CConstaterende datSteenwijkerland
Koppel je AI →
Document · PDF

Beantwoording zienswijzen omg zonneweide ten noordwesten van Blokzijl d.d. 25-06-2024 (geanonimiseerd)

Politieke Markt 3 september 2024, gemeente SteenwijkerlandBij agendapunt: Tijdelijke omgevingsvergunning voor een zonnepark ten noordwesten van Blokzijl21.100 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

De indiener stelt dat het zonnepark zal leiden tot horizonvervuiling en dat dit in strijd is met de milieueffectenrapportage die is opgesteld in het kader van het omgevingsplan voor de gemeente Steenwijkerland. Hiernaast stelt de indiener dat het zonnepark een onaanvaardbare afbreuk zal doen aan de cultuurhistorische waarden en het open landschap. Het gebied (en de omgeving) zou degraderen volgens de indiener. Zie beantwoording onder 7.2. 23.6 Vruchtbaarheid landbouwgronden De indiener stelt dat het projectgebied is gesitueerd op productieve vruchtbare landbouwgrond. Volgens de indiener moet de gemeente een herbeoordeling laten uitvoeren. Zie beantwoording onder 7.5. 23.7 Enquête: De indiener geeft aan dat de gemeente ten onrechte geen enquête heeft uitgevoerd ten aanzien van de komst van een grootschalig zonnepark nabij Blokzijl. Hierdoor zou het onduidelijk zijn of er daadwerkelijk draagvlak zou zijn onder de inwoners van Blokzijl voor zonnepark De Hoop. Zie beantwoording onder 7.8. 23.9 Lasten en lusten: Volgens de indiener worden de lasten en lusten van de komst van zonnepark De Hoop niet evenredig verdeeld. In verband daarmee wijst de indiener op de aansluiting van het zonnepark op het onderstation nabij Luttelgeest (in de gemeente Noordoostpolder). Zie beantwoording onder 7.9.

23.11 Maximale inleg: Er dient een maximum te worden gesteld aan de mate waarin grote investeerders kunnen participeren in zonnepark De Hoop. Zie beantwoording onder 9.11. Pagina 76 van 91 23.12 Toezegging: Volgens de indiener moet de initiatiefnemer de toezeggingen over financiële participatie ten aller tijde moet nakomen, dus ook als het zonnepark om welke reden dan ook (tijdelijk) geen opbrengsten genereert en ook bij een eventuele doorverkoop van het zonnepark. Zie beantwoording onder 8.13. Conclusie De zienswijze van indiener 23 geeft naar het oordeel van de gemeente geen aanleiding om terug te komen op het ontwerpbesluit of om extra voorwaarden op te nemen in de omgevingsvergunning. Pagina 77 van 91 Indiener 24 Zienswijze Beantwoording 24.1 en 24.10 Congestie op het elektriciteitsnet: De indiener geeft aan gevolgen te ondervinden van de ‘congestieproblematiek’ op het elektriciteitsnet. Door spanningsproblemen en een gebrek aan capaciteit op het elektriciteitsnet is er weinig ruimte voor de indiener om stroom door middel van zonnepanelen terug te leveren het elektriciteitsnet. De indiener geeft aan dat het onterecht voelt dat zonnepark De Hoop rendabel duurzame elektriciteit kan leveren aan het stroomnet, terwijl de zonnepanelen van de indiener zichzelf niet meer terugverdienen. Zie beantwoording onder 7.11.

24.2 Rijksbeleid en provinciaal beleid: Volgens de indiener mag de gemeente geen zonneparken op landbouwgronden meer toestaan vanwege de Kamerbrief van de demissionair Minister voor Klimaat en Energie van 6 juli 2023 (‘Zonnebrief’). De indiener stelt hiernaast dat de provincie Overijssel het aanleggen van grote zonneparken op landbouwgrond niet toestaat. Hiermee zou onvoldoende rekening zijn gehouden bij het ontwerpbesluit tot het verlenen van een omgevingsvergunning. Zie beantwoording onder 2.1. 24.3 Gezondheid Volgens de indiener zal zonnepark De Hoop leiden tot onaanvaardbare gezondheidsgevolgen, mede vanwege de lichtschittering als gevolg van het zonnepark. Zie beantwoording onder 7.13. 24.4 Brandveiligheid Volgens de indiener is er een risico dat brand zal ontstaan in het projectgebied met de komst van zonnepark De Hoop, mede vanwege het gebruik van niet-Europese materialen. Zie beantwoording onder 8.1. Pagina 78 van 91 24.5 en 24.8 Gevolgen voor de omgeving. De indiener stelt dat het zonnepark zal leiden tot horizonvervuiling en dat dit in strijd is met de milieueffectenrapportage die is opgesteld in het kader van het omgevingsplan voor de gemeente Steenwijkerland. Hiernaast stelt de indiener dat het zonnepark een onaanvaardbare afbreuk zal doen aan de cultuurhistorische waarden en het open landschap. Het gebied (en de omgeving) zou degraderen volgens de indiener.

Zie beantwoording onder 7.2. 24.6 Vruchtbaarheid landbouwgronden De indiener stelt dat het projectgebied is gesitueerd op productieve vruchtbare landbouwgrond. Volgens de indiener moet de gemeente een herbeoordeling laten uitvoeren. Zie beantwoording onder 7.5. 24.7 Enquête: De indiener geeft aan dat de gemeente ten onrechte geen enquête heeft uitgevoerd ten aanzien van de komst van een grootschalig zonnepark nabij Blokzijl. Hierdoor zou het onduidelijk zijn of er daadwerkelijk draagvlak zou zijn onder de inwoners van Blokzijl voor zonnepark De Hoop. Zie beantwoording onder 7.8. 24.9 Lasten en lusten: Volgens de indiener worden de lasten en lusten van de komst van zonnepark De Hoop niet evenredig verdeeld. In verband daarmee wijst de indiener op de aansluiting van het zonnepark op het onderstation nabij Luttelgeest (in de gemeente Noordoostpolder). Zie beantwoording onder 7.9. 24.11 Maximale inleg: Er dient een maximum te worden gesteld aan de mate waarin grote investeerders kunnen participeren in zonnepark De Hoop. Zie beantwoording onder 911. Pagina 79 van 91 24.12 Toezegging: Volgens de indiener moet de initiatiefnemer de toezeggingen over financiële participatie ten aller tijde moet nakomen, dus ook als het zonnepark om welke reden dan ook (tijdelijk) geen opbrengsten genereert en ook bij een eventuele doorverkoop van het zonnepark. Zie beantwoording onder 8.15.

Conclusie De zienswijze van indiener 24 geeft naar het oordeel van de gemeente geen aanleiding om terug te komen op het ontwerpbesluit of om extra voorwaarden op te nemen in de omgevingsvergunning. Pagina 80 van 91 Indiener 25 Zienswijze Beantwoording 25.1 Onttrekken zicht De indiener stelt dat zonnepark De Hoop leidt tot een onaanvaardbare verandering van het uitzicht vanuit de woning van omwonenden. De inpassing zou het zonnepark niet aan het zicht vanuit de woning van de indiener onttrekken. Het klopt dat met de komst van zonnepark De Hoop de bestaande situatie zal veranderen (en mogelijk ook het zicht van de indiener vanuit de eerste verdieping van de woning van de indiener). Deze verandering heeft de gemeente betrokken in haar belangenafweging. In verband hiermee merkt de gemeente op dat het zonneparkproject voorziet in de opwek van duurzame elektriciteit voor (onder meer) de inwoners van Steenwijkerland en omwonenden en belangstellenden de mogelijkheid biedt om financieel te participeren in het project. Deze algemene en/of collectieve belangen rechtvaardigen – naast het belang van de aanvrager – volgens het college de verandering van de bestaande situatie. Mede gelet op de inpassing van de zonneweide, ziet het college geen aanleiding voor het oordeel dat de optredende verandering van het uitzicht van de omwonenden in de weg staat aan verlening van de omgevingsvergunning.

Naar het oordeel van de gemeente is geen sprake van een onaanvaardbare verandering van het woon- en leefklimaat van omwonenden of andere inwoners van de gemeente. Niet valt in te zien waarom de landschappelijke inpassing het zonnepark niet aan het zicht van de indiener zou onttrekken. De dijk (van 1,5 meter hoog) en het struweel (van 3,5 meter hoog) maken dat er geen zicht is op het zonnepark. Ook in de winter, aangezien de struweelhaag zal bestaan uit sleedoorn. 25.2 en 25.20 Gevolgen natuur: De indiener stelt dat zonnepark De Hoop onaanvaardbare gevolgen zal hebben voor de reeën in de omgeving en de beschermde diersoorten in het nationaal park ‘Weerribben/Wieden’. De gemeente deelt deze zienswijze niet. Een ecoloog van adviesbureau Royal HaskoningDHV heeft onderzoek verricht naar de gevolgen van zonnepark De Hoop voor de natuur. Het onderzoek bestond uit een literatuuronderzoek en een veldbezoek op 12 oktober 2022. In het onderzoek is zowel gekeken naar soortenbescherming als naar Pagina 81 van 91 gebiedsbescherming. In het kader van soortenbescherming is gekeken naar de aanwezigheid van en potenties van het projectgebied voor beschermde diersoorten. In het kader van soortenbescherming is gekeken naar de gevolgen van zonnepark De Hoop voor nabijgelegen natuurgebieden, waaronder het natuurgebied ‘De Wieden-Weerribben’.

De resultaten van het onderzoek zijn door de ecoloog van Royal HaskoningDHV weergegeven in het rapport “Natuurtoets” van 17 oktober 2022, dat als bijlage 7 bij de ruimtelijke onderbouwing is gevoegd. De ecoloog concludeert dat door het nemen van mitigerende maatregelen kan worden voorkomen dat voor zonnepark De Hoop een natuurtoestemming nodig is. Door het verbinden van voorschriften aan de omgevingsvergunning wordt geborgd dat deze mitigerende maatregelen worden uitgevoerd. Uit het rapport – en het stikstofrapport dat is gevoegd als bijlage 6 – blijkt dat zonnepark De Hoop niet zal leiden tot negatieve gevolgen voor het natuurgebied ‘De Wieden- Weerribben’. Meer hierover leest u terug in paragraaf 5.5 van de ruimtelijke onderbouwing. Op voorhand bestaat geen aanleiding voor het oordeel dat, indien nodig, een omgevingsvergunning voor de ‘flora- en fauna- activiteit’ niet kan worden verkregen. De indiener verduidelijkt ook niet waarom een dergelijke omgevingsvergunning (voorheen: ontheffing) nodig zou zijn. Er is voor zonnepark De Hoop geen omgevingsvergunning voor de ‘flora’- en fauna-activiteit’ nodig, vanwege de mogelijke aanwezigheid van reeën in de omgeving. 25.3 en 25.5 Gevolgen bedrijven in de omgeving. Volgens de indiener zijn de bedrijven in de omgeving van het projectgebied van zonnepark De Hoop geen voorstander van het zonnepark.

Het zonnepark zou leiden tot een piekbelasting Naar het oordeel van de gemeente leidt zonnepark De Hoop niet tot een onevenredige belemmering voor de bedrijfsvoering van de bedrijven in de omgeving. Desgewenst kunnen de eigenaren van deze bedrijven een verzoek om planschade indienen bij de gemeente. De gemeente zal het verzoek beoordelen en in dit Pagina 82 van 91 op het elektriciteitsnet die het elektriciteitsnet niet aankan. (aparte) spoor bezien in hoeverre de indiener in aanmerking komt voor een planschadevergoeding. De gemeente acht het niet op voorhand aannemelijk dat eventuele planschade zo hoog zal uitvallen dat het gehele project niet langer financieel uitvoerbaar is. Niet kan worden gevolgd waarom sprake zou zijn van een zodanige levering van duurzame elektriciteit op het elektriciteitsnet, dat het elektriciteitsnet niet meer kan functioneren. Hierbij dient te worden opgemerkt dat het elektriciteitsnet een ‘open net’ is. Als sprake is van een piekbelasting, dan betekent die belasting op zichzelf nog niet dat het net niet meer geschikt is om elektriciteit te leveren. 25.6 Rijksbeleid en provinciaal beleid: Volgens de indiener mag de gemeente geen zonneparken op landbouwgronden meer toestaan vanwege de Kamerbrief van de demissionair Minister voor Klimaat en Energie van 6 juli 2023 (‘Zonnebrief’).

De indiener stelt hiernaast dat de provincie Overijssel het aanleggen van grote zonneparken op landbouwgrond niet toestaat. Hiermee zou onvoldoende rekening zijn gehouden bij het ontwerpbesluit tot het verlenen van een omgevingsvergunning. Zie beantwoording onder 2.1. 25.7 Gevolgen voor de omgeving. De indiener stelt dat het zonnepark zal leiden tot horizonvervuiling en dat dit in strijd is met de milieueffectenrapportage die is opgesteld in het kader van het omgevingsplan voor de gemeente Steenwijkerland. Hiernaast stelt de indiener dat het zonnepark een onaanvaardbare afbreuk zal doen aan de cultuurhistorische waarden en het open landschap. Het gebied (en de omgeving) zou degraderen volgens de indiener. Zie beantwoording onder 7.2. 25.8 Gelijkheidsbeginsel Zie beantwoording onder 7.3. Pagina 83 van 91 De indiener geeft aan dat de gemeente in strijd handelt met de algemene beginselen van behoorlijk bestuur door wél medewerking te verlenen aan zonnepark De Hoop, maar niet aan het zonnepark Eesveen. 25.9 Zonneladder: De indiener geeft aan dat zonnepanelen geplaatst moeten worden op dak en niet op land. Zie beantwoording onder 5.1. 25.10, 25.11 en 25.12 Vruchtbaarheid landbouwgronden De indiener stelt dat het projectgebied is gesitueerd op productieve vruchtbare landbouwgrond. Volgens de indiener moet de gemeente een herbeoordeling laten uitvoeren. Zie beantwoording onder 7.5.

25.13 Enquête: De indiener geeft aan dat de gemeente ten onrechte geen enquête heeft uitgevoerd ten aanzien van de komst van een grootschalig zonnepark nabij Blokzijl. Hierdoor zou het onduidelijk zijn of er daadwerkelijk draagvlak zou zijn onder de inwoners van Blokzijl voor zonnepark De Hoop. Zie beantwoording onder 7.8. 25.14 Lasten en lusten: Volgens de indiener worden de lasten en lusten van de komst van zonnepark De Hoop niet evenredig verdeeld. In verband daarmee wijst de indiener op de aansluiting van het zonnepark op het onderstation nabij Luttelgeest (in de gemeente Noordoostpolder). Zie beantwoording onder 7.9. 25.15 en 25.16 Congestie op het elektriciteitsnet: De indiener wijst op de ‘congestieproblematiek’ op het elektriciteitsnet. Door spanningsproblemen en een gebrek aan capaciteit op het elektriciteitsnet is er weinig ruimte voor de indiener om stroom door middel Zie beantwoording onder 7.11. Pagina 84 van 91 van zonnepanelen terug te leveren het elektriciteitsnet. Ondernemers en particulieren zouden niet kunnen aansluiten. 25.17 Waardeverlies: De indiener geeft aan te vrezen voor een negatieve impact van de komst van zonnepark De Hoop voor de verkoopbaarheid van de eigen woning. Zie beantwoording onder 1.5.

25.18 en 25.21 Gezondheid Volgens de indiener zal zonnepark De Hoop leiden tot onaanvaardbare gezondheidsgevolgen, mede vanwege de lichtschittering als gevolg van het zonnepark. Zie beantwoording onder 7.13. 25.19 Financiële participatie: De indiener twijfelt of de gemeente kan garanderen dat het zonnepark voor een periode van 25 jaar in lokaal eigendom blijft. Zie beantwoording onder 2.8. 25.22 Brandveiligheid en CO2-uitstoot De indiener stelt dat het gebruik van niet- Europese materialen leidt risico op brandgevaar en een aanzienlijke uitstoot van CO2. Zie beantwoording onder 7.18. Conclusie De zienswijze van indiener 25 geeft naar het oordeel van de gemeente geen aanleiding om terug te komen op het ontwerpbesluit of om extra voorwaarden op te nemen in de omgevingsvergunning. Pagina 85 van 91 Indiener 26 Zienswijze Beantwoording 26.1, 26.14 en 26.17 Gezondheid: De indiener vreest voor lichtschittering als gevolg van het zonnepark. In dit kader merkt de indiener op dat de komst van zonnepark De Hoop zal leiden tot meer prikkels en om die reden negatieve gevolgen zal hebben op de ziekte van de indiener. Zie beantwoording onder 10.2. 26.2 Rijksbeleid en provinciaal beleid: Volgens de indiener mag de gemeente geen zonneparken op landbouwgronden meer toestaan vanwege de Kamerbrief van de demissionair Minister voor Klimaat en Energie van 6 juli 2023 (‘Zonnebrief’).

De indiener stelt hiernaast dat de provincie Overijssel het aanleggen van grote zonneparken op landbouwgrond niet toestaat. Hiermee zou onvoldoende rekening zijn gehouden bij het ontwerpbesluit tot het verlenen van een omgevingsvergunning. Zie beantwoording onder 2.1. 26.3, 26.7 en 26.8 Gevolgen voor de omgeving. De indiener stelt dat het zonnepark zal leiden tot horizonvervuiling en dat dit in strijd is met de milieueffectenrapportage die is opgesteld in het kader van het omgevingsplan voor de gemeente Steenwijkerland. Hiernaast stelt de indiener dat het zonnepark een onaanvaardbare afbreuk zal doen aan de cultuurhistorische waarden en het open landschap. Het gebied (en de omgeving) zou degraderen volgens de indiener. Zie beantwoording onder 7.2. 26.4 Gelijkheidsbeginsel De indiener geeft aan dat de gemeente in strijd handelt met de algemene beginselen van behoorlijk bestuur door wél medewerking te Zie beantwoording onder 7.3. Pagina 86 van 91 verlenen aan zonnepark De Hoop, maar niet aan het zonnepark Eesveen. 26.5 Zonneladder: De indiener geeft aan dat zonnepanelen geplaatst moeten worden op dak en niet op land. Zie beantwoording onder 5.1. 26.6 Vruchtbaarheid landbouwgronden De indiener stelt dat het projectgebied is gesitueerd op productieve vruchtbare landbouwgrond. Volgens de indiener moet de gemeente een herbeoordeling laten uitvoeren. Zie beantwoording onder 7.5.

26.9 Enquête: De indiener geeft aan dat de gemeente ten onrechte geen enquête heeft uitgevoerd ten aanzien van de komst van een grootschalig zonnepark nabij Blokzijl. Hierdoor zou het onduidelijk zijn of er daadwerkelijk draagvlak zou zijn onder de inwoners van Blokzijl voor zonnepark De Hoop. Zie beantwoording onder 7.8. 26.10 Lasten en lusten: Volgens de indiener worden de lasten en lusten van de komst van zonnepark De Hoop niet evenredig verdeeld. In verband daarmee wijst de indiener op de aansluiting van het zonnepark op het onderstation nabij Luttelgeest (in de gemeente Noordoostpolder). Zie beantwoording onder 7.9. 26.11 en 26.12 Congestie op het elektriciteitsnet: De indiener wijst op de ‘congestieproblematiek’ op het elektriciteitsnet. Door spanningsproblemen en een gebrek aan capaciteit op het elektriciteitsnet is er weinig ruimte voor de indiener om stroom door middel van zonnepanelen terug te leveren het elektriciteitsnet. Ondernemers en particulieren zouden niet kunnen aansluiten. Zie beantwoording onder 7.11. Pagina 87 van 91 26.13 Waardeverlies: De indiener geeft aan te vrezen voor een negatieve impact van de komst van zonnepark De Hoop voor de verkoopbaarheid van de eigen woning. Zie beantwoording onder 1.5. 26.15 Financiële participatie: De indiener twijfelt of de gemeente kan garanderen dat het zonnepark voor een periode van 25 jaar in lokaal eigendom blijft.

Zie beantwoording onder 2.8. 26.16 Gevolgen natuur: De indiener stelt dat zonnepark De Hoop onaanvaardbare gevolgen zal hebben voor de beschermde diersoorten in het nationaal park ‘Weerribben/Wieden’. Zie beantwoording onder 2.6. 26.18 Woon- en leefklimaat De indiener stelt dat zonnepark De Hoop leidt tot een onaanvaardbare verandering van het uitzicht vanuit de woning van omwonenden. Zie beantwoording onder 7.17. 26.19 Brandveiligheid en CO2-uitstoot De indiener stelt dat het gebruik van niet- Europese materialen leidt risico op brandgevaar en een aanzienlijke uitstoot van CO2. Zie beantwoording onder 7.18. Conclusie De zienswijze van indiener 26 geeft naar het oordeel van de gemeente geen aanleiding om terug te komen op het ontwerpbesluit of om extra voorwaarden op te nemen in de omgevingsvergunning. Pagina 88 van 91 Indiener 27 Zienswijze Beantwoording 27.1 Rijksbeleid en provinciaal beleid: Volgens de indiener mag de gemeente geen zonneparken op landbouwgronden meer toestaan vanwege de Kamerbrief van de demissionair Minister voor Klimaat en Energie van 6 juli 2023 (‘Zonnebrief’). De indiener stelt hiernaast dat de provincie Overijssel het aanleggen van grote zonneparken op landbouwgrond niet toestaat. Hiermee zou onvoldoende rekening zijn gehouden bij het ontwerpbesluit tot het verlenen van een omgevingsvergunning. Zie beantwoording onder 2.1.

27.2, 27.6 en 27.7 Gevolgen voor de omgeving. De indiener stelt dat het zonnepark zal leiden tot horizonvervuiling en dat dit in strijd is met de milieueffectenrapportage die is opgesteld in het kader van het omgevingsplan voor de gemeente Steenwijkerland. Hiernaast stelt de indiener dat het zonnepark een onaanvaardbare afbreuk zal doen aan de cultuurhistorische waarden en het open landschap. Het gebied (en de omgeving) zou degraderen volgens de indiener. Zie beantwoording onder 7.2. 27.3 Gelijkheidsbeginsel De indiener geeft aan dat de gemeente in strijd handelt met de algemene beginselen van behoorlijk bestuur door wél medewerking te verlenen aan zonnepark De Hoop, maar niet aan het zonnepark Eesveen. Zie beantwoording onder 7.3. 27.4 Zonneladder: De indiener geeft aan dat zonnepanelen geplaatst moeten worden op dak en niet op land. Zie beantwoording onder 5.1. Pagina 89 van 91 27.5 Vruchtbaarheid landbouwgronden De indiener stelt dat het projectgebied is gesitueerd op productieve vruchtbare landbouwgrond. Volgens de indiener moet de gemeente een herbeoordeling laten uitvoeren. Zie beantwoording onder 7.5. 27.8 Enquête: De indiener geeft aan dat de gemeente ten onrechte geen enquête heeft uitgevoerd ten aanzien van de komst van een grootschalig zonnepark nabij Blokzijl.

Hierdoor zou het onduidelijk zijn of er daadwerkelijk draagvlak zou zijn onder de inwoners van Blokzijl voor zonnepark De Hoop. Zie beantwoording onder 7.8. 27.9 Lasten en lusten: Volgens de indiener worden de lasten en lusten van de komst van zonnepark De Hoop niet evenredig verdeeld. In verband daarmee wijst de indiener op de aansluiting van het zonnepark op het onderstation nabij Luttelgeest (in de gemeente Noordoostpolder). Zie beantwoording onder 7.9. 27.10 en 27.11 Congestie op het elektriciteitsnet: De indiener wijst op de ‘congestieproblematiek’ op het elektriciteitsnet. Door spanningsproblemen en een gebrek aan capaciteit op het elektriciteitsnet is er weinig ruimte voor de indiener om stroom door middel van zonnepanelen terug te leveren het elektriciteitsnet. Ondernemers en particulieren zouden niet kunnen aansluiten. Zie beantwoording onder 7.11. 27.12 Waardeverlies: De indiener geeft aan te vrezen voor een negatieve impact van de komst van zonnepark De Hoop voor de verkoopbaarheid van de eigen woning. Zie beantwoording onder 1.5. Pagina 90 van 91 27.13 en 27.16 Gezondheid Volgens de indiener zal zonnepark De Hoop leiden tot onaanvaardbare gezondheidsgevolgen, mede vanwege de lichtschittering als gevolg van het zonnepark. Zie beantwoording onder 7.13.

27.14 Financiële participatie: De indiener twijfelt of de gemeente kan garanderen dat het zonnepark voor een periode van 25 jaar in lokaal eigendom blijft. Zie beantwoording onder 2.8. 27.15 Gevolgen natuur: De indiener stelt dat zonnepark De Hoop onaanvaardbare gevolgen zal hebben voor de beschermde diersoorten in het nationaal park ‘Weerribben/Wieden’. Zie beantwoording onder 2.6. 27.17 Woon- en leefklimaat De indiener stelt dat zonnepark De Hoop leidt tot een onaanvaardbare verandering van het uitzicht vanuit de woning van omwonenden. Zie beantwoording onder 7.17. 27.18 Brandveiligheid en CO2-uitstoot De indiener stelt dat het gebruik van niet- Europese materialen leidt risico op brandgevaar en een aanzienlijke uitstoot van CO2. Zie beantwoording onder 7.18. Conclusie De zienswijze van indiener 27 geeft naar het oordeel van de gemeente geen aanleiding om terug te komen op het ontwerpbesluit of om extra voorwaarden op te nemen in de omgevingsvergunning. Pagina 91 van 91 5. Conclusie De 27 zienswijzen van de indieners geven naar het oordeel van de gemeente geen aanleiding om terug te komen op het ontwerpbesluit of om extra voorwaarden op te nemen in de omgevingsvergunning.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://steenwijkerland.bestuurlijkeinformatie.nl/Document/LoadAgendaItemDocument/b904ca9b-76cc-4b94-9a1f-8ca31988bbd9?agendaItemId=a16056c6-e554-4670-a12d-03558c806aec