CConstaterende datSteenbergen
Koppel je AI →
Document · PDF

Nota Verbonden Partijen reacties op zienswijzen van gemeenten versie 31 januari 2024 2404151.pdf

Besluitvormende Vergadering 18 april 2024, gemeente SteenbergenBij agendapunt: 06.: Nota Verbonden Partijen.25.341 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Algemeen Vanuit diverse gemeenten wordt er in de zienswijzen verwezen naar de evaluatie van de Nota verbonden partijen Zes kaderstellende spelregels. De uitkomst van deze evaluatie was, kort samengevat, om minder uit te gaan van structuur en meer van afstemming en dialoog. Wij realiseren ons dat de wijziging van de Wet gemeenschappelijke regelingen (Wgr) op diverse plaatsen juist wel om structuur in de vorm van regels of aanpassing van de GR vraagt. Toch willen wij erop wijzen dat we het nog steeds als onze opdracht zien om meer in te zetten op het proces van afstemming en dialoog dan op het nog verder doorvoeren van regels. U dient de Nota Verbonden Partijen West-Brabant (NVP) alsmede de behandeling van uw zienswijzen dan ook in dit licht te bezien.

Alphen-Chaam 1. Vertaal de nota naar een zo compact en zo concreet mogelijke afsprakenset en vraag de raad enkel over die afspraken een besluit te nemen. Reactie: Dank voor de suggestie. We hebben de nota herzien en deze zo compact mogelijk gemaakt. We nemen de spelregels op in de koppen van alinea’s en paragrafen voor een betere herkenbaarheid en vindbaarheid en deze komen terug in een infographic waarin de afspraken helder worden weergegeven. De gemeenteraad kan deze infographic vaststellen. Verwerking in de Nota Verbonden Partijen: We nemen de spelregels op in koppen van alinea’s en paragrafen en verwijzen naar de op te stellen infographic. Verder geven we in de nota de afspraken in een kleur weer zodat deze snel gevonden en gelezen kunnen worden. 2. Regel zo veel mogelijk in de reguliere P&C- en beleidscyclus, de richtlijnen in november kunnen vervallen. Reactie: U kunt ervoor kiezen de richtlijnen op te nemen in de paragraaf verbonden partijen in de gemeentebegroting of toch in een apart document. De financiële richtlijnen staan in beginsel voor 4 jaar vast en hoeven dus niet jaarlijks te worden herhaald, beleidsrichtlijnen kunt u elk jaar herzien. De meerwaarde die richtlijnen in het P&C-proces hebben is toegelicht in de Nota Verbonden Partijen, wij zien geen argumenten om de werkwijze met richtlijnen los te laten.

Verwerking in de Nota Verbonden Partijen: Dit leidt niet tot een aanpassing in de nota. 3. Organiseer radenavonden op districtsniveau en zorg voor goede afspraken over de organisatie. Reactie: Wij onderschrijven uw zienswijze grotendeels. De schaal van de radenavonden wordt bij voorkeur afgestemd op de te behandelen onderwerpen en de betrokken verbonden partijen. Uiteraard zijn goede afspraken over de organisatie van de avonden essentieel. Verwerking in de Nota Verbonden Partijen: We verduidelijken de passage over de schaal waarop de radenavonden worden georganiseerd. 4. GR-en en raden zijn vrij om het initiatief te nemen voor een gemeenschappelijke adviescommissie. Colleges en GR-en kunnen een regionaal overlegplatform van raadsleden als klankbord benutten voor de invulling van de regionale informatievoorziening. Daarbij worden niet bij voorbaat: a. Regelingen uitgesloten en b. Al bij verzoek van 75% van de raden over te gaan tot het instellen van een adviescommissie. c. Keuzes gemaakt uit de drie taken die deze adviescommissie volgens de Wgr kan hebben; d. Besloten dat tegenover deelname aan een raadsledenadviescommissie een vergoeding staat.

Reactie: Het instellen van een gemeenschappelijke radenadviescommissie op basis van artikel 24a Wgr vereist unanimiteit van de deelnemende raden. Wij passen de nota op dit punt enigszins aan. Wij zullen daarin opnemen dat op grond van artikel 24 uit de Wet gemeenschappelijke regelingen elke regeling adviescommissies kan instellen waarin (ook) raadsleden zitting kunnen nemen. Deze adviescommissies zijn eenvoudig in te stellen ook als niet alle raden hierachter staan, maar een meerderheid van raden van deelnemers of het AB van de regeling zelf wel de behoefte aan een dergelijke commissie heeft. De (nieuwe) gemeenschappelijke adviescommissie uit artikel 24a Wgr komt dan alleen in beeld wanneer andere (meer laagdrempelige) opties niet werken en alle raden toch de behoefte hebben aan een gezamenlijke adviescommissie. Want de gemeenschappelijke raadsledenadviescommissie kan volgens de Wgr uitsluitend worden ingesteld wanneer alle gemeenteraden daar gezamenlijk instemming aan geven. Bij instelling wordt besloten over de op te dragen taken en de vergoeding. Zo sluit het afwegingskader aan bij uw zienswijze. Waar wel rekening mee gehouden moet worden zijn de volgende twee zaken: 1. Het is bij een op grond van artikel 24 Wgr ingestelde adviescommissie niet mogelijk om raadsleden die deel uitmaken van deze adviescommissie een vergoeding te geven.

Bij een gemeenschappelijke adviescommissie op basis van artikel 24a Wgr bestaat deze mogelijkheid wel; 2. Bij het instellen van een commissie met raadsleden op basis van artikel 24 Wgr moet ervoor gewaakt worden dat er geen strijdigheid ontstaat tussen de kaderstellende en controlerende rol van de gemeenteraden enerzijds en de adviserende rol van de commissie met raadsleden anderzijds. Verwerking in de Nota Verbonden Partijen: In de nota nemen we op dat op grond van artikel 24 uit de Wet gemeenschappelijke regelingen elke regeling adviescommissies kan instellen waarin (ook) raadsleden zitting kunnen nemen. Deze adviescommissies zijn eenvoudig in te stellen ook als niet alle raden hierachter staan, maar een meerderheid van raden van deelnemers of het AB van de regeling zelf wel de behoefte aan een dergelijke commissie heeft. De (nieuwe) gemeenschappelijke adviescommissie uit artikel 24a Wgr komt dan alleen in beeld wanneer andere (meer laagdrempelige) opties niet werken en alle raden toch de behoefte hebben aan een gemeenschappelijke adviescommissie. Want de gemeenschappelijke raadsledenadviescommissie kan volgens de Wgr uitsluitend worden ingesteld wanneer alle gemeenteraden daar gezamenlijk instemming aan geven. Bij instelling wordt besloten over de op te dragen taken en de vergoeding. 5. Bijlage 1 uit de nota verbonden partijen te halen.

Reactie: We namen in de conceptnota op dat bijlage I “buiten de scope van deze nota valt”. We voegden deze bijlage enkel toe om voor de gemeenteraden als hulpmiddel te dienen bij het beoordelen van de wijzigingen van de gemeenschappelijke regelingen die in het vierde kwartaal van 2023 in procedure zijn/komen. In de definitieve nota halen we bijlage 1 weg. Verwerking in de Nota Verbonden Partijen: We schrappen bijlage 1 in de nota.

Altena 1. De nieuwe nota Verbonden Partijen wordt beschouwd als een verbetering ten opzichte van de huidige nota. Voornamelijk de extra mogelijkheden die de raad krijgt om zijn positie goed in te kunnen nemen, worden gewaardeerd. Dit geldt in het bijzonder voor de actieve informatieplicht vanuit de verbonden partijen zelf en daarmee de mogelijkheid om direct geïnformeerd te worden. Reactie: Wij danken u voor uw reactie. Verwerking in de Nota Verbonden Partijen: Deze reactie leidt niet tot een aanpassing van de nota. 2. Een onderwerp dat veelvuldig aan bod is gekomen, is de raadsledenadviescommissie. De raad staat hier positief tegenover. Kanttekening hierbij is dat de GR hier zich wel voor moet lenen en de inzet van een raadsledenadviescommissie daadwerkelijk meerwaarde heeft. De praktijk moet de meerwaarde van een raadsledenadviescommissie uitwijzen. Om te bepalen of een raadsledenadviescommissie gewenst is, is voorgesteld om per gemeenschappelijke regeling een risicoprofiel op te stellen. Op basis daarvan kan bepaald worden of een raadsledenadviescommissie gewenst is en wat de specifieke opdracht van de raadsledenadviescommissie is. Reactie: Het instellen van een gemeenschappelijke radenadviescommissie op basis van artikel 24a Wgr vereist unanimiteit van de deelnemende raden. Wij passen de nota op dit punt enigszins aan.

Wij zullen daarin opnemen dat op grond van artikel 24 uit de Wet gemeenschappelijke regelingen elke regeling adviescommissies kan instellen waarin (ook) raadsleden zitting kunnen nemen. Deze adviescommissies zijn eenvoudig in te stellen ook als niet alle raden hierachter staan, maar een meerderheid van raden van deelnemers of het AB van de regeling zelf wel de behoefte aan een dergelijke commissie heeft. De (nieuwe) gemeenschappelijke adviescommissie uit artikel 24a Wgr komt dan alleen in beeld wanneer andere (meer laagdrempelige) opties niet werken en alle raden toch de behoefte hebben aan een gezamenlijke adviescommissie. Want de gemeenschappelijke raadsledenadviescommissie kan volgens de Wgr uitsluitend worden ingesteld wanneer alle gemeenteraden daar gezamenlijk instemming aan geven. Bij instelling wordt besloten over de op te dragen taken en de vergoeding. Zoals u voorstelt kan het risicoprofiel van ondersteunend nut zijn bij de afweging om over te gaan tot een gemeenschappelijke raadsleden adviescommissie (art. 24a Wgr) al realiseren we ons daarbij dat élke gemeente daarin zijn eigen afweging maakt en een commissie alleen dan kan worden ingesteld wanneer alle raden daarmee instemmen. Zo sluit het afwegingskader aan bij uw zienswijze. Waar wel rekening mee gehouden moet worden zijn de volgende twee zaken: a.

Het is bij een op grond van artikel 24 Wgr ingestelde adviescommissie niet mogelijk om raadsleden die deel uitmaken van deze adviescommissie een vergoeding te geven. Bij een gemeenschappelijke adviescommissie op basis van artikel 24a Wgr bestaat deze mogelijkheid wel; b. Bij het instellen van een commissie met raadsleden op basis van artikel 24 Wgr moet ervoor gewaakt worden dat er geen strijdigheid ontstaat tussen de kaderstellende en controlerende rol van de gemeenteraden enerzijds en de adviserende rol van de commissie met raadsleden anderzijds. Verwerking in de Nota Verbonden Partijen: In de nota nemen we op dat op grond van artikel 24 uit de Wet gemeenschappelijke regelingen elke regeling adviescommissies kan instellen waarin (ook) raadsleden zitting kunnen nemen. Deze adviescommissies zijn eenvoudig in te stellen ook als niet alle raden hierachter staan, maar een meerderheid van raden van deelnemers of het AB van de regeling zelf wel de behoefte aan een dergelijke commissie heeft. De (nieuwe) gemeenschappelijke adviescommissie uit artikel 24a Wgr

komt dan alleen in beeld wanneer andere (meer laagdrempelige) opties niet werken en alle raden toch de behoefte hebben aan een gezamenlijke adviescommissie. Want de gemeenschappelijke raadsledenadviescommissie kan volgens de Wgr uitsluitend worden ingesteld wanneer alle gemeenteraden daar gezamenlijk instemming aan geven. Bij instelling wordt besloten over de op te dragen taken en de vergoeding. 3. Er wordt voorgesteld om bij nieuwe gemeenschappelijke regelingen te experimenteren met de mogelijkheden die de nieuwe nota Verbonden Partijen biedt, in de vorm van een pilot. Hierbij is de nog te ontwikkelen GR WBO Jeugd genoemd als regeling om mee te experimenteren. Aan deze regeling nemen enkel gemeenten deel die binnen de reikwijdte van de nota Verbonden Partijen vallen. Reactie: De opzet van een nieuwe regeling leent zich in het bijzonder om vanaf de start te gaan werken conform de nota. Wij willen u vragen om de opgedane ervaringen daarbij goed vast te leggen opdat deze inderdaad ingezet kunnen worden bij evaluatie van deze nota en deze ervaringen waar nodig kunnen worden benut bij het instellen van een gemeenschappelijke adviescommissie op basis van artikel 24a Wgr bij andere gemeenschappelijke regelingen. Verwerking in de Nota Verbonden Partijen: Dit leidt niet tot een aanpassing in de nota. 4.

Ook is gesproken over samenwerkingen buiten de gemeenschappelijke regelingen om, waaronder de Baronie en SRBT. De raad van Altena ziet het toenemende belang van de ontwikkeling van de strategische samenwerkingen op het niveau van het daily urban system van de Baronie en in het verlengde daarvan op het niveau van de stedelijke regio BredaTilburg. De betrokkenheid van gemeenteraden bij deze ontwikkeling wordt als gewenst beschouwd. De ideeën die in de nota verwoord zijn om op dat niveau vanuit de gemeenten gezamenlijke raadsbijeenkomsten te organiseren, worden omarmd. De gemeenteraad van Altena staat daarom positief tegenover het organiseren van radenbijeenkomsten. Bijkomend voordeel is dat op deze manier een beter platform ontstaat voor de verbonden partijen om tot informatieoverdracht te komen, in plaats van de huidige praktijk, waarbij de bijeenkomsten vanuit de verbonden partijen worden georganiseerd en de opkomst vanuit de raden beperkt is. Er is voorgesteld om deze bijeenkomsten gezamenlijk met andere gemeenteraden te initiëren, in eerste instantie in Baronieverband. Naast meer inhoudelijke toerusting op de afzonderlijke GR-en dragen deze bijeenkomsten bij aan de informatieoverdracht tussen raden en versterken deze ontmoetingen de onderlinge samenwerking.

De gemeente Altena wil graag een bijdrage leveren aan het organiseren van deze bijeenkomsten, ondersteund door de griffie. Het voorstel daarbij is dat twee raadsleden per gemeente (één lid en één plaatsvervanger) de griffies hierbij ondersteunen. Reactie: Wij zien uw actieve opstelling als het ondersteunen van de inhoud van de nota en de uitvoering hiervan. Verwerking in de Nota Verbonden Partijen: Dit leidt niet tot aanpassing in de nota.

Baarle-Nassau 1. Vertaal de nota naar een zo compact en zo concreet mogelijke afsprakenset en vraag de raad enkel over die afspraken een besluit te nemen. Reactie: Dank voor de suggestie. We hebben de nota herzien en deze zo compact mogelijk gemaakt. We nemen de spelregels op in de koppen van alinea’s en paragrafen voor een betere herkenbaarheid en vindbaarheid en deze komen terug in een infographic waarin de afspraken helder worden weergegeven. De gemeenteraad kan deze infographic vaststellen. Verwerking in de Nota Verbonden Partijen: We nemen de spelregels op in koppen van alinea’s en paragrafen en verwijzen naar de op te stellen infographic. Verder geven we in de nota de afspraken in een kleur weer zodat deze snel gevonden en gelezen kunnen worden. 2. Regel zo veel mogelijk in de reguliere P&C- en beleidscyclus, de richtlijnen in november kunnen vervallen. Reactie: U kunt ervoor kiezen de richtlijnen op te nemen in de paragraaf verbonden partijen in de gemeentebegroting of toch in een apart document. De financiële richtlijnen staan in beginsel voor 4 jaar vast en hoeven dus niet jaarlijks te worden herhaald, beleidsrichtlijnen kunt u elk jaar herzien. De meerwaarde die richtlijnen in het P&C-proces hebben is toegelicht in de Nota Verbonden Partijen, wij zien geen argumenten om de werkwijze met richtlijnen los te laten.

Verwerking in de Nota Verbonden Partijen: Dit leidt niet tot een aanpassing in de nota. 3. Organiseer radenavonden op districtsniveau en zorg voor goede afspraken over de organisatie. Reactie: Wij onderschrijven uw zienswijze grotendeels. De schaal van de radenavonden wordt afgestemd op de te behandelen onderwerpen , waarbij bij voorkeur gekozen wordt voor een logische schaal en omvang passend bij bestaande samenwerkingsdistricten. Uiteraard zijn goede afspraken over de organisatie van de avonden essentieel. Verwerking in de Nota Verbonden Partijen: We verduidelijken de passage over de schaal waarop de radenavonden worden georganiseerd. 4. GR-en en raden zijn vrij om het initiatief te nemen voor een gemeenschappelijke adviescommissie. Colleges en GR-en kunnen een regionaal overlegplatform van raadsleden als klankbord benutten voor de invulling van de regionale informatievoorziening. Daarbij worden niet bij voorbaat: I. Regelingen uitgesloten en II. Al bij verzoek van 75% van de raden over te gaan tot het instellen van een adviescommissie. III. Keuzes gemaakt uit de drie taken die deze adviescommissie volgens de Wgr kan hebben;

Reactie: Het instellen van een gemeenschappelijke radenadviescommissie op basis van artikel 24a Wgr vereist unanimiteit van de deelnemende raden. Wij passen de nota op dit punt enigszins aan. Wij zullen daarin opnemen dat op grond van artikel 24 uit de Wet gemeenschappelijke regelingen elke regeling adviescommissies kan instellen waarin (ook) raadsleden zitting kunnen nemen. Deze adviescommissies zijn eenvoudig in te stellen ook als niet alle raden hierachter staan, maar een meerderheid van raden van deelnemers of het AB van de regeling zelf wel de behoefte aan een dergelijke commissie heeft. De (nieuwe) gemeenschappelijke adviescommissie uit artikel 24a Wgr komt dan alleen in beeld wanneer andere (meer laagdrempelige) opties niet werken en alle raden toch de behoefte hebben aan een gezamenlijke adviescommissie. Want de gemeenschappelijke raadsledenadviescommissie kan volgens de Wgr uitsluitend worden ingesteld wanneer alle gemeenteraden daar gezamenlijk instemming aan geven. Bij instelling wordt besloten over de op te dragen taken en de vergoeding. Zo sluit het afwegingskader aan bij uw zienswijze. 5. Waar wel rekening mee gehouden moet worden zijn de volgende twee zaken: a. Het is bij een op grond van artikel 24 Wgr ingestelde adviescommissie niet mogelijk om raadsleden die deel uitmaken van deze adviescommissie een vergoeding te geven.

Bij een gemeenschappelijke adviescommissie op basis van artikel 24a Wgr bestaat deze mogelijkheid wel; b. Bij het instellen van een commissie met raadsleden op basis van artikel 24 Wgr moet ervoor gewaakt worden dat er geen strijdigheid ontstaat tussen de kaderstellende en controlerende rol van de gemeenteraden enerzijds en de adviserende rol van de commissie met raadsleden anderzijds. Verwerking in de Nota Verbonden Partijen: In de nota nemen we op dat op grond van artikel 24 uit de Wet gemeenschappelijke regelingen elke regeling adviescommissies kan instellen waarin (ook) raadsleden zitting kunnen nemen. Deze adviescommissies zijn eenvoudig in te stellen ook als niet alle raden hierachter staan, maar een meerderheid van raden van deelnemers of het AB van de regeling zelf wel de behoefte aan een dergelijke commissie heeft. De (nieuwe) gemeenschappelijke adviescommissie uit artikel 24a Wgr komt dan alleen in beeld wanneer andere (meer laagdrempelige) opties niet werken en alle raden toch de behoefte hebben aan een gemeenschappelijke adviescommissie. Want de gemeenschappelijke raadsledenadviescommissie kan volgens de Wgr uitsluitend worden ingesteld wanneer alle gemeenteraden daar gezamenlijk instemming aan geven. Bij instelling wordt besloten over de op te dragen taken en de vergoeding. 6. Bijlage 1 uit de nota verbonden partijen te halen.

Reactie: We namen in de conceptnota op dat bijlage I “buiten de scope van deze nota valt”. We voegden deze bijlage enkel toe om voor de gemeenteraden als hulpmiddel te dienen bij het beoordelen van de wijzigingen van de gemeenschappelijke regelingen die in het vierde kwartaal van 2023 in procedure zijn/komen. In de definitieve nota halen we bijlage 1 weg. Verwerking in de Nota Verbonden Partijen: We schrappen bijlage 1 in de nota.

Bergen op Zoom Op basis van de consequenties van de voorgestelde wijzigingen, zoals opgenomen in het raadsvoorstel, te besluiten geen zienswijze in te dienen op de concept-nota Verbonden Partijen, aangezien de nota in voldoende mate tegemoet komt aan de wens tot versterking van de democratische sturing op samenwerkingsverbanden. Reactie: Wij nemen met instemming kennis van uw besluit. Wij vinden het positief om te lezen dat de nota in voldoende mate tegemoetkomt aan de wens tot versterking van de democratische sturing op samenwerkingsverbanden Verwerking in de Nota Verbonden Partijen: De reactie van de gemeenteraad van Bergen op Zoom leidt niet tot aanpassingen in de nota.

Breda 1. De verbonden partijen dienen naast reguliere thema’s als financiële positie, resultaatprognose en risicomanagement ook nadrukkelijk(er) aandacht te geven aan actuele thema’s als cyber- & informatieveiligheid en aan het versterken van vertrouwen van burgers, bedrijven en organisaties in overheidspartijen. Reactie: Wij onderschrijven uw zienswijze dat de verbonden partijen naast reguliere thema’s als financiële positie, resultaatprognose en risicomanagement ook nadrukkelijk(er) aandacht dienen te geven aan actuele thema’s als cyber- & informatieveiligheid en aan het versterken van vertrouwen van burgers, bedrijven en organisaties in overheidspartijen. Verwerking in de Nota Verbonden Partijen: We verduidelijken de passage over de thema’s waaraan verbonden partijen aandacht moeten besteden. 2. Hanteer eenduidige uniforme afspraken over de loon-/prijsontwikkeling conform de CEPramingen (Centraal Economisch Plan) van het Centraal Plan Bureau. Voor de loonontwikkeling wordt hierbij ‘de index van de loonvoet sector overheid’ gevolgd en voor de prijsontwikkeling ‘de index van de netto materiele consumptie’. De verbonden partij geeft bij de kaderbrief en de begroting een specificatie weer van de verhouding lonen/prijzen in haar exploitatiebegroting.

Reactie: Wij onderschrijven uw wens om tot eenduidige uniforme afspraken te komen over de loon- en prijsontwikkeling zoals uw raad voorstelt. Verwerking in Nota Verbonden Partijen: We beschrijven in de financiële richtlijnen dat we eenduidige uniforme afspraken over de loon- en prijsontwikkeling hanteren conform de CEP-ramingen (Centraal Economisch Plan) van het Centraal Plan Bureau. Voor de loonontwikkeling wordt hierbij ‘de index van de loonvoet sector overheid’ gevolgd en voor de prijsontwikkeling ‘de index van de netto materiele consumptie’. De verbonden partij geeft bij de kaderbrief en de begroting een specificatie weer van de verhouding lonen/prijzen in haar exploitatiebegroting. 3. Een besluit van het algemeen bestuur van een verbonden partij tot instelling van een algemene reserve is goed gemotiveerd, onderbouwd en voorzien van bijbehorende spelregels. Over dit ABbesluit wordt een zienswijze van de deelnemende gemeenten gevraagd, bij voorkeur gekoppeld aan de zienswijzeprocedure in het kader van het reguliere P&C-proces. Reactie: Wij onderschrijven uw zienswijze grotendeels. Het streven is erop gericht dat de financiële spelregels zowel door gemeenten uit Midden- als uit West-Brabant worden onderschreven en toegepast.

Wij sluiten daarbij zo veel als mogelijk aan bij het advies dat hierover door de burgemeesters van Breda en Tilburg in overleg met enkele grote(re) verbonden partijen tot stand is gekomen. Naar ons oordeel vraagt de hoogte van een algemene reserve om maatwerk per verbonden partij. Dit is een samenspel tussen AB en gemeenteraden, rekening houdende met de regionale spelregel. De ontwerpbegroting, die voor zienswijzen aan de gemeenteraden van de deelnemers wordt voorgelegd, geeft inzicht in de hoogte en het verloop van de algemene en bestemmingsreserves alsmede het verwachte rekeningresultaat voor bestemming voor het begrotingsjaar en de drie daaropvolgende jaren. De hoogte van de algemene reserve is afgestemd op het percentage dat door het AB bij voorkeur voor een periode van 4 jaar wordt vastgesteld. We voegen aan de nota toe dat

we voor het bepalen van de hoogte van een (beperkte) algemene reserve adviseren daar waar het AB dit nodig acht door de accountant van een verbonden partij een advies te laten geven waarbij we er nog steeds van uitgaan dat de weerstandscapaciteit in belangrijke mate bij de deelnemers wordt aangehouden. Wanneer de gemeenteraad zich niet kan vinden in de hoogte of het (verwachte) verloop van de algemene of een bestemmingsreserve kan de gemeenteraad hierop een zienswijze indienen. Door de (concept)zienswijze tijdig te delen met de andere deelnemers, wordt bevorderd dat ook andere gemeenteraden uw zienswijze beoordelen en wegen of ze deze kunnen ondersteunen. Over het algemeen zal de algemene reserve worden gevoed vanuit het rekeningresultaat. Een zienswijzenprocedure over de bestemming van het rekeningresultaat kan uitsluitend worden ingesteld wanneer dit expliciet wordt opgenomen in de regeling (art. 10, lid 5 Wgr). Wij stellen echter voor daar terughoudend mee om te gaan nu naar ons oordeel er sprake is van een adequaat instrumentarium in spelregels en zienswijzen op de concept-begroting. Verwerking in de Nota Verbonden Partijen: Wij voegen aan de nota toe dat over een besluit tot instelling of aanpassing van een algemene reserve een zienswijzeprocedure in het kader van de ontwerpbegroting van toepassing is.

Dat een zienswijzenprocedure over de bestemming van het rekeningresultaat uitsluitend kan worden ingesteld wanneer dit expliciet wordt opgenomen in de regeling en dat wordt voorgesteld daar terughoudend mee om te gaan. We voegen daaraan toe dat we voor het bepalen van de hoogte van een (beperkte) algemene reserve adviseren daar waar het AB dit nodig acht door de accountant van een verbonden partij een advies te laten geven waarbij we er nog steeds van uitgaan dat de weerstandscapaciteit in belangrijke mate bij de deelnemers wordt aangehouden. 4. de verbonden partijen dienen een Raadsadviescommissie in te stellen indien 2/3 van de bij de verbonden partij aangesloten gemeenteraden dat wensen Reactie Het instellen van een gemeenschappelijke radenadviescommissie op basis van artikel 24a Wgr vereist unanimiteit van de deelnemende raden. Wij passen de nota op dit punt enigszins aan. Wij zullen daarin opnemen dat op grond van artikel 24 uit de Wet gemeenschappelijke regelingen elke regeling adviescommissies kan instellen waarin (ook) raadsleden zitting kunnen nemen. Deze adviescommissies zijn eenvoudig in te stellen ook als niet alle raden hierachter staan, maar een meerderheid van raden van deelnemers of het AB van de regeling zelf wel de behoefte aan een dergelijke commissie heeft.

De (nieuwe) gemeenschappelijke adviescommissie uit artikel 24a Wgr komt dan alleen in beeld wanneer andere (meer laagdrempelige) opties niet werken en alle raden toch de behoefte hebben aan een gezamenlijke adviescommissie. Want de gemeenschappelijke raadsledenadviescommissie kan volgens de Wgr uitsluitend worden ingesteld wanneer alle gemeenteraden daar gezamenlijk instemming aan geven. Bij instelling wordt besloten over de op te dragen taken en de vergoeding. Zo sluit het afwegingskader aan bij uw zienswijze. Waar wel rekening mee gehouden moet worden zijn de volgende twee zaken: 1. Het is bij een op grond van artikel 24 Wgr ingestelde adviescommissie niet mogelijk om raadsleden die deel uitmaken van deze adviescommissie een vergoeding te geven. Bij een gemeenschappelijke adviescommissie op basis van artikel 24a Wgr bestaat deze mogelijkheid wel; 2. Bij het instellen van een commissie met raadsleden op basis van artikel 24 Wgr moet ervoor gewaakt worden dat er geen strijdigheid ontstaat tussen de kaderstellende en controlerende rol van de gemeenteraden enerzijds en de adviserende rol van de commissie met raadsleden anderzijds. Verwerking in de Nota Verbonden Partijen: In de nota nemen we op dat op grond van artikel 24 uit de Wet gemeenschappelijke regelingen elke regeling adviescommissies kan instellen waarin (ook) raadsleden zitting kunnen nemen.

Deze adviescommissies zijn eenvoudig in te stellen ook als niet alle raden hierachter staan, maar een

meerderheid van raden van deelnemers of het AB van de regeling zelf wel de behoefte aan een dergelijke commissie heeft. De (nieuwe) gemeenschappelijke adviescommissie uit artikel 24a Wgr komt dan alleen in beeld wanneer andere (meer laagdrempelige) opties niet werken en alle raden toch de behoefte hebben aan een gemeenschappelijke adviescommissie. Want de gemeenschappelijke raadsledenadviescommissie kan volgens de Wgr uitsluitend worden ingesteld wanneer alle gemeenteraden daar gezamenlijk instemming aan geven. Bij instelling wordt besloten over de op te dragen taken en de vergoeding.

5. het advies om (tenzij een meerderheid van de raden van de deelnemende gemeenten daaraan geen behoefte heeft) verbonden partijen eenmaal per raadsperiode te evalueren dient uitgebreid te worden tot de Nota Verbonden Partijen zelf en de verbonden partijen die niet onder de WGR vallen Reactie Wij onderschrijven uw zienswijze Verwerking in de nota In de nota nemen we op dat zowel voor publiekrechtelijke als privaatrechtelijke verbonden partijen éénmaal per vier jaar wordt besloten of en waarover een evaluatie gewenst is. Ter voorbereiding op de besluitvorming hierover pijlen de verbonden partijen de wens van de betrokken deelnemers. Er is wel een nadere afstemming over de planning van de uit te voeren evaluaties nodig. Ook voor de Nota Verbonden Partijen zelf nemen we op dat deze na vier jaar wordt geëvalueerd.

Drimmelen 1. Scherp de Nota aan het nieuwe instrumentarium dat Wgr biedt aan (in het bijzonder adviesraden). De beschreven indeling in de drie risicocategorieën zoals genoemd op pagina 9 van de nota kan bijvoorbeeld als vertrekpunt dienen voor het instellen van adviesraden. Reactie: Wij onderschrijven uw zienswijze. Verwerking in de Nota Verbonden Partijen: In de nota voegen we aan de passage over de drie risicocategorieën een passage toe dat de drie risicocategorieën voor de gemeenteraden ook als vertrekpunt kunnen dienen voor het doen van een voorstel tot het instellen van een gemeenschappelijke adviescommissie. 2. De nota kan beknopter en helderder Door bijvoorbeeld duidelijker aan te geven wat een afspraak, wat een toelichting daarop en wat de (mogelijke) lokale invulling van het instrumentarium is. Wij realiseren ons dat het geheel omwerken van de concept Nota Verbonden Partijen naar een meer handzame versie tijd kost. Wij verwachten dit niet op korte termijn. Wat ons betreft leidt dit binnen de looptijd van de herijkte nota wel tot een tussentijdse aanpassing. Reactie: Dank voor de suggestie. We hebben de nota herzien en deze zo compact mogelijk gemaakt. We nemen de spelregels op in de koppen van alinea’s en paragrafen voor een betere herkenbaarheid en vindbaarheid en deze komen terug in een infographic waarin de afspraken helder worden weergegeven.

De gemeenteraad kan deze infographic vaststellen. Verwerking in de Nota Verbonden Partijen: We nemen de spelregels op in koppen van alinea’s en paragrafen en verwijzen naar de op te stellen infographic. Verder geven we in de nota de afspraken in een kleur weer zodat deze snel gevonden en gelezen kunnen worden. Ook de toelichting en de (mogelijke lokale invulling geven we in kleur (uiteraard een andere kleur dan de afspraken) weer. 3. Laat schaal van de gemeenschappelijke regeling leidend zijn voor schaal raadsbijeenkomsten. In de conceptnota is aangegeven dat ten aanzien van de raadsbijeenkomsten wordt afgestemd op welke schaal deze bijeenkomsten gehouden worden. Districtsschaal, schaal regio West-Brabant, de schaal van de gehele regio Midden- en West-Brabant of maatwerk. Wat ons betreft is het uitgangspunt dat we hierin de schaal van de betreffende gemeenschappelijke regeling zelf volgen als schaal waarop de afstemming plaatsvindt. Het is vervolgens een praktische uitwerking hoe we dit organiseren. Reactie: Wij onderschrijven uw zienswijze grotendeels. De schaal van de radenavonden wordt bij voorkeur afgestemd op de te behandelen onderwerpen en de betrokken verbonden partijen. Verwerking in de Nota Verbonden Partijen: We verduidelijken de passage over de schaal waarop de radenavonden worden georganiseerd. 4.

Integrale afstemming tussen raden over impact van een regeling aan de voorkant is wenselijk. Wij onderschrijven het uitgangspunt, zoals onder afspraak 2.1. is benoemd, dat hoe meer impact een regeling heeft, hoe zwaarder het te hanteren toezichtregime is. In de conceptnota is aangegeven dat dit maatwerk per gemeente en per verbonden partij is. De individuele keuzes van

gemeenten kunnen echter van elkaar afwijken, zodat er voor een verbonden partij per gemeente een ander toezichtregime kan gelden. Dit lijkt onwenselijk. Reactie: Wij onderschrijven uw standpunt deels. Met u zijn we van mening dat het wenselijk is dat elke gemeente eenzelfde toezichtregime voor een verbonden partij hanteert. Er kan echter vanwege een specifieke situatie die slechts bij één of bij enkele deelnemende gemeenten speelt, die het voor die gemeente(n) noodzakelijk maakt een ander toezichtregime te hanteren dan het toezichtregime dat met alle deelnemende gemeenteraden onderling is afgesproken. Verwerking in Nota Verbonden Partijen: We voegen aan de nota toe dat regionale samenwerking ook vraagt om integrale afstemming aan de voorkant tussen gemeenteraden over impact van een regeling en het daarbij behorende toezichtregime. We geven daarbij wel aan dat vanuit het perspectief van de lokale autonomie het wel een lokale afweging van de gemeenteraad zelf blijft welk toezichtregime wordt gehanteerd. 5. Uitvoerbaarheid van de afspraken over privaatrechtelijke samenwerkingsverbanden Het is goed dat er in de nieuwe nota voor gekozen is om afspraken ten aanzien van privaatrechtelijke samenwerkingsverbanden op te nemen. Wij vragen ons af of er wel voldoende oog is voor de uitvoerbaarheid van deze nieuwe afspraken.

Is het aantal afspraken die nu in de concept Nota zijn opgenomen wel wenselijk als startpunt? Reactie: Met instemming constateren wij met uw raad met ons van mening is dat het goed is om in de nota ook afspraken over privaatrechtelijke partijen verbonden partijen op te nemen. Naar ons oordeel zijn de afspraken uitvoerbaar. Voor bestaande privaatrechtelijke samenwerkingsverbanden stellen we voor om indien nodig een overgangstermijn te hanteren. De lengte van de overgangstermijn vraagt om maatwerk per privaatrechtelijke verbonden partij. Verwerking in Nota Verbonden Partijen: Aan de nota voegen we toe dat voor bestaande privaatrechtelijke samenwerkingsverbanden wordt voorgesteld een overgangstermijn te hanteren. De lengte van de overgangstermijn vraagt om maatwerk per privaatrechtelijke verbonden partij. 6. Bekijk de financiële richtlijnen nog eens kritisch Deze (concept) richtlijnen zijn samen met Midden-Brabant voorbereid. We zien echter dat de in Midden-Brabant gehanteerde/voorgestelde richtlijnen wezenlijk afwijken van hetgeen in de concept Nota beschreven is. Met name de mogelijkheden/richtlijnen om een (beperkte) algemene reserve aan te houden verdienen aandacht. Reactie: Wij onderschrijven uw zienswijze grotendeels. Het streven is erop gericht dat de financiële spelregels zowel door gemeenten uit Midden- als uit West-Brabant worden onderschreven en toegepast.

Wij sluiten daarbij zo veel als mogelijk aan bij het advies dat hierover door de burgemeesters van Breda en Tilburg in overleg met enkele grote(re) verbonden partijen tot stand is gekomen. Naar ons oordeel vraagt de hoogte van een algemene reserve om maatwerk per verbonden partij. Dit is een samenspel tussen AB en gemeenteraden, rekening houdende met de regionale spelregel. De ontwerpbegroting, die voor zienswijzen aan de gemeenteraden van de deelnemers wordt voorgelegd, geeft inzicht in de hoogte en het verloop van de algemene en bestemmingsreserves alsmede het verwachte rekeningresultaat voor bestemming voor het begrotingsjaar en de drie daaropvolgende jaren. De hoogte van de algemene reserve is afgestemd op het percentage dat door het AB bij voorkeur voor een periode van 4 jaar wordt vastgesteld. We voegen aan de nota toe dat

we voor het bepalen van de hoogte van een (beperkte) algemene reserve adviseren daar waar het AB dit nodig acht door de accountant van een verbonden partij een advies te laten geven waarbij we er nog steeds van uitgaan dat de weerstandscapaciteit in belangrijke mate bij de deelnemers wordt aangehouden. Wanneer de gemeenteraad zich niet kan vinden in de hoogte of het (verwachte) verloop van de algemene of een bestemmingsreserve kan de gemeenteraad hierop een zienswijze indienen. Door de (concept)zienswijze tijdig te delen met de andere deelnemers, wordt bevorderd dat ook andere gemeenteraden uw zienswijze beoordelen en wegen of ze deze kunnen ondersteunen. Over het algemeen zal de algemene reserve worden gevoed vanuit het rekeningresultaat. Een zienswijzenprocedure over de bestemming van het rekeningresultaat kan uitsluitend worden ingesteld wanneer dit expliciet wordt opgenomen in de regeling (art. 10, lid 5 Wgr). Wij stellen echter voor daar terughoudend mee om te gaan nu naar ons oordeel er sprake is van een adequaat instrumentarium in spelregels en zienswijzen op de concept-begroting. Verwerking in de Nota Verbonden Partijen: Wij voegen aan de nota toe dat over een besluit tot instelling of aanpassing van een algemene reserve een zienswijzeprocedure in het kader van de ontwerpbegroting van toepassing is.

Dit voor zover niet in de tekst van een gemeenschappelijke regeling op basis van artikel 10 lid 5 van de Wgr is bepaald dat op een besluit tot instelling of aanpassing van een algemene reserve of op bestemming van het rekeningresultaat een zienswijzeprocedure van toepassing is. 7. De samenwerkingen in hoofdstuk 4 zijn geen Verbonden Partijen Wij zijn van mening dat deze samenwerkingen niet thuishoren in de Nota Verbonden Partijen. Als hieraan behoefte is kan een separate nota opgesteld worden waarbij ingegaan wordt op de taaken rolverdeling tussen de raad en college voor deze vormen van samenwerking. Reactie: Uw zienswijze is duidelijk. Hoofdstuk 4 betreft inderdaad andere samenwerkingsvormen dan verbonden partijen. Kern van het hoofdstuk vormen de algemene uitgangspunten die óók gelden voor verbonden partijen. Deze uitgangspunten verplaatsen we naar het inleidende hoofdstuk. Hoofdstuk 4 laten we vervallen. Verwerking in de Nota Verbonden Partijen: Hoofdstuk 4 laten we vervallen en de algemene uitgangspunten die óók gelden voor samenwerking bij verbonden partijen verplaatsen we naar de ‘inleiding’. 8. Breng tekstuele aanpassingen aan in de Nota Het betreft hier geen inhoudelijke aanpassingen. Suggesties voor aanpassingen zijn opgenomen in de bijlage bij dit besluit. Reactie: Dank voor de tekstuele suggesties.

Verwerking in de Nota Verbonden Partijen: We verwerken de tekstuele suggesties in de nota.

Etten-Leur 1. Scherp de Nota aan aan het nieuwe instrumentarium dat Wgr biedt op het gebied van versterking van de positie van de gemeenteraden in gemeenschappelijke regelingen (in het bijzonder adviesraden), aanvullend controle instrumentarium van de raad en het verbeteren van de positie van gemeenteraden in de besluitvorming van gemeenschappelijke regelingen. De beschreven indeling in drie risicocategorieën kan bijvoorbeeld als vertrekpunt dienen voor het instellen van adviesraden. Reactie: Wij onderschrijven uw zienswijze. Verwerking in de Nota Verbonden Partijen: In de nota voegen we aan de passage over de drie risicocategorieën een passage toe dat de drie risicocategorieën voor de gemeenteraden als vertrekpunt kunnen dienen voor het instellen van een gemeenschappelijke adviescommissie. Ook benoemen we expliciet in de nota de doelen van de wijziging van de Wgr zijnde het versterken van de positie van de gemeenteraden in gemeenschappelijke regelingen (in het bijzonder adviesraden), het bieden van aanvullend controle instrumentarium aan de raad en het verbeteren van de positie van gemeenteraden in de besluitvorming van gemeenschappelijke regelingen. 2. De nota kan beknopter en helderder Door bijvoorbeeld duidelijker aan te geven wat een afspraak, wat een toelichting daarop en wat de (mogelijke) lokale invulling van het instrumentarium is.

Wij realiseren ons dat het geheel omwerken van de concept Nota Verbonden Partijen naar een meer handzame versie tijd kost. Wij verwachten dit niet op korte termijn. Wat ons betreft leidt dit binnen de looptijd van de herijkte nota wel tot een tussentijdse aanpassing. Reactie: Dank voor de suggestie. We hebben de nota herzien en deze zo compact mogelijk gemaakt. We nemen de spelregels op in de koppen van alinea’s en paragrafen voor een betere herkenbaarheid en vindbaarheid en deze komen terug in een infographic waarin de afspraken helder worden weergegeven. De gemeenteraad kan deze infographic vaststellen. Verwerking in de Nota Verbonden Partijen: We nemen de spelregels op in koppen van alinea’s en paragrafen en verwijzen naar de op te stellen infographic. Verder geven we in de nota de afspraken in een kleur weer zodat deze snel gevonden en gelezen kunnen worden. Ook de toelichting en de (mogelijke lokale invulling geven we in kleur (uiteraard een andere kleur dan de afspraken) weer 3. Laat de schaal van de gemeenschappelijke regeling leidend zijn voor de schaal van raadsbijeenkomsten. In de conceptnota is aangegeven dat ten aanzien van de raadsbijeenkomsten wordt afgestemd op welke schaal deze bijeenkomsten gehouden worden. Districtsschaal, schaal regio West-Brabant, de schaal van de gehele regio Midden- en West-Brabant of maatwerk.

Wat ons betreft is het uitgangspunt dat we hierin de schaal van de betreffende gemeenschappelijke regeling zelf volgen als schaal waarop de afstemming plaatsvindt. Het is vervolgens een praktische uitwerking hoe we dit organiseren. Reactie: Wij onderschrijven uw zienswijze grotendeels. De schaal van de radenavonden wordt bij voorkeur afgestemd op de te behandelen onderwerpen en de betrokken verbonden partijen.

Verwerking in de Nota Verbonden Partijen: We verduidelijken de passage over de schaal waarop de radenavonden worden georganiseerd. 4. Integrale afstemming tussen raden over impact van een regeling aan de voorkant is wenselijk Wij onderschrijven het uitgangspunt, zoals onder afspraak 2.1. benoemd, dat hoe meer impact een regeling heeft, hoe zwaarder het te hanteren toezichtregime is. In de conceptnota is aangegeven dat dit maatwerk per gemeente en per verbonden partij is. De individuele keuzes van gemeenten kunnen echter van elkaar afwijken, zodat er voor een verbonden partij per gemeente een ander toezichtsregime kan gelden. Dit lijkt onwenselijk. Reactie: Wij onderschrijven uw standpunt deels. Met u zijn we van mening dat het wenselijk is dat elke gemeente eenzelfde toezichtregime voor een verbonden partij hanteert. Er kan echter vanwege een specifieke situatie die slechts bij één of bij enkele deelnemende gemeenten speelt, die het voor die gemeente(n) noodzakelijk maakt een ander toezichtregime te hanteren dan het toezichtregime dat met alle deelnemende gemeenteraden onderling is afgesproken. Verwerking in Nota Verbonden Partijen: We voegen aan de nota toe dat regionale samenwerking ook vraagt om integrale afstemming aan de voorkant tussen gemeenteraden over impact van een regeling en het daarbij behorende toezichtregime.

We geven daarbij wel aan dat vanuit het perspectief van de lokale autonomie het wel een lokale afweging van de gemeenteraad zelf blijft welk toezichtregime wordt gehanteerd. 5. Uitvoerbaarheid van de afspraken over privaatrechtelijke samenwerkingsverbanden Het is goed dat er in de nieuwe nota voor gekozen is om afspraken ten aanzien van privaatrechtelijke samenwerkingsverbanden op te nemen. Wij vragen ons af of er wel voldoende oog is voor de uitvoerbaarheid van deze nieuwe afspraken. Is het aantal afspraken die nu in de concept Nota zijn opgenomen wel wenselijk als startpunt? Reactie: Met instemming constateren wij met uw raad met ons van mening is dat het goed is om in de nota ook afspraken over privaatrechtelijke partijen verbonden partijen op te nemen. Naar ons oordeel zijn de afspraken uitvoerbaar. Voor bestaande privaatrechtelijke samenwerkingsverbanden stellen we voor om indien nodig een overgangstermijn te hanteren. De lengte van de overgangstermijn vraagt om maatwerk per privaatrechtelijke verbonden partij. Verwerking in Nota Verbonden Partijen: Aan de nota voegen we toe dat voor bestaande privaatrechtelijke samenwerkingsverbanden wordt voorgesteld een overgangstermijn te hanteren. De lengte van de overgangstermijn vraagt om maatwerk per privaatrechtelijke verbonden partij. 6.

de financiële richtlijnen nog eens kritisch Deze (concept) richtlijnen zijn samen met Midden-Brabant voorbereid. We zien echter dat de in Midden-Brabant gehanteerde/voorgestelde richtlijnen wezenlijk afwijken van hetgeen in de concept Nota beschreven is. Met name de mogelijkheden/richtlijnen om een (beperkte) algemene reserve aan te houden verdienen aandacht. Wij stellen voor om voor het bepalen van de hoogte van een (beperkte) algemene reserve door de accountant een advies te laten geven. Reactie: Wij onderschrijven uw zienswijze grotendeels. Het streven is erop gericht dat de financiële spelregels zowel door gemeenten uit Midden- als uit West-Brabant worden onderschreven en toegepast. Wij

sluiten daarbij zo veel als mogelijk aan bij het advies dat hierover door de burgemeesters van Breda en Tilburg in overleg met enkele grote(re) verbonden partijen tot stand is gekomen. Naar ons oordeel vraagt de hoogte van een algemene reserve om maatwerk per verbonden partij. Dit is een samenspel tussen AB en gemeenteraden, rekening houdende met de regionale spelregel. De ontwerpbegroting, die voor zienswijzen aan de gemeenteraden van de deelnemers wordt voorgelegd, geeft inzicht in de hoogte en het verloop van de algemene en bestemmingsreserves alsmede het verwachte rekeningresultaat voor bestemming voor het begrotingsjaar en de drie daaropvolgende jaren. De hoogte van de algemene reserve is afgestemd op het percentage dat door het AB bij voorkeur voor een periode van 4 jaar wordt vastgesteld. We voegen aan de nota toe dat we voor het bepalen van de hoogte van een (beperkte) algemene reserve adviseren daar waar het AB dit nodig acht door de accountant van een verbonden partij een advies te laten geven waarbij we er nog steeds van uitgaan dat de weerstandscapaciteit in belangrijke mate bij de deelnemers wordt aangehouden. Wanneer de gemeenteraad zich niet kan vinden in de hoogte of het (verwachte) verloop van de algemene of een bestemmingsreserve kan de gemeenteraad hierop een zienswijze indienen.

Door de (concept)zienswijze tijdig te delen met de andere deelnemers, wordt bevorderd dat ook andere gemeenteraden uw zienswijze beoordelen en wegen of ze deze kunnen ondersteunen. Over het algemeen zal de algemene reserve worden gevoed vanuit het rekeningresultaat. Een zienswijzenprocedure over de bestemming van het rekeningresultaat kan uitsluitend worden ingesteld wanneer dit expliciet wordt opgenomen in de regeling (art. 10, lid 5 Wgr). Wij stellen echter voor daar terughoudend mee om te gaan nu naar ons oordeel er sprake is van een adequaat instrumentarium in spelregels en zienswijzen op de concept-begroting. Verwerking in de Nota Verbonden Partijen: Wij voegen aan de nota toe dat over een besluit tot instelling of aanpassing van een algemene reserve een zienswijzeprocedure in het kader van de ontwerpbegroting van toepassing is. We voegen daaraan toe dat we voor het bepalen van de hoogte van een (beperkte) algemene reserve adviseren door de accountant van een verbonden partij een advies te laten geven waarbij we er nog steeds van uitgaan dat de weerstandscapaciteit in belangrijke mate bij de deelnemers wordt aangehouden. 7. De samenwerkingen in hoofdstuk 4 zijn geen Verbonden Partijen Wij zijn van mening dat deze samenwerkingen niet thuishoren in de Nota Verbonden Partijen.

Als hieraan behoefte is kan een separate nota opgesteld worden waarbij ingegaan wordt op de taak- en rolverdeling tussen de raad en college voor deze vormen van samenwerking. Reactie: Uw zienswijze is duidelijk. Hoofdstuk 4 betreft inderdaad andere samenwerkingsvormen dan verbonden partijen. Kern van het hoofdstuk vormen de algemene uitgangspunten die óók gelden voor verbonden partijen. Deze uitgangspunten verplaatsen we naar het inleidende hoofdstuk. Hoofdstuk 4 laten we vervallen. Verwerking in de Nota Verbonden Partijen: Hoofdstuk 4 laten we vervallen en de algemene uitgangspunten die óók gelden voor samenwerking bij verbonden partijen verplaatsen we naar de ‘inleiding’.

Geertruidenberg 1. Dat de commissie die wordt ingesteld ten behoeve van de kaderstellende rol ten aanzien van de informele samenwerkingsverbanden en de inhoudelijke bepaling van de raadsbijeenkomsten over de Gemeenschappelijke Regelingen zich ook buigt over de keuze van het mogelijk instellen van de raadsledenadviescommissies ten behoeve van de Gemeenschappelijke Regelingen conform artikel 24a van de Wet Gemeenschappelijke Regelingen. Reactie: Wij lezen dat u behoefte voelt aan een ondersteunende structuur welke afstemming en coördinatie verzorgt waar het gaat over de vraag om al dan niet te komen tot een gemeenschappelijke raadsledenadviescommissie als bedoeld in artikel 24a van de Wet gemeenschappelijke regelingen. Wij zien hierin een rol weggelegd voor de griffierskring (samenwerking van de griffies in WestBrabant). Immers het instellen van en commissie als bedoeld in artikel 24a Wgr is een aangelegenheid van gemeenteraden. Het initiatief komt vanuit de gemeenteraad en wordt vervolgens gedeeld met andere raden. Pas wanneer alle raden gezamenlijk instemmen met instelling van een gemeenschappelijke raadsledenadviescommissie kan tot instelling worden overgegaan. Verwerking in de Nota Verbonden Partijen: Wij nemen het proces en de coördinatiefunctie van de griffierskring in de nota. 2.

Dat niet op voorhand een raadsledenadviescommissie ten behoeve van de Gemeenschappelijke Regeling Regio West-Brabant uitgesloten dient te worden. Reactie: Wij zijn het met u eens dat op voorhand geen gemeenschappelijke regeling uitgesloten kan worden. De gemeenteraden bepalen, binnen het wettelijk kader of en waar een gemeenschappelijke raadsledenadviescommissie wordt ingesteld. Verwerking in de Nota Verbonden Partijen: Dit leidt tot een verduidelijking in de nota van de passage over de raadsleden adviescommissie. 3. Dat voorafgaand aan de besluitvorming in december 2023 over de gewijzigde Gemeenschappelijke Regelingen duidelijkheid dient te ontstaan over die Gemeenschappelijke Regelingen waarvoor een radenledenadviescommissie wordt ingesteld. Reactie: De Nota Verbonden Partijen wordt naar verwachting pas in het eerste kwartaal van 2024 vastgesteld. Wij nemen kennis van bovenstaande zienswijze en constateren dat we daar gelet op het proces geen opvolging aan kunnen geven. Het zijn zoals in artikel 24a van de Wgr de gemeenteraden zelf die een voorstel moeten doen voor het instemmen van een gemeenschappelijke adviescommissie. Verwerking in de Nota Verbonden Partijen: Dit leidt niet tot een aanpassing van de nota. 4.

Dat niet op voorhand het aantal raadsledenbijeenkomsten vastgesteld wordt op drie per jaar, maar dat dit in het op te stellen convenant over vorm en inhoud van de raadsledenbijeenkomsten verder gestalte krijgt. Reactie: Wij onderschrijven deze zienswijze in die zin dat we inderdaad niet het aantal bijeenkomsten hard vast moeten leggen in de nota. Het is belangrijk dat de bijeenkomsten aansluiten bij ontwikkelingen en wensen vanuit de raden enerzijds en anderzijds ook de doelgroep blijven bereiken (niet te veel

belasting). Enige richting is daarom wel wenselijk. We laten als richtinggevend wel het aantal van drie bijeenkomsten staan, maar nemen daarbij op dat jaarlijks, regionaal afspraken worden gemaakt over het aantal bijeenkomsten en de onderwerpen die daarin in ieder geval aan de orde komen. Verwerking in de Nota Verbonden Partijen: In de nota verbonden partijen nemen we op dat jaarlijks het aantal en het onderwerp van de (informele) raadsledenbijeenkomsten wordt vastgelegd via de griffierskring West-Brabant. 5. Dat er in regionaal verband nagedacht wordt over het in dit kader instellen van een regionale griffie en de bekostiging daarvan. Reactie: Wij zien een meerwaarde in een sterke samenwerking tussen de griffies in West-Brabant. De griffierskring kan daarin het voortouw nemen. Om leexibel te blijven en gelijkelijk de kosten te delen stellen wij voor om in dit kader een voorstel vanuit de griffierskring te vragen. Verwerking in de Nota Verbonden Partijen: Dit leidt niet tot een aanpassing in de nota.

Halderberge 1. Scherp de nota aan op basis van het instrumentarium van de Wgr Na de evaluatie van de Nota Verbonden Partijen in 2021 is afgesproken de nota aan te passen na de invoering van de gewijzigde Wet gemeenschappelijke regelingen. Doel van deze wetswijziging is het versterken van de positie van de raden bij besluitvorming door gemeenschappelijke regelingen. Daarnaast beoogt het wet ook de controlerende rol van de gemeenteraad te versterken. In de voorliggende Nota Verbonden Partijen worden de mogelijkheden van de wet benoemd. Er zijn echter geen concrete toepassingen van deze mogelijkheden opgenomen. De gemeenteraad roept de werkgroep daarom op om de Nota Verbonden Partijen aan te scherpen met een wijze waarop het nieuwe instrumentarium dat in de Wgr wordt geboden (in het bijzonder adviesraden) in de praktijk tot meer grip op de verbonden partijen leidt. Zo kan bijvoorbeeld de beschreven indeling in drie risicocategorieën op basis waarop de aandacht voor een verbonden partij wordt bepaald ook als vertrekpunt kunnen dienen voor het instellen van adviesraden. Ook zouden in de Nota afspraken gemaakt kunnen worden over de wijze waarop de deelnemende gemeenten besluiten tot het instellen van een adviesraad. Dit zou bijvoorbeeld kunnen als een (gekwalificeerde) meerderheid van de deelnemende gemeenten hiertoe de wens uitspreekt.

Reactie: Het instellen van een gemeenschappelijke radenadviescommissie op basis van artikel 24a Wgr vereist unanimiteit van de deelnemende raden. Wij passen de nota op dit punt enigszins aan. Wij zullen daarin opnemen dat op grond van artikel 24 uit de Wet gemeenschappelijke regelingen elke regeling adviescommissies kan instellen waarin (ook) raadsleden zitting kunnen nemen. Deze adviescommissies zijn eenvoudig in te stellen ook als niet alle raden hier achter staan, maar een meerderheid van raden van deelnemers of het AB van de regeling zelf wel de behoefte aan een dergelijke commissie heeft. De (nieuwe) gemeenschappelijke adviescommissie uit artikel 24a Wgr komt dan alleen in beeld wanneer andere (meer laagdrempelige) opties niet werken en alle raden toch de behoefte hebben aan een gezamenlijke adviescommissie. Want de gemeenschappelijke raadsledenadviescommissie kan volgens de Wgr uitsluitend worden ingesteld wanneer alle gemeenteraden daar gezamenlijk een voorstel voor indienen. Bij instelling wordt besloten over de op te dragen taken en de vergoeding. Wij zijn er geen voorstander van om in de nota de concrete toepassingen van de nieuwe instrumenten op te nemen. De concrete toepassing van de nieuwe instrumenten dient namelijk een plaats te krijgen in de aanpassing van de verschillende gemeenschappelijke regelingen.

Verwerking in de Nota Verbonden Partijen: In de nota voegen we aan de passage over de drie risicocategorieën een passage toe dat de drie risicocategorieën voor de gemeenteraden als vertrekpunt kunnen dienen voor het instellen van een gemeenschappelijke adviescommissie. Ook benoemen we expliciet in de nota de doelen van de wijziging van de Wgr zijnde het versterken van de positie van de gemeenteraden in gemeenschappelijke regelingen (in het bijzonder adviesraden), het bieden van aanvullend controle instrumentarium aan de raad en het verbeteren van de positie van gemeenteraden in de besluitvorming van gemeenschappelijke regelingen. In de nota nemen we ook op dat op grond van artikel 24 uit de Wet gemeenschappelijke regelingen elke regeling adviescommissies kan instellen waarin (ook) raadsleden zitting kunnen nemen. Deze adviescommissies zijn eenvoudig in te stellen ook als niet alle raden hier achter staan, maar een meerderheid van raden van deelnemers of het AB van de regeling zelf wel de behoefte aan een dergelijke commissie heeft. De (nieuwe) gemeenschappelijke adviescommissie uit artikel 24a Wgr komt dan alleen in beeld wanneer andere (meer laagdrempelige) opties niet werken en alle raden toch de behoefte hebben aan een gezamenlijke adviescommissie. Want de gemeenschappelijke

raadsledenadviescommissie kan volgens de Wgr uitsluitend worden ingesteld wanneer alle gemeenteraden daar gezamenlijk een voorstel voor indienen. Bij instelling wordt besloten over de op te dragen taken en de vergoeding. 2. Zie de nota niet als een eindproduct maar een startpunt voor verdere optimalisering De opbouw van de nota verdient nog veel aandacht. Diverse onderdelen kunnen beknopter en helderder worden weergegeven. Geef duidelijk aan wat een afspraak is, wat een toelichting daarop is en wat de lokale invulling van het instrumentarium. Deze verdeling komt nu nog onvoldoende naar voren. Daardoor is het niet altijd duidelijk wat precies moet worden nageleefd en gecontroleerd door gemeenten en verbonden partijen wanneer gemeenteraden de nota hebben vastgesteld. Dit geldt met name voor de risicobepaling van de verbonden partijen (categorieën), het instellen van adviesraden en regionale bijeenkomsten van de raden. Het niet altijd duidelijke onderscheid tussen een toelichtende tekst, concrete afspraken en wat zich leent voor een mogelijke lokale invulling, is een gemis. Er wordt gerealiseerd dat het geheel omwerken van de Nota Verbonden Partijen naar een meer handzame versie tijd kost. Dit wordt niet op korte termijn verwacht, maar leidt dit binnen de looptijd van de herijkte nota wel tot een tussentijdse aanpassing. Reactie: Dank voor de suggestie.

We hebben de nota herzien en deze zo compact mogelijk gemaakt. We nemen de spelregels op in de koppen van alinea’s en paragrafen voor een betere herkenbaarheid en vindbaarheid en deze komen terug in een infographic waarin de afspraken helder worden weergegeven. De gemeenteraad kan deze infographic vaststellen. Verwerking in de Nota Verbonden Partijen: We nemen de spelregels op in koppen van alinea’s en paragrafen en verwijzen naar de op te stellen infographic. Verder geven we in de nota de afspraken in een kleur weer zodat deze snel gevonden en gelezen kunnen worden. Ook de toelichting en de (mogelijke lokale invulling geven we in kleur (uiteraard een andere kleur dan de afspraken) weer. 3. De schaal van gemeenschappelijke regeling is leidend voor schaal raadsbijeenkomsten In de conceptnota wordt aangegeven dat ten aanzien van de raadsbijeenkomsten wordt afgestemd op welke schaal deze bijeenkomsten gehouden worden. Het uitgangspunt is dat we hierin de schaal van de gemeenschappelijke regeling volgen ten aanzien van de schaal waarop de afstemming plaatsvindt. Het is vervolgens een praktische uitwerking hoe dit wordt georganiseerd. Reactie: Wij onderschrijven uw zienswijze grotendeels. De schaal van de radenavonden wordt bij voorkeur afgestemd op de te behandelen onderwerpen en de betrokken verbonden partijen.

Verwerking in de Nota Verbonden Partijen: We verduidelijken de passage over de schaal waarop de radenavonden worden georganiseerd. 4. Borg de integrale afstemming ten aanzien van bepalen maatschappelijke en financiële impact. Het uitgangspunt, zoals onder afspraak 2.1. benoemd, wordt onderschreven dat hoe meer impact een regeling heeft, hoe zwaarder het te hanteren toezichtregime is. Dat betekent dat in die situaties ook meer informatievoorziening is gewenst. In de conceptnota is aangegeven dat dit maatwerk per gemeente en per verbonden partij is. Dit onderdeel vraagt nog een verduidelijking: hoe brengen we de individuele keuzes van

gemeenten hierin samen tot een integraal beeld? Of heeft het niet juist de voorkeur dit integraal aan de voorzijde al af te stemmen? Kortom, wij missen in het concept de borging van de integrale afstemming. Reactie: Wij onderschrijven uw standpunt deels. Met u zijn we van mening dat het wenselijk is dat elke gemeente eenzelfde toezichtregime voor een verbonden partij hanteert. Er kan echter vanwege een specifieke situatie die slechts bij één of bij enkele deelnemende gemeenten speelt, die het voor die gemeente(n) noodzakelijk maakt een ander toezichtregime te hanteren dan het toezichtregime dat met alle deelnemende gemeenteraden onderling is afgesproken. Verwerking in Nota Verbonden Partijen: We voegen aan de nota toe dat regionale samenwerking ook vraagt om integrale afstemming aan de voorkant tussen gemeenteraden over impact van een regeling en het daarbij behorende toezichtregime. We geven daarbij wel aan dat vanuit het perspectief van de lokale autonomie het wel een lokale afweging van de gemeenteraad zelf blijft welk toezichtregime wordt gehanteerd. 5. Zorg over de uitvoerbaarheid van alle afspraken Het is goed dat er in de nieuwe nota voor wordt gekozen om afspraken ten aanzien van privaatrechtelijke samenwerkingsverbanden op te nemen. Voor veel gemeenten is dat op dit moment nog niet vanzelfsprekend en zijn organisaties daarmee nauwelijks bekend.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://raad.gemeente-steenbergen.nl/api/v1/meetings/1699/documents/19615