20.1 Uitgangspunten en ambities Strategische Mobiliteitsvisie.pdf
Tekst van het document
Innovatieve vormen van vervoer over water gaan daarin een belangrijke rol spelen. Een aantal kernen is eveneens aantrekkelijk voor de toerist. Daar zijn goede fiets- en parkeervoorzieningen belangrijk. De fiets is een belangrijk vervoermiddel voor recreatie en toerisme. Het is daarom van belang dat ons fietsnetwerk aansluit bij de toeristische publiekstrekkers binnen onze gemeente en op de toeristische locaties in de omgeving. Dit zijn bijvoorbeeld: Drentse Wold, Rottige Meenthe (als “verlengde” van de Weerribben/Wieden), Friese meren en de dorpen, Friese Schansroute (inclusief Kuinre). 4.5 Bezoekers van de binnenstad van Steenwijk en kernen Het grootste deel van de detailhonadelomzet komt van de bewoners van Steenwijkerland, Westerveld en enigszins Weststellingwerf. De vervoerrelaties met deze herkomst gebieden zijn belangrijk. De belangrijke herkomstgebieden liggen op verschillende afstanden. Voor de bezoekers van de binnenstad van Steenwijk zijn dan ook alle vervoerwijzen belangrijk. o Voor personen die lopen zijn looproutes vanuit de wijken van belang en de loopverbindingen vanaf het station en de OV-haltes. o Voor personen die fietsen zijn directe en comfortabele fietsvoorzieningen nodig vanuit de wijken en kernen (tot een afstand van ongeveer 5 km). Tevens is het veilig kunnen stallen van de fiets belangrijk.
o Voor automobilisten zijn duidelijke parkeerroutes en beschikbaarheid van parkeervoorzieningen van belang. Voor kernen met een bovenlokale functie zijn dezelfde uitgangspunten van toepassing. SMVS, ‘Steenwijkerland duurzaam in beweging’, Uitgangspunten en Ambities concept 3 december 2019 | 32
SMVS, ‘Steenwijkerland duurzaam in beweging’, Uitgangspunten en Ambities concept 3 december 2019 | 33 5 Steenwijkerland in de regio Arbeidsmarkt Bereikbaarheid voorzieningen Regionale hoofdfietsroutes Regionaal OV-netwerk Regionale corridors 5.1 Uitgangspunten en ambities Onze uitgangspunten en ambities op regionaal gebied: 1. Het verbeteren van de bereikbaarheid van onze werklocaties vanuit de omliggende kernen, de regionale gemeenten met de grootste pendelstromen en vanuit de regionale OV-knooppunten en vanuit Steenwijkerland naar de belangrijkste werklocaties buiten Steenwijkerland. Voor de korte afstanden (tot 15 km) ligt het accent op de fiets. 2. Het verbeteren van de bereikbaarheid van voorzieningen (onderwijs, zorg) waar onze inwoners gebruik van maken en die niet binnen onze gemeente beschikbaar zijn. 3. Het versterken van de hoofdfietsroutes naar de omliggende regio’s. 4. Het versterken van het regionale OV-netwerk en het behouden van de IC-functie van station Steenwijk. 5. Het versterken van de bereikbaarheid op de regionale corridors. 5.2 Arbeidsmarkt We hebben te maken met een groeiende economie, afname van het aantal jongeren en toenemende vergrijzing. Dit veroorzaakt krapte op de arbeidsmarkt. De arbeidsmarkt binnen het invloedsgebied van werkgevers wordt kleiner.
Werknemers, zoals gespecialiseerd personeel en de starters op de arbeidsmarkt, moeten van verder komen en beschikken niet altijd over een auto. Daarom is een goede bereikbaarheid per fiets (tot 7,5 km), de e-fiets (tot 15 km)en de speed pedelect (tot 25 km)en openbaar vervoer van de grote werklocaties vanuit en in de regio nodig. Onze grootste werklocaties zijn: o de binnenstad van Steenwijk; o de bedrijventerreinen in Steenwijk: Groot Verlaat, Oostermeentherand en Dolderkanaal; o de bedrijventerreinen Kanaalweg en Scheepsdiep in Blokzijl; o het bedrijventerrein Borgherkant in Kuinre; o het bedrijventerrein Boterberg in Oldemarkt; o het bedrijventerrein Schaarkampen in Vollenhove; o Giethoorn. De belangrijkste verplaatsingen in het woon- werkverkeer naar Steenwijkerland (pendelstromen) komen vanuit de gemeenten Weststellingwerf, Noordoostpolder, Meppel en Westerveld. Het aantal uitgaande verplaatsingen in het woon-werkverkeer vanuit Steenwijkerland is een kwart groter dan de inkomende pendel. De uitgaande pendel is het grootst naar Meppel, gevolgd door Zwolle en de gemeente Noordoostpolder en in mindere mate naar Weststellingwerf en Zwartewaterland.
SMVS, ‘Steenwijkerland duurzaam in beweging’, Uitgangspunten en Ambities concept 3 december 2019 | 34 In Steenwijkerland en de directe omgeving zijn geen doorstromingsproblemen voor het gemotoriseerd verkeer en ook niet te verwachten. De A28 is wel een belangrijke corridor voor het logistieke verkeer. Rondom Zwolle is er wel regelmatig sprake van congestie mede ten gevolge van incidenten. We hebben er dus belang bij dat de verkeersdruk op de A28, vooral in het woon-werkverkeer afneemt. Voor onze eigen omgeving leggen we de nadruk op de kwaliteit van de fietsverbindingen en het openbaar vervoer. 5.3 Bereikbaarheid voorzieningen Een aantal voorzieningen waar onze inwoners mede van afhankelijk zijn, ligt buiten de gemeentegrenzen: o Zorg (ziekenhuis): Meppel, Heerenveen, Zwolle en Leeuwarden. o Vervolgonderwijs: Zwolle, Emmeloord, Leeuwarden en in mindere mate Meppel en Wolvega. o Winkelen: Meppel, Zwolle, Emmeloord, Leeuwarden en Wolvega. o Cultuur, musea: Zwolle en Leeuwarden. De verbindingen per auto zijn goed. Voor personen die niet over een auto beschikken, moet de bereikbaarheid per openbaar vervoer op orde zijn. 5.4 Regionaal netwerk hoofdfietsroutes De Regio Zwolle (21 gemeenten en 4 provincies) heeft de ‘Bereikbaarheidsambitie Regio Zwolle’ opgesteld.
Daarin is een aantal ambities en thema’s opgenomen die wij onderschrijven zoals het versterken van het regionale netwerk van hoofdfietsroutes, openbaar vervoer en de corridor Steenwijk-Zwolle. Voor Steenwijkerland is binnen de Regio Zwolle de hoofdfietsroute op de corridor Steenwijk – Meppel – Staphorst – Zwolle van belang. Omdat Steenwijkerland aan de noordrand van de Regio Zwolle ligt, beoordelen wij ook hoe we dit netwerk hoofdfietsroutes willen uitbreiden in de verschillende richtingen. Daarbij geven we prioriteit aan de grootste relaties met als motieven werken en onderwijs en binnen een fietsafstand van 15 km. 5.5 Versterken regionaal OV-netwerk De Regio Zwolle zet in op een versterking van het OV-netwerk. Daarin spelen (nieuwe) knooppunten een belangrijke rol. Voor Steenwijkerland ligt er een belangrijke rol voor de stations Steenwijk en Meppel. Op deze stations kunnen het interregionale netwerk en het regionale netwerk met elkaar verknoopt worden. De stations spelen dan ook een belangrijke rol in slimme vervoerketens naar werklocaties, regionale kernen en publiektrekkers zoals Giethoorn. Het is voor Steenwijkerland de opgave om het (boven)regionale OV-netwerk te verknopen met lokale vervoerservices. Een samenwerking met onze buurgemeenten op dit thema kan efficiënt zijn.
Inwoners kern > 100.000 30.000 – 40.000 20.000 – 30.000 10.000 – 20.000 Bron: Bereikbaarheidsambitie Regio Zwolle, concept juli 2019 SMVS, ‘Steenwijkerland duurzaam in beweging’, Uitgangspunten en Ambities concept 3 december 2019 | 35 De gedachten en discussie over de aanleg van de van de zogenaamde Lelylijn (bijvoorbeeld Groningen – Heerenveen – Lelystad) bloeien mogelijk weer op. Een Lelylijn vermindert de kwetsbaarheid van de verbinding Zwolle – Meppel. 5.6 Multimodale corridoraanpak De verschillende vervoerwijzen en schaalniveaus kunnen niet los van elkaar gezien worden. Als de wegcapaciteit wordt uitgebreid, kan dit een verbetering voor het fietsverkeer of het openbaar vervoer teniet doen (reistijdverhouding). Daarom kunnen de regionale corridors het beste multimodaal beoordeeld worden. Voor Steenwijkerland gaat het om de verbindingen naar de belangrijkste regionale werk- en voorzieningenlocaties (zie paragrafen 5.2 en 5.3). Potentiële maatregelen die passen in de systematiek van de duurzaamheidsladder, zijn: o Het verkorten van fietsverbindingen, het verhogen van de beleving en het realiseren van ontbrekende schakels. o Zorgen voor voldoende kwaliteit van fietsroute(s) naar lokale treinstations (station Steenwijk). o Het verbeteren van de lokale fietsnetwerken tussen de kernen en de werklocaties in de gemeente.
o Het verbeteren van de kwaliteit en kwantiteit van stallingsvoorzieningen bij stations (zoals Steenwijk). Het ambitieniveau is bewaakt of afsluitbaar (geïntegreerd met het OV-gebruik), geen weesfietsen. o Het verbeteren van de kwaliteit en kwantiteit van parkeervoorzieningen (auto) bij treinstations (Steenwijk). o De beleving en sociale veiligheid op treinstations (Steenwijk). o Uitbreiden werkgeversaanpak: spitsmijden en bevorderen gebruik fiets, openbaar vervoer of keten. Deze speerpunten en maatregelen sluiten aan bij onze ambities. Voor Steenwijkerland is het de opgave om, daar waar nodig en mogelijk, er concreet vorm en inhoud aan te geven. Er ontstaat meerwaarde op de gehele corridor als we dat doen in samenwerking met de gemeenten Staphorst, Meppel, Zwartewaterland, Westerveld, Hoogeveen, De Wolden en Weststellingwerf. SMVS, ‘Steenwijkerland duurzaam in beweging’, Uitgangspunten en Ambities concept 3 december 2019 | 36 SMVS, ‘Steenwijkerland duurzaam in beweging’, Uitgangspunten en Ambities concept 3 december 2019 | 37 Bijlage 1: samenvatting themasessie Mobiliteit 3 juni 2019 De wethouder opent de bijeenkomst en bedankt iedereen voor de belangstelling en deelname. Voor de wethouder is het van belang wat mobiliteit in toekomst betekent voor vandaag, bijvoorbeeld de verbetering van fietsvoorzieningen.
Het doel van de eerste bijeenkomst is informatie geven over het proces en bespreken van een aantal thema’s (inventariserend). De planhorizon is variabel, afhankelijk van het thema. Ontwikkelingen die een rol kunnen spelen zijn: vergrijzing, krimp, gezondheid, technologie en digitalisering, autonoom rijden, elektrisch rijden, deeleconomie, toerisme, logistiek (duurzame distributie), opheffen van zwakke OV-lijnen en strekken sterkere lijnen. Ontwikkelingen binnen de gemeente kunnen ook consequenties hebben voor mobiliteit en kunnen sturend zijn. Als voorbeeld wordt genoemd: het draagvlak behouden van het onderwijs, wat is er dan nodig op het gebied van mobiliteit om de leerlingen in Steenwijkerland het onderwijs te laten volgen. De ambities van de gemeente bestaan onder andere uit: toerisme Weerribben en Wieden, duurzaamheid, zelf- en samenredzaamheid. De gemeentelijke ambities worden ook opgenomen in de Omgevingsvisie 2.0. De gemeentelijke ambities krijgen ook een plek in de eerste stap ‘Uitgangspunten en Ambities’. Er zijn enkele thema’s behandeld om te inventariseren wat van belang kan zijn voor de Strategische Mobiliteitsvisie. Fiets Toename gebruik e-fiets, mogelijkheden om de auto te vervangen in het woon-werkverkeer? Daarbij zijn ook van belang: Stallingen, infrastructuur, arbeidsvoorwaarden, cultuur. Belangrijk vervoermiddel voor recreatie en onderwijs.
Fietsen mogelijk maken (openbaar vervoer bijvoorbeeld bij sneeuwval) en terugvalopties bieden. Breedte van fietsvoorzieningen: meer fietsers, verschillende snelheden. Onderhoud fietsvoorzieningen. Bewegwijzering fietsers. Heldere fietsroutes noord-zuid en oost-west. Er wordt verwezen naar de Fietsvisie 2040 van de Fietsersbond. Fietsenstallingen: op zaterdag ongeveer 500 fietsen in aanloopstraten (centrum Steenwijk), soms 700-800. De mogelijkheden voor een pilot met een bewaakte stalling worden verkend. De fiets is ook van economisch belang. Apeldoorn is een goed voorbeeld van goede stallingsvoorzieningen (bewaakt en gratis). Openbaar Vervoer Fijnmazigheid: kan het beter en efficiënter? Rol van de overheid, bedrijven, burgers Welke bestemmingen zijn het belangrijkst? Multimodale overstappunten (transferia), voor verschillende doelgroepen en meervoudige waarde bieden (toerisme, relatie met Lelystad Airport). Duurzame Mobiliteit Duurzame mobiliteit: vanaf 2035 geen auto’s met fossiele brandstof? Amsterdam wordt als voorbeeld genoemd: hoe ver gaat de Strategische Mobiliteitsvisie? Steeds onderscheid maken tussen de rollen van overheid, bedrijven en burgers (facilitator en gebruiker). Ook onderscheiden maken tussen verantwoordelijke, wie betaalt de kosten, wie heeft de benefits.
Duurzame mobiliteit betekent ook kansen creëren: stimuleren maar daar waar nodig ook verbieden. Gebruik deelauto stimuleren/faciliteren. Wat is het meest kansrijk voor Steenwijkerland, wie zijn erbij betrokken? Openbare Ruimte, verdeling ruimte Dorpen zijn vaak vol geparkeerd (2 auto’s per woning). Buiten het dorp parkeren (2 de auto) is een optie. Duidelijk moet zijn wat je er voor terugkrijgt. Bewoners kunnen dat samen oppakken (challenge, participatie). Een goed voorbeeld is de gebiedsgerichte aanpak van de Groenestraat in Blokzijl (1 pp/woning, grenzen stellen). Parkeeroverlast speelt rond het station. Een beoordelingscriterium voor parkeeroverlast is ook de toegankelijkheid voor de hulpdiensten. Toegankelijkheid Verdeling van de ruimte voor verkeer, groen, spelen, verblijven en ontmoeten Inrichting beïnvloedt verkeersgedrag Overige ingebrachte punten Fietsersbond geeft aan: draagvlak houden voor (onderwijs)voorzieningen, mobiliteit mag geen belemmering zijn om onderwijs te volgen in de eigen gemeente. Auto-afhankelijkheid verminderen. Er zijn 33 kernen, de structuur is lastig. In de Strategische Mobiliteitsvisie ook richting aangeven (hoe). Verkeersveiligheid is een belangrijk thema.
SMVS, ‘Steenwijkerland duurzaam in beweging’, Uitgangspunten en Ambities concept 3 december 2019 | 38 SMVS, ‘Steenwijkerland duurzaam in beweging’, Uitgangspunten en Ambities concept 3 december 2019 | 39 Bijlage 2: samenvatting themasessie Mobiliteit 29 augustus 2019 De tweede themasessie staat in het teken van de uitgangspunten en ambities, waarvoor een gespreksdocument is verzonden. o Gert Hut geeft aan dat zijn bedenkingen bij het proces niet in de samenvatting van de eerste bijeenkomst zijn opgenomen. Er ontstaat wat discussie over het proces. Enkele aanwezigen vinden de opkomst mager. Er zijn ongeveer 60 organisaties uitgenodigd. Het is aan een ieder om af te wegen om mee te doen. Alle genodigden hebben daarvoor de gelegenheid gekregen. Voor de eerste bijeenkomst waren, om de opkomst te stimuleren, ook twee tijdstippen gereserveerd. Wat betreft de betrokkenheid van de overige inwoners: er is een panel van ongeveer 200 inwoners die belangstelling hebben voor het thema mobiliteit. Zij krijgen in september de gelegenheid om hun reactie/input te leveren op de ambities en uitgangspunten uit het gespreksdocument. Een terugkoppeling van de reacties en de wijze waarop daar mee wordt omgegaan wordt gewenst (extra bijeenkomst). Ed bespreekt dit na de terugkomst van Peter Traas (vakantie) en hierover worden de deelnemers geïnformeerd.
De opmerkingen over het proces worden overgebracht naar het college. o Er wordt geconstateerd dat er nog geen Omgevingsvisie is. Dat roept de vraag op: wat zijn precies de ambities van de gemeente? De samenhang met de andere beleidsvelden is belangrijk. Er is nu gebruik gemaakt van de ambities die bekend zijn vanuit de verschillende beleidsvelden en het coalitieakkoord. o Er zouden meer streefwaarden in moeten komen (bijvoorbeeld voor het aantal e- en h-voertuigen) zoals wel gebeurd is voor de verkeersveiligheid. o De westelijke kernen komen nog te weinig in beeld en Steenwijkerland heeft niet alleen een oriëntatie op Zwolle. Dit laatste staat overigens wel in het gespreksdocument vermeld. De positie van Steenwijkerland kan sterker worden benadrukt. Hier kan ook de relatie met station Meppel aan de orde komen. o Moeten scheepvaart en waterrecreatie ook niet een thema zijn? o Gemist worden de ambities van Steenwijkerland als afgeleide van Europese, landelijke en provinciale kaders zoals het Klimaatakkoord, het Energie-akkoord, duurzaamheid, Provinciale Omgevingsvisie. Deze ambities kan je confronteren met waar we nu staan en wat er nodig is. Je hebt dan ook meer informatie en analyse over de stand van zaken ‘nu’ nodig. o Er wordt meer aandacht gevraagd voor besloten vervoer, logistiek en recreatieverkeer.
o Waar komen de scootmobielen en driewielers aan de orde? Dat is een onderdeel van inclusiviteit in het conceptdocument ‘Uitgangspunten en Ambities’. Dit wordt verder uitgewerkt in de volgende stap (de Mobiliteitsvisie en de Mobiliteitsagenda). o Er wordt voor de Weerribben een toekomstvisie opgesteld. Daar zitten ook elementen van mobiliteit in. Tijdige inbreng en afstemming zijn gewenst. o Er wordt uitgebreid gesproken over het thema ‘verminderen mobiliteitsbehoefte’. Dit is de eerste trede van de Duurzaamheidsladder. Er worden voorbeelden genoemd zal afhaalpunten, bezorgen en afname van lokale producten, kleine winkels. Interessant is dan wat de rollen en invloeden kunnen zijn van de burgers, ondernemers en de overheid. o Slimme mobiliteit (ketens) is prima, maar er is ook een groep reizigers die behoefte heeft aan één vervoerwijze voor een verplaatsing van deur tot deur. Vrijwilligers inzetten is mooi, maar misschien ook kwetsbaar. Misschien heb je dus wel een structurele professionele inzet nodig. o Graag aandacht voor de problematiek van doorgaand vrachtverkeer in de kleinere kernen. o Aanvullend wordt nog een aantal onderwerpen genoemd zoals: e-laadpalen, energiecoöperaties en duurzame wegen. Dit zijn onderwerpen die mogelijk een rol kunnen spelen in de volgende stap (Mobiliteitsvisie). o Diverse zaken kunnen beter worden geformuleerd in verantwoordelijkheden.
Ook dit moet in de volgende fase aan de orde komen. o Bij werklocaties ook aandacht voor publiekstrekkers. o Het detail- en abstractieniveau wisselen nog al eens, graag gelijktrekken. o De deelnemers ontvangen nog een e-mail (is inmiddels verzonden) met daarin de vraag om te reageren op de uitgangspunten en ambities. Een tijdige reactie is nodig om te beoordelen of er aanvullingen en wijzigingen nodig zijn en om voor een transparant proces, waarin het bestuur van eventuele afwijkende meningen en wensen wordt geïnformeerd. SMVS, ‘Steenwijkerland duurzaam in beweging’, Uitgangspunten en Ambities concept 3 december 2019 | 40 SMVS, ‘Steenwijkerland duurzaam in beweging’, Uitgangspunten en Ambities concept 3 december 2019 | 41 Bijlage 3: samenvatting themasessie Mobiliteit 30 oktober 2019 De derde themasessie is een extra bijeenkomst met als doel: toelichten op welke wijze de reacties van de deelnemers en het bewonerspanel (ruim 30 reacties) zijn verwerkt en het inventariseren van de reacties op het tweede concept ‘Uitgangspunten en Ambities’. Daarna wordt het document aangepast en ter besluitvorming aan het college van B en W aangeboden. Na de vorige bijeenkomst heeft tevens een dialoog met het college van B en W en met de gemeenteraad plaatsgevonden. Aparte gesprekken zijn uitgevoerd met André Hammer en Jurr van Dalen.
Naar aanleiding daarvan is in paragraaf 1.4 een aantal ontwikkelingen beschreven. De reactie van Frans Resink is te beknopt samengevat in het tweekolommenstuk. Een uitgebreidere samenvatting wordt alsnog opgenomen. De e-mail van John Hoogma van 23 oktober is niet nog verwerkt. De opmerkingen worden in het derde concept verwerkt. Thema’s die in de derde bijeenkomst ingebracht zijn: o De verdeling van de openbare ruimte tussen parkeren voor auto’s en fietsen. o Het controleren van het rapport G1000 (Werkplaats Duurzame Mobiliteit, hoofdstuk 4). o Kwaliteit van de fietsroutes: verminderen/beperken wachttijden. o Weren vrachtverkeer: er is daarover al tekst opgenomen in paragraaf 3.2. o Inclusiviteit zit er goed in. o Verbinding maken tussen Sociaal Domein, slimme mobiliteit en participatie. o Balans vinden tussen toename mobiliteit, onder andere ten gevolge van toerisme en recreatie, en leefbaarheid. o Fietsverbinding station Steenwijk – Giethoorn- noord. o De ambities voor de uitvoering: dat komt aan de orde in de Mobiliteitsagenda en de besluitvorming bij voorkeur inclusief de middelen. Het actief zoeken naar middelen is eveneens een opgave. o Handhaving is een onlosmakelijk onderdeel voor het realiseren van een aantal ambities. o Openbaar vervoer over water biedt kansen. o Prioriteit geven aan de aanpak die meerdere doelen dient.
o Anneke Turkstra mailt haar inbreng nog naar Ed. De deelnemers zijn tevreden over het tweede concept en de vooruitgang die is gemaakt ten opzichte van de vorige versie. De gemeente en Ed krijgen hiervoor een compliment van de aanwezigen. SMVS, ‘Steenwijkerland duurzaam in beweging’, Uitgangspunten en Ambities concept 3 december 2019 | 42