CConstaterende datSteenbergen
Koppel je AI →
Document · PDF

Jaarstukken 2020 gemeente Steenbergen 2116712.pdf

Besluitvormende Vergadering 24 juni 2021, gemeente SteenbergenBij agendapunt: 07.: Jaarstukken 2020.25.097 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

Absoluut verzuim

Het aantal leerplichtigen dat niet staat ingeschreven op een school, per 1.000 leerlingen.

Relatief verzuim

Het aantal leerplichtigen dat wel staat ingeschreven op een school, maar ongeoorloofd afwezig is, per 1.000 leerlingen.

Voortijdige schoolverlaters totaal (VO + MBO) %

Het percentage van het totaal aantal leerlingen (12 - 23 jaar) dat voortijdig, dat wil zeggen zonder startkwalificatie, het onderwijs verlaat.

% achterstandsleerlingen

Het percentage leerlingen (4-12 jaar) in het primair onderwijs dat kans heeft op een leerachterstand.

Jongeren met jeugdhulp

Het percentage jongeren tot 18 jaar met jeugdhulp ten opzicht van alle jongeren tot 18 jaar.

Jongeren met jeugdbescherming

Het percentage jongeren tot 18 jaar met een jeugdbeschermingsmaatregel ten opzichte van alle jongeren tot 18 jaar.

Jongeren met jeugdreclassering

Het percentage jongeren (12-22 jaar) met een jeugdreclasseringsmaatregel ten opzichte van alle jongeren (12-22 jaar).

Wmo-cliënten met een maatwerkarrangement

Een maatwerkarrangement is een vorm van specialistische ondersteuning binnen het kader van de Wmo. Voor de Wmo gegevens geldt dat het referentiegemiddelde gebaseerd is op 180 deelnemende gemeenten.

Functiemenging

De functiemengingsindex (FMI) weerspiegelt de verhouding tussen banen en woningen, en varieert tussen 0 (alleen wonen) en 100 (alleen werken). Bij een waarde van 50 zijn er evenveel woningen als banen.

Bruto gemeentelijk product (verwacht/gemeten)

Bruto gemeentelijk product (BGP) is het product van de toegevoegde waarde per baan en het aantal banen in een gemeente. De verhoudingswaarde tussen verwacht BGP en gemeten BGP geeft aan of er boven verwachting (<100) of beneden verwachting (>100) wordt geproduceerd.

74

Programmaverantwoording

Indicator

Beschrijving

Vestigingen

Het aantal vestigingen van bedrijven, per 1.000 inwoners in de leeftijd van 15-64 jaar.

Banen

Het aantal banen, per 1.000 inwoners in de leeftijd van 15-64 jaar.

% werkloze jongeren

Het percentage werkeloze jongeren (16-22 jaar).

Netto arbeidsparticipatie

Het percentage van de werkzame beroepsbevolking ten opzichte van de beroepsbevolking.

Bijstandsuitkeringen

Het aantal personen met een bijstandsuitkering, per 1.000 inwoners.

Lopende re-integratievoorzieningen

Het aantal reintegratievoorzieningen, per 1.000 inwoners in de leeftijd van 15-64 jaar

Kinderen in armoede

Het percentage kinderen tot 18 jaar dat in een gezin leeft dat van een bijstandsuitkering moet rondkomen.

Fijn huishoudelijk restafval

De hoeveelheid restafval per bewoner per jaar (kg)

Hernieuwbare elektriciteit

Hernieuwbare elektriciteit is elektriciteit die is opgewekt uit wind, waterkracht, zon of biomassa.

Nieuwbouw woningen

Het aantal nieuwbouwwoningen, per 1.000 woningen.

Demografische druk

De som van het aantal personen van 0 tot 15 jaar en 65 jaar of ouder in verhouding tot de personen van 15 tot 65 jaar.

Ziekenhuisopname nav verkeersongeval met een motorvoertuig

als aandeel van het totaal aantal ongevallen die leiden tot ziekenhuisopnamen.

Ziekenhuisopname nav vervoersongeval met een fietser

als aandeel van het totaal aantal ongevallen die leiden tot ziekenhuisopnamen.

WOZ-waarde woningen

De gemiddelde WOZ waarde van woningen.

Woonlasten éénpersoonshuishouden

Het gemiddelde totaalbedrag in euro's per jaar dat een éénpersoonshuisouden betaalt aan woonlasten.

Woonlasten meerpersoonshuishouden

Het gemiddelde totaalbedrag in euro's per jaar dat een meerpersoonshuisouden betaalt aan woonlasten.

Programmaverantwoording

75

76

Paragrafen

Paragrafen

77

78

Paragrafen

Paragraaf Lokale heffingen

Paragrafen

79

Overzicht lokale heffingen Onderstaande tabel geeft de opbrengsten 2020 uit de lokale heffingen weer: Jaarrekening Omschrijving

2019

Begroting 2020

Jaarrekening 2020

Onroerende zaakbelasting: - eigenaren

3.923.400

4.062.005

4.074.073

- gebruikers

679.700

765.942

726.568

Afvalstoffenheffing

3.329.700

3.711.336

3.698.739

Rioolheffing

1.646.000

1.694.940

1.717.421

Hondenbelasting

99.700

103.287

98.476

Toeristenbelasting

74.600

79.200

79.215

Forensenbelasting

7.200

7.084

6.776

Reclamebelasting

71.500

83.150

68.524

Leges bouwvergunningen c.a.

565.100

760.135

762.632

Leges burgerzaken

293.800

440.743

215.493

Leges openbare orde

19.900

13.000

8.259

Marktgelden

2.800

3.100

1.840

Begraafrechten

53.900

71.682

21.456

10.767.300

11.795.604

11.479.471

Totaal

Op 28 februari 2020 zijn de, gecombineerde, aanslagen gemeentelijke belastingen 2020 opgelegd. De gecombineerde aanslag betreft de onroerende zaakbelastingen, afvalstoffenheffing, rioolrecht en voor zover van toepassing hondenbelasting en woonforensenbelasting. Van de mogelijkheid om de aanslagen d.m.v. automatische incasso in 10 termijnen te voldoen wordt door 68% van de belastingplichtigen gebruik gemaakt. Lokale lasten 2020 eenpersoons-

meerpersoons-

huishoudens

huishoudens

OZB

262

262

Afvalstoffenheffing

293

389

Rioolheffing

159

159

Totaal

714

810

Landelijk gem.

648

720

In de bovenstaande tabel is bij de berekening van de woonlasten uitgegaan van een woning met een gemiddelde WOZ-waarde van € 216.000,-. De tariefstelling voor de afvalstoffenheffing is met ingang van 2020 gebaseerd op één- of meerpersoonshuishouden. Het bedrag dat is opgenomen als landelijk gemiddelde woonlast voor 2020 is ontleend aan de Atlas van de lokale belastingen 2020. Hieronder een grafiek met de ontwikkeling van de lokale lastendruk in de periode 2013 - 2020.

80

Paragrafen

Vervolgonderzoek lokale heffingen In 2020 is - in samenspraak met de raad - invulling gegeven aan de motie "vervolgonderzoek lokale heffingen". Dit onderzoek heeft zich gericht op twee belangrijke heffingen, te weten de afvalstoffenheffing en het rioolrecht. De resultaten van het onderzoek zijn verankerd in de belastingverordeningen voor 2021. Op 17 december 2020 heeft de raad deze verordeningen vastgesteld. De doelstelling van het onderzoek, gericht op het beheersbaar houden van de lasten voor onze inwoners, is daarmee behaald. Voor een groot deel van de inwoners valt de aanslag voor 2021 lager uit dan het jaar daarvoor. Het college is voornemens aan dit onderzoek in 2021 een vervolg te geven. Dit onderzoek zal zich richten op de volgende onderwerpen: • Mogelijkheden om (verdere) stappen te zetten in de rioolheffing, afvalstoffenheffing en OZB. • Het optimaliseren van de bestanden (met name van belang voor de OZB niet woningen). • De effecten van de fluctuaties van inwoneraantallen, veroorzaakt door de demografische ontwikkelingen en arbeidsmigratie op de belastingen, in het bijzonder de toeristen- en forensenbelasting. • Optimaliseren kostendekking leges burgerzakenproducten. Uit de analyse van de jaarrekening 2019 en 2020 is gebleken dat er geen sprake is van een volledige kostendekking, terwijl dit wel uitgangspunt is. Het onderzoek is in mei 2021 opgestart.

Ook in dit traject zal in samenspraak met de raad worden opgepakt. De toezegging van 2 december 2021 om hierbij gebruik te maken van de applicatie lokalelastenmeter.nl wordt opgepakt. Kwijtschelding van belastingen De gemeente Steenbergen kent een kwijtscheldingsnorm van 100%. Dat wil zeggen dat men in aanmerking komt voor kwijtschelding als het inkomen op bijstandsniveau ligt. Al vanaf 2009 werken wij met geautomatiseerde kwijtschelding. Dit houdt in dat een belastingplichtige, die voor de automatische kwijtschelding in aanmerking komt, geen formulier hoeft in te vullen om in aanmerking te komen voor kwijtschelding, maar dat de gemeente direct bij het opleggen van de belastingaanslag vermeldt, dat er kwijtschelding is verleend. Eind 2020 hebben we alle personen die voor de belastingaanslag 2020 volledige kwijtschelding hebben gehad aan het Inlichtingenbureau voorgelegd. Het Inlichtingenbureau toetst het inkomen, vermogen en zo ook of ze in het bezit zijn van een auto en geeft aan of ze voor volledige automatische kwijtschelding in aanmerking komen.

Paragrafen

81

Belastingplichtigen waarvan het Inlichtingenbureau aangeeft niet voor automatische kwijtschelding in aanmerking te komen, hebben we een formulier toegestuurd om eventueel zelf een verzoek om kwijtschelding aan te vragen. 2018

Kwijtscheldingsverzoeken

2019

2020

Volledig

381

383

389

Gedeeltelijk

18

14

14

Afgewezen

194

117

110 10

In behandeling Totaal

593

514

523

Bedrag

€ 176.151

€ 179.742

€ 199.836

Onroerende-zaakbelastingen / Waardering Onroerende Zaken (WOZ) De OZB voor 2020 is gebaseerd op de WOZ-beschikkingen die in 2020 zijn vastgesteld naar waardepeildatum 1-1-2019. Het tarief voor de OZB is een percentage van de WOZ-waarde. Hierna een tabel met de tarieven 2019 en 2020 met de gerealiseerde opbrengst: 2019

2020 Opbrengst/

tarief

Opgelegd

Opbrengst/ tarief

Opgelegd

woningen 0,1266%

2.805.860

0,1211%

2.897.638

eigenaren

0,1963%

1.117.564

0,2020%

1.176.435

gebruikers

0,1585%

679.688

0,1631%

726.568

eigenaren niet-woningen

Afvalstoffenheffing De gemeente Steenbergen heeft als beleidsuitgangspunt kostendekkende tarieven voor de afvalstoffenheffing. De tarieven afvalstoffenheffing zijn gebaseerd op de samenstelling van een huishouden; eenpersoons- of meerpersoonshuishouden. In 2018 is gestart met Omgekeerd Inzamelen zonder tarief op restafval. Men betaalt dus niet per keer dat men het restafval naar de container brengt. Door de grondstoffen zoveel mogelijk aan huis in te zamelen komen we steeds dichter bij de door de raad vastgestelde VANG doelstelling (Van Afval Naar Grondstof) van 100 kg restafval per inwoner en 75% afval voor hergebruik. Dit is tevens de doelstelling van de Rijksoverheid. Dat Omgekeerd Inzamelen werkt is inmiddels bewezen. In het beleidsplan VANG zijn meerdere projecten opgenomen die kunnen leiden tot verlaging van de hoeveelheid restafval en toename van de hoeveelheid grondstoffen. Eind 2020 is op de milieustraat een nieuw toegangscontrolesysteem (middels de afvalpas) geïmplementeerd. Helaas zijn in 2020 ook bepaalde activiteiten en projecten uitgesteld vanwege het coronavirus, omdat er een participatietraject aan gekoppeld is. Enkele voorbeelden; het onderzoek inzameling GFT-E bij hoogbouw, milieuparkje Noorddonk en het afvaleducatieprogramma en afval scheiden op scholen. In 2021 wordt het beleidsplan VANG 2016-2020 geëvalueerd en waar nodig geoptimaliseerd.

Maatregelen vanuit de rijksoverheid, zoals stijging van de afvalstoffenbelasting, maakt dat de verwerkingskosten voor het restafval steeds hoger wordt. Een reden te meer om, naast de milieudoelstelling, extra in te blijven zetten op het verminderen van de hoeveelheid (grof en fijn) restafval. Er is sprake van hogere inzamelkosten, prijsverhogingen door factoren als brandstof, cao, prijsinflatie waardoor de afvalinzameling meer kost. Daarbij dalen de opbrengsten van bepaalde grondstofstromen. Mede door deze factoren zijn wij, zoals ook veel andere gemeenten, genoodzaakt om de afvalstoffenheffing te verhogen.

82

Paragrafen

De opbrengst afvalstoffenheffing bedroeg € 3.698.739,- (raming € 3.672.769,-). Kostendekkendheid afvalstoffenheffing 2020

3.057.261

7.3 Afval 0.8 Overige baten en lasten:

-

0.10 Mutaties reserves

129.407

6.3 Inkomensregelingen (kwijtschelding) 0.8 Overige baten en lasten: Inkomsten 7.3 Afval, excl. Heffingen

-144.159

Netto kosten 7.3 Afval

3.042.510

Toe te rekenen kosten: Overhead

169.353

BTW

499.601

Totale kosten

3.711.463

Opbrengst heffingen

3.698.739 100%

Dekking

Rioolrecht Het Verbrede Gemeentelijke Rioleringsplan 2020 – 2023 is in september 2020 vastgesteld. Hierin is geregeld hoe de gemeente de zorgplichten voor afvalwater, hemelwater en grondwater gaat vervullen. Tevens is hierin verankerd de wijze waarop dit bekostigd gaat worden. Om niet al te grote schommelingen in de tariefstelling te krijgen is een voorziening gevormd. De maatstaf van heffing is een vast bedrag per aansluiting en de opbrengst rioolheffing bedroeg € 1.717.421,- (raming € 1.694.940,-). Tabel rioolheffing Steenbergen

Landelijk

159

tarief (vast bedrag)

199

1.717.421

Opbrengst Kwijtschelding mogelijk

ja

Kostendekkendheid rioolheffing 2020

2.1 Verkeer en vervoer 7.2 Riolering

148.279 1.190.986

0.10 Mutaties reserves

21.219

6.3 Inkomensregelingen (kwijtschelding)

60.486

0.8 Overige baten en lasten: Inkomsten 7.2 Riolering, excl. Heffingen Netto kosten 7.2 Riolering

-7.133 1.413.837

Toe te rekenen kosten:

Paragrafen

83

Kostendekkendheid rioolheffing 2020 Overhead

178.737

BTW

124.847

Totale kosten

1.717.421

Opbrengst heffingen

1.717.421 100%

Dekking

Hondenbelasting De tarieven voor de hondenbelasting zijn in 2018 naar beneden aangepast tot het niveau van de kosten van het hondenbeleid. Hierdoor is het tarief gehalveerd. Het tarief voor de eerste hond is verlaagd van € 74,- naar € 37,-. Voor 2020 is een inflatiecorrectie van 2,6% toegepast. waardoor het tarief voor de eerste hond € 39,- bedraagt. Voor elke volgende hond wordt het tarief met € 2,50 verhoogd. Tabel hondenbelasting Steenbergen tarief (eerste hond) Opbrengst Kwijtschelding mogelijk

Landelijk 39

44

98.476 ja

Forensenbelasting Forensenbelasting kan worden geheven van natuurlijke personen die voor meer dan 90 dagen een woning in de gemeente Steenbergen ter beschikking hebben en hier niet staan ingeschreven. We hebben voor 2020 22 aanslagen opgelegd. Tabel forensenbelasting Steenbergen tarief Opbrengst Kwijtschelding mogelijk

84

Paragrafen

308 6.776 ja

Paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheer

Paragrafen

85

Risicoinventarisatie en weerstandsvermogen Inleiding Het beleid voor het risicomanagement is vastgesteld op 9 november 2017. In dit beleidskader zijn de volgende doelen opgenomen: • Meer informatie verstrekken in de paragrafen bij begroting en jaarstukken, vooral aard en omvang van de risico’s en de beheersmaatregelen. • De raad actiever betrekken bij de risicobeheersing door jaarlijks het onderwerp te agenderen in het auditcommittee. • Risico’s meer inzetten als tool voor het management. • Meer terugkijken en leren van het effect van de beheersmaatregelen. Risicomanagement is het samenspel van activiteiten om de nadelige gevolgen van risico’s zoveel mogelijk binnen de grenzen te houden. De raad bepaalt daarbij de grenzen en de spelregels. Deze liggen vast in het beleidskader. Bij de begroting en de jaarstukken worden de risico’s opnieuw bekeken en waar nodig worden aanpassingen gedaan. In het proces van risicobeheersing worden steeds de volgende stappen doorlopen: identificeren, analyseren, beoordelen, maatregelen ontwerpen en implementeren en als laatste evalueren en rapporteren. Er wordt inmiddels vanaf 2018 gewerkt met een nieuwe opzet van deze paragraaf. Uitgangspunt is daarbij dat de belangrijkste risico's ongeveer 2/3e deel van de totale omvang vertegenwoordigen. De risico's en beheersmaatregelen worden daarbij kort beschreven.

Wat waren de belangrijkste ontwikkelingen in 2020? • Het jaar 2020 heeft wereldwijd in het teken gestaan van de corona pandemie. In deze jaarrekening is een afzonderlijke paragraaf opgenomen die ingaat op de effecten en risico’s van deze pandemie op de financiële positie van de gemeente Steenbergen. De gemeente Steenbergen heeft, vrijwel direct na de start van de pandemie, maatregelen getroffen. Met het vormen van een vangnet van € 1 miljoen is een belangrijke beheersmaatregel getroffen om negatieve effecten op diverse terreinen te kunnen opvangen. Uit deze paragraaf valt af te leiden dat de resterende middelen in dit vangnet, aangevuld met de financiële steun die gemeenten hebben ontvangen van het Rijk, vooralsnog voldoende zijn om de risico’s voor de korte termijn (ongeveer 1 jaar) te kunnen dekken. De gevolgen op lange termijn, bijvoorbeeld voor de algemene uitkering, bijstandslasten, belastingopbrengsten, subsidies en dergelijke zijn op dit moment niet in te schatten. Wij volgen de ontwikkelingen op de voet maar zien vooralsnog geen aanleiding om de weerstandscapaciteit hierop aan te passen. • In 2020 is de inzet om de bedrijfsvoering in het sociaal domein naar een hoger niveau te tillen, onverminderd voortgezet. Dat heeft resultaat gehad. In deze jaarrekening zijn de afwijkingen ten opzichte van de begroting zowel voor Jeugd als Wmo minimaal.

Gedurende 2020 is er continu vinger aan de pols gehouden en is het moment van de Tussenrapportage aangegrepen om bijstellingen te doen in het budget. De kwaliteit van de prognoses die bij opstellen van de Tussenrapportage zijn gedaan, is daarmee toegenomen. Ten aanzien van de bijstandsuitkeringen is in 2020 sprake geweest van een overschrijding van ongeveer 5% bij de uitkeringen. In de komende jaren is rekening gehouden met een stijging van het aantal uitkeringen als gevolg van de coronacrisis. Wij gaan er vooralsnog van uit dat het Rijk hiervoor compensatie biedt. • Bij de laatste actualisatie van de algemene uitkering (paragraaf Weerstandsvermogen en Risicobeheersing begroting 2021) zijn twee majeure risico’s gesignaleerd, te weten de herverdeling van het gemeentefonds en de ontwikkeling van onze inwoneraantallen. Deze worden hieronder toegelicht, met inachtneming van de meest recente ontwikkelingen. • De landelijke voorstellen voor de herverdeling van het gemeentefonds hebben, in tegenstelling tot eerdere informatie, niet geleid tot een grote korting voor de gemeente Steenbergen. Aanvankelijk was er sprake van een maximaal risico van € 2,5 miljoen voor onze gemeente vanaf 2022. Het voorstel wat er nu ligt pakt een stuk gunstiger uit. Plussen en minnen heffen elkaar voor het grootste deel op. Het voorstel is begin februari 2021 voorgelegd

86

Paragrafen

in verschillende gremia (waaronder de VNG). Het nieuwe kabinet neemt een besluit. De ingangsdatum is naar achteren geschoven (1-1-2023). • De inwoneraantallen van de gemeente Steenbergen vertonen de laatste jaren flinke fluctuaties, vooral veroorzaakt door de arbeidsmigratie. Dat maakt het maken van een goede raming lastig. De raming van het aantal inwoners heeft effect op zowel de algemene uitkering als de BUIG middelen die we van het Rijk ontvangen. Worden de inwoneraantallen te hoog ingeschat, dan zijn ook de inkomsten te hoog geraamd. Dat brengt financieel risico met zich mee. In oktober 2020 is door een extern bureau onderzoek gedaan naar de mogelijkheden voor extra inschrijvingen van arbeidsmigranten in de basisregistratie personen (BRP). In 2021 zal hieraan een vervolg worden gegeven. Daarbij worden ook de effecten op de toeristen- en forensenbelasting in beeld gebracht. Wat zijn op dit moment de belangrijkste risico’s ? Vanuit het risicomanagement systeem zijn alle risico’s geactualiseerd. Voor de effecten van de coronacrisis wordt verwezen naar de afzonderlijke paragraaf die in deze jaarstukken is opgenomen. Met het uitgangspunt dat de beschikbare coronamiddelen voor nu voldoende zijn om de financiële risico’s af te kunnen dekken, zijn deze specifieke risico’s niet opgenomen in het in het risicomanagement systeem.

Conform de afspraken met de raad wordt elke 2 maanden gerapporteerd aan de raad over de uitgaven en inkomsten rondom het steunpakket. De berekeningswijze is conform de spelregels in het beleidskader. Hieruit komt de volgende top naar voren. Achter het risico wordt aangegeven voor welk percentage deze meewegen in het totale van alle risico’s opgesteld (het risicoprofiel). In de kolom beheersmaatregelen is opgenomen welke maatregelen worden getroffen om het risico te beperken. Aandeel Omschrijving risico Sociaal domein

in %

Beheersmaatregelen

27,10% In 2020 is het monitoren van de budgetten is geïntensiveerd.

- Open eindregelingen

Budgetbewaking niet alleen een actie vanuit team financiën, er wordt

- Wijzigingen in wet- en regelgeving, met

verbinding gelegd tussen het beleid, de uitvoering en financiën. Ook de

name het effect van invoering van het

prognoses zijn in kwaliteit verbeterd. Zoals eerder aangegeven werpt dit

abonnementstarief

zijn vruchten af.

- Problematiek bij zorgaanbieders

De volgende stap is om meer aan de voorkant te komen en het

- Toenemende vergrijzing

voorspellend vermogen te verbeteren. Hierbij zal meer en meer gebruik

- Dure maatwerkvoorziening Jeugd

worden gemaakt van informatietechnologie. De eerste stappen zijn

- Lagere eigen bijdragen

hiervoor gezet met het starten van een organisatiebreed project

- Toenemend beroep op voorzieningen onder

Informatiemanagement. Dit zal bijdragen aan het optimaliseren van de

andere door veranderde wet- en regelgeving.

beleidscyclus.

- Effecten stijging werkloosheid op de bijstandsuitkeringen Algemene uitkering

15,59% Er is standaard gebruik gemaakt van Pauw (experts op het gebied van

- Onjuiste parameters

de algemene uitkering) om de juiste uitkering van het Rijk te berekenen.

- Wijzigingen in de verdeelsystematiek

Er worden extra modules ingezet om de ontwikkelingen in algemene

- Lager aantal inwoners en woningen

uitkering beter te monitoren, zoals de module voor de uitkering BUIG. Zoals aangegeven bij de ontwikkelingen is het risico van herverdeeleffecten naar beneden bijgesteld. De herverdeeleffecten voor Steenbergen zijn daarmee grotendeels gereduceerd. Wat betreft de inwoneraantallen heeft een vervolgonderzoek plaatsgevonden om beter inzicht te krijgen in de verblijfpplaats van de arbeidsmigranten.

Aansprakelijkheid voor door gemeente gegarandeerde geldleningen

13,20% De beheersmaatregelen zijn gericht op beoordeling van de financiële documenten van de instellingen.

Door financiële problemen bij instellingen is het risico aanwezig dat de gemeente wordt aangesproken op de garantstelling

Paragrafen

87

Aandeel Omschrijving risico Doordecentralisatie Onderwijshuisvesting

in %

Beheersmaatregelen

6,62% De gemeente Steenbergen ontvangt jaarlijks een bedrag in de algemene uitkering voor onderwijshuisvesting. Samen met de Brabantse Wal gemeenten is de afgelopen vier jaar gekeken in hoeverre deze middelen verder kunnen worden gedecentraliseerd naar de onderwijsinstellingen. De ontwikkelingen in de regio liepen echter zo ver uit elkaar, dat er inmiddels voor gekozen is om in iedere gemeente een lokaal pad te lopen. Om de financiële consequenties te kunnen bepalen is een integraal huisvestingsplan (IHP) nodig. In Steenbergen wordt dit plan opgesteld aan de hand van de visie op maatschappelijk vastgoed, en de streefbeelden en masterplannen van de verschillende kernen. Op deze manier sluit een IHP aan bij onze eigen beleidskeuzes en begrotingsruimte. We monitoren regelgeving en ontwikkelingen op gebied van inhoud en financiën, in samenspraak met concerncontrol. De omvang van het risico is nagenoeg gelijk gebleven.

Mogelijke tekorten bij verbonden partijen

5,65% De beheersmaatregelen richten zich op de beoordeling van de financiële documenten van de gemeenschappelijk regelingen.

Totaal

68,16%

Overige risico’s De tabel hierboven biedt – in lijn met het vastgestelde beleidskader rondom risicomanagement, e inzicht in de top 5 risico’s, die tezamen ongeveer 2/3 deel van het totale risicoprofiel vertegenwoordigen. Dit neemt niet weg dat er geen aandacht is voor de overige risico’s. Zoals aangegeven in de paragraaf Weerstandsvermogen en Risicobeheersing in de begroting 2021 zien we een aantal nieuwe risico’s, waaronder de invoering van de Omgevingswet, het stuwmeer van opgebouwd verlof door medewerkers en niet actuele beheerplannen voor zowel de openbare ruimte als het maatschappelijk vastgoed. Beschikbare weerstandscapaciteit De weerstandscapaciteit geeft aan of de gemeente Steenbergen voldoende financiële buffers heeft om financiële tegenvallers op te kunnen vangen. In het nieuwe beleidskader is besloten uitsluitend de Algemene Reserve in te zetten voor deze weerstandscapaciteit. De Algemene Reserve (exclusief de coronareserve van €0,7 miljoen) bedraagt op 31-12-2020 € 8.050.000,-. Hierbij is rekening gehouden met alle lopende verplichtingen / claims die gelegd zijn op deze reserve. Er is bij dit saldo nog geen rekening gehouden met een eventuele resultaatbestemming over 2020. Reserve Decentralisatie Sociaal Domein De investeringen in de bedrijfsvoering van het sociaal domein hebben geleid tot meer stabiliteit in de uitgaven.

Dat brengt de vraag met zich mee of de Reserve Decentralisatie Sociaal Domein, in het leven geroepen als afzonderlijke buffer om incidentele pieken in de uitgaven op te kunnen vangen, nog wel noodzakelijk is. De reserve is ingesteld bij de vaststelling van de begroting 2019 met als doel het financieel risico van extreem hoge maatwerkvoorzieningen te kunnen dempen. De reserve wordt gevoed vanuit de positieve rekeningresultaten. In 2019 is hier nog gebruik van gemaakt voor € 135.000,-. In 2020 niet. Het saldo van de reserve bedraagt per einde 2020 € 303.000,-. De vraag over het nut en de noodzaak van de reserve wordt meegenomen bij de actualisatie van de nota reserves en voorzieningen (Q4-2021). Benodigde weerstandscapaciteit Op basis van de meest recente inventarisatie hebben we € 2.390.000,- nodig aan weerstandscapaciteit. Hierbij is een zekerheidspercentage gehanteerd van 90%. Als we dit bedrag opzij zetten als buffer dan kunnen we met 90% zekerheid stellen dat dit bedrag voldoende is.

88

Paragrafen

Weerstandsratio De weerstandsratio wordt berekend door de beschikbare weerstandscapaciteit te delen door de benodigde weerstandscapaciteit. De ratio komt, uitgaande van de onderstaande tabel uit het vastgestelde beleidskader uit op € 8.050.000 / € 2.390.000 = 3,36%. Dat komt overeen met de norm UITSTEKEND (A). Waarderingscijfer

Ratio weerstandsvermogen

Betekenis

A

Hoger dan 2,0

Uitstekend

B

Tussen 1,4 en 2,0

Ruim voldoende

C

Tussen 1,0 en 1,4

Voldoende

D

Tussen 0,8 en 1,0

Matig

E

Tussen 0,6 en 0,8

Onvoldoende

F

Lager dan 0,6

Ruim onvoldoende

Paragrafen

89

Financiële kengetallen Netto schuldquote De netto schuld weerspiegelt het niveau van de schuldenlast van de gemeente ten opzichte van de eigen middelen. De netto schuldquote geeft een indicatie van de druk van de rentelasten en de aflossingen op de exploitatie. De negatieve netto schuldquote hier geeft aan dat de gemeente geen schuld heeft. x € 1.000 Omschrijving

Rekening 2019 Begroting 2020 Rekening 2020

A

Vaste schulden (cf.art. 46 BBV)

B

Netto vlottende schuld (cf.art. 48 BBV)

5.519

2.048

8.772

C

Overlopende passiva (cf.art. 49 BBV)

3.135

-

2.961

D

Financiële vaste activa (cf.art. 36 lid d, e en f)

2.998

2.653

3.351

E

Uitzettingen < 1 jaar (cf.art. 39 BBV)

13.810

-

13.659

F

Liquide middelen (cf.art. 40 BBV)

495

(5.310)

376

G

Overlopende activa (cf.art. 40a BBV)

507

-

503

H

Totale baten (cf.art. 17 lid c BBV (dus excl.mutaties reserves))

61.889

60.413

65.190

Netto schuldquote (A+B+C-D-E-F-G)/H x 100%

-14,79%

7,79%

-9,44%

Normaal ligt de netto schuldquote van een gemeente tussen 0% en 90%. Als de netto schuldquote tussen 100% en 130% ligt, is de gemeenteschuld hoog. Hij moet niet verder stijgen. Ligt de netto schuldquote boven de 130%, dan bevindt de gemeente zich in de gevarenzone en dient het bestuur er werk van te maken om de schuld te verlagen. De netto schuldquote van onze gemeente is zelfs negatief en kan als zeer laag worden aangemerkt. Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen Om inzicht te verkrijgen in hoeverre sprake is van doorlenen wordt de netto schuldquote zowel in- als exclusief doorgeleende gelden weergegeven. Op die manier wordt in beeld gebracht wat het aandeel van de verstrekte geldleningen in de netto schuldquote is en wat dit betekent voor de schuldenlast. De netto schuldquote van onze gemeente is zelfs negatief en kan als zeer laag worden aangemerkt. x € 1.000 Omschrijving

90

Rekening 2019 Begroting 2019 Rekening 2020

A

Vaste schulden (cf.art. 46 BBV)

B

Netto vlottende schuld (cf.art. 48 BBV)

5.519

2.048

8.772

C

Overlopende passiva (cf.art. 49 BBV)

3.135

-

2.961

D

Financiële vaste activa (cf.art. 36 lid b, c, d, e en f)

2.863

2.653

135

E

Uitzettingen < 1 jaar (cf.art. 39 BBV)

13.810

-

13.659

F

Liquide middelen (cf.art. 40 BBV)

495

(5.310)

376

G

Overlopende activa (cf.art. 40a BBV)

507

-

503

H

Totale baten (cf.art. 17 lid c BBV (dus excl.mutaties reserves))

61.889

60.413

65.190

Netto schuldquote (A+B+C-D-E-F-G)/H x 100%

-14,58%

7,79%

-4,51%

Paragrafen

De solvabiliteitsratio Dit kengetal geeft inzicht in de mate waarin de gemeente in staat is aan haar financiële verplichtingen te voldoen. Uit dit overzicht blijkt dat de bezittingen van de gemeente voor 55% gefinancierd zijn met eigen vermogen (reserves) en dus voor 45% met vreemd vermogen (voorzieningen en kortlopende schulden). x € 1.000 Omschrijving

Rekening 2019 Begroting 2020 Rekening 2020

A

Eigen vermogen (cf.art.42 BBV)

36.993

32.134

34.739

B

Balanstotaal

64.394

49.613

63.787

Solvabiliteit (A/B) x 100%

57,49%

64,77%

54,46%

Kengetal grondexploitatie De afgelopen jaren is gebleken dat grondexploitatie een forse impact kan hebben op de financiële positie van de gemeente. De boekwaarde van de voorraden grond is van belang, omdat deze waarde moet worden terugverdiend bij de verkoop. De accountant moet ieder jaar beoordelen of de gronden tegen een actuele waarde op de balans zijn opgenomen. Voor Steenbergen heeft de grondexploitatie een gering aandeel in de totale baten, waardoor hier sprake is van weinig risico. x € 1.000 Omschrijving

Rekening 2019 Begroting 2019 Rekening 2020

Niet in exploitatie genomen bouwgronden (cf.art. 38 lid a punt 1 A

BBV)

B C

-

-

-

Bouwgronden in exploitatie (cf.art. 38 lid b BBV)

-1.234

2.986

-2.554

Totale baten (cf. art. 17 lid c BBV (dus excl.mutaties reserves))

61.889

60.413

65.190

Grondexploitatie (A+B)/C x 100%

-1,99%

4,94%

-3,92%

Structurele exploitatieruimte Voor de beoordeling van het structurele en reële evenwicht van de begroting wordt onderscheid gemaakt tussen structurele en incidentele lasten. Een begroting waarvan de structurele baten hoger zijn dan de structurele lasten is meer flexibel dan een begroting waarbij structurele baten en lasten in evenwicht zijn. Een positief percentage betekent dat de structurele baten toereikend zijn om de structurele lasten te dekken. Over het algemeen geldt als richtlijn: des te hoger het kengetal structurele exploitatieruimte, des te gunstiger dit is voor de gemeente. Het structurele exploitatieresultaat over 2019 was € 574.000,- (nadelig), over 2020 bedraagt deze € 78.000,- (nadelig). x € 1.000 Omschrijving

Rekening 2019 Begroting 2020 Rekening 2020

A

Totale structurele lasten

63.732

61.300

65.644

B

Totale structurele baten

61.889

61.086

63.719

C

Totale structurele toevoegingen aan de reserves

-

756

-

D

Totale structurele onttrekkingen aan de reserves

801

1.463

894

E

Totale baten

61.889

63.944

65.190

Structurele exploitatieruimte ((B-A)+(D-C))/E x 100%

-1,68%

0,77%

-1,58%

Paragrafen

91

Belastingcapaciteit: Woonlasten meerpersoonshuishouden De ruimte die een gemeente heeft om de belastingen te verhogen, wordt vaak gerelateerd aan de totale woonlasten. De totale woonlasten van de gemeente liggen boven het landelijk gemiddelde. Ten opzichte van de woonlasten in 2019 laat dit cijfer een lichte stijging zien. x € 1.000 Omschrijving

Rekening 2019 Begroting 2020 Rekening 2020

A

OZB-lasten voor gezin bij gemiddelde WOZ-waarde

280

285

262

B

Rioolheffing voor gezin bij gemiddelde WOZ-waarde

155

159

159

C

Afvalstoffenheffing voor een gezin

356

389

389

D

Eventuele heffingskorting

-

-

-

Totale woonlasten voor gezin bij gemiddelde WOZ-waarde (A+B E

+C+D)

791

833

833

F

Woonlasten landelijke gemiddelde voor gezin in 2018 (t-1)

740

740

720

106,89%

112,57%

115,69%

Woonlasten t.o.v. landelijke gemiddelde jaar er voor (E/F) x 100%

92

Paragrafen

Paragraaf Onderhoud kapitaalgoederen

Paragrafen

93

Kapitaalgoederen zijn ‘duurzame productiemiddelen’: spullen die de gemeente nodig heeft om de diensten en goederen die zij aan haar burgers levert te produceren. Het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (BBV art.12) schrijft voor dat in elk geval de kapitaalgoederen wegen, riolering / water, groen en gebouwen aan de orde worden gesteld. Met het onderhoud van kapitaalgoederen is een substantieel deel van de begroting gemoeid. Deze paragraaf geeft daar meer inzicht in. Per onderwerp wordt ingegaan op het beleidskader en de financiële consequenties voor de gemeente Steenbergen.

Bouwkundig en civieltechnisch onderhoud accommodaties Onderhoud en beheer gemeentelijke accommodaties Gebouwen In 2020 is de kadernota ten behoeve van maatschappelijk vastgoed vastgesteld. Er wordt onderzoek gedaan naar de toekomstbestendigheid van het vastgoed voor de langere termijn. Ook zal gekeken worden naar de duurzaamheidsambities en de mogelijk te treffen maatregelen bij de gebouwen. In het kader van duurzaamheid en onderhoud wordt ook aandacht geschonken aan het energieverbruik, C02 uitstoot en financieel rendement van de duurzame maatregelen. Voor een aantal accommodaties kan dit grote technische en financiële consequenties hebben. Met dit inzicht zullen nieuwe afwegingen worden gemaakt voor onze vastgoedportefeuille. In combinatie met de visie op het gemeentelijk vastgoed zal een nieuwe systematiek worden toegepast voor de inspecties en meerjarenonderhoudsplannen. Bouw en installatiedelen worden beoordeeld via een systematiek waarbij de diverse onderdelen worden voorzien van een conditiescores. Nu het jaar 2020 financieel is afgesloten kan de balans worden opgemaakt m.b.t. het uitgevoerde onderhoud bij de gemeentelijke accommodaties en de sportparken. Op het onderstaand overzicht wordt duidelijk welke budgetten beschikbaar waren voor het onderhoud en welke uitgaven gedaan zijn met de daaruit volgende saldi t.a.v.

de posten waar de werkzaamheden niet zijn uitgevoerd of waar grote verschillen zijn opgetreden wordt dit hieronder verklaard. budget

uitgaven

uit te voeren na 2020

Sportaccommodaties

58.600

55.270

8.014

Sociaal/cultureel

95.225

5.772

89.453

Woningen

4.123

990

3.133

208.133

79.110

129.023

Kantoren en bedrijfsgebouwen

Sportaccommodaties Zwembad de Aquadintel In 2020 stond een bedrag opgenomen van € 25.213,- voor vervanging van een aantal daken. Echter moesten er ook bij een wand in de technische ruimte beton herstel uitgevoerd te worden. Daarom is er een tekort ontstaan van € 6.429.Zwembad de Meermin In 2020 stond het budget opgenomen van € 9.680,- voor het onderhoud. In 2020 zijn o.a. de stuurluchtventielen vervangen ad. € 4986.-. In 2021 wordt in de zwembadinstallatie nog een pomp vervangen. Sociaal/cultureel Overige bibliotheek / Blauwstraat In 2020 was een budget opgenomen van € 28.000,- om de verwarmingsinstallatie te vervangen. Deze werkzaamheden zijn inmiddels in het eerste kwartaal van 2021 uitgevoerd. Overige monumenten

94

Paragrafen

IIn 2020 stond een bedrag opgenomen van € 55.193,- t.b.v. het vervangen kapbedekking, buitenschilderwerk bij de Assemburgmolen. Vervanging kapbedekking inmiddels uitgevoerd, buitenschilderwerk is opgenomen en wordt in 2021 uitgevoerd. Overige gemeenschapshuizen Bij de gemeenschapshuizen zijn we geconfronteerd met een aantal storingen aan de werktuigbouwkundige installaties. Derhalve hadden we op deze post een overschrijding van € 5.517,-. Kantoren en bedrijfsgebouwen Gemeentehuis In 2020 is een budget opgenomen van € 60.117,- De UPS is vervangen, de motoren m.b.t. luchtbehandelingskasten van de aandrijfsecties zijn voorzien van nieuwe lagers. Ook is de luchtbehandelingskast van het archief voorzien van een nieuwe koeling. Echter dient het KNX systeem nog in 2021 vervangen te worden. Overige huwelijken, bouwkundig onderhoud In 2020 is een budget opgenomen van € 42.430.- voor de renovatie van de liftinstallatie in het oude stadhuis. In 2020 is een start gemaakt met de renovatie en derhalve is een bedrag uitgegeven van € 7.239,-. Inmiddels zijn de uitvoeringswerkzaamheden afgerond. De overige werkaamheden worden in 2021 uitgevoerd. Brandweerkazerne Steenbergen In 2020 stond een bedrag opgenomen van € 10.064.- voor de vervanging van de warmwaterinstallatie. Deze werkzaamheden zijn uitgevoerd. De warmwaterwaterinstallatie is voorzien van een spoelsysteem.

Derhalve is een overschrijding ontstaan van 4.057,Milieustraat In 2020 stond een bedrag opgenomen van € 65.550,- voor vervanging van de beheerderruimte. Vervanging van de beheerdersruimte zal integraal worden meegenomen met de uitbreiding van de Milieustraat in 2021. Doordat er in 2021 met de herinrichting van milieustraat wordt gestart worden deze middelen doorgeschoven naar 2021. Sportparken Sportpark Seringenlaan In 2020 was een budget van € 18.150,- opgenomen. In 2020 hebben we € 16.400,- aan o.a. onderhoudswerkzaamheden van de atletiekbaan uitgegeven. budget Sportparken

uitgaven 21.150

uit te voeren na 2020 16.750

-

Paragrafen

95

Wegen en Kunstwerken De wegen zijn één van de belangrijkste kapitaalgoederen in de openbare ruimte. Vanwege ondergrond, weersomstandigheden en gebruik, is regelmatig onderhoud essentieel. Onderhoud van wegen betekent investeren in duurzaamheid. De aanpak in de komende jaren In 2016 is het beheerplan Wegen 2017-2021 vastgesteld. Hierbij is gekozen voor Scenario 3: Alle wegen basisniveau en centrawegen een hoger niveau. Ten behoeve van toekomstige investeringen(rehabilitatie en kosten aanvullend wegbeheer,verkeersmaatregelen etc) is een bestemmingsreserve“openbare ruimte” gevormd van 5 miljoen euro. Klein onderhoud In december 2017 is door de Commissie BBV (Besluit begroting en verantwoording) een notitie Materiële Vaste Activa gepubliceerd, waarin de commissie een aantal stellige uitspraken doet o.a.ten aanzien van een onderhoudsvoorziening die gevolgd moeten worden bij het opstellen van de begroting en jaarrekening. Een van de uitspraken is dat voorzieningen worden gevormd voor de lasten van groot onderhoud. Het huidige wegenbeheerplan dient op basis van de vereisten uit hetBBV te worden aangepast. In het beheer- en dekkingsplan wegen 2017 tot en met 2036 is jaarlijks € 200.000,- opgenomen voor de kosten van klein onderhoud.

Om aan de vereisten uit de notitie Materiële vaste activa te voldoen dient de jaarlijkse raming voor kosten klein onderhoud van de wegen ad € 200.000,- uit het beheerplan- en dekkingsplan wegen 2017-2026 te worden gehaald. Vanaf 2018 betekent dit dat de kosten voor klein onderhoud ad € 200.000,- niet meer ten laste van de voorziening onderhoud wegen komen, maar functioneel in de begroting worden verantwoord. Tegenover deze functionele verantwoording staat een lagere storting in de voorziening onderhoud wegen. Het databeheer Afspraken zijn er gemaakt om het beheersysteem up-to-date te houden. Eigen personeel is opgeleid om het systeem te gebruiken en volledig te houden. Tweejaarlijks wordt een inspectie verricht, zodat altijd een betrouwbaar beeld aanwezig is van de feitelijke toestand van de wegen. In 2020 heeft weginspectie plaatsgevonden. Naar aanleiding van de resultaten heeft bijstelling van de uitvoeringsplanning plaatsgevonden. Realisatie Er wordt gewerkt met een jaar- en een méérjarenplanning. Uiteraard wordt hier integraal gewerkt volgens de gebiedsgerichte aanpak. Van een gebied wordt samen met de inwoners, dorpsraden en andere belanghebbenden een zgn “leefbaarheidsscan” gemaakt van het woongebied. Hierbij wordt verder gegaan dan alleen het onderhoud.

Niet alleen alle facetten van de openbare ruimte onder en boven de grond komen hierbij aan bod, ook wordt gekeken naar aspecten als (verkeers)veiligheid, parkeergelegenheid en het feitelijk grondgebruik in relatie tot de eigendomssituatie. Dit betekent wel dat planvorming een langere doorlooptijd kent. Daarnaast worden werkzaamheden zoveel mogelijk gebundeld en in de markt geplaatst. In het nabije verleden is gebleken dat de marktwerking optimaal wordt benut. Wegbeheer en reconstructies In de openbare ruimte wordt zoals gebruikelijk een haal- en een brengsessie georganiseerd. De input die onze inwoners leveren wordt dankbaar gebruikt bij het tot stand komen van het plan. De projecten waaraan in 2020 is gewerkt zijn: Groot onderhoud Steenbergen Zuid (in 3 fases) (Steenbergen); Herstel infra Kruispoort (Steenbergen). Herinrichting Havenkom (Dinteloord), Reconstructie Van Nesstraat e.o. (Dinteloord). Reconstructie Witte de Witstraat e.o. (Dinteloord). Groot onderhoud Groene Kruisstraat (Dinteloord)

96

Paragrafen

Herinrichting Steenbergseweg, planvoorbereiding (Dinteloord) Groot onderhoud Van Treslonglaan (Nieuw Vossemeer). Centrumplan Welberg; Klein onderhoudsbestek; Asfalt onderhoud buitenwegen. Beheer Civiel kunstwerken Op basis van het in 2016 vastgestelde beheerplan civiele kunstwerken worden ook in 2020 de nodige inspectie- en herstelwerkzaamheden aangepakt. Het herstel is gebaseerd op levensduurverlenging. Naast deze reguliere werkzaamheden wordt is in 2020 gewerkt aan: • Vervangen brug Corneliusstraat (Welberg) • Vervangen grondkeringen Noord-Oost (Steenbergen) Navolgend een overzicht van de voor 2020 beschikbare budgetten en de gerealiseerde uitgaven: Gepland Onderhoud Wegen en Kunstwerken

voor 2020

Doorgeschoven Uitgevoerd 2020

naar 2021

Onderhoud wegen Voorbereid./toezicht wegen

327.743

702.523

-

Onderhoud bestek

85.663

89.526

-

Helmich v Doernickstraat e.o.

34.153

42.937

-

Zuid fase 2

3.119

9.304

-

Zuid fase 3

466.710

574.675

-

Zuid fase 3 asfalt Brooimansdr Montenaken

251.304

207.858

43.446

Asfaltbestek

356.054

233.256

122.798

Puinwegen

18.702

-

-

Johan Frisolaan e.o.

207.395

22.579

184.816

Groene Kruisstraat e.o.

258.247

227.231

31.016

De Vriesstraat e.o.

170.985

166.181

4.804

Steenbergseweg

780.173

-

780.173

Witte de wit e.o.

477.983

468.100

9.883

Westdam e.o.

335.997

-

335.997

Noordzeedijk

275.651

-

275.651

Herinrichting Oostgroeneweg

48.000

53.910

-

Overige projecten

25.635

5.253

20.382

Vaste lasten

35.900

13.026

-

Herstelkosten

310.326

108.554

201.772

Onderhoud kunstwerken

Paragrafen

97

Openbare verlichting In 2016 is het beheerplan openbare verlichting 2017-2021 vastgesteld. Hierbij is een scenario vastgesteld waarbij in 2021 alle verlichting voorzien zal zijn van LED verlichting. Grofweg houdt dit in: dat de reguliere combinatie mast/armaturenvervanging wordt uitgesmeerd over een periode van 15 jaar en dat de armaturen met een langere levensduur dan 5 jaar vervangen door LEDtubes. Dit gebeurt tijdens de gebruikelijke groepsremplace (groepsgewijs vervangen van lampen) in 2018 en 2019. Daarnaast wordt in de periode 2018-2021 een Inhaalslag gemaakt van vervanging verouderde armaturen door LED armaturen. Vanaf 2022 wordt een maximale energiebesparing bereikt. In 2017 is het werk voor 4 jaar aanbesteed. Gelijktijdig zijn uiteraard de projecten, genoemd onder wegbeheer en reconstructies, waar in 2020 aan is gewerkt voorzien van LED lampen.

Riolering Tegelijk met de wegen is het onderhoud aan riolering belangrijk voor het op waarde houden van het geïnvesteerd vermogen en het op peil houden van de gebruiksfunctie. Verbreed Gemeentelijk Rioleringsplan Het Verbreed Gemeentelijk Rioleringsplan Steenbergen 2020-2023 is in de raadsvergadering van 24 september 2020 vastgesteld door de raad. In het Gemeentelijk Rioleringsplan (GRP) 2020-2023 geeft de gemeente Steenbergen aan hoe invulling wordt gegeven aan de zorgplichten afval-, hemel- en grondwater en aan de wijze waarop we inspelen op het veranderende klimaat. De belangrijkste functie van de riolering is zorgen voor een goede volksgezondheid. Doordat al het huishoudelijk afvalwater wordt afgevoerd, krijgen dodelijke ziektes geen kans om zich te verspreiden. Als bijvangst zorgt de riolering voor droge voeten en een schoner milieu. Vanuit de Wet milieubeheer en de Waterwet heeft de gemeente de wettelijke zorgplichten voor afvalwater, hemelwater en grondwater. In het Gemeentelijk Riolering Plan (GRP) formuleert de gemeente hoe zij deze zorgplichten invult en bekostigt. Het gemeentelijk rioleringsplan (vGRP) is het beleidsplan dat op hoofdlijnen de invulling van de gemeentelijke watertaken weergeeft. Door middel van het vGRP leggen we vast wat we willen bereiken en wat de rol van burgers en bedrijven is ten aanzien van afval-, hemel-, en grondwater.

In het verlengde hiervan hebben we de ambitie om, binnen de reikwijdte van de zorgplichten, bij te dragen aan gemeenschappelijke doelen zoals klimaatadaptatie, duurzaamheid en een gezonde leefomgeving. Dit vGRP 2020-2023 is het resultaat van een gezamenlijk planvormingsproces binnen de Waterkring West en vormt de basis voor structurele samenwerking binnen onze regio. Deelnemers aan dit traject zijn Bergen op Zoom, Halderberge, Moerdijk, Roosendaal, Steenbergen, Woensdrecht, Waterschap Brabantse Delta, Brabant Water en Evides. Deze samenwerking is een uitwerking van de afspraken van het Nationaal Bestuursakkoord Water. Er is gestreefd naar zoveel mogelijk uniforme beleidsuitgangspunten binnen het samenwerkingsverband, waarbij er nog wel ruimte is voor de zogenaamde couleur locale. Bij het opstellen van het vGRP hebben de drie K’s (kosten, kwaliteit, kwetsbaarheid) centraal gestaan en voegen daar een vierde k aan toe. De ‘k’ van klimaatadaptatie. Door dit vGRP zoveel mogelijk gezamenlijk op te stellen met de Waterkring West is het de bedoeling dat op termijn meer doelmatigheidswinst wordt behaald. Door van elkaar te leren en in de toekomst meer zaken gezamenlijk op te pakken zullen de kosten/lasten minder hard stijgen, zal de kwaliteit stijgen en de kwetsbaarheid verminderen. Voor de planperiode van het GRP 2020-2023 is gekozen voor een termijn van 4 jaar.

Deze termijn is bewust gekozen zodat in elke raadsperiode het gemeentebestuur een besluit kan nemen over het beleid en zo nodig bij kan sturen. Voor de financiële toetsing houden we vast aan de 1jaarlijkse evaluatie om de ontwikkeling van de rioolheffing te monitoren.

98

Paragrafen

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://raad.gemeente-steenbergen.nl/api/v1/meetings/1473/documents/15701