OMWB Begroting 2023 2216659.pdf
Tekst van het document
Omgevingsdienst Midden- en West-Brabant
Begroting 2023 Incl. meerjarenraming 2024-2026
www.omwb.nl
>
Inhoudsopgave 1. Algemeen
3
1.1 Voorwoord
3
2. Beleidsbegroting
<
19
4.1 Inleiding
19
4.2 Financiële uitgangspunten
19
5
4.2.1 Algemene uitgangspunten
19
2.1 (Beleids-)ontwikkelingen
5
4.2.2 Financieel technische uitgangspunten
19
2.2 Vanuit beleid naar uitvoeringsprogramma
4.2.3 Maatregelen kosteneffectiviteitsonderzoek
7
2.2.1
Uitvoeringskaders
7
2.2.2
Opbouw programma
8
3. Paragrafen
<<
4. Financiële begroting
11
‘Van Goed naar Beter’
4.3 Begroting 2023 en meerjarenraming 2024-2026
5. Toelichting op de begroting 2023
20 21 23
3.1 Weerstandsvermogen en risicobeheersing
11
5.1 Toelichting op de baten
23
3.2 Financiële kengetallen
13
5.2 Toelichting op de lasten
24
3.3 Financiering
14
5.3 Declarabiliteit
27
3.4 Bedrijfsvoering
15
5.4 Tarief ontwikkeling
27
3.4.1 Kernthema: Omgevingswet
15
3.4.2 Kernthema: Programma ‘Van goed naar beter’
16
3.4.3 Kernthema: Strategisch HRM
16
6. Uiteenzetting financiële positie
29
6.1 Geprognosticeerde balans
29
3.4.4 Kernthema’s: VTHKA instrumenten en verkenningen 16
6.2 (Vervangings-)investeringen 2023
30
3.4.5 Overige bedrijfsvoeringsonderwerpen
16
6.3 Afschrijvingstermijnen
30
3.4.6 Informatievoorziening
16
6.4 Staat van reserves
31
3.4.7 Huisvesting OMWB in Tilburg
17
3.4.8 Wet Gemeenschappelijke Regelingen (WGR)
17
OMWB Begroting 2023
Bijlage 1. Specificatie bijdrage per deelnemer
32
Bijlage 2. O verzicht van geraamde baten en lasten per taakveld
34
Lijst van veel gebruikte afkortingen en termen binnen de OMWB
35
2
>
1.
Algemeen 1.1 Voorwoord Voor u ligt de begroting 2023 inclusief meerjarenraming 2024–2026 van de Omgevingsdienst Midden- en West-Brabant (hierna OMWB). Een sluitende begroting, samengevat in een compact document. De begroting is gebaseerd op de eind januari 2022 vastgestelde Kaderbrief 2023. De veelheid aan thema’s om te komen tot een veilige, schone en duurzame leefomgeving, staan hoog op de politiek-bestuurlijke agenda. Samenwerking is essentieel in 2023 en de daaropvolgende jaren. Thema’s als energie, klimaat en stikstof, de Omgevingswet en risicogericht en informatiegestuurd werken vloeien ook voort uit landelijke ontwikkelingen en vereisen samenwerking met verschillende overheidsorganisaties. Hieronder een eerste inzicht in de belangrijkste ontwikkelingen waar de OMWB in 2023 mee te maken zal hebben. Omgevingswet De invoeringsdatum van de Omgevingswet is door het Rijk uitgesteld naar 1 januari 2023. De invoering van de wet betekent een enorme verandering voor de taakuitvoering en werkwijze van de OMWB. Ondanks het feit dat de OMWB daarop goed voorbereid is, begint het feitelijke veranderingsproces pas na de inwerkingtredingsdatum in 2023 en daarna. Programma ‘Van goed naar beter’ In 2022 zal - gezien de noodzaak van een verdere professionalisering – het programma ‘Van goed naar beter’ van start gaan.
Dit programma behelst het effectueren van het (financieel) potentieel van het onderzoek naar kosteneffectiviteit uit december 2020. Het programma wordt in meerdere fasen uitgewerkt. In het faseplan van 2023 worden de activiteiten en hun effecten in detail uitgewerkt. Informatiegestuurd werken In 2021 is gestart met de impuls Informatiegestuurd Werken (IGW) en heeft aansluiting plaatsgevonden bij landelijke standaarden en systemen. Het IGW
<<
<
OMWB Begroting 2023
3
>
vormt een steeds belangrijker fundament onder het handelen van de OMWB. Hoe beter het ons lukt om data te vertalen naar waardevolle informatie en inzichten, hoe beter we kunnen bijdragen aan een schone, veilige en duurzame leefomgeving. We zullen de komende jaren dan ook blijven investeren in de ontwikkeling van de juiste kennis, competenties en (ICT-)structuren. Regeling werkgebonden personenmobiliteit Een laatste ontwikkeling die hier wordt vermeld, is dat gemeenten verantwoordelijk worden voor de normerende regeling werkgebonden personenmobiliteit. Hierbij moet in verband met de CO2 uitstoot per werknemer het reisgedrag worden bijgehouden. De inwerkingtreding was aanvankelijk gepland op 1 januari 2022, maar de uiteindelijke besluitvorming wordt overgelaten aan het nieuwe kabinet. Het kan daarom zijn dat de regeling in de toekomst nog wordt aangepast. Tarief en MWB-norm Voor 2023 heeft actualisatie van het tarief plaatsgevonden, waarbij rekening is gehouden met cao-effecten, kostenindexering en kostenbesparingen. Het begrote gemiddelde uurtarief uit de Kaderbrief 2023 is het vertrekpunt voor de begroting 2023 en bedraagt € 97,00. In 2021 is de evaluatie van de MWBnorm afgerond waarvan de gewijzigde uitgangspunten in deze begroting zijn vertaald. De deelnemers en de dienst staan vanaf 2023 voor veel uitdagingen, zowel inhoudelijk als financieel.
Door onderwerpen juist en tijdig aandacht te geven, zijn wij ervan overtuigd om goed voorbereid - samen met onze deelnemers en (keten)partners - deze opgave met veel ambitie en vertrouwen aan te gaan. Alfred Arbouw Directeur OMWB
<<
<
OMWB Begroting 2023
4
>
2.
Beleidsbegroting 2.1 (Beleids-)ontwikkelingen In dit hoofdstuk volgen de belangrijkste ontwikkelingen voor de OMWB. In de Kaderbrief 2023 zijn deze ontwikkelingen ook uitvoerig beschreven. In deze begroting worden de beleidsmatige ontwikkelingen vertaald naar financiële consequenties voor de OMWB en de deelnemers. Net als voorgaande jaren ligt in 2023 de focus van de OMWB op de uitvoering van de taken rondom vergunningverlening, toezicht, handhaving, klachtenafhandeling, advisering en de specialistische taken rondom externe veiligheid, bodem, licht, geluid, lucht, geur en juridische advisering. De inzet van het VTH-instrumentarium beweegt mee met de veranderende leefomgeving. De OMWB wil het effect van haar inzet zo groot mogelijk maken en tegelijkertijd zo efficiënt mogelijk de taken voor haar deelnemers uitvoeren. De Omgevingswet, die vanaf 1 januari 2023 in werking treedt, is hierin de belangrijkste factor. Ondanks het feit dat de OMWB daarop goed voorbereid is, begint het feitelijke veranderingsproces pas na de inwerkingtredingsdatum in 2023 en daarna. Samenwerking is essentieel in 2023 en de daaropvolgende jaren. Thema’s als energie, klimaat en stikstof, de Omgevingswet en risicogericht en informatiegestuurd werken vloeien ook voort uit landelijke ontwikkelingen en vereisen samenwerking met de verschillende overheidsorganisaties.
<<
<
OMWB Begroting 2023
5
>
Samengevat verwachten we:
• Een rol in het definiëren van gewenste omgevingswaarden (gebieds-afhankelijk) in gemeentelijke visies en plannen. Aangevuld met
T.a.v. de VTH-taakuitvoering:
een strategie waarmee we omgevingswaarden kunnen controleren en
• Steeds meer risicogerichte en resultaatgerichte toezicht en hand-
monitoren (in tijd).
having. Daarvoor moeten we meer data ontsluiten om te bepalen waar het risico het grootst is voor de leefomgeving en het effect van onze inzet maximaal is. • Onze inzet zal meer georganiseerd worden rondom maatschappelijke thema’s en risico’s in de leefomgeving, zoals Zeer Zorgwekkende
luidemissie voor de gemeentelijke wegen met meer dan 4.500 motor-
toezicht en gebiedsgerichte aanpak. We verwachten een toename van
voertuigen per etmaal vast te stellen (voor 1 juli 2028 zijn dit de wegen
toezicht op bovengenoemde thema’s en daarmee een verschuiving in de
met meer dan 1.000 motorvoertuigen). Deze basisgeluidemissie moet
vormen van toezicht.
daarnaast elke vijf jaar gemonitord worden. De OMWB kan dit samen
gezag voor bodem en ondergrond en daarmee de VTH-(basis)taken voor een groot deel van de provincie naar de gemeenten. • Door de Omgevingswet verwacht de OMWB na 2023 een verschuiving
met gemeenten uitvoeren als verzoektaak. • Geluid: de rekensystematiek voor gezoneerde industrieterreinen verandert. De bestaande 50 dB(A) contouren verdwijnen en worden vervangen door geluidproductieplafonds en een geluidaandachtsgebied. Deze
van minder vergunningverlening naar meer toezicht en handhaving
moeten in de omgevingsplannen worden vastgelegd. De invoeringsdatum
met meer sturing op basis van monitoringswaarden en bevindingen
wordt met een Koninklijk besluit kenbaar gemaakt. Gemeenten die gezo-
in de leefomgeving.
neerde industrieterreinen hebben, worden geadviseerd middelen vrij te
• Een rol in het vooroverleg samen met het bevoegd gezag en andere stakeholders bij de intake- en omgevingstafel. Daarmee staat de OMWB garant voor milieu- en duurzaamheidsexpertise aan de voorkant van een aanvraag.
maken voor deze aanpassing. De OMWB kan dit voor gemeenten uitvoeren als verzoektaak. • Externe veiligheid: het wegvallen van de IOV (Impuls Omgevings Veiligheid)-subsidie per 2021 wordt door het Rijk gecompenseerd door een
• Een adviserende rol in de (regionale) beleidsvorming van omgevings-
extra uitkering in het gemeentefonds. Deze is niet specifiek geoormerkt
visies en -plannen. De inzet van de OMWB richt zich op de uitvoerbaar-
voor externe veiligheid. Voor een goede continuering van de dienstver-
heid van onze VTH- en adviestaken en bijbehorende expertise. Maar
lening is het verstandig dat de middelen die gemeenten ontvangen voor
ook op het belang van regionale afstemming van omgevingsplannen om
externe veiligheid worden gereserveerd en dat in de werkprogramma’s zo
onder andere een wildgroei en versnippering van verschillende regels
nodig extra uren worden opgenomen. Met de komst van de Omgevings-
voor geluid, geur en lucht tegen te gaan.
wet heeft er voor Externe Veiligheid een moderniseringsslag plaatsge-
• Meer focus op monitoring van data van omgevingskwaliteit om de
<
• Geluid: gemeenten zijn verplicht om uiterlijk 1 juli 2023 de basisge-
Stoffen (ZZS), klimaat en energie, circulaire economie, ketengericht
• Bij de inwerkingtreding van de Omgevingswet verschuift het bevoegd
<<
T.a.v. de specialistische taakuitvoering:
vonden. Dit brengt grote veranderingen met zich mee. Niet alleen de
kwaliteit in de leefomgeving te kunnen volgen, maatwerk te kunnen
toetsingscriteria, maar ook de registratie van risicorelevante activiteiten
leveren en maatregelen te kunnen treffen en te beoordelen.
vanuit een geautomatiseerd systeem. Met de kennis en opleiding op
OMWB Begroting 2023
6
>
het gebied van Omgevingsveiligheid binnen de OMWB is in 2019-2020
De OMWB bereidt zich samen met u zo goed mogelijk voor op deze ontwikke-
al begonnen. Deze kosten zijn destijds vanuit de IOV-middelen betaald.
lingen en blijft hier graag over in gesprek. Hieronder volgen de inhoudelijke
Nu deze IOV-middelen zijn gestopt, moeten de middelen voor de voor-
onderwerpen en welke impact zij hebben op de VTH-uitvoering en de specialis-
bereiding uit de werkprogramma’s komen. In sommige gevallen worden
tische taken.
projectmatige doelen vanuit het Rijk nog gefinancierd, maar dat wordt steeds verder afgebouwd. De omvorming van Toetsing aan het Bevi naar
2.2 Vanuit beleid naar uitvoeringsprogramma
Omgevingsveiligheid binnen de Omgevingsplannen vereist veel meer beleidsmatige keuzes van de gemeenten vooraf. Het ligt voor de hand dat
2.2.1 Uitvoeringskaders
naast de reguliere vragen van gemeenten en provincie ook steeds meer
De OMWB is een organisatie voor milieu en duurzaamheid, die in opdracht van
grotere beleidsstukken worden gevraagd.
de provincie en gemeenten taken realiseert. Ze voert deze hoofdzakelijk wette-
• Lucht: schone en gezonde lucht is een actueel thema. Steeds meer
lijke taken deels onder (onder)mandaat uit namens de deelnemers. De beleids-
gemeenten sluiten aan bij het Schone Lucht Akkoord waar advieswaar-
kaders voor deze uitvoering worden door de deelnemers als volgt bepaald:
den worden ‘gezien’ als ‘toetsingskaders’ en ambities zijn beschreven om
1. V oor de toezicht- en handhavingstaak bepaalt elke deelnemer in een be-
deze strengere luchtkwaliteitswaarden te behalen. Geur in de leefom-
leidsdocument (probleemanalyse en prioriteiten) de jaarlijkse doelstellin-
geving speelt daarbij ook een grote rol, maar omdat hiervoor referen-
gen. Daarbij wordt voldaan aan landelijke kwaliteitscriteria. Conform deze
tiekaders voor aanvaardbare hinderniveaus ontbreken (denk hierbij aan
criteria wordt voor de toezicht- en handhavingstaken van deze deelnemers
industriële geur, particuliere houtstook, horeca, agrarisch/dierverblijven,
jaarlijks een handhavingsuitvoeringsprogramma opgesteld. Dit zoveel als
et cetera), moet dit lokaal worden geregeld of vastgelegd in het omge-
mogelijk op basis van een samenhangend systeem van evaluatiegegevens
vingsplan. Het vergroten van de kennis binnen de (lokale en regionale)
van de uitvoering van het programma in het voorgaande jaar, het GUK,
overheden over gezondheid en risico’s qua verspreiding via de lucht is
een probleemanalyse en prioritering, rekening houdend met de aard en het
een belangrijk thema. Hiervoor zoekt de OMWB samenwerking met de GGD-en. Gezondheid wordt voor de taakuitvoering in het kader van de Omgevingswet een thema voor de OMWB. • Voor alle specialismen geldt dat de bruidsschat moet worden verwerkt in omgevingsplannen.
naleefgedrag van bedrijven. 2. V oor vergunningverlening en wettelijke taken op het gebied van de specialismen (bodem, geluid, etc.) zijn de wettelijke eisen (waaronder ook lokale regelgeving) maatgevend, tenzij specifieke beleidsdoelstellingen zijn geformuleerd. Dit geldt ook voor de adviestaken. Voor de beleidstaken (ontwikkeling en uitvoering) zijn de lokale kaders leidend. De OMWB streeft naar een uniforme wijze van uitvoering geven aan de wettelijke kaders op het gebied van milieu- en omgevingsrecht. Hierbij werkt zij samen met haar deelnemers aan meer uniformiteit van werkprocessen, samenwerking tussen vergunningverleners, toezichthouders en juristen en efficiëntie en effectiviteit van gekozen werkwijzen.
<<
<
OMWB Begroting 2023
7
>
Voor een goede borging van de VTH-taken zijn er uitgangspunten:
De Omgevingswet treedt per 1 januari 2023 in werking. De Omgevingswet
• Verantwoordelijkheid en vertrouwen: Veiligheid en milieu zijn primair de eigen
heeft effect op de uitvoering van de VTH-taken. Naast de herintroductie van de
verantwoordelijkheid van bedrijven. Vertrouwen moet verdiend worden. • Risicogestuurd toezicht: Toezicht vindt risicogestuurd plaats. Het meeste toe-
milieuleges zijn de vertaling van de lokale ambities in vergunningen & toezicht, het organiseren van een omgevingstafel en vergunningsprocedure (veelal
zicht vindt plaats bij bedrijven met hoge risico’s; minder toezicht vindt plaats
teruggebracht naar acht weken) de grootste wijzigingen. Door het opleidings-
bij bedrijven met lage risico’s.
plan en te oefenen met casuïstiek zorgt de OMWB ervoor dat de medewerkers
• Prioritering preventief toezicht: Frequentie en tijdsbesteding van toezicht
zo optimaal mogelijk worden voorbereid op de komst van de Omgevingswet.
worden bepaald door naleefgedrag, klachtenpatroon, oordeel toezichthouder/
Wat de financiële gevolgen zijn van de komst van de wet is op dit moment nog
vergunningverlener, complexiteit en omgeving.
lastig in te schatten, aangezien er nog geen ervaring is met de nieuwe wet
• Actuele vergunningen: Vergunningen van bedrijven moeten actueel en hand-
en relevante data ontbreekt. De focus ligt de komende jaren op het in beeld
haafbaar zijn. Nieuwe wetgeving en richtlijnen worden tijdig geïmplemen-
brengen van de initiële en structurele kosten van de Omgevingswet voor de
teerd.
VTH-taken van de OMWB.
• Integrale benadering bedrijven: Vergunningverlening, toezicht, handhaving, externe veiligheid en andere specialismen werken samen in hun benadering
2.2.2
Opbouw programma
van bedrijven. Bedrijven worden in relatie tot hun omgeving bezien.
De programmabegroting bestaat uit vier programmadelen: - P rogrammadeel 1: vergunningverlening, toezicht, handhaving en klachten
De basis voor het programma is het basistakenpakket, de MWB-norm, de aan-
en niet-inrichting gebonden (NIG) taken
geleverde werkprogramma’s van gemeenten en provincie, de afspraken met de
- Programmadeel 2: adviezen en projecten
andere Brabantse omgevingsdiensten en de afspraken voor de landelijke uitvoe-
- Programmadeel 3: collectieve taken
ring Brzo- en RIE4-taken (Brzo-OD’s).
- Programmadeel 4: overige exploitatiekosten De programmaonderdelen worden hieronder nader toegelicht. Programmadeel 1: vergunningverlening, toezicht en handhaving Programmadeel 1 bestaat uit de wettelijke taken op het terrein van milieu, de zogenaamde VTH-milieutaken. Voor dit programmadeel vormt de in de vergadering van het AB van 15 december 2017 vastgestelde MWB-norm samen met het GUK en het Level Playing Field (LPF) voor de niet-inrichting gebonden taken de basis. De kaders van de MWB-norm en de NIG-taken zijn leidend voor de uitvoering van de wettelijke basistaken.
<<
<
OMWB Begroting 2023
8
>
Voor ongeveer 33.000 inrichtingen waarvan ruim 7.500 basistaakbedrijven, verschillende evenementen en het buitengebied: • verleent de OWMB jaarlijks circa 600 vergunningen; • beoordeelt de OMWB circa 1.500 meldingen; • voert de OMWB circa 5.200 controles uit. Hieruit vloeien bezwaar- en beroepsprocedures, handhaving (circa 600 handhavingszaken) en strafrechtelijke onderzoeken voort. Van de circa 8.500 milieuklachten en ongewone voorvallen, wordt in de regel 35 procent binnen en 65 procent buiten kantoortijd ingediend. Naast de controles bij bedrijven beoordeelt de OMWB ook meldingen in het kader van het Besluit bodemkwaliteit en in het kader van asbest en houdt zij toezicht op basis van deze meldingen. Programmadeel 2: adviezen en projecten In programmadeel 2 brengen deelnemers aan de hand van het werkprogramma de adviestaken op het terrein van milieu en overige taken uit het omgevingsrecht in. Deze zogenaamde verzoektaken omvatten de (milieu)metingen, adviezen en projecten op het gebied van bijvoorbeeld Brzo, geluid, bodem, (afval)water, lucht, asbest, communicatie, juridische zaken, bouwtaken, ruimtelijke planvormingsprocessen, externe veiligheid, duurzaamheid, energie en omgevingsbeleid. Deze taken hebben vaak een wettelijke grondslag, zijn onderdeel van beleidsambities of bieden de opdrachtgever toegevoegde waarde en betreffen derhalve niet-basistaken.
In 2023 verwacht de OMWB op basis van uitgevoerde werkprogramma’s van voorgaande jaren verzoeken en vragen voor onderzoek en advies af te handelen op het terrein van: • milieuadvisering voor RO; • externe veiligheid; • onderzoek en advies op het gebied van lucht, geluid, water, trillingen en licht; • vergunningverlening en toezicht bij niet-basistaak bedrijven; • gegevensbeheer en ambtelijke ondersteuning.
<<
<
OMWB Begroting 2023
9
>
Programmadeel 3: collectieve taken
Programmadeel 4: overige exploitatiekosten
Het programma voor de collectieve taken, inclusief resultaatverplichtingen,
In programmadeel 4 zijn de werkzaamheden ondergebracht die buiten voor-
wordt jaarlijks door de deelnemers vastgesteld. Jaarlijks wordt samen met
gaande programma’s vallen. Het gaat hierbij om de levering van producten en
de klankbordgroep - bestaande uit vertegenwoordigers van deelnemers - het
diensten aan zowel deelnemers als niet-deelnemers. Zowel de kosten van de
collectieve takenprogramma opgesteld en gemonitord. Alle onderdelen (activi-
levering als de incidentele kosten (kosten om te komen tot contractafspraken)
teiten en projecten) in het programma worden met duidelijke kaders project-
en structurele kosten (kosten voor coördinatie en bedrijfsvoering) van de orga-
matig uitgevoerd. Aan de hand van voortgangsrapportages worden de deelne-
nisatie worden doorbelast.
mers geïnformeerd. Het programma bestaat grofweg uit twee onderdelen: structurele onderwerpen en incidentele onderwerpen. De structurele onderwerpen bestaan uit: • opstellen en monitoren van het programma; • klachten- en crisisorganisatie, inclusief de 24/7 bereikbaarheid; • BPO-projecten; • (bestuurlijke) samenwerking met partners, zoals OM, veiligheidsregio, waterschappen en andere omgevingsdiensten; • data-ontwikkeling voor informatiedeling en risicogericht werken; • het actueel houden van het inrichtingenbestand. De meer incidentele projecten hebben betrekking op: • wetgeving en maatschappelijke ontwikkelingen, als de implementatie van de Omgevingswet en zeer zorgwekkende stoffen; • verbeteren en actualiseren van de VTH-gerelateerde taken; • verkenningen, zoals stikstof en circulaire economie. Daarnaast is een klein bufferbedrag beschikbaar binnen het programma om in te kunnen spelen op actuele onderwerpen.
<<
<
OMWB Begroting 2023
10
>
3.
Paragrafen Het Besluit Begroting en Verantwoording Provincies en Gemeenten (BBV) schrijft voor dat in de begroting en jaarrekening paragrafen worden opgenomen waarin de beleidslijnen zijn vastgelegd voor een aantal beheersmatige aspecten van de organisatie. De voor de OMWB van toepassing zijnde paragrafen zijn hierna opgenomen: 1. Weerstandsvermogen en risicobeheersing 2. Financiering 3. Bedrijfsvoering 3.1 Weerstandsvermogen en risicobeheersing Conform het BBV is het verplicht om op basis van risico-inschatting een kwalificatie te geven van de omvang van het weerstandsvermogen. Het weerstandsvermogen betreft de relatie tussen de risico’s waarvoor geen specifieke maatregelen zijn getroffen en de capaciteit van middelen en mogelijkheden die de OMWB heeft om niet-begrote kosten op te vangen (BBV-artikel 11). Om te voorkomen dat bij niet-afgedekte risico’s ingrijpende (organisatie)wijzigingen noodzakelijk zijn, is een afdoende weerstandsvermogen voor de OMWB gewenst. Hoe groot die weerstandscapaciteit moet zijn is afhankelijk van de risico-inschatting en de bereidheid van het bestuur om deze risico’s al dan niet te lopen. De OMWB streeft een voldoende weerstandscapaciteit na, dat betekent een weerstandsratio tussen 1,0 en 1,4.
Normering weerstandsvermogen Voor de normering van het weerstandsvermogen in relatie tot de deelnemers heeft het Algemeen Bestuur besloten een model vast te stellen dat erop neerkomt dat 5% van het (begrotings-/jaarrekening-)totaal van de exploitatierekening wordt aangehouden als weerstandsvermogen, met een bandbreedte van plus en min 1%. Binnen deze bandbreedte is het weerstandsvermogen toereikend vanuit de optiek van het Algemeen Bestuur.
<<
<
OMWB Begroting 2023
11
>
Risicobeheersing
dan aanvankelijk is ingeschat. Het totale risico dat met bovenstaande hiermee
Risicobeheersing of risicomanagement is het effectief omgaan met de kansen
samenhangt, wordt ingeschat op € 700.000 met een kans van maximaal 50%.
en bedreigingen die de realisatie van de organisatiedoelstellingen kunnen be-
Dit risico is € 200.000 hoger dan vorig jaar.
ïnvloeden. Hiervoor is het van belang dat er een continu proces wordt ingericht van identificeren, prioriteren en beheersen van risico’s. De OMWB streeft
6. Problematiek arbeidsmarkt
ernaar risico’s zoveel als mogelijk te vermijden, verzekeringen ervoor af te
Omdat de vaste formatie nog niet op het juiste peil is, werken wij naast inhuur
sluiten of ze te ondervangen door beheersmaatregelen te treffen. In het kader
in toenemende mate ook met trainees en net afgestudeerden die wij in dienst
van dit laatste stelt de OMWB een Intern Controleplan op, waaraan in het be-
nemen. Deze jonge nieuwe collega’s moeten wij opleiden ‘on the job’. Dat doen
grotingsjaar uitvoering wordt gegeven.
wij in een periode van ongeveer twee jaar. In de eerste twee jaar zijn deze collega’s nog niet volledig declarabel (eerste jaar 950 uren, tweede jaar 1.150
Geïdentificeerde risico’s
uur, vanaf het derde jaar volledig declarabel, dat is 1.350 declarabele uren
In de Begroting 2022 zijn de volgende risico’s geïdentificeerd:
(m.i.v. 2023 1.328 uur als gevolg van de harmonisatie van verlofrechten). De
Risico’s
Maximaal bedrag schade
Kans op optreden risico
Gewogen risico
4. Inhuur versus vast personeel
400.000
50%
200.000
5. Transitie mens en systeem
500.000
50%
250.000
begeleiding verloopt via eigen collega’s van de dienst. In verband met deze noodzakelijke aanpak hebben wij een tijdelijk productietekort in termen van declarabiliteit. Het maximale risico in verband hiermee is ongeveer € 700.000.
700.000
50%
350.000
9. COVID-19
1.000.000
50%
500.000
In februari 2020 vond de uitbraak van COVID-19 plaats, die ook in 2021 nog
10. Harmonisatie verlofrechten
300.000
75%
225.000
een enorme impact had op ons allemaal. Gedurende het jaar 2020 heeft de
11. Invoering Omgevingswet
1.000.000
40%
400.000
OMWB reeds geleerd dat productieverlies kan worden beperkt of voorkomen
12. Kosteneffectiviteit
1.700.000
15%
255.000
door werkzaamheden anders aan te pakken of anders in te vullen. Mede hier-
Totaal
5.600.000
6. Problematiek arbeidsmarkt 9. COVID-19
2.180.000
door is verlies in productieve uren ook in 2021 voorkomen. Aangezien de crisis nog niet voorbij is, blijft het lastig te bepalen hoe groot de financiële impact
Om tot een herijkte risico-inschatting te komen voor 2023, is bovenstaande
voor komende jaren zal zijn. Daarnaast kan het eventuele inlopen van uitge-
lijst geëvalueerd. Gewijzigde inzichten worden hieronder kort toegelicht.
stelde opleidingen als gevolg van COVID-19 een drukkend effect op de productiviteit in 2022 en latere jaren hebben. Daarom handhaven wij een maximaal
5. Transitie mens en systeem
risico van € 500.000 waarbij de kans op optreden op 50% wordt ingeschat.
De aan onze organisatie en medewerkers gestelde eisen blijven snel veranderen. Dit is enerzijds gericht op de inhoud van het werk, anderzijds zien we dat
Onze organisatie loopt geen risico qua continuïteit, conform artikel 35 lid I
ook andere (digitale) vaardigheden worden gevraagd. In de opleidingen wordt
van de GR zullen de deelnemers er steeds zorg voor dragen dat de omge-
hier volop aandacht aan besteed, waardoor de werknemers hun rol binnen de
vingsdienst over voldoende middelen beschikt om al zijn verplichtingen jegens
organisatie beter kunnen vervullen. De verwachting is dat dit niet in alle indi-
derden te kunnen voldoen.
viduele gevallen gaat lukken. Daarnaast wordt verwacht dat de impact van de update van Squit 20/20 naar RX Mission of een vergelijkbaar systeem groter is <<
<
OMWB Begroting 2023
12
>
10. Harmonisatie verlofrechten
lijk en kan derhalve (nog) niet worden gekwantificeerd. Bij de 1e Bestuursrap-
In de cao Gemeenten/SGO 2021-2022 (zoals vastgesteld op 27 januari 2022),
portage wordt hierop verder in gegaan.
is de hervorming van verlofrechten vastgelegd, geldend met ingang van 1 januari 2023. De impact van deze hervorming is in deze Begroting 2023 in
Daarnaast zijn als gevolg van de Russische invasie van Oekraïne de prijzen
het tarief verwerkt en vormt derhalve geen risico meer.
van olie en gas en bepaalde grondstoffen aanzienlijk gestegen. Dit kan impact hebben op het toekomstige kostenniveau van de OMWB. Ook hier geldt dat
11. Kosteneffectiviteit
kwantificatie op dit moment (nog) niet mogelijk is en dat bij de 1e Bestuursrap-
Volgend uit het kosteneffectiviteitsonderzoek is een intern besparingspoten-
portage hier verder op in wordt gegaan.
tieel van € 1,2 miljoen opgehaald. In de jaren 2022 tot en met 2024 zijn de verschillende maatregelen doorgevoerd in de begroting respectievelijk meer-
Beschikbaar weerstandsvermogen
jarenraming. De afhankelijkheid van derden maakt een volledige realisatie van
De beschikbare weerstandscapaciteit bestaat uit de algemene reserve. De
afzonderlijke maatregelen onzeker. In 2021 is reeds € 500.000 gerealiseerd
algemene reserve bedraagt ultimo 2022 € 1.928.000 (voor resultaatbestem-
als gevolg van de ICT-transitie, welke onderdeel was van dit programma. Er
ming 2021). Uitgaande van het actuele risicoprofiel van € 1.905.000 is de
resteert derhalve een maximaal schadebedrag van € 1,2 miljoen (€ 1,7 miljoen
weerstandsratio 1,01. Dit wordt volgens de waarderingstabel van het Neder-
-/- € 500.000). Om tegemoet te komen aan het geraamde potentieel is 15%
lands Adviesbureau Risicomanagement (NAR) gekwalificeerd als ‘voldoende’.
van de totale waarde als risico aangemerkt, per saldo € 180.000. Voor de normering van het weerstandsvermogen in relatie tot de deelnemers Onderstaande tabel geeft de geactualiseerde risico-inventarisatie weer. Risico’s
komt het weerstandsvermogen op 5,4% van het begrotingstotaal uit. Daarbij ligt het vermogen ruim binnen de bandbreedte van 4% en 6%.
Maximaal bedrag schade
Kans op optreden risico
Gewogen risico
4. Inhuur versus vast personeel
400.000
50%
200.000
3.2 Financiële kengetallen
5. Transitie mens en systeem
700.000
50%
350.000
Het BBV schrijft voor dat een aantal verplichte financiële kengetallen moet
6. Problematiek arbeidsmarkt
700.000
75%
525.000
worden opgenomen. Doel daarvan is inzicht te geven in de financiële positie
9. COVID-19
500.000
50%
250.000
van de organisatie. De trend van de voor de OMWB relevante kengetallen
11. Invoering Omgevingswet
1.000.000
40%
400.000
wordt in onderstaande tabel weergegeven.
12. Kosteneffectiviteit
1.200.000
15%
180.000
Totaal
4.500.000
1.905.000
Financiële kengetallen
Jaarrekening 2021
Begroting 2022
Begroting 2023
Netto schuldquote
-5,5%
-3,5%
-4,7%
In aanvulling op bovenstaande tabel spelen nog de volgende twee actuele
Solvabiliteitsratio
47,0%
32,5%
48,5%
zaken. Allereerst verschuift bij de inwerkingtreding van de Omgevingswet het
Structurele exploitatieruimte
1,7%
1,0%
1,1%
bevoegd gezag voor bodem en ondergrond en de daaraan verbonden VTH-(basis)taken voor een groot deel van de provincie naar de gemeenten. De impact hiervan op het werkprogramma van de OMWB is op dit moment nog niet duide-
<<
<
OMWB Begroting 2023
13
>
Netto schuldquote
Treasurybeleid
De netto schuldquote geeft inzicht in het niveau van de schuldenlast ten opzichte
De doelstellingen van het treasurybeleid van de OMWB zijn:
van de eigen middelen. Hoe verder deze ratio onder de 1,0 ligt, hoe beter het is.
1. H et verzekeren van duurzame toegang tot financiële markten tegen acceptabele condities;
Solvabiliteit Dit kengetal geeft inzicht in de mate waarin de OMWB in staat is aan haar financiële verplichtingen te voldoen. De solvabiliteitsratio geeft het aandeel van het eigen vermogen in het balanstotaal weer. Hoe hoger deze ratio, hoe groter de weerbaarheid van de organisatie. Een solvabiliteitsratio hoger dan 25% wordt als gezond beschouwd.
2. H et beschermen van vermogens- en (rente-)resultaten tegen ongewenste financiële risico’s, zoals renterisico’s, koersrisico’s, liquiditeitsrisico’s en kredietrisico’s; 3. H et minimaliseren van de interne verwerkingskosten en externe kosten bij het beheren van de geldstromen en financiële posities; 4. H et optimaliseren van de renteresultaten binnen de kaders van de Wet fido respectievelijk de limieten en richtlijnen van het Treasurystatuut.
Structurele exploitatieruimte Door het zuiveren van de incidentele lasten en baten en de mutaties in reserves,
Onder risico’s worden zowel renterisico’s (vaste schuld en vlottende schuld),
ontstaat er een beeld van de mate waarin sprake is van een structureel sluitende
kredietrisico’s, liquiditeitsrisico’s als valutarisico’s verstaan. Met betrekking tot
begroting. De structurele lasten en baten worden in dit kengetal uitgedrukt als
risicobeheer geldt het volgende algemene uitgangspunt: “Bij het uitzetten of
een percentage van de totale baten (voor mutaties reserves) van het betreffende
aantrekken van middelen worden de bepalingen zoals neergelegd in de Wet
jaar. Een positief percentage is wenselijk, aangezien dit betekent dat de structu-
fido en de Regeling uitzettingen en derivaten decentrale overheden (Ruddo) in
rele baten toereikend zijn om de structurele lasten te dekken.
acht genomen.”
Onderlinge verhouding kengetallen
Renterisicobeheer
Het solvabiliteitsratio zoals begroot voor 2023 ligt in lijn met de jaarrekening
1. D e kasgeldlimiet wordt niet overschreden conform de Wet fido;
2021 maar is hoger dan begroot voor 2022. De structurele exploitatieruimte
2. D e renterisiconorm wordt niet overschreden conform de Wet fido;
zoals begroot voor 2023, ligt in lijn met de begroting 2022. Ten opzichte van de
3. N ieuwe leningen/uitzettingen worden afgestemd op de bestaande financiële
jaarrekening 2021 en de begroting 2022 vertonen de ratio’s een wisselend beeld; de overall conclusie is echter dat de balanspositie van de OMWB solide is.
positie en de liquiditeitenplanning; 4. D e rentetypische looptijd en het renteniveau van de betreffende lening/ uitzetting wordt zo veel mogelijk afgestemd op de actuele rentestand en de
3.3 Financiering In aansluiting op de Wet financiering decentrale overheden (Wet fido) is in het Besluit Begroting en Verantwoording neergelegd dat de financieringsparagraaf
rentevisie; 5. B innen de kaders gesteld onder lid 3 en lid 4, streeft de OMWB naar spreiding in de rentetypische looptijden van uitzettingen.
de beleidsvoornemens voor het risicobeheer van de financieringsportefeuille
<<
<
uiteenzet. De grondslag voor de aan de portefeuille verbonden Treasuryfunctie is
Met de inwerkingtreding van de Wet fido is de term ‘Renterisiconorm’ geïntro-
vastgelegd in het Treasurystatuut. Het beheer van de OMWB is risicomijdend en
duceerd. De norm schrijft voor dat in enig jaar de aflossing van een langlopen-
mede gericht op het voldoen aan de renterisiconorm en de kasgeldlimiet.
de schuld niet meer mag bedragen dan 20% van het begrotingstotaal.
OMWB Begroting 2023
14
>
De OMWB kent momenteel geen langlopende leningen en voldoet daarmee
3.4 Bedrijfsvoering
automatisch aan de norm. De huidige financieringspositie en dito -behoeften
Deze paragraaf gaat in op de activiteiten van de afdeling bedrijfsvoering. Het
vanuit de investeringsbegroting geven thans geen verdere aanleiding tot aan-
reguliere werk van de afdeling zorgt voor goede financiële processen, goede HRM
wending van een dergelijke lening.
processen, een goed functionerende ICT omgeving, een communicatieve organisatie en een degelijke facilitaire ondersteuning. Daarnaast heeft de afdeling de
Kredietrisicobeheer
beschikking over adviseurs die de organisatie adviseren op bedrijfsvoeringsthe-
Met betrekking tot het kredietrisicobeheer geldt het uitgangspunt dat overtolli-
ma’s. De OMWB kent een aantal (inhoudelijke) kernthema’s: de Omgevingswet,
ge middelen op voorhand worden aangehouden in de schatkist.
het programma ‘Van goed naar beter’, strategisch HRM, VTHKA-instrumentarium en verkenningen. De afdeling bedrijfsvoering heeft in deze programma’s en pro-
Intern liquiditeitsbeheer
jecten veelal een ondersteunende rol. Enerzijds faciliterend, maar ook adviserend.
De OMWB beperkt haar interne liquiditeitsrisico’s door haar treasury-activiteiten te baseren op een adequate liquiditeitsplanning.
In dit hoofdstuk wordt achtereenvolgens stilgestaan bij de inbreng van bedrijfsvoering bij de kernthema’s, daarna worden er diverse andere ontwikkelingen
Valutarisicobeheer
beschreven.
Valutarisico’s worden door de OMWB uitgesloten. Leningen worden uitsluitend aangegaan of gegarandeerd in de Europese geldeenheid (de euro).
3.4.1 Kernthema: Omgevingswet De ingangsdatum van de Omgevingswet blijft naar achteren schuiven, vooralsnog
Kasgeldlimiet
is 1 januari 2023 de beoogde datum voor inwerkingtreding. Voor bedrijfsvoering
Met de kasgeldlimiet stelt de Wet fido een norm voor het maximumbedrag voor
betekent dit dat de inzet op het gebied van HRM (opleidingen) en communica-
de financiering van de bedrijfsvoering met kortlopende middelen (looptijd < 1
tie geïntensiveerd gaat worden om zo de integratie van de gevolgen van de wet
jaar). De kasgeldlimiet voor gemeenschappelijke regelingen betreft 8,2% van
binnen de organisatie zo goed mogelijk te begeleiden. De ICT-technische kant van
het begrotingstotaal.
de intrede van de wet is van wezenlijke betekenis. Het Digitaal Stelstel Omgevingswet moet vanaf de ingangsdatum operationeel zijn. De geluiden vanuit het
De kasgeldlimiet bedraagt € 2.924.000 voor de OMWB op basis van de begro-
land (adviseurs en ICT-partners) over de werking van het DSO zijn nog niet heel
ting 2023. Aangezien het gemiddelde netto vlottende overschot aan financie-
positief. De OMWB is in afwachting van verdere ontwikkelingen.
ringsmiddelen op € 8 mln. wordt geschat, is de ruimte onder de kasgeldlimiet
Om gebruik te kunnen maken van deze landelijke voorziening moet het VTH-
gelijk aan de kasgeldlimiet.
systeem van de OMWB aan het DSO gekoppeld worden. Op dit moment maakt de OMWB gebruik van Squit 20/20. De firma Visma/Roxit heeft naar aanleiding van aanhoudende technische problemen de applicatie vervangen door een opvolger: Rx Mission. De update van Squit 20/20 naar Rx Mission vindt volgens Roxit naar verwachting eind 2022 plaats. De inhoudelijke en financiële impact is nog niet duidelijk, er wordt op dit moment een impactanalyse van de overgang gemaakt. Gezien de recente ervaringen met Roxit houden we de ontwikkelingen op de VTH markt nauwlettender in de gaten.
<<
<
OMWB Begroting 2023
15
>
3.4.2 Kernthema: Programma ‘Van goed naar beter’
brengt. Voor 2023 betekent dit een incidentele uitgave van € 50.000, dit is
De ontwikkelingen bij de OMWB volgen zich in rap tempo op. Ingegeven door
de laatste tranche van de gehele opdracht. Voor recruitment bouwt de OMWB
externe factoren (Omgevingswet, Stikstofproblematiek en het rapport van de
voort op de eerder ingezette koers. Denk hierbij aan de wervingscampagne
commissie Van Aartsen) en deels interne ontwikkelingen (werken met nieu-
“Kijk om je heen” met de daarbij behorende middelen, het inzetten van job-
we systemen en processen). Bij dit alles past een organisatie die stuurt op de
marketing en het opbouwen van contacten bij opleidingsinstanties. Bij loop-
resultaten van het werk, oog houdt voor zowel kwaliteit als effectiviteit en goed
baanontwikkeling start in 2022 een traineeprogramma en een MD-traject. De
samenwerkt met haar deelnemers. In 2022 zal in opdracht van het Algemeen
pijler vitaliteit gaat eind 2022 van start. In 2023 werkt de OMWB het beleid op
Bestuur het programma ‘Van goed naar beter’ van start gaan. Dit programma
het gebied van duurzame inzetbaarheid verder uit.
behelst het effectueren van het (financieel) potentieel van het onderzoek naar kosteneffectiviteit uit december 2020. Het programma wordt in meerdere fasen
3.4.4 Kernthema’s: VTHKA instrumenten en verkenningen
uitgewerkt. In het faseplan van 2023 worden de activiteiten en hun effecten in
De OMWB ontwikkelt en adviseert gezamenlijk met en voor deelnemers op
detail uitgewerkt. Om de resultaten te realiseren is er in de begroting van 2023
inhoudelijke thema’s. De afdeling bedrijfsvoering ondersteunt deze inhoudelij-
een investering van € 450.000 opgenomen. Hoofdactiviteiten in dit faseplan
ke ontwikkelingen zoals ‘Kompas’, circulaire economie en ‘Zeer Zorgwekkende
zijn: het borgen van procesmanagement in de organisatie, helder met elkaar
Stoffen’ (ZZS). Dit doet de OMWB door de juiste communicatiemiddelen in te
definiëren wat kwaliteit is, meer aandacht geven aan de risicogerichte benade-
zetten, informatie te vergaren en te ontsluiten en de juiste HR-instrumenten in
ring, het aanpakken van verspilling en het verbeteren van de (digitale) samen-
te zetten.
werking met deelnemers. De cumulatieve positieve financiële effecten van de activiteiten van het programma worden in 2023 ingeschat op € 1.300.000.
3.4.5 Overige bedrijfsvoeringsonderwerpen Naast bovenstaande kernthema’s kent de afdeling bedrijfsvoering haar eigen
3.4.3 Kernthema: Strategisch HRM
plannen en prioriteiten, veelal ingegeven wijzigingen van wet- en regelgeving.
Het programma Strategisch HRM kent vier pijlers. Cultuur en leiderschap, re-
Of vanuit een verbetering voor de uitvoering van de primaire en secundaire
cruitment, loopbaanontwikkeling en vitaliteit. Iedere pijler heeft deelprojecten,
processen. De OMWB ziet voor 2023 dat de ontwikkelingen op het gebied van
een eigen dynamiek en planning. De opbrengst van de diverse projecten moet
informatievoorziening elkaar blijven opvolgen.
uiteindelijk een positieve bijdrage leveren aan het imago van de OMWB als goe-
<<
<
de werkgever, voor toekomstige en huidige medewerkers.
3.4.6 Informatievoorziening
In 2023 komt het cultuur- en leiderschapstraject tot afronding. In eerdere
Informatiegestuurd werken/databeheer
samenwerksessies heeft een groep van ongeveer veertig medewerkers de hui-
In 2021 is gestart met de impuls Informatiegestuurd Werken (IGW). Het IGW
dige en gewenste cultuur van de OMWB beschreven en zijn er drie kernthema’s
vormt een steeds belangrijker fundament onder het handelen van de OMWB.
voor de ontwikkeling van de OMWB geformuleerd. Voor de verdere concretise-
Hoe meer het de OMWB lukt om data te vertalen naar waardevolle informatie
ring is ondersteuning van een externe partij gewenst en uitgevraagd, adviesbu-
en inzichten, hoe beter zij kan bijdragen aan een schone, veilige en duurzame
reau Ardis ondersteunt hierbij. De organisatie krijgt als resultaat van dit traject
leefomgeving. Medewerkers in de organisatie moeten zich meer bewust worden
een impuls die helpt bij de uitdagingen die onder andere de Omgevingswet ons
van het belang en de waarde van data. Bovendien gaat de OMWB deze data
OMWB Begroting 2023
16
>
steeds beter combineren met andere (externe) databronnen om de waarde
sten willen, kunnen en moeten spelen bij het inrichten en onderhouden van het
van de data nog verder te vergroten. De vergunningverleners, toezichthouders
REV. In het jaar 2023 wordt hier projectmatig verder vorm aan gegeven.
en handhavers van de OMWB hebben op termijn beschikking over actuele en relevante informatie voor de uitvoering van hun taken. Hierbij wordt ook rele-
In de loop van 2022 wordt duidelijk of de huidige budgetten voor informatie-
vante contextuele informatie aangeboden, zoals milieu- of omgevingsinforma-
voorziening en Collectieve taken voldoende zijn om deze ontwikkelingen te
tie. Op deze wijze wordt informatie gecombineerd met menselijke denkkracht
financieren.
om te komen tot de best mogelijke beslissing. Analyse van deze data leidt dan tot inzicht in de effecten van de inzet van de OMWB op de leefomgeving.
3.4.7 Huisvesting OMWB in Tilburg
Deze inzichten kunnen deelnemers helpen en maken nieuwe - op de uitvoering
Het huurcontract voor het pand aan de Spoorlaan wordt per 1 januari 2023
gerichte - beleidsbeslissingen mogelijk. In de uitwerking van het programma
verlengd. De werkwereld gaat er wellicht anders uitzien. De afgelopen periode
IGW zijn voor 2023 concrete activiteiten beschreven. Hierdoor wordt de inzet
liet zien dat hybride werken een vlucht heeft genomen. De tijd moet leren of
van de VTH-medewerkers van de OMWB efficiënter en effectiever. Dit betekent
de verhouding thuis- en kantoorwerken op hetzelfde niveau blijft. Uit enquêtes
dat ook de wijze verandert waarop de OMWB vorm geeft aan opdrachten. De
onder medewerkers van de OMWB blijkt dat zij in grote mate het thuiswerken
ontwikkeling van IGW is een voortdurende factor en vraagt in de komende
waarderen en hiermee kan er een verschuiving plaatsvinden tussen het werken
jaren een investering in de ontwikkeling van de juiste kennis, competenties en
thuis en op kantoor. De vraag is of de praktijk hetzelfde laat zien. Dit wordt in
(ICT-)structuren.
2022 onderzocht en duidelijk. Tegelijkertijd zal er geïnvesteerd moeten worden in het hybride werken. Dit alles is van betekenis voor de invulling van de huis-
Aansluiting bij landelijke standaarden en systemen
vesting. In de loop van 2023, na het vertrek van de gemeente Tilburg uit het
Eind 2021 is de aansluiting met Inspectieview Milieu gerealiseerd. Inspectie-
pand aan de Spoorlaan, wordt duidelijk hoe uiteindelijk de huisvesting ingevuld
view is een webapplicatie die signaleert en informeert door gegevensdeling.
wordt. We doen dit in overleg met de verhuurder.
Eigenaar is het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat. De budgetten voor de aansluiting en werking zijn reeds gereserveerd. In 2023 wil de OMWB aan-
3.4.8 Wet Gemeenschappelijke Regelingen (WGR)
haken bij de mogelijke doorontwikkeling van Inspectieview.
Op 14 december 2021 heeft de Eerste Kamer ingestemd met het wetsvoorstel tot aanpassing van de Wet gemeenschappelijke regelingen (de Wet versterking
De intrede van de Omgevingswet houdt in dat ook het Digitaal Stelstel Om-
legitimiteit gemeenschappelijke regelingen). De ingangsdatum is bepaald op
gevingswet operationeel zal zijn. Naast deze landelijke voorziening moet het
1 juli 2022, waarbij een implementatietermijn geldt van twee jaar. Deze wets-
VTH-systeem van de OMWB gekoppeld worden. De firma Roxit is hiervoor
wijziging heeft gevolgen voor de gemeenschappelijke regeling (GR) van de
verantwoordelijk. De verdere doorontwikkeling van de diverse landelijke voor-
OMWB. De jaren 2022 en 2023 gaat de OMWB benutten om in nauw overleg
zieningen vindt naar verwachting na 2022 plaats.
met de deelnemers de wijzigingen door te voeren.
Het Register Externe Veiligheid (REV) moet in 2023 operationeel zijn in de zin dat alle bronhouders van de data hun aansluiting op de juiste wijze hebben geordend en gekoppeld. Een belangrijke vraag is welke rol de omgevingsdien-
<<
<
OMWB Begroting 2023
17
>
Het wetsvoorstel introduceert nieuwe instrumenten waarmee gemeente raden en Provinciale Staten hun controlerende en kaderstellende taken beter kunnen uitvoeren. De veranderingen zijn: • Een verruiming van de mogelijkheden om zienswijzen in te dienen. • De mogelijkheid om een regionale gemeenschappelijke adviescommissie in te stellen. • In de gemeenschappelijke regeling (GR) moet afgesproken worden hoe om te gaan met participatie van bijvoorbeeld burgers, bedrijven of maatschappelijke organisaties. • Het bestuur van de GR krijgt een actieve informatieplicht over wat er speelt in de GR. • Voor het deelnemen aan de gemeenschappelijke adviescommissie komt een vergoeding voor raads- of PS-leden. • De verplichting om afspraken te maken over evaluatie van de GR. • Een aanpassing van de regels over de gevolgen van uittreding. • Veranderingen in de termijnen van de begrotingscyclus (Kaderbrief 30 april (i.p.v. 15 april), de zienswijzetermijn voor de begroting wordt twaalf weken (i.p.v. acht weken), de begroting dient bij BZ te worden ingediend voor 15 september (i.p.v. 1 augustus). De nieuwe instrumenten worden veelal niet geïntroduceerd als harde inhoudelijke verplichtingen, maar laten de inhoud van de afspraak over aan de betrokken partijen. Dit betekent dat in nauw overleg met alle betrokkenen tot nadere concrete afspraken voor de OMWB moet worden gekomen.
<<
<
OMWB Begroting 2023
18
>
4.
Financiële begroting 4.1 Inleiding De exploitatiebegroting bevat de verwachte baten en lasten voor het boekjaar 2023, inclusief meerjarenraming 2024-2026. Daarbij is de Kaderbrief 2023 als uitgangspunt gehanteerd. Aangezien de Begroting 2023 in dezelfde periode is opgesteld als de Jaarrekening 2021 is zoveel als mogelijk met deze actuele kennis rekening gehouden. Daar waar in het vervolg realisatiecijfers 2021 zijn vermeld, moet worden opgemerkt dat over deze cijfers nog geen accountantscontrole heeft plaatsgevonden. 4.2 Financiële uitgangspunten De uitgangspunten voor de Begroting 2023 zijn door het Dagelijks Bestuur vastgesteld d.d. 26 januari jl. en gedeeld met de deelnemers in de Kaderbrief 2023. 4.2.1 Algemene uitgangspunten De OMWB hanteert de volgende algemene financiële uitgangspunten: a. d e begroting 2023 gaat uit van het bestaande beleid, rekening houdend met de financiële effecten van de genoemde beleidsontwikkelingen in hoofdstuk 2; b. d e begroting 2023, inclusief de meerjarenraming 2024–2026, is sluitend; c. d e begroting 2023 wordt opgesteld met inachtneming van het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (BBV). 4.2.2 Financieel technische uitgangspunten De volgende financieel-technische uitgangspunten zijn in de begroting inclusief meerjarenraming gehanteerd: Baten - v oor 2023 wordt een werkpakket verwacht van ca.
345.000 declarabele uren; - e r geldt een kostendekkend, gemiddeld tarief, dat gelijk is voor deelnemers en niet-deelnemers; - b asis voor het financieringsmodel voor de deelnemende gemeenten is de MWB-norm; met inbegrip van de effecten volgend uit de evaluatie uitgevoerd in het najaar van 2021.
<<
<
OMWB Begroting 2023
19
>
Lasten
4.2.3 Maatregelen kosteneffectiviteitsonderzoek ‘Van Goed naar Beter’
- c onform de september-circulaire 2021 is rekening gehouden met een
Volgens afspraak met het Algemeen Bestuur zijn in de begroting 2023 en
gemiddelde loonkostenstijging van 2,3% ten opzichte van 2022;
meerjarenraming 2024-2026 de maatregelen volgend uit het kosteneffectivi-
- c onform de september-circulaire 2021 is rekening gehouden met een
teitsonderzoek ‘Van Goed naar Beter’ nader uitgewerkt. De volgende kosten
gemiddelde prijsstijging van 1,5% ten opzichte van 2022; - e xtrapolatie van de werkprogramma’s 2021 vraagt een benodigde formatie voor het primaire proces van circa 260 fte; - d e personeelsformatie voor het primaire proces bedraagt 240 fte. De ‘overbrugging’ naar 260 fte gebeurt met inhuur van derden; - e r wordt rekening gehouden met een declarabiliteitsnorm van 1.328 uur per fte; - h et BBV schrijft voor dat kosten van bedrijfsvoering (in BBV-termen ‘Overhead’) afzonderlijk worden begroot en verantwoord. Volgens de
besparingen zijn in de cijfers verwerkt. Maatregelen Kosten-
2022
2023
2024
2025
Totaal
Vergunningverlening
-150
-150
0
0
-300
Informatievoorziening
-500
0
0
0
-500
-528
0
0
-528
-400
0
-400
-678
-400
0
-1.728
effectiviteit onderzoek Bedragen x € 1.000
Kosteneffectiviteit fase 1 Kosteneffectiviteit fase 2 Totaal kostenbesparingen
-650
definitie van het BBV worden tot de bedrijfsvoering gerekend “Alle kosten die samenhangen met de sturing en ondersteuning van de medewerkers
Het onderdeel ‘Informatievoorziening’ is reeds in de Begroting 2022 verwerkt
in het primaire proces”;
in de kosten van Bedrijfsvoering. De overige zijn opgenomen onder Primair
- d e formatieomvang van bedrijfsvoering bedraagt 54 fte;
proces. ‘Vergunningverlening’ is opgenomen in de salariskosten, terwijl ‘Koste-
- o m mogelijke tegenvallers adequaat te kunnen opvangen, wordt rekening
neffectiviteit fase 1’ en ‘fase 2’ zijn weergegeven onder ‘Algemene kosten’,
gehouden met een post onvoorzien van € 150.000. Deze post staat ter
‘Van Goed naar Beter’.
beschikking van het Dagelijks Bestuur. - D e structurele effecten van de cao 2021-2022 zijn verwerkt.
De besparing van € 528.000 in 2023 is het effect van projecten opgestart in 2022. Dit bedrag betreft enerzijds een besparing van € 478.000 opgenomen onder de Algemene kosten; daarnaast € 50.000 als gevolg van het niet invullen van functies door verdere digitalisering en automatisering van werkzaamheden. Teneinde de besparingen structureel binnen de dienst te verankeren, zijn op voorhand ‘investeringen’ noodzakelijk. In onderhavige begroting, en die van 2022 zijn de volgende maatregelen doorgevoerd: Maatregelen Kosten-
2022
2023
2024
2025
250
250
-
-
effectiviteit onderzoek Bedragen x € 1.000 Kosteneffectiviteit – initieel
<<
<
OMWB Begroting 2023
Kosteneffectiviteit – structureel
200
200
200
200
Totaal investeringen
450
450
200
200
20
>
Met deze maatregelen wordt een structurele kostenreductie van € 1,5 mln.
Het overzicht van de lasten Primair proces is als volgt:
gerealiseerd met behoud van de uitvoeringskwaliteit, sterker nog, naar
Meerjarenraming
Lasten Bedragen x € 1.000
verwachting neemt de kwaliteit toe. In de Begroting 2022 is berekend dat zonder deze maatregelen de deelnemersbijdrage voor het jaar 2025 4% (€ 1,3 mln.) hoger uitvallen.
Primair proces
4.3 Begroting 2023 en meerjarenraming 2024-2026
Lonen & salarissen
Realisatie 2021
Begroting 2022
Begroting 2023
2024
2025
2026
20.192
Personele kosten
Het overzicht van baten is als volgt: Baten Bedragen x € 1.000
Realisatie 2021
Begroting 2022
Begroting 2023
2024
Programmadeel 1: Vergunningverlening, Toezicht en Handhaving
20.275
20.610
21.241
21.388
21.863
22.348
Programmadeel 2: Advies en Projecten
9.312
9.725
10.453
10.532
10.766
11.005
Programmadeel 3: Collectieve taken
1.619
1.624
1.659
1.692
1.729
1.768
Programmadeel 4: Buiten werkprogramma
3.454
2.768
1.658
1.691
1.716
1.742
Programmadeel 4: Overige exploitatiebaten
510
610
650
660
670
680
35.170
35.337
35.660
35.962
36.744
37.542
Totaal baten
Stortingen reserves
2026
-
-75
-75
-75
-75
-
-
-
-
-
-
Totaal reserves
-430
-
-75
-75
-75
-75
Totaal lasten
34.576
35.337
35.585
35.628
36.417
37.132
164
-
-
260
252
335
Gerealiseerd resultaat
18.861
19.257
19.719
359
364
369
375
380
Overige personeelskosten
219
252
256
260
263
267
2.991
2.018
3.165
3.231
3.309
3.388
-31
-
-
-
-
-
21.336
21.780
22.645
23.116
23.666
24.228
Afschrijvingskosten
143
24
92
62
62
67
Totaal Afschrijvingskosten
143
24
92
62
62
67
Detacheringsinkomsten Totaal Personele kosten
-430
Onttrekkingen reserves
19.151
152
Personeel niet in loondienst
Meerjarenraming 2025
18.005
Reiskosten
Afschrijvingskosten
Huisvesting en organisatiekosten Huisvesting en facilitaire kosten
64
205
71
72
73
74
Tractie
49
84
87
88
90
91
Automatisering
17
-
17
17
18
18
Algemeen beheer
-
-
25
25
25
26
130
289
200
203
206
209
Totaal Huisvesting en organisatiekosten
Kosten primaire werkzaamheden verricht door derden Laboratoriumkosten Milieumetingen Totaal Kosten primaire werkzaamheden verricht door derden
1.462
1.614
1.658
1.683
1.708
1.733
463
610
650
660
670
680
1.925
2.224
2.308
2.342
2.377
2.413
Algemene kosten Van Goed naar Beter
-
-
-478
-878
-878
-878
Totaal Algemene kosten
-
-
-478
-878
-878
-878
23.534
24.317
24.766
24.846
25.433
26.039
Totaal lasten primair proces <<
<
OMWB Begroting 2023
21
>
Het overzicht van de lasten Bedrijfsvoering is als volgt: Lasten Bedragen x € 1.000
Op grond van het BBV wordt inzicht verschaft in de structurele en incidentele baten en lasten voor de OMWB. In het volgende overzicht wordt dit weergegeven
Meerjarenraming Realisatie 2021
Begroting 2022
Begroting 2023
2024
2025
(bedragen x € 1.000): 2026 2023
Bedrijfsvoering Personele kosten Lonen & salarissen
4.670
4.837
4.850
4.952
5.071
5.192
Reiskosten
59
246
250
253
257
261
Overige personele kosten
725
1.160
1.178
1.195
1.213
1.231
1.141
150
351
359
367
376
-50
-
-
-
-
-
6.544
6.393
6.629
6.759
6.908
7.061
Afschrijvingskosten
84
220
130
153
150
50
Totaal Afschrijvingskosten
84
220
130
153
150
50
789
1.069
1.014
1.029
1.044
1.060
-
-
-
-
-
-
Algemeen beheer
570
1.013
971
735
746
758
Automatisering
3.055
2.170
1.921
1.950
1.980
2.009
Totaal Huisvesting en organisatiekosten
4.414
4.252
3.906
3.715
3.770
3.827
11.042
10.865
10.664
10.627
10.829
10.938
Personeel niet in loondienst Detacheringsinkomsten Totaal Personele kosten
2024
2025
2026
Baten
Lasten
Baten
Lasten
Baten
Lasten
Baten
Lasten
Structureel
35.660
35.285
35.962
35.628
36.744
36.417
37.542
37.132
Incidenteel
-
300
-
-
-
-
-
-
Onder de incidentele lasten is in 2023 € 250.000 opgenomen ten behoeve van investeringen van kosteneffectiviteit. Daarnaast is € 50.000 gealloceerd ter afronding van het cultuur- en leiderschapstraject.
Afschrijvingskosten
Huisvesting en organisatiekosten Huisvesting en facilitaire kosten Tractie
Totaal lasten Bedrijfsvoering
Overig Diverse baten en lasten
3
-
-
-
-
-
Onvoorzien
0
150
150
150
150
150
Vennootschapsbelasting
-3
5
5
5
5
5
Subtotaal
0
155
155
155
155
155
Totaal lasten Overig
0
155
155
155
155
155
34.576
35.337
35.585
35.628
36.417
37.132
Totaal lasten
<<
<
OMWB Begroting 2023
22
>
5.
Toelichting op de begroting 2023 In dit onderdeel wordt een toelichting gegeven op de belangrijkste verschillen tussen de begroting 2022 en 2023. Aan het einde van dit hoofdstuk wordt inzicht gegeven in de beschikbare declarabiliteit en de te hanteren functionele tarieven voor het begrotingsjaar 2023. 5.1 Toelichting op de baten De baten van de OMWB bestaan voor het voornaamste deel uit bijdragen van onze deelnemers voor diensten en producten die zij afnemen. De baten zijn in beginsel gebaseerd op de omvang van de werkprogramma’s 2022. Daarbij ziet de OMWB de laatste jaren een toename van het aantal verzoektaken en taken buiten het werkprogramma. In bijlage 1 zijn de bijdragen voor 2023 en verder per deelnemer gespecificeerd. In het ‘Overzicht van baten’, opgenomen in hoofdstuk 4 is in ’Programmadeel 1’ een reductie van € 150.000 opgenomen. Het betreft een tweede effect van het kosteneffectiviteitsonderzoek, onderdeel ‘Vergunningverlening’. Beoogd wordt een totale besparing van € 300.000 voor dit projectonderdeel, welke een structureel effect kent. Conform paragraaf 4.2.3. is voor 2024 verdere maatregelen uit het kosteneffectiviteitsonderzoek verwerkt, welke structureel doorwerken op de bijdragen van deelnemers. Zonder deze maatregelen zou de bijdrage over 2025 4% (€ 1,3 mln.) hoger uitvallen.
Ook de effecten van de evaluatie van de MWB-norm, uitgevoerd in het najaar van 2021, zijn in de bijdragen van de deelnemers verwerkt.
<<
<
OMWB Begroting 2023
23
>
5.2 Toelichting op de lasten
Reiskosten:
Voor de begroting 2023 worden de ramingen van de kosten vergeleken met die
• met het loslaten van het thuiswerkadvies is de verwachting dat de reiskosten
van 2022. Het gaat hierbij om wijzigingen die van structurele aard zijn. Waar
in 2023 weer zullen toenemen. Uitvraag leert echter dat veel medewerkers
nodig zijn de verschillen nader toegelicht.
een hybride invulling van hun werkweek voor ogen hebben. Deels wensen ze hun werkzaamheden op kantoor of een decentrale werkplek uit te voeren
Personeelslasten
Begroting 2022
Begroting 2023
en deels vanuit huis. Een tegemoetkoming voor dit laatste is geregeld in de
Bedragen x € 1.000
cao 2021-2022 in de vorm van een thuiswerkvergoeding. De kosten van deze
Primair proces
vergoeding zijn onder deze post opgenomen;
Personele kosten Lonen & salarissen
• indexering: 1,5%. 19.151
18.861
Reiskosten
359
364
Overige personeelskosten
252
256
Personeel niet in loondienst
2.018
3.165
-
-
21.780
22.645
Detacheringsinkomsten Totaal Personele kosten
Overige personeelslasten: • kosten welke hieronder geschaard worden, betreffen onder andere: opleidingen, arbo, werving & selectie, personeelsvereniging en werkkleding; • indexering: 1,5%. Personeel niet in loondienst:
Lonen & salarissen:
• de formatie is gebaseerd op 240 fte. Het werkaanbod ligt circa 25.750 uur
De mutatie in de salariskosten kan als volgt worden gespecificeerd:
hoger dan met deze formatie bewerkstelligd kan worden, dit betreft circa
• basis voor deze post vormt de bezetting ultimo 2021 en de daarmee gereali-
19 fte. Aanvullend wordt een deel van de formatie ingevuld door inhuur van
seerde salariskosten over 2021; • voor de indexering is rekening gehouden met 2,3%, waarbij een actualisatie van de begroting 2022 heeft plaats gevonden voor het cao-akkoord;
externe medewerkers. De laatste jaren heeft de OMWB samen met de andere Brabantse omgevingsdiensten fors geïnvesteerd in arbeidsmarktpositionering. Dit betaalt zich inmiddels terug in de werving van medewerkers. Hoewel daar-
• in correlatie met hetgeen vermeld in paragraaf 5.1 inzake de beoogde effici-
mee een trendbreuk gerealiseerd is, overstijgt deze nog niet de krapte op de
ency binnen het onderdeel ‘Vergunningverlening’ is € 150.000 in mindering
arbeidsmarkt uit de voorbije jaren. Tenslotte zal het verlies aan declarabiliteit
gebracht op de corresponderende salariskosten.
als gevolg van de harmonisatie verlofrechten, geregeld in de cao 2021-2022, worden belegd bij inhuurkrachten.
<<
<
OMWB Begroting 2023
24
>
Afschrijvingskosten
Begroting 2022
Begroting 2023
Bedragen x € 1.000
Overige kosten
Begroting 2022
Begroting 2023
1.614
1.658
Bedragen x € 1.000
Afschrijvingskosten
Overige kosten
Afschrijvingen
24
92
Laboratoriumkosten
Totaal Afschrijvingskosten
24
92
Milieumetingen Totaal Overige kosten
610
650
2.224
2.308
Afschrijvingskosten: • meerjarig zijn de afschrijvingskosten in beeld gebracht bij het meerjareninvesteringsprogramma (zie paragraaf 6.2);
De Overige kosten kunnen als volgt worden gespecificeerd: • de ‘Laboratoriumkosten’ kennen de laatste jaren een gestage groei. De kos-
• als gevolg van zuiverdere boekingsgangen zijn de afschrijvingskosten enerzijds onder Primair proces en anderzijds onder Bedrijfsvoering verantwoord.
ten voor luchtkwaliteitsmetingen/e-Noses zijn onder deze post opgenomen; • de kosten voor milieumetingen worden gecompenseerd door de Provincie Noord-Brabant en hebben derhalve een neutraal resultaateffect.
Huisvesting en organisatie
Begroting 2022
Begroting 2023
Bedragen x € 1.000
Algemene kosten
Huisvesting en organisatie
Begroting 2022
Begroting 2023
Bedragen x € 1.000
Huisvesting en facilitaire kosten
205
71
Tractie
84
87
Automatisering
-
17
Algemeen beheer
-
25
289
200
Algemene kosten Van Goed naar Beter
-
-478
Totaal Algemene kosten
-
-478
Totaal Huisvesting en organisatie
De besparing van € 478.000 is het effect van projecten opgestart in 2022 onder de noemer ‘Van Goed naar Beter’. In vergelijking met meldingen elders
Huisvesting en organisatie:
in deze begroting is deze post (nog) niet specifiek toe te wijzen aan de overige
• als gevolg van zuiverdere boekingsgangen zijn de kosten voor ‘Huisvesting
standaard rubrieken. Vandaar de keuze voor deze generieke post. In de loop
en facilitaire kosten’, ‘Automatisering’ en ‘Algemeen beheer’ enerzijds onder
van het begrotingsjaar zal verdere duiding en verfijning plaats vinden. U wordt
Primair proces en anderzijds onder Bedrijfsvoering verantwoord;
hierover via de verschillende rapportagelijnen geïnformeerd.