CConstaterende datSteenwijkerland
Koppel je AI →
Document · PDF

13.0 Veiligheidsregio - Positief.pdf

Raadsvergadering 25 januari 2022, gemeente SteenwijkerlandBij agendapunt: Ingekomen stukken43.823 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 5

’ Liesbeth: ‘Op een gegeven moment bespraken we met elf burgemeesters of je nou wel of niet een porta potti mocht legen in het toiletgebouw op de camping. In wat voor film zitten we, dacht ik bij mezelf? Soms was het gewoon geestig. ’ Hoeveel ruimte was er om een eigen koers te varen? Arjan: ‘Je moet het zo zien: de minister geeft aanwij- zingen en daar moet Peter (Snijders, voorzitter van V eiligheidsregio IJsselland) zich aan houden. Maar de richtlijnen zijn omschreven in taal. Daar zit dus ruimte. Ben je rekkelijk of precies? Maximaal dertig mensen op een begrafenis is vrij precies, maar mag je bij een ‘De richtlijnen zijn omschreven in taal. Daar zit dus ruimte. Ben je rekkelijk of precies?’ Arjan overlijden buiten een opstelling maken met mensen op anderhalve meter zodat meer mensen de kans krijgen om afscheid te nemen van een overledene? Dat hebben we toegestaan in de regio IJsselland. ’ Liesbeth: ‘Ik wil een groot compliment maken aan de juristen die zich over alle noodverordeningen hebben gebogen. Ze hebben meegedacht over wat hier wel en niet werkt en snappen hoe de wereld in elkaar zit. Die menselijke maat is van belang. Een uitvaart kun je maar één keer doen. ’ Hoe reageerden collega’s uit andere regio’s op jullie aanpak? Arjan: ‘Dat we soms afweken werd gezien. Maar wij waren niet de enige. V oor het land is het soms lastig, dat begrijp ik wel.

Als bv Nederland moet je samen op - trekken, anders werkt het niet. Daarom hebben we de uitzonderingen ook niet aan de grote klok gehangen. Na verloop van tijd werd de afstemming met omliggende regio’s beter , zodat je geen situaties kreeg waarin de ene campinghouder op een regiogrens zijn campinggasten 31 Positief +30Positief + ernstige aanrijding de straat aanveegt is dat wat an- ders. Er zijn echt wel dingen die indruk maken, maar je stroopt je mouwen op. ’ Liesbeth: ‘Meewerken aan het bestrijden van deze cri- sis geeft eerder voldoening dan dat ik er wakker van lig. En het helpt dat we elkaar goed kunnen vinden. ’ Arjan: ‘Ik heb een pragmatische houding ervaren bij velen. Dat zullen de Friezen en Rotterdammers ook zeg- gen, maar voor de collega’s in IJsselland geldt het zeker . ’ Liesbeth: ‘We deden en doen het samen. Het maakt niet uit of je van de grootste of de kleinste gemeente bent, iedereen heeft inbreng. Burgemeesters hebben dat vol- gens mij gewaardeerd. ’ Arjan: ‘De kunst is om het met elkaar vol te houden. Op een gegeven moment kan ook een crisis routine wor - den, maar gewoon is het natuurlijk nooit. ’ Weten jullie nog wanneer dat zo was? Arjan: ‘In de zomer van 2020. De besmettingen liepen terug. We bereidden ons voor op de overdracht naar gemeenten. We hebben het im griff, dachten we.

’ Liesbeth: ‘Inmiddels zijn we gestopt dat te zeggen, want iedere keer komt er weer iets nieuws. Ondanks het feit dat het virus steeds weer oplaaide hadden we vrij snel het gevoel dat de organisatie stond. Dinsdag een pers- conferentie, noodverordeningen, donderdag de nieuwe maatregelen van kracht: we konden het riedeltje wel dromen. ’ Wat hebben jullie als moeilijk ervaren? Stilte. Liesbeth: ‘We moeten nu iets zeggen, Arjan. ’ Arjan: ‘Carbid was een ding, vanwege de verschillen binnen de regio. Net als de rellen die begonnen in Eind- hoven en zich verspreidden over het land. Ik weet nog dat ik dacht: als dit echt zijn beslag krijgt, gaan we te - kort komen bij de politie. Dan kunnen er gekke dingen gebeuren. ’ Liesbeth: ‘Het zijn de momenten waarop je niet weet wat je te wachten staat. Beleidsmatig vond ik het moei- lijk uit te leggen waarom sommige theaters open moch- ten en anderen niet. ’ Wat doen jullie om tegenwicht te geven aan de vele overuren? Liesbeth: ‘Ik vond het fijn dat ik in de periode waarin thuiswerken de norm was, af en toe vanuit mijn woon- plaats Wierden naar Zwolle mocht. Het werd bijna een voorrecht. In mijn privéleven viel er , zoals bij iedereen, veel weg. Normaal sta ik op zaterdagen langs het voet - balveld, dat was niet meer . Misschien dat ik het om die reden ook niet als een stressvolle tijd heb ervaren, er was tijd genoeg.

Sporten ben ik altijd blijven doen. Als het lukte om de vrijdagochtend vrij te houden liep ik hard met een vriendin. ’ Arjan: ‘Ik belde Liesbeth wel eens als ze ergens liep. Dan vertelde ze welk rondje ze rende. “Man, dat vind ik op de fiets nog ver” , zei ik dan. ’ Liesbeth: ‘Sporten werkt voor mij. Soms zei mijn man: “Ik denk dat je even moet gaan lopen. ” Dan wist ik ge - noeg. ’ Arjan: ‘Bij ons heeft de hond overuren gemaakt. En ik ben tijdens de coronacrisis opa geworden. Daar hoef je niet veel voor te doen, maar het is een fijne afleiding. Ik herken wat Liesbeth zegt, de stress valt me mee. Maar we staan wel áltijd aan. Mijn gezin is het wel eens zat. De jongste van veertien staat in het centrum van zijn leven. Dan zegt hij: “Word je nou alweer gebeld?” Dat is nog zo’n eigenschap: we zijn nieuwsgierig, willen niets missen. ’ Jou zagen we in filmpjes hout hakken. Hoeveel kuub heb je gekloofd? Arjan: ‘We hebben een paar bomen omgegooid en die allemaal verwerkt tot brandhout. Het was heerlijk om te doen: samen met die jongens, om beurten sjouwen en kloven. Maar vergeet niet dat ik voor en na de opnames van dat filmpje twee keer ben gebeld. ’ Wat nemen jullie mee uit deze periode? Liesbeth: ‘Ik ben erachter gekomen dat dit werk bij me past.

Ik vind het een voorrecht dat ik onderdeel mag uitmaken van dit team en een aandeel heb in een hoofdstuk dat in de geschiedenisboeken belandt. ’ Arjan: ‘V eiligheidsregio IJsselland bestaat uit twee on- derdelen: een crisisorganisatie en de brandweer . Corona was de uitgelezen manier om het crisisdeel goed te leren kennen. Ik had niet sneller een band kunnen opbouwen met mijn collega’s. Het brandweerdeel is achtergebleven. In normale omstandigheden was ik al lang bij alle posten langs gegaan, daar heb ik een inhaalslag te maken. Wat Liesbeth zegt geldt ook voor mij: ik had het niet willen missen. Geen corona was nog beter geweest, maar als het er dan is, kun je maar beter een rol hebben en meedoen. ’ _ Interview Liesbeth Kleisen / Arjan Mengerink wel toestond om een porta potti te legen, en een camping- houder vijf kilometer verderop – in een andere regio – niet. Het carbidschieten is ook een mooi voorbeeld. Daarbij heb - ben we geprobeerd om de landelijke aanpak te beïnvloeden, met succes. Choose your battles is ook hier van toepassing. ’ Waar lagen jullie wakker van? Arjan: ‘De volgestroomde ic’s. “Waar gaat het heen?” Die vraag leefde erg in de beginperiode, maar nu ook. Er zit een grens aan de ic-capaciteit. Er worden scenario’s gemaakt, waaron- der doemscenario’s.

En als je daar dan in terecht komt… ’ Liesbeth: ‘Op een gegeven moment praatten we over koel- cellen, omdat er een tekort aan plekken dreigde te ontstaan om overledenen te bewaren. Als je dat tot je door laat drin- gen… In zulke periodes word je vroeg wakker en denk je me - teen: ik moet dat nog doen en hier nog aan denken. ’ En toch, jullie komen rustig over. Beheerst. Arjan: ‘Dat hebben we inderdaad gemeen. Er heeft eerder al een soort natuurlijke selectie plaatsgevonden. Mensen die werken bij een veiligheidsregio kunnen dit. Daarbij: wij kunnen iets dóén. Ik heb bij de politie gewerkt. Als je na een ‘Soms zei mijn man: “Ik denk dat je even moet gaan lopen.” Dan wist ik genoeg.’ Liesbeth Interview Positief +3332Positief + Staphorst Staphorst: gemeente met diverse kerkstromingen, grote gezinnen, veel jongeren en een lage vaccinatiegraad. En steen des aanstoots van het hele land als besmettingen stijgen. Het dorp heeft op zo’n moment de aan- dacht van de landelijke media, en bur- gemeester Jan ten Kate is voer voor columnisten. Dat frustreert hem niet, zegt hij. ‘Als je hier burgemeester bent, weet je dat je kritiek krijgt.’ Tekst Lydia Lijkendijk Beeld Gemeente Staphorst Toen Jan ten Kate op 28 mei aantrad als de nieuwe burgemeester van Staphorst, had hij nog net te maken met het staartje van de beperkende maatregelen.

‘Mijn installatie kon niet plaatshebben zoals bedoeld, maar het was toch een mooie dag.’ Hij kwam te- recht in een goed geoliede coronama- chine. ‘Het Gemeentelijk Beleidsteam (GBT) en Regionaal Beleidsteam (RBT), alles liep als een trein’, zegt hij. ‘Er was rust in de tent, er waren weinig be- smettingen. Al gauw schaalden we af naar eens in de week en later eens in de veertien dagen een GBT.’ V ertrouwelijke gesprekken Een groot deel van de Staphorster be- volking heeft om principiële redenen moeite met vaccineren. ‘Voorkómen dat mensen erg ziek worden, blijft steeds onze grootste zorg’, zegt Ten Kate. ‘We zijn er constant over in ge- sprek met de GGD.’ Hij schetst de situatie in Staphorst: ‘Een deel van de Staphorster bevolking ziet God als hoogste macht en niet de overheid. Bij alles wat we doen, heb- ben we daar goed rekening mee te houden. Wij communiceren omzichtig, met zachte hand. We hebben goede ervaringen met een pop up-testloca- tie in Staphorst. Inwoners zijn bereid de voorzorgsmaatregelen in acht te nemen en zich te laten testen. Maar dat willen ze dichtbij kunnen doen en niet in Zwolle of Meppel. Vaccine- ren, of het voeren van vertrouwelijke gesprekken daarover, moet dus ook dichtbij plaatshebben. Niet in een prik- bus op het marktplein, want daar kun je niet ongezien naar binnen. Maar wel bij de huisarts.

Als een moeder of een jongere daar toch is voor iets an- ders, is het gemakkelijker het gesprek op het vaccineren te brengen. Op die manier kunnen mensen hun keuze heroverwegen.’ Kritiek uit alle windstreken Het hele land weet altijd wat de beste aanpak is voor Staphorst. ‘Wij krijgen veel goedbedoelde adviezen’, zegt Ten Kate eufemistisch. ‘Maar binnen ons team kennen wij de Staphorster context en wij weten zelf heel goed wat de beste strategie is in het vac- cinatiedilemma.’ Dat kritiek die in coronatijd uit alle windstreken op hem afkwam, frustreert hem niet. ‘Als je in Staphorst burgemeester bent, krijg je kritiek. Dat hoort bij de baan. Een column is ook maar een verdienmodel in de krant. Wat ik wel jammer vind, is dat ik er niet aan toe kom het mooie verhaal van Staphorst te vertellen. De dag waarop zes cameraploegen voor het gemeentehuis stonden, was ook de dag waarop het hoogste punt werd bereikt van de hoogste woontoren in de Benelux, die verrijst in Rotter- dam-Zuid. De gevelbekleding en kozij- nen zijn geproduceerd in Staphorst en worden geïnstalleerd door mensen uit Staphorst. Onze bedrijven en mensen zijn experts in hun vakgebied die hun werk doen in de hele wereld. Dát zou ik graag meer willen vertellen.’ Samenwerken met kerken en de GGD De kerk speelt in het leven van de Staphorsters een grote rol – en juist daar konden ze niet heen tijdens coro- na.

Dat het contact met geloofsgeno- ten wegviel, deed iets met de mensen weet Ten Kate. ‘Ik was laatst bij een bruidspaar dat 55 jaar getrouwd was. De vrouw had voor het eerst in ander- half jaar haar oorijzer weer op, want dat draagt ze alleen naar de kerk en op hoogtijdagen.’ Tijdens de gehele coronaperiode was er goed contact tussen de gemeente en de kerken. ‘Het is heel mooi dat de kerken zelf veel initiatief namen. Placeren, banken vrijhouden, toezicht houden op de anderhalve meter. Maar in gezinnen met tien kinderen gaat het rap met de besmettingen. Dus wij blijven duwen op aanhoudend testen in het gezin en communiceren voort- durend de regels rondom het testen.’ Niet alleen met de kerken, ook met GGD IJsselland was en is het fijn en snel schakelen in Staphorst. ‘Als we op donderdag weten dat de besmettin- gen oplopen, hebben we op dinsdag een werkende pop up-testlocatie’, zegt de burgemeester met enige trots. In saamhorigheid is Staphorst goed Jan ten Kate koos bewust voor het burgemeesterschap van Staphorst. ‘De Staphorsters staan voor hun principes en idealen, daar houd ik van. De socia- le cohesie in deze gemeente is bijna de hoogste van Nederland. In saamhorig- heid zijn wij goed. Tijdens de corona- periode waren mensen er voor elkaar. Dat vond ik heel mooi om te zien.

Het is belangrijk dat we dat vasthouden.’ Ook mooi vond hij het om zoveel be- moedigende appjes en berichtjes te krijgen van collega-burgemeesters in de veiligheidsregio en van de GGD op momenten dat Staphorst onder vuur lag. ‘Dat was heel fijn en heeft ons gesterkt in onze aanpak.’ Persoonlijk heeft de coronaperiode hem geleerd dat digitaal vergade- ren best een optie is, al heeft hij er een verschrikkelijke hekel aan. ‘Mijn moeder van 90 is via haar iPad gaan bingoën en facetimen met de achter- kleinkinderen. Zoiets is natuurlijk leuk, maar voor de rest wil ik heel graag af van corona.’ ‘De Staphorsters staan voor hun principes en idealen, daar houd ik van.’ _ In de vuurlinie van de media Jan ten Kate Burgemeester Mooie initiatieven Samen maken we er iets (moois) van Van zonnebloemen uitdelen en raambezoeken tot de organisatie van een heus lichtjesfeest: ondanks alle moeilijke momenten in de coronacrisis, ontstonden er ook allerlei mooie inititatieven. Mensen sloegen de handen ineen en probeerden samen de pijn en het leed te verzachten. Een overzicht van enkele bijzondere gebeurtenissen. Tekst Gemeenten IJsselland Knutselen voor ouderen met kinder- burgemeester Myla Oudere mensen in de gemeente Dalfs- en opvrolijken met iets moois; dat was het idee van kinderburgemeester Myla Groenendijk.

Haar oproep aan alle kin- deren uit de gemeente Dalfsen om iets te knutselen, leverde postzakken vol moois op. Samen met haar medekandi- daatjes voor het kinderburgemeester - schap ging ze op pad om de knutsel- werkjes rond te brengen. En dat zorgde voor veel leuke reacties. _ _ _ Bewoners solidair met ondernemers Binnenstadbewoners van Zwolle kregen op meerdere manieren te maken met de coronamaatregelen. Looproutes, wachtrij- en waar ze omheen moesten manoeuvre- ren, verruiming van terrassen en de rellen rond de avondklok: ze moesten veel incas- seren. Toch dachten bewoners ruimhartig mee over de nodige maatregelen. Binnenstadbewoner Bart Dikkeschei: ‘Natuurlijk is het in coronatijd belangrijk om solidair te zijn met de ondernemers in onze stad. Nu de maatregelen minder nodig zijn, kijken we graag welke we willen behouden en welke we willen te- rugdraaien. De verruiming van de terras- sen was leuk, maar leidde er ook toe dat voetgangers geregeld over de rijbaan liepen omdat de terrassen deels op de stoep stonden. Gevaarlijke situaties, en voor mensen met een beperking ontzet- tend lastig. Aan de andere kant hebben we stukken van de binnenstad autoluw gemaakt. Deze maatregel blijkt ontzet- tend prettig voor de buurt en zouden we graag permanent willen maken of zelfs uitbreiden. De coronamaatregelen heb- ben ons de kans gegeven ervaring op te doen met wat werkt en wat niet.

Dat in- zicht nemen we mee voor de toekomst.’ _ _ _ Laten zien hoe bizar het was ‘Ik wilde laten zien hoe bizar het was, dat we allemaal binnen zaten’, begint Evita Medendorp. De fotografe uit Zwartsluis verwonderde zich over de situatie tijdens de coronacrisis. ‘Overal in het dorp zag ik linten die aangaven waar je wel en niet mocht komen.’ Evita besloot langs de huizen te gaan om door de ramen foto’s te maken van het alledaagse leven. ‘Dat mensen niet op kraamvisite konden of dat ze bij een verjaardag cadeautjes bij de deur moesten neerleggen’, vervolgt ze. ‘Ik wilde het vooral vastleggen zodat we het blijven herinneren.’ Het zorgde voor af- leiding in een tijd waarin ook fotografen gehouden waren aan regels en daardoor minder opdrachten hadden. ‘Ik heb zo veel mensen gezien en gesproken. Op af- stand uiteraard. Jong en oud, dat maakte het zo leuk. Ik hoop de foto’s in een boek beschikbaar te maken.’ _ _ _ Het momentje van de week Wat doe je als je elkaar van de ene op de andere dag niet meer kunt ontmoe- ten? Voor die uitdaging kwam Monique Platel, consulent bij Welzijn Zwartewa- terland, tijdens de coronacrisis te staan. ‘Juist daarom wilden wij wel contact houden met een bepaalde groep men- sen’, kijkt Platel terug. De organisatie zette de Telefooncirkel op. Een groep van acht personen voerde in anderhalf jaar tijd honderden telefoontjes.

‘We bo- den een luisterend oor aan de inwoners uit de gemeente Zwartewaterland die dat nodig hadden. Aan ouderen die nog zelfstandig woonden en bijna niemand meer spraken. Maar ook aan mantelzor- gers die door de coronacrisis overbelast raakten.’ Het initiatief bleek een schot in de roos. Platel: ‘Door deze gesprekken ontstonden nieuwe initiatieven. Zoals een kaartjesactie op school en een bingo op straat. Er ontstonden zelfs nieuwe vriendschappen.’ Noaberschap door coronahulplijn Er was veel vraag naar nazorg tijdens de coronacrisis. Vanwege problemen die ontstonden bij bijvoorbeeld rouw- en verliesverwerking, relatie- en financiële problemen. Daarom zette Stichting de Kern in samenwerking met WIJZ (Wel- zijn) Kampen de coronahulplijn op. Met veel vrijwilligers die per geval keken of hulp geboden kon worden. Daaruit ont- stonden prachtige matches: mensen de- den boodschappen voor iemand in qua- rantaine, lieten honden uit, maakten een praatje met iemand die zich eenzaam voelde of snoeide de heg bij iemand die dat zelf niet meer kon. Het ouderwetse ‘noaberschap’ kwam terug. Vind naast het vaccin nog iets tegen corona Een groep ouders uit Dedemsvaart zat in coronatijd niet stil. Samen maakten ze een online escaperoom over De- demsvaart. Door de code van de spel- len te kraken, konden jongeren uit de gemeente Hardenberg naast het vaccin nog iets tegen corona vinden.

3534Positief + Tot oktober 2021 werden door het ROT en RBT 303 besluiten en acties genomen Myla Groenendijk Binnenstadbewoners van Zwolle Arbeidsmigranten in Ommen In Ommen wonen circa 400 arbeidsmi- granten. Ook deze groep moest de mo- gelijkheid krijgen gevaccineerd te wor- den, zodat de arbeiders veilig naar hun thuisland kunnen reizen. Hans Vroomen: ‘We hebben met GGD IJsselland naar een mogelijkheid gezocht om dit goed te organiseren, ik heb veel waardering voor de manier waarop GGD IJsselland heeft meegedacht. Arbeidsmigranten bereiken is niet zo makkelijk; je bent er niet door iedereen een brief te sturen, want de aard van de groep en de situatie waarin mensen verkeren, is divers. Samen met uitzendbureaus hebben we afspraken gemaakt over de vaccinatie van hun buitenlandse medewerkers. Een mooie bijvangst daarvan is dat we nog nooit zo dicht bij onze arbeidsmigranten zijn geweest. Wij hebben meer zicht op wie zij zijn en waar zij wonen. We kunnen ervoor zorgen dat zij goed gebruik kun- nen maken van de voorzieningen die er voor hen zijn, en dat zij op een goede en menswaardige manier onder dak zijn.’ Positief + Dalfsen blijft thuis In de eerste maanden van de co- ronapandemie stond het werk voor fotograaf Robert Westera uit de ge- meente Dalfsen stil. Opdrachten waren afgezegd en nieuwe bleven door de coronamaatregelen uit.

Dus toen Robert op social media fotografen voorbij zeg komen die op een inspirerende manier de crisis vastlegden, aarzelde hij niet en legde hij dalfsenblijftthuis.nl vast. Robert ging op de fiets door Dalfsen en fotografeerde gezinnen in hun thuissi- tuatie. Niet alleen achter glas, maar ook rondom huis. Robert: ‘Op social media had ik een oproep geplaatst wie mee wilde doen. Daarnaast heb ik zelf een aantal personen gevraagd, waaronder burgermeester Erica van Lente. In drie weekenden fotografeerde ik bijna alle deelnemers. Dit ging lekker vlot omdat ik er geen fotoshoot van wilde maken: het ging erom de Dalfsenaar in corona- tijd in beeld te brengen.’ Het resultaat is een mooie fotoserie en de herinnering aan een aantal mooie gesprekken tij- dens het fotograferen. _ _ _ Corona- monumenten bieden plek om te gedenken en te herdenken Op de zes algemene begraafplaatsen in de gemeente Kampen zijn coro- namonumenten onthuld. Met de ge- denkplekken in Kampen, IJsselmuiden, Wilsum, Zalk, Kamperveen en Grafhorst biedt de gemeente de gemeenschap een plek om te gedenken en te herden- ken. Een plek die steun en troost biedt aan iedereen die er wil zijn. Daarmee is het niet alleen een plek voor mensen die iemand verloren hebben aan coro- na, maar ook voor mensen die verdriet of verlies hebben geleden in coronatijd.

Het monument bestaat uit een Japanse notenboom, de Ginkgo Biloba, ook wel de ‘boom van hoop’ en het ‘symbool van de kracht’ genoemd. Bij de boom staat een natuursteen met een gravure die speciaal voor het monument werd geschreven: Dit is de Ginkgo Biloba. De boom van Hoop. Terwijl de wereld om ons heen veran- dert, blijft deze boom bestaan. Net als de herinnering aan de dierbaren die we verloren in coronatijd. Wat we ook doen, ze zijn in onze ge- dachten. Elke dag. Aandacht voor elkaar Begin oktober 2020 riep de gemeente Raalte inwoners op om mee te doen aan de kaartenactie ‘Aandacht voor Elkaar’. Inwoners konden op een crea- tieve manier een positieve boodschap delen. Honderden mensen deden mee. Tekeningen, schilderijen, glitters, ge- dichten, alles kwam voorbij. En dat leverde een hartverwarmend resultaat op. Een enorme logistieke operatie Bewoners van woonzorgcentrum Het Weijtendaal in Wijhe zaten begin februari startklaar voor hun corona- prik. ‘De meeste bewoners wilden die vaccinatie graag hebben’, vertelt verpleegkundige Gea Lankheet.

‘Van tevoren hebben we er met iedereen heel open over gesproken en de vragen die mensen hadden zo goed mogelijk beantwoord.’ Na een enorme logis- tieke operatie – zo moeten de vaccins bij een specifieke koeltemperatuur bewaard worden tot gebruik – lukte het Zorgspectrum Het Zand om in drie dagen tijd de bewoners die onder ver - antwoordelijkheid van de verpleeghuis- artsen vielen, te vaccineren. Zelfs de plaatselijke apotheker hielp een handje mee om alles goed te laten verlopen. _ _ _ Licht in alle dorpen en stadjes Sanne Jansen uit Steenwijk kwam voor de kerst van 2020 met een verrassend leuk plan: een lichtjesfeest in Steenwij- kerland. Ze deed een oproep aan alle Steenwijkerlanders om kaarsjes aan te steken, lichtsnoeren en lampen op te hangen en aan te doen. Van Steenwijk tot Kuinre, van Sint Jansklooster tot Tuk, van Oldemarkt tot Giethoorn, van Vollenhove tot Willemsoord: in heel Steenwijkerland scheen het licht. _ _ _ Regio Hardenberg: ‘met 1,5 meter afstand de leukste’ Toeristen komen altijd naar de regio Hardenberg, dus ook in coronatijd toen veel mensen Nederland als vakantie- bestemming kozen. Hoe houd je de regio aantrekkelijk, gezellig en vooral veilig? De regio Hardenberg gebruikte hiervoor de leus ‘Regio Hardenberg, met 1,5m afstand de leukste!’ Met deze boodschap werden bezoekers en inwo- ners op een vriendelijke manier gewe- zen op de 1,5-meterafstandsregel.

Lettele fleurt op Vraag een willekeurige inwoner van Lettele naar het mooiste lokale initia- tief in coronatijd en de kans is groot dat het antwoord ‘de zonnebloemactie’ is. Coördinator Maria Aarnink kijkt er tevreden op terug. Vrijwilligers van Vrij- willigersknooppunt Lettele bezorgden op 135 adressen een mooie bos zonne- bloemen. Met een kaartje met de tekst ‘In deze donkere coronaperiode een zonnig bloemetje namens iedereen uit Lettele!’ ‘We vroegen onze 45 vrijwilli- gers wat we konden doen voor plaats- genoten die ziek of eenzaam waren of in de zorg werken. Eén vrijwilliger op- perde iets te doen met zonnebloemen. Daar zijn we mee aan de slag gegaan”, zegt de 68-jarige Maria. Het dorp fleurde letterlijk op dankzij de zonne- bloemactie. “Het gebaar werd gewaar - deerd. Vooral ouderen vonden het fijn dat ze een praatje konden maken. Echt een topactie.’ _ _ _ Snertactie Samen met een aantal buurtbewoners nam Joke Seekles in de wijk Clingen- borgh in Steenwijk het initiatief voor ‘raamvisite’. De buurtgenoten klopten bij mensen op het raam, zwaaiden even, maakten een praatje en brachten kaart- jes en bloemetjes langs. Ze bedachten ook de ‘snertactie’ en bezorgden erw- tensoep bij inwoners. Een actie die door een welzijnsorganisatie ook in andere wijken werd uitgerold.

De bolderkar die door Joke werd ingezet om snert en an- dere attenties mee te vervoeren, werd -met subsidie van de gemeente- vervan- gen door een elektrische bakfiets. Deze bakfiets wordt inmiddels ook ingezet als buurtkar door andere buurt- en stads- genoten. Beleef ’t in Ommen ‘Corona trok een zware wissel op het verenigingsleven in de gemeente Ommen. De ledenaantallen liepen terug, activiteiten lagen bijna helemaal stil. De verenigingen konden wel een boost gebruiken’, vertelt wethouder Scheele die sport en cultuur in zijn portefeuille heeft. ‘Daarom organiseerde de gemeente in 2021 in september -traditioneel de start van het nieuwe sport- en cultuurseizoen- diverse activiteiten onder de naam ‘Beleef ’t in Ommen’. Met vrijwilligers en een aantal verenigingen werd een programma opgesteld. Van een sportdag voor basisschoolleerlingen en fotopuzzeltochten tot de uitreiking van de cultuurprijs. In het huis-aan-huis verspreide programmaboekje konden inwoners alle activiteiten terugvinden, inclusief een dertigtal kortingscoupons om kennis te maken met verenigingen.’ 3736 Mooie initiatieven Positief + Fotograaf Robert Westera Coronamonumenten Woonzorgcentrum Het Weijtendaal Vrijwilligersknooppunt Lettele Creativiteit zorgt voor lach op het gezicht Inwoners van Staphorst deden er alles aan om elkaar een hart onder de riem te ste- ken.

Vele creatieve uitingen zoals prachti- ge stoepkrijttekeningen, zorgden ondanks de zwaarte van de periode bij menig Stap- horster voor een lach op het gezicht. Staphorst Interview Positief +39 ‘Een verbod zou het oude sentiment in de kaart hebben gespeeld’ Johan Ekkel Politiechef Bort Koelewijn Oud-burgemeester Kampen Middenin de tweede coronagolf besloot het bestuur van Kampen carbidschieten tijdens de jaarwisseling toe te staan. Een kwetsbaar besluit dat mede dankzij de inzet van de schutters goed uitpakte. Op het politiebureau van Kampen blikken politiechef Johan Ekkel en (inmiddels) oud-burgemeester Bort Koelewijn terug. Tekst Job Hulsman Beeld Viorica Cernica Interview 41 Positief +40Positief + Interview Johan Ekkel / Bort Koelewijn Toen Bort Koelewijn in september 2021 na twaalf jaar afzwaaide als burgemeester van Kampen klonk er een aantal doffe saluutschoten. Deksels vlogen van melk - bussen, afgeremd door vastgeknoopte oude broeken. Zo gaat dat in Kampen. Bort kijkt er met genoegen op terug: ‘Het deed me goed. Het is niet voor niets dat het Schuttersgilde met een man of tien aanwezig was bij mijn afscheid. We hebben een band opgebouwd de af - gelopen jaren. Dat ga ik missen. ’ Kampen en carbidschieten horen bij elkaar . De oudejaarstraditie, inmiddels cultureel erfgoed, gaat terug naar het begin van de twintigste eeuw . Politiechef Johan Ekkel weet er alles van.

Of althans, bijna alles. Samen met zijn neef Jonn van Zuthem schrijft hij een boek over de jaarwisseling in Kampen, dat in 2022 ver - schijnt. Het onderzoek is nog bezig. Johan: ‘Het is altijd een kat-en-muisspel geweest tussen de carbidschieters en de politie. Al in de jaren dertig zagen we de eerste relletjes op de Sint Nicolaasdijk. Het melkbusschieten is groot geworden omdat het sensatie gaf. ’ Vrijwel meteen na zijn aanstelling als burge - meester in 2009 werd Bort benaderd door bewoners van de wijk Brunnepe. ‘Ze klaagden over het vele ge - schiet, ’ blikt hij terug. ‘In oktober al, zo vroeg begon het dus. De wijkagent ging het gesprek aan met de schut - ters, maar dat had weinig effect. Hij vertelde me: “ Als ik de schutters overdag spreek zijn het redelijke mensen, maar ‘s avonds zijn ze totaal van mij vervreemd. Ik heb er geen vat op. ” Richting de kerst liep het uit de hand. Het was of hard erop of met de buurt in gesprek. ’ In samenspraak met de politie koos Bort voor het laatste. Er werd een avond georganiseerd in het buurthuis, die goed werd bezocht dankzij de inzet van jongerenwer - kers en de medewerking van vooraanstaande inwo - ners. ‘Daar heb ik het volgende gezegd: “Ik wil dat jullie je aan regels gaan houden. Het dag en nacht schie- ten is vanaf nu voorbij. Jullie mogen schieten in de week voor oud en nieuw , van zes tot tien uur ‘s avonds.

Daar- mee stel ik me kwetsbaar op, want ik handel in strijd met de regels. Maar als we deze afspraak kunnen maken, wil ik er voor gaan. ” Ze gingen akkoord en dankzij de mede- werking van wijkagenten werden het geen loze beloftes. Dat jaar was ik iedere avond ter plekke in de week voor oud en nieuw . Ik wilde met eigen ogen zien dat de melk- bussen na tien uur achter de voordeur gingen. ’ Sindsdien voeren het bestuur van Kampen en de politie gesprekken met schutters. Johan: ‘Het sentiment dat een knokpartijtje met de politie onderdeel is van oudjaarsavond is inmiddels verdwenen. De uitdaging was om het carbidschieten terug te brengen naar een evenementachtige sfeer . Reguleren dus. Zo is het lang niet geweest. Het was gedogen of verbieden. Optreden of laten gaan. In de afgelopen elf jaar hebben we een band opgebouwd met de schutters, er is zelfs een schuttersgil- de opgericht waarmee we voortdurend in gesprek zijn. ’ Vergrootglas op Kampen Daarmee komen we bij het besluit van het bestuur van Kampen om het carbidschieten door te laten gaan tij- dens de jaarwisseling van 2020, middenin de tweede coronagolf. Bort: ‘Onze prioriteit was niet om het car- bidschieten door te laten gaan, we wilden de versprei- ding van het covidvirus tot een minimum beperken. Maar met een landelijk verbod, waar in eerste instantie sprake van was, zouden we het oude sentiment in de kaart spelen.

Dat was een zekerheid. Er zou hoe dan ook met melkbussen geschoten worden, daarvoor zit deze traditie te diep geworteld in de gemeenschap. De vraag was dan alleen in welke hoedanigheid. ’ Johan en Bort noemen de jarenlange investerin- gen ‘een grote winst’ . Rebelse jongeren waren volwassen geworden en het schuttersgilde zag zelf ook in dat er risi- co’s kleefden aan een ongecontroleerde jaarwisseling. Jo- han: ‘Net als wij kennen ze de gevoeligheden. Zij vroegen aan ons: “Hoe kunnen we er met elkaar voor zorgen dat het binnen de perken blijft? We willen het op een goede manier regelen. ” Met die houding konden we in overleg. ’ In de weken voor de jaarwisseling werd druk vergaderd. Wat was wijsheid? Durfde Kampen het, de schutters ruimte geven om daarmee de verspreiding van het coronavirus gecontroleerd te beperken? Bort: ‘Het was veel werk, dat hebben we zwaar onderschat. ’ Johan: ‘In Zwolle was het verboden. Er lag een ver - grootglas op Kampen. Als het mis ging zou het besluit zich tegen ons keren. Het Schuttersgilde begreep dat en werkte voortreffelijk mee. ’ Bort: ‘Wat heet, in de da- gen voor de jaarwisseling zat een afvaardiging van het schuttersgilde op het stadhuis om alles geregeld te krij- gen. Samen hebben we een topprestatie geleverd.

’ De voormalig burgemeester benadrukt dat het niet had gekund zonder steun van collega’s in de regio: ‘Ik ben dankbaar voor de ontvankelijkheid bij collegabestuurders in de regio IJsselland. Op basis van ons verhaal en de steun die we kregen schreef Arjan ‘Zonder de investeringen in de jaren ervoor hadden we dit nooit voor elkaar gekregen.’ Bort 43 Positief +42Positief + Interview Mengerink, directeur van V eiligheidsregio IJsselland, een beleidsvoorstel dat het haalde in het landelijk V ei- ligheidsberaad. Dus er kwam geen landelijk verbod. De strekking van het verhaal: een verbod leidt juist tot méér geschiet. Dat klinkt tegenstrijdig, maar wie de ge - schiedenis kent, snapt het. Een rustige jaarwisseling In samenspraak met het gilde en de politie kwam het bestuur van Kampen tot de volgende opzet: het schie - ten werd beperkt tot vijftig plekken. Op de plekken werden verantwoordelijken aangewezen, die het aan- spreekpunt waren voor de politie. Er gold een regis- tratieplicht om groepsvorming te voorkomen. Vuur en drank waren verboden. Bort: ‘Zonder de investeringen in de jaren er - voor hadden we dit nooit voor elkaar gekregen. Nooit wilde iemand verantwoordelijk zijn op een schietloca- tie. En zowel vuur als drank verbieden was in normale omstandigheden te veel in een keer geweest. ’ Johan: ‘2020 was een van de rustigste jaarwisselingen die ik me kan herinneren.

Los van een aantal gebruikelijke meldingen is er niets noemenswaardigs gebeurd. Ik had overdag dienst en heb de jaarwisseling in familie - kring gevierd. Of ik nog geschoten heb? Nee, dat doe ik niet. Als het misgaat kun je het verhaal wel uittekenen. ’ En Bort? ‘Ik heb diverse locaties bezocht en net als Johan niet geschoten, ondanks de vele verzoeken die ik kreeg om melkbussen aan te steken. Waarom? De wens blijft om niet te schieten. Wat we hebben gedaan was een vorm van gedogen. Daar wilde ik niet mee pronken, het zou een verkeerd voorbeeld zijn. Trots was ik wel. In de 3e Ebbingestraat bij het monument kwam een dame naar me toe die me omhelsde en me een kus op de wang gaf. Omdat ze zo blij was dat ze mocht schieten. Het was in strijd met alles, maar een mooi gebaar . Ik ben blij dat er geen foto’s van zijn... ’ Helemaal zonder risico’s was de operatie niet, beaamt Bort. ‘Stel dat er een covid-brandhaard was ontstaan in Kampen. In de dagen na de jaarwisseling heb ik steeds naar de cijfers gekeken. Maar een piek bleef uit. Het was een enorme geruststelling. Het had ook anders kunnen lopen, want het gedrag van mensen is altijd maar beperkt beïnvloedbaar . ’ Eén bewoner diende een klacht in tegen de burgemeester vanwege de gemaakte keuze om het car- bidschieten door te laten gaan. Bort: ‘Ik ben met die bewoner in gesprek gegaan en heb onze overwegingen toegelicht.

Diegene bleef het met mij oneens. Dat mag. De klacht ligt inmiddels bij de provinciale ombudsman. ’ ‘Het is niet af’ Over de toekomst van het carbidschieten zijn Johan en Bort eensgezind: het gesprek moet doorgaan. Laatst - genoemde: ‘Mijn zorg is, en dat zeg ik als burgemeester buiten dienst, dat het gemeentebestuur ineens zou zeggen: “En nu is het afgelopen. ” In dat geval wordt de politie met een groot probleem opgezadeld. Je wekt de verwachting dat het stopt, maar dat is niet reëel. Het gesprek blijven voeren leidt tot minder overlast, waar - mee je automatisch tegemoet komt aan de wensen van de anti-carbidschieters. Sommigen vinden dat ik te weinig heb gedaan voor tegenstanders van het carbid. Maar bij mijn aanstelling werd in Kampen op iedere vierkante centimeter geschoten, al maanden voor de jaarwisseling. Op veel plekken gebeurt het niet meer , er is toezicht en kinderen krijgen les in veilig schieten via het Schuttersgilde. Dat is al met al een enorme verbe - tering. Ik ben trots op hoe we het hebben aangepakt en blijf het met belangstelling volgen. ’ Johan: ‘Hoe het gaat met het alcoholverbod en een registratieplicht komende jaarwisseling weet ik niet, maar schietlocaties en verantwoordelijken per plek houden we in stand. Ik hoop bovendien dat we de grote vuren in goed overleg kunnen beperken.

’ En de verdere toekomst? ‘Ik kan me voorstellen dat we het aantal plekken afbouwen. Vijf of zes schietlocaties per wijk is veel, dat kan minder . We bewandelen de weg van de geleidelijkheid. ’ _ ‘ Er lag een vergrootglas op Kampen.’ Johan Column Een ‘inschattingsfout’ Maandag 19 oktober 2020 Rianne van den Berg Dit weekend stonden de media bol van de geplande vakan- tie van onze koning. De geplande vakantie in Griekenland viel helemaal verkeerd bij een groot deel van het Neder- landse volk. Premier Rutte, die verantwoordelijk is sprak over een ‘inschattingsfout’. Op een of andere manier puzzelt mij dat woord inschat- tingsfout. Wat is eigenlijk een inschattingsfout? Zelf ben ik me zeker in deze crisis elke dag weer bewust van de grote keuzes die ik moet maken. Keuzes over bijvoorbeeld het aantal mensen dat we aannemen en de huur van nieuwe tijdelijke locaties. Keuzes die ook bepalend kunnen zijn voor de samenleving. De impact van corona is immers enorm groot, dat zien we ook nu weer in de tijdelijke lockdown. Als GGD IJsselland geven we dit jaar vele miljoenen extra uit aan de bestrijding van corona; het aantal GGDIJ-medewer- kers is eind dit jaar ten opzichte van 1 januari verdubbeld. Zelf voel ik me het meest zeker als ik op basis van feiten kan beslissen. De coronacrisis leert me dat alleen bij de feiten blijven betekent dat we als GGD achter de feiten aan gaan lopen.

Veel weten we immers niet. Voorwaarts denken en beslissingen durven nemen is daarom mijn credo! We zijn in deze langdurige crisis niet zeker over hoe deze keuzes uitpakken. Juist om die reden spreken we als MT veel met elkaar en delen we de belangrijke keuzes en dilemma’s; dat helpt voor een brede blik. Als GGD-professionals zijn we aan zet en staan we meer dan ooit in de picture. Dat is wat de buitenwereld van ons ver- wacht en van ons ziet en wat er ook na deze crisis echt toe doet. Ik zie dagelijks de vele voorbeelden in onze GGD waar jullie je rol oppakken: al ons reguliere werk dat gewoon doorgaat, de uitvoering van het Rijksvaccinatieprogramma (RVP), de aandacht voor psychische gezondheid van jonge- ren en ouderen, een prachtige film over suïcide, dromen over de ‘gezonde leefomgeving’, de regionale kenniswerk- plaats jeugd die van start gaat etc etc. Dank jullie wel voor de noodzakelijke snelheid, flexibiliteit en oplossingsgericht- heid waarmee jullie juist in deze crisis je werk doen! En…..achteraf? Dan zal er zeker voor de buitenwereld, spra- ke zijn van inschattingsfouten. Het verhaal dat er dan toe doet is echter het verhaal van de professionals die aan zet waren.

Mijn vraag aan jullie: blijf vooral aan zet ook komen- de tijd, maak het verschil, overleg over dilemma’s met colle- ga’s en durf om te gaan met de onzekerheden! _ Rianne van den Berg is zowel directeur publieke gezondheid als directeur GGD IJsselland. Regelmatig schrijft ze voor alle medewerkers een bericht voor het intranet van GGD IJsselland. Onderstaande column verscheen op 19 oktober 2020.

Beeld Jarno Kraayvanger Impact GGD Wat is de impact op de GGD? De GGD groeide hard in korte tijd en had op het hoogtepunt vijf keer zo veel medewerkers in dienst als voor de crisis. V oor de crisis was de GGD ook bezig met vaccineren, testen afnemen en de gezondheid van mensen. Preventief, maar ook bij kleine ziekte-uitbraken. Maar op veel kleinere schaal. De ongekende omvang van de coronacrisis had enorme gevolgen voor de organisatie van de GGD. Van een reguliere dienst naar een crisisorganisatie: hoe ging de organisatie daarmee om? Tekst Esther Wolters / Diana de Groot /Hans Lambrechts / Vivian Buitendijk ‘Niemand wist welke kant de pandemie op zou gaan’ Strategisch manager van GGD IJsselland Anoushka Knoef: ‘In het begin was het werk chaotisch. Na elke persconferentie overlegden we over eventuele maatre- gelen en mogelijke gevolgen voor alle onderdelen van onze dienstverlening. Zoals voor seksuele gezondheid, jeugd- gezondheidszorg of centrale toegang. Onderzoeken en spreekuren kun je bijvoorbeeld niet vanuit huis uitvoeren en sommige werkzaamheden vielen stil. Niemand wist welke kant de pandemie op zou gaan.’ Twee werelden ‘Medewerkers boden spontaan aan om op een andere plek te werken waar mankracht harder nodig was. Aan de ene kant was de organisatie bezig met het bestrijden van de crisis, aan de andere kant moesten de reguliere taken ook doorgaan.

Denk aan toezicht op kinder- opvang, contact met zwerfjongeren, de hielprik bij baby’s en forensische genees- kunde. Het was ingewikkeld om ervoor te zorgen dat het één niet ten koste van het ander ging. We hebben ook veel mensen van buiten moeten aantrekken. We hebben veel daadkracht getoond. Ik ben onder de indruk hoe we dit met z’n allen hebben geklaard. Samen meters maken geeft energie. We hebben laten zien waar we door samenwerking en de persoonlijke drive van mensen toe in staat zijn.’ Toekomst? ‘Gezondheid stond nog nooit zo hoog op de agenda. Publieke gezondheid - daar staan we voor. Deze missie kunnen we nu nog meer versterken. Er is zoveel aan- dacht voor preventie, gezonde leefstijl en het voorkomen van kansongelijkheid. Precies daar ligt onze kracht en daar kunnen we met onze partners nóg meer in doen. De mooie dingen die zijn ont- staan, moeten we behouden.’ _ _ _ ‘We kunnen bergen werk verzetten met elkaar’ Gerbrig Filius werkte al bijna zeven jaar bij het communicatieteam van GGD IJs- selland toen corona uitbrak. Daarmee kreeg ze er een aantal taken bij. Naast communicatieadviseur werd ze coördi- nator van het communicatieteam corona en lid van het crisisteam bij GGD IJssel- land. Het leidde tot veel overuren maar ook een heleboel bijzondere ervaringen en samenwerkingen.

Gerbrig vertelt: ‘Er kwam een enorme bult werk over ons heen, veel te veel voor drie parttimers. Dus we hadden lange da- gen, werkten in het weekend en voelden continu druk. Ineens was ik doorlopend bereikbaar voor het management en de directie, voor als er iets gebeurde bij een GGD-locatie of als de pers belde. Normaal ligt mijn telefoon niet op de slaapkamer, maar nu heb ik dat een hele tijd wel ge- daan. Ik bleef ‘aan’ staan.’ Nemen zoals het komt ‘Al snel werd de projectorganisatie en dus ook het team groter. De situatie ver- anderde voortdurend, net als de infor- matie daarover. Met crisiscommunicatie moet je het nemen zoals het komt. Je zit met je neus vooraan en schakelt en advi- seert op alle niveaus. Je bent betrokken bij de basis, de primaire processen. Mijn werk had telkens harde deadlines. Het werk moest af zijn, omdat de volgende dag mensen voor het eerst voor een co- ronatest- of vaccinatie kwamen. Je kon niet de deur dichttrekken en zeggen: ‘Morgen ben ik er weer, jongens’. Ik schoof thuis vaak mijn privéagenda, ge- zin en ouders aan de kant. Dit betekende dat ik bepaalde dingen miste, te laat was of er met mijn hoofd niet bij was. Terwijl ik graag betrokken ben, maar nu kon ik niet alles tegelijk.’ Je kunt elkaar enorm helpen Op communicatievlak werd veelvuldig samengewerkt. Gerbrig kijkt daar posi- tief op terug: ‘Dat was ontzettend leuk.

Met de collega’s van Veiligheidsregio IJs- selland heb ik ontzettend fijn samenge- werkt. Eerder kende je elkaar wel, maar deed je niet veel samen. Je werkt toch op een ander terrein. Nu kwamen we elkaar tegen en versterkten we elkaar. Dat is heel waardevol. Dat bleek eigenlijk net zo met de communicatieadviseurs van gemeenten, ziekenhuizen, zorginstellin- gen en scholen in IJsselland. Maar ook met de collega’s van andere GGD’en en het RIVM. Ik vond het ook bijzonder om als communicatieadviseur van de GGD-di- recteur bij het RBT te zijn. Ik zag hoe de burgemeesters in het team in zo’n goede sfeer de situatie in de regio bespraken en in gelijkwaardigheid beslissingen namen. Dat is heel waardevol geweest.’ We zijn als organisatie van meerwaar- de voor de maatschappij. We hebben ontzettend veel voor elkaar gekregen. We zijn niet in paniek geraakt door wat er over ons heen kwam, maar dachten: vertel ons maar welke kant het op moet, dan bedenken wij een goede oplossing. Dat deden we samen met collega’s, men- sen van andere organisaties en leveran- ciers. We konden bergen werk verzetten met elkaar. Die ervaring is uniek.’ Positief +4746Positief + In juni 2021 waren er 1250 mensen in dienst bij de GGD. * * V oor de coronacrisis waren er 260 mensen in dienst bij GGD IJsselland. In juni 2021 waren dat bijna 1.250 mensen en in september 2021 is dit weer afgeschaald naar 535 mensen.

In het najaar van 2021 nam dit aantal weer toe in verband met de nieuwe golf en het boostervaccin. Anoushka Knoef Gerbrig Filius Impact GGD ‘Je start op een blanco papier een hele grote operatie’ In mei 2020 werd duidelijk dat GGD IJs- selland een grote rol ging vervullen in de pandemie. De organisatie groeide in korte tijd van 300 naar 1500 medewer- kers. Dat gaat niet zomaar. HR-manager Jeanien van Es vertelt over de enorme taak die ze moest vervullen. ‘In korte tijd moest veel extra personeel aangenomen worden. Samen met twee collega’s tuigde ik het HR-traject rondom corona op. We belden snel met onze uit- zendbureaus: kunnen jullie helpen? Ik zie ons nog zitten, tekenend in een kamertje: hoe geven we de werving en selectie vorm? Hoe zorgen we ervoor dat mensen zich welkom voelen, goed ingewerkt wor- den en dat het arbeidstechnisch klopt? En dat met nog niet bestaande functies waarvan we niet wisten hoe lang ze no- dig waren. De landelijke informatie kwam soms erg laat. Dat was logisch, maar wel lastig. Je start op papier een hele grote operatie. Het is interessant om te zien dat die eerste uitwerking al heel erg leek op hoe het uiteindelijk geworden is.’ 1200 extra medewerkers ‘Bij de GGD werken normaal gesproken zo’n 300 mensen. Op de top van de crisis werkten er 1200 medewerkers meer voor vaccineren, BCO en testen.

De meeste mensen ondersteunen een paar maan- den of een paar weken, maar je moet ze wel boeien en aan je binden. We hebben regelmatig een enquête gehouden, een cadeautje gegeven of even gebeld: hoe gaat het met je? Dat was ook onze op- dracht aan de projectmanagers: ga regel- matig het gesprek aan en luister. Je moet in dit traject leren van je ervaringen, maar geen spijt hebben van hoe je iets hebt gedaan. Elke twee maanden was de situatie weer anders: of opschalen, of afschalen. Je wist niet wat wanneer zou komen, alleen dat er iets ging komen. Door de steun van mijn HR-team konden de meeste reguliere dingen goed doorlo- pen. De teamleden hadden begrip voor de situatie. Het HR-coronateam heeft, samen met het coronaprojectteam, de schouders eronder gezet. In dit soort si- tuaties is het van belang om rustig te blij- ven en in scenario’s te denken, zodat je koers houdt. En rekening te houden met het onverwachte: een paar dagen voor kerst 2020 werd ik gebeld: “De GGD gaat vaccineren, ga je maar klaarmaken.” Daar ging mijn kerstvakantie.’ Daar doe ik het voor In deze bedrijfstak werken mensen die iets willen betekenen voor de samenle- ving. Zo ook Jeanien: ‘Ik houd het vol omdat ik iets doe wat echt nut en waar- de heeft. Voor de organisatie, maar ook voor de samenleving. Om daar zo aan bij te dragen, vind ik heel waardevol. Mijn vader heeft Alzheimer en is behoorlijk ziek.

Ik heb me wel echt zorgen om hem gemaakt. Toen ik met hem bij de GGD zat en hij zijn prik kreeg, dacht ik: “ja, hier doe ik het voor.” ‘Wij zijn de voelsprieten van de GGD’ Corona brengt veel zorgen met zich mee. Op de piekmomenten kwamen wel 1000 tot 1500 telefoontjes per dag binnen bij GGD IJsselland. Adil Boukayouo beant- woordde afgelopen periode vragen van zorginstellingen, bedrijven en inwoners. ‘Je merkt dat corona grote impact op mensen heeft. Zeker als het dichtbij komt. We hadden regelmatig mensen in tranen aan de lijn. Een jaar geleden moest je bij een besmetting twee weken thuisblijven. Met een beetje pech zat je als gezin een maand vast. Ook voor zorgorganisaties was het moeilijk. Leg maar eens aan ie- mand in de gehandicaptenzorg uit dat hij niet ziek is, maar wel in zijn kamer moet blijven. Dat is bijna ondoenlijk.’ Soort vragen ‘In het begin was alles onbekend en kregen we met name vragen over coro- na-uitbraken, quarantaine en contacten met besmette personen. De aandacht verschoof steeds meer naar vaccinatievra- gen en coronacheck-vragen. We zeggen weleens: wij zijn de voelsprieten van de GGD naar de maatschappij. Als er iets speelt, bereikt het ons snel. Tijdens de dagelijkse overlegmomenten delen wij onze ervaringen met de rest van het co- ronaprojectteam. Wij krijgen ook vragen waarvoor maatwerk nodig is.

Het RIVM stelt de maatregelen op die voor de hele bevolking gelden, maar niet in elke situatie passen. Wij moeten de regeltjes scherp hebben en goed kunnen meeden- ken. De uitdaging is soms: hoe kun je veilig en verantwoord afwijken?’ De verhalen laten Adil niet altijd onbe- roerd. ‘De meeste verhalen kan ik mak- kelijk loslaten. De uitzonderingen zijn op één hand te tellen. Ik ben weleens gaan slapen met een casus, vooral als iemand overlijdt. Zo sprak ik de partner van ie- mand met corona. Hij had ’s nachts enor- me benauwdheidsklachten. De partner had de hulpdiensten gebeld, maar die zeiden: “Benauwdheidsklachten horen bij corona, zit het nog maar even uit.” Toen de meneer van zijn stoel zakte, kwamen de hulpdiensten alsnog. De man bleek een hartstilstand te hebben. Later sprak ik een ambulancemedewerker die vertelde dat hij iemand met corona had gereanimeerd. Dan komen de verhalen bij elkaar, dat is heftig en kon ik niet één, twee, drie loslaten.’ ‘Mensen waren helemaal in shock’ Toen GGD IJsselland een oproep plaatste voor mensen in een belteam, meldde Marinke Reitsma zich aan. Ze ging aan de slag als jeugdverpleegkundige. Nie- mand kon vermoeden dat dit team zou uitgroeien tot een team van 200 mensen die het bron- en contactonderzoek de- den. Marinke herinnert zich de onduidelijke beginperiode: ‘We noemden onszelf het positieve belteam.

We belden mensen die positief getest waren. Dat was echt pionieren. De informatie die we toen hadden was heel summier. Vaak moes- ten we ‘sorry’ zeggen omdat we geen antwoord hadden op de vragen van mensen. We hadden veel overleg met artsen van infectieziektebestrijding om informatie te krijgen.’ Bron- en contactonderzoek Het belteam is inmiddels uitgegroeid tot het team bron- en contactonderzoek met in de piekperiode 200 medewer - kers. De aard van het werk veranderde aanzienlijk. Er was meer informatie beschikbaar en mensen raakten bekend met het bron- en contactonderzoek. Marinke: ‘Ons contact komt nu vaak niet meer als een verrassing, dat was in die beginperiode wel anders. Mensen waren toen helemaal in shock als ze positief getest waren. Als het kan, in- formeren we ook het netwerk. Aan de telefoon lopen we alle belangrijke situa- ties met mensen na. Waar ben je besmet geraakt? Wat is je eerste ziektedag? Waar ben je geweest in je besmettelijke periode? We willen voorkomen dat het virus zich verder verspreidt. Ik realiseer me heel goed dat het veel impact heeft om met je gezin in isolatie of quarantai- ne te gaan. Zeker na lange periodes van thuisonderwijs. Daar geven we dan ook tips en adviezen voor.’ Maatwerk Elke dag starten de medewerkers met de dagkrant waarin de laatste infor- matie staat. Adviezen zijn echter altijd maatwerk.

Daar weet Marinke alles van: bij dezelfde ziekte adviseer je soms het een, soms het ander. Dat hangt van de context af. Er bestaan veel nuances. Soms is de eerste ziektedag onduidelijk. Het komt voor dat een kind ziek is en de directeur van de school, de vader en de moeder allemaal een andere dag als eerste ziektedag noemen. Dan wordt het advies soms anders dan je in eerste instantie dacht. Soms vergelijken mensen hun situatie met die van iemand anders. Dan is het onze taak om uit te leggen dat hun situaties niet één op één verge- lijkbaar zijn en dat er sprake is van maat- werk. In een grote organisatie gaan ook weleens dingen mis. De informatie wij- zigde zo snel, dat het wel eens gebeurde dat de ene medewerker al wel volgens de laatste inzichten advies gaf en de ander nog niet. Bij twijfel overleggen we dan ook altijd met het covid-medisch- team of met infectiebestrijding. Sinds ik in november 2020 als coördinator aan de slag ging, loopt elke dag anders dan ge- dacht. Soms is er geen doorkomen aan, andere periodes komt er bijna niets bin- nen. Ik heb de afgelopen tijd gigantisch veel geleerd. Het werken onder hoge druk, snel schakelen, het aansturen van teams en samenwerken met veel ver- schillende mensen.

Ik ben een geweldige ervaring rijker!’ Positief +4948Positief + Jeanien van Es Adil Boukayouo Marinke Reitsma ‘Samen met het team klaren we de klus’ Huub Meijer werkt nu als vaccinatiecoördi- nator bij GGD IJsselland, aan het begin van de crisis werkte hij nog in een verpleeg- huis. Hij is blij dat hij in zijn functies kan bijdragen aan het bestrijden van de crisis. ‘Toen de eerste berichten over het vi- rus ons verpleeghuis bereikten, sloeg de angst toe. En niet voor niks: alle 24 bewoners van de afdeling waar ik werkte zijn overleden. Dat zette mij aan het denken. Ik wilde niet lijdzaam afwachten wat er ging gebeuren. Ik wilde iets doen. De GGD pakte toen de handschoen op en zette in op preventie. Ik zag dat verplegend personeel dat besmet raakte ook vrij snel weer beter werd. Dat sprak mij aan. Werken bij de GGD ‘Na mijn verhuizing naar Zwolle greep ik de kans om voor GGD IJsselland te wer - ken. In eerste instantie als testsupervisor in de IJsselhallen. Vervolgens kwam de vacature van vaccinatiecoördinator voorbij. De leukste baan die er bestaat! Het werk is dynamisch en kan heel hec- tisch zijn. Geen dag is hetzelfde, maar samen met het team klaren we de klus.’ Bewustwording ‘Corona heeft me bewust gemaakt van het feit dat alles veranderlijk is. Het virus remt ons nu in het dagelijks leven. Ik put mijn geluk nu vooral uit kleine dingen.

Het virus heeft ook tegenstel- lingen gecreëerd. Er is een kloof ont- staan tussen voor- en tegenstanders van vaccineren. Gelukkig is mijn omgeving het volledig eens met wat ik doe. Met twijfelaars ga ik nog steeds in gesprek, maar ik laat iedereen in zijn waarde. Door het vaccineren hebben we onze vrijheid weer teruggekregen. Mijn doel is om het vaccineren hier af te maken en op een dag het licht uit te doen!’ ‘Ik stel mensen graag op hun gemak als ze komen testen’ Een paar maanden voor de eerste corona- besmetting in Nederland kreeg Regina Mulder een baan bij GGD IJsseland. Eerst bij JGZ, daarna bij de prof- en publieks- lijn. Inmiddels werkt ze alweer ruim een jaar als bemonsteraar en combineert deze functie met haar baan als doktersassis- tente in een huisartsenpraktijk. ‘Per 1 juni ben ik begonnen met bemon- steren. Mijn thuisfront vond dat best spannend. Dat kwam ook door die beel- den op tv van medici die coronapatiënten hielpen in van die beschermende pakken. Ik ben zelf nooit bang geweest. Misschien kwam dat door mijn medische opleiding.’ Animo voor testen ‘Nu maken we gebruik van grote test- locaties, maar in het begin gebeurde het testen heel kleinschalig. We werden allemaal in het diepe gegooid. Maar het aantal testaanvragen groeide op een gegeven moment zo hard dat we in kor- te tijd veel nieuwe mensen moesten aan- nemen. Die kwamen uit allerlei banen en beroepen.

Ik merkte dat bijna iedereen het werk kon leren, maar dat niet ieder- een er geschikt voor was.’ ‘Ik maak ook deel uit van het kwaliteits- team. Dit team bewaakt een deel van de kwaliteit binnen ons werk en past bijvoorbeeld, als daar aanleiding voor is, de protocollen aan. Ook hebben we te maken met werkzaamheden die de ene keer worden opgeschaald en de volgende keer weer afgeschaald. Het is belangrijk dat mensen goed mee kun- nen bewegen in dat proces. Wie op een gegeven moment goed ingewerkt is, ontvangt een bevoegdheidscertificaat voor bemonsteren.’ Teststraat ‘We nemen in de teststraten extra maat- regelen om besmetting te voorkomen. Iemand die bemonstert of daarbij assis- teert trekt een blauw isolatieschort aan met daarboven een mondmasker en een spatscherm. Het risico dat iemand besmet binnenkomt is op de testlocaties namelijk veel groter dan op een vaccinatielocatie. Sommige mensen hikken flink tegen zo’n test aan. Als ik dat merk, probeer ik ze op hun gemak te stellen. Als dat lukt dan geeft dat een goed gevoel. Ik ga in de teststraat geen discussies aan met ouders van kinderen die zich niet willen laten testen. Als een kind echt niet wil, dan zeg ik: “Bespreek het thuis nog een keer en kom weer terug als je kind wel wil.” Wij gaan zelf niets afdwingen. Ook volwassenen kunnen boos, gefrustreerd of angstig op corona reageren.

Wie niet de deur uit kan, kan thuisbemonstering aanvragen. Wat ik hoop? Dat we corona niet gewoon gaan vinden en alert blijven op de risico’s die we lopen zolang dit virus onder ons is.’ ‘Als ik aan die periode terugdenk, schieten de tranen weer in mijn ogen’ Toen corona uitbrak, werkte Gerda Curfs als verpleegkundige bij het team infec- tieziektebestrijding. In die tijd stelde zij voornamelijk mensen gerust over een mogelijke pandemie in Nederland, want ‘corona zou ons vast niet bereiken.’ Co- rona kwam echter wel. En hoe! Gerda: ‘Deze bijna surrealistische jaren vergeet ik nooit. Nederland in lock- down? Wij hadden vooraf nooit kunnen beseffen wat de impact van corona op het team infectieziektebestrijding zou zijn. We zijn altijd 24 uur per dag be- reikbaar geweest maar nooit op deze manier. In maart 2020 werd het ineens normaal om ‘s avonds nog huisartsen en andere partners te woord te staan. Er waren op dat moment nog geen test- locaties. Was iemand mogelijk besmet, dan moest die persoon thuis in isolatie en kwamen wij daar volledig beschermd een test afnemen. De GGD kreeg niet veel later de opdracht om zorgpersoneel met klachten te testen. Een tent bij de hoofdlocatie van GGD IJsselland was de eerste testlocatie in IJsselland.’ V olop aan de bak Gerda: ‘Na jarenlang crisistraining op het droge, konden we nu volop aan de bak.

Het team infectieziekten bestond voor de coronapandemie uit 14 medewerkers. Al vrij snel moesten we opschalen en werd het team met tientallen medewer- kers uitgebreid. Vanaf de start van de pandemie waren we vooral bezig met bestrijding van het coronavirus. Hoe dammen we corona in? Hoe voorkomen we grote uitbraken? Eind 2020 werd duidelijk dat de GGD ook een belangrij- ke rol in het vaccineren zou krijgen. De eerste doelgroep, de 90-plussers, kwam door weer en wind naar de IJsselhallen in Zwolle; onze eerste vaccinatielocatie. Later breidden we uit tot vijf locaties zodat de mensen in de regio maximaal een half uur moesten rijden naar een vaccinatielocatie.’ Schrijnende situaties Het volgen van het strakke landelijke be- leid leidde soms tot schrijnende situaties. Gerda maakte ze ook mee: ‘Mensen die nog niet aan de beurt waren, en daar- door bijvoorbeeld geen chemokuur kon- den starten, moesten we naar huis stu- ren. Mensen kwamen soms smeken om een vaccinatie. Wij mochten ze dan niet prikken. Dit raakte me bijzonder, juist omdat ik als verpleegkundige gewend ben om zorg te leveren die nodig is. Als ik aan die periode terugdenk, schieten de tranen weer in mijn ogen.

Mijn taak stond vaak in het teken van het volgen en naleven van richtlijnen, in plaats van het verschil maken.’ Laagdrempelig, persoonlijk en dichtbij Op een gegeven ogenblik konden de GGD’en een inhaalslag maken door vol- doende vaccins en grotere locaties. Eind juli 2021 ontstond de piek in het aantal gezette vaccinaties. Gerda: ‘Dat was het moment om na te denken over hoe we die mensen konden bereiken die nog niet gevaccineerd waren. We proberen zo laagdrempelig, persoonlijk en dichtbij te zijn. Wij zijn er voor elke inwoner en voor alle doelgroepen. Ons primaire doel is om alle inwoners in de regio te voor- zien van de juiste informatie, zodat ze zelf een goede keuze kunnen maken.’ 5150Positief + Impact GGD Huub Meijer Regina Mulder Gerda Curfs Impact GGD Coronacrisis in cijfers Cijfers geven inzicht, zo ook bij een epidemie. Epidemioloog Rilana Wessel verzamelde en analyseerde afgelopen periode veel data over corona. Waar ‘epidemiologie’ eerst een vrij onzichtba- re tak van sport was, kreeg het vakge- bied tijdens de coronacrisis ineens veel aandacht. Rilana vertelt: ‘Tijdens de coronacrisis werd al snel duidelijk dat cijfers belang- rijk waren om een beeld te krijgen van de situatie. Naast de analyse van corona- data, verricht ik verschillende onderzoe- ken naar de gezondheid en het welzijn van inwoners.

Wat ik waardeer is dat ik zowel een bijdrage lever aan de bestrij- ding van het virus, als aan de gezondheid van inwoners.’ V erspreiding van het virus De cijfers die Rilana in haar werk verza- melt zijn essentieel voor de besluitvor- ming. ‘Veel van onze adviezen zijn op data gebaseerd. We houden het aantal besmettingen, testen en cijfers over de vaccinatiegraad scherp in de gaten. Door verschillende analyses houd je als epi- demioloog op lokaal niveau zicht op de verspreiding van het virus. Bij een lokale uitbraak kunnen we snel anticiperen en met betrokken partijen om tafel gaan. Vanuit verschillende invalshoeken kijken we samen wat nodig is om bijvoorbeeld een uitbraak in te dammen. Zo hebben we veel samengewerkt met gemeenten, zorginstellingen en scholen.’ Impact op de gezondheid van inwoners Samen met collega’s onderzocht Rilana ook de impact van de crisis op de ge- zondheid van inwoners: ‘We hadden al snel door dat deze crisis voor mensen veel gevolgen had. We wilden weten hoe het met de inwoners ging, maar ook kij- ken wat mensen nodig hadden. Op basis van de uitkomsten geven we gemeenten en organisaties adviezen. Daarnaast was het mooi dat je, zeker met kwalitatief onderzoek, mensen hun verhaal kon laten doen. Uit onderzoeken blijkt dat mensen het belangrijk vinden om zich gehoord en gezien te voelen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://steenwijkerland.bestuurlijkeinformatie.nl/Document/LoadAgendaItemDocument/4978ebfc-ecb0-41ad-831f-14b8d2463b66?agendaItemId=6025af7c-0161-4ae6-97ce-df09bb99b0fc