CConstaterende datSteenwijkerland
Koppel je AI →
Document · PDF

Bestemmingsplan Lakeweg 7 en 8_ontwerp_1_Toelichting.pdf

Politieke Markt 7 maart 2023, gemeente SteenwijkerlandBij agendapunt: Vaststelling bestemmingsplan Lakeweg 7 en 8, IJsselham19.060 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

Als oppervlakkige infiltratie niet mogelijk is, is ondergrondse infiltratie door middel van bijvoorbeeld een infiltratieriool (IT-riool) of infiltratiekratten een mogelijkheid. Als infiltratie niet mogelijk is dan kan hemelwater via een bodempassage worden geloosd op oppervlaktewater. De afvoer van overtollig hemelwater uit het plangebied mag, ongeacht de toegepaste methode, niet tot wateroverlast leiden op aangrenzende percelen of het omliggende watersysteem. Schoon hemelwater (bijvoorbeeld vanaf dakoppervlakken) kan direct worden afgevoerd naar oppervlaktewater. Vuilwaterafvoer Er wordt een nieuwe vuilwaterafvoer aangelegd. Deze zal worden aangesloten op het gemeentelijke rioleringsstelsel. Het gebruik van uitlogende materialen Het waterschap is verantwoordelijk voor een goede waterkwaliteit van het regionale watersysteem. Om verontreiniging van het watersysteem te voorkomen worden materialen die uitlogen en het oppervlaktewatersysteem kunnen verontreinigen niet gebruikt. 6.2.2.2 Waterhuishoudkundige aspecten in het plangebied In het gemeentelijk rioleringsplan (Watertakenplan Fluvius 2016-2021, Specificatie Steenwijkerland) is opgenomen dat voor particulier terrein primair de eigenaar verantwoordelijk is voor de afvoer van het hemelwater. In het voorliggend plan wordt gebruik gemaakt van een gescheiden rioolsysteem waarbij het hemelwater in de bodem geïnfiltreerd wordt.

Dit sluit aan bij het gemeentelijk rioleringsplan. Uit de watertoets blijkt dat er geen schadelijke gevolgen voor de waterkwaliteit en ecologie is met het voorliggend plan. In het plangebied is geen grondwateroverlast bekend. Bestemmingsplan Lakeweg 7 en 8 Ontwerp BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies 48 6.2.2 Overstromingsrisico In de omgevingsverordening (2.14.3) heeft de provincie Overijssel aangegeven dat voor gebieden met het risico op overstroming een onderbouwing in het bestemmingsplan moet worden opgenomen in de vorm van een overstromingsrisicoparagraaf. Daarbij wordt een onderscheid gemaakt tussen minder snel en ondiep onderlopende gebieden en snel diep onderlopende gebieden. Bestemmingsplannen die betrekking hebben op gebieden die gelegen zijn binnen deze dijkring kunnen alleen voorzien in het realiseren van grootsc halige ontwikkelingen als er in het bestemmingsplan zodanige voorwaarden worden gesteld dat de veiligheid ook op de lange termijn voldoende is gewaarborgd. De overstromingsrisicoparagraaf moet inzicht bieden in: • de risico's bij een overstroming; • de maatregelen en voorzieningen die worden getroffen om deze risico's te voorkomen dan wel te beperken. 6.2.2.1 Situatie plangebied Volgens de risicokaart ligt het plangebied in een gebied waar geen kans bestaat op overstromingen.

In onderstaande afbeelding 6.1 is een uitsnede van het overstromingsrisico opgenomen, het plangebied is met een rode omlijning indicatief weergegeven. Geconcludeerd wordt dat er op basis van de risicokaart geen kans bestaat op een overstroming. Afbeelding 6.1 Overstromingsrisico plangebied (bron: Risicokaart.nl) 6.2.3 Conclusie Het aspect water vormt geen belemmering voor voorliggend plan. Bestemmingsplan Lakeweg 7 en 8 Ontwerp BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies 49 HOOFDSTUK 7 JURIDISCHE ASPECTEN EN PLANVERANTWOORDING 7.1 Inleiding In de voorgaande hoofdstukken is ingegaan op het plangebied, het relevante belei d en de milieu- en omgevingsaspecten. De informatie uit deze hoofdstukken is gebruikt om keuzes te maken bij het maken van het juridische deel van het wijzigingsplan: de verbeelding en de regels. In dit hoofdstuk wordt dieper ingegaan op de opzet van dit juridische deel. Daarnaast wordt een verantwoording gegeven van de gemaakte keuzes op de verbeelding en in de regels. 7.2 Opzet van de regels 7.2.1 Algemeen In de Wet ruimtelijke ordening (Wro) die op 1 juli 2008 in werking is getreden, is de verplichting opgenomen om ruimtelijke plannen en besluiten digitaal vast te stellen. De digitaliseringsverplichting geldt vanaf 1 januari 2010.

In de ministeriële Regeling standaarden ruimtelijke ordening is vastgelegd dat de Standaard Vergelijkbare Bestemmingsplannen (SVBP) de norm is voor de vergelijkbaarheid van bestemmingsplannen. Naast de SVBP zijn ook het Informatiemodel Ruimtelijke Ordening en de Standaard Toegankelijkheid Ruimtelijke Instrumenten normerend bij het vastleggen en beschikbaar stellen van bestemming splannen. De SVBP geeft normen voor de opbouw van de planregels en voor de digitale verbeelding van het bestemmingsplan. Dit wijzigingsplan is opgesteld conform de normen van de SVBP2012. Het juridisch bindend gedeelte van het wijzigingsplan bestaat uit planregels en bijbehorende verbeelding waarop de bestemmingen zijn aangegeven. De verbeelding en de planregels dienen in samenhang te worden bekeken. De regels zijn onderverdeeld in vier hoofdstukken: 1. Inleidende regels; 2. Bestemmingsregels; 3. Algemene regels; 4. Overgangs- en slotregels. 7.2.2 Inleidende regels Hoofdstuk 1 bevat de inleidende regels. Deze regels gelden voor het gehele plangebied en bevatten: • Begrippen (Artikel 1) In dit artikel zijn definities van de in de regels gebruikte begrippen opgenomen. Hiermee is een eenduidige interpretatie van deze begrippen vastgelegd • Wijze van meten (Artikel 2) In dit artikel is bepaald hoe de verschillende meetvoorschriften dienen te worden geïnterpreteerd.

7.2.3 Bestemmingsregels Hoofdstuk 2 van de regels bevat de juridische vertaling van de in het plangebied voorkomende bestemmingen. De regels zijn onderverdeeld in o.a.: • Bestemmingsomschrijving: omschrijving van de activiteiten die zijn toegestaan; • Bouwregels: eisen waaraan de bebouwing moet voldoen (bouwhoogte, goothoogte, etc.); • Afwijken van de bouwregels: onder welke voorwaarde(n) mag afgeweken worden van de aangegeven bouwmogelijkheden; Bestemmingsplan Lakeweg 7 en 8 Ontwerp BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies 50 • Specifieke gebruiksregels: welk gebruik van gronden en opstallen in ieder geval strijdig/toegestaan is; • Afwijken van de gebruiksregels: onder welke voorwaarde(n) mag afgeweken worden van de aangegeven gebruiksmogelijkheden; In paragraaf 7.3 worden de bestemmingen nader toegelicht en wordt ook per bestemming aangegeven waarom voor bepaalde gronden voor deze is gekozen. 7.2.4 Algemene regels Hoofdstuk 3 bevat de algemene regels. Deze regels gelden voor het gehele plangebied. Dit hoofdstuk is bestaat uit: • Anti-dubbeltelregel (Artikel 9) Deze regel is opgenomen om te voorkomen dat een perceel of een gedeelte daarvan, meer dan éé n keer betrokken wordt bij de berekening van een maximaal bebouwingspercentage. • Algemene bouwregels (Artikel 10) In dit artikel zijn nadere bepalingen met betrekking tot bouwen opgenomen.

• Algemene gebruiksregels (Artikel 11) In de algemene gebruiksregels zijn diverse bepalingen omtrent strijdig en toegestaan gebruik opgenomen. • Algemene afwijkingsregels (Artikel 12) Deze bepaling bevat diverse afwijkingsbevoegdheden. Aan de bevoegdheid zijn diverse beoordelingscriteria gekoppeld. • Algemene afwijkingsregels (Artikel 13) In de algemene wijzigingsregels zijn diverse mogelijkheden voort toepassing van wijzigingsbevoegdheden opgenomen. B&W zijn daarbij bevoegd gezag. Ook hiervoor geldt dat er beoordelingscriteria zijn opgenomen als afwegingskader. • Overige regels (Artikel 14) In dit artikel zijn regels ten aanzien van parkeren en laden en lossen opgenomen. 7.2.5 Overgangs- en slotregels In hoofdstuk 4 van de regels staan de overgangs- en slotregels. In de overgangsregels is aangegeven wat de juridische consequenties zijn van bestaande situaties die in strijd zijn met dit wijzigingsplan. In de slotregel wordt aangegeven hoe het wijzigingsplan wordt genoemd. 7.3 Verantwoording van de regels Kenmerk van de Nederlandse ruimtelijke ordeningsregelgeving is dat er uitge gaan wordt van toelatingsplanologie. Een bestemmingsplan geeft aan welke functies waar zijn toegestaan en welke bebouwing mag worden opgericht.

Bij het opstellen van dit wijzigingsplan zijn keuzes gemaakt over welke functies waar worden mogelijk gemaakt en is gekeken welke bebouwing stedenbouwkundig toegestaan kan worden. Het is noodzakelijk dat het wijzigingsplan een compleet inzicht biedt in de bouw- en gebruiksmogelijkheden binnen het betreffende plangebied. Het wijzigingsplan is het juridische toetsingskader dat bindend is voor de burger en overheid en geeft aan wat de gewenste planologische situatie voor het plangebied is. In deze paragraaf worden de gemaakte keuzes nader onderbouwd. Agrarisch (Artikel 3) De bestemming ‘Agrarisch’ is opgenomen ten behoeve van de agrarische gronden welke in de beheersverordening tot het agrarisch bouwvlak behoorde. De voor ‘Agrarisch’ aangewezen gronden zijn voornamelijk bestemd voor agrarisch gebruik. Er is geen bouwvlak opgenomen waardoor er geen gebouwen gerealiseerd mogen worden op de gronden. Bestemmingsplan Lakeweg 7 en 8 Ontwerp BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies 51 Agrarisch – Agrarisch bedrijf 2 (Artikel 4) De bestemming ‘Agrarisch – Agrarisch bedrijf 2’ is toegepast op de gronden aan de Lakeweg 7. Op de gronden is grondgebonden agrarische bedrijvigheid toegestaan. Gebouwen dienen uit sluitend binnen het bouwvlak gerealiseerd te worden. Ter plaatse van de maatvoering ‘maximum aantal wooneenheden’ is maximaal het gestelde aantal wooneenheden toegestaan.

Tevens is bij de aanduiding ‘bedrijfswoning’ enkel een bedrijfswoning toegestaan. Tuin (Artikel 5) De voor ‘Tuin’ aangewezen gronden zijn bestemd voor tuinen behorende aangrenzende gronden gelegen gebouwen, parkeren en water en waterhuishoudkundige voorzieningen. Wonen – Buitengebied (Artikel 6) De voor ‘Wonen - buitengebied’ aangewezen gronden zijn bestemd voor woningen binnen een bouwvlak, tuinen, erven, groenvoorzieningen, ontsluitingswegen en parkeervoorzieningen en water en waterhuishoudkundige voorzieningen. Bijbehorende bijgebouwen bij de woningen dienen binnen de aanduiding ‘bouwvlak’ en ‘bijgebouwen’ gerealiseerd te worden. Er zijn regels opgenomen ten behoeve van de situering en maatvoering van de woning en bijgebouwen. Waarde – Archeologie 2 (Artikel 4) De dubbelbestemming 'Waarde - Archeologie' is conform het geldend bestemmingsplan op het gehele plangebied opgenomen. Deze dubbelbestemming is naast de andere daar voorkomende bestemmingen opgenomen. Bestemmingsplan Lakeweg 7 en 8 Ontwerp BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies 52 HOOFDSTUK 8 UITVOERBAARHEID 8.1 Economische uitvoerbaarheid Artikel 6.12 van de Wet ruimtelijke ordening stelt dat de gemeenteraad gelijktijdig met de vaststelling van het wijzigingsplan moet besluiten om al dan niet een exploitatieplan vast te stellen. Hoofdregel is dat een exploitatieplan moet worden vastgesteld bij elk wijzigingsplan.

Er zijn echter uitzonderingen. Het is mogelijk dat de raad verklaart dat met betrekking tot een wijzigingsplan geen exploitatieplan wordt vastgesteld indien het verhaal van kosten van de grondexploitatie anderszins is verzekerd of het stellen van nadere eisen en regels niet noodzakelijk is. In het voorliggende geval wordt een planschadeovereenkomst gesloten tussen initiatiefnemer en de gemeente Steenwijkerland. Zodoende is het kostenverhaal voor de gemeente volledig is verzekerd. Dit brengt met zich mee dat vaststelling van een exploitatieplan achterwege kan blijven. 8.2 Maatschappelijke uitvoerbaarheid 8.2.1 Algemeen Op grond van artikel 3.1.1 Bro is vooroverleg vereist met het waterschap en met de diensten van de provincie en Rijk die betrokken zijn bij de zorg voor de ruimtelijke ordening of belast zijn met de behartiging van belangen welke in het plan in het geding zijn. 8.2.2 Vooroverleg 8.2.2.1 Het Rijk In het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro) zijn de nationale belangen die juridische borging vereisen opgenomen. Het Barro is gericht op doorwerking van nationale belangen in gemeentelijke plannen. Geoordeeld wordt dat dit wijzigingsplan geen nationale belangen schaadt. Daarom is afgezien van het voeren van vooroverleg met het Rijk.

8.2.2.2 Provincie Overijssel Gelet op de aard en omvang van de ontwikkeling wordt het plan ter vooroverleg voorgelegd aan de Provincie Overijssel. 8.2.2.3 Waterschap Drents Overijsselse Delta Er is contact geweest met het Waterschap. De uitgangspunten in de notitie worden meegenomen in het ontwerp. 8.2.2.4 Omwonende De plannen zijn met de omwonende besproken. Die hebben geen bezwaren met het voornemen. 8.2.3 Inspraak Op basis van de gemeentelijke inspraakverordening kan de gemeente bepalen of al dan niet een voorontwerpplan ter inzage wordt gelegd. Gezien de aard en omvang van de voorgenomen ontwikkeling wordt geen voorontwerpwijzigingsplan ter inzage gelegd. Bestemmingsplan Lakeweg 7 en 8 Ontwerp BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies 53 8.2.4 Zienswijzen Deze paragraaf wordt ingevuld nadat het ontwerpbestemmingsplan zes weken ter inzage heeft gelegen ingevuld. Bestemmingsplan Lakeweg 7 en 8 Ontwerp BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies 54 BIJLAGEN BIJ DE TOELICHTING Bestemmingsplan Lakeweg 7 en 8 Ontwerp BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies 55 Bijlage 1 Landschapsplan Bijlage 2 KGO-investering Bijlage 3 Bodemonderzoek Bijlage 4 Aerius berekening Bijlage 5 Ecologisch onderzoek Bijlage 6 M.E.R. besluit Bijlage 7 Watertoetsresultaat Bijlage 8 Uitgangspuntennotitie Waterschap Drents Overijsselse Delta

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://steenwijkerland.bestuurlijkeinformatie.nl/Document/LoadAgendaItemDocument/31acac40-32f6-455f-9f0e-de276d2a9969?agendaItemId=9b3fcc68-2b9e-4ac9-9f91-93631dab3f67