CConstaterende datSteenwijkerland
Koppel je AI →
Document · PDF

Concept-RES West-Overijssel, Naar een opgewekt West-Overijssel.pdf

Politieke Markt 19 mei 2020, gemeente SteenwijkerlandBij agendapunt: Concept Regionale Energiestrategie 'Naar een opgewekt West- Overijssel`11.820 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Afstemming van de wederzijdse beïnvloeding van verschillende energiesystemen (elektriciteit, gassen en warmte) op gemeente niveau en op sectorniveau; 2. Verkenning regionaal of gemeentelijk energie- en warmtebedrijf: minimale variant is kennisontwikkeling en maximale variant is oprichting publieke regionale entiteit; 3. Voor energiebesparing wordt gewerkt aan het Uitvoe- ringsprogramma professionalisering energieloketten 3.0: hiervoor zijn extra middelen nodig om kennis en capaciteit te vergroten. Zeker in wijken waar (nog geen) wijkuitvoeringsplan (WUP) ligt, is de rol van energielo- ketten in de verduurzamingsagenda cruciaal. Voorge- steld wordt om de lijn door te zetten waarbij richting RES 1.0 onderzoek gedaan kan worden naar een werk- wijze waarbij energieloketten lokaal opereren, maar waarbij regionaal generiek materiaal of aanpakken ontwikkeld worden om communicatie en participatie bij de wijkaanpak breder beschikbaar te maken.

Korte termijn Middellange termijn Lange termijn 2020 2021 2022 2023 2024 2025 2026 2027 2028 2029 2030> RSW Concept RSW RSW 1.0 RSW 2.0 RSW 3.0 RSW 4.0 RSW 5.0 Gemeente TVW Wijkuitvoeringsplannen (WUP) opstellen + Start uitvoering TVW Regionale samenwerking Energieloket professionaliseren Onderzoek regionaal e-w bedrijf Geothermie Inven- terisatie Bronnen- strategie Randvoor- waarden Allocatie vraagstuk Finan- ciering Proefboren Doorontwikkeling geothermieprojecten (o.a. in stimuleringsprogramma warmte) Duurzame gassen Ontwikkeling en opschalen groengas (volgt o.a. uit groengas-strategie RENDO) Pilots en opschalen waterstof Water- stof Overige bronnen Lokale opgave & lokaal realiseren In sommige gebieden in West-Overijssel is momenteel weinig of zelfs geen transportcapaciteit van elektriciteit beschikbaar om grotere duurzame energieprojecten aan te kunnen sluiten. Dit wordt ook wel transportschaarste genoemd. Door uitbreidingen van het elektriciteitsnet (bv. stations, kabels en velden) kan er op termijn meer transportcapaciteit gecreëerd worden, waardoor er meer duurzame opwekinstallaties kunnen aansluiten (ook wel invoeden) op het elektriciteitsnetwerk. Uitbreidingen kunnen nodig zijn op verschillende spanningsniveaus, zowel bij de regionale netbeheerders Enexis, RENDO en Coteq als bij de landelijke netbeheerder TenneT.

Met name de uitbreidingen op de hogere spanningsniveaus (bij TenneT) gaan gepaard met lange doorlooptijden. tuur (tijdig) kunnen plannen. Dit komt ook de uitvoer- baarheid van de plannen die in de RES gemaakt worden ten goede. Hoe specifieker de aangewezen locaties en zekerder de plannen zijn, hoe beter de netbeheerders de energie-infrastructuur gereed kunnen maken voor de gewenste situaties. 8. Elektriciteits- netwerk 2222 8.1 Impact concept-RES West-Overijssel Het bod van RES West-Overijssel vergt uitbreiding van het elektriciteitsnetwerk. Om de impact hiervan te bepalen, is het bod van 1,6 TWh opwek in 2030 doorgerekend door de netbeheerders. Enerzijds kan dit bijvoorbeeld leiden tot een fasering in de tijd (in de uitvoeringsstrategie) en anderzijds kan het ook leiden tot voorgestelde aanpassin- gen in het bod (zowel qua techniek als locatie) om maat- schappelijke kosten beperkt te houden. Dit laatste zal met name het geval zijn als de concept RES veel netwerkuit- breidingen vergt die niet zo kostenefficiënt zijn. De uitkomsten van de doorrekening zullen als bouwsteen bij de concept RES worden bijgesloten. 2323 Staphorst Meppel Hasselt Kampen Ommen Hardenberg Vroomshoop Raalte Rijssen Goor Nijver- dal Borne Hengelo Enschede Haaksbergen Vriezenveen Hoogeveen Steenwijk Zwolle Emmen Coevorden transportcapiciteit beschikbaar Situatie per 6 maart 2020.

Klik hier voor de originele bron en actuele kaart. beperkt transportcapiciteit beschikbaar geen transportcapiciteit beschikbaar Schaarsteniveau (ENEXIS) geen transportcapiciteit beschikbaar Schaarsteniveau (RENDO) beperkt transportcapiciteit beschikbaar transportcapiciteit beschikbaar Schaarsteniveau (COTEQ) Netwerk en schaarste Almelo Om deze uitbreidingen efficiënt uit te kunnen voeren, is het voor de netbeheerders van wezenlijk belang om te weten waar de uitbreidingen nodig zullen zijn. Oftewel: waar de grootschalige duurzame opwek plaats zal vinden. Op deze manier kan er integraal gekeken worden naar het gehele energiesysteem, waarbij niet alleen duurzame opwek maar ook de toename van vraag naar elektriciteit kan worden meegenomen, alsook eventuele innovaties die impact hebben op dit systeem. De RES speelt hier een belangrijke rol in, doordat deze regionale samenwerking inzichten kan bieden waarmee de netbeheerders de aanpassingen aan hun infrastruc- Vanuit RES West-Overijssel hebben we ervoor gekozen om de netbeheerders extra varianten door te laten rekenen om een gevoel te krijgen bij de impact op het netwerk (en de kosten), en hoe onze keuzes deze beïnvloeden. Deze varianten zijn geen onderdeel van de concept- RES. Hierdoor ontstaat inzicht wat de gevolgen zijn bij een ver- dere uitbreiding van de duurzame opwek in het perspec- tief van 2050.

8.2 Vervolgstappen naar definitieve RES 1.0 De doorrekening en duiding van de netbeheerders gebrui- ken we bij het uitwerken van de RES 1.0. In de RES 1.0 zullen nadere keuzes gemaakt worden op basis van een beoordeling ten opzichte van de andere aspecten in het afwegingskader. In de RES 1.0 wordt ook een doorkijk gegeven naar een aantal mogelijke toekomstbeelden voor het West-Overijs- selse energiesysteem in 2050. Deze studie heeft tot doel om een eenduidige kennisbasis te ontwikkelen van de lange termijn ontwikkeling van het energiesysteem (vraag, aanbod en daarbij benodigde infrastructuur) in de provincie Overijssel. De systeemstudie geeft inzicht in het handelingsperspectief voor de betrokken partijen bij de Overijsselse energietransitie op het niveau van het energiesysteem, en inzicht in hoe de knelpunten die kunnen ontstaan tussen nu en 2050, via verschillende maatregelen opgelost kunnen worden. bijdrage aan energietransitie maatschappelijke acceptatie bijdrage aan energietransitie maatschappelijke kostenefficienty In de RES worden alle 4 uitgangs- punten integraal afgewogen 9.1 Appreciatie door het NPRES en Route 35 Nadat de concept-RES West-Overijssel op 1 juni 2020 is in- gediend wordt het zogenaamde appreciatieproces gestart.

9.2 Route 35 In het Klimaatakkoord is afgesproken dat de Regionale Energiestrategieën optellen tot de landelijke doelstelling van tenminste 35 TeraWattuur (TWh) aan grootschalige hernieuwbare elektriciteitsopwek op land, voor 2030. Daarbij is afgesproken dat de decentrale overheden een verdeelsystematiek ontwikkelen voor het geval de RES-en onverhoopt niet volledig optellen tot de nationale opgave. Deze verdeelsystematiek is Route 35 genoemd: de route om tot 35 TWh te komen. IPO, VNG en de UvW zijn verantwoordelijk voor Route 35, maar het Rijk is wel betrokken. In het Klimaatakkoord is afgesproken dat de verdeelsystematiek, na besluitvor- ming door de koepels, zal worden bekrachtigd in het BO Energie en Klimaat waar ook de ministeries van BZK en EZK aan deelnemen. Uitgangspunt is dat Route 35 alleen in beeld komt als de regio’s niet tot een reëel bod komen en de landelijke doel- stelling niet gehaald wordt. In dit proces zijn verschillende stappen te onderscheiden: 1 juni 2020 Regio’s leveren concept-RES in bij NP RES. Juni/juli 2020 PBL analyseert en gaat mogelijk met regio’s in gesprek om bepaalde onderdelen te verhelderen. 1 augustus 2020 PBL rapporteert aan NP RES via een definitief concept van de Monitor concept-RES. Augustus/ september 2020 NP RES heeft individuele advies gesprekken met de regio’s over de uitkomsten van het definitief concept van de Monitor concept-RES.

Ook is er intervisie tussen de regio’s onderling. Daarnaast heeft NP RES gesprekken met de programmaraad, uitvoeringstafels, koepels en departementen over het definitief concept van de Monitor concept-RES. Op basis van de Monitor concept-RES, reflecties van de regio’s en de opdrachtgevers van NP RES, stelt NP RES een advies op. Het definitief concept van de Monitor concept-RES en het advies van NP RES gaan naar het Opdrachtgevend Beraad van NP RES. 1 oktober 2020 PBL publiceert de definitieve Monitor concept-RES. NP RES publiceert het advies Monitor concept-RES. 9. Vervolgproces naar de RES 1.0 2424 9.3 de inbreng van de gemeenteraden, provinciale staten en AB van de water- schappen In de vastgestelde Startnota RES West-Overijssel is bepaald dat de concept-RES wordt vastgesteld door de Colleges van B&W, Gedeputeerde Staten en het DB van de waterschappen. De argumentatie daarvoor was dat het nog een concept is dat eerst nog beoordeeld moet worden door het Nationaal Programma RES en dan pas in de RES 1.0 definitief voorgelegd wordt aan de volksverte- genwoordigende organen. Inmiddels is door de werkgroep RSAB RES West-Overijssel een advies uitgebracht over de wijze waarop de raden, staten en ab’s betrokken worden bij de concept-RES. Dit advies omvat de volgende punten: 1.

Stuur er gezamenlijk op aan dat het concept-bod met de raden, Staten en de Algemeen Besturen wordt gedeeld zodra de relevante besluitvorming heeft plaatsgevon- den, maar wel vóórdat het met de pers gedeeld wordt, zodat volksvertegenwoordigers zich kunnen voorberei- den op vragen van pers en achterban; 2. Stuur er, in samenwerking met de griffiers uit de regio, op aan dat in elk orgaan van volksvertegenwoordigers de wensen en bedenkingen op dezelfde wijze via een format worden geformuleerd en dat daar hetzelfde politieke instrument voor gehanteerd wordt; 3. Stuur er, in samenwerking met de griffies uit de regio, op aan dat de geformuleerde wensen en bedenkingen een duidelijke uitspraak van de betreffende raad, de Staten of het Algemeen Bestuur betreft, bijvoorbeeld door de volgende praktische afspraak te maken; a. Duidelijke uitspraken die bij meerderheid zijn gedaan worden doorgestuurd naar het NPRES en zullen bete- kenis hebben voor het proces richting de RES 1.0. b. Uitspraken waar geen meerderheid voor was worden gedeeld op het RES intranet van volksvertegenwoordi- gers ter kennisname, maar niet met het NPRES. In te sturen concept-bod en de reactie op de wensen en bedenkingen 1.

Neem de tijd voor het formuleren van een reactie op alle geuite wensen en bedenkingen, en stuur de ge- steunde wensen en bedenkingen zonder commentaar mee met het concept-bod en de aanbiedingsbrief op 1 juni; 2. Deel de reactie op de wensen en bedenkingen met regionale implicaties na het politieke zomerreces maar vóór de terugkoppeling op het concept-bod van het Nationaal Programma RES d.d. 1 oktober 2020; 3. Benoem afhankelijkheden in de wensen en bedenkingen, waar ze conflicterend kunnen zijn of elkaar versterken, en voor zover relevant raken aan de doorrekening van het Nationaal Programma Regionale Energiestrategie; 4. Laat de wensen en bedenkingen zoveel mogelijk beantwoorden door het betreffende college van B&W; 5. Op het moment dat tussen raden conflicterende wensen en bedenkingen zijn geuit, is het aan de verant- woordelijke bestuurders binnen het Bestuurlijk Platform om daar een regierol op te pakken. In de concept-RES wordt dit advies overgenomen. Dit betekent dat na de appreciatie en publicatie van de RES monitor door het PBL de stuurgroep tevens een ad- vies zal uitbrengen over de door de raden, staten en ab’s aangenomen moties met wensen en bedenkingen. Dit advies zal tevens input vormen voor het door de stuur- groep op te stellen procesvoorstel voor de doorontwikke- ling van de concept-RES naar de RES 1.0 West-Overijssel.

9.4 Uitvoeringstrategie Ten behoeve van de besluitvorming van de RES 1.0 voor 1 maart 2021 zal tevens een voorstel ontwikkeld worden voor de uitvoering van de RES 1.0. In de concept-RES zijn op het gebied van opwek elektriciteit, optimaal ruimte- gebruik, de Regionale Structuur Warmte en bestuurlijk en maatschappelijk draagvlak voorstellen geformuleerd die verder uitgewerkt worden. We zullen nader moeten bepalen op welke wijze uitvoering kan worden gegeven aan deze voorstellen en wat dit betekent voor samen- werking op (sub-)regionaal niveau. Na de RES 1.0 zal er in 2023 een RES 2.0 opgesteld worden. De RES-sen zullen geborgd worden in de Nationale Omgevingsvisie (NOVI), Provinciale Omgevingsvisie (POVI) en gemeentelijke omgevingsvisies (GOVI’s). Tevens is op nationaal niveau de ambitie uitgesproken dat in 2025 de vergunningen verleend worden voor de opwek van duurzame elektrici- teit opdat de doelstellingen daadwerkelijk in 2030 gehaald worden. Ook de doelen in de Warmtetransitievisies en Wijkuitvoeringsplannen van de gemeenten op het gebied van duurzame energie vragen afstemming op (sub-)regi- onaal niveau. Hierbij is het voor de doorontwikkeling van de concept-RES naar de RES 1.0 van groot belang dat de RES in het proces van de omgevingsvisies geborgd wordt.

Dit kan door vanuit de 4 hoekpunten van de RES en de ontwerpprincipes voor ruimtelijke kwaliteit na te gaan tot 2525 Voor PBL: Overzicht Landelijke ontwikkeling kwalitatief, kwantitatief Voor NPRES: leren en agenderen online omgeving quikscan tool PBL ANALYSE 1 jun - 1 auginvullen gebundelde gegevens resultaten ROUTE 35 ADVIESGESPREKKEN REGIO 18 aug - 17 sept NPRES ADVIES MET OGB EN PR 1 okt PBL MONITOR 1 okt info over: · kwantiteit · draagvlak · ruimtesysteem efficientie na 1 junivoor 1 juni welke uitgangspunten dit leidt voor de omgevingsvisie op lokaal èn provinciaal niveau. Hierbij zullen zich dilemma’s voordoen over hoe de verschillende opgaven in het ruim- telijk domein zich tot elkaar verhouden. Deze dilemma’s zullen richting de besluitvorming over de RES 1.0 nadruk- kelijk aan de orde komen en aanleiding zijn voor een nadere aanscherping van de strategie en uitvoering. Tevens zal in de het proces naar de RES 1.0 de wijze waar- op projectparticipatie in de uitvoering vorm krijgt verder ontwikkeld worden. Uitgangspunt voor de uitvoeringstrategie is dat in beginsel alleen die taken die (sub-) regionale samenwerking op RES-niveau daar belegd worden. Het is nu in deze fase nog niet duidelijk af te bakenen om welke taken het gaat. De sturingsfilosofie bij de totstandkoming van de con- cept-RES in West-Overijssel gaat uit van een opbouw van- uit de gemeenten.

De samenwerking kan van per onder- werp verschillen van heel licht tot intensief. In het kader van de RES 1.0 zal een strategie worden ontwikkeld voor de uitvoering die recht doet aan deze sturingsfilosofie en die tegelijk borg staat voor een efficiënte en slagvaardige uitvoering van taken op (sub-)regionaal niveau. Doelstelling is dan ook om vóór het zomerreces een procesplanning op te stellen en vast te leggen waarin het proces naar de RES 1.0 wordt geschetst opdat direct ná het zomerreces begonnen kan worden met de uitvoering. De stuurgroep zal hiertoe het initiatief nemen. In deze procesplanning zullen de volgende elementen worden opgenomen: • Het proces om te komen tot een nadere concretisering van zoekgebieden voor de opwek van zon en wind; • Het proces van nadere uitwerking en verfijning van de Regionale Structuur Warmte; • Het proces van toepassing van de principes voor ruimte- lijke kwaliteit in relatie tot de energietransitie; • Het proces om tot afspraken te komen over de betrokkenheid van maatschappelijke organisaties bij de uitvoering van de RES; • Plan van aanpak voor het realiseren van 50% lokaal eigendom; • Het proces waarin de RES wordt verbonden met andere transities in de regio; • Het proces waarin beschreven wordt welke infrastruc- tuur nodig is om de RES te realiseren, welke planning daarbij hoort en welk ruimtebeslag dit inneemt en welke maatschappelijke

kosten daarmee gepaard gaan, zowel voor elektriciteit als warmte; • Het proces van bovenregionale afstemming. Deze procesplanning zal in nauwe samenwerking tussen de bestuurlijke partners van de RES, de netbeheerbedrij- ven en de maatschappelijke organisaties in West-Overijssel worden opgesteld. 2626 2727 9.5 Half jaar voor de RES 1.0 Nadat de concept-RES is ingediend bij het NPRES is het doel dat uiterlijk 1 maart 2021 er een RES 1.0 wordt vastgesteld door de gemeenteraden, provinciale staten en de algemene besturen van de waterschappen. Rekening houdend met een minimale besluitvormingsperiode van 2 maanden betekent dit dat in december 2020 er een raads- en staten- en AB-voorstel voor een RES 1.0 behan- deld en vastgesteld moet zijn door de Colleges van B&W, GS en het DB van de waterschappen. Op inhoud is dat nog maar een half jaar de tijd om een RES 1.0 op te stellen met een participatieproces dat lokaal wordt uitgevoerd en een meer inhoudelijke verdieping op ruimtelijke kwaliteit (zoekgebieden) en maatschappelijke kostenefficiency. Dit is geen sinecure om in zo’n korte tijd een doorontwik- keling van deze concept-RES West-Overijssel te organise- ren.

Gegeven de tijd die een integrale afweging (met alle vier hoekpunten compleet) nog zal nemen wordt vooruitlopend gestart met de uitwerking van alle stappen die nodig zijn voor de RES 1.0 van alle bestuurlijke part- ners wordt gevraagd hiervoor de benodigde ambtelijke capaciteit te reserveren. 9.5 Schema tijdlijn GS + colleges + DB Raden PS AB Startnota RES Ter info / w&b naar Raden, PS en AB Raden Staten AB 1e oploop Raden Staten AB 2e oploop December 2019 Startnota RES vastgesteld door Raden, PS en AB Mei 2020 Concept RES bespreken behandelen in Raden, PS en AB Definitieve RES vastgesteld in Raden, PS en AB Raden Staten AB 3e oploop Raden Staten AB 4e oploop Vaststelling Startnota’s RES in GS+ colleges + DB Klimaatakkoord vastgesteld door kabinet Vaststelling Concept RES met concept bod in GS + colleges + DB Voorzitter SG dient Concept RES in bij NPRES Vaststelling RES met definitief bod in GS + colleges + DB Toets NPRES Tijdlijn proces RES West-Overijssel Borging in omgevingsbeleid vanaf media 2020 dec 2018 2019 2020 2021 16 april 24 mei 28 juni 18 okt dec 20 mrt 21 apr 8 mei 1 juni 1 okt dec 1 mrt

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://steenwijkerland.bestuurlijkeinformatie.nl/Document/LoadAgendaItemDocument/8a001cf0-23ad-470f-b0dd-28a09ab029ac?agendaItemId=8ec6d3b5-98cc-44ef-8a3b-442101d51977