CConstaterende datSteenbergen
Koppel je AI →
Document · PDF

RAV Jaarstukken 2021 2214429.pdf

Besluitvormende Vergadering 30 juni 2022, gemeente SteenbergenBij agendapunt: 09.: Jaarstukken en begrotingen verbonden partijen.25.437 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

JAARSTUKKEN 2O2L Regionale Ambulance Voorziening BRABANT MI DDEN-WEST-NOORD

INLEIDING Voor u ligt de jaarrekening 2O2I van de RAV Brabant Midden-West-Noord. Met deze jaarrekening leggen wij verantwoording af aan het Algemeen Bestuur van de RAV over de verschillen tussen begroting en werkelijkheid in prestat¡es en financiën. De exploitatie van de RAV sluit af met een positief resultaat van € 489.232,=. Het Algemeen Bestuur van de RAV is bevoegd om de jaarrekening 2021 vast te stellen.

's-Hertogenbosch, 6 april 2022 Mevrouw M.T.M. Hendrickx Voorzitter van het Dagelijks Bestuur

Regionale Ambulancevoorz¡ening Brabant Midden-West-Noord Jaarstukken 2021

Dhr. G.T.B. Jacobs Secretaris

pagîna 1

INHOUDSOPGAVE

1

BELEIDSVERANTWOORDING. Doelstelling en activiteiten. t.2 Ontwikkelingen ..

4

1.3

Realisatie beleid.

r.4

Vooruitzichten ... Financiële gang van zaken 2021

6 9 10

1.1

1.5 1.6 2

4 5

Risicomanagement 2021

PARAGRAFEN............ 2 .1 Paragraaf inkoop........

2 .2 2 .3 2 .4 2 5

2.6 2.7 2.8

Paragraafonderhoud kapitaalsgoederen.., Paragraaf bedrijfsvoering............. Paragraaf personeel.... Paragraaf financiering Paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing.. Beleidsindicatoren ......... Zorgbonus

JAARREKENING.........

3

GRONDSLAGEN... Algemene grondslagen Specifieke grondslagen van waardering. 4 BALANS PER 31 DECEMBER 2021..,,....... TOELICHTING OP DE BALANS PER 31 DECEMBER 202T........ 5 5.1 Activa 5.2 Passiva....... 6 NIET IN DE BALANS OPGENOMEN VERPLICHTINGEN 7 OVERZICHTVAN BATEN EN LASTEN OVER 2021 B TOELICHTING OP OVERZICHT VAN BATEN EN LASTEN 2027......., 8.1 Wet normering bezoldiging topfunctionarissen... 8.2 Begrot¡ngsrechtmatigheid 2027.......... 9 OVERIGE GEGEVENS 9.1 Resultaatbestemming 9.2 Bestuursverklaring ... 9.3 Controleverklaring van de onafhankelijke accountant

3.1 3.2

BIJLAGEN

Bijlage 1 Staat van vaste act¡va Bijlage 2 staat van reserves ::::::::::::::.::::::. "" schulden Bijlage 3 Staat van langlopende Bijlage 4 Bestuu rssa menstelling Bijlage 5 Outputrapportage.......... Bijlage 6 S pecifi catie fi na ncieri n gsversch i I Bijlage 7 Kostenverdeelstaat van Het Service Centrum Bijlage 8 Overzicht van baten en lasten over 202t per afdeling Bijlage 9 MKA Brabant-Noord Bijlage 10 MKA Midden- en West-Brabant... Bijlage 11 RAV Brabant-Noord Bijlage 12 RAV Midden- en West-Brabant....

;;;;ili;öå;

Regionale Ambulancevoorziening Brabant Midden-West-Noord Jaarstukken 2021

pagina 2

JAARVERSLAG

Regionale Ambulancevoorz¡ening Brabant Midden-West-Noord Jaarstukken 2021

pag¡na 3

1

BELEIDSVERANTWOORDING

1.1

Doelstelling en activiteiten

De GR RAV Brabant Midden-West-Noord is op 31 oktober 2005 opgericht. Tot en met 31 december 2005 waren alle ambulance- en meldkameractiviteiten ondergebracht bij de GGD Hart voor Brabant en de GROGZ West-Brabant. Per 1 januari 2008 is al het personeel/ dat voorheen nog gedetacheerd werd vanuit de GGD Hart voor Brabant en de GROGZ West-Brabant, ondergebracht in de GR RAV Brabant Midden-West-Noord. Verder is per 1 januari 2008 de activa, passiva en het personeel van Ambulancedienst Timmermans BV overgenomen door de RAV Midden- en West-Brabant.

De Gemeenschappelijke Regeling Regionale Ambulance Vooziening Brabant Midden-WestNoord heeft tot doel het verlenen of doen verlenen van ambulancezorg. Zij tracht dit doel te bereiken met alle wettelijke toegestane middelen die daaraan naar haar mening kunnen

bijdragen. De GR RAV Brabant Midden-West-Noord heeft tot taak: Het instellen en instandhouden van een Regionale Ambulancevoorziening ten behoeve van het werkgebied Midden- en West-Brabant en Brabant-Noord; Het instandhouden van een meldkamer ambulancezorg ten behoeve van het werkgebied Midden- en West-Brabant en Brabant-Noord; ' Het vaststellen en (doen) uitvoeren van het meeq'arenbeleid van de regio's Midden- en West-Brabant en Brabant-Noord ; . Het (doen) leveren van een bijdrage aan de Geneeskundige Hulpverlening bij Ongevallen en Rampen ten behoeve van de Veiligheidsregio Midden- en West-Brabant en de Hulpverleningsdienst Brabant-Noord.

' .

Regionale Ambulancevoorzien¡ng Brabant Midden-West-Noord

Jaarstukken 2021

pagina 4

Governancecod e zotg, 2Ol7 Geef aan of u volledig voldoet aan lzo nee, leg uit waarom wordt De zeven principes

het principe (ja/nee)*

lafeeweken

PrincipeL-Goedezorg De maatschappelijke doelstelling en

ligitimatie van de zorgorganisaties is het bieden van soede zors aan cl¡ënten

ia

Principe 2 - Waarden en normen De raad van bestuur en raad van toezicht hanteren waarden en normen die passen

bij de maatschappelijke positie van de zoreinstellins Principe 3 - lnvloed belanghebbenden De zorgorganisatie schept randvoorwaarden en waarborgen voor adequate invloed van belanehebbenden Principe 4- lnrichting governance

la

la

De raad van bestuur en raad van toezicht

zijn een ieder verantwoordelijk voor de povernance van de zoreoreanisatie

ta

Principe 5- Goed bestuur De raad van bestuur bestuurt de

zorgorgan¡sat¡e gericht op haar

maatschappeliike doelstelling

ia

Princ¡pe 6 - Verantwoord toezicht De raad van toezicht houdt toezicht op de

maatschappelijke doelstelling van de zorsoreân¡satie

la

Principe 7- Continue ontwikkeling De raad van bestuur en raad van toezicht

ontwikelen permanent hun professionaliteit en deskundigheid ta ls de organisatie (naast de Governancecode zorg) onderworpen aan een andere code of wordt deze vrijwillig nee toeeepast? Zo ia, welke code?

t.2

nvt

Ontwikkelingen

COVID-19-crisis De COVID-19-crisis, die voor de RAV Brabant Midden-West-Noord startte op 26 februari 2020 met het veruoer van de eerste met COVID-19 besmette patiënt in Nederland naar het ziekenhuis in Tilburg, had ook het gehele jaar 2O2t nog veel invloed op onze reguliere dienstverlening. De hoge pieken in het ziekteverzuim hadden hun neerslag op de inzetbaarheid van medewerkers en daardoor de paraatheid en de prestaties. Het reguliere (niet-COVID) ambulanceveryoer, dat in het eerste jaar van de crisis fors afnam, kwam in 2021 weer terug op het niveau van vóór de crisis. Hierdoor nam de werkdruk toe. Er waren minder COVID-19-(verdachte) ritten dan in 202O, maar zij hadden wel invloed op de gemiddelde duur van de hulpverleningen doordat: . bij elke COVID-19-(verdachte) rit de PBM (persoonlijke beschermingsmiddelen) moeten worden aan- en uitgetrokken; . ambulances na elke'verdachte'rit schoongemaakt en een half uur gelucht moeten worden; . DIA (directe inzet ambulances) tijdelijk werd stopgezet, vanwege de invoer van het pa ndem ieprotocol op de meld ka mer amb ula nc ezorg ; . de hoge pieken in het ziekteverzuim regelmatig leidden tot uitval van diensten door gebrek aan inzetbaar personeel. Reg¡onale Ambulancevoorz¡ening Brabant Midden-West-Noord Jaarstukken 2021

pagina 5

De meeste opleidingen, trainingen en neventaken werden in het voorjaar van 2O2I weer opgestaft, na een tijdelijke stopzetting vanwege het waarborgen van de personeelscapaciteit en het ontlasten van de medewerkers. Kantoorpersoneel werkte in 2O2tnog steeds zoveel mogelijk thuis en bijna alle overleggen vonden digitaal plaats. Crisis Meldkamer Midden- en West-Brabant In de zomer van 2O2I was de uitval door ziekte van het personeel op de MKA in Bergen op Zoom zo groot, dat het meldkamerproces onder druk kwam te staan. Een deel van de

meldingen werden tijdelijk doorgezet naar de MKA in Den Bosch, maar ook dat was op een gegeven moment niet meer voldoende. Als noodmaatregel is in augustus uitgeweken naar de MKA in Rotterdam. Onze verpleegkundig centralisten reisden tijdelijk naar Rotterdam om, in samenwerking met de centralisten aldaar, de meldingen aan te nemen. De uitgifte bleef in Bergen op Zoom. Deze noodmaatregel kon in oktober weer worden teruggedraaid. Het meldkamerproces heeft steeds doorgang kunnen vinden. Wet a m b u la n cezo rg voo rzi en i n g e n (Wa v) Op 1 januari 2027 werd de Wet ambulancevoorzieningen van kracht. Hierin is vastgelegd dat de vergunning tot ambulancezorg verleend wordt aan de huidige aanbieders, onder strakke overheidsregulering. Door de ambulancezorg wettelijk aan te merken als NEDAB (niet-economische dienst van algemeen belang) wordt voorkomen dat Europese aanbesteding plaats dient te vinden.

1.3

Realisatie beleid

Prestatieco ntra cte n zo rgve rze ke ra a rs

Conform de nieuwe bekostigingssystematiek voor de ambulancezorg, die in 2014 werd ingevoerd, is de te leveren beschikbaarheid de basis voor het te ontvangen budget en niet meer de productie. Het door de NZa aan de RAV toegekende budget is het maximumbudget waarover in het lokaal overleg met de zorgverzekeraars moet worden onderhandeld. Bij deze onderhandelingen worden door zorgvetzekeraars en RAV jaarlijkse prestatieafspraken overeen gekomen. Landelijk is door zorgverzekeraars afgesproken dat de laatste 2,5o/o vãn het initieel toegekende budget voor spreiding en beschikbaarheid afhankelijk wordt gesteld van vooraf overeengekomen prestaties. Het te realiseren percentage A1-overschrijdingen is landelijk de belangrijkste prestatie-indicator met 1,25olo van de maximale korting van 2,5olo. Voor de overige L,25o/o worden per budgetjaar lokaal afspraken gemaakt.

In 2O27 werden voor beide RAV's afspraken gemaakt over een drietal prestatieindicatoren: responstijd urgentie 41, responstijd urgentie A2 en de nalevingsscore op de protocollen van het meldkameruitvraagsysteem ProQA. o

a

O

Responstijd urgentie A1: De afspraak op de responstijden A1 over 2021 met de zorgverzekeraars werd in Brabant-Noord deels behaaldl. Met een realisatie van 92,5o/o werd voldaan aan de eerste trede van de afspraak en werd € 62.500 bespaard. De RAV Midden- en West-Brabant behaalde een dekkingspercentage van 89,4olo en voldeed hiermee n¡et aan de prestatieafspraak. Responstijd urgentie A2: Brabant-Noord scoorde 97,8o/o en Midden- en west-Brabant 96,4o/o. Hiermee werd in beide regio's de prestatieafspraak (95olo binnen 30 minuten aangereden) ruim behaald. ProQA nalevingsscore: Zowel de RAV Midden- en West-Brabant als de RAV BrabantNoord scoorde in 2021 97%o nalevingsscore. De prestatieafspraak van 94go werd daarmee door beide RAV's behaald.

I De prestatieafspraak Responstijd urgentie

A7 is opgebouwd uit 4 treden met corresponderende

bonus/malus bedragen. Regionale Ambulancevoot'ziening Brabant M¡dden-West-Noord Jaarstukken 2021

pag¡na 6

Als gevolg van het deels behalen van de prestatieafspraken kreeg de RAV Brabant-Noord een korting van O,73o/o op het budget, en de RAV Midden- en West-Brabant een korting

van L,25o/o. Productie en prestaties In beide regio's verbeterden de responstijden spoedvervoer urgentie A1 in vergelijking met vorig jaar. De regio Brabant-Noord verbeterde met 1,3olo (van 91,2o/o naar 92,5o/o), en de regio Midden/West met 1,87o (van 87,60/o naar 89,4o/o). De vraag naar personeel in de acute zorg blijft onveranderd hoog, waardoor het lastig blijft om voldoende geschikte ambulanceverpleegkundigen aan te trekken. Voldoende geschikt personeel is een voorwaarde voor paraatheidsuitbreiding. Het is daarom belangrijk om naar alternatieve oplossingen te zoeken en de beschikbare middelen zo effectief mogelijk in te zetten. De RAV Brabant MWN zet daarom BMH-ers in en leidt zelf HBO-Vafgestudeerden op tot ambu lanceverpleegku nd ige. Een andere oplossing is alternatieve paraatheidsuitbreiding van het aantal ambulances

voor Laag en Midden-Complex vervoer (LMC). Voor LMC-ambulances is het minder lastig om geschikt personeel te vinden, en zij r'rjden een groot deel van het besteld vervoer weg waardoor de spoedzorg wordt ontlast. Naast het reguliere laag- en middencomplex vervoer nemen zij ook het vervoer van personen met venruard gedrag voor hun rekening. In zowel Midden- en West-Brabant als in Brabant-Noord werd in 2021 het aantal LMC-ambulances uitgebreid. In 2021 werden alle zorgambulancemedewerkers b'rjgeschoold , zodat zij

vooftaan naast laagcomplex vervoer ook middencomplex vervoer kunnen en mogen verzorgen. Paraatheid In de regio Midden- en West-Brabant zijn in 2O2t de volgende paraatheidaanpassingen gerealiseerd: Per 1 mrt Per 1 iuni Per 1 iuli Per 17 iuli Per 1 nov

Vervallen dao- en avonddienst oo werkdaqen VS Uitbreidinq daq en avonddienst in het weekend post Gilze Uitbreidinq daq en avonddienst in het weekend post Genderen Uitbreidinq daq en avonddiensten op weekdaqen en in het weekend LMC Uitbreidino daodienst oo weekdaoen LMC

In de regio Brabant-Noordzijnin2O2T de volgende paraatheidsuitbreidingen gerealiseerd: Per 1 mft Per 1 iuli Per 1 nov

Uitbreidinq daqdienst op werkdaqen RR Uitbreidino daodienst oo weekdaqen en in het weekend LMC Uitbreidino avonddienst oo weekdaqen LMC

Toekomstvisie: Ambulancezorg vanu¡t het hart In onze toekomsWisie is optimale waardecreatie voor de patiënt het streven. Dit willen w'tj bereiken door de juiste zorg te leveren, op de juiste plaats en het juiste moment. We brengen de patient naar de zorg óf,. als dat beter past, de zorg naar de patiënt door werkelijk mobiele zorg te leveren. Zorgdifferentiatie biedt hierbij verschillende niveaus van zorg die beter aansluiten op de specifieke vraag van de patiënt. Pilot Verpleegkundig specialisten ambulancezorg in het primair proces: In het kader van zorgdifferentiatie is in januari 2019 een pilot gestart waarbij verpleegkundig specialisten ambulancezorg in de regio Tilburg worden ingezet in het primair proces. Tijdens de COViD19-crisis werden zij tijdelijk ingezet als extra ondersteuning. In het voorjaar van 2021 zijn alle verpleegkundig specialisten ingezet in de parate dienst in de regio's Tilburg en Den Bosch. Regio Breda volgt begin 2022. De pilot is daarmee ten einde en zal in 2022 uitgebreid worden geëvalueerd. Regionale Ambulancevoorziening Brabant Midden-West-Noord Jaarstukken 2021

pag¡na 7

Pilot zorgcoördinatie: Ook werd intensievere samenwerking met ketenpartners gezocht in het streven naar zorgcoördinatie, waarbij de stip op de horizon is dat de hulpvraag van de patiënt op één plaats binnenkomt en van daaruit wordt doorgezet naar de juiste zorgverlener. In 2019 werd de RAV Brabant Midden-West-Noord geselecteerd om te starten met de pílot Zorgcoördinatie in de Bossche regio. We ontvangen hiervoor via de zorgverzekeraars subsidie van VWS. In deze pilot werkt de RAV Brabant MWN intensief samen met het Jeroen Bosch Ziekenhuis, de HAP Huisartsenposten Oost-Brabant, Brabant Zorg (VVT), Vivent (VW), Farent (sociaal domein) en Reinier van Arkel (GGZ). Na uitgebreide voorbereiding en het overwinnen van enkele (technische) strubbelingen kon in december 2021 gestart worden met de daadwerkelijke fysieke samenwerking van de verschillende triagisten op de meldkamer in Den Bosch.

Project Laag en Midden-Complex vervoer: Het project om onze zorgambulances te upgraden naar volwaardige Laag- en Midden-Complexe ambulances was vanwege de COVID-19-crisis enigszins veÊraagd. In 2O2t werd extra personeel geworven en werd iedereen opgeleid, en wijzigde de naam formeel van Zorgambulance naar Laag en Midden Complex Ambulancevervoer. In het voorjaar van 2O2I waren de eerste LMC-ambulances operationeel. Per 1 januari 2023 willen wij 95% van al het planbaar vervoer wegrijden met LMC-ambulances.

Zoroevaluatie: De in 2015 gestarte thematische zorgevaluaties (in het kader van het project Patiëntveiligheid van binnenuit) werd in 2020 voortgezet. Speciaal hiervoor getrainde verpleegkundigen scoren de ritten van collega's en koppelen deze scores terug door middel van evaluatiegesprekken. Doel is door het verkrijgen van (zelf)inzicht in de kwaliteit van het verpleegkundig/medisch handelen, de kwaliteit van zorg en dus de patiëntveiligheid verder te vergroten. In 2019 werd gestart met dezelfde evaluatiemethodiek voor de ambulancechauffeurc. Als gevolg van de COVID-19-pandemie is de zorgevaluatie in 2O2O grotendeels stil komen te liggen, en deze werd pas in het voorjaar van 2OZt weer opgestart. Daardoor ontstond er een achterstand in het aantal controles die niet meer kon worden ingelopen in de rest van het jaar. Kwaliteitskader 1.0 Jarenlang werd door VWS vastgehouden aan de lS-minutennorm om het niveau van ambulancezorg te beoordelen, bij gebrek aan alternatieve indicatoren, daarbij de ambulancesector uitdagend om met voorstellen te komen. Inmiddels heeft de sector een kwaliteitskader ontwikkeld dat is goedgekeurd en dat 26 indicatoren bevat waarmee daadwerkelijk het niveau van de geleverde zorg gemeten kan worden. Tijdigheid in het spoedvervoer is hier één van.

De indicatoren z'tjn onderverdeeld in zeven segmenten: Bereikbare en beschikbare zorg, Patiënt centraal, Veilige zorg, Professionaliteit, Samenwerken, Continue verbeteren en Basis op orde. Inmiddels is een begin gemaakt met het uitvragen van deze indicatoren. Jaarlijks zal de uitvraag worden uitgebreid tot de volledige set kan worden gerapporteerd. Daarna zullen op basis van de benchmark normen worden vastgesteld. Knelpunt personeel Een van de grootste uitdagingen van de acute zorgsector in de komende jaren ¡s te kunnen bl'rjven beschikken over voldoende vakbekwaam personeel, met name a mbula nceverpleeg kund igen. De RAV ziet aanpassing van de instroomcriteria en functiedifferentiatie als oplossing voor dit probleem. Sinds 2019 worden BMH-afgestudeerden, na voltooiing van een intern traineeship, ingezet als ambulanceverpleegkundige. In oktober 2019 startte onze interne

opleiding tot ambulanceverpleegkundige voor HBO-V-afgestudeerden, in samenwerking met de RAV Groningen. Deze opleiding duurt 18 maanden en leidt circa 20 ambulanceverpleegkundigen per jaar op.

Verder is er in ROAZ-verband veel aandacht voor samenwerking tussen ketenpartners op het gebied van werving en opleiding. Met het Elisabeth Tweesteden Ziekenhuis en het Bravis Ziekenhuis zijn afspraken gemaakt over het gezamenlijk opleiden van verpleegkundigen die daarna (in een duobaan) inzetbaar zijn op zowel SEH als ambulance Regionale Ambulancevoorziening Jaarstukken 2021

Brabant Midden-West-Noord

pag¡na I

1.4

Vooruitzichten

Houtskoolschets VWS De samenleving en de zorg veranderen in snel tempo. Ook het acute zorglandschap verandert door technologische en zorginhoudelijke ontwikkelingen. Het acute zorglandschap zal op deze veranderingen moeten inspelen. Een nieuwe inrichting van het acute zorglandschap is dan ook wenselijk om kwaliteit, toegankel'rjkheid en betaalbaarheid van acute zorg in de toekomst voor iedereen te garanderen. Het ministerie van VWS haalde bij een breed scala aan betrokkenen de denkrichtingen hieromtrent op, en bracht deze samen in een notitie die moet dienen als uitgangspunt in de maatschappelijke discussie rondom de toekomstige inrichting van het acute zorglandschap. Met tevredenheid constateren wij dat de houtskoolschets veel raakvlakken heeft met de toekomsWisie van onze RAV, zoals vastgelegd in het meerjarenplan 201,9-2O2L. Met andere woorden, we volgen dezelfde richting en zitten op de goede weg. Bijvoorbeeld: de wens om meer acute zorg te kunnen leveren sluit aan op onze pilot waarbij de Verpleegkundig Specialist Ambulancezorg wordt ¡ngezet in het primaire proces. De pilot Zorgcoördinatie loopt vooruit op het streven naar meer samenwerking van ketenpaftners bij het optimaal beantwoorden van de zorgvraag van de patiënt. Daarnaast is het een goede ontwikkeling dat de vraagtekens die de ambulancesector al

jaren stelt bij de 1S-minutennorm, nu ook door het ministerie worden erkend. Tijdigheid blijft een onderdeel van de kwaliteit van ambulancezorg, maar is niet het enige aspect. Het zwaartepunt zal in de komende jaren verschuiven van tUdigheid naar kwaliteit van zorg.

Reg¡onale Ambulancevoorziening Jaarstukken 2021

Brabant Midden-West-Noord

pag¡na 9

1.5

Financiële gang van zaken 2O21

Onderstaand worden per organisatorische afdeling de baten, lasten en resultaten weergegeven. Bij de afdelingen worden deze nader geanalyseerd en toegelicht. Bate n

De bedr'tjfsopbrengsten van de RAV Brabant Midden-West-Noord hebben zich in 2O2I ten opzichte van de begroting als volgt ontwikkeld.

AFDELING

Realisatie

Begroting 2027

Verschil

2.O57

2.640 24.528

2.700

-62 -60

23.937

43.916

42.7s9

591 7.757

73.O78

70.8s3

2.226

202r r.994

MKA Brabant Noord

MKA Midden/West Bra bant RAV Brabant Noord RAV Midden/West Brabant

Totaa I RAV Bra ba nt Midden-West-Noord

Lasten De ontwikkeling van de bedrijfslasten is als volgt.

duizenden eu AFDELING

Realisatie

Begroting

)o)1

Verschil

2021 MKA Brabant Noord MKA Midden/West Bra ba nt

L.974

2.O57

2.408

2.656

RAV Brabant Noord RAV Midden/West Brabant

23.972

24.OL4

-L43 -249 -42

44.258

42.O33

2.225

Totaa I RAV Bra ba nt Midden-West-Noord

72.552

70.760

r.792

Incidenteel en financieel resultaat De ontwikkeling van de buitengewone baten en lasten (inclusief resultaat deelneming) en de financiële baten en lasten is als volgt. 's

AFDELING

Realisatie

Begroting

Verschil

202L

2021

RAV Brabant Noord RAV Midden/West Bra ba nt

-42

-37

5

-54

-5 59

Totaa I RAV Bra ba nt Midden-West-Noorcl

-37

-91

54

MKA Brabant Noord

MKA Midden/West Bra bant

Regionale Ambulancevoorzien¡ng Brabant M¡dden-West-Noord

laarstukken 2021

pag¡na 10

Resultaten De ontwikkeling van de resultaten voor bestemming (inclusief financiële baten en lasten en bijzondere baten en lasten) van de RAV Brabant Midden-West-Noord is

duizenden euro's

MKA Brabant Noord MKA Midden/West Bra ba nt

232

43

80 189

RAV Brabant Noord RAV Midden/West Braba nt

5L4 -337

-tL4 7I

-408

Totaa I R.AV Bra ba nt Midden-West-Noord

489

80

628 488

Van bovenstaande lasten betreften € 9.060.000 overheadkosten.

In het jaar 202\ is de RAV niet VPB-plichtig.

Reg¡onale Ambulancevoorziening Brabant M¡dden-West-Noord Jaarstukken 2021

pag¡na 11

1.6

Risicomanagement 2O21 Geef aan of het onderwerp aan de lzo ja, licht in max. 200 woorden de

Onderwerp

orde is (self assessment)

lantwoorden toe

* de organisatie kan nog minimaal Ljaarvoortbestaan?

Regionale Ambulancevoorziening Brabant Midden-West-Noord Jaarstukken 2021

pagina 12

2

PARAGRAFEN

2.1

Paragraaf inkoop

In 2O2t is verder uitvoering gegeven aan het Inkoopwerkplan. Er is prioriteit gegeven aan inkopen die bij de spendanalyse voor financiële rechtmatigheid (Jaarrekening 2019) als niet rechtmatig zijn beoordeeld. Dit heeft geresulteerd dat de onrechtmatigheden op de inkopen fors zijn verminderd. Er is in onze optiek nog maar één contract met een waarde van € 25.566,=, oltêchtmatig. Hiermee blijft de RAV ruim onder de tolerantienorm.

2.2

Paragraaf onderhoud kapitaalsgoederen

Doel van het onderhoud is, kapitaalverlies te voorkomen en de gebouwen en installaties, in zodanige, (bouw) technische staat, te houden, dat de gebruiksmogelijkheden en/of huurinkomsten gewaarborgd zijn. Hiervoor is een meerjaren onderhoudsplanning opgesteld. De basis voor de mee¡'arenonderhoudsplanning betreft een conditiemeting van het gebouw..Op basis daarvan wordt de onderhoudsplanning gemaakt. Deze conditiemeting wordt door gecertificeerde inspecteurs uitgevoerd voor alle locaties, dit conform de NEN 2767. Hierbij maakt men gebruik van de elementencoderingen gebaseerd op de NL-SFB codering. De NL-SFB codering heeft zich in Nederland ontwikkeld tot de standaard op het gebied van elementgerichte classificaties en wordt veel toegepast bij meerjaren onderhoud. Deze gegevens zijn door Planon opgenomen in Planon Building Management. Dit is het softwarepakket dat gebruikt wordt voor de MJOP, en met de door Planon aangeleverde kengetallen verwerkt tot de Meer Jaren Onderhoud Planning. De MJOP is een richtlijn voor uitvoering van onderhoud met een raming van de kosten. Op basis van deze MJOP worden de jaarlijks opgenomen activiteiten uitgevoerd. We gebruiken als standaardnorm voor de mate en wijze van onderhoud, de waardering "goede conditie". Jaarlijks worden nog een aantal zaken nagetrokken door de projectleider facilitaire zaken:

1. Is de conditie zodanig dat uitvoering noodzakelijk is (dit is o.a. afhankelijk van de

intensiteit van het gebruik en kan daardoor afwijken). Op basis van de bevindingen wordt het tijdstip, jaar van onderhoud, eventueel in de MJOP aangepast. 2. Zijn er activiteiten te combineren waardoor er voor het primaire proces maar 1 keer overlast is (b.v. schildenverk en vervanging vloerbedekking in één keer, of als een verbouwing noodzakel'ljk is het planmatig onderhoud hiermee combineren). Op basis van deze bevindingen en overwegingen kan het MJOP eventueel ook worden aangepast.

3. Zijn er ontwikkelingen m.b.t. het gebouw waardoor uitvoering niet meer opportuun is

(b.v. gaat een locatie verhuizen of wordt een locatie op termijn opgeheven). Op basis van deze bevindingen kan het MJOP eventueel ook worden aangepast.

De gegevens in het MJOP moeten steeds worden aangevuld met gegevens vanuit de

praktijk. Dit kan naar aanleiding van de jaarlijkse eigen visuele inspectie, en/of op basis van ervaringscijfers van daadwerkelijke uitvoering. Dit is een continu proces. De visuele inspectie conform de NEN 2767 wordt voor de panden in eigendom, elke 4 jaar herhaald Deze externe inspectie kan ook aanpassingen in het MJOP tot gevolg hebben. EED (Energy Efficiency Directive)

Conform Europese regelgeving zijn we verplicht Maatschappelijk Verantwoord te Ondernemen en een Duurzaamheid en Energiebeleid te hebben. Dit heeft tot gevolg dat we komende periode diverse investeringen op dit gebied gepland hebben.

Regionale Ambulancevoorziening Jaarstukken 2021

Brabant M¡dden-West-Noord

pag¡na 13

Het jaar 2021 stond wederom in het teken van de COVID-19-crisis. Hierdoor is er gekeken om het aantal contactmomenten te beperken en is er op het gebied van onderhoud alleen het noodzakelijke uitgevoerd.

2.3

Paragraafbedrijfsvoering

Hét Service Centrum Hét Servicecentrum verzorgt voor de GGD West-Brabant, de GGD Hart voor Brabant, de RAV Brabant Midden-West-Noord en de GGD Noord- en Oost-Gelderland een aantal ondersteunende diensten. De eerste drie organisaties delen de diensten financiën, salarisadministratie, DIV en ICT (met name beheer van het netwerk/systemen en de kantoorautomatisering). De GGD Noord- en Oost Gelderland deelt mee op het terrein van ICT. Deze samenwerking is geregeld in een overeenkomst'kosten voor gemene rekening' die het risico van btw-heffing afdekt en waarvan de GGD Hart voor Brabant penvoerder is Personeel

Om het gat tussen het referentiekader Spreiding en Beschikbaarheid en de werkelijke paraatheid te dichten is het aantrekken en behouden van voldoende bevoegd en bekwaam perconeel uiteraard een belangrijke organisatiedoelstelling. Om dit te realiseren zijn binnen de RAV, op basis van de doelstellingen zoals dezezijn geformuleerd in het meeq'arenplan zOLg - 2021, diverse projecten gestart en vervolgd. Deze hebben er voor gezorgd dat we, ondanks de bijzondere omstandigheden door de COVID-19-crisis, in 2O2L een fors aantal indiensttredingen van zorgprofessionals hebben kunnen realiseren. Uiteraard blijft de krapte op de arbeidsmarkt van acute zorgmedewerkers voelbaar. De projecten die een bijdrage leveren aan het beschikken over voldoende bevoegd en bekwaam personeel zijn zorgdifferentiatie, het zelf opleiden van personeel, het intensiveren van de ketensamenwerking en het bevorderen van de vitaliteit van onze medewerkers.

Zorgdifferentiatie biedt niet alleen betere zorg op maat voor de patiënt, maar draagt ook bij aan efficiency van de inzet personeel, het terugdringen van het personeelstekort en de mogelijkheid voor de medewerker om zich verder te ontwikkelen. Zorgdifferentiatie zie je binnen onze organisatie terug in de pilot verpleegkundig specialisten in het prima¡r proces en in het projectplan voor het laag- en midden complex ambulancevervoer. Het zelf verzorgen van een Verpleegkundige Vervolg Opleiding maakt het voor ons mogelijk om verpleegkundigen met een HBO-V achtergrond, samen met verpleegkundigen met een IC, CCU of SEH-specialisatie, op te leiden tot zelfstandig werkend ambulanceverpleegkundigen. Nu we ook zelf de opleiding tot ambulancechauffeur verzorgen kunnen we flexibel opleiden op maat. Door samenwerking met de ketenpartners kunnen stageplaatsen en duobanen worden gerealiseerd waardoor zorgprofessionals behouden blijven voor de acute zorg. Naast deze projecten draagt het verder ontwikkelen van de strategische personeelsplanning bij aan een gerichte en effectieve manier om te sturen op de optimale bezetting van onze organisatie. Ook investeren we in pilots voor loopbaanpaden voor ambulancechauffeurs en is er in 2027 een plan van aanpak opgesteld rondom het bevorderen van het werkgeluk en de vitaliteit van werknemers wat de komende jaren verder zal worden uitgerold.

I nfo rm a ti evo o rz i e n i ng /a u to m a t i se ri n g De RAV Brabant MWN voert taken uit binnen de zorgketen en de veiligheidsketen. De informatievoorziening en automatisering van de RAV is dan ook voornamelijk gericht op optimalisatie van de primaire processen binnen deze ketens. Voor netwerken, infrastructuur, kantoorautomatisering en het datawarehouse neemt de RAV diensten af van Hét Service

Centrum (HSC). ln 2Q2t zijn nagenoeg alle werkplekken op de posten en kantoren Reg¡onale Ambulancevoorziening Brabant

Jaarstukken 2021

Midden-West-Noord

pagina 14

vervangen. Op de posten wordt nu gewerkt met volwaardige, mini's pc. In de kantoren zijn docking stations geplaats, omdat de management, staf en ondersteuning over zijn gegaan naar werken met laptops. De automatisering in, op, van en naar de ambulance wordt binnen de eigen organisatie door VoertuigTechniek uitgevoerd en georganiseerd in samenwerking met diverse leveranciers.

Op deze wijze wordt het toenemend belang van ICT in de primaire processen, informatieveiligheid en privacy optimaal geborgd. Wat betreft informatiebeveiliging & privacy was er ruime aandacht voor awareness middels periodieke artikelen op het intranet

en een verplichte e-learning module. Verder zijn er in 2021, diverse verbeteringen doorgevoerd zoals de implementatie van een privacy-managementsysteem, diverse

verbeteringen aan de gegevensbescherming, de introductie van veilig mailen (NT47516) en wordt er gewerkt met controle op logging (NEN7513).

Ln202l zijn tal van grotere en kleinere vernieuwingen gerealiseerd zoals het implementeren van een verbeteringen aan het digitale ritformulier en de backofiice applicatie, ondersteuning aan de samenvoeg¡ng zorgmeldkamer B-vervoer en de inrichting van de Laag- en Middencomplexe Ambulancezorg en is de introductie van het patiënten portaal AZN op een haar na afgerond. Op het gebied van informatiegestuurd werken zijn er in 2O2L weer flinke stappen gezet. Zo is er een nieuw teammanagementdashboard ontwikkeld waarmee teammanagement operationeel kan sturen. Ook is er een tool geimplementeerd waarmee stuurinformatie direct naar een eindgebruiker gestuurd kan worden en zijn er nieuwe

bronnen ontsloten. Daarnaast is er in samenwerking met de andere ambulancedienst en de

GGD'en in Noord-Brabant een gezamenlijke applicatiearchitectuur opgesteld die het doorvoeren van wijzigen en het samenwerken moeten gaan vergemakkelijken. Het jaar 2021 stond tenslotte ook in het teken van de transitie van de afdeling bedrijfsvoering die ingericht is op basis van verschillende teams om slimmer en integraler te kunnen (samen)werken:

back-office, voertuiglCT & wagenpark, facilitair, paraatheid & planning en proces- en informatiemanagement.

Naast de continue aandacht voor informatiebeveiliging & privacy, de doorontwikkeling van dashboards & rapportages en het digitale ritformulier, en nieuwe informatiebehoefte als gevolg van zorgdifferentiatie, mobiele zorg en zorgcoördinatie zal in 2O22 de focus, zoals al

genoemd, liggen op de vervanging van het navigatiesysteem, het implementeren van geautomatiseerde feedback vanuit twee ziekenhuizen, informatiegestuurd werken, de implementatie van software ter ondersteuning van zorgevaluatiebegeleiding en verdere inrichting van de afdeling Bedrijfsvoering waar informatiemanagement & ICT onder is gebracht.

Organisatie De organisatie moet het werken van geschikte en gemotiveerde mensen aan processen en producten adequaat faciliteren. De structuur volgt de strategie van de organisatie en is dienend aan sturing en samenwerking. Een slagvaardig managementteam, ondersteund door een professionele staf, met onderscheidend leiderschap vormt daarbij de basis. Door aan deze voon¡¡aarden te voldoen kan de RAV zich handhaven binnen het topsegment van de RAV-organisaties en de maatstafconcurrentie binnen de ambulancezorg het hoofd bieden. Op basis van dit uitgangspunt ontwikkelt de organisatie zich op een aantal aspecten: zij kenmerkt zich door haar medewerkers te prikkelen, uit te dagen en verantwoordelijkheid te laten nemen voor de eigen ontwikkeling;

-

er is ruimte voor innovatie; de organisatie is in control; ontwikkeling van expetise vindt voornamelijk plaats door het zoeken van regionale en landelijke samenwerking.

Fa ci lita i re za ke n/ h u isvesti ng

Facilitaire zaken richt zich op integrale beheersing van (en diensWerlening in en om) organisatiehuisvesting en -huishouding, ter ondersteuning van de gebruikers met ruimte, Regionale Ambulancevoorziening Jaarstukken 2021

Brabant M¡dden-West-Noord

pagina 15

middelen, diensten en bescherming, resulterende in optimale productiviteit en kostenbeheersing voor de organisatie. De hoofdtaken op het facilitair terrein liggen voor de RAV:

-

coördinatie (groot) onderhoud; documentmanagement/ archief en postverwerking; inkoop, opslag en distributie van medische verbruiksmaterialen; ondersteunen van huisvestingsprojecten; ondersteunen overige inkoop en aanbesteding.

Het huisvestingsbeleid van de RAV wordt materieel in hoge mate bepaald door het landelijk referentiekader. Daarnaast geldt voor huisvesting en de daarvan afgeleide kosten zoals energie, schoonmaak, (groot) onderhoud en huur dat dit moet worden gerealiseerd binnen de strakke budgetkaders c.q. normen van NZa en zorgvezekeraars. Vooral de zorgverzekeraars in hun rol van zorginkopers hanteren daarb'rj steeds vaker het instrument van de benchmark voor de bepaling van deze budgetkaders. I n fo rma ti e/a rch i efb e h ee r

De RAV is bij de inrichting van zijn informatiebeheer gehouden aan de Archiefwet 1995. Naar aanleiding van het voortgangsverslag uit 2020 hebben wij in 2021 samen met de GGD Hart voor Brabant, GGD West Brabant en Hét Service Centrum de uitvoering van het gemeenschappelijk beleidsplan informatiebeheer en het daarop gebaseerd herzien plan van aanpak voor het informatiebeheer verder uitgevoerd. Uitgangspunt voor dit plan van aanpak is dat we ons eerst richten op de 5 hoogste priorite¡ten op basis van een u itgevoerde risicoanalyse. De 5 hoogste prioriteiten zijn: 1. opstellen van een informatiebeheerbeleid;

2. opstellen van een informatiebeheersplan;

3. inzichtel'rjk maken van risicovolle processen en inrichten van passend beheer; 4. opstellen van een Vernietigingsplan 5. opstellen van een metadata schema.

Ad 1. In 2019 stelde het dagelijks bestuur en het algemeen bestuur reeds het Beleidsplan informatiebeheer (informatiebeheerbeleid) al vast. In 2022 wordt er een nieuw Beleidsplan opgesteld.

Ad 2. In 2021 stelde het dagelijks bestuur en het algemeen bestuur het verbeterplan 2020 vast. Dit verbeterplan wordt regelmatig gemonitord in het Portefeuillehouderoverleg ICT.

In 2019 is het project Duurzaam opslaan zonder Decos gestart met als uiteindelijk doel om Decos (Document management Systeem) uit te faseren en de informatie op te slaan waar het thuis hooft. Ten tijde van het project is het document Opslagbeleid zonder Decos vastgesteld in de.Stuurgroep van het project DZODD. In december 2020 is de migratie van Decos naar 0365 gerealiseerd. De optimalisatie van de migratie en het werken met 0365 wordt structureel ingebed in afspraken met teams binnen de organisaties. Ad 3. Tevens is in 2019 een start gemaakt met het inzichtel'rjk maken van de risicovolle processen en wordt er momenteel gewerkt aan het inrichten van een passend beheer. Het passend beheer wordt structureel gecontinueerd en afgestemd in samenspraak met proceseigenaren. In 2021 heeft de RAV meegewerkt in een pilot archivering in SharePoint. Ad 4. Ook in 2OZL is vanwege alle drukke werkzaamheden het vaststellen van het Vernietigingsplan nog niet gerealiseerd. Dit zal in 2O22 zijn beslag krijgen. Tijdens het SIO overleg is afgesproken om het Vernietigingsplan te splitsen in fysiek en digitaal. Het digitale Vernietigingsplan wordt in samenspraak met de informatiemanagers opgesteld in projectvorm. Ad 5. Het Metadata schema is vastgesteld door de stuurgroep in het project Duurzaam opslaan zonder Decos. Regionale Ambulancevoorziening

Jaarstukken 2021

Brabant M¡dden-West-Noord

pagina 16

Ln 2O2L zijn er veel verbeterpunten volgens planning ingezet, maar door COViD-19 zijn er verbeterpunten niet volledig uitgewerkt of zelfs on hold gezet.

In 2O2t is er door een externe archivaris een COVID-19 hotspot-analyse gedaan voor alle bovenstaande genoemde organisaties. Dit heeft geresulteerd dat er in december 2021 het project Hotspot-archivering is opgezet. De Hotspot archivering zal verdere uitwerking in 2022 krijgen.

In oktober 2021 heeft de 1e vergadering van het Strategisch Informatie Overleg (SIO) plaatsgevonden. Het SIO is een structureel overlegplatform dat adviseeft, uitvoeringsbesluiten neemt over de informatiehuishouding en beleidskaders ontwikkelt om deze te laten vaststellen door de bestuurder, gebaseerd op maatschappelijke ontwikkelingen, (wettelijke) kaders en actuele organisatiethema's. In dit platform nemen de poÉefeuillehouders ICT deel, het HSC vanuit de beheerstaak en de beide toezichthouders, respectievelijk de stadsarchivaris van de gemeente Breda en 'sHertogenbosch. Het vaststellen van COVID-19 als hotspot heeft in het SIO overleg zijn beslag gekregen. Financiën Een van de hoofdverantwoordelijkheden van dit onderwerp is de "planning & control" met als taak het verzorgen van de verschillende informatieproducten inclusief analyse en

advisering. Een andere verantwoordelijkheid is die voor de financiële administratie. Taken zijn dan onder meer het inrichten van de administratie (voldoen aan eisen BBV en behoefte organisatie) en het verwerken van de financiële mutat¡es.

Ook Treasury valt onder de verantwoordelijkheden van Financiën. Taken zijn onder andere het (mede) opstellen van het Treasurystatuut, het daaraan uiWoering geven en daarover in het hoofdstuk Financiën rapporteren.

Regionale Ambulancevoorziening Brabant Midden-West-Noord Jaarstukken 2021

pag¡na 17

2.4

Paragraaf personeel

Personeel op het niveau van de gehele organ¡satie

lnstroom

Aantal personen

U¡tstroom

aantal

lnstroom

aantal

personen

aantâl fte

personen aantal fte

781

Personeel in loondienst incl. leerlingen BBL

pet3L-12- aantalfteper

uitstroom

3L-t2-202L

2021

68,961

38

32,7r

682

590,31

Zelfstandige (geen gezagsverhoudi ng zoals

,l

DGA)

101

lngehuurd personeel (uitzendkrachten)

.l

3

2,L9

7

0.33

s,6el

8

€

18

L2,36

Stagiaires

8l

8l

7

6.89

8

E

Vriiwillieers Iotaal

ol

ol

0

c

0

c

s2.6sl

5€

47.79

7æ

61r

74,71

53

47

613

537,35

s6l

801

- waarvan zorgverleners*

* onder zorgverlener wordt ook verstaan een stagia¡re of ass¡stente die med¡sche ha ndelingen mag verrichten

Verhouding cliëntgebonden personeel en niet-cliëntgebonden personeel: splitsing in MW en Bn

Percentage

totãal MWN % Cliëntge bonden personeel

86,46

Niet-cliëntgebonden personeel

73.r2

Verdeling personeel naar f inancieringsstroom de

een

Percentage

van de verdel

I naar fina

VâN

Percentage fte totaal personeel

Nadere specifiGties per reg¡o BN/MW

aântal werkzame peßonen per3l-12-2021

I O¡aat

foÞal \ladec sDec¡fieties

peEonen per31-12-

Aãntâl fte op 31-1j¿-

qanbl fte 31-¿-2021 MW

2021 SN

2021 BN

AmbulânceverDleeskundise lã.hÊlôr Mêdis.å H¡'lôvêrlÊn¡h'

237

272.n

1¿g

1?6 V

88

m

9

8.7Â

1T

Ambulãnce.-hâúffeur

?17

19.06 lqR Ð

724.43

ZommbulancêvêmlêeÍkundiqe

T

2ß.tt

133 ?q

zoreãmbulãnæchauff eur VEmlêÊskunrl¡s.êntrâli<t M(Â

31

29-03

15

)7 )\

6

5,78

38

30

18

75.29

2A

1471

gA)

65

Niet-verDleepkundiø centÊli<t MkÁ

Ê

OveÌige

126

75,95 10 ?a 74.24

21.78

6.54

6

52.6

32.6

Ver¿uim personeel (exclusief zwangerschap)

Afdeling

Totâãl

Venuim totaal

MW

BN

HR Financ¡en Bureau ZIO

Bedrijfson Stãf dersteun¡n Direct¡e

¡n loond¡ênst

Vacatures

Totaal aantal vacatures

Waarvan moeilijk

oer 3t-t2-2021

vervulbaar

Alle soorten vacatures (staf & ondersteuning)

3

2

Cl ië ntge bonden f u ncti es

27

Personee I

Regionale Ambulancevoorziening

Jaarstukken 2021

Brabant M¡dden-West-Noord

pagina 18

2.5

Paragraaffinanciering

2.5.1 Treasurystatuut De GR RAV Brabant MWN heeft een treasurystatuut.

Schatkistbankieren Eind 2013 is het zogenaamde schatkistbankieren ingevoerd. Dit betekent dat publiekrechtelijke lichamen geen overtollige middelen (banktegoeden) mogen aanhouden, maar verplicht z'rjn deze in de schatkist te stoften. In hoofdstuk 5 wordt dit nader toegelicht.

2.5.2 Risicobeheer Kasgeldlimiet De toegestane kasgeldlimiet bedraagt 8,2o/o vàî de jaarbegroting 2O2L (€ 5.802.000) Op basis van het verschil tussen de vlottende schulden en de vlottende middelen (€ 2.885.000) blfft de RAV binnen de toegestane kasgeldlimiet. Renterisico vaste schulden (zie bijlage 3: staat van langlapende leningen) De renterisiconorm is vastgesteld op 2oo/o van het begrotingstotaal 2021 (wet Fido). Dit resulteeÊ in een renterisiconorm van € 14.152.000. De reguliere aflossing voor 2O2L en de komende jaren is geraamd op € 1.600.000. De RAV blijft hiermee ruim binnen de

renterisiconorm.

2.5.3 Vermogensstructuur en financiering De RAV Brabant MWN streeft ernaar om de vaste act¡va te financieren met lang beschikbaar vermogen. Het werkkapitaal wordt indien nodig gefinancierd met kort vreemd vermogen. Ultimo 2021 worden de vaste activa als volgt gefinancierd.

22.612

23.244

-676

14.180 1.936 9.300

L3.738 1.695 10.900

442

rzieningen Langlopende Schulden

Financieri ng lange termijn

25.4I7

26.333

Materiele vaste Activa

Financiering Eigen vermogen

Regionale Ambulancevoorziening Jaarstukken 2021

Brabant M¡dden-West-Noord

24t -1.600 -916

pag¡na 19

2.6

Paragraafweerstandsvermogen en risicobeheersing

2.6.7 Beleid omtrent weerstandsvermogen en financiering Het weerstandsvermogen bestaat uit de relatie tussen: De weerstandscapaciteit, zijnde de middelen en mogelijkheden waarover de GR RAV Brabant MWN beschikt of kan beschikken om niet begrote kosten te dekken, zijnde de reserves en voorzieningen ; ' Alle risico's waaryoor geen maatregelen zijn genomen en die van materiële betekenis kunnen zijn in relatie tot de financiële positie.

'

De paragraaf Risico's brengt in beeld wat de belangrijke risico's zijn en hoe we daarmee omgaan. Daarbij richten we ons op zowel de uitgaven- als de inkomstenkant. De stand van de reserves (eind 2021) is voldoende voor de dekking van de in paragraaf 2.6.4 benoemde en gekwantificeerde risico's. 2. 6. 2 Wee rsta n dsca pa cite

it

De weerstandscapaciteit van de RAV Brabant MWN bestaat uit: in € 1000

Boekwaarde per 3t-12-202I

Boekwaarde

per 31-L2-2O2O 902 902

Algemene reserve Beste mmin gsrese rves RAK Beste mmingsrese rve

onderhoud locaties Beste mmingsrese rve reo rga nisatie Ge rea liseerd resulta at

Totaal

rr.524

11.3 s0

523

s69

742

742

489 14.180

13.738

774

2.6.3. Kengetallen De hieronder vermelde kengetallen geven een eenvoudig inzicht in de financiele positie van de RAV Brabant Midden-West-Noord. Kengetallen

202r

2020

Re nta blite it

r,2o/o

0,3o/o

Liq u id ite it

I,2L

1,22

So lva b ilite it

0,30

0,34

Debt Service Coverage Ratio

2,75

1,9 5

2.6.4. Inventarisatie van de risico's De meest significante risico's worden benoemd. De significante risico's, vaak ook met een financiële impact worden gesignaleerd door gesprekken vanuit Control met de portefeuillehouders in de organisatie. Verder is er vanaf 2019 een BCM (Business Continuity Management) beleid, waarbij de processen binnen de RAV worden doorlopen en risico's en acties worden benoemd. Binnen de planning & control cyclus houden we de vinger aan de pols en treffen we maatregelen bij financiële knelpunten.

Reg¡onale Ambulancevoorziening

Jaarstukken 2021

Brabant Midden-West-Noord

pagina 20

We informeren het bestuur daarover via de bestuursrapportages. Op een moment dat de RAV een risico loopt dat we niet binnen de reguliere begroting kunnen opvangen moeten we de reserves aanspreken of moeten deze als buffer dienen.

Risico

Kans

Budgettering NZa, lager dan de

midden/laag

landelijk overleg vanuit AZN, lokaal overleg met de

(bedrag in miljoen €)

€) 2020

202L

0

0

0

0

0

0

zo rgve rze ke raa rs

werkeliike kosten Prestati econtract

Maatregel

Verwacht r¡s¡co

Verwacht risico (bedrag in miljoen

midden/laag

sturing management/ in begroting reeds opnemen

aag

bevei I igi ngsmaatregel en

cont¡ nu

tcT

I

treffe n Persoonlijk levensfasebudget uren

Tijdspaarregel ing

laag

verplichting opgenomen

0

0

midden/taag

landelijk overleg om deze verplichting landelijk op te

0

0

0,00

0,00

nemen TOTAAT

Budgettering NZa, lager dan de werkelUke kosten De ambulanceopbrengsten worden verkregen via budget van het ministerie van VWS. Ambulancezorg Nederland onderhandelt samen met zorgverzekeraars Nederland met NZa over het budget indien dit op een bepaald onderdeel niet toereikend is. In 2019 was daar sprake van, mede door de loonontwikkeling binnen de ambulancesector (flinke loonstijging vanwege de nieuwe CAO/door FWG worden daarnaast nog de salarissen van de ambulanceverpleegkundigen hoger ingeschaald). Het was dan ook de vraag of dit in de toekomst volledig gedekt gaat worden door NZa, want de toename moet ook passen binnen het macro budgetvan VWS, dat beschikbaar is voorambulancezorg. In 2020 is er door NZa boekenonderzoek verricht naar de werkelijke loonkosten en de overige personeelslasten. Dit heeft erin geresulteerd dat NZa deze budgetten vanaf 2021 heeft opgehoogd. Dit betekent dat het risico dat in 2019 was geraamd op ca 3,7 miljoen gereduceerd kan worden tot nihil. Prestatiecontract Landelijk is door zorgverzekeraars afgesproken dat de laatste 2,5o/o Yàn het initieel toegekende budget voor spreiding en beschikbaarheid (maximaal ca. € 1.100.000) afhankelijk wordt gesteld van vooraf overeengekomen prestaties. Het te realiseren percentage A1-overschrijdingen is landelijk de belangrijkste prestatie-indicator met 1,25olo van de maximale korting van 2,5o/o.

Voor de overige t,25o/o worden per budgetjaar lokaal afspraken gemaakt. De kans dat de RAV deze lokaal overeengekomen prestatieafspraken niet behaalt is erg klein. Er worden haalbare afspraken gemaakt waarop de RAV invloed heeft om ze ook te kunnen realiseren. In de begroting wordt voortaan rekening gehouden met mogelijke kortingen. ICT De afhankelijkheid van ICT kan de continuìteit van de bedrijfsvoering in gevaar brengen. Door het steeds opener karakter van de ICT st'tjgt het risico van het gebruik van privacygevoelige informatie. Ook stellen de overheid en de ketenpartners hogere veiligheidseisen; de data moet voldoende beveiligd zijn. Daarnaast moet de RAV met ingang van 2018 voldoen aan de NEN-normering voor de zorg en aan accountantseisen. Regionale Ambulancevoorziening Brabant Midden-West-Noord

Jaarstukken 2021

pagina 21

Technisch hebben we al veel geregeld, want sinds 2078 zijn we voor de NEN 7510 norm gecertificeerd. Het informatiebeveil igingsmana gementsysteem (ISMS) Van het HSC is ingericht en gecertificeerd. Daarnaast zijn er afspraken tussen HSC en RAV gemaakt, waarin o.a. de continuiteit van het bedr'rjfsproces met betrekking tot ICT is opgenomen.

Persoonliik levensfasebudget u ren Het Persoonlijk Levensfasebudget (PLB) is een voorziening ten behoeve van het bevorderen van de duurzame inzetbaarheid van de werknemer gedurende zijn loopbaan. Het PLB biedt de werknemer de mogelijkheid een evenwichtige balans te vinden tussen werk en privé. Voorde RAVworden 10.000 uren als een normaal volumegezien, de meerdere uren worden als verplichting op de balans gezet. Tijdsoaarregeling Medio 2021 is landelijk de tijdspaarregeling overeengekomen met de Vakbonden. De werknemer wordt in de gelegenheid gesteld om tijd te sparen, om die gespaarde tijd later tijdens de gehele loopbaan naar eigen wens als doorbetaalde tijd op te kunnen nemen. Dit draagt bij aan een goede balans tussen werken en privé. In 202L is er hiervan nog minimaal gebruik van gemaakt. Bij AZN wordt nog ondezocht of de verplichting die gaat ontstaan aan de medewerkers landelijk wordt opgenomen, of dat dit bij de afzonderlijke RAV's blijft. Indien deze verplichting bij de RAV Brabant MWN niet op de balans verantwoord kan worden vanwege de BBV regels en het landelijk niet wordt opgenomen, dan wordt deze in deze risicoparagraaf ingeschat en benoemd. De conclusie is dat gezien de genoemde risico's het weerstandsvermogen voldoende is om

de risico's op te vangen.

2.7

Beleidsindicatoren ' rr

, : :: ::i.

: ::4...:),'

Naam Indicatoi

r

Éannå¡0 ,t,, ,t,t

t..:'f

7 0. Bestuur en ondersteuning

Format¡e

Fte per 1.000 inwoners

2 0. Bestuur en ondersteun¡ng

Bezetti ng

Fte per 1.000 inwoners

3 0. Bestuur en ondersteuning

Appa raats kosten

kosten per inwoner

r ¡¿5¡¡r5¡¡g" ';.".).,,::. ..,.,.

.

0,310 0,330

€

5,03

kosten als % van totale

4 0. Bestuur en ondersteuning

Externe i nhuur

loonsom +totale kosten inhuur externen

5 0. Bestuur en ondersteuning

Overhead

% van totale lasten

Regionale Ambulancevoorz¡ening Brabant Midden-West-Noord Jaarstukken 2021

7,85% 1,2,50%

pagiña 22

Voertuígcapaciteit Regionale Ambulancevoorzie ning Capaciteit Aantal per 31-L2-2O2L L2

Standplaatsen Aantal Rapid responder

10

Totaal aantal ambul ances

75

Ambulances naar soort -Ambulance

60

-Zorgambulances

15

Melding geweld jegens medewerkers Aantal einde verslagjaar 202L

Agress¡egereateerde incidenten Agressiegerelateerde incidenten jegens de eigen medewerkers

2.8

8

Zorgbonus

Dit jaarverslag bevat de verantwoording van de subsidieregeling Bonus zorgprofessionals COVID-19 voor onze zorgprofessionals die bij RAV Brabant Midden-West-Noord werkzaamheden hebben verricht ten t'rjde van de COVID-19 uitbraak. Zowel de uitkering in 2020 als in 202t worden hieronder verantwoord volgens het protocol van het Ministerie

van VWS. 2.8.1

2020 bonus

COVID-19 over de

1 ñaart 2020 tot 1

2020

Ø AenÞl werbemeß

dat ln ãanmerh.s komtvoorbnus

€1.æ_m.d

æ2Olb)

- Afeed6sènôlãåneesêvêñvê.sóùldiadeêiñdhêffinÞovê.deeãnweûñemÞrsnèûouitcêkèerdebonuslmåx.€Ðoe.zorrorofessionall

€E-m.o c14L@.C

' verklãriñÊ: de bonus aanwerkñemers is aånsewe¿eôâlse¡ndheffin$be*ånddeêl

lfoñaita¡re wKR) . Va.Ll:riño.v^ñrdâhôñ,,c:rñdÞr¡Âñi.áa'aìñáhâffiñor:ñâñ¡Þrcôd:ñÞioÞnwê.!ñÞmêR'rôêtÉñr(ilê¡^dhêlli.tô"hliÞkrêrhrÞ¡i¡lÞtrillÞ.iñÞêr

2.8.2 Zorgbonus 2027 bonus

COVID-l9 over de

1 oktober 2020 en 15

202L bonus Totaal

aG út.tr

Iôtæl onþånÊên zôÊbônus 2@1 volEêns vêdêninÊsbesch¡kinÊ l:) Â,ñhl úa*ñ.mÀrc

d:i iñ:,ññê&¡¡r

ântâl dêdèñ dât ¡ñ âânñêû¡hr

L^mtvMrMñn<

95

rnrl ¡hl

v5

€

€ 2æ.ffi,9:

kôhtvôôr bôñù! Í21 l.ì

3el¡stingen

,Àfr.dr.oâ^ôlr:ñrâôawañvârc.h,J¡¡ûiâ¡ñdhêffi.o^vôrdâ..ñwâ.!ñâñÞ.<ñcrtô,'i"ÞtÞÞrdÞhôñ".1ñ¡r

aÐ72ñÊrzôúô.ñiê<.iôñåll

€0.û

,Àl'ÊdÉ'È^ôfââñ'Â'ÞuÞñwêÉ.hIlÁ¡'daa¡ñdhêffiñ'6vÞráaââñ¡ê.dêñôêÈô,'ir!ê!êÞrdêhõ^,'ç{mãr

€)SSlôa.rôÞôrôfêq<ionãll êiñdhètr¡À' dvÞrdF nêfrô u¡t.èkÊêdÊ bônúr âân rôÞôótr€siônãls ldì

€3.

a1a7.a4.f

úeßchil verlêninÊsbesch¡kk¡nsen feitel¡¡ke uilkednaen co belastinaheffine le-Þc-d)

.VÞrll,riñr.áahññ'!<::ñwÞrLñÞñ.rc¡<:ãñrêwÂrÂñ:lcê¡nihêal¡n.(hê<tâñddêÃlllñl;¡tãi¿ÞW(Rl

Regionale Ambulancevoorziening Jaarstukken 2021

Brabant M¡dden-West-Noord

E 3.7508!

0

pagina 23

JAARREKENING

Regionale Ambulancevoorziening Jaarstukken 2021

Brabant M¡dden-West-Noord

pagina 24

3

GRONDSLAGEN

3.1

Algemenegrondslagen

In de jaarrekening zijn de volgende organisatorische afdelingen opgenomen

. . . . .

MeldkamerBrabant-Noord; Meldkamer Midden- en West-Brabant; Regionale Ambulancevoorziening Brabant-Noord; Regionale Ambulancevoorziening Midden- en West-Brabant;

Overigeactiviteiten.

We maakten de jaarrekening op basis van de voorschriften van het BBV. De waardering van de activa en passiva en de bepaling van het resultaat vindt plaats op

basis van historische kosten. Tenzij bij het desbetreffende balanshoofd anders is vermeld, nemen we de activa en passiva op tegen nominale waarden. De baten en lasten rekenen we toe aan het jaarwaarop zij betrekking hebben. Baten en winsten nemen we slechts op voor zover zij op balansdatum zijn gerealiseerd. Verliezen en risico's die hun oorsprong vinden voor het einde van het begrotingsjaar, nemen we in acht als ze voor het opmaken van de jaarrekening bekend werden. Voor arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van een jaarlijks vergelijkbaar volume treffen we geen vooziening of nemen we op andere wijze een verplichting op bijvoorbeeld bij componenten zoals overlopende vakantiegeld- en verlofaanspraken. De referentieperiode is dezelfde als die van de meerjarenraming: vier jaar. Bij (eenmalige) schokeffecten (bijvoorbeeld door reorganisaties) moet wel een verplichting opgenomen

worden. Boekjaar is gelijk aan balansjaar

3,2

Specifieke grondslagen van waardering

Materiële vaste act¡va De materiële vaste activa zijn gewaardeerd tegen de historische kostprijs, respectievelijk vervaardigingsprijs, verminderd met de lineaire afschrijvingen berekend op basis van de verwachte economische gebruiksduur, alsmede verminderd met eventuele bijdragen en subsidies van derden. De historische kostpr'rjs omvat de verkrijgingsprijs, zijnde de inkoopprijs en b'rjkomende kosten. De afsch r'rjvin gsterm ijnen zij n :

. Grond en terreinen: geen afschrijving . Startkosten, bouwrente en stichtingskosten: 40 jaar . Bedrijfsgebouwen: 50 jaar . Verbouwingen bedr'rjfsgebouwen: 20 jaar ¡ Overige installaties in bedrijfsgebouwen: 20 jaar . Bedrijfsauto's: 5 jaar . Ambulances: 5 jaar . Medisch ¡nstrumentarium levensduur: 5 jaar . Medisch ¡nstrumentarium levensduur: 10 jaar o Inventarisgoederen: 10 jaar (inclusief bedrijfsinstallaties met economische levensduur van 10 jaar)

. Opleidingsmateriaal: 5 jaar . Telefonie en communicatie: 5 jaar r Automatiseringsapparatuur: 3jaar o Programmatuur: 3 jaar . Automatiseringsprojecten: 3 jaar (economische levensduur). Regionale Ambulancevoorz¡ening Brabant M¡dden-West-Noord Jaarstukken 2021

pag¡na 25

Fi na nci ë le va ste acti va

Kapitaalverstrekkingen aan gemeenschappelijke regelingen en overige verbonden partijen, overige leningen u/g zijn, tenzij hierna anders is vermeld, opgenomen tegen nominale waarde. De deelnemingen worden gewaardeerd op verkrijgingsprijs. Vorderingen en overlopende activa De vorderingen worden gewaardeerd tegen nominale waarde onder aftrek van een

vooziening voor verwachte oninbaarheid. Liquide middelen

Indien niet anders vermeld, staan de liquide middelen tegen nominale waarde gewaardeerd en ter vrije beschikking. Eigen vermogen Onder het eigen vermogen zijn opgenomen de bestemmingsreserves (reserve onderhoud locaties, reserve aanvaardbare kosten (RAK) en reserve reorganisatie) en de algemene reserve. De RAK worden gevormd uit het verschil tussen het wettelijk budget aanvaardbare kosten en de werkelijke kosten van de ambulancedienst. Voorzieningen De voorzieningen worden tegen nominale waarde gewaardeerd Langlopende schulden De langlopende schulden worden tegen nominale waarde gewaardeerd verminderd met de gedane aflossing. Vlottende passiva De post vlottende passiva wordt gewaardeerd tegen nominale waarde

Regionale Ambulancevoorzien¡ng Brabant Midden-West-Noord Jaarstukken 2021

pagina 26

4

BALANS PER 31 DECEMBER 2021 (na resultaatbestemming

)

(in du¡zenden euro's)

3L-t2-2lJ21

3t-L2-2020

Activa Vaste Activa Materiële vaste activa

23.244

22.6L2

Financ¡ële act¡va

0

22.612

23.288

Vlottende Activa Voorraden Uitzettingen met een rentetyp¡sche loopt'rjd korter

dan 1 jaar

Liquide middelen Overlopende activa

0

0

20.018

12.163

L43

143 3.887

4.O93

Totaal activa

24.254

t6.r94

46.866

__39_.482_

Passiva E¡gen Vermogen Algemene reserve Bestemmingsrese rve aa nvaa rd ba re kosten Bestemmingsrese rves

Resultaat

902

902

]-t,s24 t.26s

11.350

t.3tz

489

174 14.180

13,738

Voorzieningen

1.936

1.695

Langlopende Schulden Binnenlandse banken en overige financiële instellingen

9.300

10.900

Vlottende Pass¡va Netto-vlottende schulden met een rentetypische looptud korter dan 1 jaar

5.577

1.0 15

Overlopende passiva

7.726

6.073

Kasgeldlening Fina nc¡e rin g sove rsch ot-te ko d

0

0

8.146

6.061

Totaal Pass¡va

21.450

L3.749

46.466

39.482

VOOR WAARMERKINGSDOELEIN

@

Verstegen a en adviseurs B.V

d.d.M Regionale Ambulancevoorz¡ening Brabant Midden-West-Noord Jaarstukken 2021

pagina 27

5

TOELICHTING OP DE BALANS PER 31 DECEMBER 2021

(alle bedragen x € 1.000)

5.1

Activa

5.1.1 Vaste activa Materiële vaste act¡va De materiële vaste activa bestaan uit de volgende onderdelen duizenden eu

Boekwaarde

Boekwaarde

per 3\-12-2O2I

per 31-12-2020

Investering met economisch nut

22.612

Totaal

22.6t2

23.288 23.288

De investeringen met een economisch nut kunnen als volgt worden onderverdeeld n

Boekwaarde per 31-t2-2O2L

Boekwaarde per 3!-L2-2O2O

Gro ndlte rre in e n

2.526

2.526

Bedrijfsgebouwen

13.606

14.103

Inve nta r¡ssen

2.445

2.550

Vervoersmiddelen

3.708

3.750

Overige materiele vaste activa

326 22-612

358

Totaa I

23.288

Conform BBV regels mag er gecomprimeerd gepresenteerd worden in de jaarrekening, vanaf 2OI7 is dit doorgevoerd.

In het overzicht hieronder staat het verloop van de boekwaarde van de overige investeringen met een economisch nut:

(in duizenden euro's) Boekwaarde

37-L2-2420

Desinves. Aßchrij- Añwaarter¡ngen vingen der¡nqen

Investeringe n

Boekwaarde

3r-Lz-ZOzL

Grond/te rreine n

2.526

0

0

0

0

2.526

Bedrijßgebouwen

14.1 03

33

13

5L7

0

13.606

Inventa r¡ssen

2,550

289

393

0

2.445

Vervoersmiddelen

3.750

t.726

7.764

0

3.708

358

131

0

163

0

326

23.288

2.774

13

2.847

0

22.672

Overige Materiele vaste act¡va

ïotaal

onder bijdragen van derden zijn de bijdragen van derden opgenomen die direct gerelateerd z¡jn aan de investering. Bijdragen van derden zijn niet van toepassing in 2021

Onder de añ¡vaarderingen staan de afwaarderingen vermeld wegens duurzame waardeverminderingen. De afschrijvingsmethode die gehanteerd wordt, betreft lineaire afschrijving.

Regionale Ambulancevoor¿iening Brabant Midden-West-Noord Jaarstukken 2021

pagina 28

De RAV kent enkel materiële vaste activa met economisch nut. Ze hebben een economisch nut als ze verhandelbaar zijn (er een markt voor is) en/of als ze kunnen bijdragen aan het genereren van middelen. De belangrijkste in het boekjaar gedane investeringen staan in dit overzicht: n duizenden euro's

Beschikbaar

Werkelijk

gesteld krediet besteed in 2O27 Gebo uw e n/verbouw inge n/bed rijfsinsta llaties

0

33

2.380

419

8s0

0

Wagenpark

3.2t3

L.726

Totaal

6.443

2.r78

(Med isch )Inve nta ris/o p le id in g s materia a l/a uto ma tise ring Kled ing

B ed rij fsg eb o uw e n/ ve rb o uw i n g e n/ b ed rij fs i n sta I I a tie s

De overschrijding in bedr'rjfsgebouwen wordt veroorzaakt doordat er led-armaturen zijn aangeschaft in het kader van verduurzaming. (M ed i sch ) i nve nta ri s/op le id i n g smate ria len/a uto mati seri n g

Er is een onderschrijd¡ng ontstaan doordat een gedeelte van de automatiseringskosten zoals camerasysteem t.b.v. simulatieonderwijs, vervanging citygis en opleidingsmateriaal (poppen en camera) en aanschaf medische apparatuur (o.a. beademingsmachines) niet zijn doorgegaan en gedeeltelijk worden doorgeschoven naar 2022. Kleding Project kleding is doorgeschoven naar 2022. Wagenpark Er is een onderschrijding ontstaan doordat de aanschaf van 12 ambulances is doorgeschoven naar janu ari 2O22.

5.L2

Vlottende activa

Llitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan één jaar De vorderingen worden als volgt gespecificeerd: in € 10OO

Boekwaarde

3r-L2-202L

Vooziening oninbaar-

Balans-

Balans-

waarde

waarde

heid

3t-12-202t

3t-L2-2020

6.898

-497

6.402

6.097

30

0

30

T2

0

0

450

0

450

516

Uitzettingen in Rijks schatkist met rentetypische looptijd < 1 jaar

t3.737

0

13.737

5.49L

Tota a I

20.515

-497

20.019

72.L63

Debiteuren overig Vorderingen openbaar lichaam RC verhoudingen met niet financiele instellinge n

Overige vorderingen

Regionale Ambulancevoorziening

laarstukken 2021

Brabant Midden-West-Noord

47

paq¡na 29

Uitzettingen in 's Rijks schatkist met rentetypische looptijd <1 iaar Kwartaal 1 Op dagbas¡s bu¡ten 's RUks schatkíst

L53.632 €

aangehouden m¡ddelen Drempelbedrag

€

Ruimte onder het drempelbedrag Overschrúd¡ng van het drempelbedrag

Kwartaal 3

Kwartaal 2

175.t44 €

L66.794

c c

!.4L7.O5A

€

531.397

377.765 €

356.252

537.397

€

t.250.264

€

e

Kwartaal4 255.734

€ €

t.4t7.058 1.161.320

€

Het is toegestaan een bedrag aan overtollige middelen buiten de schatkist aan te houden. De hoogte van het drempelbedrag is afhankel'rjk van de begrotingsomvang. Het drempelbedrag is gelijk ãaî O,75o/o met een jaarlijkse begrotingsomvang tot € 500 miljoen. Als de begroting groter is dan € 500 miljoen dan is het drempelbedrag € 3,75 miljoen plus 0,2o/o van het deel van de begroting dat de € 500 miljoen overschrijdt. Het drempelbedrag is altijd minimaal € 250.000. De drempel voor het schatkistbankieren îs per juli 2O2t van 0,75o/o naar 2o/o van het begrotingstotaal - met een minimum van € 1.000.000. Als de begroting groter is dan € 500 miljoen dan wordt de drempel € 10 miljoen euro plus 0,2o/ovãn het deel van het begrotingstotaal dat de € 500 miljoen euro te boven gaat. Het drempelbedrag bedraagt het eerste half jaar € 53I.397 (O,75o/o van een begrotingstotaal van €70.852.932). Het tweede half jaar bedraagt het drempelbedrag € 1.417.O59 (2o/o van € 70.852.932). Gemiddeld heeft er per kwaftaal geen overschrijding van het d rempelbed rag plaatsgevonden.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://raad.gemeente-steenbergen.nl/api/v1/meetings/1566/documents/17352