, duurzaamheid en klimaatadaptatie. Ook de sanering van asbestdaken < 2028 in Overijssel is een dossier dat onze aandacht vraagt. In overleg met de 12 deelnemers van de Omgevingsdienst wordt de kennis en expertise ingezet om op deze dossiers de gewenste resultaten te boeken.
De primaire meerwaarde van de Omgevingsdienst is natuurlijk gelegen in de uitvoering van vergunningverlening, toezicht en handhaving van de milieutaken. In het volgende jaar van ons bestaan zullen we de basis hiervan verder verstevigen en uitbouwen. In 2022 en verder zullen wij ook de samenwerking met de Veiligheidsregio en de GGD verder intensiveren. Beide gemeenschappelijke regelingen zijn ook actief in het fysieke domein. Risico’s Het verslagjaar stond in het teken van Samen Toekomstbestendig. Er is hard gewerkt om vanaf 2022 de bezetting van het bedrijfsbureau op orde te krijgen. Maar ook is veel energie gestoken in maatregelen die een toekomstige werking hebben. De begroting 2023 zal beter aansluiten op het takenpakket van de dienst en zal meer inzicht bieden in totstandkoming van de budgetten. 3.4. Jeugdzorg IJsselland (RSJ) Verbonden partij Uitvoeringsorganisatie Jeugdzorg IJsselland Activiteiten De uitvoeringsorganisatie fungeert als aankoopcentrale voor gemeenten. Verder beheert de uitvoeringsorganisatie namens de gemeenten de in het kader van de inkoop gesloten overeenkomsten. Sinds januari 2018 valt ook de coördinatie van de beleidsafstemming tussen de 11 gemeenten onder de gemeenschappelijke regeling.
Inhoudelijk belang Het is een publiek belang dat voor de gemeente de wettelijke jeugdhulptaken worden uitgevoerd en de gemeente daarbij regionaal samenwerkt om zo efficiënt mogelijk te zijn. .Gekozen is voor een lichte vorm van samenwerking ofwel de uitvoerende taken en niet de beleidsvormende taken. Bestuursprogramma Samenredzaam Deelnemende partijen De gemeenten Dalfsen, Deventer, Hardenberg, Kampen, Olst-Wijhe, Ommen, Raalte, Staphorst, Steenwijkerland, Zwartewaterland en Zwolle. Aandeel en zeggenschap De gemeente heeft een zetel in het bestuur. Het college wijst uit haar midden één lid van het bestuur aan. Vertegenwoordiger Wethouder Jongman-Smit
118 Ontwikkelingen De 1 e helft van 2021 stond voornamelijk in het teken van de ontwikkeling van de Regionale Visie Jeugdhulp IJsselland 2021-2025. Zo hebben aanbieders, toegangen van gemeenten, bestuurders, gemeenteraden, beleidsadviseurs maar ook jongeren hun input kunnen leveren. De komende jaren moet deze visie verder worden uitgewerkt en in de praktijk worden gebracht. Bovenregionale samenwerking krijgt een steeds prominentere positie mede door de inzet van de landelijke overheid. Met de inzet van verschillende SPUK-regelingen zet de landelijke overheid in op bovenregionale samenwerking op thema’s zoals Acute aanpak wachtlijsten GGZ, JeugdzorgPlus en drie milieuvoorzieningen. Vanuit RSJ IJsselland worden de SPUK-regelingen in nauwe samenwerking met de kwartiermaker Transformatie opgepakt. In navolging van de bestuurlijke 24-uurs is er in 2021 een opzet gemaakt voor de uitvoering van visitaties. Doel hiervan is om gemeenten van elkaar te laten leren op het thema ópdrachtgeverschap in het sociaal domein’. De insteek van de visitatie zal per gemeente verschillen en is afhankelijk van de leerbehoefte van de betreffende gemeente. Risico’s Het jaar 2019 is een start gemaakt met het uitwerken van het ‘werkgeverschap’. In2021 is een besluit genomen door het bestuur om zo veel mogelijk te werken met medewerkers in loondienst.
De personeels- en salarisadministratie is ingericht en de eerste medewerkers zijn in loondienst gekomen. Hiermee bouwt RSJ IJsselland aan stabiliteit. Een ander risico betreft de financiële uitkomsten van het nieuwe inkoopmodel. Deze zullen worden vooraf onderzocht en daarna gemonitord. 119 4.7 Uitvoering grondbeleid 2021 In 2021 zijn in de gemeentelijke grondexploitaties meer particuliere kavels verkocht (62) dan verwacht (29). De bouw van sociale huurwoningen door de woningcorporaties heeft vertraging opgelopen waardoor er in 2021 geen enkele kavel is verkocht. Voor bedrijventerreinen geldt dat er meer is verkocht (8.325 m2) dan verwacht (20,042 m2). De prognose van de verwachte grondverkopen in de grondexploitaties is voor de lange termijn gebaseerd op de historische uitgifte en voor de korte termijn op opties. De verwachtingen voor 2022 en verder voor wat betreft de uitgifte van kavels worden niet zozeer getemperd door de verwachte vraag maar meer door het beperkte aanbod van kavels in de diverse grondexploitaties. Naar aanleiding van achterblijvende grondverkopen is een deel van het bedrijventerrein Boterberg Zuid verhuurd als zonnepark tot 1 januari 2034. Voor deze grondexploitatie is een langere looptijd vastgesteld dan de geldende richttermijn vanuit het BBV van maximaal 10 jaar.
Bij de herziening van de grondexploitaties per 1-1-2022 is dit deel van de grondexploitatie ingerekend in de jaren 2034 tot en met 2038. Naar aanleiding van de aantrekkende woningmarkt is de verwachting ten aanzien van de verkoop van kavels in de grondexploitatie Kornputkwartier bijgesteld en valt weer binnen de 10-jaars termijn. . Nota Grondbeleid 2020-2024 Op 17 december 2019 is de Nota Grondbeleid 2020-2024 vastgesteld. Voor de visie op het grondbeleid en de wijze waarop het grondbeleid wordt gevoerd wordt verwezen naar de Nota Grondbeleid 2020-2024. Grondbeleid is in zijn algemeenheid een middel om ruimtelijke doelstellingen te realiseren, bijvoorbeeld op het gebied van volkshuisvesting, lokale economie, natuur en groen, infrastructuur, duurzaamheid of maatschappelijke voorzieningen. Het grondbeleid is daarmee een vorm van ‘facetbeleid’ dat volgend/dienend is aan het ‘sectorale beleid’. Het beleidsmatige uitgangspunt van de gemeente Steenwijkerland is faciliterend grondbeleid, tenzij vanwege volkshuisvestelijke en/of economische redenen actief grondbeleid gewenst is. Per 25 januari 2022 is de Woonagenda 2022-2026 vastgesteld waarin is besloten om meer sturend op te treden in de vorm van actief grondbeleid in kernen waar de vraag niet wordt opgepakt door inwoners zelf of door marktpartijen.
Belangrijke gebeurtenissen 2021 In 2021 hebben zich een aantal ontwikkelingen voorgedaan die gevolgen hebben voor de financiële positie van het gemeentelijke grondbedrijf. De grondprijzenbrief 2022 is op 21 december 2021 vastgesteld door het college en ter kennisname verstuurd naar de raad. De grondprijzen opgenomen in de grondprijzenbrief 2022 zijn verwerkt bij de herziening van de grondexploitaties per 1-1-2022. De grondprijzen van de kavels voor woningbouw zijn in 2022 verhoogd met 2,5% ten opzichte van 2021. In 2021 zijn de verkoopprijzen van koopwoningen aanzienlijk gestegen tegenover een geringe stijging van de bouwkosten. De toename van deze marge biedt ruimte voor een stijging van de grondprijzen. De grondprijzen van de kavels voor bedrijfsterreinen hebben wij verhoogd met 1,5% ten opzichte van 2021. Dit is gelijk aan de jaarlijkse opbrengstenstijging waarmee rekening hebben gehouden in de meerjarenbegroting 2022-2025. De verhoging van de grondprijzen heeft hiermee dus uitsluitend een positief effect op de woningbouw grondexploitatieresultaten. De parameter rente en kosten- en opbrengstenstijging zijn vastgesteld op 0,75% respectievelijk 2% en 1,5%. Programma Woningbouw In 2021 zijn in totaal 62 woningbouwkavels verkocht (particulier + projectmatig), terwijl de prognose uitging van de verkoop van 29 woningbouwkavels (particulier + projectmatig).
Hiermee is in 2021 meer verkocht dan verwacht. De woningbouwafspraken met de woningcorporaties over de afname van kavels voor de bouw van sociale huurwoningen in 2021 bleken niet haalbaar en zijn nu gefaseerd in de jaren 2022 tot en met 2024.
120 Programma Bedrijventerreinen In 2021 is ten opzichte van de prognose bijna het dubbele aantal m2 bedrijventerrein uitgegeven. Daar staat tegenover dat afgelopen jaren de werkelijke verkopen aanzienlijk lager waren dan de geschatte 2,3 hectare per jaar volgens het document Afspraken Regionale Bedrijventerreinen Programmering West Overijssel 2019-2022. Een positieve ontwikkeling is ook dat op het particuliere bedrijventerrein Eeserwold te Steenwijk ruim 12 hectare is verkocht. Eind 2021 is de totale gemeentelijke voorraad circa 5,6 hectare. Resultaten De prognose van het gezamenlijk resultaat op eindwaarde van de onderhanden grondexploitaties was eind 2020 € 4,6 miljoen positief. De prognose van het gezamenlijk resultaat op eindwaarde van de onderhanden grondexploitaties was eind 2021 € 4,1 miljoen positief. Dat is een vermindering van circa 0,5 miljoen, met name veroorzaakt door winstneming in de woningbouwcomplex Giethoorn Noord. Door de mutaties in de grondexploitaties en de invoering van de POC-methode kunnen en moeten er in verschillende complexen winsten genomen worden, terwijl in andere complexen verliezen moeten worden genomen. Per saldo betekent dit voor 2021 een winst binnen het grondbedrijf van circa € 0,4 miljoen. In 2021 is een winst van € 0,5 miljoen toegevoegd aan de Algemene Reserve vrij besteedbaar.
Met de vaststelling van de Nota Reserves en voorzieningen op 19 december 2017 is de Algemene Reserves Grondexploitatie (ARG) opgegaan in de Algemene Reserve vaste Buffer. Hiermee wordt benadrukt dat het grondbedrijf deel uitmaakt van de algemene dienst en geen apart onderdeel is binnen de financiële huishouding van de gemeente. Het totale risico binnen de grondexploitaties is op basis van de jaarrekening 2021 ca. € 1,88 miljoen (2020: € 2,65 miljoen). In de paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing wordt het totale pakket aan risico’s gepresenteerd. 121 5. Verklaring Ensia De gemeente staat midden in de informatiesamenleving en draagt daar actief aan bij. Inwoners en ondernemers moeten kunnen rekenen op een betrouwbare overheid die informatie duurzaam toegankelijk, vindbaar, juist en volledig beschikbaar heeft en veilig en met inachtneming van de privacy persoonsgegevens opslaat. Dit is noodzakelijk voor het goed functioneren van de gemeente en is de basis voor het beschermen van de rechten van inwoners en ondernemers. Het College van B&W legt verantwoording af over de kwaliteit van de informatieveiligheid. Hierbij wordt gebruik gemaakt van de zogenaamde ENSIA15 methode. De horizontale verantwoording die hieruit ontstaat bestaat uit een zelfevaluatie en een verklaring van het College van B&W over de (informatie)veiligheid van de diverse informatiesystemen.
Het gaat dan over de geselecteerde beveiligingsnormen inzake DigiD16, Suwinet17, BAG18, BGT19, BRO20, WOZ21, BRP22 en PUN23. IB beleid, doelstellingen en afspraken. Onder informatiebeveiliging wordt verstaan het treffen en onderhouden van een samenhangend pakket van maatregelen om de betrouwbaarheid van de informatievoorziening aantoonbaar te waarborgen. Kernpunten daarbij zijn beschikbaarheid, integriteit (juistheid) en vertrouwelijkheid van persoonsgegevens en andere informatie. Het informatiebeveiligingsbeleid geldt voor alle processen van de gemeente en borgt daarmee de informatievoorziening gedurende de hele levenscyclus van informatiesystemen, ongeacht de toegepaste technologie en ongeacht het karakter van de informatie. Het beperkt zich niet alleen tot de ICT en heeft betrekking op het politieke bestuur, alle medewerkers, inwoners en ondernemers, gasten, bezoekers en externe relaties. Algemeen beeld en resultaten afgelopen periode In 2019 is het strategische informatiebeveiligingsbeleid 2020-2022 vastgesteld. Dit (informatie)beveiligingsbeleid is richtinggevend en kaderstellend en wordt aangevuld met onderwerp specifieke beleidsdocumenten voor informatiebeveiliging op tactisch niveau en werkinstructies op operationeel niveau. In 2021 is de verdere implementatie van het normenkader van de Baseline Informatiebeveiliging Overheid (BIO) opgepakt.
Tevens is in 2021 het strategische beleid privacy, informatieveiligheid en informatiebeheer opgesteld. Hiermee is de onlosmakelijke verbondenheid van de onderwerpen informationele privacy, informatiebeveiliging en informatiebeheer benadrukt. Collegeverklaring Op 5 april 2022 heeft het college de Ensia verklaring 2021 vastgesteld waarna de IT auditor hierop assurance heeft verleend. Meerjarenperspectief De belangrijkste trends en ontwikkelingen voor de gemeentelijk informatieveiligheid voor 2022 zijn: 1.Het waarborgen van een veilige omgeving voor alle gegevens die wij verwerken op basis van de 7 in het beleid gestelde uitgangspunten te weten: betrouwbaarheid, verantwoordelijkheid, risk-based, integrale aanpak, leren en ervaren, maatwerk per domein en de één loket gedachte. 2.De moderne informatie- en communicatietechnologieën (IT) hebben de samenleving ingrijpend gewijzigd. We raken steeds meer bedreven en afhankelijk van IT. Bij digitalisering gaat het om evenwicht te scheppen tussen innoveren om de dienstverlening te verbeteren en informatieveiligheid. Aan beide aspecten moet zorgvuldig aandacht worden besteed. Digitale veiligheid, of cybersecurity, in hierbij van vitaal belang voor een stabiele samenleving en organisatie. Op basis hiervan is informatieveiligheid, privacy en stabiliteit als topprioriteit benoemd in de i-Visie 2022-2024.
15 Eenduidige Normatiek Single Information Audit 16 Digitale Identiteit 17 De Gemeenschappelijke elektronische Voorziening Suwi (GeVS, ook wel Suwinet genoemd) 18 Basisregistratie Adressen en Gebouwen 19 Basisregistratie Grootschalige Topografie 20 Basisregistratie Ondergrond 21 Wet Onroerende Zaken 22 Basisregistratie Personen 23 Paspoort Uitvoeringsregeling Nederland