11.0 ROB - Van crisis naar opgave.pdf
Tekst van het document
52 van crisis naar opgave – advies van de raad voor het openbaar bestuur ren, en via de crisisstructuur moesten ze leidinggeven aan de handhaving van de contactbeperkende maatregelen. Daarbij lag de nadruk sterk op het treffen van effectieve maatregelen; de gebruikelijke bestuurlijke en democratische structuren ervoeren veel bestuurders (tijdelijk) als minder belangrijk.80 Daarnaast moesten burgemeesters ook nog voorzitter van het college van burgemeester en wethouders en van de gemeenteraad zijn, naast hun rol als burgervader of moeder. In die laatste rol waren burgemeesters aan zet om de crisis te duiden en mensen handvatten aan te reiken om adequaat met de coronacrisis om te gaan. Tijdens crises kijken mensen naar onder andere bestuurders voor een verhaal over wat er aan de hand is. De aanwezigheid of de afwezigheid van een dergelijk verhaal kan een grote invloed hebben op het draagvlak voor beleid en maatregelen om de crisis te bedwingen. 81 Het vervullen van al deze verschillende rollen heeft een groot beroep gedaan op de veerkracht van burgemeesters. Ook waren er 25 burgemeesters die hun rol als voorzitter van hun veiligheids regio plots zagen veranderen. Zij vulden deze rol op verschillende wijze in.
Een van de belangrijkste verschillen was in welke mate zij solistisch optraden of juist zoveel mogelijk burgemeesters en gemeenteraden van de gemeen ten in hun veiligheidsregio’s meenamen in de besluitvorming. De Raad vindt het positief dat veel voorzitters van veiligheidsregio’s, ondanks het feit dat zij van maart tot december 2020 alle bevoegdheden in handen hadden om zelf knopen door te hakken, geprobeerd hebben in ieder geval alle burgemeesters en soms ook de gemeenteraden van de gemeenten in hun veiligheidsregio te betrekken bij de besluitvorming. Nieuwe eigenschappen gevraagd? De coronacrisis was een zware periode voor veel regionale en lokale bestuur ders. Er is een groot beroep gedaan op hun inzet en veerkracht. In maart 2020 ervoeren zij plots een geheel nieuwe werkelijkheid waarin ze nieuwe rollen moesten vervullen of bestaande rollen anders moesten invullen. Ook de ver scherpte verhoudingen en toegenomen polarisatie in de samenleving vroegen veel van lokale bestuurders. Op een meer abstract niveau zijn er echter ook indicaties dat de eigenschap pen die van bestuurders gevraagd zijn tijdens de coronacrisis niet heel anders waren dan in de periode daarvoor, hoewel de praktische invulling van deze eigenschappen anders was.
Uit een vergelijking van de resultaten van de Beste Bestuurderverkiezingen in 2015 en 2020 bleek dat in beide jaren deskundig heid en daadkracht relatief vaak werden toegeschreven aan wethouders die 80 Landelijk Operationeel Team Corona (2021). 81 Boin e.a. (2021).
53 van crisis naar opgave – advies van de raad voor het openbaar bestuur genomineerd werden voor de Beste Bestuurderverkiezingen, en betrokken heid en daadkracht relatief vaker aan genomineerde burgemeesters (en com missarissen van de Koning). 82 In 2021 werden de genomineerde bestuurders ten opzichte van het jaar daarvoor aanzienlijk vaker getypeerd als toegan kelijk, deskundig en analytisch en beduidend minder vaak als daadkrachtig, alhoewel daadkracht nog een van de meest toegekende eigenschappen was. Er zijn dus indicaties dat men toegankelijkheid, deskundigheid en analytisch vermogen belangrijkere eigenschappen is gaan vinden van lokale bestuur ders en daadkracht relatief minder belangrijk. Of dit door de coronapande mie komt is lastig te zeggen; oorzaak en gevolg is hierbij niet vast te stellen en 2020 was op drie maanden na ook een coronajaar.83 Wel is het duidelijk dat lokale bestuurders aan deze gevraagde eigenschappen op een andere manier uitvoering moesten geven, met name betrokkenheid en toegankelijkheid. Daardoor kan hier ook voor het gevoel een grotere nadruk op zijn komen te liggen: het betrokken en toegankelijk zijn vroeg en vraagt meer bewuste aandacht.
De markt opgaan of langsgaan bij een buurthuis kon niet meer; in plaats daarvan maakten bestuurders bijvoorbeeld wandelingen met inwoners.84 Het aansturen van de ambtelijke organisatie De coronacrisis stelde de overheid voor enorme nieuwe uitdagingen die vrij wel altijd disciplineoverstijgend waren. De teams die er waren voldeden niet; samenwerking was nodig. Vaak zetten gemeenten hiervoor geheel nieuwe organisatieonderdelen op. In hoeverre dit soort samenwerking slaagt, hangt voor een groot deel af van leiderschap. Dit vroeg extra aandacht van bestuur ders, gemeentesecretarissen, directeuren en teamleiders, bijvoorbeeld om kennisuitwisseling te stimuleren en een cultuur van sociale veiligheid te cre eren waarin ongemakkelijke boodschappen worden verwelkomd als iets om van te leren.85 Verhoudingen binnen colleges van burgemeester en wethouders In de eerste maanden van de coronacrisis kwam er zeer veel nadruk te liggen op de verantwoordelijkheden van de burgemeester als hoeder van de open bare orde. Burgemeesters werden verantwoordelijk gehouden, en hielden zichzelf verantwoordelijk, voor de gehele crisis en alles wat erbij kwam kijken. De coronamaatregelen waren bepalend voor vele zaken: de lokale economie, sport, cultuur, jeugdzorg, enzovoorts. Daardoor voelden burgemeesters zich 82 Gesprek met Sabine van Zuydam (zie bijlage II). 83 Boonstra, W. (2021, 23 november).
84 In Baarn bijvoorbeeld (RTV Utrecht (2021, 14 april)), en in Molenlanden (Verhagen, J. (2020, 25 juni)). 85 Vereniging voor Bestuurskunde (2020, 22 april). 54 van crisis naar opgave – advies van de raad voor het openbaar bestuur ook verantwoordelijk voor deze zaken, die eerder onder de verantwoordelijk heid van wethouders vielen.86 Gedurende de crisis kwamen wethouders wel beter in positie om actie te ondernemen op de gevolgen van de coronacrisis voor de opgaven in hun por tefeuille, zoals economie of sociale cohesie.87 Een belangrijke factor hierbij was in hoeverre wethouders goed waren aangesloten op de informatiestromen binnen de veiligheidsregio en in hoeverre zij zelf een netwerk hadden bin nen de samenleving. Immers, als zij weinig wisten van de gevolgen van het virus en de maatregelen, konden zij daar ook geen actie op ondernemen. 88 Een meerderheid van de wethouders gaf in de zomer van 2020 aan dat de coronacrisis het wethouderschap uitdagender en veeleisender had gemaakt.89 De verhoudingen binnen de colleges van B&W veranderden ook in crisistijd. In juni en juli 2020 gaf een meerderheid van de wethouders aan dat hun col lege meer collegiaal was gaan besturen.
Tegelijkertijd vergrootte de corona crisis ook politieke tegenstellingen, met name binnen colleges waar politieke tegenstellingen al een grote rol speelden.90 4.5 bestuurlijk vermogen in caribisch nederland De uitdagingen van de openbare lichamen De openbare lichamen bevinden zich in een uitdagende positie. Dit komt vooral door de kleinschaligheid: op Saba wonen ongeveer 2000 mensen, op Sint Eustatius ruim 3000 en op Bonaire ruim 20.000. Mede daarom zijn hun ambtelijke apparaten niet erg groot en is er slechts een kleine poule van men sen om ambtenaren uit te werven. Hoewel de openbare lichamen dus kleiner zijn dan de gemiddelde Nederlandse gemeente zijn zij wel verantwoordelijk veel zaken. Zij moeten niet alleen de taken uitvoeren waar in Europees Neder land een gemeente voor verantwoordelijk is, maar ook taken waar in Europees Nederland provincies, waterschappen en regionale samenwerkingsverbanden verantwoordelijk voor zijn. Ook kunnen zij niet voor ondersteuning aanklop pen bij de provincie of samenwerkingsverbanden omdat die er niet zijn in Caribisch Nederland. Kortom: de openbare lichamen moeten met een kleine organisatie veel werk verzetten. 86 Roest e.a. (2020). 87 Landelijk Operationeel Team Corona (2021). 88 Platform 0031 (2021, 12 juli). 89 Roest e.a. (2020). 90 Idem.
55 van crisis naar opgave – advies van de raad voor het openbaar bestuur Mensen en middelen voorafgaand aan de coronacrisis Uit eerdere rapporten over Caribisch Nederland bleek al dat de ambtelijke organisaties van de openbare lichamen gebaat zijn bij versterking, zowel in omvang als qua deskundigheid. 91 De gesprekken die de Raad heeft gevoerd bevestigen dit beeld. De financiën van de openbare lichamen verkeerden aan het begin van de coronacrisis in een slechte staat. Vanaf 1010’10 is er steeds meer geld vanuit de rijksbegroting besteed aan Caribisch Nederland: waar in 2012 het rijk nog 200 miljoen euro uitgaf aan Caribisch Nederland, liep dit op tot 531 miljoen in 2020.92 De ministeries besteedden het leeuwendeel van dit extra geld, dat dus niet terecht kwam bij de openbare lichamen. Het overige extra geld dat wel bij de openbare lichamen terechtkwam keerden ministeries uit via bijzondere uitkeringen.93 Deze middelen mogen de openbare lichamen alleen aan vooraf gespecificeerde zaken besteden en ze moeten gedetailleerd verantwoording afleggen over de besteding van deze uitkeringen. De bijzondere uitkeringen keerden ministeries vaak uit voor kleine taken: een derde van de bijzondere uitkeringen had een omvang van minder dan 100.000 Amerikaanse dollar (de gangbare munteenheid in Caribisch Nederland).
Ook werden ze vooral uit gekeerd voor taken waar de openbare lichamen zelf verantwoordelijk voor zijn.94 Het aantal bijzondere uitkeringen is snel toegenomen: de begroting van Bonaire bestond in 2019 voor een derde uit bijzondere uitkeringen, de begro ting van Saba zelfs voor ongeveer drie vierde deel.95 Deze verhouding komt ook doordat de vrije uitkering van het BESfonds, ver gelijkbaar met het gemeente en provinciefonds, sinds 2012 niet meer is ver hoogd, behalve voor indexatie van loon en prijsontwikkeling. Het BESfonds loopt niet mee in de systematiek van het gemeente en provinciefonds. Die fondsen groeien automatisch mee met de rijksbegroting, de zogenoemde trapoptrapaf systematiek. Ook is het BESfonds niet meegegroeid met bijvoorbeeld een stijging van het aantal inwoners van Bonaire met bijna 40 procent. Dergelijke financiële verhoudingen zijn niet bevorderlijk voor het bestuur lijke vermogen van de openbare lichamen. Incidentele middelen leiden tot een voorkeur voor kortetermijnprojecten. Als een ministerie een bijzondere uitkering verstrekt voor het opstarten van een langetermijnproject, is er niet altijd genoeg oog voor de structurele kosten die vervolgens een beslag leggen 91 Raad van State (2019). 92 Algemene Rekenkamer (2021). 93 Werkgroep Interdepartementaal Beleidsonderzoek Koninkrijksrelaties (2019). 94 Algemene Rekenkamer (2021).
95 Algemene Rekenkamer (2021). 56 van crisis naar opgave – advies van de raad voor het openbaar bestuur op de vrije uitkering van een openbaar lichaam. 96 Bovendien gaan de bijzon dere uitkeringen gepaard met een hoge verantwoordingslast voor de open bare lichamen die zeker als het om kleine uitkeringen gaat niet in verhouding staat met het uitgekeerde bedrag. Mensen en middelen tijdens de coronacrisis De coronacrisis vroeg een extra inspanning van de ambtenaren van de open bare lichamen. Plots moesten zij heel veel zaken regelen. Op Saba ging de eerste twee maanden van de coronacrisis alle uitvoeringscapaciteit naar de crisisbestrijding; alleen de directe dienstverlening naar burgers bleef daar naast op orde. Beetje bij beetje konden ambtenaren reguliere taken weer oppakken, maar nog steeds neemt de coronacrisis een significant deel van de ambtelijke capaciteit van de openbare lichamen in beslag. Ook de andere openbare lichamen geven aan dat de coronacrisis een zeer groot beslag heeft gelegd op hun ambtelijke capaciteit. De inwerkingtreding van de Tijdelijke wet maatregelen covid-19 (de corona wet) heeft in dit opzicht niet geholpen. De openbare lichamen geven aan dat het bestuurders en ambtenaren veel tijd kost om hun stem gehoord te krijgen bij de ministeries en om iets te wijzigen in de ministeriële regelingen voor de coronamaatregelen voor de openbare lichamen.
Voor inwerkingtreding van de coronawet kostte het wijzigen van de coronamaatregelen uiteraard ook veel tijd: de gezaghebbers en de regeringscommissaris consulteerden hun Eilandelijk Beleidsteam of Outbreak Management Team en overlegden ook veel met de waarnemend rijksvertegenwoordiger en instanties in Europees Nederland, zoals het ministerie van VWS en het RIVM. Dat laatste kost hun nu echter meer tijd dan voorheen, omdat het voor hen lastig is grip te krijgen op de bureaucratische processen die zij door moeten om de coronamaatregelen, nu vastgelegd in ministeriële regelingen, te wijzigen (zie paragraaf 2.6). Wat betreft financiële middelen zijn de openbare lichamen in dezelfde rege lingen meegenomen als gemeenten. Ze zijn gecompenseerd voor misgelopen (belasting)inkomsten, met name de toeristenbelasting, maar ook de lucht havenbelasting en misgelopen entreegelden voor de nationale parken; en ze zijn ook gecompenseerd voor extra kosten die ze moesten maken voor bij voorbeeld repatriëring, schoonmaak, overhead, reiskosten en de aanschaf van beschermingsmiddelen.97 Over deze financiële compensatie is men over het algemeen zeer tevreden. 96 Idem. 97 Staatssecretaris van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (2020, 16 oktober).
57 van crisis naar opgave – advies van de raad voor het openbaar bestuur Gevolgen van de coronacrisis voor lokale opgaven Zoals aangegeven zijn er bij de openbare lichamen veel zaken stil komen te liggen door de coronacrisis. Dit betreft vooral projecten die ten goede komen aan de ontwikkeling van de eilanden op de lange termijn. Dit kwam met name door het gebrek aan ambtelijke capaciteit: vrijwel iedereen moest zich aan vankelijk bezighouden met de coronacrisis, de maatregelen om het virus in te dammen en alle regelingen om de sociale en economische gevolgen te beper ken. Dit nam ook het merendeel van de tijd in beslag van de gezaghebbers en de regeringscommissaris. Hoewel onduidelijk in welke mate staat het vast dat de openbare lichamen achterstanden hebben opgelopen bij het aanpakken van lopende kwesties. Over de sociale en economische impact van de coronacrisis in Caribisch Neder land en over de impact op de mentale weerbaarheid van mensen is minder bekend dan over de impact in Europees Nederland. Hieronder gaat de Raad in op de sociale en de economische gevolgen van de coronacrisis in Caribisch Nederland. · Sociale gevolgen Hulpverleners rapporteerden aan het begin van de coronacrisis zorgen over een toename van huiselijk geweld door de tijdelijke sluiting van instellingen als scholen, kinderopvang, naschoolse opvang en sportverenigingen.
Huiselijk geweld was in Caribisch Nederland al een substantieel probleem: 90 procent van de geïnterviewden voor het Veiligheidsbeeld BES 2018 noemt geweld ‘een belangrijk probleem’ voor kinderen, adolescenten en vrouwen in hun gemeenschap.98 · Gevolgen voor economie, werk en inkomen De sociaaleconomische situatie in Caribisch Nederland was voorafgaand aan de coronacrisis al precair. Ongeveer een derde van alle huishoudens in Cari bisch Nederland had in 2015 een inkomen dat 75 procent of minder bedroeg van het geschatte gemiddelde budget dat noodzakelijk is voor de basale uit gaven.99 Op economisch gebied was de impact groot voor de inwoners en bedrijven. Op Bonaire, Saba en Sint Eustatius kwamen respectievelijk 58 pro cent, 67 procent en 69 procent minder personen aan via het vliegtuig. 100 De coronapandemie en de maatregelen hebben deze situatie voor velen schrij nender gemaakt.101 98 UNICEF (2019), p. 38. 99 Regioplan (2018), p. 54. 100 Centraal Bureau voor de Statistiek (2021). 101 Ombudsman Sint Maarten e.a. (2020, 8 juli). 58 van crisis naar opgave – advies van de raad voor het openbaar bestuur De steunpakketten van het ministerie van Economische Zaken en Klimaat hebben de ergste economische gevolgen van de coronacrisis als het goed is in grote mate opgevangen.
Wel schrijven de ombudsmannen van het Koninkrijk dat de voorwaarden die de rijksoverheid stelt aan de liquiditeitssteun voor bedrijven een negatief effect hebben op het welzijn van vele burgers, met name de meest kwetsbare.102 De openbare lichamen hebben aandacht gevraagd voor een toename van armoede.103 Sommige kinderen zijn voor hun eten afhankelijk van school maaltijden. Sociale teams, scholen en andere maatschappelijke organisaties hebben er in overleg met de bestuurders van de openbare lichamen tijdens de schoolsluitingen voor gezorgd dat deze kinderen schoolmaaltijden bleven ontvangen. Specifiek op Bonaire is er sinds de crisis een toename in het aantal kinderen dat geregistreerd is voor schoolmaaltijden, een indicator voor toe nemende armoede.104 Inmiddels herstelt het toerisme op Bonaire zich goed: het aantal toeristen was in de zomer van 2021 even hoog als in de zomer van 2019.105 De tijd moet nog uitwijzen hoe snel en in hoeverre de lokale economie zich herstelt en wie in welke mate van dit herstel profiteren. Gevolgen voor de financiën en het ambtelijke apparaat Omdat er weinig zicht is op de gevolgen voor de lokale economie is het ook lastig te zeggen wat de gevolgen van de coronacrisis zijn voor de financiën van de openbare lichamen.
Zeker de financiën van Bonaire zijn voor een substan tieel deel, namelijk voor ruim 20 procent, afhankelijk van de opbrengsten van de eigen belastingen.106 Hier is nu incidentele compensatie voor gekomen, 107 maar structurele gevolgen voor de economie zullen ook structurele gevolgen hebben voor de financiën van de openbare lichamen. Het is onzeker hoeveel de herstelplannen zullen vragen van de bestuurders, ambtenaren en financiën van de openbare lichamen. Wel is het duidelijk dat het bestuurlijke vermogen van de openbare lichamen al maximaal wordt uit gedaagd en dat extra plannen moeilijk uit te voeren zullen zijn zonder extra middelen en mensen. Daarbij komt nog eens dat velen het belangrijk vinden 102 Idem. 103 Staatssecretaris van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (2020, 24 april). 104 UNICEF (2020). 105 Centraal Bureau voor de Statistiek (2021, 6 december). 106 Algemene Rekenkamer (2021). 107 Staatssecretaris van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (2021, 29 juni).
59 van crisis naar opgave – advies van de raad voor het openbaar bestuur dat herstelplannen worden verbonden aan het oplossen van meer fundamen tele problemen. 108 Uiteraard vraagt een dergelijke aanpak nog meer van de openbare lichamen. Persoonlijk leiderschap De rol van het leiderschap van met name de gezaghebbers en de regerings commissaris was zeer belangrijk. Zij gaven de bevolking informatie over het verloop van de coronacrisis en over de noodzaak van de getroffen maatregelen via persconferenties en radiouitzendingen, zoals dat in Nederland op natio naal niveau gebeurde door de ministerpresident en de minister van VWS. Die landelijke persconferentie speelde in Caribisch Nederland nauwelijks een rol; daardoor was de rol van de gezaghebbers en de regeringscommissaris des te belangrijker. 4.6 slot In dit hoofdstuk heeft de Raad gekeken naar de invloed van de coronacrisis op het bestuurlijke vermogen van gemeenten en de openbare lichamen: de mate waarin zij in staat zijn om effectief te besturen en hun taken goed uit te voe ren. Dit is gebaseerd op het leiderschap van lokale bestuurders, het vermogen van de ambtelijke organisaties van gemeenten en de (financiële) middelen waarover gemeenten beschikken. De coronacrisis heeft veel gevraagd van de ambtelijke organisatie van gemeenten.
Denk daarbij aan het handhaven van de coronamaatregelen en het uitvoeren van de uitbetaling van de steunpak ketten. Maar ook op andere gebieden vroeg de coronacrisis een extra inspan ning van gemeenteambtenaren. Voor het extra beroep dat dit deed op de financiële middelen heeft de rijksoverheid gemeenten gecompenseerd, even als voor misgelopen inkomsten. Hierover zijn de betrokkenen in algemene zin tevreden. Het is nog onzeker voor welke extra problemen en uitdagingen gemeenten gesteld staan door de coronacrisis. Wel zijn er gevolgen te verwachten op het gebied van cultuur en sport, de jeugdhulp, de geestelijke gezondheidszorg, het ondersteunen van mantelzorgers en burgerinitiatieven en het aantrekkelijk maken en/of houden van binnensteden. Ook de structurele financiële gevol gen voor gemeenten zijn lastig te voorspellen. Lokaal leiderschap was en is zeer belangrijk. Van burgemeesters werd met name in het eerste jaar van de coronacrisis zeer veel gevraagd vanuit verschil lende rollen. De coronacrisis heeft een groot beroep gedaan op de inzet en de veerkracht van lokale bestuurders. Zij moesten onder andere hun betrokken heid bij burgers, bedrijven en maatschappelijke organisaties opnieuw vorm geven, omdat gebruikelijke vormen van contact niet mogelijk waren wegens 108 Denktank Coronacrisis (2021); Vereniging van Nederlandse Gemeenten (2021).
60 van crisis naar opgave – advies van de raad voor het openbaar bestuur de contactbeperkende coronamaatregelen. Hoewel veel wethouders in de eerste maanden van de coronacrisis het gevoel hadden aan de zijlijn te staan, kwamen zij gedurende de crisis beter in positie om actie te ondernemen op de gevolgen van de coronacrisis voor de opgaven in hun portefeuille, zoals economie of sociale cohesie. De ambtelijke organisaties van openbare lichamen in Caribisch Nederland bevonden zich zowel in omvang als qua (financiële) middelen in een uitda gende startpositie toen de coronacrisis toesloeg. Het ambtelijke apparaat van de openbare lichamen bestond niet uit genoeg mensen met niet altijd de juiste deskundigheid. Op dit ambtelijke apparaat deed de coronacrisis een groot beroep waardoor vele reguliere werkzaamheden en lopende opgaven achterstand opliepen. Met name sinds de inwerkingtreding van de corona wet zijn bestuurders en ambtenaren veel tijd kwijt aan het contact met de rijksoverheid. Ook de financiële uitgangspositie van de openbare lichamen was verre van ideaal. Wel zijn de openbare lichamen in dezelfde compensatie regelingen voor de openbare financiën meegenomen als de gemeenten. Ook de openbare lichamen zijn over de uitvoering hiervan tevreden.
De Raad heeft beperkt zicht kunnen krijgen op de gevolgen van de corona crisis voor de opgaven waar de openbare lichamen komende jaren voor staan. Sociaal en economisch kwetsbare mensen zijn door de coronacrisis het hard ste getroffen. Het is duidelijk dat er lopende opgaven zijn blijven liggen, waar door daar achterstand op is ontstaan. Op economisch gebied is de impact van de coronacrisis groot geweest; het moet nog blijken in hoeverre de economie in Caribisch Nederland zich herstelt. De structurele gevolgen voor de financiën van de openbare lichamen zijn daarmee ook onzeker. De indruk van de Raad is dat het daadkrachtige en communicatieve lokale leiderschap van de gezag hebbers en de regeringscommissaris hebben bijgedragen aan een effectieve bestrijding van de coronapandemie.
61 5 Conclusie en aanbevelingen: lessen voor de blijvende corona-opgave 5.1 inleiding In de voorgaande hoofdstukken heeft de Raad de gevolgen van de coronacrisis voor de bestuurlijke verhoudingen, de lokale democratie en het bestuurlijke vermogen van gemeenten en openbare lichamen geduid, om zo antwoord te geven op de vraag: wat zijn de financiële en bestuurlijke gevolgen van de coronacrisis voor gemeenten en Caribisch Nederland? In dit hoofdstuk vat de Raad zijn belangrijkste conclusies uit deze beschouwing samen en doet hij op grond hiervan aanbevelingen. De meest algemene les die de Raad trekt uit de afgelopen twee jaren is dat Nederland lang in een crisismodus heeft verkeerd. Het bestempelen van een bepaalde periode tot een crisis legitimeert het prioriteren van daadkracht boven democratische legitimiteit en rechtsstatelijkheid.
Als deze prioritering lang aanhoudt, doet dit langzaam maar zeker afbreuk aan onze democrati sche rechtsstaat, met onwenselijke gevolgen voor overheid en samenleving: warrige bestuurlijke verhoudingen tussen gemeenten, veiligheidsregio’s en rijksoverheid en een lokale democratie die letterlijk en figuurlijk op afstand stond, en de nadelen die Caribisch Nederland ondervond van centrale besluit vorming over de coronamaatregelen, de grote moeite die het kostte om de ‘Haagse’ coronaregels passend te maken voor de situatie in Caribisch Neder land, met tot gevolg moeizame bestuurlijke verhoudingen, minder invloed van de eilandsraad en burgers, bedrijven en maatschappelijke organisaties, en een afgenomen bestuurlijk vermogen. In plaats van de coronapandemie als crisis te behandelen, wordt het nu tijd dat het openbaar bestuur corona gaat aanpakken als een blijvende opgave, waarbij bestuurlijk vermogen, democratie en rechtsstaat met elkaar in balans zijn. Hiermee wil de Raad niet zeggen dat de coronapandemie geen grote gevolgen meer zal hebben voor de samenleving. De coronapandemie en de gevolgen ervan zullen om de aandacht van de overheid blijven vragen, hoe de pandemie zich ook ontwikkelt.
Een aanpak van de coronapandemie en de gevolgen daarvan als opgave vraagt om inbedding van deze aanpak in de gebruikelijke bestuurlijke verhoudingen en in een systeem van democratische kaderstelling en controle. Wellicht lijken deze formele procedures slechts van weinig belang voor de bestuurlijke praktijk, maar het passeren ervan kan op de lange termijn vergaande gevolgen hebben voor de staat van onze demo cratische rechtsstaat. 62 van crisis naar opgave – advies van de raad voor het openbaar bestuur De overgang van crisis naar opgave gaat niet als vanzelf. Het vergt meer dan alleen de slagzin ‘van crisis naar opgave’. Na twee jaar crisismodus vraagt het een behoorlijke en bewuste inspanning om over te schakelen naar een ‘nieuw normaal’. Hieronder doet de Raad aanbevelingen om het bestuur en de besluitvorming van gemeenten en openbare lichamen uit de crisismodus te halen en om gemeenten en openbare lichamen beter toe te rusten op het aanpakken van de coronaopgave. 5.2 richting een nieuw normaal voor de bestuurlijke verhoudingen Aanbeveling 1 De minister van Justitie en Veiligheid, voorzitters van veiligheidsregio’s en andere burgemeesters dienen terughoudend te zijn met nemen van (informele) besluiten in het veiligheidsberaad en in regionale beleids teams zonder dat deze zijn geborgd in het stelsel van democratische controle en verantwoording.
De veiligheidsregio’s zijn een zeer effectieve crisisstructuur gebleken. De structuur creëerde zowel doorzettingsmacht in één persoon (de voorzitter van de betreffende veiligheidsregio) als binding tussen de rijksoverheid en lokale overheden via het Veiligheidsberaad. De normalisering van de bestuurlijke verhoudingen die de Tijdelijke wet maatregelen covid-19 (de coronawet) tot doel had is maar beperkt opgetreden door het informeel voortzetten van het Veiligheidsberaad en de veiligheidsregio, zowel op ambtelijk als op bestuur lijk niveau. Uiteraard is onderlinge afstemming tussen burgemeesters goed, maar als er op informele wijze besluiten worden genomen via deze structuren brengt dit schade toe aan de lokale democratie (zie paragraaf 5.3). Aanbeveling 2 Het kabinet dient in de Tijdelijke regeling maatregelen covid-19 meer mogelijkheden voor burgemeesters op te nemen om lokaal maatregelen aan en uit te zetten. De maatregelen voor de coronacrisis zijn de facto sinds het begin door het kabinet genomen, op landelijk niveau. Wel is er geëxperimenteerd met de mate waarin regio’s en gemeenten daarvan mochten afwijken of aanvul lende maatregelen konden stellen. Ervan uitgaan dat veiligheidsregio’s in crisistijd zelf aanvullende maatregelen zouden nemen, bleek een vergissing. Ook van de mogelijkheden om lokaal af te wijken hebben veiligheidsregio’s
63 van crisis naar opgave – advies van de raad voor het openbaar bestuur en gemeenten slechts beperkt gebruik gemaakt. De coronawet laat het kabi net ruimte om voor verschillende regio’s verschillende maatregelen in te stel len of om burgemeesters de bevoegdheid te geven om lokaal maatregelen aan en uit te zetten. Deze ruimte heeft het kabinet tot nu toe niet of nauwe lijks benut. Door de centralistische invulling van de coronawet ervaren lokale bestuurders minder mogelijkheden voor maatwerk dan vóór december 2020. Nu de coronapandemie niet meer om een crisisaanpak vraagt maar een blij vende opgave is geworden, is het passend om ook meer mogelijkheden voor lokaal maatwerk te creëren. Aanbeveling 3 De Raad adviseert centrale en decentrale bestuurders te werken aan een goed grensoverschrijdend bestuurlijk netwerk. Dat zorgt ervoor dat men elkaar in crisistijden beter weet te vinden. Zet mogelijk nu al een overlegstructuur op voor internationale crisissamenwerking waarin nationale, regionale en lokale bestuurders samenkomen zodat deze snel ingezet kan worden bij toekomstige (opheffingen van) coronamaatrege len of bij een nieuwe crisis. De nationale overheden hadden onvoldoende in het oog hoe groot de verschil len in maatregelen zouden worden tussen buurlanden en welk effect dit zou hebben op de grensregio’s.
Tijdens de coronacrisis is het besef op rijks niveau toegenomen hoezeer er in grensregio’s sprake is van geïntegreerde samen levingen over de landsgrenzen heen. De Raad vindt dat de aandacht voor grenseffecten en de communicatie daarover met de overheden van België en Duitsland nog meer structureel ingebed moeten worden. De opname van de toets op grenseffecten in het Integraal Afwegingskader voor beleid en regel - geving, ingevoerd in 2018, is daartoe een mooie eerste stap. 109 Tot slot is het belangrijk om te kijken waar beleid kan worden geharmoniseerd tussen lan den op zo’n manier dat grensregio’s geen last ondervinden van de verschillen of als dat niet mogelijk is maatwerk te bieden voor de grensregio’s om van bepaald beleid dat knelpunten oplevert af te wijken.110 109 Ministerie van Justitie en Veiligheid (2020). 110 Zie ook het verslag van de bestuurlijke werkgroep grensbelemmeringen onder leiding van Cathy Berx en Piet Hein Donner: Bestuurlijke werkgroep grensbelemmeringen (2020). 64 van crisis naar opgave – advies van de raad voor het openbaar bestuur 5.3 lokale democratie: beraadslaging en besluitvorming weer dichter bij de mensen Aanbeveling 4 De Raad beveelt gemeenteraden aan om hun rol, voor zover zij dat nog niet gedaan hebben, zoveel mogelijk te herpakken en bij een volgende soortgelijke langdurige situatie krachtdadiger kaders te stellen en te controleren.
Zeker aan het begin van de coronacrisis verdween de directe rol van de gemeenteraad en inspraak van burgers naar de achtergrond. Dit is te billij ken, vindt de Raad: tijdens een crisis is tijdig en effectief optreden tijdelijk belangrijker dan het nemen van besluiten op democratische wijze. De Raad benadrukt hier het woord ‘tijdelijk’. Gemeenteraden zijn in sommige gevallen lang aan de zijlijn blijven staan vanwege een sterk ervaren gevoel van urgentie en crisis. De Raad beveelt gemeenteraden aan minder bescheiden te zijn over hun grote belang, niet alleen voor betere besluiten die op meer draagkracht kunnen rekenen, maar ook voor het zijn van de noodzakelijke tegenmacht in ons bestuurlijke stelsel. Aanbeveling 5 De Raad acht het verstandig om in de Wet veiligheidsregio’s een maxi male termijn op te nemen voor het beleggen van bevoegdheden bij voorzitters van veiligheidsregio’s en het afleggen van verantwoording over de invulling van deze bevoegdheden. Bijna tien maanden waren in 2020 verregaande bevoegdheden bij de voor zitters van veiligheidsregio’s belegd en hoefden zij hier geen democratische verantwoording over af te leggen. Daardoor kwam de lokale democratie op afstand te staan en duurt ook nu op informele wijze de grote rol van de veiligheidsregio’s en het Veiligheidsberaad voort.
Hoewel ondersteuning van uit de veiligheidsregio nog zeer gewenst is voor met name kleinere gemeen ten, moeten besluiten nu weer genomen worden op bestuurlijke niveaus waar ook democratische controle mogelijk is.
65 van crisis naar opgave – advies van de raad voor het openbaar bestuur Aanbeveling 6 De Raad beveelt het parlement en het kabinet aan om in de in voorberei ding zijnde permanente regeling voor digitale beraadslaging en besluit vorming voor alle gemeenten fysiek vergaderen tot norm te maken wanneer het bijeenkomsten betreft waarin het democratische gesprek en debat centraal staan. Digitale beraadslaging en besluitvorming heb ben in dergelijke vergaderingen, ten opzichte van fysiek vergaderen, een negatieve impact op de kwaliteit van het lokale democratische gesprek en debat. Het is de stelselverantwoordelijkheid van de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties om deze kwaliteit te waarborgen. Aanbeveling 7 Zolang de Tijdelijke wet digitale beraadslaging en besluitvorming in wer king is beveelt de Raad gemeenteraden aan de voorkeur te geven aan fysiek vergaderen, zeker wanneer het bijeenkomsten betreft waarin het democratische gesprek en debat centraal staan. Fysiek vergaderen heeft dan een duidelijke meerwaarde voor de kwaliteit van het democratische gesprek en debat. Wanneer dit niet mogelijk is in het eigen gemeente huis, moeten gemeenteraden zich bewust zijn van het grotere belang van een sterke lokale democratie en geld durven uitgeven voor het uit wijken naar een alternatieve locatie.
Door de coronacrisis en de getroffen maatregelen lag de lokale democratie een aantal weken stil. Deze zeer onwenselijke situatie werd gelukkig snel opgelost door snelle wetgeving van het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties. Met deze wet konden op lokaal niveau weer rechts geldige besluiten genomen worden. Het digitale vergaderen van decentrale volks vertegenwoordigingen en besturen heeft de afgelopen twee jaar een enorme impuls gekregen. Dit biedt een aantal kansen. De Raad acht deze manier van vergaderen met name geschikt voor bijeenkomsten met een informerend karakter. Wanneer het echter gaat om gesprek, discussie of debat heeft het digitale vergaderen een nadelige invloed op de kwaliteit daarvan. Aanbeveling 8 De Raad beveelt gemeenten aan om participatie en inspraak op digitale wijze mogelijk te blijven maken, zoveel mogelijk naast ‘offline’ varianten hierop. Nadrukkelijk zullen gemeenten rekening moeten houden met inwoners die onvoldoende digitaal vaardig zijn. 66 van crisis naar opgave – advies van de raad voor het openbaar bestuur Aanbeveling 9 Veel, zo niet alle gemeenten hebben zich ingespannen om, wanneer direct contact met burgers, bedrijven en organisaties lastig was, dit op alternatieve wijze te organiseren.
De Raad beveelt gemeenten aan om, in aanvulling op individuele contacten, een lokale klankbordgroep in te richten met onder andere wijkagenten, huisartsen en ondernemers die direct zicht hebben op wat er onder inwoners leeft. Inspraak en participatie op digitale wijze biedt kansen, is tijdens de corona crisis gebleken. Meer en nieuwe groepen mensen sloten aan bij inspraak momenten en participatietrajecten. De Raad ziet dit uiteraard als een positieve ontwikkeling. Hij vraagt wel aandacht voor het feit dat digitale participatie en inspraak met name geschikt is voor informerende doeleinden en niet voor interactie tussen burgers. Onder meer daarom blijven ook offline georgani seerde participatie en inspraakbijeenkomsten waardevol. Lokale bestuurders legden tijdens de eerste maanden van de coronacrisis al snel op digitale wijze contact met bedrijven en maatschappelijke organisaties. Direct contact met inwoners bleek echter een stuk lastiger te gaan wanneer er contactbeperkende maatregelen golden. 5.4 bestuurlijk vermogen: mensen en middelen voor de corona- opgave Aanbeveling 10 De Raad beveelt het parlement en kabinet aan gemeenten qua financiën en bevoegdheden zo toe te rusten dat ze de opgaven die uit de corona crisis voortkomen het hoofd kunnen bieden.
De financiële gevolgen van de coronapandemie en maatregelen dient het rijk aan gemeenten te compenseren op soortgelijke wijze als eerder is vastgesteld en het rijk dient gemeenten daarover vooraf zekerheid te geven. Om vast te stellen welke middelen en bevoegdheden gemeenten nodig hebben moeten de gevolgen van de coronapandemie en de getroffen coronamaatregelen goed gemonitord worden. De gevolgen van de coronacrisis voor de ambtelijke organisatie en de gemeen telijke financiën zijn lastig in te schatten. Wel is duidelijk dat op veel gebie den extra inzet van gemeenten nodig zal zijn om problemen die ontstaan zijn door de coronacrisis en de getroffen maatregelen op te lossen en daarbij een inhaalslag te maken op de zaken die tijdens de coronacrisis zijn blijven liggen.
67 van crisis naar opgave – advies van de raad voor het openbaar bestuur Hierbij horen ook de benodigde financiële middelen, waarvoor gemeenten grotendeels afhankelijk zijn van het rijk. Het label ‘crisis’ verandert niet alleen formele structuren, maar zorgt er ook voor dat bestuurders meer aandacht hebben voor bestuurlijk vermogen, het ‘dingen voor elkaar krijgen’, dan voor de inbedding van deze zaken in het bestuurlijke stelsel en in het democratische proces van kaderstelling en con trole. Een overgang van crisis naar opgave vraagt van bestuurders dat zij deze zaken weer met elkaar in balans brengen. 5.5 aanbevelingen betreffende caribisch nederland Aanbeveling 11 De Raad beveelt de openbare lichamen aan de inspraak en participatie die is opgezet en versterkt tijdens de coronacrisis structureel te maken en hiervoor van de opgedane ervaringen te leren. In de aanpak van de coronacrisis op Caribisch Nederland vallen een aantal zaken positief op. Allereerst de houding van de openbare lichamen zelf en het werk dat zij verzet hebben. Hoewel formele participatie en inspraaktrajecten nog geen gemeengoed waren voor de openbare lichamen, hebben zij hier tij dens de coronapandemie wel op overtuigende wijze werk van gemaakt. Ook ziet de Raad dat de ministeries en het kabinet een aantal lessen uit de afgelopen tien jaar hebben geleerd.
Dat blijkt bijvoorbeeld uit het feit dat de openbare lichamen op een gelijkwaardige manier zijn meegenomen in de compensatieregelingen voor de openbare financiën en ook in de steunpakket ten voor ondernemers en burgers. Ook is het goed dat er voor elk openbaar lichaam onder de coronawet een aparte ministeriële regeling is opgezet om rekening te houden met de individuele omstandigheden van elk openbaar lichaam. Door de genoodzaakte intensieve samenwerking rond de bestrijding van de coronapandemie en het treffen van maatregelen om de gevolgen ervan op te vangen zijn de Haagse ministeries en de openbare lichamen meer op elkaar betrokken geraakt. Aanbeveling 12 De Raad beveelt het kabinet en het parlement aan binnen de Tijdelijke wet maatregelen covid-19 en bijbehorende regelingen een meer decen trale aanpak van de coronacrisis door de openbare lichamen tot zijn recht te laten komen. Maak daarbij ruimte voor democratische kader stelling en controle door de eilandsraden. 68 van crisis naar opgave – advies van de raad voor het openbaar bestuur Over de hele linie bekeken heeft de coronawet een negatief effect gehad op de bestuurlijke verhoudingen tussen de rijksoverheid en de openbare licha men, het functioneren van de lokale democratie en het bestuurlijke vermo gen van de openbare lichamen. Door de coronawet werd de coronaaanpak gecentraliseerd.
Dit bracht moeizame(re) bestuurlijke verhoudingen tussen de openbare lichamen en de rijksoverheid met zich mee: de openbare lichamen konden moeilijk aansluiting vinden bij de bureaucratische processen van de ministeries en voelden zich onder andere daardoor vaak niet gehoord. Wel hebben de coronacrisis en de coronawet ervoor gezorgd dat het contact tus sen ministeries en de openbare lichamen intensiever is geworden, waardoor ze meer op elkaar betrokken zijn geraakt en de kennis van elkaars praktijken en omstandigheden is vergroot. Door de centrale besluitvorming over lokaal geldende maatregelen ontstond er op lokaal niveau een democratisch tekort: de eilandsraad kon geen kaders stellen voor en controleren op lokaal geldende maatregelen. Input van inwo ners, bedrijven en organisaties kreeg ook moeilijker gehoor bij de besluitvor ming. Ten slotte werd het snel nemen van besluiten ter bestrijding van het coronavirus lastiger. Ook neemt het wijzigen van de coronamaatregelen door de coronawet een stuk meer tijd in beslag van de ambtenaren en bestuur ders van de openbare lichamen, tijd die zij goed kunnen besteden aan andere zaken. Kortom, voor wat betreft Caribisch Nederland heeft de coronawet goed bestuur eerder moeilijker gemaakt dan bevorderd.
Nu de coronapandemie niet meer als crisis maar als opgave aangepakt moet worden, vindt de Raad het tijd om een meer decentrale aanpak mogelijk te maken waarin ruimte komt voor lokale democratische kaderstelling en controle. Aanbeveling 13 De Raad beveelt het kabinet aan om zorg te dragen voor een goede monitoring van de gevolgen van de coronacrisis op economisch en sociaal gebied en voor de mentale weerbaarheid van de inwoners van Caribisch Nederland. Aanbeveling 14 De Raad beveelt het kabinet aan om zorg te dragen voor een goede monitoring van de gevolgen van de coronacrisis voor de financiën van de openbare lichamen, ook na 2022. Waarborg dat de financiën van de openbare lichamen hen in staat stellen zowel de gevolgen van de corona crisis als meer structurele kwesties onder handen te nemen.
69 van crisis naar opgave – advies van de raad voor het openbaar bestuur Aanbeveling 15 De Raad roept het kabinet en het parlement op om de ambtelijke organisatie van de openbare lichamen verder te versterken, zowel in omvang als deskundigheid, om de gevolgen van de coronacrisis op te vangen en ook meer structurele kwesties aan te pakken. De coronacrisis verergert bestaande structurele problemen wat betreft de ambtelijke capaciteit en de financiële middelen van de openbare lichamen. De Raad signaleert deze problemen in dit advies en ziet dat beide structureel ver sterking behoeven. De Raad sluit daarmee aan bij de eerdere aanbevelingen van de Raad van State, de Algemene Rekenkamer en het Interdepartementale Beleidsonderzoek Koninkrijksrelaties.111 De Tweede Kamer heeft de Raad gevraagd om ook het BESfonds bij dit advies te betrekken.112 Vrijwel iedere gesprekspartner van de Raad heeft een herzie ning van het BESfonds onderschreven. De coronacrisis en de financiële effec ten daarvan geven daar geen extra aanleiding toe, maar doet ook niks aan de redenen voor de herziening af. 113 Ook heeft de Raad geen financiële effecten van de coronacrisis ontdekt die iets zeggen over hoe de nieuwe inrichting van het BESfonds eruit moet zien. 111 Raad van State (2019); Algemene Rekenkamer (2021); Werkgroep Interdepartementaal Beleidsonderzoek Koninkrijksrelaties (2019).
112 Adviesaanvraag, zie bijlage I. 113 Voor deze redenen, zie: Economisch Bureau Amsterdam (2021); Raad van State (2019); Algemene Rekenkamer (2021). 70 bijlage i Adviesaanvraag
71 van crisis naar opgave – advies van de raad voor het openbaar bestuur
72 van crisis naar opgave – advies van de raad voor het openbaar bestuur
73 bijlage ii Gevoerde gesprekken Gesprek met René Bagchus en Boudewijn Steur, d.d. 9 maart 2021. Toenmalig directeur Democratie en Bestuur bij het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijks relaties en toenmalig programmadirecteur Strategie en Kennis Covid19 bij het ministerie van Justitie en Veiligheid. Videogesprek. Gesprek met Hugo van der Poel, d.d. 4 mei 2021. Directeurbestuurder van het Mulier Instituut. Videogesprek. Gesprek met Suzanne Poppelaars, d.d. 11 mei 2021. Kenniscoördinator bij de Tweede Kamer der StatenGeneraal. Videogesprek. Gesprek met Erik van de Haar, d.d. 12 mei 2021. Beleidsmedewerker bij de SociaalEconomi sche Raad. Videogesprek. Gesprek met Miranda de Vries, d.d. 17 mei 2021. Burgemeester van de gemeente EttenLeur. Videogesprek. Gesprek met Ellen Grootegoed en Willemijn van der Zwaard, d.d. 18 mei 2021. Senior adviseur bij de Raad voor Volksgezondheid en Samenleving en toenmalig senior adviseur bij de Raad voor Volksgezondheid en Samenleving. Videogesprek. Gesprek met Jacob Pot, d.d. 18 mei 2021. Kenniscoördinator bij de Tweede Kamer der StatenGeneraal. Videogesprek. Gesprek met Renske van der Zee, d.d. 26 mei 2021. Senior adviseur bij de Raad voor Cultuur. Videogesprek. Gesprek met Renske Steenbergen, d.d. 27 mei 2021. Teamleider programma Covid19 bij de Vereniging van Nederlandse Gemeenten. Videogesprek.
Gesprek met Henk Bouwmans, d.d. 27 mei 2021. Directeur van de Nederlandse Vereniging voor Raadsleden. Videogesprek. Gesprek met Mirjam Bakker, d.d. 28 mei 2021. Senior adviseur bij de Onderwijsraad. Video gesprek. Gesprek met Debbie VerbeekOudijk en Inger Plaisier, d.d. 28 mei 2021. Wetenschappelijk medewerker en senior wetenschappelijk medewerker bij het Sociaal en Cultureel Planbureau. Videogesprek. Gesprek met Rick Schukking, d.d. 3 juni 2021. Senior beleidsmedewerker Strategie bij de Vereniging van Nederlandse Gemeenten. Videogesprek. Gesprek met Frank Speel, d.d. 3 juni 2021. Programmamanager Lokale Democratie bij de Vereniging van Nederlandse Gemeenten. Videogesprek. Gesprek met Jeroen Bruijns, d.d. 7 juni 2021. Beleidsmedewerker Lokale Democratie bij de Vereniging van Nederlandse Gemeenten. Videogesprek. Gesprek met Joost Sneller, d.d. 7 juni 2021. Tweede Kamerlid namens D66. Videogesprek. Gesprek met Karim Lambrechts d.d. 8 juni 2021. Senior beleidsadviseur bij de Vereniging van Nederlandse Gemeenten. Videogesprek. Gesprek met Raymond Jeene, d.d. 12 juli 2021. Griffier bij de gemeente Delft. Videogesprek. Gesprek met Klaartje Peters, d.d. 14 juli 2021. Zelfstandig onderzoeker, publicist en bijzon der hoogleraar Lokaal en regionaal bestuur aan de Universiteit Maastricht. Video gesprek.
74 van crisis naar opgave – advies van de raad voor het openbaar bestuur Gesprek met Bart Bongers, Joanne de Mooij en Rintje Oenema, d.d. 14 juli 2021. Senior beleidsmedewerkers en manager afdeling bestuurlijke ontwikkeling bij het directoraatgeneraal Koninkrijksrelaties van het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties. Videogesprek. Gesprek met Marcel Boogers, d.d. 15 juli 2021. Hoogleraar Innovatie en Regionaal Bestuur aan de Universiteit Twente en onderzoeker bij Necker van Naem. Videogesprek. Gesprek met Geerten Boogaard, d.d. 16 juli 2021. Hoogleraar decentrale overheden aan de Universiteit Leiden. Videogesprek. Gesprek met Roberto ter Hark, d.d. 21 juli 2021. Wethouder bij de gemeente Noordwijk. Videogesprek. Gesprek met Leon Anink, d.d. 26 juli 2021. Gemeentesecretaris van de gemeente Molenlanden. Videogesprek. Gesprek met Pim van Vliet, d.d. 27 juli 2021. Gemeentesecretaris van de gemeente Leiden en voorzitter van de Vereniging van Gemeentesecretarissen. Videogesprek. Gesprek met Jan de Ridder, d.d. 16 augustus 2021. Directeur van de Rekenkamer Metropool Amsterdam. Videogesprek. Gesprek met Bart Bongers, Henk Brons en Rintje Oenema, d.d. 30 augustus 2021.
Senior beleidsmedewerker bestuurlijke ontwikkeling, directeurgeneraal Koninkrijksrelaties, manager afdeling bestuurlijke ontwikkeling bij het directoraatgeneraal Koninkrijks relaties van het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties. Video gesprek. Gesprek met Annemarie Pennte Strake, d.d. 8 september 2021. Burgemeester van de gemeente Maastricht en voorzitter van de veiligheidsregio ZuidLimburg. Video gesprek. Gesprek met Frank Halsema en Dennis van der Graaf, d.d. 9 september 2021. Gemeente secretaris en concerncontroller van de gemeente Stichtse Vecht. Videogesprek. Gesprek met Sandra Groeneveld, d.d. 13 september 2021. Hoogleraar Publiek Management van het Instituut Bestuurskunde van de Universiteit Leiden. Videogesprek. Gesprek met Sabine van Zuydam, d.d. 14 september 2021. Adviseur en onderzoeker bij Necker van Naem en docent aan de Universiteit Twente. Videogesprek. Gesprek met Jeroen van Gool, d.d. 16 september 2021. Directeur van de Wethouders vereniging. Videogesprek. Gesprek met Paul ’t Hart, d.d. 17 september 2021. Hoogleraar bestuurskunde aan de Universiteit Utrecht, codecaan van de Nederlandse School van Openbaar Bestuur en kerndocent aan de Australia New Zealand School of Government. Gesprek op het departement Bestuurs en Organisatiewetenschap te Utrecht. Gesprek met Reza Tabatabaie, d.d. 15 oktober 2021.
Toenmalig afdelingshoofd Financiën en Economie bij het directoraatgeneraal Koninkrijksrelaties van het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties. Videogesprek. Gesprek met Wouter Veenendaal, d.d. 18 oktober 2021. Universitair hoofddocent politicolo gie aan de Universiteit Leiden. Videogesprek. Gesprek met Koert van Buiren, d.d. 19 oktober 2021. Managing partner van het Economisch Bureau Amsterdam. Videogesprek. Gesprek met Kim van Es, d.d. 19 oktober 2021. Beleidsmedewerker bij het directoraat generaal Koninkrijksrelaties van het ministerie van Binnenlandse Zaken en Konink rijksrelaties. Videogesprek.
75 van crisis naar opgave – advies van de raad voor het openbaar bestuur Gesprek met Alida Francis en Claudia Toet, d.d. 21 oktober 2021. Regeringscommissaris en plaatsvervangend regeringscommissaris van het openbaar lichaam Sint Eustatius. Videogesprek. Gesprek met Frits Goedgedrag, d.d. 21 oktober 2021. Staatsraad in buitengewone dienst bij de Raad van State. Videogesprek. Gesprek met Paul Hofstra, d.d. 25 oktober 2021. Voorzitter van de Rekenkamer van het openbaar lichaam Sint Eustatius. Videogesprek. Gesprek met Nils Nijdam, d.d. 27 oktober 2021. Onderzoeker bij de Algemene Rekenkamer. Gesprek bij de Raad voor het Openbaar Bestuur te Den Haag. Gesprek met Glenn Thodé, d.d. 27 oktober 2021. Lid van het College financieel toezicht BES. Videogesprek. Gesprek met Jan Helmond en Hanja Nijeboer, d.d. 28 oktober 2021. Waarnemend rijks vertegenwoordiger en adviseur waarnemend rijksvertegenwoordiger. Videogesprek. Gesprek met Gert Oostindie, 8 november 2021. Emeritus Hoogleraar koloniale en post koloniale geschiedenis. Videogesprek. Gesprek met René Bagchus, d.d. 18 november 2021. Directeur Koninkrijksrelaties en Caribisch Nederland bij het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties. Videogesprek. Gesprek met Paul Comenencia, d.d. 22 november 2021. Staatsraad van het Koninkrijk bij de Raad van State. Videogesprek. Gesprek met Lex van Eijndhoven en Petra Habets, d.d.
1 december 2021. Directeurbestuur der van WIJeindhoven, eigenaar van Petra Habets Advies & Ontwikkeling. Videoge sprek. Gesprek met Puck van Eijk en Gertjan Rietveld, d.d. 6 december 2021. Beleidsadviseur en coördinerend beleidsmedewerker bij het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport. Videogesprek. Gesprek met Chantal de Koster en Renske Steenbergen, d.d. 7 december 2021. Medewerker en teamleider Programma Covid19 bij de Vereniging van Nederlandse gemeenten. Videogesprek. Gesprek met Roxanne Francees en Christopher Frans, d.d. 10 december 2021. Adjunct eilandsecretarissen van het openbaar lichaam Bonaire. Videogesprek. Gesprek met Wijnand de Vries, d.d. 22 december 2021. Coördinerend beleidsmedewerker bij het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties. Videogesprek. Gesprek met Anne de Baat, d.d. 22 december 2021. Gemeentesecretaris a.i. bij de gemeente Hendrik Ido Ambacht. Telefonisch gesprek. Gesprek met de Interbestuurlijke Klankbordgroep Covid19 van de VNG, d.d. 7 februari 2022. Videogesprek. De Raad is Jonathan Johnson, de gezaghebber van het openbaar lichaam Saba, erkentelijk voor zijn schriftelijke beantwoording van de vragen. 76 bijlage iii Geraadpleegde literatuur 113 Zelfmoordpreventie (2022, 14 januari) Meer suïcides onder jongvolwassenen tussen 20 en 30 jaar.
Geraadpleegd op 25 januari 2022 via https://www.113.nl/actueel/meersui cidesonderjongvolwassenentussen20en30jaar. Algemene Rekenkamer (2021) Bijzondere uitkeringen aan Caribisch Nederland. Andersson Elffers Felix (2021) Nieuw inzicht in de financiële bijwerkingen van corona. Bestuurlijke werkgroep grensbelemmeringen (2020) Niet aanpassen, maar afwijken: Verslag van de bestuurlijke werkgroep grensbelemmeringen. Boin, A., McConnell, A. & Hart, P . ’t (2021) Governing the Pandemic: The Politics of Navigating a Mega-Crisis. Cham (Zwitserland): Palgrave Macmillan. Boonstra, W. (2021, 23 november) Corona vraagt iets anders van bestuurder. Geraadpleegd op 8 december 221 via https://www.binnenlandsbestuur.nl/bestuurenorganisatie/ bestebestuurderdaadkrachtigbetrokkenencommunicatief. Centraal Bureau voor de Statistiek (2021) Trends in the Caribbean Netherlands 2021. Centraal Bureau voor de Statistiek (2021, 29 oktober) Jeugdhulp 1e halfjaar 2021: 2. Jeugdhulptrajecten. Geraadpleegd op 17 december 2021 via https://www.cbs.nl/nlnl/ longread/rapportages/2021/jeugdhulp1ehalfjaar2021/2jeugdhulptrajecten. Centraal Bureau voor de Statistiek (2022, 17 februari) Werkloosheid gedaald tot niveau van voor coronacrisis. Geraadpleegd op 22 februari 2022 via https://www.cbs.nl/nlnl/ nieuws/2021/ 46/werkloosheidgedaaldtotniveauvanvoorcoronacrisis.
Centraal Bureau voor de Statistiek (2021, 6 december) Caribisch Nederlandse eilanden hard getroffen door COVID-19 pandemie. Geraadpleegd op 10 januari 2022 via https://www.cbs.nl/nlnl/corporate/2021/ 49/caribischnederlandseeilandenhardge troffendoorcovid19pandemie. Centraal Planbureau (2021, september) Macro Economische Verkenning 2022. Centrum voor Criminaliteitspreventie en Veiligheid (2021) Raadsleden en Veiligheid, Benchmarkonderzoek 2021. Croon, J. de, Kersten, J., Gutlich, M. Pistorius, R., Fonken, R. & Ostaaijen, J. van (2021) Boete of berisping. Waarom je in sommige gemeenten sneller een coronaboete krijgt. De Nederlandse ggz (2021, 9 november) Ruth Peetoom luidt noodklok over wachttijden voor ggz. Geraadpleegd op 22 november 2021 via https://www.denederlandseggz.nl/ nieuws/2021/ruthpeetoomluidtnoodklokoverwachttijdenvoorggzzorg. Denktank Coronacrisis (2021) Perspectief op Herstel. Divosa (2021, 3 mei) Landelijk overschot 316 miljoen op bijstandsbudget; desondanks tiental- len gemeenten met tekort. Geraadpleegd op 23 juni 2021 via https://www.divosa.nl/ nieuws/landelijkoverschot316miljoenopbijstandsbudgetdesondankstiental lengemeentenmettekort. Economisch Bureau Amsterdam (2021) BES-fonds: ontwikkeling, verbetering en coördinatie. Edelenbos, J., PoperingVerkerk, J. van, Stouten, M. & Taanman, M.
(2022, 14 januari) Regio nale aanpak crisis een droom, in: Binnenlands Bestuur, 012022, p. 2224. Esser, J. & Boogaard, G. (2020, 12 juni) 25 kapiteins, 1 vloot. Differentiatie, deconcentratie en decentralisatie in de Covid19 noodverordeningen, in: Nederlands Juristenblad, nr. 23, p. 16441651.
77 van crisis naar opgave – advies van de raad voor het openbaar bestuur Eurostat (2022, 4 februari) Individuals’ level of digital skills (until 2019). Geraadpleegd op 23 september 2021. Hofstra, R., Michels, A. & Meijer, A. (2020) Is digitalisering van de lokale democratie nu in- eens wél mogelijk? Hoe provincies en gemeenten innoveren tijdens de coronacrisis. Hofstra, R., Michels, A. & Meijer, A. (2021) Coronacrisis en inclusiviteit van lokale en regionale democratie. Instituut Fysieke Veiligheid (2021) Grensoverschrijdende samenwerking bij rampen en crises. Een inventarisatie van mogelijkheden om de samenwerking te versterken. Landelijk Operationeel Team Corona (2021) Bestuurlijke handelingsperspectieven voor voor- zitters veiligheidsregio en burgemeesters. Maas, M. (2021, 13 mei) Corona dwingt gemeenten tot scherper centrumbeleid. Geraad pleegd op 20 mei 2021 via https://www.binnenlandsbestuur.nl/ruimteenmilieu/co ronadwingtgemeentetotscherpercentrumbeleid. Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (2020, 28 mei) Kamerbrief, betreft: Compensatiepakket coronacrisis medeoverheden. Kamerstukken II, 2019/2020, 35 420, nr. 43. Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (2021, 26 maart) Brief aan colleges van burgemeester en wethouders, betreft: Compensatiepakket coronacrisis medeover- heden maart 2021: verdeling over gemeenten.
Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (2021, 27 september) Kamerbrief, betreft: Tweede voortgangsbrief verkenning permanente regeling digitale beraadslaging en besluitvorming. Kamerstukken II, 20212022, 35 424, nr. 17. Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties & staatssecretaris van Justitie en Veiligheid (2021, 16 november) Brief aan de Commissarissen van de Koning, colleges van Gedeputeerde Staten en colleges van Burgemeester en Wethouders, betreft: Gezamen- lijke opgave opvang en huisvesting vergunninghouders. Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport & minister van Justitie en Veiligheid (2020, 20 november) Brief aan alle burgemeesters en de voorzitters van de veiligheidsregio’s, betreft: voorbereiding op inwerkingtreding Twm. Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport & minister van Justitie en Veiligheid (2020, 20 november) Bijlage bij brief d.d. 20 november 2020 inzake voorbereiding op inwerkingtreding van de Tijdelijke wet maatregelen covid-19.
Minister van Economische Zaken en Klimaat, minister van Financiën, minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, staatssecretaris van Economische Zaken en Klimaat & staatssecretaris van Financiën, Fiscaliteit en Belastingdienst (2021, 21 januari) Kamer- brief, betreft: Uitbreiding economisch steun- en herstelpakket. Kamerstukken II, 2020 2021, 35 420, nr. 217. Minister voor Volksgezondheid, Welzijn en Sport (2020) Memorie van Toelichting, betref- fende wetsvoorstel: Tijdelijke bepalingen in verband met maatregelen ter bestrijding van de epidemie van covid-19 voor de langere termijn (Tijdelijke wet maatregelen covid-19). Kamerstukken II, 2019/2020, 35 526, nr. 3 (herdruk). Ministerie van Binnenlandse Zaken & Ministerie van Justitie en Veiligheid (2020) Hand- boek crisisbeheersing voor de Caribische delen van het Koninkrijk. Ministerie van Justitie en Veiligheid (2020) IAK: Het Integraal afwegingskader voor beleid en regelgeving. Mulier Instituut (2021) Monitor Sport en corona IV. 78 van crisis naar opgave – advies van de raad voor het openbaar bestuur Nederlandse Vereniging voor Raadsleden (2022, 16 januari) Driekwart raadsleden herkiesbaar ondanks minder leuk werk. Geraadpleegd op 19 januari 2022 via https://www.raadsleden.nl/actueel/nieuws/driekwartraadsledenherkiesbaaron danksminderleukwerk.
Nieuwsuur (2021, 18 oktober) Veiligheidsberaad geeft gehoor aan oproep voor meer opvang- plekken. Geraadpleegd op 9 november 2021 via https://nos.nl/nieuwsuur/arti kel/2402204veiligheidsberaadgeeftgehooraanoproepvoormeeropvangplekken. Ombudsman Sint Maarten, de Nationale Ombudsman & Ombudsman van Curaçao (2020, 8 juli) Brief aan de voorzitter van de Rijksministerraad de heer drs. M. Rutte. Geraad pleegd via https://www.nationaleombudsman.nl/system/files/bijlage/Brief%20 aan%20de%20heer%20Rutte%20namens%20ombudsmannen%20Koninkrijk.pdf. Peters, K., Boogaard, G., Van den Berg, B. & Van Kalken, L. (2020) Derde rapportage, eind- rapport Evaluatiecommissie Tijdelijke wet digitale beraadslaging en besluitvorming. Peters, K., Boogaard, G., Van den Berg, B. & Van Kalken, L. (2021) Lokale democratie achter de schermen: Lessen leren uit digitaal vergaderen door gemeenteraden in coronatijd, in: Bestuurskunde, 20213 (30), p. 5461. Polman, H. (2022) Grensregio’s en besluitvorming over Covid19, in: Ministerie van Justitie en Veiligheid, Essaybundel institutionele verhoudingen tijdens en na crisistijd, p. 7981. Platform 0031 (2021) Eindcongres Impact van corona op het openbaar bestuur [Video]. Geraadpleegd via https://www.youtube.com/watch?v=47jYtyhVm4.
Raad van State (2019) Voorlichting over de bestaande vormgeving tussen de Caribisch en Europees Nederland en de coördinerende rol van BZK. Bijlage bij Kamerstukken 2019/2020, 35300IV, nr. 11. Raad van State (2021) Ongevraagd advies ‘van noodwet tot crisisrecht’. Raad voor het Openbaar Bestuur (2021) Briefadvies Financiële compensatie coronacrisis. Raad voor het Openbaar Bestuur (2022) Wegingskader goed openbaar bestuur. Regioplan (2018) Onderzoek naar een ijkpunt voor het sociaal minimum in Caribisch Neder- land. Regioplan (2021) Samen beter: ziekteverzuim binnen gemeentelijke organisaties. Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu, Trimbosinstituut & GGD GHOR Nederland (2021) Monitor Mentale gezondheid en Middelgebruik Studenten hoger onderwijs. Deel- rapport I: Mentale gezondheid van studenten in het hoger onderwijs. Roest, S., Boogers, M. & Velderman, W.J. (2020) Effecten van de coronacrisis op de rol en positie van wethouders. RTL Nieuws (2020, 27 september). Grote regionale verschillen coronaboetes: Gelderland-Zuid opvallend streng. Geraadpleegd op 16 februari 2022 via https://www.rtlnieuws.nl/ nieuws/politiek/artikel/5186478/groteverschillenuitgedeeldecoronaboetes. RTV Utrecht (2021, 14 april) Inwoners Baarn kunnen corona-wandelen met wethouders en burgemeester.