CConstaterende datSteenbergen
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage programma-van-eisen-frisse-scholen-2021.pdf

Besluitvormende Vergadering 26 september 2024, gemeente SteenbergenBij agendapunt: 11.: Integraal Huisvestingsplan Steenbergen 2024-2040.13.774 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Energiezuinige verwarming

Neutrale Gebouwen), vastgelegd in de NTA 8800. Voor Frisse Scholen klasse A of B wordt een

In het PvE wordt aangegeven hoe opwekking en distributie van warmte op een efficiënte en

bovenwettelijke prestatie vereist, uitgedrukt in een percentage verbetering.

duurzame manier kan worden gerealiseerd. In een gebouw kan het energiegebruik worden

De eisen voor bestaande gebouwen bestaan uit een eis ten aanzien van het energielabel en

beperkt door alleen te verwarmen wanneer dit nodig is. De regeling van de verwarming draagt

(deel)eisen ten aanzien van de volgende gebouwaspecten:

bovendien bij aan een verhoging van het comfort.

• Isolatie van de gebouwschil (inclusief luchtdoorlatendheid van de gebouwschil)

Energiezuinige koeling

• Energie-efficiëntie ventilatie • Energie-efficiëntie verwarming

Bij energiezuinige koeling gaat het primair om het voorkomen van opwarming van het

• Energie-efficiëntie koeling

gebouw. Enerzijds door warmte van buiten, anderzijds door warmteproductie binnen te

• Energie-efficiëntie verlichting

beperken. Gezien de eisen bij thermisch comfort is dit echter niet altijd mogelijk. Wanneer

• Het aandeel duurzame energie dat op de locatie wordt opgewekt.

toch extra koeling noodzakelijk is, dient een zo efficiënt en energiezuinig mogelijk koelsysteem te worden toegepast.

Isolatie van de gebouwschil Het PvE Frisse Scholen geeft eisen voor bestaande gebouwen voor de thermische isolatie van

Energiezuinige verlichting

de gevel, begane grondvloer en het dak. Deze wordt uitgedrukt in een warmteweerstand Rc.

In een gebouw kan het energiegebruik worden beperkt door optimaal gebruik te maken van

De Rc-waarde dient te worden bepaald volgens NEN 1068. Daarnaast is een minimumeis

daglicht, kunstlicht niet onnodig te laten branden en te kiezen voor een energiezuinige lichtbron.

opgenomen voor de thermische kwaliteit van beglazing, uitgedrukt in een U-waarde. De luchtdoorlatendheid van de gebouwschil is bepalend voor de hoeveelheid onbedoelde

Duurzame energie

ventilatie (tocht) en daarmee voor een belangrijk deel voor het warmteverlies. Door de

Duurzame energieopwekking op locatie kan door middel van zonne-energie, bodemwarmte,

luchtdoorlatendheid te beperken en dit te controleren met een luchtdoorlatendheidsmeting

windenergie enzovoorts. Zowel voor nieuwe als voor bestaande gebouwen geldt dat de

is er veel winst te behalen. Ook kunnen tochtklachten hiermee worden beperkt.

mogelijkheden voor opwekking van duurzame energie op zijn minst onderzocht dienen te worden, met toepassing van alle rendabele mogelijkheden. Voor klasse B en A kunnen hogere

Energiezuinige ventilatie

ambities worden gehanteerd.

Door ventilatie verdwijnt altijd wat warmte uit een gebouw. In het stookseizoen is dit natuurlijk ongunstig. Door middel van warmteterugwinning kan dit warmteverlies worden beperkt. Warmte uit de gebruikte afvoerlucht wordt dan overgedragen aan de verse buiten-

33 | Programma van Eisen Frisse Scholen 2021

Achtergronden Lucht

In het PvE Frisse Scholen zijn eisen opgenomen voor de capaciteit en functionaliteit van spuivoorzieningen in de lokalen. De spuiventilatie-capaciteit dient te worden bepaald volgens de norm NEN 1087.

Luchtverversing De eisen voor luchtverversing, van belang voor gezondheid en (leer) prestaties van leerlingen

Ruimtevolume/verdiepingshoogte

en docenten, worden in het PvE Frisse Scholen uitgedrukt in een CO2-concentratie (van

Met een grotere vrije hoogte kan een goede luchtkwaliteit in de leefzone langer worden

toepassing voor de hele ademzone) in combinatie met een ventilatiedebiet.

gegarandeerd. Extra ruimtevolume fungeert als buffer.

De CO2-concentratie is een indicator voor de hoeveelheid luchtverversing en de luchtkwaliteit in een ruimte en is een klaslokaal is een goede maat voor de benodigde luchtverversing per

Kwaliteit van de toevoerlucht

persoon. Het bijbehorende ventilatiedebiet is te bepalen via de uitgangpunten in de norm

Niet alleen voldoende luchtverversing is van belang voor een gezonde luchtkwaliteit, ook de

NEN-EN 16798-1. Uitgangspunten hierbij zijn:

kwaliteit van de lucht waarmee wordt geventileerd is van belang. Veelgehoorde klacht in

• een CO2-buitenconcentratie van 400 ppm;

nieuwbouwscholen is ‘droge lucht’. Uit onderzoek is bekend dat deze klachten geen directe

• een CO2-productie van gemiddeld 17 dm³/uur per persoon. Deze waarde kan worden

relatie hebben met de luchtvochtigheid (vandaar dat ook geen eisen t.a.v. de luchtvochtigheid

toegepast op lokalen in zowel het primair onderwijs als voortgezet onderwijs. Bij zittend

zijn opgenomen in dit PvE), maar dat ze worden veroorzaakt door de irritatie van slijmvliezen

werk produceert een volwassene ca. 19 dm³/uur CO2, een 12 jarige ca. 14 dm³/uur (Persily &

door verontreinigingen in de lucht. Door te voldoen aan de eisen ten aanzien van de kwaliteit

De Jonge, 2017). Er is voor het basisonderwijs rekening gehouden met een enigszins

van de toevoerlucht (maar ook ‘emissies van materialen’) kunnen ‘droge lucht-klachten’ ofwel

verhoogd metabolisme, waardoor de CO2-productie iets omhoog gaat

slijmvliesirritaties worden voorkomen.

• een ventilatie-effectiviteit εv1 van 1,0. Let op! De Klasse C-eis van het PvE Frisse Scholen ligt beneden de wettelijke eis voor nieuw-

Uitgangspunt bij het PvE Frisse Scholen is dat het ventilatiesysteem de kwaliteit van de

bouw (Bouwbesluit 2012) en is daarom alleen van toepassing bij bestaande bouw. Klasse C

toevoerlucht niet negatief mag beïnvloeden. Aspecten als recirculatie (opnieuw toevoeren van

blijft gelijk aan de hygiënische grenswaarde die o.a. door de Gezondheidsraad is geadviseerd.

retourlucht, waarbij luchtuitwisseling tussen verschillende verblijfsruimten ontstaat),

Klasse A en Klasse B zijn wel van toepassing op nieuwbouw.

overdracht van verontreinigingen via het warmtewiel (o.a. luchtlekken, ad-/desorptie), verdunning van afvoerlucht en rookgassen en vervuiling van de luchtkanalen spelen hierbij

Spuiventilatie

een rol. De eisen uit het PvE Frisse Scholen zijn afgeleid van de richtlijnen uit Cahier P1 Eisen

Voor een gezond en comfortabel binnenmilieu dienen altijd spuiventilatie-voorzieningen

voor gezonde mechanische ventilatiesystemen (2003) van de serie Praktijkboek Gezonde

(meestal te openen ramen) aanwezig te zijn in de lokalen. Spuiventilatie is noodzakelijke om

Gebouwen van ISSO/SBR en aangepast aan de huidige uitvoering van ventilatiesystemen in

sterk verontreinigde lucht snel te kunnen afvoeren. Daarnaast is het een belangrijk middel om

onderwijsgebouwen. De hygiëne van luchtkanalen wordt visueel beoordeeld, zie ook het

in de zomer te zorgen voor passieve koeling (zie ook de eisen voor ‘Ventilatieve koeling’ bij

NVRL Keur Reinheid luchtbehandeling- en ventilatiesystemen.

het thema ‘Temperatuur’). 1

De ventilatie-effectiviteit zegt iets over de doorspoeling van de ruimte. Het is de verhouding tussen de vervuilingsgraad van de afgezogen lucht en de vervuilingsgraad van lucht in de ademzone. Bij perfect gemixte lucht is de ventilatie-effectiviteit 1, bij verdringingsventilatie zelfs groter dan 1. De benodigde hoeveelheid luchtverversing om te voldoen aan de eisen ten aanzien van de CO2-concentratie is afhankelijk van de ventilatie-effectiviteit van het ventilatiesysteem. Wanneer de plaats van de lucht toe- en afvoer zorgvuldig worden geselecteerd levert dit normaliter geen problemen op.

34 | Programma van Eisen Frisse Scholen 2021

Fijnstof

Schoonmaakbaarheid

De fijnstofconcentratie in de binnenlucht is afhankelijk van de fijnstofconcentratie in de

Een schoolgebouw wordt intensief gebruikt en er is vaak maar een beperkt budget beschikbaar

buitenlucht rondom de school, de kwaliteit van de filters in het ventilatiesysteem, de

voor schoonmaak van het gebouw. Een schoon gebouw is niet alleen visueel van belang, het

luchtdichtheid van de gevel en eventuele bronnen van fijnstof binnen.

heeft ook een positieve invloed op de luchtkwaliteit. In het PvE Frisse Scholen worden

Het PvE Frisse Scholen (versie 2021) stelt aanvullende eisen voor scholen op belaste locaties

richtlijnen gegeven voor het schoonmaakbewust ontwerpen van schoolgebouwen met het

(nabij drukke wegen en/of veehouderijen). Op een belaste locatie gelden hogere eisen ten

oog op de luchtkwaliteit. Zie voor meer ontwerprichtlijnen de publicatie ‘Naar een schone

aanzien van de filterkwaliteit in mechanische ventilatiesystemen. Wanneer nieuw gebouwd of

school’ van de Vereniging Schoonmaak Research (VSR) en de Ondernemersorganisatie

gerenoveerd wordt op een belaste locatie, dan gelden aanvullende eisen voor de aanzuigloca-

Schoonmaak- en Bedrijfsdiensten (OSB).

tie van buitenlucht voor ventilatie, voor de luchtdichtheid van de gevel en voor koeling,

Tabaksrook

waardoor fijnstofpenetratie door de gevel zo veel mogelijk wordt beperkt. Nieuwbouw en renovatie op belaste locatie wordt ontmoedigd. Hiermee wordt niet alleen de

Blootstelling aan tabaksrook dient in en rondom scholen te worden voorkomen. Behalve

blootstelling aan fijnstof verminderd, maar ook aan andere verontreinigingen in de buiten-

roken in schoolgebouwen is per 1 augustus 2020 ook het roken op schoolpleinen verboden.

lucht, zoals stikstofoxiden en elementaire koolstof.

Het beleid is vastgelegd in de Tabaks- en rookwarenwet.

Emissies van materialen

Toiletten

Sommige stoffen uit bouw- en interieurmaterialen kunnen een negatieve invloed hebben op

Toiletten worden op scholen intensief gebruikt. In het PvE Frisse Scholen zijn enkele

de luchtkwaliteit in een ruimte en bijdragen aan klachten over ‘droge lucht’ (slijmvliesirrita-

praktische richtlijnen gegeven om geuroverlast van toiletten te voorkomen en de schoonmaak

ties). Dit is wetenschappelijk aangetoond voor o.a. weekmakers / ftalaten (zoals DEHP, DBP en

ervan te vereenvoudigen.

BBP) en diverse vluchtige organische stoffen. In het PvE Frisse Scholen zijn grenswaarden voor de concentraties vluchtige organische stoffen en formaldehyde in de ruimtelucht opgenomen.

Legionella

Daarnaast zijn enkele praktische richtlijnen gegeven om emissies van materialen te beperken.

Besmetting met de legionellabacterie dient te worden voorkomen. Ook scholen dienen

Belangrijke bronnen van formaldehyde kunnen zijn plaatmateriaal (o.a. spaanplaat) en

hiervoor maatregelen te nemen. Hiervoor verwijst het PvE Frisse Scholen naar de richtlijnen

isolatiemateriaal. Belangrijke bronnen van vluchtige organische stoffen kunnen zijn vloerbe-

uit ISSO-publicatie 55.1 Legionellabestrijding.

dekking, plaatmateriaal (o.a. plafondplaten), verven, lakken en lijmen. Belangrijke bronnen

Asbest

van ftalaten kunnen zijn PVC-vloerbedekking en vinylbehang.

Blootstelling aan asbest dient te worden voorkomen. Bij verbouw of renovatie van schoolge-

Emissies van apparatuur

bouwen dient hier rekening mee te worden gehouden en moet asbest worden geïnventari-

De uitstoot van apparatuur, zoals printers en copiers, kunnen een negatieve invloed hebben

seerd en eventueel verwijderd.

op de luchtkwaliteit in een ruimte. Om de verspreiding van vrijkomende stoffen (denk aan

De eis sluit aan bij het project Asbest in scholen van o.a. de Rijksoverheid, dat de aanwezig-

ozon, fijnstof, tonerdeeltjes) te beperken zijn in het PvE Frisse Scholen enkele praktische

heid van asbest in alle Nederlandse scholen in het primair en het voorgezet onderwijs in beeld

richtlijnen gegeven. Hierbij speelt uiteraard het gebruiksfrequentie van apparatuur een

brengt.

belangrijke rol.

35 | Programma van Eisen Frisse Scholen 2021

Achtergronden Temperatuur

• er geen lokaal regelbare actieve koeling aanwezig is. Bij lokaal regelbare actieve koeling wordt bedoeld koeling via gekoelde lucht (airco), koelplafonds en dergelijke waarbij de temperatuur op ruimteniveau kan worden nageregeld.

Operatieve temperatuur winter en zomer Eisen uit het PvE Frisse Scholen voor de operatieve temperatuur zijn gebaseerd op eisen die

Als niet aan deze voorwaarden wordt voldaan, dan geldt bij hogere buitentemperaturen een

zijn beschreven in internationale normen en richtlijnen, zoals NEN-EN-ISO 7730, NEN-EN

vaste maximale temperatuureis binnen. Deze zijn in het PvE aangegeven als aanvullende eisen

16798-1 (Annex B2.2) en ISSO-publicatie 74. Deze eisen zijn gecorrigeerd voor de situatie in

voor situaties zonder passieve koeling. In de eisen wordt de gemiddelde lopende buitentem-

scholen (Singh et al, 2019 ). Door verschillen in metabolisme, temperatuuradaptatie en

peratuur (running mean outdoor temperature, RMOT) θrm gehanteerd. De RMOT wordt

kledingweerstand ligt de neutrale temperatuur iets lager.

bepaald op basis van de gemiddelde buitenluchttemperatuur zoals die optrad gedurende de voorgaande dagen, zie de berekeningsmethode in het kader.

De zomer- en wintereisen zijn weergegeven in de onderstaande grafiek. Bepaling van de running mean outdoor temperature θrm

31 30

De RMOT wordt bepaald op basis van de gemiddelde buitenluchttemperatuur zoals die

29 Operatieve temperatuur [°C]

28 27 26

Klasse C - bovengrens (niet passief)

optrad gedurende de voorgaande dagen. Daarbij volstaat het normaliter om 7 dagen

Klasse B - bovengrens (niet passief)

terug te gaan in de tijd. De RMOT wordt dan - in overeenstemming met ISSO-publicatie

Klasse C - bovengrens

25 24

74 - als volgt berekend:

Klasse A - bovengrens (niet passief)

Klasse B - bovengrens

θrm = 0,253·{θed-1 + 0,8·θed-2 + (0,8)2·θed-3 + (0,8)3·θed-4 + (0,8)4·θed-5 +

Klasse A - bovengrens

23

(0,8)5·θed-6 + (0,8)6·θed-7} [°C]

22 21

Klasse C - ondergrens

20

waarin:

Klasse B - ondergrens

19

θed-1 = gemiddelde buitentemperatuur van gisteren [°C]

Klasse A - ondergrens

18

θed-2 = gemiddelde buitentemperatuur van eergisteren [°C]

17 8

9

10

11

12

13

14

15

16

17

18

19

20

21

22

23

24

25

θed-3 = gemiddelde buitentemperatuur van eereergisteren [°C] etc.

'Outdoor running mean' temperatuur [°C]

Voor scholen wordt in de zomer uitgegaan van adaptieve temperatuurgrenswaarden (meeglij-

Een RMOT van 17°C is vergelijkbaar met een week met koel zomerweer, met een maximale

dend met de buitentemperatuur). Deze adaptieve eisen kunnen worden gehanteerd wanneer:

buitentemperatuur rond 20°C.

• is voorzien in voldoende te openen ramen (zie hiervoor de eisen onder het thema ‘Lucht’);

Een RMOT van 20°C is vergelijkbaar met een week met zomerse dagen, met een maximale

• gebruikers de vrijheid hebben om hun kleding aan te passen aan de heersende

buitentemperaturen rond 25°C.

temperatuur;

Een RMOT van >22°C is vergelijkbaar met een hittegolf.

36 | Programma van Eisen Frisse Scholen 2021

Om vast te stellen of de eisen kunnen worden gehaald is een dynamische temperatuurbereke-

Lokaal thermisch discomfort

ning noodzakelijk. De grenswaarden uit het PvE Frisse Scholen zijn standaard opgenomen in

Onder de noemer lokaal thermisch discomfort zijn (analoog aan de internationale norm

gangbare software voor temperatuuroverschrijdings (TO-)berekeningen, zoals Vabi Elements

NEN-EN-ISO 7730) de eisen voor de vloertemperatuur, de verticale temperatuurgradiënt en

Gebouwsimulatie.

stralingsasymmetrie samengebracht.

Bij TO-berekeningen dient het referentiejaar RA2018T1, zoals beschreven in NEN 5060, te

Eisen uit PvE Frisse Scholen voor Klasse A, B en C komen overeen met de eisen voor Klasse A, B

worden aangehouden.

en C uit de norm NEN-EN-ISO 7730. Aanvullend wordt gesteld dat de gemiddelde stralingstemperatuur in de winter hoger dient te zijn dan de luchttemperatuur. Voor een goed thermisch

Individuele beïnvloeding

comfort is juist stralingswarmte gewenst.

Om klachten over het binnenklimaat te voorkomen zijn mogelijkheden voor individuele beïnvloeding onontbeerlijk. Onder ‘individuele beïnvloeding’ zijn eisen opgenomen voor de regelbaarheid van verwarming, koeling en buitenzonwering. Spuivoorzieningen (opgenomen onder het thema lucht) zijn overigens ook een zeer belangrijke vorm van persoonlijke beïnvloeding van de temperatuur.

Ventilatieve koeling Te openen delen in de gevel zijn belangrijk om de temperatuur in een ruimte te beheersen, zonder dat gebruik hoeft te worden gemaakt van actieve koeling. Om optimaal gebruik te kunnen maken van de aanwezige spuiventilatie-voorzieningen voor ventilatieve koeling is het belangrijk dat er meerdere te openen ramen aanwezig zijn, evenredig verdeeld over de gevel. Het risico op tocht blijft beperkt wanneer te openen delen hoog in het lokaal (>1,8 m) worden geopend bij relatief lage buitentemperaturen. In de zomer kunnen te openen delen laag in het lokaal juist zorgen voor een ‘verfrissend briesje’ direct in de leefzone. Het is belangrijk dat de ramen hoog en laag in het lokaal afzonderlijk van elkaar kunnen worden geopend.

Tocht Eisen ter voorkoming van tochthinder uit PvE Frisse Scholen voor Klasse A, B en C komen overeen met de eisen voor Klasse A, B en C uit de norm NEN-EN-ISO 7730. Behalve eisen voor de maximale luchtsnelheid kan ook gebruik worden gemaakt van de Draught Rate ofwel het verwachte percentage ontevredenen als gevolg van tocht.

37 | Programma van Eisen Frisse Scholen 2021

Achtergronden Licht

Individuele beïnvloeding Het kunnen aanpassen van de lichtsituatie is van belang om klachten over het visueel comfort te voorkomen. Onder ‘individuele beïnvloeding’ zijn eisen opgenomen voor de regelbaarheid

Kunstlicht

van kunstlicht en lichtwering.

Een goed visueel comfort door kunstlicht is niet alleen afhankelijk van de verlichtingssterkte, maar ook van de gelijkmatigheid van de verlichting, verblinding en de lichtkleur. Het PvE Frisse Scholen houdt rekening met al deze aspecten, aansluitend bij de bepalingen in de norm NEN-EN 12464-1. Aanvullend zijn eisen opgenomen voor de kwaliteit van LED-verlichting. Aandachtspunten hierbij zijn o.a. flicker en de kleurweergave.

Daglicht Voldoende daglicht (en uitzicht) zijn van belang voor een comfortabele leer- en werkomgeving. Bovendien kan het energie besparen (zie ook de eisen onder ‘Energiezuinige verlichting’). Voor het kwantificeren van de hoeveelheid daglicht wordt gewerkt met de daglichtfactor. De verhouding (in %) tussen de hoeveelheid daglicht buiten en op een bepaald punt binnen. In de eisen uit het PvE Frisse Scholen is een balans gezocht tussen optimale daglichttoetreding (minimaal gebruik van kunstlicht) en temperatuurbeheersing (verkleinen van het raamoppervlak). De Klasse B en C-eisen sluiten aan bij de minimum- en mediumeisen voor de daglichtfactor DT uit de internationale norm NEN-EN 17037:2018.

Helderheidswering Voor een optimale leesbaarheid van smartboards is helderheidswering (ook wel lichtwering genoemd) vrijwel onmisbaar. Hiermee kunnen hinderlijke contrasten en reflecties van licht worden voorkomen. Dit geldt niet alleen voor zonbelaste gevels, maar bijv. ook aan de noordzijde. Helderheidswering en zonwering kunnen worden gecombineerd, maar de functionele eisen voor zonwering en lichtwering hoeven niet automatisch overeen te komen.

38 | Programma van Eisen Frisse Scholen 2021

Achtergronden Geluid

Ruimteakoestiek In groepsruimten/leslokalen is het realiseren van een goede tot uitstekende spraakverstaanbaarheid van groot belang. Hiervoor is het noodzakelijk dat galm in de ruimte zoveel mogelijk

Geluidwering van de gevel

wordt voorkomen, het achtergrondgeluidniveau in de ruimte beperkt blijft en het spraakge-

In het PvE Frisse Scholen wordt de geluidwering van de gevel uitgedrukt in GA in tegenstelling

luid voldoende hoog boven het achtergrond-geluidniveau ligt. Pas dan kan een goede

tot de karakteristieke geluidwering van de gevel GA;k zoals opgenomen in het Bouwbesluit. De

spraakoverdracht van docent naar toehoorders worden gerealiseerd. Al deze factoren hangen

GA heeft een beter verband met het geluidniveau in de groepsruimte. De geluidwering van de

samen met de aanwezigheid van doelmatige geluidabsorberende voorzieningen in de ruimte.

gevel GA dient te worden bepaald conform NEN 5077. De geluidwering dient te worden bepaald

Voor standaard groepsruimten met een vloeroppervlak van ca. 50 m² en een volume van ca.

bij gesloten ramen, maar met de beoogde hoeveelheid luchtverversing.

150 m³, bestaat er duidelijke relatie tussen de hoeveelheid geluidabsorptie in de ruimte en de

In het Bouwbesluit 2012 worden geen eisen gesteld aan de geluidwering van de gevel, wanneer

nagalmtijd.

geen sprake is van een vastgesteld hogere waardenbesluit. Wegen met een snelheid van 30 km/uur of situaties waarbij de voorkeursgrenswaarde van de afzonderlijke wegen niet

Met de vereiste nagalmtijden wordt bij klasse C en B een goede spraakverstaanbaarheid

wordt overschreden, vallen dus buiten beschouwing. In het PvE Frisse Scholen wordt

gerealiseerd, bij klasse A is de spraak-verstaanbaarheid uitstekend. Voorwaarde is dat de

voorgesteld uit te gaan van de gecumuleerde geluidbelasting ten gevolge van industrie-, weg-

achtergrondgeluidniveaus ten gevolge van buitengeluid en installaties beperkt blijven tot de

of spoorweglawaai.

bij de onderdelen ‘geluidwering van de gevel’ en ‘installatiegeluid’ genoemde waarden.

Installatiegeluid

Luchtgeluidisolatie

Geluid van installaties (mechanische voorzieningen voor luchtverversing, warmteopwekking

In het PvE Frisse Scholen worden de eisen met betrekking tot luchtgeluidisolatie uitgedrukt in

of warmteterugwinning) kan een bron van hinder zijn in gebouwen. In scholen kan dit

het gewogen luchtgeluidniveau-verschil DnT;A, te bepalen conform NEN 5077. De eisen zijn

bijvoorbeeld leiden tot stemproblemen onder leerkrachten.

alleen gesteld voor groepsruimten/leslokalen en kantoren, waarin normaal (onversterkt)

In het PvE Frisse Scholen worden de eisen met betrekking tot installatiegeluid uitgedrukt in

gesproken wordt. Voor ruimten waarin hogere geluidniveaus optreden, zoals muzieklokalen,

een installatiegeluidniveau LI;A. Het installatiegeluidniveau wordt niet uitgedrukt in een

technieklokalen e.d. is het wenselijk om de eis af te stemmen op de maatgevende geluid-

karakteristieke waarde LI;A;k zoals opgenomen in het Bouwbesluit vanwege de afmetingen

niveaus in de ruimten.

(volume) van standaard groepsruimten. De LI;A wordt bepaald volgens NEN 5077. Een alternatief is de methodiek uit BRL 8010 (VentilatiePrestatieKeuring).

De Klasse C-eisen sluiten aan bij de eisen die in het handboek ‘Bouwfysische kwaliteit rijkshuisvesting’ van het Rijksvastgoedbedrijf worden gehanteerd.

De geluidniveaus dienen te worden bepaald onder representatieve omstandigheden, waarbij de installaties voldoen aan de vereiste prestaties op het gebied van ventilatie, verwarming of koeling.

39 | Programma van Eisen Frisse Scholen 2021

Contactgeluid In het PvE Frisse Scholen worden de eisen met betrekking tot contactgeluid uitgedrukt in een gewogen contactgeluid-drukniveau LnT;A, te bepalen conform NEN 5077. De eisen zijn alleen gesteld voor groepsruimten/leslokalen en kantoren. Voor ruimten waarin hogere contactgeluidniveaus te verwachten zijn, zoals muzieklokalen, sportzalen en technieklokalen e.d. is het wenselijk om de eis af te stemmen op het gebruik. Bij toepassing van massieve vloeren is deze eis in de regel goed realiseerbaar. Wanneer echter verende vloeren worden toegepast, dient rekening gehouden te worden met de uitvoeringsvereisten zoals opgenomen in NPR 5070:2005. Hierbij wordt opgemerkt dat de verende vloer ter plaatse van scheidingswanden gedilateerd dient te worden om ook in horizontale richting aan de eis te kunnen voldoen.

40 | Programma van Eisen Frisse Scholen 2021

Invulformulier Ambitieprofiel Naam School Vestigingsadres Datum

In de onderstaande tabel kunt u het ambitieprofiel voor uw school vastleggen. U bepaalt zelf welke eisen u opneemt in het PvE van uw school en op welk ambitieniveau. Niet voor alle aspecten zijn aparte eisen voor Klasse A, B en C. In dat geval zijn de vakjes samengevoegd. Klasse C Voldoende

Klasse B - Goed extra t.o.v. klasse C

Klasse A Uitmuntend extra t.o.v. klasse B

Klasse C Voldoende

Energie

Temperatuur

Energieprestatie

Temperatuur winter

Duurzame energie *

Temperatuur zomer

Thermische isolatie gebouwschil *

Individuele beïnvloeding

Energie-efficiëntie ventilatie *

Ventilatieve koeling

Energie-efficiëntie verwarming *

Tocht

Energie-efficiëntie koeling *

Lokaal thermisch discomfort

Energie-efficiëntie verlichting *

Licht

Lucht

Kunstlicht

Luchtverversing **

Daglicht

Spuiventilatie

Helderheidswering

Ruimtevolume

Individuele beïnvloeding

Kwaliteit van de toevoerlucht Fijnstof Emissies van materialen Emissies van apparatuur Schoonmaakbaarheid Tabaksrook Toiletten Legionella Asbest * * Alleen van toepassing bij bestaande bouw ** Bij nieuwbouw minimaal Klasse B

Geluid Geluidwering van de gevel Installatiegeluid Ruimteakoestiek Luchtgeluidisolatie Contactgeluidisolatie Kwaliteitsborging Energie Lucht Temperatuur Licht Geluid

41 | Programma van Eisen Frisse Scholen 2021

Klasse B - Goed extra t.o.v. klasse C

Klasse A Uitmuntend extra t.o.v. klasse B

Relatie met aanpalende richtlijnen, instrumenten e.d. Kwaliteitskader huisvesting 2020 (Ruimte-OK)

GPR Gebouw (W/E Adviseurs)

Arbocatalogus-PO

Arbocatalogus-VO

Energie

Ten aanzien van de energieprestatie, de thermische isolatie gebouwschil, de energie-efficiënte ventilatie, de energieefficiënte verwarming, de energie-efficiënte koeling, de duurzame energie en het beheer verwijst het kwaliteitskader huisvesting naar een bepaalde klasse in het PVE Frisse Scholen.

Ten aanzien van de energieprestatie komt een bepaalde GPR gebouw score ongeveer overeen met klasse, C, klasse B of klasse A in het PVE Frisse Scholen.

Geen relatie

Geen relatie

Lucht

Ten aanzien van de luchtverversing, de spuiventilatie, de ruimtevolume, de kwaliteit van de toevoerlucht, de emissies van materialen, de emissies van apparatuur, de schoonmaakbaarheid en de tabaksrook verwijst het kwaliteitskader huisvesting naar een bepaalde klasse in het PVE Frisse Scholen.

Ten aanzien van de luchtverversing, de spuiventilatie, de kwaliteit van de toevoerlucht, de emissies van materialen, emissies van apparatuur, de schoonmaakbaarheid, de legionella en het asbest komt een bepaalde GPR gebouw score ongeveer overeen met klasse, C, klasse B of klasse A in het PVE Frisse Scholen.

Geen relatie Ten aanzien van de luchtverversing verwijst de Arbocatalogus-PO naar het Arbobesluit. Dat besluit stelt geen specifieke eisen aan de aspecten zoals die in het PVE Frisse Scholen t.a.v. het thema lucht worden onderscheiden.

Voor een theorielokaal stelt de Arbocatalogus-VO als minimale norm: klasse C voor alle onderscheiden aspecten van het thema lucht van het PVE Frisse Scholen.

Temperatuur

Ten aanzien van de operatieve temperatuur winter, de operatieve temperatuur zomer, de individuele beïnvloeding en het lokaal thermisch discomfort verwijst het kwaliteitskader huisvesting naar een bepaalde klasse in het PVE Frisse Scholen.

Ten aanzien van de operatieve temperatuur zomer, de individuele beïnvloeding en het lokaal thermisch discomfort komt een bepaalde GPR gebouw score ongeveer overeen met klasse, C, klasse B of klasse A in het PVE Frisse Scholen.

Geen relatie Ten aanzien van de temperatuur verwijst de Arbocatalogus-PO naar hetArbobesluit. Dat besluit stelt geen specifieke eisen aan de aspecten zoals die in het PVE Frisse Scholen t.a.v. het thema temperatuur worden onderscheiden.

Voor een theorielokaal stelt de Arbocatalogus-VO als minimale norm: klasse C voor alle onderscheiden aspecten van het thema temperatuur van het PVE Frisse Scholen.

Licht

Ten aanzien van het kunstlicht, het daglicht, de helderheidswering en de individuele beïnvloeding verwijst het kwaliteitskader huisvesting naar een bepaalde klasse in het PVE Frisse Scholen.

Ten aanzien van het kunstlicht, het daglicht en de helderheidswering komt een bepaalde GPR gebouw score ongeveer overeen met klasse C, klasse B of klasse A in het PVE Frisse Scholen.

Geen relatie Ten aanzien van licht verwijst de Arbocatalogus-PO naar het Arbobesluit en het Bouwbesluit. Hierin worden geen specifieke eisen aan de aspecten zoals die in het PVE Frisse Scholen t.a.v. het thema licht worden onderscheiden.

Voor een theorielokaal stelt de Arbocatalogus-VO als minimale norm: klasse C voor alle onderscheiden aspecten van het thema licht van het PVE Frisse Scholen.

Geluid

Ten aanzien van de geluidwering van de gevel, het installatiegeluid, de ruimteakoestiek, de luchtgeluidisolatie en de contactgeluidisolatie verwijst het kwaliteitskader huisvesting naar een bepaalde klasse in het PVE Frisse Scholen.

Ten aanzien van de geluidwering van de gevel, het installatiegeluid, de ruimteakoestiek, de luchtgeluidisolatie en de contactgeluidisolatie verwijst het kwaliteitskader huisvesting naar een bepaalde klasse in het PVE Frisse Scholen.

Geen relatie Ten aanzien van geluid verwijst de ArbocatalogusPO naar de Arbowet, hetArbobesluit en het Bouwbesluit. Met uitzondering van het Bouwbesluit worden geen specifieke eisen gesteld aan de aspecten zoals die in het PVE Frisse Scholen t.a.v. het thema geluid worden onderscheiden.

Voor een theorielokaal stelt de Arbocatalogus-VO als minimale norm: klasse C voor alle onderscheiden aspecten van het thema geluid van het PVE Frisse Scholen.

42 | Programma van Eisen Frisse Scholen 2021

Andere Duurzaamheidsinstrumenten:

in de toekomst wellicht een uitbreiding naar andere gebouwfuncties uitgebracht. WELL gaat over de thema’s lucht, water, voeding, comfort en geestelijke gezondheid. Daarmee is het veel

Milieu Prestatie Gebouw

breder dan alleen een technische richtlijn.Het gaat ook over arbeidsvoorwaarden, een

Bij de Milieu Prestatie Gebouw (MPG) wordt de impact van het realiseren van een gebouw

gezonde kantine, beleving en inrichting. Het Programma van Eisen voor Frisse Scholen richt

bepaald op verschillende milieuaspecten zoals emissies, uitputting van grondstoffen,

zich vooral op de bouw en/of verbouw en de vaste inrichting van onderwijsruimten en is

vervuiling etc. Deze milieu-impact wordt uitgedrukt in milieuschaduwkosten en berekend op

daarmee niet vergelijkbaar met WELL.

basis van de toegepaste materialen. De milieuschaduwkosten per eenheid van de verschillende materialen zijn vastgelegd in de Nationale Milieu Database. Bij een aanvraag voor een

BREEAM-NL

bouwvergunning is het verplicht om een MPG berekening aan te leveren. Het Programma van

BREEAM-NL is een gangbare richtlijn voor het certificeren van gebouwen op het gebied van

Eisen voor Frisse Scholen gaat niet in op de MPG. De voorzieningen die noodzakelijk zijn om

duurzaamheid. Er zijn 9 milieuthema’s vastgesteld en voor elk van die thema’s worden

aan het Programma van Eisen te voldoen hebben natuurlijk wel een milieu-impact en leiden

bovenwettelijke eisen gesteld aan de prestaties, de werkwijze voor ontwerp en uitvoering en

daarmee tot milieuschaduwkosten. Bij de technische uitwerking is het zaak om door middel

de aan te leveren bewijsvoering. Certificering vindt plaats op basis van de geleverde prestatie,

van een efficiënt ontwerp en een goede materiaalkeuze deze milieuschaduwkosten zoveel

van één tot vijf sterren. Het Programma van Eisen voor Frisse Scholen stelt eisen aan energie,

mogelijk te beperken.

luchtkwaliteit, thermisch comfort, visueel comfort etc. De milieuthema’s Energie en Gezondheid binnen BREEAM-NL worden dus ook in het Programma van Eisen voor Frisse

Building Circularity Index

Scholen behandeld. Hoe het Programma van Eisen zich vertaald in de BREEAM-NL score op

Circulariteit is één van de hoofdthema’s op het gebied van duurzaamheid. Het gebruik van

deze aspecten is projectafhankelijk. De 7 andere thema’s uit BREEAM-NL worden in het

hernieuwbare grondstoffen en/of hergebruikte materialen aan de ene kant en het demontabel

Programma van Eisen niet of slechts zeer beperkt behandeld.

bouwen aan de andere kant bevorderen de ontwikkeling van een circulaire economie voor bouwmaterialen en installaties. Door Alba Concepts is recent een rekeninstrument ontwik-

LEED

keld om de circulariteit van een gebouw in kaart te kunnen brengen, de Building Circularity

LEED is een vergelijkbaar systeem met BREEAM-NL afkomstig uit de VS. De vereiste bovenwet-

Index. Daarin wordt zowel de oorsprong van het materiaal als de mate van hergebruik na

telijke prestaties worden dan ook getoetst aan Amerikaanse richtlijnen. Vooral voor internati-

afloop van de functionele levensduur van het gebouw meegewogen. Het Programma van

onale bedrijven met wereldwijde standaarden is dit interessant. Er worden onder andere eisen

Eisen Frisse Scholen is geen richtlijn op het gebied van circulariteit. Net als bij de MPG geldt

gesteld aan ’Energy Performance’ en ‘Indoor Environmental Quality’. Dit zijn ook onderwer-

echter dat de benodigde voorzieningen wel zo circulair mogelijk gerealiseerd dienen te

pen die bij het Programma van Eisen Frisse Scholen worden behandeld. In enkele gevallen

worden.

stemmen de internationale standaarden die worden gehanteerd met elkaar overeen. De richtlijnen van LEED veranderen echter periodiek dus er kan niet één op één vanuit worden

WELL

gegaan dat de eisen voor Frisse Scholen en voor LEED uitwisselbaar zijn. De positieve bijdrage

De WELL Building Standard is een Amerikaans certificeringssysteem waarbij op basis van een

die met het realiseren van een frisse school aan de LEED score wordt bereikt is afhankelijk van

vastgestelde richtlijn bovenwettelijke prestaties op het gebied van welzijn en gezondheid in

meerdere factoren en moet per project in kaart worden gebracht.

het gebouw worden gedefinieerd en getoetst. Op basis van deze toetsing kan een gebouw worden gecertificeerd. Deze methodiek is op dit moment vooral gericht op kantoren, al wordt

43 | Programma van Eisen Frisse Scholen 2021

Dit is een publicatie van: Rijksdienst voor Ondernemend Nederland Hanzelaan 310 | 8017 JK Zwolle

De Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO) stimuleert

Postbus 10073 | 8000 GB Zwolle

duurzaam, agrarisch, innovatief en internationaal ondernemen.

t +31 (0)88 042 42 42 (bereikbaar op werkdagen van 8.30 uur tot 17.00 uur)

Met subsidies, het vinden van zakenpartners, kennis en het voldoen

e klantcontact@rvo.nl

aan wet- en regelgeving. RVO werkt in opdracht van ministeries

www.rvo.nl/sde

en de Europese Unie.

© Rijksdienst voor Ondernemend Nederland | mei 2021

RVO is een onderdeel van het ministerie van Economische Zaken en Klimaat.

Publicatienummer: RVO-079-2021/BR-DUZA

Hoewel deze publicatie met de grootst mogelijke zorg is samengesteld kan Rijksdienst voor Ondernemend Nederland geen enkele aansprakelijkheid aanvaarden voor eventuele fouten.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://raad.gemeente-steenbergen.nl/api/v1/meetings/1721/documents/20327