CConstaterende datSteenwijkerland
Koppel je AI →
Document · PDF

7.0 ROB Signalement-Gezag herwinnen - over de gezagswaardigheid van het openbaar bestuur.pdf

Raadsvergadering 20 december 2022, gemeente SteenwijkerlandBij agendapunt: Ingekomen stukken24.093 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

Het Verwey­Jonker Instituut deed onderzoek naar de steun voor illiberale en antidemocrati­ sche bestuursvormen in Nederland (bijvoorbeeld om crises aan te pakken) en concludeerde dat die aanzienlijk is, ondanks dat de meeste Nederlanders de principes van democratie en rechtsstaat onderschrijven. Bovendien concludeerden de onderzoekers dat de steun voor illiberale en antidemocratische bestuursvormen bij zowel hoog­ als laag­ opgeleide en zowel linkse als rechtse burgers (zij die stemmen op een linkse of rechtse partij) te vinden is. Zie: Van Wonderen 2021. 52 gezag herwinnen – signalement van de raad voor het openbaar bestuur thema is hier sprake van goedkoop op de korte termijn, duurkoop op de lange termijn. De Raad wil door middel van zijn advisering bijdragen aan het nadenken over manieren om de overheid weer cognitief competenter te maken. Wat betreft de cognitieve competenties van de politiek adviseerde de Raad eerder al om normen te stellen aan de ondersteuning van gemeenteraden en provin­ ciale staten.87 In het briefadvies Ondersteuning Tweede Kamer stelde de Raad dat goede ondersteuning van volksvertegenwoordigers een noodzakelijke voorwaarde is voor een sterke democratie. 88 Toekomstige adviezen zouden ook kunnen gaan over manieren om de expertise en ervaringsdeskundigheid die in de samenleving aanwezig is beter te benutten door deze van buiten naar binnen te halen. 3.

Ondersteun waarheidsvinding in het digitale tijdperk Verder vindt de Raad dat de overheid moet erkennen dat processen als hori­ zontalisering en digitalisering de kennispositie van burgers sterk verbeterd hebben. De waarheidsclaim van de overheid wordt hierdoor vaker betwist. De Raad ziet dit niet als een negatieve ontwikkeling: burgers zijn meer dan ooit in staat om betrokken te worden bij bestuur en beleid. De Raad waakt echter wel voor de beproevingen van waarheidsvinding in het digitale tijdperk zoals benoemd in het advies Zoeken naar waarheid.89 In de context van de minder evidente waarheidsclaim van de overheid vindt de Raad het bovendien van belang dat het openbaar bestuur zich inzet om de vervaging van de grenzen tussen politiek en wetenschap tegen te gaan. In zijn essaybundel Wetenschap en overheidsbeleid: een spanningsvolle relatie conclu­ deerde de Raad al dat dit leidt tot verwetenschappelijking van de politiek en politisering van de wetenschap, waar zowel het gezag van de overheid als van de wetenschap onder te lijden heeft.90 Voor het organiseren van ‘macht met’ vindt de Raad het van groot belang dat burgers en overheid maar ook burgers onderling een gedeeld beeld van de werkelijkheid hebben. De Raad wil daarom graag een bijdrage blijven leve­ ren aan het stimuleren en waarborgen van waarheidsvinding in het digitale tijdperk.

Zijn adviezen zouden kunnen gaan over de verdere concretisering van middelen om deze beproevingen voor waarheidsvinding in het digitale tijd­ perk te doorstaan, zoals het stimuleren van kritisch burgerschap, het bouwen van platforms voor democratische gedachtewisseling en het organiseren van tegenmacht. Wat betreft de rolzuiverheid van wetenschap en politiek ziet de Raad dat met name in de politiek en bij de ontwikkeling van beleid meer ken­ nis nodig is over hoe om te gaan met wetenschappelijke inzichten. Advisering 87 ROB 2020b. 88 ROB 2022. 89 ROB 2018. 90 Van Ommeren e.a. 2022.

53 gezag herwinnen – signalement van de raad voor het openbaar bestuur zou kunnen gaan over hoe dit te realiseren is, bijvoorbeeld door ambtelijke ondersteuning uit te breiden, een ‘kennisraad’ in te stellen of de recent ont ­ wikkelde ‘wetenschapstoets’ vaker te gebruiken. 5.3 investeer in de betrouwbaarheid van het openbaar bestuur De overheid heeft de afgelopen decennia haar sturende en ordenende rol bewust losgelaten. De Raad ziet dat de gezagswaardigheid van het openbaar bestuur onder druk staat doordat politici, bestuurders en ambtenaren hun handelen als amoreel en neutraal zijn gaan zien en/of presenteren: ‘There Is No Alternative’.91 Termen als ‘effectiviteit’ en ‘efficiëntie’ zijn daarbij vaak lei­ dend, maar verdoezelen achterliggende normen en waarden. De Raad stelt vast dat het (niet) handelen van de overheid altijd morele implicaties heeft en nooit neutraal is. Daarnaast ziet de Raad dat de gezagswaardigheid van de overheid soms ook in gevaar is gekomen door incidenten waarbij het hande­ len van de overheid immoreel was of als zodanig is ervaren. Daarom denkt hij dat de overheid de morele dimensie van zijn handelen moeten leren erkennen en herwaarderen om het vertrouwen te herstellen, maar ook om de (onbe­ doelde) immorele consequenties van dat handelen tegen te gaan.

Alleen dan kan de overheid weer feitelijk aan betrouwbaarheid winnen en op den duur ook weer meer betrouwbaar bevonden worden door burgers. 4. Leer politiek en rechtstatelijk te normeren door na te denken over wat goed openbaar bestuur is Het leren herwaarderen van de morele en normatieve dimensies van openbaar bestuur vergt allereerst een explicitering van wat die dimensies zijn en hoe ze overheidshandelen beïnvloeden. De Raad merkt op dat veel politiek­bestuur­ lijke debatten de afgelopen decennia een technocratisch en/of technisch­ juridisch karakter hebben gekregen. Door nadruk op ogenschijnlijk neutrale en wetenschappelijk onderbouwde processen en interpretatiekaders liggen ‘noodzakelijkheidsvertogen’ bij het rechtvaardigen van overheidshandelen constant op de loer. Door de focus op efficiëntie en effectiviteit zijn vragen over wat rechtvaardig is binnen het openbaar bestuur uit het zicht geraakt. Voor het openbaar bestuur kunnen noodzakelijkheidsvertogen een manier zijn om lastige morele dilemma’s te verhullen (bijvoorbeeld over de aanpak van de coronacrisis of de stikstofcrisis) of op de lange baan te schuiven. Dit zorgt er echter voor dat de normatieve aannames en motivaties waar beleid (impliciet) op is gebaseerd uit het zicht raken en niet meer worden besproken in een open politiek debat.

Het risico is dat de moraal in de samenleving en de moraal vervat in de wet hierdoor te ver uit elkaar gaan lopen. Om dit te voorkomen is politiek debat en ideologische profilering van partijen nodig. 91 Vgl. France Stratégie 2022, p. 79. 54 gezag herwinnen – signalement van de raad voor het openbaar bestuur Idealiter vindt de normerende rol van de politiek zijn weerslag in het recht. Het besef van de normatieve dimensie van de rechtsstaat is daarom net zo essentieel. De rechtsstaat kan alleen zijn functie gezagvol vervullen als in een samenleving sprake is van een levendige rechtsstatelijke cultuur waarbij alle spelers de waarden van de rechtsstaat onderschrijven en zijn spelregels volgen. Recent ontwikkelde de Raad daarom een wegingskader waarin hij de grondbeginselen van goed openbaar bestuur heeft geformuleerd en verhel ­ derd.92 Hiervan wil de Raad de komende tijd een levend document maken. Het kader moet een integrale plek krijgen binnen de advisering van de Raad en de algemene visie op het openbaar bestuur die de Raad uitdraagt. Bovendien wil de Raad het kader aanscherpen door met stakeholders uit de praktijk in gesprek te gaan. Ook is, zoals de Raad eerder concludeerde in zijn advies Een sterke rechtsstaat93, voortdurend onderhoud nodig om de rechtsstaat goed te laten functioneren.

De Raad adviseerde een agenda voor de rechtsstaat te maken en wil de komende periode een bijdrage leveren aan de uitwerking daarvan. Samenvattend dient de overheid meer stil te staan bij achterliggende nor­ men en waarden van beleid. Het openbaar bestuur moet daarvoor weer leren om politiek en rechtsstatelijk te normeren en na te denken over wat goed bestuur is. 5. Breng de (im)morele consequenties van doorgeschoten maatwerk en fraudebestrijding in kaart Het leren herwaarderen van de morele en normatieve dimensies van het openbaar bestuur vergt daarnaast bewustzijn van de grenzen van maatwerk en fraudebestrijding. De Raad constateert een voortdurende spanning tus­ sen aan de ene kant de gelijke behandeling van burgers en aan de andere kant het leveren van maatwerk. Enerzijds verwachten we een overheid die gelijke gevallen gelijk behandeld zonder aanziens des persoons en dat mis ­ bruik van de verzorgingsstaat wordt aangepakt, anderzijds zwelt de roep aan om een overheid met een menselijk gezicht die maatwerk biedt aan mensen en ruimte laat aan professionals om naar eigen expertise en ervaringsdeskun­ digheid individuen te bieden wat zij nodig hebben. Echter, wanneer de morele onderbouwing van beleidskeuzes ontbreekt kan dit op den duur leiden tot willekeur, waardoor het handelen van de over­ heid als inconsistent of zelfs hypocriet kan worden ervaren.

Het kan leiden tot institutionele discriminatie, racisme en andere onaanvaardbare vormen van ongelijkheid. Soms zelfs met schadelijke en immorele gevolgen voor bur­ gers die worden vermalen door systemen, zoals bij het toeslagenschandaal. De overheid boet op die manier in aan feitelijke en ervaren betrouwbaarheid. 92 ROB 2022b. 93 ROB 2020a.

55 gezag herwinnen – signalement van de raad voor het openbaar bestuur Wil de overheid blijven handelen op basis van ‘macht met’, dan is het niet alleen van belang dat de politiek haar normerende rol weer explicieter durft te nemen, maar dat zij zich ook bewuster wordt van de grenzen hiervan. De Raad vindt het daarom van belang om de bedoelde en onbedoelde immorele consequenties van doorgeschoten maatwerk en fraudebestrijding in kaart te brengen, en meer inzicht te bieden in de problematiek van institutioneel racisme en discriminatie. 6. Erken en beperk de morele kosten van digitalisering Tot slot heeft digitalisering het verlenen van (publieke) diensten efficiënter en soms ook effectiever gemaakt. Hoewel datasturing vele kansen biedt, kan dat volgens de Raad pas succesvol zijn als de sturing niet alleen efficiënt en effectief is, maar ook legitiem is. Bij digitalisering is de verleiding heel groot om de uitkomsten van algoritmen als objectief en neutraal te zien, terwijl we geen idee hebben hoe zo’n algoritme gemaakt wordt of hoe de data verza­ meld wordt. Momenteel hebben de verzamelaars en gebruikers van data echter te veel macht ‘over’ burgers, zonder die macht ‘met’ burgers te delen. Bovendien raakt de morele dimensie van het (overheids)handelen door het gebruik van ogen­ schijnlijk neutrale automatiseringssystemen en algoritmes nog verder verbor­ gen.

Digitalisering is bij uitstek een vakgebied waar het gevaar van zogenaamd ‘objectief denken’ op de loer ligt, omdat mensen vaak ten onrechte aannemen dat algoritmes een neutrale weergave van de werkelijkheid bieden. De Raad wil zich daarom inzetten om het openbaar bestuur handelings­ perspectieven te bieden waarmee zij op het gebied van digitalisering ‘macht met’ kan organiseren. Idealiter leidt dit ertoe dat partijen die sturen met data – zoals de overheid zelf – democratisch kunnen worden gecontroleerd, dat machtsmisbruik en corruptie worden tegengegaan en dat het leervermo­ gen van het openbaar bestuur op het gebied van digitalisering wordt ver ­ sterkt. Wat betreft het tegengaan van de negatieve morele implicaties van digitalisering geldt ook hier dat het nodig is om die implicaties allereerst te erkennen. Hiervoor heeft de Raad in het advies Sturen of gestuurd worden het Data DebatDenkkader ontwikkeld.94 Daarin expliciteert de Raad verschillende dimensies van sturen met data (data­verzameling, data­analyse en data­toe­ passing) en de (morele) vraagstukken die deze oproepen. De Raad wil dit kader verder ontwikkelen, onder andere door het toe te passen in de praktijk. Ook denkt de Raad dat er een uitgebreider normatief kader moet komen voor datagestuurd werken bij de overheid, zoals een voortzetting van de Code goed digitaal bestuur.95 94 ROB 2022b.

95 Bijvoorbeeld in lijn met de Code Goed Digitaal Openbaar Bestuur (2021), zie ook: https://www.rijksoverheid.nl/documenten/rapporten/2021/04/30/code­goed­digi­ taal­openbaar­bestuur. 56 gezag herwinnen – signalement van de raad voor het openbaar bestuur 5.4 investeer in de betrokkenheid van het openbaar bestuur De Raad ziet dat het gezag van de overheid is nog steeds veelal verticaal en top­down georganiseerd is, terwijl de samenleving de afgelopen decennia steeds horizontaler is geworden. Dit leidt tot frictie doordat burgers veel meer dan vroeger geneigd en in staat zijn om hun bijzondere belangen te erkennen en hiervoor op te komen. Daardoor is afgelopen decennia de afstand tussen bestuurders en politici enerzijds en burgers anderzijds vergroot. Er bestaan wel grote verschillen in democratisch kapitaal in onze samenle­ ving. Sommige groepen staan sterker met het openbaar bestuur in verbinding dan anderen, met ongelijke vertegenwoordiging en representatie tot gevolg. Al met al leidt dit tot een feitelijk en ervaren gebrek aan betrokkenheid van het openbaar bestuur. Dit zorgt voor een verschuiving naar ‘macht over’ en beperkt de mogelijkheden om ‘macht met’ te organiseren. Daarnaast is de samenleving diverser dan vroeger, zonder dat dit heeft geleid tot fundamen­ tele aanpassingen binnen het openbaar bestuur.

De Raad denkt dat de over ­ heid in haar betrokkenheid kan investeren door burgers – en in het bijzonder bepaalde groepen burgers – meer invloed en controle te geven. 7. Maak werk van de vertegenwoordiging van ondervertegenwoordigde groepen De Raad ziet dat de ondervertegenwoordiging van bepaalde groepen burgers grote morele en maatschappelijke kosten met zich meebrengt doordat zij ‘afhaken’. Verschillende groepen burgers in Nederland voelen zich achterge­ steld en vinden dat de politiek hen niet hoort. Zij hebben het gevoel dat de overheid ‘macht over’ hen heeft, zonder dat zij daar zelf iets tegenin te bren­ gen hebben. De Raad ziet dat sommige van die groepen de media en politici goed weten te vinden. Anderen blijven voor beleidsmakers inderdaad onzicht­ baar. Het is belangrijk voor de kwaliteit van de Nederlandse democratie dat het perspectief van ondervertegenwoordigde groepen wordt meegenomen in het politieke proces, omdat deze perspectieven noodzakelijk zijn voor het formuleren van het algemeen belang. Echter, de Raad ziet dat het door de toenemende complexiteit van bestuur­ lijke processen en pluriforme samenstelling van de Nederlandse bevolking voor bestuurders, politici en ambtenaren het steeds lastiger is om deze groe­ pen in beeld te krijgen en voldoende recht te doen.

De Raad wil daarom een bijdrage leveren aan de bewustwording van de blinde vlekken van het open­ baar bestuur en op zoek gaan naar innovatieve manieren om afgehaakte en onzichtbare groepen burgers weer te betrekken bij politiek en bestuur. Dit kan bijdragen aan de feitelijke en ervaren betrokkenheid van het openbaar bestuur.

57 gezag herwinnen – signalement van de raad voor het openbaar bestuur De Raad denkt hierbij aan adviezen over het incorporeren van de perspec­ tieven van vaak vergeten groepen bij de ontwikkeling van beleid en over het diverser maken van het openbaar bestuur zelf. De Raad schreef in dat kader al over de (onder)vertegenwoordiging van vrouwen en jongeren binnen het openbaar bestuur.96, 97 In volgende adviezen zou de Raad ook op andere onder­ vertegenwoordigde groepen (naast vrouwen en jongeren) kunnen inzoomen. Denk hierbij aan praktisch opgeleiden en mensen uit de regio’s die zich ook ondervertegenwoordigd voelen door de politiek. Ook zou advisering kunnen gaan over het stimuleren van een intersectioneel perspectief op diversiteit, waarbij de gedachte centraal staat dat veel achtergestelde groepen (gedefi­ nieerd door klasse, sociaaleconomische status, gender, etniciteit, religie, regio, enzovoorts) vaak meer met elkaar gemeen hebben dan op het eerste gezicht lijkt. 8. Herwaardeer de verbindende functie van het openbaar bestuur Nederland is altijd een land van minderheden geweest en werd tijdens de verzuiling geroemd om de manier waarop al die groepen – die op het gebied van levensbeschouwing wezenlijk van elkaar verschilden – in vrede met elkaar leefden.

Volgens de meest gangbare theorieën kwam dit doordat de gezags­ dragers aan de top van de zuilen geneigd waren en het gezag hadden om maatschappelijk spanningen op te vangen in naam van het algemeen belang. Tegenwoordig lijkt de politiek de maatschappelijke polarisatie echter eerder aan te wakkeren. Politici vertegenwoordigen in toenemende mate de geaggregeerde, bijzondere belangen van burgers. Het gesprek over wat pre­ cies in het algemeen belang is, wordt te weinig gevoerd. Ideeën over het alge­ meen belang waarin de bijzondere belangen van alle burgers een plek hebben ontbreken. De bijzondere belangen die minder goed vertegenwoordigd zijn in de politiek, delven daardoor het onderspit. Ook voor burgers zelf lijkt het den­ ken over het algemeen belang in sommige gevallen geen prioriteit te hebben. De Raad ziet het normatief definiëren van het algemeen belang als een fundamentele taak van het openbaar bestuur. De overheid heeft als plek waar de bijzondere belangen van burgers samenkomen bij uitstek een verbindend potentieel. Het formuleren van het algemeen belang vergt echter ook moed om bepaalde bijzondere belangen de ene keer wel en de andere keer geen voorrang te geven. Het openbaar bestuur zal alleen in staat zijn om dit te doen wanneer zij burgers het gevoel geeft dat hun bijzondere belangen erkend worden en gewogen zijn.

Betrokkenheid betekent immers niet dat iedereen altijd zijn zin krijgt. Wel betekent het dat zoveel mogelijk perspectieven zo serieus mogelijk worden meegewogen in beleidsvormingsprocessen. Betrok­ kenheid is daarmee een noodzakelijke voorwaarde voor het organiseren van ‘macht met’. Om dit te kunnen moet er bij het openbaar bestuur niet alleen 96 ROB 2019b. 97 ROB 2019c. 58 gezag herwinnen – signalement van de raad voor het openbaar bestuur zicht zijn op de bijzondere belangen die er in de samenleving leven, maar moeten deze – via de wegen van de procedurele rechtvaardigheid – ook een betekenisvolle plek krijgen binnen processen van besluitvorming. De Raad wil de komende tijd aan de slag om overheden handvatten te bieden om het den­ ken over het verenigingen van bijzondere belangen in het algemeen belang verder te brengen. 9. Graaf nieuwe kanalen naar de macht Tot slot stelt de Raad vast dat door de horizontalisering van de samenleving de kans klein is dat we in de toekomst terugkeren naar een situatie waarin bur ­ gers lijdelijk of kritiekloos het gezag van (politieke of levensbeschouwelijke) elites volgden. De verbindingen tussen het openbaar bestuur en de maat ­ schappij dienen daarom vorm te krijgen op een manier die past bij deze tijd. Er zijn zogezegd nieuwe bronnen van betrokkenheid nodig op basis waarvan ‘macht met’ georganiseerd kan worden.

Traditionele vormen van invloed en controle voor burgers lijken dus aan belang in te boeten. Zij lijken niet langer te zorgen voor voldoende betrok ­ kenheid tussen overheid en burger. Alternatieven vormen worden echter nog maar mondjesmaat gebruikt. Om die reden wil de Raad een bijdrage leve­ ren aan het verder doordenken van de verschillende kanalen die burgers tot hun beschikking hebben om invloed en controle uit te oefenen op politieke besluitvorming en de ontwikkeling van beleid. Tegelijkertijd ziet de Raad dat de overheid dit niet alleen kan: juist op het gebied van democratische inno­ vatie is een fundamentele taak voor burgers weggelegd. Kansen die geboden worden dienen ook op een betekenisvolle manier gegrepen te worden. In zijn signalement Over referenda en andere vormen van burgerparticipa- tie op nationaal niveau stelde de Raad al dat het politieke en maatschappe­ lijke debat over het raadgevend referendum geen eindpunt mag zijn van het gesprek over hoe we mensen bij politiek en democratie kunnen betrekken. 98 Het kabinet en de partijen in het parlement dienen te blijven zoeken naar manieren om mensen invloed en controle te geven op belangrijke beslissin­ gen die hun leven raken.

De Raad wil hier een actieve bijdrage aan leveren, bijvoorbeeld door te adviseren over andere kanalen naar de macht, zoals bur­ gerinitiatieven, deliberatieve fora en alternatieve vormen van referenda, zoals preferenda, al dan niet met elkaar gecombineerd. 98 ROB 2018.

59 gezag herwinnen – signalement van de raad voor het openbaar bestuur 5.5 slot In dit signalement stelt de Raad voor het Openbaar Bestuur vast dat het gezag van de overheid onder druk staat. Naast talrijke maatschappelijke ontwikke­ lingen speelt de verminderde gezagswaardigheid van het openbaar bestuur zelf (gedefinieerd door diens bekwaamheid, betrouwbaarheid en betrokken­ heid) hierbij een rol. De Raad ziet dit als het gevolg van een viertal tekorten die in de afgelopen decennia binnen het openbaar bestuur zijn ontstaan, te weten het tekort van de macht, het cognitief tekort, het moreel tekort en het maatschappelijk tekort. Met deze diagnose wil de Raad niet zeggen dat het openbaar bestuur over de gehele linie te weinig bekwaam, betrouwbaar en betrokken is geworden. In tegendeel. De Raad ziet dat binnen alle gelederen van de overheid met de beste bedoelingen en met hart en ziel gewerkt wordt. De Raad voor het Open­ baar Bestuur stelt deze diagnose dan ook niet om louter kritiek te uiten. Hij ziet juist dat de overheid een gigantisch potentieel heeft om een waardevolle rol in onze samenleving te spelen. Wel wil hij wijzen op het feit dat op sommige terreinen bepaalde capa­ citeiten zijn weggelekt, waarmee de vermindering van gezagswaardigheid en daarmee het tanende feitelijk gezag van de overheid – althans voor een deel – verklaard kunnen worden.

Om ook het onbenutte potentieel in de toekomst weer te benutten formuleerde de Raad in dit hoofdstuk drie denk­ richtingen om te investeren in de gezagswaardigheid van de overheid. In de komende periode gaat de Raad het gesprek aan met bestuurders, politici, ambtenaren maatschappelijke organisaties en burgers om zijn thematische adviesagenda verder te verrijken. 60 Literatuurlijst Berg, J.Th.J. van den & Molleman, H.A.A. (1975). Crisis in de Nederlandse politiek. Alphen aan den Rijn: Samsom. Berger, B.K. (2005). Power over, power with, and power to relations: Critical reflections on public relations, the dominant coalition, and activism. In: Journal of Public Relations Research, 17(1), p. 5­28. Doi: 10.1207/s1532754xjprr1701_3. Beus, J. de, Doorn, J. van & Rooy, P . de (1996). De ideologische driehoek: Nederlandse politiek in historisch perspectief. Amsterdam: Boom uitgevers. Blok, L. de & Brummel, L. (2022). Gefundeerd politiek vertrouwen. Onderzoek naar de relatie tussen overheidsprestaties en het vertrouwen in politieke instituties. Utrecht: Universi­ teit Utrecht. Boutellier, H. (2005). De veiligheidsutopie. Hedendaags onbehagen en verlangen rond misdaad en straf. Amsterdam: Boom uitgevers. Bovens, M. & Wille, A. (2010). Diplomademocratie. Over de spanning tussen meritocratie en democratie. Amsterdam: Uitgeverij Bert Bakker. Braak, M. ter (1937).

Het nationaal-socialisme als rancuneleer. Amsterdam: Uitgeverij Prometheus. Brink, G. van den & Jansen, T. (2016). Ambtelijk vakmanschap en moreel gezag. Culemborg: Stichting Beroepseer. Cudd, A. & Eftekhari, S. (2021). ‘Contractarianism’. In: Stanford Encyclopedia of Philosophy. Stanford: Stanford University. Dijn, A. de (2021). Vrijheid: Een woelige geschiedenis. Amsterdam: Alfabet Uitgevers. Dekker, P . & Ridder, J. den (2014). Het politiek­culturele verschil. In: Vrooman, C. et al. (red.), Verschil in Nederland. Den Haag: Sociaal en Cultureel Planbureau. Dekker, P . & Ridder, J. den (2015). Continu Onderzoek Burgerperspectieven 2015-1. Den Haag: Sociaal en Cultureel Planbureau. Dekker P . & Ridder, J. den (2016). Gedeelde waarden van een weerbare democratie. Een verkenning op basis van bevolkingsenquetes. Den Haag: Sociaal en Cultureel Planbureau. Dekker, Q., Harmsen, N., Nicolai, F. & Taks, Y. (2022, ongepubliceerd). Gezag van de overheid: besturen op basis van gezag of op basis van macht – een verkenning. Duyvendak, J.W. (1999). De planning van ontplooiing: Wetenschap, politiek en de maakbare samenleving. Den Haag: Sdu Uitgevers. France Stratégie (2022). Soutenabilités! Orchestrer et planifier l’action publique. Parijs: France Stratégie. Hakhverdian, A. & Schakel, W. (2017). Nepparlement? Een pleidooi voor politiek hokjes- denken. Zutphen: Walburg Pers. ’t Hart, P .

(2005). Doing better, feeling worse: over de erosie van het overheidsgezag. In: Beleid en Maatschappij 32 (4), p. 226­238. Hendriks, F. et al. (2015). Bewegende beelden van democratie. Legitimiteitsmonitor Democra- tisch Bestuur 2015. Tilburg: Tilburgse School voor Politiek en Bestuur. Hoogenboom, M. (2011). Particulier initiatief en overheid in historisch perspectief. In: Beleid en Maatschappij 38 (4), p. 388­401.

61 gezag herwinnen – signalement van de raad voor het openbaar bestuur Graaf, B. (2022). Crisis! Amsterdam: Prometheus. Jongh, M. de (2022). Macht en geweld als tegenpolen. Wat Hannah Arendt ons kan leren over de oorlog in Oekraïne (deel II). https://bijnaderinzien.com/2022/07/19/ macht­en­geweld­als­tegenpolen/. Jonker, E. (1988). De sociologische verleiding: Sociologie, sociaal-democratie en de welvaarts- staat (proefschrift). Utrecht: Wolters Noordhoff. Kaulingfreks, F. (2018). Straatpolitiek: Op zoek naar nieuw engagement. Amsterdam: Boom uitgevers. Krznaric, R. (2020). De goede voorouder: Langetermijndenken voor een kortetermijnwereld. Utrecht: Ten Have. Lange, S. de & Zuure, J. (red.) (2018). Woest. De kracht van verontwaardiging. Amsterdam: Amsterdam University Press. Lijphart, A. (1968). Verzuiling, pacificatie en kentering in de Nederlandse politiek. Haarlem: Becht. Mellink, B. & Oudenampsen, M. (2022). Neoliberalisme. Een Nederlandse geschiedenis. Amsterdam: Uitgeverij Boom. Musters, D. (2022). Gezicht geven aan gezag. Drie reportages over gezag in de praktijk. Den Haag: Raad voor het Openbaar Bestuur. Noije, L. van (2019). Overheidslegitimiteit in SCP-onderzoek. Den Haag: Sociaal en Cultureel Planbureau. Ommeren, F. van, Roovers, D., Jong, P . de & Coster, B. (red.) (2022). Wetenschap en overheids- beleid. Een spanningsvolle relatie. Den Haag: Boom bestuurskunde.

Ortega y Gasset, J. (1933). De opstand der horden. Amsterdam: Nijgh & van Ditmar. Ridder, J. den & Dekker, P . (2015). Meer democratie, minder politiek? Een studie van de publieke opinie in Nederland. Den Haag: Sociaal en Cultureel Planbureau. Ridder, J. den & Dekker, P . (2016). Gedeelde waarden van een weerbare democratie. Een ver- kenning op basis van bevolkingsenquetes. Den Haag: Sociaal en Cultureel Planbureau. Ridder, J. den, Jacobs, K., Rosema, M. & Ham, C. van (2021). Democratische innovatie in Nederland: het perspectief van burgers: Startnotitie vervaardigd ten behoeve van het project Revitalized Democracy for Resilient Societies (REDRESS). https://redressproject. nl/wp­content/uploads/2021/11/REDRESS­Startnotite­vraagkant.pdf. Ridder, J. den, Miltenburg, E., Kunst, S., Hul, L. van ’t & Broek, A. van den (2022). Continu Onderzoek Burgerperspectieven 2022 | 1. Den Haag: Sociaal en Cultureel Planbureau. Ridder, J. den, Vliegenthart, P . & Zuure, J. (red.) (2020). Doen, durven of de waarheid? Democratie in digitale tijden. Amsterdam: Amsterdam University Press. ROB (2012). Loslaten in vertrouwen. Naar een nieuwe verhouding tussen overheid, markt en samenleving. Den Haag: Raad voor het Openbaar Bestuur. ROB (2018). Over referenda en andere vormen van burgerparticipatie op nationaal niveau. Den Haag: Raad voor het Openbaar Bestuur. ROB (2019a). Zoeken naar waarheid.

Over waarheidsvinding in het digitale tijdperk. Den Haag: Raad voor het Openbaar Bestuur. ROB (2019b). Jong geleerd, oud gedaan. Den Haag: Raad voor het Openbaar Bestuur. ROB (2019c). 100 jaar vrouwenkiesracht. Den Haag: Raad voor het Openbaar Bestuur. ROB (2020a). Een sterkere rechtsstaat. Verbinden en beschermen in een pluriforme samen- leving. Den Haag: Raad voor het Openbaar Bestuur. ROB (2020b). Goede ondersteuning, sterke democratie. Den Haag: Raad voor het Openbaar Bestuur. 62 gezag herwinnen – signalement van de raad voor het openbaar bestuur ROB (2022a). Van crisis naar opgave. Over de blijvende gevolgen van de coronapandemie voor gemeenten en openbare lichamen in Caribisch Nederland. Den Haag: Raad voor het Openbaar Bestuur. ROB (2022b). Wegingskader goed bestuur. Den Haag: Raad voor het Openbaar Bestuur. ROB & ACVZ (2022). Asielopvang uit de crisis. Den Haag: Raad voor het Openbaar Bestuur en de Adviescommissie Vreemdelingenzaken. Rood, J. (2013). Wat is er mis met gezag? Rotterdam: Lemniscaat. Sande, J.P . van de (2013). 11 Manieren om naar massa’s te kijken. Utrecht: TSC Academy. Staatscommissie Parlementair Stelsel (2018). Lage drempels, hoge dijken. Democratie en rechtsstaat in balans. Eindrapport van de staatscommissie parlementair stelsel. Amster­ dam: Boom. Schuyt, C.J.M. & Taverney, E. (2000). 1950. Welvaart in zwart-wit. Den Haag: Sdu Uitgevers.

Tjeenk­Willink, H. (2021). Kan de overheid crises aan? Amsterdam: Uitgeverij Prometheus. Verbrugge, A. (2022). Gezagscrisis. Een filosofische reflectie op een wankele orde. Te verschijnen. Verhaeghe, P . (2015). Autoriteit. Amsterdam: De Bezige Bij. Voogd, J. de & Cuperus, R. (2021). De atlas van afgehaakt Nederland. Over buitenstaanders en gevestigden. https://kennisopenbaarbestuur.nl/rapporten­publicaties/atlas­van­af­ gehaakt­nederland/. Vries, J. de & Tollenaere, F. (2016). Etymologisch woordenboek. Houten: Prisma. Vuijsje, H. & Wouters, C. (1999). Macht en gezag in het laatste kwart: Inpakken en weg- wezen. Den Haag: Sociaal en Cultureel Planbureau. Weber, M. (2012). Wetenschap als beroep. Politiek als beroep. Nijmegen: Uitgeverij Vantilt. Wille, A. (2018). Ongelijkheid en de hoogopgeleide participatie­elite. In: Van der Meer et al. (2018). Aanhoudend wisselvallig: Nationaal Kiezersonderzoek 2017, p. 58­66. aanhou­ dend­wisselvallig­nko­2017.pdf (kennisopenbaarbestuur.nl). Wonderen, R. van (2021). Democratisch bewustzijn in Nederland. Over de ontvankelijkheid voor illiberaal en antidemocratisch gedachtegoed en de weerbaarheid daartegen. Utrecht: Verwey­Jonker Instituut. 118046_Democratisch_bewustzijn_in­Nederland_ WEB.pdf (verwey­jonker.nl). WRR (2017). Weten is nog geen doen. Een realistisch perspectief op redzaamheid.

Den Haag: Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid. Zuydam, S. van (2018). The credibility challenge of political leaders: Enacting competence, trustworthiness, and caring. Tilburg: Tilburg University. https://pure.uvt.nl/ws/portal­ files/portal/28160081/Van_Zuydam_Credibility_15_10_2018.pdf. Zweegman, S. (2022, ongepubliceerd). De ervaringen en perspectieven van social work studenten op het vertrouwen in en de macht van de overheid en hun eigen bijdrage als professional in het herstellen en versterken hiervan.

63 bijlage i Gesprekspartners Ad Verbrugge, Filosofische School Nederland Addie Stehouwer, gemeentelijke ombudsman Den Haag en Leidschendam-Voorburg Alice Sonne, senior onderzoeker Ombudsman Metropool Amsterdam Anke Griffoen, Filosofische School Nederland Annika Keijser, ambulant gezinsbehandelaar, Altra Onderwijs & Jeugdhulp Anton Stapelkamp, burgemeester Aalten Astrid Feiter, initiatiefnemer Stichting Haags Verhaal Astrid Nienhuis, burgemeester Heemstede Astrid van de Wetering, gemeenteraadslid D66, Texel Bettelies Westerbeek, buurtpastor Moerwijk, Den Haag Cees van den Bos, burgemeester Urk Diane de Nijs, lector Imagineering, Breda University of Applied Sciences Edo Kooiman, voormalig wethouder Texels Belang, nu Hart voor Texel, Texel Emily Miltenburg, Sociaal Cultureel Planbureau Erik­Jan van Drieëenhuizen, directie KIEM Femke Kaulingfreks, filosoof, lector Jeugd en Samenleving, hogeschool Inholland Amsterdam Fiore Nicolai, student Applied Ethics, Universiteit Utrecht Frans de Vijlder, lector Goed Bestuur en Innovatiedynamiek in Maatschappelijke Organisaties, HAN University of Applied Sciences Gabriël van den Brink, Filosofische School Nederland Gerdo van Grootheest, burgemeester Culemborg Gertjan van der Brugge, Zeeuwse ombudsman Harm de Jong, directie KIEM Hendrik Dalfsen, directie KIEM Henk Kamp, oud-minister van Economische Zaken Henno Theisens, lector Public

Governance, The Hague University of Applied Sciences Hilde Westera, directeur Nederlands Genootschap Burgemeesters Ilah Rubio, journalist AD/Haagsche Courant Ireen Boekel, contactpersoon Fietsersbond afdeling Texel, inwoner Texel Jacques Wallage, oud-voorzitter ROB, oud-voorzitter Dialoogtafel Groningen Jakob Jan Brouwer, manager afdeling Gemeentewerker, Texel Jan Haasbroek, student Publieksfilosofie, Universiteit van Amsterdam Jan van de Venis, waarnemend ombudspersoon bij Lab Toekomstige Generaties Jan Wigboldus, voorzitter Groninger Gasberaad Jaron van der Veer, student Publieksfilosofie, Universiteit van Amsterdam Julien van Ostaaijen, lector Recht & Veiligheid, Avans Hogeschool Jur Schuiringa, gemeenteraadslid VVD, Texel Katja Kerdel, advocaat bij Haagsche Meesters Lambert de Bont, oud-bestuurslid Groninger Bodem Beweging Laura de Vries, vice-voorzitter Jonge Klimaatbeweging Laurens de Graaf, burgemeester Lopik Leonard van ’t Hul, Sociaal Cultureel Planbureau 64 gezag herwinnen – signalement van de raad voor het openbaar bestuur Liesbeth Spies, burgemeester Alphen aan den Rijn, tevens voorzitter van het NGB Liesbeth van de Wetering, expert op het gebied van regionale samenwerking en democratische vernieuwing, werkzaak bij Gemeente Groningen en Provincie Groningen Lonneke van Noije, Sociaal Cultureel Planbureau Maarten Camps, voormalig secretaris-generaal en ministerie van

Economische Zaken Marion van Dam, omgevingsmanager bij de Nationale Ombudsman Marit de Porto, griffier, gemeente Texel Marja van Bijsterveldt, burgemeester Delft Merlijn Twaalfhoven, componist, filosoof, schrijver Munish Ramlal, ombudsman Metropool Amsterdam Noa Harmsen, student Applied Ethics, Universiteit Utrecht Paul Bosman, filosofische School Nederland Paul Vlootman, directeur Welzijnswerk Midden-Drenthe Pepijn Lijklema, Platform 31, inwoner Texel Pieter Hilhorst, projectleider City Deal Eenvoudig Maatwerk Pieter Verhoeve, burgemeester Gouda Pieternel Geurtz, initiatiefnemer Vrienden van het Jac.P . Thijssepark, inwoner Texel Quint Dekker, student Applied Ethics, Universiteit Utrecht Rikus Kieft, gemeenteraadslid GroenLinks, Texel Rob Rietveld, Nederlands Platform Burgerparticipatie Rogier van der Wal, Platform 31 Saloua Ouari, ambulant begeleider bij CoachEmUp Saskia Bolten, voorzitter van de Woonbond Siegbert van der Velde, oud-directeur Natuur en Milieufederatie Groningen Sietske Zweegman, onderzoeker, hogeschool Inholland Amsterdam Sjakkeliene Klaassen, initiatiefnemer Vrienden van het Jac.P .

Thijssepark, inwoner Texel Susan Top, oud-secretaris Dialoogtafel Groningen Teun Gautier, stadmaker bij Ziegler-Gautier Theo Weterings, burgemeester Tilburg Tom Cordeweners, directie KIEM Willeke Slingerland, lector Weerbare Democratie, Saxion Hogeschool William Moorlag, oud-gedeputeerde provincie Groningen Wouter Eijk, student Publieksfilosofie, Universiteit van Amsterdam Yuri Taks, student Applied Ethics, Universiteit Utrecht Zulia Rosalina, onderzoeker, hogeschool Inholland Amsterdam

65 bijlage ii Samenstelling Raad voor het Openbaar Bestuur Drs. Han Polman, voorzitter Commissaris van de Koning, Provincie Zeeland Prof. dr. ir. Katrien Termeer, vicevoorzitter Hoogleraar Bestuurskunde, Wageningen Universiteit Drs. Angelique Berg Tijdelijk raadslid, directeur­Generaal Centraal Bureau voor de Statistiek Dr. Martiene Branderhorst Algemeen directeur, Gemeente Den Haag Prof. dr. Frank Hendriks Hoogleraar vergelijkende bestuurskunde aan Tilburg University Prof. mr. dr. Frank van Ommeren Hoogleraar Staats­ en bestuursrecht, Vrije Universiteit Amsterdam Drs. Daan Roovers Docent en filosoof, Universiteit van Amsterdam en Erasmus Universiteit Rotterdam Huri Sahin Directeur, Stichting LOKAAL, centrum voor democratie in Rotterdam Drs. Peter Verheij Zelfstandig adviseur en interim­professional publieke sector Drs. Kees Jan de Vet Dijkgraaf, Waterschap Brabantse Delta Drs. Peter Wilms Tijdelijk raadslid, economisch consultant publieke sector 66 gezag herwinnen – signalement van de raad voor het openbaar bestuur HERWINNEN over de gezagswaardigheid van het openbaar bestuur signalement van de raad voor het openbaar bestuur • gezag herwinnen Gezag herwinnen_plano omslag DEF.pdf 1 27-10-2022 12:44

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://steenwijkerland.bestuurlijkeinformatie.nl/Document/LoadAgendaItemDocument/47d0ea03-0daf-4f28-ac76-20afed3bbfde?agendaItemId=e1766e0e-9d34-4532-8845-b3cdd59a19eb