8.4 Nationaal Platform Stralingsrisico - Dagvaarding-in-kort-geding 21 april 2020.pdf
Tekst van het document
DAGVAARDING IN KORT GEDING Vandaag, de tweeduizendtwintig op verzoek van de stichting Stichting Stop5GNL, statutair gevestigd te Amsterdam en kantoorhoudende te 9977 PK Kloosterburen aan de Marneweg 2, die in deze zaak woonplaats kiest op het kantooradres van mr. H.H.T. Beukers en mr. X.P.C. Wynands, kantoorhoudende te 5611 CE Eindhoven aan de Vestdijk 76 (Postbus 2342, 5600 CH Eindhoven), die door eiseres tot advocaten worden gesteld en als zodanig in rechte zullen optreden; krachtens bevel van de voorzieningenrechter van de rechtbank Den Haag verstrekte last, die na overlegging van een ontwerp van deze dagvaarding een dag en uur voor de behandeling in kort geding heeft vastgesteld; In kort geding gedagvaard de publiekrechtelijke rechtspersoon de Staat der Nederlanden (Ministerie van Economische Zaken en Klimaat), zetelend te Den Haag, die in deze zaak uitdrukkelijk woonplaats heeft gekozen ten kantore van mr. S.M.
Kingma (Pels Rijcken & Droogleever Fortuijn NV), kantoorhoudende te 2594 AC 's-Gravenhage aan de Bezuidenhoutseweg 57, op dat adres afschrift van deze dagvaarding (exclusief producties, die later in het geding worden gebracht) achtergelaten aan: Pagina 2/76 Stop5GNL/Staat/TB/7016713 Om op dinsdag, de éénentwintigste april tweeduizendtwintig (21-04-2020), om half elf (10:30 uur) in persoon of vertegenwoordigd door een advocaat te verschijnen op de terechtzitting van de voorzieningenrechter van de rechtbank Den Haag in het gerechtsgebouw aan de Prins Clauslaan 60 te (2595 AJ) Den Haag. Met de aanzegging, dat: • indien een gedaagde niet op de vermelde datum of op een door de voorzieningenrechter nader bepaalde datum in persoon of vertegenwoordigd door een advocaat verschijnt en de voorgeschreven termijnen en formaliteiten in acht zijn genomen, de voorzieningenrechter verstek verleent tegen deze gedaagde en de vorderingen toewijst, tenzij deze vorderingen hem of haar onrechtmatig of ongegrond voorkomen; • indien sprake is van meerdere gedaagden en ten minste één van de gedaagden in het geding verschijnt en de voorgeschreven termijnen en formaliteiten in acht zijn genomen, tussen alle partijen één vonnis zal worden gewezen, dat als vonnis op tegenspraak wordt beschouwd; • bij verschijning van een gedaagde in het geding een griffierecht zal worden geheven, op straffe van
verstekverlening, te voldoen binnen vier weken te rekenen vanaf het tijdstip van verschijning; • indien sprake is van meerdere gedaagden die bij dezelfde advocaat in het geding verschijnen en die gelijke conclusies nemen, slechts eenmaal een gezamenlijk griffierecht wordt geheven; • de hoogte van de griffierechten is vermeld in de meest recente bijlage behorend bij de Wet griffierechten burgerlijke zaken, onder meer te raadplegen via http://www.kbvg.nl/griffierechtentabel; • van een persoon die onvermogend is een bij of krachtens de wet vastgesteld griffierecht voor onvermogenden wordt geheven, indien hij op het tijdstip waarop het griffierecht wordt geheven heeft overgelegd een afschrift van het besluit tot toevoeging, bedoeld in artikel 29 van de Wet op de rechtsbijstand, Pagina 3/76 Stop5GNL/Staat/TB/7016713 of, indien dit niet mogelijk is ten gevolge van omstandigheden die redelijkerwijs niet aan hem zijn toe te rekenen, een afschrift van de aanvraag als bedoeld in artikel 24, tweede lid, van de Wet op de rechtsbijstand, dan wel een verklaring van het bestuur van de Raad voor rechtsbijstand, bedoeld in artikel 7 derde lid, onderdeel e, van de Wet op de rechtsbijstand waaruit blijkt dat het inkomen niet meer bedraagt dan de inkomens bedoeld in de algemene maatregel van bestuur krachtens artikel 35, tweede lid van die wet.
Teneinde te antwoorden op de in deze dagvaarding vervatte eis en de gronden daarvan. Pagina 4/76 Stop5GNL/Staat/TB/7016713 INHOUDSOPGAVE Omschrijving van het geschil ......................................................................................................... 7 Stop5GNL ....................................................................................................................................... 7 Competentie civiele rechter .......................................................................................................... 8 Spoedeisend belang .................................................................................................................... 11 Inleiding op mobiele netwerken, elektromagnetische straling en 5G ........................................ 11 Elektromagnetische velden en straling ................................................................................... 11 Mobiele netwerken in Nederland ........................................................................................... 12 De vijfde generatie mobiele netwerken (5G) .......................................................................... 13 De 'uitrol' van 5G .....................................................................................................................
16 Tests ........................................................................................................................................ 18 De Telecomcode en implementatie ............................................................................................ 18 Implementatie in Nederland ................................................................................................... 19 Motieven, belangen en aandacht voor de volksgezondheid .................................................. 21 Resumé 1 ..................................................................................................................................... 22 Gezondheidsrisico's ..................................................................................................................... 23 Hogere stralingsdichtheid bij 5G ............................................................................................. 23 De visie van de regering op het aspect volksgezondheid ....................................................... 24 Kamervragen ....................................................................................................................... 24 De richtlijnen en studies waarop de regering een beroep doet nader beschouwd ...............
26 ICNIRP .................................................................................................................................. 26 Kennisplatform EMV ........................................................................................................... 31 Programma Elektromagnetische Velden en Gezondheid van ZonMw ............................... 31 Gezondheidsraad ................................................................................................................ 33 Veldsterktemetingen ........................................................................................................... 36 Resumé t.a.v. door de regering ingeroepen richtlijnen en studies ..................................... 37 Vele onafhankelijke wetenschappelijke onderzoeken tonen reële en ernstige gezondheidsrisico's aan........................................................................................................... 38 ECOLOG-instituut (2000) ..................................................................................................... 39 Pagina 5/76 Stop5GNL/Staat/TB/7016713 EU Reflex onderzoek (2004) ................................................................................................ 39 International Agency for Research on Cancer (IARC) (2011) ..............................................
40 BioInitiative rapport (2012) ................................................................................................. 40 Yakymenko e.a. (2015) ........................................................................................................ 41 Ramazinni Institute (2017) .................................................................................................. 42 National Toxicology Program (2018) ................................................................................... 42 5G-appeal ............................................................................................................................ 43 Resumé 2 ..................................................................................................................................... 45 Hoe wordt in andere landen omgegaan met de gezondheidsrisico's van elektromagnetische straling? ....................................................................................................................................... 45 Frankrijk ................................................................................................................................... 46 Zwitserland ..............................................................................................................................
46 Italië ......................................................................................................................................... 47 De positie van verzekeraars ........................................................................................................ 49 Swiss Re ................................................................................................................................... 49 AUVA ....................................................................................................................................... 49 Lloyd's ...................................................................................................................................... 50 Vorderingen en motivering ......................................................................................................... 50 De op de Staat rustende (positieve) zorgplicht ....................................................................... 52 Voorzorgsbeginsel ................................................................................................................... 55 Mededeling van de Europese commissie inzake het voorzorgsbeginsel ............................ 56 De rol van het voorzorgsbeginsel in het (overheids)aansprakelijkheidsrecht ....................
60 De positieve zorgplicht van de Overheid en het voorzorgsbeginsel in de Urgenda-uitspraak63 De vorderingen ........................................................................................................................ 65 Primair ................................................................................................................................. 66 Subsidiair ............................................................................................................................. 67 Meer subsidiair .................................................................................................................... 67 Dwangsom ........................................................................................................................... 67 Uitnodiging tot overleg ........................................................................................................... 68 Standpunt van de Staat ............................................................................................................... 69 Pagina 6/76 Stop5GNL/Staat/TB/7016713 Bewijsaanbod .............................................................................................................................. 71 De eis ...........................................................................................................................................
72 Pagina 7/76 Stop5GNL/Staat/TB/7016713 Omschrijving van het geschil 1. Eiseres ("Stop5GNL") verzet zich tegen de door gedaagde, de Staat, voorgenomen c.q. gefaciliteerde 'uitrol' van de vijfde generatie mobiele netwerken (5G), omdat door of namens de Staat onvoldoende (deugdelijk) wetenschappelijk onderzoek is gedaan naar de (schadelijke) gezondheidseffecten daarvan, terwijl uit (o.a.) vele onafhankelijke wetenschappelijke studies overtuigende aanwijzingen blijken voor ernstige en blijvende gezondheidsschade. Eiseres vordert een verbod tot – vereenvoudigd aangeduid – uitrol van 5G en medewerking daaraan totdat uit onafhankelijk wetenschappelijk onderzoek blijkt dat hiermee geen reële gezondheidsrisico's gepaard gaan. Stop5GNL 2. Stop5GNL komt als stichting (belangenorganisatie) op voor de bescherming van de gezondheid van Nederlandse ingezetenen in zijn algemeenheid en in het bijzonder in verband met (elektromagnetische) velden. Zij tracht dit doel onder meer te bereiken door – in en buiten rechte – op te komen tegen gezondheidsrisico's als gevolg van (elektromagnetische) velden, waaronder 5G. De statuten van Stop5GNL worden overgelegd als productie 1. Artikel 2 van de statuten betreft de doelomschrijving:
Pagina 8/76 Stop5GNL/Staat/TB/7016713 3. Stop5GNL streeft in onderhavige procedure haar statutaire doel na door op te komen tegen de voor de volksgezondheid schadelijke uitrol van 5G in Nederland. Stop5GNL kan derhalve op grond van artikel 3:305a BW de vorderingen instellen. Competentie civiele rechter 4. Stop5GNL komt op tegen een inbreuk door de Staat op verdragen, wetten en hetgeen volgens het ongeschreven recht in het maatschappelijk verkeer betaamt. Stop5GNL legt een onrechtmatige daad aan haar vordering ten grondslag. 5. Indien en voor zover de Staat zou betogen dat Stop5GNL door de burgerlijke rechter in de vordering niet ontvankelijk dient te worden verklaard vanwege de behoorlijke taakverdeling die tussen de bestuursrechter en de burgerlijke rechter bestaat, betoogt Stop5GNL het volgende. 6. Zoals in deze dagvaarding wordt verduidelijkt, wordt voor de uitrol van 5G door de Staat niet één besluit genomen als bedoeld in de Algemene wet bestuursrecht waartegen beroep kan worden ingesteld bij de bestuursrechter. Ook is geen sprake van een principiële keuze als publiekrechtelijke rechtshandeling die via een algemeen verbindend voorschrift wordt geïnitieerd, waartegen dan bij wijze van exceptie in een individueel geval bij de bestuursrechter goed zou kunnen worden opgekomen.1 7.
Het gaat Stop5GNL om het bestrijden van de principiële keuze van de Staat voor de uitrol van 5G (althans haar rol daarin). Die keuze is onrechtmatig, onder meer omdat onvoldoende aandacht is besteed door de Staat aan en onderzoek is gedaan naar de nadelige gezondheidseffecten van een landelijk 5G netwerk. Het is juist dit nadelige aspect dat geen deel uitmaakt van de wettelijke kaders die bestaan voor 1 HR 22 mei 2015, ECLI:NL:HR:2015:1296, JB 2015/125 m.nt. J.J.J. Sillen. Pagina 9/76 Stop5GNL/Staat/TB/7016713 het nemen van de vele uitvoeringsbesluiten die genomen dienen te worden om een landelijk 5G netwerk realiteit te laten worden. 8. Bij vermelde uitvoeringsbesluiten kan bijvoorbeeld worden gedacht aan de op 5 december 2019 door staatssecretaris van Economische Zaken en Klimaat (EZK) gestarte consultatie voor de veiling van frequenties voor snelle mobiele communicatie zoals 5G.2 De consultatie heeft volgens de website (zie voetnoot 2) betrekking op alle benodigde regelingen, besluiten en beschikkingen die noodzakelijk zijn voor het kunnen uitvoeren van die veiling. Echter een diepgaandere blik op het concept van de Regeling aanvraag- en veilingprocedure vergunningen 700, 1400 en 2100 MHz, alsmede op het onderliggende wettelijke kader (het Frequentiebesluit 2013), leert dat de vraag naar de effecten voor de volksgezondheid geen onderdeel is van het beoordelingskader.
Integendeel, het beoordelingskader zorgt ervoor dat de principiële keuze van uitrol van 5G niet eens bij de ter consultatie liggende regelingen, besluiten en beschikkingen behoeft te worden betrokken. Het gaat bij hetgeen ter consultatie ligt enkel om de 700, 1.400 en 2.100 MHz-band waarbinnen frequentieruimte wordt vergund en in dat verband om de financiële positie en andere '(rechts)persoonskenmerken' van de aanvrager ten behoeve van de veiling, met welke veiling een economisch belang van de Staat van 0,9 miljard Euro is gemoeid. 9. Waar voor de beslissing om de voor 5G noodzakelijke frequentiebanden te veilen geldt dat het gezondheidsbelang in relatie tot de principiële keuze voor uitrol van 5G geen rol speelt, zo geldt ook voor de nadien te verlenen 26 vergunningen dat die vergunningen slechts op een gedeelte van die principiële keuze betrekking hebben, namelijk welke frequentieruimte in welke frequentieband beschikbaar zal zijn. Dat hiermee mogelijk wel een deel van het gezondheidsbelang kan zijn gemoeid (namelijk via de in de vergunningen opgenomen bepaling over de veldsterkte3), laat onverlet dat deze vergunningen niet inhoudelijk ingaan op de 2 https://www.internetconsultatie.nl/multibandveiling.
3 Zie voorschrift 5 van artikel 4 van de te verlenen vergunning K gepaard 700 Mhz: "De veldsterkte wordt berekend op basis van de berekeningsmethode voor mobiel gebruik, opgenomen in de geldende Pagina 10/76 Stop5GNL/Staat/TB/7016713 voor- en nadelen van een landelijk 5G netwerk op zichzelf beschouwd. Dat wil zeggen: niet wordt ingegaan op het breder verband van 5G buiten de specifieke frequentieband waarop de vergunning betrekking heeft. Verder geldt telkens dat de vergunning slechts op een geografisch deel van het land betrekking heeft. Hiermee rekening houdende is het ondoenlijk voor individuele burgers, maar ook voor een stichting als Stop5GNL die het collectieve belang van de inwoners in Nederland behartigt, om te moeten procederen tegen 26 vergunningen teneinde een principiële keuze van de Staat te willen bestrijden. Nog daargelaten de vraag of individuele burgers en/of Stop5GNL überhaupt een rechtstreeks betrokken publiekrechtelijk belang hebben bij de vergunningen. 10. Van belang om verder ter zake de uitvoeringsbesluiten te begrijpen in relatie tot de forumkeuze, is dat 26 vergunningen en een veiling gezamenlijk nog steeds niet alle stukjes zijn die gezamenlijk de 5G puzzel leggen.
Er zijn namelijk ook omgevingsvergunningen nodig voor verschillende soorten activiteiten als bedoeld in de artikelen 2.1 en 2.2 van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht, welke vergunningen betrekking hebben op het veel grotere netwerk aan antennes dat nodig zal zijn in Nederland om een 5G netwerk dekkend te laten zijn, in welke vergunningen telkens vanuit oogpunt van ruimtelijke ordening dient te worden beoordeeld of een antenne op een specifieke plek passend is. Het is ondoenlijk om alle omgevingsvergunningen te moeten bestrijden. 11. Gezien het voorgaande resteert voor Stop5GNL ter bestrijding van een principiële keuze voor de uitrol van een landelijk 5G netwerk enkel de mogelijkheid om de burgerlijke rechter uit hoofde van onrechtmatige daad een verbod te laten opleggen aan de Staat om 5G verder 'uit te rollen' totdat naar de beste wetenschappelijke inzichten is aangetoond dat daardoor met zekerheid geen onherstelbare schade aan de volksgezondheid wordt veroorzaakt. HCM-overeenkomst.
Onder HCM overeenkomst wordt de overeenkomst, getiteld “Agreement between the Administrations of Austria, Belgium, the Czech Republic, Germany, France, Hungary, the Netherlands, Croatia, Italy, Liechtenstein, Lithuania, Luxembourg, Poland, Romania, the Slovak Republic, Slovenia and Switzerland on the coordination of frequencies between 29,7 MHz and 43,5 GHz for the fixed service and the land mobile service” verstaan." Pagina 11/76 Stop5GNL/Staat/TB/7016713 Spoedeisend belang 12. De uitrol van 5G waartegen Stop5GNL opkomt kent als volgende stap het veilen door de Staat van de voor 5G bestemde radiofrequenties. Die veiling staat gepland voor begin/medio 2020, waarbij exacte data onbekend zijn. De consultatie van de veilingvoorwaarden is recent afgerond.4 Frequenties worden geveild voor in beginsel twintig jaren. Na gunning van de frequenties aan telecomproviders zullen de gevolgen daarvan onomkeerbaar zijn, althans kunnen telecomproviders rechten ontlenen aan verkregen vergunningen en de uitrol van 5G nader uitvoeren en invullen. Een onmiddellijke voorziening bij voorraad teneinde (het bijdragen door de Staat aan) de uitrol van 5G te stoppen is daarom noodzakelijk op de vooravond van de frequentieveilingen. Inleiding op mobiele netwerken, elektromagnetische straling en 5G Elektromagnetische velden en straling 13.
Door een netwerk van antennes kunnen mensen digitaal met elkaar communiceren (o.a. bellen, appen en internetten). De antennes zenden draadloze signalen uit, die radiofrequente elektromagnetische velden wordt genoemd. Rijksdienst voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) gebruikt hiervoor de term radiofrequente elektromagnetische velden of niet ioniserende straling. 5 14. Een elektromagnetisch veld bestaat uit elektrische en magnetische golven die zich samen voortbewegen. Als elektromagnetische golven zich met een lage frequentie voortbewegen, wordt in wetenschappelijke kringen gesproken over elektromagnetische velden. Dat zijn velden van 50 Hertz (Hz; de eenheid van frequentie; een Hz is een trilling per seconde) tot 300 Gigahertz (GHz; 1 miljard Hz). Als de elektromagnetische golven een hoge frequentie hebben (meer dan 300 4 https://www.internetconsultatie.nl/multibandveiling. 5 RIVM rapport 609300024/2011. Pagina 12/76 Stop5GNL/Staat/TB/7016713 GHz), wordt dat in de wetenschap elektromagnetische straling genoemd. In de volksmond spreekt men ook bij lagere frequenties van 'straling' of 'zenderstraling'. 15. Elektromagnetische velden beslaan een breed spectrum van Extreem Laag Frequente (ELF) velden tot Radio Frequente (RF) straling. ELF velden hangen veelal samen met het elektriciteitsnetwerk en gebruik van wisselstroom apparaten, met in Nederland een frequentie van 50 Hz.
Mobiele telefoons, draadloos internet en radio- en tv-zenders maken gebruik van velden met een frequentie van 100.000 Hz tot 300 GHz. Dat zijn de RF velden. Hogere frequenties op het elektromagnetische spectrum zijn infrarood straling, ultraviolette straling, röntgenstraling en gammastraling. 16. Elektromagnetische velden met een lage frequentie hebben een lange golflengte. Het bereik van deze golven is groot. Dat houdt in dat het signaal ver reikt. Hoe hoger de frequentie, hoe korter de golflengte en hoe minder ver de elektromagnetische golven reiken. Onderstaande afbeelding dient ter illustratie: Mobiele netwerken in Nederland 17. In 1992 werden in Nederland de eerste gsm-netwerken in gebruik genomen (zogenaamd 2G: de tweede generatie). Gsm werd vooral gebruikt om te
Pagina 13/76 Stop5GNL/Staat/TB/7016713 telefoneren en om korte tekstberichten (sms) te verzenden. De derde generatie mobiele netwerken (3G) is UMTS. Het UMTS-netwerk heeft meer capaciteit dan gsm en kan grotere hoeveelheden data verwerken en versturen. Daardoor is het geschikt om mee te bellen en te internetten. De vierde generatie mobiel netwerk – LTE (4G) – is een doorontwikkeling van UMTS. Het is in 2013 geïntroduceerd in Nederland en is vooral gericht op de (massa)verwerking van data. 18. Mobiele telecommunicatie vindt plaats via beschikbare (radio)frequentiebanden. Een frequentieband is een aaneengesloten bereik van frequenties van elektromagnetische golven. Het radiospectrum is opgedeeld in verschillende frequentiebanden. Het Nationaal Frequentieplan (NFP) geeft per frequentieband aan voor welk gebruik de band is bestemd. Zo zijn banden bedoeld voor mobiele telefonie en internet, radio- en televisie-uitzendingen, luchtverkeersleiding, enzovoorts. Het NFP wordt samengesteld door het ministerie van EZK in nauwe afstemming met Agentschap Telecom (onderdeel van het ministerie van EZK). 19. De verschillende generaties mobiele netwerken maken gebruik van verschillende frequentiebanden. 3G is sinds 2001 in Nederland aanwezig op de 2.100 megahertz (MHz)-frequentieband, hoewel sommige telecombedrijven hiervoor de 900 MHz gebruiken.
4G maakt gebruik van verschillende frequenties, waaronder de 800 MHz, 900 MHz, 1.800 MHz en 2.100 MHz en de 2,6 GHz-frequentieband. De vijfde generatie mobiele netwerken (5G) 20. De vijfde generatie mobiele netwerken (5G) is aanstaande. De aanduiding hiervan is ook wel NR, hetgeen staat voor 'New Radio'. De grootste verwachte voordelen van 5G zijn de hoge snelheid, meer capaciteit en snellere verbinding. De verwachting is dat met de komst van 5G meer verbindingen mogelijk zijn tussen meerdere ICT- en telecommunicatietoepassingen, diensten en services. Denk daarbij aan betalingsverkeer, Internet of Things (IOT) diensten, logistiek en autonoom rijden. Maar ook nieuwe toepassingen zoals operaties uitvoeren op afstand en toepassingen voor landbouw. Pagina 14/76 Stop5GNL/Staat/TB/7016713 21. Het verschil van 5G ten opzichte van 4G zit allereerst in de frequenties. 5G beslaat een nieuw frequentiebereik, namelijk bóven de 2,6 GHz, te weten ook de 3,5 en 26 GHz-frequentieband. Bestaande frequenties worden daarnaar ook overgebracht. Zoals vermeld, geldt: hoe hoger de frequentie, hoe korter de golflengte en hoe minder ver de elektromagnetische golven reiken. Illustratief voor het bereik van de verschillende frequenties is de onderstaande afbeelding, die staat op de website van Kennisplatform EMV:6 22. Daarnaast zal 5G gebruik maken van een ander type zendmast dan haar voorganger(s).
Zenders voor 2G, 3G en 4G reiken als een waaier met een bereik van ongeveer 120 graden om zich heen. Dit noemt men 'broadcasting'. Doordat deze telkens (hoog) met drie bij elkaar worden opgesteld, ontstaat een gezamenlijk bereik van 360 graden. Ieder contact met een ontvanger (bijvoorbeeld smartphone, tablet of pc) speelt zich af op een specifieke frequentie vanuit de zender. De ontvanger 'antwoordt' op een andere frequentie en met een lagere snelheid. 23. Zenders voor 5G bestaan daarentegen uit meerdere zenderelementen (sub- zendertjes), die naast elkaar zijn gerangschikt (in een matrix van bijvoorbeeld 4x4 , 8x8 of 16x16) voor specifieke functies. Bij activiteit van een ontvanger 6 https://www.kennisplatform.nl/welke-frequenties-gaat-5g-gebruiken/.
Pagina 15/76 Stop5GNL/Staat/TB/7016713 (bijvoorbeeld een smartphone) komt de zender in actie, bepaalt de richting van de ontvanger en arrangeert een stralingsbundel die zich richt op de ontvanger. Dit noemt men 'beamforming'. Via die bundel gaan datasignalen (download of upload) heen en weer in dezelfde frequentieband. 24. Dit is mogelijk vanwege MIMO-technologie (Meerdere In, Meerdere Uit of Multiple- Input Multiple-Output). Doordat bij voor 5G geschikte zenders meerdere zenderelementen zijn geclusterd – bij een matrix van 8x8 zijn dat er 64 – is het mogelijk dat meerdere gebruikers en meerdere apparaten tegelijk worden bediend. Dit noemt men massive MIMO-technologie. 'Massive' duidt aan dat meerdere bundels in bedrijf zijn, waarbij soms meer dan één zender op dezelfde ontvanger is gericht. Hoe meer elementen zich richten op dezelfde ontvanger, hoe scherper (en intensiever qua straling) de bundel. 25. Onderstaande afbeelding toont het verschil tussen de werking van 4G antennes (broadcasting) en 5G-antennes (beamforming): 26. Náást de massive MIMO-zenders zal voor toepassing van 5G gebruik worden gemaakt van small cells. Dit zijn kleine zendmasten die worden geplaatst in drukkere gebieden om beter gebruik te kunnen maken van de radiogolven. De
Pagina 16/76 Stop5GNL/Staat/TB/7016713 small cells versterken signaalbundels, hetgeen nodig is omdat de radiogolven op de hogere frequenties een (veel) kortere golflengte hebben. Voor een goed bereik zal altijd een directe lijn zonder onderbrekingen (bv. een boom of gebouw) moeten bestaan tussen een zendantenne en een ontvanger (bijvoorbeeld een andere antenne of smartphone). De small cells, die volgens plan zullen worden geplaatst op bijvoorbeeld gebouwen, in lantaarnpalen en op bushokjes, moeten hiervoor zorgen. 27. Doordat het bereik van (korte) radiogolven op de voor 5G bestemde (hogere) frequenties veel korter is, zullen (heel) veel meer antennes nodig zijn om een dekkend 5G veld te creëren. Dit zal leiden tot antennes op een afstand van 100 tot 150 meter van elkaar. In bebouwde binnensteden op nog kortere afstand. 28. Agentschap Telecom heeft Stratix gevraagd om een inventariserend onderzoek te doen naar small cells en massive MIMO-antennes voor 5G. Op 9 mei 2019 heeft Agentschap Telecom de verkenning gepubliceerd (productie 2). Het biedt een overzicht van 5G-antennes die in de nabije toekomst kunnen – en als de plannen van de regering doorgang vinden: zullen – worden gebruikt en de technische specificaties daarvan. De 'uitrol' van 5G 29.
De Staat wil de komende jaren verschillende frequentiebanden ter beschikking stellen waarvoor op dit moment (middelen voor) 5G wordt ontwikkeld. Het beleid dat de overheid op dit punt voert, blijkt uit de Nota Frequentiebeleid. 7 Deze Nota is bij brief van 7 december 2016 door de toenmalige minister van EZK aangeboden aan de Tweede Kamer (productie 3). Zoals hieruit blijkt, noemt de minister draadloze communicatie de 'smeerolie' voor de ontwikkeling van nieuwe producten en diensten. De beschikbaarheid van frequentieruimte is volgens de minister een 'randvoorwaarde' en een 'grondstof' voor draadloze toepassingen. Een nadere 7 https://www.rijksoverheid.nl/documenten/rapporten/2016/12/07/de-nota-frequentiebeleid-2016. Pagina 17/76 Stop5GNL/Staat/TB/7016713 uitwerking van de Nota Frequentiebeleid is te vinden in het Nationaal Frequentieplan (NFP).8 30. Algemeen regeringsbeleid ter zake connectiviteit blijkt uit het Actieplan Digitale Connectiviteit (productie 4). De Nota Mobiele Communicatie (juni 2019) werkt dit beleid nader uit, onder andere waar het de verdeling van de beschikbaar komende frequenties betreft (productie 5). 31. Zoals uit de vermelde beleidsdocumenten blijkt, zal de uitgifte van nieuwe, voor 5G bestemde frequenties – onderdeel van de uitrol van 5G – om mededingingsrechtelijke redenen plaatsvinden door middel van een veiling.
Telecombedrijven kunnen meedingen naar deze frequentiebanden. In Nederland zullen in de komende jaren, als het aan de regering ligt, de 700 MHz-, 1.400 MHz-, 2.100 MHz- 3,5 GHz- EN 26 GHz-frequentiebanden worden geveild (specifiek) voor de uitrol van 5G. 32. De veiling van de vergunningen voor gebruik van de 700, 1.400 en 2.100 MHz- frequenties wordt thans voorbereid. Bij brief van 5 december 2019 heeft de staatssecretaris van EZK alle benodigde regelingen, besluiten en beschikkingen die noodzakelijk zijn voor het kunnen uitvoeren van die veiling ter openbare consultatie aangeboden (productie 6). Beoogd wordt om de veiling begin/medio 2020 te laten plaatsvinden (over een exacte planning laat de staatssecretaris zich niet uit). Vergunningen worden in principe verleend voor de duur van 20 jaren, zoals blijkt uit de ter consultatie aangeboden concept vergunningen. 33. De 26 GHz-frequentieband is volgens het Actieplan digitale connectiviteit de belangrijkste band voor de verdere ontwikkeling van 5G, omdat op deze hoge frequenties veel frequentieruimte beschikbaar is. Deze frequentieband zal later plaatsvinden dan de veiling van de 700, 1.400 en 2.100 MHz-frequentiebanden, maar is wel voorzien in 2020, zoals onder meer blijkt uit (de aanbiedingsbrief aan 8 https://wetten.overheid.nl/BWBR0035791/2019-12-06.
Pagina 18/76 Stop5GNL/Staat/TB/7016713 de Tweede Kamer behorende bij (productie 7)) het Actieplan digitale connectiviteit. 34. De veiling van de 3,5 GHz-frequentieband zal op een later moment plaatsvinden, vermoedelijk in 2022. Tests 35. Vooruitlopend op de uitrol van 5G in 2020 wordt op verschillende plaatsen in Nederland getest met de mogelijkheden van 5G. Agentschap Telecom heeft daarvoor zogenaamde experimenteervergunningen verleend aan T-Mobile, KPN en Vodafone. Dit is een tijdelijke zendvergunning (maximaal één jaar) voor niet - commercieel gebruik waarmee mobiele operators en andere partijen gecontroleerd tests kunnen uitvoeren. Deze tests zijn technisch van aard. 36. Agentschap Telecom heeft zelf tussen februari en september 2019 op drie testlocaties veldsterktemetingen uitgevoerd om inzicht te krijgen in de elektromagnetische straling van 5G-antennes. Een naar aanleiding hiervan door Agentschap Telecom opgesteld rapport van 23 september 2019 wordt overgelegd als productie 8. Over de uit de veldsterktemetingen getrokken conclusies en de waarde die daaraan mag worden gehecht hierna meer. De Telecomcode en implementatie 37. De Europese Unie heeft zich tot doel gesteld om wereldwijd koploper te zijn als het gaat om de uitrol van 5G. Dit alles – kort gezegd – om de concurrentiepositie van de Europese Unie op het wereldtoneel te versterken.
De Europese Unie wil economische en technologische grootmachten als de Verenigde Staten en China aftroeven. 38. In de mededeling van 6 mei 2015 houdende de strategie voor een digitale eengemaakte markt voor Europa heeft de Europese Commissie verklaard dat zij bij Pagina 19/76 Stop5GNL/Staat/TB/7016713 de herziening van het telecommunicatiekader het accent zou leggen op maatregelen die erop zijn gericht om investeringen in snelle breedbandnetwerken te stimuleren.9 In het Actieplan voor 5G van 14 september 2016 stelde de Europese Commissie voor om in Europa tijdig en gecoördineerd 5G-netwerken uit te rollen door middel van een partnerschap tussen de Europese Commissie, de lidstaten en de industrie.10 39. In Richtlijn 2018/1972 van het Europees Parlement en de Raad van 11 december 2018 tot vaststelling van het Europees wetboek voor elektronische communicatie ( "de Telecomcode") zijn (naast vele andere onderwerpen die hierin zijn geregeld) de kaders gegeven voor de lidstaten van de Europese Unie bij de uitrol van het 5G- netwerk (productie 9).
Op grond van artikel 54 van de Telecomcode zijn de lidstaten gehouden om uiterlijk 21 december 2020 die maatregelen te nemen om "het gebruik van voldoende grote blokken in de band van 3,4 tot 3,8 GHz te reorganiseren en toe te staan", alsmede om "het gebruik mogelijk te maken van ten minste 1 GHz in de band van 24,25 tot 27,5 GHz, mits er sprake is van een duidelijke marktvraag en er geen aanzienlijke beperkingen zijn voor de migratie van bestaande gebruikers of het vrijmaken van banden". 40. Hiermee heeft de Europese Unie dus specifieke frequentiebanden aangewezen voor de uitrol en toepassing van 5G. Implementatie in Nederland 41. Voor implementatie van de Telecomcode in de Nederlandse wetgeving vindt een wijziging van de Telecommunicatiewet plaats. De minister van EZK heeft op 16 juli 2019 een concept wetsvoorstel gepubliceerd dat de uitrol van 5G in Nederland mogelijk moet maken (productie 10). De memorie van toelichting daarbij wordt 9 https://eur-lex.europa.eu/legal-content/NL/TXT/PDF/?uri=CELEX:52015DC0192&from=EN. 10 https://ec.europa.eu/transparency/regdoc/rep/1/2016/NL/1-2016-588-NL-F1-1.PDF. Pagina 20/76 Stop5GNL/Staat/TB/7016713 overgelegd als productie 11.
De online toelichting bij het wetsvoorstel ter consultatie vat de (beoogde) gevolgen van de wijzigingen samen (productie 12): "De gevolgen voor burgers, bedrijven en overheid: - Mede dankzij de connectiviteitseis en de verdere harmonisatie van spectrumbeleid krijgen burgers en bedrijven brede toegang tot hoge capaciteitsnetwerken voor een redelijke prijs. - De Telecomcode voorziet in een hoog beschermingsniveau voor eindgebruikers. Aanbieders worden verplicht tot onder meer het verstrekken van meer informatie voorafgaand aan het afsluiten van een contract en het verstrekken van een beknopte en leesbare samenvatting van het contract. - De universele dienst (UD) is een vangnet om ervoor te zorgen dat een minimum aan diensten beschikbaar en betaalbaar is; deze wordt gemoderniseerd. Een adequate breedbandinternettoegang als UD wordt gedefinieerd aan de hand van een basislijst van diensten die burgers ten minste moeten kunnen gebruiken, zoals mailen en surfen en toegang tot de elektronische overheid. De gevolgen voor bedrijven: - De bepalingen met betrekking tot eindgebruikers worden geharmoniseerd. Aanbieders krijgen op dit terrein nieuwe verplichtingen.
- De uitrol van draadloze toegangspunten wordt vergemakkelijkt door de verplichting voor overheidsinstanties om redelijke verzoeken tot plaatsing van draadloze toegangspunten op billijke, redelijke, transparante en niet-discriminerende voorwaarden in te willigen. De gevolgen voor overheid: - Overheidsinstanties (rijksoverheid, provincies, gemeenten en waterschappen) dienen toegang te verlenen tot publieke infrastructuur, inclusief straatmeubilair (zoals bushokje en verkeerslichten) voor de plaatsing van small cells." Pagina 21/76 Stop5GNL/Staat/TB/7016713 Motieven, belangen en aandacht voor de volksgezondheid 42. Zowel op Europees als nationaal niveau is de uitrol van 5G volledig gedreven op economische motieven. Illustratief zijn de punten 2811 en 10912 van de Telecomcode. De paragrafen in de 179 pagina's tellende Telecomcode die verband houden met volksgezondheid als afgewogen factor bij de totstandkoming daarvan zijn op één hand te tellen en bovendien niet concreet c.q.
nietszeggend: • in punt 5 wordt in algemene termen vermeld dat de vrijheid om elektronische communicatienetwerken en -diensten te leveren slechts wordt beperkt door bepaalde voorwaarden en beperkingen, waaronder die uit hoofde van de volksgezondheid; • in punt 110 wordt zonder nadere concretisering gesteld dat er "absoluut voor [dient] te worden gezorgd dat burgers niet zodanig worden blootgesteld aan elektromagnetische velden dat het schadelijk is voor de volksgezondheid"; • in punt 114 is in algemene termen bepaald dat beperkingen van het beginsel van technologieneutraliteit passend moeten zijn, onder meer vanuit de noodzaak om te zorgen voor de bescherming van de volksgezondheid door de blootstelling van het publiek aan elektromagnetische velden te beperken; 11 "Er moeten behoorlijke stimulansen worden geboden ter bevordering van investeringen in nieuwe netwerken met zeer hoge capaciteit die de innovatie in inhoudrijke internetdiensten ondersteunen en het internationale concurrentievermogen van de Unie versterken. Dergelijke netwerken hebben enorme mogelijkheden om consumenten en bedrijven in de hele Unie van dienst te zijn.
Het is derhalve van cruciaal belang duurzame investeringen in de ontwikkeling van die nieuwe netwerken te bevorderen (…)" 12 "Het waarborgen van wijdverspreide connectiviteit in elke lidstaat is essentieel voor de economische en sociale ontwikkeling, de participatie in het openbare leven en sociale en territoriale cohesie. Nu connectiviteit en het gebruik van elektronische communicatiemiddelen een integraal onderdeel van de Europese maatschappij en welvaart worden, moeten de lidstaten zorgen voor draadlozebreedbanddekking over de gehele Unie. (…) Voorts moet er met consistente, gecoördineerde maatregelen voor hoogwaarde terrestrische draadloze dekking in de hele Unie, waarbij wordt uitgegaan van de beste nationale prakijken wat betreft de machtigingsverplichtingen voor exploitanten, naar worden gestreefd het in het programma voor het radiospectrumbeleid vastgestelde doel te verwezenlijken, namelijk dat alle burgers van de Unie tegen 2020 zowel binnens- als buitenshuis toegang hebben tot de hoogste breedbandsnelheden van ten minste 30 Mb/s, en moet er een ambitieuze visie voor een gigabitmaatschappij in de Unie worden gerealiseerd.
(…)" Pagina 22/76 Stop5GNL/Staat/TB/7016713 • in artikel 45 is geregeld dat de volksgezondheid moet worden beschermd tegen elektromagnetische velden (sub b) en dat in de hele Europese Unie moet worden gestreefd naar consistentie en voorspelbaarheid wat betreft de manier waarop machtigingen voor het gebruik van radiospectrum worden verleend met het oog op de bescherming van de volksgezondheid (sub h). 43. Gemene deler bij al deze verwijzingen is dat ter 'onderbouwing' wordt verwezen naar Aanbeveling 1999/519/EG van de Raad van de Europese Unie (productie 13). Daarin beveelt de Raad aan de lidstaten aan om aansluiting te zoeken bij de blootstellingsrichtlijnen voor elektromagnetische velden die zijn opgesteld door de International Commission on Non-Ionizing Radiation Protection (ICNIRP), waarover hierna meer. 44. In de memorie van toelichting bij de voorgenomen wijziging van de Telecommunicatiewet staan zowaar nog minder verwijzingen naar onderwerpen in verband met de volksgezondheid. Hierin wordt eenvoudigweg een verwijzing gemaakt naar de door ICNIRP gepresenteerde blootstellingsrichtlijnen. Resumé 1 45. De uitrol van 5G en de veiling door de Staat van de daarvoor benodigde frequentiebanden vindt zijn oorsprong in de Europese wens om innovatief koploper te zijn.
De Nederlandse regering loopt met de aanstaande frequentieveilingen vooruit op een wijziging van de Telecommunicatiewet, die nog door het wetgevend apparaat moet. Zowel op Europees als nationaal niveau is de uitrol van 5G volledig gedreven op economische motieven. De volksgezondheid is geen afgewogen factor geweest bij zowel de totstandkoming van de Telecomcode, het voorstel tot wijziging van de Telecomwet als de voorgenomen veiling van voor 5G bestemde frequentiebanden. Pagina 23/76 Stop5GNL/Staat/TB/7016713 Gezondheidsrisico's 46. Wetenschappelijk onderzoek wijst al sinds in ieder geval 1966 uit dat blootstellingen aan elektromagnetische velden kunnen leiden tot gezondheidsschade. Sinds de jaren '80 zijn schadelijke gezondheidseffecten van straling (2G en 3G) door honderden wetenschappers gesuggereerd. De schadelijke gevolgen van elektromagnetische velden op de lange termijn zijn niet of nauwelijks (deugdelijk) onderzocht. Dit aan de vooravond van een aanzienlijke toename van blootstelling aan elektromagnetische straling, als het aan de Staat ligt. Hogere stralingsdichtheid bij 5G 47. 5G maakt gebruik van hogere frequenties dan zijn voorgangers, terwijl door een verminderd bereik c.q. kortere golflengte (veel) meer antennes nodig zijn om een dekkend 5G veld te creëren.
Deze zullen niet alleen in (hoge) zendmasten worden geplaatst, maar (met name de small cells) ook dicht bij de grond in bijvoorbeeld lantarenpalen en op bushokjes. Zoals is toegelicht, worden deze om de circa 100 meter geplaatst en in dichtbebouwde/-bevolkte gebieden op nog kortere afstand van elkaar. De stralingsdichtheid zal daardoor flink omhoog gaan. De memorie van toelichting bij de wetswijziging Telecommunicatiewet vermeldt hierover in randnummer 2.6.1:13 "Bij 5G-netwerken die gebruik maken van hoge frequenties kan bovendien het bereik van een cel van een mobiel netwerk (veel) kleiner worden wat noopt tot het plaatsen van meer antenne-opstelpunten." 48. De hogere stralingsdichtheid bij 5G zal onmiskenbaar leiden tot grotere gezondheidsrisico's dan de risico's die reeds bekend zijn bij andere toepassingen van elektromagnetische velden zoals bijvoorbeeld 2G, 3G en 4G. Zeker indien wordt bedacht dat de intensiteit van blootstelling anders is. Zoals hiervóór is toegelicht, werken de voor 5G bestemde zendantennes op basis van het principe van beamforming. Daarbij wordt straling gericht gebundeld richting een ontvanger, 13 Zie productie 11. Pagina 24/76 Stop5GNL/Staat/TB/7016713 de zogenaamde 'phased array'. Dit komt erop neer dat korte, maar veelvuldige piekmomenten in de straling zitten. Deze gebundelde straling heeft veel meer energie dan straling van bijvoorbeeld 4G.
Niet alleen de ontvanger (een smartphone) wordt aan deze energie blootgesteld, maar ook de drager van een ontvanger (een mens). 49. Straling van 5G zal bovenop de al bestaande stralingsbelasting van de vorige generaties van mobiele telefonie komen. Aldus lijdt het geen twijfel dat zowel de stralingsdichtheid als de intensiteit van blootstellingen bij een uitrol van 5G in gro te mate zal toenemen. De visie van de regering op het aspect volksgezondheid 50. Ondanks een toenemende stralingsdichtheid ziet de regering in gezondheidsrisico's geen reden om de uitrol van 5G te staken. Economische motieven en de drive tot innovatie prevaleren. Sterker nog, aan het gezondheidsaspect wordt niet reëel aandacht besteed; van een daadwerkelijke afweging van belangen is geen sprake. Kamervragen 51. Vanuit de Tweede Kamer is aandacht gevraagd voor de mogelijke gezondheidsrisico's en het feit dat – voorzichtig uitgedrukt – geen wetenschappelijke consensus bestaat over de veiligheid van 5G. Onder andere tijdens een Kamerdebat op 5 juni 2018 (productie 14). De minister van EZK heeft hierop niet inhoudelijk gereageerd. 52. Ook tijdens een Kamerdebat op 4 juli 2019 is de veiligheid van 5G-straling aan bod gekomen. Vanuit de Tweede Kamer is aangedrongen op een onafhankelijk onderzoek door de Gezondheidsraad naar de gezondheidsrisico's die met 5G gepaard gaan.
De staatssecretaris van EZK heeft er 'slechts' op gewezen dat geen negatieve gezondheidseffecten optreden als de internationale richtlijnen (ICNIRP) Pagina 25/76 Stop5GNL/Staat/TB/7016713 worden aangehouden en zij heeft gerefereerd aan een ZonMW- onderzoeksprogramma (productie 15). 53. Bij brief van 16 april 2019 hebben de staatssecretaris van EZK en minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) vragen van de vaste commissies over de uitrol van 5G beantwoord (productie 16). Wederom lag bij die beantwoording de nadruk op de economische groei en maatschappelijke ontwikkeling. Ten aanzien van mogelijke gezondheidsrisico's werd (wederom) zonder nadere onderbouwing verwezen naar internationale richtlijnen (ICNIRP). De staatssecretaris en minister erkennen evenwel dat deze richtlijnen slechts zijn gebaseerd op wetenschappelijk vastgestelde effecten die tijdens of kort na blootstelling kunnen optreden. Over lange termijn effecten (of zelfs effecten op de middellange termijn) lieten de staatssecretaris van EZK en minister van VWS zich niet uit. 54.
Waar Kamerleden hebben gerefereerd aan onderzoeken waaruit blijkt dat serieuze redenen bestaan om aan te nemen dat blootstelling aan elektromagnetische straling (en dus 5G) leidt tot gezondheidsrisico's, hebben de staatssecretaris en minister enkel en zonder nadere toelichting opgemerkt dat "er geen aanwijzingen zijn dat blootstelling aan radiofrequentie EMV door mobiele telefonie leidt tot gezondheidseffecten". 55. De staatssecretaris en minister verwezen verder naar de visie van het Kennisplatform EMV (waarin RIVM, TNO, DNV GL, GGD GHOR Nederland, Agentschap Telecom, ZonMw en Milieu Centraal zijn verenigd). Volgens het Kennisplatform EMV kunnen elektromagnetische zendsignalen schadelijk zijn voor de gezondheid als ze sterker zijn dan de gehanteerde blootstellingsrichtlijnen (waarover hierna meer). De staatssecretaris en minister menen dat de blootstellingsrichtlijnen bij de uitrol van 5G niet worden overschreden. 56. Op 9 september 2019 heeft kamerlid Van Raan (PvdD) aan de staatssecretaris van EZK vragen gesteld over de schadelijkheid van 5G voor dieren en mensen (productie 17). Bij brief van 2 oktober 2019 heeft de staatssecretaris laten weten Pagina 26/76 Stop5GNL/Staat/TB/7016713 dat de vragen niet binnen de gebruikelijke termijn kunnen worden beantwoord. Op 20 december 2019 heeft de staatssecretaris van EZK de vragen alsnog beantwoord namens de regering (productie 18).
Het antwoord is teleurstellend. De staatssecretaris wijst naar eerdere berichten van haar hand en de reeds daarin aangehaalde onderzoeken. Daarbij refereert zij ook aan een onderzoek naar lange termijn-gezondheidseffecten (COSMOS) dat is verlengd tot 2023 en waarvan de uitkomsten op dit moment dus nog niet bekend zijn. De richtlijnen en studies waarop de regering een beroep doet nader beschouwd 57. Hierna wordt toegelicht dat de richtlijnen en studies waarop de regering een beroep doet niet overtuigend en in enkele gevallen zelfs ondeugdelijk zijn. Bovendien sluit géén van deze studies uit dat 5G leidt tot gezondheidsschade, zeker op de middellange en lange termijn. Het grote aantal studies die aantonen of minst genomen suggereren dat sprake is van reële en ernstige gezondheidsrisico's wordt genegeerd. ICNIRP 58. De regering verwijst veelvuldig naar blootstellingsrichtlijnen voor (laagfrequente) elektromagnetische velden, die zijn opgesteld door ICNIRP. De ICNIRP- blootstellingsrichtlijnen worden overgelegd als productie 19. Een memo van Kennisplatform EMV over een aanpassing hiervan in 2010 (minder strenge richtlijnen) wordt overgelegd als productie 20. De Raad van de Europese Unie heeft de lidstaten in Aanbeveling 1999/519/EG (aanvankelijk) geadviseerd om deze richtlijnen te hanteren. 59.
De blootstellingsrichtlijn voor elektromagnetische velden met frequenties tussen 10 en 400 MHz is volgens ICNIRP 28 volt per meter (V/m). De richtlijn voor de frequenties van 400 tot 2.000 MHz worden per frequentie berekend en lopen op tot 61 V/m. Voor frequenties van 2.000 mHz tot 300 GHz geldt een vaste blootstellingsrichtlijn van 61 V/m. Pagina 27/76 Stop5GNL/Staat/TB/7016713 60. Aanbeveling 1999/519/EG van de Raad van de Europese Unie is niet bindend voor de lidstaten. De lidstaten gaan hiermee verschillend om. Een eerste groep lidstaten heeft de aanbeveling wel geïncorporeerd in bindende nationale wetgeving (o.a. Tsjechië, Estland, Frankrijk, Hongarije, Ierland, Luxemburg, Portugal, Roemenië, Duitsland en Slowakije). Een tweede groep, waartoe ook Nederland behoort, hanteert de aanbeveling (en daarmee de ICNIRP richtlijnen) in de praktijk wel (naast Nederland: Oostenrijk, Cyprus, Denemarken, Finland, Letland, Malta, Spanje, Zweden en het Verenigd Koninkrijk). Een derde groep hanteert striktere richtlijnen dan die door ICNIRP zijn geformuleerd. Tot deze groep behoren onder meer België, Bulgarije, Kroatië, Italië, Litouwen, Polen, Slovenië en Rusland. Een nadere toelichting op deze toepassing is beschreven in de Comparison of International policies on electromagnetic fields van het Ministerie van VWS (productie 21). 61.
Op de door ICNIRP geproduceerde blootstellingsrichtlijnen is in de wetenschap al sinds jaar en dag veel kritiek. Illustratief is de goed onderbouwde studie van Sarah J. Starkey, onafhankelijk onderzoekster op het gebied van Neuroscience and Environmental Health Research (productie 22). Zij, maar ook vele andere wetenschappers (waarover hierna meer) wijzen op het volgende: • de blootstellingsrichtlijnen van ICNIRP stammen uit 1998 en zijn sinds 2010 niet meer aangepast. Toen had niemand nog van 5G gehoord en sindsdien hebben innovaties en wetenschappelijke ontwikkelingen een grote sprong gemaakt. De blootstellingsrichtlijnen zijn (sterk) verouderd en gaan voorbij aan de specifieke karakteristieken van 5G-technologie; • ICNIRP heeft studies die DNA-beschadiging aantonen, studies die aantonen dat elektromagnetische straling vrije radicalen aanmaakt in het lichaam en studies die effecten op de mannelijke vruchtbaarheid aantonen (doelbewust) niet in haar visie betrokken; • de ICNIRP-richtlijnen zijn (voornamelijk) gebaseerd op acute opwarmingseffecten ofwel thermische gevolgen (meer dan één graad Pagina 28/76 Stop5GNL/Staat/TB/7016713 temperatuurverhoging bij een bestraling van 6 of 30 minuten). Non- thermische gezondheidseffecten (cel-fysiologische processen) worden buiten beschouwing gelaten, omdat ICNIRP de risico's niet bewezen acht.
Dat wekt alleen al verbazing omdat, zoals hierna wordt toegelicht, ettelijke duizenden studies bestaan die gezondheidseffecten zoals DNA-schade aantonen bij een blootstelling ver onder de ICNIRP-richtlijnen. Dit is de belangrijkste reden dat het Franse Hof van Versailles de ICNIRP-richtlijnen niet aanvaardt (productie 23). Deze zijn volgens het Hof (vertaald) "alleen gebaseerd op de onmiddellijke effecten op de gezondheid, zoals het stimuleren van spieren of perifere zenuwen, schokken en brandwonden veroorzaakt door contact met geleidende objecten, of de stijging van de temperatuur van weefsel door het effect van het absorberen van energie"; • de richtlijnen van ICNIRP zijn gebaseerd op wetenschappelijk vastgestelde effecten die tijdens of kort na blootstelling kunnen optreden. Enig risico op gezondheidsschade op de middellange of langere termijn is uitgesloten van de ICNIRP-studie; • tot slot geldt dat (grote) twijfels kunnen worden geplaatst bij de onafhankelijkheid van de leden van ICNIRP. Zij hebben veelal belangen bij telecommunicatiebedrijven. Opmerkelijk is daarbij dat zij opvolgers zoeken uit hun eigen (gelijkgestemde) netwerk. 62.
De beperkingen van de door ICNIRP uitgevoerde literatuurstudies (uitsluiting non- thermische en lange termijneffecten) en de (doelgerichte) wijze waarop ICNIRP dit poogt te rechtvaardigen, ondanks gesignaleerde lange termijn gezondheidsrisico's (waaronder kanker), blijkt uit de volgende tekst uit de ICNIRP-richtlijnen:14 "only established effects were used as the basis for the proposed exposure restrictions. Induction of cancer from long-term EMF exposure was not considered to be established, and so these guidelines are based on short-term, immediate health effects such as stimulation of peripheral nerves and muscles, shocks and burns 14 Onderstreping door advocaat. Pagina 29/76 Stop5GNL/Staat/TB/7016713 caused by touching conducting objects, and elevated tissue temperatures resulting from absorption of energy during exposure to EMF. In the case of potential long-term effects of exposure, such as an increased risk of cancer, ICNIRP concluded that available data are insufficient to provide a basis for setting exposure restrictions, although epidemiological research has provided suggestive, but unconvincing, evidence of an association between possible carcinogenic effects and exposure at levels of 50/60 Hz magnetic flux densities substantially lower than those recommended in these guidelines." 63.
Zowel het Europees Parlement als de Raad van Europa zijn inmiddels tot het inzicht gekomen dat de door ICNIRP geformuleerde blootstellingsrichtlijnen – met name vanwege de hiervóór beschreven beperkingen – niet adequaat en ontoereikend zijn. Het Europees Parlement heeft in een Resolutie van 2 april 2009 over gezondheidsrisico’s in verband met elektromagnetische velden (2008/2211(INI)) erop aangedrongen bij de Europese Commissie om Aanbeveling 1999/519/EG (waarin het hanteren van de ICNIRP-richtlijnen wordt aanbevolen) te herzien (productie 24). Het Europees Parlement overwoog daartoe onder andere dat wetenschappelijke onzekerheid heerst over mogelijke gezondheidsrisico's, met name voor jongeren bij wie hersenen nog in ontwikkeling zijn en dat controverse in wetenschappelijke kringen over de mogelijke gezondheidsrisico's van elektromagnetische velden is toegenomen sinds in Aanbeveling 1999/519/EG. 64. De Raad van Europa deed een soortgelijke oproep in zijn Resolutie 1815 van 27 mei 2011 over gezondheidsrisico's in verband met elektromagnetische velden (productie 25). Als productie 26 overlegt Stop5GNL een samenvatting en toelichting op deze resolutie. Daarin staan expliciet (ook) de bezwaren tegen de banden tussen de ICNIRP-onderzoekers en de telecombranche.15 15 29.
The rapporteur underlines in this context that it is most curious, to say the least, that the applicable official threshold values for limiting the health impact of extremely low frequency electromagnetic fields and high frequency waves were drawn up and proposed to international political institutions (WHO, European Commission, governments) by the ICNIRP, an NGO whose origin and structure are none too clear and which is furthermore suspected of having rather close links with the Pagina 30/76 Stop5GNL/Staat/TB/7016713 65. Als (zelfs) het Europees Parlement en de Raad van Europa de ICNIRP- blootstellingsrichtlijnen gemotiveerd verwerpen en expliciet opmerken dat voldoende bewijs bestaat van mogelijk schadelijke effecten van elektromagnetische velden op mens en dier, valt moeilijk te begrijpen dat de Nederlandse overheid zich zonder nadere onderbouwing verschuilt achter de ICNIRP-normen en gezondheidsrisico's blijft ontkennen. 66. Daarbij geldt dat de voorzitter van ICNIRP, de Nederlander Eric Van Rongen (tevens lid van de Gezondheidsraad), de tegen de ICNIRP-richtlijnen opgeworpen bezwaren zelf ook niet kan weerleggen. Tijdens een presentatie van de Zweedse autoriteit op het gebied van straling werd Van Rongen ermee geconfronteerd dat meer dan 220 wetenschappers (achter het '5G appeal', waarover hierna meer) het oneens zijn met de visie van ICNIRP.
Aan Van Rongen werd gevraagd waarom mensen niet deze (meer dan 220) wetenschappers moeten geloven maar ICNIRP, dat uit 'slechts' 28 wetenschappers bestaat. Van Rongen kon dit niet met argumenten beantwoorden, maar liet de keuze wie te moeten geloven aan de burger.16 industries whose expansion is shaped by recommendations for maximum threshold values for the different frequencies of electromagnetic fields. 30. If most governments and safety agencies have merely contented themselves with replicating and adopting the safety recommendations advocated by the ICNIRP, this has essentially been for two reasons: * in order not to impede the expansion of these new technologies with their promise of economic growth, technological progress and job creation; * and also because the political decision-makers unfortunately still have little involvement in matters of assessing technological risks for the environment and health. 65.
After analysing the scientific studies available to date, and also following the hearings for expert opinions organised in the context of the Committee on the Environment, Agriculture and Local and Regional Affairs, there is sufficient evidence of potentially harmful effects of electromagnetic fields on fauna, flora and human health to react and to guard against potentially serious environmental and health hazards." 16 https://www.youtube.com/watch?v=jZ2LbIvZ52U: "Well, that is difficult to say, everybody can believe what they want. If those scientists think that there is enough evidence, it is their responsibility to Pagina 31/76 Stop5GNL/Staat/TB/7016713 Kennisplatform EMV 67. De regering wijst verder op de mening van het Kennisplatform EMV (productie 27). Volgens het Kennisplatform EMV zijn bij onderzoeken wél aanwijzingen gevonden voor een verhoogde kans op twee soorten hersentumoren bij veelvuldig en langdurig gebruik van een mobiele telefoon, maar de "betekenis van deze aanwijzingen" is volgens het Kennisplatform EMV "vooralsnog" niet duidelijk. Het Kennisplatform EMV stelt daarbij wel expliciet dat niet is uitgesloten dat in de toekomst gezondheidseffecten worden gevonden die optreden onder het niveau van de blootstellingsrichtlijnen (van ICNIRP). Het gaat dan om mogelijke effecten van blootstelling op lange termijn (die door Kennisplatform EMV niet zijn beschouwd).
Dit door de overheid, telecom- en energiebedrijven gefinancierde platform, dat dus niet als onafhankelijk kan worden beschouwd, rept kortom over gezondheidsrisico's. 68. De regering haakt bij de verwijzing naar Kennisplatform EMV met name (lees: uitsluitend) aan bij de constatering dat geen wetenschappelijke zekerheid bestaat over de schadelijkheid van 5G. De wél door Kennisplatform EMV gesignaleerde aanwijzingen van (ernstige) gezondheidsrisico's (op de langere termijn) worden door de regering bij de beantwoording van Kamervragen en in overige toelichtingen onbesproken gelaten. Programma Elektromagnetische Velden en Gezondheid van ZonMw 69. ZonMw is de Nederlandse organisatie voor gezondheidsonderzoek en zorginnovatie. Haar hoofdopdrachtgevers zijn het Ministerie van VWS en de Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek (NWO). ZonMW voert sinds 2006 het draw that conclusion. We draw different conclusions from that. It is up to people to decide which group they think is more reliable and what they should believe." Pagina 32/76 Stop5GNL/Staat/TB/7016713 Programma Elektromagnetische Velden en Gezondheid, dat zich richt op alle relevante elektromagnetische velden (0 – 300GHz). Dit programma betreft technologisch, biologisch, sociologisch en epidemiologisch onderzoek. 70.
In 2015 heeft ZonMw een tussenevaluatie afgerond, die op 23 september 2015 naar de Tweede Kamer is gestuurd (productie 28). Dit onderzoek was gericht op gezondheidsschade op de korte en middellange termijn. De lange termijn is hierin – wederom (en kennelijk doelbewust) – niet betrokken. Niettemin zijn ook voor de korte en middellange termijn mogelijke gezondheidsrisico's gesignaleerd. Dit blijkt onder meer uit de verslaglegging van de tussenevaluatie door onderzoeksbureau Technopolis (productie 29, pag. vii).17 71. De staatssecretaris van EZK verbindt aan de tussenevaluatie van ZonMw de conclusie dat geen aanwijzingen bestaan dat blootstelling aan radiofrequente elektromagnetische straling leidt tot gezondheidseffecten (onder andere in haar brief van 16 april18). Dit is dus onjuist en tegen beter weten in. Technopolis merkte expliciet op dat uit de tussenevaluatie geen conclusies kunnen worden getrokken. 19 72. De Stichting EHS heeft in een brief aan de Vaste Commissie VWS en EZK en met name de bijlage daarbij een uiteenzetting gegeven van de onvolkomenheden aan het onderzoek van ZonMw (productie 30). 17 "Het programma heeft een aantal belangwekkende nieuwe inzichten opgeleverd in eventuele effecten van EMV op de gezondheid.