CConstaterende datSteenwijkerland
Koppel je AI →
Document · PDF

Gewasbescherming Binnenweg 25 Paasloo_Landas_7 april 2026 (Geanonimiseerd)

Politieke Markt 9 juni 2026, gemeente SteenwijkerlandBij agendapunt: Vaststellen gewijzigd TAM-Omgevingsplan Binnenweg 25 te Paasloo11.306 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · 40 pagina's · deel 2 van 2

• In onderstaande grafiek wordt gevisualiseerd hoeveel aandacht het effect van gewasbescher- mingsmiddelen vraagt in de belangenafweging bij de besluitvorming. Deze loopt op van ‘weinig’ aandacht bij een spuitbelasting die ondergemiddeld is op grotere afstand tot ‘enige’ aandacht en deze is ‘veel’ bij een bovengemiddelde spuitbelasting op korte afstand. Grafiek: Aandacht in belangenafweging bij besluitvorming: Spuitbelasting vs. afstand. Bron: Landas Aanvullende instrumenten Naast de in dit rapport gehanteerde methode omtrent risicoacceptatie is driftreductie door middel van bebouwing en / of beplanting een instrument dat ook ingezet kan worden. Ook kan bekeken worden of het aanbrengen van gebruiksbeperkingen door middel van zonering (ook) een gewenst instrument is. Dat kan in een zone vanaf 50 meter maar deze zone kan ook kleiner. De beperking kan voor alle teelten gelden maar het kan ook gericht zijn op een deel ervan welke , logischerwijs , dan gericht zal zijn op de teelten met een (boven)gemiddelde of hoge spuitbelasting. Binnenweg 25 Paasloo 27

3. 6 | Samenvatting Voorstaande | vijf paragrafen | worden | hieronder | samengevat | weergegeven: 1. | Langdurig | verblijf | is | gevoelig. | Alleen | een | plek | waar | langdurig | wordt | verbleven | geldt | als | gevoe- lige | functie. 2. | De | 50 | meter | vuistregel. | Uit | jurisprudentie | is naar | voren | gekomen | dat | een | afstand | van | 50 | meter en | meer | in elk | geval | volstaat. | Uit | recente | uitspraken | volgen | wederom | vragen | over | de | veiligheid van | gewasbeschermingsmiddelen | als | ook | de | aan | te houden | afstanden | tot bijvoorbeeld | 250 | meter en | verder. 3. | Kleiner | dan | 50 | meter | kan | ook. | Uit | dezelfde | jurisprudentie | komt | naar | voren | dat | een | kleinere | af- stand | ook | aanvaardbaar | kan | zijn | mits | gemotiveerd. | Hier | wordt | aan | toegevoegd | dat | de | 50 | meter tot stand | is gekomen | bij fruitteelt | welke | een | hoge | spuitbelasting | kent. | Voorts | is de | driftreductie van | 50% | t. o. v. de | referentietechniek | welke | gold | bij | deze | uitspraak | per | 2023 | gestegen | tot | 75% | en stijgt | naar | 90% | per | 2026. 4. | Groenblijvende | haag. | Een | groenblijvende | haag | geldt | als | een | driftreducerende | maatregel. 5. | Én | niet | spuiten | bij harde | wind.

| Een | groenblijvende | haag | én | niet-spuiten | bij harde | wind | en/of met | de | windrichting | mee | naar | de | gevoelige | functie | voorkomt | gezondheidsproblemen. | Noot: | Daar spuiten | bij wind | harder | dan | 5 m/s | al verboden | is , vormt | een | groenblijvende | haag | een | maatregel waarbij | gezondheidsproblemen | worden | voorkomen. 6. | 10 | meter | bij | tijdelijke | bewoning. | Bij | tijdelijke | bewoning | en | zonder | kwetsbare | groepen | kan | een afstand | van | 10 | meter | aanvaardbaar | zijn. | Dit | lijkt dan | ook | goed | toepasbaar | op | al | het | tijdelijke | ver- blijf , zoals | bijvoorbeeld | bij verblijfsrecreatieve | voorzieningen. 7. | Teeltvrije | zones. | Het | Besluit | activiteiten | leefomgeving | geeft | aan | dat | al naar | gelang | de | teelt | er een | zone | zónder | teelt | aangehouden | moet | worden | tot oppervlaktewater. | Die | zone | varieert | van | 0 tot 5 | meter. | Deze | zone | is ingesteld | ter | bescherming | van | het | oppervlaktewater. | Deze | zone | kan | -al naar | gelang | de | casus- | mede | betrokken | worden. 8. | Representatieve | bedrijfsvoering. | Er | hoeft | geen | rekening | te | worden | gehouden | met | onwaar- schijnlijke | veranderingen | van | de | bedrijfsactiviteiten.

| De | invulling | van | de | bedrijfsvoering | dient representatief | te | zijn | bij de | maximale | planologische | invulling. | Een | houvast | voor | een | representa- tieve | invulling | is een | benadering | waarbij | ingegaan | wordt | op | de | omvang | van | het | desbetreffende perceel | , de | grondsoort | als | ook | de | lokale | economische | inrichting | / cultuur | (hoe | groot | zijn | percelen in de | buurt | , wat | wordt | daar | zowel | wel | geteeld | en | wat | niet). 9. | Het | risico | is | niet | aantoonbaar. | Resultaat | is dat | niet | ingegrepen | wordt: | de | aanwezige | onzeker- heden | in dit | dossier | worden | aanvaard. 10. | Aanwezige | onzekerheden | worden | aanvaard. | Risico’s | , voor | zover | aanwezig | , wórden | al geac- cepteerd. | Dit | is niet | nieuw | in de | ruimtelijke | ordening. | Negatieve | gevolgen | voor | de | gezondheid | en leefkwaliteit | door | bijvoorbeeld | geluid | , externe | veiligheid | , geur | of | het | houden | van | geiten | met | een bewezen | hogere | kans | op | longontsteking | en | hogere | sterftecijfers | daardoor | onder | ouderen | worden ook | geaccepteerd: | de | voordelen | van | wél | wonen | / wonen | op | die | ene | plek | wegen | zwaarder. | Deze handelswijze | geldt | ook | voor | de | risico’s | omtrent | het | gebruik | van | gewasbeschermingsmiddelen.

| Im- mers | , voor | honderdduizenden | woningen | geldt | dat | deze | binnen | de | 50 | m | afstand | van | een 28 | Binnenweg | 25 | Paasloo

agrarisch perceel zijn gelegen (en voor miljoenen woningen dat zij binnen 250 m zijn gelegen) en in het omgevingsplan is zelden een beperking opgelegd aan de agrarische bedrijfsvoering en waar dat gebeurt biedt het overgangsrecht veelal voortzettingsruimte voor het feitelijk gebruik (of , in andere woorden , actief ingrijpen in de bedrijfsvoering is een zeldzaamheid). Welke invulling van het voorzorgsbeginsel proportioneel is , welke gezondheidsrisico's daarbij als acceptabel wor- den beschouwd en hoe belangen van alle betrokkenen daarbij worden meegewogen is een politiek-bestuurlijke afweging. 11. Verdere verlaging risico’s. De meeste kennis en uitspraken dateren van de tijd dat een driftre- ductie van 50% verplicht was. Die is per 2023 gestegen tot 75% en is 90% per 1 januari 2026. Logischerwijs volgt hieruit dat de risico’s verder dalen en dat gemakkelijker tot toelating van ge- voelige functies binnen 50 m gekomen kan worden. 12. Boeren en tuinders worden niet beperkt door een woning. Van een woning / een gevoelige functie gaat binnen de regels géén beperking uit voor boeren en tuinders. In het Bal noch een an- dere plek zijn daartoe uniform geldende regels opgenomen.

Alleen áls in het omgevingsplan een beperking opgenomen is geldt dat de betreffende gebruiker van de agrarische gronden beperkt wordt (naast de al geldende regels van het Bal en het bepaalde in de Wet gewasbeschermings- middelen en biociden). In vrijwel alle omgevingsplannen zijn geen beperkingen opgenomen. Nieuwe gevoelige functies beperken de agrariërs niet ; ténzij bij de desbetreffende ontwikkeling wél een beperking opgenomen wordt. Binnenweg 25 Paasloo 29

Hoofdstuk 4 Analyse In dit hoofdstuk wordt ingegaan op de planlocatie en de relevante omliggende agrarische percelen. Daarbij wordt gekeken naar de hoogte van de spuitbelasting bij: 1. 2. 3. Feitelijk gebruik Toegelaten gebruik De representatieve bedrijfsvoering Daarna wordt bekeken of er sprake is van afschermende werking en wordt bezien welke maatregelen overwogen kunnen worden om het mogelijke negatieve effect van het gebruik van gewasbescher- mingsmiddelen te beperken. Tot slot volgt een samenvatting. 4. 1 Betrokken agrarische percelen In onderstaande afbeelding is het plangebied p en de bestaande woning b weergegeven met daarbij de percelen welke in deze beoordeling inzake het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen betrok- ken zijn. Andere percelen zijn duidelijk verder weg gelegen dan 50 meter en behoeven derhalve niet beoordeeld te worden. Luchtfoto met plan- en agrarische locaties omlijnd (bron: GoogleMaps) 30 Binnenweg 25 Paasloo

4. 2 | Feitelijke | gebruik Hierna | wordt | per | perceel | ingegaan | op | het | feitelijk | gebruik | en | de | afstanden | tot | het | verblijfsgebied | 27 binnen | het | project: • | Perceel | 1 wordt | sinds | 2009 | gebruikt | als | blijvend | grasland | met | een | lage | spuitbelasting. | Het | maakt deel | uit | van | het | plangebied | en | zal | niet | voor | andere | teelten | gebruikt | gaan | worden. | Het | ligt op | 0 | m afstand | van | de | tuin | van | de | nieuwe | woning. • | Op | perceel | 2 | worden | dit | jaar | aardappelen | verbouwd | met | een | gemiddelde | spuitbelasting. | Van 2009 | tot | 2025 | is | er | altijd | snijmaïs | verbouwd | , behalve | in | 2014 | en | 2015 | toen | er | twee | jaar | wisselteelt was. | Het | ligt op | 26 | m | afstand | van | de | tuin | van | de | nieuwe | woning. • | Op | perceel | 3 | staat | sinds | 2009 | blijvend | grasland | met | een | lage | spuitbelasting. | Het | ligt | op | 10 | m | af- stand | van | de | tuin | van | de | nieuwe | woning | en | 44 | m | afstand | van | de | bestaande | woning. • | Op | perceel | 4 | staat | sinds | 2009 | blijvend | grasland | met | een | lage | spuitbelasting. | Het | ligt | op | 22 | m | af- stand | van | de | tuin | van | de | nieuwe | woning | en | op | 25 | m | van | de | tuin | van | de | bestaande | woning.

• | Op | perceel | 5 | stond | van | 2009 | tot | 2024 | gras | , sindsdien | staat | er | maïs | met | een | ondergemiddelde spuitbelasting. | Het | ligt | op | 20 | m | afstand | van | de | tuin | van | de | bestaande | woning. • | Op | perceel | 6 | staat | sinds | 2009 | blijvend | grasland | met | een | lage | spuitbelasting. | Het | ligt | op | 3 m | af- stand | van | de | tuin | van | de | bestaande | woning. • | Op | perceel | 7 | staat | sinds | 2009 | blijvend | grasland | met | een | lage | spuitbelasting. | Het | ligt | op | 19 | m | af- stand | van | de | tuin | van | de | bestaande | woning. Het | bovenvermelde | gebruik | is | gebaseerd | op | de | informatie | van | de | site | boerenbunder. | nl. De | hoogste | feitelijke | spuitbelasting | is | daarmee | als | gemiddeld | te | kwalificeren | op | een | schaal | van “laag | , ondergemiddeld | , gemiddeld | , bovengemiddeld | , hoog” | voor | aardappelen: | zie | hiertoe | de | tabel ‘spuitbelasting’ | in hoofdstuk | 2. | Dit | geldt | voor | perceel | nr. | 2 | op | een | afstand | van | 26 | m | tot | het | meest dichtbij | gelegen | verblijfsgebied. De | feitelijke | spuitbelasting | wordt | bepaald | zoals | beschreven. | Een | andere | benadering | is om | het | de boer | / tuinder | te vragen | danwel | het | na | te | kijken | in | een | register.

| 28 | Los | van | enkele | praktische | bezwaren bij het | bevragen | levert | dat | geen | betrouwbaar | locatiespecifiek | beeld | op | maar | meer | een | bedrijfs(voer- der)specifieke | momentopname | en | is daardoor | voor | een | locatiespecifiek | onderzoek | niet | goed bruikbaar. 27 Het | gebied | waar | mensen | verblijven | , bestaande | uit de woning | maar | ook | de | zij- en | achtertuin. 28 Cf. | art. 67 eerste | lid van | De | Verordening | (EG) | nr. 1107/2009. Binnenweg | 25 | Paasloo | 31

4. 3 | Toegelaten | gebruik Op | onderstaande | afbeelding | zijn | de | beoogde | functies | (voorheen | bestemmingen) | te zien | volgens | het in procedure | zijnde | tijdelijke | omgevingsplan. TAM-omgevingsplan | Hoofdstuk | 22Q , Binnenweg | 25 Paasloo bestemmingsplan | ontwerp | (2025-11-19) Beheersverordening | - Gemeente | Steenwijkerland | vastgesteld 09-12-2014 | - geheel onherroepelijk in werking 32 | Binnenweg | 25 Paasloo

Alle omliggende percelen hebben de enkelbestemming Agrarisch. Gelet op de toegekende functies gelden er beperkingen aan het gebruik van gewasbeschermingsmid- delen want boom-en fruitteelt zijn strijdig gebruik. Omdat sierteelt echter niet wordt uitgesloten kan de spuitbelasting daarmee toch planologisch hoog zijn. 4. 4 Representatieve bedrijfsvoering Om inzicht te hebben in de maximaal mogelijke spuitbelasting dient gekeken te worden naar wat er planologisch mogelijk is in combinatie met een representatieve bedrijfsvoering (zie hoofdstuk 3 voor de relevantie daarvan). Daartoe is gekeken naar de in de omgeving aanwezige middelgrote en grote bedrijven en de gewassen die zij telen. Deze bedrijven geven gezien de lokale (landbouw)economi- sche structuur een goed houvast voor een representatieve bedrijfsvoering. Daarbij is gekeken naar die teelten die zowel regelmatig voorkomen alsook die de hoogste spuitbelasting hebben. Als , bijvoor- beeld , een enkele keer sierteelt voorkomt op een klein perceel , wordt dat niet als representatief gezien. Hieronder is het plangebied met de teelten in de omgeving weergegeven. Teeltvormen in de omgeving van het plangebied (Bron: Basisregistratie Gewaspercelen , TOP10NL , PDOK) Binnenweg 25 Paasloo 33

In een straal van 2 km rond het plangebied komen diverse teelten voor. De verdeling is als volgt: Spuitbelasting Laag Ondergemiddeld Gemiddeld Bovengemiddeld Bovengemiddeld Hoog Hoog (zeer hoog) Ondergemiddeld Geen Teeltvorm Grasland Snijmaïs Bouwland normaal Bouwland intensief Boomteelt Fruitteelt Sierteelt Kassen Geen landbouw Percentage 67 19 7 1 0 0 0 0 6 De teelten die regelmatig voorkomen zijn die van grasland , snijmaïs en bouwland normaal (niet inten- sief). Hiervan heeft bouwland normaal de hoogste spuitbelasting met een gemiddelde spuitbelasting. Gelet op de vorm , ligging en grootte van de betrokken percelen i. r. t. die van de omliggende bedrijven die deze teelten telen is het aannemelijk dat dit op de percelen 3 , 4 , 5 en 7 ook kan geschieden. Per- ceel 1 maakt deel uit van het plangebied en is in het voor dit plan gemaakte wijziging omgevingsplan gezoneerd (beperkt op het gebied van het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen) en perceel 6 is te klein om deze teelt op uit te voeren. De hoogste spuitbelasting waar rekening mee gehouden moet worden gezien vanuit de representatieve bedrijfsvoering is gemiddeld. Noot: voor boom- en fruitteelt zijn al enige beperkingen van kracht in het tijdelijke omgevingsplan. Sierteelt is evenwel niet uitgesloten.

Sierteelt komt , zie bovenstaande tabel , niet voor en dat is gelet op eerdere analyses als deze voor andere projecten uitgesproken laag. Een percentage van 67 voor één teelttype , grasland , is opmerkelijk hoog. 4. 5 Afscherming De aanwezigheid van afscherming is relevant m. b. t. gewasbeschermingsmiddelen (zie hoofdstuk 4 voor meer achtergronden). Het goed afgeschermd zijn is een belangrijke , zo niet de meest van door- slag zijnde leidraad in de jurisprudentie als ontwikkelingen binnen de 50 meter-afstand plaatsvinden. In deze casus is veel afschermend groen aanwezig. Aan de noordzijde van de Binnenweg zijn bos- schages aanwezig die ten noordoosten van de woning een breedte hebben van ca 10 m. Aan de noordwestzijde is dit wat smaller: circa 3 tot 4 m. Aan de zuidzijde van de Binnenweg , dus direct noor- delijk van de woning , is het een vrij brede houtwal van ca 10 m breed. De afscherming is richting de noordelijk gelegen percelen goed ; ook al zijn geen wintergroene driftreducerende hagen. Dit afschermend groen is in eigendom bij anderen dan de initiatiefnemer. Al deze beplantingen zijn beschermd tegen verwijdering / kap via een vergunningstelsel in het tijdelijke omgevingsplan. Daar- mee kan aangenomen worden dat deze beplanting niet zomaar verdwijnt , al kan het wel. Zeker voor 34 Binnenweg 25 Paasloo

de zuidelijke houtwal ligt dat niet in de lijn der verwachting daar Staatsbosbeheer eigenaar is van deze strook. Onderstaand een detail van het landschappelijke inpassingsplan met de bosschages (‘zwarte bolle- tjes’) en daaronder een foto van de Binnenweg met links en rechts deze beplanting (bron: Google). Binnenweg 25 Paasloo 35

4. 6 Maatregelenstudie Om de mogelijke effecten van het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen te verkleinen kunnen maatregelen overwogen worden. Deze komen onderstaand aan bod. Aanpassing van het plan Planspecifiek Een optie is de nieuwe woning elders te realiseren waar het aspect gewasbeschermingsmiddelen niet of minder speelt en de bestaande woning niet om te zetten naar burgerwoning. Over de in dit rapport beschreven locatie beschikt de initiatiefnemer evenwel en verplaatsing van het project staat niet in verhouding tot de mogelijke verbeteringen omtrent gewasbeschermingsmiddelen , temeer daar er ten hoogste sprake is van een gemiddelde spuitbelasting in combinatie met de veel afscherming die drift reduceert. Een aanpassing van het plan is daarom niet nodig en niet realistisch. Inwaarts zoneren Overwogen kan worden om ín het plan een gebruiksbeperking op te leggen: inwaarts zoneren. De in- waartse zonering kan opgenomen worden in de vergunningsprocedure cf. een (Buitenplanse) OmgevingsPlanActiviteit ((B)OPA) als ook opgenomen worden in een wijziging omgevingsplan (waar- mee het onderdeel is van het omgevingsplan). Als het via een (B)OPA vergund wordt is het gewenst dat de zonering na onherroepelijk worden van de omgevingsvergunning opgenomen wordt in het om- gevingsplan.

Planspecifiek De inwaartse zonering in dit plan kan een verbod op het verblijven in delen van de tuinen zijn. Dat be- last de bruikbaarheid van het perceel en de vraag is daardoor in hoeverre deze maatregel in verhouding staat tot het doel. Dit temeer ook omdat de spuitbelasting op de omliggende percelen fei- telijk grotendeels laag is en maximaal gemiddeld en de afscherming goed. Inwaarts zoneren is daarom niet nodig. Overdrachtsmaatregel Door te zorgen dat de gewasbeschermingsmiddelen niet overwaaien , driftreductie , wordt gezorgd voor een kleiner effect: een overdrachtsmaatregel. Een overdrachtsmaatregel is het beplanten van de relevante perceelsgrenzen. Liefst met een driftreducerende haag , maar struweel en bomen als onder- deel van een fraaie inrichting van de tuin of landschappelijke inpassing kan ook overwogen worden. De driftreductie van de laatste is kleiner dan die van een driftreducerende haag zoals eerder in dit verslag aan bod kwam. 36 Binnenweg 25 Paasloo

Planspecifiek Gezien de aanwezigheid van verschillende meerdere groene landschapselementen waarvan er één zelfs circa 10 m breed is het project naar de noordelijke percelen goed afgeschermd. Dat is van be- lang doordat daar geen volledige zonering is opgenomen (niet volledig want fruit- en boomteelt kent beperkingen , maar sierteelt niet). Aanvullende landschappelijke elementen of een driftreducerende haag is daardoor niet nodig. Dat is ook niet goed mogelijk doordat een dergelijke voorziening zo dicht op deze houtwal niet goed zal aanslaan en de ruimte verder ook beperkt. Mocht , onverwacht (zie hiervoor in par. 4.5 , deze houtwal tóch verdwijnen en mocht dan sierteelt nog mogelijk zijn kan over- wogen worden om als voorwaarde op te nemen dat dán een driftreducerende haag gepland moet worden. Op onderstaande afbeelding is met een rode stippenlijn gevisualiseerd waar deze haag dan moet ko- men. Deze haag moet wintergroen zijn , dus niet bladverliezend , 2 m hoog zijn en een optische dichtheid hebben van 80-100%. Binnenweg 25 Paasloo 37

4. 7 Samenvatting Uit bovenstaande volgt dat het meest dichtbij gelegen verblijfsgebied op 3 meter afstand ligt van een perceel waar met gewasbeschermingsmiddelen gewerkt wordt / kan worden. De feitelijke spuitbelas- ting daar is laag (oostelijk van de huidige bedrijfswoning , welke burgerwoning wordt). Gezien de vorm , omvang (klein) en ligging zal dit niet professioneel in gebruik genomen worden voor teelten met een wezenlijke spuitbelasting. Het zal het (paarden)weitje blijven dat het nu is. Op 26 meter afstand van het verblijfsgebied ligt het perceel met de hoogste feitelijke spuitbelasting , namelijk gemiddeld. Planologisch gezien zijn er wel beperkingen voor diverse teeltypen maar sierteelt is niet uitgesloten waardoor de spuitbelasting hoog kan worden maar gelet op de representatieve be- drijfsvoering waar rekening mee dient te worden gehouden is de maximale waarde van de spuitbelasting gemiddeld. Gelet op voorstaande dient rekening te worden gehouden met een gemid- delde spuitbelasting m. b. t. de nieuwe woning. Gezien vanaf deze percelen is er een sterke afschermende werking door een tweetal groenelementen: een noordelijk van de Binnenweg en een zuidelijk. Deze zuidelijke is tevens breed: circa 10 meter.

Al deze groenelementen zijn beschermd in het tijdelijke omgevingsplan tegen kap waarbij de zuidelijke in eigendom is bij Staatsbosbeheer en om die reden is het erg onwaarschijnlijk dat deze verdwijnen zal. Maatregelen Maatregelen voor een beperking van de mogelijke effecten kunnen overwogen worden maar zijn niet noodzakelijk. Echter , ter maximale zekerstelling van afschermende werking tussen de nieuwe woning en de noordelijke percelen kan als voorwaardelijke verplichting opgenomen worden dat mocht de brede zuidelijke houtwal toch verdwijnen en alsdan in het omgevingsplan niet een beschermede ge- meentebrede regeling is opgenomen , dat dan de eigenaar van de woning verplicht is om een driftreducerende haag aan te leggen en te onderhouden. Zie de maatregelenstudie in de vorige para- graaf. 38 Binnenweg 25 Paasloo

Hoofdstuk 5 Conclusie en advies Op basis van voorliggend locatiespecifieke onderzoek ten behoeve van de ontwikkeling van een nieuwe woning en het omzetten van een bedrijfswoning naar een burgerwoning aan de Binnenweg 25 te Paasloo dient rekening te worden gehouden met een gemiddelde spuitbelasting. Dit is conform de feitelijke situatie welke gelijk is aan de representatieve bedrijfsvoering. De afstand tussen de gevoe- lige functie en het perceel waar met gewasbeschermingsmiddelen gewerkt kan worden bedraagt 26 meter. Hoewel er geen aantoonbaar risico is en de aanwezige onzekerheden in dit dossier aanvaard wor- den , zie daartoe ook par. 2.1 , vraagt het aspect van het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen wel aandacht. Daarom ook voorliggend locatiespecifieke onderzoek. Echter , gegeven de bevindingen in de eerste alinea van deze conclusie en hetgeen geconcludeerd is in par. 2. 1 en 3. 5 geldt dat ook voor de ontwikkeling van dit project de aanwezige onzekerheden aanvaard kunnen worden. De onze- kerheden kunnen evenwel ook wezenlijk verkleind worden door de afscherming die ruim is verder zeker te stellen.

Ter maximale zekerstelling en zonder tot gebruiksbeperkingen te komen via dit wijziging omgevings- plan op de gronden van anderen kan voorzien worden in een voorwaardelijke verplichting om , mocht de aanwezige afscherming door aanwezige landschapselementen direct noordelijk van het woonper- ceel verdwijnen , dan de aanleg en instandhouding van een driftreducerend voorziening te verplichten. Advies In het finale besluit bij de wijziging omgevingsplan -of procedure bopa- dient het gebruik van gewas- beschermingsmiddelen en de bijkomende onzekerheden omtrent gezondheid meegenomen te worden. Het plan kan voor wat betreft het aspect gewasbeschermingsmiddelen voldoen aan een evenwichtige toedeling van functies aan locaties. Daarbij is het advies om de voorwaardelijke ver- plichting zoals hiervoor beschreven op te nemen. Binnenweg 25 Paasloo 39

40 Binnenweg 25 Paasloo

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Paginanummers tellen de pagina's van het PDF, niet de nummers die op de pagina's gedrukt staan. Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://steenwijkerland.bestuurlijkeinformatie.nl/Document/LoadAgendaItemDocument/c61755f2-38f9-4ba4-8cae-9365759f6a22?agendaItemId=8f3f61ac-9750-4226-b9e4-30ef920025e7