CConstaterende datSteenwijkerland
Koppel je AI →
Document · PDF

9.1 Het uitbreiden van een bestaande vleeskuikenstal op het perceel Rondebroek 1 te Kuinre - bijlage ruimtelijke onderbouwing.pdf

Raadsvergadering 11 april 2017, gemeente SteenwijkerlandBij agendapunt: Het uitbreiden van een bestaande vleeskuikenstal26.393 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

Projectnummer :16-M7826 Project : Rondebroek 1, Kuinre Boormeester: SchaalBIJLAGE 3 boring1 07-10-2016 0 50 100 150 200 250 300 akker0 Klei, zwak zandig, lichtbruin, Edelmanboor -50 Klei, zwak siltig, licht grijsbruin, Edelmanboor -100 Klei, zwak siltig, zwak veenhoudend, lichtbruin, Edelmanboor -110 Veen, mineraalarm, donker zwartbruin, Edelmanboor -335 boring2 07-10-2016 0 50 100 150 200 akker0 Klei, zwak zandig, lichtbruin, Edelmanboor -40 Klei, zwak siltig, sporen veen, lichtbruin, Edelmanboor -140 Veen, mineraalarm, donker zwartbruin, Edelmanboor -200 boring3 07-10-2016 0 50 gras0 Klei, zwak zandig, lichtbruin, Edelmanboor -50 boring4 07-10-2016 0 50 akker0 Klei, zwak zandig, lichtbruin, Edelmanboor -50 boring5 07-10-2016 0 50 akker0 Klei, zwak zandig, lichtbruin, Edelmanboor -50 boring6 07-10-2016 0 50 akker0 Klei, zwak zandig, lichtbruin, Edelmanboor -50 boring7 07-10-2016 0 50 akker0 Klei, zwak zandig, lichtbruin, Edelmanboor -50 boring8 07-10-2016 0 50 akker0 Klei, zwak zandig, lichtbruin, Edelmanboor -50 Projectnummer :16-M7826 Project : Rondebroek 1, Kuinre Boormeester: SchaalBIJLAGE 3 boring9 07-10-2016 0 50 stelcon0 Zand, matig fijn, zwak siltig, lichtgrijs, Edelmanboor -50 Legenda (conform NEN 5104) grind Grind, siltig Grind, zwak zandig Grind, matig zandig Grind, sterk zandig Grind, uiterst zandig zand Zand, kleiïg Zand, zwak siltig Zand, matig siltig Zand,

sterk siltig Zand, uiterst siltig veen Veen, mineraalarm Veen, zwak kleiïg Veen, sterk kleiïg Veen, zwak zandig Veen, sterk zandig klei Klei, zwak siltig Klei, matig siltig Klei, sterk siltig Klei, uiterst siltig Klei, zwak zandig Klei, matig zandig Klei, sterk zandig leem Leem, zwak zandig Leem, sterk zandig overige toevoegingen zwak humeus matig humeus sterk humeus zwak grindig matig grindig sterk grindig geur geen geur zwakke geur matige geur sterke geur uiterste geur olie geen olie-water reactie zwakke olie-water reactie matige olie-water reactie sterke olie-water reactie uiterste olie-water reactie p.i.d.-waarde >0 >1 >10 >100 >1000 >10000 monsters geroerd monster ongeroerd monster overig bijzonder bestanddeel Gemiddeld hoogste grondwaterstand grondwaterstand Gemiddeld laagste grondwaterstand slib water peilbuis filter casing bentoniet afdichting blinde buis hoogste grondwaterstand gemiddelde grondwaterstand laagste grondwaterstand BIJLAGE 4 ANALYSECERTIFICATEN Pagina 1 / 6 ANALYSERAPPORT GP16-68338 LABORATORIUM Laboratorium Laboratorium manager Adres Telefoon Fax Email SGS referentie Gerapporteerd +31 (0) 88 214 62 00 +31 (0) 88 214 62 99 nl.envi.cs@sgs.com 18-10-2016 Spoorstraat 12 Postbus 78 4430 AB 's-Gravenpolder GP16-68338 Aanvraag Ontvangen 07-10-2016 KLANT Klant Adres Telefoon Fax Email Project Klant Ref Contactpersoon Dhr. A.

van Wuijkhuijse Sigma Bouw en Milieu Standard Project 16-M7826 Phileas Foggstraat 153 7825AW Emmen Nederland alexander@sigma-bm.nl Rudi Herman Environment, Health and Safety SGS Belgium NV ADDITIONELE OPDRACHT INFO Klant opdracht omschrijving Rondebroek 1, Kuinre MONSTER IDENTIFICATIE GP16-68338.001 MM1: 1 (0-50) 2 (0-40) 3 (0-50) 4 (0-50) 5 (0-50) 6 (0-50) 7 (0-50) 8 (0-50) GP16-68338.002 MM2: 1 (50-100) 2 (50-100) 2 (100-140) OPMERKINGEN Het laboratorium is erkend voor het uitvoeren van analyses zoals genoemd in SIKB-protocollen 3010, 3020, 3030, 3040, 3050, 3110, 3120, 3130, 3140 en 3150. De analyses gemarkeerd met een Q zijn ISO17025 geaccrediteerd (BELAC 005-TEST) De analyses gemarkeerd met een (A) zijn uitgevoerd op de SGS locatie: Polderdijkweg 16 te Antwerpen. Het laboratorium beschikt over een erkenning voor de met een E gemarkeerde analyses. HANDTEKENINGEN Rudi Herman Lab Operations Manager ISO17025 (BELAC 005-TEST) Behoudens andersluidende overeenkomst worden alle opdrachten en documenten uitgevoerd en uitgegeven op basis van onze algemene voorwaarden. Op eenvoudig verzoek worden deze voorwaarden opnieuw aan u toegezonden. De aandacht wordt gevestigd op de beperking van aansprakelijkheid, de vergoedings -en bevoegdheidskwesties bepaald door deze voorwaarden.

Elke houder van dit document dient te weten dat de informatie vervat in dit document enkel de bevindingen van SGS op het ogenblik van haar tussenkomst en binnen de grenzen van de eventuele instructies van de opdrachtgever, bevat. SGS is enkel aansprakelijk ten aanzien van haar opdrachtgever en dit document stelt de bij een handelstransactie betrokken partijen niet vrij van hun plicht al hun rechten en verplichtingen uit te oefenen voortspruitend uit de handelsdocumenten . Elke niet toegestane wijziging evenals de namaak of vervalsing van de inhoud of het uitzicht van dit document is onwettig en overtreders zullen vervolgd worden. Prestatiekenmerken van geaccrediteerde verrichtingen zijn opvraagbaar. In de bijlage is informatie vermeld over de houdbaarheid en conserveringsaspecten van de aangeleverde monsters. Toelichting op analyseresultaten gemarkeerd met een "*" treft u ook aan in deze bijlage. De rapportages van eventuele externe uitbestedingen zijn bijgevoegd aan dit rapport.

SGS Belgium NV t +32 (0)3 545 86 71 f +32 (0)3 545 86 79 e be.environment@sgs.com Environment, Health and Safety Haven 407 Polderdijkweg 16 B-2030 Antwerpen Member of the SGS Group url www.be.sgs.com Registered office : Noorderlaan 87 B-2030 Antwerpen RPR Antwerpen BTW BE 404.882.750 Belfius 550-3560000-93 Pagina 2 / 6 ANALYSERAPPORT GP16-68338 Monsternummer GP16-68338.001 GP16-68338.002 Matrix Grond Grond Bemonsteringsdiepte Bemonsterd door OPDRG OPDRG Bemonsteringsdatum 07-10-2016 07-10-2016 Bemonsteringsplaats Ontvangstdatum Monster 08-10-2016 08-10-2016 Parameter Eenheid RG Resultaat Resultaat Analyse conform AS3000 [AS3000] -- X XQ Analyse conform AS3000 -- N.v.t.

N.v.t.Beschrijving niet maalbare artefacten -g 0 0Massa niet maalbare artefacten Kwik niet vluchtig als Hg [Conform NEN 6961 Analyse NEN-ISO 16772] (A) 0.050mg/kg ds 0.096 0.087Q Kwik Organische stof [Conform NEN 5754] 0.50gew % ds 6.2 5.5Organische stof Metalen [Conform NEN 6961/NEN 6966 C1] (A) 20mg/kg ds 63 110Q Barium 0.20mg/kg ds 0.36 0.29Q Cadmium 3.0mg/kg ds 6.3 8.6Q Cobalt 5.0mg/kg ds 15 17Q Koper 10mg/kg ds 23 25Q Lood 1.5mg/kg ds <1.5 <1.5Q Molybdeen 4.0mg/kg ds 18 29Q Nikkel 20mg/kg ds 61 61Q Zink Lutum [Conform NEN 5753] 0.70gew % ds 12 23< 2 µm Droge stof [Conform NEN-EN 15934 methode A] -gew % 87.7 72.9Droge stof Minerale olie Fracties [Conservering SIKB3001 Analyse AS3010 pb.7] 5.0mg/kg ds <5.0 <5.0Fractie C-10 - C-12 5.0mg/kg ds <5.0 <5.0Fractie C-12 - C-22 5.0mg/kg ds <5.0 <5.0Fractie C-22 - C-30 5.0mg/kg ds <5.0 8.0Fractie C-30 - C-40 20mg/kg ds <20 <20Q Minerale olie (GC) PAK's [Conservering SIKB3001 Analyse AS3010 pb.6 (NEN 6971, NEN 6976 en NEN 6977)] 0.050mg/kg ds <0.050 <0.050Q Naftaleen V 0.050mg/kg ds <0.050 <0.050Q Fenantreen V 0.050mg/kg ds <0.050 <0.050Q Antraceen V 0.050mg/kg ds <0.050 <0.050Q Fluoranteen V 0.050mg/kg ds <0.050 <0.050Q Benzo[a]antraceen V 0.050mg/kg ds <0.050 <0.050Q Chryseen V 0.050mg/kg ds <0.050 <0.050Q Benzo[k]fluoranteen V 0.050mg/kg ds <0.050 <0.050Q Benzo[a]pyreen V 0.050mg/kg ds <0.050 <0.050Q Benzo[ghi]peryleen V

0.050mg/kg ds <0.050 <0.050Q Indeno[123cd]pyreen V PCB's [Conservering SIKB3001 Analyse AS3010 pb.8] 0.0010mg/kg ds <0.0010 <0.0010Q PCB nr. 28 (6) 0.0010mg/kg ds <0.0010 <0.0010Q PCB nr. 52 (6) 0.0010mg/kg ds <0.0010 <0.0010Q PCB nr.101 (6) 0.0010mg/kg ds <0.0010 <0.0010Q PCB nr.118 0.0010mg/kg ds <0.0010 <0.0010Q PCB nr.138 (6) SGS Belgium NV t +32 (0)3 545 86 71 f +32 (0)3 545 86 79 e be.environment@sgs.com Environment, Health and Safety Haven 407 Polderdijkweg 16 B-2030 Antwerpen Member of the SGS Group url www.be.sgs.com Registered office : Noorderlaan 87 B-2030 Antwerpen RPR Antwerpen BTW BE 404.882.750 Belfius 550-3560000-93 Pagina 3 / 6 ANALYSERAPPORT GP16-68338 Monsternummer GP16-68338.001 GP16-68338.002 Matrix Grond Grond Bemonsteringsdiepte Bemonsterd door OPDRG OPDRG Bemonsteringsdatum 07-10-2016 07-10-2016 Bemonsteringsplaats Ontvangstdatum Monster 08-10-2016 08-10-2016 Parameter Eenheid RG Resultaat Resultaat PCB's [Conservering SIKB3001 Analyse AS3010 pb.8] (continued) 0.0010mg/kg ds <0.0010 <0.0010Q PCB nr.153 (6) 0.0010mg/kg ds <0.0010 <0.0010Q PCB nr.180 (6) SGS Belgium NV t +32 (0)3 545 86 71 f +32 (0)3 545 86 79 e be.environment@sgs.com Environment, Health and Safety Haven 407 Polderdijkweg 16 B-2030 Antwerpen Member of the SGS Group url www.be.sgs.com Registered office : Noorderlaan 87 B-2030 Antwerpen RPR Antwerpen BTW BE 404.882.750 Belfius

550-3560000-93 Pagina 4 / 6 3.63 3.87 3.95 4.07 4.13 4.20 4.28 4.43 4.49 4.67 4.79 4.86 4.98 5.06 5.28 5.48 5.57 5.66 5.72 5.82 5.97 6.05 6.16 6.30 6.45 6.59 6.72 6.85 6.98 7.13 7.23 7.34 7.40 7.46 7.56 7.65 7.78 7.84 7.90 8.05 8.12 8.20 8.31 8.40 8.51 8.57 8.65 8.76 8.88 8.98 9.05 9.11 9.22 9.30 9.37 9.43 9.50 9.58 9.66 9.75 9.84 9.93 10.02 10.08 10.14 10.24 10.31 10.38 10.44 10.52 10.73 10.92 11.12 11.35 12.10 12.46 12.52 12.67 12.82 13.44 13.67 13.89 13.98 14.55 14.81 C 10 C 12 C 14 C 16 C 18 C 20 C 22 C 24 C 26 C 28 C 30 C 32 C 34 C 36 C 38 C 40 C 44 4.0 4.5 5.0 5.5 6.0 6.5 7.0 7.5 8.0 8.5 9.0 9.5 10.0 10.5 11.0 11.5 12.0 12.5 13.0 13.5 14.0 14.5 Time [min] 0 200 400 600 800 1000 1200 1400 1600 1800 Response [mV] Chromatogram Sample Name : 1668338001 Sample #: 001 Page 1 of 1 FileName : \\NLOT025\data\Glc\IS-GC34\2016-10\mo-34-1010-053-20161011-081121.raw Date : 11-10-2016 08:11:29 Method : Min olie PE Time of Injection: 11-10-2016 06:35:18 Start Time : 3.50 min End Time : 15.00 min Low Point : -97.87 mV High Point : 1957.41 mV Scale Factor: 1.0 Plot Offset: -97.87 mV Plot Scale: 2055.3 mV Pagina 5 / 6 3.86 3.95 4.07 4.13 4.25 4.32 4.43 4.67 4.92 4.97 5.06 5.27 5.41 5.48 5.57 5.65 5.71 5.81 5.97 6.03 6.14 6.29 6.35 6.44 6.59 6.71 6.79 6.85 6.97 7.08 7.22 7.32 7.39 7.46 7.56 7.68 7.78 7.90 8.05 8.12 8.20 8.27 8.40 8.51 8.63 8.70 8.81 8.88 8.94 9.01 9.11 9.23 9.30 9.37 9.45

9.50 9.58 9.66 9.75 9.84 9.93 10.05 10.14 10.24 10.31 10.38 10.52 10.73 10.92 11.12 11.35 11.95 13.08 13.34 13.54 13.64 13.99 14.12 14.29 14.77 C 10 C 12 C 14 C 16 C 18 C 20 C 22 C 24 C 26 C 28 C 30 C 32 C 34 C 36 C 38 C 40 C 44 4.0 4.5 5.0 5.5 6.0 6.5 7.0 7.5 8.0 8.5 9.0 9.5 10.0 10.5 11.0 11.5 12.0 12.5 13.0 13.5 14.0 14.5 Time [min] 0 200 400 600 800 1000 1200 1400 1600 1800 Response [mV] Chromatogram Sample Name : 1668338002 Sample #: 001 Page 1 of 1 FileName : \\NLOT025\data\Glc\IS-GC34\2016-10\mo-34-1010-054-20161011-081137.raw Date : 11-10-2016 08:11:48 Method : Min olie PE Time of Injection: 11-10-2016 06:58:13 Start Time : 3.50 min End Time : 15.00 min Low Point : -97.69 mV High Point : 1953.88 mV Scale Factor: 1.0 Plot Offset: -97.69 mV Plot Scale: 2051.6 mV Pagina 6 / 6 ANALYSERAPPORT GP16-68338 BIJLAGE HOUDBAARHEIDS- EN CONSERVERINGS OPMERKINGEN Alle monsters zijn correct geconserveerd bij het laboratorium aangeleverd.

SGS Belgium NV t +32 (0)3 545 86 71 f +32 (0)3 545 86 79 e be.environment@sgs.com Environment, Health and Safety Haven 407 Polderdijkweg 16 B-2030 Antwerpen Member of the SGS Group url www.be.sgs.com Registered office : Noorderlaan 87 B-2030 Antwerpen RPR Antwerpen BTW BE 404.882.750 Belfius 550-3560000-93 Pagina 1 / 4 ANALYSERAPPORT GP16-69178 LABORATORIUM Laboratorium Laboratorium manager Adres Telefoon Fax Email SGS referentie Gerapporteerd +31 (0) 88 214 62 00 +31 (0) 88 214 62 99 nl.envi.cs@sgs.com 25-10-2016 Spoorstraat 12 Postbus 78 4430 AB 's-Gravenpolder GP16-69178 Aanvraag Ontvangen 20-10-2016 KLANT Klant Adres Telefoon Fax Email Project Klant Ref Contactpersoon Dhr. A. van Wuijkhuijse Sigma Bouw en Milieu Standard Project 16-M7826 Phileas Foggstraat 153 7825AW Emmen Nederland alexander@sigma-bm.nl Rudi Herman Environment, Health and Safety SGS Belgium NV ADDITIONELE OPDRACHT INFO Klant opdracht omschrijving Rondebroek 1, Kuinre MONSTER IDENTIFICATIE GP16-69178.001 Pb 1: 1 (235-335) OPMERKINGEN Het laboratorium is erkend voor het uitvoeren van analyses zoals genoemd in SIKB-protocollen 3010, 3020, 3030, 3040, 3050, 3110, 3120, 3130, 3140 en 3150. De analyses gemarkeerd met een Q zijn ISO17025 geaccrediteerd (BELAC 005-TEST) De analyses gemarkeerd met een (A) zijn uitgevoerd op de SGS locatie: Polderdijkweg 16 te Antwerpen.

Het laboratorium beschikt over een erkenning voor de met een E gemarkeerde analyses. HANDTEKENINGEN Rudi Herman Lab Operations Manager ISO17025 (BELAC 005-TEST) Behoudens andersluidende overeenkomst worden alle opdrachten en documenten uitgevoerd en uitgegeven op basis van onze algemene voorwaarden. Op eenvoudig verzoek worden deze voorwaarden opnieuw aan u toegezonden. De aandacht wordt gevestigd op de beperking van aansprakelijkheid, de vergoedings -en bevoegdheidskwesties bepaald door deze voorwaarden. Elke houder van dit document dient te weten dat de informatie vervat in dit document enkel de bevindingen van SGS op het ogenblik van haar tussenkomst en binnen de grenzen van de eventuele instructies van de opdrachtgever, bevat. SGS is enkel aansprakelijk ten aanzien van haar opdrachtgever en dit document stelt de bij een handelstransactie betrokken partijen niet vrij van hun plicht al hun rechten en verplichtingen uit te oefenen voortspruitend uit de handelsdocumenten . Elke niet toegestane wijziging evenals de namaak of vervalsing van de inhoud of het uitzicht van dit document is onwettig en overtreders zullen vervolgd worden. Prestatiekenmerken van geaccrediteerde verrichtingen zijn opvraagbaar. In de bijlage is informatie vermeld over de houdbaarheid en conserveringsaspecten van de aangeleverde monsters.

Toelichting op analyseresultaten gemarkeerd met een "*" treft u ook aan in deze bijlage. De rapportages van eventuele externe uitbestedingen zijn bijgevoegd aan dit rapport. SGS Belgium NV t +32 (0)3 545 86 71 f +32 (0)3 545 86 79 e be.environment@sgs.com Environment, Health and Safety Haven 407 Polderdijkweg 16 B-2030 Antwerpen Member of the SGS Group url www.be.sgs.com Registered office : Noorderlaan 87 B-2030 Antwerpen RPR Antwerpen BTW BE 404.882.750 Belfius 550-3560000-93 Pagina 2 / 4 ANALYSERAPPORT GP16-69178 Monsternummer GP16-69178.001 Matrix Grondwater Bemonsteringsdiepte Bemonsterd door OPDRG Bemonsteringsdatum 20-10-2016 Bemonsteringsplaats Ontvangstdatum Monster 21-10-2016 Parameter Eenheid RG Resultaat Minerale Olie totaal [Conservering SIKB3001 Analyse NEN-EN-ISO 9377-2] 13µg/l <13Fractie C-10 - C-12 13µg/l <13Fractie C-12 - C-22 13µg/l <13Fractie C-22 - C-30 13µg/l <13Fractie C-30 - C-40 50µg/l <50Q Totaal C-10 - C-40 Metalen [Conform ISO 17294-2] (A) 0.20µg/l 0.50Q Cadmium 2.0µg/l 45Q Cobalt 2.0µg/l <2.0Q Lood 3.0µg/l 44Q Nikkel Metalen [Conform NEN 6966] (A) 20µg/l 240Q Barium 2.0µg/l 9.7Q Koper 2.0µg/l <2.0Q Molybdeen 10µg/l 620Q Zink Kwik [Conform ISO 12846] (A) 0.050µg/l 0.24Q Kwik Vluchtige verbindingen [Conservering SIKB3001 Analyse AS-3130] 0.20µg/l <0.20Q Dichloormethaan 0.20µg/l <0.20Q 1,1-Dichloorethaan 0.20µg/l <0.20Q 1,2-Dichloorethaan 0.10µg/l

<0.10Q 1,1-Dichlooretheen 0.10µg/l <0.10Q cis-1,2-Dichlooretheen 0.10µg/l <0.10Q trans-1,2-Dichlooretheen 0.20µg/l <0.20Q Trichloormethaan 0.10µg/l <0.10Q 1,1,1-Trichloorethaan 0.10µg/l <0.10Q 1,1,2-Trichloorethaan 0.10µg/l <0.10Q Tetrachloormethaan 0.20µg/l <0.20Q Trichlooretheen 0.10µg/l <0.10Q Tetrachlooretheen 0.20µg/l <0.20Q Benzeen 0.20µg/l <0.20Q Ethylbenzeen 0.20µg/l <0.20Q Styreen 0.20µg/l <0.20Q Tolueen 0.20µg/l <0.20Q m- + p-Xylenen 0.10µg/l <0.10Q o-Xyleen 0.20µg/l <0.20Q 1,1-Dichloorpropaan 0.20µg/l <0.20Q 1,2-Dichloorpropaan 0.20µg/l <0.20Q 1,3-Dichloorpropaan 0.20µg/l <0.20Q Tribroommethaan (Bromoform) 0.20µg/l <0.20Q Vinylchloride 0.30µg/l <0.30Cumeen 0.020µg/l <0.020Q Naftaleen SGS Belgium NV t +32 (0)3 545 86 71 f +32 (0)3 545 86 79 e be.environment@sgs.com Environment, Health and Safety Haven 407 Polderdijkweg 16 B-2030 Antwerpen Member of the SGS Group url www.be.sgs.com Registered office : Noorderlaan 87 B-2030 Antwerpen RPR Antwerpen BTW BE 404.882.750 Belfius 550-3560000-93 Pagina 3 / 4 3.68 3.76 3.85 4.91 5.73 6.06 6.19 6.36 6.67 7.85 8.27 8.82 8.99 9.17 9.46 9.52 9.66 9.80 9.87 9.96 10.09 10.26 10.36 10.52 10.67 10.86 11.04 11.26 C 10 C 12 C 14 C 16 C 22 C 24 C 28 C 30 C 32 C 34 C 36 C 38 C 40 3.5 4.0 4.5 5.0 5.5 6.0 6.5 7.0 7.5 8.0 8.5 9.0 9.5 10.0 10.5 11.0 11.5 12.0 12.5 13.0 13.5 14.0 14.5 Time [min] 0 200 400 600 800 1000 1200 Response [mV]

Chromatogram Sample Name : 1669178001 Sample #: 001 Page 1 of 1 FileName : \\NLOT025\data\Glc\IS-GC14\2016-10\mo-14-1024-029-20161025-070931.raw Date : 25-10-2016 07:09:42 Method : Min olie PE Time of Injection: 24-10-2016 22:27:07 Start Time : 3.00 min End Time : 15.00 min Low Point : -69.55 mV High Point : 1391.01 mV Scale Factor: 1.0 Plot Offset: -69.55 mV Plot Scale: 1460.6 mV Pagina 4 / 4 ANALYSERAPPORT GP16-69178 BIJLAGE HOUDBAARHEIDS- EN CONSERVERINGS OPMERKINGEN Alle monsters zijn correct geconserveerd bij het laboratorium aangeleverd. SGS Belgium NV t +32 (0)3 545 86 71 f +32 (0)3 545 86 79 e be.environment@sgs.com Environment, Health and Safety Haven 407 Polderdijkweg 16 B-2030 Antwerpen Member of the SGS Group url www.be.sgs.com Registered office : Noorderlaan 87 B-2030 Antwerpen RPR Antwerpen BTW BE 404.882.750 Belfius 550-3560000-93 BIJLAGE 5 Bedrijfshandboek SIGMA Bouw & Milieu Datum van uitg ifte: 01-03-2013 F-26 Verklaring onafhankelijkheid Pagina 1 van 1 Ve rsie: 3 Verklaring van onafhankelijkheid voor de kritische functie: “veldwerk t.b.v. milieuhygiënisch bodemonderzoek” “milieukundige begeleiding van bodemsanering (processturing / verificatie)” Hierbij verklaren de navolgend genoemde veldwerkers / milieukundig begeleiders het veldwerk / de processturing en/of de verificatie t.a.v.

onderhavig onderzoek conform de eisen van de BRL SIKB 2000 / BRL SIKB 6000 te hebben uitgevoerd, onafhank elijk van de opdrachtgever en/of eigenaar (zijnde degene die een persoonlijk of zakelijk recht heeft op de bodem / locatie). Naam geregistreerde veldwerker(s)/MKB’ers Handteken ing geregistreerde veldwerker(s)/MKB’ers M.J.A. van Wuykhuyse ..…………………………………………. …………………………………… ……………………………………………. Datum: 07-10-2016

"Ruimtelijke onderbouwing Rondebroek 1, Kuinre" 43 Bijlage 2 Quickscan Flora en Fauna "Ruimtelijke onderbouwing Rondebroek 1, Kuinre" 44 1-4 Fig. 1. Bedrijfsterrein Rondebroek 1 met voorgenomen wijzigingen. Bron: Verhoeve-advies 1. Inleiding Aan de Rondebroek 1 te Kuinre (gem. Steenwijkerland) is een agrarisch bedrijf gevestigd met verschillende stallen. Aan de oostzijde van de weg staat een pluimveestal. De wens is om de capaciteit van deze stal te vergroten door he m in oostelijke richting met vijftig meter te verlengen. De uitbreiding is gepland in de aangrenzende akker. In figuur 1 is de verlenging in rood aangegeven. Het plangebied is gelegen in een overwegend agrarisch gebied met een groot aandeel grasland en een open landschap. Naast grasland komen regelmatig maïspercelen voor. Opgaande begroeiing is beperkt tot erf- e n l a a n b e p l a n t i n g . H e t w a t e r s t e l s e l i s typerend voor een laaggelegen polder met betrekkelijk veel watergangen van verschillende dimensies.

H e t p l a n g e b i e d w o r d t g e v o r m d d o o r e e n s l e u f s i l o e n e e n Ruimte voor Advies Adres: Andringastrjitte 27 8495 JZ Aldeboarn Contact: tel 06-40559568 web www.ruimtevooradvies.nl mail bleijerveld@ruimtevooradvies.nl KvK 09135673 Bank NL 41 RABO 03970.98.693 NOTITIE Betreft Quick scan FF-wet bedrijfsuitbreiding Rondebroek 1 Kuinre Datum 09-01-2017 2e versie Behandeld door Dhr. Marc Bleijerveld Ter attentie van Dhr. W. Hoeve (Hoeve-advies) 2-4 Fig. 2. Locatie van de voorgenomen uitbreiding met sleufsilo en maïsakker. maïsperceel dat omgeven is door graspercelen. Rond de ter verlengen stal is geen opgaande begroeiing aanwezig. De ontwikkeling kan een negatief effect hebben op beschermde natuurwaarden, zoals is vastgelegd in de Flora- e n F a u n a w e t , E u r o p e s e r i c h t l i j n e n ( N a t u r a 2 0 0 0 ) e n d e omgevingsvisie (Nationaal Natuurnetwerk). In dit kader is de locatie door de heer M. Bleijerveld bezocht op 12 september 2016 en beoordeeld op eventuele effecten op natuurbeleid. 2. Resultaten quick scan Gebiedsbeleid Het plangebied is geen onderdeel van beschermde natuurgebieden (Nederlands Natuurnetwerk/Natura 2000/ganzenfoerageergebied e.d.) en ook liggen dergelijke gebieden niet in de directe omgeving. Onderdelen van het NNN en Natura 2000 liggen op minimaal 2,5 kilometer van het plangebied.

Op deze afstand is externe werking uit te sluiten met uitzondering van het aspect stikstof. Dit aspect wordt apart onderzocht. Nationale Databank Flora en Fauna (NDFF) In de databank zi j n geen waarnemingen uit het plangebied bekend. In de omgeving van het plangebied zijn enkele losse waarnemingen gedaan van niet -broedvogels gedaan. De waarnemingen zijn niet relevant in het onderhavige geval. Verder is Otter (tab. 3) waargenomen in de tocht ten z u i d e n v a n h e t p l a n g e b i e d . H e t g a a t o m waarnemingen uit 2013 en 2015. In de watergangen is plaatselijk Bittervoorn (tab. 3) en Kleine modderkruiper (tab. 2) gevangen. Flora De uitbreiding heeft betrekking op een sleufsilo en een regulier akkerperceel (f ig. 2) met een rand ruigte. Tijdens het veldbezoek stond er maïs op de akker en was er geen andere vegetatie aanwezig. In de ruige rand stonden kenmerkende stikstofminnende soorten als Melganzenvoet, Hanenpoot en Grote brandnetel. In de sleufsilo en rond de stal groeiden allerlei algemene kruiden van voedselrijke grond, met name grassen. Uitgaande van het reguliere, agrarische gebruik zijn bedreigde en beschermde plantensoorten uit te sluiten. Er zijn geen bedreigde of beschermde soorten aangetroffen en het voorkomen van strikter beschermde soorten is op de bewuste locatie uitgesloten. 3-4 Fig. 3. Te verlengen achtergevel van de pluimveestal.

Zoogdieren Op en rond het akkerperceel zijn alleen algemene soorten van tabel 1 van de FF-wet te verwachten, zoals Woelrat, Veldmuis en Huisspitsmuis. Het is uitges loten dat het plangebied van belang is voor strikter beschermde soorten van tabel 2 en 3. Vleermuizen Ten behoeve van de verlenging wordt de achtergevel van de stal verwijderd (fig. 3). De gevel bestaat uit sandwichplaten van beton met steenstrips en uit s t a l e n profielplaten. Een luchtspouw is niet aanwezig. Het dak bestaat uit golfplaten met een goot ervoor en afgedichte openingen. Aan de gevel is een grote ventilatie -eenheid bevestigd die continue lucht uitblaast. Op basis van de constructiewijze wordt de potentie van de schuur als verblijfplaats voor vleermuizen nihil geacht. Het plangebied heeft betrekking op een open akkerperceel zonder opgaande begroeiing in de directe omgeving. Op grond hiervan is een belang van de locatie als foerageergebied voor vleermuizen uit te sluiten. Vogels Het veldbezoek vond na het broedseizoen plaats. Afhankelijk van het gewas moet rekening worden gehouden met broedvogels als Kievit, Gele kwikstaart en dergelijke. Vermoedelijk is de schuur weinig geschikt voor bro edvogels, maar soorten als Spreeuw zijn lastig uit te sluiten. Het terrein en de stal zijn ongeschikt voor broedvogels met een vaste nestplaats.

Amfibieën & reptielen Het plangebied en de omgeving zijn marginaal geschikt voor amfibieën. Alleen de algemene soorten van tabel 1 van de FF-wet zijn te verwachten, zoals Bastaardkikker en Bruine kikker. De soorten zijn te verwachten in de slootjes en op besloten plaatsen. In de huidige staat is het plangebied ongeschikt als leefgebied voor amfibieën. In de omgeving komen populaties van Ringslang voor (Kuinderbos & Weerribben), maar het plangebied is ongeschikt als leefgebied voor reptielen in het algemeen.

4-4 Vissen Het plan is niet van invloed op vissen in het algemeen. Ongewervelden Het is uitgesloten dat in het plangebied en in de omgeving daarvan beschermde soorten ongewervelden voorkomen. Hiervoor ontbreken geschikte habitats. 3. Conclusies In het plangebied moet rekening worden gehouden met de aanwezigheid van broedvogels zonder vaste nestplaats. Van broedvogels z o n d e r v a s t e n e s t p l a a t s z i j n de broedsels beschermd en niet de nesten zelf. Voor het verstoren of vernielen van broedsels is geen ontheffing mogelijk. De werkzaamheden dienen daarom buiten het broedseizoen plaats te vinden of buiten het broedseizoen te starten (bouwrijp maken e.d). De piek van het broedseizoen ligt in de periode van 15 maart tot 15 juli. Vroegere en eerdere broedgevallen komen veel voor. Het is daarom aan te raden om de werkzaamheden uit te voeren tussen 15 september en 1 maart. De werkzaa mheden kunnen in het broedseizoen worden uitgevoerd wanneer een inspectie uitwijst dat er geen broedsels aanwezig zijn. Het project is niet van invloed op strikter beschermde soorten uit andere soortgroepen. Er is geen ontheffing of vergunning in het kader van natuurbeleid noodzakelijk. "Ruimtelijke onderbouwing Rondebroek 1, Kuinre" 45 Bijlage 3 Berekening ISL3a t.a.v.

luchtkwaliteit "Ruimtelijke onderbouwing Rondebroek 1, Kuinre" 46 (c) DNV GLGegenereerd met ISL3a Versie 2016-1 , Rekenhart Release 6 juli 2016 Naam van deze berekening: 5-10 groenestege vg2009 Gebiedsgegevens Berekend op: 12:35:09 RD X coordinaat: 185 600 111000 RD Y coordinaat: 533 500 Breedte Y:1000 11 Project: Groenestege - Rondebroek 1 Wm2009 Uitvoer directory: Y:\ISL3a V2016\output Rekenjaar:2016 Toets afstand:Soort Berekening: Contour n.v.t. n.v.t.Onderlinge afstand: Berekende ruwheid: 0.14 Eigen ruwheid: 0.00Eigen ruwheid PM10Type Berekening: Aantal Gridpunten Y: Aantal Gridpunten X:Lengte X: 2016/10/05 Te beschermen object Naam: RD X Coord. [m] RD Y Coord.

[m] Concentratie [microgram/m3] [dagen] Overschrijding Rondebroek 2 186 280 533 960 19.81 7.9 Rondebroek 3 186 228 534 151 17.79 6.3 Rondebroek 4 186 167 534 227 17.63 6.2 Vijverpark 92 186 048 533 355 18.51 6.5 Vijverpark 87 185 989 533 406 17.48 6.3 Vijverpark 63 185 896 533 474 17.51 6.3 Vijverpark 43 185 823 533 487 17.49 6.3 Pampus 19 185 710 533 497 17.45 6.3 Nieuwstad 8 185 649 533 560 17.45 6.3 Bouwdijk 2 185 656 533 938 17.42 6.3 Bouwdijk 5 185 643 533 620 17.45 6.3 Bouwdijk 19 185 639 533 734 17.44 6.2 Bouwdijk 21 185 643 533 766 17.44 6.2 Lindedijk 1a 185 754 534 419 17.46 6.1 Brongegevens RD X Coord.: Stal C 38 jongvee 186 258 Naam : RD Y Coord.: Emissie:533 780 AB 0.00005 Type: diameter van emissiepunt: hoogte van emissiepunt: verticale uittreesnelheid: 0.40 X-coord. zwaartepunt van gebouw: 186 258 temperatuur van emisstroom: 0.50 Y-coord. zwaartepunt van gebouw: 533 780285.00 hoogte van gebouw: 3.4 4.20 7.50 lengte van gebouw: 29.90 breedte van gebouw: orientatie van gebouw: 90.00 RD X Coord.: Stal D 30 jongvee 186 276 Naam : RD Y Coord.: Emissie:533 796 AB 0.00004 Type: diameter van emissiepunt: hoogte van emissiepunt: verticale uittreesnelheid: 0.40 X-coord. zwaartepunt van gebouw: 186 276 temperatuur van emisstroom: 0.50 Y-coord.

zwaartepunt van gebouw: 533 796285.00 hoogte van gebouw: 3.4 4.20 6.00 lengte van gebouw: 13.00 breedte van gebouw: orientatie van gebouw: 180.00 RD X Coord.: Stal E 64 melkvee 38 jongvee 186 261 Naam : RD Y Coord.: Emissie:533 844 AB 0.00029 Type: diameter van emissiepunt: hoogte van emissiepunt: verticale uittreesnelheid: 0.40 X-coord. zwaartepunt van gebouw: 186 261 temperatuur van emisstroom: 0.50 Y-coord. zwaartepunt van gebouw: 533 844285.00 hoogte van gebouw: 4.3 6.10 Date: 5-10-2016 Time: 12:36:21 Page 1 (c) DNV GLGegenereerd met ISL3a Versie 2016-1 , Rekenhart Release 6 juli 2016 25.50 lengte van gebouw: 36.30 breedte van gebouw: orientatie van gebouw: 90.00 RD X Coord.: Stal G 166 melkvee 27 jongvee 186 340 Naam : RD Y Coord.: Emissie:533 882 AB 0.00065 Type: diameter van emissiepunt: hoogte van emissiepunt: verticale uittreesnelheid: 0.40 X-coord. zwaartepunt van gebouw: 186 340 temperatuur van emisstroom: 0.50 Y-coord. zwaartepunt van gebouw: 522 882285.00 hoogte van gebouw: 5.9 8.20 25.80 lengte van gebouw: 72.40 breedte van gebouw: orientatie van gebouw: 28.00 RD X Coord.: Stal A 4.370 kalkoenen 186 222 Naam : RD Y Coord.: Emissie:533 690 AB 0.01192 Type: diameter van emissiepunt: hoogte van emissiepunt: verticale uittreesnelheid: 0.40 X-coord. zwaartepunt van gebouw: 186 222 temperatuur van emisstroom: 0.50 Y-coord.

zwaartepunt van gebouw: 533 690285.00 hoogte van gebouw: 5.1 8.10 25.70 lengte van gebouw: 40.80 breedte van gebouw: orientatie van gebouw: 180.00 RD X Coord.: Stal B 7.100 kalkoenen 186 244 Naam : RD Y Coord.: Emissie:533 760 AB 0.01936 Type: diameter van emissiepunt: hoogte van emissiepunt: verticale uittreesnelheid: 0.40 X-coord. zwaartepunt van gebouw: 186 244 temperatuur van emisstroom: 0.50 Y-coord. zwaartepunt van gebouw: 533 760285.00 hoogte van gebouw: 4.3 6.10 16.40 lengte van gebouw: 101.30 breedte van gebouw: orientatie van gebouw: 90.00 RD X Coord.: Stal F 59.900 vleeskuikens 186 421 Naam : RD Y Coord.: Emissie:533 894 AB 0.04179 Type: diameter van emissiepunt: hoogte van emissiepunt: verticale uittreesnelheid: 0.40 X-coord. zwaartepunt van gebouw: 186 371 temperatuur van emisstroom: 5.60 Y-coord. zwaartepunt van gebouw: 533 862285.00 hoogte van gebouw: 5.0 1.50 25.40 lengte van gebouw: 121.40 breedte van gebouw: orientatie van gebouw: 28.00 Date: 5-10-2016 Time: 12:36:21 Page 2 (c) DNV GLGegenereerd met ISL3a Versie 2016-1 , Rekenhart Release 6 juli 2016 Date: 5-10-2016 Time: 12:36:21 Page 3

"Ruimtelijke onderbouwing Rondebroek 1, Kuinre" 47 Bijlage 4 Watertoets "Ruimtelijke onderbouwing Rondebroek 1, Kuinre" 48

"Ruimtelijke onderbouwing Rondebroek 1, Kuinre" 49 Bijlage 5 Watertoetsdocument "Ruimtelijke onderbouwing Rondebroek 1, Kuinre" 50 Groenestege te Kuinre Pagina 1 van 6 Watertoetsdocument Plannaam: T.E.A. Groenestege Plaatsnaam: Kuinre Gemeente: Steenwijkerland Doel en inhoud van het document Het watertoetsdocument is opgesteld op basis van het door u op 7 oktober 2016 ingediende digitale watertoets formulier. Daarnaast zijn de gegevens in dit document gebaseerd op geografische kaarten en gebiedsgegevens van het waterschap. Kijk voor meer informatie over de werkwijze omtrent de watertoets op de website van het waterschap. De uitgangspunten die door waterschap Drents Overijsselse Delta worden gehanteerd in het watertoetsproces, zijn afkomstig uit het Waterbeheerplan 2016-2021 en beleidsnotitie stedelijk waterbeheer Water Raakt!. Het doel van het watertoetsdocument is om u bruikbare informatie aan te leveren op basis waarvan de waterhuishouding in en rond het plangebied kan worden geregeld. Met dit document krijgt u inzicht in: 1. De bestaande waterhuishouding van het plangebied; 2. Concrete uitgangspunten voor het plan op basis waarvan u waterhuishouding kunt regelen; en 3. Het vervolg van de watertoets en de uiteindelijke beoordeling van het waterschap in het kader van de watertoets.

In het document van de digitale watertoets is aangegeven dat de ontwikkeling het volgende betreft: “Verlengen pluimveestal (met 56,20 x 25.40 + 1.427,5 m2)”. 1. Bestaande waterhuishouding Het plan ligt in het stroomgebied van de Boezem Noord West Overijssel. Rond het plangebied liggen watergangen en schouwsloten van het waterschap. Het peilgebied heeft een maximumpeil van NAP - 1.42 m. Opgemerkt wordt dat dit peil de instelhoogte van het kunstwerk is en zodoende voor het laagste deel van het peilvak de drooglegging garandeert. Lokaal kunnen dus (grote) verschillen optreden. De hoogte van het maaiveld ligt gemiddeld op ongeveer NAP -0.95 m. De bodem (deklaag) bestaat voornamelijk uit zeeklei. De maximale grondwaterstand ligt op minder dan 25 cm onder het maaiveld. Er kunnen, door de aanwezigheid van slecht doorlatende lagen, schijngrondwaterstanden tot dicht onder het maaiveld voorkomen.

Groenestege te Kuinre Pagina 2 van 6 Kaartbeeld bestaande waterhuishouding rond het plangebied T.E.A. Groenestege te Kuinre. Groenestege te Kuinre Pagina 3 van 6 2. Uitgangspunten voor het plan Het waterschap geeft u concrete uitgangspunten die in het plan moeten worden verwerkt. U krijgt de vrijheid om de uitgangspunten zelf te vertalen in maatregelen. Eventueel kan over maatregelen advies worden gevraagd aan het waterschap. Dat geldt ook voor onduidelijke uitgangspunten of uitgangspunten waar u het niet mee eens bent. Bij elk thema wordt ook verwezen naar relevante hoofdstukken uit het Waterbeheerplan 2016-2021 (WBP) van het waterschap Drents Overijsselse Delta en uit beleidsnotitie Water Raakt! (WR!). Doelstelling en uitgangspunten per thema voor plannen op inrichtingsniveau Veiligheid WBP hoofdstukken: 3, 10.3 WR! hoofdstukken: 3, 4 Doelstelling Waarborgen veiligheidsniveau. Uitgangspunt  Duurzame ruimtelijke inrichting: De kapitaalintensieve functies in het plan lopen een verhoogd risico op overstromingsgevaar als gevolg van inundatie van het maaiveld vanuit het oppervlaktewater. Nieuwe bebouwing wordt ten minste aangelegd op 30 cm boven het straatpeil. Dit bouwpeil is bepaald op basis van hoogtekaarten in het geografische informatiesysteem.

(Grond) wateroverlast WBP hoofdstukken: 3, 4 WR! hoofdstukken: 2, 3, 4, 7 Doelstelling Vergroten veerkracht van watersysteem door niet afwentelen van problemen met water. Ontwerpen op basis van: 1 vasthouden – 2 bergen – 3 afvoeren. Uitgangspunt  Compensatie: Door de toename van het verharde oppervlak wordt het regenwater versneld afgevoerd. Er mag echter niet meer dan 1,2 L/s/ha uit het stedelijke gebied worden afgevoerd. Het watersysteem dient te worden vertraagd door het vasthouden (infiltreren) of bergen van water binnen het plangebied. Het watersysteem wordt ontworpen rekening houdend met een hoeveelheid neerslag op basis van de regenduurlijn (Buishand en Velds) t = 1/10 jaar; inclusief 10% toename in verband met klimaatverandering (middenscenario WB21). Het waterpeil mag in de ontwerpsituatie maximaal 30 cm fluctueren. Het ontworpen watersysteem wordt getoetst aan de extreme situatie met een hoeveelheid neerslag op basis van de regenduurlijn (Buishand en Velds) t = 1/100 jaar; inclusief 10% toename in verband met klimaatverandering (middenscenario WB21).  Compensatie: Voor middelgrote plannen geldt als regel dat 10% van het verharde oppervlak wordt ingezet als wateroppervlak ter compensatie voor de versnelde afvoer van het afstromende regenwater. In het plan wordt een verhard oppervlak van circa 1500 m2 gerealiseerd.

Dit houdt in dat een waterbergend oppervlak van circa 150 m2 moet worden aangelegd.  Aanleghoogte bebouwing: Om wateroverlast en grondwateroverlast rond de bebouwing te voorkomen adviseert het waterschap om de bebouwing op voldoende hoogte aan te leggen. Het waterschap adviseert een aanleghoogte van ten minste 30 cm boven straatpeil.   Grondwateroverlast bij bebouwing: In gebieden met een slechte bodemgesteldheid (keileem, klei, veen) of met een te hoge grondwaterstand dicht onder het maaiveld kan grondwateroverlast optreden. Dit wordt voorkomen door de volgende voorkeursvolgorde toe te passen: (1) kruipruimteloos bouwen, (2) ophogen van het plangebied of (3) toepassen van drainage in openbaar gebied en particulier terrein.  Grondgebruik: In het beekdal is het peilbeheer op graslanden gericht. Het peilbeheer in graslanden is gericht op hogere grondwaterstanden. Daarnaast kan in extreme neerslagsituaties groter dan 1/10 jaar wateroverlast optreden. Waterkwaliteit en ecologie WBP hoofdstukken: 5, 6.1, 6.2 WR! hoofdstukken: 5, 6 Groenestege te Kuinre Pagina 4 van 6 Doelstelling Uitgangspunt  Eutrofiëring (vermesting): de inrichting van het watersysteem moet dusdanig zijn dat een overmatige toevoer van stikstof en/of fosfaat naar het ecosysteem wordt voorkomen. Bij de inrichting van het agrarische terrein wordt rekening gehouden met het ‘activiteitenbesluit’.

Er wordt gezorgd voor bemestings- en spuitvrije zones langs watergangen.  Microverontreiniging: Er worden geen materialen gebruikt die een verontreiniging van het oppervlaktewater met zich meebrengen. Metalen, zoals lood, koper of zink worden niet gebruikt. Gebruik van bestrijdingsmiddelen wordt tegengegaan.  Afkoppelen: Regenwater mag worden geloosd op oppervlaktewater in het stedelijke gebied. Minder schoon regenwater wordt via een zuiverende passage/voorziening geloosd op het oppervlaktewater.  Inrichting: Door het toepassen van meerdere oevermodellen op verschillende plekken (zoals plasdrasberm, ruige oever, rietoever, kademuur, etc.) worden karakteristieke wateren ontwikkeld die uitstekend passen binnen het lokale sfeerbeeld.  Inrichting: De diepte van hoofdwatergangen is minimaal 1 m. Overige watergangen hebben een diepte van minimaal 0,5 m. Voor hoofdwatergangen met de functie viswater is het streven dat minimaal 20% van wateroppervlak 1 m diep is, met lokale verdiepingen van 1,50 tot 2 m (ten opzichte van zomerpeil). Riolering WBP hoofdstuk: 6 WR! hoofdstukken: 5, 6 Doelstelling Verminderen hydraulische belasting RWZI. Beperking van (vuilwater) overstorten. Uitgangspunt  Gescheiden afvoer: Er wordt in het plan rekening gehouden met gescheiden waterstromen.

Het regenwater wordt niet afgevoerd naar de rioolwaterzuiveringsinstallatie, maar binnen het plangebied verwerkt. Bij het gescheiden afvoeren van regenwater wordt rekening gehouden met de drempelhoogte in relatie tot de fluctuatie van het ontvangende water.  Kwaliteit hemelwater: Alleen schone oppervlaktes mogen worden gescheiden van de afvalwaterstroom. Er wordt een zuiverende passage/voorziening aangebracht voordat vervuild hemelwater (zoals afstromend van een parkeerterrein) wordt geloosd op het oppervlaktewater. Watervoorziening WBP hoofdstuk: 4 Doelstelling Voorzien van de bestaande functie van water, van de juiste kwaliteit en de juiste hoeveelheid, op het juiste moment. Beperken nadelige effecten van veranderingen in ruimtegebruik op de behoefte aan water. Uitgangspunt  Relatie oppervlaktewater en grondwater: Geen onnodig diepe drooglegging en ontwatering. In nieuw te ontwikkelen gebied worden de waterstanden binnen het in te richten gebied tijdens of na het bouwrijp maken niet structureel verlaagd. Voor tijdelijke of structurele grondwateronttrekking is op grond van de Waterwet een melding of vergunning van het waterschap nodig.  Flexibel peilbeheer: Een flexibel peil wordt toegepast en afgestemd op relatie oppervlaktewater en grondwater en op aanwezigheid van regenwateruitlaten en/of riooloverstorten.

 Inrichting: Gebiedseigen water wordt vastgehouden en aanvoer van gebiedsvreemd water wordt zoveel mogelijk beperkt. Geïsoleerde vijverpartijen of watergangen wordt vermeden. Volksgezondheid WBP hoofdstukken: 5, 6.1, 6.2, 8 WR! hoofdstukken: 2, 4, 7 Doelstelling Minimaliseren van risico watergerelateerde ziekten en plagen. Reduceren verdrinkingsrisico’s. Uitgangspunt  Doorspoelen van water: Voorkom stilstaand en eutroof (voedselrijk) water door te zorgen voor voldoende doorspoelmogelijkheden. Groenestege te Kuinre Pagina 5 van 6 Bodemdaling WBP hoofdstuk: 4 Doelstelling Tegengaan verdere bodemdaling en vermindering functiegeschiktheid. Uitgangspunt  Hoge grondwaterstanden: In zettinggevoelige gebieden wordt rekening gehouden met de bodemgesteldheid en de relatief hoge grondwaterstanden. Bestaand grondwaterpeil wordt gehandhaafd en de bouwwijze wordt hierop aangepast. Verdroging/Vernatting WBP hoofdstuk: 4 WR! hoofdstuk: 4 Doelstelling Beschermen karakteristieke grondwaterafhankelijke ecologische waarden. Ontwikkeling/bescherming van rijke, gevarieerde en natuurlijk karakteristieke aquatische natuur. Uitgangspunt  Verdroging van natuur: Verdroging als gevolg van functiewijziging wordt tegengegaan. Optimaal peil voor omliggende functies blijft gehandhaafd.

Beheer en onderhoud WBP hoofdstukken: 2.6, 8, 10.1 WR! hoofdstukken: 2, 7 Doelstelling Functiegericht beheer tegen de laagst mogelijke kosten. Uitgangspunt  Wijze van onderhoud: Er wordt rekening gehouden met de wijze van onderhoud (varend of vanaf de kant) en de daarbij geldende voorwaarden. Voor werkzaamheden binnen de aangegeven zones van het waterschap is een vergunning op grond van de Waterwet noodzakelijk.  Onderhoud vanaf de kant: Bij onderhoud vanaf de kant geldt een obstakelvrije zone van 5 m vanaf de boveninsteek van de watergang.  Varend onderhoud: Varend onderhoud is mogelijk bij een doorvaarbare watergang met een minimale totale oeverlengte van 300 m of een totale oppervlakte van 1.500 m2. Er wordt rekening gehouden met een minimale doorvaarhoogte van 1,20 m ten opzichte van het regulier maximale waterpeil. De doorvaarbreedte is minimaal 2,50 m. Voor varend onderhoud geldt tevens een minimale diepte van 1 m met een aanleg- en onderhoudsdiepte van 1,30 m. Elk onderhoudswater heeft een goed bereikbare inlaadplaats voor de boot en minimaal 1 losplaats ten behoeve van het schouwvuil per 100 m oeverlengte.  Eigendom van water: alle wateren die een functie hebben in de waterhuishouding (afvoer, aanvoer of berging) liggen in openbaar gebied. Onder bepaalde voorwaarden neemt het waterschap het beheer en onderhoud van deze wateren over na realisatie in de bouwrijpfase.

Communicatie WBP: 2, 10.5 Doelstelling Noodzaak van waterbeheer duidelijk maken aan betrokkenen. Uitgangspunt  Particulieren: de gemeente communiceert over afkoppelen en de hieraan verbonden beperkingen voor particulieren. Met betrekking tot de inrichting van vijvers moet aandacht worden besteed aan exoten/plaagplanten. Zorg dat duidelijk is of het stedelijk water wel of niet bevaarbaar is en geef aan wat de functie van het water is (opvang van regenwater, bergingsvijver, doorvoerwater regionaal watersysteem, etc.).  Gemeente: vanuit de één-loket-gedachte als gemeente en waterschap, gezamenlijk naar buiten toe optreden in zowel communicatie met initiatiefnemers als in projecten, met behulp van bijvoorbeeld project- en informatieborden. Groenestege te Kuinre Pagina 6 van 6 3. Vervolg watertoets en beoordeling Informeel overleg over de uitgangspunten Met dit document heeft u handvatten om de waterhuishouding op orde te brengen. Indien u het niet eens bent met de genoemde uitgangspunten of behoefte heeft aan nadere uitleg van de uitgangspunten, kunt u hierover overleg voeren met het waterschap. Het is de bedoeling dat u op basis van dit document het plan uitwerkt. Beoordeling en officieel wateradvies Vervolgens wordt het plan ter beoordeling naar het waterschap gestuurd.

In de meeste gevallen geeft het waterschap haar wateradvies in het vooroverleg zoals dat bedoeld is in artikel 3.1.1. van het Besluit ruimtelijke ordening. Het waterschap kan alleen een officieel wateradvies afgeven op basis van een compleet plan. Dat wil zeggen dat wij een bestemmingsplan beoordelen op basis van de toelichting, de voorschriften en de plankaart. Alleen de waterparagraaf geeft ons onvoldoende informatie. Controle op het watertoetsproces Het waterschap controleert of het officiële wateradvies is opgenomen in het plan. Afhankelijk van het moment waarop ons wateradvies is gegeven, gebeurt dat op basis van het voorontwerp of het ontwerp bestemmingsplan. Eventueel vraagt het waterschap bij de gemeente naar het definitieve besluit op het bestemmingsplan. Geldigheid van het watertoetsdocument De uitgangspunten in dit watertoetsdocument komen tot stand op basis van beleidsregels. Ruimtelijke plannen hebben soms een lange doorlooptijd. Tegelijkertijd ontstaan er soms veranderende inzichten in het beleid ten aanzien van de waterketen en het watersysteem. Verder is het watersysteem aan verandering onderhevig. Om te garanderen dat de juiste uitgangspunten worden toegepast in de planvorming hanteert het waterschap een uiterste houdbaarheidsdatum van maximaal 1 jaar. Onderaan het document vindt u deze termijn.

Wanneer deze termijn verstreken is kunt u contact opnemen met het waterschap voor eventueel een verlenging van nogmaals 1 jaar. Heeft u een watervergunning nodig op grond van de Waterwet? Het wateradvies dat uiteindelijk wordt afgegeven in het kader van de watertoets is geen watervergunning. Gaat u werkzaamheden verrichten in de verbodszone, of gaat u grondwater onttrekken voor de werkzaamheden? Dan kunt u een watervergunning aanvragen op d e website: www.omgevingsloket.nl. De aanvraag zal getoetst worden aan het dan vastgestelde beleid. Dat kan het huidige beleid zijn of, afhankelijk van de tussenliggende periode, gewijzigd beleid. In de uitgangspunten (paragraaf 2) is aangegeven waar mogelijk een watervergunning voor moet worden aangevraagd. © Waterschap Drents Overijsselse Delta Dit document is opgesteld door K.T. Timmerman 11 oktober 2016. De geleverde informatie in dit watertoetsdocument is houdbaar tot maximaal 1 jaar na bovengenoemde datum en heeft alleen betrekking op het plan, zoals dat wordt genoemd bovenaan de eerste pagina. De informatie kan niet worden gebruikt ten behoeve van andere plannen. "Ruimtelijke onderbouwing Rondebroek 1, Kuinre" 51 Bijlage 6 Beplantingsplan "Ruimtelijke onderbouwing Rondebroek 1, Kuinre" 52 1-4 Fig. 1. Bedrijfsterrein Rondebroek 1 met voorgenomen wijzigingen. Bron: Verhoeve-advies 1. Inleiding Aan de Rondebroek 1 te Kuinre (gem.

Steenwijkerland) is een agrarisch bedrijf gevestigd met verschillende stallen. Aan de oostzijde van de weg staat een pluimveestal. De wens is om de capaciteit van deze stal te vergroten door he m in oostelijke richting met vijftig meter te verlengen. De uitbreiding is gepland in de aangrenzende akker. In figuur 1 is de verlenging in rood aangegeven. Het plangebied is gelegen in een overwegend agrarisch gebied met een groot aandeel grasland en een open landschap. Naast grasland komen regelmatig maïspercelen voor. Opgaande begroeiing is beperkt tot erf- e n l a a n b e p l a n t i n g . H e t w a t e r s t e l s e l i s typerend voor een laaggelegen polder met betrekkelijk veel watergangen van verschillende dimensies. H e t p l a n g e b i e d w o r d t g e v o r m d d o o r e e n s l e u f s i l o e n e e n Ruimte voor Advies Adres: Andringastrjitte 27 8495 JZ Aldeboarn Contact: tel 06-40559568 web www.ruimtevooradvies.nl mail bleijerveld@ruimtevooradvies.nl KvK 09135673 Bank NL 41 RABO 03970.98.693 NOTITIE Betreft Quick scan FF-wet bedrijfsuitbreiding Rondebroek 1 Kuinre Datum 09-01-2017 2e versie Behandeld door Dhr. Marc Bleijerveld Ter attentie van Dhr. W. Hoeve (Hoeve-advies) 2-4 Fig. 2. Locatie van de voorgenomen uitbreiding met sleufsilo en maïsakker. maïsperceel dat omgeven is door graspercelen. Rond de ter verlengen stal is geen opgaande begroeiing aanwezig.

De ontwikkeling kan een negatief effect hebben op beschermde natuurwaarden, zoals is vastgelegd in de Flora- e n F a u n a w e t , E u r o p e s e r i c h t l i j n e n ( N a t u r a 2 0 0 0 ) e n d e omgevingsvisie (Nationaal Natuurnetwerk). In dit kader is de locatie door de heer M. Bleijerveld bezocht op 12 september 2016 en beoordeeld op eventuele effecten op natuurbeleid. 2. Resultaten quick scan Gebiedsbeleid Het plangebied is geen onderdeel van beschermde natuurgebieden (Nederlands Natuurnetwerk/Natura 2000/ganzenfoerageergebied e.d.) en ook liggen dergelijke gebieden niet in de directe omgeving. Onderdelen van het NNN en Natura 2000 liggen op minimaal 2,5 kilometer van het plangebied. Op deze afstand is externe werking uit te sluiten met uitzondering van het aspect stikstof. Dit aspect wordt apart onderzocht. Nationale Databank Flora en Fauna (NDFF) In de databank zi j n geen waarnemingen uit het plangebied bekend. In de omgeving van het plangebied zijn enkele losse waarnemingen gedaan van niet -broedvogels gedaan. De waarnemingen zijn niet relevant in het onderhavige geval. Verder is Otter (tab. 3) waargenomen in de tocht ten z u i d e n v a n h e t p l a n g e b i e d . H e t g a a t o m waarnemingen uit 2013 en 2015. In de watergangen is plaatselijk Bittervoorn (tab. 3) en Kleine modderkruiper (tab. 2) gevangen.

Flora De uitbreiding heeft betrekking op een sleufsilo en een regulier akkerperceel (f ig. 2) met een rand ruigte. Tijdens het veldbezoek stond er maïs op de akker en was er geen andere vegetatie aanwezig. In de ruige rand stonden kenmerkende stikstofminnende soorten als Melganzenvoet, Hanenpoot en Grote brandnetel. In de sleufsilo en rond de stal groeiden allerlei algemene kruiden van voedselrijke grond, met name grassen. Uitgaande van het reguliere, agrarische gebruik zijn bedreigde en beschermde plantensoorten uit te sluiten. Er zijn geen bedreigde of beschermde soorten aangetroffen en het voorkomen van strikter beschermde soorten is op de bewuste locatie uitgesloten. 3-4 Fig. 3. Te verlengen achtergevel van de pluimveestal. Zoogdieren Op en rond het akkerperceel zijn alleen algemene soorten van tabel 1 van de FF-wet te verwachten, zoals Woelrat, Veldmuis en Huisspitsmuis. Het is uitges loten dat het plangebied van belang is voor strikter beschermde soorten van tabel 2 en 3. Vleermuizen Ten behoeve van de verlenging wordt de achtergevel van de stal verwijderd (fig. 3). De gevel bestaat uit sandwichplaten van beton met steenstrips en uit s t a l e n profielplaten. Een luchtspouw is niet aanwezig. Het dak bestaat uit golfplaten met een goot ervoor en afgedichte openingen. Aan de gevel is een grote ventilatie -eenheid bevestigd die continue lucht uitblaast.

Op basis van de constructiewijze wordt de potentie van de schuur als verblijfplaats voor vleermuizen nihil geacht. Het plangebied heeft betrekking op een open akkerperceel zonder opgaande begroeiing in de directe omgeving. Op grond hiervan is een belang van de locatie als foerageergebied voor vleermuizen uit te sluiten. Vogels Het veldbezoek vond na het broedseizoen plaats. Afhankelijk van het gewas moet rekening worden gehouden met broedvogels als Kievit, Gele kwikstaart en dergelijke. Vermoedelijk is de schuur weinig geschikt voor bro edvogels, maar soorten als Spreeuw zijn lastig uit te sluiten. Het terrein en de stal zijn ongeschikt voor broedvogels met een vaste nestplaats. Amfibieën & reptielen Het plangebied en de omgeving zijn marginaal geschikt voor amfibieën. Alleen de algemene soorten van tabel 1 van de FF-wet zijn te verwachten, zoals Bastaardkikker en Bruine kikker. De soorten zijn te verwachten in de slootjes en op besloten plaatsen. In de huidige staat is het plangebied ongeschikt als leefgebied voor amfibieën. In de omgeving komen populaties van Ringslang voor (Kuinderbos & Weerribben), maar het plangebied is ongeschikt als leefgebied voor reptielen in het algemeen.

4-4 Vissen Het plan is niet van invloed op vissen in het algemeen. Ongewervelden Het is uitgesloten dat in het plangebied en in de omgeving daarvan beschermde soorten ongewervelden voorkomen. Hiervoor ontbreken geschikte habitats. 3. Conclusies In het plangebied moet rekening worden gehouden met de aanwezigheid van broedvogels zonder vaste nestplaats. Van broedvogels z o n d e r v a s t e n e s t p l a a t s z i j n de broedsels beschermd en niet de nesten zelf. Voor het verstoren of vernielen van broedsels is geen ontheffing mogelijk. De werkzaamheden dienen daarom buiten het broedseizoen plaats te vinden of buiten het broedseizoen te starten (bouwrijp maken e.d). De piek van het broedseizoen ligt in de periode van 15 maart tot 15 juli. Vroegere en eerdere broedgevallen komen veel voor. Het is daarom aan te raden om de werkzaamheden uit te voeren tussen 15 september en 1 maart. De werkzaa mheden kunnen in het broedseizoen worden uitgevoerd wanneer een inspectie uitwijst dat er geen broedsels aanwezig zijn. Het project is niet van invloed op strikter beschermde soorten uit andere soortgroepen. Er is geen ontheffing of vergunning in het kader van natuurbeleid noodzakelijk.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://steenwijkerland.bestuurlijkeinformatie.nl/Document/LoadAgendaItemDocument/70d1d1db-6af0-41c7-a715-a54ccc283e97?agendaItemId=0c5c80fa-f437-4463-891b-d896c4c8d12a