Jaarrekening 2021 - def.pdf
Tekst van het document
Jaarrekening 2021
1 Jaarrekening 2021 1. INLEIDING ......................................................................................................................................................... 3 1.1 Resultaat rekening 2021........................................................................................................................... 3 1.1.1 Beleidsrekening 2021 ............................................................................................................................... 4 1.1.2 Bedrijfsvoering 2021 (overhead) ............................................................................................................. 4 1.2 Rechtmatigheid ......................................................................................................................................... 5 1.3 Coronacrisis .............................................................................................................................................. 6 1.4 Voorstel tot bestemming van het resultaat 2021 .................................................................................... 7 1.6 Het overzicht van baten en lasten ...........................................................................................................
9 1.7 De balans ..................................................................................................................................................10 1.8 Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling ............................................................................12 2. TOELICHTING OP HET OVERZICHT VAN BATEN EN LASTEN ....................................................... 16 2.1 Inwoner op 1 ............................................................................................................................................16 2.2 Duurzaam ................................................................................................................................................22 2.3 Werk aan de winkel ................................................................................................................................25 2.4 Samenredzaam ........................................................................................................................................28 2.5 Mijn Steenwijkerland .............................................................................................................................35 2.6 Financiën en bedrijfsvoering ..................................................................................................................41 2.7 Grondexploitaties
....................................................................................................................................45 2.8 Overzicht algemene dekkingsmiddelen, dividend, overhead, beleggingen en onvoorzien ................53 3. TOELICHTING OP DE BALANS .................................................................................................................. 55 3.1 Toelichting op de vaste activa.................................................................................................................55 3.2 Toelichting op de vlottende activa..........................................................................................................59 3.3 Toelichting op de vaste passiva ..............................................................................................................64 3.4 Toelichting op de vlottende passiva .......................................................................................................65 3.5 Schatkistbankieren ..................................................................................................................................68 3.6 Garanties ..................................................................................................................................................69 BIJLAGEN
................................................................................................................................................................ 71 Bijlage 1: Controleverklaring van de onafhankelijke accountant .........................................................................71 Bijlage 2: Beleidsindicatoren ....................................................................................................................................72 Bijlage 3: Verloop reserves en Voorzieningen .........................................................................................................74 Bijlage 4: Mutaties reserves per programma ..........................................................................................................75 Bijlage 5: Incidentele baten en lasten / Structurele toevoegingen en onttrekkingen aan en van reserves ..........77 Bijlage 7: Restantkredieten: Ten laste van reserves / Geactiveerde investeringen .............................................86 Bijlage 8: Mutaties in de reserves en voorzieningen ...............................................................................................90 Bijlage 9: Bijlage Taakvelden ..................................................................................................................................94 Bijlage 10: SISA, verantwoording specifieke uitkeringen
......................................................................................97 2 3 1. Inleiding Aan de leden van de gemeenteraad, Hierbij bieden wij u de jaarrekening 2021 van de gemeente Steenwijkerland aan. In deze jaarrekening vindt u het totale financiële beeld over het afgelopen jaar van onze activiteiten. Aan u de vraag deze jaarrekening in uw raadsvergadering van 5 juli aanstaande vast te stellen. In navolging van het jaar 2020 is ook 2021 een bijzonder jaar. Een jaar waarin na een aanvankelijk glorende verwachting, de samenleving toch weer te maken kreeg met steeds meer besmettingen uitmondend in een avondlockdown en meer strengere maatregelen begin december 2021. Geconstateerd moet worden dat ook in 2021 de coronacrisis op veel van onze activiteiten effect heeft gehad. De crisis bracht op allerlei vlak en voor iedereen onzekerheid. Het bracht ook onzekerheid in onze gemeentelijke financiën. Medio 2021, na de Perspectiefnota, was er nog sprake van een negatief financieel beeld. Met de publicatie van de meicirculaire en de extra middelen voor de jeugdzorg is het financiële beeld in de Najaarsnota voor 2021 omgeslagen in een positief resultaat van bijna € 1,5 miljoen. Uiteindelijk is het resultaat uitgekomen op een positief saldo van bijna € 3,1 miljoen.
Alle onderliggende resultaten, behorende bij dit positieve eindresultaat vindt u uitgebreid terug in deze jaarrekening 2021. Als college wensen wij u veel succes met het doornemen van deze resultaten en het voorbereiden van de besprekingen van dit document tijdens de politieke markt en raadsvergadering. 1.1 Resultaat rekening 2021 De jaarrekening van de gemeente Steenwijkerland geeft over het jaar 2021 na bestemming een positief saldo van bijna € 3,1 miljoen, 2,2% van de lasten van de exploitatierekening. Tabel 1.1 Resultaat rekening 2021: Door het positieve rekeningsaldo stijgt de reservepositie (inclusief rekeningresultaat) naar € 46,3 miljoen (2020: € 44,1 miljoen). Deze reservepositie zal op basis van de door de raad beschikbaar gestelde en nog beschikbare kredieten in 2022 afnemen naar bijna € 37,1miljoen. 1 1 Op basis van de eind 2021 nog beschikbare en door de raad beschikbaar gestelde kredieten van € 9,212 miljoen, exclusief raadsbesluiten 2022 en meerjarenbegroting.
4 1.1.1 Beleidsrekening 2021 De financiële resultaten 2021 per programma 2 geven het volgende beeld te zien: Tabel 1.2 Resultaten per programma 2021 : In hoofdstuk 2 staat per programma een analyse. Bij de vaststelling van de Najaarsnota 2020 heeft de gemeenteraad besloten om vanaf 2020 geen exploitatiebudgetten meer over te hevelen van het ene naar het andere jaar. Vanwege de coronacrisis en de vanuit het rijk beschikbaar gestelde compensatiebudgetten heeft de raad op 8 maart jl besloten om, voor zover hier sprake is van eenmalige budgetten die in 2022 tot besteding komen, een uitzondering te maken. In deze rekening is al rekening gehouden met dit raadsbesluit. 1.1.2 Bedrijfsvoering 2021 (overhead) Het saldo van de post overhead (bedrijfsvoering) 2021 sluit met een negatief saldo van € 618.000. Door een bijdrage van de bedrijfsreserve ter grootte van € 292.000 is het resultaat in de rekening 2021 € 326.000 negatief. De bedrijfsreserve is geheel ingezet en heeft eind 2021 een stand van 0. 2 Inclusief grondexploitatie
5 Onderstaand overzicht geeft u inzicht in de saldi 2021. Tabel 1.3 Saldi bedrijfsvoering 2021: Ook 2021 kan niet worden aangemerkt als een “normaal” jaar. Was er in de zomer aanleiding voor optimisme door de vaccinaties, eind 2021 werden we wederom geconfronteerd met noodzakelijke beperkingen om de besmettingsspiraal om te buigen. In 2021 was er flexibiliteit en extra inzet benodigd om de stroom van werkzaamheden, informatievoorziening en begeleiding van aanvragen voor de meerdere compensatieregelingen voor burgers, bedrijven ,verenigingen en de gemeente in goede banen te leiden. De druk op de organisatie is in 2021 verder opgelopen. Dit zien we terug in de oplopende verlofuren en het oplopend ziekteverzuim. Financieel heeft dit geleid tot een verdere toename van verlofuren, met als resultaat een toekomstige schuldtoename van € 169.000. De in januari 2022 uiteindelijk door partijen goedgekeurde CAO voor gemeenteambtenaren heeft ook voor de jaarrekening 2021 nog aanzienlijke financiële consequenties. Omdat de CAO ook betrekking heeft op 2021 is een te betalen post opgenomen van € 562.000. 1.2 Rechtmatigheid De rechtmatigheid wordt getoetst aan de hand van het door de raad vastgestelde normenkader. Bij een aantal programma’s is sprake van een overschrijding van het budget.
Deze overschrijdingen zijn toegelicht en passen binnen het bestaande beleid van de gemeente Steenwijkerland. Dat houdt in dat er geen sprake is van begrotingsonrechtmatigheid.
6 Op 1 januari 2015 zijn taken in het kader van de decentralisaties naar gemeenten overgedragen. Vanaf 2015 heeft de SVB geen goedkeurende verklaring gekregen. Voor onze gemeente heeft dit mogelijk consequenties. Controleverklaringen van de zorginstellingen, SVB en overige partijen werken door in het oordeel van onze controleverklaring. De problematiek vanaf 2015 tot op heden, het uitblijven van duidelijke afspraken en de uitloop van declaraties tot en met 15 maart 2022 hebben gevolgen voor de inhoud van onze verklaring. Vanuit de organisatie is op deze ontwikkelingen geanticipeerd door zelf actief de prestatielevering van de PGB volledig te monitoren. Vanaf 2018 werkt de gemeente bij zorg in natura met een gewijzigde bekostigingsmethodiek. Bij deze resultaatgerichte methode wordt bij aanvang van de behandeling 70% van de bekostiging voldaan. Na afronding van de behandeling met een positief resultaat volgt het resterende bedrag van 30%. Omdat deze behandelingen verschillende doorlooptijden hebben, de behandeling in 2020 / 2021 wel is aangevangen maar ook in 2022 verder zal voortduren is een bedrag van € 65,000 (2020 € 316.000) als vooruitbetaald opgenomen in de rekening 2021. Deze kosten komen ten laste van het jaar 2022. 1.3 Coronacrisis Na 31 december 2020 is er geen einde gekomen aan de coronacrisis.
In Nederland heeft de crisis in januari 2021 geleid tot een lockdown en een avondklok. Eind 2021 zijn er, na een aanvankelijke verbeterde situatie, verscherpte richtlijnen gekomen nadat de “omikron” variant zich zeer sterk verspreide. Begin 2022 zijn deze richtlijnen weer versoepeld. Al met al heeft dit in 2021 wederom geleid tot ongekende aanpassingen voor ons dagelijkse leven. De impact op het sociale leven is groot voor onze inwoners en ondernemers. Of en in welke mate er in 2022 sprake is van een financiële impact is sterk afhankelijk van het einde van de crisis. Om in 2022 onze inwoners en ondernemers te kunnen blijven ondersteunen heeft de raad een budget van € 917.000 ten laste van de rekening 2021 voor 2022 beschikbaar gesteld om corona gerelateerde compensatie te kunnen geven. Voor de zorg gerelateerde coronasteun is in de Najaarsnota een bedrag van € 1,2 miljoen toegevoegd aan de reserve Sociaal domein om voor de jaren 2022 en 2023 hogere kosten vanwege de corona in de zorg op te kunnen vangen. In zowel 2020 als in 2021 zijn door het rijk compensatieregelingen beschikbaar gesteld om noodzakelijke lasten te kunnen voldoen. Dit heeft in 2020 en 2021 niet geleid tot grote financiële tekorten voor de gemeente.
Bij een opleving van de coronacrisis in 2022 kunnen zich naar verwachting de volgende effecten voordoen: o Toegenomen uitgaven voor inkomensondersteuning; o Onzekerheden op het gebied van uitgaven voor onderwijs; o Lagere /wegvallende inkomsten (bijv. havengelden, toeristenbelasting, forensenbelasting, dividenden); o Onderuitputting op investeringen; o Stagnatie van mogelijke uitgifte van gronden van de grondexploitaties; o Extra lasten voor noodzakelijke kindercrisisopvang, laptops en licenties voor thuiswerk- systemen; o Nadelige effecten op de kengetallen van de gemeente (solvabiliteit, netto schuldpositie en grondexploitatie; o Rechtmatigheidsproblemen bij het blijven doorbetalen van jeugdzorg conform de oproep van de Vereniging voor Nederlandse Gemeenten. 7 Samenvattend betekent dit dat de financiële consequenties voor de gemeente niet goed zijn in te schatten. Processen en sturing worden zo goed mogelijk ingericht om met alle onzekerheden om te gaan, waar mogelijk duidelijkheid te krijgen over de impact op de financiële situatie en een deugdelijke administratie te blijven voeren, waardoor de rechtmatigheid van uitgaven en inkomsten mogelijk blijft. In 2020 en 2021 zijn bovengenoemde effecten maar deels en soms in het geheel niet opgetreden. De gemeente heeft vanwege de coronapandemie in 2021 extra werkzaamheden moeten uitvoeren.
Ambtelijk liggen deze werkzaamheden voor een groot deel in de uitvoering en verantwoording. Communicatie, TOZO3 regeling, TONK4 regeling, de kinderopvang voor essentiële beroepen, handhaving, huurcompensatie van sport-instellingen etc. 1.4 Voorstel tot bestemming van het resultaat 2021 Voorstel tot bestemming van het resultaat 2021: - Geen middelen toevoegen aan de reserve vaste buffer - Een bedrag van € 88.000 beschikbaar te stellen voor de uitvoering van het Sportakkoord 2022 - Een bedrag van afgerond € 3.003.000 ten gunste brengen van de Algemene reserve vrij besteedbaar 1. Norm vaste Buffer De gemeente Steenwijkerland hanteert een norm van 15% voor het opvangen van risico’s. Eind 2021 bedraagt deze norm op grond van de nota reserves en voorzieningen: Eind 2021 is de omvang van de reserve € 13,6 miljoen exclusief uitname vitaliteitsfonds. Met inachtneming van de dotatie in de begroting 2022-2025 zal deze toenemen tot € 13,9 miljoen. Op 19 december 2017 heeft de raad de nota Reserves en voorzieningen vastgesteld. Hierin is een norm vastgesteld van 15% waarbij een bandbreedte van 5% gedurende maximaal 3 jaren is toegestaan. Op grond van de nota Reserves en voorzieningen is geen aanvulling tot de norm vereist. 3 TOZO: Tijdelijke Overbruggingsregeling Zelfstandige Ondernemers 4 TONK: Tijdelijke Ondersteuning Noodzakelijke Kosten
8 2. Sportakkoord Voor sport en bewegen geldt dat er in 2021 een specifieke uitkering vanuit het rijk is ontvangen (SPUK Sportakkoord) en er is gemeentelijk budget voor de uitvoering van activiteiten op het gebied van sport en bewegen. De kosten voor sport en bewegen zijn in 2021 zoveel mogelijk meegenomen in de SISA 5 verantwoording Sportakkoord omdat deze bijdrage na 2022 terugvloeit naar het rijk als de middelen niet besteed zijn. Hierdoor is een bedrag van € 88.000 van het gemeentelijk budget niet uitgegeven. Dit budget is nog wel nodig voor de uitvoering van een deel van de activiteiten uit het Sportakkoord in het jaar 2022. 3. Algemene reserve vrij besteedbaar Voorgesteld wordt om het resterende saldo 2021 van afgerond € 3.003.000 ten gunste van de Algemene reserve vrij besteedbaar te brengen. Resumé : Voorstel tot bestemming 5 Single Information Single Audit, bijlage 10 van de rekening
9 1.6 Het overzicht van baten en lasten 6 6 De actuele begroting is ten opzichte van de primitieve begroting in alle programma’s hoger op zowel de baten en lasten als de mutaties in de reserves. Dit wordt veroorzaakt door nieuwe besluiten van de raad, maar met name door de restantkredieten zoals in de jaarrekening 2020 in bijlage 7 zijn opgenomen.
10 1.7 De balans
11
12 1.8 Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling 1.8.1 Inleiding De jaarrekening is opgemaakt met inachtneming van de voorschriften die het Besluit Begroting en Verantwoording ( BBV) provincies en gemeenten daarvoor geeft. Algemene grondslagen voor het opstellen van de jaarrekening De waardering van de activa en passiva en de bepaling van het resultaat vindt plaats op basis van historische kosten. Tenzij bij het desbetreffende balanshoofd anders is vermeld, worden de activa en passiva opgenomen tegen nominale waarden. De baten en lasten worden toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben. Baten en winsten worden slechts genomen voor zover zij op de balansdatum zijn gerealiseerd. Verliezen en risico's die hun oorsprong vinden voor het einde van het begrotingsjaar, worden in acht genomen indien zij voor het opmaken van de jaarrekening bekend zijn. Dividendopbrengsten van deelnemingen worden als baten genomen op het moment waarop het dividend betaalbaar gesteld wordt, tenzij garantstellingen zijn afgegeven. Voor verplichtingen die gerelateerd zijn aan arbeidskosten en die jaarlijks een vergelijkbaar volume hebben arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van een jaarlijks vergelijkbaar volume wordt geen voorziening getroffen of op andere wijze een verplichting opgenomen. De referentieperiode is dezelfde als die van de meerjarenraming; te weten vier jaar.
Indien sprake is van (eenmalige) schokeffecten (bijv. reorganisaties) moet wel een verplichting gevormd worden. 1.8.2 Balans Vaste activa Artikel 59 BBV schrijft voor dat alle investeringen moeten worden geactiveerd. Kunstvoorwerpen met een cultuurhistorische waarde zijn hiervan uitgesloten. Tot en met 2016 was het toegestaan om investeringen met maatschappelijk nut ten laste van reserves te brengen en dus niet te activeren. Met ingang van 2017 is dit niet meer mogelijk. Immateriële vaste activa De immateriële vaste activa worden overeenkomstig artikel 9 van en de bijlage bij de ‘Financiële verordening gemeente Steenwijkerland’ niet geactiveerd. Met ingang van 2016 worden bijdragen aan activa van derden onder de immateriële vaste activa geadministreerd. Materiële vaste activa met economisch nut. De in erfpacht uitgegeven percelen zijn gewaardeerd tegen de eerste uitgifteprijs (i.c. de waarde die bij eerste uitgifte als basis voor de canonberekening in aanmerking is genomen). De overige investeringen met economisch nut zijn gewaardeerd tegen de verkrijgings- of vervaardigingsprijs. Specifieke investeringsbijdragen van derden worden op de desbetreffende investering in mindering gebracht; in die gevallen wordt op het saldo afgeschreven. Slijtende investeringen worden vanaf het moment van ingebruikneming lineair afgeschreven op basis van de verwachte gebruiksduur.
Op grondbezit met economisch nut (buiten de openbare ruimte) wordt niet afgeschreven. Bij de waardering wordt in voorkomende gevallen rekening gehouden met een bijzondere 13 vermindering van de waarde, indien deze naar verwachting duurzaam is. In het rekeningjaar heeft een dergelijke vermindering overigens niet plaatsgevonden. Volledigheidshalve vermelden wij dat op investeringen die vóór 2004 gedaan zijn, in het desbetreffende verslagjaar, soms extra is afgeschreven zonder economische noodzaak (ter verlichting van toekomstige lasten). Ook zijn in voorkomende gevallen reserves op dergelijke investeringen afgeboekt. Op grond van artikel 65 van het BBV wordt bij de waardering van de vaste activa rekening gehouden met een vermindering van hun waarde, indien deze vermindering naar verwachting duurzaam is. Op de waarde van activa met economisch nut mogen vanaf 1-1-2004 reserves niet meer in mindering worden gebracht. Investeringssubsidies en andere bijdragen van derden mogen wel in mindering worden gebracht. Compensabele BTW wordt niet geactiveerd. Materiële vaste activa met maatschappelijk nut Met ingang van 2017 zijn de voorschriften voor investeringen met maatschappelijk nut ( wegen, bruggen) aangepast. Tot en met 2016 was het toegestaan deze investeringen ten laste van een reserve te brengen ter voorkoming van toekomstige lasten.
Vanaf 2017 moeten investeringen met maatschappelijk nut evenals investeringen met economisch nut geactiveerd te worden. Financiële verordening Op 18 december 2018 heeft de raad een nieuwe Financiële verordening vastgesteld. In deze verordening zijn in een bijlage de te hanteren afschrijvingstermijnen vanaf 2018 opgenomen. De gehanteerde afschrijvingstermijnen zijn overeenkomstig deze verordening, tenzij het college met instemming van de gemeenteraad bewust is afgeweken van de in deze verordening opgenomen afschrijvingstabel. Financiële vaste activa Kapitaalverstrekkingen aan gemeenschappelijke regelingen en leningen u/g zijn opgenomen tegen nominale waarde. Zo nodig is een voorziening voor verwachte oninbaarheid in mindering gebracht. Participaties in het aandelenkapitaal van NV’s en BV’s (‘kapitaalverstrekkingen aan deelnemingen’ in de zin van het BBV) zijn gewaardeerd tegen de verkrijgingsprijs van de aandelen. Indien de waarde van de aandelen onverhoopt structureel mocht dalen tot onder de verkrijgingsprijs vindt afwaardering plaats. Tot dusver is een dergelijke afwaardering niet noodzakelijk gebleken.
14 Vlottende activa Voorraden Toekomstige aankopen voor bouwgrondontwikkeling zullen in eerste instantie onder de materiële vaste activa (MVA) worden opgenomen. Nadat de raad een besluit heeft genomen om de gronden in exploitatie te nemen worden deze onder de voorraden in de balans gepresenteerd. De als ‘onderhanden werken’ (bouwgrond in exploitatie, BIE) opgenomen bouwgronden in exploitatie zijn gewaardeerd tegen de vervaardigingsprijs dan wel de lagere marktwaarde. De vervaardigingsprijs omvat de kosten die rechtstreeks aan de vervaardiging kunnen worden toegerekend (zoals grondaankopen en kosten van bouw- en woonrijpmaken). Ook de rentekosten en de administratie- en beheerskosten minus de verkregen verkoopopbrengsten vallen hieronder. Winsten uit de grondexploitatie worden slechts genomen indien en voor zover die met voldoende mate van betrouwbaarheid als gerealiseerd aangemerkt kunnen worden. Deze winst werd tot en met 2016 berekend met inachtneming van de kaders van de door de raad op 8 december 2015 vastgestelde nota grond- en ontwikkelbeleid. Door een verplicht voorgeschreven wijziging in de verantwoordings- voorschriften moet met ingang van 2017 de POC (Percentage of Completion) methode worden toegepast.
Deze methode houdt in dat naar gelang de voortgang van een complex zowel in de kosten als de opbrengsten, eindresultaten in een veel eerder stadium als resultaat verwerkt moeten worden. Uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan één jaar De vorderingen worden gewaardeerd tegen nominale waarde. Voor verwachte oninbaarheid is een voorziening in mindering gebracht. De voorziening is bepaald op basis van de geschatte inningskansen, met inachtneming van de ouderdom van de vorderingen. Toelichting onzekerheid eigen bijdrage WMO Een aanvrager van een voorziening, hulp in de huishouding of een financiële tegemoetkoming (persoonsgebonden budget) is op grond van de WMO een bijdrage verschuldigd. De wetgever heeft bepaald dat de berekening, oplegging en incasso van deze eigen bijdrage wordt uitgevoerd door het CAK. De informatievoorziening van het CAK naar de gemeente is om privacyredenen beperkt. Hierdoor kan de gemeente niet de juistheid en volledigheid op persoonsniveau en op totaalniveau van de eigen bijdragen vaststellen. In de kadernota rechtmatigheid 2016 van de commissie BBV geeft deze commissie aan dat de wetgever in feite bepaald heeft dat de verantwoordelijkheid voor de juistheid en volledigheid van de eigen bijdrage geen gemeentelijke verantwoordelijkheid is. Dit betekent dat de gemeente geen zekerheid over de omvang en de hoogte van de eigen bijdrage kan krijgen.
Ingaande 2020 zijn de bijdragen op grond van een verplichte BBV uitspraak op basis van het kasstelsel opgenomen. Dit houdt in dat ontvangsten in 2022 , die betrekking hebben op 2021 niet zijn opgenomen. Liquide middelen en overlopende posten Deze activa worden tegen nominale waarde opgenomen. Vaste passiva Reserves De reserves worden tegen nominale waarde opgenomen. Voorzieningen 15 Voorzieningen worden gewaardeerd op het nominale bedrag van de betrokken verplichting c.q. het voorzienbare verlies. Onder de voorzieningen zijn ook opgenomen de voorziening riolering en afvalverwijdering omdat dit door derden verkregen middelen zijn. De waardering van de voorziening pensioenverplichtingen en pensioenbetalingen van voormalige bestuurders tegen actuariële waarde is gebaseerd op de meest recente overlevingstabel van het Actuarieel Genootschap ( de GBM/GBV 2013/2018 met leeftijdsterugstelling) en de circulaire van het ministerie van BZK. Vaste schulden met een rentetypische looptijd van één jaar of langer Vaste schulden worden gewaardeerd tegen de nominale waarde verminderd met gedane aflossingen. De vaste schulden hebben een rentetypische looptijd van één jaar of langer. Vlottende passiva De vlottende passiva worden gewaardeerd tegen de nominale waarde.
Vennootschapsbelasting Ondanks de afgesloten Vaststellingsovereenkomst met de belastingdienst bestaat er nog geen volledige zekerheid van de schuldpositie over de nog niet afgerekende jaren (2018 en 2019). In de rekening is geen schuldpositie opgenomen. Borg- en garantstellingen Voor zover leningen door de gemeente gewaarborgd zijn, is buiten telling het totaalbedrag van de geborgde schuldrestanten per einde boekjaar opgenomen. Overigens is in de toelichting op de balans nadere informatie opgenomen. Gebeurtenissen na balansdatum In 2020 is de wereld er veel anders uit gaan zien door de in februari / maart 2020 wereldwijd uitgebroken coronacrisis. Begin 2022 kunnen we nog niet stellen dat we hier geheel van zijn verlost. De versoepelingen zijn in februari van kracht geworden, maar we hebben geen zekerheid over het verdere verloop in 2022. De financiële impact 2021 is aanzienlijk. Hier staan in 2021 financiële compensatie via de algemene uitkering en meerdere regelingen van de departementen tegenover. Hoe groot de financiële impact voor 2022 zal zijn is nu onmogelijk te bepalen. We monitoren onze risico’s en die van onze partners voortdurend. Onze organisatie loopt geen risico voor de continuïteit. We bewaken onze liquiditeitspositie goed en nemen zo nodig maatregelen om onze taken gedurende deze crisis zo goed mogelijk te blijven uitvoeren.
Eind februari is Rusland Oekraïne binnengevallen. Wereldwijd is hier sterk tegen geprotesteerd. Deze crisis heeft vooral grote impact in Oost Europa, maar zal ook voor Nederland en dus ook voor Steenwijkerland gevolgen hebben. Vluchtelingenstromen komen op gang, inwoners uit Oekraïne worden opgevangen, maar ook heeft het zijn invloed op de prijzen van brandstoffen. De Rijksbegroting zal verder onder druk komen te staan. De inflatie neemt toe. Al met al zaken die niet van invloed zijn op het jaar 2021 maar zeker wel op 2022 en verdere jaren. 16 2. Toelichting op het overzicht van baten en lasten De presentatie van de rekening geschiedt overeenkomstig de aan ons opgelegde voorschriften, het zogenaamde Besluit Begroting en Verantwoording 2004 en is per programma opgebouwd. In de toelichtingen zijn alle afwijkingen van minimaal € 20.000 of 10% van het taakveld vermeld. Met ingang van 2017 zijn de BBV voorschriften aangepast en zijn de begroting en de rekening opgebouwd uit taakvelden. Tot en met 2016 waren de begroting en rekening nog gebaseerd op producten. In de rekening hebben wij voor de herkenning, indien nodig, de omschrijving van de producten nogmaals weergegeven.
2.1 Inwoner op 1 De lasten en baten van het programma Inwoner op 1 7: De belangrijkste verschillen tussen de realisatie en de raming na wijziging zijn: Bestuur Dit taakveld bestaat uit de voormalige producten raad en commissies, burgemeester en wethouders, representatie, bestuurlijke samenwerking, bestuursondersteuning raad en rekenkamer. Het financiële voordeel in de rekening omvat € 537.000 en bestaat uit 6 onderdelen: 7 De actuele begroting is ten opzichte van de primitieve begroting in alle programma’s hoger op zowel de baten en lasten als de mutaties in de reserves. Dit wordt veroorzaakt door nieuwe besluiten van de raad, maar met name door de restantkredieten zoals in de jaarrekening 2020 in bijlage 7 zijn opgenomen.
17 1. Pensioenoverdracht bestuurders In december 2021 zijn wij geïnformeerd over de omvang van de voorziening pensioenoverdracht. Voor de berekeningen van de omvang van de voorziening wordt gebruikgemaakt van de meest recente overlevingstabel (GBM / GBV 2014-2019 met leeftijdsterugstelling ) van het Actuarieel Genootschap en de actuele renteontwikkelingen. De (in december gepubliceerde) rekenrente is evenals bij andere pensioeninstellingen gestegen naar 0,528% (2020: 0,082%). Op grond van de APPA-regeling hebben bestuurders de mogelijkheid om pensioenverplichtingen over te brengen naar een ander pensioenfonds. Doen ze dit niet dan betaalt de gemeente het pensioen. Indien wel wordt overgestapt naar een ander pensioenfonds, dan is een afkoopsom verschuldigd. Deze afkoopsom wordt berekend op bovenvermelde rekenmethode. Omdat de rekenrente is gestegen is er voor de pensioenverplichtingen op termijn een lagere voorziening nodig. Dit financiële voordeel van € 260.000 komt ten gunste van de jaarrekening 2021. 2. Voorziening wachtgeld voormalige bestuurders Eind 2021 zijn er geen wachtgeldverplichtingen meer. Vanwege neveninkomsten kan er in de rekening 2021 een bedrag van € 16.000 vrijvallen ten gunste van het resultaat. 3. Betaling pensioenen voormalige bestuurders Voor pensioenbetalingen ontstaan na 1 januari 2015 geldt hetzelfde regime als bij pensioenoverdracht.
In 2015 zijn hiervoor de BBV 8 voorschriften aangepast. Ook hierbij wordt gebruikgemaakt van een extern opgemaakte berekening die is gebaseerd op de meest recente overlevingstabel van het Actuarieel Genootschap en de stand van bovenvermelde rekenrente. Evenals bij de pensioenoverdracht zorgt de rekenrente voor een eenmalig financieel voordeel van € 66.000. 4. Gemeenteraad / B&W In de rekening 2021 is een financieel voordelig saldo van € 90.000 zichtbaar, voornamelijk het gevolg van niet bestede budgetten voor reis- en verblijfkosten en opleidingen en lagere kosten voor de ombudsfunctie sociaal domein. 5. Representatie / Kindergemeenteraad Door zeer beperkte bestedingen en het niet doorgaan van de kindergemeenteraad is een positief saldo van € 40.000 ontstaan. 6. Overig De overige voordelen omvatten een bedrag van € 65.000 en hebben voornamelijk betrekking op onderbesteding op de onderdelen loonkosten griffie omdat een buurgemeente is ondersteund, de fractievergoedingen en accountantskosten lager zijn uitgevallen. In totaliteit een voordelig resultaat van de rekening 2021 van € 537.000. Wet Normering Topinkomens ( WNT) Per 1 januari 2013 is de Wet normering bezoldiging topfunctionarissen publieke- en semipublieke sector (WNT) ingegaan.
Deze verantwoording is opgesteld op basis van de volgende op de gemeente Steenwijkerland van toepassing zijnde regelgeving: het algemene WNT maximum. 8 Besluit Begroting en Verantwoording 18 Het bezoldigingsmaximum in 2021 voor de gemeente Steenwijkerland is € 209.000 (2019 € 201.000). Het weergegeven individuele WNT-maximum is berekend naar rato van de omvang (en voor topfunctionarissen tevens de duur) van het dienstverband, waarbij voor de berekening de omvang van het dienstverband nooit groter kan zijn dan 1 fte. Bezoldiging topfunctionarissen Onder topfunctionarissen worden verstaan: “Leidinggevende topfunctionarissen met dienstbetrekking en leidinggevende topfunctionarissen zonder dienstbetrekking vanaf de 13e maand van de functievervulling alsmede degenen die op grond van hun voormalige functie nog 4 jaar als topfunctionaris worden aangemerkt.” Overige rapportageverplichtingen op grond van de WNT Naast de hierboven vermelde topfunctionarissen zijn er geen overige functionarissen met dienstbetrekking die in 2021 een bezoldiging boven het individuele WNT-maximum hebben ontvangen .
19 Burgerzaken Het taakveld burgerzaken heeft per saldo een voordeel van € 23.000. Dit bestaat uit een nadeel op de baten en lasten van de leges burgerzaken van € 11.000 door met name hogere lasten voor naturalisatieverzoeken. Op het budget voor kadaster/vastgoed is een voordeel ontstaan van € 34.000. Dit voordeel is ontstaan door twee oorzaken. Een voordeel van € 17.000 op het maken van de luchtfoto’s. voor de BAG/BGT 9 en een voordeel op het budget voor de landmeter. Dit komt doordat de landmeter door de drukte niet alles kon meten en opleveren voor het einde van het jaar. Daarnaast zijn er weinig gereed meldingen gekomen voor zowel de BAG als de BGT door achterstanden in werkzaamheden waardoor er minder meldingen zijn ontvangen. Openbare orde en veiligheid APV Mede door de invoering van de vermakelijkheidsretributie zijn de totale legesopbrengsten € 69.000 hoger dan begroot. Daarnaast is er een voordeel van € 18.000 op het budget voor politiezaken. Na aftrek van een aantal kleine nadelen (voor een bedrag van € 2.000) is er onderaan de streep sprake van een voordeel van in totaal € 85.000. Crowdcontrol Giethoorn In het bidbook Leefbaar Giethoorn is met het project “stevig aanwezig” bijzondere aandacht voor de begeleiding van de toeristische verkeersstromen in Giethoorn (crowdcontrol). Hiervoor zijn in 2021 verkeersregelaars en buitengewoon opsporingsambtenaren ingezet.
De provinciale bijdrage hiervoor van € 92.000 kan pas worden ingeboekt als het project volledig is afgerond. Binnen dit project zijn in de coronaperiode van 2020 extra kosten gemaakt om in Giethoorn te zorgen voor een goede balans tussen de leefbaarheid voor eigen inwoners en de toeristenstroom. Hierbij ging het om het tijdelijk instellen van eenrichtingsverkeer en een fietsverbod op een deel van het Binnenpad. Een invaarverbod (voor bezoekers) op een gedeelte van de dorpsgracht. En het extra toezien op de naleving van de 1,5 meter maatregel. In de jaarrekening 2020 was een toegezegde bijdrage van de provincie Overijssel van € 78.000 opgenomen voor deze extra kostenpost. Eind 2021 hebben we moeten constateren dat deze verwachte bijdrage niet gerealiseerd kan worden. Gelet op het bovenstaande ontstaat op het project “stevig aanwezig” van het bidbook Leefbaar Giethoorn een financieel nadeel van in totaal € 170.000. Het taakveld openbare orde en veiligheid sluit hierdoor af met een tekort van € 85.000. Kernenbeleid Het taakveld kernenbeleid heeft per saldo een voordeel van € 130.000. Dit is het gevolg van een langere doorlooptijd in de uitvoer van onder andere infra dorpshuis Blankenham, Rotondetuin Willem de Zwijgerstraat Steenwijk, Tunnel Vollenhove, buurttuin de Wheeme, Dorpsplein Oldemarkt, corsokunstwerk Vollenhove. Al deze projecten zijn in 2021 gestart.
Ruimtelijke ordening Op de ontvangst van leges voor de aanpassing van bestemmingsplannen is een tekort ontstaan ter hoogte van € 31.000. Hierbij zijn wij afhankelijk van het aantal aanvragen om plannen te wijzigen. 9 Basisregistratie Adressen en Gebouwen / Basiskaart Grootschalige Topografie 20 Ook is er een nadeel ontstaan van € 46.000 omdat er bij een paar aanvragen juridische hulp is ingeschakeld, en personeel is ingehuurd. Op het budget voor actualiseren bestemmingsplan Eeserwold is een voordeel ontstaan van € 303.000. We zijn er van uitgegaan dat de inkomsten die we zullen ontvangen en de uitgaven die noodzakelijk zijn in de pas zullen lopen. In de praktijk zijn de inkomsten ontvangen en blijven de uitgaven achter. Wonen en bouwen Omgevingsvergunningen In 2021 is in Steenwijkerland veel ontwikkeld en dat is uitermate positief. Uit de cijfers blijkt dat daardoor de ontvangen leges over 2021 € 890.000 hoger zijn uitgevallen dan begroot. De hoogte van deze legesinkomsten heeft direct te maken met een toename in het aantal aanvragen. Een toename die we al enkele jaren zien. Zo is het aantal conceptaanvragen in 2021 met 46% gestegen ten opzichte van 2020, terwijl 2020 al een stijging van 43% kende ten opzichte van 2019. Ook in het aantal definitieve aanvragen is een stijging te zien, al is die iets kleiner.
In 2021 15% ten opzichte van 2020, terwijl 2020 een stijging van 12% kende ten opzichte van 2019. De stijging in legesinkomsten en het aantal aanvragen lopen niet evenredig aan elkaar. Er is meer gebouwd in het duurdere segment en aanvragen zijn complexer, hetgeen bijdraagt aan hogere legesinkomsten. Er is door vergunningverleners, juristen en ondersteuners hard gewerkt, onder stevige werkdruk. Een reden waarom voor 2022 extra personeel ingehuurd wordt is om onze dienstverlening op niveau te kunnen houden. De stijging in het aantal aanvragen veroorzaakt ook een stijging in het aantal adviesaanvragen aan onze ketenpartners, zoals welstand, provincie, Veiligheidsregio en Omgevingsdienst en werkt daarmee door in de kosten die we voor deze partners maken. Ingaand op het vele bouwen, de complexiteit en het duurdere segment: hieronder de 9 vergunningen waarvan de leges boven de € 30.000 zijn. Bij elkaar opgeteld een bedrag van € 635.900.
Aanvrager Reden Bedrag leges Wetland Wonen Bouw appartementen € 30.800 Inwoner Bouw luxe woning € 31.200 Wetland Wonen Bouw appartementen € 35.000 Provincie Overijssel Wegwerkzaamheden € 42.000 Stichting OpKop Bouw school € 48.500 Hartex Uitbreiden productiehal € 54.000 Waterschap Bouwen gemaal € 56.700 Kalkoven exploitatie Bouw recreatiewoningen € 59.700 Powerfield Zonnepark Zomerdijk € 278.000 Totaal € 635.900 Het restant van de hogere leges tot een bedrag van € 254.100 wordt verklaard door de toename in het aantal aanvragen (€ 890.000 – € 635.900). 21 Aantal vergunningen ingedeeld naar de hoogte van de leges: Hoogte van de ontvangen leges per aanvraag Overig Op de overige budgetten binnen het taakveld resteert nog een bedrag van € 6.000. Waarvan incidenteel gerealiseerd De richtlijnen schrijven voor dat in de rekening de incidentele baten en lasten moeten worden toegelicht. In dit programma hebben deze op hoofdlijnen betrekking op: o Investeringen met een dekking uit reserves die op grond van de regelgeving via de exploitatie worden verantwoord (vitaliteitsfonds, burgerparticipatie etc.). o Vrijval van de voorziening pensioenoverdracht en betaalde pensioenen bestuurders van respectievelijk € 66.000 en € 30.000 vanwege de bijstelling van de rekenrente. o Vrijval van de voorziening wachtgelden voormalige bestuurders van € 16.000.
o Corona gerelateerde kosten tot een bedrag van € 30.000, met name op het gebied van verkiezingen o Baten en lasten voor de coronatoegangsbewijzen van € 57.000
22 2.2 Duurzaam De lasten en baten van het programma Duurzaam 10: De belangrijkste verschillen tussen de realisatie en de raming na wijziging zijn: Maatschappelijk Vastgoed Er is een nadeel ontstaan op de budgetten voor maatschappelijk vastgoed van € 82.000. De belangrijkste oorzaak is een nadeel van € 53.000 op de kosten voor regulier onderhoud. Dit onderhoud verloopt niet via de voorziening, maar is wel noodzakelijk onderhoud. Daarnaast is er een nadeel op de verzekeringen van € 12.000, een nadeel van € 10.000 op de huurinkomsten en een nadeel van € 36.000 op de kapitaallasten/OZB (ook deels veroorzaakt door het niet in kunnen vullen van een taakstelling). Op de budgetten voor energieverbruik zit een voordeel van € 29.000. Afval (en afvalstoffenheffing) Baten: De opbrengsten afvalstoffenheffing vallen € 103.000 hoger uit dan begroot. Dit wordt voor € 20.000 veroorzaakt doordat de inkomsten aan betaal- en inningenverkeer hoger zijn dan de kosten. De overige € 83.000 komt met name doordat er meer ledigingen zijn geweest dan begroot. Lasten: De kosten die gerelateerd zijn aan de inzameling vallen € 40.000 hoger uit dan begroot. De lagere kosten voor de aanpak van zwerfvuil van € 25.000 vallen weg tegen de hogere kosten voor programma mooi schoon. De vergoeding van Nedvang valt € 305.000 hoger uit dan begroot.
Het gaat hier met name om 10 De actuele begroting is ten opzichte van de primitieve begroting in alle programma’s hoger op zowel de baten en lasten als de mutaties in de reserves. Dit wordt veroorzaakt door nieuwe besluiten van de raad, maar met name door de restantkredieten zoals in de jaarrekening 2020 in bijlage 7 zijn opgenomen.
23 technische aanpassingen en vanwege het feit dat ons scheidingspercentage hoger is dan gemiddeld. Daarnaast zijn er nog kleinere nadelen van € 15.000. Voor een volledig beeld geven wij de ontwikkelingen van de voorziening weer: Milieubeheer Het totale nadeel voor de rekening bedraagt € 105.000. Binnen milieubeheer onderscheiden we twee uitgavenposten, te weten milieubeheertaken en de transitie- taken voor de energietransitie en circulaire economie. Binnen de milieubeheertaken hebben we een nadeel van in totaal € 55.000. Er zijn voordelen op de kosten voor milieubeheer algemeen tot een bedrag van € 26.000, op milieu- communicatie van € 9.000, op bodemonderzoeken van € 6.000 en op milieuhandhaving van € 7.000, totaal € 48.000. De bijdrage aan de Omgevingsdienst is € 103.000 hoger uitgevallen dan begroot. Dit wordt veroorzaakt door extra taken van de Omgevingsdienst op het gebied van de Omgevingswet en doordat zij extra taken in opdracht van de gemeente hebben gedaan. Op de transitietaken voor energie en de circulaire economie ontstaat een nadeel van € 50.000. Dit komt eigenlijk uitsluitend door een nadeel op het zonnepark Oldemarkt. Er was een begroting van € 98.000 aan ontvangsten. terwijl er per saldo maar € 42.000 is ontvangen. Dit nadelige verschil bestaat met name uit afrekeningen uit 2020 van Energie VanOns en RVO-SDE (een subsidiebijdrage die lager is bijgesteld).
24 Energie VanOns heeft achteraf haar tarief van 2020 aangepast van 0,04730 naar 0,02. De afrekening 2020 van RVO-SDE is lager (obv werkelijke levering). Dit betekent dat we minder hebben ontvangen voor de energie die we hebben terug geleverd en dat we minder subsidie hebben ontvangen. Wonen en bouwen Bij het programma Inwoner op 1 heeft u kunnen lezen dat er een groot overschot op de leges van Omgevingsvergunningen is gerealiseerd. In totaal een voordelig bedrag van € 890.000. Op het uitgavenbudget Omgevingsvergunningen is hierdoor wel een nadeel opgetreden van € 80.000. Het tekort heeft vooral betrekking op ingekocht advies van het Oversticht en juridische adviezen die zijn ingekocht voor het op een juiste manier afhandelen van de diverse vergunningaanvragen. Waarvan incidenteel gerealiseerd De richtlijnen schrijven voor dat in de rekening de incidentele baten en lasten moeten worden toegelicht. In dit programma hebben deze op hoofdlijnen betrekking op: o Investeringen met een dekking uit reserves die, op grond van de regelgeving, via de exploitatie worden verantwoord (o.a. energieadvies en Isoleren is besparen etc.) o Corona gerelateerde van beperkte omvang voor desinfecteringsmateriaal.
o Uitgaven en inkomsten voor het circulair ambachtscentrum 25 2.3 Werk aan de winkel De lasten en baten van het programma Werk aan de winkel 11: De belangrijkste verschillen tussen de realisatie en de raming na wijziging zijn: Beheer overige gebouwen en grondzaken De rekening vertoont een financieel voordeel van € 328.000. Uit verkoop van onroerende zaken is een opbrengst behaald van € 279.000. Dit wordt veroorzaakt door een exploitatiebijdrage Eeserwold (verkoop ruim 7 ha) en verkoop bloot eigendom. Er zijn geen kosten betaald voor OZB en rioolrechten van € 37.000. Op de huren en pachten en erfpacht gronden is nog een voordeel ontstaan van € 12.000. Economische ontwikkeling Binnen de budgetten voor economische ontwikkeling is een voordeel ontstaan van € 131.000. Het grootste deel van het voordeel is corona gerelateerd. In 2021 zijn er bijna geen bijeenkomsten georganiseerd, geen beurzen, bedrijfscontactdagen, geen haringparty, nieuwjaarsbijeenkomst e.d. Ook zijn er geen projecten in samenwerking met de Businessclub georganiseerd. Dit totale voordeel bedraagt in totaal circa € 81.000. Daarnaast is er voor het aanjaagfonds ondernemers via de PPN € 200.000 beschikbaar gesteld waarvan € 50.000 voor 2021. Er zou een regeling opgesteld worden voor het Aanjaagfonds, dit is doorgeschoven naar 2022.
11 De actuele begroting is ten opzichte van de primitieve begroting in alle programma’s hoger op zowel de baten en lasten als de mutaties in de reserves. Dit wordt veroorzaakt door nieuwe besluiten van de raad, maar met name door de restantkredieten zoals in de jaarrekening 2019 in bijlage 7 zijn opgenomen.
26 Economische promotie (toerisme) Het budget voor het afvoeren van afval sluit met een overschot van € 45.000. Dit wordt uiteraard veroorzaakt doordat er geen evenementen doorgang hebben kunnen vinden. Daarnaast zijn er nog enkele kleinere verschillen met een nadeel van € 24.000. De inkomsten voor de vermakelijkhedenretributie vallen € 233.000 lager uit dan begroot. In plaats van de geschatte inkomsten van € 580.000 is dit uiteindelijk € 347.000 geworden. Het aantal verhuurde boten is flink achtergebleven bij de begroting. Hier is corona een belangrijke oorzaak voor. Aan de uitgavenkant zit er een voordeel op van € 53.000, waarmee per saldo het tekort op de vermakelijkhedenretributie € 180.000 bedraagt. Daarnaast is er nog binnen het programma Inwoner op 1 een voordeel ontstaan doordat ondernemers leges waren verschuldigd in het kader van de vaarvergunning. Dit voordeel aldaar bedraagt ongeveer € 70.000. Sport en activering (evenementensubsidies) Door de coronacrisis zijn er veel evenementen niet doorgegaan. Er zijn dan ook geen subsidies verstrekt hiervoor, waardoor er een bedrag van € 27.000 is overgebleven. Fysieke bedrijfsinfrastructuur / Grondexploitatie niet bedrijventerreinen (Grondexploitatie Wonen en Bedrijven) Met ingang van 2017 is de grondexploitatie in twee onderdelen uitgesplitst namelijk: 1. Fysieke bedrijfsinfrastructuur, de bedrijventerreinen. 2.
Grondexploitatie niet bedrijventerreinen, de woningbouwcomplexen. Jaarlijks wordt de prognose van de complexen berekend. Onderdeel hiervan is dat aan het eind van het jaar bij de verschillende complexen verliezen en winsten worden verantwoord. Op 19 december 2015 heeft de raad van de gemeente Steenwijkerland de nota grond- en ontwikkelingsbeleid vastgesteld. In deze nota is ook vastgelegd dat winsten worden verantwoord op het moment dat: 1. De boekwaarde negatief is. Dit wil zeggen dat eind van enig jaar de opbrengsten hoger zijn dan de kosten en 2. Toekomstige opbrengsten hoger zijn dan de nog te maken kosten. In 2017 zijn er door de commissie BBV uitspraken gedaan ten aanzien van de winstbepaling. Dit heeft in december 2017 geresulteerd in een uitspraak die de door de raad vastgestelde methode van winstbepaling buitenspel heeft gezet. Overeenkomstig deze methode moet onze winst berekend worden, anders zou dit gevolgen hebben voor de verkregen verklaring bij de jaarrekening. Medio 2019 is er wederom een nieuwe notitie grondexploitatie uitgekomen. In deze notitie zijn nadere richtlijnen voor de winstberekening gedefinieerd. In deze richtlijnen wordt verplicht om eventueel teveel geboekte winst in het verleden “terug te boeken”. Dit kan voorkomen indien de in de loop der tijd berekende risico’s toeneemt waardoor uiteindelijke lagere winst ontstaat.
Woningen In de rekening is de gerealiseerde “winst” van € 495.000 conform uitgangpunten aan de Algemene reserve vrij besteedbaar toegevoegd. In de begroting na wijziging was een “winst” van € 662.000 begroot. Dit betekent geen voordeel voor de rekening, maar een hogere dotatie in de Algemene reserve vrij besteedbaar. 27 De winstnemingen zijn gedaan op de complexen Noordwal, Giethoorn Noord 1 e en 2e fase, Molenkampen III en Scheerwolde. Dit door sterk toenemende verkopen op deze complexen in relatie met complex gerelateerde risico’s en in verhouding met de gemaakte en nog te maken kosten. Op 3 woningbouwcomplexen is op grond van de verplichte POCl 12 methode tot een bedrag van € 42.000 verlies genomen. Bedrijven In de begroting was voorzien in een “winst” van bijna € 98.000. Werkelijk is deze “winst” uitgekomen op € 0. Deze is ten gunste van de Algemene reserve vrij besteedbaar gebracht. De lagere winst wordt veroorzaakt door het niet realiseren van de beoogde verkoop op complex “Oostermeenterand”. Op 4 bedrijvencomplexen is op grond van de verplichte POC methode tot een bedrag van € 66.000 verlies genomen. Ondanks de lager winst en de verliezen van in totaal € 108.000.kunnen we concluderen dat door de hoge omzet van verkopen de boekwaarde van € 11,5 miljoen met € 5,2 miljoen naar € 6,3 miljoen.
In paragraaf 2.7 wordt een nadere uiteenzetting van de ontwikkelingen per complex gegeven. Waarvan incidenteel gerealiseerd De richtlijnen schrijven voor dat in de rekening de incidentele baten en lasten moeten worden toegelicht. In dit programma hebben deze op hoofdlijnen betrekking op: o Investeringen met een dekking uit reserves die, op grond van de regelgeving, via de exploitatie worden verantwoord (o.a. Parkamanagement actieplan werkt, Leader plus, Nationaal Park, uitvoeringsagenda binnenstad, Steenwijk vestingstad inzet DBT etc.). o Corona gerelateerde kosten van € 72.000, met name voor kosten voor een adequate begeleiding van de verkeerstromen bij schaatsevenementen begin 2021. 12 Percentage Of Completion 28 2.4 Samenredzaam De lasten en baten van het programma Samenredzaam 13: De belangrijkste verschillen tussen de realisatie en de raming na wijziging zijn: Onderwijsbeleid en leerlingenzaken Leerlingenvervoer Voor leerlingenvervoer is er in 2021 een voordeel ontstaan van € 77.000. Dit voordeel is bovenop het reeds gemelde voordeel bij de najaarsnota ter hoogte van € 200.000. Dit komt door enerzijds een structureel voordeel i.v.m. een nieuw vervoerscontract en een incidenteel voordeel veroorzaakt door minder reisbewegingen gerelateerd aan corona. Gymnastiekonderwijs Er is een bedrag van € 29.000 meer uitgegeven.
Dit nadeel is ontstaan door subsidies die zijn uitgegeven voor het gymnastiekonderwijs (tegemoetkoming huur gymlokalen). Tegenover dit nadeel staat overigens een voordeel ter hoogte van € 14.000 bij de verhuur van binnensportaccommodaties. Onderwijsachterstandsbeleid (OAB) In 2021 is de rijksuitkering OAB ruim voldoende gebleken voor de uitvoering van het gemeentelijk achterstandenbeleid, inclusief VVE en Samen voor Ryan. Hierdoor is er minder gebruik gemaakt van het binnen de begroting beschikbaar gestelde gemeentelijk budget. Er resteert een bedrag van € 144.000. 13 De actuele begroting is ten opzichte van de primitieve begroting in alle programma’s hoger op zowel de baten en lasten als de mutaties in de reserves. Dit wordt veroorzaakt door nieuwe besluiten van de raad, maar met name door de restantkredieten zoals in de jaarrekening 2020 in bijlage 7 zijn opgenomen.
29 Kortdurende peuteropvang Op de (kortdurende) peuteropvang is er een voordeel ontstaan van € 100.000. Dit voordeel is met name te relateren aan de effecten van de coronacrisis. De peuteropvang is meerdere keren door een lockdown gesloten geweest. Overige budgetten Er resteert nog een tekort van € 6.000 op de overige budgetten binnen dit taakveld. Musea Historisch archief Er is een bedrag overgebleven van € 39.000 op het budget historisch archief. Dit positieve saldo wordt voornamelijk veroorzaakt door een overschot van € 30.000 op het beschikbaar gestelde bedrag van € 50.000 voor het onderzoek naar de roof van Joodse eigendommen in de Tweede Wereldoorlog. Het heeft enige tijd geduurd voordat hier een geschikte onderzoeker voor gevonden kon worden. Het onderzoek kon daarom pas in het najaar van start gaan en is nog niet afgerond. Daardoor is er slechts een deel van het budget besteed. De te maken kosten in 2022 worden verantwoord in de Perspectiefnota. Inkomensregelingen Overzicht van de diverse afwijkingen: Overzicht van de diverse afwijkingen: Het gemiddeld aantal verstrekte uitkeringen Participatiewet (Pw) is in 2021 uitgekomen op 675 (per 1 januari 2021: 702 / per 1 januari 2022: 647). In de begroting is uitgegaan van een gemiddeld aantal van 701. Hierdoor is een voordeel ontstaan van € 350.000.
De gemiddelde kosten per uitkering zijn uitgekomen op een bedrag van € 14.310. In totaal is er een bedrag van € 9.659.000 aan uitkeringen verstrekt. Voor terugvordering en verhaal is een bedrag geraamd van € 300.000.(Pw, Ioaw/z). Dit bedrag is lager uitgevallen, waardoor een nadeel is ontstaan van € 34.000. Werkgevers die mensen in dienst nemen en die behoren tot een bepaalde doelgroep, kunnen aanspraak maken op een loonkostensubsidie. Het beschikbare budget is overschreden met een bedrag van € 218.000. Door de afboeking van vorderingen op debiteuren en een storting in de Voorziening dubieuze debiteuren is een nadeel ontstaan ter hoogte van € 206.000.
30 De gemeente is volledig financieel verantwoordelijk voor het bijstandsgedeelte. Van het rijk wordt hiervoor jaarlijks wel een bijdrage ontvangen. Het in de begroting opgenomen te ontvangen Buigbudget betreft een voorlopig inschatting van hetgeen door het rijk toegekend gaat worden. In oktober van het begrotingsjaar wordt het definitieve budget pas bekend gemaakt. De hoogte van het budget is o.a. afhankelijk van de conjuncturele ontwikkelingen op landelijk niveau. Bij minder verstrekte bijstandsuitkeringen dan van tevoren is ingeschat wordt het budget naar beneden bijgesteld, bij meer verstrekte bijstandsuitkeringen wordt het budget naar boven bijgesteld. In onze (bijgestelde) begroting is een Buigbudget geraamd van € 12.929.000. Het werkelijke budget dat is ontvangen bedraagt € 12.801.000. Op rekeningbasis een nadeel van € 128.000 . Op het bijstandsbudget zelfstandigen (Bbz) resteert een bedrag van € 81.000. Er zijn minder uitkeringen verstrekt en onderzoekskosten gemaakt. Ook zijn er hogere bedragen aan terug- betaalde leningen ontvangen. Uitgangspunt in de begroting was een gemiddelde van 35 Ioaw/Ioaz-uitkeringen. Dit verwachte gemiddelde is ook uitgekomen. Op het geraamde bedrag van € 525.000 is wel een voordeel ontstaan van € 12.000 door de iets lagere kosten per uitkering.
De afhandeling van de verhuizing uit de Vesting van de Sociale dienst is hoger uitgevallen. Er is een nadeel ontstaan van € 7.000. Via de Algemene uitkering is in het coronacompensatiepakket van het rijk een TONK bijdrage ontvangen ter hoogte van € 551.000. TONK is de afkorting van Tijdelijke Ondersteuning voor Noodzakelijke Kosten en is bedoeld voor huishoudens die door de corona omstandigheden te maken hebben met een onvoorzienbare en onvermijdelijke terugval in hun inkomen, en die daardoor noodzakelijke kosten niet meer kunnen voldoen en waarvoor andere regelingen niet of onvoldoende soelaas bieden. Er zijn aanvragen toegekend tot een bedrag van € 42.000, zodat er een bedrag van € 509.000 overgebleven is. De gemeenteraad heeft besloten om een bedrag van € 270.000 te bestemmen en mee te nemen naar het jaar 2022. Voor de jaarrekening 2021 resteert er dan nog een positief saldo van € 239.000. Er zijn nog nakomende frictiekosten Nwg/Igsd gemaakt, met name gericht op participatie. Dit geeft een nadeel van € 32.000. Overige kleine afwijkingen, een nadeel van € 4.000. Minimabeleid Op het vastgestelde minimabeleid is in 2021 een bedrag overgebleven van € 145.000. Dit voordeel is met name veroorzaakt doordat er minder aanspraak gemaakt is op de diverse minimaregelingen.
En dan met name de regelingen ‘Tegemoetkoming eigen risico ziektekosten’ en ‘Sociaal culturele activiteiten’. De oorzaak hiervan ligt waarschijnlijk voor een groot gedeelte bij de coronacrisis. De aanname is dat er door coronadrukte in de ziekenhuizen (niet urgente) zorg is uitgesteld en dat er activiteiten (sport/cultuur) afgelast dan wel uitgesteld zijn. Daarnaast is in de begroting een bedrag opgenomen van € 235.000 voor de kwijtschelding van gemeente- lijke belastingen voor inwoners met een laag inkomen. Hiervan resteert nog een bedrag van € 49.000. 31 Sociaal domein Samenvatting van de diverse afwijkingen sociaal domein: Samenkracht en burgerparticipatie Kinderdagopvang Op het budget kinderdagopvang is er in 2021 een voordeel ontstaan van € 48.000. Dit voordeel is met name te verklaren door de bijdrage die is ontvangen ten aanzien van de problematiek rondom de kinder- opvangtoeslag. In het jaar 2022 wordt hier verder een vervolg aan gegeven. Algemene voorzieningen Wmo en Jeugd Er is een bedrag van € 68.000 overgebleven op dit budget. Het voordeel wordt veroorzaakt door een lager aantal mantelzorgwaarderingen dan vooraf ingeschat (+ € 18.000) en doordat er minder aanvragen voor subsidies geweest door de coronacrisis (+ € 50.000). Wijkteams Eerstelijnsloket Wmo en Jeugd Er resteert een bedrag van € 95.000.
Dit voordeel is met name te verklaren door een lagere bijdrage aan Regionale Samenwerking Jeugd IJsselland (RSJ) en Jeugdbescherming Overijssel (JBOV). Begeleide Participatie Voor de Wsw is in de begroting een budget opgenomen van € 7.512.000. Van het Rijk wordt via de Algemene uitkering uit het gemeentefonds hiervoor een bedrag ontvangen van € 6.482.000. Dit bedrag is doorbetaald aan de Noordwestgroep (NWG). Ook is een bedrag ter hoogte van € 1.030.000 in de begroting opgenomen om een eventueel exploitatietekort van de NWG te compenseren. Over 2021 is dit tekort berekend op € 988.000, zodat er nog een bedrag resteert van € 42.000. Daarnaast is er een Wsw-bijdrage van € 22.000 betaald aan de IJsselmeergroep. Het is de bijdrage die we nog betalen vanuit de voormalige gemeente Brederwiede, omdat we bij de samenvoeging van de drie gemeenten uit de GR IJsselmeergroep gestapt zijn. Mensen uit de gemeente zijn nog wel werkzaam bij de IJsselmeergroep. Door de coronacrisis is van het Rijk over het jaar 2021 een compensatiebijdrage ontvangen. Hiervan was een bedrag van € 164.000 bestemd voor Wsw-bedrijven. Dit bedrag hebben wij uitbetaald aan de NWG. Per saldo ontstaat een voordeel van € 20.000 binnen het taakveld Begeleide participatie (+ € 42.000 - € 22.000 = € 20.000). Arbeidsparticipatie Participatiebudget
32 Het participatiebudget voor het begeleiden van mensen naar werk is niet volledig benut. Er resteert een bedrag van € 379.000. Dit komt enerzijds door de periode van de coronalockdown. In verband met de coronacrisis konden minder personen worden geplaatst (voordeel € 114.000). Daarnaast is een ESF-subsidie over de periode 2017 - 2019 afgerond. Dit heeft geresulteerd in een vrijval van budget ter hoogte van € 199.000. Tot slot is er ook nog een bedrag overgebleven van € 66.000 vanuit het project 1000 Kansen voor kwetsbare groepen op de arbeidsmarkt. Inburgering Het budget inburgering laat een voordeel zien van € 162.000. Dit voordeel heeft vooral te maken met het project inburgering. Bij de PPN 2021-2025 zijn incidentele middelen beschikbaar gesteld voor de invoering van het project. Daarnaast zijn er vanuit het rijk (Algemene uitkering, mei- en decembercirculaire) implementatiegelden ontvangen. In verband met de coronacrisis en overige daarmee samenhangende ontwikkelingen heeft het project vertraging opgelopen. Om die reden is een groot deel van het budget in 2021 onbenut gebleven. Maatwerkvoorzieningen Wmo Voorzieningen wonen en rollen In 2021 is per saldo een nadeel van € 298.000 gerealiseerd binnen deze budgetten. Dit tekort heeft te maken met een toenemend aantal Wmo voorzieningen in 2021.