Eindrapport IHP Steenwijkerland 4 November 2022.pdf
Tekst van het document
Integraal Huisvestingsplan Onderwijs G e m e e n t e S t e e n w i j k e r l a n d 4 n o v e m b e r 2022 S a m e n v a t t i n g I n t r o d u c t i e 5 U i t g a n g s s i t u a t i e 13 B e l e i d s a m b i t i e 21 Pe r s p e c t i e v en 46 R o u t e k a a r t 93 F i n a n c i ë n 95 B e w e g i n g s o n d e r w i j s 10 6 V o o r t g e z e to n d e r w i js 11 1 I n h o u d s o p g a v e 2
S a m e n v a t t i n g 3
Prins Claus Renoveren Burgemeester De Ruiter Renoveren De Punter Nieuwbouw (opgeleverd) De Lisdodde Nieuwbouw (in ontwikkeling) De Schutsluis Renoveren De Wiedewereld & Eben Haëzer Nieuwbouw (in ontwikkeling) Het Kompas Renoveren De Slinge Renoveren Generaal van den Bosschool Renoveren ‘t PuzzelsTuk Nieuwbouw (opgeleverd) De Rolpaal Strategisch perspectief St. Martinus Nieuwbouw De Voorpoort Strategisch perspectief Immanuel Renoveren Don Bosco Renoveren De Ark Renoveren St. Bernardus Strategisch perspectief De Driesprong Strategisch perspectief De Buuzekamp Strategisch perspectief De Lepelaar Strategisch perspectief Eben Haëzer Strategisch perspectief Clemens Renoveren Beatrix Nieuwbouw Johan Friso Nieuwbouw (in ontwikkeling) De Samensprong Semipermanent uitbreiden Het Kompas Strategisch perspectief Willem Alexander Renoveren OLDEMARKT KUINRE OSSENZIJL STEENWIJK GIETHOORN WANNEPERVEEN VOLLENHOVE BLOKZIJL BELT-SCHUTSLOOT SINT JANSKLOOSTER SCHEERWOLDE TUK STEENWIJKERWOLD EESVEEN WILLEMSOORD 4 Voortgezet Onderwijs Unilocatie I n t r o d u c t i e 5
6 6 A f b a k e n i n g p l a n Voortgezet onderwijs via separaat traject De gemeenteraad van Steenwijkerland heeft in 2021 besloten op termijn over te gaan tot een unilocatie voor het voortgezet onderwijs. Ter informatie worden in dit plan op beknopte wijze de ontwikkelingen geschetst rondom de huisvesting van dit voortgezet onderwijs. De verdere ontwikkeling van deze unilocatie wordt via een separaat traject opgepakt. Het voorliggende Integraal Huisvestingsplan is hiermee voornamelijk gericht op het primair onderwijs. 6
7 Scheiding van taken Gemeente en schoolbesturen hebben beide hun eigen specifieke taken op het gebied van onderwijshuisvesting: De gemeente is verantwoordelijk voor de aanwezigheid van voldoende en adequate onderwijscapaciteit. Schoolbesturen zijn verantwoordelijk voor het onderhoud, de aanpassing en de exploitatie van schoolgebouwen. Verordening Onderwijshuisvesting In de ‘Verordening Voorzieningen Huisvesting Onderwijs’ van de gemeente Steenwijkerland staan de formele regels opgenomen die gelden voor de toetsing van aanvragen en processen rondom voorzieningen in de onderwijshuisvesting. De gemeente blijft deze verordening als ‘formeel vangnet’ hanteren voor alle situaties die niet via dit voorliggende plan worden opgelost. Integraal Huisvestingsplan Alle lokale afspraken, ambities en plannen rondom onderwijshuisvesting worden opgenomen in dit Integraal Huisvestingsplan (IHP) Onderwijs. Het plan vormt een gedeelde ambitie van schoolbesturen en de gemeente Steenwijkerland om tot uitvoering van maatregelen in de onderwijshuisvesting op korte, middellange en lange termijn te komen. Status plan Dit IHP heeft de status van een ‘overeenkomst’ tussen schoolbesturen en gemeente. Het heeft weliswaar geen formele juridische rechtskracht, maar is ook niet vrijblijvend.
Gemeente en schoolbesturen hebben beide een inspanningsverplichting om tot realisering van de in dit plan opgenomen afspraken te komen. We t t e l i j k k a d e r 7
8 Besluitvorming per project Op basis van dit plan worden de financiële consequenties in de begroting opgenomen na besluitvorming door de gemeenteraad. Op verschillende momenten worden het College van B&W en de gemeenteraad op de hoogte gehouden van de inhoudelijke voortgang. Eventuele afwijkingen van dit plan worden altijd aan het College en de gemeenteraad voorgelegd. Basis voor meerjarenbegroting De inhoud van dit huisvestingsplan vormt de basis voor maatregelen in de onderwijshuisvesting. De financiële consequenties van dit plan worden vertaald in de meerjarenbegrotingen van zowel de gemeente Steenwijkerland als de betrokken schoolbesturen. B a s i s v o o r b e s l u i t e n 8
9 Gezamenlijk traject De inhoud van dit IHP is het resultaat van een gezamenlijk traject met schoolbesturen: Schoolbesturen zijn via diverse individuele gesprekken en plenaire sessies betrokken. College en gemeenteraad zijn via een informatieve bijeenkomst geïnformeerd en uitgenodigd om hun input te geven voor dit plan. Schoolbesturen dragen zelf zorg voor de terugkoppeling van informatie richting hun achterban, zoals directies, leerkrachten, medezeggenschapsraden en Raden van Toezicht. To t s t a n d k o m i n g p l a n 9
10 Dynamisch document Dit IHP geeft een doorkijk tot 2038. Het is echter lastig om exact te voorspellen welke ontwikkelingen zich de komende zestien jaar zullen voordoen. Gemeente en schoolbesturen blijven daarom structureel met elkaar in gesprek over de aansluiting van dit plan op de praktijk: De visie en beleidsuitgangspunten van dit plan worden eenmaal per vier jaar herijkt. Jaarlijks bekijkt de gemeente op welke uitvoerende onderdelen uit dit plan aanpassing gewenst is. Zo worden de bedragen jaarlijks geïndexeerd (BDB-index) en worden leerlingenaantallen gemonitord. Minimaal eenmaal per jaar organiseert de gemeente een Op Overeenstemming Gericht Overleg (OOGO) tussen alle schoolbesturen en de gemeente. Hierbij worden informatie over de voortgang van projecten en actuele ontwikkelingen binnen onderwijshuisvesting gedeeld. Tevens wordt bekeken wat de voortgang in de verschillende projecten is en of dit aanleiding geeft om tot aanpassingen in de fasering van de projecten te komen. Verordening als formeel vangnet Voor in te dienen aanvragen voor voorzieningen in de onderwijsvesting gelden de afspraken zoals die in dit IHP zijn gemaakt rondom projecten en de fasering. Voor zover dit plan niet voorziet in een antwoord op vraagstukken rondom onderwijshuisvesting, blijven de bepalingen uit de onderwijshuisvestingsverordening gewoon van kracht.
Zo blijven onder andere herstel van constructiefouten, spoedaanvragen en het verzoek om huisvesting van een eventueel nieuwe school via de verordening (en overige vigerende wet- en regelgeving) verlopen. Eventuele afwijkingen op dit plan worden altijd in samenspraak tussen de gemeente en alle schoolbesturen besproken tijdens een OOGO. Pr o c e s a f s p r a k e n 10
11 Looptijd plan Dit IHP Onderwijs heeft een looptijd tot 2038. Redenen voor het hanteren van deze tijdsspanne zijn: Hiermee wordt voldaan aan de aankomende wettelijke verplichting om een IHP voor minimaal 16 jaar op te stellen. Het stelt gemeenten en schoolbesturen in staat tijdig middelen te reserveren voor het vastgoed. Het geeft betrokken partijen de mogelijkheid tijdig te kunnen anticiperen op maatschappelijke en ruimtelijke ontwikkelingen. Het vormt voor schoolbesturen een strategische onderlegger voor sturing op exploitatie, onderwijskundige vernieuwingen, onderhoud en aanpassingen in het gebouw. Het biedt de mogelijkheid te anticiperen op de klimaatdoelstellingen uit het Akkoord van Parijs. Dekkingsperiode plan Beoogd wordt om via de meerjarenbegroting van de gemeente telkens voor een periode van vier jaar budgetten te ramen. Tegelijkertijd blijft wel de ‘intentie’ bestaan om tot uitvoering van het totale plan te komen. Op deze wijze wordt de planuitvoering op de korte termijn geborgd, zodat schoolbesturen en gemeente in staat zijn uitvoering te geven aan deze projecten. L o o p t i j d & d e k k i n g 11
12 12 Wetsvoorstel nieuwe wetgeving Het rijk heeft een wetvoorstel in ontwikkeling waarin: gemeenten in de toekomst verplicht worden om een Integraal Huisvestingsplan Onderwijs op te stellen met een looptijd van zestien jaar. gemeenten naar verwachting op korte termijn formeel verantwoordelijk worden voor renovatie (als alternatief voor vervangende nieuwbouw). schoolbesturen worden verplicht een meerjaren- onderhoudsplan voor hun schoolgebouwen op te stellen. de mogelijkheden voor schoolbesturen om te investeren in onderwijshuisvesting worden volgens een ingediend wetsvoorstel naar de toekomst versoepeld. Duurzaamheidstaakstelling Op grond van het Klimaatakkoord van Parijs ligt er een forse opgave om te verduurzamen. Hieraan kan ook vanuit het vastgoed een bijdrage worden geleverd. Er moet een CO2 reductie worden behaald ten opzichte van de situatie in 1990. In 2030 moet de CO2 uitstoot met 55% zijn gereduceerd en in 2050 moet de totale reductie 95% zijn. Van school naar kindcentra Er is in toenemende mate sprake van een verbinding tussen onderwijs en opvang, waarbij sprake is van doorlopende leerlijnen. Het voornemen van de rijksoverheid voor een breed toegankelijke ‘gratis’ kinderopvang lijkt concreet te worden. Als gevolg hiervan is een stijging van de vraag naar kinderopvangplaatsen te verwachten.
SUVIS en DUMAVA Schoolbesturen kunnen een beroep doen op regelingen van de rijksoverheid (SUVIS, DUMAVA) die zijn bedoeld voor het verbeteren van de verduurzaming, ventilatie en het binnenklimaat van schoolgebouwen. Het betreffen hier cofinancieringsregelingen voor aanpak van bestaande gebouwen. Nieuwe Bouwbesluit Het Bouwbesluit 2012 is vervangen door het Besluit Bouwwerken Leefomgeving (BBL). Hierin zijn onder andere eisen opgenomen dat bij renovatie en nieuwbouw moet worden voldaan aan de eisen voor Bijna EnergieNeutrale Gebouwen (BENG). A c t u e l e o n t w i k k e l i n g e n 12
U i t g a n g s s i t u a t i e 13
T oelichting Het scholenlandschap in de gemeente Steenwijkerland bestaat uit het primair onderwijs, speciaal (basis) onderwijs en voortgezet onderwijs. Op 1 oktober 2021 hadden de scholen in Steenwijkerland gezamenlijk 5.386 leerlingen. Hiervan zit het grootste deel op een basisschool (3.485 leerlingen = 65%), gevolgd door het voortgezet onderwijs (1.724 leerlingen = 32%) en het speciaal (basis) onderwijs (177 leerlingen = 3%). S c h o l e n l a n d s c h a p 0 500 1.000 1.500 2.000 2.500 3.000 3.500 4.000 Basisonderwijs Speciaal (basis) onderwijs Voortgezet onderwijs 14
T oelichting De leerlingenprognoses dateren van december 2021 en zijn opgesteld door Pronexus. Deze prognoses zijn opgesteld volgens de voorwaarden die hiervoor zijn opgenomen in de Verordening Voorzieningen Onderwijshuisvesting. Als input voor de prognoses is uitgegaan van de meest actuele woningbouwplannen. Als de gemeentelijke woonagenda 2022-2026 consequenties heeft voor de bouwvolumes en hierdoor mogelijk ook op de leerlingaantallen, worden de prognoses hierop geactualiseerd. Voorafgaande aan de uitvoering van projecten wordt in samenspraak met schoolbestuur en schooldirectie bekeken of er redenen zijn om af te wijken van deze prognoses. 101 112 153 103 105 110 110 110 110 110 110 L e e r l i n g e n p r o g n o s e s 15
Aantal leerlingen Jaar T oelichting Volgens de prognoses is macro gezien sprake van een stabilisatie van het aantal leerlingen in het primair onderwijs rond de 3.500. De uiteindelijke keuzes rondom nieuwbouw van woningen kunnen uiteraard effect hebben op deze aantallen. Bij aanpassingen in de Woonvisie is het zaak om deze door te berekenen in de prognoses. L e e r l i n g e n o n t w i k k e l i n g 16
0 2 4 6 8 10 12 0-10 jaar 10-20 jaar 20-30 jaar 30-40 jaar 40-60 jaar 60 jaar en ouder T oelichting In de grafiek hiernaast is op basis van de oorspronkelijke bouwjaren van de basisschoolgebouwen een indeling gemaakt naar leeftijdscategorie. Hierbij is al rekening gehouden met de schoolgebouwen die binnenkort nieuw in gebruik zijn of worden genomen: Frisoschool (Steenwijk), ‘t PuzzelsTuk (Tuk), De Punter (Giethoorn), De Lisdodde (Wanneperveen) en Eben Haëzer en De Wiedewereld (St. Jansklooster). Deze zijn allemaal toegerekend aan de categorie 0-10 jaar. Drie schoolgebouwen uit de jaren zeventig zijn in het verleden gerenoveerd (zie de beige balk in de periode 40-60 jaar). Hiermee is de levensduur van deze gebouwen, die zich alle drie in Steenwijk bevinden, met circa 25 jaar verlengd. Het betreft de Bernardschool (recentelijk gerenoveerd) en de Clausschool en de Beatrixschool (tien jaar geleden gerenoveerd). L e e f t i j d s o p b o u w 17
Aantal basisscholen T oelichting De gemiddelde schoolgrootte van de basisscholen in de gemeente Steenwijkerland bedraagt circa 115 leerlingen. Het Nederlands gemiddelde ligt momenteel op 220 leerlingen. De wettelijke opheffingsnorm bedraagt landelijk 23 leerlingen. Onder dit aantal vervalt de vergoeding van rijkswege. Geen van de scholen in de gemeente valt momenteel onder deze wettelijke opheffingsnorm. De gemeentelijke opheffingsnorm waarboven een school dient uit te komen, is door het rijk voor Steenwijkerland vastgesteld op 42 leerlingen. Vijf scholen hebben nu minder leerlingen dan deze norm: De Driesprong (Eesveen), De Rolpaal (Blokzijl), Eben Haëzer (Ossenzijl), De Buuzekaemp (Beltschutsloot) en De Lepelaar (Scheerwolde). Dit betekent niet dat deze scholen automatisch worden opgeheven, omdat schoolbesturen de mogelijkheid hebben een beroep te doen op de gemiddelde schoolgrootte van de scholen onder eenzelfde bestuur. Scholen tot 144 leerlingen ontvangen een kleine scholentoeslag, waarmee ze in de gelegenheid worden gesteld om dezelfde onderwijskwaliteit te leveren als grotere scholen.
S c h o o l g r o o t t e 18 0 2 4 6 8 10 12 14 16 18 20 0-23 leerlingen 24-42 leerlingen 43-144 leerlingen >144 leerlingen 0 5.000 10.000 15.000 20.000 25.000 30.000 35.000 Normbehoefte Capaciteit Normsaldo T oelichting Op grond van een vergelijking van de totale gebouwcapaciteit met de totale normatieve ruimtebehoefte, kan worden afgeleid dat er momenteel meer onderwijscapaciteit is dan op grond van de wetgeving noodzakelijk is. Deze ‘normatieve overcapaciteit’ is echter nog geen ‘feitelijke overcapaciteit’ omdat in de meeste gevallen geen ongewenste leegstand wordt ervaren: De wettelijke normeringen zijn in de ogen van veel schoolbesturen aan de ‘magere kant’ voor het geven van goed onderwijs. De meeste scholen gebruiken doorgaans zelf meer ruimte dan deze minimale norm, bijvoorbeeld om ruimte te bieden aan kleine groepen of individuele begeleiding (mede in het kader van passend onderwijs). Bij schoolgebouwen kan sprake zijn van een inefficiënte gebouwstructuur, bijvoorbeeld veel gang- of trapruimte of een grote gemeenschapsruimte. Hierdoor wordt de feitelijk bruikbare oppervlakte voor het onderwijs beperkt. Op een toenemend aantal scholen is sprake van gebruik van het schoolgebouw door kinderopvang, die ook ruimten gebruikt. Oppervlakte in m2 BVO N o r m a t i e f r u i m t e s a l d o 19
Volume (m² BVO) T oelichting Hiernaast is het ruimtesaldo voor alle basisschoolgebouwen weergegeven, uitgaande van de leerlingenaantallen van oktober 2021. De omvang van verhuur en medegebruik is van het saldo afgehaald, voor zover de schoolbesturen hierover informatie hebben aangereikt. De scholen in het beige (De Lisdodde, St. Martinus, De Samensprong en De Wegwijzer) hebben te maken met een tekort. De scholen in het bruin zijn min of meer passend gehuisvest (leegstand < 200 m²) en de scholen in zalmkleur hebben meer dan 200 m² leegstand. Met name voor deze laatste scholen kan de leegstand een probleem vormen voor wat betreft een gezonde exploitatie. Momenten van renovatie en (met name) vervangende nieuwbouw bieden mogelijkheden om de capaciteit in balans te brengen met de behoefte. Hiertoe worden in dit plan voorstellen gedaan.
N o r m s a l d o p e r s c h o o l 20 -400 -200 0 200 400 600 800 Chr Basissch Buuzekaemp De Schutsluis Basisschool de Rolpaal Basissch de Driesprong De Punter Burg de Ruiterschool PC Basisschool De Ark Basisschool St Bernardus OBS De Slinge Basisschool Eben Haezer Basisschool De Lepelaar Basisschool Eben Haezer De Wiedewereld GBS De Wegwijzer RK Basissch St Clemens Het Kompas Bernhardschool Willem Alexanderschool Johan Frisoschool Clausschool Basisschool B OBS Beatrix-school OBS De SamenSprong OEC 't Ravelijn Basisschool Immanuel Basisschool Don Bosco 't PuzzelsTuk RK Basissch St Martinus Chr Kindcentrum Het Kompas OBS de Voorpoort Samenlevingsschool De Lisdodde BS Gen Vd Bosch B e l e i d s a m b i t i e 21
22 Kansrijke leeromgeving De gemeente Steenwijkerland en de schoolbesturen zien het als een gezamenlijke taak dat alle kinderen in de gemeente in een veilige en kansrijke omgeving kunnen opgroeien. Ieder kind in de gemeente heeft toegang tot goed onderwijs, waarbij recht wordt gedaan aan de talenten en behoefte van leerlingen. Aantrekkelijk leer- en werkklimaat Leerlingen, leerkrachten en onderwijsondersteuners functioneren in een aantrekkelijk leer- en werkklimaat. Gestreefd wordt naar gebouwen die functioneel, veilig, gezond, comfortabel en duurzaam zijn. Passend onderwijs stelt ook eisen aan de huisvesting van scholen. Denk bijvoorbeeld aan aanwezigheid van voldoende ruimten voor individuele begeleiding, onderwijsondersteuners en behandelaars. 22 Eigenheid en diversiteit De diversiteit van het onderwijsaanbod biedt ouders en leerlingen de vrijheid om te kiezen tussen denominaties en onderwijsconcepten. Partijen hechten waarde aan de eigenheid van scholen op het gebied van signatuur en onderwijsconcept, zolang de samenleving hierom vraagt en de kwaliteit en betaalbaarheid van het onderwijs niet in het geding komen. Vorming kindcentra Het streven is gericht op de vorming van integrale kindcentra, waarbij het doel is om één pedagogische en educatieve omgeving te realiseren voor 0 tot 13 jarigen.
Daarbij hoort een naadloze aansluiting tussen kinderopvang, scholen en zo nodig jeugdhulp-verlening. In gezamenlijkheid wordt verkend wat er nodig is om tot een optimale samenwerking en doorgaande leerlijn te komen. Ta l e n t o n t w i k k e l i n g i n k a n s r i j k e l e e r o m g e v i n g e n ( 1 ) 22
23 23 Open voorzieningen Schoolgebouwen in de gemeente zijn geen eilandjes op zich, maar staan middenin de samenleving en omgeving waar zij deel van uitmaken. Waar mogelijk en gewenst staan deze gebouwen open voor andere maatschappelijke activiteiten in de kernen, waarbij over de condities afspraken worden gemaakt tussen de betrokken partijen. Maatwerk per dorpskern Dorpen verschillen van elkaar bijvoorbeeld op het gebied van sociale structuur, demografie en cultuur. In de uiteindelijk te kiezen oplossingen op het gebied van onderwijs en onderwijshuisvesting is het dan ook zaak om niet te kiezen voor blauwdrukken, maar voor oplossingen die recht doen aan lokale situatie. Ta l e n t o n t w i k k e l i n g i n k a n s r i j k e l e e r o m g e v i n g e n ( 2 ) 23
24 De inhoudelijke visie op onderwijs zoals geformuleerd op de vorige pagina, wordt via een zeven beleidslijnen vertaald naar huisvesting: Integrale kwaliteit Unieke oplossingen Kleine scholen Kindcentra Verduurzamen Gezonde exploitatie Wederkerige inspanning Op de volgende pagina is een toelichting opgenomen op deze zeven beleidslijnen. Va n i n h o u d n a a r s t e n e n 24
I n t e g r a l e k w a l i t e i t 25
26 Eigen verantwoordelijkheid schoolbesturen In relatie tot de hedendaagse eisen en wensen op het gebied van bijvoorbeeld verduurzaming, binnenklimaat en functionaliteit is binnen diverse schoolgebouwen in de gemeente Steenwijkerland nog wel een verbeteringsslag te maken. Niet vreemd, omdat de meeste schoolgebouwen in een geheel ander tijdsbeeld zijn gerealiseerd. Hoewel de bekostiging vanuit de rijksoverheid lang niet altijd toereikend is, vormen deze partiële vernieuwingsslagen –voor zover geen sprake is van renovatie of nieuwbouw- in de basis een eigen verantwoordelijkheid van de schoolbesturen zelf. In specifieke gevallen stimuleert de rijksoverheid hierbij via een subsidieregeling, zoals nu bij de aanpak van de ventilatie en het binnenklimaat van schoolgebouwen (SUVIS-regeling). Hogere ambitie vanuit lokale beleidsvrijheid Om een aantal redenen gaan we via dit IHP verder dan de minimale zorgplicht die de gemeente heeft op grond van de wetgeving: Goede onderwijsvoorzieningen ondersteunen het welbevinden, de leerprestaties, de leefbaarheid en een aantrekkelijk vestigingsklimaat. Bouwtechniek vormt maar een deel van de totale kwaliteit van een schoolgebouw. De kwaliteit van een schoolgebouw wordt in dit IHP ook bepaald door aspecten als de kwaliteit van het binnenklimaat, de functionaliteit en de mate van verduurzaming.
Tijdig anticiperen op de veroudering van schoolgebouwen voorkomt verdere verschraling van het voorzieningenniveau. Tegelijkertijd voorkomt dit dat toekomstige generaties worden belast met een verouderde gebouwenvoorraad. 26
27 Ambitie nieuwbouw en renovatie In dit plan komen schoolgebouwen potentieel voor nieuwbouw of renovatie in aanmerking als: De afschrijvingstermijn van het gebouw is verstreken. De integrale kwaliteit van het gebouw aanleiding geeft voor een verbeteringsslag. Er sprake is van een levensvatbare situatie qua onderwijskwaliteit en exploitatie. Achterstallig onderhoud In alle gevallen wordt bekeken of schoolbesturen in het verleden hun verantwoordelijkheid hebben genomen bij onderhoud en aanpassingen en geen sprake is van achterstallig onderhoud. 27
U n i e k e o p l o s s i n g e n 28
29 Verschillen vragen om maatwerk Geen school en geen schoolgebouw zijn hetzelfde. Denk aan verschillen in omvang, concept, levensvatbaarheid, gebouwkwaliteit, maatschappelijke functie, exploitatie en cultuur-historische waarde. De unieke profielen per schoolgebouw en de context in een dorp of wijk vragen niet om blauwdrukken, maar om specifieke oplossingen in de huisvesting. T ypen maatregelen In dit plan onderscheiden we drie maatregelen: (A) Niks doen (B) Renovatie (C) Nieuwbouw 29 (A) Niks doen Een gebouw komt de komende 16 jaar niet voor renovatie, vervangende nieuwbouw of uitbreiding in aanmerking en wordt via onderhoud en aanpassingen door het schoolbestuur in stand gehouden. (B) Renoveren De integrale kwaliteit van een bestaand schoolgebouw wordt door gerichte ingrepen verbeterd, waarmee de levensduur van het gebouw voor een periode van 25 tot 40 jaar wordt verlengd. Het gebouw voldoet na renovatie in ieder geval aan de bepalingen uit het Besluit Bouwwerken Leefomgeving (BENG, Frisse Scholen Klasse C voor temperatuur, licht en geluid, Frisse Scholen Klasse B voor energie en luchtkwaliteit). (C) Nieuwbouw Het gebouw voldoet na nieuwbouw in ieder geval aan de bepalingen uit het Besluit Bouwwerken Leefomgeving. Permanente nieuwbouw wordt voor een periode van minimaal 40 jaar gerealiseerd. 29
30 30 Brede blik per opgave Waar sprake is van een renovatie of nieuwbouw van schoolgebouwen, wordt altijd bekeken welke andere ontwikkelingen in de betreffende kern of wijk spelen waarop mogelijk geanticipeerd moet worden, zoals: Ontwikkelingen bij andere scholen Ruimtelijke ontwikkelingen Stedenbouwkundige ontwikkelingen Maatschappelijke ontwikkelingen Ontwikkelingen bij sport, welzijn, cultuur en jeugdzorg Ontwikkelingen rondom kerken en zorgcentra Afstemming met lokale partners Schoolbestuur en gemeente maken per project afspraken over welke lokale partners betrokken worden bij het project. Denk hierbij aan partijen als dorpsbelangen, kinderopvanginstelling of kerkbestuur. Afweging renovatie versus nieuwbouw Via de uitvoering van een scenariostudie wordt -in het geval van een aankomende vernieuwing van een schoolgebouw- op verschillende elementen een afweging gemaakt tussen renovatie en nieuwbouw. Deze afweging staat aan de basis van een keuze over de uit te voeren maatregel. Elementen die hierbij worden bekeken zijn onder andere: Levensvatbaarheid Geschiktheid qua omvang Ligging Verduurzaming Gebouwkwaliteit (technische staat, functionaliteit, binnenklimaat) Gebouwpotentieel Investeringskosten/jaarlasten Exploitatielasten Tijdelijke huisvesting Herontwikkelingspotentie Combinaties andere scholen Combinaties andere functies Beschikbaarheid financiële middelen 30
K l e i n e s c h o l e n
32 Omvang kleine scholen Los van de kleine scholentoeslag voor scholen met minder dan 145 leerlingen, bestaat er geen landelijke norm voor wat een kleine school is. In dit IHP beschouwen we scholen met minder dan 80 leerlingen als ‘kleine scholen’. Dit is de omvang waarbij normaal gesproken nog vier combinatiegroepen gemaakt kunnen worden. Risico’s kleine scholen Kleine scholen zijn niet per definitie slechter dan grote scholen. Onderzoek van de Onderwijsraad heeft wel aangetoond dat de kosten voor kleine scholen -om dezelfde onderwijskwaliteit te leveren als grotere scholen- aanzienlijk hoger zijn en dat relatief meer kleine scholen minder goed scoren op de onderwijskwaliteit dan grotere scholen. Andere risico’s van een kleinere school kunnen te maken hebben met bijvoorbeeld het lastiger kunnen organiseren van de kinderopvang, moeilijkheden in het aantrekken van personeel en het sociaal- pedagogische klimaat (het aantal leeftijdsgenootjes in dezelfde groep). Daarnaast is het risico dat een kleine school uiteindelijk zijn deuren gaat sluiten (vanwege een gewijzigde bestuursvisie of lastige exploitatie) doorgaans groter dan bij een school die ruimer in de leerlingen zit. 32 Opstellen strategisch perspectief kleine scholen De mogelijke risico’s ten aanzien van kleine scholen betekenen niet dat alle kleine scholen per definitie moeten verdwijnen uit de gemeente Steenwijkerland.
Maar het betekent wel dat het nodig is per kleine school(gebouw) extra zorgvuldig te bekijken wat de levensvatbaarheid is van deze locatie, voorafgaand aan besluiten tot renovatie of nieuwbouw. Om te anticiperen op geschetste risico’s, wordt voor iedere kleine school met een huisvestingsvraag een strategisch perspectief opgesteld. Hierbij is het zaak om grip te krijgen op de ‘context’ rondom deze specifieke school, alvorens totinvesteringen in de onderwijshuisvesting over te gaan: Hoe ontwikkelt het leerlingenaantal zich? Welke relevante woningbouwplannen zijn er? Wat is het voedingsgebied van de school? Welke alternatieven voor de school zijn aanwezig zijn in de nabijheid (ook over de gemeentegrenzen)? Welke aanvullende functies vervult de school voor de leefbaarheid van de leefomgeving? Op welke wijze kan kinderopvang ingevuld worden? Hoe lang kan instandhouding van de school worden gegarandeerd? 32
33 33 Besluitvorming huisvesting Mede op grond van de op te stellen strategische perspectieven, wordt besloten welke ingrepen in de huisvesting gewenst en verantwoord zijn. Hiermee wordt beoogd tot een zorgvuldige inzet van gemeenschapsgelden te komen, mede gericht op het voorkomen van desinvesteringen. Budgettaire kaders De verwachting is dat niet alle gebouwen van de kleine scholen zoals die er nu zijn, in de toekomst blijven bestaan. In het financiële hoofdstuk in dit plan wordt zekerheidshalve wel rekening gehouden met een budget voor renovatie van de huisvesting van alle kleine scholen. In de praktijk kan het zijn dat deze budgetten helemaal niet ingezet worden of dat budget wordt benut om tot uitbreiding van een ander schoolgebouw te komen (als de leerlingen van het af te stoten gebouw niet opgevangen kunnen worden binnen de bestaande capaciteit). K i n d c e n t r a 34
35 Belang kindcentra De gemeente Steenwijkerland en de schoolbesturen voor het primair en speciaal onderwijs onderschrijven het belang van de ontwikkeling van scholen tot brede kindvoorzieningen voor 0 tot 13- jarigen. Landelijk zien we ook de ontwikkeling van de voorschool. Geen dogma Het heeft de voorkeur om kindfuncties te integreren in de schoolgebouwen. Maar het betreft geen recht of plicht: soms is het qua bedrijfsvoering/volumes niet haalbaar om deze commerciële functie te organiseren en soms kunnen gebouwen in de nabijheid van de school deze kindfuncties ook op een goede wijze huisvesten. De huisvesting van kindfuncties is hiermee altijd maatwerk. Eigen verantwoordelijkheid Schoolbesturen en kinderopvangorganisaties zelf zijn verantwoordelijk voor de kindcentra. Voor zover leegstand in schoolgebouwen niet nodig is voor de scholen zelf, kan deze met instemming van het College worden verhuurd aan bijvoorbeeld de kinderopvang. Schoolbesturen maken in dat geval zelf afspraken met de kinderopvang over een vergoeding van de exploitatiekosten. Kindcentra & renovatie Bij het renoveren van schoolgebouwen worden afspraken gemaakt met de aanbieder van kindvoorzieningen, over de wenselijkheid en financiering van de renovatie van het door de aanbieder gehuurde gebouwdeel. 35
36 Kindcentra en nieuwbouw In geval van nieuwbouw van een school, geldt als vertrekpunt de volgende beleidslijn ten aanzien van het realiseren en exploiteren van de ruimte voor kinderopvang: 1. De gemeente financiert ruimten voor kinderopvang voor. 2. De kinderopvang betaalt minimaal de kostprijsdekkende huur aan de gemeente. 3. Huurcontract geldt voor een minimale periode om de exploitatierisico’s voor de gemeente te beperken. 4. Exploitatielasten worden direct verrekend tussen kinderopvang en schoolbestuur. Instellen werkgroep Een werkgroep vanuit schoolbesturen en de gemeente Steenwijkerland gaat de komende periode uitwerking geven aan de concrete invulling van de afspraken rondom kinderopvang. De gemeente initieert deze werkgroep. 36 36
V e r d u u r z a m e n 37
38 Duurzaamheidstaakstelling Met het klimaatakkoord van Parijs als grondslag is het zaak om voor 2050 tot volledige afbouw van de uitstoot van CO2 te komen. Voor bestaande schoolgebouwen staan schoolbesturen zelf ‘aan de lat’ voor het treffen van duurzaamheidsmaatregelen, bijvoorbeeld via isolatie of het aanbrengen van zonnepanelen. Momenten van renovatie en nieuwbouw zijn bij uitstek geschikt om de vastgoedportefeuille grondig te verduurzamen. Daarnaast kan worden bezien op welke wijze het lokale verduurzamingsbeleid van de gemeente de schoolbesturen kan ondersteunen bij de verduurzaming. Denk hierbij aan het aanhaken op wijk- en dorpswarmteplannen of het verstrekken van verduurzamingsleningen. 38 Wettelijke eisen Nieuwe en te renoveren schoolgebouwen moeten voldoen aan ‘het nieuwe Bouwbesluit’ ofwel de eisen van het Besluit Bouwwerken Leefomgeving (BBL). Dit betekent bijvoorbeeld dat deze nieuwe en te renoveren gebouwen Bijna Energie Neutrale Gebouwen (BENG) moeten zijn. Lokale verduurzamingsambitie Vanuit dit huisvestingsplan hebben de gemeente en de schoolbesturen de lokale ambitie om nieuwbouw en renovatie van scholen waar haalbaar te realiseren op het niveau van ENG (Energie Neutrale Gebouwen). De gemeente financiert hierbij tot het wettelijk minimale niveau van BENG.
Voor de inspanningen om te komen tot een duurzaamheidsniveau boven BENG zijn schoolbesturen zelf verantwoordelijk. Voor deze bovenwettelijke verduurzaming stellen schoolbesturen een businesscase op, om te bekijken in welke mate een verdere verduurzaming boven het niveau van BENG haalbaar is. 38
39 39 Bijdrage schoolbesturen In dit plan gaan we ervan uit dat de schoolbesturen voor primair onderwijs bij nieuwbouw en renovatie vanuit eigen middelen een bedrag van € 150 euro per m² bruto vloeroppervlak (BVO) inzetten. Dit bedrag wordt landelijk als ‘referentiebedrag’ gebruikt om de sprong van BENG naar ENG te maken. Realistische benadering verduurzaming Het belang van verduurzamen wordt breed onderschreven. Tegelijkertijd is het omwille van verschillende redenen van belang met een nuchtere blik te blijven kijken naar verduurzaming. Hieronder is een aantal redenen beschreven om verduurzaming zowel ambitieus als realistisch te benaderen. (A) Groeimodel De tijd en kosten die zijn gemoeid met verduurzaming in relatie tot de financiële mogelijkheden bij gemeente en schoolbesturen, maken het onmogelijk de volledige portefeuille op korte termijn te transformeren in een volledig verduurzaamd bestand. We kiezen voor een groeimodel waarbij gemeente en schoolbesturen gezamenlijk de schouders eronder zetten. (B) Meer dan verduurzaming Er kunnen redenen zijn om bestaande –niet volledig energieneutrale- schoolgebouwen juist te handhaven, bijvoorbeeld vanwege de intrinsieke kwaliteit van gebouwen, de cultuur-historische waarde en/of de (gewenste) overcapaciteit binnen het gebouw.
(C) Onzekerheid perspectief Wanneer onzekerheid bestaat over bijvoorbeeld het toekomstperspectief van een school, kan bewust worden overwogen om op korte termijn voor een ‘suboptimale oplossing’ te kiezen, met de mogelijkheid om voor 2050 mogelijk alsnog de sprong naar energieneutraal gebouw te maken. 39
40 (D) Voortschrijdend inzicht De innovaties rondom verduurzaming gaan razendsnel. Wat vandaag vernieuwend is, is morgen verouderd. Denk bijvoorbeeld aan de mogelijke introductie van waterstof die de energievoorziening volledig op z’n kop zou kunnen zetten. Mogelijke innovaties kunnen reden zijn bewust te kiezen voor een spreiding in de verduurzaming van de portefeuille en niet alleen te koersen op de technologie van nu, maar juist ook te anticiperen op eventuele toekomstige innovaties. (E) Total Cost of Ownership (TCO) Om een goede afweging te maken bij het uitvoeren van verduurzamingsmaatregelen, is het zinvol om niet alleen naar investeringen en opbrengsten op de korte termijn te kijken, maar ook naar de gevolgen gedurende de totale verwachte levensduur van een schoolgebouw. Wat kost het onderhoud van installatie? Wanneer moeten installaties worden vervangen? Wat is het effect als de saldering van energieopbrengsten per 2023 door het rijk wordt afgebouwd? Wat als de materiële bekostiging voor schoolbesturen wijzigt? (F) Afstemmen op levensduur De afschrijvingstermijn van verduurzamings- maatregelen moet in verband staan met de inverdieneffecten van de betreffende investeringen. Het volledig gasloos maken van een schoolgebouw doe je normaal gesproken niet als je weet dat je over vijftien jaar het hele gebouw vervangt.
Bij onzekerheid over het voortbestaan van een voorziening is het verstandig het investeringspatroon hierop af te stemmen en eventuele desinvesteringen te voorkomen. (G) Beperken van stenen Het wordt soms wel eens vergeten in het geweld van alle verduurzamingsmaatregelen, maar de meest duurzame vierkante meter gebouw is nog altijd de niet-gebouwde vierkante meter. Kortom: kijk hoe de omvang van schoolgebouwen op verantwoorde wijze kan worden beperkt, bijvoorbeeld door passend, flexibel en multifunctioneel te bouwen en gedeeld gebruik van gebouwen te stimuleren. 40
G e z o n d e e x p l o i t a t i e 41
42 Medegebruik In dit huisvestingsplan wordt -vanuit het oogpunt van het efficiënt en duurzaam benutten van ruimte, stenen en gemeenschapsgeld- het uitgangspunt gehanteerd dat groei en krimp van scholen binnen een kern of wijk zoveel mogelijk onderling wordt opgevangen. Voorafgaande aan beslissingen over medegebruik, wordt altijd de context van het medegebruik geanalyseerd. Denk hierbij aan de aspecten verkeersveiligheid en voedingsgebied. Gebouwelijke samenwerking Wanneer binnen een kern of wijk sprake is van meerdere onderwijsvoorzieningen, wordt in geval van ingrepen in de huisvesting altijd bekeken of een clustering van voorzieningen (twee scholen onder één dak, niet per se een fusie) haalbaar en wenselijk is. Voorwaarde voor een succesvolle gebouwelijke samenwerking is dat er in ruime mate sprake is van synergie en vertrouwen tussen de beoogde samenwoonpartners. Gezamenlijke huisvesting kan een aantal voordelen opleveren: Het samen delen van bepaalde ruimtes die alleen niet haalbaar zijn of moeilijk te exploiteren. Het aanbieden van onderwijsaanbod die bij beperkte volumes moeilijk of niet haalbaar zijn (zoals bijvoorbeeld specifiek onderwijs voor hoogbegaafden, techniek, handvaardigheid, NT2). Het flexibel opvangen van onderlinge groei en krimp. Het gezond en kwalitatief exploiteren van kinderopvang en buitenschoolse opvang.
Het efficiënt benutten van grond, stenen en ruimten. 42
43 Organisatorische invulling De wijze waarop een eventuele clustering van scholen in een kern of wijk organisatorisch wordt ingestoken (bijvoorbeeld een fusie of een samenwerkschool) betreft een autonome bevoegdheid van de schoolbesturen zelf. Ruimtelijke synergie Bij gezamenlijke nieuwbouw van scholen wordt recht gedaan aan de eigenheid van de deelnemende scholen door in het ruimtelijk-functioneel ontwerp rekening te houden met ‘eigen ruimten’ in een gebouw, voor zover de bezetting van die ruimten dit rechtvaardigt. Naast de eigen ‘thuisbases’ wordt voor andere ruimtes ingezet op gezamenlijk gebruik. Denk hierbij bijvoorbeeld aan speellokaal, spreekkamers, gymlokaal en buitenterrein. 43
W e d e r k e r i g e i n s p a n n i n g 44
45 Inspanning gemeente en schoolbesturen De gemeente Steenwijkerland spant zich in voor het scheppen van structurele condities voor gezonde onderwijshuisvesting, door kredieten beschikbaar te stellen om de projecten zoals genoemd in dit plan uit te kunnen voeren. Van de zijde van de schoolbesturen wordt een inspanning verwacht aangaande het bieden van kwalitatief goed onderwijs, een efficiënte inzet van ruimten, een duurzame en verantwoorde omgang met gemeenschapsmiddelen en het zorgdragen voor adequaat onderhoud voor hun eigen gebouwen. Afstemming investering en instandhouding Waar het gaat om investeringen in schoolgebouwen van gemeentezijde, spreken schoolbesturen de intentie uit om de betreffende onderwijsvoorziening ook minimaal gedurende de periode van afschrijving in stand te houden. Dit in verband met het voorkomen van desinvesteringen en het aan de gemeente terugvallen van gebouwen met een hoge resterende boekwaarde. 45
Pe r s p e c t i e v e n 46
DE WEGWIJZER Florion | 88 leerlingen CLEMENSSCHOOL Catent | 101 leerlingen HET KOMPAS Accrete | 50 leerlingen BEATRIXSCHOOL Op Kop | 176 leerlingen CLAUSSCHOOL Accrete | 260 leerlingen JOHAN FRISO SCHOOL Accrete | 153 leerlingen OEC ‘T RAVELIJN Stichting Samenlevingsscholen 177 leerlingen SCHOOL B op Kop | 290 leerlingen DE SAMENSPRONG Op Kop | 112 leerlingen ‘t PUZZELS TUK Catent | 85 leerlingen WILLEM ALEXANDERSCHOOL Accrete | 101 leerlingen BERNHARDSCHOOL Accrete | 174 leerlingen
S t e e n w i j k S c h o o l B Schoolbestuur Op Kop Bouwjaar 2010 Leerlingen 290 Normbehoefte 1.659 m² Capaciteit 2.016 m² Normsaldo +357 m² Prognose Stabiel Naast regulier onderhoud worden voorlopig geen grootschalige maatregelen voorzien voor School B. 48
SWS De Fladderiep 49 S t e e n w i j k D e S a m e n s p r o n g Waar in de oude prognoses nog werd uitgegaan van een krimpende school, is De Samensprong de laatste jaren snel gegroeid van 71 leerlingen in 2017 naar 112 in 2021. Het gebouw van MFC De Zuidwester heeft momenteel geen ruimte over, mede doordat de andere school (De Wegwijzer) constant blijft qua leerlingenaantal. Om te voorzien in het tekort is voor de komende jaren voorzien in de plaatsing van een tijdelijke unit, waarbij een tweede tijdelijke unit volgt. Hiermee is een oplossing voor het capaciteitstekort geboden tot medio 2030 (einde vergunning). Mocht het tekort dan alsnog aanwezig zijn, is een alternatieve oplossing nodig. In dit plan houden we daarom voor de middellange termijn kostentechnisch rekening met de bouw van een (semi)permanente uitbreiding bij MFC De Zuidwester. Schoolbestuur Op Kop Bouwjaar 2014 Leerlingen 112 Normbehoefte 763 m² Capaciteit 597 m² Normsaldo - 166 m² Prognose Lichte groei 49
S t e e n w i j k D e We g w i j z e r Schoolbestuur Florion Bouwjaar 2014 Leerlingen 88 Normbehoefte 643 m² Capaciteit 600 m² Normsaldo - 43 m² Prognose Stabiel Naast regulier onderhoud worden voorlopig geen fysieke maatregelen voorzien voor De Wegwijzer. Schoolbestuur Florion is tevreden over dit gebouw. 50
SWS De Fladderiep 51 S t e e n w i j k W i l l e m A l e x a n d e r Schoolbestuur Accrete Bouwjaar 1956 Leerlingen 101 Normbehoefte 708 m² Capaciteit 888 m² Normsaldo + 180 m² Prognose Stabiel De Willem-Alexander biedt onderwijs vanuit een kleinschalig karakter. De voorkeur van het schoolbestuur gaat uit naar renovatie van dit gebouw. 51
52 S t e e n w i j k S t . C l e m e n s s c h o o l Schoolbestuur Catent Bouwjaar 1900 Leerlingen 101 Normbehoefte 708 m² Capaciteit 912 m² Normsaldo + 204 m² Prognose Groei Het schoolbestuur is content over deze locatie en het gebouw in het centrum van Steenwijk. Wel is een renovatie nodig om het gebouw weer volledig geschikt te maken voor onderwijs. Denk hierbij aan verduurzaming en verbetering van het binnenklimaat. Catent wenst de locatie te ontwikkelen tot kindcentrum met kinderopvang en buitenschoolse opvang. Gezien de overcapaciteit in het pand, bestaan hiervoor ook mogelijkheden. Het schoolbestuur realiseert zich dat het lastig zal worden dit gebouw op en top te verduurzamen, maar acht de cultuurhistorische waarde van zodanig belang dat de voordelen van dit gebouw de nadelen voor de exploitatie overtreffen. 52
S t e e n w i j k H e t K o m p a s 53 Schoolbestuur Accrete Bouwjaar 1958 Leerlingen 50 Normbehoefte 452 m² Capaciteit 900 m² Normsaldo + 449 m² Prognose Stabiel Schoolbestuur Accrete wenst voor Het Kompas een regiofunctie met een groei naar 80 tot 100 leerlingen. Vanuit de planperiode in dit plan worden geen ingrepen voorzien in dit gebouw. Voorafgaande aan eventuele toekomstige ingrepen in de huisvesting van deze school, wordt een strategisch perspectief opgesteld zoals verwoord in de beleidsvisie rondom kleine scholen. 53
S t e e n w i j k B e r n h a r d s c h o o l 54 Schoolbestuur Accrete Bouwjaar 1972 Leerlingen 174 Normbehoefte 1.075 m² Capaciteit 1.579 m² Normsaldo + 504 m² Prognose Stabiel Het schoolgebouw van de Bernhard is onlangs volledig gerenoveerd en hiermee weer voor een lange termijn geschikt voor onderwijs. Behoudens regulier onderhoud worden voorlopig geen grootschalige maatregelen voorzien voor de Bernhard. 54
S t e e n w i j k B e a t r i x s c h o o l 55 Het gebouw dateert uit 1972 en is in 2012 deels gerenoveerd. Mede gezien de leegstand op de locatie en de knelpunten in het gebouw, opteert het schoolbestuur hier op termijn voor vervangende nieuwbouw. Gezien de forse leegstand in het gebouw is het schoolbestuur momenteel met de gemeente in gesprek over de mogelijkheden om een deel van het gebouw in te zetten voor andere doeleinden, waardoor deze leegstand minder zwaar op de exploitatie drukt. Een nadere strategische keuze betreft de toekomstige locatie. Gezien de mogelijke plannen voor woningbouw in het zuidelijke deel van Steenwijk, liggen hier op lange termijn wellicht kansen voor een herpositionering van het openbaar onderwijs in de kern Steenwijk. Schoolbestuur Op Kop Bouwjaar 1972 Leerlingen 176 Normbehoefte 1.085 m² Capaciteit 2.127 m² Normsaldo + 1.042 m² Prognose Stabiel 55
S t e e n w i j k C l a u s s c h o o l 56 Schoolbestuur Accrete Bouwjaar 1972 Leerlingen 260 Normbehoefte 1.508 m² Capaciteit 2.058 m² Normsaldo + 550 m² Prognose Stabiel Het schoolbestuur en de gemeente hebben in 2012 geïnvesteerd in een gedeeltelijke renovatie van dit gebouw uit 1972. In dit plan houden op middellange termijn rekening met renovatie van het gebouw van de Clausschool. 56
S t e e n w i j k J o h a n Fr i s o 57 Schoolbestuur Accrete Bouwjaar 1968 Leerlingen 153 Normbehoefte 970 m² Capaciteit 962 m² Normsaldo - 8 m² Prognose Groei De nieuwbouw van Johan Friso is in voorbereiding en zal naar verwachting medio 2026 in gebruik worden genomen. 57
Tu k ‘ T Pu z z e l s t u k 58 Schoolbestuur Catent Bouwjaar 2022 Leerlingen 85 Normbehoefte 628 m² Capaciteit 753 m² Normsaldo + 125 m² Prognose Stabiel De nieuwbouw voor ‘t PuzzelsTuk samen met het dorpshuis in de kern Tuk is in juli 2022 opgeleverd. 58
S t e e n w i j k O E C ‘ T R a v e l i j n 59 Schoolbestuur Stichting Samenlevingsscholen Bouwjaar 2013 Leerlingen 177 Normbehoefte 1.090 m² Capaciteit 1.375 m² Normsaldo + 258 m² Prognose ‘t Ravelijn is zich momenteel met partners in de zorg en arbeid aan het oriënteren op de wenselijkheid en haalbaarheid van het verbreden van het onderwijsaanbod met Cluster 3 onderwijs. Het betreft een premature ontwikkeling waarvan eventuele consequenties voor de huisvesting en gemeentelijke investeringen momenteel nog onbekend zijn. 59
De Lisdodde Stichting Samenlevingscholen 129 leerlingen (nieuwe locatie) Wa n n e p e r v e e n D e L i s d o d d e 61 Schoolbestuur Stichting Samenlevingsscholen Bouwjaar 1976 Leerlingen 129 Normbehoefte 849 m² Capaciteit n.t.b. Normsaldo n.t.b. Prognose Daling De Lisdodde is een samenwerkingsschool van Accrete en Op Kop en valt -net als OEC ‘t Ravelijn- onder ‘Stichting Samenlevingsscholen’. De Lisdodde is momenteel nog gehuisvest in het voormalige OBS-schoolgebouw in Wanneperveen, waarbij de kinderopvang in het voormalige CBS- schoolgebouw zit. De planvorming voor de nieuwbouw van de school is in voorbereiding, waarmee op korte termijn een toekomstgerichte oplossing voor het onderwijs in Wanneperveen wordt gerealiseerd. 61
De Punter Op Kop 179 leerlingen G i e t h o o r n D e Pu n t e r 63 Schoolbestuur Op Kop Bouwjaar 2022 Leerlingen 179 Normbehoefte 1.100 m² Capaciteit n.t.b. Normsaldo n.t.b. Prognose Stabiel De Noorderschool en Zuiderbasisschool in Giethoorn zijn samengegaan in De Punter. De nieuwbouw is inmiddels in gebruik genomen. 63
De Lepelaar Op Kop 33 leerlingen S c h e e r w o l d e D e L e p e l a a r 65 Schoolbestuur Op Kop Bouwjaar 1956 Leerlingen 33 Normbehoefte 366 m² Capaciteit 595 m² Normsaldo + 229 m² Prognose Lichte groei De Lepelaar is de enige school in Scheerwolde en wijde omgeving. Het gebouw ziet er nog goed uit en kan met het nodige regulier onderhoud vooruit. Hoewel de peuterspeelzaal en de buitenschoolse opvang gebruik maken van het gebouw, is nog steeds sprake van leegstand. Er is hiermee ruimte aanwezig voor huurders. Schoolbestuur Op Kop heeft de ambitie om de school te behouden voor het dorp en ziet de aanwas van onderop stijgen. Uiteindelijk wordt beoogd te groeien naar minimaal 42 leerlingen (de gemeentelijke opheffingsnorm). In samenspraak met de gemeente wordt het dorp gevraagd mee te denken over manieren waarop de school behouden en versterkt kan worden. Voorafgaand aan eventuele toekomstige ingrepen in de huisvesting van deze school, wordt een strategisch perspectief opgesteld zoals verwoord in de beleidsvisie rondom kleine scholen. 65
De Rolpaal Op Kop 40 leerlingen De Schutsluis Accrete 98 leerlingen B l o k z i j l D e R o l p a a l 67 Schoolbestuur Op Kop Bouwjaar 1978 Leerlingen 40 Normbehoefte 401 m² Capaciteit 542 m² Normsaldo + 141 m² Prognose Daling De Rolpaal heeft ondanks het bescheiden leerlingenaantal in de ogen van schoolbestuur Op Kop nog bestaansrecht. Vooralsnog kan het gebouw nog jarenlang mee zonder ingrepen. Voor de lange termijn is het noodzakelijk om een strategisch perspectief te ontwikkelen voor de school. 67
B l o k z i j l D e S c h u t s l u i s 6868 68 Schoolbestuur Accrete Bouwjaar 1954 Leerlingen 98 Normbehoefte 693 m² Capaciteit 812 m² Normsaldo + 119 m² Prognose Stabiel Voor het gebouw van De Schutsluis wordt budgettair in dit plan rekening gehouden met renovatie. Een scenariostudie moet uitwijzen of renovatie dan wel nieuwbouw de voorkeur geniet. Op korte termijn is gezamenlijke huisvesting voor de beide scholen in Blokzijl nog niet aan de orde. Maar door nu al ‘flexibiliteit’ in te bouwen in een huisvestingsoplossing, kan in de toekomst altijd nog worden geanticipeerd op deze mogelijke toekomstige ontwikkeling om samen onder één dak te gaan. Het aanbrengen van voldoende flexibiliteit in de locatie, ontwerp en constructie vormen hiermee een voorwaarde voor elke renovatie of nieuwbouw die in de toekomst wordt gerealiseerd. 68
St. Martinus AVES 146 leerlingen De Voorpoort Op Kop 56 leerlingen Het Kompas Accrete 175 leerlingen Vo l l e n h o v e S t . M a r t i n u s 70 Schoolbestuur AVES Bouwjaar 1964 Leerlingen 146 Normbehoefte 934 m² Capaciteit 635 m² Normsaldo - 299 m² Prognose Groei Om het huisvestingstekort van de St. Martinus op te vangen, maakt de school momenteel gebruik van een noodlokaal bij de school en van lokalen in gebouw de Wheeme 8 (eigendom gemeente), waar ook Landstede ruimte huurt. Mede gezien het structurele capaciteitstekort en het aflopen van de vergunning voor het noodlokaal, hecht schoolbestuur Aves er waarde aan dat er een huisvestingsperspectief komt voor de St. Martinus. Gezien de huidige disfunctionele bouwwijze en spreiding over twee locaties, wordt voor St. Martinus op middellange rekening gehouden met vervangende nieuwbouw. Mogelijk liggen er kansen om tot een gezamenlijke huisvestings-oplossing te komen met openbare school De Voorpoort. Beide besturen staan open voor een gesprek over de wenselijkheid en haalbaarheid van gezamenlijke huisvesting. 70
Vo l l e n h o v e D e Vo o r p o o r t 71 Schoolbestuur Op Kop Bouwjaar 1976 Leerlingen 56 Normbehoefte 482 m² Capaciteit 871 m² Normsaldo + 389 m² Prognose Stabiel Het schoolgebouw van De Voorpoort is in 2021 nog deels aangepakt door het schoolbestuur (groot onderhoud, verduurzaming, binnenklimaat). Het kleuterdeel is nog wel verouderd. Het gebouw kent een behoorlijk forse leegstand. Voorafgaand aan eventuele toekomstige ingrepen in de huisvesting van De Voorpoort, wordt een strategisch perspectief opgesteld zoals verwoord in de visie rondom kleine scholen. Mede gezien de bescheiden leerlingenaantallen van De Voorpoort en de structurele leegstand, liggen hier op termijn mogelijk kansen om aan te haken op de beoogde nieuwbouw van de St. Martinus. Beide besturen gaan hierover –oriënterend- met elkaar in gesprek. 71
Vo l l e n h o v e H e t K o m p a s 72 Schoolbestuur Accrete Bouwjaar 1974 Leerlingen 175 Normbehoefte 1.080 m² Capaciteit 1.477 m² Normsaldo + 397 m² Prognose Licht dalend De gevels en kozijnen van het gebouw van Het Kompas zijn onlangs nog vervangen, waardoor er geen sprake is van een noodzaak om op korte termijn tot een ingreep in het gebouw te komen. Op middellange termijn is een renovatie wel aan de orde, waarbij de variant van renovatie wordt vergeleken met de variant van vervangende nieuwbouw. Budgettair wordt in dit plan rekening gehouden met renovatie. 72
De Wiedewereld Accrete 101 leerlingen GBS Eben Haëzer Florion 139 leerlingen S t . J a n s k l o o s t e r D e W i e d e w e r e l d 74 Schoolbestuur Accrete Bouwjaar 1924 Leerlingen 101 Normbehoefte 708 m² Capaciteit n.t.b. Normsaldo n.t.b. Prognose Stabiel Voor De Wiedewereld is vervangende nieuwbouw gepland, samen met Eben Haëzer van Florion. Uitgegaan wordt van ingebruikname van het nieuwe gebouw in 2025-2026. Onderlinge afspraken tussen betrokken schoolbesturenov3er de synergie verdienen de komende tijd nog de nodige aandacht in dit traject, bijvoorbeeld op het gebied van ontwerp, bouwwijze, aanbesteding, materialisering, samenwerking, kinderopvang en de binnensportcapaciteit. 74
S t . J a n s k l o o s t e r E b e n H a ë z e r 75 Schoolbestuur Florion Bouwjaar 1905 Leerlingen 139 Normbehoefte 899 m² Capaciteit n.t.b. Normsaldo n.t.b. Prognose Stabiel Voor de Eben Haëzer is vervangende nieuwbouw gepland, samen met De Wiedewereld van Accrete. Uitgegaan wordt van ingebruikname van het nieuwe gebouw in 2025-2026. Onderlinge afspraken tussen betrokken schoolbesturenov3er de synergie verdienen de komende tijd nog de nodige aandacht in dit traject, bijvoorbeeld op het gebied van ontwerp, bouwwijze, aanbesteding, materialisering, samenwerking, kinderopvang en de binnensportcapaciteit. 75
De Buuzekaemp Accrete 42 leerlingen B e l t- s c h u t s l o o t D e B u u z e k a e m p 77 Schoolbestuur Accrete Bouwjaar 1955 Leerlingen 42 Normbehoefte 411 m² Capaciteit 630 m² Normsaldo + 219 m² Prognose Stabiel CBS De Buuzekaemp valt onder CBS De Wijngaard in Zwartsluis. De school kent een bescheiden leerlingenaantal en groei wordt niet verwacht. Behoudens het reguliere onderhoud door het schoolbestuur worden in dit plan geen grootschalige huisvestingsmaatregelen voorzien voor deze school. Voorafgaande aan eventuele toekomstige ingrepen in de huisvesting van deze school, wordt een strategisch perspectief opgesteld zoals verwoord in de beleidsvisie rondom kleine scholen. 77
Eben Haëzer Accrete 36 leerlingen O s s e n z i j l E b e n H a ë z e r 79 Schoolbestuur Accrete Bouwjaar 1960 Leerlingen 36 Normbehoefte 381 m² Capaciteit 436 m² Normsaldo + 55 m² Prognose Lichte daling Met 36 leerlingen is de Eben Haëzer één van de kleinste scholen in de gemeente. De school is de enige school in Ossenzijl. Behoudens het reguliere onderhoud door het schoolbestuur worden in dit plan geen grootschalige maatregelen voorzien. Voorafgaande aan eventuele toekomstige ingrepen in de huisvesting van deze school, wordt een strategisch perspectief opgesteld zoals verwoord in de visie rondom de kleine scholen. 79
Burg. De Ruiter Op Kop 95 leerlingen K u i n r e B u r g e m e e s t e r D e R u i t e r 81 Schoolbestuur Op Kop Bouwjaar 1960 Leerlingen 95 Normbehoefte 678 m² Capaciteit 892 m² Normsaldo + 214 m² Prognose Stabiel De Burgemeester de Ruiterschool is de enige school in Kuinre. In het vorige IHP stond de Burgemeester de Ruiterschool opgenomen voor renovatie op termijn. Deze ambitie blijft in dit plan ongewijzigd, waarbij wel nog wordt bekeken of het gebouw voldoende intrinsieke potentie heeft om via renovatie weer toekomstbestendig te worden of dat vervangende nieuwbouw hier de voorkeur verdient. Budgettair wordt in dit plan rekening gehouden met renovatie. 81
De Slinge Op Kop 108 leerlingen St. Bernardus Catent 50 leerlingen De Ark Accrete 112 leerlingen O l d e m a r k t D e S l i n g e 83 Schoolbestuur Op Kop Bouwjaar 1985 Leerlingen 108 Normbehoefte 743 m² Capaciteit 939 m² Normsaldo + 196 m² Prognose Stabiel In het schoolgebouw van De Slinge wordt momenteel groot onderhoud uitgevoerd, waardoor er geen noodzaak is om op korte termijn tot overige ingrepen in dit gebouw te komen. In het vorige IHP is ingezet op gezamenlijke huisvesting voor de drie scholen in Oldemarkt. Inmiddels zijn andere ontwikkelingen ingezet, waarbij schoolbesturen Catent en Op verkennen welke ruimtelijke samenwerkingsmogelijkheden voor hun twee scholen in Oldemarkt gewenst zijn. Budgettair houden we in dit plan voor de middellange termijn rekening met renovatie van de Slinge. 83
O l d e m a r k t S t . B e r n a r d u s s c h o o l 84 Schoolbestuur Catent Bouwjaar 1921 Leerlingen 50 Normbehoefte 452 m² Capaciteit 978 m² Normsaldo + 527 m² Prognose Stabiel Ondanks dat dit gebouw normatief aan de ruime kant is, is Catent lovend over de uitstraling van dit schoolgebouw. Hoewel de St. Bernardusschool de kleinste van de drie scholen in Oldemarkt is, heeft Catent vertrouwen in deze school. In het vorige IHP is ingezet op gezamenlijke huisvesting voor de drie scholen in Oldemarkt. Inmiddels zijn andere ontwikkelingen ingezet, waarbij schoolbesturen Catent en Op Kop verkennen welke ruimtelijke samenwerkingmogelijkheden voor hun twee scholen in Oldemarkt gewenst zijn. Voorafgaande aan eventuele toekomstige ingrepen in de huisvesting van deze school, wordt een strategisch perspectief opgesteld zoals verwoord in de visie rondom kleine scholen. 84
O l d e m a r k t D e A r k 85 Schoolbestuur Accrete Bouwjaar 1968 Leerlingen 112 Normbehoefte 763 m² Capaciteit 808 m² Normsaldo - 45 m² Prognose Groei De Ark is de afgelopen jaren gegroeid in leerlingenaantal. In het vorige IHP is ingezet op gezamenlijke huisvesting voor de drie scholen in Oldemarkt op middellange termijn. Inmiddels zijn andere ontwikkelingen in Oldemarkt ingezet. Accrete opteert voor renovatie van het bestaande gebouw. 85
Gen. Vd Bosschool Op Kop 87 leerlingen W i l l e m s o o r d G e n e r a a l Va n D e n B o s c h s c h o o l 87 Schoolbestuur Op Kop Bouwjaar 1988 Leerlingen 87 Normbehoefte 638 m² Capaciteit 890 m² Normsaldo + 252 m² Prognose Stabiel De Generaal van den Boschschool is historisch gezien altijd de enige school in Willemsoord geweest. Hoewel het gebouw uit 1988 dateert, staat de school zelf al circa 150 jaar op deze plek. Op Kop acht het van belang om deze laatste dorpsschool te behouden op deze plek. De gebouwkwaliteit is vooralsnog voldoende. 87
Immanuel Accrete 124 leerlingen Voormalige Woldschool Inmiddels gesloten Don Bosco Catent 109 leerlingen S t e e n w i j k e r w o l d D o n B o s c o 89 Schoolbestuur Catent Bouwjaar 1963 Leerlingen 109 Normbehoefte 748 m² Capaciteit 1.091 m² Normsaldo + 343 m² Prognose Stabiel In Steenwijkerwold is de openbare Woldschool inmiddels gesloten. Don Bosco (109) en de Immanuelschool (124) zijn qua leerlingenaantal redelijk in balans. Gezien de bescheiden leerlingenaantallen van beide scholen en het feit dat beide schoolgebouwen in Steenwijkerwold op onderdelen verouderd zijn, is gezamenlijke vervangende nieuwbouw voor beide scholen wellicht een optie. Catent staat open voor gezamenlijke nieuwbouw. Mocht gezamenlijke vervangende nieuwbouw niet haalbaar zijn, acht Catent het huidige gebouw ook geschikt om te renoveren. 89
S t e e n w i j k e r w o l d I m m a n u e l s c h o o l 90 Schoolbestuur Accrete Bouwjaar 1972 Leerlingen 124 Normbehoefte 819 m² Capaciteit 994 m² Normsaldo + 175 m² Prognose Lichte groei In Steenwijkerwold is de openbare Woldschool inmiddels gesloten. Don Bosco (109) en de Immanuelschool (124) zijn qua leerlingenaantal redelijk in balans. Gezien de bescheiden leerlingenaantallen van beide scholen en het feit dat beide schoolgebouwen in Steenwijkerwold op onderdelen verouderd zijn, is gezamenlijke vervangende nieuwbouw voor beide scholen mogelijk interessant wanneer sprake is van voldoende synergie tussen beide scholen. Schoolbestuur Accrete opteert voor renovatie van de Immanuelschool, onder andere vanwege het specifieke groenconcept van de school en de daarop aansluitende ligging bij de sportvelden en het bos. 90
De Driesprong Op Kop 42 leerlingen 92 Schoolbestuur Op Kop Bouwjaar 1871 Leerlingen 42 Normbehoefte 211 m² Capaciteit 497 m² Normsaldo + 286 m² Prognose Stabiel Met 42 leerlingen is De Driesprong één van de kleinere scholen in de gemeente. De Driesprong is de enige school in Eesveen. De positie van de school is enigszins versterkt door de sluiting van De Buitenhoeve. Momenteel maken de kinderopvang en de logopedie ook gebruik van het schoolgebouw. Behoudens het reguliere onderhoud door het schoolbestuur worden in dit plan geen grootschalige maatregelen voorzien voor deze school. Bekeken kan worden of de leegstand in het gebouw ingezet kan worden voor medegebruik of verhuur. Voorafgaande aan eventuele toekomstige ingrepen in de huisvesting van deze school, wordt een strategisch perspectief opgesteld zoals verwoord in de visie rondom de kleine scholen. E e s v e e n D e D r i e s p r o n g 92
R o u t e k a a r t 93
SCHOOL KERN ACTIE 22 23 24 25 26 27 28 29 30 31 32 33 34 35 36 37 38 ‘t PuzzelsTuk Tuk Nieuwbouw (gereed) De Punter Giethoorn Nieuwbouw (gereed) De Lisdodde Wanneperveen Nieuwbouw De Wiedewereld & Eben Haëzer St. Jansklooster Nieuwbouw Johan Friso Steenwijk Nieuwbouw Claus Steenwijk Renovatie Beatrix Steenwijk Nieuwbouw St. Clemens Steenwijk Renovatie Willem Alexander Steenwijk Renovatie De Samensprong Steenwijk Uitbreiden De Schutsluis Blokzijl Renovatie Burgemeester de Ruiter Kuinre Renovatie Het Kompas Vollenhove Renovatie St. Martinus Vollenhove Nieuwbouw De Slinge Oldemarkt Renovatie De Ark Oldemarkt Renovatie Immanuel Steenwijkerwold Renovatie Don Bosco Steenwijkerwold Renovatie Generaal van den Boschschool Willemsoord Renovatie Diverse kleine scholen (<80 LL) Diverse kernen Nader bepalen op grond van strategische plannen 94Initiatief RealisatieDefinitie & ontwerp Oplevering 94
F i n a n c i ë n 95
SCHOOL KERN ACTIE Grondslag leerlingen Grondslag Omvang m² Maximale vergoeding 20% opslag 2023-2026 Totale investering gemeente Bijdrage schoolbesturen Totale investering Investering per m² Beoogde Oplevering ‘t PuzzelsTuk Tuk Nieuwbouw Gereed De Punter Giethoorn Nieuwbouw Gereed De Samensprong Steenwijk Uitbreiden tijdelijk lokaal Gereed De Lisdodde Wanneperveen Gecombineerde nieuwbouw In uitvoering In uitvoering In uitvoering In uitvoering In uitvoering In uitvoering In uitvoering In uitvoering 2024 De Schutsluis Blokzijl Renovatie 93 812 m² € 1.421.000 € 284.200 € 1.705.200 € 121.800 € 1.827.000 € 2.250 2024 Johan Friso Steenwijk Nieuwbouw In uitvoering In uitvoering In uitvoering In uitvoering In uitvoering In uitvoering In uitvoering In uitvoering 2026 De Wiedewereld & Eben Haëzer St. Jansklooster Gecombineerde nieuwbouw 85+137=222 628+889=1.517 m² € 4.010.427 € 802.085 € 4.812.512 € 227.550 € 5.040.092 € 3.322 2025 St. Martinus Vollenhove Nieuwbouw 146 934 m² € 2.676.284 € 535.257 € 3.211.540 € 140.100 € 3.351.641 € 3.588 2026 St. Clemens Steenwijk Renovatie 101 912 m² € 1.596.000 € 319.200 € 1.915.200 € 136.800 € 2.052.000 € 2.250 2026 Immanuel Steenwijkerwold Renovatie 124 994 m² € 1.739.500 n.v.t. € 1.739.000 € 149.100 € 1.888.600 € 1.900 2027 Don Bosco Steenwijkerwold Renovatie 109 1.051 m² € 1.839.250 n.v.t.