Bijlage programma-van-eisen-frisse-scholen-2021.pdf
Tekst van het document
Programma van Eisen Frisse Scholen 2021 In opdracht van het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties.
>>Duurzaam, Agrarisch, Innovatief en Internationaal Ondernemen
Denk na voordat je print of print alleen indien noodzakelijk In opdracht van Rijksdienst Ondernemend Nederland Uitvoering bba binnenmilieu BenR Building Vision Versie Mei 2021
Inhoudsopgave
Inleiding
Inhoudsopgave
3
Inleiding
3
Gebruik van PVE
4
Eisen Energie
6
Eisen Lucht
12
Eisen Temperatuur
20
Eisen Licht
25
Eisen Geluid
27
Eisen Kwaliteitsborging
30
Achtergronden
33
Invulformulier Ambitieprofiel
41
Relatie met aanpalende richtlijnen, instrumenten e.d.
42
Het Programma van Eisen – Frisse Scholen dient als leidraad voor opdrachtgevers van nieuwen verbouw van scholen (schoolbesturen en gemeenten) bij het realiseren van energiezuinige en gezonde scholen. Een slecht binnenmilieu in scholen heeft een negatief effect op de gezondheid, leerprestaties en functioneren van leerlingen en onderwijzend personeel. Bij ver- en nieuwbouwplannen is het dus belangrijk vooraf eisen te stellen aan het ontwerp van het gebouw en de installaties. Naast een goed binnenmilieu is daarbij ook een laag energiegebruik van scholen essentieel.
De belangrijkste wijzigingen ten opzichte van de vorige versie van het PvE Frisse Scholen (september 2015) zijn hieronder benoemd. • Energie: De energie-eisen zijn aangepast aan de NTA 8800 en de BENG-eisen die vanaf 1 januari 2021 zijn vereist. • Luchtkwaliteit: Nieuw in dit PvE is het thema ‘Fijnstof’, waarin zowel eisen t.a.v. filters zijn opgenomen als eisen voor het bouwen op belaste locaties. De eisen voor ‘Kwaliteit van de toevoerlucht’ zijn aangepast aan de huidige bouwpraktijk. Aan de eisen voor ‘Emissies van materialen’ zijn meetbare eisen toegevoegd voor de maximale concentratie formaldehyde en vluchtige organische stoffen (TVOC). • Temperatuur: De eisen voor de operatieve temperatuur (zomer én winter) zijn aangepast, waarmee de eisen beter aansluiten bij de comfortbeleving in scholen. Eisen die voorheen onder spuiventilatie werden genoemd zijn nu onderdeel van de temperatuureisen onder ‘Ventilatieve koeling’. • Licht: De eisen voor kunstlicht zijn uitgebreid met criteria voor LED-verlichting. Voor de daglichteisen is een balans gezocht tussen optimale daglichttoetreding en temperatuurbeheersing, waarbij aansluiting is gezocht met de norm NEN-EN 17037. • Geluid: Ten aanzien van geluid zijn er geen wezenlijke wijzigingen doorgevoerd. • Kwaliteitsborging: De eisen voor kwaliteitsborging hebben een meer prominente plaats gekregen in het PvE Frisse Scholen.
Hierbij is meer aandacht voor monitoring van energieen binnenmilieuprestaties.
3 | Programma van Eisen Frisse Scholen 2021
Gebruik van het PvE
Drie ambitieniveaus Voor ieder thema zijn drie ambitieniveaus vastgesteld: • klasse C (Voldoende)
Als gemeente of schoolbestuur wilt u graag een Frisse School: een schoolgebouw met een
• klasse B (Goed)
goed binnenmilieu en een lage energierekening. Bij nieuwbouw of renovatie moet u hiervoor
• klasse A (Uitmuntend)
de eisen formuleren waarop ontwerpers, installateurs en aannemers hun plannen kunnen
Daaraan zijn (prestatie)eisen gekoppeld. Klasse C is het basisniveau; gebaseerd op geldende
baseren. Om u hierbij te ondersteunen heeft de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland
wet- en regelgeving (o.a. zoals deze in het Bouwbesluit van kracht zijn), aangevuld met
(RVO) het ‘Programma van Eisen – Frisse Scholen laten ontwikkelen. Deze versie van het
relevante basisuitgangspunten voor een gezond en comfortabel binnenklimaat. De eisen zijn
Programma van Eisen – Frisse Scholen is aangepast op basis van de eisen in het Bouwbesluit
zo geformuleerd dat alle eisen die bij C staan ook voor B en A gelden, tenzij daar een zwaar-
op 1 januari 2021.
dere eis is opgenomen.
Bij nieuwbouw of renovatie is het belangrijk om al in een vroeg stadium eisen te formuleren
Keuze op maat
aan het ontwerp van het gebouw en de installaties. De maatregelen kunnen dan nog in het
Het PvE werkt als een menukaart; als opdrachtgever bepaalt uzelf welke eisen u opneemt en
ontwerp worden geïntegreerd en zo kunnen kosten worden bespaard. Het uiteindelijke doel
op welk ambitieniveau. Het kwaliteitsniveau is een keuze op maat en per thema en hangt af
is een zo gezond, comfortabel en energiezuinig mogelijke school binnen het beschikbare
van uw ambities, eventuele speciale eisen ten aanzien van het type onderwijs of leerlingen en
budget.
het beschikbare budget. • kies bij nieuwbouw en ingrijpende renovaties in beginsel op alle aspecten voor een klasse
Doelen Met een goed Programma van Eisen (PvE) kunt u: • een ambitieprofiel voor energie en binnenmilieu vaststellen, • eisen opnemen voor het ontwerp en het bestek, • offertes voor bouwopdrachten opstellen en bouwopdrachten verstrekken, • de uitvoering controleren en het eindresultaat en toetsen,
B-kwaliteit; • kies op één of meerdere aspecten voor klasse A wanneer men extra kwaliteit wenst, bijvoorbeeld een klasse A voor akoestiek op een school waar les wordt gegeven in een taal die voor veel leerlingen niet de moedertaal is; • kies voor tijdelijke huisvesting, kleinere renovaties of wanneer de financiële middelen zeer zeer beperkt zijn (op onderdelen) voor klasse C.
• eisen stellen aan monitoring en beheer en onderhoud.
Uitgangspunten bij het PvE Vijf thema’s
De eisen uit het PvE dienen in minimaal 95% van de gebruikstijd te worden gehaald. Er is
Het PvE - Frisse Scholen gaat in op vijf thema’s:
rekening gehouden met een marge van 5% om te anticiperen op storingen of extreme situaties
• Energie
(denk aan het weer of overbezetting van ruimten). Het PvE is van toepassing op standaard
• Lucht
leslokalen in scholen voor PO en VO. De eisen zijn niet zonder meer toepasbaar op bijvoor-
• Temperatuur
beeld vaklokalen (zoals lokalen voor scheikunde/ natuurkunde of muziek), praktijklokalen,
• Licht
collegezalen, speellokalen, aula’s, kantoren en spreekkamers of werkplekken op de gang
• Geluid
(zoals onderwijspleinen). Voor ruimten voor kinderopvang binnen een schoolgebouw kunnen bovendien andere wettelijke eisen van toepassing zijn.
4 | Programma van Eisen Frisse Scholen 2021
Het is voor deze ruimten belangrijk om eisen op maat vast te stellen, waarbij dit PvE op onderdelen vaak wel gebruikt kan worden. Bijvoorbeeld: de temperatuur in een muzieklokaal hoeft niet anders te zijn dan in standaardlokalen. Op gebied van geluid en akoestiek zijn wel andere eisen van toepassing. Verdere achtergronden bij de PvE is per thema beschreven achterin dit document.
Frisse scholen Toets Het stellen van eisen voorafgaand aan nieuwbouw of renovatie biedt nog geen garantie voor een goed eindresultaat. Als opdrachtgever zult u tijdens het ontwerp en bouwproces de (tussen)resultaten moeten toetsen. En na de bouw zult u moeten controleren of de overeengekomen prestaties inderdaad worden geleverd. RVO heeft hiervoor de Frisse Scholen Toets ontwikkeld. De Frisse scholen Toets is te vinden en te downloaden op de website van RVO.
Meer info Het Programma van Eisen – Frisse Scholen is een publicatie van de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO), opgesteld in opdracht van het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties. Het PvE Frisse Scholen is te vinden en te downloaden op de website van RVO.
5 | Programma van Eisen Frisse Scholen 2021
Klasse B - Goed
Klasse A - Uitmuntend
extra t.o.v. klasse C
extra t.o.v. klasse B
• Het primair fossiel energiegebruik (BENG 2) is gelijk aan of lager dan vereist in het bouwbesluit.
• Het primair fossiel energiegebruik (BENG 2) is minimaal 25% lager dan vereist in het bouwbesluit.
• Het primair fossiel energiegebruik (BENG 2) is minimaal 50% lager dan vereist in het bouwbesluit.
• De energiebehoefte (BENG 1) is gelijk aan of lager dan vereist in het bouwbesluit.
• De energiebehoefte (BENG 1) is minimaal 20% lager dan vereist in het bouwbesluit.
• De energiebehoefte (BENG 1) is minimaal 40% lager dan vereist in het bouwbesluit.
• Het aandeel hernieuwbare energie (BENG 3) is minimaal 40%.
• Het aandeel hernieuwbare energie (BENG 3) is minimaal 55%.
• Het aandeel hernieuwbare energie (BENG 3) is minimaal 70%.
Toelichting: • Vanaf 1 januari 2021 is de vereiste energiezuinigheid vastgelegd in BENG-eisen, aan te tonen aan de hand van NTA 8800. Het maximaal toelaatbare primair fossiel energiegebruik (BENG 2) is daarbij vastgelegd in het bouwbesluit.
Toelichting: • <
Toelichting: • <<
• Het aandeel hernieuwbare energie betreft zelf opgewekte hernieuwbare energie, bepaald conform conform NTA 8800 (BENG 3).
• <
• <<
• De energiebehoefte dient vanuit de trias energetica als eerste gereduceerd te worden. Het aandeel hernieuwbare energie (BENG 3) zorgt er vervolgens voor dat aan de eisen voor het primair fossiel energiegebruik (BENG 2) wordt voldaan. Naar mate BENG 1 hoger wordt, wordt dient BENG 3, dus de productie van duurzame energie, ook toe te nemen om aan de eisen voor BENG 2 te kunnen voldoen. Dit leidt tot extra investeringen, materiaalgebruik etc. BENG 1 dient dus als eerste stap zo laag mogelijk te zijn.
• <
• <<
Energie
Klasse C - Voldoende
Nieuwbouw en ingrijpende renovatie Energieprestatie
Voor alle eisen geldt dat hieraan minimaal 95% van de gebruikstijd dient te worden voldaan.
6 | Programma van Eisen Frisse Scholen 2021
Energie
Klasse C - Voldoende
Klasse B - Goed
Klasse A - Uitmuntend
extra t.o.v. klasse C
extra t.o.v. klasse B
Bestaande Bouw Energieprestatie
Duurzame energie
• Het energielabel is minimaal C.
• Het energielabel is minimaal B.
• Het energielabel is minimaal A+.
Toelichting: • Het energielabel dient bepaald te worden met behulp van NTA 8800.
Toelichting: • <
Toelichting: • <<
• Het energielabel houdt rechtstreeks verband met het energiegebruik en de CO₂-emissie van het gebouw.
• <
• <<
• Voor de toepassing van duurzame energie is een haalbaarheidsstudie uitgevoerd. Alle financieel haalbare voorzieningen voor het opwekken van duurzame energie zijn getroffen.
• Het aandeel hernieuwbare energie (BENG 2) bedraagt minimaal 20% van de energiebehoefte (BENG 1).
• Het aandeel hernieuwbare energie (BENG 2) bedraagt minimaal 40% van de energiebehoefte (BENG 1).
Toelichting: • Wanneer voor het bepalen van het energielabel een maatwerkadvies is uitgevoerd, waarin ook de opties voor duurzame energie zijn onderzocht, dan kan dit maatwerkadvies als haalbaarheidsstudie worden gehanteerd.
Toelichting: • <
Toelichting: • <<
Voor alle eisen geldt dat hieraan minimaal 95% van de gebruikstijd dient te worden voldaan.
7 | Programma van Eisen Frisse Scholen 2021
Klasse B - Goed
Klasse A - Uitmuntend
extra t.o.v. klasse C
extra t.o.v. klasse B
Energie
Klasse C - Voldoende
Thermische isolatie gebouwschil
Voor gesloten delen: • De warmteweerstand bedraagt minimaal het rechtens verkregen niveau met een minimum van: 1,4 m2K/W.
Voor gesloten delen: • De warmteweerstand voldoet minimaal aan de eisen voor nieuwbouw, zoals aangegeven in artikel 5.3 en tabel 5.1 van het Bouwbesluit.
Voor gesloten delen: • <
Voor ramen, deuren en kozijnen: • De gemiddelde warmtedoorgangscoëfficient bedraagt maximaal 1,65 W/m2K. (inclusief kozijn).
Voor ramen, deuren en kozijnen: • <
Voor ramen, deuren en kozijnen: • De gemiddelde warmtedoorgangscoëfficient bedraagt maximaal 1,2 W/m2K (inclusief kozijn).
• De luchtdoorlatendheid van de gebouwschil (qv;10) bedraagt maximaal 1,0 dm3/s.m2.
• De luchtdoorlatendheid van de gebouwschil (qv;10) bedraagt maximaal 0,6 dm3/s.m2.
• De luchtdoorlatendheid van de gebouwschil (qv;10) bedraagt maximaal 0,4 dm3/s.m2.
Bij volledige vervanging van de gevel: • De warmteweerstand voldoet minimaal aan de eisen voor nieuwbouw, zoals aangegeven in artikel 5.3 en tabel 5.1 van het Bouwbesluit. • De luchtdoorlatendheid van de gebouwschil (qv;10) bedraagt maximaal 0,4 dm3/s.m2.
Bij volledige vervanging van de gevel: • <
Bij volledige vervanging van de gevel: • <<
• De luchtdoorlatendheid van de gebouwschil (qv;10) bedraagt maximaal 0,2 dm3/s.m2.
• De luchtdoorlatendheid van de gebouwschil (qv;10) bedraagt maximaal 0,15 dm3/s.m2.
Toelichting: • De warmteweerstand en de warmtedoorgangscoëfficiënt dienen te worden bepaald volgens NEN 1068.
Toelichting: • <
Toelichting: • <<
• Bij volledige vervanging van de gevel moet aan de eisen voor nieuwbouw in het Bouwbesluit worden voldaan.
• <
• <<
• Het rechtens verkregen niveau is het niveau zoals dat gold op Het moment van de oorspronkelijke bouwaanvraag.
• <
• <<
• De luchtdoorlatendheid van de gebouwschil wordt bepaald conform NEN-EN ISO 9972.
• <
• <<
Voor alle eisen geldt dat hieraan minimaal 95% van de gebruikstijd dient te worden voldaan.
8 | Programma van Eisen Frisse Scholen 2021
Energie
Energie-efficiëntie ventilatie
Energie-efficiëntie verwarming
Klasse C - Voldoende
Klasse B - Goed
Klasse A - Uitmuntend
extra t.o.v. klasse C
extra t.o.v. klasse B
• Mechanische ventilatiesystemen hebben een energiezuinige ventilator (IE3-elektromotor of beter) met toerenregeling.
• <
• <<
• Een mechanisch ventilatiesysteem wordt ten minste geregeld op basis van weekprogramma (inclusief vakantieprogramma) en is voorzien van een overwerktimer. Daarnaast is er een regeling voor zomernachtventilatie.
• <
• <<
• Een ventilatiesysteem met mechanische luchttoe- en afvoer is voorzien van warmteterugwinning met een minimaal rendement van 73%.
• Een ventilatiesysteem met mechanische luchttoevoer is voorzien van warmteterugwinning met een minimaal rendement van 75%.
• Een ventilatiesysteem met mechanische luchttoevoer is voorzien van warmteterugwinning met een minimaal rendement van 80%.
• De warmteopwekking heeft een rendement van minimaal 95%.
• <
• <<
• De warmtedistributie heeft een rendement van minimaal 90%.
• De warmtedistributie heeft een rendement van minimaal 95%.
• <
• De centrale warmte-opwekking wordt ten minste geregeld op basis van kloktijden, inclusief een weekend- en vakantieprogramma.
• <
• <<
• De verwarming kan per ruimte worden (na) geregeld.
• <
• De regeling van de verwarming en ventilatie in verblijfsruimten is geïntegreerd. De regeling vindt plaats op basis van de CO2-concentratie in de ruimte.
• Bij volledige vervanging van zowel de warmteopwekking als de warmtedistributie: • De warmtevoorziening dient hoofdzakelijk aardgasvrij te worden uitgevoerd. Toelichting: • Het opwekkings- en distributierendement dient te worden bepaald overeenkomstig de geldende wettelijke richtlijnen.
Toelichting: • <
Voor alle eisen geldt dat hieraan minimaal 95% van de gebruikstijd dient te worden voldaan.
9 | Programma van Eisen Frisse Scholen 2021
• <
Toelichting: • <<
Energie
Energie-efficiëntie koeling
Klasse C - Voldoende
Klasse B - Goed
Klasse A - Uitmuntend
extra t.o.v. klasse C
extra t.o.v. klasse B
• Op alle daglichtopeningen (inclusief daklichten) behoudens de noordzijde is buitenzonwering (bijvoorbeeld screens of uitvalschermen of vaste zonwering zoals overstekken) aanwezig.
• <
• <<
• De warmteproductie door verlichting en andere gebouwgebonden apparatuur, met uitzondering van luchtbehandeling, bedraagt maximaal 15 W/m2.
• <
• <<
• Het mechanische ventilatiesysteem is voorzien van een automatische regeling voor zomernachtventilatie.
• <
• <<
• Er zijn spuiventilatievoorzieningen aanwezig overeenkomstig de eisen onder Luchtkwaliteit.
• <
• <<
• Het gebouw is niet voorzien van mechanische koeling OF de mechanische koeling heeft een SEER van minimaal 15,4 bepaald volgens AHRI 210/240.
• <
Toelichting: • <
Toelichting: • <<
• <
• <<
• Bij het realiseren van de eisen voor thermisch comfort dient het gebruik van mechanische koeling zoveel mogelijk vermeden te worden. Indien toch mechanische koeling noodzakelijk is dient deze zeer energie-efficiënt te zijn. De genoemde eis betekent dat de koelinstallatie voldoet aan de eisen van het Energy Star label en minimaal 10% efficiënter is dan de wettelijke eisen.
• Voor de mechanische koeling dient duurzame energie te worden toegepast, bijvoorbeeld door middel van koeling met oppervlaktewater, een WKO systeem of met behulp van op de locatie duurzaam opgewekte elektriciteit, waarbij de voor koeling gebruikte energie niet meetelt in het percentage dat vereist is onder ‘Duurzame energie’.
Toelichting: • Het voorkomen van opwarming staat centraal. Dit kan met behulp van buitenzonwering, het beperken van de warmteproductie binnen, het afvoeren van warmte door (spui)ventilatie en het benutten van de thermische massa. • Een automatische regeling voor zomernachtventilatie draagt zorg voor het automatisch aan- en uitschakelen van de ventilatie buiten bedrijfstijden, op basis van het verschil tussen de binnen- en buitentemperatuur.
Voor alle eisen geldt dat hieraan minimaal 95% van de gebruikstijd dient te worden voldaan.
10 | Programma van Eisen Frisse Scholen 2021
Energie
Energie-efficiëntie verlichting
Klasse C - Voldoende
Klasse B - Goed
Klasse A - Uitmuntend
extra t.o.v. klasse C
extra t.o.v. klasse B
• Het geïnstalleerd vermogen van de verlichting in verblijfsruimten bedraagt maximaal 10 W/m2.
• Het geïnstalleerd vermogen van de verlichting in verblijfsruimten bedraagt maximaal 7,5 W/m2.
• Het geïnstalleerd vermogen van de verlichting in verblijfsruimten bedraagt maximaal 5 W/m2.
• Het geïnstalleerd vermogen van de verlichting in overige ruimten bedraagt maximaal 5 W/m2.
• Het geïnstalleerd vermogen van de verlichting in overige ruimten bedraagt maximaal 4 W/m2.
• Het geïnstalleerd vermogen van de verlichting in overige ruimten bedraagt maximaal 3 W/m2.
• De verlichting in verblijfsruimten kan per ruimte worden geschakeld, met een gescheiden gang- en raamzone.
• De verlichting in verblijfsruimten is geschakeld door middel van aanwezigheidsdetectie, welke kan worden overruled door de gebruiker.
• <
• De verlichting in toiletten en bergingen is geschakeld met behulp van aanwezigheids-detectie.
• <
• <<
• De verlichting in ruimten waar daglicht aanwezig is wordt geregeld op basis van het daglichtaanbod.
• <
• <<
Toelichting: • Het daadwerkelijk geïnstalleerd vermogen in het verblijfsgebied dient te worden bepaald. Dit daadwerkelijk geïnstalleerde vermogen dient te worden gedeeld door het gebruiksoppervlak van het verblijfsgebied. Het verblijfsgebied wordt vastgesteld overeenkomstig het Bouwbesluit. Overige ruimten zijn alle ruimten die wel voorzien zijn van verlichting en niet behoren tot het verblijfsgebied.
Toelichting: • <
Toelichting: • <<
Voor alle eisen geldt dat hieraan minimaal 95% van de gebruikstijd dient te worden voldaan.
11 | Programma van Eisen Frisse Scholen 2021
Lucht
Klasse B - Goed
Klasse A - Uitmuntend
extra t.o.v. klasse C
extra t.o.v. klasse B
• De CO2-concentratie in leslokalen (in de ademzone) is tijdens gebruikstijd maximaal 1.200 ppm.
• De CO2-concentratie in leslokalen (in de ademzone) is tijdens gebruikstijd maximaal 950 ppm.
• De CO2-concentratie in leslokalen (in de ademzone) is tijdens gebruikstijd maximaal 800 ppm.
• Het ventilatiedebiet (hoeveelheid verse luchttoe- en/ of afvoer) is minimaal 6 dm³/s (21,6 m³/uur) per persoon.
• Het ventilatiedebiet (hoeveelheid verse luchttoeen/of afvoer) is minimaal 8,5 dm3/s (30,6 m3/uur) per persoon.
• Het ventilatiedebiet (hoeveelheid verse luchttoeen/of afvoer) is minimaal 12 dm3/s (43,2 m3/uur) per persoon.
Toelichting: • De Klasse C-eis is beneden de wettelijke eis voor nieuwbouw in het bouwbesluit en dus alleen toepasbaar bij bestaande bouw / renovaties.
Toelichting:
Toelichting:
• Bij de eis t.a.v. de CO₂-concentratie is uitgegaan van een CO₂-buitenconcentratie van 400 ppm. Bij een hogere buitenconcentratie mag de maximale waarde hiervoor worden gecompenseerd.
• <
• <<
• Voor de bepaling van het ventilatiedebiet is uitgegaan van een CO2-productie van gemiddeld 19 dm³/uur per persoon en een ventilatie-effectiviteit εv van 1,0. Bij een hoger activiteitenniveau (meer CO2-productie) is extra luchtverversing noodzakelijk om aan de CO2-eisen te voldoen.
• <
• <<
• De bezetting van een leslokaal (aantal leerlingen plus docenten) dient voorafgaand aan de bepaling van de ventilatiecapaciteit te worden vastgelegd. In het reguliere onderwijs dient in principe te worden uitgegaan van 30 leerlingen en 1 docent per leslokaal.
• <
• <<
• Het ventilatiedebiet wordt gemeten conform de methodiek uit BRL 8010 (VentilatiePrestatieKeuring).
• <
• <<
• De ventilatielucht wordt in de verblijfsruimten zó toegevoerd en afgevoerd, dat een goede doorspoeling van de ruimte mogelijk is (hoge ventilatie-effectiviteit).
• <
• <<
• De voorzieningen voor (natuurlijke) luchttoevoer, zoals gevelroosters, zijn voor iedere ruimte afzonderlijk en eenvoudig door aanwezige volwassenen te bedienen (op ca. 1 meter hoogte).
• <
• <<
Klasse C - Voldoende
Nieuwbouw en ingrijpende renovatie / Bestaande bouw
Voor alle eisen geldt dat hieraan minimaal 95% van de gebruikstijd dient te worden voldaan.
Luchtverversing
12 | Programma van Eisen Frisse Scholen 2021
Lucht
Spuiventilatie
Ruimtevolume
Klasse B - Goed
Klasse A - Uitmuntend
extra t.o.v. klasse C
extra t.o.v. klasse B
• De capaciteit van de spuiventilatievoorzieningen is minimaal 6 dm³/s per m² vloeroppervlak.
• De capaciteit van de spuiventilatievoorzieningen is op ruimteniveau minimaal 6 dm³/s per m² vloeroppervlak.
• De capaciteit van de spuiventilatievoorzieningen is op ruimteniveau minimaal 9 dm³/s per m² vloeroppervlak.
Toelichting: • De spuiventilatiecapaciteit dient te worden bepaald conform de bepalingen uit NEN 1087.
Toelichting: • <
Toelichting: • <<
• Om aan de Klasse B-eis te voldoen dient in een klaslokaal van 50 m² met aan één zijde te openen delen minimaal 3,0 m² volledig geopend te kunnen worden. Als ramen met een beperkte hoek kunnen worden geopend, zijn extra te openen delen noodzakelijk.
• Om aan de Klasse A-eis te voldoen dient in een klaslokaal van 50 m² met aan één zijde te openen delen minimaal 4,5 m² volledig geopend te kunnen worden. Als ramen met een beperkte hoek kunnen worden geopend, zijn extra te openen delen noodzakelijk.
• In leslokalen is de afstand van vloer tot (verlaagd) plafond minimaal 2,8 m.
• In leslokalen is de afstand van vloer tot (verlaagd) plafond minimaal 3,2 m.
Toelichting: • Met een grotere vrije hoogte kan een goede luchtkwaliteit in de leefzone langer worden gegarandeerd. Extra ruimtevolume fungeert als buffer.
Toelichting: • <
Klasse C - Voldoende
• In leslokalen is de afstand van vloer tot (verlaagd) plafond minimaal 2,6 m.
Voor alle eisen geldt dat hieraan minimaal 95% van de gebruikstijd dient te worden voldaan.
13 | Programma van Eisen Frisse Scholen 2021
Lucht
Voor alle eisen geldt dat hieraan minimaal 95% van de gebruikstijd dient te worden voldaan.
Kwaliteit van de toevoerlucht
Klasse C - Voldoende
Klasse B - Goed
Klasse A - Uitmuntend
extra t.o.v. klasse C
extra t.o.v. klasse B
• Aanwezige ventilatiesystemen (natuurlijk of mechanisch) zijn zodanig gematerialiseerd, geproduceerd en afgewerkt dat na ingebruikname de luchtkwaliteit niet nadelig kan worden beïnvloed.
• <
• <<
• Er wordt geen gebruik gemaakt van recirculatie, behalve in all-airsystemen omwille van aanwarming van het gebouw buiten gebruikstijd (recirculatie op ruimteniveau is wel toegestaan).
• Er wordt geen gebruik gemaakt van recirculatie (recirculatie op ruimteniveau is wel toegestaan).
• <
• Bij warmteterugwinning wordt gebruik gemaakt van een type warmteterugwinsysteem dat een hoge mate van scheiding (max. 5% lekkage) tussen retourlucht en toevoerlucht garandeert (bijv. een kruiswisselaar, warmtewiel of twincoil).
• Bij warmteterugwinning wordt gebruik gemaakt van een type warmteterugwinsysteem dat 100% scheiding tussen retourlucht en toevoerlucht garandeert (bijv. een kruiswisselaar of twincoil).
• <
• De afstand tussen een afvoervoorziening voor luchtverversing en een instroomopening voor de toevoer van verse lucht is zodanig dat de volgens NEN1087 bepaalde verdunningsfactor maximaal 0,01 is.
• <
• <<
• De afstand tussen een rookgasafvoer van een gasgestookt verbrandingstoestel en een instroomopening voor de toevoer van verse lucht is zodanig dat de volgens NEN2757 bepaalde verdunningsfactor maximaal 0,01 is.
• <
• <<
• Het ventilatiesysteem is zodanig ontworpen en uitgevoerd dat hygiënisch onderhoud mogelijk is. De hoofdkanalen zijn op strategische plaatsen voorzien van inspectieluiken van dusdanige afmetingen dat ze tevens gebruikt kunnen worden voor het schoonmaken van de kanalen. De in het luchtkanaal ingebouwde ventilatiecomponenten zijn zo veel mogelijk toegankelijk en demontabel voor schoonmaak, onderhoud en vervanging.
• <
• <<
• Luchttoevoerkanalen en luchtbehandelingskasten moeten zo rein mogelijk worden gehouden tijdens realisatie (bijv. openingen van luchtkanalen worden op de bouwplaats afgedopt). Hiermee is het ventilatiesysteem zo veel mogelijk schoon en stofvrij bij oplevering, zodat de kans op stofverplaatsing door het luchtbehandelingssysteem naar de diverse ruimten zo klein mogelijk is.
• Luchttoevoerkanalen en luchtbehandelingskasten worden voor ingebruikname goed inwendig gereinigd.
• <
14 | Programma van Eisen Frisse Scholen 2021
Lucht
Klasse C - Voldoende
Toelichting: • Beoordeling van de reinheid van kanalen vindt plaats op basis van een visuele beoordeling (NVRL Keur Reinheid luchtbehandeling- en ventilatiesystemen).
Klasse B - Goed
Klasse A - Uitmuntend
extra t.o.v. klasse C
extra t.o.v. klasse B
Toelichting: • <
Voor alle eisen geldt dat hieraan minimaal 95% van de gebruikstijd dient te worden voldaan.
15 | Programma van Eisen Frisse Scholen 2021
Toelichting: • <<
Lucht
Voor alle eisen geldt dat hieraan minimaal 95% van de gebruikstijd dient te worden voldaan.
Fijnstof
Klasse C - Voldoende
Klasse B - Goed
Klasse A - Uitmuntend
extra t.o.v. klasse C
extra t.o.v. klasse B
• Bij nieuwbouw en renovatie van scholen op een belaste locatie worden maatregelen genomen om de invloed van de luchtkwaliteit buiten op de binnenlucht te verminderen: • Aanvoer van verse buitenlucht vindt plaats op het dak of aan de verkeersluwe zijde (gevel of een lager gelegen dakvlak). • Openen van ramen is niet nodig voor temperatuurbeheersing. Om aan de gestelde eisen voor de temperatuur in de zomer te voldoen is lokaal regelbare mechanische koeling met voldoende capaciteit beschikbaar. • Alleen bij nieuwbouw: De luchtdoorlatendheid van de gevel (qv,10) maximaal 0,15 is (zie Klasse A-eisen voor thermische isolatie gebouwschil).
• Nieuwbouw van scholen vindt niet plaats op een belaste locatie. Bij renovatie op een belaste locatie worden maatregelen genomen om de invloed van de luchtkwaliteit buiten op de binnenlucht te verminderen: • Aanvoer van verse buitenlucht vindt plaats aan de verkeersluwe zijde (gevel of een lager gelegen dakvlak). • Openen van ramen is niet nodig voor temperatuurbeheersing. Om aan de gestelde eisen voor de temperatuur in de zomer te voldoen is lokaal regelbare mechanische koeling met voldoende capaciteit beschikbaar.
• Nieuwbouw en renovatie van scholen vindt niet plaats op een belaste locatie.
• Mechanische ventilatiesystemen zijn voorzien van filters in de toevoerlucht met een rendement ePM1 van minimaal 70% (NEN-EN-ISO 16890: ODA 2 / SUP2).
• <
• Mechanische ventilatiesystemen zijn voorzien van filters in de toevoerlucht met een rendement ePM1 van minimaal 80% (NEN-EN-ISO 16890: ODA 2 / SUP1).
• Bij scholen op belaste locaties geldt dat mechanische ventilatiesystemen zijn voorzien van filters met een rendement ePM1 van minimaal 80% (NEN-ENISO 16890: ODA 3 / SUP2).
• <
• Bij (bestaande) scholen op belaste locaties geldt dat mechanische ventilatiesystemen zijn voorzien van filters met een rendement ePM1 van minimaal 90% (NEN-EN-ISO 16890: ODA 3 / SUP1).
Toelichting: • Er is sprake van een belaste locatie: • 1. Binnen een zone van 300 meter langs een rijksweg. • 2. Binnen een zone van 50 meter vanaf de rand van een weg met een intensiteit van meer dan 10.000 motorvoertuigen per etmaal. • 3. Binnen een zone van 250 meter van veehouderijen.
Toelichting: • <
Toelichting: • <<
• Filters worden geselecteerd op basis van NEN-EN-ISO 16890.
• <
• <<
• Filters dienen minimaal 1 à 2 keer per jaar te worden vervangen. Zie ook de eisen t.a.v. onderhoud van klimaatinstallaties onder ‘kwaliteitsborging’.
• <
• <<
16 | Programma van Eisen Frisse Scholen 2021
Lucht
Emissies van materialen
Klasse C - Voldoende
Klasse B - Goed
Klasse A - Uitmuntend
extra t.o.v. klasse C
extra t.o.v. klasse B
• De formaldehydeconcentratie is maximaal 120 microgram/m³.
• De formaldehydeconcentratie is maximaal 30 microgram/m³.
• <
• De totale vluchtige organische stoffen ofwel TVOC-concentratie bedraagt maximaal 200 microgram/m3.
• <
• <<
• Bouw- en inrichtingsmaterialen bevatten geen schadelijke weekmakers/ftalaten (zoals DEHP, DBP en BBP).
• <
• <<
Toelichting: • Formaldehyde-metingen worden uitgevoerd conform de bepalingen in NEN-ISO 16000-3. De TVOC-metingen in lijn met NEN-ISO 16000-6.
Toelichting: • <
Toelichting: • <<
• Metingen van de luchtkwaliteit zijn in beginsel niet nodig om te bewijzen dat aan de klasse C-eisen voor TVOC en formaldehyde wordt voldaan. Alleen als sprake is van klachten ('chemische lucht') kunnen metingen noodzakelijk zijn om aan te tonen dat aan de eisen is voldaan. • De emissies van materialen zijn ook van belang voor circulaire gebouwen nu en in de toekomst. Hergebruik van materialen mag geen negatieve invloed hebben op de luchtkwaliteit. Toxische materialen moeten worden vermeden. Voor tools ten aanzien van circulariteit, zie de bijlage.
• Indien bewezen kan worden dat het merendeel van de interieurmaterialen (en in elk geval de vloerbedekking, de wandafwerking, de plafondafwerking en de meubels) emissie-arm is (bijv. te voldoen aan het Finse emissie- classificatiesysteem M1 (www.rts.fi), het Duitse milieukeur 'Der Blaue Engel' (www.blauer-engel.de) of vergelijkbaar) dan kan ervan uitgegaan worden dat aan de klasse B-eisen voor TVOC en formaldehyde wordt voldaan. Metingen van de luchtkwaliteit niet in dat geval nodig. Alleen als sprake is van klachten ('chemische lucht') kunnen metingen noodzakelijk zijn om aan te tonen dat aan de eisen is voldaan. • <
Voor alle eisen geldt dat hieraan minimaal 95% van de gebruikstijd dient te worden voldaan.
17 | Programma van Eisen Frisse Scholen 2021
• <<
Lucht
Voor alle eisen geldt dat hieraan minimaal 95% van de gebruikstijd dient te worden voldaan.
Emissies van apparatuur
Schoonmaakbaarheid
Klasse C - Voldoende
Klasse B - Goed
Klasse A - Uitmuntend
extra t.o.v. klasse C
extra t.o.v. klasse B
• Verontreinigende apparatuur (bijv. printers, copiers) staat in een aparte ruimte die op onderdruk staat t.o.v. omringende ruimten.
• <
• Verontreinigende apparatuur (bijv. printers, copiers) is voorzien van bronafzuiging.
• De lucht uit reproruimten wordt direct uit deze ruimten naar buiten afgevoerd waardoor o.a. geurverspreiding in het gebouw wordt voorkomen.
• <
• <<
• De constructie en detaillering bevordert geen aanhechting van stof, vuil, vocht e.d.
• <
• <<
• Vloerbedekking in leslokalen is eenvoudig reinigbaar.
• <
• <<
Toelichting: • Het gebouw en zijn interieur zijn overal goed (nat) reinigbaar. Denk aan nat afneembare wanden, rondaflopende plinten, weggewerkt leidingwerk en zwevende toiletpotten.
Toelichting: • <
Toelichting: • <<
Tabaksrook
• In het gebouw en op het schoolterrein wordt niet gerookt.
Toiletten
• Geurverspreiding vanuit toiletten naar elders in het gebouw wordt voorkomen.
• <
• <<
• De toiletruimten worden continu op onderdruk gehouden t.o.v. de omliggende ruimten.
• <
• <<
• De afvoercapaciteit van de toiletten bedraagt minimaal 50 m3/uur afzuiging per toilet(pot)/urinoir.
• <
• <<
• De lucht uit toiletten wordt beschouwd als retourlucht en wordt direct uit deze ruimten naar buiten afgevoerd.
• De lucht uit toiletten wordt beschouwd als retourlucht en wordt direct uit deze ruimten naar buiten afgevoerd. De toiletgroepen zijn hiervoor aangesloten op een separaat ventilatiesysteem.
• <
• Vloeren en wanden (tot min. 70 cm hoogte) zijn zo uitgevoerd dat urine niet in het materiaal kan trekken.
• <
• <<
18 | Programma van Eisen Frisse Scholen 2021
Lucht
Legionella
Klasse C - Voldoende
Klasse B - Goed
Klasse A - Uitmuntend
extra t.o.v. klasse C
extra t.o.v. klasse B
• Installaties voor warm en koud tapwater moeten worden uitgevoerd conform de bepalingen in ISSO-publicatie 55.1 Legionellabestrijding.
• <
• <<
• In het schoolgebouw is geen asbest aanwezig dat een actueel risico oplevert (er is sprake van een risico als asbest niet of nauwelijks met een bindmateriaal is toegepast, of als asbesthoudende materiaal beschadigd of verweerd is). • Wanneer asbest in het gebouw aanwezig is dat geen actueel risico oplevert is, is bekend waar dit aanwezig is en wat de risico’s zijn. Dit is vastgelegd in een asbestbeheersplan.
• <
• <<
• <
• <<
Toelichting: • Op het moment dat in scholen waarvoor de bouwvergunning voor 1994 is aangevraagd sloop- of renovatiewerkzaamheden worden uitgevoerd is een asbestinventarisatie aanwezig. De asbestinventarisatie is uitgevoerd door een gecertificeerd inventarisatiebedrijf (Sc-540 of gelijkwaardig) voorafgaand aan de sloop- of renovatiewerkzaamheden. Bij direct risico wordt het asbest door een gecertificeerd asbestverwijderingsbedrijf verwijderd. Is geen sprake van direct risico dan moet een asbestbeheersplan opgesteld worden.
Toelichting: • <
Toelichting: • <<
Bestaande bouw Asbest
Voor alle eisen geldt dat hieraan minimaal 95% van de gebruikstijd dient te worden voldaan.
19 | Programma van Eisen Frisse Scholen 2021
Temperatuur
Klasse B - Goed
Klasse A - Uitmuntend
extra t.o.v. klasse C
extra t.o.v. klasse B
• De operatieve temperatuur (combinatie van de luchttemperatuur en stralingstemperatuur) ligt in het stookseizoen tussen 18 en 25°C.
• De operatieve temperatuur ligt in het stookseizoen tussen 19 en 24°C.
• De operatieve temperatuur ligt in het stookseizoen tussen 20 en 23°C.
• Het verwarmingssysteem is zodanig gedimensioneerd en uitgevoerd dat de operatieve temperatuur in de verblijfsruimten minimaal 19°C is.
• Het verwarmingssysteem is zodanig gedimensioneerd en uitgevoerd dat de operatieve temperatuur in de verblijfsruimten minimaal 20°C is.
• Het verwarmingssysteem is zodanig gedimensioneerd en uitgevoerd dat de operatieve temperatuur in de verblijfsruimten minimaal 21°C is.
Toelichting: • De grenzen voor de operatieve temperatuur in het stookseizoen zijn van toepassing vanaf een daggemiddelde buitentemperatuur van -5°C. De bovengrenzen zijn van toepassing bij een lopende gemiddelde (running mean) buitentemperatuur tot 14°C. De ondergrenzen zijn van toepassing bij een lopende gemiddelde (running mean) buitentemperatuur tot 20°C.
Toelichting: • <
Toelichting: • <<
• Het verwarmingssysteem is gedimensioneerd conform de berekeningsmethode in ISSO-publicatie 53.
• <
• <<
Klasse C - Voldoende
Nieuwbouw en ingrijpende renovatie / Bestaande bouw Temperatuur winter
Voor alle eisen geldt dat hieraan minimaal 95% van de gebruikstijd dient te worden voldaan.
20 | Programma van Eisen Frisse Scholen 2021
Temperatuur
Voor alle eisen geldt dat hieraan minimaal 95% van de gebruikstijd dient te worden voldaan.
Temperatuur zomer
Klasse B - Goed
Klasse A - Uitmuntend
extra t.o.v. klasse C
extra t.o.v. klasse B
• Voor de temperatuur in de zomer en het tussenseizoen geldt een glijdende temperatuurschaal, waarbij de grenswaarden van de temperatuur binnen enigszins oplopen met de buitentemperatuur volgens de volgende formule: • operatieve temperatuur binnen = 0,33 lopende gemiddelde buitentemperatuur +16,4 ± 4°C.
• Voor de temperatuur in de zomer en het tussenseizoen geldt een glijdende temperatuurschaal, waarbij de grenswaarden van de temperatuur binnen enigszins oplopen met de buitentemperatuur volgens de volgende formule: • operatieve temperatuur binnen = 0,33 lopende gemiddelde buitentemperatuur +16,4 ± 3°C.
• Voor de temperatuur in de zomer en het tussenseizoen geldt een glijdende temperatuurschaal, waarbij de grenswaarden van de temperatuur binnen enigszins oplopen met de buitentemperatuur volgens de volgende formule: • operatieve temperatuur binnen = 0,33 lopende gemiddelde buitentemperatuur +16,4 ± 2°C.
• In situaties zonder passieve koeling (o.a. ruimten zonder te openen ramen of ruimten met lokaal regelbare actieve koeling) geldt aanvullend dat de operatieve temperatuur niet hoger wordt dan 27°C.
• In situaties zonder passieve koeling (o.a. ruimten zonder te openen ramen of ruimten met lokaal regelbare actieve koeling) geldt aanvullend dat de operatieve temperatuur niet hoger wordt dan 26°C.
• In situaties zonder passieve koeling (o.a. ruimten zonder te openen ramen of ruimten met lokaal regelbare actieve koeling) geldt aanvullend dat de operatieve temperatuur niet hoger wordt dan 25,5°C.
Toelichting: • De adaptieve eisen (glijdende temperatuurschaal) zijn gebaseerd op (inter)nationale normen en richtlijnen, zoals NEN-EN 16798-1 (Annex B2.2) en ISSO-publicatie 74, gecorrigeerd voor de situatie in scholen. Voorwaarden voor toepassing van deze eis zijn de aanwezigheid van (makkelijk bruikbare) te openen ramen en een vrije kledingkeuze.
Toelichting: • <
Toelichting: • <<
• Eisen voor de maximale operatieve temperatuur in situaties zonder passieve koeling komen overeen met NEN-EN-ISO 7730. Deze aanvullende eis is van toepassing in situaties zonder te openen ramen, met lokaal regelbare actieve koeling of geen vrije kledingkeuze (uniform).
• <
• <<
• De bovengrenzen voor de operatieve temperatuur in de zomer zijn van toepassing bij een lopende gemiddelde (running mean) buitentemperatuur van 14°C tot 22°C. De ondergrenzen zijn van toepassing bij een lopende gemiddelde (running mean) buitentemperatuur van 17°C tot 22°C.
• <
• <<
• <
• <<
Klasse C - Voldoende
• Parameters worden vastgesteld conform de bepalingen in NEN-EN-ISO 7726. • Bij temperatuuroverschrijdingsberekeningen wordt het referentiejaar RA2018T1 (volgens NEN 5060) aangehouden.
21 | Programma van Eisen Frisse Scholen 2021
Temperatuur
Voor alle eisen geldt dat hieraan minimaal 95% van de gebruikstijd dient te worden voldaan.
Individuele beïnvloeding
Ventilatieve koeling
Klasse C - Voldoende
Klasse B - Goed
Klasse A - Uitmuntend
extra t.o.v. klasse C
extra t.o.v. klasse B
• De temperatuur is in het stookseizoen (in elk geval bij een daggemiddelde buitentemperatuur tussen 0 en 14°C) per verblijfsruimte handmatig regelbaar binnen +/- 2 graden rondom het setpoint (standaard uitgangspunt 21°C).
• <
• De temperatuur is in het stookseizoen (in elk geval bij een daggemiddelde buitentemperatuur tussen -5 en 14°C) per verblijfsruimte handmatig regelbaar binnen +/- 2 graden rondom het setpoint (standaard uitgangspunt 21°C).
• Indien lokaal regelbare koeling is toegepast is de temperatuur in het koelseizoen (in elk geval bij een daggemiddelde buitentemperatuur tussen 20°C en 30°C) per verblijfsruimte handmatig regelbaar binnen +/- 2 graden rondom het setpoint (standaard uitgangspunt 24,5°C).
• <
• Indien lokaal regelbare koeling is toegepast is de temperatuur in het koelseizoen (in elk geval bij een daggemiddelde buitentemperatuur tussen 14°C en 30°C) per verblijfsruimte handmatig regelbaar binnen +/- 2 graden rondom het setpoint (standaard uitgangspunt 24,5°C).
• De snelheid van de temperatuurregeling is minimaal 1 graad per half uur na verstelling van de bedienknop.
• <
• <<
• Handmatig naregelen van de temperatuur is mogelijk via een knop, bedienunit of app die zonder instructie te begrijpen is en die goed in het zicht is geplaatst.
• <
• <<
• In de lokalen waar (buiten)zonwering aanwezig is dient deze in de ruimte bedienbaar of te overrulen te zijn.
• <
• <<
• Leslokalen hebben ten minste 4 te openen ramen.
• <
• <<
• Van het oppervlak van de te openen delen is minimaal 30% aanwezig boven in de gevel (> 1,8 m) en minimaal 30% onder in de gevel (<1,8 m). De te openen delen bovenin en onderin zijn afzonderlijk van elkaar te openen.
• <
• <<
• De spuiventilatievoorzieningen zijn tegelijkertijd met de buitenzonwering te gebruiken. De luchtstroom wordt niet door bijv. screens belemmerd.
• <
• <<
• De capaciteit van de spuivoorzieningen voldoet aan de eisen voor spuiventilatie (zie 'Lucht').
• <
• <<
• De spuiventilatievoorzieningen zijn licht bedienbaar staand vanaf de vloer en hebben meerdere fixeerstanden (incl. kierstand) of zijn traploos instelbaar.
22 | Programma van Eisen Frisse Scholen 2021
Temperatuur
Tocht
Klasse B - Goed
Klasse A - Uitmuntend
extra t.o.v. klasse C
extra t.o.v. klasse B
• De luchtsnelheden in de leefzone (het deel van het leslokaal waar leerlingen en docenten verblijven) zijn 's zomers niet hoger dan 0,23 m/s.
• De luchtsnelheden in de leefzone zijn 's zomers niet hoger dan 0,20 m/s.
• De luchtsnelheden in de leefzone zijn 's zomers niet hoger dan 0,16 m/s.
• De luchtsnelheden in de leefzone zijn 's winters niet hoger dan 0,19 m/s.
• De luchtsnelheden in de leefzone zijn 's winters niet hoger dan 0,16 m/s.
• De luchtsnelheden in de leefzone zijn 's winters niet hoger dan 0,13 m/s.
Toelichting: • Eisen voor tocht zijn in overeenstemming met NEN-EN-ISO 7730. Parameters worden vastgesteld conform de bepalingen in NEN-EN-ISO 7726.
Toelichting: • <
Toelichting: • <<
• In plaats van de aangegeven luchtsnelheden kan ook worden uitgegaan van de Draught Rate (DR) ofwel het verwachte percentage ontevredenen als gevolg van tocht. Voor Klasse C geldt een DR<30%.
• In plaats van de aangegeven luchtsnelheden kan ook worden uitgegaan van de Draught Rate (DR) ofwel het verwachte percentage ontevredenen als gevolg van tocht. Voor Klasse B geldt een DR<20%.
• In plaats van de aangegeven luchtsnelheden kan ook worden uitgegaan van de Draught Rate (DR) ofwel het verwachte percentage ontevredenen als gevolg van tocht. Voor Klasse A geldt een DR<10%.
• Het tochtrisico wordt bepaald op nek- (1,1 m) en enkelniveau (0,1 m) met gesloten ramen en deuren.
• <
• <<
• Het risico op tocht is groot bij glasvlakken met een hoogte van >1,5 à 2 m (uitgaande van HR++- glas met U < 1,2 W/ m2K) ten gevolge van koudeval in de winter. Koudeval kan worden beperkt door bijv. verwarmingslichamen aan te brengen onder het glas of door toepassing van triple glas.
• <
• <<
Klasse C - Voldoende
Voor alle eisen geldt dat hieraan minimaal 95% van de gebruikstijd dient te worden voldaan.
23 | Programma van Eisen Frisse Scholen 2021
Temperatuur
Lokaal thermisch discomfort
Klasse C - Voldoende
Klasse B - Goed
Klasse A - Uitmuntend
extra t.o.v. klasse C
extra t.o.v. klasse B
• Vloeren zijn dusdanig geïsoleerd, afgewerkt en/of verwarmd dat de vloertemperatuur minimaal 17 °C is.
• Vloeren zijn dusdanig geïsoleerd, afgewerkt en/of verwarmd dat de vloertemperatuur minimaal 19°C is.
• <
• De verticale temperatuurgradiënt (verschil tussen de luchttemperatuur op enkel- en hoofdhoogte) is <4 K/m.
• De verticale temperatuurgradiënt is <3 K/m.
• De verticale temperatuurgradiënt is <2 K/m.
• De stralingstemperatuurasymmetrie (verschil in temperatuur van tegenoverliggende vlakken) is: • bij een warm plafond <7°C; • bij een koude wand <13°C; • bij een koud plafond <18°C; • bij een warme wand <35°C.
• De stralingstemperatuurasymmetrie is: • bij een warm plafond <5°C; • bij een koude wand <10°C; • bij een koud plafond <14°C; • Bij een warme wand <23°C.
• <
• De gemiddelde stralingstemperatuur (de gemiddelde oppervlaktetemperatuur van plafond, vloer, wanden, ramen, verwarmingspanelen en inrichting) in leslokalen is 's winters hoger dan de luchttemperatuur.
• <
Toelichting: • <
Toelichting: • <<
• Om 's winters een gemiddelde stralingstemperatuur hoger dan de luchttemperatuur te bereiken is stralingsverwarming (bijv. radiatoren, IR verwarmingspanelen of vloerverwarming) meestal noodzakelijk.
• <
Toelichting: • Eisen voor lokaal thermisch discomfort zijn in overeenstemming met NEN-EN-ISO 7730. Parameters worden vastgesteld conform de bepalingen in NEN-EN-ISO 7726.
Voor alle eisen geldt dat hieraan minimaal 95% van de gebruikstijd dient te worden voldaan.
24 | Programma van Eisen Frisse Scholen 2021
Licht
Klasse C - Voldoende
Klasse B - Goed
Klasse A - Uitmuntend
extra t.o.v. klasse C
extra t.o.v. klasse B
Nieuwbouw en ingrijpende renovatie / Bestaande bouw Kunstlicht
• De verlichtingssterkte door kunstlicht is op werkvlakniveau minimaal 300 lux met een gelijkmatigheidsindex van minimaal 0,6.
• De verlichtingssterkte door kunstlicht is op werkvlakniveau minimaal 500 lux met een gelijkmatigheidsindex van minimaal 0,6.
• De verlichtingssterkte door kunstlicht op het werkblad van leerlingen is minimaal 500 lux met een gelijkmatigheidsindex van minimaal 0,6. • Werkplekken voor docenten hebben persoonlijke voorzieningen voor taakverlichting, waarmee een verlichtingssterkte van minimaal 750 lux op het werkblad kan worden gerealiseerd.
• De UGRL (waarde voor de beperking van de 'verblindingshinder') van de in de leslokalen toegepaste armaturen is ≤19.
• <
• De UGRL (waarde voor de beperking van de 'verblindingshinder' ) van de in de leslokalen toegepaste armaturen is ≤16.
• De kleurweergaveindex (Ra) van de verlichting is minimaal 80 of vergelijkbaar.
• De kleurweergaveindex (Ra) van de verlichting is minimaal 80 of vergelijkbaar. Bij led-verlichting: bovendien een R9-waarde van minimaal 10.
• De kleurweergaveindex (Ra) van de verlichting is minimaal 80 of vergelijkbaar. Bij led-verlichting: bovendien een R9-waarde van minimaal 50.
• Bij led-verlichting: • Kies verlichting met een flickerfrequentie van minimaal 100Hz en met een flickerpercentage <8% conform IEEE standard 1789. • Kies voor (voldoende) diffuse optieken met een egale structuur, zoals opaalglas.
• Bij led-verlichting: • Kies verlichting met een flickerfrequentie van minimaal 100Hz en met een flickerpercentage <3% conform IEEE standard 1789. • <
• Bij led-verlichting: • Kies verlichting met een flickerfrequentie van minimaal 1250Hz of met een AC-driver (gelijkstroom). • <<
Toelichting: • De eisen voor verlichting zijn conform de norm NEN-EN 12464-1.
Toelichting: • <
Toelichting: • <<
• Voor het werkbladniveau wordt uitgegaan van 0,8 m, tenzij een andere werkbladhoogte vaststaat.
• <
• <<
• Aangezien in scholen ook werkplekken tegen de wanden zijn, dient de verlichtingingssterkte in de randzone (max. 0,6 m van de wanden) minimaal 300 lux te zijn.
• <
• <<
Voor alle eisen geldt dat hieraan minimaal 95% van de gebruikstijd dient te worden voldaan.
25 | Programma van Eisen Frisse Scholen 2021
Licht
Daglicht
Helderheidswering
Individuele beïnvloeding
Klasse C - Voldoende
Klasse B - Goed
Klasse A - Uitmuntend
extra t.o.v. klasse C
extra t.o.v. klasse B
• De daglichtfactor DT in de leslokalen is minimaal 1,5% in meer dan 50% van de ruimte.
• De daglichtfactor DT in de leslokalen is minimaal 2,1% in meer dan 50% van de ruimte.
• De daglichtfactor DT in de leslokalen is minimaal 3,5% in meer dan 50% van de ruimte.
Toelichting: • De daglichtfactor wordt bepaald via NEN-EN 17037:2018.
Toelichting: • <
Toelichting: • <<
• In de leslokalen is bij alle ramen (ook aan de noordzijde) helderheidswering aanwezig, waarmee hinderlijk tegenlicht en hinderlijke reflecties worden voorkomen.
• <
• <<
• De helderheidswering wordt zodanig geselecteerd dat luminantieverhoudingen ('contrasten' in het gezichtsveld) tussen taak (bijv. schrift), directe omgeving (bijv. tafelblad) en perifirie (bijv. raam) maximaal 1:30:100 (taak:directe omgeving: periferie) bedragen.
• De helderheidswering wordt zodanig geselecteerd dat luminantieverhoudingen ('contrasten' in het gezichtsveld) tussen taak (bijv. schrift), directe omgeving (bijv. tafelblad) en perifirie (bijv. raam) maximaal 1:10:30 (taak:directe omgeving: periferie) bedragen.
• <
• De lichtdoorlatendheid van de helderheidswering is dusdanig dat wordt voldaan aan Klasse 2 voor Glare control uit NEN-EN-14501.
• De lichtdoorlatendheid van de helderheidswering is dusdanig dat wordt voldaan aan Klasse 3 voor Glare control uit NEN-EN-14501.
• <
• De helderheidswering is dusdanig dat wordt voldaan aan Klasse 2 voor Visual contact with the outside uit NEN-EN-14501. Daarmee blijft ook bij het gebruik van de helderheidswering enig uitzicht naar buiten mogelijk.
• <
• De helderheidswering is dusdanig dat wordt voldaan aan Klasse 3 voor Visual contact with the outside uit NEN-EN-14501. Daarmee blijft ook bij het gebruik van de helderheidswering uitzicht naar buiten mogelijk.
• Het licht kan in elke ruimte afzonderlijk aan- en uitgeschakeld worden.
• Kunstverlichting in leslokalen is beperkt regelbaar: de verlichting is bijvoorbeeld in delen aan- en uit te schakelen (de zone bij het bord apart) of dimbaar. • <
• Kunstverlichting in leslokalen is dimbaar én in delen aan en uit te schakelen (de zone bij het bord apart).
• De helderheidswering kan per leslokaal worden bediend.
Voor alle eisen geldt dat hieraan minimaal 95% van de gebruikstijd dient te worden voldaan.
26 | Programma van Eisen Frisse Scholen 2021
• <<
Geluid
Geluidwering van de gevel
Installatiegeluid
Klasse C - Voldoende
Klasse B - Goed
Klasse A - Uitmuntend
extra t.o.v. klasse C
extra t.o.v. klasse B
• De geluidwering van de gevel (GA) is gelijk aan het verschil tussen de geluidbelasting op de gevel en 33 dB, met een minimum van 20 dB.
• <
• De geluidwering van de gevel (GA) is gelijk aan het verschil tussen de geluidbelasting op de gevel en 28 dB, met een minimum van 25 dB.
Toelichting: • De geluidwering van de gevel GA dient te worden bepaald conform NEN 5077. De geluidwering dient te worden bepaald bij gesloten ramen, maar met de beoogde hoeveelheid luchtverversing (eventuele gevelroosters open).
Toelichting: • <
Toelichting: • Aanbevolen wordt om uit te gaan van de Klasse A-eis wanneer het lokaal grenst aan een speelplaats die tijdens lestijd wordt gebruikt (wanneer niet alle leerlingen tegelijk pauzeren). Eventuele hinder ten gevolge van pratende en spelende kinderen kan door de betere geluidwering van de gevel worden beperkt.
• Voor de geluidbelasting wordt uitgegaan van de werkelijke (gecumuleerde) geluidbelasting van alle aanwezige geluidbronnen (wegen e.d.).
• <
• Het geluidniveau in de leslokalen t.g.v. installaties (LI;A) is maximaal 35 dB.
• Het geluidniveau in de leslokalen t.g.v. installaties is maximaal 33 dB.
• Het geluidniveau in de leslokalen t.g.v. installaties is maximaal 30 dB.
• Het geluidniveau ten gevolge van installaties is maximaal 30 dB in een op een aangrenzend perceel gelegen verblijfsgebied.
• <
• <<
Toelichting: • Het installatiegeluidniveau LI;A dient te worden bepaald conform NEN 5077 of de methodiek uit BRL 8010.
Toelichting: • <
Toelichting: • <<
• <
• <<
• Onder installaties worden mechanische voorzieningen voor luchtverversing, warmteopwekking of warmteterugwinning verstaan.
• <<
Voor alle eisen geldt dat hieraan minimaal 95% van de gebruikstijd dient te worden voldaan.
27 | Programma van Eisen Frisse Scholen 2021
Geluid
Ruimteakoestiek
Klasse C - Voldoende
• De gemiddelde nagalmtijd (T30) in het ingerichte leslokaal bedraagt maximaal 0,8 s.
Klasse B - Goed
Klasse A - Uitmuntend
extra t.o.v. klasse C
extra t.o.v. klasse B
• De gemiddelde nagalmtijd (T30) in het ingerichte leslokaal bedraagt maximaal 0,6 s.
• De gemiddelde nagalmtijd (T30) in het ingerichte leslokaal bedraagt maximaal 0,4 s.
• De in de 125 Hz octaafband gemeten nagalmtijd mag maximaal 30% afwijken van de gemiddelde nagalmtijd.
• <
Toelichting: • De gemiddelde nagalmtijd betreft de gemiddelde waarde van de nagalmtijd in de octaafbanden 250 t/m 2000 Hz.
Toelichting: • <
Toelichting: • <<
• De nagalmtijd (T30) dient te worden bepaald conform de bepalingen in NEN 5077.
• <
• <<
• De nagalmtijd wordt bepaald in een volledige ingerichte ruimte waarin geen personen aanwezig zijn. Wanneer de metingen worden verricht in een oningerichte ruimte zal de nagalmtijd ca. 0,2 s hoger liggen.
• <
• <<
• Toepassing van een geluidabsorberend plafond en/of geluidabsorberende wandafwerking (in elk geval bij Klasse A en B) is noodzakelijk. De hoeveelheid van dit materiaal en de geluidabsorberende kwaliteit is afhankelijk van het gewenste ambitieniveau.
• <
• <<
• Voor de spraakverstaanbaarheid is niet alleen de nagalmtijd van belang. Hiervoor is het ook een voorwaarde dat de achtergrondgeluidniveaus ten gevolge van buitengeluid en installaties beperkt blijven tot de bij de onderdelen ‘geluidwering van de gevel’ en ‘installatiegeluid’ genoemde waarden.
• <
• <<
Voor alle eisen geldt dat hieraan minimaal 95% van de gebruikstijd dient te worden voldaan.
28 | Programma van Eisen Frisse Scholen 2021
Geluid
Klasse C - Voldoende
Klasse B - Goed
Klasse A - Uitmuntend
extra t.o.v. klasse C
extra t.o.v. klasse B
Nieuwbouw en ingrijpende renovatie / Bestaande bouw
Voor alle eisen geldt dat hieraan minimaal 95% van de gebruikstijd dient te worden voldaan.
Luchtgeluidisolatie
• De luchtgeluidisolatie (DnT;A) tussen leslokalen onderling en aangrenzende verblijfsruimten (bijv. kantoren), sanitair en technische ruimten is ten minste 39 dB.
• <
• De luchtgeluidisolatie (DnT;A) tussen leslokalen onderling en aangrenzende verblijfsruimten (bijv. kantoren), sanitair en technische ruimten is ten minste 43 dB.
• De luchtgeluidisolatie (DnT;A) tussen leslokalen en aangrenzende verkeersruimten en bergingen is ten minste 25 dB.
• <
• De luchtgeluidisolatie (DnT;A) tussen leslokalen en aangrenzende verkeersruimten en bergingen is ten minste 31 dB.
• De luchtgeluidisolatie (DnT;A) tussen een leslokaal en een leerplein is ten minste 31 dB.
• <
• De luchtgeluidisolatie (DnT;A) tussen een leslokaal en een leerplein is ten minste 34 dB.
• Bij een tussendeur in de scheidingswand tussen twee leslokalen is de luchtgeluidisolatie (DnT;A) ten minste 34 dB.
• <
• Bij een tussendeur in de scheidingswand tussen twee leslokalen is de luchtgeluidisolatie (DnT;A) ten minste 38 dB.
Toelichting: • Het gewogen luchtgeluidniveauverschil DnT;A, dient te worden bepaald conform NEN 5077.
Contactgeluidisolatie
Toelichting: • <
Toelichting: • <<
• Het gewogen contactgeluidniveau (LnT;A) tussen leslokalen onderling en aangrenzende verblijfsruimten (bijv. leerpleinen, kantoren), sanitair en technische ruimten is ten hoogste 59 dB.
• <
• Het gewogen contactgeluidniveau (LnT;A) tussen leslokalen onderling en aangrenzende verblijfsruimten (bijv. leerpleinen, kantoren), sanitair en technische ruimten is ten hoogste 54 dB.
• Het gewogen contactgeluidniveau (LnT;A) tussen leslokalen en aangrenzende verkeersruimten en bergingen is ten hoogste 69 dB.
• <
• Het gewogen contactgeluidniveau (LnT;A) tussen leslokalen en aangrenzende verkeersruimten en bergingen is ten hoogste 59 dB.
• Hinderlijke trillingen van de vloer of trappen door lopen/bewegen of muziek worden voorkomen.
• <
• <<
Toelichting: • Het gewogen contactgeluidniveau (LnT;A) dient te worden bepaald conform NEN 5077.
Toelichting: • <
Toelichting: • <<
• <
• <<
• Indien werkplekken op de gang zijn gesitueerd wordt deze ruimte niet als verkeersruimte, maar als verblijfsruimte aangemerkt.
29 | Programma van Eisen Frisse Scholen 2021
Kwaliteitsborging
Klasse C - Voldoende
Klasse B - Goed
Klasse A - Uitmuntend
extra t.o.v. klasse C
extra t.o.v. klasse B
Nieuwbouw en ingrijpende renovatie / Bestaande bouw Energie
• Er is een oplevertoets waarbij gecontroleerd is dat de energiebesparende maatregelen, zoals vastgelegd in de EPC-berekening, het energielabel en/of het renovatieplan, daadwerkelijk zijn uitgevoerd.
• <
• <<
• Voor de bouwkundige schil is een controle uitgevoerd op luchtdichtheid en thermische kwaliteit volgens NEN-ISO 21105. De luchtdoorlatendheid van de gebouwschil wordt bepaald conform NEN-EN ISO 9972.
• <
• <<
• Per hoofdgebruiker wordt het energiegebruik apart bemeterd.
• <
• <<
• Het elektragebruik, het gasverbruik, de afname van stadswarmte en/of stadskoeling wordt per kwartier gemeten en opgeslagen, zodat deze geanalyseerd kan worden.
• Als bij klasse C en bovendien is het ontwerp van het elektriciteitssysteem dusdanig uitgevoerd dat verschillende onderdelen; verwarmen, koelen, ventilatie, bevochtiging, verlichting, apparatuur, individueel gemeten kunnen worden.
• Als bij klasse B waarbij de verschillende onderdelen individueel per kwartier gemeten en opgeslagen worden.
Voor alle eisen geldt dat hieraan minimaal 95% van de gebruikstijd dient te worden voldaan.
30 | Programma van Eisen Frisse Scholen 2021
Kwaliteitsborging
Voor alle eisen geldt dat hieraan minimaal 95% van de gebruikstijd dient te worden voldaan.
Lucht
Klasse C - Voldoende
Klasse B - Goed
Klasse A - Uitmuntend
extra t.o.v. klasse C
extra t.o.v. klasse B
• Er is een oplevertoets uitgevoerd waarbij vastgesteld is dat de gestelde eisen ten aanzien van luchtkwaliteit daadwerkelijk behaald worden. Zie hiervoor de Frisse Scholen Toets.
• <
• <<
• Er wordt periodiek, systematisch onderhoud gepleegd aan de klimaatinstallaties. Het gaat hierbij om zowel technisch als hygiënisch onderhoud, conform het VLA onderhoudsbestek voor scholen of gelijkwaardig.
• <
• <<
• Leslokalen hebben een CO2-sensor. In lokalen met natuurlijke luchttoevoer (toevoer via te openen ramen of gevelroosters) of met lokale handbediende mechanische ventilatiesystemen geeft de CO2-sensor continu feedback over de mate van ventilatie door middel van een kleurcodering (conform de voorschriften uit de regeling Bouwbesluit, artikel 3.5).
• <
• <<
• Indien er een gebouwbeheersysteem (GBS) aanwezig is, is deze voorzien van een 'history'functionaliteit. Meetgegevens worden minimaal 12 maanden bewaard, zodat bij klachten of storingen inzicht kan worden verkregen in de situatie. Een CO2-gestuurd ventilatiesysteem is aangesloten op dit GBS.
• <
• CO2-concentraties in de lokalen worden elke 10 minuten gemonitord via het GBS of een apart binnenmilieusensornetwerk. Meetgegevens worden minimaal 12 maanden bewaard en jaarlijks gerapporteerd om na te gaan of wordt voldaan aan de gestelde eisen.
• Bij oplevering wordt mondeling én schriftelijk een instructie gegeven over het juiste gebruik van de ventilatievoorzieningen (basisventilatie én spuiventilatie).
• <
• <
Toelichting: • Onderhoud van de klimaatinstallaties houdt o.a. in: vervanging filters, controle werking ventilatoren, reiniging warmtewisselaar, verwarmer etc, reiniging van het inwendige van de luchtbehandelingskast, inspectie en periodieke reiniging van de luchtkanalen.
Toelichting: • <
Toelichting: • <<
31 | Programma van Eisen Frisse Scholen 2021
Kwaliteitsborging
Temperatuur
Klasse C - Voldoende
Klasse B - Goed
Klasse A - Uitmuntend
extra t.o.v. klasse C
extra t.o.v. klasse B
• Er is een oplevertoets uitgevoerd waarbij vastgesteld is dat de gestelde eisen ten aanzien van temperatuur daadwerkelijk behaald worden. Zie hiervoor de Frisse Scholen Toets.
• <
• <<
• Er wordt periodiek, systematisch onderhoud gepleegd aan de klimaatinstallaties. Het gaat hierbij om zowel technisch als hygiënisch onderhoud, conform het VLA onderhoudsbestek voor scholen of gelijkwaardig.
• <
• <<
• Indien er een gebouwbeheersysteem (GBS) aanwezig is, is deze voorzien van een 'history'functionaliteit. Meetgegevens worden minimaal 12 maanden bewaard, zodat bij klachten of storingen inzicht kan worden verkregen in de situatie.
• <
• Bij oplevering wordt mondeling én schriftelijk een instructie gegeven over het juiste gebruik van de beïnvloedingsmogelijkheden voor de temperatuur.
• <
• De uurgemiddelde waarden van de luchttemperatuur in de lokalen, temperatuurinstelling en de luchtinblaastemperatuur (bij mechanische ventilatie) worden gemonitord via het GBS of een apart binnenmilieusensornetwerk. Meetgegevens worden minimaal 12 maanden bewaard en jaarlijks gerapporteerd om na te gaan of wordt voldaan aan de gestelde eisen. • <<
Licht
Geluid
• Er is een oplevertoets uitgevoerd waarbij vastgesteld is dat de gestelde eisen ten aanzien van visueel comfort daadwerkelijk behaald worden. Zie hiervoor de Frisse Scholen Toets.
• <
• <<
• Bij oplevering wordt mondeling én schriftelijk een instructie gegeven over het juiste gebruik van de verlichting en helderheidswering.
• <
• <<
• Er is een oplevertoets uitgevoerd waarbij vastgesteld is dat de gestelde eisen ten aanzien van akoestisch comfort daadwerkelijk behaald worden. Zie hiervoor de Frisse Scholen Toets.
• <
• <<
Voor alle eisen geldt dat hieraan minimaal 95% van de gebruikstijd dient te worden voldaan.
32 | Programma van Eisen Frisse Scholen 2021
Achtergronden Energie
lucht zonder dat de luchtstromen met elkaar in aanraking komen. De verse buitenlucht wordt op deze manier voorverwarmd. Deze eis is alleen van toepassing bij een ventilatiesysteem met mechanische toevoer. In een gebouw kan energie worden bespaard door alleen te ventileren
Energieprestatie
wanneer dit ook echt nodig is. Dit geldt zowel voor ventilatiesystemen met mechanische als
De energiezuinigheid van nieuw te bouwen gebouwen moet worden bepaald overeenkomstig
natuurlijke toevoer.
het bouwbesluit. Daarvoor is in het Bouwbesluit een bepalingsmethode voorgeschreven. Tot 1 januari 2021 is dat de NEN 7120, daarna worden de BENG eisen van kracht (Bijna Energie